VERSLAG over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de verstrekking en kwaliteit van statistieken voor de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden
24.2.2014 - (COM(2013)0342 – C7‑0162/2013 – 2013/0181(COD)) - ***I
Commissie economische en monetaire zaken
Rapporteur: Derk Jan Eppink
PR_COD_1amCom
ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de verstrekking en kwaliteit van statistieken voor de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden
(COM(2013)0342 – C7‑0162/2013 – 2013/0181(COD))
(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)
Het Europees Parlement,
– gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2013)0342),
– gezien artikel 294, lid 2, en artikel 338, lid 1, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C7‑0162/2013),
– gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
– gezien het advies van de Europese Centrale Bank van 10 oktober 2013[1],
– gezien artikel 55 van zijn Reglement,
– gezien het verslag van de Commissie economische en monetaire zaken en de adviezen van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken en de Commissie regionale ontwikkeling (A7-0143/2014),
1. stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;
2. verzoekt om hernieuwde voorlegging indien de Commissie voornemens is ingrijpende wijzigingen in haar voorstel aan te brengen of dit door een nieuwe tekst te vervangen;
3. verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.
Amendement 1 Voorstel voor een verordening Overweging 1 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
(1) Verordening (EU) nr. 1176/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 november 2011 betreffende de preventie en correctie van macro-economische onevenwichtigheden1 voorziet in de instelling van een waarschuwingsmechanisme als hulpmiddel voor de vroegtijdige signalering van en het toezicht op onevenwichtigheden. Binnen dit mechanisme moet de Commissie jaarlijks een Waarschuwingsmechanismeverslag opstellen waarin een kwalitatieve economische en financiële beoordeling wordt gegeven en de lidstaten worden aangewezen die naar het oordeel van de Commissie door onevenwichtigheden geraakt kunnen zijn of het risico lopen daardoor geraakt te worden. |
(1) Verordening (EU) nr. 1176/2011 van het Europees Parlement en de Raad1 (PMO) voorziet in de instelling van een waarschuwingsmechanisme als hulpmiddel voor de vroegtijdige signalering van en het toezicht op onevenwichtigheden. Binnen dit mechanisme moet de Commissie jaarlijks een Waarschuwingsmechanismeverslag opstellen waarin een kwalitatieve economische en financiële beoordeling wordt gegeven en de lidstaten worden aangewezen die naar het oordeel van de Commissie door onevenwichtigheden geraakt kunnen zijn of het risico lopen daardoor geraakt te worden. |
|
__________________ |
__________________ |
|
1 PB L 306 van 23.11.2011, blz.25. |
1 Verordening (EU) nr. 1176/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 november 2011 betreffende de preventie en correctie van macro-economische onevenwichtigheden (PB L 306 van 23.11.2011, blz. 25). |
Motivering | |
Redactionele precisering van het acroniem. | |
Amendement 2 Voorstel voor een verordening Overweging 3 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
(3) Betrouwbare statistische gegevens vormen de basis voor effectief toezicht op macro-economische onevenwichtigheden. Teneinde over deugdelijke en onafhankelijke statistische gegevens te kunnen beschikken, moeten de lidstaten de professionele onafhankelijkheid van de nationale statistische diensten waarborgen, overeenkomstig de praktijkcode Europese statistieken als vastgesteld in Verordening (EG) nr. 223/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2009 betreffende de Europese statistiek3. |
(3) Betrouwbare, nauwkeurige en bruikbare statistische gegevens zijn essentieel voor effectief toezicht op macro-economische onevenwichtigheden. Teneinde over deugdelijke en onafhankelijke statistische gegevens te kunnen beschikken, moet de onafhankelijkheid van Eurostat worden versterkt overeenkomstig de voorstellen van het Europees Parlement voor herziening van Verordening (EG) nr. 223/2009 van het Europees Parlement en de Raad1a en moeten de lidstaten de professionele onafhankelijkheid van de nationale statistische diensten waarborgen, overeenkomstig de praktijkcode Europese statistieken als vastgesteld in die verordening. |
|
__________________ |
|
|
3 PB L 87 van 31.3.2009, blz. 164 |
|
|
|
1a Verordening (EG) nr. 223/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2009 betreffende de Europese statistiek en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1101/2008 betreffende de toezending van onder de statistische geheimhoudingsplicht vallende gegevens aan het Bureau voor de Statistiek van de Europese Gemeenschappen, Verordening (EG) nr. 322/97 van de Raad betreffende de communautaire statistiek en Besluit 89/382/EEG, Euratom van de Raad tot oprichting van een Comité statistisch programma van de Europese Gemeenschappen (PB L 87 van 31.3.2009, blz. 164).
|
Amendement 3 Voorstel voor een verordening Overweging 3 bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
(3 bis) De Commissie moet blijven inspelen op de behoefte aan betrouwbare statistische informatie op basis waarvan Uniebeleid beter kan worden afgestemd op de economische, maatschappelijke en territoriale situatie op regionaal niveau.
|
Amendement 4 Voorstel voor een verordening Overweging 4 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
(4) Het jaarlijks waarschuwingsmechanismeverslag, dat is gebaseerd op een scorebord met een reeks indicatoren waarvan de waarden worden vergeleken met hun indicatieve drempelwaarden, vormt een eerste screening waarbij de Commissie nagaat welke lidstaten een nadere, diepgaande analyse behoeven om vast te stellen of er zich onevenwichtigheden voordoen of dreigen voor te doen. Het waarschuwingsmechanismeverslag moet voor de PMO relevante gegevens omvatten. Niettemin wordt pas in de daaropvolgende diepgaande evaluaties geanalyseerd wat de drijvende krachten achter de waargenomen ontwikkelingen zijn en wat de aard van de onevenwichtigheden is. Het scorebord en de drempelwaarden worden niet mechanisch uitgelegd maar zijn voorwerp van een economische interpretatie. Bij het uitvoeren van diepgaande evaluaties onderzoekt de Commissie een breed scala van economische variabelen en aanvullende informatie, waarbij rekening wordt gehouden met landspecifieke omstandigheden. Daarom kan van tevoren geen uitputtende opsomming worden gegeven van alle gegevens die voor de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden (hierna "PMO" genoemd) relevant kunnen zijn. |
(4) Het jaarlijks waarschuwingsmechanismeverslag, dat is gebaseerd op een scorebord met een reeks indicatoren waarvan de waarden worden vergeleken met hun indicatieve drempelwaarden, vormt een eerste screening waarbij de Commissie nagaat welke lidstaten een nadere, diepgaande analyse behoeven om vast te stellen of er zich onevenwichtigheden voordoen of dreigen voor te doen. Het waarschuwingsmechanismeverslag moet voor de PMO relevante gegevens omvatten. Niettemin wordt pas in de daaropvolgende diepgaande evaluaties geanalyseerd wat de drijvende krachten achter de waargenomen ontwikkelingen zijn en wat de aard van de onevenwichtigheden is. Het scorebord en de drempelwaarden moeten niet mechanisch worden uitgelegd maar moeten voorwerp zijn van een economische interpretatie. Bij het uitvoeren van diepgaande evaluaties onderzoekt de Commissie een breed scala van economische variabelen en aanvullende informatie, waarbij rekening wordt gehouden met landspecifieke omstandigheden. Daarom kan van tevoren geen uitputtende opsomming worden gegeven van alle voor de PMO relevante gegevens, maar moeten deze gegevens worden gedefinieerd aan de hand van de in Verordening (EU) nr. 1176/2011 vastgelegde procedures voor het opsporen van macro-economische onevenwichtigheden en voor de preventie en correctie van buitensporige macro-economische onevenwichtigheden binnen de Unie. Bij het uitvoeren, monitoren en beoordelen van de PMO moeten het Europees Parlement, de Raad en de Commissie de voorkeur geven aan statistieken die door de lidstaten zijn samengesteld en naar de Commissie (Eurostat) zijn gestuurd. Andere statistieken die niet door de lidstaten zijn samengesteld en opgestuurd, mogen alleen worden gebruikt als de statistieken van de lidstaten niet de nodige informatie verschaffen en als de kwaliteit van deze andere statistieken voldoende in acht wordt genomen. |
Amendement 5 Voorstel voor een verordening Overweging 5 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
(5) Er moet een betrouwbare procedure worden vastgesteld voor de verzameling, controle en bekendmaking van de voor de PMO relevante gegevens en voor de voortdurende verbetering van de onderliggende statistische informatie, overeenkomstig de kaders die de Commissie voor het beheer van de kwaliteit van de Europese statistieken4 heeft vastgesteld. De Groep directeuren macro-economische statistieken die de Commissie heeft opgericht, is een geschikte deskundigengroep om de Commissie (Eurostat) de nodige bijstand te verlenen bij de toepassing van een degelijke kwaliteitsbewakingsprocedure voor de voor de PMO relevante gegevens. |
(5) Er moet een betrouwbare procedure worden vastgesteld voor de verzameling, compilatie, controle en bekendmaking van de voor de PMO relevante gegevens en voor de voortdurende verbetering van de onderliggende statistische informatie, overeenkomstig de kaders die de Commissie voor het beheer van de kwaliteit van de Europese statistieken4 heeft vastgesteld. De Groep directeuren macro-economische statistieken die de Commissie heeft opgericht en waarvan ook deskundigen uit het Comité voor het Europees statistisch systeem en het Europees Stelsel van centrale banken deel uitmaken, is een geschikte deskundigengroep om de Commissie (Eurostat) de nodige bijstand te verlenen bij de toepassing van een degelijke kwaliteitsbewakingsprocedure voor de voor de PMO relevante gegevens. |
|
__________________ |
__________________ |
|
4 COM(2005) 217 definitief en COM(2011) 211 definitief. |
4 COM(2005) 217 definitief en COM(2011) 211 definitief. |
Amendement 6 Voorstel voor een verordening Overweging 6 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
(6) Het is van wezenlijk belang dat de statistieken die voor het uitvoeren van de taken van de Unie nodig zijn, op betrouwbare gegevens zijn gebaseerd. Het gebruik van onbetrouwbare gegevens voor de productie van voor de PMO relevante gegevens kan de belangen van de Unie aanzienlijke schade toebrengen. Een boetemechanisme moet ontmoedigen dat bewust of door grove nalatigheid een onjuiste weergave wordt gegeven van voor de PMO relevante gegevens, welke gegevens essentieel zijn voor het opsporen van macro-economische onevenwichtigheden en voor de preventie en correctie van buitensporige macro-economische onevenwichtigheden binnen de Unie. Een dergelijk boetemechanisme zou er tevens voor zorgen dat bij de productie van voor de PMO relevante gegevens de nodige zorgvuldigheid wordt betracht. |
(6) Het is van wezenlijk belang dat de statistieken die voor het uitvoeren van de taken van de Unie nodig zijn, op betrouwbare gegevens zijn gebaseerd. De procedures zoals bedoeld in de Verordeningen (EU) nr. 1176/2011 en (EU) nr. 1174/2011 moeten worden aangevuld met een vergelijkbaar formeel kader voor het verzamelen, aan een kwaliteitstoetsing onderwerpen en verstrekken van voor de PMO relevante gegevens, in overeenstemming met de gemeenschappelijke kwaliteitscriteria zoals bedoeld in Verordening (EG) nr. 223/2009. Aanvullende maatregelen moeten de handhaving van de productie, de verstrekking en het toezicht op de kwaliteit van voor de PMO relevante gegevens doeltreffender maken en zijn nodig met het oog op de uitvoering van de PMO. Deze maatregelen moeten de geloofwaardigheid van de onderliggende statistische gegevens, evenals van de verstrekking en kwaliteitsbewaking van voor de PMO relevante gegevens verbeteren. |
Amendement 7 Voorstel voor een verordening Overweging 6 bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
(6 bis) Om te ontmoedigen dat bewust of door grove nalatigheid een onjuiste weergave wordt gegeven van voor de PMO relevante gegevens, moet er een correctiemechanisme worden ingesteld, dat tevens tot doel heeft ervoor te zorgen dat bij de productie van voor de PMO relevante gegevens de nodige zorgvuldigheid wordt betracht. |
Motivering | |
Indien artikel 338, lid 1, VWEU een onvoldoende of onjuiste rechtsgrondslag wordt geacht voor sancties tegen lidstaten in geval van een bewust onjuiste weergave of grove nalatigheid die een onjuiste weergave van voor de PMO relevante gegevens tot gevolg heeft, dient zorgvuldig te worden overwogen of een rechtsgrondslag moet worden toegevoegd dan wel de bepalingen van hoofdstuk VIII van deze verordening moeten worden aangepast. | |
Amendement 8 Voorstel voor een verordening Overweging 7 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
(7) Teneinde de regels inzake de berekening van de boeten voor de manipulatie van statistieken aan te vullen, alsook de regels inzake de procedure die de Commissie voor het onderzoeken van dergelijke acties moet volgen, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 VWEU handelingen vast te stellen betreffende gedetailleerde criteria voor het vaststellen van het bedrag van de boete en het uitvoeren van onderzoeken van de Commissie. Het is met name van belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden tot passende raadpleging overgaat, onder meer op deskundigenniveau. Bij het voorbereiden en opstellen van gedelegeerde handelingen moet de Commissie erop toezien dat de desbetreffende documenten gelijktijdig, tijdig en op passende wijze bij het Europees Parlement en de Raad worden ingediend. |
(7) Teneinde de regels inzake de berekening van de rentedragende deposito's en de boeten voor de manipulatie van statistieken aan te vullen, alsook de regels inzake de procedure die de Commissie bij onderzoeken naar de manipulatie van statistieken moet volgen, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 VWEU handelingen vast te stellen betreffende gedetailleerde criteria voor het vaststellen van het bedrag van de boete en het uitvoeren van onderzoeken van de Commissie. Het is met name van belang dat de Commissie bij haar voorbereidende werkzaamheden tot passende raadpleging overgaat, onder meer op deskundigenniveau. Bij het voorbereiden en opstellen van gedelegeerde handelingen moet de Commissie erop toezien dat de desbetreffende documenten gelijktijdig, tijdig en op passende wijze bij het Europees Parlement en de Raad worden ingediend. |
Amendement 9 Voorstel voor een verordening Overweging 8 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
(8) Tussen de Commissie en de statistische diensten van de lidstaten dient sprake te zijn van nauwe samenwerking en een voortdurende dialoog om de kwaliteit van de voor de PMO relevante gegevens die door de lidstaten worden gemeld en van de onderliggende statistische informatie te waarborgen. |
(8) De voortdurende samenwerking en coördinatie tussen de Commissie (Eurostat) en de statistische diensten van de lidstaten is een belangrijk onderdeel van een efficiënte coördinatie van statistische activiteiten binnen het Europees statistisch systeem (ESS). Deze samenwerking dient te worden versterkt om de kwaliteit van de voor de PMO relevante gegevens die door de lidstaten worden gemeld en van de onderliggende statistische informatie te waarborgen; de aparte institutionele positie van het Europees Systeem van centrale banken (ESCB) en de onafhankelijkheid van de centrale banken moeten in het kader van de ontwikkeling, productie en verspreiding van voor de PMO relevante gegevens in het kader van de respectieve governancestructuur en de statistische werkprogramma's van het ESS en het ESCB worden gerespecteerd. |
Amendement 10 Voorstel voor een verordening Overweging 9 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
(9) Overeenkomstig artikel 9 van Verordening (EG) nr. 223/2009 van het Europees Parlement en de Raad moeten het Europees statistisch systeem en het Europees Stelsel van Centrale Banken met betrekking tot de voor de PMO relevante gegevens nauw met elkaar samenwerken om de rapportagelast zo klein mogelijk te houden, samenhang en vergelijkbaarheid te verzekeren en de onderliggende statistieken te verbeteren. |
(9) Aangezien het ESS belast is met de productie van een aantal statistieken die ten grondslag liggen aan de voor de PMO relevante gegevens, en het ESCB belast is met de productie van een aantal andere statistieken die ten grondslag liggen aan de voor de PMO relevante gegevens, moeten de twee systemen met betrekking tot de voor de PMO relevante gegevens nauw met elkaar samenwerken, overeenkomstig artikel 9 van Verordening (EG) nr. 223/2009, om de rapportagelast zo klein mogelijk te houden, samenhang en vergelijkbaarheid te verzekeren en de onderliggende statistieken te verbeteren. Praktische operationele regelingen voor de samenwerking tussen het ESS en het ESCB op het gebied van kwaliteitsborging van voor de PMO relevante gegevens kunnen in een memorandum van overeenstemming worden vastgesteld. Gezien zijn lange ervaring met statistieken op het gebied van de voor de PMO relevante gegevens zou het Comité voor monetaire, financiële en betalingsbalansstatistiek, opgericht bij Besluit 2006/856/EG van de Raad1a, advies kunnen verstrekken over de praktische operationele regelingen voor de samenwerking die in een dergelijk memorandum van overeenstemming kunnen worden opgenomen. |
|
|
_____________ |
|
|
1a. PB L 332 van 30.11.2006, blz. 21.
|
Amendement 11 Voorstel voor een verordening Overweging 9 bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
(9 bis) De in deze verordening neergelegde bepalingen moeten worden gezien in de context van het verbeteren van de Europese economische governance, waarvoor meer democratische verantwoording op nationaal en op Unieniveau vereist is. Van het verbeterde systeem voor statistisch toezicht op voor de PMO relevante gegevens moet een nauwere en vroegtijdigere betrokkenheid van de nationale parlementen en het Europees Parlement deel uitmaken. Hoewel wordt erkend dat de gesprekspartners van het Europees Parlement in het kader van de dialoog de relevante instellingen van de Unie en hun vertegenwoordigers zijn, kan de bevoegde commissie van het Europees Parlement vertegenwoordigers van de nationale instanties voor de statistiek uitnodigen om hoorzittingen op vrijwillige basis bij te wonen. |
Amendement 12 Voorstel voor een verordening Overweging 9 ter (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
(9 ter) De versterking van de economisch governance door middel van een verbeterd systeem voor statistisch toezicht op voor de PMO relevante gegevens moet een nauwere en vroegtijdigere betrokkenheid van de nationale parlementen en het Europees Parlement behelzen. |
Amendement 13 Voorstel voor een verordening Overweging 12 bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
(12 bis) De opschorting van financiële middelen als gevolg van de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden dient evenwel als laatste redmiddel te worden gebruikt, waarbij rekening moet worden gehouden met een diepgaande analyse van de indicatoren voor werkloosheid, armoede en de krimp van het bbp. |
Amendement 14 Voorstel voor een verordening Artikel 1 – lid 2 bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
2 bis. Procedures voor kwaliteitsbewaking die in het kader van deze verordening worden ingevoerd, zijn gebaseerd op en houden rekening met beste praktijken in bestaande procedures voor kwaliteitsbewaking. Dergelijke procedures mogen niet leiden tot dubbel werk op het gebied van kwaliteitsbewaking of parallelle gegevensbestanden. |
Amendement 15 Voorstel voor een verordening Artikel 2 – lid 2 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
2. De uiterste termijnen voor verstrekking van de voor de PMO relevante gegevens zijn de termijnen die zijn vastgesteld krachtens het toepasselijke basisbesluit of door de Commissie bekend zijn gemaakt via specifieke kalenders, waarbij rekening wordt gehouden met de behoeften van de Unie. |
2. De uiterste termijnen voor verstrekking van de voor de PMO relevante gegevens zijn de termijnen die zijn vastgesteld krachtens het toepasselijke basisbesluit of door de Commissie bekend zijn gemaakt via specifieke kalenders, waarbij rekening wordt gehouden met het kader van het Europees semester en de behoeften van de Unie. |
Amendement 16 Voorstel voor een verordening Artikel 2 – lid 3 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
3. De Commissie informeert de lidstaten elk jaar over het tijdschema voor het jaarlijkse waarschuwingsmechanismeverslag waarin artikel 3 van Verordening (EU) nr. 1176/2011 voorziet. Op basis van dit tijdschema en de in lid 2 bedoelde uiterste termijnen en kalenders stelt de Commissie ook een sluitingsdatum vast voor verstrekking van de meest recente voor de PMO relevante gegevens en stelt de lidstaten hiervan in kennis. |
3. De Commissie informeert de lidstaten elk jaar over het tijdschema voor het jaarlijkse waarschuwingsmechanismeverslag waarin artikel 3 van Verordening (EU) nr. 1176/2011 voorziet. Op basis van dit tijdschema en de in lid 2 bedoelde uiterste termijnen en kalenders stelt de Commissie ook een sluitingsdatum vast voor de selectie, door de Commissie (Eurostat), van de voor de PMO relevante gegevens, om voor elke lidstaat de indicatoren voor het PMO-scorebord vast te stellen en een referentiedatabank met de voor de PMO relevante gegevens te creëren, en stelt de lidstaten hiervan in kennis. |
Amendement 17 Voorstel voor een verordening Artikel 2 – lid 3 bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
3 bis. De Commissie (Eurostat) geeft elke lidstaat voor controledoeleinden ten laatste vijf werkdagen na de sluitingsdatum toegang tot de referentiedatabank met de geselecteerde, voor de PMO relevante gegevens. Gedurende de zeven werkdagen volgend op die periode van vijf werkdagen controleren de lidstaten de gegevens en bevestigen de juistheid ervan of wijzigen deze. |
Amendement 18 Voorstel voor een verordening Artikel 3 – lid 1 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
1. Samen met de voor de PMO relevante gegevens, zoals bedoeld in artikel 1, sturen de lidstaten de Commissie (Eurostat) ook informatie waaruit blijkt hoe deze gegevens zijn berekend, inclusief informatie over eventuele veranderingen in bronnen en methoden, in de vorm van een kwaliteitsverslag. |
1. Samen met de voor de PMO relevante gegevens, zoals bedoeld in artikel 1, verstrekken de lidstaten de Commissie (Eurostat) ook informatie waaruit blijkt hoe deze gegevens zijn berekend, inclusief informatie over eventuele veranderingen in bronnen en methoden, in de vorm van een kwaliteitsverslag. |
Amendement 19 Voorstel voor een verordening Artikel 3 – lid 2 bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
2 bis. De lidstaten sturen het kwaliteitsverslag binnen zeven dagen op, zoals vastgesteld in artikel 2, lid 3 bis. |
Amendement 20 Voorstel voor een verordening Artikel 3 – lid 3 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
3. De Commissie stelt uitvoeringshandelingen vast betreffende de modaliteiten, opbouw en frequentie van de kwaliteitsverslagen. Deze uitvoeringshandelingen worden vastgesteld overeenkomstig de in artikel 14, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure. |
3. De Commissie stelt gedelegeerde handelingen vast betreffende de modaliteiten, opbouw en frequentie van de in lid 1 bedoelde kwaliteitsverslagen. Deze gedelegeerde handelingen worden vastgesteld overeenkomstig de in artikel 12 bedoelde onderzoeksprocedure. |
Amendement 21 Voorstel voor een verordening Artikel 6 – lid 2 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
2. De Commissie (Eurostat) stelt vóór [...] [negen maanden na het vaststellen van deze verordening – de precieze datum wordt bij de bekendmaking ervan ingevoegd door het Publicatiebureau] richtsnoeren op voor het samenstellen van deze lijsten. De lidstaten stellen de lijsten samen op basis van deze richtsnoeren en sturen ze uiterlijk op [...] [zes maanden na het vaststellen van deze verordening – de precieze datum wordt bij de bekendmaking ervan ingevoegd door het Publicatiebureau] naar de Commissie (Eurostat). De lijsten worden bijgewerkt overeenkomstig de in artikel 14, lid 2 bedoelde richtsnoeren. |
2. De lidstaten stellen de lijsten op en sturen ze uiterlijk op [...] [negen maanden na het vaststellen van deze verordening – de precieze datum wordt bij de bekendmaking ervan ingevoegd door het Publicatiebureau] naar de Commissie (Eurostat). De Commissie stelt vóór [...] [zes maanden na het vaststellen van deze verordening – de precieze datum wordt bij de bekendmaking ervan ingevoegd door het Publicatiebureau] gedelegeerde handelingen op voor het vaststellen van de structuur en de modaliteiten voor het bijwerken van deze lijsten. Deze gedelegeerde handelingen worden vastgesteld in overeenstemming met de in artikel 12 bedoelde onderzoeksprocedure. |
Amendement 22 Voorstel voor een verordening Hoofdstuk VI - titel | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
MISSIES NAAR LIDSTATEN |
DIALOOGMISSIES NAAR LIDSTATEN |
Amendement 23 Voorstel voor een verordening Artikel 7 – lid 1 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
1. Wanneer de Commissie (Eurostat) problemen vaststelt, in het bijzonder in het kader van de kwaliteitsbeoordeling van artikel 5, kan zij besluiten tot het uitzenden van onderzoeksmissies naar de betrokken lidstaat. |
1. Wanneer de Commissie (Eurostat) vaststelt dat de kwaliteit van de statistieken door haar aan een grondiger beoordeling moet worden onderworpen, in het bijzonder in het kader van de kwaliteitsbeoordeling van artikel 5, kan zij besluiten tot het uitzenden van dialoogmissies naar de betrokken lidstaat. |
Amendement 24 Voorstel voor een verordening Artikel 7 – lid 2 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
2. Doel van dergelijke missies is om diepgaand onderzoek te doen naar de kwaliteit van de betreffende voor de PMO relevante gegevens. Deze missies richten zich vooral op methodologische kwesties, de in de lijsten beschreven bronnen en methoden, de gegevens en de ondersteunende statistische processen, teneinde een oordeel te vormen over de mate waarin de toepasselijke administratieve en statistische voorschriften worden nageleefd. |
2. Doel van de in lid 1 bedoelde dialoogmissies is om diepgaand onderzoek te doen naar de kwaliteit van de betreffende voor de PMO relevante gegevens. De dialoogmissies richten zich vooral op methodologische kwesties, de in de lijsten beschreven bronnen en methoden, de gegevens en de ondersteunende statistische processen, teneinde een oordeel te vormen over de mate waarin de toepasselijke administratieve en statistische voorschriften worden nageleefd. |
Amendement 25 Voorstel voor een verordening Artikel 7 – lid 2 bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
2 bis. Wanneer de Commissie een dialoogmissie organiseert, deelt zij haar voorlopige bevindingen voor commentaar aan de betrokken lidstaat mee. |
Amendement 26 Voorstel voor een verordening Artikel 7 – lid 3 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
3. De Commissie (Eurostat) doet aan het Comité voor de economische politiek dat bij Besluit 74/122/EEG van de Raad7 is ingesteld, verslag over de bevindingen van deze missies en over eventuele opmerkingen van de betrokken lidstaat over deze bevindingen. Nadat deze verslagen naar het Comité voor economische politiek zijn gestuurd, worden zij, samen met eventuele opmerkingen van de betrokken lidstaat, openbaar gemaakt, onverminderd de bepalingen betreffende statistische geheimhouding van Verordening (EG) nr. 223/2009. |
3. De Commissie (Eurostat) doet aan het Europees Parlement en het Comité voor de economische politiek dat bij Besluit 74/122/EEG van de Raad7 is ingesteld, verslag over de bevindingen van deze dialoogmissies en over eventuele opmerkingen van de betrokken lidstaat over deze bevindingen. Nadat deze verslagen naar het Europees Parlement en het Comité voor de economische politiek zijn gestuurd, worden zij, samen met eventuele opmerkingen van de betrokken lidstaat, openbaar gemaakt, onverminderd de bepalingen betreffende statistische geheimhouding van Verordening (EG) nr. 223/2009. |
|
____________ |
____________ |
|
7. PB L 63 van 5.3.1974, blz. 21 |
7. PB L 63 van 5.3.1974, blz. 21 |
Amendement 27 Voorstel voor een verordening Artikel 7 – lid 4 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
4. De lidstaten verschaffen de Commissie (Eurostat) op haar verzoek deskundigenbijstand voor statistische kwesties die met de PMO verband houden, onder meer voor het voorbereiden en uitvoeren van de onderzoeksmissies. Deze deskundigen brengen onafhankelijk advies uit. Op basis van schriftelijke voorstellen van de nationale autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor de voor de PMO relevante gegevens, stelt de Commissie (Eurostat) vóór [nog vast te stellen datum] een lijst van deskundigen op. |
4. De lidstaten verschaffen de Commissie (Eurostat) op haar verzoek deskundigenbijstand voor statistische kwesties die met de PMO verband houden, onder meer voor het voorbereiden en uitvoeren van de dialoogmissies. Deze deskundigen brengen onafhankelijk advies uit. Op basis van schriftelijke voorstellen van de nationale autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor de voor de PMO relevante gegevens, stelt de Commissie (Eurostat) vóór [PB gelieve datum in te vullen: zes maanden na de publicatie van deze verordening] een lijst van deskundigen op. |
Amendement 28 Voorstel voor een verordening Artikel 7 – lid 5 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
5. De Commissie (Eurostat) stelt regels en procedures vast voor de selectie van de deskundigen, met inachtneming van een passende spreiding van deskundigen over de lidstaten en een passende roulatie van deskundigen tussen de lidstaten, alsmede voor de organisatie van hun werkzaamheden en de nadere financiële bepalingen. De Commissie (Eurostat) deelt met de lidstaten in de volledige kosten die door de lidstaten bij de ondersteuning door hun nationale deskundigen worden gemaakt. |
5. De Commissie (Eurostat) stelt regels en procedures vast voor de selectie van de deskundigen, met inachtneming van een passende spreiding van deskundigen over de lidstaten en een passende en tijdige roulatie van deskundigen tussen de lidstaten, alsmede voor de organisatie van hun werkzaamheden en de nadere financiële bepalingen. De Commissie (Eurostat) deelt met de lidstaten in de volledige kosten die door de lidstaten bij de ondersteuning door hun nationale deskundigen worden gemaakt. |
Motivering | |
Om ervoor te zorgen dat de adviezen die de deskundigen verstrekken objectief zijn, is het nodig om te zorgen voor een correcte selectie en spreiding en tijdige roulatie van die deskundigen. | |
Amendement 29 Voorstel voor een verordening Artikel 7 – lid 6 bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
6 bis. Dit artikel is niet van toepassing in gevallen waarin sectoriële wetgeving reeds in bezoeken van de Commissie aan lidstaten voorziet. |
Amendement 30 Voorstel voor een verordening Artikel 8 – lid 1 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
1. De Commissie (Eurostat) verstrekt de voor de PMO gebruikte gegevens onder meer via nieuwsberichten en/of andere kanalen die zij daarvoor geschikt acht. |
1. De Commissie (Eurostat) maakt de voor de PMO gebruikte gegevens openbaar onder meer via nieuwsberichten en/of andere kanalen die zij daarvoor geschikt acht. |
Amendement 31 Voorstel voor een verordening Artikel 8 – lid 2 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
2. Het niet verstrekken van eigen gegevens door een lidstaat leidt niet tot uitstel van de verstrekking van voor de PMO relevante gegevens over die lidstaat door de Commissie. |
2. De Commissie (Eurostat) stelt de datum van publicatie van het nieuwsbericht vast en deelt deze ten laatste tien dagen na de in artikel 2 bedoelde sluitingsdatum aan de lidstaten mee. Het niet verstrekken van eigen gegevens door een lidstaat leidt niet tot uitstel van de verstrekking van voor de PMO relevante gegevens over die lidstaat door de Commissie. |
Amendement 32 Voorstel voor een verordening Artikel 8 – lid 3 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
3. De Commissie (Eurostat) kan een voorbehoud maken ten aanzien van de kwaliteit van de voor de PMO relevante gegevens van de lidstaten. De Commissie (Eurostat) deelt de betrokken lidstaat en de voorzitter van het Comité voor de economische politiek uiterlijk drie werkdagen vóór de geplande datum van bekendmaking mee welk voorbehoud zij beoogt te maken en bekend te maken. Indien de kwestie na bekendmaking van de gegevens en het voorbehoud wordt opgelost, wordt onmiddellijk daarna bekendgemaakt dat het voorbehoud is ingetrokken. |
3. De Commissie (Eurostat) kan een voorbehoud maken ten aanzien van de kwaliteit van de voor de PMO relevante gegevens van de lidstaten. De lidstaat in kwestie wordt in de gelegenheid gesteld zich te verweren. De Commissie (Eurostat) deelt de betrokken lidstaat en de voorzitter van het Comité voor de economische politiek uiterlijk tien werkdagen vóór de geplande datum van bekendmaking mee welk voorbehoud zij beoogt te maken en bekend te maken. Indien de kwestie na bekendmaking van de gegevens en het voorbehoud wordt opgelost, wordt onmiddellijk daarna bekendgemaakt dat het voorbehoud is ingetrokken. |
Amendement 33 Voorstel voor een verordening Artikel 8 – lid 4 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
4. Wanneer er aanwijzingen zijn dat de door de lidstaten verstrekte gegevens niet in overeenstemming zijn met de eisen van artikel 3, lid 2, van deze verordening, kan de Commissie (Eurostat) deze gegevens wijzigen en de gewijzigde gegevens en een motivering van de wijziging verstrekken. De Commissie (Eurostat) deelt de betrokken lidstaat en de voorzitter van het Comité voor de economische politiek uiterlijk drie werkdagen vóór de geplande datum van bekendmaking de gewijzigde gegevens en de motivering van de wijziging mee. |
4. Wanneer er aanwijzingen zijn dat de door de lidstaten verstrekte gegevens niet in overeenstemming zijn met de eisen van artikel 3, lid 2, van deze verordening, de toepasselijke methodologische normen en de vereisten van volledigheid, betrouwbaarheid, tijdigheid en consistentie van statistische gegevens, kan de Commissie (Eurostat) deze gegevens wijzigen en de gewijzigde gegevens en een motivering van de wijziging openbaar maken. De Commissie (Eurostat) deelt de betrokken lidstaat en de voorzitter van het Comité voor de economische politiek uiterlijk drie werkdagen vóór de geplande datum van bekendmaking de gewijzigde gegevens en de motivering van de wijziging mee. |
Amendement 34 Voorstel voor een verordening Artikel 9 – lid 1 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
1. De Raad kan op voorstel van de Commissie besluiten om een lidstaat die bewust of door grove nalatigheid een onjuiste weergave heeft gegeven van de voor de PMO relevante gegevens, een boete op te leggen. |
1. De Raad kan op aanbeveling van de Commissie in een tweestappenprocedure besluiten om een rentedragend deposito en vervolgens, als naar het oordeel van de Commissie de lidstaat de in lid 1 bis bedoelde corrigerende maatregelen niet heeft uitgevoerd, als laatste redmiddel een boete op te leggen aan een lidstaat die bewust een onjuiste weergave heeft gegeven van de voor de PMO relevante gegevens of door wiens grove nalatigheid de voor de PMO relevante gegevens onjuist worden weergegeven, als gevolg waarvan de Commissie niet in staat is een waarheidsgetrouwe en eerlijke beoordeling uit te voeren. |
Amendement 35 Voorstel voor een verordening Artikel 9 – lid 1 bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
1 bis. De betreffende lidstaat brengt binnen een vastgestelde termijn verslag uit aan de Commissie over de corrigerende maatregelen die nodig zijn om de in lid 1 bedoelde onjuiste weergave of grove nalatigheid aan te pakken en te verhelpen, en om te voorkomen dat een soortgelijke situatie zich in de toekomst voordoet. Het verslag wordt openbaar gemaakt. |
Amendement 36 Voorstel voor een verordening Artikel 9 – lid 2 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
2. De in lid 1 bedoelde boeten zijn doeltreffend, afschrikkend en evenredig met de aard, de ernst en de duur van de verkeerde voorstelling. De boete bedraagt maximaal 0,05% van het bbp van de betrokken lidstaat. |
2. De in lid 1 bedoelde rentedragende deposito's zijn doeltreffend, afschrikkend en evenredig met de aard, de ernst en de duur van de verkeerde voorstelling. Het rentedragende deposito bedraagt maximaal 0,05% van het bbp van de betrokken lidstaat in het voorafgaande jaar. |
Amendement 37 Voorstel voor een verordening Artikel 9 – lid 3 – alinea 1 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
3. De Commissie kan alle onderzoeken uitvoeren, die nodig zijn om het bestaan van verkeerde voorstellingen als bedoeld in lid 1 vast te stellen. De Commissie kan besluiten een onderzoek te openen als zij meent dat er serieuze indicaties zijn voor het bestaan van feiten die een dergelijke verkeerde voorstelling kunnen vormen. Bij het onderzoek naar de vermeende onjuiste weergaven houdt de Commissie rekening met eventuele opmerkingen van de betrokken lidstaat. Voor de uitvoering van haar taken kan de Commissie de lidstaat verzoeken om informatie te verstrekken en kan zij ter plaatse inspecties uitvoeren en zich toegang verschaffen tot de statistische informatie en documenten die ten grondslag liggen aan de voor de PMO relevante gegevens. Indien volgens het recht van de betrokken lidstaat voor inspecties ter plaatse de voorafgaande gerechtelijke toestemming is vereist, dient de Commissie daartoe de nodige verzoeken in. |
3. De Commissie kan, in overeenstemming met de Verdragen en specifieke sectoriële wetgeving, alle onderzoeken initiëren en uitvoeren, die nodig zijn om het bestaan van verkeerde voorstellingen als bedoeld in lid 1 vast te stellen. De Commissie kan besluiten een onderzoek te openen als zij meent dat er serieuze indicaties zijn voor het bestaan van feiten die een dergelijke verkeerde voorstelling kunnen vormen. Bij het onderzoek naar de vermeende onjuiste weergaven houdt de Commissie rekening met eventuele opmerkingen van de betrokken lidstaat. Voor de uitvoering van haar taken kan de Commissie de lidstaat waarnaar het onderzoek is ingesteld verzoeken om informatie te verstrekken en kan zij ter plaatse inspecties uitvoeren en zich toegang verschaffen tot de statistische informatie en documenten die ten grondslag liggen aan de voor de PMO relevante gegevens. Indien vereist volgens het recht van de lidstaat waarnaar het onderzoek is ingesteld, wordt voorafgaand aan een inspectie ter plaatse toestemming van de gerechtelijke autoriteit verkregen. |
Amendement 38 Voorstel voor een verordening Artikel 9 – lid 3 – alinea 2 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
Na voltooiing van het onderzoek en voordat zij een voorstel voorlegt aan de Raad, stelt Commissie de betrokken lidstaat in de gelegenheid gehoord te worden over de zaken die het voorwerp van het onderzoek uitmaken. De Commissie baseert elk voorstel aan de Raad uitsluitend op basis van feiten waarvoor de betrokken lidstaat de gelegenheid heeft gehad om opmerkingen in te dienen. |
Na voltooiing van het onderzoek en voordat zij een aanbeveling doet aan de Raad, stelt de Commissie de lidstaat waarnaar het onderzoek is ingesteld in de gelegenheid gehoord te worden over de zaken die zijn onderzocht. De Commissie baseert elke aanbeveling aan de Raad uitsluitend op feiten waarvoor de betrokken lidstaat de gelegenheid heeft gehad om opmerkingen in te dienen. |
Amendement 39 Voorstel voor een verordening Artikel 9 – lid 3 – alinea 2 bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
De Commissie informeert de bevoegde commissie van het Europees Parlement over elk onderzoek of elke aanbeveling als bedoeld in dit lid. De bevoegde commissie van het Europees Parlement kan een lidstaat waarop een aanbeveling van de Commissie betrekking heeft, de gelegenheid bieden aan een gedachtewisseling deel te nemen. |
Amendement 40 Voorstel voor een verordening Artikel 9 – lid 4 bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
4 bis. De Commissie kan naar aanleiding van een met redenen omkleed verzoek van de betrokken lidstaat aan de Commissie, aanbevelen dat de Raad het bedrag van het rentedragende deposito vermindert of opheft. |
|
|
Het rentedragende deposito heeft een rentevoet die het kredietrisico van de Commissie en de betrokken investeringsperiode weerspiegelt. |
Amendement 41 Voorstel voor een verordening Artikel 9 – lid 5 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
5. Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft volledige rechtsmacht inzake beroepen tegen besluiten van de Raad waarbij een boete in overeenstemming met lid 1 is vastgesteld. Het kan de aldus opgelegde boete intrekken, verminderen of verhogen. |
5. Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft volledige rechtsmacht inzake beroepen tegen besluiten van de Raad waarbij een rentedragend deposito in overeenstemming met lid 1 is vastgesteld. Het kan het aldus opgelegde rentedragende deposito intrekken, verminderen of verhogen. |
Amendement 42 Voorstel voor een verordening Hoofdstuk IX - titel | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
AARD VAN DE SANCTIES EN OPNEMING IN DE BEGROTING VAN DE OPBRENGST ERVAN |
AARD VAN DE BOETEN EN TOEWIJZING AAN DE BEGROTING VAN DE OPBRENGST ERVAN |
Amendement 43 Voorstel voor een verordening Artikel 12 – lid 2 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
2. De bevoegdheid om de in artikel 9, lid 4, bedoelde gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend voor een termijn van drie jaar, welke termijn één maand na de vaststelling van deze verordening begint. De Commissie stelt uiterlijk negen maanden voor het einde van de termijn van drie jaar een verslag over de bevoegdheidsdelegatie op. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend met termijnen van dezelfde duur verlengd, tenzij het Europees Parlement of de Raad zich uiterlijk drie maanden voor het einde van elke termijn tegen deze verlenging verzet. |
2. De bevoegdheid om de in artikel 3, lid 3, artikel 6, lid 2, en artikel 9, lid 4, bedoelde gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend voor een termijn van twee jaar, welke termijn één maand na de vaststelling van deze verordening begint. De Commissie stelt, na raadpleging van de betrokken actoren, waaronder de ECB, overeenkomstig artikel 127 VWEU, uiterlijk negen maanden voor het einde van de termijn van twee jaar een verslag over de bevoegdheidsdelegatie op. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend met termijnen van dezelfde duur verlengd, tenzij het Europees Parlement of de Raad zich uiterlijk drie maanden voor het einde van elke termijn tegen deze verlenging verzet. |
Amendement 44 Voorstel voor een verordening Artikel 12 – lid 3 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
3. Het Europees Parlement of de Raad kan de in artikel 9, lid 4, bedoelde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Een besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet. |
3. Het Europees Parlement of de Raad kan de in artikel 3, lid 3, artikel 6, lid 2, en artikel 9, lid 4, bedoelde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Een besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet. |
Amendement 45 Voorstel voor een verordening Artikel 12 – lid 5 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
5. Een krachtens artikel 9, lid 4, vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het Europees Parlement noch de Raad daartegen binnen een termijn van twee maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de Raad bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad voor het verstrijken van de termijn van twee maanden de Commissie hebben medegedeeld dat zij daartegen geen bezwaar zullen maken. Die termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden verlengd. |
5. Een overeenkomstig artikel 3, lid 3, artikel 6, lid 2, en artikel 9, lid 4, vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking als het Europees Parlement of de Raad binnen een termijn van drie maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement of de Raad daartegen geen bezwaar heeft gemaakt, of als zowel het Europees Parlement als de Raad vóór het verstrijken van de termijn van twee maanden de Commissie hebben meegedeeld dat zij daartegen geen bezwaar zullen maken. Die termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met drie maanden verlengd. |
Amendement 46 Voorstel voor een verordening Artikel 13 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
Met betrekking tot de in artikel 9 bedoelde maatregelen besluit de Raad zonder rekening te houden met de stem van het lid van de Raad dat de betrokken lidstaat vertegenwoordigt. |
Met betrekking tot de in artikel 9 bedoelde maatregelen besluit de Raad zonder rekening te houden met de stem van het lid van de Raad dat de betrokken lidstaat vertegenwoordigt. Het in artikel 9, lid 1, bedoelde besluit wordt geacht door de Raad te zijn goedgekeurd tenzij de Raad, binnen tien dagen na de aanneming van de aanbeveling door de Commissie, met gekwalificeerde meerderheid besluit de aanbeveling te verwerpen. |
Amendement 47 Voorstel voor een verordening Artikel 13 – alinea 1 bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
Een gekwalificeerde meerderheid van de leden van de Raad, zoals bedoeld in artikel 9, lid 1, wordt bepaald overeenkomstig artikel 238, lid 3, onder a), VWEU. |
Amendement 48 Voorstel voor een verordening Artikel 15 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
Overeenkomstig artikel 5 van Verordening (EG) nr. 223/2009 zorgen de nationale instanties voor de statistiek van de lidstaten (de NSI) voor de vereiste coördinatie op nationaal niveau van activiteiten in verband met de voor de PMO relevante gegevens. Alle andere nationale instanties doen hiervoor verslag aan de NSI. De lidstaten nemen de nodige maatregelen om toepassing van deze bepaling te waarborgen. |
Overeenkomstig artikel 5 van Verordening (EG) nr. 223/2009 zorgen de nationale instanties voor de statistiek van de lidstaten (de NSI's) voor de vereiste coördinatie op nationaal niveau van activiteiten in verband met de voor de PMO relevante gegevens. De nationale centrale banken, in hun hoedanigheid als leden van het ESCB die voor de PMO relevante gegevens produceren, en, indien van toepassing, andere relevante nationale instanties werken hiervoor met de NSI samen. Nationale autoriteiten die gegevens produceren, dragen voor die gegevens de verantwoordelijkheid. De lidstaten nemen de nodige maatregelen om toepassing van deze bepaling te waarborgen. |
Amendement 49 Voorstel voor een verordening Artikel 17 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
De Commissie (Eurostat) doet regelmatig verslag aan het Europees Parlement en de Raad over de activiteiten die zij voor de tenuitvoerlegging van deze verordening heeft uitgevoerd. |
De Commissie (Eurostat) doet ten minste eenmaal per jaar verslag aan het Europees Parlement en de Raad over de activiteiten die zij voor de tenuitvoerlegging van deze verordening heeft uitgevoerd in het kader van het Europees semester zoals bedoeld in Verordening (EU) nr. 1175/2011 van het Europees Parlement en de Raad1a. |
|
|
________________ |
|
|
1a Verordening (EU) nr. 1175/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 november 2011 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1466/97 van de Raad over versterking van het toezicht op begrotingssituaties en het toezicht op en de coördinatie van het economisch beleid (PB L 306 van 23.11.2011, blz. 12). |
Amendement 50 Voorstel voor een verordening Artikel 18 – lid 1 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
1. Uiterlijk op 14 december 2014 en vervolgens om de vijf jaar evalueert de Commissie de toepassing van deze verordening en doet zij aan het Europees Parlement en de Raad verslag over de bevindingen. |
1. Uiterlijk op 14 december 2014, en vervolgens om de vijf jaar, evalueert de Commissie de toepassing van deze verordening en brengt zij hierover verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad. In voorkomend geval gaat dit verslag vergezeld van een wetgevingsvoorstel. |
Amendement 51 Voorstel voor een verordening Artikel 18 – lid 2 – alinea 1 – letter b | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
b) de effectiviteit van deze verordening en van de toegepaste procedure voor kwaliteitsbewaking. |
b) de effectiviteit en evenredigheid van deze verordening en van de toegepaste procedure voor kwaliteitsbewaking. |
- [1] Nog niet in het Publicatieblad verschenen.
TOELICHTING
1. Achtergrond
Op 7 juni 2013 keurde de Commissie het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de verstrekking en kwaliteit van statistieken voor de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden goed. Het voorstel beoogt het waarborgen van de kwaliteit en de tijdigheid van de productie, de verstrekking en het toezicht op de kwaliteit van de statistische informatie die verzameld of doorgegeven wordt met het oog op de procedures voor het opsporen van macro-economische onevenwichtigheden, alsook de preventie en correctie van buitensporige onevenwichtigheden in de Unie.
Het voorstel van de Commissie betreft de verstrekking van de statistische gegevens en metagegevens die relevant zijn voor de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden ("voor de PMO relevante gegevens") (artikelen 1 en 2), een nieuw kwaliteitswaarborgingskader, inclusief door de lidstaten op te stellen kwaliteitsverslagen (artikelen 3 en 4), kwaliteitsbeoordelingen door de Commissie (artikel 5), lijsten van bronnen en methoden (artikel 6), bezoeken aan lidstaten (artikel 7), het rapporteren en verstrekken van de gegevens aan de verschillende betrokken partijen (artikel 8), en sancties voor het manipuleren van statistieken (artikelen 9 t/m 13).
2. Procedure in het Europees Parlement
ECON is aangewezen als ten principale bevoegde commissie voor de behandeling van het voorstel. REGI en EMPL hebben besloten een advies op te stellen.
3. Ontwerpverslag
Rapporteur steunt de algemene doelstelling van het voorstel voor een verordening, namelijk het versterken van het economisch bestuur van de Unie door middel van een verbeterd systeem voor statistisch toezicht op voor de PMO relevante gegevens. Hij erkent dat duidelijke vereisten en procedures moeten worden vastgesteld, teneinde voor statistieken van de hoogst mogelijke kwaliteit te zorgen, waarmee in een vroeg stadium macro-economische onevenwichtigheden in kaart kunnen worden gebracht. Rapporteur is overigens van mening dat de statistische kwaliteitstoetsing van voor de PMO relevante gegevens en de onderliggende statistische informatie nauwer kan worden afgestemd met i) het procedurele kader zoals vastgesteld in de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden, en ii) de bestaande wetgeving, praktijken en bestuursstructuren op het vlak van Europese statistieken.
Tegen deze achtergrond verwelkomt rapporteur het voorstel voor een verordening en doet hij suggesties voor wijzigingen ter versterking van een aantal onderdelen van de tekst.
3.1. Aanpassing aan het kader voor versterkt economisch bestuur
Rapporteur stelt voor het kader voor de productie, het toezicht op de kwaliteit en de verstrekking van voor de PMO relevante gegevens zo veel mogelijk aan te passen aan de procedures in Verordening (EU) nr. 1176/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 november 2011 betreffende de preventie en correctie van macro-economische onevenwichtigheden en Verordening (EU) nr. 1174/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 november 2011 betreffende handhavingsmaatregelen voor de correctie van buitensporige macro-economische onevenwichtigheden in het eurogebied.
Rapporteur stelt in het bijzonder voor de logica van het procedureel kader voor macro-economische onevenwichtigheden te volgen en de toepassing van de sancties te beperken tot de landen die de euro als munteenheid hebben. Geïnde boeten moeten dienovereenkomstig naar het Europees stabiliteitsmechanisme vloeien en niet naar de begroting van de Unie. Rapporteur is op de hoogte van de juridische zorgen die zijn geuit omtrent artikel 338 VWEU als rechtsgrondslag voor het aan lidstaten opleggen van boeten in verband met het opzettelijk verkeerd voorstellen van voor de PMO relevante gegevens. Hij stelt dan ook een overweging voor waarin de Commissie wordt gevraagd te onderzoeken of het mogelijk is een aanvullende rechtsgrondslag op te nemen, bijvoorbeeld artikel 121, lid 6, VWEU.
3.2. Aanpassing aan bestaande wetgeving met betrekking tot Europese statistieken
Rapporteur beveelt aan het voorstel voor een verordening nauwer te laten aanleunen bij Verordening (EG) nr. 223/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2009 betreffende de Europese statistiek en daarbij rekening te houden met elementen die tijdens de continue herziening daarvan naar voren zijn gekomen.
Het Europees statistisch systeem (ESS) en het Europees Stelsel van centrale banken (ESCB) zijn beide verantwoordelijk voor de productie van een aantal statistieken die als grondslag dienen voor voor de PMO relevante gegevens. De twee systemen moeten nauw samenwerken om de kwaliteit van voor de PMO relevante gegevens te waarborgen. Rapporteur stelt voor dat het Comité voor monetaire, financiële en betalingsbalansstatistiek, dat is opgericht bij Besluit 2006/856/EG, gezien zijn grote ervaring met statistieken voor voor de PMO relevante gegevens, advies zou kunnen verstrekken over de praktische operationele regelingen voor deze samenwerking.
3.3. Indiening van de gegevens bij de Commissie
Rapporteur is van mening dat in het voorstel voor een verordening meer duidelijkheid moet worden verschaft over de procedure voor het indienen, melden en communiceren van de gegevens. In concreto stelt hij de introductie voor van i) een sluitingsdatum waarop de Commissie (Eurostat) de voor het PMO-scorebord benodigde gegevens selecteert, en ii) een publicatiedatum voor het nieuwsbericht met betrekking tot de indicatoren voor het PMO-scorebord.
3.4. Dialoogbezoeken
Teneinde de doeltreffendheid van de voorgestelde procedures verder te vergroten, stelt rapporteur voor i) de missies naar de lidstaten dialoogbezoeken te noemen, ii) deze in te passen in een algemene bepaling die niet toepasbaar is wanneer sectoriële wetgeving reeds in bezoeken voorziet, en iii) de bezoeken een duidelijk afgebakend doel te geven, te weten het verbeteren van de beoordeling van de kwaliteit van de statistieken, dat losstaat van de onderzoeken die expliciet gericht zijn op het vaststellen van het bestaan van gevallen van opzettelijke misrepresentatie van voor de PMO relevante gegevens.
3.5. De rol van het Europees Parlement
Rapporteur stelt een nauwere en tijdiger betrokkenheid van het Europees Parlement en de nationale parlementen voor. Heel concreet zou de bevoegde commissie van het Europees Parlement de mogelijkheid moeten krijgen de hoofden van de nationale instituten voor de statistiek uit te nodigen om op vrijwillige basis bij hoorzittingen aanwezig te zijn.
ADVIES van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken (4.2.2014)
aan de Commissie economische en monetaire zaken
inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de verstrekking en kwaliteit van statistieken voor de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden
(COM(2013)0342 – C7‑0162/2013 – 2013/0181(COD))
Rapporteur voor advies: Pervenche Berès
AMENDEMENTEN
De Commissie werkgelegenheid en sociale zaken verzoekt de ten principale bevoegde Commissie economische en monetaire zaken onderstaande amendementen in haar verslag op te nemen:
Amendement 1 Voorstel voor een verordening Overweging 3 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
(3) Betrouwbare statistische gegevens vormen de basis voor effectief toezicht op macro-economische onevenwichtigheden. Teneinde over deugdelijke en onafhankelijke statistische gegevens te kunnen beschikken, moeten de lidstaten de professionele onafhankelijkheid van de nationale statistische diensten waarborgen, overeenkomstig de praktijkcode Europese statistieken als vastgesteld in Verordening (EG) nr. 223/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2009 betreffende de Europese statistiek3. |
(3) Op betrouwbare statistische gegevens en analyse gebaseerde democratische besluiten vormen de basis voor effectief toezicht op macro-economische onevenwichtigheden. Teneinde over deugdelijke en onafhankelijke statistische gegevens te kunnen beschikken, moeten de lidstaten de professionele onafhankelijkheid van de nationale statistische diensten waarborgen, overeenkomstig de praktijkcode Europese statistieken als vastgesteld in Verordening (EG) nr. 223/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2009 betreffende de Europese statistiek3. |
|
__________________ |
__________________ |
|
3 PB L 87 van 31.3.2009, blz. 164. |
3 PB L 87 van 31.3.2009, blz. 164. |
Amendement 2 Voorstel voor een verordening Overweging 8 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
(8) Tussen de Commissie en de statistische diensten van de lidstaten dient sprake te zijn van nauwe samenwerking en een voortdurende dialoog om de kwaliteit van de voor de PMO relevante gegevens die door de lidstaten worden gemeld en van de onderliggende statistische informatie te waarborgen. |
(8) Tussen de Commissie en de statistische diensten van de lidstaten dient sprake te zijn van nauwe samenwerking en een voortdurende dialoog met het oog op coördinatie en harmonisatie van de te verstrekken gegevens en om de kwaliteit van de voor de PMO relevante gegevens die door de lidstaten worden gemeld en van de onderliggende statistische informatie te waarborgen. |
Amendement 3 Voorstel voor een verordening Overweging 9 bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
(9 bis) De versterking van het economisch bestuur door middel van een verbeterd systeem voor statistisch toezicht op voor de PMO relevante gegevens moet een nauwere en vroegtijdigere betrokkenheid van het Europees Parlement en de nationale parlementen behelzen. |
Amendement 4 Voorstel voor een verordening Artikel 7– lid 1 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
1. Wanneer de Commissie (Eurostat) problemen vaststelt, in het bijzonder in het kader van de kwaliteitsbeoordeling van artikel 5, kan zij besluiten tot het uitzenden van onderzoeksmissies naar de betrokken lidstaat. |
1. Wanneer de Commissie (Eurostat) problemen of potentiële twijfels omtrent de kwaliteit van de statistieken vaststelt, in het bijzonder in het kader van de kwaliteitsbeoordeling van artikel 5, kan zij besluiten tot het uitzenden van onderzoeksmissies naar de betrokken lidstaat. |
Amendement 5 Voorstel voor een verordening Artikel 7– lid 3 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
3. De Commissie (Eurostat) doet aan het Comité voor de economische politiek dat bij Besluit 74/122/EEG van de Raad7 is ingesteld, verslag over de bevindingen van deze missies en over eventuele opmerkingen van de betrokken lidstaat over deze bevindingen. Nadat deze verslagen naar het Comité voor economische politiek zijn gestuurd, worden zij, samen met eventuele opmerkingen van de betrokken lidstaat, openbaar gemaakt, onverminderd de bepalingen betreffende statistische geheimhouding van Verordening (EG) nr. 223/2009. |
3. De Commissie (Eurostat) doet aan het Comité voor de economische politiek dat bij Besluit 74/122/EEG van de Raad7 is ingesteld en het Comité voor de werkgelegenheid dat is opgericht bij Besluit 2000/98/EG van de Raad7 bis, verslag over de bevindingen van deze missies en over eventuele opmerkingen van de betrokken lidstaat over deze bevindingen. Nadat deze verslagen naar het Comité voor economische politiek, het Comité voor de werkgelegenheid en de bevoegde commissies van het Europees Parlement zijn gestuurd, worden zij, samen met eventuele opmerkingen van de betrokken lidstaat, openbaar gemaakt, onverminderd de bepalingen betreffende statistische geheimhouding van Verordening (EG) nr. 223/2009. |
|
____________ |
____________ |
|
7 PB L 63 van 5.3.1974, blz. 21. |
7 PB L 63 van 5.3.1974, blz. 21. |
|
|
7 bis Besluit 2000/98/EG van de Raad van 24 januari 2000 tot instelling van het Comité voor de werkgelegenheid (PB L 29 van 4.2.2000, blz. 21). |
Amendement 6 Voorstel voor een verordening Artikel 8– lid 3 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
3. De Commissie (Eurostat) kan een voorbehoud maken ten aanzien van de kwaliteit van de voor de PMO relevante gegevens van de lidstaten. De Commissie (Eurostat) deelt de betrokken lidstaat en de voorzitter van het Comité voor de economische politiek uiterlijk drie werkdagen vóór de geplande datum van bekendmaking mee welk voorbehoud zij beoogt te maken en bekend te maken. Indien de kwestie na bekendmaking van de gegevens en het voorbehoud wordt opgelost, wordt onmiddellijk daarna bekendgemaakt dat het voorbehoud is ingetrokken. |
3. De Commissie (Eurostat) kan een voorbehoud maken ten aanzien van de kwaliteit van de voor de PMO relevante gegevens van de lidstaten. De Commissie (Eurostat) deelt de betrokken lidstaat en de voorzitter van het Comité voor de economische politiek uiterlijk vijf werkdagen vóór de geplande datum van bekendmaking mee welk voorbehoud zij beoogt te maken en bekend te maken. De betrokken lidstaat wordt in de gelegenheid gesteld de situatie toe te lichten. Indien de kwestie na bekendmaking van de gegevens en het voorbehoud wordt opgelost, wordt onmiddellijk daarna bekendgemaakt dat het voorbehoud is ingetrokken. |
Amendement 7 Voorstel voor een verordening Artikel 8– lid 4 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
4. Wanneer er aanwijzingen zijn dat de door de lidstaten verstrekte gegevens niet in overeenstemming zijn met de eisen van artikel 3, lid 2, van deze verordening, kan de Commissie (Eurostat) deze gegevens wijzigen en de gewijzigde gegevens en een motivering van de wijziging verstrekken. De Commissie (Eurostat) deelt de betrokken lidstaat en de voorzitter van het Comité voor de economische politiek uiterlijk drie werkdagen vóór de geplande datum van bekendmaking de gewijzigde gegevens en de motivering van de wijziging mee. |
4. Wanneer er aanwijzingen zijn dat de door de lidstaten verstrekte gegevens niet in overeenstemming zijn met de eisen van artikel 3, lid 2, van deze verordening of wanneer de door de lidstaten verstrekte gegevens onvolledig zijn, kan de Commissie (Eurostat) deze gegevens wijzigen en de gewijzigde gegevens en een motivering van de wijziging verstrekken. De Commissie (Eurostat) deelt de betrokken lidstaat en de voorzitters van het Comité voor de economische politiek en het Comité voor de werkgelegenheid uiterlijk vijf werkdagen vóór de geplande datum van bekendmaking de gewijzigde gegevens en de motivering van de wijziging mee. |
Amendement 8 Voorstel voor een verordening Artikel 9– lid 1 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
1. De Raad kan op voorstel van de Commissie besluiten om een lidstaat die bewust of door grove nalatigheid een onjuiste weergave heeft gegeven van de voor de PMO relevante gegevens, een boete op te leggen. |
1. De Raad kan op voorstel van de Commissie besluiten om een lidstaat die bewust of door grove nalatigheid een onjuiste weergave heeft gegeven van de voor de PMO relevante gegevens of de verstrekking van deze gegevens heeft vertraagd, een boete op te leggen. |
Amendement 9 Voorstel voor een verordening Artikel 9 – lid 3 – alinea 1 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
De Commissie kan alle onderzoeken uitvoeren, die nodig zijn om het bestaan van verkeerde voorstellingen als bedoeld in lid 1 vast te stellen. De Commissie kan besluiten een onderzoek te openen als zij meent dat er serieuze indicaties zijn voor het bestaan van feiten die een dergelijke verkeerde voorstelling kunnen vormen. Bij het onderzoek naar de vermeende onjuiste weergaven houdt de Commissie rekening met eventuele opmerkingen van de betrokken lidstaat. Voor de uitvoering van haar taken kan de Commissie de lidstaat verzoeken om informatie te verstrekken en kan zij ter plaatse inspecties uitvoeren en zich toegang verschaffen tot de statistische informatie en documenten die ten grondslag liggen aan de voor de PMO relevante gegevens. Indien volgens het recht van de betrokken lidstaat voor inspecties ter plaatse de voorafgaande gerechtelijke toestemming is vereist, dient de Commissie daartoe de nodige verzoeken in. |
Overeenkomstig de voorschriften kan de Commissie alle onderzoeken uitvoeren die nodig zijn om het bestaan van verkeerde voorstellingen als bedoeld in lid 1 vast te stellen. De Commissie kan besluiten een onderzoek te openen als zij meent dat er serieuze indicaties zijn voor het bestaan van feiten die een dergelijke verkeerde voorstelling kunnen vormen. Bij het onderzoek naar de vermeende onjuiste weergaven houdt de Commissie rekening met eventuele opmerkingen van de betrokken lidstaat. Voor de uitvoering van haar taken kan de Commissie de lidstaat verzoeken om informatie te verstrekken en kan zij ter plaatse inspecties uitvoeren en zich toegang verschaffen tot de statistische informatie en documenten die ten grondslag liggen aan de voor de PMO relevante gegevens. Indien volgens het recht van de betrokken lidstaat voor inspecties ter plaatse de voorafgaande gerechtelijke toestemming is vereist, dient de Commissie daartoe de nodige verzoeken in. |
Amendement 10 Voorstel voor een verordening Artikel 11 – alinea 1 bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
De in lid 1 bedoelde ontvangsten worden in het kader van de Europese semestercyclus toegewezen voor de financiering van de nationale hervormingsprogramma's (NHP's) van de lidstaten en de doelstellingen daarvan, met als oogmerk de economische, werkgelegenheids- en sociale verschillen in de eurozone te beperken. |
Amendement 11 Voorstel voor een verordening Artikel 17 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
De Commissie (Eurostat) doet regelmatig verslag aan het Europees Parlement en de Raad over de activiteiten die zij voor de tenuitvoerlegging van deze verordening heeft uitgevoerd. |
De Commissie (Eurostat) doet regelmatig verslag aan de bevoegde commissies van het Europees Parlement en de Raad over de activiteiten die zij voor de tenuitvoerlegging van deze verordening heeft uitgevoerd. |
Amendement 12 Voorstel voor een verordening Artikel 18 – lid 2 – letter b bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
(b bis) de deugdelijkheid en effectiviteit van de toegepaste procedure voor kwaliteitsbewaking in geval van herziening of aanvulling van voor de PMO relevante gegevens. |
PROCEDURE
|
Titel |
Statistieken voor de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden |
||||
|
Document- en procedurenummers |
COM(2013)0342 – C7-0162/2013 – 2013/0181(COD) |
||||
|
Commissie ten principale Datum bekendmaking |
ECON 13.6.2013 |
|
|
|
|
|
Advies uitgebracht door Datum bekendmaking |
EMPL 13.6.2013 |
||||
|
Rapporteur voor advies Datum benoeming |
Pervenche Berès 3.7.2013 |
||||
|
Behandeling in de commissie |
9.12.2013 |
22.1.2014 |
3.2.2014 |
|
|
|
Datum goedkeuring |
3.2.2014 |
|
|
|
|
|
Uitslag eindstemming |
+: –: 0: |
30 3 1 |
|||
|
Bij de eindstemming aanwezige leden |
Regina Bastos, Edit Bauer, Jean-Luc Bennahmias, Phil Bennion, Philippe Boulland, Milan Cabrnoch, Alejandro Cercas, Derek Roland Clark, Minodora Cliveti, Marije Cornelissen, Emer Costello, Karima Delli, Thomas Händel, Marian Harkin, Nadja Hirsch, Ádám Kósa, Jean Lambert, Verónica Lope Fontagné, Olle Ludvigsson, Thomas Mann, Elisabeth Morin-Chartier, Csaba Őry, Konstantinos Poupakis, Sylvana Rapti, Elisabeth Schroedter, Nicole Sinclaire, Jutta Steinruck |
||||
|
Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s) |
Georges Bach, Edite Estrela, Sergio Gutiérrez Prieto, Jan Kozłowski, Anthea McIntyre, Evelyn Regner |
||||
|
Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervanger(s) (art. 187, lid 2) |
Emilio Menéndez del Valle |
||||
ADVIES van de Commissie regionale ontwikkeling (27.1.2014)
aan de Commissie economische en monetaire zaken
inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de verstrekking en kwaliteit van statistieken voor de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden
(COM(2013)0342 – C7‑0162/2013 – 2013/0181(COD))
Rapporteur voor advies: Ivars Godmanis
BEKNOPTE MOTIVERING
De Commissie regionale ontwikkeling (REGI) heeft een ontwerpadvies voor de Commissie economische en monetaire zaken (ECON) opgesteld vanwege het feit dat de parapluverordening over het cohesiebeleid (EU) nr. 1303/2013 van het Europees Parlement en de Raad waarin gemeenschappelijke bepalingen worden vastgelegd inzake het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds, het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling en het Europees Fonds voor Maritieme Zaken en Visserij, en waarin algemene bepalingen worden vastgelegd inzake het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds en het Cohesiefonds en het Europees Fonds voor Maritieme Zaken en Visserij, en Verordening (EG) nr. 1083/2006 van de Raad wordt ingetrokken, in artikel 23 en bijlage III de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden noemt als een aanleiding voor het opschorten van fondsen. De Commissie regionale ontwikkeling steunt de ontwikkeling van een duidelijk regelgevingskader met het oog op statistieken van hoge kwaliteit ter ondersteuning van een doeltreffende toepassing van de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden.
AMENDEMENTEN
De Commissie regionale ontwikkeling verzoekt de ten principale bevoegde Commissie economische en monetaire zaken onderstaande amendementen in aanmerking te nemen:
Amendement 1 Voorstel voor een verordening Overweging 1 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
(1) Verordening (EU) nr. 1176/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 november 2011 betreffende de preventie en correctie van macro-economische onevenwichtigheden1 voorziet in de instelling van een waarschuwingsmechanisme als hulpmiddel voor de vroegtijdige signalering van en het toezicht op onevenwichtigheden. Binnen dit mechanisme moet de Commissie jaarlijks een Waarschuwingsmechanismeverslag opstellen waarin een kwalitatieve economische en financiële beoordeling wordt gegeven en de lidstaten worden aangewezen die naar het oordeel van de Commissie door onevenwichtigheden geraakt kunnen zijn of het risico lopen daardoor geraakt te worden. |
(1) Verordening (EU) nr. 1176/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 16 november 2011 betreffende de preventie en correctie van macro-economische onevenwichtigheden1 (PMO) voorziet in de instelling van een waarschuwingsmechanisme als hulpmiddel voor de vroegtijdige signalering van en het toezicht op onevenwichtigheden. Binnen dit mechanisme moet de Commissie jaarlijks een Waarschuwingsmechanismeverslag opstellen waarin een kwalitatieve economische en financiële beoordeling wordt gegeven en de lidstaten worden aangewezen die naar het oordeel van de Commissie door onevenwichtigheden geraakt kunnen zijn of het risico lopen daardoor geraakt te worden. |
|
__________________ |
__________________ |
|
1 PB L 306 van 23.11.2011, blz. 25. |
1 PB L 306 van 23.11.2011, blz. 25. |
Motivering | |
Redactionele precisering van het acroniem. | |
Amendement 2 Voorstel voor een verordening Overweging 3 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
(3) Betrouwbare statistische gegevens vormen de basis voor effectief toezicht op macro-economische onevenwichtigheden. Teneinde over deugdelijke en onafhankelijke statistische gegevens te kunnen beschikken, moeten de lidstaten de professionele onafhankelijkheid van de nationale statistische diensten waarborgen, overeenkomstig de praktijkcode Europese statistieken als vastgesteld in Verordening (EG) nr. 223/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2009 betreffende de Europese statistiek3. |
(3) Betrouwbare, deugdelijke, nauwkeurige en bruikbare statistische gegevens zijn essentieel voor effectief toezicht op macro-economische onevenwichtigheden. Teneinde over deugdelijke en onafhankelijke statistische gegevens te kunnen beschikken, moeten de lidstaten de professionele onafhankelijkheid van de nationale statistische diensten waarborgen, overeenkomstig de praktijkcode Europese statistieken als vastgesteld in Verordening (EG) nr. 223/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2009 betreffende de Europese statistiek3. |
|
__________________ |
__________________ |
|
3 PB L 87 van 31.3.2009, blz. 164. |
3 PB L 87 van 31.3.2009, blz. 164. |
Amendement 3 Voorstel voor een verordening Overweging 3 bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
(3 bis) De Commissie moet blijven inspelen op de behoefte aan betrouwbare informatie uit statistieken op basis waarvan Uniebeleid beter kan worden afgestemd op de economische, maatschappelijke en territoriale situatie op regionaal niveau. |
Amendement 4 Voorstel voor een verordening Overweging 5 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
(5) Er moet een betrouwbare procedure worden vastgesteld voor de verzameling, controle en bekendmaking van de voor de PMO relevante gegevens en voor de voortdurende verbetering van de onderliggende statistische informatie, overeenkomstig de kaders die de Commissie voor het beheer van de kwaliteit van de Europese statistieken4 heeft vastgesteld. De Groep directeuren macro-economische statistieken die de Commissie heeft opgericht, is een geschikte deskundigengroep om de Commissie (Eurostat) de nodige bijstand te verlenen bij de toepassing van een degelijke kwaliteitsbewakingsprocedure voor de voor de PMO relevante gegevens. |
(5) Er moet een betrouwbare procedure worden vastgesteld voor de verzameling, controle en bekendmaking van de voor de PMO relevante gegevens en voor de voortdurende verbetering van de onderliggende statistische informatie, overeenkomstig de kaders die de Commissie voor het beheer van de kwaliteit van de Europese statistieken4 heeft vastgesteld. De Groep directeuren macro-economische statistieken die de Commissie heeft opgericht en waarvan ook deskundigen uit het Comité voor het Europees statistisch systeem en het Europees Stelsel van centrale banken deel uitmaken, is een geschikte deskundigengroep om de Commissie (Eurostat) de nodige bijstand te verlenen bij de toepassing van een degelijke kwaliteitsbewakingsprocedure voor de voor de PMO relevante gegevens. |
|
__________________ |
__________________ |
|
4 COM(2005) 217 definitief en COM(2011) 211 definitief. |
4 COM(2005) 217 definitief en COM(2011) 211 definitief. |
Amendement 5 Voorstel voor een verordening Overweging 8 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
(8) Tussen de Commissie en de statistische diensten van de lidstaten dient sprake te zijn van nauwe samenwerking en een voortdurende dialoog om de kwaliteit van de voor de PMO relevante gegevens die door de lidstaten worden gemeld en van de onderliggende statistische informatie te waarborgen. |
(8) Tussen de Commissie en de statistische diensten van de lidstaten dient sprake te zijn van nauwe samenwerking en een voortdurende dialoog om de kwaliteit en nauwkeurigheid van de voor de PMO relevante gegevens die door de lidstaten worden gemeld en van de onderliggende statistische informatie te waarborgen. Ook moet nauwkeurig worden omschreven op welke gegevens de PMO betrekking heeft. |
Amendement 6 Voorstel voor een verordening Overweging 8 bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
(8 bis) De vaststelling van een rechtskader inzake "vertrouwensverbintenissen voor de statistiek" moet worden aangemoedigd. Naleving van de regel voor vertrouwelijkheid van gegevens binnen het ESS (Europees statistisch systeem) en naleving van het subsidiariteitsbeginsel zullen helpen het vertrouwen in de bureaus voor de statistiek te vergroten. |
Amendement 7 Voorstel voor een verordening Overweging 12 bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
(12 bis) Om te zorgen voor deugdelijke en nauwkeurige gegevens van hoge kwaliteit moet tevens een systeem voor onderzoek naar de sociaaleconomische processen in grensgebieden worden opgezet. Er moeten ook statistieken voor macroregio's worden opgesteld om een betrouwbaar, volledig en nauwkeurig economisch beeld te krijgen van de regionale en macroregionale ontwikkeling in zowel stedelijke als landelijke gebieden. |
Amendement 8 Voorstel voor een verordening Overweging 12 ter (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
(12 ter) Overeenkomstig Verordening (EU) nr. 1303/2013 van het Europees Parlement en de Raad houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds, het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij en algemene bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1083/2006 van de Raad1 bis is de uitvoering van de Europese structuur- en investeringsfondsen (ESI) onder meer gekoppeld aan goed economisch bestuur en de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden. |
|
|
__________________ |
|
|
1 bis PB L 347 van 20.12.2013, blz. 320. |
Amendement 9 Voorstel voor een verordening Overweging 12 quater (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
(12 quater) De Europese structuur- en investeringsfondsen vertegenwoordigen samen met het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling en het Europees Visserijfonds een aanzienlijk bedrag voor openbare investeringen in bepaalde EU-lidstaten, en spelen een rol in het vergroten van de economische convergentie en de sociale cohesie. |
Amendement 10 Voorstel voor een verordening Overweging 12 quinquies (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
(12 quinquies) In het bijzonder bepaalt artikel 23, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1303/20131 bis dat de Commissie een lidstaat kan verzoeken zijn partnerschapsovereenkomst en de betrokken programma's te evalueren en wijzigingen daarop voor te stellen wanneer dat nodig is ter ondersteuning van de uitvoering van de tot de betrokken lidstaat gerichte relevante aanbevelingen van de Raad, die zijn vastgesteld overeenkomstig artikel 7, lid 2, of artikel 8, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1176/2011 betreffende de preventie en correctie van macro-economische onevenwichtigheden, mits deze wijzigingen noodzakelijk worden geacht voor de correctie van de macro-economische onevenwichtigheden. |
|
|
__________________ |
|
|
1 bis PB L 347 van 20.12.2013, blz. 320. |
Amendement 11 Voorstel voor een verordening Overweging 12 sexies (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
(12 sexies) Artikel 23, lid 9, en bijlage III bij Verordening (EU) nr. 1303/20131 bis bepalen voorts dat de Commissie een voorstel doet aan de Raad om alle of een deel van de vastleggingen of betalingen voor de programma's van een lidstaat te schorsen indien de Raad twee opeenvolgende aanbevelingen goedkeurt in dezelfde procedure bij onevenwichtigheden, overeenkomstig artikel 8, lid 3, of artikel 10, lid 4, van Verordening (EU) nr. 1176/2011 betreffende de preventie en correctie van macro-economische onevenwichtigheden. |
|
|
__________________ |
|
|
1 bis PB L 347 van 20.12.2013, blz. 320. |
Amendement 12 Voorstel voor een verordening Overweging 12 septies (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
(12 septies) De opschorting van fondsen als gevolg van de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden mag echter alleen als laatste redmiddel worden gebruikt, en daarbij moet rekening worden gehouden met grondige analyses van de indicatoren voor werkloosheid, armoede en de krimp van het bbp. |
Amendement 13 Voorstel voor een verordening Overweging 12 octies (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
(12 octies) Ten behoeve van de doeltreffendheid moet deze verordening betrekking hebben op alle statistische gegevens die vereist zijn binnen de werkingssfeer van de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden. |
Amendement 14 Voorstel voor een verordening Overweging 12 nonies (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
(12 nonies) Benadrukt dat de kwaliteit van de statistieken die door de lidstaten worden verstrekt, van groot belang is voor de coherente toepassing van de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden. |
Amendement 15 Voorstel voor een verordening Artikel 2 – lid 2 bis (nieuw) | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
|
2 bis. De hoogste controle-instantie van de betrokken lidstaat geeft een kwaliteitsverklaring af met betrekking tot de voor de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden relevante gegevens die zij verstrekt. |
Motivering | |
Voorgesteld wordt dat de nationale hoogste controle-instanties, in hun functie van onafhankelijke controleurs, elk afzonderlijk een kwaliteitsverklaring betreffende de door de lidstaten verstrekte informatie afgeven. | |
Amendement 16 Voorstel voor een verordening Artikel 3 – lid 3 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
3. De Commissie stelt uitvoeringshandelingen vast betreffende de modaliteiten, opbouw en frequentie van de kwaliteitsverslagen. Deze uitvoeringshandelingen worden vastgesteld overeenkomstig de in artikel 14, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure. |
3. De Commissie stelt gedelegeerde handelingen vast betreffende de modaliteiten, opbouw en frequentie van de kwaliteitsverslagen. Deze gedelegeerde handelingen worden vastgesteld overeenkomstig de in artikel 12 bedoelde onderzoeksprocedure. |
Amendement 17 Voorstel voor een verordening Artikel 6 – lid 2 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
2. De Commissie (Eurostat) stelt vóór [...] [negen maanden na het vaststellen van deze verordening – de precieze datum wordt bij de bekendmaking ervan ingevoegd door het Publicatiebureau] richtsnoeren op voor het samenstellen van deze lijsten. De lidstaten stellen de lijsten samen op basis van deze richtsnoeren en sturen ze uiterlijk op [...] [zes maanden na het vaststellen van deze verordening – de precieze datum wordt bij de bekendmaking ervan ingevoegd door het Publicatiebureau] naar de Commissie (Eurostat). De lijsten worden bijgewerkt overeenkomstig de in artikel 14, lid 2 bedoelde richtsnoeren. |
2. De lidstaten stellen de lijsten op en sturen ze uiterlijk op [...] [negen maanden na het vaststellen van deze verordening – de precieze datum wordt bij de bekendmaking ervan ingevoegd door het Publicatiebureau] naar de Commissie (Eurostat). De Commissie stelt vóór [...] [zes maanden na het vaststellen van deze verordening – de precieze datum wordt bij de bekendmaking ervan ingevoegd door het Publicatiebureau] gedelegeerde handelingen op voor het vaststellen van de structuur en de modaliteiten voor het bijwerken van deze lijsten. Die gedelegeerde handelingen worden overeenkomstig de in artikel 12 bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld. |
Amendement 18 Voorstel voor een verordening Artikel 7 – lid 3 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
3. De Commissie (Eurostat) doet aan het Comité voor de economische politiek dat bij Besluit 74/122/EEG van de Raad7 is ingesteld, verslag over de bevindingen van deze missies en over eventuele opmerkingen van de betrokken lidstaat over deze bevindingen. Nadat deze verslagen naar het Comité voor economische politiek zijn gestuurd, worden zij, samen met eventuele opmerkingen van de betrokken lidstaat, openbaar gemaakt, onverminderd de bepalingen betreffende statistische geheimhouding van Verordening (EG) nr. 223/2009. |
3. De Commissie (Eurostat) doet aan het Comité voor de economische politiek dat bij Besluit 74/122/EEG van de Raad7 is ingesteld en aan het Europees Parlement verslag over de bevindingen van deze missies en over eventuele opmerkingen van de betrokken lidstaat over deze bevindingen. Nadat deze verslagen naar het Comité voor economische politiek en het Europees Parlement zijn gestuurd, worden zij, samen met eventuele opmerkingen van de betrokken lidstaat, openbaar gemaakt, onverminderd de bepalingen betreffende statistische geheimhouding van Verordening (EG) nr. 223/2009. |
|
______________ |
_______________ |
|
7 PB L 63 van 5.3.1974, blz. 21. |
7 PB L 63 van 5.3.1974, blz. 21. |
Amendement 19 Voorstel voor een verordening Artikel 7 – lid 5 | |
|
Door de Commissie voorgestelde tekst |
Amendement |
|
5. De Commissie (Eurostat) stelt regels en procedures vast voor de selectie van de deskundigen, met inachtneming van een passende spreiding van deskundigen over de lidstaten en een passende roulatie van deskundigen tussen de lidstaten, alsmede voor de organisatie van hun werkzaamheden en de nadere financiële bepalingen. De Commissie (Eurostat) deelt met de lidstaten in de volledige kosten die door de lidstaten bij de ondersteuning door hun nationale deskundigen worden gemaakt. |
5. De Commissie (Eurostat) stelt regels en procedures vast voor de selectie van de deskundigen, die nodig zijn voor een passende spreiding van deskundigen over de lidstaten en een passende en tijdige roulatie van deskundigen tussen de lidstaten, alsmede voor de organisatie van hun werkzaamheden en de nadere financiële bepalingen. De Commissie (Eurostat) deelt met de lidstaten in de volledige kosten die door de lidstaten bij de ondersteuning door hun nationale deskundigen worden gemaakt. |
Motivering | |
Om ervoor te zorgen dat de adviezen die de deskundigen verstrekken objectief zijn, is het nodig om te zorgen voor een correcte selectie en spreiding en tijdige roulatie van die deskundigen. | |
PROCEDURE
|
Titel |
Statistieken voor de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden |
||||
|
Document- en procedurenummers |
COM(2013)0342 – C7-0162/2013 – 2013/0181(COD) |
||||
|
Commissie ten principale Datum bekendmaking |
ECON 13.6.2013 |
|
|
|
|
|
Advies uitgebracht door Datum bekendmaking |
REGI 13.6.2013 |
||||
|
Rapporteur voor advies Datum benoeming |
Ivars Godmanis 20.6.2013 |
||||
|
Vervangen rapporteur voor advies |
Ramona Nicole Mănescu |
||||
|
Datum goedkeuring |
22.1.2014 |
|
|
|
|
|
Uitslag eindstemming |
+: –: 0: |
39 1 1 |
|||
|
Bij de eindstemming aanwezige leden |
François Alfonsi, Luís Paulo Alves, Charalampos Angourakis, Francesca Barracciu, Catherine Bearder, Victor Boştinaru, Nikos Chrysogelos, Tamás Deutsch, Rosa Estaràs Ferragut, Danuta Maria Hübner, Filiz Hakaeva Hyusmenova, Iñaki Irazabalbeitia Fernández, María Irigoyen Pérez, Seán Kelly, Constanze Angela Krehl, Vladimír Maňka, Iosif Matula, Erminia Mazzoni, Miroslav Mikolášik, Jens Nilsson, Jan Olbrycht, Younous Omarjee, Markus Pieper, Ovidiu Ioan Silaghi, Monika Smolková, Georgios Stavrakakis, Nuno Teixeira, Lambert van Nistelrooij, Justina Vitkauskaite Bernard, Oldřich Vlasák, Kerstin Westphal, Hermann Winkler, Joachim Zeller, Elżbieta Katarzyna Łukacijewska |
||||
|
Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s) |
Maurice Ponga, Vilja Savisaar-Toomast, Elisabeth Schroedter, Richard Seeber, Peter Simon, Evžen Tošenovský, Derek Vaughan |
||||
PROCEDURE
|
Titel |
Statistieken voor de procedure voor macro-economische onevenwichtigheden |
||||
|
Document- en procedurenummers |
COM(2013)0342 – C7-0162/2013 – 2013/0181(COD) |
||||
|
Datum indiening bij EP |
7.6.2013 |
|
|
|
|
|
Commissie ten principale Datum bekendmaking |
ECON 13.6.2013 |
|
|
|
|
|
Medeadviserende commissie(s) Datum bekendmaking |
EMPL 13.6.2013 |
REGI 13.6.2013 |
|
|
|
|
Rapporteur(s) Datum benoeming |
Derk Jan Eppink 18.6.2013 |
|
|
|
|
|
Behandeling in de commissie |
5.12.2013 |
30.1.2014 |
|
|
|
|
Datum goedkeuring |
13.2.2014 |
|
|
|
|
|
Uitslag eindstemming |
+: –: 0: |
38 1 0 |
|||
|
Bij de eindstemming aanwezige leden |
Marino Baldini, Burkhard Balz, Jean-Paul Besset, Sharon Bowles, Udo Bullmann, Rachida Dati, Leonardo Domenici, Derk Jan Eppink, Diogo Feio, Markus Ferber, Ildikó Gáll-Pelcz, Jean-Paul Gauzès, Sven Giegold, Sylvie Goulard, Liem Hoang Ngoc, Othmar Karas, Wolf Klinz, Jürgen Klute, Rodi Kratsa-Tsagaropoulou, Werner Langen, Astrid Lulling, Sławomir Nitras, Ivari Padar, Anni Podimata, Antolín Sánchez Presedo, Olle Schmidt, Peter Simon, Theodor Dumitru Stolojan, Kay Swinburne, Marianne Thyssen, Ramon Tremosa i Balcells, Pablo Zalba Bidegain |
||||
|
Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s) |
Zdravka Bušić, Herbert Dorfmann, Bas Eickhout, Saïd El Khadraoui, Ashley Fox, Emilie Turunen |
||||
|
Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervanger(s) (art. 187, lid 2) |
Ana Gomes, Emma McClarkin |
||||
|
Datum indiening |
24.2.2014 |
||||