VERSLAG over het voorstel voor een verordening van de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 3/2008 inzake voorlichtings- en afzetbevorderingsacties voor landbouwproducten op de binnenmarkt en in derde landen

21.1.2009 - (COM(2008)0431 – C6‑0313/2008 – 2008/0131(CNS)) - *

Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling
Rapporteur: Constantin Dumitriu

Procedure : 2008/0131(CNS)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus :  
A6-0004/2009
Ingediende teksten :
A6-0004/2009
Aangenomen teksten :

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een verordening van de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 3/2008 inzake voorlichtings- en afzetbevorderingsacties voor landbouwproducten op de binnenmarkt en in derde landen

(COM(2008)0431 – C6‑0313/2008 – 2008/0131(CNS))

(Raadplegingsprocedure)

Het Europees Parlement,

–   gezien het voorstel van de Commissie aan de Raad (COM(2008)0431),

–   gelet op de artikelen 36 en 37 van het EG­Verdrag, op grond waarvan het Parlement door de Raad is geraadpleegd (C6‑0313/2008),

–   gelet op artikel 51 van zijn Reglement,

–   gezien het verslag van de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling (A6‑0004/2009),

1.  hecht zijn goedkeuring aan het Commissievoorstel, als geamendeerd door het Parlement;

2.  verzoekt de Commissie haar voorstel krachtens artikel 250, lid 2, van het EG‑Verdrag dienovereenkomstig te wijzigen;

3.  verzoekt de Raad, wanneer deze voornemens is af te wijken van de door het Parlement goedgekeurde tekst, het Parlement hiervan op de hoogte te stellen;

4.  wenst opnieuw te worden geraadpleegd ingeval de Raad voornemens is ingrijpende wijzigingen aan te brengen in het voorstel van de Commissie;

5.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

Amendement  1

Voorstel voor een verordening – wijzigingsbesluit

Artikel 1

Verordening (EG) nr. 3/2008

Artikel 9 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Bij het ontbreken van op de binnenmarkt uit te voeren programma's stellen de belangstellende lidstaten voor één of meer van de in artikel 2, lid 1, onder b), bedoelde en overeenkomstig artikel 6, lid 1, ingediende voorlichtingsacties een programma en de overeenkomstige specificatie op aan de hand van de in artikel 5, lid 1, bedoelde richtsnoeren en selecteren zij via een openbare inschrijvingsprocedure een instantie die wordt belast met de uitvoering van het door hen mee te financieren programma.

1. Bij het ontbreken van op de binnenmarkt uit te voeren programma's stellen de belangstellende lidstaten voor één of meer van de in artikel 2, lid 1, onder b), bedoelde en overeenkomstig artikel 6, lid 1, ingediende voorlichtingsacties een programma en de overeenkomstige specificatie op aan de hand van de in artikel 5, lid 1, bedoelde richtsnoeren, op basis van een evaluatie van de noodzakelijkheid en de mogelijkheden van die programma's in de betrokken lidstaat/lidstaten en na raadpleging van de beroepsverenigingen of -organisaties die in de sector in kwestie actief zijn, en selecteren zij via een openbare inschrijvingsprocedure een instantie die wordt belast met de uitvoering van het door hen mee te financieren programma.

Motivering

De rol van de beroepsverenigingen en -organisaties die actief zijn in de sector in kwestie moet in aanmerking worden genomen, ook wanneer de lidstaat de taak heeft het programma op te stellen, gezien de expertise van deze verenigingen en organisaties en de belangrijke rol die zij spelen voor de kwaliteitsgarantie en -controle.

Amendement  2

Voorstel voor een verordening – wijzigingsbesluit

Artikel 1

Verordening (EG) nr. 3/2008

Artikel 9 – lid 2 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Bij het ontbreken van in derde landen uit te voeren programma's stellen de belangstellende lidstaten voor één of meer van de in artikel 2, lid 1, onder a), b) en c), bedoelde en overeenkomstig artikel 6, lid 1, ingediende voorlichtingsacties een programma en de overeenkomstige specificatie op aan de hand van de in artikel 5, lid 2, bedoelde richtsnoeren en selecteren zij via een openbare inschrijvingsprocedure een instantie die wordt belast met de uitvoering van het door hen mee te financieren programma.

2. Bij het ontbreken van op de binnenmarkt uit te voeren programma's stellen de belangstellende lidstaten voor één of meer van de in artikel 2, lid 1, onder b), bedoelde en overeenkomstig artikel 6, lid 1, ingediende voorlichtingsacties een programma en de overeenkomstige specificatie op aan de hand van de in artikel 5, lid 2, bedoelde richtsnoeren, op basis van een evaluatie van de noodzakelijkheid en de mogelijkheden van die programma's in de betrokken lidstaat/lidstaten en na raadpleging van de beroepsverenigingen of -organisaties die in de sector in kwestie actief zijn, en selecteren zij via een openbare inschrijvingsprocedure een instantie die wordt belast met de uitvoering van het door hen mee te financieren programma.

Motivering

De rol van de beroepsverenigingen en -organisaties die actief zijn in de sector in kwestie moet in aanmerking worden genomen, ook wanneer de lidstaat de taak heeft het programma op te stellen, gezien de expertise van deze verenigingen en organisaties en de belangrijke rol die zij spelen voor de kwaliteitsgarantie en -controle.

Amendement  3

Voorstel voor een verordening – wijzigingsbesluit

Artikel 1

Verordening (EG) nr. 3/2008

Artikel 9 – lid 2 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De door de betrokken lidstaat geselecteerde uitvoeringsinstantie mag een internationale organisatie zijn, met name wanneer het gaat om in derde landen uit te voeren afzetbevorderingsprogramma’s voor de sector olijfolie en tafelolijven.

De door de betrokken lidstaat geselecteerde uitvoeringsinstantie mag een internationale organisatie zijn, met name wanneer het gaat om in derde landen uit te voeren afzetbevorderingsprogramma’s voor de sector olijfolie en tafelolijven of voor wijnen met beschermde benaming van oorsprong of beschermde geografische aanduiding.

Motivering

De afzetbevorderings- en reclameacties zijn ook relevant voor de wijnsector, zowel op de interne markt van de Europese Unie als in derde landen. Er bestaan zowel in de wijnsector als in de sector olijfolie en tafelolijven internationale organen (zoals de Internationale Organisatie voor Wijnbouw en Wijnbereiding) die de door de lidstaten voorgestelde programma's in derde landen ten uitvoer kunnen leggen, en op die manier de kenmerken en voordelen van in bepaalde regio's van de Europese Unie geproduceerde kwaliteitswijnen of wijnen met beschermde geografische aanduiding kenbaar kunnen maken.

Amendement  4

Voorstel voor een verordening – wijzigingsbesluit

Artikel 1

Verordening (EG) nr. 3/2008

Artikel 9 – lid 3 – letter c

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c) de beoordeling van de prijs/kwaliteitverhouding van het programma;

c) de beoordeling van de kosten/doeltreffendheidsverhouding van het programma;

Motivering

Wij zijn van oordeel dat de kosten/doeltreffendheidsverhouding belangrijker is, omdat zij beter de doelstellingen van de onderhavige verordening tot uiting brengt.

Amendement  5

Voorstel voor een verordening – wijzigingsbesluit

Artikel 1 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 3/2008

Artikel 13 – lid 2 – alinea's 1 en 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Artikel 1 bis

 

Artikel 13, lid 2, eerste en tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 3/2008 worden vervangen door:

 

"2. De financiële bijdrage van de Gemeenschap voor de in de artikelen 8 en 9 bedoelde, geselecteerde programma's mag niet meer dan 60% van de werkelijke kosten van de programma's bedragen. Voor voorlichtings- en afzetbevorderingsprogramma's met een looptijd van twee of drie jaar mag de bijdrage voor elk uitvoeringsjaar die maximumgrens niet overschrijden.

 

Het in de eerste alinea bedoelde percentage bedraagt 70% voor afzetbevorderingsacties van groenten en fruit die in het bijzonder zijn gericht op kinderen in de onderwijsinstellingen van de Gemeenschap."

Motivering

Conform de wijziging van artikel 9 van Verordening 3/2008 achten wij het wenselijk dat ook de financiële bepalingen die rechtstreeks van toepassing zijn op dit artikel in de basisverordening worden herzien. Het percentage van de financiële bijdrage van de Gemeenschap dient te worden verhoogd, om de door de lidstaten geselecteerde projecten extra te steunen, in een context van algemene verscherping van de voorwaarden voor het verkrijgen van de nodige cofinanciering door de organisaties en de nationale instanties. Een bijkomend argument daarvoor is de recente goedkeuring van een nieuw programma ter bevordering van de consumptie van fruit in scholen. Dit amendement draagt ertoe bij de uitvoering van dit programma te vergemakkelijken.

TOELICHTING

Verordening (EG) nr. 3/2008, die Verordening (EG) nr. 2702/1999 en Verordening (EG) nr. 2826/2000 in één enkele tekst herschikt, beantwoordt aan de politieke wil tot vereenvoudiging van de wetgeving, die de Commissie tot uiting heeft gebracht in de mededeling van 14 november 2006 getiteld "Betere regelgeving in de Europese Unie: een strategische evaluatie ", en is tevens in overeenstemming met de doelstelling de administratieve procedures in het kader van de Europese instellingen te vergemakkelijken.

De Gemeenschap kan op grond van Verordening (EG) nr. 3/2008 voorlichtingsacties ontwikkelen op de interne markt en op de markten van derde landen voor een bepaald aantal landbouwproducten, rekening houdend met het specifieke karakter van de acties, afhankelijk van de markt waarop ze ten uitvoer worden gelegd.

Dit beleid is erop gericht te voorzien in de reële behoeften van de lidstaten die het image van hun landbouwproducten wensen te bevorderen bij de consumenten van de Gemeenschap, maar ook bij die van derde landen, met name ten aanzien van kwaliteit, voedingswaarde en voedselveiligheid, alsmede de productiemethoden. Het draagt tevens bij aan het openen van nieuwe afzetmarkten en heeft een multiplicatie-effect op de nationale en particuliere initiatieven.

Artikel 9 van Verordening (EG) nr. 3/2008 bepaalt dat bij het ontbreken van op de binnenmarkt uit te voeren, door de vertegenwoordigende organisaties van de betrokken sectoren voorgestelde programma's, de lidstaten (via de daartoe aangewezen nationale bevoegde instanties) de mogelijkheid hebben zelf een programma voor te stellen en via een openbare inschrijvingsprocedure een instantie te selecteren die wordt belast met de uitvoering van het programma.

Het voorstel tot wijziging van Verordening (EG) nr. 3/2008 voorziet in een aanpassing van artikel 9 van die verordening, teneinde belangstellende lidstaten de kans te bieden ook voorlichtingsprogramma's op te stellen voor uitvoering in derde landen, wanneer dergelijke programma's daar ontbreken.

Door de voorgestelde aanpassing kunnen de lidstaten het toepassingsgebied van de onder die programma’s vallende acties uitbreiden en bij de uitvoering ervan de hulp van internationale organisaties inroepen.

De rapporteur is van oordeel dat het initiatief van de Commissie om de twee verordeningen,

Verordening(EG) nr. 2702/1999 en Verordening (CE) nr. 2826/2000, in één enkele verordening te herschikken, gerechtvaardigd is en een nuttige basis vormt voor een vereenvoudiging van de huidige wetgeving. Hij is het tevens eens met de door de Commissie voorgestelde maatregelen ter verbetering van de voorlichting op het gebied van landbouwproducten op de interne markt en de markten van derde landen, die het voordeel hebben dat zij het specifieke karakter van de acties in acht nemen, afhankelijk van de markt waarop zij worden uitgevoerd, zonder daarbij de consumptie van een product uitsluitend op basis van zijn oorsprong aan te moedigen.

De rapporteur acht het evenwel noodzakelijk het voorstel van de Commissie aan te vullen en aan te passen, teneinde de ratio van de verordening te verduidelijken en te completeren.

Er dient in de eerste plaats rekening te worden gehouden met de belangrijke rol die de beroepsverenigingen en -organisaties van de lidstaten in de betrokken sectoren spelen in het proces van opstelling van op de interne markt of in derde landen uit te voeren voorlichtingsprogramma's betreffende landbouwproducten. Gezien hun expertise en de belangrijke rol die zij ook voor de kwaliteitsgarantie en -controle spelen, dienen zij te worden geraadpleegd, zowel in geval van door de beroepsorganisaties van de betrokken sector voorgestelde programma's, als in geval van door lidstaten op te stellen programma's.

De rapporteur erkent het belang van bepaalde internationale organen voor het bevorderen van de kenmerken en voordelen van specifieke producten uit bepaalde regio's van de Europese Unie. Hij deelt dan ook de mening van de Commissie dat deze organisaties de geschiktste actoren kunnen zijn voor de uitvoering van door de lidstaten voor uitvoering in derde landen geselecteerde voorlichtingsprogramma's. Er bestaat volgens de rapporteur evenwel geen gegronde reden om voorrang te geven aan bepaalde levensmiddelensectoren (bijvoorbeeld de sector olijfolie en tafelolijven), ten detrimente van andere. Hij vraagt dan ook dat de wijnsector in de regeling wordt opgenomen, temeer daar voor die sector internationale organisaties bestaan (zoals de Internationale Organisatie voor Wijnbouw en Wijnbereiding) die de door de lidstaten voorgestelde programma's op efficiënte wijze in derde landen ten uitvoer kunnen leggen, en op die manier de kenmerken en voordelen van in bepaalde EU-regio's geproduceerde kwaliteitswijnen of wijnen met beschermde geografische aanduiding kenbaar kunnen maken.

De rapporteur acht het tevens wenselijk dat de financiële bepalingen met betrekking tot het door de onderhavige verordening gewijzigde artikel 9, worden aangepast. Hij stelt dan ook een herziening voor van de financiële bepalingen die rechtstreeks van toepassing zijn op dit artikel in de basisverordening. Het percentage van de financiële bijdrage van de Gemeenschap dient te worden verhoogd, om de door de lidstaten geselecteerde projecten extra te steunen, in een context van algemene verscherping van de voorwaarden voor het verkrijgen van de noodzakelijke cofinanciering door de betrokken organisaties en de nationale instanties.

PROCEDURE

Titel

Voorlichtings- en afzetbevorderingsacties voor landbouwproducten op de binnenmarkt en in derde landen

Document- en procedurenummers

COM(2008)0431 – C6-0313/2008 – 2008/0131(CNS)

Datum raadpleging EP

12.9.2008

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

AGRI

23.9.2008

Rapporteur(s)

       Datum benoeming

Constantin Dumitriu

9.9.2008

 

 

Behandeling in de commissie

8.12.2008

 

 

 

Datum goedkeuring

20.1.2009

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

31

0

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Luis Manuel Capoulas Santos, Giovanna Corda, Jean-Paul Denanot, Albert Deß, Gintaras Didžiokas, Konstantinos Droutsas, Constantin Dumitriu, Ioannis Gklavakis, Lutz Goepel, Friedrich-Wilhelm Graefe zu Baringdorf, Esther Herranz García, Lily Jacobs, Elisabeth Jeggle, Heinz Kindermann, Vincenzo Lavarra, Mairead McGuinness, Rosa Miguélez Ramos, Neil Parish, María Isabel Salinas García, Sebastiano Sanzarello, Agnes Schierhuber, Czesław Adam Siekierski, Alyn Smith, Petya Stavreva, Witold Tomczak, Andrzej Tomasz Zapałowski

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Esther De Lange, Ilda Figueiredo, Christa Klaß, Jan Mulder, Brian Simpson