Procedure : 2015/2013(BUD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0138/2015

Ingediende teksten :

A8-0138/2015

Debatten :

Stemmingen :

PV 28/04/2015 - 7.2
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2015)0098

VERSLAG     
PDF 140kWORD 68k
21.4.2015
PE 549.393v02-00 A8-0138/2015

over het standpunt van de Raad inzake het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 2/2015 van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2015, afdeling III – Commissie

(07660/2015/2015 – C8-0098/2015 – 2015/2013(BUD))

Begrotingscommissie

Rapporteur: Eider Gardiazabal Rubial

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 ADVIES van de Commissie regionale ontwikkeling
 UITSLAG VAN DE EINDSTEMMING IN DE COMMISSIE

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het standpunt van de Raad inzake het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 2/2015 van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2015, afdeling III – Commissie

(07660/2015 – C8-0098/2015 – 2015/2013(BUD))

Het Europees Parlement,

–       gezien artikel 314 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–       gezien artikel 106 bis van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie,

–       gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(1), met name artikel 41,

–       gezien de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2015, definitief vastgesteld op 17 december 2014(2),

–       gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(3),

–       gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(4),

–       gezien het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 2/2015, goedgekeurd door de Commissie op 20 januari 2015 (COM(2015)0016),

–       gezien het standpunt inzake het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 2/2015, vastgesteld door de Raad op 21 april 2015 en toegezonden aan het Europees Parlement op 22 april 2015 (07660/2015 – C8-0098/2015),

–       gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 623/2015 van de Raad van 21 april 2015 houdende wijziging van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(5),

–       gezien de artikelen 88 en 91 van zijn Reglement,

–       gezien het verslag van de Begrotingscommissie en het advies van de Commissie regionale ontwikkeling (A8-0138/2015),

A.     overwegende dat het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 2/2015 verband houdt met het voorstel voor een verordening van de Raad houdende wijziging van de MFK-verordening (COM(2015)0015) zoals voorzien in artikel 19 van die verordening,

B.     overwegende dat artikel 19 van de MFK-verordening bepaalt dat het meerjarig financieel kader in geval van een te late vaststelling van regels of programma's onder gedeeld beheer, moet worden herzien om de toegewezen bedragen die in 2014 niet zijn gebruikt over te dragen naar daaropvolgende jaren, boven de vastgestelde uitgavenmaxima,

C.     overwegende dat in 2014 voor een bedrag van 21 043 639 478 EUR in lopende prijzen aan vastleggingskredieten voor programma's in gedeeld beheer in de zin van artikel 19 van de MFK-verordening verlopen is, welk bedrag overeenkomt met de tranches "2014" van programma's die niet in 2014 vastgelegd konden worden, noch naar 2015 overgedragen konden worden,

D.     overwegende dat het ontwerp gewijzigde begroting nr. 2/2015 voorziet in de overdracht van het grootste deel van deze toewijzingen naar de begroting 2015 en kleinere overdrachten op te nemen in de ontwerpbegrotingen voor de jaren 2016 en 2017,

E.     overwegende dat in het ontwerp gewijzigde begroting nr. 2/2015 voorgesteld wordt de vastleggingskredieten in 2015 voor de verschillende fondsen onder gedeeld beheer in het kader van rubriek 1b, rubriek 2 en rubriek 3 met 16 476,4 miljoen EUR te verhogen,

F.     overwegende dat het ontwerp gewijzigde begroting nr. 2/2015 ook het voorstel omvat 2,5 miljoen EUR meer uit te trekken voor het instrument voor pretoetredingssteun (IPA II) in rubriek 4, om de bijdragen uit rubriek 4 en uit rubriek 1b aan programma’s van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) — Europese territoriale samenwerking (ETS), op dezelfde manier te kunnen blijven behandelen,

1.      neemt kennis van het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 2/2015, zoals door de Commissie ingediend, en van het standpunt van de Raad daarover;

2.      herinnert eraan dat een dergelijke herziening van de MFK-verordening een standaardprocedure is aan het begin van elke MFK-periode en dat het dienovereenkomstige ontwerp gewijzigde begroting op deze herziening moet worden afgestemd;

3.      wijst er nogmaals op dat het voor de Europese burgers en de economieën in alle lidstaten van cruciaal belang is dat de ongebruikte kredieten voor het jaar 2014 naar volgende jaren kunnen worden overgedragen om bij te dragen aan het scheppen van banen en groei;

4.      is ingenomen met het feit dat de ongebruikte kredieten zoveel mogelijk naar het begrotingsjaar 2015 zijn overgedragen aangezien dit een oneerlijke behandeling van bepaalde lidstaten, regio's en operationele programma's zal voorkomen, de uitvoering en verwezenlijking van het cohesiebeleid zal versnellen en zal bijdragen de concentratie van betalingen aan het einde van de MFK-periode te vermijden;

5.      is echter bezorgd over het langetermijneffect dat dit uitstel met een jaar voor de algehele situatie betreffende betalingen zal hebben; verzoekt daarom de Commissie om de uitvoering nauwlettend te volgen en alles in het werk te stellen om het sneeuwbaleffect van onbetaalde rekeningen te vermijden, door indien nodig adequate voorstellen in te dienen om de jaarlijkse niveaus van betalingskredieten aan te passen, overeenkomstig de betreffende bepalingen van de MFK-verordening;

6.      vestigt de aandacht op het feit dat het besluit om de meeste niet-gebruikte kredieten over te dragen van 2014 naar 2015, een flexibele houding van de Commissie kan vereisen voor het aanpakken van de moeilijkheden die kunnen ontstaan door een onevenwichtig financieel profiel en die ertoe kunnen leiden dat er in de periode 2014-2020 ongebruikte vastleggingskredieten zijn; verzoekt de Commissie om op basis van gelijkaardige ervaringen uit het verleden waarbij programma’s laat werden goedgekeurd, gepaste maatregelen voor te stellen voor het geval een dergelijke situatie zich voordoet;

7.      onderstreept de noodzaak om over dit ontwerp van gewijzigde begroting tijdig tot overeenstemming te komen om een snelle goedkeuring van de betreffende programma's mogelijk te maken;

8.      keurt het standpunt van de Raad inzake de gewijzigde begroting nr. 2/2015 goed;

9.      verzoekt zijn Voorzitter te constateren dat de gewijzigde begroting nr. 1/2015 definitief is vastgesteld en zorg te dragen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie;

10.    verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de Rekenkamer, het Comité van de Regio's en de parlementen van de lidstaten.

(1)

PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.

(2)

PB L 69 van 13.3.2015, blz. 1.

(3)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.

(4)

PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(5)

PB L 103 van 22.4.2015, blz. 1.


ADVIES van de Commissie regionale ontwikkeling (27.3.2015)

aan de Begrotingscommissie

inzake het standpunt van de Raad inzake het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 2/2015 van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2015, afdeling III – Commissie

(2015/2013(BUD))

Rapporteur voor advies: Victor Boștinaru

SUGGESTIES

De Commissie regionale ontwikkeling verzoekt de ten principale bevoegde Begrotingscommissie onderstaande suggesties in haar ontwerpresolutie op te nemen:

1.  steunt het voorstel van de Commissie inzake OGB 2/2015 in verband met het voorstel voor een verordening van de Raad tot wijziging van Verordening (EU, EURATOM) nr. 1311/2013 van de Raad tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020 (MFK-verordening), waarin de overdracht wordt gevraagd van vastleggingskredieten die niet in 2014 zijn gebruikt als gevolg van de te late vaststelling van programma’s onder gedeeld beheer, onder meer voor de Europese structuur- en investeringsfondsen;

2.  acht het van wezenlijk belang dat OGB 2/2015 zo snel mogelijk wordt vastgesteld, omdat het een noodzakelijke voorwaarde is voor de goedkeuring van de programma's, waaronder die van het cohesiebeleid, waarvan de toewijzingen voor 2014 niet gebruikt konden worden; herinnert in dit verband aan het belang van de Europese structurele en investeringsfondsen en van de bijbehorende programma's, als essentiële bron van investeringen, groei en werkgelegenheid in de lidstaten;

3.  verwelkomt de algehele opzet van het voorstel, dat tot doel heeft ongebruikte toewijzingen van 2014 in rubriek 1b (economische, sociale en territoriale cohesie) over te dragen naar 2015, om gelijke behandeling te waarborgen tussen programma's die zijn vastgesteld via de overdrachtsprocedure en programma's die in 2015 moeten worden vastgesteld op basis van de herziening van het MFK en het voorstel inzake OGB 2/2015;

4.  betreurt dat de bijdragen van 2014 van het EFRO aan de grensoverschrijdende programma's uit hoofde van het instrument voor pretoetredingssteun (IPA) en het Europees nabuurschapsinstrument (ENI) worden overgedragen naar 2017; is van mening dat deze programma's weliswaar een bescheiden financiële omvang hebben, maar niettemin van groot belang zijn voor zowel de lidstaten als de betrokken kandidaat-landen dan wel buurlanden; benadrukt dat deze overdracht problemen en vertragingen kan veroorzaken op operationeel niveau, ondanks de vastleggingen die zijn voorzien voor 2015 en 2016; benadrukt dat de continuïteit van het door deze twee instrumenten ondersteunde beleid moet worden gewaarborgd;

5.  is bezorgd over het feit dat een groot aantal programma's nog altijd goedgekeurd moet worden, en acht het van groot belang dat alle programma's zo snel mogelijk, en uiterlijk medio 2015, worden goedgekeurd en gestart, zodat de tenuitvoerlegging van het beleid zonder verdere vertragingen kan plaatsvinden; dringt er in dit verband bij de Commissie op aan haar inspanningen te versterken; benadrukt echter dat ook bij een versnelde uitvoering van het goedkeuringsproces de kwaliteit op de voorgrond moet blijven;

6.  wijst erop dat, aangezien de start van het MFK 2014-2020 met aanzienlijke vertragingen op het gebied van de betalingen gepaard ging, met onbetaalde rekeningen aan het einde van 2014 ter hoogte van ongeveer 24 771 miljoen EUR voor de programma's van het ESF, het EFRO en het Cohesiefonds in de periode 2007-2013, de overdracht van kredieten zoals voorgesteld in OGB 2/2015 aanzienlijke gevolgen zal hebben voor de betalingen van rubriek 1b, met name vanaf 2017, en is van mening dat hier aandacht aan moet worden besteed;

7.  is van mening dat in OGB 2/2015 onvoldoende aandacht wordt besteed aan dit probleem op het gebied van de betalingen en verwacht dat de Commissie nog voor begin april volledige en tijdige informatie en gegevens over de beoordeling van de betalingsramingen verstrekt, zodat in een vroeg genoeg stadium alle maatregelen en instrumenten kunnen worden ingezet om te voldoen aan de betalingsbehoeften in rubriek 1b en te voorkomen dat de achterstand met de betalingen nog groter wordt;

8.  wijst er in dit verband nogmaals op dat de achterstand met de betalingen in rubriek 1b een kwestie van structureel en politiek belang is waarvoor een langetermijnoplossing moet worden gevonden, zo mogelijk in het kader van de tussentijdse evaluatie/herziening van het MFK uit hoofde van artikel 2 van de MFK-verordening.

9.  wijst erop dat de overdracht van ongebruikte toewijzingen van 2014 naar 2015 kan leiden tot hoge druk op sommige lidstaten, met als gevolg problemen met de absorptie van de middelen en een hoger risico op annuleringen; verzoekt de Commissie daarom de lidstaten alle steun te geven die nodig is en om passende maatregelen voor te stellen om problemen te overwinnen.

UITSLAG VAN DE EINDSTEMMING IN DE COMMISSIE

Datum goedkeuring

26.3.2015

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

37

0

2

Bij de eindstemming aanwezige leden

Pascal Arimont, José Blanco López, Franc Bogovič, Victor Boștinaru, Mercedes Bresso, Andrea Cozzolino, Rosa D’Amato, Michela Giuffrida, Anna Hedh, Krzysztof Hetman, Ivan Jakovčić, Constanze Krehl, Andrew Lewer, Louis-Joseph Manscour, Martina Michels, Iskra Mihaylova, Andrey Novakov, Younous Omarjee, Stanislav Polčák, Fernando Ruas, Monika Smolková, Ruža Tomašić, Monika Vana, Matthijs van Miltenburg, Lambert van Nistelrooij, Derek Vaughan

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers

Isabella Adinolfi, Martina Anderson, Enrique Calvet Chambon, Salvatore Cicu, Andor Deli, Elena Gentile, Ivana Maletić, James Nicholson, Jan Olbrycht, Bronis Ropė, Julie Ward, Milan Zver

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Daniela Aiuto


UITSLAG VAN DE EINDSTEMMING IN DE COMMISSIE

Datum goedkeuring

16.4.2015

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

30

0

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Jean Arthuis, Reimer Böge, Lefteris Christoforou, Jean-Paul Denanot, Gérard Deprez, José Manuel Fernandes, Eider Gardiazabal Rubial, Ingeborg Gräßle, Iris Hoffmann, Monika Hohlmeier, Bernd Kölmel, Zbigniew Kuźmiuk, Vladimír Maňka, Siegfried Mureșan, Younous Omarjee, Pina Picierno, Paul Rübig, Patricija Šulin, Eleftherios Synadinos, Paul Tang, Isabelle Thomas, Inese Vaidere, Marco Valli, Daniele Viotti, Marco Zanni

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Andrey Novakov, Ivan Štefanec, Nils Torvalds, Derek Vaughan, Tomáš Zdechovský

Juridische mededeling - Privacybeleid