AANBEVELING VOOR DE TWEEDE LEZING over het standpunt van de Raad in eerste lezing met het oog op de aanneming van een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de verplichtingen van marktdeelnemers die hout en houtproducten op de markt brengen

7.5.2010 - (05885/4/2010 – C7‑0053/2010 – 2008/0198(COD)) - ***II

Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid
Rapporteur: Caroline Lucas


Procedure : 2008/0198(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus :  
A7-0149/2010

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het standpunt van de Raad in eerste lezing met het oog op de aanneming van een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van de verplichtingen van marktdeelnemers die hout en houtproducten op de markt brengen

(05885/4/2010 – C7‑0053/2010 – 2008/0198(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: tweede lezing)

Het Europees Parlement,

–   gezien het standpunt van de Raad in eerste lezing (05885/4/2010 – C7‑0053/2010),

–   gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2008)0644),

–   gelet op artikel 251, lid 2 en artikel 175, lid 1, van het EG-Verdrag, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C6-0373/2008),

–   gezien de mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad getiteld "Gevolgen van de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon voor de lopende interinstitutionele besluitvormingsprocedures" (COM(2009)0665),

–   gelet op artikel 294, lid 7, en artikel 192, lid 1, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–   gezien zijn standpunt in eerste lezing[1],

–   gezien het advies van het Economisch en Sociaal Comité[2],

–   gezien het advies van het Comité van de Regio's[3],

–   gelet op artikel 66 van zijn Reglement,

–   gezien de aanbeveling voor de tweede lezing van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid (A7‑0149/2010),

1.  keurt onderstaand standpunt in eerste lezing goed;

2.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

Amendement 1

Standpunt van de Raad

Overweging 1 bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

(1 bis) Het bos is een kostbaar erfgoed dat moet worden beschermd en in stand gehouden en, waar mogelijk, moet worden hersteld met het uiteindelijke doel om de biodiversiteit en het ecosysteem te bewaren, het klimaat te beschermen en de rechten van de inheemse bevolking en van plaatselijke gemeenschappen en gemeenschappen die voor hun overleven van het bos afhankelijk zijn, te waarborgen.

Motivering

Wederopneming van de tekst van het EP in eerste lezing. In multilaterale overeenkomsten, zoals het Verdrag inzake biologische diversiteit en het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering worden biologische diversiteit en klimaat genoemd als onderdelen van het gemeenschappelijk erfgoed van de mensheid. In het internationaal recht vormt dit een basis voor een speciale verantwoordelijkheid voor de bescherming ervan.

Amendement 2

Standpunt van de Raad

Overweging 1 ter (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

(1 ter) In bosrijke ontwikkelingslanden is de bosbouw vaak een van de belangrijkste bronnen van inkomen voor veel mensen. Het is daarom van groot belang om een duurzamer ontwikkeling van de bosbouw in deze landen te bevorderen.

Motivering

Amendement 5 eerste lezing EP.

Amendement  3

Standpunt van de Raad

Overweging 2

Standpunt van de Raad

Amendement

(2) Als gevolg van de wereldwijde, groeiende vraag naar hout en houtproducten en de tekortkomingen op institutioneel en bestuurlijk gebied die in de bosbouwsector van een aantal houtproducerende landen voorkomen, worden illegale houtkap en de daarmee samenhangende handel een steeds groter probleem.

(2) Als gevolg van de tekortkomingen op institutioneel en bestuurlijk gebied die in de bosbouwsector van een aantal houtproducerende landen voorkomen, zijn illegale houtkap en de daarmee samenhangende handel een steeds groter probleem geworden.

Motivering

Het wordt algemeen erkend dat tekortkomingen op bestuurlijk gebied een belangrijke kwestie zijn bij de illegale houtkap

Amendement  4

Standpunt van de Raad

Overweging 2 bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

(2 bis) Hout dat op duurzame wijze geproduceerd wordt, bindt broeikasgassen en is een van de meest milieuvriendelijke materialen die er bestaan. Gezien de toenemende wereldwijde vraag zou de duurzame productie van hout moeten worden bevorderd, zowel binnen als buiten de Europese Unie. Het opleggen van buitensporig strenge eisen aan de houtproductie kan leiden tot een verlies aan concurrentievermogen van hout ten opzichte van andere, niet-hernieuwbare materialen (zoals plastic, aluminium en beton), die niet onderworpen zijn aan legaliteitsvereisten. een dergelijke productverschuiving zou op haar beurt de EU belemmeren bij het bereiken van haar klimaatsdoelstellingen.

Amendement  5

Standpunt van de Raad

Overweging 3

Standpunt van de Raad

Amendement

(3) Illegale houtkap is een zeer ernstig probleem van groot internationaal belang. Hij vormt een belangrijke bedreiging voor de bossen, want hij draagt bij tot de ontbossing, die verantwoordelijk is voor 20% van de CO2-emissies. Illegale houtkap bedreigt de biodiversiteit en ondermijnt duurzaam bosbeheer en duurzame bosontwikkeling, met inbegrip van de commerciële levensvatbaarheid van marktdeelnemers die volgens de geldende wetgeving opereren. Bovendien heeft illegale houtkap ook sociale, politieke en economische implicaties.

(3) Illegale houtkap is een zeer ernstig probleem van groot internationaal belang. Hij vormt een belangrijke bedreiging voor de bossen, want hij draagt bij tot de ontbossing en aantasting van de bossen, die verantwoordelijk zijn voor 20% van de wereldwijde CO2-emissies. Illegale houtkap bedreigt de biodiversiteit en ondermijnt duurzaam bosbeheer en duurzame bosontwikkeling, met inbegrip van de commerciële levensvatbaarheid van marktdeelnemers die volgens de geldende wetgeving opereren. Hij draagt ook bij tot desertificatie en steppenvorming, waarbij de bodemerosie toeneemt, evenals extreme weersomstandigheden en overstromingen. Bovendien heeft illegale houtkap ook sociale, politieke en economische implicaties en ondermijnt hij het streven naar goed bestuur, en vormt hij vaak een bedreiging voor lokale gemeenschappen die voor hun overleven van het bos afhankelijk zijn en voor de rechten van de inheemse bevolking. Een effectieve aanpak van het probleem van de illegale houtkap in het kader van deze verordening zou naar verwachting op een kosteneffectieve wijze een belangrijke bijdrage leveren aan de EU-strategie tot tempering van de klimaatverandering en moet worden gezien al een aanvulling op de activiteiten en toezeggingen van de EU in het kader van het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering.

Motivering

Amendement 7 eerste lezing EP.

Amendement  6

Standpunt van de Raad

Overweging 3 bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

(3 bis) Illegale houtkap ondermijnt het duurzame bosbeheer en duurzame ontwikkeling, aangezien hierdoor de commerciële levenskansen van marktdeelnemers die zich wel aan de toepasselijke wetgeving houden worden aangetast. Bovendien heeft hij verreikende sociale, politieke en economische consequenties, waaronder ook een verband met gewapende conflicten in verschillende delen van de wereld. Om die redenen is het noodzakelijk de lidstaten van de EU en hun op dit gebied bevoegde nationale autoriteiten hiervan opmerkzaam te maken en ook het grote publik zich beter bewust te doen worden van deze belangrijke kwestie.

Motivering

Illegale houtkap vervalst de concurrentie binnen de EU en wereldwijd. Uit onderzoeken blijkt dat de burgers zich bekommeren over de legaliteit van het hout en de houtproducten die op de markt worden gebracht. Het wekken van meer bewustzijn ten aanzien van de urgentie van het probleem van de illegale houtkap moet een integraal onderdeel zijn van onderhavige verordening. Het probleem is van hardnekkige aard en hangt vaak samen met gewapende conflicten. Dit is van groot belang voor de opstelling van wetgeving en de acceptatie ervan.

Amendement  7

Standpunt van de Raad

Overweging 3 ter (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

(3 ter) In het besluit nr.1600/2002/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 juli 2002, tot vaststelling van het Zesde Milieuactieprogramma van de Europese Gemeenschap(1) worden onder meer de volgende prioritaire acties vastgesteld: bestudering van de mogelijkheden om actieve maatregelen te nemen ter voorkoming en bestrijding van de handel in illegaal gekapt hout, en continuering van de actieve deelname van de Gemeenschap en de lidstaten in de uitvoering van de mondiale en regionale resoluties en overeenkomsten over kwesties die verband houden met bossen.

 

_____________________

1 PB L 242 van 10.9.2002, blz. 1.

Motivering

Amendement 9 eerste lezing EP.

Amendement  8

Standpunt van de Raad

Overweging 3 quater (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

(3 quater) Het Verdrag inzake de werking van de Europese Unie (TFEU) verlangt dat milieueisen een integrale plaats krijgen in de vaststelling en uitvoering van de beleidsmaatregelen en acties van de Europese Unie, ook die op handelsgebied, zulks met name met het oog op de bevordering van een duurzame ontwikkeling.

Amendement  9

Standpunt van de Raad

Overweging 3 quinquies (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

(3 quinquies) Deze verordening heeft tot doel om de handel in illegaal gekapt hout en houtproducten in de Europese Unie te voorkomen, waardoor een bijdrage wordt geleverd aan het doen ophouden van de ontbossing en aantasting van de wouden en het afremmen van het verlies aan biologische verscheidenheid, en tegelijkertijd aan de bevordering van duurzame ontwikkeling en respect voor de inheemse en plaatselijke bevolkingen.

Motivering

Amendement 8 eerste lezing EP.

Amendement  10

Standpunt van de Raad

Overweging 3 sexies (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

(3 sexies) het aanbieden op de markt van illegaal gewonnen hout of houtproducten dient te worden verboden.Om de naleving van dit verbod te bevorderen moet van marktdeelnemers die hout of houtproducten voor de eerste maal op de markt aanbieden worden geëist dat zij de nodige zorgvuldigheid betrachten door middel van een systeem van maatregelen en procedures (zorgvuldigheidstelsel) en moet van de andere marktdeelnemers in de productieketen geëist worden dat zij basisinformatie verstrekken,

Motivering

Compromisamendement 1 combineert elementen van de amendementen 8, 91 en 114. Er zijn twee redenen om deze amendementen in een enkele overweging te combineren. In de eerste plaats leidt dit tot een duidelijker informatie van de zorgvuldigheids- en verbodsverplichtingen. In de tweede plaats worden zorgvuldigheid en verbod hier in één zin gecombineerd met de zinsnede "om de naleving van dit verbod te bevorderen", waardoor de betrekking tussen deze aanvullende, maar afzonderlijke, onderdelen van de verordening duidelijk wordt geformuleerd.

Amendement  11

Standpunt van de Raad

Overweging 4

Standpunt van de Raad

Amendement

(4) In de Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en aan de Raad van 21 mei 2003 genaamd "Wetshandhaving, governance en handel in de bosbouw (FLEGT): Voorstel voor een EU-actieplan" is een pakket maatregelen voorgesteld ter ondersteuning van de internationale inspanningen om het probleem van de illegale houtkap en de daarmee samenhangende handel uit de wereld te helpen.

(4) In de Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en aan de Raad van 21 mei 2003 genaamd "Wetshandhaving, governance en handel in de bosbouw (FLEGT): voorstel voor een EU-actieplan", is een pakket maatregelen voorgesteld ter ondersteuning van de internationale inspanningen om het probleem van de illegale houtkap en de daarmee samenhangende handel uit de wereld te helpen en een bijdrage te leveren aan de ruimere doelstelling van duurzaam bosbeheer.

Motivering

Amendement 10 eerste lezing EP.

Amendement  12

Standpunt van de Raad

Overweging 7

Standpunt van de Raad

Amendement

(7) Gezien de schaal en de urgentie van het probleem, moet de bestrijding van de illegale houtkap en de daarmee samenhangende handel actief worden gesteund, moet het VPA-initiatief worden aangevuld en versterkt, en moet een grotere synergie tot stand worden gebracht tussen beleid dat erop gericht is de bossen in stand te houden en beleid dat streeft naar een hoog niveau van milieubescherming, onder meer door de klimaatverandering en het verlies aan biodiversiteit te bestrijden.

(7) Gezien de schaal en de urgentie van het probleem, moet de bestrijding van de illegale houtkap en de daarmee samenhangende handel actief worden gesteund, moet het VPA-initiatief worden aangevuld, moeten er gelijke concurrentievoorwaarden worden gecreëerd voor alle marktdeelnemers en moet een grotere synergie tot stand worden gebracht tussen beleid dat erop gericht is de bossen in stand te houden en beleid dat streeft naar een hoog niveau van milieubescherming, onder meer door de klimaatverandering en het verlies aan biodiversiteit te bestrijden.

Motivering

Door het duidelijk vermelden van verplichtingen en door erop toe te zien dat alle marktdeelnemers zich daaraan houden verwijdert de onderhavige verordening sluipwegen, waardoor marktdeelnemers ervan verhinderd worden om te profiteren van de handel in illegaal gekapt hout.

Amendement  13

Standpunt van de Raad

Overweging 8 bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

(8 bis) Door de uitvoering van het FLEGT-actieplan heeft de Commissie zich een belangrijke expertise verworven, waarmee rekening moet worden gehouden bij het nastreven van de doelstellingen van onderhavige verordening. Deze expertise moet in het bijzonder worden gebruikt voor de nadere definitie van de toepasbare wetgeving, hierbij voortbouwend op de structuur van de VPA's.

Motivering

Amendement 16 in eerste lezing, waarin ook wordt ingegaan op de rol van de Commissie bij het definiëren van legaliteit.

Amendement  14

Standpunt van de Raad

Overweging 8 ter (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

(8 ter) De Europese Unie moet zich ervoor inzetten om verdere stimulansen aan landen te geven om toe te treden tot de FLEGT VPA's, daarbij ook rekening houdend met het feit dat deze FLEGT VPA's van bijzondere betekenis kunnen zijn bij de wereldwijde inspanningen om de klimaatverandering onder controle te krijgen, doordat zij in het kader van internationale onderhandelingen bijdragen tot een vermindering van de ontbossing.

Motivering

Het is noodzakelijk de rol van de huidige verordening te onderstrepen om landen te motiveren om tot de VPA's toe te treden. Ook moet worden gewezen op de potentiële effecten van de VPA's in het kader van de wereldwijde inspanningen om de ontbossing af te remmen met het oog op de terugdringing van de emissies van broeikasgassen.

Amendement  15

Standpunt van de Raad

Overweging 10

Standpunt van de Raad

Amendement

(10) Rekening houdend met de complexiteit van de onderliggende factoren en de effecten van illegale houtkap, moeten de prikkels die tot illegaal gedrag aanzetten, worden verminderd door het gedrag van de marktdeelnemers te beïnvloeden.

(10) Rekening houdend met de complexiteit van de onderliggende factoren en de effecten van illegale houtkap, moeten de prikkels die tot illegaal gedrag aanzetten, worden verminderd door het gedrag van de marktdeelnemers te beïnvloeden. Strengere eisen en verplichtingen en sterkere wettelijke middelen om het bezit en de verkoop van illegaal hout en illegale houtproducten door marktdeelnemers op de EU-markt te bestraffen, behoren tot de meest effectieve oplossingen om marktdeelnemers ervan te weerhouden zaken te doen met illegale leveranciers.

Motivering

Amendement 17 eerste lezing EP.

Amendement  16

Standpunt van de Raad

Overweging 11

Gemeenschappelijk standpunt van de Raad

Amendement

(11) Bij gebreke van een internationaal overeengekomen definitie van illegale houtkap moet op grond van de wetgeving van het land waar het hout is gekapt, worden bepaald wat onder illegale houtkap wordt verstaan.

(11) Bij gebreke van een internationaal overeengekomen definitie van illegale houtkap moet op grond van de wetgeving van het land waar het hout is gekapt, worden bepaald wat de primaire basis is om vast te stellen wat onder illegale houtkap wordt verstaan. De definitie van "legaal gekapt hout" moet garant staan voor duurzaam bosbeheer, behoud van de biologische verscheidenheid, de bescherming van lokale en inheemse bevolkingsgroepen die van het bos afhankelijk zijn en het behoud van de rechten van deze bevolkingsgroepen.

Motivering

Wederopneming van de amendementen 16 en 18 uit de eerste lezing.

Amendement  17

Standpunt van de Raad

Overweging 12

Standpunt van de Raad

Amendement

(12) Veel houtproducten ondergaan talrijke processen voordat en nadat zij voor de eerste maal op de markt zijn gebracht. Om onnodige administratieve lasten te voorkomen, hoeven alleen de marktdeelnemers die hout en houtproducten voor de eerste maal op de interne markt brengen, en niet de hele distributieketen, aan de in deze verordening vastgestelde eisen te voldoen.

(12) Veel houtproducten ondergaan talrijke processen voordat en nadat zij voor de eerste maal op de markt zijn gebracht. Om onnodige administratieve lasten te voorkomen, hoeven alleen de marktdeelnemers die hout en houtproducten voor de eerste maal op de interne markt brengen, en niet de hele distributieketen, aan de in deze verordening vastgestelde eisen van volledige zorgvuldigheid te voldoen.

Motivering

Compromisamendement 2 bestaat uit het eerste deel van de amendementen 8, 91 en 92.

Amendement  18

Standpunt van de Raad

Overweging 14

Standpunt van de Raad

Amendement

(14) Marktdeelnemers die hout en houtproducten voor de eerste maal op de interne markt brengen, moeten de nodige zorgvuldigheid betrachten om door middel van een stelsel van maatregelen en procedures (zorgvuldigheidsstelsel) het risico te minimaliseren dat zij illegaal gekapt hout en houtproducten afkomstig van dit hout op de interne markt brengen.

Schrappen

Motivering

Compromisamendement 3 bestaat uit een schrapping van overweging 14 uit het standpunt van de Raad, welke overbodig is geworden omdat dezelfde informatie nu vervat is in compromisamendement 1 hierboven.

Amendement  19

Standpunt van de Raad

Overweging 15

Standpunt van de Raad

Amendement

(15) Het zorgvuldigheidsstelsel omvat drie elementen die inherent zijn aan risicobeheer: toegang tot informatie, risicobeoordeling en beperking van het onderkende risico. Het zorgvuldigheidsstelsel moet toegang bieden tot informatie over de bronnen en leveranciers van hout en houtproducten die voor het eerst op de interne markt worden gebracht, waaronder relevante informatie zoals naleving van de toepasselijke wetgeving. Op grond van deze informatie dienen marktdeelnemers een risicobeoordeling te verrichten. Wanneer een risico is onderkend, dienen de marktdeelnemers dit risico te beperken op een wijze die evenredig is met het onderkende risico, om te voorkomen dat illegaal gekapt hout en producten daarvan op de markt worden gebracht.

(15) Het zorgvuldigheidsstelsel omvat drie elementen die inherent zijn aan risicobeheer: toegang tot informatie, risicobeoordeling en beperking van het onderkende risico. Het zorgvuldigheidsstelsel moet toegang bieden tot informatie over de bronnen en leveranciers van hout en houtproducten die voor het eerst op de interne markt worden gebracht, waaronder relevante informatie zoals naleving van de toepasselijke wetgeving, het land van herkomst, en in voorkomend geval de subnationale regio waar het hout gekapt werd, de kapconcessie, de boomsoort, hoeveelheid en waarde.. Op grond van deze informatie dienen marktdeelnemers een risicobeoordeling te verrichten. Wanneer een risico is onderkend, dienen de marktdeelnemers dit risico te beperken op een wijze die evenredig is met het onderkende risico, om te voorkomen dat illegaal gekapt hout en producten daarvan op de markt worden gebracht.

Motivering

Aanvulling met de tekst van een nieuwe overweging van het gemeenschappelijk standpunt van de Raad, ten einde de amendementen beter af te stemmen op de artikelen.

Amendement  20

Standpunt van de Raad

Overweging 17

Standpunt van de Raad

Amendement

(17) Om goede praktijken in de bosbouwsector te erkennen, mogen certificering of andere regelingen van derde partijen die controle op de naleving van de geldende wetgeving omvatten, worden gebruikt in de risicobeoordelingsprocedure.

(17) Om goede praktijken in de bosbouwsector te erkennen, mogen certificering of andere regelingen van derde partijen die controle op de naleving van de geldende wetgeving omvatten, worden gebruikt in de risicobeoordelingsprocedure, op voorwaarde dat deze voldoen aan de in deze verordening gestelde eisen..

Amendement  21

Standpunt van de Raad

Overweging 18

Standpunt van de Raad

Amendement

(18) De houtsector is van groot belang voor de economie van de Unie. Organisaties van marktdeelnemers zijn belangrijke actoren in de sector, aangezien zij de belangen van de marktdeelnemers op grote schaal vertegenwoordigen en contact onderhouden met veel verschillende belanghebbenden. Die organisaties beschikken ook over de deskundigheid en de capaciteit om de toepasselijke wetgeving te analyseren en het naleven ervan door hun leden te vergemakkelijken, maar mogen die competenties niet gebruiken om de markt te domineren. Om de uitvoering van deze verordening te vergemakkelijken en tot de ontwikkeling van goede praktijken bij te dragen, moet erkenning worden verleend aan organisaties die zorgvuldigheidsstelsels die de voorschriften van deze verordening naleven hebben opgesteld. Er moet een lijst van dergelijke erkende organisaties worden bekendgemaakt om de marktdeelnemers in staat te stellen van dergelijke erkende toezichthoudende organisaties gebruik te maken.

(18) Om de uitvoering van deze verordening te vergemakkelijken en tot de ontwikkeling van goede praktijken bij te dragen, moet erkenning worden verleend aan organisaties die zorgvuldigheidsstelsels die de voorschriften van deze verordening naleven hebben opgesteld. Er moet een lijst van dergelijke erkende organisaties worden bekendgemaakt om de marktdeelnemers in staat te stellen van dergelijke erkende toezichthoudende organisaties gebruik te maken.

Motivering

Amendement 23 eerste lezing EP.

Amendement  22

Standpunt van de Raad

Overweging 19

Standpunt van de Raad

Amendement

(19) De bevoegde autoriteiten moeten erop toezien dat de marktdeelnemers daadwerkelijk de in deze verordening neergelegde verplichtingen vervullen. Daartoe moeten de bevoegde autoriteiten indien nodig officiële controles uitvoeren, eventueel ook in de gebouwen van de marktdeelnemers, en moeten zij kunnen eisen dat marktdeelnemers waar nodig corrigerende maatregelen nemen.

(19) De bevoegde autoriteiten moeten erop toezien dat de marktdeelnemers daadwerkelijk de in deze verordening neergelegde verplichtingen vervullen. Daartoe moeten de bevoegde autoriteiten officiële controles uitvoeren in overeenstemming met een jaarlijks plan, die eventueel ook douanecontroles kunnen omvatten in de gebouwen van de marktdeelnemers, en financiële controles ter plaatse en moeten zij kunnen eisen dat marktdeelnemers waar nodig corrigerende maatregelen nemen.

Motivering

Amendement 25 eerste lezing EP.

Amendement  23

Standpunt van de Raad

Overweging 20

Standpunt van de Raad

Amendement

(20) De bevoegde autoriteiten moeten een register van de controles bijhouden en de relevante informatie voor elke aanvrager toegankelijk maken overeenkomstig Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2003 inzake de toegang van het publiek tot milieu-informatie.

(20) De bevoegde autoriteiten moeten een register van de controles bijhouden en de relevante informatie voor het publiek toegankelijk maken, ook via het internet, overeenkomstig Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2003 inzake de toegang van het publiek tot milieu-informatie.

Amendement  24

Standpunt van de Raad

Overweging 21

Standpunt van de Raad

Amendement

(21) Gezien het internationale karakter van illegale houtkap, moeten de bevoegde autoriteiten onderling en met de overheidsdiensten van derde landen en met de Commissie samenwerken.

(21) Gezien het internationale karakter van illegale houtkap, moeten de bevoegde autoriteiten onderling en met organisaties uit het maatschappelijk middenveld, industriële organisaties en de overheidsdiensten van derde landen en met de Commissie samenwerken.

Amendement  25

Standpunt van de Raad

Overweging 21 bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

(21 bis) Om het voor marktdeelnemers die hout of houtproducten op de communautaire markt brengen gemakkelijker te maken om zich te houden aan de in onderhavige verordening gestelde eisen, daarbij ook rekening houdend met de situatie van de kleine en middelgrote ondernemingen, moeten de lidstaten deze marktdeelnemers technische en andere bijstand verlenen en de uitwisseling van informatie bevorderen, vooral wat betreft de verplichting van deze marktdeelnemers om een grote mate van zorgvuldigheid in acht te nemen;

Motivering

Om een kader te bieden voor het verminderen van de administratieve lasten, ook rekening houdend met de situatie van de KMO's. Het amendement vormt de basis voor een nieuw artikel betreffende de technische bijstand aan marktdeelnemers en de uitwisseling van informatie.

Amendement  26

Standpunt van de Raad

Overweging 23

Standpunt van de Raad

Amendement

(23) Om aan de doelstelling van deze verordening te voldoen, moet de Commissie de bevoegdheid krijgen om, overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU), gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot procedures voor de erkenning en de intrekking van erkenningen van toezichthoudende organisaties, met betrekking tot risicobeoordelingscriteria die nodig kunnen zijn ter aanvulling van die waarin deze verordening voorziet en met betrekking tot de lijst van hout en houtproducten waarop deze verordening van toepassing is. Het is van bijzonder belang dat de Commissie in de voorbereidingsfase deskundigen raadpleegt overeenkomstig de toezegging van de Commissie in de Mededeling van 9 december 2009 over de uitvoering van artikel 290 VWEU.

(23) De Commissie moet de bevoegdheid krijgen om, overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU), gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de algemene beginselen en criteria voor een nadere specificatie van de definitie van toepasselijke wetgeving en de vereisten van het zorgvuldigheidssysteem en met betrekking tot de lijst van hout en houtproducten waarop deze verordening van toepassing is, alsook met betrekking tot de controles op de toezichthoudende organisaties, de controles op de exploitanten en de regels voor etikettering.. Het is van bijzonder belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden passend overleg pleegt, onder meer met deskundigen.

Motivering

Om de overweging over de gedelegeerde handelingen beter af te stemmen op de artikelen en op de taal die gebezigd wordt in het verslag De Brún over paspoorten voor gezelschapsdieren.

Amendement  27

Standpunt van de Raad

Overweging 23 bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

(23 bis) Ter bescherming van een goed functionerende interne markt voor bosproducten dient de Commissie doorlopend de effecten van deze verordening te onderzoeken. Bijzondere aandacht moet daarbij worden geschonken aan de consequenties van de onderhavige verordeningen voor de KMO's. De Commissie moet daarom op regelmatige grondslag studies en effectanalyses uitvoeren naar de consequenties van deze verordening, in het bijzonder voor de KMO's, en ook naar de duurzame bosbouwpraktijken;

Motivering

(Amendement 29 eerste lezing EP) Grondslag voor het operationele artikel 18, lid 3, betreffende de rapportage over de effecten van de verordening.

Amendement  28

Standpunt van de Raad

Overweging 24

Standpunt van de Raad

Amendement

(24) De voor de uitvoering van deze verordening noodzakelijke maatregelen worden vastgesteld overeenkomstig Besluit 1999/468/EG van de Raad van 28 juni 1999 tot vaststelling van de voorwaarden voor de uitoefening van de aan de Commissie verleende uitvoeringsbevoegdheden.

Schrappen

Motivering

Deze tekst is overbodig omdat er in de ontwerpverordening niet sprake is van enig uitvoeringsbesluit.

Amendement  29

Standpunt van de Raad

Artikel 1

Standpunt van de Raad

Amendement

Bij deze verordening worden de verplichtingen vastgesteld van marktdeelnemers die voor de eerste maal hout en houtproducten op de interne markt brengen, teneinde het risico te minimaliseren dat illegaal gekapt hout of van illegaal gekapt hout gemaakte producten op de markt worden gebracht.

Bij deze verordening worden de verplichtingen vastgesteld van marktdeelnemers die voor de eerste maal hout en houtproducten op de interne markt brengen of aanbieden.

Motivering

Amendement 31 eerste lezing EP. De verordening moet van toepassing zijn op alle marktdeelnemers in de gehele bedrijfsketen, hoewel de vereisten van passende zorgvuldigheid alleen van toepassing zijn op de marktdeelnemer die het hout voor de eerste maal op de binnenmarkt aanbiedt.

Amendement  30

Standpunt van de Raad

Artikel 2 – letter a

Standpunt van de Raad

Amendement

a) "hout en houtproducten": het hout en de houtproducten die in de bijlage worden genoemd, met uitzondering van houtproducten die zijn gemaakt van reeds op de markt gebracht hout of reeds op de markt gebrachte houtproducten, alsmede houtproducten of bestanddelen van dergelijke producten die vervaardigd zijn van hout of houtproducten die hun levenscyclus hebben voltooid en anders als afval zouden worden verwijderd;

a) "hout en houtproducten": het hout en de houtproducten die in de bijlage worden genoemd, met uitzondering van houtproducten die zijn gemaakt van hout of houtproducten, die voortkomen uit recyclering, zoals gedefinieerd in artikel 3, lid 17, van richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad van 19 november 2008 over afvalstoffen1;

 

_________

1 PB L 312 van 22.11.2008, blz. 3.

Motivering

Compromisamendement 6 verwijst naar de bestaande definitie in de Kaderrichtlijn voor afval.

Amendement  31

Standpunt van de Raad

Artikel 2 – letter a bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

a bis) "het aanbieden op de markt" betekent iedere aanbieding van hout of houtproducten op de interne markt voor distributie of gebruik in het kader van een commerciële activiteit, hetzij tegen betaling of kosteloos, met inbegrip van aanbieding via een mededeling op afstand zoals gedefinieerd in richtlijn 97/7/EG van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 1997 inzake de bescherming van de consument bij op afstand gesloten overeenkomsten1;

 

_____________________

1PB L 144 van 4.6.1997, blz. 19.

Motivering

Amendement 33 eerste lezing EP. Ter onderscheiding van marktdeelnemers die het volledig stelsel van zorgvuldigheidseisen moeten toepassen en anderen in de toeleveringsketen, moeten afzonderlijke definities worden gehanteerd voor "op de markt brengen" en "op de markt aanbieden". Beide concepten worden apart gedefinieerd in het Gemeenschappelijk kader voor het in de handel brengen van producten (Besluit 68/2008/EG van het Europees Parlement en de Raad van 9 juli 2008); omwille van de consistentie wordt dezelfde tekst hier gebruikt.

Amendement  32

Standpunt van de Raad

Artikel 2 – letter b

Standpunt van de Raad

Amendement

b) "op de markt brengen": het op enigerlei wijze, ongeacht de gebruikte verkooptechniek, voor de eerste maal leveren van hout of houtproducten op de interne markt met het oog op distributie of gebruik in het kader van een handelsactiviteit, hetzij tegen betaling hetzij kosteloos. Hieronder wordt ook verstaan het leveren door middel van communicatie op afstand als bedoeld in Richtlijn 97/7/EG van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 1997 betreffende de bescherming van de consument bij op afstand gesloten overeenkomsten;

b) "op de markt brengen": voor het eerst op de communautaire markt aanbieden van hout en houtproducten; de verdere verwerking en distributie van hout geldt niet als "op de markt brengen";

Motivering

Amendement 34 eerste lezing EP. Ter onderscheiding van marktdeelnemers die het volledig stelsel van zorgvuldigheidseisen moeten toepassen en anderen in de toeleveringsketen, moeten afzonderlijke definities worden gehanteerd voor "op de markt brengen" en "op de markt aanbieden". Beide concepten worden apart gedefinieerd in het Gemeenschappelijk kader voor het in de handel brengen van producten (Besluit 768/2008/EG van het Europees Parlement en de Raad van 9 juli 2008); omwille van de consistentie wordt dezelfde tekst hier gebruikt.

Amendement  33

Standpunt van de Raad

Artikel 2 – letter c

Standpunt van de Raad

Amendement

c) "marktdeelnemer": een natuurlijke of rechtspersoon die hout of houtproducten op de markt brengt;

c) "marktdeelnemer": een natuurlijke of rechtspersoon die hout of houtproducten op de markt brengt of aanbiedt;

Motivering

Amendement 35 eerste lezing EP.

Amendement  34

Standpunt van de Raad

Artikel 2 – lid 1 – letter f bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

f bis) "risico"- een functie die de waarschijnlijkheid aangeeft dat illegaal gekapt hout of producten daarvan op de communautaire markt worden gebracht of aangeboden en de ernst van een dergelijke incident;

Motivering

Amendement 36 eerste lezing EP.

Amendement  35

Standpunt van de Raad

Artikel 2 – letter f ter (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

f ter) "vereiste zorgvuldigheid" betekent de verplichting om alle nodige maatregelen te nemen om zich ervan te verzekeren dat illegaal gekapt hout of producten daarvan niet op de markt worden gebracht of beschikbaar gesteld;

Motivering

Verduidelijking van het begrip in aanvulling op artikel 4.

Amendement  36

Standpunt van de Raad

Artikel 2 – letter g

Standpunt van de Raad

Amendement

g)"toepasselijke wetgeving": de wetgeving die van kracht is in het land waar het hout is gekapt en die betrekking heeft op de volgende aangelegenheden:

g) )"toepasselijke wetgeving": de wetgeving die van kracht is in het land waar het hout is gekapt, met inbegrip van nationale wetten en wetten van subnationale entiteiten, en die betrekking heeft op de volgende aangelegenheden:

– rechten tot houtkap binnen, in een officieel publicatieblad bekendgemaakte, grenzen;

- rechten tot houtkap binnen, in een wettig officieel publicatieblad bekendgemaakte, grenzen;

– betalingen voor houtkaprechten en hout, inclusief heffingen in verband met houtkap;

– betalingen voor houtkaprechten en hout, inclusief heffingen in verband met houtkap;

– houtkap, met inbegrip van rechtstreeks daarmee verband houdende milieu- en boswetgeving;

vereisten met betrekking tot het behoud van biologische diversiteit, houtkap en bosbeheer , met inbegrip van rechtstreeks daarmee verband houdende milieu- en boswetgeving;

– door houtkap geschonden wettelijke rechten van derden betreffende grondgebruik en grondbezit; en

– door houtkap geschonden wettelijke rechten van derden betreffende grondgebruik en grondbezit; en

– handels- en douanewetgeving, voor zover van toepassing op de bosbouwsector.

– handels- en douanewetgeving, voor zover van toepassing op de bosbouwsector.

 

Om deze definitie nader te specificeren, moet de Commissie, door middel van gedelegeerde handelingen, algemene principes en criteria vaststellen, en, voor zover mogelijk, indicatoren opstellen en publiceren voor elk houtproducerend land;

 

Op de in dit artikel genoemde gedelegeerde handelingen zijn de procedures van de artikelen 13, 14 en 15 van toepassing.

Motivering

Gedeeltelijke heropneming van belangrijke elementen van amendement 38 in eerste lezing, dat op 22 april 2009 werd goedgekeurd. De uitwerking van de beginselen en criteria zal plaats vinden door middel van gedelegeerde handelingen.

Amendement  37

Standpunt van de Raad

Artikel 2 – letter g bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

g bis) "toezichthoudende organisatie": een rechtspersoon of een vereniging met leden of een federatie daarvan die de wettelijke mogelijkheid heeft om toezicht te houden op en te zorgen voor de toepassing van de stelsels van zorgvuldigheidseisen door de marktdeelnemers die als gebruiker van een dergelijk stelsel zijn gecertificeerd.

Motivering

Deze definitie volgt het oorspronkelijke voorstel van de Commissie.

Amendement  38

Standpunt van de Raad

Artikel 4 – lid -1 (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

-1. Het op de markt brengen of aanbieden van illegaal gekapt hout of producten daarvan wordt verboden. Marktdeelnemers mogen geen illegaal gekapt hout of producten daarvan op de markt brengen of aanbieden

Motivering

Wederopneming van de amendementen 31 en 42 uit de eerste lezing. Marktdeelnemers mogen geen illegaal gekapt hout of producten daarvan op de markt brengen of aanbieden. De formulering van de tekst in eerste lezing is lichtelijk veranderd om duidelijk te maken dat het niet gaat om een procedure van transportpapieren die de legaliteit van elke verzending aantonen. In geval van klachten tegen een marktdeelnemer ligt de bewijslast bij de vervolgende instantie. Zorgvuldigheid en verbod zijn twee aanvullende, maar toch wel verschillende onderdelen, die om der wille van de duidelijkheid in de operationele tekst in twee verschillende paragrafen aan de orde meten worden gesteld. Het verband tussen beide wordt in compromisamendement 1 (nieuwe overweging 3 ter) toegelicht.

Amendement  39

Standpunt van de Raad

Artikel 4 – lid 1

Standpunt van de Raad

Amendement

1. De marktdeelnemers betrachten zorgvuldigheid om het risico te minimaliseren dat illegaal gekapt hout of houtproducten afkomstig van dit hout op de markt worden gebracht. Daartoe passen zij een geheel van procedures en maatregelen toe, hierna "zorgvuldigheidsstelsel" genoemd, dat in artikel 5 wordt omschreven.

1. Marktdeelnemers die hout en houtproducten op de markt brengen passen een stelsel van zorgvuldigheidseisen toe. Daartoe passen zij een geheel van procedures en maatregelen toe, hierna "zorgvuldigheidsstelsel" genoemd, dat in artikel 5 wordt omschreven. Dat zorgvuldigheidsstelsel wordt vastgesteld ofwel door de marktdeelnemer of door een toezichthoudende organisatie zoals bedoeld in artikel 7.

Motivering

Amendement 42 eerste lezing EP. Gedetailleerder zorgvuldigheidseisen zijn wenselijk voor marktdeelnemers die producten voor de eerste maal op de communautaire markt brengen, aangezien zij de grootste verantwoordelijkheid hebben ten aanzien wat er de EU binnenkomt en daardoor de grootste verantwoordelijkheid dragen . Zorgvuldigheid en verbod zijn twee aanvullende, maar toch wel verschillende onderdelen, die om der wille van de duidelijkheid in de operationele tekst in twee verschillende paragrafen aan de orde meten worden gesteld. Het verband tussen beide wordt in compromisamendement 1 (nieuwe overweging 3 ter) toegelicht.

Amendement  40

Standpunt van de Raad

Artikel 4 – lid 2

Standpunt van de Raad

Amendement

2. Iedere marktdeelnemer handhaaft en evalueert op gezette tijden het zorgvuldigheidsstelsel dat hij gebruikt, behalve wanneer de marktdeelnemer gebruik maakt van een zorgvuldigheidsstelsel dat is ingevoerd door een toezichthoudende organisatie als bedoeld in artikel 7.

2. Iedere marktdeelnemer handhaaft en evalueert op gezette tijden het zorgvuldigheidsstelsel dat hij gebruikt, en zorgt daarbij voor een regelmatige audit door een derde partij om de kwaliteit en doelmatigheid van dit systeem te verifiëren, behalve wanneer de marktdeelnemer gebruik maakt van een zorgvuldigheidsstelsel dat is ingevoerd door een toezichthoudende organisatie als bedoeld in artikel 7. Bestaande nationale stelsels van wettelijk toezicht en vrijwillige mechanismen voor doorlopende controle in de gehele toeleveringsketen, die voldoen aan de voorwaarden in deze verordening, kunnen als basis dienen voor het stelsel van zorgvuldigheidseisen.

Motivering

Amendement 43 eerste lezing EP.

Amendement  41

Standpunt van de Raad

Artikel 4 – lid 2 bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

2 bis. Marktdeelnemers die hout en houtproducten op de markt aanbieden, moeten door de gehele toeleveringsketen heen in staat zijn om zowel de marktdeelnemer die het hout en de houtproducten heeft geleverd, als de marktdeelnemer aan wie het hout en de houtproducten geleverd zijn te identificeren;

Motivering

Amendement 42 eerste lezing EP. Alle exploitanten in de toeleveringsketen moeten gebonden zijn door het absolute verbod om hout of houtproducten van illegale oorsprong op de markt aan te bieden en moeten hiertoe de nodige zorgvuldigheid betrachten.

Amendement  42

Standpunt van de Raad

Artikel 5 – lid 1 – letter a

Standpunt van de Raad

Amendement

a) maatregelen en procedures om toegang te bieden tot de volgende informatie over de partij hout en houtproducten van de marktdeelnemer die op de markt worden gebracht:

a) maatregelen en procedures om toegang te bieden tot de volgende informatie over de partij hout en houtproducten van de marktdeelnemer die op de markt worden gebracht:

– beschrijving, met inbegrip van de volledige wetenschappelijke benaming of de gebruikelijke benaming van de boomsoort, de handelsnaam en het type product;

– beschrijving, met inbegrip van de volledige wetenschappelijke benaming en de gebruikelijke benaming van de boomsoort, de handelsnaam en het type product;

– land waar het hout is gekapt en, waar van toepassing, het subnationale gebied waar het hout is gekapt;

– land waar het hout is gekapt en, waar van toepassing, het subnationale gebied waar het hout is gekapt en de kapconcessie;

– hoeveelheid (uitgedrukt in omvang, gewicht of aantal eenheden);

– hoeveelheid (uitgedrukt in omvang, gewicht of aantal eenheden);

 

– waarde;

– naam en adres van de persoon die het hout aan de marktdeelnemer heeft geleverd;

– naam en adres van de persoon die het hout aan de marktdeelnemer heeft geleverd;

 

– naam en adres van de marktdeelnemer die het hout of de producten daarvan heeft geleverd;

 

– de natuurlijke of rechtspersoon die verantwoordelijk is voor het oogsten;

– documenten of andere informatie waaruit blijkt dat het hout of de houtproducten in overeenstemming met de toepasselijke wetgeving zijn;

– documenten of andere informatie waaruit blijkt dat het hout of de houtproducten in overeenstemming met de toepasselijke wetgeving zijn;

Motivering

Amendement 44 eerste lezing EP.

Amendement  43

Standpunt van de Raad

Artikel 5 – lid 1 – letter b

Standpunt van de Raad

Amendement

b) risicobeoordelingsprocedures die de marktdeelnemer in staat stellen om het risico dat illegaal gekapt hout of houtproducten afkomstig van dergelijk hout op de markt worden gebracht, te analyseren en in te schatten.

b) systematische risicobeoordelings-procedures die de marktdeelnemer in staat stellen om het risico dat illegaal gekapt hout of houtproducten afkomstig van dergelijk hout op de markt worden gebracht, te analyseren en in te schatten.

In dergelijke procedures wordt rekening gehouden met de informatie onder a), alsook de relevante risicobeoordelingscriteria, waaronder:

In dergelijke procedures wordt rekening gehouden met de informatie onder a), alsook de relevante risicobeoordelingscriteria, waaronder:

– verzekering van de naleving van de geldende wetgeving, die certificering kan omvatten of andere door derde partijen gecontroleerde regelingen die de naleving van geldende wetgeving betreffen;

– verzekering van de naleving van de geldende wetgeving, die certificering kan omvatten of andere door derde partijen gecontroleerde regelingen die de naleving van geldende wetgeving betreffen;

 

– de mate waarin belanghebbenden worden geraadpleegd;

– prevalentie van illegale kap van specifieke boomsoorten;

– prevalentie van illegale kap van specifieke boomsoorten;

– prevalentie van illegale kap of praktijken in het land en/of het subnationale gebied waar het hout gekapt is;

– prevalentie van illegale kap of praktijken in het land en/of het subnationale gebied waar het hout gekapt is, waarbij ook rekening moet worden gehouden met het bestaan van gewapende conflicten, duidelijk aantoonbare tekortkomingen bij het bosbeheer en hoge niveaus van corruptie;

 

– bestaande verboden op de in- en uitvoer van hout, afgekondigd door de Veiligheidsraad van de VN of de Raad van Europa;

– de complexiteit van de toeleveringsketen van de houtproducten;

– de complexiteit van de toeleveringsketen van de houtproducten;

 

De Commissie moet een register beschikbaar stellen van de landen en/of subnationale regio's waar veel illegale houtkap plaats vindt, van boomsoorten die vaak het slachtoffer worden van illegale houtkap en van marktdeelnemers van wie is vastgesteld dat zij zich niet houden aan de bepalingen van onderhavige verordening.

 

De Commissie zorgt voor een procedure voor beroep voor de betrokken landen en marktdeelnemers die hun vermelding in dit register willen aanvechten.

Motivering

Wederopneming van de amendementen 46 en 47 uit de eerste lezing. Dit amendement beoogt de wederinvoering van het "register voor hoog risico" dat door de Commissie beschikbaar moet worden gesteld en bevat een verduidelijking met betrekking tot de procedure waarmee marktdeelnemers of landen hun opname in dit register kunnen aanvechten. Raadpleging van belanghebbenden is een belangrijke reden van het welslagen van het FLEGT Actieplan. Het open karakter van het zorgvuldigheidssysteem is een factor die in belangrijke mate kan bijdragen tot het succes ervan bij een effectieve evaluatie van de risico's. Ook wordt de tekst van amendement 47 met betrekking tot conflictgebieden weer opgenomen. Bij de procedure voor evaluatie van risico's moet altijd rekening worden gehouden met gewapende conflicten. Bij de procedure moet ook rekening worden gehouden met handelsverboden.

Amendement  44

Standpunt van de Raad

Artikel 5 – lid 1 – letter c

Standpunt van de Raad

Amendement

c) behalve wanneer het bij onder b) bedoelde risicobeoordelingsprocedures onderkende risico verwaarloosbaar is, risicobeperkingsprocedures welke bestaan in een geheel van maatregelen en procedures die in verhouding staan tot dat risico en die toereikend zijn om het effectief te minimaliseren, in voorkomend geval door het verlangen van bijkomende informatie of bescheiden en/of door het verlangen van controles door derden. Dergelijke risicobeperkingsprocedures zijn niet van toepassing indien het onderkende risico verwaarloosbaar is.

c) risicobeperkingsprocedures welke bestaan in een geheel van maatregelen en procedures die in verhouding staan tot dat risico en die toereikend zijn om het effectief te minimaliseren, in voorkomend geval door het verlangen van bijkomende informatie of bescheiden en/of door het verlangen van controles door derden.

Motivering

Schrapping van een door de Raad ingevoerde uitzonderingsbepaling. Het nieuwe begrip van verwaarloosbaar risico wordt niet gedefinieerd en zou aanleiding kunnen geven tot uiteenlopende interpretaties.

Amendement  45

Standpunt van de Raad

Artikel 5 – lid 2

Standpunt van de Raad

Amendement

2. Nadere regels om de uniforme uitvoering van lid 1, behalve wat betreft verdere relevante risicobeoordelingscriteria zoals bedoeld in lid 1, onder b), tweede alinea, van dit artikel te waarborgen, worden vastgesteld volgens de regelgevingsprocedure in artikel 16, lid 2. Deze regels worden uiterlijk ...* vastgesteld.

Schrappen

__________

* PB: gelieve datum in te vullen 18 maanden na de inwerkingtreding van deze richtlijn.

 

Motivering

Het lijkt beter de mogelijkheid van gedelegeerde handelingen te overwegen om de in onderhavige verordening gestelde eisen aan te vullen.

Amendement  46

Standpunt van de Raad

Artikel 5 – lid 3

Standpunt van de Raad

Amendement

3. Teneinde met marktontwikkelingen en bij de toepassing van deze verordening opgedane ervaring rekening te houden, in het bijzonder met de ontwikkelingen en de ervaring die zijn aangetoond middels de in artikel 18, lid 3, bedoelde rapportage, mag de Commissie overeenkomstig artikel 290 VWEU, gedelegeerde handelingen vaststellen met betrekking tot verdere relevante risicobeoordelingscriteria die nodig kunnen zijn ter aanvulling van die als bedoeld in lid 1, onder b), tweede alinea, van dit artikel. Bij de vaststelling van deze gedelegeerde handelingen, handelt de Commissie volgens de desbetreffende bepalingen van deze verordening.

3. Rekening houdend met marktontwikkelingen en bij de toepassing van deze verordening opgedane ervaring, in het bijzonder met de ontwikkelingen en de ervaring die zijn aangetoond middels de in artikel 18, lid 3, bedoelde rapportage, mag de Commissie overeenkomstig artikel 290 VWEU, gedelegeerde handelingen vaststellen in aanvulling op lid 1, onder b), tweede alinea, van dit artikel,met het oog op een verbetering van de effectiviteit van de zorgvuldigheidssystemen bij het voorkomen dat illegaal gekapt hout of producten daarvan op de communautaire markt worden gebracht of aangeboden;

Op de in dit lid genoemde gedelegeerde handelingen zijn de procedures van de artikelen 13, 14 en 15 van toepassing.

Op de in dit lid genoemde gedelegeerde handelingen zijn de procedures van de artikelen 13, 14 en 15 van toepassing.

Motivering

Elke gedelegeerde handeling moet gericht zijn op het doel om de effectiviteit te garanderen van de zorgvuldigheidssystemen bij het voorkomen dat illegaal gekapt hout of producten daarvan op de communautaire markt worden verhandeld.

Amendement  47

Standpunt van de Raad

Artikel 5 – lid 3 bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

3 bis. Afzonderlijke lidstaten mogen niet belemmerd worden om bij de toelating van hout en houtproducten op de markt, ten aanzien van de houtkap en herkomst strengere eisen te stellen dan in deze verordening zijn vastgesteld, betreffende duurzaamheid, de bescherming van het milieu, het behoud van de biodiversiteit en het ecosysteem, de bescherming van leefgebieden van lokale gemeenschappen, de bescherming van gemeenschappen die voor hun overleving van het bos afhankelijk zijn, de bescherming en rechten van de inheemse bevolking en mensenrechten.

Motivering

Dit amendement neemt de tekst weer op van de amendementen van het EP in eerste lezing, teneinde de lidstaten de mogelijkheid te geven om desgewenst strengere nationale eisen in te voeren.

Amendement  48

Standpunt van de Raad

Artikel 6 – lid 1 – alinea 2 bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

Deze autoriteiten moeten voldoende bevoegdheden krijgen om deze verordening te handhaven door toezicht uit te oefenen op de toepassing ervan, vermoedelijke overtredingen te onderzoeken in samenwerking met de douanediensten en overtredingen tijdig te melden aan de vervolgende autoriteit.

Motivering

(Amendement 63 eerste lezing EP)

Amendement  49

Standpunt van de Raad

Artikel 7 – lid 1

Standpunt van de Raad

Amendement

1. Een toezichthoudende organisatie vervult de volgende taken:

1. Een toezichthoudende organisatie moet:

a) in overeenstemming met artikel 5 een zorgvuldigheidsstelsel in stand houden en op gezette tijden evalueren en marktdeelnemers het recht verlenen daarvan gebruik te maken;

a) in overeenstemming met artikel 5 een zorgvuldigheidsstelsel in stand houden en op gezette tijden evalueren en marktdeelnemers het recht verlenen daarvan gebruik te maken;

b) toezien op het correcte gebruik van haar zorgvuldigheidsstelsel door die marktdeelnemers;

b) zij beschikt over toezichtmechanismen om ervoor te zorgen dat het stelsel van zorgvuldigheidseisen wordt gebruikt door de marktdeelnemers die zij heeft gecertificeerd als gebruikmakend van haar stelsel van zorgvuldigheidseisen;

c) passende maatregelen nemen indien een marktdeelnemer nalaat naar behoren gebruik te maken van haar zorgvuldigheidsstelsel, waaronder het verwittigen van de bevoegde autoriteiten in geval van ernstige of herhaalde nalatigheid van de marktdeelnemer.

c) passende maatregelen nemen indien een marktdeelnemer nalaat naar behoren gebruik te maken van haar zorgvuldigheidsstelsel, waaronder het verwittigen van de bevoegde autoriteiten in geval van nalatigheid van de marktdeelnemer.

Amendement  50

Standpunt van de Raad

Artikel 7 – lid 2

Standpunt van de Raad

Amendement

2. Een organisatie kan een aanvraag tot erkenning als toezichthoudende organisatie indienen mits zij de volgende vereisten vervult:

2. Een organisatie kan een aanvraag tot erkenning als toezichthoudende organisatie indienen mits zij de volgende vereisten vervult:

a) zij heeft rechtspersoonlijkheid en is legaal in de Unie gevestigd;

a) zij heeft rechtspersoonlijkheid en is legaal in de Unie gevestigd;

b) zij beschikt over de bevoegdheid om de in lid 1 bedoelde taken te vervullen; en

b) zij beschikt over de nodige expertise en bevoegdheid om de in lid 1 bedoelde taken te vervullen; en

c) zij verricht haar taken op zodanige wijze dat belangenconflicten worden voorkomen.

c) zij verricht haar taken op zodanige wijze dat belangenconflicten worden voorkomen en is juridisch onafhankelijk van de marktdeelnemers aan wie zij machtigingen verstrekt;

Motivering

Amendement 52 eerste lezing EP.

Amendement  51

Standpunt van de Raad

Artikel 7 – lid 3

Standpunt van de Raad

Amendement

3. Een aanvrager die aan de in lid 2 gestelde eisen voldoet, wordt erkend als toezichthoudende organisatie, op één van de volgende manieren:

3. Een aanvrager die aan de in lid 2 gestelde eisen voldoet, wordt door de Commissie erkend als toezichthoudende organisatie

a) de bevoegde autoriteit van een lidstaat erkent de toezichthoudende organisatie die voornemens is haar activiteiten uitsluitend in die lidstaat te verrichten, en stelt daarna onverwijld de Commissie in kennis.

Het besluit tot erkenning van een toezichthoudende organisatie wordt genomen binnen drie maanden na de indiening van de aanvraag. Het besluit tot erkenning van een toezichthoudende organisatie moet door de Commissie ter kennis worden gebracht aan de bevoegde autoriteiten die de rechtsmacht hebben over die organisatie.

b) na kennisgeving aan de lidstaten erkent de Commissie een toezichthoudende organisatie die voornemens is haar activiteiten in meer dan één lidstaat of in de gehele Unie te verrichten.

 

Motivering

Amendement 54 eerste lezing EP. Om een uniforme erkenning van de toezichthoudende organisaties te verzekeren is het beter dat de erkenning verricht wordt door de Commissie. Dit hoeft niet in de weg te staan aan de oprichting van nationale contactpunten die het potentiële toezichthoudende organisaties makkelijker maken om een aanvraag in te dienen.

Amendement  52

Standpunt van de Raad

Artikel 7 – lid 4

Standpunt van de Raad

Amendement

4. De bevoegde autoriteiten voeren op gezette tijden controles uit om na te gaan of de toezichthoudende organisaties die binnen het rechtsgebied van de bevoegde autoriteiten werkzaam zijn, nog altijd de in lid 1 genoemde taken vervullen en de in lid 2 genoemde eisen naleven.

4. De bevoegde autoriteiten voeren op gezette tijden of op basis van met redenen omklede klachten van derde partijen controles uit om na te gaan of de toezichthoudende organisaties die binnen het rechtsgebied van de bevoegde autoriteiten werkzaam zijn, nog altijd de in lid 1 genoemde taken vervullen en de in lid 2 genoemde eisen naleven. De resultaten van de evaluaties worden ter beschikking van het publiek gesteld.

Motivering

Amendement 54 eerste lezing EP.

Amendement  53

Standpunt van de Raad

Artikel 7 – lid 5

Standpunt van de Raad

Amendement

5. Indien een bevoegde autoriteit bepaalt dat een door de Commissie erkende toezichthoudende organisatie niet langer de in lid 1 genoemde functies vervult of de in lid 2 genoemde eisen niet langer naleeft, stelt zij de Commissie hiervan onverwijld in kennis.

5. Indien een bevoegde autoriteit bepaalt dat een toezichthoudende organisatie niet langer de in lid 1 genoemde functies vervult of de in lid 2 genoemde eisen niet langer naleeft, stelt zij de Commissie hiervan onverwijld in kennis.

Motivering

Ter wille van de consistentie met de gecentraliseerde erkenning van de toezichthoudende organisaties.

Amendement  54

Standpunt van de Raad

Artikel 7 – lid 6

Standpunt van de Raad

Amendement

6. De bevoegde autoriteiten of de Commissie kunnen een erkenning intrekken wanneer de bevoegde autoriteit of de Commissie heeft vastgesteld dat een toezichthoudende organisatie niet langer de in lid 1 genoemde taken vervult of de in lid 2 genoemde eisen naleeft. De bevoegde autoriteit of de Commissie kunnen uitsluitend een erkenning intrekken die zij zelf hebben afgegeven. Voor de intrekking van een erkenning door de Commissie worden de betrokken lidstaten hierover geïnformeerd. De lidstaten stellen de Commissie in kennis van de intrekking van een erkenning.

6. De Commissie trekt een erkenning in wanneer de bevoegde autoriteit of de Commissie heeft vastgesteld dat een toezichthoudende organisatie niet langer de in lid 1 genoemde taken vervult of de in lid 2 genoemde eisen naleeft. Voor de intrekking van een erkenning door de Commissie worden de betrokken lidstaten hierover geïnformeerd.

Motivering

Amendement 55 eerste lezing EP. Ter wille van de consistentie met de gecentraliseerde erkenning van de toezichthoudende organisaties.

Amendement  55

Standpunt van de Raad

Artikel 7 – lid 7

Standpunt van de Raad

Amendement

7. Teneinde de procedureregels voor de erkenning en de intrekking van erkenningen van toezichthoudende organisaties aan te vullen en, indien de ervaring dit vereist, te wijzigen, mag de Commissie overeenkomstig artikel 290 VWEU, gedelegeerde handelingen vaststellen. Bij de vaststelling van deze gedelegeerde handelingen, handelt de Commissie volgens de desbetreffende bepalingen van deze verordening.

7. Teneinde de procedureregels voor de erkenning en de intrekking van erkenningen van toezichthoudende organisaties aan te vullen, mag de Commissie overeenkomstig artikel 290 VWEU, gedelegeerde handelingen vaststellen om te verzekeren dat de erkenning en de intrekking daarvan op een billijke en transparante wijze worden uitgevoerd.

Op de in dit lid genoemde gedelegeerde handelingen zijn de procedures van de artikelen 13, 14 en 15 van toepassing. Deze handelingen worden uiterlijk ...* vastgesteld.

Op de in dit lid genoemde gedelegeerde handelingen zijn de procedures van de artikelen 13, 14 en 15 van toepassing. Deze handelingen worden uiterlijk ...* vastgesteld.

_____________

*PB: gelieve datum in te vullen: 18 maanden na de datum van haar inwerkingtreding

_________________

*PB: gelieve datum in te vullen: 8 maanden na de datum van haar inwerkingtreding

Motivering

Alle gedelegeerde handelingen tot aanvulling van de in onderhavige verordening vastgestelde eisen moeten gericht zijn op het doel om te verzekeren dat de procedureregels voor de erkenning en de intrekking van erkenningen van toezichthoudende organisaties op een billijke en transparante wijze worden uitgevoerd.

Amendement  56

Standpunt van de Raad

Artikel 7 – lid 8

Standpunt van de Raad

Amendement

8. Nadere regels voor de frequentie en de aard van de in lid 4 bedoelde controles die nodig zijn om de uniforme uitvoering van dat lid 4 te waarborgen, worden aangenomen volgens de regelgevingsprocedure in artikel 16, lid 2. Deze regels worden uiterlijk ...* vastgesteld.

8. De Commissie keurt door middel van gedelegeerde handelingen nadere regels goed voor de frequentie en de aard van de in lid 4 bedoelde controles, ten einde een effectieve controle op de toezichthoudende organisaties te verzekeren. Deze regels worden uiterlijk ...* vastgesteld.

 

Op de in dit lid genoemde gedelegeerde handelingen zijn de procedures van de artikelen 13, 14 en 15 van toepassing.

_____________

*PB: gelieve datum in te vullen: 18 maanden na de datum van haar inwerkingtreding

_________________

*PB: gelieve datum in te vullen: 8 maanden na de datum van haar inwerkingtreding

Motivering

De gedelegeerde handelingen moeten gericht zijn op het doel om een effectieve controle op de toezichthoudende organisaties te verzekeren. De daarmee samenhangende tijdsplannen worden aangepast aan een vroegtijdiger tijdstip van inwerkingtreding van de verordening.

Amendement  57

Standpunt van de Raad

Artikel 9 – titel

Standpunt van de Raad

Amendement

Controle van marktdeelnemers

Controles op marktdeelnemers

Motivering

Wederopneming van de amendementen 58 en 59 uit de eerste lezing. Het is wenselijk een onderscheid te maken tussen toezicht op de toezichthoudende organisaties en controles op de marktdeelnemers.

Amendement  58

Standpunt van de Raad

Artikel 9 – lid 1

Standpunt van de Raad

Amendement

1. De bevoegde autoriteiten voeren controles uit om na te gaan of de marktdeelnemers aan de in de artikelen 4 en 5 vastgestelde eisen voldoen.

(Niet van toepassing op de Nederlandse versie.)

Motivering

Wederopneming van de amendementen 58 en 59 uit de eerste lezing. Het is wenselijk een onderscheid te maken tussen toezicht op de toezichthoudende organisaties en controles op de marktdeelnemers.

Amendement  59

Standpunt van de Raad

Artikel 9 – lid 1 bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

1 bis. Controles worden uitgevoerd volgens een daartoe vastgesteld jaarplan en/of op basis van door derden geuite gegronde bezwaren, of indien de bevoegde autoriteit van de lidstaat beschikt over informatie waaruit zou kunnen blijken dat het twijfelachtig is of de exploitant de voorwaarden die in het systeem van zorgvuldigheidseisen die in deze verordening zijn opgenomen, naleeft.

Motivering

Amendement 58 eerste lezing EP.

Amendement  60

Standpunt van de Raad

Artikel 9 – lid 1 ter (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

1 ter. Controles kunnen onder meer betrekking hebben op:

 

a) onderzoek naar het zorgvuldigheidssysteem, met inbegrip van de risico-evaluatie en de procedures tot vermindering van de risico's;

 

b) onderzoek van documentatie en gegevens die het behoorlijk functioneren van de stelsels en de procedures aantonen;

 

c) controles ter plaatse, met inbegrip van audits ter plaatse.

 

De Commissie verricht toezicht op de wijze waarop de lidstaten zich kwijten van deze verantwoordelijkheden.

Motivering

Het is noodzakelijk dat de lidstaten samenwerken en hun activiteiten op het gebied van controle en inspectie zoveel mogelijk coördineren. De Commissie moet helpen verzekeren dat deze coördinatie ook daadwerkelijk plaatsvindt. Tenslotte moet de onderhavige verordening op flexibele wijze worden uitgevoerd voor wat de toepasbare mechanismen betreft en moet daarbij een open standpunt worden ingenomen ten aanzien van nieuwe technologieën waardoor de nauwkeurigheid van de controles in de toekomst zou kunnen worden vergroot.

Amendement  61

Standpunt van de Raad

Artikel 9 – lid 1 quater (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

1 quater. De Commissie keurt door middel van gedelegeerde handelingen nadere regels goed voor de frequentie en de aard van de in lid 4 bedoelde controles, ten einde een effectieve controle op de toezichthoudende organisaties te verzekeren.

 

Op de in dit lid genoemde gedelegeerde handelingen zijn de procedures van de artikelen 13, 14 en 15 van toepassing.

Motivering

De gedelegeerde handelingen moeten gericht zijn op het doel om een effectieve controle op de marktdeelnemers op de communautaire markt te verzekeren.

Amendement  62

Standpunt van de Raad

Artikel 9 – lid 2

Standpunt van de Raad

Amendement

2. De marktdeelnemers verlenen alle bijstand die nodig is om de uitvoering van de in lid 1 genoemde controles te vergemakkelijken.

2. De marktdeelnemers moeten alle bijstand verlenen die nodig is om de uitvoering van de in lid 1 bedoelde controles te vergemakkelijken, met name wat betreft de toegang tot bedrijfsruimten en het voorleggen van documentatie of gegevens.

Motivering

Amendement 58 eerste lezing EP.

Amendement  63

Standpunt van de Raad

Artikel 9 – lid 3

Standpunt van de Raad

Amendement

3. Indien er naar aanleiding van de in lid 1 genoemde controles tekortkomingen zijn vastgesteld, kunnen de bevoegde autoriteiten een kennisgeving van door de marktdeelnemer te nemen corrigerende maatregelen afgeven. Indien de marktdeelnemer dergelijke corrigerende maatregelen niet neemt, kan dit aanleiding geven tot sancties overeenkomstig artikel 17.

3. Indien er naar aanleiding van de in lid 1 genoemde controles tekortkomingen zijn vastgesteld, zoals het gebruik van een zorgvuldigheidssysteem dat onvolledig is of niet in staat het risico dat illegaal hout en illegale houtproducten op de markt worden gebracht, tot een minimum te beperken, kunnen de bevoegde autoriteiten, onverlet het bepaalde in artikel 17, een kennisgeving van door de marktdeelnemer te nemen corrigerende maatregelen afgeven.

 

Afhankelijk van de ernst van de vastgestelde tekortkomingen kunnen de bevoegde autoriteiten onmiddellijke maatregelen nemen, zoals:

 

a) inbeslagneming van het hout en de houtproducten;

 

b) een tijdelijk verbod om hout en houtproducten te verhandelen.

 

Wanneer de bevoegde autoriteiten tot de conclusie zijn gekomen dat de marktdeelnemer nalatig is geweest bij de toepassing van een zorgvuldigheidsstelsel, zal de betrokken organisatie voor toezicht worden beschouwd als in gebreken te zijn gebleven bij de uitvoering van haar taken overeenkomstig artikel 7, lid 1, sub a), b) en c) van onderhavige verordening, en bijgevolg kan haar erkenning worden ingetrokken overeenkomstig artikel 7, lid 6.

Motivering

Amendement 58 eerste lezing EP. Wanneer de bevoegde autoriteit ontdekt dat een marktdeelnemer in gebreke blijft bij de toepassing van een zorgvuldigheidsstelsel, moet ook de verantwoordelijke met toezicht belaste organisatie geacht worden in gebreke te zijn gebleven bij het vervullen van haar verplichtingen uit hoofde van artikel 7, lid 1, sub a), b) en c).

Amendement  64

Standpunt van de Raad

Artikel 10 – titel

Standpunt van de Raad

Amendement

Registratie van de controles

Controlegegevens

Motivering

Amendement 59 eerste lezing EP.

Amendement  65

Standpunt van de Raad

Artikel 10 – lid 1

Standpunt van de Raad

Amendement

1. De bevoegde autoriteiten registreren de in artikel 9, lid 1, bedoelde controles, waarbij zij met name de aard en de resultaten van de controles aangeven, alsmede eventuele corrigerende maatregelen waarvan kennis gegeven uit hoofde van artikel 9, lid 3. De gegevens van alle controles worden ten minste vijf jaar bewaard.

1. De bevoegde autoriteiten registreren de in artikel 9, lid 1, bedoelde controles, waarbij zij met name de aard en de resultaten van de controles aangeven, alsmede eventuele corrigerende maatregelen waarvan kennis gegeven uit hoofde van artikel 9, lid 3. De gegevens van alle controles worden ten minste tien jaar bewaard.

Motivering

Amendement 60 eerste lezing EP.

Amendement  66

Standpunt van de Raad

Artikel 10 – lid 2

Standpunt van de Raad

Amendement

2. De in lid 1 bedoelde gegevens worden voor elke aanvrager toegankelijk gemaakt overeenkomstig Richtlijn 2003/4/EG.

2. De in lid 1 bedoelde gegevens worden op Internet voor het publiek beschikbaar gesteld overeenkomstig Richtlijn 2003/4/EG.

Motivering

Amendement 61 eerste lezing EP.

Amendement  67

Standpunt van de Raad

Artikel 11 – lid 1

Standpunt van de Raad

Amendement

1. De bevoegde autoriteiten werken met elkaar, met de overheden van derde landen en met de Commissie samen om de naleving van deze verordening te garanderen.

1. De bevoegde autoriteiten werken met elkaar, met andere instanties in de nationale administraties, met de overheden van derde landen en met de Commissie samen om de naleving van deze verordening te garanderen.

Motivering

Het probleem van de illegale houtkap heeft veel verschillende aspecten en daarom is ook samenwerking tussen verschillende onderdelen van de nationale administraties vereist. Dit moet in de onderhavige verordening expliciet worden vermeld.

Amendement  68

Standpunt van de Raad

Artikel 11 – lid 2

Standpunt van de Raad

Amendement

2. De bevoegde autoriteiten wisselen met de bevoegde autoriteiten van andere lidstaten en met de Commissie informatie uit over ernstige tekortkomingen die door middel van de in artikel 7, lid 4, en artikel 9, lid 1, bedoelde controles aan het licht zijn gekomen en over de typen sancties die overeenkomstig artikel 17 zijn opgelegd.

2. De bevoegde autoriteiten wisselen met de bevoegde autoriteiten van andere lidstaten en met de Commissie informatie uit over ernstige tekortkomingen die door middel van de in artikel 7, lid 4, en artikel 9, lid 1, bedoelde onderzoeken en controles naar overtredingen aan het licht zijn gekomen en over de typen sancties die overeenkomstig artikel 17 zijn opgelegd.

Motivering

Amendement 62 eerste lezing EP. Aanvulling en uitbreiding van het standpunt van de Raad voor wat betreft de uitwisseling van informatie.

Amendement  69

Standpunt van de Raad

Artikel 11 bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

Artikel 11 bis

 

Adviesgroep

 

1. Er wordt een adviesgroep opgericht, bestaande uit vertegenwoordigers van geïnteresseerde belanghebbenden, zoals onder meer vertegenwoordigers van de houtverwerkende industrie, boseigenaren, de handel, niet-gouvernementele organisaties (NGO's) en consumentenverenigingen, en voorgezeten door een vertegenwoordiger van de Commissie.

 

2. Vertegenwoordigers van de lidstaten en van het Europees Parlement kunnen deelnemen aan de vergaderingen van de adviesgroep.

 

3. De Commissie raadpleegt de adviesgroep alvorens zij uit hoofde van onderhavige verordening besluiten neemt.

Motivering

Het overleg dat nu bilateraal en informeel verloopt, moet een officieel karakter krijgen.

Amendement  70

Standpunt van de Raad

Artikel 11 ter (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

Artikel 11 ter

 

Verlenen van technische bijstand en advies, en informatie-uitwisseling.

 

1. De bevoegde autoriteiten, daarbij bijgestaan door de Commissie, verstrekken technische en andere bijstand en adviezen aan de marktdeelnemers, daarbij ook rekening houdend met de situatie van de kleine en middelgrote ondernemingen, om hun het respecteren van de eisen van onderhavige verordening te vergemakkelijken, in het bijzonder bij de uitvoering van het stelsel van zorgvuldigheidseisen overeenkomstig artikel 5.

 

2. De bevoegde autoriteiten, gesteund door de Commissie, bevorderen de uitwisseling van informatie over beste praktijken bij de uitvoering van onderhavige verordening en stellen deze informatie op verzoek beschikbaar aan de marktdeelnemers.

 

3. De bevoegde autoriteiten verstrekken en verspreiden informatie over illegale houtkap en de daarmee samenhangende handel, ten einde de marktdeelnemers te helpen bij de evaluatie van systematische risico's, zoals uiteengezet in artikel 5, lid 1, sub b).

 

4. Bij de verspreiding van deze informatie zorgen de lidstaten ervoor commerciële belangen te respecteren en garanderen zij de vertrouwelijkheid van de data die zich in hun bezit bevinden of waarvan zij kennis krijgen, zulks overeenkomstig de wetgevingen van de lidstaten en de Europese Unie.

 

5. De bijstand wordt op zodanige wijze verleend dat de verantwoordelijkheden van de bevoegde lidstaten hierdoor niet worden aangetast en hun onafhankelijkheid bij het toezicht op de naleving van de verordening gehandhaafd blijft.

Motivering

Deze aanpak zet een kader uit voor vermindering van de administratieve lasten, daarbij met name rekening houdend met de situatie van de kleine en middelgrote ondernemingen, en voorziet in de verstrekking van bijstand en de uitwisseling van informatie, ondermeer over beste praktijken.

Amendement  71

Standpunt van de Raad

Artikel 12 – alinea 1

Standpunt van de Raad

Amendement

Teneinde rekening te houden met bij de toepassing van deze verordening opgedane ervaring, in het bijzonder met de in artikel 18, lid 3, bedoelde rapportage, en met de technische kenmerken, de eindgebruikers en de productieprocessen van hout en houtproducten, mag de Commissie overeenkomstig artikel 290 VWEU, gedelegeerde handelingen vaststellen tot wijziging en aanvulling van de in de bijlage vastgestelde lijst van hout en houtproducten. Deze handelingen brengen geen voor de marktdeelnemers onevenredige belasting met zich. Bij de vaststelling van deze gedelegeerde handelingen, handelt de Commissie volgens de desbetreffende bepalingen van deze verordening.

Teneinde rekening te houden met bij de toepassing van deze verordening opgedane ervaring, in het bijzonder met de in artikel 18, lid 3, en de in artikel 11 bis genoemde uitwisseling van informatie bedoelde rapportage, en met de technische kenmerken, de eindgebruikers en de productieprocessen van hout en houtproducten, mag de Commissie overeenkomstig artikel 290 VWEU, gedelegeerde handelingen vaststellen tot aanvulling van de in de bijlage vastgestelde lijst van hout en houtproducten.

Motivering

Amendement 68 eerste lezing EP. Wederopneming van amendement 68 van het EP in eerste lezing, waarin rekening wordt gehouden met het nieuwe artikel 11 bis.

Amendement  72

Standpunt van de Raad

Artikel 13 – lid 1

Standpunt van de Raad

Amendement

1. De bevoegdheid tot vaststelling van de gedelegeerde handelingen bedoeld in artikel 5, lid 3, artikel 7, lid 7, en artikel 12, wordt aan de Commissie verleend voor een periode van zeven jaar na de inwerkingtreding van deze verordening. De Commissie stelt over de gedelegeerde handelingen uiterlijk drie maanden voor het verstrijken van een periode van drie jaar na de datum van toepassing van deze verordening een verslag op. De delegatie van bevoegdheden wordt automatisch met dezelfde periode verlengd, tenzij het Europees Parlement of de Raad die bevoegdheid intrekt overeenkomstig artikel 14.

1. De bevoegdheid tot vaststelling van de gedelegeerde handelingen bedoeld in artikel 2 (g), artikel 5, lid 3, artikel 5 bis, artikel 7, lid 7 en lid 8, en artikel 12, wordt aan de Commissie verleend voor een periode van zeven jaar na de inwerkingtreding van deze verordening. De Commissie stelt over de gedelegeerde handelingen uiterlijk drie maanden voor het verstrijken van een periode van drie jaar na de datum van toepassing van deze verordening een verslag op.

Amendement  73

Standpunt van de Raad

Artikel 14 – lid 1

Standpunt van de Raad

Amendement

1. De delegatie van bevoegdheden bedoeld in artikel 5, lid 3, artikel 7, lid 7, en artikel 12, kan door het Europees Parlement of de Raad worden ingetrokken.

1. De delegatie van bevoegdheden bedoeld in artikel 2 (g), artikel 5, lid 3,, artikel 7, lid 7, en lid 8, artikel 9, lid 1 quater, en artikel 12, kan door het Europees Parlement of de Raad worden ingetrokken

Amendement  74

Standpunt van de Raad

Artikel 14 – lid 2

Standpunt van de Raad

Amendement

2. De instelling die een interne procedure heeft ingeleid om te besluiten of de delegatie van bevoegdheden moet worden ingetrokken, stelt de andere wetgever en de Commissie daarvan in kennis uiterlijk een maand voor het definitieve besluit wordt genomen, en geeft daarbij aan welke gedelegeerde bevoegdheden het voorwerp van intrekking zouden kunnen vormen en welke de motivering daarvan is.

2. De instelling die een interne procedure heeft ingeleid om te besluiten of de delegatie van de bevoegdheden moet worden ingetrokken, stelt de andere instelling en de Commissie daarvan binnen een redelijke tijd in kennis voor het de definitieve besluit wordt genomen, en geeft daarbij aan welke gedelegeerde bevoegdheden het voorwerp van intrekking zouden kunnen vormen en de eventuele redenen daarvan.

Amendement  75

Standpunt van de Raad

Artikel 15 – lid 1

Standpunt van de Raad

Amendement

1. Het Europees Parlement en de Raad kunnen tegen de gedelegeerde handeling bezwaar maken binnen een periode van drie maanden na de datum van kennisgeving.

1. Het Europees Parlement en de Raad kunnen tegen de gedelegeerde handeling bezwaar maken binnen twee maanden na de datum van kennisgeving. Op initiatief van het Europees Parlement of de Raad wordt deze termijn met twee maanden verlengd.

Amendement  76

Standpunt van de Raad

Artikel 15 – lid 2

Standpunt van de Raad

Amendement

2. Indien bij het verstrijken van deze periode het Europees Parlement en de Raad geen bezwaar hebben gemaakt tegen de gedelegeerde handeling, of indien vóór die datum, zowel het Europees Parlement als de Raad de Commissie hebben meegedeeld dat zij hebben besloten geen bezwaar te maken, treedt de gedelegeerde handeling in werking op de datum die daarin is vastgesteld.

2. Indien bij het verstrijken van deze periode het Europees Parlement en de Raad geen bezwaar hebben gemaakt tegen de gedelegeerde handeling, wordt deze bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie en treedt zij in werking op de daarin vermelde datum.

 

Indien zowel het Europees Parlement als de Raad de Commissie hebben meegedeeld dat zij voornemens zijn geen bezwaar aan te tekenen, kan de gedelegeerde handeling vóór het verstrijken van de termijn worden gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie en in werking treden.

Amendement  77

Standpunt van de Raad

Artikel 15 – lid 3

Standpunt van de Raad

Amendement

3. Indien het Europees Parlement of de Raad tegen de vastgestelde gedelegeerde handeling bezwaar maken, treedt deze niet in werking. De instelling die bezwaar maakt, motiveert haar bezwaar tegen de gedelegeerde handeling.

3. Indien het Europees Parlement of de Raad bezwaar aantekent tegen een gedelegeerde handeling, treedt deze niet in werking. De instelling die bezwaar aantekent tegen de gedelegeerde handeling, geeft aan om welke redenen zij dit doet.

Amendement  78

Standpunt van de Raad

Artikel 16

Standpunt van de Raad

Amendement

Artikel 16

Comité

Schrappen

1. De Commissie wordt bijgestaan door het Comité Wetshandhaving, governance en handel in de bosbouw (FLEGT-Comité) dat is ingesteld uit hoofde van artikel 11 van Verordening (EG) nr. 2173/2005.

 

2. Wanneer naar dit lid wordt verwezen, zijn artikel 5 en artikel 7 van Besluit 1999/468/EG van toepassing, met inachtneming van artikel 8 van dat besluit.

 

Motivering

Deze tekst is overbodig omdat er in de ontwerpverordening niet sprake is van enig uitvoeringsbesluit.

Amendement  79

Standpunt van de Raad

Artikel 17

Standpunt van de Raad

Amendement

De lidstaten stellen voorschriften vast inzake de sancties die van toepassing zijn bij inbreuken op de bepalingen van deze verordening en nemen alle maatregelen die noodzakelijk zijn om ervoor te zorgen dat zij worden uitgevoerd. De sancties moeten doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn. De lidstaten stellen de Commissie van deze bepalingen in kennis en delen haar onverwijld alle latere wijzigingen van die bepalingen mee.

1. De lidstaten stellen voorschriften vast inzake de sancties die van toepassing zijn bij inbreuken op de bepalingen van deze verordening en nemen alle maatregelen die noodzakelijk zijn om ervoor te zorgen dat zij worden uitgevoerd.

 

2. De administratieve sancties moeten doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn en kunnen onder andere omvatten:

 

a) boetes die evenredig zijn aan de milieuschade, aan de waarde van het betrokken hout of de betrokken houtproducten en aan de belastingderving en economische nadelen die een gevolg zijn van de inbreuk; het niveau van de sancties wordt zo berekend dat wordt zekergesteld dat aan de verantwoordelijke personen de economische voordelen die zij aan hun inbreuken te danken hebben, worden ontnomen, onverminderd hun legitieme recht een beroep uit te oefenen; bij herhaling van een ernstige inbreuk worden de boetes geleidelijk verhoogd;

 

b) de inbeslagname van het betrokken hout en de betrokken houtproducten;

 

c) onmiddellijke schorsing van de vergunning tot uitoefening van commerciële activiteiten.

 

3. De lidstaten stellen de Commissie van deze bepalingen in kennis en delen haar onverwijld alle latere wijzigingen van die bepalingen mee.

Motivering

Er mogen op het Europese grondgebied geen zwakke plekken bestaan. In de verordening moet een stelsel worden opgenomen van forse, afschrikkende en coherente sancties binnen de Europese Unie, naar het model van de verordening over illegale visserij (1005/2008), die met algemene stemmen is goedgekeurd.

Amendement  80

Standpunt van de Raad

Artikel 17 bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

Artikel 17 bis

 

Wijziging van Richtlijn 2008/99/EG

 

Richtlijn 2008/99/EG van het Europees Parlement en de Raad van 19 november 2008 inzake de bescherming van het milieu door middel van het strafrecht, wordt met ingang van ... als volgt gewijzigd:

 

(1) Het volgende punt wordt aan artikel 3 toegevoegd:

 

"(i bis) het aanbieden op de markt van illegaal gewonnen hout of houtproducten."

 

(2) Het volgende streepje wordt toegevoegd aan bijlage A:

 

" - verordening (EG) nr. .../2010 van het Europees Parlement en de Raad van ... tot vaststelling van de verplichtingen van marktdeelnemers die hout en houtproducten op de markt brengen"

 

____________

* PB: één jaar na de inwerkingtreding van deze verordening.

 

____________

1PB L 328 van 6.12. 2008, blz. 28.

Motivering

Amendement 71 eerste lezing EP. Het is nodig om in geval van zeer ernstige overtredingen van de richtlijn strafrechtelijke sancties toe te passen en de verordening moet daarom worden gebracht binnen het toepassingsbereik van richtlijn 2008/99/EG.

Amendement  81

Standpunt van de Raad

Artikel 18 – lid 2

Standpunt van de Raad

Amendement

2. Op basis van deze verslagen stelt de Commissie om de twee jaar een verslag op dat aan het Europees Parlement en de Raad moet worden voorgelegd.

2. Op basis van deze verslagen stelt de Commissie om de twee jaar een verslag op dat aan het Europees Parlement en de Raad moet worden voorgelegd. Bij de opstelling van dit verslag moet de Commissie rekening houden met de voortgang die geboekt is bij de afsluiting en uitvoering van de FLEGT. VPA's die zijn goedgekeurd overeenkomstig verordening (EG) nr. 2173/2005 en de bijdrage daarvan bij het minimaliseren van de aanwezigheid op de communautaire markt van illegaal gekapt hout en producten daarvan.

Motivering

Amendement 70 eerste lezing EP.

Amendement  82

Standpunt van de Raad

Artikel 18 – lid 2 bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

2 bis. De Commissie moet uiterlijk op 30 april 2012 een verslag voorleggen aan het Europees Parlement en de Raad over de invoering van een EU-norm voor alle hout en houtproducten, dat gericht is op het realiseren van de hoogst mogelijke duurzaamheidseisen en dat, wanneer dat wenselijk blijkt, vergezeld gaat van wetgevingsvoorstellen.

Motivering

Amendement 66 eerste lezing EP. Op de lange termijn dient de wetgeving niet alleen te zorgen voor de legaliteit, maar ook voor de duurzaamheid van hout en houtproducten die op de EU-markt worden aangeboden.

Amendement  83

Standpunt van de Raad

Artikel 18 – lid 3

Standpunt van de Raad

Amendement

3. Uiterlijk ...*, en daarna om de zes jaar, evalueert de Commissie de werking en de doeltreffendheid van deze verordening op basis van de rapportage en de ervaringen met de toepassing ervan, met name wat betreft de administratieve gevolgen voor het midden- en kleinbedrijf en de onder de werkingssfeer vallende producten. De verslagen kunnen indien nodig vergezeld gaan van passende wetgevingsvoorstellen.

3. Uiterlijk ..., en daarna om de zes jaar, evalueert de Commissie de werking en de doeltreffendheid van deze verordening op basis van de rapportage en de ervaringen met de toepassing en de effectiviteit ervan bij het verhinderen dat illegaal gekapt hout en producten daarvan op de communautaire markt worden gebracht of aangeboden. .Zij let daarbij met name op de administratieve gevolgen voor het midden- en kleinbedrijf en de onder de werkingssfeer vallende producten. De verslagen kunnen indien nodig vergezeld gaan van passende wetgevingsvoorstellen.

_______________

*PB: gelieve datum in te vullen: 36+30 maanden na de inwerkingtreding van deze verordening.

_______________

*PB: gelieve datum in te vullen: 36+12 maanden na de inwerkingtreding van deze verordening.

Amendement  84

Standpunt van de Raad

Artikel 19 – alinea 2

Standpunt van de Raad

Amendement

Zij wordt van toepassing op …. Artikel 5, lid 2, artikel 6, lid 1, en artikel 7, leden 7 en 8, worden echter van toepassing op de datum van de inwerkingtreding van deze verordening.

Zij wordt van toepassing op …. Artikel 6, lid 1, en artikel 7, leden 7 en 8, worden echter van toepassing op de datum van de inwerkingtreding van deze verordening.

_____________

*PB: gelieve datum in te vullen: 30 maanden na de datum van haar inwerkingtreding

______________

*PB: gelieve datum in te vullen: 12 maanden na de datum van haar inwerkingtreding

Motivering

Amendement 73 eerste lezing EP.

Amendement  85

Standpunt van de Raad

Bijlage – streepje 2 bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

– 4404 Hoephout; gekloofde staken; palen en stokken van hout, aangepunt doch niet overlangs gezaagd; hout, ruw bewerkt of afgerond, doch niet gedraaid, noch gebogen, noch op andere wijze bewerkt, voor wandelstokken, voor paraplu's, voor gereedschapsstelen en dergelijke; spaan en hout in repen, linten en dergelijke;

Motivering

De verordening moet zo mogelijk voor alle houtproducten gelden. Elke omissie is een potentiële zwakke plek en kan leiden tot ongelijke behandeling in de bedrijfstak.

Amendement  86

Standpunt van de Raad

Bijlage – streepje 2 ter (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

– 4405 00 00 Houtwol; houtmeel;

Motivering

De verordening moet zo mogelijk voor alle houtproducten gelden. Elke omissie is een potentiële zwakke plek en kan leiden tot ongelijke behandeling in de bedrijfstak.

Amendement  87

Standpunt van de Raad

Bijlage – streepje 13 bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

– 4417 00 00 Gereedschap, alsmede monturen en stelen voor gereedschap, borstelhouten, borstel- en bezemstelen, van hout; schoenleesten en schoenspanners, van hout;

Motivering

De verordening moet zo mogelijk voor alle houtproducten gelden. Elke omissie is een potentiële zwakke plek en kan leiden tot ongelijke behandeling in de bedrijfstak.

Amendement  88

Standpunt van de Raad

Bijlage – streepje 14 bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

– 4419 00 Tafel- en keukengerei van hout;

Motivering

De verordening moet zo mogelijk voor alle houtproducten gelden. Elke omissie is een potentiële zwakke plek en kan leiden tot ongelijke behandeling in de bedrijfstak.

Amendement  89

Standpunt van de Raad

Bijlage – streepje 14 ter (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

– 4420 Inlegwerk van hout; koffertjes, kistjes en etuis, voor juwelen of goudsmeedwerk, en soortgelijke artikelen, van hout; beeldjes en andere siervoorwerpen, van hout; meubelmakerswerk van hout, ander dan dat bedoeld bij hoofdstuk 94;

Motivering

De verordening moet zo mogelijk voor alle houtproducten gelden. Elke omissie is een potentiële zwakke plek en kan leiden tot ongelijke behandeling in de bedrijfstak.

Amendement  90

Standpunt van de Raad

Bijlage – streepje 14 quater (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

– 4421 Overige houtwaren (kleerhangers e.d.) ;

Motivering

De verordening moet zo mogelijk voor alle houtproducten gelden. Elke omissie is een potentiële zwakke plek en kan leiden tot ongelijke behandeling in de bedrijfstak.

Amendement  91

Standpunt van de Raad

Bijlage – streepje 16

Standpunt van de Raad

Amendement

– Houtpulp en papier van de hoofdstukken 47 en 48 van de gecombineerde nomenclatuur, met uitzondering van producten op basis van bamboe en door terugwinning (uit resten en afval) verkregen producten;

– Houtpulp en papier van de hoofdstukken 47, 48 en 49 van de gecombineerde nomenclatuur, met uitzondering van producten op basis van bamboe en door terugwinning (uit resten en afval) verkregen producten;

Motivering

Wederopneming van de amendementen 74 en 75 uit de eerste lezing.

Amendement  92

Standpunt van de Raad

Bijlage – streepje 16

Standpunt van de Raad

Amendement

–9403 30, 9403 40, 9403 50 00, 9403 60 en 9403 90 30 Houten meubels;

9401 61 00, 9401 69 00, 9401 90 30, 9403 30, 9403 40, 9403 50 00, 9403 60 en 9403 90 30 Houten meubels;

Motivering

De verordening moet zo mogelijk voor alle houtproducten gelden. Elke omissie is een potentiële zwakke plek en kan leiden tot ongelijke behandeling in de bedrijfstak.

Amendement  93

Standpunt van de Raad

Bijlage – streepje 18 bis (nieuw)

Standpunt van de Raad

Amendement

 

– De andere producten uit hout van de hoofdstukken 94 en 95 van de GN, inclusief speelgoed en sportartikelen uit hout, enzovoort.

Motivering

Wederopneming van de amendementen 74 en 75 uit de eerste lezing.

  • [1]  Aangenomen teksten van 22.4.2009, P6_TA(2009)0225.
  • [2]  Nog niet in het Publicatieblad gepubliceerd.
  • [3]  Nog niet in het Publicatieblad gepubliceerd.

TOELICHTING

De ontbossing, die jaarlijks 13 miljoen hectare betreft, is verantwoordelijk voor bijna 20% van de mondiale CO2 uitstoot en vormt een belangrijke oorzaak van het verlies aan biodiversiteit. Illegale houtkap veroorzaakt tevens ernstige mensenrechtenproblemen. omdat bossen van grote culturele en sociale betekenis zijn in vele landen en voor inheemse volkeren die ervan afhankelijk zijn.

Illegale kap is een belangrijke factor bij ontbossing, waarbij het volume aan industrieel hout van illegale herkomst wordt geraamd op 350 tot 650 miljoen m3 per jaar, ofwel 20% - 40% van de mondiale industriële houtproductie. Daardoor blijven de houtprijzen op een laag niveau, worden natuurlijke hulpbronnen en belastinginkomsten gereduceerd en wordt de armoede van volkeren die voor hun overleven van het bos afhankelijk zijn, vergroot.

Als belangrijke consument van hout en houtproducten heeft de EU de plicht doeltreffend op te treden tegen ontbossing en illegale houtkap, wat betekent dat zij geen markt meer mag zijn voor illegaal hout en producten daarvan. Zij heeft met succes ervoor gezorgd niet langer meer een markt te zijn voor andere illegale producten, doordat zij onlangs een resolutie heeft goed gekeurd over Onwettige, Ongereguleerde en Ongerapporteerde Visvangst, en nu is de tijd aangebroken voor de invoering van effectieve wetgeving inzake onwettig gekapt hout en producten daarvan. Hiervan zouden belangrijke signalen uitgaan om:

· -de consument te informeren dat producten die ze kopen niet van illegale herkomst zijn en

· -de verantwoordelijke bedrijven te laten weten dat zij niet meer uit de markt zullen worden geprijsd door bedrijven die er destructieve praktijken op na houden en

· de internationale gemeenschap te laten weten dat wij onze verantwoordelijkheid inzake klimaatverandering, biodiversiteit en mensenreten ernstig nemen.

De vrijwillige partnerschapsovereenkomst die de EU toepast in het kader van het FLEGT 2003 (EU-actieplan voor wetshandhaving, governance en handel in de bosbouw) is onvoldoende voor de aanpak van illegale houtkap. Hoewel vrijwillige partnerschapsovereenkomsten zeer positieve veranderingen teweeg kunnen brengen, is er tot dusverre nog maar één ondertekend en de vrijwillige aard ervan betekent dat deze overeenkomsten eenvoudig omzeild of gecorrumpeerd kunnen worden. Uit het overleg van de Commissie over maatregelen ter aanvulling van de VPO-aanpak werd duidelijk dat behoefte bestaat aan krachtige wetgeving om ervoor te zorgen dat illegaal hout en producten daarvan van de E-markt word verdrongen.

Standpunt van de Raad

Aan de ene kant is uw rapporteur tevreden over enkele structurele veranderingen om de tekst soepeler te maken, maar zij betreurt aan de andere kant de weinig ambitieuze aard van het standpunt van de Raad. Het standpunt van de Raad is heel wat zwakker dan het het in april 2009 goedgekeurde standpunt van het Parlement in eerste lezing.

Zwakke punten in het standpunt van de Raad zijn ondermeer:

· dat het geen verbod bevat op de handel in illegaal gekapt hout en de producten daarvan, zoals dit door het Parlement was voorgesteld;

· dat het geen verplichtingen stelt aan andere marktdeelnemers dan die welke het product voor de eerste maal op de communautaire markt brengen of aanbieden;

· het een engere definitie van de toepasselijke wetgeving geeft vergeleken met het standpunt van het Parlement;

· dat het geen specifieke voorschriften voor sancties bevat, noch de eis stelt van strafrechtelijke sancties in geval van ernstige overtredingen;

· dat het een gemengd systeem invoert voor de erkenning van de toezichthoudende organisaties, in tegenstelling tot het gecentraliseerde systeem dat door het Parlement werd bepleit;

· dat het geen bepalingen bevat inzake toekomstige etikettering en de ontwikkeling van duurzaamheidsvereisten;

· dat het bepaalt dat de verordening pas 30 maanden na haar inwerkingtreding toepasselijk zal zijn, terwijl het Parlement zich had uitgesproken voor 12 maanden;

Om de ontwerpverordening meer tanden te geven teneinde het doel te realiseren om de handel in illegaal gekapt hout en producten daarvan op de communautaire markt te voorkomen, heeft uw rapporteur veel van de kernpunten van de eerste lezing van het Parlement opnieuw ingediend. In het navolgende wordt hier nader op ingegaan.

Verbod

Het belangrijkste is dat de verordening in de visie van de Raad geen werkelijk verbod van de invoer en verkoop van illegaal gekapt hout bevat. Het standpunt verhelpt daarom niets aan de "de zwakke regelgeving om de handel in illegaal gekapt hout te voorkomen", die in het voorstel van de Commissie als een van de redenen wordt genoemd waarom illegale houtkap op zo grote schaal voorkomt. De herziene Lacey-act die in mei 2008 in Amerika werd aangenomen, kondigt een dergelijk verbod af, er bestaat dus een precedent. Er bestaat geen goede reden waarom de EU dit niet ook kan doen of zelfs verder zou kunnen gaan.

Uw rapporteur stelt dus voor om opnieuw expliciet de eis te stellen dat de marktdeelnemers geen illegaal gekapt hout of producten daarvan op de communautaire markt mogen brengen of aanbieden. Een zorgvuldigheidssysteem zonder een dergelijk algemeen verbod op het op de markt brengen van illegaal gekapt hout zou dus alleen maar administratieve lasten aan de marktdeelnemers opleggen, zonder dat gegarandeerd kan worden dat het beoogde doel ook daadwerkelijk wordt bereikt.

De reikwijdte van zorgvuldigheid en legaliteitseisen

Uw rapporteur maakt en nieuw onderscheid tussen marktdeelnemers die hout of houtproducten "op de markt brengen" (wat betekent voor het eerst op de markt brengen) en de marktdeelnemers die producten "op de markt aanbieden" (alle marktdeelnemers in de toeleveringsketen).

De eis tot het betrachten van zorgvuldigheid zal het gebruik van goede methodes aanmoedigen en idealiter zullen alle marktdeelnemers in de toeleveringsketen een zorgvuldigheidsstelsel toepassen. De rapporteur erkent echter dat dit waarschijnlijk niet reëel is als het kleine marktdeelnemers betreft en beperkt dan ook de volledige naleving van deze eis, zoals uit het voorstel blijkt, tot marktdeelnemers die producten op de markt "brengen", omdat zij de grootste invloed uitoefenen op wat de EU binnenkomt en dus de grootste verantwoordelijkheid dragen.

Alle exploitanten in de toeleveringsketen moeten gebonden zijn aan het absolute verbod om hout of houtproducten van illegale oorsprong op de markt aan te bieden en moeten hiertoe de nodige zorgvuldigheid betrachten. De mogelijkheid van een vervolging voor de handel in illegaal gekapt hout, die wordt toegepast op alle marktdeelnemers in de toeleveringsketen, zal hen ertoe aansporen hun producten te betrekken bij betrouwbare handelaars die het product op de markt brengen, d.w.z. handelaars die hun zorgvuldigheidsverplichting het best nakomen. Dit verdeelt de verantwoordelijkheid eerlijker over de marktdeelnemers.

De rapporteur is voorts van mening dat ter verbetering van de traceerbaarheid alle marktdeelnemers een minimum aan informatie moeten verschaffen over de producten, de oorsprong ervan en hun klanten.

Toepasselijke wetgeving

In het FLEGT-actieplan wordt verklaard dat "de EU duurzaam bosbeheer wil stimuleren " (1) en wordt de EU opgeroepen het vraagstuk van de illegale houtkap integraal aan te pakken. Afgezien van de aanpak van illegale houtkap gezien vanuit marktperspectief, moet deze verordening een bijdrage leveren aan de bredere doelstelling van een duurzame ontwikkeling als middel om de onderliggende oorzaken te bestrijden.

Verbreding van de werkingsfeer van de toepasselijke wetgeving waardoor het begrip "legaliteit" wordt gedefinieerd, helpt om dit doel te bereiken Als ondertekenaren van talloze internationale en regionale verdragen, hebben de EU en de lidstaten zich al in wettelijke en politieke zin verplicht tot instandhouding en duurzaam gebruik van de natuurlijke hulpbronnen, armoedebestrijding en bescherming van de rechten van inheemse volkeren en gemeenschappen die van de bosbouw afhankelijk zijn. Deze verordening kan een middel zijn om aan deze voorwaarden te voldoen.

Om deze reden heeft uw rapporteur de definitie die de Raad in artikel 2 gegeven had van "toepasselijke wetgeving" verruimd en zekere elementen van het standpunt van het Parlement in eerste lezing teruggebracht-

Sancties

Uw rapporteur is ten volle overtuigd van de noodzaak om de lidstaten een zekere oriëntatie te geven ten aanzien van de te treffen sancties, om een consistente toepassing van de verordening te verzekeren. Door de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon heeft het Parlement meer mogelijkheden gekregen om niveaus van sancties te bepalen en uw rapporteur heeft in dit verband ervoor gekozen om te voornaamste elementen van het standpunt van het Parlement in eerste lezing weer op te nemen.

Uitzondering voor gerecycleerde producten en verwaarloosbare risico's

De Raad voert een bepaling in waarbij gerecycleerde producten worden uitgezonderd van het toepassingsbereik van de verordening. Uw rapporteur is van oordeel dat deze bepaling niet erg duidelijk gedefinieerd is en dat de formulering ervan aanleiding zou kunnen geven tot sluipwegen om de bepalingen van de verordening te ontwijken. Zij heeft deze uitzondering daarom geschrapt.

De Raad voert ook een begrip van "verwaarloosbaar risico" in, op grond waarvan de marktdeelnemer in bepaalde omstandigheden geen risicobeperkingsmaatregelen zou hoeven te nemen. Uw rapporteur is van mening dat de invoering van dit begrip, bij ontstentenis van een duidelijke definitie, zou kunnen leiden tot sterk uiteenlopende interpretaties, waardoor de effectiviteit van het zorgvuldigheidssysteem zou worden ondermijnd. Zij heeft daarom de verwijzing naar een "verwaarloosbaar risico" geschrapt.

Toezichthoudende organisaties en hun erkenning

In verband met het hanteren van geharmoniseerde normen in de EU als geheel voor de organisaties die toezicht uitoefenen op de zorgvuldigheidsstelsels, stelt de rapporteur voor dat het besluit over de erkenning van de toezichthoudende organisaties op EU-niveau en niet op nationaal niveau wordt geregeld. Gecentraliseerde goedkeuring en duidelijke criteria in de verordening kunnen bijdragen tot het vermijden van zwakke schakels in het controlestelsel en tot vermindering van de administratieve complexiteit voor organisaties die in meer dan één lidstaat actief zijn. Om deze reden is uw rapporteur teruggekeerd naar het standpunt van het Parlement in eerste lezing.

Gedelegeerde handelingen

Tenslotte acht uw rapporteur het van groot belang om de Commissie de bevoegdheid te geven om gedelegeerde handelingen goed te keuren ten aanzien van ondermeer de details van het zorgvuldigheidssysteem en controles en etikettering, maar zij acht het ook van groot belang dat het Parlement daarbij de nodige adviezen kan verstrekken. Voor de formulering van de praktische bepalingenstelt uw rapporteur voor de formulering over te nemen van het verslag-Brun inzake paspoorten voor gezelschapsdieren.

PROCEDURE

Titel

Verplichtingen van handelaren die hout en van hout afgeleide producten in de handel brengen

Document- en procedurenummers

05885/4/2010 – C7-0053/2010 – 2008/0198(COD)

Datum eerste lezing EP – P-nummer

22.4.2009                     T6-0225/2009

Voorstel van de Commissie

COM(2008)0644 - C6-0373/2008

Datum bekendmaking ontvangst gemeenschappelijk standpunt

11.3.2010

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

ENVI

11.3.2010

Rapporteur(s)

       Datum benoeming

Caroline Lucas

24.11.2008

 

 

Behandeling in de commissie

6.4.2010

 

 

 

Datum goedkeuring

4.5.2010

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

49

6

2

Bij de eindstemming aanwezige leden

János Áder, Elena Oana Antonescu, Kriton Arsenis, Pilar Ayuso, Paolo Bartolozzi, Sandrine Bélier, Sergio Berlato, Martin Callanan, Nessa Childers, Chris Davies, Esther de Lange, Bas Eickhout, Karl-Heinz Florenz, Elisabetta Gardini, Gerben-Jan Gerbrandy, Julie Girling, Françoise Grossetête, Satu Hassi, Jolanta Emilia Hibner, Karin Kadenbach, Christa Klaß, Jo Leinen, Corinne Lepage, Peter Liese, Kartika Tamara Liotard, Radvilė Morkūnaitė-Mikulėnienė, Miroslav Ouzký, Vladko Todorov Panayotov, Gilles Pargneaux, Andres Perello Rodriguez, Sirpa Pietikäinen, Mario Pirillo, Pavel Poc, Vittorio Prodi, Frédérique Ries, Anna Rosbach, Oreste Rossi, Daciana Octavia Sârbu, Horst Schnellhardt, Richard Seeber, Theodoros Skylakakis, Catherine Soullie, Anja Weisgerber, Glenis Willmott, Sabine Wils

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Christofer Fjellner, Matthias Groote, Jiří Maštálka, Miroslav Mikolášik, Bill Newton Dunn, Bart Staes, Michail Tremopoulos, Thomas Ulmer, Marita Ulvskog, Elżbieta Katarzyna Łukacijewska

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervanger(s) (art. 187, lid 2)

George Sabin Cutaş, Francesco Enrico Speroni

Datum indiening

10.5.2010