Procedure : 2009/0059(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A7-0401/2011

Ingediende teksten :

A7-0401/2011

Debatten :

PV 30/11/2011 - 17
CRE 30/11/2011 - 17

Stemmingen :

PV 01/12/2011 - 6.14
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P7_TA(2011)0533

VERSLAG     ***III
PDF 155kWORD 98k
24.11.2011
PE 474.027v03-00 A7-0401/2011

over de door het bemiddelingscomité goedgekeurde gemeenschappelijke ontwerptekst van de verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1934/2006 van de Raad tot vaststelling van een financieringsinstrument voor de samenwerking met geïndustrialiseerde landen en andere landen en gebieden met een hoog inkomen

(PE-CONS 00056/2011 – C7‑0376/2011 – 2009/0059(COD))

Delegatie van het Europees Parlement in het bemiddelingscomité

Voorzitter van de delegatie: Alejo Vidal-Quadras

Rapporteur: Helmut Scholz

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 PROCEDURE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over de door het bemiddelingscomité goedgekeurde gemeenschappelijke ontwerptekst van de verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1934/2006 van de Raad tot vaststelling van een financieringsinstrument voor de samenwerking met geïndustrialiseerde landen en andere landen en gebieden met een hoog inkomen

(PE-CONS 00056/2011 – C7‑0376/2011 – 2009/0059(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: derde lezing)

Het Europees Parlement,

–   gezien de door het bemiddelingscomité goedgekeurde gemeenschappelijke ontwerptekst en de daarop betrekking hebbende verklaringen van het Parlement, de Raad en de Commissie (PE-CONS 00056/2011 – C7‑0376/2011),

–   gezien zijn in eerste lezing geformuleerde standpunt(1) inzake het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2009)0197),

–   gezien zijn in tweede lezing geformuleerde standpunt(2) inzake het standpunt van de Raad in eerste lezing(3),

–   gezien het advies van de Commissie over de amendementen van het Parlement op het standpunt van de Raad in eerste lezing (COM(2011)0167),

–   gezien het standpunt van de Raad in tweede lezing,

–   gezien artikel 294, lid 13, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–   gezien artikel 69 van zijn Reglement,

–   gezien het verslag van zijn delegatie in het bemiddelingscomité (A7-0401/2011),

1.  hecht zijn goedkeuring aan de gemeenschappelijke ontwerptekst;

2.  bevestigt de gemeenschappelijke verklaring van het Europees Parlement en de Raad die als bijlage bij onderhavige resolutie is gevoegd;

3.  neemt kennis van de verklaring van de Commissie die als bijlage bij onderhavige resolutie is gevoegd;

4.  verzoekt zijn Voorzitter het besluit samen met de voorzitter van de Raad overeenkomstig artikel 297, lid 1, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie te ondertekenen;

5.  verzoekt zijn secretaris-generaal het besluit te ondertekenen nadat is nagegaan of alle procedures naar behoren zijn uitgevoerd, en met de secretaris-generaal van de Raad zorg te dragen voor publicatie ervan, samen met de daarop betrekking hebbende verklaringen van het Parlement, de Raad en de Commissie, in het Publicatieblad van de Europese Unie;

6.  verzoekt zijn Voorzitter deze wetgevingsresolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

(1)

Aangenomen teksten van 21.10.2010, P7_TA(2010)0381.

(2)

Aangenomen teksten van 3.2.2011, P7_TA(2011)0033.

(3)

PB C 7 E van 12.1.2011, blz. 1.


TOELICHTING

Achtergrond

Op 21 april 2009 heeft de Commissie haar voorstel voor een verordening tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1394/2006 tot vaststelling van een financieringsinstrument voor samenwerking met industrielanden en andere landen en gebiedsdelen met een hoog inkomen (ICI) aangenomen. Het voorstel is ingediend als onderdeel van de herziening halverwege van de financieringinstrumenten voor het externe optreden. De belangrijkste doelstelling is uitbreiding van het toepassingsgebied van de ICI-verordening met de ontwikkelingslanden die onder Verordening (EG) nr. 1905/2006 tot invoering van een financieringsinstrument voor ontwikkelingssamenwerking (DCI) van 18 december 2006 vallen, voor geografische samenwerking met landen in Azië, Centraal-Azië en Latijns-Amerika, en met Irak, Iran, Jemen en Zuid-Afrika. De gewijzigde ICI-verordening biedt een goede rechtsgrond voor (financierings-) activiteiten die niet voldoen aan de criteria van officiële ontwikkelingssamenwerking van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) en die daarom van de DCI-verordening zijn uitgesloten.

De gewijzigde ICI-verordening zorgt daarnaast voor verdieping van de betrekkingen van de Unie met landen die zowel ontwikkelingsland, als belangrijke partner in de mondiale economie zijn, zoals China, Brazilië en Mexico, en regio's zoals Centraal-Azië en het Midden-Oosten, Azië, Latijns-Amerika en Zuid-Afrika. Het toegevoegde referentiebedrag bedraagt EUR 176 miljoen voor de periode 2010-2013.

I. De wetgevingsprocedure vóór bemiddeling (eerste en tweede lezing)

Het Europees Parlement heeft op 21 oktober 2010 zijn advies in eerste lezing uitgebracht. Het heeft voorgesteld de betrokkenheid van het Parlement bij programmering, evaluatie en verslaglegging met betrekking tot meerjarige samenwerkingsprogramma's te verbeteren, en een aantal wijzigingen aan de financiering van het ICI-instrument voorgesteld.

De Raad heeft op 10 december 2010 zijn standpunt in eerste lezing vastgesteld. Veel amendementen werden overgenomen, maar de Raad ging niet akkoord met het verzoek van het Parlement om gedelegeerde handelingen te gebruiken voor de goedkeuring van meerjarige samenwerkingsprogramma's (meerjarige strategiedocumenten) aangezien deze in de optiek van de Raad niet-bindende handelingen zijn, die derhalve middels tenuitvoerleggingsmaatregelen moeten worden goedgekeurd. De Raad ging evenmin akkoord met de wijzigingen aan artikel 16 betreffende de financiering (de Raad stelde dat dit zal worden besloten door de twee takken (EP en de Raad) van de begrotingsautoriteit in het kader van de jaarlijkse begrotingsprocedure).

De tweede lezing in het Parlement vond plaats op 3 februari 2011 (bevestiging van het standpunt van eerste lezing).

De Raad heeft op 19 juli 2011 zijn standpunt in tweede lezing vastgesteld.

II. Bemiddeling

Na de stemming in tweede lezing op 3 februari en gezien de politieke wil om de bemiddeling zo snel mogelijk af te ronden, vond de oprichtingsvergadering van de EP-delegatie voor het bemiddelingscomité plaats in Straatsburg op 15 februari 2011. De EP-delegatie besloot de onderhandelingen over de vier dossiers (DCI, DCI/BAM, ICI+ en EIDHR) als een pakket te benaderen. Met betrekking tot de tussentijdse evaluatie van DCI en EIDHR bestond overeenstemming dat deze ongewijzigd blijven aangezien er vóór 2013 geen nieuwe strategiedocumenten zijn gepland. Daarom werden de onderhandelingen voortgezet over het ICI+-dossier(1) (met één strategiedocument te gaan) en het DCI/BAM-dossier(2) (met tien strategiedocumenten te gaan).

Procedurele aspecten

Er vonden acht trialogen plaats: op 30 maart, 11 mei, 25 mei, 22 juni, 5 juli, 6 september (eerste bijeenkomst van het bemiddelingscomité), 27 september en 19 oktober. De delegatie van het EP kwam zeven keer bijeen: op 15 februari, 12 mei, 5 juli, 6 september, 20 september, 11 oktober en 25 oktober. Op 31 oktober 2011 werd politieke overeenstemming bereikt.

Inhoud

Het EP en de Raad kwamen overeen de belangrijkste beslissingen (ten aanzien van doelstellingen, prioriteiten en indicatieve financiële toewijzingen en resultaten) via de medebeslissingsprocedure te nemen. Tijdens de trialoog van 27 september werd een voorlopig akkoord bereikt over een voorstel voor een compromispakket (voor ICI+, DCI/BAM en een gemeenschappelijke verklaring van het EP en de Raad over het gebruik in de toekomst van gedelegeerde handelingen). Dit pakket werd op 29 september 2011 door het Coreper bekrachtigd. Tijdens haar vergadering op 11 oktober besloot de EP-delegatie evenwel dat de onderhandelingen moesten worden voortgezet, met name over het DCI/BAM-dossier. Vandaar dat op 19 oktober een nieuwe bijeenkomst van de trialoog plaatsvond, tijdens dewelke de Raad bleef bij het voorlopige akkoord dat tijdens de trialoog van 27 september werd bereikt. Er werd overeengekomen dat het voorlopige akkoord opnieuw aan de delegatie van het Parlement zou worden voorgelegd met het oog op een definitieve stemming. De EP-delegatie ging tijdens haar bijeenkomst op 25 oktober akkoord met de overeenkomst.

De bemiddeling werd afgerond middels een briefwisseling (24 en 26 oktober 2011).

Het resultaat van de bemiddeling is positief. Afgesproken is dat het EP en de Raad de belangrijke stretagische beslissingen samen zullen nemen in de medebeslissingsprocedure.

Er is ook een akkoord bereikt over een gemeenschappelijke verklaring van het EP en de Raad over het gebruik van gedelegeerde handelingen op het gebied van de externe betrekkingen voor de toekomstige financiële instrumenten, die zorgt voor versterking van de positie van het Europees Parlement wat de opname van gedelegeerde handelingen in de nieuwe instrumenten betreft.

Het ICI+ instrument

Met het akkoord wordt de EU in de gelegenheid gesteld haar activiteiten naast de officiële ontwikkelingshulp uit te breiden met betrekking tot landen die zowel ontwikkelingslanden als belangrijke partners in de wereldeconomie zijn (zoals India, Brazilië en China).

Het Europees Parlement heeft gehamerd op een Bijlage met de toewijzing van financiële middelen per prioritair gebied (Publieke diplomatie en voorlichting, bevordering van economisch partnerschap en commerciële samenwerking, contacten tussen burgers) met minimumpercentages. Het feit dat deze financiële toewijzingen in de basishandeling zijin vastgelegd, versterkt de onderhandelingspositie van het EP met het oog op toekomstige gedelegeerde handelingen.

Als compromis heeft het Parlement ingestemd met een Verklaring over de financiële bepalingen.

III. Conclusie

De EP-delegatie heeft besloten over de vier wetgevingsdossiers als pakket te onderhandelen. Die aanpak heeft aanzienlijke verbeteringen opgeleverd. Met het totale pakket dat aan het einde van de bemiddelingsprocedure bereikt is, zal de positie van het Parlement inzake gedelegeerde handelingen voor de toekomstige instrumenten versterkt worden. In een geest van compromis beveelt de delegatie aan dat de pakketsgewijze benadering gehandhaafd wordt en dat het Parlement in derde lezing zijn goedkeuring hecht aan de gemeenschappelijke ontwerptekst.

(1)

Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1934/2006 van de Raad tot vaststelling van een financieringsinstrument voor de samenwerking met geïndustrialiseerde landen en andere landen en gebieden met een hoog inkomen, 2009/0059 (COD).

(2)

Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1905/2006 tot invoering van een financieringsinstrument voor ontwikkelingssamenwerking, 2010/0059 (COD).


PROCEDURE

Titel

Verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1934/2006 van de Raad tot vaststelling van een financieringsinstrument voor de samenwerking met geïndustrialiseerde landen en andere landen en gebieden met een hoog inkomen

Document- en procedurenummers

PE-CONS 00056/2011 – C7‑0376/2011 – 2009/0059(COD)

Voorzitter van de delegatie: ondervoorzitter

Alejo Vidal-Quadras

Commissie ten principale:

Voorzitter:

INTA

Vital Moreira

Rapporteur(s)

Helmut Scholz

In eerste lezing behandeld ontwerp van handeling

COM(2009)0197 – C7‑0101/2009

 

Datum eerste lezing EP – P-nummer

21.10.2010

P7_TA(2010)0381

Gewijzigd voorstel van de Commissie

Standpunt Raad in eerste lezing

  Datum bekendmaking

16440/1/2010 – C7-0425/2010

16.12.2010

Standpunt Commissie (art. 294, lid 6, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie)

COM(2010)0786

Datum tweede lezing EP – P-nummer

3.2.2011

P7_TA(2011)0033

Advies van de Commissie(art. 2

94, lid 7, punt c), van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie)

COM(2011)0167

Datum ontvangst tweede lezing door de Raad

23.3.2011

Datum brief van de Raad inzake niet-goedkeuring amendementen van het EP

19.7.2011

Vergaderingen bemiddelingscomité

6.9.2011

 

 

Datum stemming delegatie EP

25.10.2011

Uitslag stemming

+:

–:

0:

17

6

3

Aanwezige leden

Alejo Vidal-Quadras, Rodi Kratsa-Tsagaropoulou, Kinga Gál, Elmar Brok, Filip Kaczmarek, Godelieve Quisthoudt-Rowohl, José Ignacio Salafranca Sánchez-Neyra, Manfred Weber, Vital Moreira, Thijs, Berman, Ana Gomes, Richard Howitt, Gianluca Susta, Patrice Tirolien, Charles Goerens, Barbara Lochbihler, Eva Joly, Robert Sturdy, Helmut Scholz, Claudio Morganti

Aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Christofer Fjellner, Ioannis Kasoulides, Georgios Koumoutsakos, Eduard Kukan, Ria Oomen-Ruijten, Maurice Ponga, Kriton Arsenis, Ivo Vajgl, Bart Staes

Aanwezige plaatsvervanger(s) (art. 187, lid 2, van het Reglement)

Leonidas Donskis

Datum overeenstemming bemiddelingscomité

 

Overeenstemming bij briefwisseling

24.10.2011

26.10.2011

Datum constatering goedkeuring gemeenschappelijke ontwerptekst en toezending aan EP en Raad

31.10.2011

Datum indiening

24.11.2011

Opmerkingen (slechts in één taal beschikbaar)

VERLENGING VAN TERMIJNEN

Termijn tweede lezing Raad

23.7.2011

Termijn bijeenroeping bemiddelingscomité

        Instelling – datum

13.9.2011

 

Raad – 24.8.2011

Termijn werkzaamheden bemiddelingscomité

        Instelling – datum

1.11.2011

 

Raad – 6.10.2011

Termijn aanneming besluit

        Instelling – datum

 

Juridische mededeling - Privacybeleid