Procedure : 2011/0184(APP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A7-0269/2014

Ingediende teksten :

A7-0269/2014

Debatten :

PV 16/04/2014 - 11
CRE 16/04/2014 - 11

Stemmingen :

PV 16/04/2014 - 14.1
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P7_TA(2014)0431

AANBEVELING     ***
PDF 145kWORD 57k
4.4.2014
PE 529.828v02-00 A7-0269/2014

over het ontwerp van verordening van de Raad (EU, Euratom) tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen voor het stelsel van eigen middelen van de Europese Unie

(05600/2014 – C7‑0047/2014 – 2011/0184(APP))

Commissie begrotingscontrole

Rapporteurs: Jean-Luc Dehaene, Anne E. Jensen

PR_APP

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 UITSLAG VAN DE EINDSTEMMING IN DE COMMISSIE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het ontwerp van verordening van de Raad (EU, Euratom) tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen voor het stelsel van eigen middelen van de Europese Unie

(05600/2014 – C7‑0047/2014 – 2011/0184(APP))

(Bijzondere wetgevingsprocedure – goedkeuring)

Het Europees Parlement,

–       gezien het ontwerp van verordening van de Raad (05600/2014),

–       gezien het verzoek om goedkeuring dat de Raad heeft ingediend krachtens artikel 311, lid 4, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (C7‑0047/2014),

–       gezien zijn resolutie van 29 maart 2007 over de toekomst van de eigen middelen van de Europese Unie(1),

–       gezien zijn resolutie van 8 juni 2011 over investeren in de toekomst: een nieuw meerjarig financieel kader (MFK) voor een concurrerend, duurzaam en integratiegericht Europa(2),

–       gezien zijn resolutie van 13 juni 2012 over het meerjarig financieel kader en eigen middelen(3),

–       gezien zijn resolutie van 23 oktober 2012 met het oog op het bereiken van een positief resultaat van de goedkeuringsprocedure van het meerjarig financieel kader(4),

–       gezien zijn resolutie van 13 maart 2013 over de conclusies van de Europese Raad van 7 en 8 februari 2013 betreffende het meerjarig financieel kader(5),

–       gezien zijn resolutie van 3 juli 2013 over het politieke akkoord over het meerjarig financieel kader 2014-2020(6),

–       gezien het feit dat het voor het eerst is dat, overeenkomstig het Verdrag, de goedkeuring van het Parlement vereist is voor uitvoeringsbepalingen voor het stelsel van eigen middelen van de Unie,

–       gezien artikel 81, lid 1, eerste en derde alinea, van zijn Reglement,

–       gezien de aanbeveling van de Commissie begrotingscontrole (A7-0269/2014),

1.      hecht zijn goedkeuring aan het ontwerp van verordening van de Raad;

2.      verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

(1)

PB C 27 E van 31.1.2008, blz. 214.

(2)

PB C 380 E van 11.12.2012, blz. 89.

(3)

PB C 332 E van 15.11.2013, blz. 42.

(4)

Aangenomen teksten, P7_TA(2012)0360.

(5)

Aangenomen teksten, P7_TA(2013)0078.

(6)

Aangenomen teksten P7_TA(2013)0304.


TOELICHTING

De uitvoeringsverordening is onderdeel van het algemene pakket met betrekking tot de hervorming van het stelsel van eigen middelen dat in juni 2011 door de Commissie werd gepresenteerd (en in november 2011 werd herzien). Het bevat bepalingen inzake de vaststelling van de eigen middelen, de controle en het toezicht alsmede de rapportagevereisten voor de nationale autoriteiten. Zoals uiteengezet in het ontwerpbesluit van de Raad inzake het stelsel van eigen middelen bevat de uitvoeringsverordening bepalingen van algemene aard die van toepassing zijn op alle soorten eigen middelen en die adequate parlementaire controle vereisen.

Artikel 311, vierde alinea, VWEU, biedt de mogelijkheid een verordening van de Raad aan te nemen tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen voor het stelsel van eigen middelen van de Europese Unie voor zover het eigenmiddelenbesluit hierin voorziet. Voor de eerste maal is, krachtens het Verdrag van Lissabon, voor de vaststelling van deze verordening door de Raad de goedkeuring van het Parlement vereist. In zijn conclusies van 7 en 8 februari 2013 betreffende het meerjarig financieel kader bevestigde de Europese Raad dat "op grond van artikel 311, vierde alinea, VWEU, een verordening van de Raad tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen zal worden aangenomen".

In het huidige ontwerp van verordening van de Raad tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen voor het stelsel van eigen middelen van de Europese Unie heeft de Raad het voorstel van de Commissie van 2011 aangepast aan de uitkomst van de onderhandelingen over het meerjarig financieel kader/eigen middelen, waarbij het de delen betreffende de hervorming van de eigen middelen uit btw en de invoering van een belasting op financiële transacties heeft weggelaten, onderdelen die van de Raad geen steun hebben gekregen. Helaas heeft de Raad tevens besloten om de bepalingen inzake de berekening van de BNI-middelen opnieuw over te hevelen naar het eigenmiddelenbesluit, zoals momenteel het geval is, en hiermee de kans gemist om alle bepalingen van uitvoerende aard in een enkele wetgevingstekst samen te brengen.

De rapporteurs zijn ingenomen met deze eerste gelegenheid om de bepalingen van het Verdrag van Lissabon betreffende de uitvoeringsverordening toe te passen en zij staan achter het bestaan van deze verordening. Daarom bevelen zij het Parlement aan zijn goedkeuring te hechten aan de door de Raad voorgestelde ontwerptekst.


UITSLAG VAN DE EINDSTEMMING IN DE COMMISSIE

Datum goedkeuring

1.4.2014

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

18

2

1

Bij de eindstemming aanwezige leden

Marta Andreasen, Zuzana Brzobohatá, Jean Louis Cottigny, Göran Färm, Věra Flasarová, Salvador Garriga Polledo, Jens Geier, Ingeborg Gräßle, Jutta Haug, Monika Hohlmeier, Sidonia Elżbieta Jędrzejewska, Anne E. Jensen, Ivailo Kalfin, Jan Kozłowski, Jan Mulder, Juan Andrés Naranjo Escobar, Andrej Plenković, László Surján, Helga Trüpel, Angelika Werthmann

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervanger(s)

Paul Rübig

Juridische mededeling - Privacybeleid