Procedure : 2009/2073(DEC)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A7-0080/2010

Ingediende teksten :

A7-0080/2010

Debatten :

PV 21/04/2010 - 3
CRE 21/04/2010 - 3

Stemmingen :

Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P7_TA(2010)0137

VERSLAG     
PDF 152kWORD 71k
26.3.2010
PE 430.316v02-00 A7-0080/2010

over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2008, afdeling VI – Europees Economisch en Sociaal Comité

(C7‑0177/2009 – 2009/2073(DEC))

Commissie begrotingscontrole

Rapporteur: Ryszard Czarnecki

AMENDEMENTEN
1. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

1. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2008, afdeling VI - Europees Economisch en Sociaal Comité

(C7‑0177/2009 – 2009/2073(DEC))

Het Europees Parlement,

–   gezien de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2008(1),

–   gezien de definitieve jaarrekening van de Europese Gemeenschappen voor het begrotingsjaar 2008 – Deel I (C7-0177/2009)(2),

–   gezien het jaarverslag van het Europees Economisch en Sociaal Comité aan de kwijtingsautoriteit over de in 2008 uitgevoerde interne controles,

–   gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2008, tezamen met de antwoorden van het EESC(3),

–   gezien de verklaring van de Rekenkamer waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, als bedoeld in artikel 248 van het EG-Verdrag(4),

–   gelet op artikel 272, lid 10, en de artikelen 274, 275 en 276 van het EG-Verdrag en artikel 314, lid 10, en de artikelen 317, 318 en 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–   gelet op Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad van 25 juni 2002 houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen(5), en met name de artikelen 50, 86, 145, 146 en 147 hiervan,

–   gelet op artikel 77 en bijlage VI van zijn Reglement,

–   gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A7‑0080/2010),

1.  verleent de secretaris-generaal van het Europees Economisch en Sociaal Comité kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2008;

2.  formuleert zijn opmerkingen in bijgaande resolutie;

3.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, het Hof van Justitie van de Europese Unie, de Rekenkamer, de Europese Ombudsman en de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (serie L).

2. ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

met de opmerkingen die een integrerend deel uitmaken van het besluit inzake het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2008, afdeling VI - Europees Economisch en Sociaal Comité

(C7‑0177/2009 – 2009/2073(DEC))

Het Europees Parlement,

–   gezien de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2008(6),

–   gezien de definitieve jaarrekening van de Europese Gemeenschappen voor het begrotingsjaar 2008 – Deel I (C7-0177/2009)(7),

–   gezien het jaarverslag van het Europees Economisch en Sociaal Comité aan de kwijtingsautoriteit over de in 2008 uitgevoerde interne controles,

–   gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2008, tezamen met de antwoorden van het EESC(8),

–   gezien de verklaring van de Rekenkamer waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, als bedoeld in artikel 248 van het EG-Verdrag(9),

–   gelet op artikel 272, lid 10, en de artikelen 274, 275 en 276 van het EG-Verdrag en artikel 314, lid 10, en de artikelen 317, 318 en 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–   gelet op Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad van 25 juni 2002 houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen(10), en met name de artikelen 50, 86, 145, 146 en 147 hiervan,

–   gelet op artikel 77 en bijlage VI van zijn Reglement,

–   gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A7‑0080/2010),

A. overwegende dat de burgers het recht hebben te weten hoe hun belastinggeld wordt besteed en hoe de bevoegdheden die in handen zijn gegeven van politieke organen, worden gebruikt(11),

1.  merkt op dat het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC) in 2008 vastleggingskredieten ter beschikking had ten belope van 118 miljoen EUR (tegen 114 miljoen EUR in 2007), en dat het bestedingspercentage 95,64 % bedroeg, wat gelijk ligt met het gemiddelde van de andere instellingen (95,67 %);

2.  merkt op dat de Rekenkamer in haar jaarverslag concludeert dat voor wat betreft het EESC de controle geen aanleiding heeft gegeven tot bijzondere opmerkingen;

3.  stelt vast dat het aantal vaste posten bij het EESC enigszins is toegenomen (700 posten in 2008 tegen 695 in 2007) en dat vrijwel al de posten bezet zijn (14 vacatures in 2007 tegen 8 in 2006); is verheugd over de goedkeuring en tenuitvoerlegging van het middellangetermijnplan (strategie 2008-2013) ter bevordering van gelijke kansen en diversiteit in het secretariaat, dat onder meer voorziet in de invoering van een algemene regeling voor flexibele werktijden in de toekomst, een scholingsplan voor de middellange termijn (2008-2010) en de ontwikkeling van een mobiliteitsbeleid voor het personeel, en ziet met belangstelling uit naar de voortgangsrapporten op het vlak van het personeelsbeleid;

4.  verwijst naar de opmerking van de Rekenkamer in bijlage 11.2 van haar jaarverslag betreffende de verschillende benadering van het EESC (en het Parlement) bij de toepassing van de bepalingen van het Statuut van de ambtenaren wat betreft de vermenigvuldigingsfactor; wijst erop dat het EESC zijn personeel aldus een financieel voordeel toekent dat de andere instellingen niet verlenen en dat tot hogere uitgaven leidt; wijst er andermaal op dat de bepalingen van het Statuut inzake de vermenigvuldigingsfactor door alle instellingen op dezelfde wijze dienen te worden geïnterpreteerd en toegepast; neemt kennis van het voornemen van het EESC om zijn benadering aan te passen overeenkomstig het aanstaande arrest van het Gerecht voor ambtenarenzaken;

5.  is ingenomen met de tenuitvoerlegging van de overeenkomst voor administratieve samenwerking tussen het EESC en het comité van de Regio's (CvdR) voor de periode 2008-2014 en verzoekt het EESC en het CvdR verslag te doen van de voortgang bij de harmonisatie van de internecontrolenormen en van de relevante financiële procedures in verband met de gemeenschappelijke diensten; neemt nota van de voor beide partijen bevredigende oplossing voor de verdeling van de verificatietaken bij de gemeenschappelijke diensten op basis van de "oorsprong" van de verantwoordelijke ordonnateur van het ene of het andere comité;

6.  herinnert eraan dat deze ontkoppeling als uitvloeisel van de overeenkomst voor administratieve samenwerking budgettair neutraal moet zijn en ziet met belangstelling uit naar de tussentijdse evaluatie van de overeenkomst in 2011 en, als onderdeel daarvan, de gezamenlijke analyse van EESC en CvdR;

7.  is ingenomen met de resultaten van de door EESC en CvdR uitgevoerde evaluatie van de minisamenwerkingsovereenkomsten met betrekking tot ontkoppelde diensten en met name hun bevindingen dat de administratieve samenwerking tussen de comités door de nieuwe beheersstructuur is verbeterd, dat de ontkoppelde diensten de kwaliteit gehandhaafd hebben en de efficiëntie verhoogd hebben, en dat er geen aanvullende begrotingsmiddelen nodig waren; neemt voorts kennis van de conclusie dat op bepaalde praktische punten verbetering in de toekomst nodig is;

8.  is verheugd over de inzet van het EESC op het gebied van interinstitutionele samenwerking op IT-gebied en met name over de onderhandelingen tussen EESC en CvdR en de Commissie over het gebruik van het programma Sysper2 voor de personeelsadministratie;

9.  neemt nota van de verzekeringen van het EESC over de controles en met name het feit dat volgens de interne voorschriften van het EESC stelselmatig controles vooraf moeten worden uitgevoerd, naast de steekproefsgewijze controles achteraf, vooral op terreinen waar grote bedragen omgaan;

10.  is verheugd over het goede functioneren van de controlecommissie van het EESC, de uitgevoerde controles en de vervolgstappen naar aanleiding van de overeengekomen actieplannen, alsmede over de verdere ontwikkeling van de kernactiviteit- en prestatie-indicatoren (KAPI's) in 2008 zoals uitgevoerd door de Eenheid interne audit, en de bereidheid van het EESC om andere instellingen van dienst te zijn met informatie over de ervaringen die met de ontwikkeling van de KAPI's zijn opgedaan;

11.  herinnert eraan dat de leden van het EESC geen verklaring van hun financiële belangen overleggen of relevante informatie openbaar maken over aan te geven beroepsactiviteiten en bezoldigde banen of activiteiten; verlangt dat het EESC deze verplichting onverwijld voor al zijn leden invoert;

12.  verlangt voorts dat de reiskostenvergoeding voor de leden van het EESC louter op de werkelijk gemaakte kosten worden gebaseerd; stelt daarnaast voor dat als dagvergoeding een even groot bedrag wordt uitgekeerd als dat waar de leden van het Europees Parlement recht op hebben; verzoekt de secretaris-generaal van het EESC voor september 2010 aan de Commissie begrotingscontrole van het Europees Parlement verslag uit te brengen over geschikte nieuwe interne regels op dat punt;

13.  neemt ter kennis dat de ad hoc-groep van het Bureau van het EESC die belast is met het uitwerken van voorstellen voor de herziening van het financieel statuut van de leden haar werkzaamheden heeft afgerond en dat het voorstel thans bij de relevante instanties in behandeling is; verzoekt het EESC het resultaat van dit proces bekend te maken;

14.  herhaalt dat de bepalingen van het Financieel Reglement betreffende aanbestedingen voor kleinere instellingen buitengewoon omslachtig zijn; herinnert de Commissie aan zijn verzoek om bij de voorbereidingen voor toekomstige voorstellen voor wijziging van het Financieel Reglement het EESC uitvoerig te raadplegen opdat volledig met de verlangens van het EESC rekening wordt gehouden;

15.  complimenteert het EESC met de kwaliteit van zijn jaarlijks activiteitenverslag en is met name ingenomen met de expliciete vermelding van de genomen stappen naar aanleiding van voorgaande kwijtingsbesluiten van het Parlement.

UITSLAG VAN DE EINDSTEMMING IN DE COMMISSIE

Datum goedkeuring

23.3.2010

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

26

2

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Marta Andreasen, Jean-Pierre Audy, Inés Ayala Sender, Zigmantas Balčytis, Andrea Češková, Jorgo Chatzimarkakis, Andrea Cozzolino, Ryszard Czarnecki, Luigi de Magistris, Tamás Deutsch, Martin Ehrenhauser, Jens Geier, Ingeborg Gräßle, Martin Häusling, Ville Itälä, Cătălin Sorin Ivan, Iliana Ivanova, Elisabeth Köstinger, Bogusław Liberadzki, Monica Luisa Macovei, Christel Schaldemose, Theodoros Skylakakis, Bart Staes, Georgios Stavrakakis, Søren Bo Søndergaard

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Monika Hohlmeier, Marian-Jean Marinescu, Véronique Mathieu, Olle Schmidt, Derek Vaughan

(1)

PB L 71 van 14.3.2008.

(2)

PB C 273 van 13.11.2009, blz. 1.

(3)

PB C 269 van 10.11.2009, blz. 1.

(4)

PB C 273 van 13.11.2009, blz. 122.

(5)

PB L 248 van 16.9.2002, blz. 1.

(6)

PB L 71 van 14.3.2008.

(7)

PB C 273 van 13.11.2009, blz. 1.

(8)

PB C 269 van 10.11.2009, blz. 1.

(9)

PB C 273 van 13.11.2009, blz. 122.

(10)

PB L 248 van 16.9.2002, blz. 1.

(11)

Cf. Europees Transparantie-initiatief: http://ec.europa.eu/commission_barroso/kallas/work/eu_transparency/index_en.htm

Juridische mededeling - Privacybeleid