Procedure : 2011/0394(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A7-0420/2012

Ingediende teksten :

A7-0420/2012

Debatten :

PV 20/11/2013 - 13
CRE 20/11/2013 - 13

Stemmingen :

PV 21/11/2013 - 8.4
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P7_TA(2013)0503

VERSLAG     ***I
PDF 1161kWORD 1142k
11.12.2012
PE 489.639v03-00 A7-0420/2012

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en voor kleine en middelgrote ondernemingen (2014 - 2020)

(COM(2011)0834 – C7‑0463/2011 – 2011/0394(COD))

Commissie industrie, onderzoek en energie

Rapporteur: Jürgen Creutzmann

AMENDEMENTEN
ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 ADVIES van de Begrotingscommissie
 ADVIES van de Commissie interne markt en consumentenbescherming
 ADVIES van de Commissie rechten van de vrouw en gendergelijkheid
 PROCEDURE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en voor kleine en middelgrote ondernemingen (2014 - 2020)

(COM(2011)0834 – C7-0463/2011 – 2011/0394(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–   gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2011)0834),

–   gezien artikel 294, lid 2, en de artikelen 173 en 195 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C7‑0463/2011),

–   gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–   gezien het gemotiveerde advies dat in het kader van protocol nr. 2 betreffende de toepassing van de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid is uitgebracht door de Zweedse Rijksdag, en waarin wordt gesteld dat het ontwerp van wetgevingshandeling niet strookt met het subsidiariteitsbeginsel,

–   gezien het advies van het Economisch en Sociaal Comité van 29 maart 2012(1),

–   gezien artikel 55 van zijn Reglement,

–   gezien het verslag van de Commissie industrie, onderzoek en energie en de adviezen van de Begrotingscommissie, de Commissie interne markt en consumentenbescherming en de Commissie rechten van de vrouw en gendergelijkheid (A7-0420/2012),

1.  stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;

2.  wijst erop dat de in het wetgevingsvoorstel genoemde financiële middelen slechts een indicatie voor de wetgevingsautoriteit vormen en dat deze niet definitief kunnen worden vastgesteld zolang er geen overeenstemming is bereikt over de verordening betreffende het meerjarig financieel kader voor de periode 2014-2020;

3.  herinnert aan zijn resolutie van 8 juni 2011 "Investeren in de toekomst: een nieuw meerjarig financieel kader (MFK) voor een concurrerend, duurzaam en integratiegericht Europa"; herhaalt dat er in het volgende MFK voldoende aanvullende financiële middelen ter beschikking moeten worden gesteld om de Unie in staat te stellen uitvoering te geven aan haar huidige beleidsprioriteiten en de nieuwe taken zoals vastgelegd in het Verdrag van Lissabon, alsook om in te spelen op onvoorziene gebeurtenissen; roept de Raad ertoe op om, indien hij deze aanpak niet deelt, duidelijk aan te geven welke politieke prioriteiten of projecten ongeacht hun bewezen toegevoegde waarde voor Europa volledig kunnen worden geschrapt; wijst erop dat zelfs als het niveau van de middelen van het volgende MFK ten minste 5% hoger ligt dan het niveau van 2013, er slechts een beperkte bijdrage kan worden geleverd aan het verwezenlijken van de afgesproken doelstellingen en toezeggingen van de Unie en het beginsel van solidariteit in de Unie;

4.  herhaalt het standpunt dat het heeft ingenomen in zijn resolutie van 8 juni 2011, waarin het stelde dat er in het volgende MFK meer ondersteuning moet worden verleend aan alle programma's en instrumenten die tot doel hebben kmo's aan te moedigen, met name dit programma en de Small Business Act;

5.  verzoekt om hernieuwde voorlegging aan het Parlement indien de Commissie voornemens is ingrijpende wijzigingen in dit voorstel aan te brengen of dit door een nieuwe tekst te vervangen;

6.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad, de Commissie en de nationale parlementen.

Amendement  1

Voorstel voor een verordening

Overweging 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(1) De Commissie heeft de Mededeling "Europa 2020 – Een strategie voor slimme, duurzame en inclusieve groei" (hierna "de Europa 2020-strategie") in maart 2010 goedgekeurd. De mededeling werd door de Europese Raad in juni 2010 bekrachtigd. De Europa 2020-strategie is een reactie op de economische crisis en is bedoeld om Europa op het volgende decennium voor te bereiden. Het stelt vijf ambitieuze doelstellingen vast inzake klimaat en energie, werkgelegenheid, innovatie, onderwijs en sociale inclusie die in 2020 bereikt moeten zijn en legt essentiële groeifactoren vast die Europa dynamischer en concurrerender moeten maken. Er wordt ook benadrukt hoe belangrijk het is om de groei van de Europese economie te stimuleren en te komen tot een hoog niveau van werkgelegenheid, een koolstofarme en energie-efficiënte economie die weinig hulpbonnen verbruikt, en sociale cohesie.

(1) De Commissie heeft de Mededeling "Europa 2020 – Een strategie voor slimme, duurzame en inclusieve groei" (hierna "de Europa 2020-strategie") in maart 2010 goedgekeurd. De mededeling werd door de Europese Raad in juni 2010 bekrachtigd. De Europa 2020-strategie is een reactie op de economische crisis en is bedoeld om Europa op het volgende decennium voor te bereiden. Het stelt vijf ambitieuze doelstellingen vast inzake klimaat en energie, werkgelegenheid, innovatie, onderwijs en sociale inclusie die in 2020 bereikt moeten zijn en legt essentiële groeifactoren vast die Europa dynamischer en concurrerender moeten maken. Er wordt ook benadrukt hoe belangrijk het is om de groei van de Europese economie te stimuleren en te komen tot een hoog niveau van werkgelegenheid, een koolstofarme en energie-efficiënte economie die weinig hulpbonnen verbruikt, en sociale cohesie. Kleine en middelgrote ondernemingen (kmo's) dienen een cruciale rol te spelen in de verwezenlijking van de doelstellingen van Europa 2020. Hun rol blijkt uit de vermelding van kmo's in zes van de zeven van haar vlaggenschipinitiatieven.

Amendement  2

Voorstel voor een verordening

Overweging 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(2) Om zeker te zijn dat ondernemingen een centrale rol spelen bij de verwezenlijking van economische groei in Europa, heeft de Commissie in oktober 2010 een mededeling goedgekeurd met de titel "Een geïntegreerd industriebeleid in een tijd van mondialisering: concurrentievermogen en duurzaamheid centraal stellen" die de Europese Raad in de conclusies van december 2010 heeft bekrachtigd. Dit is een vlaggenschipinitiatief van de Europa 2020-strategie. De mededeling tekent een strategie uit om meer groei en banen te creëren door in Europa een sterke, diverse en concurrerende industriële basis te behouden en te ondersteunen, vooral door de raamvoorwaarden voor ondernemingen te verbeteren en door diverse aspecten van de eengemaakte markt, waaronder bedrijfsgerelateerde diensten, te versterken.

(2) Om zeker te zijn dat ondernemingen een centrale rol spelen bij de verwezenlijking van economische groei in Europa, hetgeen een topprioriteit is, heeft de Commissie in oktober 2010 een mededeling goedgekeurd met de titel "Een geïntegreerd industriebeleid in een tijd van mondialisering: concurrentievermogen en duurzaamheid centraal stellen" die de Europese Raad in de conclusies van december 2010 heeft bekrachtigd. Dit is een vlaggenschipinitiatief van de Europa 2020-strategie. De mededeling tekent een strategie uit om meer groei en banen te creëren door in Europa een sterke, diverse en concurrerende industriële basis te behouden en te ondersteunen, vooral door de raamvoorwaarden voor ondernemingen te verbeteren en door diverse aspecten van de eengemaakte markt, waaronder bedrijfsgerelateerde diensten, te versterken.

Amendement  3

Voorstel voor een verordening

Overweging 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 bis) "Gaten", versnippering en onnodige bureaucratische rompslomp op de eengemaakte markt beletten burgers, consumenten en ondernemingen, vooral kmo's, om daar volledig van te profiteren. Veel kmo's kampen bijvoorbeeld voortdurend met problemen als ze proberen grensoverschrijdende handelsactiviteiten te ontplooien. Daarom zijn dringend gezamenlijke inspanningen van de Commissie, het Europees Parlement en de lidstaten nodig om de hiaten in de uitvoering, de wetgeving en de informatie aan te pakken. In overeenstemming met het beginsel van proportionaliteit moeten de Commissie en de lidstaten tevens samenwerken om buitensporige administratieve, financiële en wettelijke lasten voor kmo's terug te dringen.

Amendement  4

Voorstel voor een verordening

Overweging 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(6) Om bij te dragen aan de versterking van het concurrentievermogen en de duurzaamheid van EU-ondernemingen, vooral kmo's, aan de versterking van de kennismaatschappij en aan een ontwikkeling gebaseerd op een evenwichtige economische groei moet een programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en voor kmo's (hierna "het programma") worden vastgesteld.

(6) Om bij te dragen aan de versterking van het concurrentievermogen en de duurzaamheid van EU-ondernemingen, vooral kmo's, om bestaande kmo's te ondersteunen, om een ondernemerscultuur te stimuleren, alsmede de totstandkoming en groei van kmo's, moet een programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en voor kmo's (hierna 'het programma') worden vastgesteld. Zonder te overlappen met programma's op nationaal niveau moet het programma vooral gemakkelijk toegankelijk zijn voor alle kmo's, met name kleine ondernemingen en micro-entiteiten.

Motivering

COSME moet prioriteit geven aan het ondersteunen van bestaande kmo's.

Amendement  5

Voorstel voor een verordening

Overweging 6 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(6 bis) De besteding van financiële middelen van de Unie en de lidstaten ter bevordering van het concurrentievermogen van bedrijven en kmo's moet beter gecoördineerd worden zodat er voor complementariteit en meer efficiëntie en zichtbaarheid wordt gezorgd en zodat er een grotere budgettaire synergie ontstaat. De financiële middelen die worden uitgetrokken voor het programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en kmo's (COSME-programma), mogen in reële termen niet lager zijn dan de kredieten die zijn toegewezen aan het programma voor concurrentievermogen en innovatie (CIP-programma).

Amendement  6

Voorstel voor een verordening

Overweging 6 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(6 ter) Om de doelstellingen van dit programma te kunnen vervullen en de uitvoering van de Small Business Act te kunnen ondersteunen, moet ten minste 0,5% van de totale begroting van het meerjarig financieel kader voor 2014-2020 aan de uitvoering van dit programma worden toegewezen.

Amendement  7

Voorstel voor een verordening

Overweging 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(8) Het concurrentiebeleid van de Unie is bedoeld om de institutionele en beleidsregelingen in te voeren die de juiste omstandigheden creëren waarin bedrijven op duurzame wijze kunnen groeien. Een betere productiviteit is de sterkste stimulans voor duurzame inkomstengroei die op zijn beurt bijdraagt tot een verbetering van de levensstandaard. Concurrentievermogen wordt ook bepaald door de mate waarin een bedrijf optimaal gebruik kan maken van geboden kansen, zoals de Europese eengemaakte markt. Dit is vooral belangrijk voor kmo's die 99% van de ondernemingen in de Unie uitmaken, twee op drie bestaande banen in de privésector en 80% van de nieuwe banen verschaffen en goed zijn voor meer dan de helft van de totale toegevoegde waarde die door ondernemingen in de Unie is gecreëerd. Kmo's zijn een essentiële motor voor economische groei, werkgelegenheid en sociale integratie.

(8) Het concurrentiebeleid van de Unie is bedoeld om de institutionele en beleidsregelingen in te voeren die de juiste omstandigheden creëren waarin bedrijven kunnen worden opgericht en op duurzame wijze kunnen groeien. Voor het realiseren van concurrentievermogen en duurzaamheid is het vermogen vereist om ondernemingen economisch concurrerend te maken en te houden met inachtneming van de doelstellingen aangaande duurzame ontwikkeling. Een betere productiviteit, in het bijzonder hulpbronnen- en energieproductiviteit, is de sterkste stimulans voor duurzame groei die op zijn beurt bijdraagt tot een verbetering van de levensstandaard. Concurrentievermogen wordt ook bepaald door de mate waarin een bedrijf optimaal gebruik kan maken van geboden kansen, zoals de Europese eengemaakte markt. Dit is vooral belangrijk voor kmo's die 99% van de ondernemingen in de Unie uitmaken, twee op drie bestaande banen in de privésector en 80% van de nieuwe banen verschaffen en goed zijn voor meer dan de helft van de totale toegevoegde waarde die door ondernemingen in de Unie is gecreëerd. Kmo's zijn een essentiële motor voor economische groei, werkgelegenheid en sociale integratie.

Motivering

Wijziging van amendement 3 (ontwerpverslag): 'het bedrijfsleven' is vervangen door 'ondernemingen', want dat omvat ondernemingen in alle economische sectoren.

Amendement  8

Voorstel voor een verordening

Overweging 8 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 bis) In de mededeling van de Commissie "Naar een banenrijk herstel"1 wordt geschat dat beleid dat een overgang naar een groene economie stimuleert, bijv. beleid op het gebied van klimaatverandering en een efficiënt gebruik van hulpbronnen en energie, tegen 2020 meer dan vijf miljoen banen kan genereren, met name in de kmo-sector. In het onderzoek wordt onderstreept dat de eco-industrie vergeleken met tal van andere sectoren een positief beeld laat zien wat betreft het creëren van nieuwe banen en volgens de prognoses een gezonde ontwikkeling zal blijven doormaken. Initiatieven op EU-niveau waarmee de werkgelegenheidskansen van groene groei kunnen worden benut, met name in kmo's, moeten deel uitmaken van dit programma.

 

_______________

 

1 COM(2012)0173 def.

Amendement  9

Voorstel voor een verordening

Overweging 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(9) Concurrentievermogen is de voorbije jaren een belangrijk aspect geworden in de beleidsvorming van de Unie, als gevolg van de tekortkomingen van de markt en het beleid en van institutionele tekortkomingen die het concurrentievermogen van de EU-ondernemingen, en met name van kmo's, ondermijnen.

(9) Concurrentievermogen is de voorbije jaren een belangrijk aspect geworden in de beleidsvorming van de Unie, als gevolg van de tekortkomingen van de markt en het beleid en van institutionele tekortkomingen die het concurrentievermogen van de EU-ondernemingen ondermijnen, en met name van kmo's, die bij de oprichting nog steeds te maken krijgen met buitensporige administratieve lasten.

Amendement  10

Voorstel voor een verordening

Overweging 10

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(10) Het programma moet dan ook markttekortkomingen aanpakken die het concurrentievermogen van de economie van de Unie op wereldschaal aantasten, vooral door factoren die het voor ondernemingen moeilijker maken om met ondernemingen in andere delen van de wereld te concurreren.

(10) Het programma moet dan ook markttekortkomingen aanpakken die het concurrentievermogen van de economie van de Unie op wereldschaal aantasten, vooral door factoren die het voor ondernemingen moeilijker maken om met ondernemingen in andere delen van de wereld te concurreren, de uitvoering bevorderen van de prioriteiten van de Europa 2020-strategie, zoals innovatie, een groene economie en werkgelegenheid voor jongeren, de beginselen van de "Small Business Act" (SBA) toepassen, zorgen voor coördinatie met de overige Europese programma's, alsook rekening houden met de behoeften van kmo's en de administratieve lasten van dit type ondernemingen vereenvoudigen en verminderen. Er zijn ook tekortkomingen die verband houden met het ontbreken van wederkerigheid in de voorwaarden voor toegang tot de markt tussen de EU en haar mededingers.

Amendement  11

Voorstel voor een verordening

Overweging 10 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(10 bis) De bedragen van de boetes die de Commissie oplegt aan ondernemingen die het mededingingsrecht van de EU niet eerbiedigen, moeten bovenop de financiële enveloppe aan het programma worden toegewezen.

Amendement  12

Voorstel voor een verordening

Overweging 11

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(11) Het programma moet zich vooral richten tot kmo's, zoals gedefinieerd in Aanbeveling 2003/361/EG van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen. Er moet vooral aandacht worden besteed aan micro-ondernemingen, ondernemingen die ambachtelijke activiteiten verrichten en sociale ondernemingen. Aandacht moet ook worden besteed aan de specifieke kenmerken en vereisten van jonge ondernemers, nieuwe en potentiële ondernemers en vrouwelijke ondernemers, alsmede voor specifieke doelgroepen, zoals migranten en ondernemers uit sociaal benadeelde of kwetsbare groepen, zoals personen met een functiebeperking. Het programma moet oudere burgers ook aanmoedigen om ondernemer te worden of te blijven en tweede kansen voor ondernemers bevorderen.

(11) Het programma moet zich vooral richten tot kmo's, zoals gedefinieerd in Aanbeveling 2003/361/EG van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen. Bij de toepassing van deze verordening dient de Commissie alle relevante belanghebbenden te raadplegen. Er moet vooral aandacht worden besteed aan micro-ondernemingen, ondernemingen die ambachtelijke activiteiten verrichten, de zelfstandige en vrije beroepen en sociale ondernemingen in alle sectoren. Aandacht moet ook worden besteed aan de kenmerken en vereisten van jonge ondernemers, nieuwe en potentiële ondernemers en vrouwelijke ondernemers, alsmede voor specifieke doelgroepen, zoals migranten en ondernemers uit sociaal benadeelde of kwetsbare groepen, zoals personen met een functiebeperking. Het programma moet oudere burgers ook aanmoedigen om ondernemer te worden of te blijven en tweede kansen voor ondernemers bevorderen.

Motivering

Het programma dient zijn beperkte middelen in te zetten ten behoeve van de meest relevante ondernemerscategorieën. Tweedekansbeleid wordt hieronder in overweging 16 (als gewijzigd) vermeld.

Amendement  13

Voorstel voor een verordening

Overweging 11 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(11 bis) In het verlengde van de vier prioriteiten van de SBA-evaluatie moet het programma zich in zijn specifieke doelstellingen vooral richten op verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid van ondernemingen in de Unie, in het bijzonder kmo's, bevordering van het ondernemerschap en verruiming van de toegang tot financiering en markten in de EU en wereldwijd. Acties in het kader van de specifieke doelstellingen van het programma moeten bijdragen aan de uitvoering van de SBA.

Motivering

Het programma dient zijn beperkte middelen in te zetten ten behoeve van de meest relevante ondernemerscategorieën.

Amendement  14

Voorstel voor een verordening

Overweging 11 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(11 ter) Het clusteren van kmo's is een belangrijk instrument voor het versterken van het innoverend vermogen en het betreden van de buitenlandse markten. Samenwerkingsvormen tussen bedrijven, zoals clusters, zakelijke netwerken en exportconsortia, moeten adequaat worden ondersteund door passend beleid en met de passende instrumenten.

Amendement  15

Voorstel voor een verordening

Overweging 11 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(11 quater) Vrouwelijk ondernemerschap en door vrouwen geleide kmo's leveren een essentiële bijdrage tot de verhoging van de arbeidsparticipatiegraad onder vrouwen en dragen aldus bij tot een betere benutting van het opleidingsniveau van vrouwen. Vrouwelijk ondernemerschap zorgt ook voor bedrijfsdynamiek en innovatie waarvan het potentieel in de Europese Unie bij lange na niet wordt benut, waarbij een toename van het aantal vrouwelijke ondernemers een positief effect heeft op en een onmiddellijke bijdrage levert aan de economie als geheel. Met name vrouwen zijn gemotiveerd voor zelfstandige beroepen, omdat zij als zij eigen baas zijn hun eigen werktijden kunnen bepalen, waardoor het gemakkelijker is om werk en gezin te combineren. In een instabiel economisch klimaat worden ondersteunende maatregelen voor vrouwelijke ondernemers gemakkelijk verwaarloosd.

Amendement  16

Voorstel voor een verordening

Overweging 12

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(12) Veel problemen rond concurrentievermogen in de Unie zijn te wijten aan het feit dat kmo's moeilijk toegang hebben tot financiering omdat zij hun kredietwaardigheid niet goed kunnen aantonen en moeilijk toegang krijgen tot durfkapitaal. Dit heeft een negatief effect op het aantal en de kwaliteit van de nieuw opgerichte ondernemingen en op de groei van ondernemingen. De toegevoegde waarde van de voorgestelde financiële instrumenten ligt voor de Unie onder meer in de versterking van de eengemaakte markt voor durfkapitaal en in de ontwikkeling van een pan-Europese financieringsmarkt voor kmo's. De maatregelen van de Unie moeten een aanvulling zijn op het gebruik door de lidstaten van financiële instrumenten voor kmo's. De organisaties die zijn belast met de uitvoering van de maatregelen, moeten zorgen voor additionaliteit en dubbele financiering met EU-middelen vermijden.

(12) Veel problemen rond concurrentievermogen in de Unie zijn te wijten aan het feit dat kmo's moeilijk toegang hebben tot financiering omdat zij hun kredietwaardigheid niet goed kunnen aantonen en moeilijk toegang krijgen tot durfkapitaal. Dit heeft een negatief effect op het aantal en de kwaliteit van de nieuw opgerichte ondernemingen en op de groei en overlevingskansen van ondernemingen, alsook op de bereidheid van nieuwe ondernemers om in het kader van een bedrijfsoverdracht of successie levensvatbare bedrijven over te nemen. De financiële instrumenten van de EU die voor de periode 2007-2013 zijn ingesteld, met name de kmo-garantiefaciliteit, bieden een aantoonbare meerwaarde en hebben een positieve bijdrage geleverd voor minstens 120 000 kmo's, waarmee ze sinds het begin van de financiële crisis in 2008 hebben bijgedragen tot het behoud van 851 000 banen. De grotere toegevoegde waarde van de voorgestelde financiële instrumenten ligt voor de Unie onder meer in de versterking van de interne markt voor durfkapitaal, in de ontwikkeling van een vereenvoudigde en transparantere pan-Europese financieringsmarkt voor kmo's en in de bestrijding van tekortkomingen van de markt die niet door de lidstaten kunnen worden verholpen. De maatregelen van de Unie moeten coherent en consistent zijn en een aanvulling vormen op het gebruik door de lidstaten van financiële instrumenten voor kmo's en de lidstaten moeten alles in het werk stellen voor een grotere zichtbaarheid en toegankelijkheid van deze instrumenten op hun grondgebied. De organisaties die zijn belast met de uitvoering van de maatregelen, moeten zorgen voor additionaliteit en dubbele financiering met EU-middelen vermijden. Het programma moet bevorderen dat kmo's in hun opstart-, groei- en overdrachtsfase toegang hebben tot financiering. Daarnaast is een ruimere mate van toegang tot betaalbare bankdiensten voor kleine en micro-ondernemingen in verschillende rechtsgebieden en valuta's van cruciaal belang voor de ontwikkeling van exportgroei.

Amendement  17

Voorstel voor een verordening

Overweging 12 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(12 bis) Uit onderzoek blijkt ook dat niet alleen toegang tot financiering, maar ook toegang tot kennis en vaardigheden, waaronder managementvaardigheden, voor kmo's cruciale factoren zijn om toegang te krijgen tot de bestaande fondsen, en om te innoveren, te concurreren en te groeien. Financiële instrumenten moeten daarom gepaard gaan met het ontwikkelen van mentorschap, coachingregelingen en op kennis gebaseerde zakelijke dienstverlening.

Amendement  18

Voorstel voor een verordening

Overweging 12 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(12 ter) Microleningen (d.w.z. leningen lager dan 25 000 euro) worden verstrekt door de financiële tussenpersonen op grond van het garantiestelsel. In het programma is geen specifiek onderdeel voor microleningen voorzien aangezien dit onderdeel reeds is opgenomen in het op 6 oktober 2011 door de Commissie voorgestelde programma voor sociale verandering en innovatie, dat in het bijzonder ingaat op microleningen.

Amendement  19

Voorstel voor een verordening

Overweging 12 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(12 quater) Er moet ook een initiatief komen om te beoordelen hoe nieuwe ondernemers en kmo's baat kunnen hebben bij innovatieve financieringsinitiatieven als crowdfunding, of en hoe deze moeten worden gestimuleerd op EU-niveau, en of er behoefte is aan een wettelijk kader voor deze praktijken;

Motivering

Met crowdfunding kan een grotere groep van kleinere investeerders investeren in projecten en kleine bedrijven, normaal gesproken via internetsites. In de Verenigde Staten is de Jumpstart Our Business Startups Act, of JOBS Act, aangenomen om het financieren van kleine bedrijven aan te moedigen en om een wettelijk kader voor crowdfunding te bieden, waarbij het beschermen van de investeerder wordt afgewogen tegen het bevorderen van economische groei.

Amendement  20

Voorstel voor een verordening

Overweging 13

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(13) Het Enterprise Europe Network heeft zijn toegevoegde waarde voor Europese kmo's als centraal aanspreekpunt inzake bedrijfsondersteuning bewezen door ondernemingen te helpen hun concurrentievermogen te versterken en op de eengemaakte markt en daarbuiten geboden mogelijkheden te benutten. Methoden, werkwijzen en voorwaarden met een Europese dimensie rond bedrijfsondersteunende diensten kunnen alleen op EU-niveau worden gestroomlijnd. Het EEN heeft kmo's met name geholpen om bedrijfspartners te vinden voor samenwerking of technologieoverdracht en advies gegeven over financieringsbronnen en intellectuele eigendom en over eco-innovatie en duurzame productie. Het heeft ook feedback gevraagd over de wetgeving en normen van de Unie. De unieke expertise van het netwerk is vooral belangrijk om een ongelijke informatieverspreiding te vermijden en om de met grensoverschrijdende transacties gepaard gaande transactiekosten te verlagen.

(13) Het Enterprise Europe Network ("het netwerk") heeft zijn toegevoegde waarde voor Europese kmo's als centraal aanspreekpunt inzake bedrijfsondersteunde diensten bewezen door ondernemingen te helpen hun concurrentievermogen te versterken en op de interne markt en in derde landen geboden mogelijkheden te benutten. Methoden, werkwijzen en voorwaarden met een Europese dimensie rond bedrijfsondersteunende diensten kunnen alleen op EU-niveau worden gestroomlijnd. Het EEN heeft kmo's met name geholpen om op de interne markt en in derde landen bedrijfspartners te vinden voor samenwerking of technologieoverdracht en advies gegeven over financieringsbronnen en intellectuele eigendom en over eco-innovatie en duurzame productie. Het heeft ook feedback gevraagd over de wetgeving en normen van de Unie. De unieke expertise van het netwerk is vooral belangrijk om een ongelijke informatieverspreiding te vermijden en om de met grensoverschrijdende transacties gepaard gaande transactiekosten te verlagen. De prestaties van het netwerk moeten evenwel verder worden geoptimaliseerd, in het bijzonder ten aanzien van de mate waarin kmo's van de aangeboden diensten gebruik maken, met name door een nauwere samenwerking tussen het netwerk en de nationale aanspreekpunten van Horizon 2020, door de internationaliserings- en innovatiediensten verder te integreren, door de samenwerking van het netwerk met andere belanghebbenden en reeds bestaande ondersteuningsstructuren te bevorderen, door uitgebreidere raadpleging van ontvangende organisaties, minder bureaucreatie, betere IT-ondersteuning en verbetering van het profiel en de geografische dekkingsgraad van het netwerk. Met het oog op verdere verbetering van de prestaties van het netwerk dient de Commissie de verschillende toezichtstructuren in de EU te inventariseren en de samenwerking tussen het netwerk en de relevante partijen, zoals vertegenwoordigende organisaties van kmo's en innovatieagentschappen, te faciliteren. De taken van het netwerk moeten worden vastgelegd in het programma, waaronder diensten op het gebied van informatie, feedback, samenwerking tussen bedrijven en internationalisering op de interne markt en in derde landen, innovatiediensten en diensten die de deelname van kmo's aan Horizon 2020 aanmoedigen, uitgaande van de succesvolle ervaringen met het zevende kaderprogramma.

Amendement  21

Voorstel voor een verordening

Overweging 14

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(14) De beperkte internationalisering van kmo's binnen en buiten Europa beïnvloedt hun concurrentievermogen. Volgens schattingen doet momenteel 25% van de kmo's in de Unie aan export of heeft dat in de afgelopen drie jaar gedaan, waarbij slechts 13% daarvan regelmatig buiten de Unie exporteert en slechts 2% in het buitenland heeft geïnvesteerd. In overeenstemming met de Small Business Act, die de Unie en de lidstaten ertoe aanzette om kmo's te ondersteunen en aan te moedigen om van de groeiende markten buiten de Unie te profiteren, ondersteunt de EU een netwerk van Europese bedrijfstakorganisaties op meer dan twintig buitenlandse markten. Het verleent financiële steun aan het Centrum voor industriële samenwerking EU-Japan, bedrijfsorganisaties in Hong Kong, Maleisië en Singapore en aan het Europees bedrijfs- en technologiecentrum in India, EU-kmo-centra in China en Thailand en de China IPR SME Helpdesk. De Europese toegevoegde waarde wordt gecreëerd door de nationale inspanningen op dit vlak te bundelen, overlappingen te vermijden, samenwerking te bevorderen en diensten aan te bieden die niet over de nodige kritische massa zouden beschikken als zij op nationaal niveau werden aangeboden.

(14) De beperkte internationalisering van kmo's binnen en buiten Europa beïnvloedt hun concurrentievermogen. Volgens schattingen doet momenteel 25% van de kmo's in de Unie aan export of heeft dat in de afgelopen drie jaar gedaan, waarbij slechts 13% daarvan regelmatig buiten de Unie exporteert en slechts 2% in het buitenland heeft geïnvesteerd. Daarnaast laat het Eurobarometer-onderzoek van 2012 het onbenutte groeipotentieel van kmo's op groene markten zien, zowel binnen als buiten de Unie, in termen van internationalisering en toegang tot overheidsopdrachten. In overeenstemming met de Small Business Act, die de Unie en de lidstaten ertoe aanzette om kmo's te ondersteunen en aan te moedigen om van de groeiende markten buiten de Unie te profiteren, ondersteunt de EU een netwerk van Europese bedrijfstakorganisaties op meer dan twintig buitenlandse markten. Het verleent financiële steun aan het Centrum voor industriële samenwerking EU-Japan, bedrijfsorganisaties in Hong Kong, Maleisië en Singapore en aan het Europees bedrijfs- en technologiecentrum in India, EU-kmo-centra in China en Thailand en de China IPR SME Helpdesk. De Europese toegevoegde waarde wordt gecreëerd door de nationale inspanningen op dit vlak te bundelen, overlappingen te vermijden, samenwerking te bevorderen en diensten aan te bieden die niet over de nodige kritische massa zouden beschikken als zij op nationaal niveau werden aangeboden. Dergelijke diensten dienen onder meer te bestaan uit voorlichting over intellectuele eigendomsrechten, normen en de regelgeving en kansen op het gebied van openbare aanbestedingen.

Amendement  22

Voorstel voor een verordening

Overweging 15

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(15) Om het concurrentievermogen van Europese ondernemingen, vooral kmo's, te verbeteren, moeten de lidstaten en de Commissie een gunstig ondernemingsklimaat creëren. Er moet vooral aandacht worden besteed aan de belangen van de kmo's en de sectoren waarin zij het meest actief zijn. Er moeten initiatieven op het niveau van de Unie worden genomen om gelijke concurrentievoorwaarden voor kmo's te ontwikkelen en om informatie en kennis op Europese schaal uit te wisselen.

(15) Om het concurrentievermogen van Europese ondernemingen, vooral kmo's, te verbeteren, moeten de lidstaten en de Commissie een gunstig ondernemingsklimaat creëren, overeenkomstig de beginselen van de Small Business Act, en dan met name het beginsel "Denk eerst klein". Er moeten initiatieven op het niveau van de Unie worden genomen om gelijke concurrentievoorwaarden voor kmo's te ontwikkelen en om informatie en kennis op Europese schaal uit te wisselen. De Commissie moet de relevante belanghebbenden raadplegen, waaronder de belangenorganisaties van kmo's.

Amendement  23

Voorstel voor een verordening

Overweging 15 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(15 bis) Het programma moet ook beleidsontwikkeling voor kmo's en de samenwerking tussen beleidsmakers en de vertegenwoordigende organisaties van kmo's ondersteunen. Deze activiteiten dienen gericht te zijn op een gemakkelijkere toegang van kmo's tot programma's en op globale vermindering van de administratieve lasten, met name wanneer zij een gevolg zijn van regelgeving. Het probleem moet worden aangepakt als een proces met een brede raadpleging van kmo's en relevante deskundigengroepen, om vereenvoudiging en een betere regelgeving te stimuleren en te zorgen voor gelijke randvoorwaarden op de interne markt en overeenstemming met de andere doelstellingen van het overheidsbeleid. De bestaande structuren, zoals het Europees netwerk van mkb-gezanten (SME Envoy), moeten maximaal worden benut. Het COSME-programma moet een bijdrage leveren aan het halen van deze doelstellingen en aan het streven van de Unie naar het opzetten van een scorebord dat regelmatig informatie geeft over de vermindering van de administratieve lasten. Het scorebord moet het effect meten van de relevante EU-regelgeving op de randvoorwaarden voor ondernemingen, met name kmo's. Deze maatregel moet deel uitmaken van de bredere strategie van de Commissie die erop gericht is de administratieve lasten meetbaar, aan de hand van passende indicatoren en een geschikte methodologie, terug te dringen.

Amendement  24

Voorstel voor een verordening

Overweging 15 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(15 ter) Er moet een gunstig ondernemingsklimaat voor EU-ondernemingen worden geschapen door middel van maatregelen ter verbetering van het ontwerp, de uitvoering en de evaluatie van beleid en maatregelen ter stimulering van samenwerking in beleidsvorming en de uitwisseling van goede praktijken. Dergelijke maatregelen kunnen studies, effectbeoordelingen, evaluaties en conferenties omvatten.

(Zie artikel 6, lid 2 bis, onder b)

Amendement  25

Voorstel voor een verordening

Overweging 15 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(15 quater) Om het concurrentievermogen van Europese ondernemingen verder te verbeteren, dient de Europese aanbestedingsmarkt makkelijk toegankelijk te zijn voor kmo's. Om zowel kostenbesparingen als meer deelname van kmo's te realiseren, moet het gebruik van elektronische aanbestedingen worden aangemoedigd in overeenstemming met de mededeling van de Commissie "Een strategie voor e-aanbesteding"1 en de richtlijn inzake overheidsopdrachten2.

 

_______________

 

1 COM(2012)0179.

 

2 COM(2011)0896.

Amendement  26

Voorstel voor een verordening

Overweging 15 quinquies (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(15 quinquies) De juiste uitvoering en handhaving van en controle op de regeling voor alternatieve beslechting van consumentengeschillen door de Commissie en de lidstaten zou het oplossen van conflicten sneller, goedkoper en minder bureaucratisch maken voor zowel consumenten als handelaren, en kmo's dus aanmoedigen volwaardigere deelnemers aan de interne markt te worden en hun concurrentievermogen te vergroten.

Amendement 27

Voorstel voor een verordening

Overweging 15 sexies (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(15 sexies) Daar elektronische identificatie een belangrijk element in de Europese handel is, moet de wederzijdse erkenning en interoperabiliteit van e-identificatie, elektronische authentificatie, elektronische handtekeningen en Private Key Infrastructure (PKI) worden gestimuleerd om deze hulpmiddelen efficiënt te kunnen gebruiken.

Motivering

Deze maatregelen in het kader van de elektronische overheid zijn met name gunstig voor kmo's die bij grensoverschrijdende handel op grote problemen stuiten.

Amendement  28

Voorstel voor een verordening

Overweging 15 septies (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(15 septies) Het programma kan ook initiatieven voor een versnelde groei van het aantal concurrerende en duurzame bedrijfstakken ondersteunen, gebaseerd op de meest concurrerende bedrijfsmodellen, verbeterde producten en processen, organisatiestructuren of gewijzigde waardeketens. Het programma moet weliswaar gericht zijn op sectoroverschrijdende initiatieven, maar kan ook sectorspecifieke initiatieven ondersteunen in sectoren waar kmo's het actiefst zijn en die een aanzienlijke bijdrage leveren aan het bbp van de EU, zoals toerisme, waar de toegevoegde waarde voor de EU kan worden aangetoond.

(Zie het amendement op artikel 6, lid 3)

Amendement  29

Voorstel voor een verordening

Overweging 15 octies (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(15 octies) Volgens de mededeling van de Commissie "De voordelen van elektronische facturering voor Europa benutten"1 is e-facturatie voor Europese bedrijven de sleutel tot lagere facturatiekosten en meer efficiëntie. E-facturatie heeft ook nog andere voordelen zoals meer efficiëntie, kortere betalingstermijnen, minder fouten, betere btw-inning en lagere kosten.

 

_______________

 

1 COM(2010)0712.

Amendement  30

Voorstel voor een verordening

Overweging 16

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(16) Nog een factor die het concurrentievermogen beïnvloedt, is de vrij zwakke ondernemingszin in de Unie. Slechts 45% van de EU-burgers (en minder dan 40% van de vrouwen) zou graag als zelfstandige werken, vergeleken met 55% van de bevolking in de VS en 71% in China. Voorbeeld- en katalysatorfuncties, zoals Europese prijzen en conferenties, en maatregelen die de coherentie en consistentie versterken, zoals benchmarking en uitwisseling van beste praktijken, leveren een grote Europese toegevoegde waarde op.

(16) Nog een factor die het concurrentievermogen beïnvloedt, is de vrij zwakke ondernemingszin in de Unie. Slechts 45% van de EU-burgers (en minder dan 40% van de vrouwen) zou graag als zelfstandige werken, vergeleken met 55% van de bevolking in de VS en 71% in China. Volgens de Small Business Act moet een goed ondernemingsklimaat voorzien in goede raamvoorwaarden voor alle situaties waarmee ondernemers worden geconfronteerd, waaronder start, groei, overdracht en faillissement (tweede kans). Maatregelen die de coherentie en consistentie versterken, zoals benchmarking en uitwisseling van beste praktijken, leveren een grote Europese toegevoegde waarde op.

(Zie het amendement op artikel 7)

Amendement  31

Voorstel voor een verordening

Overweging 16 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(16 bis) De toegang tot markten voor overheidsopdrachten wordt kmo's vaak onmogelijk gemaakt door buitensporige administratieve lasten bij aanbestedingen. De Commissie en de lidstaten moeten deze eisen vereenvoudigen om het concurrentievermogen een impuls te geven en gelijke voorwaarden te creëren voor kmo's.

Amendement  32

Voorstel voor een verordening

Overweging 17

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(17) Wereldwijde concurrentie, demografische veranderingen, beperkte hulpbronnen en nieuwe maatschappelijke tendensen creëren voor sommige sectoren uitdagingen en kansen. Bijvoorbeeld ontwerpgebaseerde sectoren die voor wereldwijde uitdagingen staan en gekenmerkt worden door een hoog percentage van kmo's, moeten zich aanpassen om de voordelen te grijpen en het onbenutte potentieel aan te boren van de grote vraag naar gepersonaliseerde, inclusieve producten. Omdat deze uitdagingen gelden voor alle kmo's in de Unie in deze sectoren, is een gezamenlijke inspanning op het niveau van de Unie noodzakelijk.

(17) Wereldwijde concurrentie, demografische veranderingen, beperkte hulpbronnen en nieuwe maatschappelijke tendensen creëren uitdagingen en kansen voor vele sectoren die voor wereldwijde uitdagingen staan en gekenmerkt worden door een hoog percentage van kmo's. Bijvoorbeeld ontwerpgebaseerde sectoren moeten zich aanpassen om te profiteren van het onbenutte potentieel van de grote vraag naar gepersonaliseerde, inclusieve producten. Ontwerpgebaseerde consumptiegoederen vertegenwoordigen een belangrijke economische sector in de Unie en ondernemingen op dat gebied dragen aanzienlijk bij aan groei en nieuwe banen. Omdat deze uitdagingen gelden voor alle kmo's in de Unie in deze sectoren, is een gezamenlijke inspanning op het niveau van de Unie noodzakelijk om extra groei te bewerkstelligen.

Motivering

Ontwerpgebaseerde consumptiegoederen vertegenwoordigen een belangrijke economische sector in de Unie en ondernemingen op dat gebied dragen aanzienlijk bij aan groei en nieuwe banen. Daarom moet het programma ondernemingen in deze sector steunen, die tegelijkertijd wordt gekenmerkt door een groot aandeel kmo's.

Amendement  33

Voorstel voor een verordening

Overweging 17 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(17 bis) Het programma moet ook specifieke activiteiten steunen om het Small Business Act-initiatief uit te voeren, waardoor bij kmo's een groter bewustzijn van milieu- en energieproblemen wordt gecreëerd, en om hen bij te staan bij het uitvoeren van wetgeving, bij het beoordelen van hun milieu- en energieprestaties en bij het verbeteren van hun vaardigheden en kwalificaties.

Motivering

Beginsel 9 uit de Small Business Act (SBA): "Het mkb in staat stellen in te spelen op uitdagingen op milieugebied."

Amendement  34

Voorstel voor een verordening

Overweging 18

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(18) Zoals beschreven in de Mededeling van de Commissie van 30 juni 2010 "Europa, toeristische topbestemming in de wereld – een nieuw beleidskader voor het toerisme in Europa", die bekrachtigd werd in de conclusies van de Europese Raad in oktober 2010, is toerisme een belangrijke sector van de Europese economie. Ondernemingen in deze sector leveren een aanzienlijke bijdrage aan het bruto binnenlands product (bbp) en de schepping van nieuwe banen de Unie en hebben een groot potentieel voor de ontwikkeling van ondernemingsactiviteiten, omdat deze sector voornamelijk uit kmo's bestaat. Het Verdrag van Lissabon erkent het belang van toerisme en stelt de specifieke bevoegdheden van de Unie vast die op dit gebied de maatregelen van de lidstaten moeten aanvullen. Er is een duidelijke toegevoegde waarde voor het toerisme-initiatief op het niveau van de Unie, vooral door de beschikbaarstelling van gegevens en analyses, door transnationale promotiestrategieën te ontwikkelen en beste praktijken uit te wisselen.

(18) Zoals beschreven in de Mededeling van de Commissie van 30 juni 2010 "Europa, toeristische topbestemming in de wereld – een nieuw beleidskader voor het toerisme in Europa", die bekrachtigd werd in de conclusies van de Europese Raad in oktober 2010, is toerisme een belangrijke sector van de Europese economie. Ondernemingen in deze sector leveren een aanzienlijke bijdrage aan het bruto binnenlands product (bbp) en de schepping van nieuwe banen de Unie en hebben een groot potentieel voor de ontwikkeling van ondernemingsactiviteiten, omdat deze sector voornamelijk uit kmo's bestaat. Het Verdrag van Lissabon erkent het belang van toerisme en stelt de specifieke bevoegdheden van de Unie vast die op dit gebied de maatregelen van de lidstaten moeten aanvullen. Het programma moet steun verlenen aan initiatieven met een duidelijke Europese toegevoegde waarde op het gebied van toerisme – dat 10% van het bbp van de Unie en 12% van de totale werkgelegenheid uitmaakt - vooral door gegevens en analyses beschikbaar te stellen, een gemeenschappelijke benadering inzake kwalitatief hoogwaardige dienstverlening te ontwikkelen en de transnationale samenwerking en de uitwisseling van goede praktijken te ondersteunen.

Amendement  35

Voorstel voor een verordening

Overweging 18 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(18 bis) Naast de maatregelen die vallen onder het werkprogramma, moet de Commissie regelmatig ondersteunende maatregelen goedkeuren waarmee de concurrentiekracht van EU-ondernemingen wordt gestimuleerd. Behalve uit beleidsanalyse en ‑ontwikkeling, dienen dergelijke maatregelen met name te bestaan uit effectbeoordelingen van EU-maatregelen die van bijzonder belang zijn voor de concurrentiekracht van bedrijven, in het bijzonder kmo's. Effectbeoordelingen moeten betrekking hebben op het effect van een beleidsvoorstel op de concurrentiekracht van ondernemingen door de gevolgen hiervan op de ondernemingskosten, op het vermogen van de betrokken sectoren te innoveren en op hun internationale concurrentiekracht ("concurrentievermogenstest"). Effectbeoordelingen dienen ook een aparte sectie over kmo's te omvatten, bestaande uit een eerste beoordeling van ondernemingen die waarschijnlijk effecten zullen ondervinden, metingen van het effect op kmo's (kosten/batenanalyses) en in voorkomend geval, verzachtende maatregelen ("kmo-test"). In de kmo-test moet bijzondere aandacht worden geschonken aan micro-ondernemingen.

(Zie het amendement op artikel 11, lid 1, onder c))

Amendement  36

Voorstel voor een verordening

Overweging 18 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(18 ter) De Unie is de toeristische topbestemming in de wereld wat het aantal internationale aankomsten betreft en het is noodzakelijk deze toppositie verder te versterken door de uitdagingen aan te pakken die voortvloeien uit enerzijds een grotere mondiale concurrentie en een markt met een continu fluctuerende vraag en anderzijds de noodzaak om meer en permanentere duurzaamheid te waarborgen.

Motivering

Zie boven.

Amendement  37

Voorstel voor een verordening

Overweging 19

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(19) Het programma moet maatregelen aangeven voor de doelstellingen, de benodigde financiële middelen om deze doelstellingen te bereiken; verschillende soorten uitvoeringsmaatregelen en de regelingen voor monitoring en evaluatie en voor de bescherming van de financiële belangen van de Unie.

(19) Het programma moet maatregelen aangeven voor de doelstellingen, de benodigde financiële middelen om deze doelstellingen te bereiken; verschillende soorten uitvoeringsmaatregelen en de transparante regelingen voor monitoring en evaluatie en voor de bescherming van de financiële belangen van de Unie.

Amendement  38

Voorstel voor een verordening

Overweging 20

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(20) Het programma moet een aanvulling zijn op andere programma's van de Unie en tegelijk erkennen dat elk instrument volgens zijn eigen specifieke procedures moet werken. Dezelfde subsidiabele kosten mogen dus geen twee keer gefinancierd worden. Teneinde toegevoegde waarde en een aanzienlijke impact van de EU-financiering te bereiken, moeten nauwe synergieën tussen het programma, andere programma's van de Unie en de structuurfondsen worden ontwikkeld.

(20) Het programma moet een aanvulling zijn op andere programma's van de Unie en tegelijk erkennen dat elk instrument volgens zijn eigen specifieke procedures moet werken. Dezelfde subsidiabele kosten mogen dus geen twee keer gefinancierd worden. Teneinde toegevoegde waarde en een aanzienlijke impact van de EU-financiering te bereiken, moeten nauwe synergieën tussen het programma, andere programma's van de Unie, met name Horizon 2020, en de structuurfondsen worden ontwikkeld. Voor deze synergieën kan ook worden teruggegrepen op de nationale en regionale bottom-up-ervaringen met Eureka en Eurostars bij het ondersteunen van mkb-innovatie en onderzoeksactiviteiten.

Amendement  39

Voorstel voor een verordening

Overweging 20 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(20 bis) Het is belangrijk de impact van het programma middels het mobiliseren, samenvoegen en via een hefboom vergroten van openbare en particuliere financieringsbronnen te maximaliseren.

Amendement  40

Voorstel voor een verordening

Overweging 21 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(21 bis) De besluiten om een kmo financiële steun toe te kennen, moeten worden voorafgegaan door een transparant proces. Het toekennen en uitbetalen van deze steun moet transparant, onbureaucratisch en in overeenstemming met gemeenschappelijke regels zijn.

Amendement  41

Voorstel voor een verordening

Overweging 21 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(21 ter) Het programma moet erop gericht zijn de toegang tot technische, wetenschappelijke, zakelijke en ondersteunende netwerken te vereenvoudigen en moet passende begeleiding bieden op het gebied van scholing en steun- en begeleidingsprogramma's voor iedereen die een kleine of middelgrote onderneming wil opzetten, met name jongeren en vrouwen, zodat zij ondernemersvaardigheden kunnen ontwikkelen en kennis, enthousiasme en vertrouwen kunnen opbouwen.

Amendement  42

Voorstel voor een verordening

Overweging 23 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(23 bis) Het programma moet zorgen voor een zo groot mogelijke transparantie, verantwoordingsplicht en democratische toetsing van de innovatieve financieringsinstrumenten en ‑mechanismen waarbij de EU-begroting betrokken is, in het bijzonder voor wat betreft hun verwachte en werkelijke bijdrage tot de verwezenlijking van de doelstellingen van de Unie.

Amendement  43

Voorstel voor een verordening

Overweging 24

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(24) De Overeenkomst inzake de Europese Economische Ruimte en de protocollen bij associatieovereenkomsten bepalen dat de landen die betrokken zijn bij de programma's van de Unie kunnen deelnemen. Ook andere derde landen moeten kunnen deelnemen als overeenkomsten en procedures daarin voorzien.

(24) De Overeenkomst inzake de Europese Economische Ruimte en de protocollen bij associatieovereenkomsten bepalen dat de landen die betrokken zijn bij de programma's van de Unie kunnen deelnemen. Ook andere derde landen moeten kunnen deelnemen als overeenkomsten en procedures daarin voorzien. Ook in derde landen gevestigde entiteiten moeten aan het programma kunnen deelnemen, maar zij mogen in principe geen financiële bijdragen van de Unie ontvangen.

Amendement  44

Voorstel voor een verordening

Overweging 24 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(24 bis) Het is belangrijk ervoor te zorgen dat het programma financieel goed wordt beheerd en zo doeltreffend en gebruikersvriendelijk mogelijk wordt uitgevoerd, en tevens zorg te dragen voor rechtszekerheid en de toegankelijkheid van het programma voor alle deelnemers.

Amendement  45

Voorstel voor een verordening

Overweging 25

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(25) Het programma moet gemonitord en geëvalueerd worden om aanpassingen mogelijk te maken.

(25) Het programma moet gemonitord en geëvalueerd worden om aanpassingen mogelijk te maken. Er moet jaarlijks een verslag over de uitvoering worden opgesteld, waarin de geboekte vooruitgang en de geplande activiteiten worden behandeld. Het verslag moet worden voorgelegd aan de bevoegde commissie van het Europees Parlement.

Amendement  46

Voorstel voor een verordening

Overweging 25 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(25 bis) De uitvoering van het programma moet jaarlijks met behulp van kernindicatoren voor de beoordeling van resultaten en effecten gecontroleerd worden. Deze indicatoren, met inbegrip van relevante ijkpunten, moeten een minimale basis opleveren om te kunnen beoordelen in hoeverre de doelstellingen van het programma zijn gehaald.

Amendement  47

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Artikel 1 bis

 

Definitie

 

Voor de toepassing van deze verordening worden onder "kmo's" kleine, middelgrote en micro-ondernemingen verstaan, als omschreven in Aanbeveling 2003/361/EG van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen1.

 

_______________

 

1 PB L 124 van 20.5.2003, blz. 36.

Amendement  48

Voorstel voor een verordening

Artikel 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Het programma draagt bij aan de volgende algemene doelstellingen, waarbij bijzondere aandacht wordt besteed aan de specifieke behoeften van kmo's op Europees en wereldniveau.

1. Het programma draagt bij aan de volgende algemene doelstellingen, waarbij bijzondere aandacht wordt besteed aan de specifieke behoeften van Europese kmo's:

a) versterking van het concurrentievermogen en de duurzaamheid van de EU-ondernemingen, onder meer in de toeristische sector;

a) versterking van het concurrentievermogen en de duurzaamheid van de EU-ondernemingen, in het bijzonder van kmo's;

b) aanmoediging van een ondernemerscultuur en bevordering van de oprichting en de groei van kmo's.

b) aanmoediging van een ondernemerscultuur en bevordering van de oprichting en de groei van kmo's.

2. De verwezenlijking van de in lid 1 genoemde doelstellingen wordt gemeten met de volgende indicatoren:

2. De verwezenlijking van de in lid 1 genoemde doelstellingen wordt gemeten met de volgende indicatoren:

a) het groeipercentage van de industriële sector van de Unie in verhouding tot de totale stijging van het bruto binnenlands product (bbp);

a) het groeipercentage van de industriële en dienstverlenende sector van de Unie in verhouding tot de totale stijging van het bruto binnenlands product (bbp);

 

a bis) de veranderingen in de administratieve lasten voor zowel nieuwe als reeds bestaande kmo's;

b) de groei van de industriële productie in de Unie in eco-ondernemingen;

b) de kmo-groei op het gebied van toegevoegde waarde, onder meer in eco-ondernemingen;

 

b bis) de veranderingen in het kmo-werkgelegenheidspercentage;

c) de veranderingen in de administratieve belasting voor kmo's;

c) de veranderingen in het percentage burgers die zelfstandig ondernemer willen zijn.

d) kmo-groei op het gebied van toegevoegde waarde en aantal werknemers;

 

e) en kmo-omlooptijd.

 

 

2 bis. De meet- en prestatiedoelen voor de in lid 2 vermelde indicatoren worden in bijlage I nader uiteengezet.

3. Het programma ondersteunt de uitvoering van de Europa 2020-strategie en draagt bij aan het bereiken van de doelstelling van een "slimme, duurzame en inclusieve groei". In het bijzonder draagt het programma bij aan de hoofddoelstelling inzake werkgelegenheid.

3. Het programma ondersteunt de uitvoering van de Europa 2020-strategie en draagt bij aan het bereiken van de doelstelling van een "slimme, duurzame en inclusieve groei". In het bijzonder draagt het programma bij aan de hoofddoelstelling inzake werkgelegenheid.

Amendement  49

Voorstel voor een verordening

Artikel 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De specifieke doelstellingen van het programma zijn:

1. De specifieke doelstellingen van het programma zijn:

a) verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid van de ondernemingen in de Unie, waaronder in de toeristische sector;

a) verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid van de ondernemingen in de Unie, met name kmo's, waaronder in de toeristische sector;

 

a bis) verbetering van de toegang voor kmo's tot financiering in de vorm van eigen vermogen en schuld;

b) bevordering van ondernemerschap, waaronder bij specifieke doelgroepen;

b) bevordering van ondernemerschap en een ondernemerscultuur, waaronder bij specifieke doelgroepen;

c) verbetering van de toegang voor kmo's tot financiering in de vorm van eigen vermogen en schuld;

 

d) verbetering van de toegang tot markten binnen de Unie en wereldwijd.

d) verbetering van de toegang tot markten binnen de Unie, maar ook op mondiaal niveau.

 

1 bis. De acties die vallen onder de specifieke doelstellingen dragen bij tot de toepassing van het beginsel "Denk eerst klein", zoals opgenomen in de mededeling van de Commissie van 25 juni 2008 getiteld "Een Small Business Act voor Europa".

2. De noodzakelijke aanpassing van ondernemingen aan een koolstofarme, klimaatbestendige, energie- en hulpbronnenefficiënte economie wordt bij de uitvoering van het programma bevorderd.

2. De noodzakelijke aanpassing van ondernemingen aan een koolstofarme, klimaatbestendige, energie- en hulpbronnenefficiënte economie wordt bij de uitvoering van het programma bevorderd.

3. Om de impact van het programma te meten ten aanzien van het bereiken van de specifieke doelstellingen waarnaar in lid 1 wordt verwezen, worden prestatie-indicatoren gebruikt. Die indicatoren zijn uiteengezet in bijlage I.

3. Om de impact van het programma te meten ten aanzien van het bereiken van de specifieke doelstellingen waarnaar in lid 1 wordt verwezen, worden prestatie-indicatoren gebruikt. Die indicatoren zijn uiteengezet in bijlage I.

Amendement  50

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Het financiële kader voor de uitvoering van het programma bedraagt 2,522 miljard euro, waarvan ongeveer 1,4 miljard euro aan financiële instrumenten zal worden toegewezen.

1. Het financiële kader voor de uitvoering van het programma bedraagt [2,522 miljard euro], waarvan ten minste 60% aan financiële instrumenten zal worden toegewezen. De Commissie kan door middel van gedelegeerde handelingen besluiten het aan financiële instrumenten toegewezen percentage te verhogen indien er aanzienlijke verstoringen van het evenwicht tussen vraag en aanbod optreden of bijkomende middelen uit andere bronnen beschikbaar komen.

Amendement  51

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Het financiële kader, dat wordt vastgesteld in het kader van deze verordening, kan ook de kosten dekken met betrekking tot activiteiten in verband met voorbereiding, monitoring, controle, audits en evaluaties die vereist zijn voor het beheer van het programma en het verwezenlijken van de doelstellingen; in het bijzonder studies, vergaderingen van deskundigen, informatie- en communicatieacties, met inbegrip van bekendmaking van de beleidsprioriteiten van de Unie voor zover deze verband houden met de algemene doelstellingen van de verordening, kosten die gepaard gaan met de IT-netwerken die gericht zijn op informatieverwerking en -uitwisseling, samen met alle andere kosten voor technische en administratieve bijstand die de Commissie maakt voor het beheer van het programma.

2. Het financiële kader, dat wordt vastgesteld in het kader van deze verordening, kan ook de kosten dekken met betrekking tot activiteiten in verband met voorbereiding, monitoring, controle, audits en evaluaties die vereist zijn voor het beheer van het programma en het verwezenlijken van de doelstellingen, in het bijzonder:

 

- studies,

 

- vergaderingen van deskundigen,

 

- informatie- en communicatieacties, met inbegrip van bekendmaking van de beleidsprioriteiten van de Unie voor zover deze verband houden met de algemene doelstellingen van de verordening,

 

- kosten die gepaard gaan met de IT-netwerken die gericht zijn op informatieverwerking en -uitwisseling,

 

- andere kosten van technische en administratieve bijstand die de Commissie maakt voor het beheer van het programma. Deze kosten mogen niet meer bedragen dan 5% van het totale financiële kader.

Amendement  52

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1 – letter -a (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

-a) de landen en gebieden overzee als bedoeld in Besluit 2001/822/EG van de Raad van 27 november 2001 betreffende de associatie van de landen en gebieden overzee met de Europese Gemeenschap1;

 

_______________

 

1 PB L 314 van 30.11.2001, blz. 1.

Amendement  53

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Organisaties die zijn opgericht in de landen waarnaar wordt verwezen in lid 1, ingeval de voorwaarden in dat lid niet vervuld zijn of wanneer die landen besluiten niet deel te nemen aan het programma, of organisaties die zijn opgericht in andere derde landen, kunnen deelnemen aan acties in het kader van deze verordening.

2. Een organisatie die in een in lid 1 bedoeld land is gevestigd, kan aan delen van het programma deelnemen als dat land deelneemt onder de voorwaarden van de in lid 1 beschreven respectieve overeenkomsten.

Amendement  54

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Dergelijke organisaties hebben geen recht op financiële bijdragen van de Unie, tenzij dit onontbeerlijk is voor het programma, met name op het gebied van concurrentievermogen en markttoegang voor EU-ondernemingen. Deze uitzondering geldt niet voor organisaties die winst maken.

Schrappen

(Zie artikel 5 bis (nieuw))

Amendement  55

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Artikel 5 bis

 

Deelname van organisaties uit niet-deelnemende landen

 

1. Organisaties die zijn opgericht in een in artikel 5 bedoeld land, kunnen deelnemen aan delen van het programma waaraan dat land niet deelneemt. Ook organisaties die in andere derde landen zijn opgericht, kunnen deelnemen aan acties in het kader van het programma.

 

2. De in lid 1 bedoelde organisaties hebben geen recht op financiële bijdragen van de Unie, tenzij dit essentieel is voor het programma, met name op het gebied van concurrentievermogen en markttoegang voor EU-ondernemingen. Deze uitzondering geldt niet voor organisaties met winstoogmerk.

(Zie artikel 5, lid 2)

Amendement  56

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – titel

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Acties ter verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid van EU-ondernemingen

Acties ter verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid van EU-ondernemingen, met name kmo's

Amendement  57

Voorstel voor een verordening

Artikel 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De Commissie ondersteunt acties ter verbetering en versterking van het concurrentievermogen en de duurzaamheid van EU-ondernemingen, in het bijzonder kmo's, om de doeltreffendheid, coherentie en consistentie van nationale beleidsprogramma's ter bevordering van het concurrentievermogen, de duurzaamheid en de groei van ondernemingen in Europa te verbeteren.

1. De Commissie ondersteunt acties ter verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid van EU-ondernemingen, in het bijzonder kmo's, om de doeltreffendheid, coherentie en consistentie van nationale beleidsprogramma's ter bevordering van het concurrentievermogen, de duurzaamheid en de groei van ondernemingen in Europa te verbeteren, waarbij bijzondere aandacht wordt besteed aan ondernemingen met een groot groeipotentieel.

2. De Commissie kan acties ondersteunen die bedoeld zijn om nieuwe concurrentievermogenstrategieën te ontwikkelen. Dergelijke acties kunnen het volgende omvatten:

2. De Commissie kan acties ondersteunen die bedoeld zijn om nieuwe strategieën op het gebied van concurrentievermogen en bedrijfsontwikkeling te ontwikkelen. Dergelijke acties kunnen het volgende omvatten:

a) maatregelen om het ontwerp, de uitvoering en de evaluatie van beleid met betrekking tot concurrentievermogen en duurzaamheid van ondernemingen, met inbegrip van weerbaarheid ten aanzien van rampen, te verbeteren en om de ontwikkeling van passende infrastructuren, clusters van wereldklasse en zakelijke netwerken, raamvoorwaarden en de ontwikkeling van duurzame producten, diensten en processen te waarborgen;

a) maatregelen om het ontwerp, de uitvoering en de evaluatie van beleid met betrekking tot concurrentievermogen en duurzaamheid van ondernemingen te verbeteren en om bedrijfsnetwerken, de transnationale exploitatie en samenwerking van clusters en de ontwikkeling van duurzame producten, technologieën, diensten en processen te ondersteunen;

 

a bis) maatregelen ter verbetering van de raamvoorwaarden voor ondernemingen, in het bijzonder door vermindering van de administratieve lasten. Het kan daarbij o.a. gaan om:

 

- steun voor het opzetten van een scorebord dat regelmatig het effect meet van de relevante EU-regelgeving op de randvoorwaarden voor ondernemingen, met name kmo's,

 

- instelling van of steun voor een onafhankelijke deskundigengroep die de Commissie moet adviseren over vermindering van de administratieve lasten en vereenvoudiging van de wetgeving van de Unie,

 

- informatie en uitwisseling van beste praktijken met betrekking tot de systematische uitvoering van de kmo-test bij de omzetting van EU-wetgeving in nationaal recht;

b) maatregelen om de samenwerking bij de beleidsvorming en de uitwisseling van goede praktijken tussen de lidstaten, andere landen die aan het programma deelnemen en de belangrijkste concurrenten van de Unie aan te moedigen, en om de internationale aspecten van het beleid inzake concurrentievermogen aan te pakken.

b) maatregelen om de samenwerking bij de beleidsvorming en de uitwisseling van goede praktijken tussen de lidstaten, andere landen die aan het programma deelnemen en de belangrijkste mondiale handelspartners van de Unie aan te moedigen, en om de internationale aspecten van het beleid inzake concurrentievermogen aan te pakken.

c) ondersteuning voor de ontwikkeling van een kmo-beleid en samenwerking tussen beleidmakers, voornamelijk met het oog op een betere toegankelijkheid van programma's en maatregelen voor kmo's.

c) ondersteuning voor de ontwikkeling van een empirisch onderbouwd kmo-beleid en samenwerking tussen beleidmakers en met belangenorganisaties van kmo's, voornamelijk met het oog op een betere toegankelijkheid van programma's op Unie-, nationaal en regionaal niveau, met inbegrip van Horizon 2020 en de structuurfondsen, en ter ondersteuning van maatregelen voor kmo's.

3. De Commissie kan initiatieven ondersteunen die de opkomst van concurrerende sectoren versnellen dankzij sectoroverschrijdende activiteiten in gebieden die worden gekenmerkt door een hoog percentage kmo's en die een grote bijdrage leveren aan het bbp van de Unie. Dergelijke initiatieven bevorderen de ontwikkeling van nieuwe markten en de levering van goederen en diensten op basis van de meest concurrerende bedrijfsmodellen of van gewijzigde waardeketens. Zij omvatten initiatieven ter verbetering van de productiviteit, het efficiënte gebruik van hulpbronnen, de duurzaamheid en het maatschappelijk verantwoord ondernemen.

3. De Commissie kan initiatieven ondersteunen die de opkomst van concurrerende sectoren versnellen, in voorkomend geval dankzij sectoroverschrijdende activiteiten in gebieden die worden gekenmerkt door een hoog percentage kmo's en die een grote bijdrage leveren aan het bbp van de Unie. Dergelijke initiatieven bevorderen de ontwikkeling van nieuwe markten en de toepassing van nieuwe bedrijfsmodellen en het commerciële gebruik van relevante ideeën voor nieuwe producten en diensten. Zij omvatten initiatieven ter verbetering van de productiviteit, het efficiënte gebruik van hulpbronnen en energie, de duurzaamheid en het maatschappelijk verantwoord ondernemen.

 

3 bis. De Commissie kan voor deze doeleinden tevens sectorspecifieke activiteiten ondersteunen op terreinen die worden gekenmerkt door een hoog percentage kmo's en die een grote bijdrage leveren aan het bbp van de Unie, zoals de toeristische sector.

Amendement  58

Voorstel voor een verordening

Artikel 7 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De Commissie draagt bij aan de bevordering van ondernemerschap door de raamvoorwaarden voor de ontwikkeling van ondernemerschap te verbeteren. De Commissie ondersteunt een ondernemingsklimaat dat bevorderlijk is voor de ontwikkeling en groei van ondernemingen.

1. De Commissie draagt bij aan de bevordering van ondernemerschap en een ondernemerscultuur door belemmeringen voor nieuwe bedrijfsvestigingen weg te nemen en de raamvoorwaarden voor de ontwikkeling van ondernemerschap te verbeteren. De Commissie ondersteunt een ondernemingsklimaat dat bevorderlijk is voor het op duurzame wijze opstarten, de ontwikkeling, groei, overdracht en doorstart (tweede kans) van ondernemingen.

Amendement  59

Voorstel voor een verordening

Artikel 7 – lid 2 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Er wordt een programma "Erasmus voor jonge ondernemers" ingesteld om hun ondernemersvaardigheden en -geest te stimuleren.

Amendement  60

Voorstel voor een verordening

Artikel 7 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De Commissie kan maatregelen van de lidstaten ondersteunen voor het opbouwen van ondernemersopleiding, ondernemersvaardigheden en ondernemingszin, met name onder potentiële en nieuwe ondernemers.

3. De Commissie kan maatregelen van de lidstaten ondersteunen voor het opbouwen van ondernemersopleiding, ondernemersvaardigheden, ondernemend denken en ondernemingszin, met name in het kader van onderwijs en opleiding en onder potentiële en nieuwe ondernemers.

Amendement  61

Voorstel voor een verordening

Artikel 7 – lid 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis. De Commissie kan maatregelen nemen om met behulp van programma's voor levenslang leren of het programma "Erasmus voor iedereen", en met name Erasmus voor jonge ondernemers, de scholing van potentiële ondernemers op een hoger peil te brengen, zodat de technologische en leidinggevende vaardigheden van deze mensen worden versterkt.

Amendement  62

Voorstel voor een verordening

Artikel 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De Commissie ondersteunt acties die bedoeld zijn om de toegang tot financiering voor kmo's in hun start- en groeifase te verbeteren en die een aanvulling zijn op het gebruik van financiële instrumenten voor kmo's door de lidstaten op nationaal en regionaal niveau. Om complementariteit te verzekeren, zullen deze acties nauw worden gecoördineerd met acties die in het kader van het cohesiebeleid en op nationaal niveau worden ondernomen. Dergelijke acties zijn bedoeld om het aanbod van zowel aandelenfinanciering als schuldfinanciering te stimuleren.

1. De Commissie ondersteunt acties die bedoeld zijn om de toegang tot financiering voor kmo's in hun start- en groeifase en in de overdrachtsfase te vergemakkelijken en te verbeteren en die een aanvulling zijn op het gebruik van financiële instrumenten voor kmo's door de lidstaten op nationaal en regionaal niveau. Om complementariteit te verzekeren, zullen deze acties nauw worden gecoördineerd met acties die in het kader van het cohesiebeleid, Horizon 2020 en op nationaal en regionaal niveau worden ondernomen. Dergelijke acties zijn bedoeld om het aanbod en het gebruik van zowel schuldfinanciering als aandelenfinanciering te stimuleren, die kan bestaan uit het fourneren van startkapitaal, particuliere fondsen en quasiaandelenfinanciering. De Commissie besteedt aandacht aan de zichtbaarheid van de financiering die de EU aan kmo's verleent, zodat de steun van de Europese Unie bekend en erkend wordt.

2. Als onderdeel van de in lid 1 bedoelde acties ontwikkelt de Commissie maatregelen, afhankelijk van de vraag op de markt, ter verbetering van grensoverschrijdende en meerlandenfinanciering, om zo kmo's te helpen hun activiteiten in overeenstemming met de EU-wetgeving te internationaliseren.

2. Als onderdeel van de in lid 1 bedoelde acties ontwikkelt de Commissie maatregelen, afhankelijk van de vraag op de markt, ter verbetering van grensoverschrijdende en meerlandenfinanciering, om zo kmo's te helpen hun activiteiten in overeenstemming met de EU-wetgeving te internationaliseren.

 

De Commissie kan tevens, afhankelijk van de vraag op de markt, nagaan of het mogelijk is andere innovatieve financieringsinstrumenten, zoals crowdfunding, te ontwikkelen.

3. Bijzonderheden over de in lid 1 bedoelde acties zijn opgenomen in bijlage II.

3. Bijzonderheden over de in lid 1 bedoelde acties zijn opgenomen in de artikelen 14 bis en 14 ter.

Amendement  63

Voorstel voor een verordening

Artikel 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Om het concurrentievermogen en de markttoegang voor EU-ondernemingen verder te verbeteren, blijft de Commissie het Enterprise Europe Network ondersteunen.

1. Om het concurrentievermogen en de markttoegang voor EU-ondernemingen verder te verbeteren, blijft de Commissie het Enterprise Europe Network overeenkomstig artikel 9 bis ondersteunen.

2. De Commissie kan acties ondersteunen om de toegang van kmo's tot de eengemaakte markt te verbeteren, onder meer door informatieverstrekking en bewustmaking.

2. De Commissie ondersteunt acties om de toegang van kmo's tot de eengemaakte markt te verbeteren, onder meer door informatieverstrekking en bewustmaking met betrekking tot initiatieven, programma's en wetgeving van de EU, mede om de naleving van EU-voorschriften en –normen te vergemakkelijken.

3. Specifieke maatregelen zijn erop gericht de toegang van kmo's tot markten buiten de Unie te vergemakkelijken en de bestaande ondersteunende diensten op die markten te versterken. Kmo's kunnen in het kader van het programma worden ondersteund op het gebied van normen en intellectuele-eigendomsrechten in prioritaire derde landen.

3. Specifieke maatregelen zijn erop gericht de toegang van kmo's tot markten buiten de Unie te vergemakkelijken en de bestaande ondersteunende diensten op die markten te versterken. Kmo's kunnen in het kader van het programma worden ondersteund met informatie over de bestaande belemmeringen voor de markttoegang alsmede over openbare aanbestedingen, normen, intellectuele-eigendomsrechten en douaneprocedures in prioritaire derde landen. Dergelijke maatregelen vormen een aanvulling op en geen herhaling van de bestaande handelspromotieactiviteiten.

4. Acties in het kader van het programma kunnen gericht zijn op de bevordering van internationale industriële samenwerking, met inbegrip van dialogen over industrie en regelgeving. Specifieke maatregelen kunnen gericht zijn op de reductie van verschillen tussen de Unie en andere landen inzake de regelgevingskaders voor industrieproducten, op het industriebeleid en op de verbetering van het ondernemingsklimaat.

4. Acties in het kader van het programma kunnen gericht zijn op de bevordering van internationale samenwerking, met inbegrip van dialogen over industrie en regelgeving. Specifieke maatregelen kunnen gericht zijn op de reductie van verschillen tussen de Unie en andere landen inzake de regelgevingskaders voor producten, op het ondernemings- en industriebeleid en op de verbetering van het ondernemingsklimaat.

Amendement  64

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Artikel 9 bis

 

Enterprise Europe Network

 

1. De Commissie draagt er zorg voor dat de activiteiten van het Enterprise Europe Network ("het netwerk") worden voortgezet en versterkt. Het netwerk levert geïntegreerde bedrijfsondersteunende diensten aan kmo's in de Unie die ondernemingskansen zoeken op de interne markt en in derde landen.

 

Gezien de traditionele deskundigheid en vaardigheden van bestaande nationale netwerken ter ondersteuning van het bedrijfsleven biedt het netwerk onder meer het volgende:

 

a) informatie en advies, o.a. over internationalisering op de interne markt en in derde landen, samenwerking tussen bedrijven, feedback, financieringsmogelijkheden, toegang tot financiering en daarmee verband houdende coaching en begeleiding;

 

b) diensten voor innovatie en voor de overdracht van technologie en kennis; diensten ter vergroting van de toegang van kmo's tot expertise op het vlak van energiezuinigheid, klimaat en milieu;

 

c) diensten ter stimulering van de deelname van kmo's aan programma's van de Unie, waaronder Horizon 2020 en de structuurfondsen;

 

d) ondersteuning ter verbetering van de managementvaardigheden om daarmee het concurrentievermogen van kmo's te vergroten.

 

3. De door het netwerk namens andere EU-programma's verleende diensten worden door die programma's gefinancierd.

 

4. Het netwerk dient niet ter vervanging of duplicering, maar ter aanvulling van de activiteiten van bestaande organisaties die zich met de ondersteuning van kmo's bezighouden. Met het oog op de vaststelling van verdere maatregelen ter verbetering van de prestaties van het netwerk evalueert de Commissie de doeltreffendheid, het beheer en de geografische spreiding ervan teneinde te bereiken dat kmo's sterker gebruik maken van de geboden diensten en de geografische spreiding van het netwerk evenwichtiger wordt.

Amendement  65

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – leden 1, 1 bis (nieuw) en 1 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Met het oog op de uitvoering van het programma stelt de Commissie een jaarlijks werkprogramma vast in overeenstemming met de in artikel 16, lid 2, genoemde onderzoeksprocedure. De jaarlijkse werkprogramma's stellen de beoogde doelstellingen, de verwachte resultaten, de uitvoeringsmethode en het totale bedrag ervan vast. Zij bevatten tevens een beschrijving van de te financieren acties, een aanwijzing voor het aan elke actie toegewezen bedrag en een indicatief uitvoeringstijdschema, alsmede passende indicatoren om erop toe te zien hoe doeltreffend resultaten worden behaald en doelstellingen worden bereikt. Voor subsidies omvatten zij de prioriteiten, de essentiële evaluatiecriteria en het maximale medefinancieringspercentage.

1. De Commissie stelt door middel van gedelegeerde handelingen overeenkomstig artikel 18 een jaarlijks werkprogramma vast. De jaarlijkse werkprogramma's stellen de beoogde doelstellingen op basis van eerder overleg, de verwachte resultaten, de uitvoeringsmethode en het totale bedrag ervan vast, alsmede passende indicatoren om erop toe te zien hoe doeltreffend resultaten worden behaald en doelstellingen worden bereikt. Voor subsidies omvatten zij de prioriteiten, de essentiële evaluatiecriteria en het maximale medefinancieringspercentage.

 

1 bis. Met het oog op de uitvoering van het in lid 1 bedoelde jaarlijkse werkprogramma stelt de Commissie het volgende op:

 

a) een beschrijving van de te financieren acties;

 

b) een indicatie van het aan elke actie toegewezen bedrag;

 

c) een indicatief uitvoeringstijdschema.

 

1 ter. De in lid 1 bis bedoelde maatregelen worden vastgesteld volgens de in artikel 16, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure.

Amendement  66

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – lid 1 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 quater. De Commissie kan de totstandbrenging van geïntegreerde, gebruikersvriendelijke online-systemen bevorderen waarmee informatie over de voor kmo's relevante programma's wordt verstrekt, en ziet erop toe dat deze niet hetzelfde doen als bestaande portaalsites.

Amendement  67

Voorstel voor een verordening

Artikel 11

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Naast de maatregelen in het kader van het werkprogramma als bedoeld in artikel 10, neemt de Commissie regelmatig ondersteunende maatregelen, waaronder:

1. Naast de maatregelen in het kader van het werkprogramma als bedoeld in artikel 10, neemt de Commissie regelmatig ondersteunende maatregelen, waaronder:

a) analyse en monitoring van sectorale en sectoroverschrijdende concurrentiekwesties;

a) analyse en monitoring van sectorale en sectoroverschrijdende concurrentiekwesties;

b) opsporen van goede praktijken en beleidsbenaderingen, en hun verdere ontwikkeling;

b) opsporen en verspreiden van goede praktijken en beleidsbenaderingen, en hun verdere ontwikkeling;

c) effectbeoordelingen van maatregelen van de Unie die bijzonder relevant zijn voor het concurrentievermogen van ondernemingen, met het oog op het identificeren van gebieden van de bestaande wetgeving die vereenvoudigd moeten worden of van gebieden waarop nieuwe wetgevingsmaatregelen moeten worden voorgesteld;

c) gezondheidstests van bestaande wetgeving en effectbeoordelingen van nieuwe maatregelen van de Unie die bijzonder relevant zijn voor het concurrentievermogen van ondernemingen, teneinde gebieden van de bestaande wetgeving te identificeren die vereenvoudigd moeten worden en ervoor te zorgen dat de lasten voor kmo's op gebieden waarvoor nieuwe wetgevingsmaatregelen worden voorgesteld, tot een minimum beperkt blijven. Lichtere regimes voor kmo's of specifieke vrijstellingen voor micro-ondernemingen moeten door de kmo-test worden onderbouwd en mogen geen afbreuk doen aan de fundamentele EU-voorschriften inzake de gezondheid en veiligheid op het werk, de fundamentele rechten van werknemers in de EU of de grondbeginselen van de EU-milieuwetgeving;

d) evaluatie van wetgeving die een invloed heeft op ondernemingen, specifiek industriebeleid en concurrentiegerelateerde maatregelen.

d) evaluatie van wetgeving die een invloed heeft op ondernemingen, in het bijzonder kmo's, het industriebeleid en concurrentiegerelateerde maatregelen;

 

d bis) follow-up en evaluatie van de toepassing van het beginsel "Denk eerst klein", zoals opgenomen in de mededeling van de Commissie van 25 juni 2008 getiteld "Een Small Business Act voor Europa".

2. Deze ondersteunende maatregelen als bedoeld in lid 1 maken niet noodzakelijkerwijs deel uit van de in artikel 10 genoemde jaarlijkse werkprogramma's.

2. Deze ondersteunende maatregelen als bedoeld in lid 1 maken niet noodzakelijkerwijs deel uit van de in artikel 10 genoemde jaarlijkse werkprogramma's en vertegenwoordigen niet meer dan [2,5%] van de totale voor het programma beschikbare financiële middelen.

Amendement  68

Voorstel voor een verordening

Artikel 12 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De Commissie stelt een jaarlijks toezichtverslag op waarin de doelmatigheid en de doeltreffendheid van de ondersteunde activiteiten uit het oogpunt van financiële uitvoering, resultaten en, zo mogelijk, de impact worden onderzocht. Het verslag bevat informatie over het bedrag van de klimaatgerelateerde uitgaven en over de impact van de steun in het kader van klimaatveranderingsdoelstellingen, voor zover de verzameling van deze informatie geen ongerechtvaardigde administratieve belasting voor kmo's vormt.

2. De Commissie stelt een jaarlijks toezichtverslag op waarin de doelmatigheid en de doeltreffendheid van de ondersteunde activiteiten uit het oogpunt van financiële uitvoering, resultaten en, zo mogelijk, de impact worden onderzocht. Het verslag bevat basisinformatie over begunstigden van subsidies en geanonimiseerde basisinformatie over subsidieaanvragers, indien beschikbaar. Het verslag bevat tevens informatie over het bedrag van de klimaatgerelateerde uitgaven en over de impact van de steun in het kader van klimaatveranderingsdoelstellingen, voor zover de verzameling van deze informatie geen ongerechtvaardigde administratieve belasting voor kmo's vormt. Het jaarlijkse verslag wordt voorgelegd aan de desbetreffend bevoegde commissie van het Europees Parlement en openbaar gemaakt.

Motivering

Informatie over begunstigden en aanvragers van subsidies is van nut voor de beoordeling van subsidies die in het kader van het programma worden verleend.

Amendement  69

Voorstel voor een verordening

Artikel 12 – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. Er wordt een evaluatieverslag opgesteld over de langetermijneffecten en over de duurzaamheid van de impact van de maatregelen, als inbreng voor een beslissing over een mogelijke vernieuwing, wijziging of opschorting van een volgende maatregel.

4. Er wordt achteraf een evaluatieverslag opgesteld over de langetermijneffecten en over de duurzaamheid van de impact van de maatregelen.

Amendement  70

Voorstel voor een verordening

Artikel 12 – lid 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. Er wordt een reeks prestatiekernindicatoren ontwikkeld als basis ter beoordeling van de mate waarin de doelstellingen van de in het kader van het programma ondersteunde acties zijn bereikt. Zij worden afgemeten tegen vooraf vastgestelde ijkpunten die de situatie vóór de uitvoering van de acties weerspiegelen.

Schrappen

Motivering

Aangezien de indicatoren in deze verordening worden vastgesteld door de medewetgevers, is de ontwikkeling van verdere indicatoren overbodig.

Amendement  71

Voorstel voor een verordening

Artikel 12 – lid 6 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

6 bis. Om ervoor te zorgen dat de financiering bij kmo's terecht komt, wordt een toezichtsysteem opgezet om te waarborgen dat banken hun financiële middelen en garanties gebruiken om meer leningen aan kmo's te verstrekken. Dit kan ook inhouden dat er rapportagesystemen worden ingesteld en een gedragscode voor banken die leningen aan kmo's verstrekken. Het toezichtsysteem zorgt er tevens voor dat niet alleen middelgrote ondernemingen, maar ook kleine en micro-ondernemingen leningen uit EU-fondsen ontvangen.

Amendement  72

Voorstel voor een verordening

Artikel 14 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Financiële instrumenten in het kader van het programma worden aangewend om financiering toegankelijker te maken voor groeigerichte kmo's. De financiële instrumenten omvatten een vermogensfaciliteit en een leninggarantiefaciliteit.

1. Financiële instrumenten in het kader van het programma worden aangewend om financiering in de start-, groei- en overdrachtfase toegankelijker te maken voor kmo's, ongeacht hun activiteiten of de omvang van de markt. De financiële instrumenten omvatten een vermogensfaciliteit en een leninggarantiefaciliteit.

Amendement  73

Voorstel voor een verordening

Artikel 14 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De financiële instrumenten voor groeigerichte kmo's kunnen in voorkomend geval worden gecombineerd met andere financiële instrumenten van de lidstaten en hun beheersautoriteiten in overeenstemming met [artikel 33, lid 1, onder a), van Verordening (EU) nr. XXX/201X [nieuwe verordening inzake de structuurfondsen]], en met subsidies van de Unie, waaronder in het kader van deze verordening.

2. De financiële instrumenten voor kmo's kunnen in voorkomend geval worden gecombineerd met andere financiële instrumenten van de lidstaten en hun beheersautoriteiten in overeenstemming met [artikel 33, lid 1, onder a), van Verordening (EU) nr. XXX/201X [nieuwe verordening inzake de structuurfondsen]], en met subsidies van de Unie, waaronder in het kader van deze verordening.

Amendement  74

Voorstel voor een verordening

Artikel 14 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis. De vermogensfaciliteit en de leninggarantiefaciliteit dienen als aanvulling op het gebruik dat de lidstaten maken van financiële instrumenten voor kmo's in het kader van het cohesiebeleid en in het kader van nationale stimuleringsprogramma's.

Motivering

Omwille van de duidelijkheid moet deze tekst worden verplaatst van bijlage II naar artikel 14. De faciliteiten moeten verder ook als aanvulling dienen op financiële instrumenten voor kmo's in het kader van nationale stimuleringsprogramma's.

Amendement  75

Voorstel voor een verordening

Artikel 14 – lid 2 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 ter. De vermogensfaciliteit en de leninggarantiefaciliteit kunnen in voorkomend geval zorgen voor samenvoeging van financiële middelen met lidstaten en/of regio's die bereid zijn een gedeelte bij te dragen van de overeenkomstig [artikel 33, lid 1, onder a), van de verordening inzake de structuurfondsen] aan hen toegewezen middelen uit de structuurfondsen.

Amendement  76

Voorstel voor een verordening

Artikel 14 – lid 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis. De vermogensfaciliteit en de leninggarantiefaciliteit moeten voldoen aan de bepalingen over financiële instrumenten in Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad van 25 juni 2002 houdende het Financieel Reglement van toepassing op de algemene begroting van de Europese Gemeenschappen1 en in de gedelegeerde handeling die de uitvoeringsregels vervangt.

 

______________

 

1 PB L 248 van 16.9.2002, blz. 1.

Motivering

Omwille van de duidelijkheid moet deze tekst worden verplaatst van bijlage II naar artikel 14.

Amendement  77

Voorstel voor een verordening

Artikel 14 – lid 3 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 ter. De financiële instrumenten van het programma worden nauw gecoördineerd met de schuld- en eigenvermogensfaciliteiten van Horizon 2020, om zo één enkel instrument voor tussenpersonen tot stand te brengen en kmo's in staat te stellen via één gezamenlijke informatiebron het programma te kiezen dat het beste aansluit bij hun behoeften.

Motivering

Van financiële tussenpersonen kan niet worden verwacht dat zij zich aansluiten bij de financiële instrumenten van zowel COSME als Horizon 2020. Daarom moet worden verduidelijkt dat beide programma's nauw onderling moeten worden gecoördineerd om zo één enkel instrument voor tussenpersonen tot stand te brengen en kmo's met behulp van één enkele informatiebron, bijv. een speciale EU-website, de weg te wijzen naar het ondersteunende programma dat het beste aansluit bij hun behoeften.

Amendement  78

Voorstel voor een verordening

Artikel 14 – lid 3 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 quater. De Commissie en de lidstaten treffen passende maatregelen voor de verspreiding van informatie over de beschikbare financiële instrumenten onder kmo's en tussenpersonen.

Amendement  79

Voorstel voor een verordening

Artikel 14 – alinea 3 quinquies (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 quinquies. Ontvangsten en terugbetalingen die verband houden met de tweede deelfaciliteit van de Faciliteit voor snel groeiende, innovatieve kmo's krachtens Besluit nr. 1639/2006/EG van het Europees Parlement en de Raad van 24 oktober 2006 tot vaststelling van een kaderprogramma voor concurrentievermogen en innovatie (2007-2013)1, worden toegewezen aan de financiële instrumenten van dit programma.

 

______________

 

1 PB L 310 van 9.11.2006, blz. 15.

Motivering

Omwille van de duidelijkheid moet deze tekst worden verplaatst van bijlage II naar artikel 14. Ontvangsten en terugbetalingen die verband houden met FSIM worden toegewezen aan de financiële instrumenten van dit programma.

Amendement  80

Voorstel voor een verordening

Artikel 14 – lid 3 sexies (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 sexies. De financiële instrumenten voor kmo's worden toegepast overeenkomstig de relevante EU-regels voor staatssteun. De voorwaarden voor eventuele uitsluiting van de financiële instrumenten van de regelgeving inzake staatssteun worden duidelijk in de richtsnoeren en de handboeken van het programma vermeld.

Motivering

Teneinde de procedures en de toegang tot COSME te vereenvoudigen, dienen de voorwaarden voor mogelijke uitsluiting van de financiële instrumenten van de regelgeving inzake staatssteun (bijvoorbeeld een "de minimis"-drempel of contractvoorwaarden) duidelijk in de richtsnoeren en handboeken van COSME te worden uiteengezet.

Amendement  81

Voorstel voor een verordening

Artikel 14 – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. In overeenstemming met artikel 18, lid 4, van de Verordening (EU) nr. XXXX/2012 [nieuw Financieel Reglement] worden de ontvangsten en terugbetalingen die afkomstig zijn van een bepaald financieel instrument, aan dat financieel instrument toegewezen. Voor financiële instrumenten die al vastgesteld zijn in het meerjarige financiële kader voor de periode 2007-2013, worden de ontvangsten en terugbetalingen uit in die periode aangevangen verrichtingen aan het financieel instrument voor de periode 2014-2020 toegewezen.

4. In overeenstemming met artikel 18, lid 3, onder h), van Verordening (EU) nr. XXXX/2012 [nieuw Financieel Reglement] worden de ontvangsten en terugbetalingen die afkomstig zijn van een bepaald financieel instrument, aan dat financieel instrument toegewezen. Voor financiële instrumenten die al vastgesteld zijn in het meerjarige financiële kader voor de periode 2007-2013, worden de ontvangsten en terugbetalingen uit in die periode aangevangen verrichtingen aan het financieel instrument voor de periode 2014-2020 toegewezen.

Amendement  82

Voorstel voor een verordening

Artikel 14 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Artikel 14 bis

 

Eigenvermogensfaciliteit voor groei

 

1. De eigenvermogensfaciliteit voor groei (EFG) richt zich op financiering die voorziet in: durfkapitaal en mezzaninefinanciering zoals achtergestelde en participatieleningen aan ondernemingen in de expansie- en groeifase, met name voor ondernemingen die grensoverschrijdend optreden, met de mogelijkheid te investeren in fondsen in de aanloopfase in samenhang met de eigenvermogensfaciliteit voor onderzoek en ontwikkeling in het kader van Horizon 2020, en te voorzien in co-investeringsfaciliteiten voor business angels. In het geval van investeringen in de aanloopfase mag de investering uit de EFG niet meer dan 20% van de totale EU-investering bedragen, behalve bij meerfasefondsen en fondsen van fondsen, waar de financiering uit de EFG en de eigenvermogensfaciliteit voor onderzoek en innovatie naar verhouding wordt verstrekt, op basis van het investeringsbeleid van de fondsen. De Commissie moet buy-outkapitaal of vervangingskapitaal dat bedoeld is voor de ontmanteling van een verworven onderneming vermijden. De Commissie kan besluiten de drempel van 20% te wijzigen in het licht van veranderende marktomstandigheden.

 

2. De EFG wordt uitgevoerd als onderdeel van één enkel eigenvermogensinstrument van de EU ter ondersteuning van de groei van EU-ondernemingen en onderzoek en innovatie vanaf de aanloopfase (met inbegrip van de opstartfase) tot de groeifase en wordt financieel ondersteund door Horizon 2020 en dit programma.

 

De EFG en de vermogensfaciliteit voor onderzoek en innovatie, vastgesteld in het kader van Horizon 2020, gebruiken hetzelfde uitvoeringsmechanisme.

 

3. Steun uit de EFG wordt verstrekt in de vorm van een van de volgende investeringen:

 

a) rechtstreeks door het Europees Investeringsfonds (EIF) of andere met de tenuitvoerlegging namens de Commissie belaste organisaties; of

 

b) door openbare of particuliere paraplufondsen of investeringsmechanismen die grensoverschrijdend investeren en die zijn opgezet door het EIF of door ander organisaties die belast zijn met de tenuitvoerlegging namens de Commissie samen met privé-investeerders en/of financiële overheidsinstellingen en op regionaal en lokaal niveau actieve risicokapitaalinvesteerders.

 

4. De EFG investeert in intermediaire durfkapitaalfondsen die investeren in kmo's, gewoonlijk in hun uitbreidings- en groeifase. De investeringen in het kader van de EFG zijn langetermijninvesteringen, d.w.z. dat gewoonlijk voor 5 tot 15 jaar in durfkapitaalfondsen wordt deelgenomen. De EFG-investeringen mogen in geen geval meer dan 20 jaar bedragen, gerekend vanaf de ondertekening van de overeenkomst tussen de Commissie en de organisatie die met de uitvoering wordt belast.

Amendement  83

Voorstel voor een verordening

Artikel 14 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Artikel 14 ter

 

De leninggarantiefaciliteit

 

1. De leninggarantiefaciliteit (LGF) wordt beheerd door het EIF of andere organisaties die namens de Commissie voor de uitvoering moeten zorg dragen. De faciliteit biedt:

 

a) tegengaranties en andere risicodelingsregelingen voor garantiestelsels;

 

b) directe garanties en andere risicodelingsregelingen voor andere financiële intermediairs die voldoen aan de criteria om in aanmerking te komen.

 

2. De LGF wordt uitgevoerd als onderdeel van één enkel EU-schuldinstrument voor de groei en O&I van EU-ondernemingen, onder gebruikmaking van hetzelfde uitvoeringsmechanisme als het vraaggestuurde kmo-onderdeel van de garantiefaciliteit voor O&I in het kader van Horizon 2020 (RSI II).

 

3. De LGF is als volgt samengesteld:

 

a) schuldfinanciering via leninggaranties waaronder achtergestelde en participatieleningen, of leasing, ter vermindering van de specifieke moeilijkheden waarmee kmo's worden geconfronteerd bij de toegang tot financiering, ten gevolge van het veronderstelde hoge risico of van onvoldoende beschikbaar onderpand;

 

b) securitisatie van portefeuilles voor kmo-schuldfinanciering, die bijkomende schuldfinanciering voor kmo's mobiliseren door middel van geschikte risicodelingsregelingen met de beoogde instellingen. Ondersteuning van deze transacties gebeurt op voorwaarde dat de broninstellingen een aanzienlijk deel van de resulterende liquiditeiten of het gemobiliseerde kapitaal binnen een redelijke tijdspanne gebruiken voor nieuwe leningen aan kmo's. De hoogte van deze nieuwe schuldfinanciering wordt berekend in samenhang met de hoogte van het gegarandeerde portefeuillerisico. Over deze hoogte en de periode wordt met elke broninstelling afzonderlijk onderhandeld.

 

4. De LGF moet, met uitzondering van leningen in de gesecuritiseerde portefeuille, leningen tot maximaal 150 000 euro en met een minimumlooptijd van 12 maanden dekken. De LGF dekt ook leningen van meer dan 150 000 euro in gevallen waarin kmo's niet voldoen aan de criteria om in aanmerking te komen voor het kmo-onderdeel van de schuldfaciliteit in het kader van Horizon 2020, en met een minimumlooptijd van 12 maanden. De Commissie kan communicatieacties organiseren met kmo's als doelgroep.

 

5. De LGF wordt zodanig opgezet dat kan worden gerapporteerd over de ondersteunde kmo's, zowel wat het aantal als de omvang van de leningen betreft.

Amendement  84

Voorstel voor een verordening

Artikel 17 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 18 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot wijzigingen in de bijzonderheden van de specifieke acties in bijlage II bij deze verordening, indien de economische ontwikkelingen op de markt dit vereisen of overeenkomstig de resultaten van de leninggarantiefaciliteit van het kaderprogramma voor concurrentievermogen en innovatie en van het risicodelingsinstrument van het zevende kaderprogramma voor de financieringsfaciliteit met risicodeling.

2. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 18 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot wijzigingen in de indicatoren in artikel 2, lid 2 en bijlage I, en wijzigingen in de begroting voor financiële instrumenten in artikel 4, lid 1, en van de financiële instrumenten zelf in de artikelen 14, 14 bis en 14 ter, indien de economische ontwikkelingen op de markt dit vereisen of overeenkomstig de resultaten van de leninggarantiefaciliteit van het kaderprogramma voor concurrentievermogen en innovatie en van het risicodelingsinstrument van het zevende kaderprogramma voor de financieringsfaciliteit met risicodeling.

(Zie artikelen 4, lid 1, 14, 14 bis (nieuw), 14 ter (nieuw))

Amendement 85

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Algemene doelstelling 1

Algemene doelstelling:

1. Het concurrentievermogen en de duurzaamheid van de EU-ondernemingen, onder meer in de toeristische sector, versterken

Impactindicator

Huidige situatie

Langetermijndoelstelling en mijlpaal (2020)

Groei van het industriële concurrentievermogen

2009: -3.1%, 2008: -0.3%, 2007: +0.7%

Jaarlijkse groei van 1% en een groei van 5% in 2015

Verandering van de administratieve belasting van kmo's (aantal dagen nodig om een nieuw bedrijf te starten)

2009: -3,1% Aantal dagen nodig om een nieuwe kmo op te richten: 7 werkdagen

Vermindering van het aantal dagen om een nieuwe kmo op te richten: 3 werkdagen in 2020.

Vermogensgroei EU-productie in eco-industrieën ( % gewijzigd ten opzichte van voorgaand jaar)

Jaarlijkse groei van 6-7% in de afgelopen jaren

Jaarlijkse groei van gemiddeld 8% in het volgende decennium; Voor 2015 is het doel een stijging van 50% in productievermogen

 

Amendement

Algemene doelstelling:

1. Het concurrentievermogen en de duurzaamheid van de EU-ondernemingen, in het bijzonder kmo's, versterken

Impactindicator

Huidige situatie

Langetermijndoelstelling en mijlpaal (2020)

Groei in procent van de industriële en dienstverlenende sector van de Unie in verhouding tot het totale bruto binnenlands product (bbp)

2009: -3.1%, 2008: -0.3%, 2007: +0.7%

Jaarlijkse groei van 1%

Verandering van de administratieve belasting van nieuwe en bestaande kmo's (aantal dagen nodig en kosten om een nieuw bedrijf te starten, tijd nodig voor het verkrijgen van licenties en vergunningen voor opstarten en uitvoeren van bedrijfsactiviteit in kwestie)

Aantal dagen nodig om een nieuwe kmo op te richten in 2011: 6,5 werkdagen.

Vermindering van het aantal dagen om een nieuwe kmo op te richten: 3 werkdagen.

 

Kosten van starten nieuw bedrijf: € 379.

Vermindering van startkosten tot € 100.1

 

Aantal lidstaten dat voldoet aan de doelstelling van de Small Business Act om de tijd die benodigd is voor het verkrijgen van concessies en vergunningen (waaronder milieuvergunningen) voor het opstarten en uitvoeren van de specifieke activiteit van een onderneming tot één maand: 2

Aantal lidstaten dat voldoet aan de doelstelling van de Small Business Act om de tijd die benodigd is voor het verkrijgen van concessies en vergunningen (waaronder milieuvergunningen) voor het opstarten en uitvoeren van de specifieke activiteit van een onderneming tot één maand: 242

 

Aantal lidstaten dat in 2009 over één centraal loket voor startende ondernemingen beschikte waar ondernemers alle benodigde procedures (bijv. inschrijving, belasting, btw en sociale zekerheid) op één hetzij fysieke (een kantoor), hetzij virtuele (internet) plaats, of beide, konden uitvoeren: 18

Stijging van het aantal lidstaten met één centraal loket voor startende ondernemingen tot 283

Vermogensgroei EU-productie in eco-industrieën ( % gewijzigd ten opzichte van voorgaand jaar)

Jaarlijkse groei van 6-7% in de afgelopen jaren

Jaarlijkse groei van gemiddeld 8% in het volgende decennium; Voor 2015 is het doel een stijging van 50% in productievermogen

 

 

__________________

 

 

1 De conclusies van de Raad Concurrentievermogen van 31 mei 2011 bevatten een oproep aan de lidstaten "om tegen 2012 de termijn waarbinnen een nieuwe onderneming kan worden opgericht te bekorten tot drie werkdagen en de kosten te beperken tot 100 euro".

 

 

2 In de evaluatie van de SBA werden de lidstaten opgeroepen om "de tijd die nodig is om licenties en vergunningen (ook milieuvergunningen) te verkrijgen om de specifieke activiteit van een onderneming uit te gaan oefenen, tegen eind 2013 te beperken tot één maand". 24 lidstaten hebben deze termijn reeds teruggebracht tot drie maanden.

 

 

3 In de conclusies van de Voorjaarsraad van 2006 stond dat "alle lidstaten over één centraal loket of een equivalent daarvan dienen te beschikken, zodat alle formaliteiten voor het starten van een onderneming op één plaats kunnen worden uitgevoerd."

Amendement  86

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Algemene doelstelling 2

Algemene doelstelling:

2. Een ondernemingscultuur aanmoedigen en de oprichting en groei van kmo's bevorderen

Impactindicator

Huidige situatie

Langetermijndoelstelling en mijlpaal (2020)

Kmo-groei op het gebied van toegevoegde waarde en aantal personeelsleden

In 2010 waren kmo's goed voor meer dan 58 % van de totale EU-omzet (btw);

Doelstijging in bruto toegevoegde waarde van kmo's van 4% per jaar;

Feedback van kmo's en andere eindbegunstigden over de meerwaarde, het nut en de relevantie van het programma (te meten in de programma-evaluaties) via het Europe Enterprise Network (EEN) en online-enquêtes

Totaal aantal personeelsleden in kmo's: 87,5 miljoen (67% van de banen in de privésector in de EU)

Jaarlijkse groei van personeelsleden in kmo's van 1%

Kmo-omlooptijd (starters en stopzetting)

78% tevredenheid en positieve feedback op de toegevoegde waarde vanuit het EEN

Stijging tot meer dan 80% tevredenheid op de toegevoegde waarde vanuit het EEN

 

Amendement

Algemene doelstelling:

2. Een ondernemingscultuur aanmoedigen en de oprichting en groei van kmo's bevorderen

Impactindicator

Huidige situatie

Langetermijndoelstelling en mijlpaal (2020)

Kmo-groei op het gebied van toegevoegde waarde (Eurostat)

In 2010 waren kmo's goed voor meer dan 58 % van de totale EU-omzet (btw);

Doelstijging in bruto toegevoegde waarde van kmo's van 4% per jaar;

Veranderingen in het kmo-werkgelegenheidspercentage (Eurostat)

Totaal aantal personeelsleden in kmo's in 2010: 87,5 miljoen (67% van de banen in de privésector in de EU)

Jaarlijkse groei van personeelsleden in kmo's van 1%

Veranderingen in percentage EU-burgers die zelfstandig ondernemer willen zijn

Cijfers uit 2007 en 2009 zijn stabiel op 45%

Toename percentage EU-burgers die zelfstandig ondernemer willen zijn tot 50-55%

Amendement  87

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Specifieke doelstelling: Verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid van EU-ondernemingen, waaronder in de toeristische sector

Specifieke doelstelling:

Verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid van EU-ondernemingen, waaronder in de toeristische sector

Resultaatindicator

Laatst bekende resultaat

Doelstelling op middellange termijn (resultaat) 2017

Activiteiten ter verbetering van het concurrentievermogen

 

 

Aantal goedgekeurde vereenvoudigingsmaatregelen

Het vereenvoudigingsprogramma van de Commissie werd in 2010 bijgewerkt en ligt op schema om de administratieve belasting met 25% te verminderen in 2012. Er werden 5 vereenvoudigingsmaatregelen per jaar ingevoerd tot 2010.

Ongeveer 7 vereenvoudigingsmaatregelen per jaar .

Aantal "fitheidscontroles" op kwaliteit en toegevoegde waarde van activiteiten

In 2010 werden er vier "fitheidscontroles" bij belanghebbenden gevoerd voor milieu, vervoer, werkgelegenheid en industriebeleid. De feedback omvatte opmerkingen over de wetgeving en de toegevoegde waarde van activiteiten.

De feedbackbenadering met geschiktheidscontroles zal worden uitgebreid naar andere beleidsvormen en zal leiden tot vereenvoudigingen die een positieve weerslag hebben op de industrie. Er zijn tot twaalf "fitheidscontroles" gepland, met een betere regelgeving als doelstelling.

Toepassing door ondernemingen van Europese duurzame productie- en producttools, inclusief EMAS, milieukeur en ecologisch ontwerp

Ongeveer 35 000 ISO 14001 MBS-certificeringen en 4 500 EMAS-registraties, 18 000 vergunningen voor de EU-milieukeur

Talrijke ondernemingen zien toe op hun prestaties, passen milieubeheerssystemen toe en verbeteren de productiviteit van hun hulpmiddelen en hun milieuprestatie. Een groot aandeel van de productie is efficiënt wat het gebruik van hulpmiddelen en milieuvriendelijke producten betreft.

 

Amendement

Specifieke doelstelling:

Verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid van ondernemingen in de Unie, met name kmo's, waaronder in de toeristische sector;

Resultaatindicator

Laatst bekende resultaat

Doelstelling op middellange termijn (2017)

Doelstelling op lange termijn (2020)

Activiteiten ter verbetering van het concurrentievermogen

 

 

 

Aantal goedgekeurde vereenvoudigingsmaatregelen

Het voortschrijdend vereenvoudigingsprogramma van de Commissie vindt jaarlijks zijn neerslag in bijlage II bij het werkprogramma van de Commissie. De afgelopen jaren zijn er gemiddeld 5 tot 10 vereenvoudigingsmaatregelen per jaar uitgevoerd.

Ongeveer 7 vereenvoudigingsmaatregelen per jaar .

Ongeveer 7 vereenvoudigingsmaatregelen per jaar .

Aantal "fitheidscontroles" op industriebeleid/wetgeving inzake industriële producten

In 2012 is een "fitheidscontrole" op industriebeleid gestart (typegoedkeuring van motorvoertuigen)

Tot 3 "fitheidscontroles" starten

Tot 5 "fitheidscontroles" starten

Aantal lidstaten dat de concurrentievermogentest gebruikt

Aantal lidstaten dat de concurrentievermogentest gebruikt: 0

Aantal lidstaten dat de concurrentievermogentest gebruikt: 10

Aantal lidstaten dat de concurrentievermogentest gebruikt: 28

Toepassing door ondernemingen van Europese duurzame productie- en producttools, inclusief EMAS, milieukeur en ecologisch ontwerp

Ongeveer 35 000 ISO 14001 MBS-certificeringen en 4 500 EMAS-registraties, 18 000 vergunningen voor de EU-milieukeur

Significante verhoging van het aantal ondernemingen die op hun prestaties toezien en milieubeheerssystemen toepassen.

Significante verhoging van het aantal ondernemingen die op hun prestaties toezien en milieubeheerssystemen toepassen.

Amendement  88

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Specifieke doelstelling: Verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid van EU-ondernemingen, waaronder in de toeristische sector – Ontwikkeling van een kmo-beleid

Specifieke doelstelling:

Verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid van EU-ondernemingen, waaronder in de toeristische sector

Resultaatindicator

Laatst bekende resultaat

Doelstelling op middellange termijn (resultaat) 2017

Ontwikkeling van een kmo-beleid

 

 

Aantal lidstaten die de kmo-test gebruiken

Aantal lidstaten die de kmo-test gebruiken: 15 MS

Aantal lidstaten die de kmo-test gebruiken: 21 MS

Grotere bekendmaking in de hele EU van de European Enterprise Awards met publicaties en clips in de media in alle lidstaten

Aantal publicaties en clips in de media in alle lidstaten: 60 in 2010

Aantal publicaties en clips in de media in alle lidstaten: 80

Vermindering van de starttijd en van de complexiteit voor nieuwe bedrijven

Beperking van de starttijd: 7 werkdagen

Beperking van de starttijd: 5 werkdagen

 

Amendement

Specifieke doelstelling:

Verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid van ondernemingen in de Unie, met name kmo's, waaronder in de toeristische sector;

Resultaatindicator

Laatst bekende resultaat

Doelstelling op middellange termijn (2017)

Doelstelling op lange termijn (2020)

Ontwikkeling van een kmo-beleid

 

 

 

Aantal lidstaten die de kmo-test gebruiken

Aantal lidstaten die de kmo-test gebruiken: 15 MS

Aantal lidstaten die de kmo-test gebruiken: 21

Aantal lidstaten die de kmo-test gebruiken: 28

Amendement  89

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Specifieke doelstelling: Verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid van EU-ondernemingen, waaronder in de toeristische sector – Nieuwe bedrijfsconcepten

Specifieke doelstelling:

Verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid van EU-ondernemingen, waaronder in de toeristische sector

Resultaatindicator

Laatst bekende resultaat

Doelstelling op middellange termijn (resultaat) 2017

Nieuwe bedrijfsconcepten

 

 

Aantal nieuwe producten en diensten op de markt

Tot nu toe werd deze activiteit beperkt tot analytisch werk op beperkte schaal.

Doel voor het totale aantal nieuwe producten en diensten: 5 in 2017 (en zal stijgen tot 15 in 2018 en 25 in 2019).

Niveau van bijkomende export en desbetreffende geldbedragen

 

Wat de export betreft, wordt er in 2017 nog geen impact verwacht. Het aandeel in de export van de eerste generatie deelnemende kmo's zal pas duidelijk worden in 2018, met een doelstijging van 20%.

Feedback van belanghebbenden over kwaliteit en toegevoegde waarde van activiteiten

 

Ten minste 70% van de in 2014 deelnemende kmo's dient in een enquête eind 2017 van een positieve impact op hun omzet te melden

 

Amendement

Specifieke doelstelling:

Verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid van ondernemingen in de Unie, met name kmo's, waaronder in de toeristische sector

Resultaatindicator

Laatst bekende resultaat

Doelstelling op middellange termijn (2017)

Doelstelling op lange termijn (2020)

Nieuwe bedrijfsconcepten

 

 

 

Aantal nieuwe producten en diensten op de markt

Tot nu toe werd deze activiteit beperkt tot analytisch werk op beperkte schaal.

Doel voor het totale aantal nieuwe producten/diensten: 5 in 2017.

Doel voor het totale aantal nieuwe producten/diensten: 30 in 2020.

Niveau van bijkomende export en desbetreffende geldbedragen

Tot nu toe werd deze activiteit beperkt tot analytisch werk op beperkte schaal.

Wat de export betreft, wordt er in 2017 nog geen impact verwacht. Het aandeel in de export van de eerste generatie deelnemende kmo's zal pas duidelijk worden in 2018, met een doelstijging van 20%.

Het beoogde aandeel in de export van deelnemende kmo's in 2020 moet 25% zijn.

Feedback van belanghebbenden over kwaliteit en toegevoegde waarde van activiteiten

Tot nu toe werd deze activiteit beperkt tot analytisch werk op beperkte schaal.

Ten minste 70% van de in 2014 deelnemende kmo's dient in een enquête eind 2017 een positieve impact op hun omzet te melden

Ten minste 80% van de in 2014 deelnemende kmo's dient in een enquête eind 2020 een positieve impact op hun omzet te melden.

Amendement  90

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Specifieke doelstelling: Verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid van EU-ondernemingen, waaronder in de toeristische sector – Toerisme

Specifieke doelstelling:

Verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid van EU-ondernemingen, waaronder in de toeristische sector

Resultaatindicator

Laatst bekende resultaat

Doelstelling op middellange termijn (resultaat) 2017

Toerisme

 

 

Aantal financieringsaanvragen

Aantal financieringsaanvragen (voor alle oproepen tot het indienen van voorstellen) in totaal: ongeveer 75 per jaar (gemiddeld voor 2011)

Aantal financieringsaanvragen (voor alle oproepen tot het indienen van voorstellen) in totaal: meer dan 100 per jaar

Percentage van kmo's (en trend) in aanvragen voor toerismegerelateerde financieringsmogelijkheden

Tot nu toe werden er geen oproepen tot het indienen van voorstellen rechtstreeks aan kmo's gericht

30% van de oproepen tot het indienen van voorstellen rechtstreeks gericht aan kmo's

Aantal organisaties die het European Tourism Quality Label verkrijgen

Tot nu toe heeft geen enkele organisatie het European Tourism Quality Label aangenomen (actie wordt nog uitgewerkt)

50% van de evaluatieschema's komt in aanmerking om deel te nemen aan het European Tourism Quality Label

Aantal bestemmingen die de ontwikkelingsmodellen voor duurzaam toerisme aannemen die worden gepromoot door de European Destinations of Excellence

Aantal toegekende European Destinations of Excellence: in totaal 98 (gemiddeld 20 per jaar – in 2007: 10, in 2008: 20, in 2009: 22, in 2010: 25, in 2011: 21)

200 en meer bestemmingen die de ontwikkelingsmodellen voor duurzaam toerisme aannemen die worden gepromoot door de European Destinations of Excellence (tot 30 per jaar)

Amendement

Specifieke doelstelling: :

Verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid van ondernemingen in de Unie, met name kmo's, waaronder in de toeristische sector;

Resultaatindicator

Laatst bekende resultaat

Doelstelling op middellange termijn (resultaat) 2017

Toerisme

 

 

Aantal organisaties die het European Tourism Quality Label verkrijgen

Tot nu toe heeft geen enkele organisatie het European Tourism Quality Label aangenomen (actie wordt nog uitgewerkt)

50% van de evaluatieschema's komt in aanmerking om deel te nemen aan het European Tourism Quality Label

Aantal bestemmingen die de ontwikkelingsmodellen voor duurzaam toerisme aannemen die worden gepromoot door de European Destinations of Excellence

Aantal toegekende European Destinations of Excellence: in totaal 98 (gemiddeld 20 per jaar – in 2007: 10, in 2008: 20, in 2009: 22, in 2010: 25, in 2011: 21)

200 en meer bestemmingen die de ontwikkelingsmodellen voor duurzaam toerisme aannemen die worden gepromoot door de European Destinations of Excellence (tot 30 per jaar)

 

 

 

 

 

Amendement  91

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Specifieke doelstelling: Ondernemerschap bevorderen, ook bij specifieke doelgroepen

Specifieke doelstelling:

Ondernemerschap bevorderen, ook bij specifieke doelgroepen

Resultaatindicator

Laatst bekende resultaat

Doelstelling op middellange termijn (resultaat) 2017

Ondersteuning voor ondernemerschap

 

 

Feedback over de publieke perceptie van het ondernemerschap (% van EU-burgers die graag als zelfstandige zouden werken, zoals gemeten door Eurobarometer)

Cijfers uit 2007 en 2009 zijn stabiel op 45%

Stijging van EU-burgers die zelfstandig zouden willen worden tot 50%

Aantal landen die op EU-niveau ontwikkelde ondernemerschapsoplossingen toepassen

Aantal landen die op EU-niveau ontwikkelde ondernemerschapsoplossingen toepassen: 22 (2010)

Aantal landen die op EU-niveau ontwikkelde ondernemerschapsoplossingen toepassen: 25

Aantal nationale programma's die beschikbaar zijn voor kmo's uit andere lidstaten

Aantal nationale programma's die beschikbaar zijn voor kmo's uit andere lidstaten: 5

Aantal nationale programma's die beschikbaar zijn voor kmo's uit andere lidstaten: 10

Aantal voor kmo's goedgekeurde vereenvoudigingsmaatregelen

5 vereenvoudigingsmaatregelen per jaar (2010).

Ongeveer 7 vereenvoudigingsmaatregelen per jaar

 

Amendement

Specifieke doelstelling:

Ondernemerschap bevorderen, ook bij specifieke doelgroepen

Resultaatindicator

Laatst bekende resultaat

Doelstelling op middellange termijn (2017)

Doelstelling op lange termijn (2020)

Ondersteuning voor ondernemerschap

 

 

 

Toegenomen aantal lidstaten dat ondernemerschaps-oplossingen toepast op basis van goede praktijken die via het programma zijn geïdentificeerd

Aantal lidstaten dat ondernemerschapsoplossingen toepast: 22 (2010)

Aantal lidstaten die ondernemerschapsoplossingen toepassen: 25

Aantal lidstaten die ondernemerschapsoplossingen toepassen: 28.

Toegenomen aantal nationale programma's dat beschikbaar is voor kmo's uit andere lidstaten

Aantal nationale programma's die beschikbaar zijn voor kmo's uit andere lidstaten: 5

Aantal nationale programma's die beschikbaar zijn voor kmo's uit andere lidstaten: 10

Aantal nationale programma's die beschikbaar zijn voor kmo's uit andere lidstaten: 15.

Amendement  92

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Specifieke doelstelling: Kmo's beter toegang geven tot financiering in de vorm van eigen vermogen en schuld - Financiële instrumenten voor groei

Specifieke doelstelling:

Kmo's beter toegang geven tot financiering in de vorm van eigen vermogen en schuld

Resultaatindicator

Laatst bekende resultaat

Doelstelling op middellange termijn (resultaat) 2017

Financiële instrumenten voor groei

 

 

Aantal bedrijven die lening(krediet)garanties en leningswaarden ontvangen

De voorgestelde instrumenten zijn nog niet geïntroduceerd en zijn niet dezelfde als de huidige instrumenten, waardoor gegevens van huidige instrumenten mogelijk niet vergelijkbaar zijn

Aantal bedrijven die lening(krediet)garanties (+/- 95 000) en leningswaarden (+/-10,7 miljard euro) ontvangen

Aantal bedrijven gedekt door risicokapitaal en waarde van investeringen (waaronder grensoverschrijdende transacties)

 

Aantal bedrijven gedekt door risicokapitaal: (+/- 180) en waarde van investeringen (+/-220 miljoen euro)

 

Amendement

Specifieke doelstelling:

Kmo's beter toegang geven tot financiering

Resultaatindicator

Laatst bekende resultaat

Doelstelling op middellange termijn (2017)

Doelstelling op lange termijn (2020)

Financiële instrumenten voor groei

 

 

 

Aantal bedrijven die lening (krediet) met garantie in het kader van een programma ontvangen en omvang van de leningen

Per 31 december 2011 is 10,2 miljard euro aan leningen verstrekt aan 171 000 kmo's (SMEG).

Aantal bedrijven die lening (krediet) met garantie ontvangen (+/- 145 000) en omvang van de leningen (+/- 9,6 miljard euro)

Aantal bedrijven die lening (krediet) met garantie ontvangen (+/- 344 000) en omvang van de leningen (+/-22 miljard euro)

Aantal bedrijven die risicokapitaalinvesteringen ontvangen van het programma en totaal investeringsvolume

Per 31 december 2011 is 1,9 miljard euro aan risicokapitaal verstrekt aan 194 kmo's (GIF).

Aantal bedrijven die risicokapitaalinvesteringen ontvangen van het programma: (+/- 240) en totale waarde van investeringen (+/- 2 miljard euro)

Aantal bedrijven die risicokapitaalinvesteringen ontvangen van het programma: (+/- 560) en totale waarde van investeringen (+/- 4,7 miljard euro)

Amendement  93

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Specifieke doelstelling: De markttoegang binnen de Unie en wereldwijd verbeteren – Enterprise Europe Network

Specifieke doelstelling:

De markttoegang binnen de Unie en wereldwijd verbeteren

Resultaatindicator

Laatst bekende resultaat

Doelstelling op middellange termijn (resultaat) 2017

Enterprise Europe Network

Enterprise Europe Network

Enterprise Europe Network

Aantal ondertekende partnerschapsovereenkomsten

Ondertekende partnerschapsovereenkomsten: 1.950 (2010)

Ondertekende partnerschapsovereenkomsten: 3 000/jaar

Toename erkenning Netwerk-merk en merk-Cultuur (bv. merkbewustzijn bij kmo-doelgroep)

Toename erkenning Netwerk-merk en merk-Cultuur: nog niet gemeten

Toename erkenning Netwerk-merk en merk-Cultuur: 30% van bereikte kmo's

Tevredenheidscijfer klanten (% kmo's die tevredenheid en toegevoegde waarde van specifieke dienstverlening melden)

Tevredenheidscijfer klanten (% kmo's die tevredenheid en toegevoegde waarde van specifieke dienstverlening melden): 78%

Tevredenheidscijfer klanten (% kmo's die tevredenheid en toegevoegde waarde van specifieke dienstverlening melden): >80%

Aantal kmo's die ondersteunende diensten ontvangen:

Aantal kmo's die ondersteunende diensten ontvangen: 435.000 (2010)

Aantal kmo's die ondersteunende diensten ontvangen: 500 000/jaar

Aantal kmo's die deelnemen aan partnerbemiddelingsevenementen en bedrijfsreizen

Aantal kmo's die deelnemen aan partnerbemiddelingsevenementen en bedrijfsreizen: 45.000 (2010)

Aantal kmo's die deelnemen aan partnerbemiddelingsevenementen en bedrijfsreizen: 60.000/jaar

 

Amendement

Specifieke doelstelling:

De markttoegang binnen de Unie en wereldwijd verbeteren

Resultaatindicator

Laatst bekende resultaat

Doelstelling op middellange termijn (2017)

Doelstelling op lange termijn (2020)

Enterprise Europe Network

 

 

 

Aantal ondertekende partnerschapsovereenkomsten

Ondertekende partnerschapsovereenkomsten: 1.950 (2010)

Ondertekende partnerschapsovereenkomsten: 2.200/jaar

Ondertekende partnerschapsovereenkomsten: 2.500/jaar

Toename erkenning Netwerk-merk onder kmo's (bv. merkbewustzijn bij kmo-doelgroep)

Toename erkenning Netwerk-merk onder kmo's: nog niet gemeten. Er wordt een onderzoek opgestart.

Toename erkenning Netwerk-merk onder kmo's door: 20% bereikt vergeleken met aanvankelijk onderzoeksresultaat.

Toename erkenning Netwerk-merk onder kmo's door: 30% bereikt vergeleken met aanvankelijk onderzoeksresultaat.

Tevredenheidscijfer klanten (% kmo's die tevredenheid en toegevoegde waarde van specifieke dienstverlening melden)

Tevredenheidscijfer klanten (% kmo's die tevredenheid en toegevoegde waarde van specifieke dienstverlening melden): 78%

Tevredenheidscijfer klanten (% kmo's die tevredenheid en toegevoegde waarde van specifieke dienstverlening melden): >80%

Tevredenheidscijfer klanten (% kmo's die tevredenheid en toegevoegde waarde van specifieke dienstverlening melden): >82%

Aantal kmo's die ondersteunende diensten ontvangen:

Aantal kmo's die ondersteunende diensten ontvangen: 435.000 (2010)

Aantal kmo's die ondersteunende diensten ontvangen: 470.000/jaar

Aantal kmo's die ondersteunende diensten ontvangen: 500 000/jaar

Aantal kmo's die deelnemen aan partnerbemiddelingsevenementen en bedrijfsreizen

Aantal kmo's die deelnemen aan partnerbemiddelingsevenementen en bedrijfsreizen: 45.000 (2011)

Aantal kmo's die deelnemen aan partnerbemiddelingsevenementen en bedrijfsreizen: 48.000/jaar

Aantal kmo's die deelnemen aan partnerbemiddelingsevenementen en bedrijfsreizen: 50.000/jaar

Aandeel (in %) kmo's die op interne markt uitvoeren

25% van kmo's voeren op interne markt uit

27% van kmo's voeren op interne markt uit

30% van kmo's voeren op interne markt uit

Amendement  94

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Specifieke doelstelling: De markttoegang binnen de Unie en wereldwijd verbeteren – Kmo bedrijfsondersteuning op markten buiten de EU

Specifieke doelstelling:

De markttoegang binnen de Unie en wereldwijd verbeteren

Resultaatindicator

Laatst bekende resultaat

Doelstelling op middellange termijn (resultaat) 2017

Kmo bedrijfsondersteuning op markten buiten de EU

 

 

Aandeel (%) van kmo's met internationale activiteiten (export, import, DBI en andere activiteiten) buiten de EU

13 % (2009)

17 % (2017)

 

Amendement

Specifieke doelstelling:

De markttoegang binnen de Unie en wereldwijd verbeteren

Resultaatindicator

Laatst bekende resultaat

Doelstelling op middellange termijn (2017)

Doelstelling op lange termijn (2020)

Bedrijfsondersteuning kmo's op de interne markt en op markten buiten de EU

 

 

 

Aandeel (%) van kmo's die naar landen buiten de EU exporteren

13% (voor de periode 2006-2008)

17 %

20%

Amendement  95

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Specifieke doelstelling: De markttoegang binnen de Unie en wereldwijd verbeteren – Internationale industriële samenwerking

Specifieke doelstelling:

De markttoegang binnen de Unie en wereldwijd verbeteren

Resultaatindicator

Laatst bekende resultaat

Doelstelling op middellange termijn (resultaat) 2017

Internationale industriële samenwerking

 

 

Aantal gevallen waarin de regelgeving in de EU en in derde landen voor industrieproducten beter op elkaar is afgestemd

Er wordt geschat dat in de regelgevingssamenwerking met de belangrijkste handelspartners (VS, Japan, China, Brazilië, Rusland, Canada, India) gemiddeld op 2 relevante gebieden de technische regelgeving goed op elkaar is afgestemd

3 relevante gebieden met aanzienlijke afstemming van technische regelgeving met de voornaamste handelspartners (VS, Japan, China, Brazilië, Rusland, Canada, India) (2017)

Aantal gebieden en goede praktijken van de Small Business Act van de EU die geïntroduceerd zijn in naburige landen en kandidaat-lidstaten

Er wordt geschat dat er gemiddeld, in de drie beleidsregio's (kandidaat-lidstaten, oostelijke naburige landen en naburige landen aan de Middellandse Zee), van de 10 beleidsgebieden van de SBA, ten minste drie werden gereguleerd in deze landen.

5 beleidsgebieden van de SBA in de drie beleidsregio's (kandidaat-lidstaten, oostelijke naburige landen en naburige landen aan de Middellandse Zee) (2017)

 

Amendement

Specifieke doelstelling:

De markttoegang binnen de Unie en wereldwijd verbeteren

Resultaatindicator

Laatst bekende resultaat

Doelstelling op middellange termijn (2017)

Doelstelling op lange termijn (2020)

Internationale industriële samenwerking

 

 

 

Aantal gevallen waarin de regelgeving in de EU en in derde landen voor industrieproducten beter op elkaar is afgestemd

Er wordt geschat dat in de regelgevingssamenwerking met de belangrijkste handelspartners (VS, Japan, China, Brazilië, Rusland, Canada, India) gemiddeld op 2 relevante gebieden de technische regelgeving goed op elkaar is afgestemd

3 relevante gebieden met aanzienlijke afstemming van technische regelgeving met de voornaamste handelspartners (VS, Japan, China, Brazilië, Rusland, Canada, India) (2017)

4 relevante gebieden met aanzienlijke afstemming van technische regelgeving met de voornaamste handelspartners (VS, Japan, China, Brazilië, Rusland, Canada, India)

Aantal gebieden en goede praktijken van de Small Business Act van de EU die geïntroduceerd zijn in naburige landen en kandidaat-lidstaten

Er wordt geschat dat er gemiddeld, in de drie beleidsregio's (kandidaat-lidstaten, oostelijke naburige landen en naburige landen aan de Middellandse Zee), van de 10 beleidsgebieden van de SBA, ten minste drie werden gereguleerd in deze landen.

5 beleidsgebieden van de SBA in de drie beleidsregio's (kandidaat-lidstaten, oostelijke naburige landen en naburige landen aan de Middellandse Zee) (2017)

5 beleidsgebieden van de SBA in de drie beleidsregio's (kandidaat-lidstaten, oostelijke naburige landen en naburige landen aan de Middellandse Zee)

Amendement  96

Voorstel voor een verordening

Bijlage II

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Bijlage schrappen

(1)

PB C 181 van 21.6.2012, blz. 125.


TOELICHTING

Inleiding

Het wereldwijde concurrentievermogen van Europese kleine en middelgrote ondernemingen (kmo's) wordt ondermijnd door tekortkomingen van de markt en van het beleid en door institutionele tekortkomingen, zoals het gebrek aan toegang tot financiering en tot markten, en buitensporige regelgeving. Hierdoor vertonen Europese kmo's een lagere productiviteit en groeien ze langzamer dan bedrijven in andere delen van de wereld. Ook zijn ze minder goed in staat zich succesvol aan te passen aan veranderingen dan grotere bedrijven in Europa. Deze problemen zijn nog verergerd door de economische crisis van 2008, die de kmo's buitengewoon hard heeft getroffen.

Binnen het huidige meerjarige financiële kader (MFK) financiert de EU maatregelen ter ondersteuning van ondernemerschap en innovatie en ter stimulering van de ontwikkeling en groei van kmo's door middel van het programma voor ondernemerschap en innovatie (Entrepreneurship and Innovation Programme (EIP)), een van de drie pijlers van het kaderprogramma voor concurrentievermogen en innovatie (Competitiveness and Innovation Framework Programme (CIP)). In het volgende MFK (2014-2020) wordt het EIP opgevolgd door het programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en voor kleine en middelgrote ondernemingen (Programme for the Competitiveness of Enterprises and Small and Medium-sized Enterprises (COSME)). Na haar besluit om onderzoek en ontwikkeling beter op elkaar af te stemmen, heeft de Europese Commissie (EC) voorgesteld om innovatiegerelateerde activiteiten van het huidige EIP te laten vallen onder Horizon 2020, het nieuwe kaderprogramma voor onderzoek en ontwikkeling. COSME zal zich daarom richten op concurrentievermogen, groei en ondernemerschap.

De rapporteur is bijzonder ingenomen met het voorstel voor het COSME-programma, dat het enige bestedingsprogramma van de EU is dat specifiek gericht is op het stimuleren van kmo's. Teneinde het voorstel verder te verbeteren, zou hij de volgende algemene en specifieke opmerkingen onder de aandacht willen brengen:

Algemene opmerkingen

1. Gerichtheid op vermindering van de administratieve last, toegang tot financiering en markttoegang

Gezien zijn beperkte budget moet COSME zich richten op acties met de grootste impact en het sterkste hefboomeffect. De rapporteur stelt drie aandachtsgebieden voor: vermindering van de administratieve last, toegang tot financiering en markttoegang.

Na het succesvolle Actieprogramma ter vermindering van de administratieve lasten in de EU, heeft de EU een nieuwe, ambitieuzere reductiedoelstelling voor 2020 nodig. De steun voor de werkzaamheden van de Groep op hoog niveau van onafhankelijke belanghebbenden voor vermindering van administratieve lasten moet in het kader van COSME worden voortgezet.

In de nasleep van de financiële en economische crisis, is toegang tot financiering de voornaamste zorg geworden voor Europese kmo's: banken leggen een grotere terughoudendheid aan de dag in het verstrekken van leningen en investeerders zijn afkeriger geworden van risico's. De financiële instrumenten van het EIP zijn succesvol gebleken in hun hulp aan kmo's om financiering zeker te stellen. Ze hebben geleid tot aanzienlijke hefboomeffecten en tot een groei in omzet en werkgelegenheid en moeten in het kader van COSME worden voortgezet.

Markttoegang in Europa en derde landen dient een derde prioriteitengebied van COSME te zijn. Het Enterprise Europe Network herbergt wat dat betreft veel onbenut potentieel. Het toezicht op het EEN moet verder worden verbeterd. De zichtbaarheid ervan moet worden verhoogd.

2. Gerichtheid op alle kmo's

COSME moet niet alleen gericht zijn op kmo's met grensoverschrijdende activiteiten, maar ook op kmo's die actief zijn op lokaal, regionaal en nationaal niveau, indien een toegevoegde waarde voor de EU wordt aangetoond. Een voor de EU toegevoegde waarde kan ook bestaan uit het bestrijden van tekortkomingen van de markt die niet alleen door de lidstaten kunnen worden bestreden.

3. Een krachtiger verband met de Small Business Act

Bij de uitvoering van de acties van COSME moet bijzondere aandacht worden besteed aan de tien beginselen van de Small Business Act (SBA), waarmee voor het eerst een algemeen beleidskader voor de EU en haar lidstaten wordt vastgesteld, als richtsnoer voor het creëren en uitvoeren van beleid gebaseerd op de ‘Denk eerst klein'-aanpak.

4. Grotere betrokkenheid van belangenorganisaties van kmo's

COSME is specifiek voor kmo's in het leven geroepen. Om zijn doelstellingen te verwezenlijken, is een nauwere betrokkenheid van belangenorganisaties van kmo's van essentieel belang. Zo zou de EC de samenwerking van kmo-organisaties bij de ontwikkeling van kmo-beleid moeten ondersteunen. De EC zou ook in voorkomend geval kmo-organisaties moeten raadplegen bij de ontwikkeling van indicatoren, en alvorens te beslissen over de doelstelling van het jaarlijkse werkprogramma.

5.        Ondersteuning voor overdrachten van ondernemingen

Overdrachten van ondernemingen zijn belangrijk voor de groei en ontwikkeling van kmo's. Elk jaar dreigen er 150.000 ondernemingen en 600.000 banen verloren te gaan door inefficiëntie in het system van overdrachten van ondernemingen. COSME moet deze tekortkoming van de markt aanpakken.

6.        Een ruimer budget voor kmo's

Het is een welbekend feit onder beleidsmakers dat de 23 miljoen kmo's een voorname bron van economische groei en werkgelegenheid zijn in de Unie. Helaas komt het politieke belang van kmo's niet tot uiting in de begroting van COSME: met 2,5 miljard EUR is slechts 0,2% van de voorgestelde MFK-begroting toegewezen aan COSME. Met het oog op zijn aanbevelingen dat financiële instrumenten ook overdrachten van ondernemingen moeten ondersteunen en dat de drempel van de leninggarantiefaciliteit voor leningen van meer dan 150.000 EUR voor niet-innovatieve kmo's moet worden afgeschaft, acht de rapporteur het voorgestelde budget ontoereikend om de ambitieuze doelstellingen te verwezenlijken. Hij stelt derhalve voor de begroting te verhogen tot 0,5% van de MFK-begroting. Hieruit zou blijken dat het de EU wel degelijk serieus is over de ondersteuning van kmo's.

Specifieke opmerkingen

1.  Algemene doelstellingen

1.1.  Duurzaam concurrentievermogen (artikel 2, lid 1, letter a)

De eerste algemene doelstelling moet zijn: een duurzaam concurrentievermogen van de EU-ondernemingen, in het bijzonder van kmo's. Concurrentievermogen en duurzaamheid moeten niet worden opgevat als afzonderlijke doelstellingen, aangezien concurrentievermogen op de lange termijn afhankelijk is van duurzaamheid en beleid gebaseerd moet zijn op langetermijnstrategie. Duurzaam concurrentievermogen weerspiegelt het vermogen om (economische) concurrentiekracht voor het bedrijfsleven te bewerkstelligen en te handhaven met inachtneming van de doelstellingen aangaande duurzame ontwikkeling.

1.2. Toerisme (artikel 2, lid 1, letter a, en artikel 3, lid 1, letter a)

De rapporteur is van opvatting dat initiatieven in de toeristische sector in aanmerking komen voor steun in het kader van COSME indien kan worden aangetoond dat zij van toegevoegde waarde zijn voor de EU, net als elke andere sector met een hoog percentage kmo's en een groot aandeel in het bbp. Niettemin mag COSME niet op voorhand onderscheid maken tussen sectoren. Het wordt daarom niet passend geacht om in de doelstellingen van het programma de toeristische sector op de voorgrond te plaatsen. Niettemin moet er in het kader van de specifieke acties extra aandacht aan toerisme worden gegeven, aangezien toerisme pas sinds kort een gedeelde verantwoordelijkheid is in de EU.

2. Specifieke doelstellingen

2.1.  Acties ter verbetering van de raamvoorwaarden voor duurzaam concurrentievermogen (artikel 6):

Gezien de beperkte middelen, moeten steunmaatregelen gericht zijn op het breedst mogelijke gamma aan kmo's. Niettemin zou de EC in staat moeten worden gesteld ondersteuning te bieden aan sectorspecifieke initiatieven met een ruim aandeel aan kmo's en een hoge bijdrage aan het bbp van de Unie, mits er een toegevoegde waarde voor de EU kan worden aangetoond.

2.2. Acties ter bevordering van ondernemerschap (Artikel 7)

Een bedrijfsvriendelijk klimaat voorziet in goede raamvoorwaarden voor alle situaties waarmee ondernemers worden geconfronteerd. Volgens de Small Business Act geldt dit niet alleen voor de groeifase, maar ook voor het opstarten van een bedrijf, de overdracht en het faillissement (tweede kans).

2.3.  Acties ter verbetering van de toegang tot financiering voor kmo's (artikel 8)

Kmo's hebben niet alleen toegang tot financiering nodig in hun opstart- en groeifases, maar ook in hun overdrachtsfases (zie hierboven). Dit geldt ook voor de financiële instrumenten.

2.4. Acties ter verbetering van de markttoegang (artikel 9)

De rapporteur stemt ermee in dat de EC haar ondersteuning van het Enterprise Europe Network (EEN) voortzet. De prestaties van het Netwerk hebben zich continu verbeterd. Het voorziet in een breed scala aan bedrijfsondersteuningsdiensten met een duidelijke Europese toegevoegde waarde. Niettemin zouden zijn prestaties verder moeten worden verbeterd, op basis van een analyse van de verschillende toezichtstructuren en de respons in lidstaten.

Specifieke maatregelen om de markttoegang van kmo's in prioritaire derde landen te verbeteren, zoals de China IPR SME Helpdesk, moeten worden ondersteund, zolang deze geen door de lidstaten of het EEN geleverde diensten overlappen. De rapporteur is ook een voorstander van ondersteuning ten aanzien van normen en openbare aanbestedingen in derde landen. Alvorens nieuwe maatregelen in te voeren, moet de EC bestaande ondersteunende maatregelen inventariseren.

3.   Financiële instrumenten (artikelen 4, 14, bijlage II)

De rapporteur is ingenomen met de voorgestelde financiële instrumenten die de toegang tot leningen en eigenvermogensfinanciering voor kmo's vergemakkelijken. Maar het is voor hem ook een punt van zorg dat de overwogen splitsing van COSME en Horizon 2020 leidt tot nieuwe inefficiëntie en administratieve lasten. Het is daarom van essentieel belang dat de faciliteiten van beide programma's daadwerkelijk worden uitgevoerd als onderdeel van een enkel instrument, waartoe kmo's en intermediairs toegang hebben via een ‘enkel loket'.

De rapporteur is ingenomen met het feit dat 55,5% van de begroting voor financiële instrumenten is bestemd. Gezien het vraagoverschot en de sterke hefboomeffecten, stelt de rapporteur voor ten minste 55,5% van de begroting te bestemmen voor financiële instrumenten. Indien de kapitaalverstrekking in het kader van deze financiële instrumenten de vraag echter overstijgt, moet de EC in staat worden gesteld de drempel aan te passen. Hoewel de toewijzing van de begroting voor elk instrument slechts indicatief is, moet bij de toewijzing van financiering aan verschillende faciliteiten rekening worden gehouden met de vraag van de markt.

3.1      Eigenvermogensfaciliteit voor groei (artikel 14, bijlage II)

De rapporteur is ingenomen met het voorstel voor een eigenvermogensfaciliteit voor kmo's in hun groeifase die een aanvulling zal zijn op de eigenvermogensfaciliteit in het kader van Horizon 2020 die gericht is op starters. De bepaling betreffende mezzaninefinanciering is met name belangrijk aangezien het eigenaren van kmo's toegang geeft tot aandelenkapitaal zonder verlies van hun eigenaarschap.

3.2      Leninggarantiefaciliteit (artikel 14, bijlage II)

De EC heeft voorgesteld dat de LGF alleen leningen tot 150.000 EUR dekt en dat hogere leningen vallen onder RSI II in het kader van Horizon 2020, waarvoor alleen innovatieve ondernemingen in aanmerking komen. Maar er is ook een financieringstekort voor leningen van meer dan 150.000 EUR aan niet-innovatieve kmo's, in het bijzonder met betrekking tot de overdrachten van bedrijven, die volgens de rapporteur door het LGF in aanmerking moeten worden genomen. Hij stelt daarom voor dat leningen van meer dan 150 000 EUR ook onder het LGF komen te vallen voor kmo's die niet voldoen aan de criteria om in aanmerking te komen voor RSI II.

4.   Indicatoren (bijlage I)

De rapporteur is van opvatting dat er voor een valide en betrouwbare meting van prestaties, meer en betere indicatoren nodig zijn. Verder zouden de prestatiedoelen ambitieuzer moeten zijn en zouden er twee afzonderlijke doelen moeten worden gesteld voor de specifieke doelstellingen teneinde een tussentijdse evaluatie in 2017 en een benchmark voor 2020 mogelijk te maken.


ADVIES van de Begrotingscommissie (18.9.2012)

aan de Commissie industrie, onderzoek en energie

inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en voor kleine en middelgrote ondernemingen (2014 - 2020)

(COM(2011)0834 – C7-0463/2011 – 2011/0394(COD))

Rapporteur voor advies: Paul Rübig

BEKNOPTE MOTIVERING

De kleine en middelgrote ondernemingen in Europa hebben bewezen het belangrijkste instrument te zijn waarmee in de hele Unie voor groei en betere banen kan worden gezorgd. Zij vormen het middelpunt van de Europa 2020-strategie en zijn van essentieel belang opdat de doelstellingen van de strategie – namelijk slimme, duurzame en inclusieve groei – kunnen worden bereikt. Dit is met name van belang in het huidige economische klimaat. Kleine en middelgrote ondernemingen (kmo's) kunnen een uitweg bieden uit de huidige economische en tewerkstellingscrisis. Per slot van rekening werd tussen 2002 en 2010 85% van alle nieuwe jobs in de EU gecreëerd door kmo's.

Om deze ambitieuze opdracht te kunnen vervullen, moeten de Europese kmo's steun van de EU ontvangen, zowel op politiek als op financieel vlak. De EU heeft momenteel de moeilijke taak de tekortkomingen van de markt en het beleid die het concurrentievermogen van kmo's ernstig verzwakt hebben, aan te pakken en het groeipotentieel van kmo's te ontsluiten. Dit houdt in dat de bureaucratische rompslomp en de administratieve lasten moeten worden verminderd en dat de toegang van kmo's tot financiering en tot de markten moet worden verbeterd. In het kader van het volgende MFK 2014-2020 heeft de Commissie het COSME-programma voorgesteld, dat erop gericht is deze problemen daadkrachtig aan te pakken door de raamvoorwaarden voor EU-ondernemingen te verbeteren en ondernemerschap aan te moedigen.

Het totale voorgestelde budget voor het COSME-programma bedraagt 2,5 miljard euro. In het licht van de bijzonder moeizame lopende onderhandelingen over het volgende MFK wil de rapporteur benadrukken dat een vermindering van de financiering voor programma's zoals COSME, die een centrale rol spelen voor de competitiviteit en werkgelegenheid in Europa, niet te rechtvaardigen valt, zelfs indien er globaal gezien minder middelen voorhanden zijn. De rapporteur acht het overigens ondenkbaar dat de financiële enveloppe voor het COSME-programma in werkelijke cijfers minder bedraagt dan het bedrag dat momenteel is toegekend aan het CIP. Om de toekenning van zo veel mogelijk middelen te waarborgen, pleit de rapporteur er eveneens ten sterkste voor om daarnaast ook de eventuele boetes die de Commissie oplegt aan ondernemingen die het mededingingsrecht van de EU niet eerbiedigen, aan dit programma toe te wijzen.

In het kader van het nieuwe programma moet de klemtoon in de eerste plaats op jonge ondernemers komen te liggen. De rapporteur stelt voor om het initiatief "Erasmus voor jonge ondernemers" als een afzonderlijke actie in COSME op te nemen. Dit initiatief, dat het Europees Parlement oorspronkelijk had voorgesteld als een voorbereidende actie, is de voorbije jaren met succes uitgevoerd en stelt jonge ondernemers in staat te leren uit en voort te bouwen op in het buitenland opgedane ervaringen en goede praktijken uit andere lidstaten. "Erasmus voor jonge ondernemers" is ontegensprekelijk een succesverhaal en verdient daarom een aparte plaats in het nieuwe programma, opdat het kan bijdragen tot de ontwikkeling van de ondernemersvaardigheden en -geest van jonge mensen.

Voor wat de terugvloeiende middelen uit financiële instrumenten in het kader van COSME betreft, gaat de rapporteur volledig akkoord met het voorstel van de commissie om de ontvangsten en terugbetalingen die afkomstig zijn van een bepaald financieel instrument, opnieuw aan dat financieel instrument toe te wijzen. Hij is van mening dat het vermenigvuldigingseffect van deze instrumenten kmo's een haalbaarder en duurzamer toekomst kan verzekeren.

AMENDEMENTEN

De Begrotingscommissie verzoekt de ten principale bevoegde Commissie industrie, onderzoek en energie onderstaande amendementen in haar verslag op te nemen:

Amendement  1

Ontwerpwetgevingsresolutie

Paragraaf 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis. wijst erop dat de in het wetgevingsvoorstel genoemde financiële middelen slechts een indicatie voor de wetgevingsautoriteit vormen en dat deze niet definitief kunnen worden vastgesteld zolang er geen overeenstemming is bereikt over de verordening betreffende het meerjarig financieel kader voor de periode 2014-2020;

Amendement  2

Ontwerpwetgevingsresolutie

Paragraaf 1 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis. herinnert aan zijn resolutie van 8 juni 2011 over "Investeren in de toekomst: een nieuw meerjarig financieel kader (MFK) voor een concurrerend, duurzaam en integratiegericht Europa1; herhaalt dat er in het volgende MFK voldoende aanvullende financiële middelen ter beschikking moeten worden gesteld om de Unie in staat te stellen uitvoering te geven aan haar huidige beleidsprioriteiten en de nieuwe taken zoals vastgelegd in het Verdrag van Lissabon, alsook om in te spelen op onvoorziene gebeurtenissen; roept de Raad ertoe op om, indien hij deze aanpak niet deelt, duidelijk aan te geven welke politieke prioriteiten of projecten ongeacht hun bewezen toegevoegde waarde voor Europa volledig kunnen worden geschrapt; wijst erop dat zelfs als het niveau van de middelen van het volgende MFK ten minste 5% hoger ligt dan het niveau van 2013, er slechts een beperkte bijdrage kan worden geleverd aan het verwezenlijken van de afgesproken doelstellingen en toezeggingen van de Unie en het beginsel van solidariteit in de Unie;

 

____________

1 Aangenomen teksten, P7_TA(2011)0266.

Amendement  3

Ontwerpwetgevingsresolutie

Paragraaf 1 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 quater. herhaalt het standpunt dat het heeft ingenomen in zijn resolutie van 8 juni 2011, waarin het stelde dat er in het volgende MFK meer ondersteuning moet worden verleend aan alle programma's en instrumenten die tot doel hebben kmo's aan te moedigen, met name dit programma en de Small Business Act;

Amendement  4

Voorstel voor een verordening

Overweging 6 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(6 bis) De besteding van financiële middelen van de Unie en de lidstaten ter bevordering van het concurrentievermogen van bedrijven en kmo's moet beter gecoördineerd worden zodat er voor complementariteit en meer efficiëntie en zichtbaarheid wordt gezorgd en zodat er een grotere budgettaire synergie ontstaat; de financiële enveloppe voor het programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en kleine en middelgrote ondernemingen (COSME-programma) mag in werkelijke cijfers niet minder bedragen dan de kredieten die zijn toegewezen aan het programma voor concurrentievermogen en innovatie (CIP-programma).

Amendement  5

Voorstel voor een verordening

Overweging 10 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(10 bis) De bedragen van de boetes die de Commissie oplegt aan ondernemingen die het mededingingsrecht van de EU niet eerbiedigen, moeten bovenop de financiële enveloppe aan het programma worden toegewezen.

Amendement  6

Voorstel voor een verordening

Overweging 11

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(11) Het programma moet zich vooral richten tot kmo's, zoals gedefinieerd in Aanbeveling 2003/361/EG van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen. Er moet vooral aandacht worden besteed aan micro-ondernemingen, ondernemingen die ambachtelijke activiteiten verrichten en sociale ondernemingen. Aandacht moet ook worden besteed aan de specifieke kenmerken en vereisten van jonge ondernemers, nieuwe en potentiële ondernemers en vrouwelijke ondernemers, alsmede voor specifieke doelgroepen, zoals migranten en ondernemers uit sociaal benadeelde of kwetsbare groepen, zoals personen met een functiebeperking. Het programma moet oudere burgers ook aanmoedigen om ondernemer te worden of te blijven en tweede kansen voor ondernemers bevorderen.

(11) Het programma moet zich vooral richten tot kmo's, zoals gedefinieerd in Aanbeveling 2003/361/EG van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen. Er moet vooral aandacht worden besteed aan micro-ondernemingen, ondernemingen die ambachtelijke activiteiten verrichten en sociale ondernemingen. Aandacht moet ook worden besteed aan de specifieke kenmerken en vereisten van jonge ondernemers, zelfstandigen, nieuwe en potentiële ondernemers en vrouwelijke ondernemers, alsmede voor specifieke doelgroepen, zoals migranten en ondernemers uit sociaal benadeelde of kwetsbare groepen, zoals personen met een functiebeperking. Het programma moet oudere burgers ook aanmoedigen om ondernemer te worden of te blijven en tweede kansen voor ondernemers bevorderen. Er moet bijzondere aandacht worden besteed aan jonge ondernemers, met name via het programma "Erasmus voor jonge ondernemers".

Amendement  7

Voorstel voor een verordening

Overweging 12

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(12) Veel problemen rond concurrentievermogen in de Unie zijn te wijten aan het feit dat kmo's moeilijk toegang hebben tot financiering omdat zij hun kredietwaardigheid niet goed kunnen aantonen en moeilijk toegang krijgen tot durfkapitaal. Dit heeft een negatief effect op het aantal en de kwaliteit van de nieuw opgerichte ondernemingen en op de groei van ondernemingen. De toegevoegde waarde van de voorgestelde financiële instrumenten ligt voor de Unie onder meer in de versterking van de eengemaakte markt voor durfkapitaal en in de ontwikkeling van een pan-Europese financieringsmarkt voor kmo's. De maatregelen van de Unie moeten een aanvulling zijn op het gebruik door de lidstaten van financiële instrumenten voor kmo's. De organisaties die zijn belast met de uitvoering van de maatregelen, moeten zorgen voor additionaliteit en dubbele financiering met EU-middelen vermijden.

(12) Veel problemen rond concurrentievermogen in de Unie zijn te wijten aan het feit dat kmo's moeilijk toegang hebben tot financiering omdat zij hun kredietwaardigheid niet goed kunnen aantonen en moeilijk toegang krijgen tot durfkapitaal. Dit heeft een negatief effect op het aantal en de kwaliteit van de nieuw opgerichte ondernemingen en op de groei van ondernemingen, alsook op de bereidheid van nieuwe ondernemers om in het kader van de overdracht of successie van een onderneming levensvatbare bedrijven over te nemen. De financiële instrumenten van de EU die voor de periode 2007-2013 zijn ingesteld, met name de kmo-garantiefaciliteit, bieden een aantoonbare meerwaarde en hebben een positieve bijdrage geleverd voor minstens 120 000 kmo's, waarmee ze sinds het uitbreken van de financiële crisis in 2008 hebben bijgedragen tot het behoud van 851 000 banen. De grotere toegevoegde waarde van de voorgestelde financiële instrumenten ligt voor de Unie onder meer in de versterking van de eengemaakte markt voor durfkapitaal en in de ontwikkeling van een pan-Europese financieringsmarkt voor kmo's. De maatregelen van de Unie moeten een aanvulling zijn op het gebruik door de lidstaten van financiële instrumenten voor kmo's en de lidstaten moeten alles in het werk stellen om de zichtbaarheid en toegankelijkheid van deze instrumenten op hun grondgebied te vergroten. De organisaties die zijn belast met de uitvoering van de maatregelen, moeten zorgen voor additionaliteit en dubbele financiering met EU-middelen vermijden.

Amendement  8

Voorstel voor een verordening

Overweging 20 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(20 bis) Het is belangrijk de impact van het programma middels het mobiliseren, samenvoegen en stimuleren van openbare en particuliere financieringsbronnen te maximaliseren.

Amendement  9

Voorstel voor een verordening

Overweging 23 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(23 bis) Het programma moet zorgen voor een zo groot mogelijke transparantie, verantwoordingsplicht en democratische toetsing van de innovatieve financieringsinstrumenten en -mechanismen waarbij de EU-begroting betrokken is, in het bijzonder voor wat betreft hun verwachte en werkelijke bijdrage tot de verwezenlijking van de doelstellingen van de Unie.

Amendement  10

Voorstel voor een verordening

Overweging 24 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(24 bis) Het is belangrijk ervoor te zorgen dat het programma financieel goed wordt beheerd en zo doeltreffend en gebruikersvriendelijk mogelijk wordt uitgevoerd, en tevens zorg te dragen voor rechtszekerheid en de toegankelijkheid van het programma voor alle deelnemers.

Amendement  11

Voorstel voor een verordening

Overweging 25 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(25 bis) De uitvoering van het programma moet jaarlijks met behulp van kernindicatoren voor de beoordeling van resultaten en effecten gecontroleerd worden. Deze indicatoren, met inbegrip van relevante referentiescenario's, leveren een minimumbasis voor de beoordeling van de mate waarin de doelstellingen van het programma bereikt zijn.

Amendement  12

Voorstel voor een verordening

Artikel 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Een programma voor maatregelen van de Unie om het concurrentievermogen te verbeteren van ondernemingen, met het accent op kleine en middelgrote ondernemingen (kmo's) (hierna "het programma"), wordt vastgesteld voor de periode van 1 januari 2014 tot 31 december 2020.

Een programma voor maatregelen van de Unie om het concurrentievermogen van ondernemingen te verbeteren, met het accent op bedrijven van zelfstandigen, micro-, kleine, ambachtelijke en middelgrote ondernemingen (kmo's) (hierna "het programma"), wordt vastgesteld voor de periode van 1 januari 2014 tot 31 december 2020.

Amendement  13

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 2 – letter d bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

d bis) verschil tussen het aantal nieuw gevestigde kmo's en het aantal reeds bestaande,

Amendement  14

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – lid 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b) bevordering van ondernemerschap, waaronder bij specifieke doelgroepen;

b) bevordering van ondernemerschap, waaronder bij specifieke doelgroepen en in het bijzonder jonge ondernemers;

Amendement  15

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Het financiële kader voor de uitvoering van het programma bedraagt 2,522 miljard euro, waarvan ongeveer 1,4 miljard euro aan financiële instrumenten zal worden toegewezen.

1. Het financiële kader voor de uitvoering van het programma in de zin van punt [17] van het Interinstitutioneel Akkoord van xxx/201z tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer, bedraagt voor de gehele looptijd […]% van de totale MFK-plafonds voor 2014-2020, waarvan ongeveer 60% aan financiële instrumenten zal worden toegewezen. Dit bedrag vormt voor de begrotingsautoriteit het voornaamste referentiepunt in de loop van de jaarlijkse begrotingsprocedure.

Amendement  16

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis. Het in lid 1 genoemde, voor financiële instrumenten toegewezen bedrag is een indicatief bedrag, onder voorbehoud van de prerogatieven van de begrotingsautoriteit. Het kan in het kader van de jaarlijkse begrotingsprocedure naar boven of naar beneden worden aangepast, al naargelang de resultaten die bij de uitvoering van de verschillende in bijlage II bedoelde financiële instrumenten zijn bereikt.

Amendement  17

Voorstel voor een verordening

Artikel 7 – lid 2 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Er zal een initiatief "Erasmus voor jonge ondernemers" worden opgericht met als doel de ondernemersvaardigheden en -geest van jonge mensen te stimuleren.

Amendement  18

Voorstel voor een verordening

Artikel 7 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De Commissie kan maatregelen van de lidstaten ondersteunen voor het opbouwen van ondernemersopleiding, ondernemersvaardigheden en ondernemingszin, met name onder potentiële en nieuwe ondernemers.

3. De Commissie kan maatregelen van de lidstaten ondersteunen voor het opbouwen van ondernemersopleiding, ondernemersvaardigheden, ondernemersdenken en ondernemingszin, met name in het kader van onderwijs en opleiding en onder potentiële en nieuwe ondernemers.

Amendement  19

Voorstel voor een verordening

Artikel 14 – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. In overeenstemming met artikel 18, lid 4, van de Verordening (EU) nr. XXXX/2012 [nieuw Financieel Reglement] worden de ontvangsten en terugbetalingen die afkomstig zijn van een bepaald financieel instrument, aan dat financieel instrument toegewezen. Voor financiële instrumenten die al vastgesteld zijn in het meerjarige financiële kader voor de periode 2007-2013, worden de ontvangsten en terugbetalingen uit in die periode aangevangen verrichtingen aan het financieel instrument voor de periode 2014-2020 toegewezen.

4. In overeenstemming met artikel 18, lid 3, onder h), van de Verordening (EU) nr. XXXX/2012 [nieuw Financieel Reglement] worden de ontvangsten en terugbetalingen die afkomstig zijn van een bepaald financieel instrument, aan dat financieel instrument toegewezen. Voor financiële instrumenten die al vastgesteld zijn in het meerjarige financiële kader voor de periode 2007-2013, worden de ontvangsten en terugbetalingen uit in die periode aangevangen verrichtingen aan het financieel instrument voor de periode 2014-2020 toegewezen.

Amendement  20

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel "De leninggarantiefaciliteit (LGF)" – punt 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De LGF moet, behalve voor leningen in de geëffectiseerde portefeuille, leningen dekken tot maximaal 150 000 euro en met een minimumlooptijd van 12 maanden. De LGF moet zodanig zijn opgezet dat kan worden gerapporteerd over de innovatieve ondersteunde kmo's, zowel wat het aantal als de omvang van de leningen betreft.

3. De LGF moet, behalve voor leningen in de geëffectiseerde portefeuille, leningen dekken tot maximaal 250 000 euro en met een minimumlooptijd van 12 maanden. In geval van de financiering van de overdracht van een onderneming kan het leningsbedrag tot 1 000 000 euro bedragen. De LGF moet zodanig zijn opgezet dat er afzonderlijk kan worden gerapporteerd over de opstarting van ondernemingen, de overdracht van ondernemingen, de uitbreiding van bestaande ondernemingen en de innovatieve ondersteunde kmo's, zowel wat het aantal als de omvang van de leningen betreft.

PROCEDURE

Titel

Programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en het midden- en kleinbedrijf (2014-2020)

Document- en procedurenummers

COM(2011)0834 – C7-0463/2011 – 2011/0394(COD)

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

ITRE

13.12.2011

 

 

 

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

BUDG

13.12.2011

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

Paul Rübig

6.2.2012

Behandeling in de commissie

20.6.2012

 

 

 

Datum goedkeuring

6.9.2012

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

33

2

2

Bij de eindstemming aanwezige leden

Marta Andreasen, Richard Ashworth, Reimer Böge, Zuzana Brzobohatá, Jean Louis Cottigny, Jean-Luc Dehaene, James Elles, Göran Färm, José Manuel Fernandes, Eider Gardiazábal Rubial, Salvador Garriga Polledo, Jens Geier, Ingeborg Gräßle, Lucas Hartong, Jutta Haug, Monika Hohlmeier, Sidonia Elżbieta Jędrzejewska, Anne E. Jensen, Sergej Kozlík, Jan Kozłowski, Giovanni La Via, George Lyon, Claudio Morganti, Jan Mulder, Juan Andrés Naranjo Escobar, Dominique Riquet, Derek Vaughan, Angelika Werthmann

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Burkhard Balz, Maria Da Graça Carvalho, Edit Herczog, Peter Jahr, Jürgen Klute, Paul Rübig, Peter Šťastný, Georgios Stavrakakis

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervanger(s) (art. 187, lid 2)

Luigi Berlinguer


ADVIES van de Commissie interne markt en consumentenbescherming (10.7.2012)

aan de Commissie industrie, onderzoek en energie

inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en voor kleine en middelgrote ondernemingen (2014 - 2020)

(COM(2011)0834 – C7‑0463/2011 – 2011/0394(COD))

Rapporteur voor advies: Emma McClarkin

BEKNOPTE MOTIVERING

De rapporteur verwelkomt het door de Commissie voorgestelde COSME-programma voor de periode 2014-2020 dat is gericht op versterking van het concurrentievermogen en de duurzaamheid van ondernemingen in de Unie en daarnaast is bedoeld om de tenuitvoerlegging te bevorderen van de Europa 2020-strategie en bij te dragen aan de verwezenlijking van de doelstelling voor slimme, duurzame en inclusieve groei. De rapporteur is van mening dat het COSME-programma inderdaad moet zijn gericht op de bevordering van het concurrentievermogen en de groei van EU-ondernemingen, met name van kmo´s. Het moet er tevens naar streven financiering beter toegankelijk te maken en ondernemerschap te bevorderen, onder meer voor specifieke doelgroepen zoals jongeren en vrouwen. Verbetering van de toegang tot markten, met name binnen de Unie, maar ook wereldwijd, is eveneens een belangrijke doelstelling.

De rapporteur is van mening dat zelfstandig ondernemerschap en bedrijfsontwikkeling belangrijke bronnen zijn voor groei en het scheppen van werkgelegenheid op EU-niveau. Daarom dienen de omstandigheden voor ondernemers, met name voor kmo´s, en voor burgers die een bedrijf willen opzetten, te worden verbeterd. Bij de opstelling van dit advies heeft de rapporteur zich gericht op een aantal belangrijke gebieden die aan deze doelstelling kunnen bijdragen:

· bevordering van de implementatie van nieuwe competitieve bedrijfsmodellen en de samenwerking van kmo´s binnen nieuwe waardeketens en op nieuwe markten;

· verbetering van de toegang van kmo´s tot financiering gedurende de groei- en opstartfase;

· vermindering en vereenvoudiging van tijdrovende belemmeringen voor kmo´s;

· krachtiger promotie van de COSME-programma´s en –fondsen onder kmo´s, zodat deze bewust worden van de financiële mogelijkheden waarvan zij gebruik kunnen maken;

· financiering van het Enterprise Europe Network teneinde EU-programma´s te selecteren die het concurrentievermogen en de groei van ondernemingen op de interne markt kunnen verbeteren;

· ondersteuning van kmo´s door advies en informatie te verstrekken over kwesties als belemmeringen voor de toegang tot de markt, ondernemingskansen, normen en intellectuele-eigendomsrechten in prioritaire derde landen;

· bevordering van informatievoorziening met betrekking tot digitale diensten;

· de opzet van een toezichtsysteem om te waarborgen dat de banken de fondsen en garanties gebruiken om meer leningen aan kmo´s te verstrekken.

De rapporteur is van mening dat de maatregelen van de Europese Unie de reeds door de lidstaten genomen maatregelen niet mogen overlappen. Om die reden ziet de rapporteur halsreikend uit naar de resultaten van de inventarisatie die op dit moment door de Commissie wordt uitgevoerd. Het is essentieel dat het COSME-programma toegevoegde waarde genereert en dat de voor dit programma uitgetrokken middelen worden besteed aan groei creërende maatregelen.

Wat steunmaatregelen en vereenvoudiging betreft, wijst de rapporteur nadrukkelijk op de waarde van slimme regulering, met inbegrip van zogeheten "fitheidscontroles" met betrekking tot bestaande wetgeving en effectbeoordelingen van Uniemaatregelen die van bijzonder belang zijn voor het concurrentievermogen en de groei van ondernemingen. Om het bedrijfsleven te ontlasten en om groei waar nodig te stimuleren, dient wetgeving te worden vereenvoudigd en moeten de lasten voor kmo´s in toekomstige wetgeving tot een minimum worden beperkt.

De rapporteur deelt het standpunt van de Commissie dat micro-ondernemingen van de EU-wetgeving moeten worden uitgezonderd, tenzij er een goede reden is om dit niet te doen. De bevordering van het gebruik van de kmo-toets en de concurrentiebestendigheidstoetsen, die eveneens door de lidstaten zouden moeten worden uitgevoerd, is essentieel om de lasten te verminderen.

De rapporteur zet vraagtekens bij het feit dat de toerismesector van de wetgeving wordt uitgezonderd, terwijl dit niet geldt voor andere sectoren zoals overheidsopdrachten en de dienstensector die van essentieel belang zijn voor groei. De rapporteur is van mening dat het noodzakelijk is om het COSME-programma te evalueren, waarbij onder andere gekeken moet worden naar de effecten op werkgelegenheid en groei, teneinde na te gaan in welke mate de doelstellingen van het programma zijn verwezenlijkt.

AMENDEMENTEN

De Commissie interne markt en consumentenbescherming verzoekt de ten principale bevoegde Commissie industrie, onderzoek en energie onderstaande amendementen in haar verslag op te nemen:

Amendement  1

Voorstel voor een verordening

Overweging 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(1) De Commissie heeft de Mededeling "Europa 2020 – Een strategie voor slimme, duurzame en inclusieve groei" (hierna "de Europa 2020-strategie") in maart 2010 goedgekeurd. De mededeling werd door de Europese Raad in juni 2010 bekrachtigd. De Europa 2020-strategie is een reactie op de economische crisis en is bedoeld om Europa op het volgende decennium voor te bereiden. Het stelt vijf ambitieuze doelstellingen vast inzake klimaat en energie, werkgelegenheid, innovatie, onderwijs en sociale inclusie die in 2020 bereikt moeten zijn en legt essentiële groeifactoren vast die Europa dynamischer en concurrerender moeten maken. Er wordt ook benadrukt hoe belangrijk het is om de groei van de Europese economie te stimuleren en te komen tot een hoog niveau van werkgelegenheid, een koolstofarme en energie-efficiënte economie die weinig hulpbonnen verbruikt, en sociale cohesie.

(1) De Commissie heeft de Mededeling "Europa 2020 – Een strategie voor slimme, duurzame en inclusieve groei" (hierna "de Europa 2020-strategie") in maart 2010 goedgekeurd. De mededeling werd door de Europese Raad in juni 2010 bekrachtigd. De Europa 2020-strategie is een reactie op de economische crisis en is bedoeld om Europa op het volgende decennium voor te bereiden. Het stelt vijf ambitieuze doelstellingen vast inzake klimaat en energie, werkgelegenheid, innovatie, onderwijs en sociale inclusie die in 2020 bereikt moeten zijn en legt essentiële groeifactoren vast die Europa dynamischer en concurrerender moeten maken. Er wordt ook benadrukt hoe belangrijk het is om de groei van de Europese economie te stimuleren en te komen tot een hoog niveau van werkgelegenheid, een koolstofarme en energie-efficiënte economie die weinig hulpbonnen verbruikt, en sociale cohesie, bijvoorbeeld via kmo's die een belangrijke rol spelen bij het halen van die doelstellingen.

Motivering

De belangrijke rol van kmo's bij het halen van de Europa 2020-doelstellingen blijkt uit het feit dat kmo's worden genoemd in zes van de zeven vlaggenschipinitiatieven. Het belang van kmo's moet consequent worden benadrukt in de beschrijving van het programma.

Amendement  2

Voorstel voor een verordening

Overweging 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(2) Om zeker te zijn dat ondernemingen een centrale rol spelen bij de verwezenlijking van economische groei in Europa, heeft de Commissie in oktober 2010 een mededeling goedgekeurd met de titel "Een geïntegreerd industriebeleid in een tijd van mondialisering: concurrentievermogen en duurzaamheid centraal stellen" die de Europese Raad in de conclusies van december 2010 heeft bekrachtigd. Dit is een vlaggenschipinitiatief van de Europa 2020-strategie. De mededeling tekent een strategie uit om meer groei en banen te creëren door in Europa een sterke, diverse en concurrerende industriële basis te behouden en te ondersteunen, vooral door de raamvoorwaarden voor ondernemingen te verbeteren en door diverse aspecten van de eengemaakte markt, waaronder bedrijfsgerelateerde diensten, te versterken.

(2) Om zeker te zijn dat ondernemingen een centrale rol spelen bij de verwezenlijking van economische groei in Europa, hetgeen een topprioriteit is, heeft de Commissie in oktober 2010 een mededeling goedgekeurd met de titel "Een geïntegreerd industriebeleid in een tijd van mondialisering: concurrentievermogen en duurzaamheid centraal stellen" die de Europese Raad in de conclusies van december 2010 heeft bekrachtigd. Dit is een vlaggenschipinitiatief van de Europa 2020-strategie. De mededeling tekent een strategie uit om meer groei en banen te creëren door in Europa een sterke, diverse en concurrerende industriële basis te behouden en te ondersteunen, vooral door de raamvoorwaarden voor ondernemingen te verbeteren en door diverse aspecten van de eengemaakte markt, waaronder bedrijfsgerelateerde diensten, te versterken.

Amendement  3

Voorstel voor een verordening

Overweging 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 bis) Tekorten, versnippering en onnodige bureaucratische rompslomp op de eengemaakte markt verhinderen burgers, consumenten en ondernemingen, vooral kmo's, om daar volledig van te profiteren. Veel kmo's kampen bijvoorbeeld voortdurend met problemen als ze proberen grensoverschrijdende handelsactiviteiten te ontplooien. Daarom zijn dringend gezamenlijke inspanningen van de Commissie, het Europees Parlement en de lidstaten nodig om de hiaten in de uitvoering, de wetgeving en de informatie aan te pakken. In overeenstemming met het beginsel van proportionaliteit moeten de Commissie en de lidstaten tevens samenwerken om buitensporige administratieve, financiële en wettelijke lasten voor kmo's terug te dringen.

Amendement  4

Voorstel voor een verordening

Overweging 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(6) Om bij te dragen aan de versterking van het concurrentievermogen en de duurzaamheid van EU-ondernemingen, vooral kmo's, aan de versterking van de kennismaatschappij en aan een ontwikkeling gebaseerd op een evenwichtige economische groei moet een programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en voor kmo's (hierna "het programma") worden vastgesteld.

(6) Om bij te dragen aan de versterking van het concurrentievermogen en de duurzaamheid van EU-ondernemingen, vooral kmo's, aan de versterking van de kennismaatschappij en aan een ontwikkeling gebaseerd op een evenwichtige economische groei moet een programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en voor kmo's (hierna "het programma") worden vastgesteld. Zonder te overlappen met programma's op nationaal niveau moet het programma vooral gemakkelijk toegankelijk zijn voor alle kmo's, met name kleine ondernemingen en micro-entiteiten.

Amendement  5

Voorstel voor een verordening

Overweging 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(8) Het concurrentiebeleid van de Unie is bedoeld om de institutionele en beleidsregelingen in te voeren die de juiste omstandigheden creëren waarin bedrijven op duurzame wijze kunnen groeien. Een betere productiviteit is de sterkste stimulans voor duurzame inkomstengroei die op zijn beurt bijdraagt tot een verbetering van de levensstandaard. Concurrentievermogen wordt ook bepaald door de mate waarin een bedrijf optimaal gebruik kan maken van geboden kansen, zoals de Europese eengemaakte markt. Dit is vooral belangrijk voor kmo's die 99% van de ondernemingen in de Unie uitmaken, twee op drie bestaande banen in de privésector en 80% van de nieuwe banen verschaffen en goed zijn voor meer dan de helft van de totale toegevoegde waarde die door ondernemingen in de Unie is gecreëerd. Kmo's zijn een essentiële motor voor economische groei, werkgelegenheid en sociale integratie.

(8) Het concurrentiebeleid van de Unie is bedoeld om de institutionele en beleidsregelingen in te voeren die de juiste omstandigheden creëren waarin bedrijven kunnen worden opgericht en op duurzame wijze kunnen groeien. Een betere productiviteit is de sterkste stimulans voor duurzame inkomstengroei die op zijn beurt bijdraagt tot een verbetering van de levensstandaard. Concurrentievermogen wordt ook bepaald door de mate waarin een bedrijf optimaal gebruik kan maken van geboden kansen, zoals de Europese eengemaakte markt. Dit is vooral belangrijk voor kmo's die 99% van de ondernemingen in de Unie uitmaken, twee op drie bestaande banen in de privésector en 80% van de nieuwe banen verschaffen en goed zijn voor meer dan de helft van de totale toegevoegde waarde die door ondernemingen in de Unie is gecreëerd. Kmo's zijn een essentiële motor voor economische groei, werkgelegenheid en sociale integratie.

Amendement  6

Voorstel voor een verordening

Overweging 11

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(11) Het programma moet zich vooral richten tot kmo's, zoals gedefinieerd in Aanbeveling 2003/361/EG van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen. Er moet vooral aandacht worden besteed aan micro-ondernemingen, ondernemingen die ambachtelijke activiteiten verrichten en sociale ondernemingen. Aandacht moet ook worden besteed aan de specifieke kenmerken en vereisten van jonge ondernemers, nieuwe en potentiële ondernemers en vrouwelijke ondernemers, alsmede voor specifieke doelgroepen, zoals migranten en ondernemers uit sociaal benadeelde of kwetsbare groepen, zoals personen met een functiebeperking. Het programma moet oudere burgers ook aanmoedigen om ondernemer te worden of te blijven en tweede kansen voor ondernemers bevorderen.

(11) Het programma moet zich vooral richten tot kmo's, zoals gedefinieerd in Aanbeveling 2003/361/EG van de Commissie van 6 mei 2003 betreffende de definitie van kleine, middelgrote en micro-ondernemingen. Er moet vooral aandacht worden besteed aan micro-ondernemingen en ondernemingen die ambachtelijke activiteiten verrichten. Aandacht moet ook worden besteed aan de specifieke kenmerken van doelgroepen, zoals jonge ondernemers, nieuwe en potentiële ondernemers en vrouwelijke ondernemers. Er moet doelgerichte informatie worden verschaft aan specifieke groepen, zoals migranten en personen met een functiebeperking. Het programma moet oudere burgers ook aanmoedigen om ondernemer te worden of te blijven en de overdracht van ondernemingen, spin-offs en tweede kansen voor ondernemers bevorderen.

Amendement  7

Voorstel voor een verordening

Overweging 12

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(12) Veel problemen rond concurrentievermogen in de Unie zijn te wijten aan het feit dat kmo's moeilijk toegang hebben tot financiering omdat zij hun kredietwaardigheid niet goed kunnen aantonen en moeilijk toegang krijgen tot durfkapitaal. Dit heeft een negatief effect op het aantal en de kwaliteit van de nieuw opgerichte ondernemingen en op de groei van ondernemingen. De toegevoegde waarde van de voorgestelde financiële instrumenten ligt voor de Unie onder meer in de versterking van de eengemaakte markt voor durfkapitaal en in de ontwikkeling van een pan-Europese financieringsmarkt voor kmo's. De maatregelen van de Unie moeten een aanvulling zijn op het gebruik door de lidstaten van financiële instrumenten voor kmo's. De organisaties die zijn belast met de uitvoering van de maatregelen, moeten zorgen voor additionaliteit en dubbele financiering met EU-middelen vermijden.

(12) Veel problemen rond concurrentievermogen in de Unie zijn te wijten aan het feit dat kmo's moeilijk toegang hebben tot financiering omdat zij hun kredietwaardigheid niet goed kunnen aantonen en moeilijk toegang krijgen tot durfkapitaal. Dit heeft een negatief effect op het aantal en de kwaliteit van de nieuw opgerichte ondernemingen, op de groei van ondernemingen en op het succes van overdrachten van eigendom of overdrachten aan volgende generaties. De toegevoegde waarde van de voorgestelde financiële instrumenten ligt voor de Unie onder meer in de versterking van de eengemaakte markt voor durfkapitaal en in de ontwikkeling van een vereenvoudigde en transparantere pan-Europese financieringsmarkt voor kmo's. De maatregelen van de Unie moeten coherent, consistent en een aanvulling zijn op het gebruik door de lidstaten van financiële instrumenten voor kmo's. De organisaties die zijn belast met de uitvoering van de maatregelen, moeten zorgen voor additionaliteit en dubbele financiering met EU-middelen vermijden.

Motivering

Het scheppen van de voorwaarden voor de overdracht van ondernemingen is een essentiële factor bij het waarborgen van de beschikbaarheid van financiering. De beschikbaarheid van kapitaal bij een verandering van eigenaar is een van de grootste uitdagingen van het ondernemerschapsbeleid.

Amendement  8

Voorstel voor een verordening

Overweging 13

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(13) Het Enterprise Europe Network heeft zijn toegevoegde waarde voor Europese kmo's als centraal aanspreekpunt inzake bedrijfsondersteuning bewezen door ondernemingen te helpen hun concurrentievermogen te versterken en op de eengemaakte markt en daarbuiten geboden mogelijkheden te benutten. Methoden, werkwijzen en voorwaarden met een Europese dimensie rond bedrijfsondersteunende diensten kunnen alleen op EU-niveau worden gestroomlijnd. Het EEN heeft kmo's met name geholpen om bedrijfspartners te vinden voor samenwerking of technologieoverdracht en advies gegeven over financieringsbronnen en intellectuele eigendom en over eco-innovatie en duurzame productie. Het heeft ook feedback gevraagd over de wetgeving en normen van de Unie. De unieke expertise van het netwerk is vooral belangrijk om een ongelijke informatieverspreiding te vermijden en om de met grensoverschrijdende transacties gepaard gaande transactiekosten te verlagen.

(13) Het Enterprise Europe Network moet zijn toegevoegde waarde voor Europese kmo's steeds bewijzen door geschikte programma´s en diensten voor bedrijfsondersteuning te vinden om ondernemingen te helpen hun concurrentievermogen te versterken en op de eengemaakte markt en daarbuiten geboden mogelijkheden te benutten. Methoden, werkwijzen en voorwaarden met een Europese dimensie rond bedrijfsondersteunende diensten kunnen alleen op EU-niveau worden gestroomlijnd. Het EEN heeft kmo's met name geholpen om bedrijfspartners te vinden voor samenwerking of technologieoverdracht en advies gegeven over financieringsbronnen van de Unie en intellectuele eigendom en over programma´s van de Unie ter bevordering van eco-innovatie en duurzame productie. Het heeft ook feedback gevraagd over de wetgeving en normen van de Unie, en heeft de deelname van kmo's aan door de EU gefinancierde programma's zoals FP7 met succes gestimuleerd. De unieke expertise van het netwerk is vooral belangrijk om een ongelijke informatieverspreiding te vermijden en om de met grensoverschrijdende transacties gepaard gaande transactiekosten te verlagen. Waar mogelijk moet het EEN worden geoptimaliseerd door nauwere contacten te onderhouden met nationale aanspreekpunten en meer zichtbaarheid te krijgen in de lidstaten.

Amendement  9

Voorstel voor een verordening

Overweging 14 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(14 bis) Met activiteiten op dit vlak kunnen gelijke voorwaarden worden geschapen voor kmo's die van plan zijn actief te worden buiten hun eigen land. Dergelijke activiteiten moeten onder andere informatie bevatten over intellectuele-eigendomsrechten en technische normen.

Amendement  10

Voorstel voor een verordening

Overweging 15

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(15) Om het concurrentievermogen van Europese ondernemingen, vooral kmo's, te verbeteren, moeten de lidstaten en de Commissie een gunstig ondernemingsklimaat creëren. Er moet vooral aandacht worden besteed aan de belangen van de kmo's en de sectoren waarin zij het meest actief zijn. Er moeten initiatieven op het niveau van de Unie worden genomen om gelijke concurrentievoorwaarden voor kmo's te ontwikkelen en om informatie en kennis op Europese schaal uit te wisselen.

(15) Om het concurrentievermogen van Europese ondernemingen, vooral kmo's, te verbeteren, moeten de lidstaten en de Commissie een gunstig ondernemingsklimaat creëren door de wetgevingslast te verminderen. Er moet vooral aandacht worden besteed aan de belangen van de kmo's. Er moeten initiatieven op het niveau van de Unie worden genomen om gelijke concurrentievoorwaarden voor kmo's te ontwikkelen, om informatie en kennis op Europese schaal uit te wisselen en om de ontwikkeling van een gemeenschappelijk EU-beleid inzake kmo's met Europese meerwaarde te steunen. Digitale diensten kunnen op dit terrein bijzonder kosteneffectief zijn.

Amendement  11

Voorstel voor een verordening

Overweging 15 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(15 bis) De juiste uitvoering, handhaving en controle van de alternatieve beslechting van consumentengeschillen door de Commissie en de lidstaten kan het oplossen van conflicten sneller, goedkoper en minder bureaucratisch maken voor zowel consumenten als handelaren, en kmo's dus aanmoedigen volwaardigere deelnemers aan de eengemaakte markt te worden en hun concurrentievermogen te vergroten.

Amendement  12

Voorstel voor een verordening

Overweging 16

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(16) Nog een factor die het concurrentievermogen beïnvloedt, is de vrij zwakke ondernemingszin in de Unie. Slechts 45% van de EU-burgers (en minder dan 40% van de vrouwen) zou graag als zelfstandige werken, vergeleken met 55% van de bevolking in de VS en 71% in China. Voorbeeld- en katalysatorfuncties, zoals Europese prijzen en conferenties, en maatregelen die de coherentie en consistentie versterken, zoals benchmarking en uitwisseling van beste praktijken, leveren een grote Europese toegevoegde waarde op.

(16) Nog een factor die het concurrentievermogen beïnvloedt, is de vrij zwakke ondernemingszin in de Unie. Slechts 45% van de EU-burgers (en minder dan 40% van de vrouwen) zou graag als zelfstandige werken, vergeleken met 55% van de bevolking in de VS en 71% in China. Voorbeeld- en katalysatorfuncties en maatregelen die de coherentie en consistentie versterken, zoals benchmarking en uitwisseling van beste praktijken, leveren een grote Europese toegevoegde waarde op.

Amendement  13

Voorstel voor een verordening

Overweging 16 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(16 bis) De toegang tot markten voor overheidsopdrachten wordt kmo's vaak onmogelijk gemaakt door buitensporige administratieve lasten bij aanbestedingen. De Commissie en de lidstaten moeten deze eisen vereenvoudigen om het concurrentievermogen een impuls te geven en gelijke voorwaarden te creëren voor kmo's.

Amendement  14

Voorstel voor een verordening

Overweging 17

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(17) Wereldwijde concurrentie, demografische veranderingen, beperkte hulpbronnen en nieuwe maatschappelijke tendensen creëren voor sommige sectoren uitdagingen en kansen. Bijvoorbeeld ontwerpgebaseerde sectoren die voor wereldwijde uitdagingen staan en gekenmerkt worden door een hoog percentage van kmo's, moeten zich aanpassen om de voordelen te grijpen en het onbenutte potentieel aan te boren van de grote vraag naar gepersonaliseerde, inclusieve producten. Omdat deze uitdagingen gelden voor alle kmo's in de Unie in deze sectoren, is een gezamenlijke inspanning op het niveau van de Unie noodzakelijk.

(17) Wereldwijde concurrentie, demografische veranderingen, de beperkte voorraad aan hulpbronnen en nieuwe maatschappelijke tendensen creëren uitdagingen en kansen voor vele sectoren die voor wereldwijde uitdagingen staan en gekenmerkt worden door een hoog percentage van kmo's. Bijvoorbeeld ontwerpgebaseerde sectoren moeten zich aanpassen om te profiteren van het onbenutte potentieel van de grote vraag naar gepersonaliseerde, inclusieve producten. Ontwerpgebaseerde consumptiegoederen vertegenwoordigen een belangrijke economische sector in de Unie en ondernemingen op dat gebied dragen aanzienlijk bij aan groei en nieuwe banen. Omdat deze uitdagingen gelden voor alle kmo's in de Unie in deze sectoren, is een gezamenlijke inspanning op het niveau van de Unie noodzakelijk om extra groei te bewerkstelligen.

Amendement  15

Voorstel voor een verordening

Overweging 18

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(18) Zoals beschreven in de Mededeling van de Commissie van 30 juni 2010 "Europa, toeristische topbestemming in de wereld – een nieuw beleidskader voor het toerisme in Europa", die bekrachtigd werd in de conclusies van de Europese Raad in oktober 2010, is toerisme een belangrijke sector van de Europese economie. Ondernemingen in deze sector leveren een aanzienlijke bijdrage aan het bruto binnenlands product (bbp) en de schepping van nieuwe banen de Unie en hebben een groot potentieel voor de ontwikkeling van ondernemingsactiviteiten, omdat deze sector voornamelijk uit kmo's bestaat. Het Verdrag van Lissabon erkent het belang van toerisme en stelt de specifieke bevoegdheden van de Unie vast die op dit gebied de maatregelen van de lidstaten moeten aanvullen. Er is een duidelijke toegevoegde waarde voor het toerisme-initiatief op het niveau van de Unie, vooral door de beschikbaarstelling van gegevens en analyses, door transnationale promotiestrategieën te ontwikkelen en beste praktijken uit te wisselen.

(18) Zoals beschreven in de Mededeling van de Commissie van 30 juni 2010 "Europa, toeristische topbestemming in de wereld – een nieuw beleidskader voor het toerisme in Europa", die bekrachtigd werd in de conclusies van de Europese Raad in oktober 2010, is toerisme een belangrijke sector van de Europese economie. In het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie worden de specifieke bevoegdheden van de Unie op dit terrein uiteengezet. Ondernemingen in deze sector leveren een aanzienlijke bijdrage aan het bruto binnenlands product (bbp) en de schepping van nieuwe banen in de Unie en hebben een groot potentieel voor de ontwikkeling van ondernemingsactiviteiten, omdat deze sector, zoals het merendeel van alle bedrijfssectoren, voornamelijk uit kmo's bestaat. Initiatieven in de toeristische sector moeten worden ondersteund door het programma als er een duidelijke toegevoegde waarde bestaat op het niveau van de Unie.

Amendement  16

Voorstel voor een verordening

Overweging 19

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(19) Het programma moet maatregelen aangeven voor de doelstellingen, de benodigde financiële middelen om deze doelstellingen te bereiken; verschillende soorten uitvoeringsmaatregelen en de regelingen voor monitoring en evaluatie en voor de bescherming van de financiële belangen van de Unie.

(19) Het programma moet maatregelen aangeven voor de doelstellingen, de benodigde financiële middelen om deze doelstellingen te bereiken; verschillende soorten uitvoeringsmaatregelen en de transparante regelingen voor monitoring en evaluatie en voor de bescherming van de financiële belangen van de Unie.

Amendement  17

Voorstel voor een verordening

Overweging 20

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(20) Het programma moet een aanvulling zijn op andere programma's van de Unie en tegelijk erkennen dat elk instrument volgens zijn eigen specifieke procedures moet werken. Dezelfde subsidiabele kosten mogen dus geen twee keer gefinancierd worden. Teneinde toegevoegde waarde en een aanzienlijke impact van de EU-financiering te bereiken, moeten nauwe synergieën tussen het programma, andere programma's van de Unie en de structuurfondsen worden ontwikkeld.

(20) Het programma moet een aanvulling zijn op andere programma's van de Unie en tegelijk erkennen dat elk instrument volgens zijn eigen specifieke procedures moet werken. Dezelfde subsidiabele kosten mogen dus geen twee keer gefinancierd worden. Teneinde toegevoegde waarde en een aanzienlijke impact van de EU-financiering te bereiken, moeten nauwe synergieën tussen het programma en andere programma's van de Unie, zoals Horizon 2020, en de structuurfondsen worden ontwikkeld.

Amendement  18

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a) versterking van het concurrentievermogen en de duurzaamheid van de EU-ondernemingen, onder meer in de toeristische sector;

a) versterking van het concurrentievermogen en de duurzaamheid van de EU-ondernemingen, in het bijzonder van kmo's;

Amendement  19

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b) aanmoediging van een ondernemerscultuur en bevordering van de oprichting en de groei van kmo's.

b) aanmoediging van een ondernemersgeest en -cultuur en bevordering van de oprichting en de groei van kmo's.

Amendement  20

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 2 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c) de veranderingen in de administratieve belasting voor kmo's;

c) de vermindering van de administratieve belasting en regelgeving voor kmo´s;

Amendement  21

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 2 – letter e

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

e) en kmo-omlooptijd.

e) en de oprichting en groei van kmo's, en de verlaging van het aantal faillissementen.

Amendement  22

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – lid 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a) verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen en de duurzaamheid van de ondernemingen in de Unie, waaronder in de toeristische sector;

a) verbetering van de raamvoorwaarden voor het concurrentievermogen, de groei, internationalisering en de duurzaamheid van de ondernemingen in de Unie, met name van kmo´s in onder meer de diensten en toerismesector, de aanbestedingsmarkt en in het nieuwe ondernemerschap;

Amendement  23

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – lid 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b) bevordering van ondernemerschap, waaronder bij specifieke doelgroepen;

b) bevordering van ondernemerschap, waaronder bij specifieke doelgroepen zoals jongeren en vrouwen;

Amendement  24

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – lid 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c) verbetering van de toegang voor kmo's tot financiering in de vorm van eigen vermogen en schuld;

c) verbetering van de toegang voor kmo's tot financiering in de vorm van eigen vermogen en schuld en van durfkapitaal in het bijzonder;

Amendement  25

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – lid 1 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d) verbetering van de toegang tot markten binnen de Unie en wereldwijd.

d) verbetering van de toegang tot markten, met name binnen de Unie, maar ook wereldwijd.

Amendement  26

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 2 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a) maatregelen om het ontwerp, de uitvoering en de evaluatie van beleid met betrekking tot concurrentievermogen en duurzaamheid van ondernemingen, met inbegrip van weerbaarheid ten aanzien van rampen, te verbeteren en om de ontwikkeling van passende infrastructuren, clusters van wereldklasse en zakelijke netwerken, raamvoorwaarden en de ontwikkeling van duurzame producten, diensten en processen te waarborgen;

a) maatregelen om het ontwerp, de uitvoering en de evaluatie van beleid met betrekking tot concurrentievermogen en duurzaamheid van ondernemingen, met inbegrip van weerbaarheid ten aanzien van rampen, te verbeteren en om de uitwisseling van beproefde praktijken aangaande de ontwikkeling van passende infrastructuren, clusters van wereldklasse en zakelijke netwerken, raamvoorwaarden en de bevordering van de ontwikkeling van duurzame producten, diensten en processen te waarborgen;

Amendement  27

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 2 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c) ondersteuning voor de ontwikkeling van een kmo-beleid en samenwerking tussen beleidmakers, voornamelijk met het oog op een betere toegankelijkheid van programma's en maatregelen voor kmo's.

c) ondersteuning voor de ontwikkeling van een kmo-beleid en samenwerking tussen beleidmakers, voornamelijk met het oog op beter toegankelijkheid van programma's en maatregelen voor kmo's en vermindering van hun administratieve lasten.

Amendement  28

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 2 – letter c bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis) maatregelen ter bevordering van de toegang van kmo's tot overheidsopdrachten, met name door een betere informatievoorziening en betere begeleiding bij aanbestedingen en bij de nieuwe mogelijkheden die worden geboden door het gemoderniseerde EU-wetgevingskader, de uitwisseling van beproefde praktijken en het organiseren van trainingen en evenementen waaraan aanbestedende overheidsdiensten en kmo's deelnemen;

Motivering

Beleidsinstrumenten van de overheid moeten worden aangepast aan de behoeften van kmo's. Zij moeten gebruikmaken van de gedragscode om aanbestedende diensten duidelijk te maken hoe zij de voorschriften voor overheidsopdrachten zodanig kunnen toepassen dat kmo's gemakkelijker aan openbare aanbestedingen kunnen deelnemen. Teneinde SBA-beginsel V "De beleidinstrumenten van de overheid aanpassen aan de behoeften van het mkb: deelname van het mkb aan overheidsopdrachten vergemakkelijken en meer gebruikmaken van de mogelijkheden van staatssteun voor het mkb" toe te passen, worden met het COSME-programma maatregelen gefinancierd om de toegang van kmo's tot overheidsopdrachten te bevorderen.

Amendement  29

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De Commissie kan initiatieven ondersteunen die de opkomst van concurrerende sectoren versnellen dankzij sectoroverschrijdende activiteiten in gebieden die worden gekenmerkt door een hoog percentage kmo's en die een grote bijdrage leveren aan het bbp van de Unie. Dergelijke initiatieven bevorderen de ontwikkeling van nieuwe markten en de levering van goederen en diensten op basis van de meest concurrerende bedrijfsmodellen of van gewijzigde waardeketens. Zij omvatten initiatieven ter verbetering van de productiviteit, het efficiënte gebruik van hulpbronnen, de duurzaamheid en het maatschappelijk verantwoord ondernemen.

3. De Commissie ondersteunt initiatieven die de opkomst van concurrerende sectoren versnellen dankzij sectoroverschrijdende activiteiten in gebieden die worden gekenmerkt door een hoog percentage kmo's en die een grote bijdrage leveren aan het bbp van de Unie. Dergelijke initiatieven bevorderen de hantering van nieuwe concurrerende bedrijfsmodellen, de samenwerking van kmo's binnen nieuwe waardeketens en de ontwikkeling van nieuwe markten, en stimuleren betere producten en processen, en flexibele organisatiestructuren. Zij kunnen initiatieven omvatten ter verbetering van de productiviteit, het efficiënte gebruik van hulpbronnen, de duurzaamheid en het maatschappelijk verantwoord ondernemen. Met de activiteiten wordt de invoering van nieuwe bedrijfsmodellen en het commerciële gebruik van relevante ideeën voor nieuwe producten en diensten aangewakkerd. De Commissie kan voor deze doeleinden tevens sectorspecifieke activiteiten ondersteunen op terreinen die worden gekenmerkt door een hoog percentage kmo's en die een aanzienlijke bijdrage aan het bbp van de Unie leveren, zoals de toeristische sector, in gevallen waarin de meerwaarde op EU-niveau afdoende kan worden aangetoond.

Amendement  30

Voorstel voor een verordening

Artikel 7 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De Commissie draagt bij aan de bevordering van ondernemerschap door de raamvoorwaarden voor de ontwikkeling van ondernemerschap te verbeteren. De Commissie ondersteunt een ondernemingsklimaat dat bevorderlijk is voor de ontwikkeling en groei van ondernemingen.

1. De Commissie draagt bij aan de stimulering van ondernemingsgeest door de raamvoorwaarden voor de ontwikkeling van ondernemerschap te verbeteren. De Commissie ondersteunt een ondernemingsklimaat dat bevorderlijk is voor de oprichting, ontwikkeling, overdracht, groei en tweede kansen van c.q. voor ondernemingen.

Motivering

Kmo's zijn gevoelig voor snel veranderde marktomstandigheden, en het is belangrijk bij de toewijzing van fondsen een flexibiliteitsmarge aan te houden.

Amendement  31

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De Commissie ondersteunt acties die bedoeld zijn om de toegang tot financiering voor kmo's in hun start- en groeifase te verbeteren en die een aanvulling zijn op het gebruik van financiële instrumenten voor kmo's door de lidstaten op nationaal en regionaal niveau. Om complementariteit te verzekeren, zullen deze acties nauw worden gecoördineerd met acties die in het kader van het cohesiebeleid en op nationaal niveau worden ondernomen. Dergelijke acties zijn bedoeld om het aanbod van zowel aandelenfinanciering als schuldfinanciering te stimuleren.

1. De Commissie ondersteunt acties die bedoeld zijn om de toegang tot financiering voor kmo's te verbeteren en tijdrovende belemmeringen voor kmo´s in hun start-, groei- en overdrachtfase te verminderen en te vereenvoudigen, en die een aanvulling zijn op het gebruik van financiële instrumenten voor kmo's door de lidstaten op nationaal en regionaal niveau. Om complementariteit te verzekeren, zullen deze acties nauw worden gecoördineerd met acties die in het kader van het cohesiebeleid en op nationaal niveau worden ondernomen. Dergelijke acties zijn bedoeld om het aanbod van zowel aandelenfinanciering als schuldfinanciering te stimuleren.

Amendement  32

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Om het concurrentievermogen en de markttoegang voor EU-ondernemingen verder te verbeteren, blijft de Commissie het Enterprise Europe Network ondersteunen.

1. Om het concurrentievermogen en de markttoegang voor EU-ondernemingen verder te verbeteren, financiert de Commissie het Enterprise Europe Network teneinde geschikte Unieprogramma´s te vinden die ondernemingen kunnen helpen hun concurrentievermogen te verbeteren en ondernemingskansen te benutten, met name op de eengemaakte markt, waarbij overlapping met de inspanningen van de lidstaten moet worden voorkomen.

Amendement  33

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De Commissie kan acties ondersteunen om de toegang van kmo's tot de eengemaakte markt te verbeteren, onder meer door informatieverstrekking en bewustmaking.

2. De Commissie ondersteunt acties om de toegang van kmo's tot de eengemaakte markt te verbeteren, onder meer door informatieverstrekking (onder meer via online diensten) en bewustmaking over onderwerpen als grensoverschrijdende zakelijke mogelijkheden. Deze maatregelen kunnen ook worden ingezet om bestaande juridische en wettelijke obstakels op te heffen. Mogelijke maatregelen zijn: ervoor zorgen dat de aanspreekpunten van het European Enterprise Network en de dienst Europe Direct worden voorzien van toereikende informatie en, indien nodig, training om een hoog serviceniveau te leveren aan kmo's, en het Enterprise Europe Network herori om gerichte en op maat gemaakte hulp te bieden aan kmo's.

Amendement  34

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Specifieke maatregelen zijn erop gericht de toegang van kmo's tot markten buiten de Unie te vergemakkelijken en de bestaande ondersteunende diensten op die markten te versterken. Kmo's kunnen in het kader van het programma worden ondersteund op het gebied van normen en intellectuele-eigendomsrechten in prioritaire derde landen.

3. Specifieke maatregelen zijn erop gericht de toegang van kmo's tot markten buiten de Unie te vergemakkelijken en de bestaande ondersteunende diensten op die markten te versterken. Kmo's kunnen in het kader van het programma worden ondersteund en advies en informatie ontvangen, onder meer over belemmeringen voor de toegang tot de markt, ondernemingskansen, normen en intellectuele-eigendomsrechten in prioritaire derde landen; Deze maatregelen vormen een aanvulling op de kernactiviteiten van de lidstaten ter bevordering van handel zonder deze te overlappen.

Amendement  35

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Met het oog op de uitvoering van het programma stelt de Commissie een jaarlijks werkprogramma vast in overeenstemming met de in artikel 16, lid 2, genoemde onderzoeksprocedure. De jaarlijkse werkprogramma's stellen de beoogde doelstellingen, de verwachte resultaten, de uitvoeringsmethode en het totale bedrag ervan vast. Zij bevatten tevens een beschrijving van de te financieren acties, een aanwijzing voor het aan elke actie toegewezen bedrag en een indicatief uitvoeringstijdschema, alsmede passende indicatoren om erop toe te zien hoe doeltreffend resultaten worden behaald en doelstellingen worden bereikt. Voor subsidies omvatten zij de prioriteiten, de essentiële evaluatiecriteria en het maximale medefinancieringspercentage.

1. Met het oog op de uitvoering van het programma stelt de Commissie een jaarlijks werkprogramma vast in overeenstemming met de in artikel 16, lid 2, genoemde onderzoeksprocedure. De jaarlijkse werkprogramma's stellen op grond van voorafgaand overleg de beoogde doelstellingen, de verwachte resultaten, de uitvoeringsmethode en het totale bedrag ervan vast. Zij bevatten tevens een beschrijving van de te financieren acties, een aanwijzing voor het aan elke actie toegewezen bedrag en een indicatief uitvoeringstijdschema, alsmede passende indicatoren om erop toe te zien hoe doeltreffend resultaten worden behaald en doelstellingen worden bereikt. Voor subsidies omvatten zij de prioriteiten, de essentiële evaluatiecriteria en het maximale medefinancieringspercentage.

Amendement  36

Voorstel voor een verordening

Artikel 11 – lid 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c) effectbeoordelingen van maatregelen van de Unie die bijzonder relevant zijn voor het concurrentievermogen van ondernemingen, met het oog op het identificeren van gebieden van de bestaande wetgeving die vereenvoudigd moeten worden of van gebieden waarop nieuwe wetgevingsmaatregelen moeten worden voorgesteld;

c) "fitheidscontroles" van bestaande wetgeving en effectbeoordelingen van maatregelen van de Unie die bijzonder relevant zijn voor het concurrentievermogen en de groei van ondernemingen, met name kmo's, met het oog op het identificeren van gebieden van de bestaande wetgeving die moeten worden vereenvoudigd of ingetrokken, en om ervoor te zorgen dat de lasten voor kmo´s tot een minimum worden teruggebracht op gebieden waarop nieuwe wetgevingsmaatregelen worden voorgesteld;

Amendement  37

Voorstel voor een verordening

Artikel 11 – lid 1 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d) evaluatie van wetgeving die een invloed heeft op ondernemingen, specifiek industriebeleid en concurrentiegerelateerde maatregelen.

d) evaluatie van wetgeving die een invloed heeft op ondernemingen, met name op kmo's, specifiek industriebeleid en concurrentiegerelateerde maatregelen.

Motivering

Het belang van kmo's moet consequent worden benadrukt in de beschrijving van het programma.

Amendement  38

Voorstel voor een verordening

Artikel 12 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De Commissie stelt een jaarlijks toezichtverslag op waarin de doelmatigheid en de doeltreffendheid van de ondersteunde activiteiten uit het oogpunt van financiële uitvoering, resultaten en, zo mogelijk, de impact worden onderzocht. Het verslag bevat informatie over het bedrag van de klimaatgerelateerde uitgaven en over de impact van de steun in het kader van klimaatveranderingsdoelstellingen, voor zover de verzameling van deze informatie geen ongerechtvaardigde administratieve belasting voor kmo's vormt.

2. De Commissie stelt een jaarlijks toezichtverslag op waarin de doelmatigheid en de doeltreffendheid van de ondersteunde activiteiten uit het oogpunt van financiële uitvoering, resultaten en de impact worden onderzocht, met speciale aandacht voor het creëren van werkgelegenheid en groei. Het verslag bevat informatie over het bedrag van de klimaatgerelateerde uitgaven en over de impact van de steun in het kader van klimaatveranderingsdoelstellingen, voor zover de verzameling van deze informatie geen ongerechtvaardigde administratieve belasting voor kmo's vormt.

Amendement  39

Voorstel voor een verordening

Artikel 12 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Uiterlijk in 2018 stelt de Commissie een evaluatieverslag op over de verwezenlijking van de doelstellingen van de in het kader van het programma ondersteunde acties, op het gebied van resultaten en impact, het efficiënte gebruik van hulpbronnen en de Europese toegevoegde waarde daarvan, met het oog op een beslissing over de vernieuwing, wijziging of opschorting van de maatregelen. Het evaluatieverslag heeft daarnaast ook betrekking op mogelijke vereenvoudigingen, interne en externe coherentie van het programma, aanhoudende relevantie van alle doelstellingen, evenals de bijdrage van de maatregelen aan de prioriteiten van de Unie inzake slimme, duurzame en inclusieve groei. Het evaluatieverslag houdt rekening met de evaluatieresultaten betreffende het langetermijneffect van de voorgaande maatregelen.

3. Uiterlijk in 2018 stelt de Commissie een evaluatieverslag op dat driejaarlijks wordt gepubliceerd over de verwezenlijking van de doelstellingen van de in het kader van het programma ondersteunde acties, op het gebied van resultaten en impact, vooral op het creëren van banen en economische groei, het efficiënte gebruik van hulpbronnen en de Europese toegevoegde waarde daarvan, met het oog op een beslissing over de vernieuwing, wijziging of opschorting van de maatregelen. Het evaluatieverslag heeft daarnaast ook betrekking op mogelijke vereenvoudigingen, interne en externe coherentie van het programma, aanhoudende relevantie van alle doelstellingen, evenals de bijdrage van de maatregelen aan de prioriteiten van de Unie inzake slimme, duurzame en inclusieve groei. Het evaluatieverslag houdt rekening met de evaluatieresultaten betreffende het langetermijneffect van de voorgaande maatregelen.

Amendement  40

Voorstel voor een verordening

Artikel 12 – lid 6 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

6 bis. Om ervoor te zorgen dat de financiering bij kmo's terecht komt, wordt een toezichtsysteem opgezet om te waarborgen dat banken de fondsen en garanties gebruiken om meer leningen aan kmo's te verstrekken. Rapportageregelingen en een gedragscode voor banken die leningen aan kmo´s verstrekken zouden hiervan onderdeel kunnen uitmaken. Het toezichtsysteem zorgt er tevens voor dat niet alleen middelgrote ondernemingen, maar ook kleine en micro-ondernemingen leningen uit EU-fondsen ontvangen.

Amendement  41

Voorstel voor een verordening

Artikel 14 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Financiële instrumenten in het kader van het programma worden aangewend om financiering toegankelijker te maken voor groeigerichte kmo's. De financiële instrumenten omvatten een vermogensfaciliteit en een leninggarantiefaciliteit.

1. Financiële instrumenten in het kader van het programma worden aangewend om financiering in de start-, groei- en overdrachtfase toegankelijker te maken voor kmo's. De financiële instrumenten omvatten een vermogensfaciliteit en een leninggarantiefaciliteit.

Motivering

Kmo's zijn gevoelig voor snel veranderde marktomstandigheden, en het is belangrijk bij de toewijzing van fondsen een flexibiliteitsmarge aan te houden.

Amendement  42

Voorstel voor een verordening

Artikel 14 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De financiële instrumenten voor groeigerichte kmo's kunnen in voorkomend geval worden gecombineerd met andere financiële instrumenten van de lidstaten en hun beheersautoriteiten in overeenstemming met [artikel 33, lid 1, onder a), van Verordening (EU) nr. XXX/201X [nieuwe verordening inzake de structuurfondsen]], en met subsidies van de Unie, waaronder in het kader van deze verordening.

2. De financiële instrumenten voor kmo's kunnen in voorkomend geval worden gecombineerd met andere financiële instrumenten van de lidstaten en hun beheersautoriteiten in overeenstemming met [artikel 33, lid 1, onder a), van Verordening (EU) nr. XXX/201X [nieuwe verordening inzake de structuurfondsen]], en met subsidies van de Unie, waaronder in het kader van deze verordening.

Amendement  43

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – algemene doelstelling 1 – titel

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Het concurrentievermogen en de duurzaamheid van de EU-ondernemingen, onder meer in de toeristische sector, versterken

1. Het concurrentievermogen en de duurzaamheid van de EU-ondernemingen versterken

Amendement  44

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – algemene doelstelling 1 – impactindicator 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Verandering van de administratieve belasting van kmo's (aantal dagen nodig om een nieuw bedrijf te starten)

Vermindering van de administratieve lasten en regelgeving voor kmo's (aantal dagen nodig om een nieuw bedrijf te starten)

Amendement  45

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – specifieke doelstelling 1 – Ontwikkeling van een kmo-beleid – resultaatindicator 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Aantal lidstaten die de kmo-test gebruiken

Aantal lidstaten die de kmo-test en de concurrentiebestendigheidstoets gebruiken

Amendement  46

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – speciale doelstelling 2 – Ondersteuning voor ondernemerschap – doelstelling op middellange termijn (resultaat) 2017 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Ongeveer 7 vereenvoudigingsmaatregelen per jaar

Ten minste 7 goedgekeurde vereenvoudigingsmaatregelen per jaar

Amendement  47

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – punt 2 – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De EFG moet gericht zijn op fondsen die durfkapitaal en mezzaninefinanciering bieden, zoals achtergestelde leningen en participatieleningen, voor ondernemingen in de expansie- en groeifase, met name voor ondernemingen die grensoverschrijdend werken, terwijl het mogelijk moet zijn te investeren in ondernemingen in de beginfase in samenhang met de eigenvermogensfaciliteit voor RDI in het kader van Horizon 2020. In het laatste geval mag de investering uit het EFG 20% van de totale EU-investering niet overschrijden, behalve bij meerfasefondsen, waar financiering uit het EFG en de eigenvermogensfaciliteit voor RDI verhoudingsgewijs zal worden verstrekt, op basis van het investeringsbeleid van de fondsen. Het EFG moet buy-outkapitaal of vervangingskapitaal dat bedoeld is voor de ontmanteling van een verworven onderneming vermijden. De Commissie kan beslissen de drempel van 20% te wijzigen in het licht van veranderende marktomstandigheden.

1. De EFG moet gericht zijn op fondsen die durfkapitaal en mezzaninefinanciering bieden, zoals achtergestelde leningen en participatieleningen, voor ondernemingen in de expansie- en groeifase (met inbegrip van innovatieve ondernemingen in de expansie- en groeifase), met name voor ondernemingen die grensoverschrijdend werken, terwijl het mogelijk moet zijn te investeren in ondernemingen in de beginfase in samenhang met de eigenvermogensfaciliteit voor RDI in het kader van Horizon 2020. In het laatste geval mag de investering uit het EFG 20% van de totale EU-investering niet overschrijden, behalve bij meerfasefondsen, waar financiering uit het EFG en de eigenvermogensfaciliteit voor RDI verhoudingsgewijs zal worden verstrekt, op basis van het investeringsbeleid van de fondsen. Het EFG moet buy-outkapitaal of vervangingskapitaal dat bedoeld is voor de ontmanteling van een verworven onderneming vermijden. De Commissie kan beslissen de drempel van 20% te wijzigen in het licht van veranderende marktomstandigheden.

PROCEDURE

Titel

Programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en het midden- en kleinbedrijf (2014-2020)

Document- en procedurenummers

COM(2011)0834 – C7-0463/2011 – 2011/0394(COD)

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

ITRE

13.12.2011

 

 

 

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

IMCO

13.12.2011

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

Emma McClarkin

29.2.2012

Behandeling in de commissie

25.4.2012

30.5.2012

9.7.2012

 

Datum goedkeuring

10.7.2012

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

32

0

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Pablo Arias Echeverría, Adam Bielan, Sergio Gaetano Cofferati, Birgit Collin-Langen, Lara Comi, Anna Maria Corazza Bildt, António Fernando Correia de Campos, Cornelis de Jong, Vicente Miguel Garcés Ramón, Evelyne Gebhardt, Louis Grech, Philippe Juvin, Sandra Kalniete, Edvard Kožušník, Toine Manders, Hans-Peter Mayer, Sirpa Pietikäinen, Phil Prendergast, Mitro Repo, Robert Rochefort, Heide Rühle, Christel Schaldemose, Andreas Schwab, Catherine Stihler, Emilie Turunen, Barbara Weiler

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Raffaele Baldassarre, Jürgen Creutzmann, María Irigoyen Pérez, Emma McClarkin, Sabine Verheyen, Anja Weisgerber


ADVIES van de Commissie rechten van de vrouw en gendergelijkheid (25.9.2012)

aan de Commissie industrie, onderzoek en energie

inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en voor kleine en middelgrote ondernemingen (2014 - 2020)

(COM(2011)0834) – C7‑0463/2011 – 2011/0394(COD))

Rapporteur voor advies: Marina Yannakoudakis

BEKNOPTE MOTIVERING

Gezien de economische crisis in de hele EU is het van groot belang dat we onze middelen zo goed en nuttig mogelijk inzetten. In het bedrijfsleven zijn werknemers en ondernemers die innovatieve en niet-innovatieve kleine en middelgrote ondernemingen (kmo's) opzetten het hoogste goed. Deze werknemers en de kmo's die zij vormen zijn de kurk waarop de Europese economie drijft.

Binnen kmo's moet de bijdrage van vrouwen haar volledige potentieel nog bereiken(1) en we moeten dan ook alles in het werk stellen om de deelname van vrouwen in het midden- en kleinbedrijf te laten stijgen en praktische aanbevelingen opstellen die rekening houden met de realiteit van het zakelijke en economische leven in een competitieve marktomgeving.

Alle zakelijke sectoren moeten gelijke toegang hebben tot het toekomstige programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en voor kleine en middelgrote ondernemingen (2014-2020) (COSME). Verder moeten we binnen deze zakelijke sectoren zorgen voor gendergelijkheid. Daartoe moet in het voorstel het genderperspectief worden geïntegreerd.

Voorts is het belangrijk dat we onze morele plicht om het risico op armoede en sociale uitsluiting in de EU terug te dringen nakomen. In 2010 leefde immers nog 16% van de bevolking van de 27 lidstaten op de rand van armoede en had een beschikbaar inkomen dat onder de risicodrempel lag.(2) Uit deze statistische gegevens blijkt hoe waardevol en belangrijk het is om de aantallen vrouwelijke ondernemers, die voor wat betreft leeftijd, achtergrond en opleiding een heterogene groep vormen, omhoog te brengen.

Aangezien de economische crisis in Europa nog altijd voortduurt, is het van cruciaal belang dat alle investeringen in EU-initiatieven, die belangrijke instrumenten zijn voor de ondersteuning van de socio-economische groei op de werkplek, ook een goed rendement opleveren. Met dit als uitgangspunt wil de rapporteur voor advies meer bekendheid geven aan de mogelijkheden om gebruik te maken van bestaande financieringsmiddelen zoals microfinanciering, speciale subsidies en risicokapitaal met het accent op gender.

De rapporteur voor advies is van mening dat omslachtige EU-wetgeving geen goede oplossing biedt, vooral niet als we bedenken dat het onderwerp werkgelegenheid onder de bevoegdheid van de lidstaten valt. De rapporteur voor advies is van mening dat het uitwisselen van aanbevelingen voor beste praktijken de meest doeltreffende manier is om duurzame mededinging en ondernemerschap te bevorderen. Dit heeft het dubbele voordeel dat vrouwelijk ondernemerschap wordt gesteund, terwijl de kosten laag kunnen blijven.

Aanbevelingen voor beste praktijken

Om een beter inzicht in het probleem te krijgen is het noodzakelijk beknopte, nauwkeurige en actuele gegevens te verzamelen met inachtneming van de bepalingen op het gebied van gegevensbescherming. Deze gegevens moeten uitgesplitst worden naar informatie over geslacht, etniciteit, leeftijd, gebied, bedrijfsomvang en -duur. Op basis daarvan kan ervoor gezorgd worden dat de financiële middelen worden ingezet op die gebieden die het best bijdragen aan de toename van het aantal vrouwen in kmo's en de ondersteuning van die vrouwen.

Daarenboven wordt in het advies erkend dat gendergelijkheid het best bereikt wordt door sterk onderwijs dat een eerlijke onderlinge omgang bevordert en vrouwen aanmoedigt zich ten volle te ontwikkelen op alle gebieden van werk. De rapporteur is ingenomen met educatieve, ondersteunende begeleidingsprogramma's, zoals het Europees ambassadeursnetwerk voor vrouwelijk ondernemerschap (EANVO) van de Commissie, maar pleit ervoor dat de lidstaten dit initiatief onderbrengen in en organiseren binnen de huidige EU-voorzieningen om zodoende de kracht ervan te verhogen.

Ook de ontwikkeling van informatie- en communicatietechnologie (ICT) kan bijdragen tot een goede werking van kmo's door het bieden van flexibele mogelijkheden op de werkplek. De lidstaten moeten worden aangemoedigd om gebruik te maken van ICT, zodat zij een bijdrage kunnen leveren aan de bewustmaking van vrouwen, en vrouwen netwerkondersteuning kunnen bieden door middel van portaalsites en blogs met daarop links voor contacten, vertegenwoordigers en evenementen die voor vrouwelijke ondernemers van belang kunnen zijn. Internet en ondersteuning online biedt ook kansen aan vrouwen die van huis uit werken, of in afgelegen gebieden wonen. Deze ondersteuning moet zowel op nationaal als op regionaal niveau worden geboden, alsmede via verschillende communicatiemiddelen.

Samenvatting

Om de gendergelijkheid in ondernemerschap te verhogen is een veelzijdige aanpak vereist met aanbevelingen voor beste praktijken die vrouwen keuzemogelijkheden, flexibiliteit en kansen bieden. Om dit te bereiken is er behoefte aan beknopte, nauwkeurige en actuele gegevens, toegang tot microfinanciering, sterk onderwijs, steunregelingen, rolmodellen en informatie- en communicatietechnologie (ICT) die allemaal een goed rendement moeten bieden. De noodzaak tot het nemen van deze maatregelen wordt onderbouwd door de morele verplichting om het risico van armoede en sociale uitsluiting in de hele EU te helpen terugdringen.

Het COSME-programma is een haalbaar stappenplan voor de komende vijf jaar en de rapporteur voor advies wenst dat in de definitieve tekst rekening wordt gehouden met de unieke bijdrage die ondernemerschap van vrouwen levert als katalysator en stimulans voor groei, en die doorslaggevend zal zijn om de ernstige economische crisis die Europa en de wereldeconomie momenteel treft, te verlichten.

AMENDEMENTEN

De Commissie rechten van de vrouw en gendergelijkheid verzoekt de ten principale bevoegde Commissie industrie, onderzoek en energie onderstaande amendementen in haar verslag op te nemen:

Amendement  1

Voorstel voor een verordening

Overweging 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(1) De Commissie heeft de Mededeling "Europa 2020 – Een strategie voor slimme, duurzame en inclusieve groei" (hierna "de Europa 2020-strategie") in maart 2010 goedgekeurd. De mededeling werd door de Europese Raad in juni 2010 bekrachtigd. De Europa 2020-strategie is een reactie op de economische crisis en is bedoeld om Europa op het volgende decennium voor te bereiden. Het stelt vijf ambitieuze doelstellingen vast inzake klimaat en energie, werkgelegenheid, innovatie, onderwijs en sociale inclusie die in 2020 bereikt moeten zijn en legt essentiële groeifactoren vast die Europa dynamischer en concurrerender moeten maken. Er wordt ook benadrukt hoe belangrijk het is om de groei van de Europese economie te stimuleren en te komen tot een hoog niveau van werkgelegenheid, een koolstofarme en energie-efficiënte economie die weinig hulpbonnen verbruikt, en sociale cohesie.

(1) De Commissie heeft de Mededeling "Europa 2020 – Een strategie voor slimme, duurzame en inclusieve groei" (hierna "de Europa 2020-strategie") in maart 2010 goedgekeurd. De mededeling werd door de Europese Raad in juni 2010 bekrachtigd. De Europa 2020-strategie is een reactie op de economische crisis en is bedoeld om Europa op het volgende decennium voor te bereiden. Het stelt vijf ambitieuze doelstellingen vast inzake klimaat en energie, werkgelegenheid, innovatie, onderwijs en sociale inclusie die in 2020 bereikt moeten zijn en legt essentiële groeifactoren vast die Europa dynamischer en concurrerender moeten maken. Er wordt ook benadrukt hoe belangrijk het is om de groei van de Europese economie te stimuleren en te komen tot een hoog niveau van werkgelegenheid, een koolstofarme en energie-efficiënte economie die weinig hulpbonnen verbruikt, en sociale cohesie voor zowel vrouwen als mannen.

Amendement  2

Voorstel voor een verordening

Overweging 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(3) In juni 2008 keurde de Commissie de mededeling "Denk eerst klein - Een Small Business Act voor Europa" goed die in december 2008 door de Europese Raad werd bekrachtigd. De Small Business Act (SBA) reikt een uitgebreid beleidskader aan voor kleine en middelgrote ondernemingen (kmo's), bevordert ondernemerschap en verankert het beginsel "Denk eerst klein" in wetgeving en beleid om zo het concurrentievermogen van kmo's te versterken. De SBA stelt tien beginselen vast en omvat beleids- en wetgevingsmaatregelen om het groei- en werkgelegenheidspotentieel van kmo's te bevorderen. De uitvoering van de SBA helpt om de doelstellingen van de Europa 2020-strategie te bereiken. Er werden reeds diverse maatregelen voor kmo's vastgelegd in de vlaggenschipinitiatieven.

(3) In juni 2008 keurde de Commissie de mededeling "Denk eerst klein - Een Small Business Act voor Europa" goed die in december 2008 door de Europese Raad werd bekrachtigd. De Small Business Act (SBA) reikt een uitgebreid beleidskader aan voor kleine en middelgrote ondernemingen (kmo's), bevordert ondernemerschap, beoogt het ondernemerspotentieel van jongeren en vrouwen beter te benutten en verankert het beginsel "Denk eerst klein" in wetgeving en beleid om zo het concurrentievermogen van kmo's te versterken. De SBA stelt tien beginselen vast en omvat beleids- en wetgevingsmaatregelen om het groei- en werkgelegenheidspotentieel van kmo's te bevorderen. De uitvoering van de SBA helpt om de doelstellingen van de Europa 2020-strategie te bereiken. Er werden reeds diverse maatregelen voor kmo's vastgelegd in de vlaggenschipinitiatieven.

Amendement  3

Voorstel voor een verordening

Overweging 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(5) In het op 29 juni 2011 goedgekeurde voorstel voor een verordening van de Raad tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020 stelt de Commissie een pakket wetgevingsvoorstellen en documenten vast voor de begroting 2014-2020 van de Unie. Dit meerjarig financieel kader beschrijft hoe de beleidsdoelstellingen van meer groei en meer banen in Europa kunnen worden bereikt en hoe een koolstofarme en meer milieubewuste economie en een internationaal prominent Europa kunnen worden gecreëerd.

(5) In het op 29 juni 2011 goedgekeurde voorstel voor een verordening van de Raad tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020 stelt de Commissie een pakket wetgevingsvoorstellen en documenten vast voor de begroting 2014-2020 van de Unie. Dit meerjarig financieel kader beschrijft hoe de beleidsdoelstellingen van meer groei en meer banen voor zowel mannen als vrouwen in gelijke mate, in Europa kunnen worden bereikt en hoe een koolstofarme en meer milieubewuste economie en een internationaal prominent Europa kunnen worden gecreëerd.

Amendement  4

Voorstel voor een verordening

Overweging 11 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(11 bis) Vrouwelijk ondernemerschap en door vrouwen geleide kmo's leveren een essentiële bijdrage tot de verhoging van de arbeidsparticipatiegraad onder vrouwen en dragen aldus bij tot een betere benutting van het opleidingsniveau van vrouwen. Vrouwelijk ondernemerschap, waarvan het potentieel in de Europese Unie bij lange na niet wordt benut, zorgt ook voor dynamiek en innovatie in het bedrijfsleven, terwijl een stijging van het aantal vrouwelijke ondernemers een positief effect heeft op en een onmiddellijke bijdrage levert aan de economie als geheel. Met name vrouwen zijn gemotiveerd voor zelfstandige beroepen, omdat zij als zij eigen baas zijn hun eigen werktijden kunnen bepalen, waardoor het gemakkelijker is om werk en gezin te combineren. In een instabiel economisch klimaat worden ondersteunende maatregelen voor vrouwelijke ondernemers snel verwaarloosd.

Amendement  5

Voorstel voor een verordening

Overweging 11 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(11 ter) Gezien het lage percentage vrouwelijke ondernemers (slechts 30% in Europa) moet het programma vrouwelijk ondernemerschap bevorderen en toegankelijker maken. Vrouwelijke ondernemers hebben immers een aanzienlijke impact op de economie, niet alleen omdat zij banen voor zichzelf kunnen creëren, maar ook omdat zij werkgelegenheid scheppen voor anderen. De huidige economische omstandigheden in de wereld laten duidelijk zien dat vrouwelijke ondernemerschap als opkomende economische kracht van groot belang is en derhalve gestimuleerd moet worden.

Amendement  6

Voorstel voor een verordening

Overweging 11 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(11 quater) Het programma moet het belang benadrukken van het stimuleren van ondernemerschap, onderwijs, opleidingen, onderzoek en bewustmakingsacties voor en door beide seksen, door middel van het verspreiden van relevante informatie in het gehele systeem aan alle belanghebbenden, en door middel van het lanceren van campagnes en het oprichten van socialemedianetwerken. Via universiteiten, EU-instellingen, ministeries van onderwijs en beleidsmakers in de lidstaten moet het programma vrouwelijk ondernemerschap onder de aandacht brengen als interessant onderwerp voor beide seksen vanaf het basisonderwijs, en daarnaast evenveel aandacht besteden aan het beeld van de vrouwelijke ondernemer als rolmodel.

Amendement  7

Voorstel voor een verordening

Overweging 12 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(12 bis) Microleningen (d.w.z. leningen lager dan 25 000 euro) worden verstrekt door de financiële tussenpersonen op grond van het garantiestelsel. In het programma is geen specifiek onderdeel voor microleningen voorzien aangezien dit onderdeel reeds is opgenomen in het op 6 oktober 2011 door de Commissie voorgestelde programma voor sociale verandering en innovatie, dat in het bijzonder ingaat op microleningen.

Amendement  8

Voorstel voor een verordening

Overweging 16

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(16) Nog een factor die het concurrentievermogen beïnvloedt, is de vrij zwakke ondernemingszin in de Unie. Slechts 45% van de EU-burgers (en minder dan 40% van de vrouwen) zou graag als zelfstandige werken, vergeleken met 55% van de bevolking in de VS en 71% in China. Voorbeeld- en katalysatorfuncties, zoals Europese prijzen en conferenties, en maatregelen die de coherentie en consistentie versterken, zoals benchmarking en uitwisseling van beste praktijken, leveren een grote Europese toegevoegde waarde op.

(16) Nog een factor die het concurrentievermogen beïnvloedt, is de vrij zwakke ondernemingszin in de Unie, die moet worden aangewakkerd door middel van verschillende vernieuwende maatregelen gericht op specifieke doelgroepen, in het bijzonder jongeren en vrouwen. Slechts 45% van de EU-burgers (en minder dan 40% van de vrouwen) zou graag als zelfstandige werken, vergeleken met 55% van de bevolking in de VS en 71% in China. Voorbeeld- en katalysatorfuncties, zoals Europese prijzen en conferenties over ondernemerschap, projecten, workshops, evenals begeleidingsprogramma's, en maatregelen die de coherentie en consistentie versterken, zoals benchmarking en uitwisseling van beste praktijken, leveren een grote Europese toegevoegde waarde op. Om vrouwen aan te moedigen om een eigen onderneming op te zetten, verder carrière te maken als ondernemer en om vrouwelijke ondernemers zichtbaarder te maken als rolmodel, moeten contextgebonden belemmeringen, traditionele denkwijzen en stereotypen over vrouwen worden bestreden en moet de geloofwaardigheid van vrouwelijke ondernemers worden vergroot.

Amendement  9

Voorstel voor een verordening

Overweging 19 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(19 bis) Gegevens die kunnen dienen als indicatoren om de verwezenlijking van doelstellingen te meten, moeten - indien haalbaar in de praktijk - worden verzameld en naar geslacht, etniciteit, leeftijd, gebied, bedrijfsomvang en -duur worden opgesplitst, met inachtneming van de bepalingen van de lidstaten betreffende de gegevensbescherming, met ondersteuning van de Europese Stichting tot verbetering van de levens- en arbeidsomstandigheden en het Europees Instituut voor gendergelijkheid. Dergelijke gegevens moeten, indien mogelijk, worden verzameld op een manier die kmo's niet extra belast, en moeten beleidsmakers erbij helpen specifieke problemen van vrouwelijke ondernemers op te lossen.

Amendement  10

Voorstel voor een verordening

Overweging 20

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(20) Het programma moet een aanvulling zijn op andere programma's van de Unie en tegelijk erkennen dat elk instrument volgens zijn eigen specifieke procedures moet werken. Dezelfde subsidiabele kosten mogen dus geen twee keer gefinancierd worden. Teneinde toegevoegde waarde en een aanzienlijke impact van de EU-financiering te bereiken, moeten nauwe synergieën tussen het programma, andere programma's van de Unie en de structuurfondsen worden ontwikkeld.

(20) Het programma moet een aanvulling zijn op andere programma's van de Unie en tegelijk erkennen dat elk instrument volgens zijn eigen specifieke procedures moet werken. Dezelfde subsidiabele kosten mogen dus geen twee keer gefinancierd worden. Teneinde toegevoegde waarde en een aanzienlijke impact van de EU-financiering te bereiken, moeten nauwe synergieën tussen het programma, andere programma's van de Unie en de structuurfondsen worden ontwikkeld. Specifieke maatregelen zijn nodig om het voor vrouwen eenvoudiger te maken de financiering te krijgen die nodig is voor het oprichten van ondernemingen.

Amendement  11

Voorstel voor een verordening

Overweging 20 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(20 bis) Het programma moet de toegang van vrouwelijke ondernemers tot beschikbare financiering vergemakkelijken, teneinde ondernemerschap onder vrouwen te stimuleren door middel van toekenning van speciale subsidies en het verstrekken van risicokapitaal.

Amendement  12

Voorstel voor een verordening

Overweging 20 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(20 ter) Het programma moet bijstand verlenen aan vrouwelijke ondernemers die door maatschappelijke omstandigheden minder kennis hebben over beschikbare financieringsmogelijkheden en financieel beheer, en die niet alleen tijdens de opstartfase behoefte kunnen hebben aan ondersteuning, maar ook tijdens de gehele bedrijfscyclus, en in voorkomend geval tevens bij bedrijfssluiting.

Amendement  13

Voorstel voor een verordening

Overweging 21

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(21) Er moet rekening gehouden worden met de beginselen van transparantie en gelijke kansen voor mannen en vrouwen bij alle relevante initiatieven en maatregelen in het kader van het programma. Naleving van mensenrechten en fundamentele vrijheid voor alle burgers moet in deze initiatieven en activiteiten ook in overweging worden genomen.

(21) In alle relevante initiatieven en maatregelen in het kader van het programma moet rekening worden gehouden met de beginselen van transparantie, moet de gelijke behandeling van mannen en vrouwen worden bevorderd en moet ingespeeld worden op andere factoren en belemmeringen op grond waarvan het ondernemerschap voor vrouwen minder aantrekkelijk of minder haalbaar is, zoals de onbalans tussen werk en gezin, het gebrek aan rolmodellen en begeleiders, sociale stereotypen en gebrek aan door onderwijs verkregen ondernemerschapsvaardigheden. Naleving van mensenrechten en fundamentele vrijheid voor alle burgers moet in deze initiatieven en activiteiten ook in overweging worden genomen.

Amendement  14

Voorstel voor een verordening

Overweging 21 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(21 bis) Het programma moet erop gericht zijn de toegang tot technische, wetenschappelijke, zakelijke en ondersteunende netwerken te vereenvoudigen en moet passende begeleiding bieden op het gebied van scholing en coachings- en begeleidingsprogramma's voor iedereen die een kleine of middelgrote onderneming wil opzetten, met name jonge ondernemers en vrouwen, teneinde ondernemerschapsvaardigheden te ontwikkelen en kennis, enthousiasme en vertrouwen op te bouwen, zoals het Europees ambassadeursnetwerk voor vrouwelijk ondernemerschap (EANVO), dat de nadruk legt op de rol die vrouwen kunnen spelen bij het creëren van werkgelegenheid en het stimuleren van de concurrentiekracht door vrouwen en meisjes door middel van activiteiten op scholen, op universiteiten, via maatschappelijke organisaties en in de media te inspireren om hun eigen bedrijf op te zetten.

Amendement  15

Voorstel voor een verordening

Overweging 21 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(21 ter) Aan zowel vrouwelijke als mannelijke ondernemers moeten mogelijkheden geboden worden om aan hun persoonlijke ontwikkeling te werken, zich op IT-gebied verder te scholen en hun talenkennis te verbreden, onder meer om hun kansen op de internationale markt te vergroten.

Amendement  16

Voorstel voor een verordening

Overweging 21 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(12 quater) Vrouwen in plattelandsgebieden kunnen belemmeringen ondervinden bij de toegang tot informatie en financiële en technische instrumenten en diensten, hetgeen hun mogelijkheden om een onderneming op te richten of uit te breiden aanzienlijk kan beperken. Dit voorstel moet zich dan ook richten op alle soorten geografische omgevingen en " de boodschap verspreiden" via proactieve marketingcampagnes die de Europese belastingbetaler werkelijk wat opleveren en die achtergebleven plattelandsgemeenten een nieuwe impuls geven.

Amendement  17

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter a bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

a bis) verwezenlijking van de overkoepelende prioritaire doelstelling van gelijkheid tussen mannen en vrouwen en de verbetering van de positie en de zelfredzaamheid van vrouwen, evenals de bestrijding van bestaande belemmeringen voor vrouwelijke ondernemers, waaronder onvolledige toegang tot financiering, opleidingen en informatietechnologie, problemen bij het vinden van een evenwicht tussen werk en gezin en negatieve culturele percepties en stereotypen van vrouwelijke ondernemers;

Amendement  18

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b) aanmoediging van een ondernemerscultuur en bevordering van de oprichting en de groei van kmo's.

b) aanmoediging van een ondernemerscultuur waarin mannen en vrouwen gelijk zijn en bevordering van de oprichting en de groei van kmo's, onder meer bij specifieke doelgroepen zoals jongeren, vrouwen en gemarginaliseerde gemeenschappen.

Amendement  19

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 2 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d) kmo-groei op het gebied van toegevoegde waarde en aantal werknemers;

d) kmo-groei op het gebied van toegevoegde waarde en aantal werknemers, opgesplitst naar geslacht, etniciteit, leeftijd, gebied, bedrijfsomvang en -duur met inachtneming van de bepalingen van de lidstaten betreffende de gegevensbescherming;

Amendement  20

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 2 – letter d bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

d bis) toename van het aantal vrouwelijke werknemers, in het bijzonder in het bestuur en de strategische leiding van kmo's;

Amendement  21

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Het programma ondersteunt de uitvoering van de Europa 2020-strategie en draagt bij aan het bereiken van de doelstelling van een "slimme, duurzame en inclusieve groei". In het bijzonder draagt het programma bij aan de hoofddoelstelling inzake werkgelegenheid.

3. Het programma ondersteunt de uitvoering van de Europa 2020-strategie en draagt bij aan het bereiken van de doelstelling van een "slimme, duurzame en inclusieve groei". In het bijzonder draagt het programma bij aan de hoofddoelstelling inzake werkgelegenheid, met als doel 75% van zowel de mannen als de vrouwen op de arbeidsmarkt inzetbaar te maken.

Amendement  22

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – lid 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b) bevordering van ondernemerschap, waaronder bij specifieke doelgroepen;

b) bevordering van ondernemerschap, waaronder bij specifieke doelgroepen zoals jongeren, vrouwen en gemarginaliseerde gemeenschappen;

Amendement  23

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – lid 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c) verbetering van de toegang voor kmo's tot financiering in de vorm van eigen vermogen en schuld;

c) verbetering van de toegang voor kmo's tot financiering in de vorm van eigen vermogen en schuld en het verstrekken van informatie aan en bewustmaking van potentiële begunstigden, waaronder specifieke groepen zoals jongeren, vrouwen en gemarginaliseerde gemeenschappen;

Amendement  24

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 - lid 2 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a) maatregelen om het ontwerp, de uitvoering en de evaluatie van beleid met betrekking tot concurrentievermogen en duurzaamheid van ondernemingen, met inbegrip van weerbaarheid ten aanzien van rampen, te verbeteren en om de ontwikkeling van passende infrastructuren, clusters van wereldklasse en zakelijke netwerken, raamvoorwaarden en de ontwikkeling van duurzame producten, diensten en processen te waarborgen;

a) maatregelen om het ontwerp, de uitvoering en de evaluatie van beleid met betrekking tot concurrentievermogen en duurzaamheid van ondernemingen, met inbegrip van weerbaarheid ten aanzien van rampen, te verbeteren en om de ontwikkeling van passende infrastructuren in zowel stedelijke als plattelandsgebieden, clusters van wereldklasse en zakelijke netwerken, raamvoorwaarden en de ontwikkeling van duurzame producten, diensten en processen te waarborgen;

Amendement  25

Voorstel voor een verordening

Artikel 7 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Bijzondere aandacht wordt besteed aan jonge ondernemers, nieuwe en potentiële ondernemers en vrouwelijke ondernemers, alsmede aan specifieke doelgroepen.

2. Bijzondere aandacht wordt besteed aan jonge ondernemers, ondernemers uit gemarginaliseerde gemeenschappen en nieuwe en potentiële ondernemers, zowel mannelijke als vrouwelijke, alsmede aan specifieke doelgroepen, zoals jonge mannen en vrouwen.

Amendement  26

Voorstel voor een verordening

Artikel 7 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De Commissie kan maatregelen van de lidstaten ondersteunen voor het opbouwen van ondernemersopleiding, ondernemersvaardigheden en ondernemingszin, met name onder potentiële en nieuwe ondernemers.

3. De Commissie kan maatregelen van de lidstaten ondersteunen voor het opbouwen van ondernemersopleiding, ondernemersvaardigheden en ondernemingszin, met name onder potentiële en nieuwe vrouwelijke en mannelijke ondernemers. Daarbij wordt in het bijzonder steun verleend aan vrouwen in plattelandsgebieden.

Amendement  27

Voorstel voor een verordening

Artikel 16 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De Commissie wordt bijgestaan door een comité. Dat comité is een comité in de zin van Verordening (EU) nr. 182/2011.

1. De Commissie wordt bijgestaan door een comité. Dat comité is een comité in de zin van Verordening (EU) nr. 182/2011. Het comité is genderevenwichtig samengesteld door de instelling van quota voor vrouwen.

Amendement  28

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Specifieke doelstelling: Ondernemerschap bevorderen, ook bij specifieke doelgroepen – kolom 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Stijging van EU-burgers die zelfstandig zouden willen worden tot 50 %

Stijging van EU-burgers die zelfstandig zouden willen worden tot 50% (voor mannen en vrouwen in gelijke mate)

PROCEDURE

Titel

Programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en het midden- en kleinbedrijf (2014-2020)

Document- en procedurenummers

COM(2011)0834 – C7-0463/2011 – 2011/0394(COD)

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

ITRE

13.12.2011

 

 

 

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

FEMM

13.12.2011

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

Marina Yannakoudakis

20.12.2011

Behandeling in de commissie

10.7.2012

 

 

 

Datum goedkeuring

19.9.2012

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

24

2

1

Bij de eindstemming aanwezige leden

Regina Bastos, Marije Cornelissen, Edite Estrela, Iratxe García Pérez, Mikael Gustafsson, Mary Honeyball, Lívia Járóka, Teresa Jiménez-Becerril Barrio, Nicole Kiil-Nielsen, Silvana Koch-Mehrin, Rodi Kratsa-Tsagaropoulou, Astrid Lulling, Barbara Matera, Krisztina Morvai, Norica Nicolai, Joanna Senyszyn, Joanna Katarzyna Skrzydlewska, Britta Thomsen, Marina Yannakoudakis, Anna Záborská, Inês Cristina Zuber

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Silvia Costa, Mariya Gabriel, Ana Miranda, Doris Pack, Antigoni Papadopoulou, Angelika Werthmann

(1)

In de EU is 1op de 10 vrouwen ondernemer, tegenover 1 op de 4 mannen. Resolutie van het Europees Parlement van 13 september 2011 over ondernemerschap voor vrouwen in het midden- en kleinbedrijf (kmo's) opgesteld door EP-lid Marina Yannakoudakis.

(2)

Eurostat, 8 februari 2012.


PROCEDURE

Titel

Programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en het midden- en kleinbedrijf (2014-2020)

Document- en procedurenummers

COM(2011)0834 – C7-0463/2011 – 2011/0394(COD)

Datum indiening bij EP

30.11.2011

 

 

 

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

ITRE

13.12.2011

 

 

 

Medeadviserende commissie(s)

       Datum bekendmaking

BUDG

13.12.2011

ECON

13.12.2011

EMPL

13.12.2011

IMCO

13.12.2011

 

TRAN

13.12.2011

FEMM

13.12.2011

 

 

Geen advies

       Datum besluit

ECON

17.1.2012

EMPL

15.12.2011

TRAN

19.12.2011

 

Rapporteur(s)

       Datum benoeming

Jürgen Creutzmann

17.1.2012

 

 

 

Behandeling in de commissie

18.6.2012

18.9.2012

 

 

Datum goedkeuring

29.11.2012

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

49

1

2

Bij de eindstemming aanwezige leden

Josefa Andrés Barea, Jean-Pierre Audy, Zigmantas Balčytis, Ivo Belet, Bendt Bendtsen, Jan Březina, Reinhard Bütikofer, Maria Da Graça Carvalho, Giles Chichester, Jürgen Creutzmann, Pilar del Castillo Vera, Dimitrios Droutsas, Vicky Ford, Gaston Franco, Adam Gierek, Norbert Glante, Fiona Hall, Edit Herczog, Kent Johansson, Romana Jordan, Krišjānis Kariņš, Lena Kolarska-Bobińska, Judith A. Merkies, Angelika Niebler, Jaroslav Paška, Vittorio Prodi, Miloslav Ransdorf, Herbert Reul, Jens Rohde, Paul Rübig, Amalia Sartori, Salvador Sedó i Alabart, Francisco Sosa Wagner, Patrizia Toia, Catherine Trautmann, Ioannis A. Tsoukalas, Claude Turmes, Marita Ulvskog, Vladimir Urutchev, Alejo Vidal-Quadras

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Antonio Cancian, Ioan Enciu, Roger Helmer, Jolanta Emilia Hibner, Seán Kelly, Bernd Lange, Zofija Mazej Kukovič, Alajos Mészáros, Vladimír Remek, Silvia-Adriana Ţicău, Henri Weber

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervanger(s) (art. 187, lid 2)

Keith Taylor

Datum indiening

11.12.2012

Juridische mededeling - Privacybeleid