VERSLAG over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering, overeenkomstig punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer

    3.6.2010 - (COM(2010)0182 – C7‑0099/2010 – 2010/2060(BUD))

    Begrotingscommissie
    Rapporteur: Barbara Matera

    Procedure : 2010/2060(BUD)
    Stadium plenaire behandeling
    Documentencyclus :  
    A7-0178/2010
    Ingediende teksten :
    A7-0178/2010
    Debatten :
    Aangenomen teksten :

    ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

    over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering, overeenkomstig punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer

    (COM(2010)0182 – C7‑0099/2010 – 2010/2060(BUD))

    Het Europees Parlement,

    –   gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2010)0182 – C7‑0099/2010),

    –   gelet op het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer[1](IIA van 17 mei 2006), en met name punt 28 hiervan,

    –   gelet op Verordening (EG) nr. 1927/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 tot oprichting van een Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering[2] (EFG-verordening),

    –   gezien het verslag van de Begrotingscommissie (A7‑0178/2010),

    A. overwegende dat de Europese Unie de nodige wetgeving- en begrotingsinstrumenten heeft ingesteld om werknemers die gedwongen zijn ontslagen ten gevolge van ontwikkelingen op handelsgebied en de financiële en economische crisis te helpen bij hun herintreding op de arbeidsmarkt,

    B.  overwegende dat de Commissie tot plicht heeft zich bij gebruikmaking van het fonds te houden aan de algemene regels die zijn vervat in het Financieel Reglement[3] en in de uitvoeringsvoerschriften die van toepassing zijn op deze vorm van uitvoering van de begroting,

    C. overwegende dat op initiatief van de Commissie jaarlijks maximaal 0,35% van het EFG gebruikt kan worden voor technische steun, ter financiering van toezicht, informatie, administratieve en technische bijstand, boekhoudkundige controle en evaluatiewerkzaamheden die nodig zijn voor de tenuitvoerlegging van de EFG-verordening, zoals vastgelegd in artikel 8, lid 1, van die verordening, met inbegrip van het verstrekken van informatie en richtsnoeren aan de lidstaten voor het gebruik van, het toezicht op en de evaluatie van het EFG en het verstrekken van informatie over het gebruik van het EFG aan de Europese en nationale sociale partners (artikel 8, lid 4, van de EFG-verordening),

    D. overwegende dat de Commissie krachtens artikel 9, lid 2, "Voorlichting en publiciteit" van de EFG-verordening een internetsite moet opzetten, beschikbaar in alle talen, ter verstrekking van informatie over toepassingen, waarbij de rol van de begrotingsautoriteit wordt benadrukt,

    E.  overwegende dat de Commissie op basis van deze artikelen heeft verzocht om de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG ter dekking van administratieve kosten in verband met de tussentijdse evaluatie van de werking van het EFG, voor het uitvoeren van studies naar de tenuitvoerlegging, de herintreding van werknemers op de arbeidsmarkt, de ontwikkeling van netwerken tussen diensten van lidstaten die bevoegd zijn op het gebied van het EFG, de uitwisseling van beste werkmethodes en tevens voor het actualiseren en ontwikkelen van de website, van toepassingen en documenten in alle talen en audiovisuele activiteiten, hetgeen overeenkomt met de wens van het Parlement om de burgers bewust te maken van de activiteiten van de EU,

    F.  overwegende dat de aanvraag voldoet aan de criteria voor subsidiabiliteit van de EFG-verordening,

    1.  verzoekt de betrokken instellingen zich de nodige inspanningen te getroosten om de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG te bespoedigen;

    2.  brengt in herinnering dat de instellingen zich ertoe verbonden hebben een probleemloze en snelle procedure te garanderen voor de goedkeuring van de besluiten betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG;

    3.  hecht zijn goedkeuring aan het bij deze resolutie gevoegde besluit;

    4.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit samen met de voorzitter van de Raad te ondertekenen en zorg te dragen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie;

    5.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie, met inbegrip van de bijlage, te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

    • [1]  PB C 139 van 14.6.2006, blz. 1.
    • [2]  PB L 406 van 30.12.2006, blz. 1.
    • [3]  PB C 248 van 16.9.2002, blz. 1.

    BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

    van xx mei 2010

    betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering, overeenkomstig punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer

    HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

    gelet op het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

    gelet op het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie over de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer[1], en met name op punt 28,

    gelet op Verordening (EG) nr. 1927/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 tot oprichting van een Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering[2], met name op artikel 8, lid 2,

    gezien het voorstel van de Europese Commissie[3],

    Overwegende hetgeen volgt:

    (1)      Het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (hierna "EFG" genoemd) is opgericht om extra steun te geven aan ontslagen werknemers die de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen ondervinden, teneinde hen te helpen bij hun terugkeer op de arbeidsmarkt.

    (2)      Het EFG staat sinds 1 mei 2009 ook open voor aanvragen om steun voor werknemers die zijn ontslagen als gevolg van de wereldwijde financiële en economische crisis.

    (3)      Krachtens het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 mag uit het EFG een jaarlijks maximumbedrag van 500 miljoen euro beschikbaar worden gesteld.

    (4)      In Verordening (EG) nr. 1927/2006 wordt bepaald dat op initiatief van de Commissie jaarlijks maximaal 0,35% van het EFG gebruikt kan worden voor technische steun. Bijgevolg stelt de Commissie voor om een bedrag van 1 110 000 EUR beschikbaar te stellen.

    (5)      Dit bedrag moet derhalve uit het EFG beschikbaar worden gesteld voor technische steun op initiatief van de Commissie.

    HEBBEN HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

    Artikel 1

    Ten laste van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2010 wordt een bedrag van 1 110 000 EUR aan vastleggings- en betalingskredieten beschikbaar gesteld uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering.

    Artikel 2

    Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.

    Gedaan te Brussel,

    Voor het Europees Parlement                      Voor de Raad

    De Voorzitter                                                De Voorzitter

    • [1]  PB C 139 van 14.6.2006, blz. 1.
    • [2]  PB C 406 van 30.12.2006, blz. 1.
    • [3]  PB C […], […], blz. […].

    TOELICHTING

    I. Achtergrond

    Het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) is opgericht om extra steun te geven aan werknemers die de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen ondervinden.

    Overeenkomstig de bepalingen van artikel 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 over de begrotingsdiscipline en een goed financieel beheer[1] en van artikel 12 van Verordening (EG) nr.1927/2006[2], mag het EFG jaarlijks maximaal 500 miljoen EUR bevatten, afkomstig uit marges onder het totale uitgavenmaximum van het voorgaande jaar en/of uit geannuleerde vastleggingskredieten van de voorgaande twee jaren, met uitzondering van de kredieten voor rubriek 1b. De benodigde bedragen worden als voorziening in de begroting opgenomen zodra er voldoende begrotingsruimte en/of geannuleerde vastleggingen zijn vastgesteld.

    De procedure om het EFG te activeren verloopt als volgt: na een positieve beoordeling van een aanvraag legt de Commissie een voorstel tot beschikbaarstelling van middelen uit het fonds aan de begrotingsautoriteit voor, samen met een daarmee overeenkomstig overschrijvingsverzoek. Parallel kan een trialoog plaatsvinden om tot overeenstemming te komen over het gebruik van het EFG en de vereiste bedragen. Een trialoog in vereenvoudigde vorm is mogelijk.

    II. Stand van zaken: het voorstel van de Commissie

    Op 24 april 2010 heeft de Commissie een nieuw voorstel gedaan voor een besluit betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG.

    Het betreft de beschikbaarstelling van 1 110 000 EUR uit het fonds, voor technische steun voor de Commissie. In artikel 8, lid 1, van de rechtsgrondslag wordt bepaald dat op initiatief van de Commissie jaarlijks maximaal 0,35% van het EFG gebruikt kan worden voor technische steun. Elk jaar kan ten hoogste 1,75 miljoen EUR worden gebruikt voor de aangegeven behoeften in verband met de tenuitvoerlegging van het fonds.

    Volgens het voorstel van de Commissie dient dit bedrag ter dekking van de volgende activiteiten: activiteiten voor de tussentijdse evaluatie van het EFG (art. 17), studies naar toezicht en uitvoering, totstandbrenging van een kennisbasis, uitwisseling van informatie en ervaring tussen deskundigen en auditors van de lidstaten en van de Commissie, ontwikkeling van netwerken, organisatie van vergaderingen van de Deskundigengroep van contactpersonen van het EFG, organisatie van seminars over de uitvoering van het fonds, alsmede voorlichtings- en publiciteitsactiviteiten (art. 9) en de verdere ontwikkeling van de EFG-website en publicaties in alle talen van de EU.

    III. Financiering:

    Van:    Vastleggingen:    40 02 43 – EFG-reserve

               Betalingen:         04 02 20 - ESF — Operationele technische bijstand (2007-   2013)

    Naar:  Vk en BK         04 01 04 14 - EFG — Uitgaven voor administratief beheer

    Dit is de zesde EFG-aanvraag die in het kader van de begroting 2010 behandeld wordt. Tot nu toe is 16 338 363 EUR beschikbaar gesteld aan Duitsland (Karmann) en Litouwen (Snaige, bouwsector, meubelfabricage en vervaardiging van kleding).

    In artikel 12, lid 6, van de EFG-verordening wordt bepaald dat op 1 september nog ten minste 25% (125 miljoen EUR) van het jaarlijkse maximumbedrag van het EFG beschikbaar moet zijn om behoeften die vóór het eind van het jaar aan het licht komen, te kunnen dekken. Bij goedkeuring zal er in totaal 17 448 363 EUR beschikbaar zijn gesteld uit het EFG in het kader van de begroting 2010, waardoor er een bedrag van 482 551 637 EUR beschikbaar blijft.

    IV. Procedure

    De Commissie heeft een verzoek om overschrijving[3] ingediend om overeenkomstig de bepalingen van punt 28 van het Interinstitutioneel Akkoord van 17 mei 2006 specifieke vastleggings- en betalingskredieten in de begroting 2010 op te nemen.

    De trialoog over het voorstel van de Commissie voor een besluit over de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG zou via een vereenvoudigde procedure kunnen plaatsvinden (briefwisseling), zoals voorzien in artikel 12, lid 5, van de rechtsgrondslag, tenzij het Parlement en de Raad niet tot overeenstemming komen.

    Conform een interne afspraak wordt de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken (EMPL) bij dit proces betrokken, opdat het op constructieve wijze kan bijdragen tot de beoordeling van de aanvragen voor steun uit het EFG.

    Na evaluatie heeft de Commissie EMPL van het Europees Parlement haar standpunt over de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG te kennen gegeven, zoals blijkt uit het bij dit verslag gevoegde advies.

    Met de gezamenlijke verklaring van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie die tijdens het overleg van 17 juli 2008 werd goedgekeurd, werd het belang bekrachtigd van een snelle procedure voor de goedkeuring van besluiten tot beschikbaarstelling van de middelen van het EFG, met inachtneming van het Interinstitutioneel Akkoord.

    • [1]  PB C 139 van 14.6.2006, blz. 1.
    • [2]  PB C 406 van 30.12.2006, blz. 1.
    • [3]  DEC 10/2010 van 27 april 2010.

    BIJLAGE: BRIEF VAN DE COMMISSIE WERKGELEGENHEID EN SOCIALE ZAKEN

    ES/sg

    D(2010)27789

    De heer Alain Lamassoure

    Voorzitter van de Begrotingscommissie

    ASP 13E158

    Betreft : Advies inzake de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) in dossier EGF/2010/000 TA 2010 (COM(2010)0182)

    Geachte heer Lamassoure,

    De Commissie werkgelegenheid en sociale zaken (EMPL) en haar werkgroep EFG hebben de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG in dossier EGF/2010/000 TA onderzocht en het volgende advies goedgekeurd.

    De commissie en de werkgroep EFG zijn vóór de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG voor de aanvraag in kwestie. De commissie formuleert ter zake een aantal opmerkingen, zonder evenwel de betaling op de helling te willen zetten.

    Het advies van de commissie is gebaseerd op de volgende overwegingen:

    a)  overwegende dat overeenkomstig artikel 8, lid 1, van de EFG-verordening (EG) nr. 1927/2006 per jaar 0,35% van het jaarlijks maximumbedrag van het EFG (500 miljoen EUR per jaar) beschikbaar kan worden gesteld voor technische steun, op initiatief van de Commissie; benadrukt het doel van dergelijke technische ondersteuning: toezicht, informatie, het creëren van een kennisbasis, administratieve en technische bijstand en evaluatiewerkzaamheden,

    b)  overwegende dat de werkgroep EFG van de Commissie EMPL de Commissie om informatie heeft verzocht inzake de doeltreffendheid van de voorgestelde maatregelen voor de ontslagen werknemers voor wat betreft hun langdurige herintreding op de arbeidsmarkt en de overgang naar een duurzame en op kennis gebaseerde economie,

    c)  overwegende dat de werkgroep EFG tevens om gedetailleerdere informatie heeft verzocht inzake de naleving van artikel 7 van de EFG-verordening betreffende de gelijke behandeling van vrouwen en mannen en non-discriminatie tijdens de verschillende fases van tenuitvoerlegging van de voorgestelde maatregelen,

    d)  overwegende dat de werkgroep EFG geregeld om informatie heeft verzocht over de vraag of de uitgaven in het kader van het EFG de bijzondere aandacht van de Commissie hebben voor wat betreft de speciale procedure op dit gebied, en heeft verzocht om een verslag over de resultaten van de controles van de EFG-toepassingen in 2007 en 2008,

    e)  overwegende dat het gebrek aan informatie over de complementariteit van het EFG met de maatregelen die worden ondersteund met andere structuurfondsen, alsmede over de administratieve structuren die zijn ingesteld in de lidstaten om op de naleving van artikel 6 van de EFG-verordening toe te zien, aanleiding heeft gegeven voor regelmatig overleg met de Commissie, zonder echter de situatie volledig te verduidelijken,

    De Commissie werkgelegenheid en sociale zaken verzoekt derhalve de ten principale bevoegde Begrotingscommissie onderstaande suggesties in haar ontwerpresolutie over de beschikbaarstelling van middelen uit het fonds voor technische bijstand door de Commissie op te nemen:

    1)  is ingenomen met het feit dat meer dan de helft van de gevraagde kredieten gebruikt zullen worden voor enerzijds het financieren van studies en evaluaties van de lopende EFG-dossiers door de uitvoering en de zwakke en sterke kanten te onderzoeken, successen vast te stellen en lessen te trekken voor toekomstige dossiers, en anderzijds het opzetten van een kennisbasis voor het vergaren van gegevens inzake brede kwesties als de langdurige herintreding op de arbeidsmarkt of de voorbereiding van de tussentijdse evaluatie van het EFG; verzoekt de Commissie het Parlement op de hoogte te houden van de selectie van de aannemers voor deze studies;

    2)  benadrukt dat dit soort gegevens van zeer groot belang is voor de politieke actoren op alle niveaus en voor alle andere belanghebbenden, alsmede voor de ontwikkeling van de toekomstige opzet van het EFG;

    3)  benadrukt het belang van netwerken en informatie-uitwisseling inzake het EFG; steunt derhalve de financiering van de deskundigengroep van contactpersonen van het EFG in de lidstaten; benadrukt verder het belang van contacten tussen alle betrokken bij de EFG-toepassingen, met inbegrip van de sociale partners, ten einde zoveel mogelijk synergieën te genereren;

    4)  benadrukt het belang van netwerken en informatie-uitwisseling inzake het EFG; steunt derhalve de financiering van de deskundigengroep van contactpersonen van het EFG in de lidstaten; verzoekt de Commissie zorg te dragen voor geregeld contact tussen de werkgroep EFG van het Parlement en de deskundigengroep; benadrukt verder het belang van contacten tussen alle betrokken bij de EFG-toepassingen, met inbegrip van de sociale partners, teneinde zoveel mogelijk synergieën te genereren;

    5)  verwelkomt in het bijzonder de voorgenomen vergadering met de auditors in de lidstaten, hetgeen een positieve bijdrage kan leveren aan deze complexe en speciale begrotingsprocedure;

    6)  is tevens ingenomen met de presentatie door de Commissie van gerichte en zorgvuldig gekozen maatregelen waarmee het mogelijk is ruim onder het in de verordening aangeven maximumbedrag te blijven;

    7)  betreurt echter dat de technische ondersteuning niet gebruikt zal worden voor maatregelen die kunnen bijdragen aan het verkorten van de aanvraagprocedure, die door de meeste belanghebbenden wordt beschouwd als veel te lang voor een noodfonds;

    8)  moedigt de lidstaten aan de aangekondigde vergaderingen te benutten om kennis te nemen van de mogelijkheden en kansen die het EFG biedt voor werknemers die getroffen worden door massaontslagen, en om de beschikbare middelen in te zetten ter ondersteuning van de betrokken werknemers;

    9)  moedigt de lidstaten bovendien aan om gebruik te maken van het uitwisselen van optimale werkmethoden en met name te leren van de ervaringen van lidstaten die reeds nationale informatienetwerken hebben opgezet op het gebied van het EFG, waarbij sociale partners en belanghebbenden op lokaal niveau zijn betrokken, teneinde verzekerd te zijn van een goede structuur voor steunverlening indien zich gevallen van massaontslagen voordoen;

    10)  verzoekt de Commissie de kwaliteit van de door het EFG gesteunde maatregelen zorgvuldig te evalueren, om te waarborgen dat de ontslagen werknemers voldoende steun krijgen van de Europese Unie.

    Hoogachtend,

    Pervenche Berès

    UITSLAG VAN DE EINDSTEMMING IN DE COMMISSIE

    Datum goedkeuring

    2.6.2010

     

     

     

    Uitslag eindstemming

    +:

    –:

    0:

    26

    0

    0

    Bij de eindstemming aanwezige leden

    Marta Andreasen, Francesca Balzani, Lajos Bokros, Jean-Luc Dehaene, José Manuel Fernandes, Eider Gardiazábal Rubial, Salvador Garriga Polledo, Jens Geier, Ivars Godmanis, Estelle Grelier, Carl Haglund, Jutta Haug, Sidonia Elżbieta Jędrzejewska, Jan Kozłowski, Alain Lamassoure, Vladimír Maňka, Miguel Portas, Dominique Riquet, László Surján, Derek Vaughan, Angelika Werthmann, Jacek Włosowicz

    Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

    Paul Rübig

    Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervanger(s) (art. 187, lid 2)

    Peter Jahr, Andres Perello Rodriguez, Britta Reimers