Procedure : 2013/0022(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A7-0364/2013

Ingediende teksten :

A7-0364/2013

Debatten :

Stemmingen :

PV 12/03/2014 - 8.21
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P7_TA(2014)0228

VERSLAG     ***I
PDF 462kWORD 399k
5.11.2013
PE 510.725v04-00 A7-0364/2013

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 912/2010 tot oprichting van het Europese GNSS-Agentschap

(COM(2013)0040 – C7‑0031/2013 – 2013/0022(COD))

Commissie industrie, onderzoek en energie

Rapporteur: Amalia Sartori

PR_COD_1amCom

AMENDEMENTEN
ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 ADVIES van de Begrotingscommissie
 ADVIES van de Commissie begrotingscontrole
 PROCEDURE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 912/2010 tot oprichting van het Europese GNSS-Agentschap

(COM(2013)0040 – C7‑0031/2013 – 2013/0022(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–   gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2013)0040),

–   gezien artikel 294, lid 2, en artikel 172 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C7-0031/2013),

–   gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–   gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité van 17 april 2013(1)

–   na raadpleging van het Comité van de Regio's,

–   gezien artikel 55 van zijn Reglement,

–   gezien het verslag van de Commissie industrie, onderzoek en energie en de adviezen van de Begrotingscommissie en de Commissie begrotingscontrole (A7-0364/2013),

1.  stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;

2.  benadrukt dat eventuele besluiten van de wetgevingsautoriteit tot toekenning van meerjarige financiering aan het GNSS-Agentschap ("het Agentschap") los moeten staan van de besluiten van de begrotingsautoriteit in het kader van de jaarlijkse begrotingsprocedure;

3.  verzoekt de Commissie een financieel memorandum te presenteren dat volledig recht doet aan de resultaten van het wetgevingsakkoord tussen het Europees Parlement en de Raad ter voorziening in de budgettaire en personeelsbehoeften van het Agentschap en eventueel van de diensten van de Commissie;

4.  verzoekt de Commissie een werkbare oplossing te vinden voor de problemen waar het Agentschap mee te maken kan krijgen met betrekking tot de financiering van Europese Scholen van Type II, aangezien dit rechtstreekse gevolgen heeft voor de mogelijkheden van het Agentschap om gekwalificeerd personeel aan te trekken;

5.  verzoekt de Commissie om bij de vaststelling van de aanpassingscoëfficiënt voor de bezoldiging van het personeel van het Agentschap niet uit te gaan van het Tsjechische gemiddelde, maar rekening te houden met de kosten van levensonderhoud in het hoofdstedelijk gebied Praag;

6.  verzoekt om hernieuwde voorlegging indien de Commissie voornemens is ingrijpende wijzigingen in haar voorstel aan te brengen of dit door een nieuwe tekst te vervangen;

7.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad, de Commissie en de nationale parlementen.

Amendement  1

Voorstel voor een verordening

Overweging 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(4) Verordening (EG) nr. xxx/2013 van het Europees Parlement en de Raad inzake de uitvoering en exploitatie van de Europese satellietnavigatiesystemen8, die Verordening (EG) nr. 683/2008 vervangt en op 1 januari 2014 in werking treedt, stelt de regeling van het publieke beheer van de programma's in de periode 2014-2020 vast. De verordening breidt de taken van het Agentschap uit en bepaalt met name dat het Agentschap een belangrijke rol kan spelen bij de exploitatie van de systemen.

(4) Verordening (EG) nr. xxx/2013 van het Europees Parlement en de Raad inzake de uitvoering en exploitatie van de Europese satellietnavigatiesystemen8, die Verordening (EG) nr. 683/2008 vervangt en op 1 januari 2014 in werking treedt, stelt de regeling van het publieke beheer van de programma's in de periode 2014-2020 vast. De verordening legt de algemene verantwoordelijkheid voor de programma's bij de Commissie en maakt de Commissie verantwoordelijk voor het waarborgen van de veiligheid van de programma's, onder meer wat de systemen en hun werking betreft. Daarnaast breidt de verordening de taken van het Agentschap uit en bepaalt ze met name dat het Agentschap een belangrijke rol kan spelen bij de exploitatie van de systemen en bij het optimaliseren van de sociaaleconomische voordelen daarvan.

Motivering

Er zij nogmaals op gewezen dat de algemene verantwoordelijkheid voor de programma's bij de Commissie ligt en dat zij ook verantwoordelijk is voor het waarborgen van de veiligheid ervan.

Amendement  2

Voorstel voor een verordening

Overweging 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(9) Bovendien zou het – nogmaals met het oog op het behoud van de autonomie van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie en om elk belangenconflict te vermijden – nuttig zijn dat in de eerste plaats de Raad voor de veiligheidsaccreditatie en het personeel van het Agentschap dat onder zijn toezicht staat hun werkzaamheden verrichten op een plaats die de autonomie en onafhankelijkheid ten opzichte van de andere activiteiten van het Agentschap garandeert, met name ten opzichte van de operationele activiteiten in verband met de exploitatie van de systemen, en dat in de tweede plaats de interne voorschriften op personeelsgebied van het Agentschap borg staan voor de autonomie en de onafhankelijkheid van het personeel dat de veiligheidsaccreditatie verricht ten opzichte van het personeel dat andere activiteiten van het Agentschap verricht.

(9) Bovendien is het – nogmaals met het oog op het behoud van de autonomie van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie en om elk belangenconflict te vermijden – essentieel dat in de eerste plaats de Raad voor de veiligheidsaccreditatie en het personeel van het Agentschap dat onder zijn toezicht staat hun werkzaamheden op een autonome en onafhankelijke wijze verrichten ten opzichte van de andere activiteiten van het Agentschap, met name ten opzichte van de operationele activiteiten in verband met de exploitatie van de systemen, en dat in de tweede plaats de interne voorschriften op personeelsgebied van het Agentschap borg staan voor de autonomie en de onafhankelijkheid van het personeel dat de veiligheidsaccreditatie verricht ten opzichte van het personeel dat andere activiteiten van het Agentschap verricht.

Motivering

De Raad voor de veiligheidsaccreditatie bevindt zich op dezelfde locatie als de rest van het Agentschap.

Amendement  3

Voorstel voor een verordening

Overweging 11

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(11) Bovendien is het wenselijk dat Verordening (EU) nr. 912/2010 in overeenstemming wordt gebracht met de beginselen van de gemeenschappelijke aanpak van het Parlement, de Raad en de Commissie over de gedecentraliseerde agentschappen, die door die drie instellingen op respectievelijk 5 juli, 26 juni en 12 juni 2012 is goedgekeurd, vooral met betrekking tot de voorschriften voor de vaststelling van de besluiten van de Raad van bestuur, de duur van de ambtstermijn van de leden van de Raad van bestuur en de Raad voor de veiligheidsaccreditatie en van die van hun voorzitters, het bestaan van een meerjarig werkprogramma, de bevoegdheden van de Raad van bestuur inzake personeelsbeleid, de evaluatie en de herziening van de verordening, de voorkoming van belangenconflicten, en de behandeling van gevoelige niet-gerubriceerde gegevens.

(11) Bovendien is het wenselijk dat Verordening (EU) nr. 912/2010 in overeenstemming wordt gebracht met de beginselen van de gemeenschappelijke aanpak van het Parlement, de Raad en de Commissie over de gedecentraliseerde agentschappen, die door die drie instellingen op respectievelijk 5 juli, 26 juni en 12 juni 2012 is goedgekeurd, vooral met betrekking tot de voorschriften voor de vaststelling van de besluiten van de Raad van bestuur, de duur van de ambtstermijn van de leden van de Raad van bestuur en de Raad voor de veiligheidsaccreditatie en van die van hun voorzitters, het bestaan van een meerjarig werkprogramma, de bevoegdheden van de Raad van bestuur inzake personeelsbeleid, de evaluatie en de herziening van de verordening, de voorkoming en beheersing van belangenconflicten, en de behandeling van gevoelige niet-gerubriceerde gegevens.

Motivering

Het betreft hier de door de drie instellingen overeengekomen tekst van de gemeenschappelijke aanpak voor de gedecentraliseerde agentschappen.

Amendement  4

Voorstel voor een verordening

Overweging 11 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(11 bis) Met het oog op de voorkoming en beheersing van belangenconflicten is het essentieel dat het Agentschap een reputatie op het gebied van onpartijdigheid, integriteit en hoge professionele normen opbouwt en in stand houdt. Er mag nooit enige gegronde aanleiding zijn voor de verdenking dat besluiten worden beïnvloed door belangen die indruisen tegen de rol van het Agentschap als orgaan dat in dienst staat van de hele Unie, of door de particuliere belangen of connecties van een personeelslid van het Agentschap, van een gedetacheerde nationale deskundige of van een lid van de Raad van bestuur of de Raad voor de veiligheidsaccreditatie, welke in strijd zijn of kunnen zijn met de correcte vervulling van de officiële taken van de betrokkene. Het Europees Parlement heeft zijn bezorgdheid geuit omtrent de belangenconflicten bij bepaalde agentschappen en heeft de Rekenkamer verzocht daarnaar een grondig onderzoek in te stellen. Daarom dient de Raad van bestuur met betrekking tot dit punt voor het hele Agentschap gedetailleerde voorschriften vast te stellen. Deze voorschriften moeten recht doen aan de door de Rekenkamer in Speciaal verslag nr. 15 van 2012 geformuleerde aanbevelingen.

Amendement  5

Voorstel voor een verordening

Overweging 11 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(11 ter) Op 10 december 2010 hebben de vertegenwoordigers van de lidstaten op de bijeenkomst van de Intergouvernementele Conferentie besloten het hoofdkwartier van het Agentschap in Praag te vestigen. De gastlandovereenkomst tussen de Tsjechische Republiek en het Agentschap is op 9 augustus 2012 in werking getreden. De gastlandovereenkomst en andere specifieke regelingen (zoals de huurovereenkomst en de beloningspakketten voor het personeel) moeten worden beschouwd als zijnde volledig in overeenstemming met deze verordening, en hoeven derhalve niet te worden gewijzigd

Amendement  6

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 2

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 4 – lid 3 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De bepalingen betreffende de vestiging en de werking van het Agentschap in de ontvangende lidstaten en derde landen en betreffende de voordelen die laatstgenoemden toestaan aan de uitvoerend directeur, de leden van de Raad van bestuur, aan het personeel van het Agentschap en hun gezinsleden worden vastgelegd in bijzondere regelingen die worden overeengekomen door het Agentschap en die staten en landen. De bijzondere regelingen worden goedgekeurd door de Raad van bestuur.

De bepalingen betreffende de vestiging en de werking van het Agentschap in de ontvangende lidstaten en derde landen en betreffende de voordelen die laatstgenoemden toestaan aan de uitvoerend directeur, de leden van de Raad van bestuur en de Raad voor de veiligheidsaccreditatie, aan het personeel van het Agentschap en hun gezinsleden worden vastgelegd in bijzondere regelingen die worden overeengekomen door het Agentschap en die staten en landen. De bijzondere regelingen worden goedgekeurd door de Raad van bestuur.

Amendement  7

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 3 – letter a

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 5 – lid 2 – alinea 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

De leden van de Raad van bestuur worden benoemd op grond van hun kennis van de taken van het Agentschap, met inachtneming van hun kwalificaties op bestuurs-, administratief en begrotingsgebied. Het Europees Parlement, de Commissie en de lidstaten streven naar een evenwichtige vertegenwoordiging van mannen en vrouwen in de Raad van bestuur.

Amendement  8

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 3 – letter a

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 5 – lid 2 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De ambtstermijn van de leden van de Raad van bestuur bedraagt vier jaar en kan worden verlengd.

De ambtstermijn van de leden van de Raad van bestuur bedraagt vier jaar en kan worden verlengd. Het Europees Parlement, de Commissie en de lidstaten trachten het verloop van hun vertegenwoordigers in de Raad van bestuur te beperken.

Amendement  9

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 3 – letter b

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 5 – lid 4 – alinea 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

De voorzitter kan worden uitgenodigd een verklaring voor de desbetreffende commissie(s) van het Europees Parlement te komen afleggen en vragen van leden te beantwoorden.

Amendement  10

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 3 – letter b

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 5 – lid 4 – alinea 1 ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

De Raad van bestuur is bevoegd om de voorzitter en de vicevoorzitter te ontslaan.

Motivering

De Raad van bestuur kiest de voorzitter en de vicevoorzitter, maar heeft niet de bevoegdheid hen te ontslaan, terwijl dat in bepaalde omstandigheden nodig kan zijn. Bovendien heeft de Raad voor de veiligheidsaccreditatie die bevoegdheid wel ten aanzien van zijn voorzitter en vicevoorzitter.

Amendement  11

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 3 – letter c

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 5 – lid 6 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Voor de verkiezing van de voorzitter en de vicevoorzitter van de Raad van bestuur, de goedkeuring van de begroting en de werkprogramma's is een tweederde meerderheid van alle stemgerechtigde leden noodzakelijk.

Voor de verkiezing en het ontslaan van de voorzitter en de vicevoorzitter van de Raad van bestuur en voor de goedkeuring van de begroting en de werkprogramma's is een tweederde meerderheid van alle stemgerechtigde leden noodzakelijk.

Amendement  12

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 4

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 6 – lid 2 – letter a

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a) hij stelt uiterlijk 30 juni van het eerste jaar van het meerjarig financieel kader als bedoeld in artikel 312 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, het meerjarig werkprogramma van het Agentschap op voor de periode die onder het meerjarig financieel kader valt, na er het deel in te hebben opgenomen dat de Raad voor de veiligheidsaccreditatie overeenkomstig artikel 11, lid 3, onder b), heeft opgesteld en na het advies van de Commissie te hebben ontvangen;

a) hij stelt uiterlijk 30 juni van het eerste jaar van het meerjarig financieel kader als bedoeld in artikel 312 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, het meerjarig werkprogramma van het Agentschap op voor de periode die onder het meerjarig financieel kader valt, na er het deel in te hebben opgenomen dat de Raad voor de veiligheidsaccreditatie overeenkomstig artikel 11, lid 3, onder b), heeft opgesteld, na het advies van de Commissie te hebben ontvangen en na het Europees Parlement te hebben geraadpleegd;

Motivering

Volgens de gemeenschappelijke aanpak dient het Parlement over het meerjarig werkprogramma te worden geraadpleegd.

Amendement  13

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 4

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 6 – punt 2 – letter e bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

e bis) hij stelt de in artikel 23, lid 2, bedoelde regelingen vast nadat de bij artikel 11 opgerichte Raad voor de veiligheidsaccreditatie ermee heeft ingestemd de onder hoofdstuk III vallende aangelegenheden te zullen afhandelen;

Amendement  14

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 4

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 6 – punt 2 – letter h bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

h bis) hij keurt, op voorstel van de uitvoerend directeur, de werkafspraken goed die tussen het Agentschap en het Europees Ruimteagentschap zijn overeengekomen, zoals bedoeld in artikel [15, lid 1 quater] van Verordening (EU) nr. .../... [toekomstige GNSS-verordening];

Amendement  15

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 4

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 6 – lid 2 – letter i

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

i) hij stelt zijn huishoudelijk reglement vast.

i) hij stelt zijn huishoudelijk reglement vast en maakt dit openbaar;

Amendement  16

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 4

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 6 – lid 2 – letter i bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

i bis) hij stelt, op basis van een voorstel van de uitvoerend directeur, een antifraudestrategie vast die in verhouding staat tot de risico's op fraude en die uitgaat van een kosten-batenanalyse van de uit te voeren maatregelen;

Motivering

De uitvoerend directeur moet een fraudebestrijdingsstrategie ontwikkelen en deze aan de Raad van bestuur bezorgen, maar de Raad van bestuur beschikt niet over de bevoegdheid om zo'n strategie goed te keuren.

Amendement  17

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 4

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 6 – lid 2 – letter i ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

i ter) hij neemt waar nodig, op basis van voorstellen van de uitvoerend directeur, besluiten over de organisatiestructuren van het Agentschap, tenzij deze betrekking hebben op de in hoofdstuk III bedoelde activiteiten in verband met veiligheidsaccreditatie.

Motivering

Besluiten over interne structuren dienen op voorstel van de uitvoerend directeur te worden genomen door de Raad van bestuur.

Amendement  18

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 4

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 6 – lid 3 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Overeenkomstig de procedure van artikel 110 van het Statuut kan de Raad van bestuur op basis van artikel 2, lid 1, van het Statuut en op basis van artikel 6 van de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden, een besluit aannemen om de bevoegdheden tot aanstelling te delegeren aan de uitvoerend directeur en de voorwaarden vast te stellen waaronder die delegatie kan worden geschorst. De uitvoerend directeur mag deze bevoegdheid op zijn beurt subdelegeren.

Overeenkomstig de procedure van artikel 110 van het Statuut kan de Raad van bestuur op basis van artikel 2, lid 1, van het Statuut en op basis van artikel 6 van de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden, een besluit aannemen om de bevoegdheden tot aanstelling te delegeren aan de uitvoerend directeur en de voorwaarden vast te stellen waaronder die delegatie kan worden geschorst. De uitvoerend directeur brengt aan de Raad van bestuur verslag uit over deze gedelegeerde bevoegdheden. De uitvoerend directeur mag deze bevoegdheid op zijn beurt subdelegeren.

Amendement  19

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 4

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 6 – lid 3 – alinea 6

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Hij stelt eveneens de uitvoeringsbepalingen op voor de detachering van de gedetacheerde nationale deskundigen als bedoeld in artikel 15 quater, na raadpleging van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie en terdege rekening houdend met diens opmerkingen.

Schrappen

Motivering

Deze bepaling komt te staan in artikel 15 quater.

Amendement  20

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 4

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 6 – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De Raad van bestuur benoemt de uitvoerend directeur en kan diens mandaat overeenkomstig artikel 15 ter, lid 4, verlengen of beëindigen. Hij treedt op als tuchtraad ten aanzien van de uitvoerend directeur.

De Raad van bestuur benoemt de uitvoerend directeur en kan diens mandaat overeenkomstig artikel 15 ter, leden 3 en 4, verlengen of beëindigen. Hij treedt op als tuchtraad ten aanzien van de uitvoerend directeur.

Amendement  21

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 5

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 7 – lid 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Onverminderd de bevoegdheden van de Commissie en de Raad van bestuur is de uitvoerend bestuurder onafhankelijk bij de uitvoering van zijn taken en vraagt noch aanvaardt hij instructies van een regering of andere instantie.

Amendement  22

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 6

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 8 – punt 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(1) hij treedt op als vertegenwoordiger van het Agentschap, met uitzondering van activiteiten en besluiten overeenkomstig de hoofdstukken II en III, en is met het beheer ervan belast; hij ondertekent de delegatieovereenkomsten tussen de Commissie en het agentschap op grond van artikel [15, lid 1, onder d)] van Verordening [toekomstige GNSS-verordening];

(1) hij treedt op als vertegenwoordiger van het Agentschap, met uitzondering van activiteiten en besluiten overeenkomstig de hoofdstukken II en III, en is met het dagelijks bestuur daarvan belast; hij ondertekent de delegatieovereenkomsten tussen de Commissie en het agentschap op grond van artikel [15, lid 1 bis] van Verordening (EU) nr. [toekomstige GNSS-verordening];

Motivering

Artikel 7 bepaalt dat de uitvoerend directeur verantwoordelijk is voor het beheer van het Agentschap.

Amendement  23

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 6

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 8 – punt 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis. hij stelt de tussen het Agentschap en het Europees Ruimteagentschap geldende werkafspraken vast als bedoeld in artikel [15, lid 1 quater] van Verordening (EU) nr. .../... [toekomstige GNSS-verordening] en legt deze overeenkomstig artikel 6, lid 2, onder h bis), ter goedkeuring voor aan de Raad van bestuur;

Amendement  24

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 6

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 8 – punt 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(2) hij bereidt de werkzaamheden van de Raad van bestuur voor en neemt, zonder stemrecht, deel aan de werkzaamheden van de Raad van bestuur;

(2) hij bereidt de werkzaamheden van de Raad van bestuur voor en neemt, zonder stemrecht, deel aan de werkzaamheden van de Raad van bestuur, met inachtneming van artikel 5, lid 5, tweede alinea;

Amendement  25

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 6

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 8 – punt 2 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 bis) hij voert de besluiten van de Raad van bestuur uit;

Amendement  26

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 6

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 8 – punt 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(3) hij is onder toezicht van de Raad van bestuur verantwoordelijk voor de uitvoering van het jaarlijkse werkprogramma van het Agentschap, met uitzondering van het deel van het programma dat onder hoofdstuk III valt;

(3) hij is verantwoordelijk voor de voorbereiding van het meerjarige en het jaarlijkse werkprogramma van het Agentschap en voor de indiening daarvan bij de Raad van bestuur, met uitzondering van de delen die overeenkomstig artikel 11, lid 3, onder b) en c), worden voorbereid en vastgesteld door de Raad voor de veiligheidsaccreditatie;

Amendement  27

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 6

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 8 – punt 3 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 bis) hij is verantwoordelijk voor de uitvoering van het meerjarige en het jaarlijkse werkprogramma van het Agentschap, met uitzondering van de delen die overeenkomstig artikel 11 bis, lid 1, onder b), worden uitgevoerd door de voorzitter van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie, alsook voor de verslaglegging over de uitvoering daarvan aan de Raad van bestuur;

Amendement  28

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 6

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 8 – punt 3 ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 ter) hij maakt voor iedere vergadering van de Raad van bestuur een voortgangsverslag op over de tenuitvoerlegging van het jaarlijkse werkprogramma, met daarin een integrale weergave van het overeenkomstig artikel 11 bis, alinea 1, onder c, door de voorzitter van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie opgestelde hoofdstuk;

Amendement  29

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 6

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 8 – punt 6

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(6) hij stelt elk jaar een ontwerp van algemeen verslag op, terdege rekening houdend met de opmerkingen van de voorzitter van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie wat de activiteiten van hoofdstuk III betreft, en legt dit voor aan de Raad van bestuur;

(6) hij bereidt het jaarverslag over de activiteiten en de vooruitzichten van het Agentschap voor, met uitzondering van het deel dat overeenkomstig artikel 11, lid 3, onder d), wordt voorbereid en vastgesteld door de Raad voor de veiligheidsaccreditatie, en legt dit ter goedkeuring voor aan de Raad van bestuur;

Amendement  30

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 6

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 8 – punt 7

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7) hij zorgt ervoor dat het Agentschap, als exploitant van het GSMC, gehoor kan geven aan instructies die uit hoofde van Gemeenschappelijk Optreden 2004/552/GBVB worden verstrekt;

(7) hij zorgt ervoor dat het Agentschap, als exploitant van het GSMC, gehoor kan geven aan instructies die uit hoofde van Gemeenschappelijk Optreden 2004/552/GBVB worden verstrekt en zijn rol kan vervullen als bedoeld in artikel 6 van Besluit nr. 1104/2011/EU;

Amendement  31

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 6

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 8 – punt 7 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(7 bis) hij verspreidt alle relevante informatie onder de organen van het Agentschap, met inbegrip van informatie over veiligheidskwesties met betrekking tot het dagelijkse beheer van het Agentschap;

Amendement  32

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 6

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 8 – punt 7 ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(7 ter) hij deelt de Commissie het standpunt van het Agentschap mede omtrent eventuele technische en operationele specificaties die nodig zijn voor de implementatie van systeemontwikkelingen als bedoeld in artikel [13, lid 3, onder c bis] van Verordening (EU) nr. ... / ... [de toekomstige GNSS-verordening], ook met het oog op de vaststelling van goedkeurings- en evaluatieprocedures, en omtrent onderzoeksactiviteiten ter ondersteuning van die ontwikkelingen;

Amendement  33

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 6

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 8 – punt 8

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(8) stelt de organisatiestructuur van het Agentschap vast, die hij ter goedkeuring aan de Raad van bestuur voorlegt;

Schrappen

Motivering

Hierin voorziet het amendement tot toevoeging van artikel 6, lid 2, letter i bis.

Amendement  34

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 6

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 8 – punt 12

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(12) hij bereidt een actieplan voor om te zorgen dat er gevolg aan de bevindingen en aanbevelingen van de vroegere beoordelingen wordt gegeven, en dient bij de Commissie een halfjaarlijks verslag over de geboekte vooruitgang in;

(12) hij bereidt een actieplan voor op grond van de bevindingen en aanbevelingen die voortvloeien uit de evaluaties uit hoofde van artikel 26, uit de onderzoeken van OLAF en uit alle interne en externe auditverslagen, en dient bij de Commissie een halfjaarlijks verslag over de geboekte vooruitgang in;

Motivering

Ter wille van de samenhang met artikel 6, lid 2, onder g).

Amendement  35

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 6

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 8 – punt 14

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(14) hij ontwikkelt een antifraudestrategie voor het Agentschap en dient deze ter goedkeuring in bij de raad van bestuur.

(14) hij ontwikkelt een antifraudestrategie en een strategie voor de preventie en de behandeling van belangenconflicten voor het Agentschap en dient deze ter goedkeuring in bij de raad van bestuur.

Amendement  36

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 6

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 8 – lid 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Het Europees Parlement of de Raad kan de uitvoerend directeur verzoeken verslag uit te brengen over de uitvoering van zijn taken en een verklaring af te leggen voor deze instellingen.

Motivering

Dit stond oorspronkelijk in artikel 15 ter.

Amendement  37

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 7

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 8 bis – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Het in artikel 6, lid 2, onder a), bedoelde meerjarige programma van het Agentschap voorziet in de maatregelen die het Agentschap moet nemen tijdens de periode die valt onder het meerjarig financieel kader als bedoeld in artikel 312 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, met inbegrip van de maatregelen die verband houden met de internationale relaties en met de communicatie waarvoor het aansprakelijk is. Dit programma stelt het personeel en de financiële middelen vast die voor elke activiteit worden uitgetrokken. Hierbij worden de in artikel 26 bedoelde evaluaties in aanmerking genomen.

1. Het in artikel 6, lid 2, onder a), bedoelde meerjarige werkprogramma van het Agentschap voorziet in de maatregelen die het Agentschap moet nemen tijdens de periode die valt onder het meerjarig financieel kader als bedoeld in artikel 312 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, met inbegrip van de maatregelen die verband houden met de internationale relaties en met de communicatie waarvoor het aansprakelijk is, en omvat een beschrijving van de algemene strategische programmering, met inbegrip van doelstellingen, mijlpalen, beoogde resultaten en prestatie-indicatoren, alsook een middelenplanning, inclusief wat betreft het personeel en de financiële middelen die voor elke activiteit worden uitgetrokken. Hierbij worden de in artikel 26 bedoelde evaluaties in aanmerking genomen.

Amendement  38

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 7

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 8 bis – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Op basis van het meerjarige werkprogramma stelt het in artikel 6, lid 2, onder b), bedoelde jaarlijkse programma de maatregelen vast die het Agentschap tijdens het komende jaar moet verrichten, met inbegrip van de maatregelen in verband met de internationale betrekkingen en de communicatie waarvoor het aansprakelijk is. Dit programma stelt het personeel en de financiële middelen vast die voor elke activiteit worden uitgetrokken. Het omvat, ter informatie, de taken die de Commissie in voorkomend geval aan het Agentschap heeft gedelegeerd onder toepassing van artikel [15, lid 1, onder d)] van Verordening [toekomstige GNSS-verordening].

2. Het in artikel 6, lid 2, onder b), bedoelde jaarlijkse werkprogramma is gebaseerd op het meerjarige werkprogramma. Het omvat gedetailleerde doelstellingen en verwachte resultaten, met inbegrip van prestatie-indicatoren die het mogelijk maken de bereikte resultaten effectief te beoordelen. Het bevat ook een uitvoerige beschrijving van de maatregelen die het Agentschap tijdens het komende jaar moet uitvoeren, met inbegrip van de maatregelen in verband met de internationale betrekkingen en de communicatie waarvoor het aansprakelijk is, en het specificeert het personeel en de financiële middelen die voor elke activiteit worden uitgetrokken, in overeenstemming met de beginselen van een activiteitsgestuurde begroting en een activiteitsgestuurd beheer. Het vermeldt duidelijk welke taken ten opzichte van het vorige jaar zijn toegevoegd, gewijzigd of geschrapt. Het omvat, ter informatie, de taken die de Commissie in voorkomend geval aan het Agentschap heeft gedelegeerd onder toepassing van artikel [15, lid 1 bis] van Verordening EU nr. .../... [toekomstige GNSS-verordening]..

Amendement  39

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 7

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 8 bis – lid 2 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis. De uitvoerend directeur zendt het meerjarige en het jaarlijkse werkprogramma, nadat die zijn aangenomen door de Raad van bestuur, toe aan het Europees Parlement, de Raad, de Commissie en de lidstaten, en maakt ze openbaar. De uitvoerend directeur en de voorzitter van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie kunnen worden verzocht het deel van het aangenomen jaarlijkse werkprogramma dat onder hun verantwoordelijkheid valt te komen presenteren in de desbetreffende commissie(s) van het Europees Parlement en vragen van leden te beantwoorden.

Amendement  40

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 7

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 8 bis – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Het in artikel 8, onder f), bedoelde algemeen verslag geeft een overzicht van de uitvoering van de werkprogramma's van het Agentschap.

3. Het in artikel 6, lid 2, onder f), bedoelde jaarverslag bevat informatie over:

 

a) de uitvoering van het meerjarige en het jaarlijkse werkprogramma, onder meer wat betreft de prestatie-indicatoren;

 

b) de implementatie van het plan voor de begroting en het personeelsbeleid;

 

c) de beheers- en interne controlesystemen van het Agentschap en de geboekte vooruitgang bij de uitvoering van de projectbeheerssystemen en -technieken als bedoeld in artikel [12 sexties] van Verordening (EU) nr. ... / ... (toekomstige GNSS-verordening);

d) de ecologische voetafdruk van het Agentschap en eventuele maatregelen om de milieuprestaties van het Agentschap te verbeteren;

 

e) de bevindingen van interne en externe audits en de follow-up van de uit de audits verkregen aanbevelingen en van de aanbeveling betreffende de kwijting;

f) de betrouwbaarheidsverklaring van de uitvoerend directeur.

 

Het jaarverslag wordt openbaar gemaakt.

Amendement  41

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 9 – letter a

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 11 – punt 3 – letter d bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

d bis) hij neemt waar nodig, op basis van voorstellen van zijn voorzitter, besluiten over de organisatiestructuren van het Agentschap die betrekking hebben op de in dit hoofdstuk bedoelde activiteiten in verband met veiligheidsaccreditatie;

Amendement  42

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 9 – letter a

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 11 – lid 3 – letter f

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

f) hij stelt zijn huishoudelijk reglement vast.

f) hij stelt zijn huishoudelijk reglement vast en maakt dit openbaar;

Amendement  43

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 9 – letter b

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 11 – lid 7

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

7. De Raad voor de veiligheidsaccreditatie bestaat uit één vertegenwoordiger per lidstaat, één vertegenwoordiger van de Commissie en één vertegenwoordiger van de HV. De ambtstermijn van de leden van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie bedraagt vier jaar en kan worden verlengd. Een vertegenwoordiger van het ESA wordt uitgenodigd om de vergaderingen van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie als waarnemer bij te wonen. In voorkomend geval worden de deelname van vertegenwoordigers van derde landen en de voorwaarden daarvoor vastgesteld in de in artikel 23 bedoelde regelingen.

7. De Raad voor de veiligheidsaccreditatie bestaat uit één vertegenwoordiger per lidstaat, één vertegenwoordiger van de Commissie en één vertegenwoordiger van de HV, die worden benoemd op grond van hun kennis van de activiteiten op het gebied van veiligheidsaccreditatie, en met inachtneming van hun kwalificaties op bestuurs-, administratief en begrotingsgebied. De Commissie, de HV en de lidstaten streven naar een evenwichtige vertegenwoordiging van mannen en vrouwen in de Raad voor de veiligheidsaccreditatie. Leden van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie kunnen niet tevens lid van de Raad van bestuur zijn. De ambtstermijn van de leden van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie bedraagt vier jaar en kan worden verlengd. De Commissie, de hoge vertegenwoordiger en de lidstaten trachten het verloop van hun vertegenwoordigers in de Raad voor de veiligheidsaccreditatie te beperken. Een vertegenwoordiger van het ESA wordt uitgenodigd om de vergaderingen van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie als waarnemer bij te wonen. In voorkomend geval worden de deelname van vertegenwoordigers van derde landen en de voorwaarden daarvoor vastgesteld in de in artikel 23 bedoelde regelingen.

Amendement  44

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 9 – letter b

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 11 – lid 8 – alinea 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

De voorzitter kan worden uitgenodigd een verklaring voor de desbetreffende commissie(s) van het Europees Parlement te komen afleggen en vragen van leden te beantwoorden.

Amendement  45

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 9 – letter e

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 11 – lid 17

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

17. De Raad voor de veiligheidsaccreditatie en het personeel van het Agentschap dat onder zijn toezicht is geplaatst, verrichten hun werkzaamheden op zodanige wijze dat autonomie en onafhankelijkheid ten opzichte van de andere activiteiten van het Agentschap gewaarborgd zijn, met name ten opzichte van de operationele activiteiten in samenhang met de exploitatie van de systemen.

17. De Raad voor de veiligheidsaccreditatie en het personeel van het Agentschap dat onder zijn toezicht is geplaatst, verrichten hun werkzaamheden op zodanige wijze dat autonomie en onafhankelijkheid ten opzichte van de andere activiteiten van het Agentschap gewaarborgd zijn, met name ten opzichte van de operationele activiteiten in samenhang met de exploitatie van de systemen. De Raad voor de veiligheidsaccreditatie stelt de uitvoerend directeur en de Raad van bestuur onmiddellijk op de hoogte van enigerlei omstandigheid die zijn autonomie en onafhankelijkheid in het gedrang zou kunnen brengen. De Raad voor de veiligheidsaccreditatie stelt het Europees Parlement en de Raad onmiddellijk op de hoogte indien geen actie wordt ondernomen om deze situatie te verhelpen.

Motivering

Deze verordening heeft tot doel de onafhankelijkheid en autonomie van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie te vergroten, maar voorziet niet in een procedure voor het oplossen van mogelijke conflicten die kunnen ontstaan tussen de beide bevoegdheidsterreinen (veiligheidsaccreditatie en stationering en vermarkting). Dit amendement stelt daarom een tweefasige procedure voor. Ten eerste een interne fase om problemen vast te stellen en aan te pakken en ten tweede de verplichting om de wetgever op de hoogte te stellen indien de Raad voor de veiligheidsaccreditatie constateert dat er geen actie is ondernomen om een einde te maken aan een situatie waarbij zijn autonomie in het gedrang komt.

Amendement  46

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 10

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 11 bis – lid 1 – letter a

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a) hij beheert de activiteiten in verband met de veiligheidsaccreditatie onder leiding van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie;

a) hij bereidt de werkzaamheden van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie voor en beheert de activiteiten in verband met de veiligheidsaccreditatie onder leiding van deze raad;

Amendement  47

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 10

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 11 bis – lid 1 – letter b

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b) hij is onder toezicht van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie verantwoordelijk voor de uitvoering van het deel van de werkprogramma's van het Agentschap dat onder dit hoofdstuk valt;

b) hij voert onder toezicht van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie de delen van de meerjarige en jaarlijkse werkprogramma's van het Agentschap uit die overeenkomstig artikel 11, lid 3, onder b) en c), door deze raad zijn voorbereid en goedgekeurd;

Amendement  48

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 13

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 15 ter – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De uitvoerend directeur wordt op grond van verdiensten en van door bewijsstukken aangetoonde bestuurlijke en leidinggevende vaardigheden, alsook relevante bekwaamheid en ervaring, door de Raad van bestuur benoemd aan de hand van een door de Commissie voorgestelde lijst van kandidaten, na een transparant algemeen vergelijkend onderzoek volgend op een oproep tot het indienen van blijken van belangstelling in het Publicatieblad van de Europese Unie en elders.

2. De uitvoerend directeur wordt, na instemming van het Europees Parlement, op grond van verdiensten en van door bewijsstukken aangetoonde bestuurlijke en leidinggevende vaardigheden, alsook relevante bekwaamheid en ervaring, door de Raad van bestuur benoemd aan de hand van een door de Commissie voorgestelde lijst van kandidaten, na een transparant algemeen vergelijkend onderzoek volgend op een oproep tot het indienen van blijken van belangstelling in het Publicatieblad van de Europese Unie en elders.

Motivering

Deze procedure geldt ook voor de Europese Bankautoriteit (Verordening nr. 1093/2010), de Europese Autoriteit voor effecten en markten (Verordening nr. 1094/2010) en de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen (Verordening nr. 1095/2010).

Amendement  49

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 13

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 15 ter –lid 2 – alinea 3 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Vóór hun benoeming worden de kandidaten op de in de eerste alinea bedoelde lijst verzocht een verklaring voor de desbetreffende commissie van het Europees Parlement te komen afleggen en vragen van leden te beantwoorden.

Amendement  50

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 13

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 15 ter –lid 3 – alinea 2 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

De Raad van bestuur stelt het Europees Parlement in kennis van zijn voornemen om de ambtstermijn van de uitvoerend directeur te verlengen. In de maand die voorafgaat aan de verlenging van zijn ambtstermijn kan de uitvoerend directeur worden verzocht een verklaring voor de desbetreffende commissies van het Europees Parlement te komen afleggen en vragen van leden te beantwoorden.

Amendement  51

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 13

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 15 ter – lid 5

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. Het Europees Parlement of de Raad kan de uitvoerend directeur verzoeken verslag uit te brengen over de uitvoering van zijn taken en een verklaring af te leggen voor deze instellingen.

Schrappen

Amendement  52

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 13

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 15 quater

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Het Agentschap kan ook een beroep doen op nationale deskundigen. . Deze deskundigen beschikken over een passende veiligheidsmachtiging.

Het Agentschap kan een beroep doen op gedetacheerde nationale deskundigen. Dergelijke deskundigen beschikken over een passende veiligheidsmachtiging. Het Statuut van de ambtenaren en de regeling die van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie zijn niet van toepassing op deze deskundigen.

 

De Raad van bestuur stelt een besluit vast houdende voorschriften inzake de detachering van nationale deskundigen naar het Agentschap. Voorafgaand aan dat besluit raadpleegt hij de Raad voor de veiligheidsaccreditatie in verband met de detachering van de bij de in hoofdstuk III bedoelde activiteiten op het gebied van veiligheidsaccreditatie betrokken nationale deskundigen, en houdt hij naar behoren rekening met de opmerkingen van deze raad.

Amendement  53

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 18

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 22 bis – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De uitvoerend directeur en de door de lidstaten en door de Commissie op tijdelijke basis gedetacheerde ambtenaren leggen een verbintenisverklaring af, alsmede een verklaring over hun belangen waaruit blijkt dat zij geen directe of indirecte belangen hebben die als nadelig voor hun onafhankelijkheid kunnen worden beschouwd. Deze verklaringen worden schriftelijk afgelegd bij indiensttreding en worden vernieuwd bij wijziging van hun persoonlijke situatie.

1. De Raad van bestuur stelt regels vast voor de voorkoming en beheersing van belangenconflicten. Deze regels zijn van toepassing op het hele Agentschap en worden openbaar gemaakt. Alvorens deze regels vast te stellen raadpleegt hij de Raad voor de veiligheidsaccreditatie en houdt hij naar behoren rekening met de opmerkingen van deze raad.

Amendement  54

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 18

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 22 bis – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De externe deskundigen die zitting hebben in de ad hoc-werkgroepen maken op elke vergadering de belangen kenbaar die geacht zouden kunnen worden afbreuk te doen aan hun onafhankelijkheid ten aanzien van de agendapunten.

2. De in lid 1 bedoelde regels voorzien ten minste in het volgende:

 

a) zij vereisen dat de leden van de Raad van bestuur en de Raad voor de veiligheidsaccreditatie, de uitvoerend directeur, het personeel van het Agentschap en de gedetacheerde nationale deskundigen en waarnemers een verbintenisverklaring en een verklaring over alle belangen die als nadelig voor hun onafhankelijkheid kunnen worden beschouwd afleggen;

 

b) zij schrijven voor dat de onder a) bedoelde verklaringen nauwkeurig en volledig moeten zijn, op papier moeten worden gezet bij de indiensttreding van de betrokkenen, moeten worden bijgewerkt indien hun persoonlijke situatie verandert, en openbaar moeten worden gemaakt;

 

c) zij omvatten duidelijke en objectieve criteria voor de beoordeling van de onder a) bedoelde verklaringen, waarborgen een consistente toepassing van deze criteria en bieden de mogelijkheid om iedere verklaring te verifiëren indien er daaromtrent twijfels zouden rijzen;

 

d) zij voorzien in een procedure om te garanderen dat personen met een belang dat geacht zou kunnen worden afbreuk te doen aan hun onafhankelijkheid ten aanzien van een agendapunt op een vergadering niet kunnen deelnemen aan de bespreking van en besluitvorming over dat agendapunt;

 

e) zij voorzien in duidelijke en consistente beleidslijnen en procedures, met inbegrip van doeltreffende, evenredige en preventieve sancties om inbreuken op de regels tegen te gaan;

 

f) zij voorzien in een passende, verplichte opleiding met betrekking tot belangenconflicten voor de uitvoerend directeur, alle personeelsleden van het Agentschap, de gedetacheerde nationale deskundigen en de leden van de Raad van bestuur en de Raad voor de veiligheidsaccreditatie;

 

g) zij bieden een oplossing voor de problemen die ontstaan wanneer iemand het Agentschap verlaat.

Amendement  55

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 18

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 22 bis – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De Raad van bestuur en de Raad voor de veiligheidsaccreditatie brengen een beleid tot stand om belangenconflicten te vermijden.

Schrappen

Amendement  56

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 20

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 26 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De Commissie zendt dit evaluatieverslag en haar eigen conclusies over de inhoud van dat verslag aan het Europees Parlement, de Raad, de Raad van bestuur en de Raad voor de veiligheidsaccreditatie van het Agentschap. De resultaten van de evaluatie worden openbaar gemaakt.

2. De Commissie zendt dit evaluatieverslag en haar eigen conclusies over de inhoud van dat verslag aan het Europees Parlement, de Raad, de Raad van bestuur en de Raad voor de veiligheidsaccreditatie van het Agentschap. Daarnaast verstrekt de Commissie het Europees Parlement, de Raad en de nationale parlementen desgevraagd aanvullende informatie over de evaluatie. De resultaten van de evaluatie worden openbaar gemaakt.

Amendement  57

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – punt 20

Verordening (EU) nr. 912/2010

Artikel 26 – lid 2 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis. Indien uit de evaluatie blijkt dat de Raad voor de veiligheidsaccreditatie niet doelmatig genoeg functioneert en de onafhankelijkheid van zijn taakvervulling te wensen overlaat, wordt een herziening op dit punt overwogen.

Amendement  58

Voorstel voor een verordening

Artikel 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Deze verordening treedt in werking op de [twintigste] dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening treedt in werking op de [twintigste] dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie. Zij wordt binnen drie maanden na de bekendmaking ervan geconsolideerd met de verordening die wordt gewijzigd.

(1)

             PB C 198 van 10.7.2013, blz. 67.


ADVIES van de Begrotingscommissie (19.9.2013)

aan de Commissie industrie, onderzoek en energie

inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EU) nr. 912/2010 tot oprichting van het Europese GNSS-Agentschap

(COM(2013)0040 – C7‑0031/2013 – 2013/0022(COD))

Rapporteur voor advies: Jutta Haug

BEKNOPTE MOTIVERING

De Commissie heeft een voorstel ingediend voor een verordening tot wijziging van de verordening tot oprichting van het Europese GNSS-Agentschap (GSA). Het voorstel behandelt voornamelijk een aantal beheerskwesties in verband met veiligheidsaccreditatie, maar brengt de GSA-verordening ook in overeenstemming met de gemeenschappelijke aanpak over de gedecentraliseerde agentschappen die het Parlement, de Raad en de Commissie in juli 2012 hebben vastgesteld. Vanuit begrotingsoogpunt het belangrijkst zijn echter de wijzigingen die worden voorgesteld van het financieel memorandum, in verband met de nieuwe taken voor het GSA die voortvloeien uit de toekomstige GNSS-verordening (Verordening inzake de invoering en exploitatie van de Europese satellietnavigatiesystemen, COM(2011) 814)). Het voorstel van de Commissie voor de toekomstige GNSS-verordening voorziet in een totaalbedrag van 7 897 miljoen EUR tegen huidige prijzen voor de MFK-periode 2014-2020.

Na het politieke akkoord over het volgende meerjarig financieel kader heeft de Commissie op 10 juli 2013 een mededeling goedgekeurd over "Programmering 2014-2020 van de personeels- en financiële middelen voor de gedecentraliseerde agentschappen" (COM(2013)519), waarin een totale bijdrage van de EU aan het GSA wordt voorzien van 200,2 miljoen EUR voor de periode 2014-2020. Dit bedrag houdt een verlaging van 2% in ten opzichte van de 204,3 miljoen EUR die de Commissie eerder had voorgesteld om het Agentschap in staat te stellen zijn taken uit te voeren, zoals aangegeven in het financieel memorandum bij de voorliggende ontwerpverordening.

De rapporteur maakt zich ernstige zorgen over de algemene benadering van de Commissie in de mededeling en verzoekt de Commissie uit te leggen hoe de agentschappen hun taken in de toekomst moeten vervullen.

Een ander zorgpunt betreft het feit dat de Commissie vanaf 2014 haar rechtstreekse steun aan Europese Scholen van Type II zal stopzetten en dat de betreffende agentschappen (zoals het GSA) dan zelf de nodige financiering moeten leveren. Volgens de Commissie zullen de tot dusver geleverde kredieten worden overgeschreven naar de begrotingen van de betreffende agentschappen. Gezien de algemene verlaging van kredieten tengevolge van de inkrimping van het meerjarig financieel kader zullen de agentschappen echter grote problemen ondervinden bij het leveren van deze financiering voor Europese Scholen van Type II. Daardoor zullen agentschappen zoals het GSA het steeds moeilijker krijgen om in alle lidstaten gekwalificeerd tijdelijk personeel aan te trekken.

Tot slot wil de rapporteur het probleem benadrukken waar het GSA mee te maken heeft tengevolge van de aanpassingscoëfficiënt die wordt toegepast op de bezoldiging van het personeel van het Agentschap. Momenteel wordt deze factor berekend aan de hand van het gemiddelde voor de gehele Tsjechische Republiek, terwijl de kosten voor het levensonderhoud in het hoofdstedelijk gebied Praag veel hoger zijn.

AMENDEMENTEN

De Begrotingscommissie verzoekt de ten principale bevoegde Commissie industrie, onderzoek en energie onderstaande amendementen in haar verslag op te nemen:

Amendement  1

Ontwerpwetgevingsresolutie

Paragraaf 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis. benadrukt dat enig besluit van de wetgevingsautoriteit tot toekenning van meerjarige financiering aan het GSA geen gevolgen mag hebben voor de besluiten van de begrotingsautoriteit in het kader van de jaarlijkse begrotingsprocedure;

Amendement  2

Ontwerpwetgevingsresolutie

Paragraaf 1 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1 ter. verzoekt de Commissie een financieel memorandum te presenteren waarin ten volle rekening wordt gehouden met de resultaten van het wetgevingsakkoord tussen het Europees Parlement en de Raad teneinde te voldoen aan de begrotings- en personeelsbehoeften van het GSA en mogelijkerwijs van de diensten van de Commissie;

Amendement  3

Ontwerpwetgevingsresolutie

Paragraaf 1 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1 quater. verzoekt de Commissie een haalbare oplossing te vinden voor de problemen waar het Agentschap mee te maken kan krijgen met betrekking tot de financiering voor Europese Scholen van Type II, aangezien dit rechtstreekse gevolgen heeft voor de mogelijkheden van het Agentschap om gekwalificeerd personeel aan te werven;

Amendement  4

Ontwerpwetgevingsresolutie

Paragraaf 1 quinquies (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1 quinquies. verzoekt de Commissie om bij de vaststelling van de aanpassingscoëfficiënt voor de bezoldiging van het personeel van het Agentschap niet uit te gaan van het Tsjechische gemiddelde, maar rekening te houden met de kosten van levensonderhoud in het hoofdstedelijk gebied Praag;

PROCEDURE

Titel

Wijziging van Verordening (EU) nr. 912/2010 tot oprichting van het Europese GNSS-Agentschap

Document- en procedurenummers

COM(2013)0040 – C7-0031/2013 – 2013/0022(COD)

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

ITRE

12.3.2013

 

 

 

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

BUDG

12.3.2013

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

Jutta Haug

20.2.2013

Datum goedkeuring

18.9.2013

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

35

1

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Marta Andreasen, Reimer Böge, Zuzana Brzobohatá, Jean Louis Cottigny, Jean-Luc Dehaene, Göran Färm, José Manuel Fernandes, Eider Gardiazábal Rubial, Ivars Godmanis, Lucas Hartong, Jutta Haug, Monika Hohlmeier, Jan Kozłowski, Alain Lamassoure, Claudio Morganti, Vojtěch Mynář, Juan Andrés Naranjo Escobar, Dominique Riquet, László Surján, Helga Trüpel, Derek Vaughan, Angelika Werthmann

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Alexander Alvaro, Frédéric Daerden, Jürgen Klute, Paul Rübig, Peter Šťastný, Nils Torvalds, Catherine Trautmann, Adina-Ioana Vălean

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervanger(s) (art. 187, lid 2)

Elena Oana Antonescu, Andrzej Grzyb, Ivana Maletić, Marian-Jean Marinescu, Traian Ungureanu, Iuliu Winkler


ADVIES van de Commissie begrotingscontrole (3.10.2013)

aan de Commissie industrie, onderzoek en energie

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EU) nr. 912/2010 tot oprichting van het Europese GNSS-Agentschap

(COM(2013)0040 – C7‑0031/2013 – 2013/0022(COD))

Rapporteur voor advies: Inés Ayala Sender

AMENDEMENTEN

De Commissie begrotingscontrole verzoekt de ten principale bevoegde Commissie industrie, onderzoek en energie onderstaande amendementen in haar verslag op te nemen:

Amendement  1

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 1 – punt 4

Verordening (EG) nr. 912/2010

Artikel 6 – lid 3 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Overeenkomstig de procedure van artikel 110 van het Statuut kan de Raad van bestuur op basis van artikel 2, lid 1, van het Statuut en op basis van artikel 6 van de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden, een besluit aannemen om de bevoegdheden tot aanstelling te delegeren aan de uitvoerend directeur en de voorwaarden vast te stellen waaronder die delegatie kan worden geschorst. De uitvoerend directeur mag deze bevoegdheid op zijn beurt subdelegeren.

Overeenkomstig de procedure van artikel 110 van het Statuut kan de Raad van bestuur op basis van artikel 2, lid 1, van het Statuut en op basis van artikel 6 van de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden, een besluit aannemen om de bevoegdheden tot aanstelling te delegeren aan de uitvoerend directeur en de voorwaarden vast te stellen waaronder die delegatie kan worden geschorst. De uitvoerend directeur brengt aan de Raad van bestuur verslag uit over deze gedelegeerde bevoegdheden. De uitvoerend directeur mag deze bevoegdheid op zijn beurt subdelegeren.

Amendement  2

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 1 – punt 4 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 912/2010

Artikel 6 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(4 bis) Het volgende artikel wordt ingevoegd:

 

"Artikel 6 bis

 

Voorafgaande kennisgeving en rodevlagmechanisme

 

1. Wanneer de Commissie redelijkerwijs mag aannemen dat de Raad van bestuur besluiten zal nemen die mogelijk niet in overeenstemming zijn met de opdracht van het Agentschap, het Unierecht kunnen schenden of strijdig zijn met de beleidsdoelstellingen van de Unie, stelt zij een alarmsysteem in werking. De Commissie stelt de zaak dan formeel aan de orde in de Raad van bestuur, en verzoekt hem het besluit niet vast te stellen. Indien de Raad van bestuur dit verzoek naast zich neerlegt, stelt de Commissie het Europees Parlement en de Raad formeel in kennis teneinde snel te kunnen reageren. De Commissie kan de Raad van bestuur verzoeken het omstreden besluit niet toe te passen zolang de vertegenwoordigers van de drie instellingen de zaak in beraad hebben.

 

2. Aan het begin van elke ambtstermijn formuleert de Raad van bestuur een uitgewerkte regeling voor de procedure van lid 1. De procedure wordt door de Commissie goedgekeurd.

Amendement  3

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 1 – punt 6

Verordening (EG) nr. 912/2010

Artikel 8 – alinea 1 – punt 14

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(14) hij ontwikkelt een antifraudestrategie voor het Agentschap en dient deze ter goedkeuring in bij de raad van bestuur.

(14) hij ontwikkelt een antifraudestrategie en een strategie voor de preventie en de behandeling van belangenconflicten voor het Agentschap en dient deze ter goedkeuring in bij de raad van bestuur.

Amendement  4

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 1 – punt 9 – letter b

Verordening (EG) nr. 912/2010

Artikel 11 – lid 7

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

7. De Raad voor de veiligheidsaccreditatie bestaat uit één vertegenwoordiger per lidstaat, één vertegenwoordiger van de Commissie en één vertegenwoordiger van de HV. De ambtstermijn van de leden van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie bedraagt vier jaar en kan worden verlengd. Een vertegenwoordiger van het ESA wordt uitgenodigd om de vergaderingen van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie als waarnemer bij te wonen. In voorkomend geval worden de deelname van vertegenwoordigers van derde landen en de voorwaarden daarvoor vastgesteld in de in artikel 23 bedoelde regelingen.

7. De Raad voor de veiligheidsaccreditatie bestaat uit één vertegenwoordiger per lidstaat, één vertegenwoordiger van de Commissie en één vertegenwoordiger van de HV. Leden van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie kunnen niet tevens lid van de Raad van bestuur zijn. De ambtstermijn van de leden van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie bedraagt vier jaar en kan worden verlengd. Een vertegenwoordiger van het ESA wordt uitgenodigd om de vergaderingen van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie als waarnemer bij te wonen. In voorkomend geval worden de deelname van vertegenwoordigers van derde landen en de voorwaarden daarvoor vastgesteld in de in artikel 23 bedoelde regelingen.

Amendement  5

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 1 – punt 9 – letter e

Verordening (EG) nr. 912/2010

Artikel 11 – lid 17

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

17. De Raad voor de veiligheidsaccreditatie en het personeel van het Agentschap dat onder zijn toezicht is geplaatst, verrichten hun werkzaamheden op zodanige wijze dat autonomie en onafhankelijkheid ten opzichte van de andere activiteiten van het Agentschap gewaarborgd zijn, met name ten opzichte van de operationele activiteiten in samenhang met de exploitatie van de systemen.

17. De Raad voor de veiligheidsaccreditatie en het personeel van het Agentschap dat onder zijn toezicht is geplaatst, verrichten hun werkzaamheden op zodanige wijze dat autonomie en onafhankelijkheid ten opzichte van de andere activiteiten van het Agentschap gewaarborgd zijn, met name ten opzichte van de operationele activiteiten in samenhang met de exploitatie van de systemen. De Raad voor de veiligheidsaccreditatie stelt de uitvoerend directeur en de Raad van bestuur onmiddellijk op de hoogte van enige omstandigheid die zijn autonomie en onafhankelijkheid zou kunnen bedreigen. De Raad voor de veiligheidsaccreditatie stelt het Europees Parlement en de Raad onmiddellijk op de hoogte indien geen actie wordt ondernomen om deze situatie te verhelpen.

Motivering

Deze verordening heeft tot doel de onafhankelijkheid en autonomie van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie te vergroten, maar bevat geen procedure voor het oplossen van mogelijke conflicten die kunnen ontstaan tussen beide bevoegdheidsterreinen (veiligheidsaccreditatie en stationering en vermarkting). Dit amendement stelt daarom een procedure in twee fasen voor. Ten eerste een interne fase om problemen vast te stellen en aan te pakken en ten tweede de verplichting om de wetgever op de hoogte te brengen indien de Raad voor de veiligheidsaccreditatie constateert dat geen actie is ondernomen om een einde te maken aan de situatie waarbij zijn autonomie in gevaar wordt gebracht.

Amendement  6

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 1 – punt 13

Verordening (EG) nr. 912/2010

Artikel 15 ter – lid 2 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De uitvoerend directeur wordt op grond van verdiensten en van door bewijsstukken aangetoonde bestuurlijke en leidinggevende vaardigheden, alsook relevante bekwaamheid en ervaring, door de Raad van bestuur benoemd aan de hand van een door de Commissie voorgestelde lijst van kandidaten, na een transparant algemeen vergelijkend onderzoek volgend op een oproep tot het indienen van blijken van belangstelling in het Publicatieblad van de Europese Unie en elders.

2. De uitvoerend directeur wordt op grond van verdiensten en van door bewijsstukken aangetoonde bestuurlijke en leidinggevende vaardigheden, alsook relevante bekwaamheid en ervaring, door de Raad van bestuur benoemd aan de hand van een door de Commissie voorgestelde lijst van kandidaten, na een transparant algemeen vergelijkend onderzoek volgend op een oproep tot het indienen van blijken van belangstelling in het Publicatieblad van de Europese Unie en elders. Vóór de benoeming wordt de door de Raad van bestuur geselecteerde kandidaat uitgenodigd om op zo kort mogelijke termijn een verklaring voor het Europees Parlement af te leggen en vragen van leden te beantwoorden.

Motivering

This amendment introduces the requirement for the candidate selected by the Administration Board to be heard by the European Parliament prior to his or her appointment in order to strengthen Parliament's rights in the appointment procedure and align it with other regulations establishing other agencies, such the European Chemicals Agency, the European Medicines Agency and the European Food Safety Authority which already have already incorporated this possibility. Furthermore, the European Parliament will soon vote to recommend Commission to change the EEA Regulation in this sense (A7-0264/2013).

Amendement  7

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 1 – punt 14

Verordening (EG) nr. 912/2010

Artikel 16 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De Rekenkamer is bevoegd tot het controleren van de begunstigden van middelen van het agentschap en van de contractanten en subcontractanten die via het Agentschap middelen van de Unie hebben ontvangen, op basis van de bij haar ingediende documenten of de ter plaatse verrichte inspecties.

2. De Rekenkamer heeft het recht en is bevoegd tot het controleren van alle begunstigden van middelen van het agentschap en van de contractanten en subcontractanten die via het Agentschap middelen van de Unie hebben ontvangen, op basis van de bij haar ingediende documenten of de ter plaatse verrichte inspecties.

Amendement  8

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 1 – punt 18

Verordening (EG) nr. 912/2010

Artikel 22 bis – titel

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Belangenconflicten

Belangenconflicten en transparantie

Amendement  9

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 1 – punt 18

Verordening (EG) nr. 912/2010

Artikel 22 bis – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De uitvoerend directeur en de door de lidstaten en door de Commissie op tijdelijke basis gedetacheerde ambtenaren leggen een verbintenisverklaring af, alsmede een verklaring over hun belangen waaruit blijkt dat zij geen directe of indirecte belangen hebben die als nadelig voor hun onafhankelijkheid kunnen worden beschouwd. Deze verklaringen worden schriftelijk afgelegd bij indiensttreding en worden vernieuwd bij wijziging van hun persoonlijke situatie.

1. De uitvoerend directeur en de door de lidstaten en door de Commissie op tijdelijke basis gedetacheerde ambtenaren leggen een verbintenisverklaring af, alsmede een verklaring over hun belangen waaruit blijkt dat zij geen directe of indirecte belangen hebben die als nadelig voor hun onafhankelijkheid kunnen worden beschouwd. Deze verklaringen worden schriftelijk afgelegd bij indiensttreding en worden vernieuwd bij wijziging van hun persoonlijke situatie. De leden en waarnemers van de Raad van bestuur en de Raad voor de veiligheidsaccreditatie maken deze verklaringen bovendien openbaar, tezamen met hun curricula vitae. Het Agentschap publiceert op zijn website een lijst van de leden van de Raad van bestuur en de Raad voor de veiligheidsaccreditatie, alsmede een lijst van externe en interne deskundigen.

Motivering

Er is geen reden om de verplichting tot het afleggen van een verbintenisverklaring en een belangenverklaring niet te laten gelden voor de leden en waarnemers van de organen van het Agentschap. Met het oog op een grotere transparantie moet deze informatie tevens openbaar worden gemaakt.

Amendement  10

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 1 – punt 18

Verordening (EG) nr. 912/2010

Artikel 22 bis – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De externe deskundigen die zitting hebben in de ad hoc-werkgroepen maken op elke vergadering de belangen kenbaar die geacht zouden kunnen worden afbreuk te doen aan hun onafhankelijkheid ten aanzien van de agendapunten.

2. De externe deskundigen die zitting hebben in de ad hoc-werkgroepen maken op elke vergadering de belangen kenbaar die geacht zouden kunnen worden afbreuk te doen aan hun onafhankelijkheid ten aanzien van de agendapunten. Het Agentschap formuleert en implementeert een beleid voor het evalueren en beheren van mogelijke belangenconflicten van gedetacheerde nationale deskundigen, onder meer door ze te verbieden vergaderingen van werkgroepen bij te wonen indien dit hun onafhankelijkheid en partijdigheid zou kunnen schaden. De uitvoerend directeur verstrekt informatie over de uitvoering van dat beleid bij het uitbrengen van verslag aan het Europees Parlement en de Raad overeenkomstig deze verordening.

Motivering

Zoals benadrukt door de Rekenkamer in zijn speciaal verslag 15/2012 moeten de Agentschappen deskundigen niet alleen verplichten mogelijke belangen te melden inzake de kwestie die wordt behandeld, maar moeten zij ook een systeem ontwikkelen om te controleren of de informatie klopt, alsmede een methodologie om risico's vast te stellen. Aangezien externe deskundigen geen EU-ambtenaren zijn en niet vallen onder het personeelsstatuut dat regels bevat inzake de onafhankelijkheid, moet het Agentschap beschikken over een rechtsgrond om een beleid te ontwikkelen voor het actieve beheer van de deelname van deskundigen.

Amendement  11

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 1 – punt 18

Verordening (EG) nr. 912/2010

Artikel 22 bis – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De Raad van bestuur en de Raad voor de veiligheidsaccreditatie brengen een beleid tot stand om belangenconflicten te vermijden.

3. De Raad van bestuur en de Raad voor de veiligheidsaccreditatie brengen een beleid tot stand om belangenconflicten te beheren en te vermijden, met tenminste de volgende elementen:

 

a) beginselen voor het beheer en de verificatie van de belangenverklaringen, met inbegrip van regels voor de openbaarmaking ervan, rekening houdend met artikel 22;

 

b) verplichte trainingsvereisten inzake belangenconflicten voor het personeel van het Agentschap en gedetacheerde nationale deskundigen;

 

c) regels inzake giften en uitnodigingen;

 

d) gedetailleerde regels voor verboden activiteiten voor personeel en leden van het Agentschap na beëindiging van hun dienstverband bij het Agentschap;

 

e) transparantieregels inzake de besluiten van het Agentschap, met inbegrip van openbaarmaking van de notulen van de raden van het Agentschap, rekening houdend met gevoelige, geclassificeerde en commerciële informatie; en

 

f) sancties en mechanismen om de autonomie en onafhankelijkheid van het Agentschap te waarborgen.

 

Het Agentschap moet rekening houden met de noodzaak om een evenwicht te bewaren tussen de risico's en de voordelen, met name wat betreft de doelstelling om zo goed mogelijk wetenschappelijk advies en de best mogelijke deskundigheid te verwerven, en het beheer van belangenconflicten. De uitvoerend directeur en de voorzitter van de Raad voor de veiligheidsaccreditatie zijn verantwoordelijk voor de tenuitvoerlegging van dat beleid op hun respectievelijke bevoegdheidsterreinen, en zij brengen verslag uit aan de Raad van bestuur en de Raad voor de veiligheidsaccreditatie. De uitvoerend directeur verstrekt informatie over de uitvoering van dat beleid bij het uitbrengen van verslag aan het Europees Parlement en de Raad overeenkomstig deze verordening.

Motivering

Dit amendement biedt een rechtsgrond voor het Agentschap om een complete set regels uit te voeren inzake het beheer en het voorkomen van belangenconflicten. De bestuursorganen van het Agentschap zijn verantwoordelijk voor de ontwikkeling en uitvoering van dit beleid, rekening houdend met de specifieke aspecten van het Agentschap, alsmede met eventuele gevoelige, geclassificeerde en commerciële informatie.

Amendement  12

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 1 – punt 20

Verordening (EG) nr. 912/2010

Artikel 26 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De Commissie zendt dit evaluatieverslag en haar eigen conclusies over de inhoud van dat verslag aan het Europees Parlement, de Raad, de Raad van bestuur en de Raad voor de veiligheidsaccreditatie van het Agentschap. De resultaten van de evaluatie worden openbaar gemaakt.

2. De Commissie zendt dit evaluatieverslag en haar eigen conclusies over de inhoud van dat verslag aan het Europees Parlement, de Raad, de Raad van bestuur en de Raad voor de veiligheidsaccreditatie van het Agentschap. Daarnaast verstrekt de Commissie het Europees Parlement, de Raad en de nationale parlementen desgevraagd aanvullende informatie over de evaluatie. De resultaten van de evaluatie worden openbaar gemaakt.

Amendement  13

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 1 – punt 20

Verordening (EG) nr. 912/2010

Artikel 26 – lid 2 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis. Indien uit de evaluatie blijkt dat de Raad voor de veiligheidsaccreditatie niet doelmatig genoeg functioneert en de onafhankelijkheid van de taakvervulling te wensen overlaat, wordt een herziening op dit punt overwogen.

Amendement  14

Voorstel voor een verordening

Artikel 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Deze verordening treedt in werking op de [twintigste] dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening treedt in werking op de [twintigste] dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie. Binnen drie maanden na de bekendmaking wordt er een geconsolideerde tekst van de gewijzigde verordening gemaakt.

PROCEDURE

Titel

Wijziging van Verordening (EU) nr. 912/2010 tot oprichting van het Europese GNSS-Agentschap

Document- en procedurenummers

COM(2013)0040 – C7-0031/2013 – 2013/0022(COD)

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

ITRE

12.3.2013

 

 

 

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

CONT

12.3.2013

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

Inés Ayala Sender

17.4.2013

Behandeling in de commissie

17.9.2013

 

 

 

Datum goedkeuring

2.10.2013

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

14

0

1

Bij de eindstemming aanwezige leden

Jean-Pierre Audy, Inés Ayala Sender, Martin Ehrenhauser, Jens Geier, Gerben-Jan Gerbrandy, Ingeborg Gräßle, Bogusław Liberadzki, Crescenzio Rivellini

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Philip Bradbourn, Karin Kadenbach, Marian-Jean Marinescu, Markus Pieper, Czesław Adam Siekierski, Barbara Weiler

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervanger(s) (art. 187, lid 2)

María Auxiliadora Correa Zamora, Spyros Danellis, Wolf Klinz, Gesine Meissner


PROCEDURE

Titel

Wijziging van Verordening (EU) nr. 912/2010 tot oprichting van het Europese GNSS-Agentschap

Document- en procedurenummers

COM(2013)0040 – C7-0031/2013 – 2013/0022(COD)

Datum indiening bij EP

1.2.2013

 

 

 

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

ITRE

12.3.2013

 

 

 

Medeadviserende commissie(s)

       Datum bekendmaking

BUDG

12.3.2013

CONT

12.3.2013

TRAN

12.3.2013

 

Geen advies

       Datum besluit

TRAN

18.3.2013

 

 

 

Rapporteur(s)

       Datum benoeming

Amalia Sartori

20.2.2013

 

 

 

Behandeling in de commissie

2.9.2013

 

 

 

Datum goedkeuring

14.10.2013

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

39

0

1

Bij de eindstemming aanwezige leden

Amelia Andersdotter, Josefa Andrés Barea, Jean-Pierre Audy, Ivo Belet, Jan Březina, Maria Da Graça Carvalho, Giles Chichester, Jürgen Creutzmann, Pilar del Castillo Vera, Christian Ehler, Vicky Ford, Adam Gierek, Norbert Glante, Fiona Hall, Edit Herczog, Romana Jordan, Philippe Lamberts, Bogdan Kazimierz Marcinkiewicz, Marisa Matias, Angelika Niebler, Jaroslav Paška, Vittorio Prodi, Herbert Reul, Jens Rohde, Paul Rübig, Salvador Sedó i Alabart, Francisco Sosa Wagner, Evžen Tošenovský, Ioannis A. Tsoukalas, Claude Turmes, Marita Ulvskog, Alejo Vidal-Quadras

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Antonio Cancian, Rachida Dati, Françoise Grossetête, Roger Helmer, Jolanta Emilia Hibner, Werner Langen, Zofija Mazej Kukovič, Alajos Mészáros

Datum indiening

5.11.2013

Juridische mededeling - Privacybeleid