Procedure : 2014/0032(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0288/2015

Ingediende teksten :

A8-0288/2015

Debatten :

Stemmingen :

PV 12/04/2016 - 5.8
CRE 12/04/2016 - 5.8
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2016)0101

VERSLAG     ***I
PDF 1203kWORD 882k
15.10.2015
PE 557.277v02-00 A8-0288/2015

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de zoötechnische en genealogische voorwaarden voor de handel in en de invoer in de Unie van fokdieren en levende producten ervan

(COM(2014)0005 – C7‑0032/2014 – 2014/0032(COD))

Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling

Rapporteur: Michel Dantin

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de zoötechnische en genealogische voorwaarden voor de handel in en de invoer in de Unie van fokdieren en levende producten ervan

(COM(2014)0005 – C7‑0032/2014 – 2014/0032(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Parlement en de Raad (COM(2014)0005),

–  gezien artikel 294, lid 2, en artikel 42 en artikel 43, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C7-0032/2014),

–  gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité van 25 maart 2014(1),

–  gezien artikel 59 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling en het advies van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid (A8-0288/2015),

1.  stelt zijn standpunt in eerste lezing vast;

2.  verzoekt om hernieuwde voorlegging indien de Commissie voornemens is ingrijpende wijzigingen in haar voorstel aan te brengen of dit door een nieuwe tekst te vervangen;

3.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

Amendement    1

Voorstel voor een verordening

Overweging 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(1) Het fokken van als landbouwhuisdier gehouden runderen, varkens, schapen, geiten en paarden, en in mindere mate het fokken van dieren van andere soorten, speelt een belangrijke rol in de landbouw van de Unie en vormt een bron van inkomsten voor de landbouwgemeenschap. Het fokken van dieren van die soorten wordt het best gestimuleerd indien gebruik wordt gemaakt van raszuivere fokdieren of hybride fokvarkens van vastgelegde hoge genetische kwaliteit.

(1) Het fokken van runderen, varkens, schapen, geiten en paarden, en in mindere mate het fokken van dieren van andere soorten, neemt in economisch en maatschappelijk opzicht een strategische plaats in in de landbouw van de Unie. Die landbouwactiviteit, die bijdraagt tot de voedselzekerheid van de Unie, vormt een bron van inkomsten voor de landbouwgemeenschap. Het fokken speelt ook een fundamentele rol bij de instandhouding van zeldzame rassen en daarmee bij de bescherming van de biodiversiteit. Het fokken van dieren van die soorten wordt het best gestimuleerd indien gebruik wordt gemaakt van raszuivere fokdieren of hybride fokvarkens van vastgelegde hoge genetische kwaliteit. Daarnaast dient ook rekening te worden gehouden met het belang van het kruisfokken met runderen, schapen en geiten.

 

Amendement    2

Voorstel voor een verordening

Overweging 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 bis) Het streven naar een sterkere concurrentiepositie moet echter niet leiden tot het verdwijnen van rassen met kenmerken die aangepast zijn aan bijzondere biofysische omstandigheden. Als er onvoldoende exemplaren worden gehouden, zouden lokale rassen kunnen verdwijnen, waardoor er biogenetische diversiteit verloren zou gaan.

Amendement    3

Voorstel voor een verordening

Overweging 2 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 ter) Diergezondheid en dierenwelzijn, en dus ook de omstandigheden waarin levende dieren worden vervoerd, zijn zorgpunten waarmee alle spelers in de zoötechnische sector rekening moeten houden, vooral met betrekking tot de genetische verbetering van rassen. De Commissie moet er dan ook op toezien dat deze zorgpunten naar behoren aan de orde komen in de gedelegeerde en uitvoeringshandelingen die moeten worden vastgesteld voor de doeltreffende tenuitvoerlegging van deze verordening.

Amendement     4

Voorstel voor een verordening

Overweging 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(4) Richtlijn 87/328/EEG van de Raad van 18 juni 1987 betreffende de toelating van raszuivere fokrunderen tot de voortplanting, Richtlijn 90/118/EEG van de Raad van 5 maart 1990 betreffende de toelating van raszuivere fokvarkens tot de voortplanting en Richtlijn 90/119/EEG van de Raad van 5 maart 1990 betreffende de toelating van hybride fokvarkens tot de voortplanting zijn vastgesteld om te voorkomen dat nationale voorschriften met betrekking tot de toelating van fokrunderen en -varkens tot de voortplanting en de productie en het gebruik van sperma, eicellen en embryo’s een verbod, beperking of belemmering vormen voor het handelsverkeer binnen de Unie ten aanzien van natuurlijke dekking, kunstmatige inseminatie of winning van sperma, eicellen of embryo’s.

Niet van toepassing op de Nederlandse versie.

___________

 

10 PB L 167 van 26.6.1987, blz. 54. .

 

11 PB L 71 van 17.3.1990, blz. 34. .

 

12 PB L 71 van 17.3.1990, blz. 36. .

 

Motivering

Taalkundige correctie van de Hongaarse term voor "kunstmatige inseminatie".

Amendement     5

Voorstel voor een verordening

Overweging 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7) De wetgeving van de Unie inzake het fokken van dieren heeft ook bijgedragen tot het behoud van dierlijke genetische rijkdommen, de bescherming van genetische biodiversiteit en de productie van typische regionale kwaliteitsproducten die zijn gebaseerd op de specifieke erfelijke eigenschappen van als landbouwhuisdier gehouden lokale rassen.

(7) De wetgeving van de Unie inzake het fokken van dieren heeft ook bijgedragen tot het behoud van dierlijke genetische rijkdommen, de bescherming van genetische biodiversiteit en het cultureel erfgoed van de Unie en de productie van typische regionale kwaliteitsproducten die zijn gebaseerd op de specifieke erfelijke eigenschappen van als landbouwhuisdier gehouden lokale rassen.

Amendement     6

Voorstel voor een verordening

Overweging 10

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(10) Bovendien is uit ervaring gebleken dat een aantal van de in die richtlijnen opgenomen bepalingen duidelijker en consistenter moeten worden verwoord om de toepassing ervan te vergemakkelijken. Omwille van de duidelijkheid en consistentie van de wetgeving van de Unie moeten ook meer definities worden opgenomen.

(10) Bovendien is uit ervaring gebleken dat het, om de toepassing van de regels van die richtlijnen te vergemakkelijken, noodzakelijk is voor een aantal van de bepalingen in die richtlijnen een duidelijkere formulering en een consequentere terminologie te gebruiken die voor alle lidstaten uniform is. Omwille van de duidelijkheid en consistentie van de wetgeving van de Unie moeten ook meer definities worden opgenomen, zoals een definitie van 'ras'.

Amendement    7

Voorstel voor een verordening

Overweging 11

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(11) Het begrip "ras" moet echter een onbepaald rechtsbegrip blijven dat stamboekverenigingen in staat stelt om de groep dieren met voldoende genetische uniformiteit te beschrijven die zij beschouwen als verschillend van andere dieren van die soort en om hen met vermelding van hun bekende voorgeslacht in te schrijven in stamboeken om hun aangeboren eigenschappen door middel van reproductie, uitwisseling en selectie binnen het kader van een vastgesteld fokprogramma te reproduceren.

Schrappen

Motivering

Het begrip "ras" komt in de hele verordening voor, maar wordt nergens gedefinieerd. Omwille van de rechtszekerheid stelt de rapporteur een definitie voor.

Amendement     8

Voorstel voor een verordening

Overweging 13

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(13) De in deze verordening vastgestelde voorschriften inzake raszuivere fokdieren moeten daarom gericht zijn op het verlenen van toegang tot de handel op basis van overeengekomen beginselen die gelden voor de erkenning van stamboekverenigingen die rassen beheren en voor de goedkeuring van hun respectieve fokprogramma’s. In deze verordening moeten tevens criteria voor de inschrijving van raszuivere fokdieren in de verschillende klassen van de hoofdsectie van stamboeken worden vastgesteld, alsook voorschriften voor prestatieonderzoek en genetische evaluatie en criteria voor de toelating van fokdieren tot de voortplanting, alsmede de inhoud van de zoötechnische certificaten.

(13) De in deze verordening vastgestelde voorschriften inzake raszuivere en gekruiste fokdieren moeten daarom gericht zijn op het verlenen van toegang tot de handel op basis van overeengekomen beginselen die gelden voor de erkenning van stamboekverenigingen die rassen beheren en voor de goedkeuring van hun respectieve fokprogramma’s. In deze verordening moeten tevens criteria voor de inschrijving van raszuivere fokdieren in de verschillende klassen van de hoofdsectie van stamboeken en de inschrijving van gekruiste fokdieren in aanvullende secties van stamboeken, voorschriften voor prestatieonderzoek en genetische evaluatie en criteria voor de toelating van fokdieren tot de voortplanting worden vastgesteld, alsook de inhoud van de zoötechnische certificaten.

Motivering

Kruising dient in deze verordening te worden toegelaten om de handel binnen de interne markt te faciliteren.

Amendement    9

Voorstel voor een verordening

Overweging 14

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(14) De in deze verordening vastgestelde voorschriften inzake hybride fokvarkens moeten eveneens gericht zijn op het verlenen van toegang tot de handel op basis van overeengekomen beginselen die gelden voor de erkenning van fokkerijen die verschillende kruisingen van hybride fokvarkens beheren en voor de goedkeuring van hun respectieve fokprogramma’s. In deze verordening moeten tevens criteria voor de inschrijving van hybride fokvarkens in de hoofdsectie van rasregisters worden vastgesteld, alsook voorschriften voor prestatieonderzoek en genetische evaluatie en criteria voor de toelating van hybride fokvarkens tot de voortplanting, alsmede de inhoud van de zoötechnische certificaten.

(14) De in deze verordening vastgestelde voorschriften inzake hybride fokvarkens moeten eveneens gericht zijn op het verlenen van toegang tot de handel op basis van overeengekomen beginselen die gelden voor de erkenning van fokkerijen die verschillende kruisingen van hybride fokvarkens beheren en voor de goedkeuring van hun respectieve fokprogramma’s. In deze verordening moeten tevens criteria voor de inschrijving van hybride fokvarkens in de hoofdsectie van zoötechnische registers worden vastgesteld, alsook voorschriften voor prestatieonderzoek en genetische evaluatie en criteria voor de toelating van hybride fokvarkens tot de voortplanting, alsmede de inhoud van de zoötechnische certificaten.

 

(Dit amendement is van toepassing op de gehele tekst. Bij aanneming van dit amendement moet deze wijziging in de gehele tekst worden doorgevoerd.)

Motivering

De term "rasregister" wordt in bepaalde lidstaten reeds gebruikt voor andere documenten dan het in deze tekst bedoelde document. Om verwarring te voorkomen, moet een andere term worden gebruikt: 'zoötechnisch register'.

Amendement    10

Voorstel voor een verordening

Overweging 14 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(14 bis) Alle spelers in de zoötechnische sector moeten rekening houden met de diergezondheid en het dierenwelzijn, vooral bij hun activiteiten met het oog op de genetische verbetering van rassen.

Amendement    11

Voorstel voor een verordening

Overweging 14 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(14 ter) Kwesties in verband met klonen moeten in deze verordening niet aan de orde komen.

Amendement     12

Voorstel voor een verordening

Overweging 15

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(15) Daar de doelstelling van deze verordening, namelijk het verzekeren van een geharmoniseerde aanpak voor de handel in fokdieren en levende producten ervan, alsook voor de invoer daarvan in de Unie, en voor de officiële controles die moeten worden verricht op de fokprogrammas die door stamboekverenigingen en fokkerijen worden uitgevoerd, niet voldoende door de lidstaten kan worden verwezenlijkt en derhalve vanwege de gevolgen, de complexiteit, het grensoverschrijdende en het internationale karakter ervan beter op het niveau van de Unie kan worden verwezenlijkt, kan de Unie, overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie neergelegde subsidiariteitsbeginsel, maatregelen nemen. Aangezien het toepassingsgebied van deze verordening beperkt blijft tot hetgeen nodig is om de doelstellingen ervan te verwezenlijken, wordt ook het evenredigheidsbeginsel, zoals vermeld in artikel 5, lid 4, van dat Verdrag, geëerbiedigd.

(15) Daar de doelstelling van deze verordening, namelijk het verzekeren van een geharmoniseerde aanpak voor de handel in fokdieren en levende producten ervan, alsook voor de invoer daarvan in de Unie, gelet op de mate waarin veehouders verenigingen vormen, op de kapitaalniveaus van die verenigingen en op de doeltreffendheid van fokprogramma's, en voor de officiële controles die moeten worden verricht op de fokprogramma's die door stamboekverenigingen en fokkerijen worden uitgevoerd, niet voldoende door de lidstaten kan worden verwezenlijkt en derhalve vanwege de gevolgen, de complexiteit, het grensoverschrijdende en het internationale karakter ervan beter op het niveau van de Unie kan worden verwezenlijkt, kan de Unie, overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie neergelegde subsidiariteitsbeginsel, maatregelen nemen. Aangezien het toepassingsgebied van deze verordening beperkt blijft tot hetgeen nodig is om de doelstellingen ervan te verwezenlijken, wordt ook het evenredigheidsbeginsel, zoals vermeld in artikel 5, lid 4, van dat Verdrag, geëerbiedigd.

Amendement    13

Voorstel voor een verordening

Overweging 16

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(16) De kwaliteit van de diensten die worden verleend door stamboekverenigingen en fokkerijen en de wijze waarop zij dieren evalueren en classificeren, zijn van invloed op de waarde van fokdieren op de markt. Daarom moeten er voorschriften worden vastgesteld voor de erkenning van stamboekverenigingen en fokkerijen op basis van geharmoniseerde criteria van de Unie en het toezicht daarop door de bevoegde autoriteit van lidstaten om te waarborgen dat de door hen vastgestelde voorschriften geen ongelijkheden creëren tussen fokprogramma’s en fokvoorschriften en daardoor technische barrières voor de handel binnen de Unie opwerpen.

(16) De kwaliteit van de diensten die worden verleend door stamboekverenigingen en fokkerijen en de wijze waarop zij dieren evalueren en classificeren, bepalen het prestatieniveau van de dieren en zijn van invloed op de waarde van fokdieren op de markt. Daarom moeten er voorschriften worden vastgesteld voor de erkenning van stamboekverenigingen en fokkerijen op basis van geharmoniseerde criteria van de Unie en het toezicht daarop door de bevoegde autoriteit van lidstaten om te waarborgen dat de door hen vastgestelde voorschriften geen ongelijkheden creëren tussen fokprogramma’s en fokvoorschriften en daardoor technische barrières voor de handel binnen de Unie opwerpen.

 

Amendement    14

Voorstel voor een verordening

Overweging 18

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(18) Het is een basisbeginsel van de zoötechnische wetgeving van de Unie is dat een stamboekvereniging of fokkerij die aan de vastgestelde criteria voldoet, recht op erkenning heeft. De bevoegde autoriteit mag de bescherming van de economische activiteit van een bestaande, erkende stamboekvereniging niet langer aanvoeren als reden om te weigeren een andere stamboekvereniging voor hetzelfde ras te erkennen. Hetzelfde geldt voor de goedkeuring van de geografische uitbreiding van een fokprogramma dat wordt uitgevoerd met hetzelfde ras of met fokdieren die kunnen worden verworven uit de raspopulatie van de bestaande stamboekvereniging. De bevoegde autoriteit moet echter beschikken over een rechtsgrondslag om erkenning of goedkeuring te weigeren wanneer er een gegrond risico bestaat dat die erkenning of goedkeuring het behoud van een zeldzaam ras of de bescherming van de genetische diversiteit in gevaar zou brengen.

(18) Het is een basisbeginsel van de zoötechnische wetgeving van de Unie is dat een stamboekvereniging of fokkerij die aan de vastgestelde criteria voldoet, recht op erkenning heeft. De bevoegde autoriteit mag de bescherming van de economische activiteit van een bestaande, erkende stamboekvereniging niet langer aanvoeren als reden om te weigeren een andere stamboekvereniging voor hetzelfde ras te erkennen. Hetzelfde geldt voor de goedkeuring van de geografische uitbreiding van een fokprogramma dat wordt uitgevoerd met hetzelfde ras of met fokdieren die kunnen worden verworven uit de raspopulatie van de bestaande stamboekvereniging. De bevoegde autoriteit moet echter beschikken over een rechtsgrondslag om erkenning of goedkeuring te weigeren wanneer er een gegrond risico bestaat dat die erkenning of goedkeuring het behoud van een zeldzaam ras of de bescherming van de genetische diversiteit in gevaar zou brengen. Die rechtsgrondslag moet niet worden gebruikt voor andere doelen dan die welke in deze verordening zijn bepaald en kan in geen geval schendingen van de beginselen van de interne markt rechtvaardigen.

Amendement    15

Voorstel voor een verordening

Overweging 19 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(19 bis) De Unie is partij bij het Verdrag inzake biologische diversiteit, dat als doelstellingen heeft het behoud van de biologische diversiteit, het duurzame gebruik van de bestanddelen daarvan en de eerlijke en billijke verdeling van de voordelen die voortvloeien uit het gebruik van genetische rijkdommen. Bij dat verdrag is bepaald dat de staten soevereine rechten hebben met betrekking tot hun biologische rijkdommen en dat zij verantwoordelijk zijn voor het behoud van hun biologische diversiteit en het duurzame gebruik van hun biologische rijkdommen. De Unie is ook partij bij het Protocol van Nagoya inzake toegang tot genetische hulpbronnen en de eerlijke en billijke verdeling van de baten die voortvloeien uit het gebruik ervan. Deze verordening moet derhalve rekening houden met de verplichtingen van de lidstaten en hen in staat stellen hieraan te voldoen in het kader van het duurzame beheer van hun zoögenetische rijkdommen.

Motivering

Aangezien in deze verordening wordt verwezen naar het Protocol van Nagoya en het Verdrag inzake biologische diversiteit, dient de context te worden verduidelijkt.

Amendement     16

Voorstel voor een verordening

Overweging 20

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(20) In een lidstaat erkende stamboekverenigingen en fokkerijen moeten hun goedgekeurde fokprogramma in een of meer andere lidstaten kunnen uitvoeren om het best mogelijke gebruik van fokdieren van hoge genetische waarde te waarborgen als een belangrijke productiefactor binnen de Unie. Hiertoe moet een eenvoudige kennisgevingsprocedure waarborgen dat de bevoegde autoriteit in de andere lidstaat op de hoogte is van de beoogde activiteit.

(20) In een lidstaat erkende stamboekverenigingen en fokkerijen moeten hun goedgekeurde fokprogramma in een of meer andere lidstaten kunnen uitvoeren om het best mogelijke gebruik van fokdieren van hoge genetische waarde te waarborgen als een belangrijke productiefactor binnen de Unie. Hiertoe moeten voor die stamboekverenigingen certificeringsregelingen worden ingevoerd om de kwaliteit van hun fokprogramma's te waarborgen, terwijl een eenvoudige kennisgevingsprocedure moet waarborgen dat de bevoegde autoriteit in de andere lidstaat op de hoogte is van de beoogde activiteit.

Amendement    17

Voorstel voor een verordening

Overweging 20 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(20 bis) Grensoverschrijdende samenwerking tussen stamboekverenigingen en fokkerijen die dit willen, moet worden bevorderd, waarbij tevens de vrijheid van ondernemen moet worden gewaarborgd en de belemmeringen voor het vrije verkeer van fokdieren en hun genetisch materiaal moeten worden weggenomen. Dergelijke EU- partnerstructuren zouden met name bijdragen tot een versterking van de EU-identiteit van bepaalde rassen, dankzij het bundelen van middelen en het delen van gegevens met het oog op meer betrouwbaarheid en een hoger profiel.

Amendement    18

Voorstel voor een verordening

Overweging 23

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(23) De Commissie moet de bevoegdheid krijgen gedelegeerde handelingen vast te stellen tot wijziging van bijlage I om de criteria voor de erkenning van stamboekverenigingen en fokkerijen en voor de goedkeuring van fokprogramma’s aan te passen aan ontwikkelingen in de fokkerijsector.

Schrappen

Motivering

Het aantal gedelegeerde handelingen en de reikwijdte ervan zijn te groot en hebben betrekking op essentiële onderdelen van de tekst.

Amendement     19

Voorstel voor een verordening

Overweging 24

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(24) De relatie tussen fokkers enerzijds en stamboekverenigingen en fokkerijen anderzijds moet aanzienlijk worden verduidelijkt om met name het recht van fokkers op lidmaatschap van stamboekverenigingen en fokkerijen en op deelname aan het fokprogramma binnen het geografische gebied waar het wordt uitgevoerd, te waarborgen. Stamboekverenigingen moeten voorschriften hebben waarmee discriminatie van fokkers vanwege hun herkomst wordt voorkomen en zij moeten een minimumniveau van dienstverlening bieden.

(24) De relatie tussen fokkers enerzijds en stamboekverenigingen en fokkerijen anderzijds moet aanzienlijk worden verduidelijkt om met name het recht van fokkers op lidmaatschap van stamboekverenigingen en fokkerijen en op deelname aan het fokprogramma binnen het geografische gebied, dat ook tot over nationale grenzen heen kan reiken, waar het wordt uitgevoerd, te waarborgen. Stamboekverenigingen moeten voorschriften hebben waarmee discriminatie van fokkers vanwege hun herkomst wordt voorkomen en zij moeten een minimumniveau van dienstverlening bieden.

Amendement    20

Voorstel voor een verordening

Overweging 34

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(34) Prestatieonderzoek en genetische evaluatie mogen worden uitgevoerd door instanties die door de stamboekvereniging of de fokkerij zijn aangewezen. Die aangewezen instanties moeten samenwerken met de door de Commissie aangewezen referentiecentra van de Europese Unie. De Commissie moet daarom de bevoegdheid krijgen door middel van uitvoeringshandelingen referentiecentra van de Europese Unie aan te wijzen en aan de Commissie moeten de nodige bevoegdheden worden toegekend om gedelegeerde handelingen vast te stellen waarin hun taken en functies worden beschreven, zo nodig door bijlage IV te wijzigen. Die referentiecentra komen in aanmerking voor bijstand van de Unie overeenkomstig Beschikking 2009/470/EG van de Raad van 25 mei 2009 betreffende bepaalde uitgaven op veterinair gebied14. Voor de door een stamboekvereniging uitgevoerde prestatieonderzoeken en genetische evaluatie van raszuivere fokrunderen wordt momenteel bijstand verleend door het Interbull Centre, het referentieorgaan van de Europese Unie dat is aangewezen bij Beschikking 96/463/EG van de Raad van 23 juli 1996 tot aanwijzing van de referentie-instantie die verantwoordelijk is voor de uniformisering van de methoden voor het testen van raszuivere fokrunderen en van de evaluatie van de testresultaten.

(34) Prestatieonderzoek en genetische evaluatie mogen worden uitgevoerd door instanties die door de stamboekvereniging of de fokkerij zijn aangewezen. Die aangewezen instanties moeten samenwerken met de door de Commissie aangewezen referentiecentra van de Europese Unie. De Commissie moet daarom de bevoegdheid krijgen door middel van uitvoeringshandelingen referentiecentra van de Europese Unie aan te wijzen en aan de Commissie moeten de nodige bevoegdheden worden toegekend om gedelegeerde handelingen vast te stellen waarin hun taken en functies worden beschreven, zo nodig door bijlage IV te wijzigen. Die referentiecentra komen in aanmerking voor bijstand van de Unie overeenkomstig Verordening (EU) nr. 652/2014 van het Europees Parlement en de Raad14. Voor de door een stamboekvereniging uitgevoerde prestatieonderzoeken en genetische evaluatie van raszuivere fokrunderen wordt momenteel bijstand verleend door het Interbull Centre – een vaste commissie van het Internationale Comité voor de productiecontrole bij dieren (International Committee for Animal Recording (ICAR)) –, dat bij Beschikking 96/463/EG van de Raad van 23 juli 199615 is aangewezen als de referentie-instantie die verantwoordelijk is voor de uniformisering van de methoden voor het testen van raszuivere fokrunderen en van de evaluatie van de testresultaten.

_______________

_______________

14 PB L 155 van 18.6.2009, blz. 30.

14 Verordening (EU) nr. 652/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 tot vaststelling van bepalingen betreffende het beheer van de uitgaven in verband met de voedselketen, diergezondheid en dierenwelzijn, alsmede in verband met plantgezondheid en teeltmateriaal, tot wijziging van de Richtlijnen 98/56/EG, 2000/29/EG en 2008/90/EG van de Raad, de Verordeningen (EG) nr. 178/2002, (EG) nr. 882/2004 en (EG) nr. 396/2005 van het Europees Parlement en de Raad, Richtlijn 2009/128/EG van het Europees Parlement en de Raad en Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van de Besluiten 66/399/EEG en 76/894/EEG en Beschikking 2009/470/EG van de Raad (PB L 189 van 27.6.2014, blz. 1).

15 PB L 192 van 2.8.1996, blz. 19.

15 PB L 192 van 2.8.1996, blz. 19.

Amendement    21

Voorstel voor een verordening

Overweging 35

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(35) Aangezien deze verordening uitsluitend uitvoerige bepalingen bevat betreffende het fokken van runderen, varkens, schapen, geiten en paarden, moet de Commissie de bevoegdheid krijgen om gedelegeerde handelingen vast te stellen betreffende de erkenning van stamboekverenigingen, de goedkeuring van fokprogramma’s, de inschrijving van fokdieren in stamboeken, prestatieonderzoeken en genetische evaluaties en de toelating tot de voortplanting en om uitvoeringshandelingen vast te stellen betreffende de zoötechnische certificaten met betrekking tot de handel in fokdieren van andere soorten en levende producten ervan, alsook de invoer daarvan in de Unie, indien dit nodig is om handelsbelemmeringen weg te nemen.

Schrappen

Motivering

Het aantal gedelegeerde handelingen en de reikwijdte ervan zijn te groot en hebben betrekking op essentiële onderdelen van de tekst. Daarnaast mogen andere soorten alleen via medebeslissing worden opgenomen in deze verordening.

Amendement     22

Voorstel voor een verordening

Overweging 36

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(36) De invoer van fokdieren en levende producten ervan is essentieel voor de Europese landbouw. De invoer van fokdieren en levende producten ervan moet derhalve plaatsvinden onder voorwaarden die zijn afgestemd op de voorschriften die voor de handel tussen de lidstaten gelden. Fokdieren en levende producten ervan mogen echter alleen in de hoofdsectie van een stamboek of rasregister in de Unie worden opgenomen als het niveau van de officiële controles in het derde land van uitvoer toereikend is om dezelfde mate van zekerheid te waarborgen voor de afstammingsgegevens en de resultaten van het prestatieonderzoek en de genetische evaluatie als in de Unie wordt geboden. Bovendien moeten de fokorganen in derde landen op basis van wederkerigheid de fokdieren en levende producten ervan van de in de Unie erkende respectieve stamboekvereniging of fokkerij aanvaarden.

(36) De invoer van fokdieren en levende producten ervan is essentieel voor de Europese landbouw. De invoer van fokdieren en levende producten ervan moet derhalve plaatsvinden onder voorwaarden die zijn afgestemd op de voorschriften die voor de handel tussen de lidstaten gelden en moet voldoen aan alle normen met betrekking tot de kwaliteit van geïmporteerd materiaal. Fokdieren en levende producten ervan mogen echter alleen in de hoofdsectie van een stamboek of rasregister in de Unie worden opgenomen als het niveau van de officiële controles in het derde land van uitvoer toereikend is om dezelfde mate van zekerheid te waarborgen voor de afstammingsgegevens en de resultaten van het prestatieonderzoek en de genetische evaluatie als in de Unie wordt geboden. Bovendien moeten de fokorganen in derde landen op basis van wederkerigheid de fokdieren en levende producten ervan van de in de Unie erkende respectieve stamboekvereniging of fokkerij aanvaarden.

Amendement     23

Voorstel voor een verordening

Overweging 43

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(43) De Commissie moet indien nodig controles in de lidstaten uitvoeren, in het bijzonder in het licht van de resultaten van door de lidstaten verrichte officiële controles, teneinde de toepassing van de zoötechnische en genealogische voorschriften in deze verordening in alle lidstaten te waarborgen.

(43) De Commissie moet op een risicoanalyse gebaseerde controles in de lidstaten uitvoeren, in het bijzonder in het licht van de resultaten van door de lidstaten verrichte officiële controles, teneinde de toepassing van de zoötechnische en genealogische voorschriften in deze verordening in alle lidstaten te waarborgen.

Amendement     24

Voorstel voor een verordening

Overweging 44

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(44) De Commissie moet de bevoegdheid krijgen om in voorkomend geval namens de Unie controles in derde landen uit te voeren met het oog op de vaststelling van de lijsten van derde landen waaruit invoer in de Unie van fokdieren en sperma, eicellen en embryos moet zijn toegestaan, de opstelling van de voorwaarden voor die invoer en het verkrijgen van informatie over het functioneren van bilaterale overeenkomsten, alsook wanneer een ernstige schending van de in deze verordening opgenomen voorwaarden voor die invoer dat rechtvaardigt.

(44) Met het oog op de vaststelling van de lijsten van derde landen waaruit invoer in de Unie van fokdieren en sperma, eicellen en embryo's moet zijn toegestaan en op de opstelling van de voorwaarden voor die invoer, dient er informatie te worden verkregen over de traceerbaarheid ervan in de vorm van zoötechnische certificaten die de herkomst ervan bevestigen en over het functioneren van bilaterale overeenkomsten, en moet de Commissie de bevoegdheid krijgen om in voorkomend geval namens de Unie controles in derde landen verrichten wanneer een ernstige schending van de in deze verordening opgenomen voorwaarden voor die invoer dat rechtvaardigt.

Amendement     25

Voorstel voor een verordening

Overweging 46

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(46) Teneinde een juiste toepassing van deze verordening te waarborgen en haar aan te vullen of de bijlagen I tot V te wijzigen, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie handelingen vast te stellen ten aanzien van de toe te passen procedures en criteria en de vereiste voorwaarden voor de erkenning van stamboekverenigingen en fokkerijen, de goedkeuring van fokprogramma’s, de inschrijving van dieren in stamboeken en rasregisters, de toelating van fokdieren tot de voortplanting, natuurlijke en geassisteerde voortplanting, de uitvoering van prestatieonderzoek en genetische evaluaties, de vaststelling van zoötechnische en genealogische voorschriften voor de handel in fokdieren en levende producten ervan en de invoer daarvan uit derde landen en de beschrijving van de taken en functies van referentiecentra.

Schrappen

Amendement    26

Voorstel voor een verordening

Overweging 47

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(47) Teneinde de lidstaten in staat te stellen te reageren op verstoringen van de handel, maar met name ook te reageren wanneer een zeldzaam ras dreigt uit te sterven of wanneer er een risico is voor de bescherming van de genetische diversiteit, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag handelingen vast te stellen ten aanzien van de handel in raszuivere fokdieren van andere soorten dan runderen, varkens, schapen, geiten en paardachtigen en levende producten ervan, alsook ten aanzien van de invoer daarvan in de Unie.

Schrappen

Motivering

Andere soorten mogen alleen via medebeslissing worden opgenomen in de verordening.

Amendement    27

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a) zoötechnische en genealogische voorschriften voor de handel in fokdieren en sperma, eicellen en embryo’s ervan, alsook voor de invoer in de Unie van fokdieren en sperma, eicellen en embryo’s ervan;

a) zoötechnische en genealogische voorschriften voor de instandhouding en verbetering van het fokken van dieren, voor de handel in fokdieren en sperma, eicellen en embryo’s ervan, alsook voor de invoer in de Unie van fokdieren en sperma, eicellen en embryo’s ervan;

Amendement     28

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 1 – letter b bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b bis) de voorschriften voor de instandhouding en verbetering van inheemse of met uitsterven bedreigde rassen;

Amendement    29

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – letter a – punt i

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

i) runderen (Bos taurus en Bubalus bubalis), varkens (Sus scrofa), schapen (Ovis aries) en geiten (Capra hircus);

i) runderen (Bos taurus, Bos indicus en Bubalus bubalis), varkens (Sus scrofa), schapen (Ovis aries) en geiten (Capra hircus);

 

Motivering

De definitie van runderen moet worden uitgebreid, in met bijzonder met zeboes.

Amendement    30

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter a – punt iii

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

andere dan de onder i) en ii) genoemde soorten waarvoor gedelegeerde handelingen zijn vastgesteld uit hoofde van artikel 35, lid 1, of artikel 45, lid 1;

Schrappen

Motivering

Andere soorten mogen alleen via medebeslissing worden opgenomen in deze verordening.

Amendement    31

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter a bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a bis) "ras": een groep dieren waarvan de kenmerken, die overdraagbaar zijn op hun nakomelingen, voldoende uniformiteit vertonen om als verschillend van andere dieren van diezelfde soort te kunnen worden beschouwd door een of meer fokkersgroepen die overeenkomen die dieren in hun fokprogramma's en in hun stamboeken op te nemen met het oog op reproductie, uitwisseling en selectie, verbetering of instandhouding;

Amendement     32

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d)stamboekvereniging: een fokkersorganisatie of fokkersvereniging die overeenkomstig artikel 4, lid 2, door de bevoegde autoriteit van een lidstaat erkend is met het oog op de uitvoering van een fokprogramma met raszuivere fokdieren die in de door haar bijgehouden of opgestelde stamboeken zijn ingeschreven;

d) "stamboekvereniging": een particuliere exploitant of een overheidsinstantie, gevestigd overeenkomstig de wetgeving die van kracht is in de lidstaat waar het verzoek om erkenning is ingediend, die overeenkomstig artikel 4, lid 2, door de bevoegde autoriteit van een lidstaat erkend is met het oog op de uitvoering van een fokprogramma;

Amendement     33

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter f bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

f bis) "fokprogramma": de reeks systematische verrichtingen die wordt opgesteld en uitgevoerd door een stamboekvereniging of fokkerij overeenkomstig artikel 8, lid 1, waaronder met name de definitie en de gedetailleerde fenotypische en genotypische kenmerken van het ras, de oriëntatie en doelstellingen van het fokken, de regels voor de organisatie en het bijhouden van het stamboek, de definitie van het systeem voor prestatieonderzoek, met inachtneming van de fokdoelstellingen, de definitie van de gekozen criteria en hun weging bij de genetische evaluatie, indien vereist, de definitie van het systeem voor registratie en prestatieonderzoek, indien vereist, en de verrichtingen die betrekking hebben op de instandhouding, verbetering en/of bevordering van het betrokken ras;

Amendement    34

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter g – punt ii

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

ii) de organisatie van officiële controles van stamboekverenigingen en fokkerijen overeenkomstig de voorschriften in artikel 46 en in uit hoofde van artikel 52, lid 1, vastgestelde gedelegeerde handelingen;

ii) de organisatie van officiële controles van stamboekverenigingen en fokkerijen overeenkomstig artikel 46;

Amendement     35

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter g bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

g bis) het waarborgen van de kwaliteit van fokprogramma's;

Amendement    36

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter i – punt ii

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

ii) van de onder a), ii), bedoelde soorten, dat afstamt van ouders die in de hoofdsectie van een stamboek van hetzelfde ras zijn ingeschreven en dat zelf ingeschreven is, of geregistreerd is en in aanmerking komt voor inschrijving, in de hoofdsectie van een dergelijk stamboek overeenkomstig artikel 19;

ii) van de onder a), ii), bedoelde soorten, dat afstamt van ouders die in een stamboek van hetzelfde ras zijn ingeschreven en dat zelf ingeschreven is, of geregistreerd is en in aanmerking komt voor inschrijving in een dergelijk stamboek overeenkomstig artikel 19, met inbegrip van ruinen;

Motivering

Deze definitie, die alleen fokdieren omvat, strookt niet met de kenmerken van het stamboek van paardachtigen, waarvan de dieren worden ingeschreven bij de geboorte, ongeacht of het later fokdieren worden. Het betreft hier met name ruinen en hun aanmerking als "geregistreerde paardachtigen".

Amendement    37

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter i – punt iii

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

van een andere soort dan de onder i) en ii) van dit punt bedoelde soorten waarvoor de specifieke zoötechnische en genealogische voorschriften voor de handel in die fokdieren en levende producten ervan, alsook voor de invoer daarvan in de Unie, zijn vastgelegd in uit hoofde van artikel 35, lid 1, en artikel 45, lid 1, vastgestelde gedelegeerde handelingen;

Schrappen

Amendement     38

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter i – punt iii bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

iii bis) dieren die uit hoofde van de afwijkingen van de artikelen 17 en 19 zijn ingeschreven in de hoofdsectie van een stamboek;

Amendement    39

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter j bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

j bis) "lijn": een genetisch vastgelegde subpopulatie van raszuivere dieren van een bepaald ras;

Motivering

Als wordt overgegaan tot het nemen van DNA-monsters, kan het aldus verkregen monster worden toegevoegd aan de documentatie die fokdieren tijdens hun hele leven vergezelt, en kan het gebruikt worden in geval van een geschil of bij identificatieproblemen.

Amendement    40

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter o

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

o)genetische waarde: een meetbare erfelijke eigenschap van een fokdier;

o) "genetische waarde": een schatting van het verwachte effect van het genotype van een dier op een bepaalde eigenschap van zijn nakomelingen;

Amendement    41

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter v

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

v)zoötechnische controle: de documenten- en overeenstemmingscontroles die worden uitgevoerd voor in de Unie ingevoerde fokdieren en levende producten ervan om na te gaan of de zoötechnische voorwaarden in artikel 42 en de zoötechnische en genealogische voorschriften in uit hoofde van artikel 45, lid 1, vastgestelde gedelegeerde handelingen worden nageleefd;

v) "zoötechnische controle": de documenten- en overeenstemmingscontroles die worden uitgevoerd voor in de Unie ingevoerde fokdieren en levende producten ervan om na te gaan of de zoötechnische voorwaarden in artikel 42 worden nageleefd;

Amendement    42

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter w – punt ii

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(ii) raszuivere fokdieren en levende producten ervan die in de Unie worden ingevoerd, overeenkomstig uit hoofde van artikel 45, lid 1, vastgestelde gedelegeerde handelingen;

Schrappen

Amendement     43

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – letter y bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

y bis) "met uitsterven bedreigd ras": een ras waarvan het aantal vader- en moederdieren in de Unie of in een lidstaat tot onder een bepaald niveau is gedaald en dat derhalve met uitsterven wordt bedreigd;

Amendement    44

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Stamboekverenigingen en fokkerijen kunnen bij de bevoegde autoriteit een verzoek om erkenning overeenkomstig lid 2 indienen.

1. Stamboekverenigingen en fokkerijen dienen bij de bevoegde autoriteit een verzoek om erkenning in overeenkomstig lid 2.

Motivering

Het rechtskader voor de erkenning van stamboekverenigingen door de lidstaten moet worden verduidelijkt. Exploitanten moeten worden verplicht een verzoek om erkenning in te dienen om een stamboek bij te houden en een fokprogramma uit te voeren.

Amendement     45

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 2 – letter c – punt i – streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

behoud van het ras, of

- behoud van de genetische variatie binnen het ras,

- verbetering van het ras of de kruising;

- verbetering van het ras,

 

- planning van de kruising, of

 

- planning van een nieuw ras;

Amendement    46

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot wijziging van de in deel 1 en, in het geval van raszuivere fokpaarden, deel 3 van bijlage I vervatte voorschriften voor de erkenning van stamboekverenigingen en fokkerijen, teneinde rekening te houden met de variëteit van de stamboekverenigingen en fokkerijen waarvoor deze gelden.

Schrappen

Amendement     47

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. In afwijking van artikel 4, lid 2, onder b), mag de bevoegde autoriteit weigeren een stamboekvereniging te erkennen die aan de voorschriften van deel 1 van bijlage I voldoet wanneer het fokprogramma van die stamboekvereniging een gevaar zou vormen voor het behoud of de genetische diversiteit van de raszuivere fokdieren die ingeschreven zijn, of geregistreerd zijn en in aanmerking komen voor inschrijving, in het stamboek voor dat ras dat door een reeds in die lidstaat erkende stamboekvereniging is opgesteld.

1. In afwijking van artikel 4, lid 2, onder b), mag de bevoegde autoriteit weigeren een stamboekvereniging te erkennen die aan de voorschriften van deel 1 van bijlage I voldoet wanneer het fokprogramma van die stamboekvereniging een gevaar zou vormen voor:

 

a) het behoud van de raszuivere fokdieren die ingeschreven zijn, of geregistreerd zijn en in aanmerking komen voor inschrijving, in het stamboek voor dat ras dat door een reeds in die lidstaat erkende stamboekvereniging is opgesteld;

 

b) de genetische diversiteit van raszuivere fokdieren als gevolg van verminderde doeltreffendheid bij het toezicht op inteelt en de beheersing van genetische afwijkingen wegens een gebrek aan coördinatie en aan uitwisseling van informatie over het genetisch erfgoed van het ras;

 

c) in het geval van een zeldzaam of met uitsterven bedreigd ras, de doeltreffende uitvoering van een fokprogramma van een bestaande fokvereniging voor datzelfde ras, waardoor de verwachte genetische vooruitgang aanzienlijk minder doeltreffend verloopt; of

 

d) de instandhouding en het duurzame beheer van de zoögenetische rijkdommen ten aanzien waarvan de betrokken lidstaat soevereiniteit geniet en waarvoor hij overeenkomstig de doelstellingen van het Verdrag inzake biologische diversiteit en het Protocol van Nagoya bij dat Verdrag verantwoordelijk is.

Amendement     48

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 2 – letter c bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis) eventuele belemmeringen of verzwakkingen die zouden voortvloeien uit de erkenning van een instantie die dezelfde fokdieren registreert als een reeds erkende stamboekvereniging, indien het een zeldzaam of met uitsterven bedreigd ras betreft;

Amendement    49

Voorstel voor een verordening

Artikel 7 – lid 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b) het ras of de kruising waarvoor een fokprogramma is goedgekeurd;

b) het ras of de kruising waarvoor een fokprogramma is goedgekeurd overeenkomstig artikel 8, lid 1;

Amendement    50

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid -1 (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-1. Een stamboekvereniging of fokkerij voert een fokprogramma uit nadat dit door de bevoegde autoriteit overeenkomstig lid -1 bis is goedgekeurd.

Amendement    51

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid -1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-1 bis. Een stamboekvereniging of fokkerij legt haar verzoek om goedkeuring van haar fokprogramma voor aan de bevoegde autoriteit die de stamboekvereniging of fokkerij overeenkomstig artikel 4, lid 2 heeft erkend.

Amendement    52

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De bevoegde autoriteit keurt het fokprogramma van een door haar overeenkomstig artikel 4, lid 2, erkende stamboekvereniging of fokkerij goed op voorwaarde dat de stamboekvereniging of fokkerij een aanvraag tot goedkeuring van het fokprogramma indient, waarin wordt aangetoond dat voldaan wordt aan de voorschriften van artikel 4, lid 2, onder c), en deel 2 en, in het geval van raszuivere paardachtigen, deel 3 van bijlage I.

1. De in lid -1 bis bedoelde bevoegde autoriteit beoordeelt de fokprogramma's van een stamboekvereniging of fokkerij en keurt deze goed op voorwaarde dat zij voldoen aan de voorschriften van artikel 4, lid 2, onder c), en deel 2 van bijlage I en, in het geval van raszuivere paardachtigen, deel 3 van bijlage I.

Amendement    53

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De in artikel 4 bedoelde bevoegde autoriteit kan stamboekverenigingen en fokkerijen toestemming geven om het technische beheer van hun stamboek of rasregister en andere specifieke aspecten van hun fokprogramma uit te besteden aan een derde partij, op voorwaarde dat:

2. Stamboekverenigingen en fokkerijen kunnen technische verrichtingen in verband met het beheer van hun stamboek of zoötechnisch register en andere specifieke aspecten van hun fokprogramma uitbesteden aan een derde partij, op voorwaarde dat:

a) de stamboekverenigingen en fokkerijen tegenover de bevoegde autoriteit verantwoordelijk blijven voor de naleving van de voorschriften van artikel 4, lid 2, onder c);

a) de stamboekverenigingen en fokkerijen tegenover de bevoegde autoriteit verantwoordelijk blijven voor de naleving van de voorschriften van artikel 4, lid 2, onder c) en van deel 2 en 3 van bijlage I;

b) er geen belangenconflict bestaat tussen die derde partij en de economische activiteiten van fokkers die aan het fokprogramma deelnemen.

b) er geen belangenconflict bestaat tussen die derde partij en de economische activiteiten van fokkers die aan het fokprogramma deelnemen;

 

c) die stamboekverenigingen en fokkerijen in hun in lid – 1 bis bedoelde aanvraag tot goedkeuring de uit te besteden activiteiten en de naam en contactgegevens van de betrokken derde partijen hebben vermeld.

 

Amendement    54

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot wijziging van de in deel 2 en, in het geval van raszuivere fokpaarden, deel 3 van bijlage I vervatte voorschriften voor de goedkeuring van fokprogramma's, teneinde rekening te houden met de variëteit van de fokprogramma’s die worden uitgevoerd door stamboekverenigingen en fokkerijen.

Schrappen

Amendement    55

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – lid 1 – inleidend gedeelte

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Wanneer bij de reikwijdte van een fokprogramma of het geografische grondgebied waar het zal worden uitgevoerd is aangegeven dat een stamboekvereniging of fokkerij van plan is bij de uitvoering fokdieren te gebruiken die in een andere lidstaat verblijven, wordt door de in artikel 8, lid 1, bedoelde bevoegde autoriteit:

1. Wanneer bij de reikwijdte van een fokprogramma of het geografische grondgebied waar het zal worden uitgevoerd is aangegeven dat een stamboekvereniging of fokkerij van plan is bij de uitvoering fokdieren te gebruiken die in een andere lidstaat verblijven, wordt door de in artikel 8, lid –1 bis, bedoelde bevoegde autoriteit:

Amendement    56

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – lid 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a) minimaal negentig kalenderdagen vóór de beoogde startdatum van het fokprogramma kennisgeving gedaan aan de bevoegde autoriteit van die andere lidstaat;

a) minimaal negentig kalenderdagen vóór de beoogde startdatum van het fokprogramma kennisgeving gedaan aan de bevoegde autoriteit van die andere lidstaat, in de officiële taal van die andere lidstaat;

Amendement    57

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – lid 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b) aan de onder a) bedoelde bevoegde autoriteit bij die kennisgeving een kopie verstrekt van de in artikel 8, lid 1, bedoelde aanvraag tot goedkeuring van het fokprogramma.

b) aan de onder a) bedoelde bevoegde autoriteit bij die kennisgeving een kopie verstrekt van de in artikel 8, lid -1 bis, bedoelde aanvraag tot goedkeuring van het fokprogramma, in de officiële taal van de lidstaat als bedoeld onder a).

Amendement    58

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – lid 2 – inleidend gedeelte

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De in lid 1, onder a), van dit artikel bedoelde bevoegde autoriteit mag de goedkeuring voor het op haar grondgebied uitvoeren van een fokprogramma van een stamboekvereniging die door de in artikel 8, lid 1, bedoelde bevoegde autoriteit is erkend, binnen negentig dagen na de datum van ontvangst van de in lid 1, onder a), van dit artikel bedoelde kennisgeving weigeren wanneer:

2. De in lid 1, onder a), van dit artikel bedoelde bevoegde autoriteit mag de goedkeuring voor het op haar grondgebied uitvoeren van een fokprogramma van een stamboekvereniging die door de in artikel 8, lid – 1 bis, bedoelde bevoegde autoriteit is erkend, binnen negentig dagen na de datum van ontvangst van de in lid 1, onder a), van dit artikel bedoelde kennisgeving weigeren wanneer:

Amendement     59

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – lid 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b) de goedkeuring van nog een fokprogramma de populatie van de in die lidstaat beschikbare raszuivere dieren zodanig zou fragmenteren dat het behoud of de genetische diversiteit van het ras in gevaar zou komen.

b) de goedkeuring van nog een fokprogramma de instandhouding of de genetische diversiteit van een ras in een lidstaat in gevaar zou kunnen brengen wat betreft het toezicht op inteelt en de beheersing van genetische afwijkingen wegens een gebrek aan coördinatie en informatie-uitwisseling, dan wel de verbeteringsprogramma's van zeldzame of met uitsterven bedreigde dieren in gevaar zou kunnen brengen als gevolg van ontwikkelingen op fokgebied die niet stroken met de kenmerken die voor dat ras in die lidstaat zijn beschreven, waardoor de verwachte genetische vooruitgang minder doeltreffend verloopt.

Amendement    60

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – lid 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. Wanneer de in lid 1, onder a), bedoelde bevoegde autoriteit voornemens is om goedkeuring overeenkomstig lid 2 te weigeren, stelt zij de Commissie in kennis van haar voornemen om de goedkeuring te weigeren, waarbij zij een schriftelijke toelichting verstrekt.

5. Wanneer de in lid 1, onder a), bedoelde bevoegde autoriteit goedkeuring overeenkomstig lid 2 weigert, stelt zij de Commissie daarvan in kennis.

Amendement    61

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Wanneer de statuten van een stamboekvereniging of fokkerij lidmaatschap mogelijk maken, kunnen fokkers het volgende aanvragen:

Schrappen

a) lidmaatschap van dergelijke stamboekverenigingen of fokkerijen;

 

b) deelname aan het fokprogramma binnen de reikwijdte en het geografische gebied van de activiteit, zoals goedgekeurd overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9.

 

Amendement    62

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Wanneer de statuten van een stamboekvereniging of fokkerij lidmaatschap niet mogelijk maken, kunnen fokkers die deelnemen aan een overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurd fokprogramma, het volgende aanvragen:

2. Fokkers die deelnemen aan een overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurd fokprogramma, krijgen zonder discriminatie toegang tot alle diensten in het kader van het fokprogramma.

a) inschrijving van hun raszuivere fokdieren in de hoofdsectie van het stamboek die overeenkomstig artikel 17, lid 1, door de stamboekvereniging voor het ras is opgesteld;

 

b) inschrijving van hun dieren in een aanvullende sectie van het stamboek die overeenkomstig artikel 17, lid 3, door de stamboekvereniging voor het ras is opgesteld;

 

c) registratie van hun hybride fokvarkens in een rasregister dat overeenkomstig artikel 24 door een fokkerij voor een kruising is opgesteld;

 

d) deelname aan prestatieonderzoek en genetische evaluatie overeenkomstig artikel 27;

 

e) een zoötechnisch certificaat overeenkomstig artikel 33, leden 1 en 2.

 

Amendement    63

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2 bis. Wanneer de statuten van een stamboekvereniging of fokkerij voorzien in een lidmaatschapsregeling:

 

a) kunnen fokkers het lidmaatschap van die stamboekverenigingen of fokkerijen aanvragen;

 

b) kunnen fokkers verzoeken om deelname aan het fokprogramma binnen de reikwijdte en het geografische gebied waar het zal worden uitgevoerd, zoals goedgekeurd overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9;

 

c) nemen fokkers zonder discriminatie deel aan het fokprogramma binnen de reikwijdte en het geografische gebied waar het zal worden uitgevoerd, zoals goedgekeurd overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9.

Motivering

Met dit nieuwe lid wordt beoogd te verduidelijken wat de rechten van fokkers zijn wanneer zij lid zijn van een stamboekvereniging of fokkerij. In het bijzonder moeten deze rechten worden beperkt tot fokkers binnen het geografische gebied van de activiteit van de stamboekvereniging, en moeten fokkers niet-discriminatoire toegang krijgen tot de diensten in het kader van het fokprogramma.

Amendement    64

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Fokkers hebben het recht om het stamboek of rasregister te kiezen waarin zij hun fokdieren willen laten inschrijven of registreren overeenkomstig artikel 19, respectievelijk artikel 24.

3. Fokkers hebben het recht om het stamboek of zoötechnische register te kiezen waarin zij hun fokdieren willen laten inschrijven of registreren overeenkomstig artikel 19 respectievelijk artikel 24, mits het met het stamboek of het zoötechnische register verbonden fokprogramma overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 is goedgekeurd in de lidstaat van de betrokken fokkers.

Amendement    65

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – lid 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3 bis. Fokkers die hun dieren verplaatsen naar bedrijven buiten het geografische gebied waar het overeenkomstig artikel 8, lid 1, goedgekeurde fokprogramma wordt uitgevoerd door de stamboekvereniging of fokkerij, kunnen hun dieren laten registreren in het stamboek van deze stamboekvereniging overeenkomstig het huishoudelijk reglement van deze stamboekvereniging of fokkerij als bedoeld in bijlage I, deel 1, punt 3, onder e) ii.

Amendement    66

Voorstel voor een verordening

Artikel 11

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Artikel 11

Schrappen

Rechten van fokkers die een besluit van een stamboekvereniging aanvechten

 

1. Fokkers kunnen gebruikmaken van de in artikel 13 bedoelde maatregelen wanneer zij stellen dat een stamboekvereniging het volgende ten onrechte heeft geweigerd:

 

a) een aanvraag overeenkomstig artikel 10, lid 1;

 

b) een verzoek om inschrijving van een raszuiver fokdier in de hoofdsectie van een stamboek overeenkomstig artikel 19;

 

c) een verzoek om inschrijving van een dier in een aanvullende sectie van een stamboek overeenkomstig artikel 20, lid 3;

 

d) toelating van een raszuiver fokdier tot:

 

i) de voortplanting overeenkomstig artikel 21; or

 

ii) kunstmatige inseminatie overeenkomstig artikel 23, lid 1;

 

e) toelating van een raszuiver fokdier of sperma ervan tot officieel prestatieonderzoek en genetische evaluatie overeenkomstig artikel 23, lid 2;

 

f) aanvaarding van de resultaten van prestatieonderzoek en genetische evaluatie, zoals uitgevoerd overeenkomstig artikel 27.

 

2. Fokkers kunnen gebruikmaken van de in artikel 13 bedoelde maatregelen wanneer zij stellen dat een stamboekvereniging heeft nagelaten om prestatieonderzoek of een genetische evaluatie uit te voeren overeenkomstig artikel 27.

 

(Artikel 11 wordt volledig geschrapt)

Motivering

De nationale wetgeving bevat reeds bepalingen inzake geschillen tussen een of meer fokkers en een stamboekvereniging.

Amendement    67

Voorstel voor een verordening

Artikel 12

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Artikel 12

Schrappen

Rechten van fokkers die een besluit van een fokkerij aanvechten

 

1. Fokkers kunnen gebruikmaken van de in artikel 13 bedoelde maatregelen wanneer zij stellen dat een fokkerij het volgende ten onrechte heeft geweigerd:

 

(a) een verzoek om registratie van een hybride fokvarken in een rasregister overeenkomstig artikel 24;

 

(b) toelating van een hybride fokvarken tot kunstmatige inseminatie overeenkomstig artikel 26, lid 1;

 

(c) toelating van een hybride fokvarken of sperma ervan tot prestatieonderzoek overeenkomstig artikel 26, lid 2;

 

(d) aanvaarding van de resultaten van prestatieonderzoek, zoals uitgevoerd overeenkomstig artikel 27.

 

2. Fokkers kunnen gebruikmaken van de in artikel 13 bedoelde maatregelen wanneer zij stellen dat een fokkerij heeft nagelaten om prestatieonderzoek of een genetische evaluatie uit te voeren overeenkomstig artikel 27.

 

(Artikel 12 wordt volledig geschrapt)

Motivering

De nationale wetgeving bevat reeds bepalingen inzake geschillen tussen een of meer fokkers en een stamboekvereniging.

Amendement    68

Voorstel voor een verordening

Artikel 13

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Artikel 13

Schrappen

Maatregelen die ter beschikking staan van fokkers die een besluit van een stamboekvereniging of fokkerij aanvechten

 

1. In de in de artikelen 11 en 12 bedoelde gevallen kunnen fokkers:

 

a) het advies van een onafhankelijke deskundige inwinnen;

 

b) binnen dertig dagen na de datum van ontvangst van de in artikel 11, lid 1, en artikel 12, lid 1, bedoelde weigeringen of de resultaten van het prestatieonderzoek of de genetische evaluatie als bedoeld in artikel 11, lid 2, en artikel 12, lid 2, van de stamboekvereniging of fokkerij, daartegen in beroep gaan.

 

2. In het in lid 1, onder b), bedoelde beroep beschrijft de fokker de feiten en gronden, indien beschikbaar op basis van het in lid 1, onder a), bedoelde advies van een onafhankelijke deskundige, op basis waarvan de fokker van mening is dat:

 

a) de weigering door de stamboekvereniging of fokkerij niet aan artikel 19, 21, 23, 27, 28, 30 of 32 voldoet; or

 

b) de resultaten van het prestatieonderzoek en de genetische evaluatie niet overeenkomstig artikel 27 zijn verkregen.

 

(Artikel 13 wordt volledig geschrapt)

Motivering

De nationale wetgeving bevat reeds bepalingen inzake geschillen tussen een of meer fokkers en een stamboekvereniging.

Amendement    69

Voorstel voor een verordening

Artikel 14

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Artikel 14

Schrappen

Geschillenbeslechting

 

1. Wanneer een stamboekvereniging of fokkerij het in artikel 13, lid 1, onder b), bedoelde beroep van een fokker weigert, stelt zij de fokker en de bevoegde autoriteit die de stamboekvereniging of fokkerij overeenkomstig artikel 4, lid 2, heeft erkend, daarvan binnen dertig dagen na de datum van haar besluit tot weigering van het beroep in kennis.

 

2. De in artikel 8, lid 1, of artikel 9 bedoelde bevoegde autoriteit kan het besluit van de stamboekvereniging of fokkerij herroepen wanneer zij van oordeel is dat het besluit niet aan artikel 19, 21, 23, 27, 28, 30 of 32 voldoet.

 

3. De lidstaten zorgen ervoor dat er een beroepsprocedure beschikbaar is en dat er binnen een redelijke termijn een besluit over het beroep wordt genomen.

 

Daartoe kan de bevoegde autoriteit besluiten een specifiek rechtsorgaan op te richten met de bevoegdheid om besluiten van een stamboekvereniging of fokkerij te herroepen wanneer dit rechtsorgaan van oordeel is dat de weigering door de stamboekvereniging of fokkerij van een door een fokker ingediend beroep ongegrond is.

 

(Artikel 14 wordt volledig geschrapt)

Motivering

De nationale wetgeving bevat reeds bepalingen inzake geschillen tussen een of meer fokkers en een stamboekvereniging.

Amendement    70

Voorstel voor een verordening

Artikel 15 – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis. Stamboekverenigingen of fokkerijen kunnen:

 

- fokkers uitsluiten van deelname aan een fokprogramma wanneer zij de regels van het fokprogramma of de plichten die in het in bijlage I, deel 1, punt 3, onder f), bedoelde huishoudelijk reglement zijn vastgesteld, niet nakomen;

 

- na de registratie ervan, overgaan tot uitsluiting van dieren en hun nakomelingen die niet langer voldoen en genetisch materiaal dat niet langer voldoet aan de officiële vereisten die aan opname in het stamboek van het ras zijn gesteld.

Amendement    71

Voorstel voor een verordening

Artikel 15 – lid 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b) fokkers uit te sluiten van lidmaatschap wanneer deze fokkers hun plichten, die overeenkomstig bijlage I, deel 1, punt 3, onder e), in het huishoudelijk reglement zijn vastgesteld, niet nakomen.

b) fokkers uit te sluiten van lidmaatschap wanneer deze fokkers hun plichten die in het huishoudelijk reglement als bedoeld in artikel 16, lid 1, zijn vastgesteld, niet nakomen.

Amendement     72

Voorstel voor een verordening

Artikel 15 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis. Stamboekverenigingen kunnen prestatieonderzoek uitvoeren op basis van de vereisten van hun fokprogramma, en wanneer prestatieonderzoeken worden verricht kunnen zij activiteiten kiezen die geschikt zijn voor hun fokprogramma.

Amendement    73

Voorstel voor een verordening

Artikel 16 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Stamboekverenigingen en fokkerijen hebben de primaire verantwoordelijkheid om geschillen tussen fokkers onderling en geschillen tussen fokkers en de stamboekvereniging of fokkerij bij de uitvoering van overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurde fokprogramma’s te voorkomen en waar nodig te beslechten overeenkomstig de voorschriften die op grond van artikel 14, lid 3, zijn vastgesteld door de lidstaat waar het geschil zich voordoet en de voorschriften in bijlage I, deel 1, punt 3.

3. Stamboekverenigingen en fokkerijen hebben de primaire verantwoordelijkheid om geschillen tussen fokkers onderling en geschillen tussen fokkers en de stamboekvereniging of fokkerij bij de uitvoering van overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurde fokprogramma’s te voorkomen en waar nodig te beslechten overeenkomstig de voorschriften in bijlage I, deel 1, punt 3, onder f).

Amendement     74

Voorstel voor een verordening

Artikel 16 – lid 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis. Stamboekverenigingen en fokkerijen in een lidstaat zijn er gezamenlijk voor verantwoordelijk dat een raszuiver fokdier van een met uitsterven bedreigd ras overeenkomstig artikel 19 kan worden ingeschreven in de hoofdsectie van een stamboek in om het even welke lidstaat. Fokkers zijn vrij te kiezen tot welke stamboekvereniging, fokkerij of overheidsinstantie zij wensen te behoren. De bevoegde autoriteit ondersteunt en houdt toezicht op de procedure.

Amendement     75

Voorstel voor een verordening

Hoofdstuk 4 – titel

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Inschrijving van fokdieren in stamboeken en rasregister en toelating tot de voortplanting, tot kunstmatige inseminatie en tot onderzoek

Niet van toepassing op de Nederlandse versie.

Motivering

Taalkundige correctie van de Hongaarse term voor "kunstmatige inseminatie".

Amendement    76

Voorstel voor een verordening

Artikel 17 – lid 2 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Op grond van die criteria en procedures kan verlangd worden dat de raszuivere fokdieren alvorens in een specifieke klasse van de hoofdsectie te worden ingeschreven, een prestatieonderzoek of genetische evaluatie ondergaan overeenkomstig artikel 27 of de uit hoofde van artikel 28, lid 1, vastgestelde gedelegeerde handeling, dan wel een andere beoordeling die beschreven is in het overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurde fokprogramma.

Op grond van die criteria en procedures kan verlangd worden dat de raszuivere fokdieren alvorens in een specifieke klasse van de hoofdsectie te worden ingeschreven, een prestatieonderzoek of genetische evaluatie ondergaan overeenkomstig artikel 27 of een andere beoordeling die beschreven is in het overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurde fokprogramma.

Amendement    77

Voorstel voor een verordening

Artikel 17 – lid 3 – inleidend gedeelte

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Stamboekverenigingen kunnen, naast de in lid 1 van dit artikel bedoelde hoofdsectie, een of meer aanvullende secties van het stamboek opstellen voor dieren van dezelfde soort die niet in aanmerking komen voor inschrijving in de hoofdsectie, mits de dieren aan artikel 20, lid 1, voldoen en de voorschriften van de stamboekvereniging toestaan dat de nakomelingen van die dieren in de hoofdsectie worden ingeschreven overeenkomstig de voorschriften in:

3. Stamboekverenigingen kunnen, naast de in lid 1 van dit artikel bedoelde hoofdsectie, een of meer aanvullende secties van het stamboek opstellen voor dieren van dezelfde soort die niet in aanmerking komen voor inschrijving in de hoofdsectie, mits de dieren aan de in bijlage II, deel 1, hoofdstuk III, punten 1 en 2, vastgestelde vereisten voldoen en de voorschriften van de stamboekvereniging toestaan dat de nakomelingen van die dieren in de hoofdsectie worden ingeschreven overeenkomstig de voorschriften in:

Amendement     78

Voorstel voor een verordening

Artikel 17 – lid 3 – letter a bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

a bis) bijlage II, deel 1, hoofdstuk III, punt 4, in het geval van mannelijke schapen en geiten; of

Motivering

Eerdere afwijkingen voor sterke rassen moeten ongewijzigd blijven om de genetische biodiversiteit te behouden.

Amendement     79

Voorstel voor een verordening

Artikel 17 – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot wijziging van de voorschriften in bijlage II, deel 1, hoofdstuk III, punten 3 en 4, op grond waarvan het nageslacht van dieren die in een aanvullende sectie zijn opgenomen, in de hoofdsectie mag worden ingeschreven.

Schrappen

Motivering

Met de bedoelde gedelegeerde handeling zou de Commissie de voorschriften voor inschrijving in de hoofdsectie van het nageslacht van de dieren die in een aanvullende sectie zijn opgenomen kunnen wijzigen. De aanvullende sectie is een "gevoelig" punt in de ontwerptekst omdat een dergelijke aanvulling binnen een stamboek nauw verbonden is met de hoofdsectie van het boek. De eerder genoemde voorschriften moeten dus binnen het toepassingsgebied van de basisverordening blijven.

Amendement    80

Voorstel voor een verordening

Artikel 19 – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot wijziging van de in bijlage II, deel 1, hoofdstukken I en II, vervatte voorschriften voor de inschrijving van raszuivere fokdieren in de hoofdsectie van stamboeken.

Schrappen

Amendement    81

Voorstel voor een verordening

Artikel 20 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot wijziging van de in bijlage II, deel 1, hoofdstuk III, vervatte voorwaarden voor de opname van dieren in aanvullende secties van stamboeken.

Schrappen

Amendement     82

Voorstel voor een verordening

Artikel 21 – titel

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Toelating van raszuivere fokdieren tot de voortplanting

Toelating van raszuivere fokdieren en levende producten ervan tot de voortplanting

Amendement    83

Voorstel voor een verordening

Artikel 21 – lid 1 – inleidend gedeelte

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Stamboekverenigingen mogen het gebruik van in de hoofdsectie van hun stamboek ingeschreven raszuivere fokdieren voor voortplanting met behulp van de volgende reproductietechnieken, niet uitsluiten op zoötechnische of genealogische gronden die afwijken van de gronden die voortvloeien uit de toepassing van artikel 19:

1. Stamboekverenigingen mogen het gebruik van in de hoofdsectie van hun stamboek ingeschreven raszuivere fokdieren of levende producten ervan voor voortplanting met behulp van de volgende reproductietechnieken, niet uitsluiten op zoötechnische of genealogische gronden die afwijken van de gronden die voortvloeien uit de toepassing van de artikelen 19 en 27:

Amendement    84

Voorstel voor een verordening

Artikel 21 – lid 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c) winning van sperma van fokdieren die in voorkomend geval prestatieonderzoek en genetische evaluatie hebben ondergaan overeenkomstig de voorschriften in artikel 27 of in de uit hoofde van artikel 28, lid 1, vastgestelde gedelegeerde handeling;

c) winning van sperma van fokdieren die, wanneer dat voor het fokprogramma vereist is, prestatieonderzoek en genetische evaluatie hebben ondergaan overeenkomstig artikel 27;

Amendement    85

Voorstel voor een verordening

Artikel 21 – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1 bis. In afwijking van lid 1 mag een stamboekvereniging die een stamboek voor raszuivere fokpaarden of -ezels bijhoudt, ten behoeve van haar door de bevoegde autoriteit overeenkomstig artikel 8, lid 1, goedgekeurde fokprogramma of om de genetische diversiteit binnen een ras te behouden:

 

a) de toelating van fokdieren en levende producten ervan tot de voortplanting beperken of verbieden;

 

b) de toepassing van een of meer reproductietechnieken als bedoeld in lid 1 op in hun stamboek ingeschreven raszuivere fokdieren beperken of verbieden.

Motivering

De bepalingen van artikel 21, lid 1, impliceren dat kunstmatige inseminatie slechts in bepaalde omstandigheden in verband met prestatieonderzoek en genetische evaluatie kan worden verboden. In het geval van paardachtigen moet deze verordening de stamboekvereniging de mogelijkheid bieden de voortplantingsmethoden in het fokprogramma te kiezen.

Amendement    86

Voorstel voor een verordening

Artikel 21 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot criteria voor:

Schrappen

(a) de toelating door stamboekverenigingen van raszuivere fokdieren tot de voortplanting;

 

(b) de winning en het gebruik van levende producten van raszuivere fokdieren voor voortplantingsdoeleinden.

 

Amendement    87

Voorstel voor een verordening

Artikel 22 – lid 1 – inleidend gedeelte

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Stamboekverenigingen eisen dat raszuivere fokrunderen en mannelijke raszuivere fokschapen en -geiten van melkrassen worden geïdentificeerd door analyse van hun bloedgroep of met een andere geschikte methode die ten minste dezelfde zekerheidsgraad verschaft wanneer zij worden gebruikt voor:

1. Stamboekverenigingen eisen dat raszuivere fokrunderen, -schapen en -geiten en mannelijke raszuivere fokvarkens worden geïdentificeerd door analyse van hun bloedgroep, DNA-analyses, zoals SNP-analyses (single nucleotide polymorphism), microsatellietanalyses of met een andere geschikte methode die ten minste dezelfde zekerheidsgraad verschaft wanneer zij worden gebruikt voor:

Amendement    88

Voorstel voor een verordening

Artikel 22 – lid 1 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

De Commissie houdt rekening met de vooruitgang op het gebied van de identificatiemethodes op basis van de werkzaamheden van het Internationale Comité voor de produktiecontrole bij dieren (International Committee for Animal Recording - ICAR) en de International Society of Animal Genetics (ISAG).

Amendement    89

Voorstel voor een verordening

Artikel 22 – lid 2 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De Commissie kan op verzoek van een lidstaat of een Europese vereniging van stamboekverenigingen voor raszuivere dieren van de betrokken soort, door middel van uitvoeringshandelingen methoden voor de verificatie van de identiteit van raszuivere fokrunderen en mannelijke raszuivere fokschapen en -geiten van melkrassen goedkeuren die ten minste dezelfde zekerheidsgraad verschaffen als de analyse van de bloedgroep van die raszuivere fokdieren, waarbij zij rekening houdt met de technische ontwikkelingen en de aanbevelingen van de in artikel 31 bedoelde Europese referentiecentra.

2. De Commissie kan op verzoek van een lidstaat of een Europese vereniging van stamboekverenigingen voor raszuivere dieren van de betrokken soort, door middel van uitvoeringshandelingen methoden voor de verificatie van de identiteit van fokdieren als bedoeld in lid 1 goedkeuren die ten minste dezelfde zekerheidsgraad verschaffen als de analyse van de bloedgroep van die raszuivere fokdieren, waarbij zij rekening houdt met de technische ontwikkelingen en de aanbevelingen van de in artikel 31 bedoelde referentiecentra van de Europese Unie.

Amendement    90

Voorstel voor een verordening

Artikel 23 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2 bis. In het geval van zeldzame of met uitsterven bedreigde rassen kan de bevoegde autoriteit van een lidstaat of kunnen de stamboekverenigingen het gebruik van een raszuiver fokdier en de levende producten ervan verbieden indien dat gebruik de verbetering, de differentiëring, de instandhouding en de genetische diversiteit van dat ras in gevaar zou kunnen brengen.

Amendement    91

Voorstel voor een verordening

Artikel 23 – lid 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis. In afwijking van lid 3 kan de bevoegde autoriteit, indien dit noodzakelijk is voor de instandhouding of de genetische diversiteit van een ras en voor een gebruik dat beperkt is tot het nationale grondgebied van de lidstaat, voor de toepassing van de leden 1 en 2 toestaan dat de levende producten van raszuivere fokdieren worden gewonnen, behandeld en opgeslagen door een embryowinnings- en embryoproductiecentrum dat niet overeenkomstig de diergezondheidswetgeving van de Unie officieel is goedgekeurd voor de handel in deze producten binnen de Unie, mits de sanitaire omstandigheden van dien aard zijn dat die levende producten in een later stadium binnen het nationale grondgebied kunnen worden gebruikt.

Motivering

Om logistieke redenen kan het nodig zijn levende producten te winnen en op te slaan zonder dat het mogelijk is om dit te doen in een centrum dat officieel is goedgekeurd voor de handel binnen de Unie.

Deze gevallen houden noodzakelijkerwijs verband met vereisten op het gebied van behoud of genetische diversiteit van een ras, en genoemde producten moeten worden gebruikt op het nationale grondgebied van de betrokken lidstaat. Dit betekent dus dat ze niet bestemd zijn voor de handel en niet hoeven te worden goedgekeurd.

Amendement    92

Voorstel voor een verordening

Artikel 23 – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de voorwaarden voor de toelating van:

Schrappen

(a) raszuivere fokpaarden van bepaalde rassen tot kunstmatige inseminatie en tot in-vitrobevruchting van eicellen;

 

(b) raszuivere fokpaarden van bepaalde rassen en levende producten ervan tot prestatieonderzoek en tot genetische evaluatie.

 

Amendement    93

Voorstel voor een verordening

Artikel 24 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot wijziging van de in bijlage II, deel 2, vervatte voorschriften voor het registreren van hybride fokvarkens in rasregisters.

Schrappen

Amendement    94

Voorstel voor een verordening

Artikel 25 – lid 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c) winning en gebruik van sperma van fokdieren die prestatieonderzoek en genetische evaluatie hebben ondergaan overeenkomstig de voorschriften in artikel 27 of in de uit hoofde van artikel 28, lid 1, vastgestelde gedelegeerde handeling;

c) winning en gebruik van sperma van fokdieren die prestatieonderzoek en genetische evaluatie hebben ondergaan overeenkomstig artikel 27;

Amendement    95

Voorstel voor een verordening

Artikel 25 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot criteria voor:

Schrappen

a) de toelating door fokkerijen van hybride fokvarkens tot de voortplanting;

 

b) de winning en het gebruik van sperma, eicellen of embryo’s van hybride fokvarkens voor voortplantingsdoeleinden.

 

Amendement    96

Voorstel voor een verordening

Artikel 26 – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de voorwaarden voor de toelating van hybride fokvarkens tot kunstmatige inseminatie en tot onderzoek.

Schrappen

Amendement    97

Voorstel voor een verordening

Artikel 27 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Wanneer voor een overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurd fokprogramma prestatieonderzoek en genetische evaluatie moeten worden uitgevoerd met het oog op de classificatie van raszuivere fokpaarden in stamboeken en de toelating van mannelijke fokpaarden en het sperma ervan tot de voortplanting, waarborgen de stamboekverenigingen dat het prestatieonderzoek en de genetische evaluatie worden uitgevoerd overeenkomstig de volgende voorschriften, die zijn vastgesteld in bijlage I:

2. Wanneer voor een overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurd fokprogramma prestatieonderzoek en genetische evaluatie moeten worden uitgevoerd met het oog op de classificatie van raszuivere fokpaarden of -ezels in stamboeken en de toelating van fokdieren en levende producten ervan tot de voortplanting, waarborgen de stamboekverenigingen dat het prestatieonderzoek en de genetische evaluatie worden uitgevoerd overeenkomstig de volgende voorschriften, die zijn vastgesteld in bijlage I:

Motivering

Ezels moeten ook worden opgenomen. Daarnaast dient de mogelijkheid om prestatieonderzoek en genetische evaluaties uit te voeren voor toelating tot de voortplanting worden uitgebreid tot merries. Dit is van fundamenteel belang voor bepaalde stamboekverenigingen.

Amendement    98

Voorstel voor een verordening

Artikel 28 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de voorschriften voor prestatieonderzoek en genetische evaluatie, en zo nodig bijlage III te wijzigen om rekening te houden met:

Schrappen

a) wetenschappelijke ontwikkelingen;

 

b) technische ontwikkelingen;

 

c) de werking van de interne markt; or

 

d) de noodzaak om waardevolle genetische rijkdommen te beschermen.

 

Amendement    99

Voorstel voor een verordening

Artikel 28 – lid 2 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. In het licht van het in artikel 13, lid 1, onder a), bedoelde advies van een onafhankelijke deskundige kan de Commissie door middel van een uitvoeringshandeling uniforme voorschriften vaststellen voor prestatieonderzoek en genetische evaluaties en voor de interpretatie van de resultaten ervan.

2. In het licht van het in artikel 13, lid 1, onder a), bedoelde advies van een onafhankelijke deskundige kan de Commissie door middel van een uitvoeringshandeling uniforme voorschriften vaststellen voor prestatieonderzoek en genetische evaluaties voor andere soorten dan paarden en varkens, en voor de interpretatie van de resultaten ervan, op basis van de werkzaamheden van het ICAR.

Motivering

Voor paardachtigen zijn prestatieonderzoek en genetische evaluaties afhankelijk van elk stamboek en desbetreffende fokdoelstellingen. Gezien het feit dat deze doelstellingen uiteenlopen, is uniformisering van de voorschriften niet passend. Voor varkens is uniformisering evenmin aan te bevelen, aangezien prestatieonderzoek en genetische evaluaties essentiële strategische elementen zijn voor het concurrentievermogen van stamboekverenigingen en stamboekondernemingen.

Amendement     100

Voorstel voor een verordening

Artikel 29 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Wanneer dat nodig is voor de uitvoering van hun overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurde fokprogramma, wijzen stamboekverenigingen en fokkerijen de instantie aan die het prestatieonderzoek en de genetische evaluatie van fokdieren, als bedoeld in artikel 27, uitvoert.

1. Voor toelating tot de voortplanting van fokdieren en levende producten ervan, en wanneer de uitvoering van hun overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurde fokprogramma activiteiten op het gebied van prestatieonderzoek en genetische evaluatie vereist, moeten stamboekverenigingen en fokkerijen:

 

a) deze activiteiten zelf uitvoeren, of

 

b) een derde partij aanwijzen waaraan deze activiteiten worden overgedragen.

Motivering

De voorwaarden voor de uitvoering van het prestatieonderzoek en de genetische evaluatie met het oog op de toelating van fokdieren (mannelijke en vrouwelijke zoals dit voor sommige paardachtigen het geval is) tot de voortplanting moeten worden gespecificeerd.

Amendement    101

Voorstel voor een verordening

Artikel 29 – lid 2 – inleidend gedeelte

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De in lid 1 bedoelde instanties kunnen:

2. Stamboekverenigingen of fokkerijen die activiteiten op het gebied van prestatieonderzoek en genetische evaluatie overdragen aan een derde partij als bedoeld in lid 1, onder b), voldoen aan de voorwaarden van artikel 8, lid 2.

 

De overeenkomstig lid 1, onder b), aangewezen derde partijen:

Amendement    102

Voorstel voor een verordening

Artikel 29 – lid 2 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a) als gespecialiseerde eenheden onder verantwoordelijkheid van een stamboekvereniging of fokkerij opereren; of

a) opereren als gespecialiseerde eenheden onder verantwoordelijkheid van een stamboekvereniging of fokkerij, op voorwaarde dat zij erkend zijn door het refentiecentrum van de Europese Unie als bedoeld in artikel 31 of door een onafhankelijke instantie gecertificeerd zijn overeenkomstig de ISO-norm, of

Amendement    103

Voorstel voor een verordening

Artikel 29 – lid 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b) worden gemachtigd door de bevoegde autoriteit die het fokprogramma heeft goedgekeurd.

b) worden gemachtigd door de bevoegde autoriteit die het fokprogramma heeft goedgekeurd, mits zij aan bijlage III voldoen.

Amendement    104

Voorstel voor een verordening

Artikel 30 – titel

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Verplichtingen van de overeenkomstig artikel 29, lid 1, aangewezen instanties

Verplichtingen van stamboekverenigingen, fokkerijen en derden die prestatieonderzoek of genetische evaluaties uitvoeren

Amendement    105

Voorstel voor een verordening

Artikel 30 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Op verzoek van de bevoegde autoriteit verstrekken de overeenkomstig artikel 29, lid 1, door stamboekverenigingen of fokkerijen aangewezen instanties de volgende informatie:

1. Stamboekverenigingen of fokkerijen die activiteiten op het gebied van prestatieonderzoek of genetische evaluatie uitvoeren zoals bedoeld in artikel 29, lid 1, onder a), of derde partijen als bedoeld in artikel 29, lid 1, onder b), verstrekken de bevoegde autoriteit op verzoek de volgende informatie:

Amendement    106

Voorstel voor een verordening

Artikel 30 – lid 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b) de identiteit van de aanwijzende stamboekvereniging of fokkerij en van de in artikel 29, lid 2, onder b), bedoelde bevoegde autoriteit;

b) indien stamboekverenigingen of fokkerijen deze activiteiten hebben overgedragen aan een derde partij als bedoeld in artikel 29, lid 1, onder b), de identiteit van die derde partij;

Amendement    107

Voorstel voor een verordening

Artikel 30 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De overeenkomstig artikel 29, lid 1, door stamboekverenigingen of fokkerijen aangewezen instanties maken de resultaten van de genetische evaluatie van de fokdieren waarvan het sperma voor kunstmatige inseminatie wordt gebruikt, openbaar en houden deze resultaten bij.

2. Stamboekverenigingen en fokkerijen die activiteiten op het gebied van prestatieonderzoek of genetische evaluatie uitvoeren en de overeenkomstig artikel 29, lid 1, onder b), door stamboekverenigingen of fokkerijen aangewezen derde partijen maken de resultaten van de genetische evaluatie van de fokdieren waarvan het sperma voor kunstmatige inseminatie wordt gebruikt, openbaar en houden deze resultaten bij.

Amendement    108

Voorstel voor een verordening

Artikel 30 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2 bis. De overeenkomstig artikel 29, lid 1, onder b), aangewezen derde partijen doen de informatie die overeenkomstig lid 1 aan de bevoegde autoriteiten moet worden verstrekt, toekomen aan de stamboekverenigingen of fokkerijen die hen hebben aangewezen.

Amendement    109

Voorstel voor een verordening

Artikel 30 – lid 2 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 ter. Wanneer de bevoegde autoriteiten op grond van de overeenkomstig lid 1 verstrekte informatie vaststellen dat het prestatieonderzoek of de genetische evaluaties niet volgens erkende zoötechnische beginselen zijn uitgevoerd, kunnen zij het goedgekeurde fokprogramma schorsen. Die schorsing wordt opgeheven nadat de stamboekvereniging, de fokkerij of de overeenkomstig lid 29, lid 1, onder b), aangewezen derde partij corrigerende maatregelen heeft getroffen.

Amendement     110

Voorstel voor een verordening

Artikel 31

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Artikel 31

Schrappen

Aanwijzing van referentiecentra van de Europese Unie

 

1. De Commissie wijst door middel van uitvoeringshandelingen de referentiecentra van de Europese Unie aan die verantwoordelijk zijn voor de samenwerking met de stamboekverenigingen inzake het uniformiseren van de methoden voor prestatieonderzoek en genetische evaluatie van raszuivere fokrunderen.

 

Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 72, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

 

2. De Commissie kan door middel van uitvoeringshandelingen de referentiecentra van de Europese Unie aanwijzen die verantwoordelijk zijn voor het harmoniseren van de methoden voor prestatieonderzoek en genetische evaluatie van raszuivere fokdieren van andere soorten dan runderen.

 

Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 72, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

 

Amendement     111

Voorstel voor een verordening

Artikel 33 – lid 2 – inleidend gedeelte

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De stamboekverenigingen en fokkerijen die prestatieonderzoek en genetische evaluatie volgens hun overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurde fokprogramma uitvoeren, vermelden de volgende informatie in het voor een fokdier of levende producten ervan uitgegeven zoötechnische certificaat:

2. Stamboekverenigingen en fokkerijen die prestatieonderzoek en genetische evaluatie volgens hun overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurde fokprogramma uitvoeren, of die beschikken over de resultaten van prestatieonderzoek en/of genetische evaluatie uitgevoerd door een overeenkomstig artikel 29, lid 2, onder b, gemachtigde instantie) vermelden in het voor een fokdier of levende producten ervan uitgegeven zoötechnische certificaat de belangrijkste productiekenmerken en alle genetische bijzonderheden en genetische defecten van het dier zelf of van zijn ouders of grootouders, overeenkomstig het fokprogramma.

Amendement    112

Voorstel voor een verordening

Artikel 33 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de overeenkomstig lid 1, onder a), vereiste informatie en zo nodig wijzigingen betreffende de in bijlage V vervatte inhoud van zoötechnische certificaten.

3. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen om zo nodig wijzigingen aan te brengen in de in bijlage V vervatte inhoud van zoötechnische certificaten, teneinde rekening te houden met:

 

a) wetenschappelijke ontwikkelingen;

 

b) technische ontwikkelingen;

 

c) de werking van de interne markt;

 

d) de noodzaak om genetische rijkdommen te beschermen.

Motivering

Verduidelijkt moet worden om welke soort gedelegeerde handeling het gaat.

Amendement    113

Voorstel voor een verordening

Hoofdstuk VI

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

HOOFDSTUK V

Schrappen

Zoötechnische en genealogische voorschriften voor de handel in raszuivere fokdieren van andere soorten

 

Artikel 35

 

Gedelegeerde bevoegdheden en uitvoeringsbevoegdheden met betrekking tot de zoötechnische en genealogische voorschriften voor de handel in de in artikel 2, onder i), iii), bedoelde raszuivere fokdieren en levende producten ervan

 

1. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot zoötechnische en genealogische voorschriften voor de handel in de in artikel 2, onder i), iii), bedoelde raszuivere fokdieren en levende producten ervan, wanneer dit nodig is voor de werking van de interne markt of voor de bescherming van waardevolle genetische rijkdommen, ten aanzien van:

 

a) de erkenning van stamboekverenigingen;

 

b) de goedkeuring van fokprogramma’s;

 

c) de voorwaarden voor de inschrijving van die raszuivere fokdieren in stamboeken;

 

d) de toelating door stamboekverenigingen van die raszuivere fokdieren tot de voortplanting, tot kunstmatige inseminatie en de winning en het gebruik van levende producten ervan;

 

e) de methoden voor prestatieonderzoek en genetische evaluatie van die raszuivere dieren;

 

f) de informatie die moet worden opgenomen in de zoötechnische certificaten die de raszuivere fokdieren moeten vergezellen.

 

2. Voor zover de Commissie de in lid 1 bedoelde gedelegeerde handelingen heeft vastgesteld, stelt zij door middel van uitvoeringshandelingen modelformulieren vast voor de in lid 1, onder f), van dit artikel bedoelde zoötechnische certificaten voor de in artikel 2, onder i), iii), bedoelde raszuivere fokdieren en sperma, eicellen en embryo’s ervan.

 

Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 72, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

 

Motivering

Andere soorten mogen alleen via medebeslissing in deze verordening worden opgenomen.

Amendement     114

Voorstel voor een verordening

Artikel 36 – lid 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a) aan de criteria van artikel 37 voor het op een lijst plaatsen van fokorganen voldoet;

a) aan de criteria van artikel 37 voor het op een lijst plaatsen van fokorganen en aan alle Europese kwaliteitsnormen voldoet;

Amendement    115

Voorstel voor een verordening

Artikel 38 – lid 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a) de erkenning van en het toezicht op stamboekverenigingen en fokkerijen, overeenkomstig artikel 4 of de uit hoofde van artikel 35, lid 1, vastgestelde gedelegeerde handeling;

a) de erkenning van stamboekverenigingen en fokkerijen overeenkomstig artikel 4 en de officiële controles als bedoeld in artikel 46;

Amendement    116

Voorstel voor een verordening

Artikel 38 – lid 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b) de goedkeuring van fokprogramma’s van stamboekverenigingen en fokkerijen overeenkomstig artikel 8, lid 1, of de uit hoofde van artikel 35, lid 1, vastgestelde gedelegeerde handeling;

b) de goedkeuring van fokprogramma's van stamboekverenigingen en fokkerijen overeenkomstig artikel 8, lid 1;

Amendement    117

Voorstel voor een verordening

Artikel 38 – lid 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c) de inschrijving van fokdieren in stamboeken en rasregisters, overeenkomstig de artikelen 19 en 24 of de uit hoofde van artikel 35, lid 1, vastgestelde gedelegeerde handeling;

c) de inschrijving van raszuivere fokdieren in stamboeken of de registratie van hybride fokvarkens in de zoötechnische registers overeenkomstig de artikelen 19 en 24;

 

Amendement    118

Voorstel voor een verordening

Artikel 38 – lid 1 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d) de toelating van fokdieren tot de voortplanting, overeenkomstig de artikelen 21 en 25 of de uit hoofde van artikel 35, lid 1, vastgestelde gedelegeerde handeling;

d) de toelating van fokdieren tot de voortplanting overeenkomstig de artikelen 21 en 25;

Amendement    119

Voorstel voor een verordening

Artikel 38 – lid 1 – letter e

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

e) het gebruik van levende producten voor de voortplanting, overeenkomstig artikel 23, lid 1, of de uit hoofde van artikel 35, lid 1, vastgestelde gedelegeerde handeling;

e) het gebruik van levende producten voor de voortplanting overeenkomstig artikel 23, lid 1;

 

Amendement    120

Voorstel voor een verordening

Artikel 38 – lid 1 – letter f

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

f) het gebruik van sperma voor onderzoek, overeenkomstig artikel 23, lid 2, of de uit hoofde van artikel 35, lid 1, vastgestelde gedelegeerde handeling;

f) het gebruik van sperma voor onderzoek overeenkomstig artikel 23, lid 2;

Amendement    121

Voorstel voor een verordening

Artikel 38 – lid 1 – letter g

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

g) prestatieonderzoek en genetische evaluatie, overeenkomstig artikel 27 of de uit hoofde van artikel 35, lid 1, vastgestelde gedelegeerde handeling.

g) prestatieonderzoek en genetische evaluatie overeenkomstig artikel 27.

Amendement     122

Voorstel voor een verordening

Artikel 39 – lid 1 – letter c bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis) het document dat de onder b) en c) omschreven partijen sperma, eicellen en embryo's vergezelt, bevat ook de voor genetische identificatie benodigde gegevens.

Amendement    123

Voorstel voor een verordening

Artikel 39 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot zoötechnische en genealogische voorschriften voor de invoer in de Unie van fokdieren en levende producten ervan teneinde rekening te houden met de specifieke zoötechnische situatie in een derde land van herkomst van een fokdier.

Schrappen

Amendement    124

Voorstel voor een verordening

Hoofdstuk VIII

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

HOOFDSTUK VIII

Schrappen

Zoötechnische en genealogische voorwaarden voor de invoer in de Unie van raszuivere fokdieren van andere soorten

 

Artikel 45

 

Gedelegeerde bevoegdheden en uitvoeringsbevoegdheden met betrekking tot de zoötechnische en genealogische voorschriften voor de invoer in de Unie van de in artikel 2, onder i), iii), bedoelde raszuivere fokdieren en levende producten ervan

 

1. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot specifieke voorschriften voor de invoer in de Unie van de in artikel 2, onder i), iii), bedoelde raszuivere fokdieren en levende producten ervan, wanneer dit nodig is voor de werking van de interne markt of voor de bescherming van waardevolle genetische rijkdommen, ten aanzien van:

 

(a) het op een lijst plaatsen van fokorganen;

 

(b) de voorwaarden voor de inschrijving van die raszuivere fokdieren in stamboeken die door stamboekverenigingen zijn opgesteld;

 

(c) de toelating, door stamboekverenigingen, van die raszuivere fokdieren tot de voortplanting, tot kunstmatige inseminatie en tot de winning en het gebruik van levende producten ervan;

 

(d) de methoden voor prestatieonderzoek en genetische evaluatie van die raszuivere dieren;

 

(e) de belangrijkste informatie die moet worden opgenomen in het zoötechnische certificaat dat die raszuivere fokdieren en levende producten ervan moet vergezellen.

 

2. Voor zover de Commissie de in lid 1 bedoelde gedelegeerde handelingen heeft vastgesteld, stelt zij door middel van uitvoeringshandelingen modelformulieren op voor de in lid 1, onder f), bedoelde zoötechnische certificaten voor de in artikel 2, onder i), iii), bedoelde raszuivere fokdieren en sperma, eicellen en embryo’s ervan.

 

Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 72, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

 

Motivering

Andere soorten mogen alleen via medebeslissing in deze verordening worden opgenomen.

Amendement    125

Voorstel voor een verordening

Artikel 46 – lid 1 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d) informatie die kan wijzen op niet-naleving.

d) informatie die kan wijzen op niet-naleving van de zoötechnische en genealogische voorschriften van deze verordening .

Amendement    126

Voorstel voor een verordening

Artikel 46 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Officiële controles die voorafgaand aan de handel in bepaalde fokdieren en levende producten ervan worden uitgevoerd met het oog op de afgifte van officiële certificaten of officiële verklaringen die in de zoötechnische en genealogische voorschriften in deze verordening worden voorgeschreven als voorwaarde voor de handel in fokdieren of levende producten ervan, worden verricht overeenkomstig:

Schrappen

(a) de zoötechnische en genealogische voorschriften in deze verordening;

 

(b) de gedelegeerde handelingen die de Commissie overeenkomstig de artikelen 35 en 45 heeft vastgesteld.

 

Motivering

In deze verordening wordt geen melding gemaakt van officiële controles die worden uitgevoerd met het oog op de afgifte van officiële zoötechnische certificaten. Deze activiteit wordt toevertrouwd aan de stamboekverenigingen.

Amendement    127

Voorstel voor een verordening

Artikel 47 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De bevoegde autoriteit kan informatie over de classificatie van individuele stamboekverenigingen en fokkerijen op basis van een beoordeling van de conformiteit ervan met classificatiecriteria en de resultaten van officiële controles publiceren of anderszins openbaar maken, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

Schrappen

a) de classificatiecriteria zijn objectief, transparant en openbaar;

 

b) er zijn passende regelingen getroffen om te waarborgen dat het classificatieproces op consistente en transparante wijze verloopt.

 

Motivering

Stamboekverenigingen hoeven niet door de bevoegde autoriteit te worden geclassificeerd. Zij voldoen al aan strikte voorschriften om erkend te worden.

Amendement    128

Voorstel voor een verordening

Artikel 50 – lid 2 – letter b – punt i

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

i) de gebouwen, kantoren en uitrusting van fokkers, stamboekverenigingen en fokkerijen;

Schrappen

Amendement    129

Voorstel voor een verordening

Artikel 50 – lid 2 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c) een onderzoek van documenten en andere gegevens die van belang kunnen zijn voor de beoordeling van de naleving van de zoötechnische en genealogische voorschriften in deze verordening;

c) een onderzoek van documenten, traceerbaarheidsgegevens en andere gegevens die van belang kunnen zijn voor de beoordeling van de naleving van de zoötechnische en genealogische voorschriften in deze verordening;

 

Amendement    130

Voorstel voor een verordening

Artikel 51 – titel

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Verplichtingen van fokkers, stamboekverenigingen en fokkerijen

Verplichtingen van fokkers, stamboekverenigingen en fokkerijen die onderworpen zijn aan officiële controles en andere officiële activiteiten

Amendement    131

Voorstel voor een verordening

Artikel 51 – lid 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a) gebouwen, kantoren en uitrusting;

Schrappen

Amendement    132

Voorstel voor een verordening

Artikel 52

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Artikel 52

Schrappen

Delegatie van bevoegdheden met betrekking tot specifieke voorschriften voor officiële controles en voor de maatregelen die de bevoegde autoriteit moet nemen in verband met fokdieren en levende producten ervan

 

1. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot voorschriften:

 

a) voor de uitvoering van officiële controles op fokdieren en levende producten ervan om de naleving van de zoötechnische en genealogische voorschriften in deze verordening te verifiëren;

 

b) voor de maatregelen die de bevoegde autoriteit naar aanleiding van de resultaten van officiële controles moet nemen.

 

2. De in lid 1 bedoelde gedelegeerde handelingen bevatten voorschriften voor:

 

a) de specifieke verantwoordelijkheden en taken van de bevoegde autoriteit, naast hetgeen vermeld is in de artikelen 46 tot en met 50;

 

b) de gevallen waarin de bevoegde autoriteit voor specifieke gevallen van niet-naleving een of meer maatregelen als bedoeld in de uit hoofde van artikel 66, lid 1, vastgestelde uitvoeringshandelingen, dan wel aanvullende maatregelen moet nemen.

 

Amendement    133

Voorstel voor een verordening

Artikel 53 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De in lid 1 bedoelde administratieve bijstand omvat, indien passend, de deelname door de bevoegde autoriteit van een lidstaat aan officiële controles ter plaatse die door de bevoegde autoriteit van een andere lidstaat worden verricht.

2. De in lid 1 bedoelde administratieve bijstand omvat, indien noodzakelijk, de deelname door de bevoegde autoriteit van een lidstaat aan officiële controles ter plaatse die door de bevoegde autoriteit van een andere lidstaat worden verricht.

Amendement    134

Voorstel voor een verordening

Artikel 54 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Wanneer de bevoegde autoriteit ("de verzoekende bevoegde autoriteit") van oordeel is dat zij voor de uitvoering of voor de doeltreffende follow-up van officiële controles informatie van een bevoegde autoriteit in een andere lidstaat ("de aangezochte bevoegde autoriteit") nodig heeft, zendt zij die bevoegde autoriteit een met redenen omkleed verzoek.

1. Wanneer de bevoegde autoriteit ("de verzoekende bevoegde autoriteit") van oordeel is dat zij voor de uitvoering of voor de doeltreffende follow-up van officiële controles informatie van een bevoegde autoriteit in een andere lidstaat ("de aangezochte bevoegde autoriteit") nodig heeft, zendt zij die bevoegde autoriteit een met redenen omkleed verzoek. De betrokken autoriteit is verplicht bijstand te verlenen.

De aangezochte bevoegde autoriteit doet onverwijld het volgende:

 

a) zij bevestigt de ontvangst van het met redenen omklede verzoek en geeft aan hoeveel tijd nodig is om de gevraagde informatie te verstrekken;

 

b) zij verricht alle officiële controles of onderzoeken die nodig zijn om:

 

i) de verzoekende bevoegde autoriteit alle noodzakelijke gegevens en de originele documenten of gewaarmerkte kopieën daarvan toe te zenden;

 

ii) de naleving van de zoötechnische en genealogische voorschriften in deze verordening binnen hun rechtsgebied, zo nodig ter plaatse, te verifiëren.

 

Amendement    135

Voorstel voor een verordening

Artikel 54 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De verzoekende en aangezochte bevoegde autoriteit kunnen overeenkomen dat bij de in lid 1, tweede alinea, onder b), i), bedoelde officiële controles ambtenaren aanwezig zijn die door de verzoekende bevoegde autoriteit zijn aangewezen.

2. De verzoekende en aangezochte bevoegde autoriteit kunnen overeenkomen dat bij de in lid 1 bedoelde officiële controles ambtenaren aanwezig zijn die door de verzoekende bevoegde autoriteit zijn aangewezen.

In dat geval geldt voor de ambtenaren van de verzoekende bevoegde autoriteit, dat zij:

 

a) te allen tijde een schriftelijke machtiging moeten kunnen overleggen waarin hun identiteit en hun officiële hoedanigheid zijn vermeld;

 

b) toegang moeten hebben tot dezelfde gebouwen en documenten als de aanwezige ambtenaar van de aangezochte bevoegde autoriteit, met als enig doel ervoor te zorgen dat de officiële controles worden uitgevoerd;

 

c) niet op eigen initiatief de bevoegdheden voor het uitvoeren van officiële controles van ambtenaren van de aangezochte bevoegde autoriteit mogen uitoefenen.

 

Amendement    136

Voorstel voor een verordening

Artikel 55 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De bevoegde autoriteit die een kennisgeving overeenkomstig lid 1 ontvangt:

Schrappen

a) bevestigt onverwijld de ontvangst van de kennisgeving;

 

b) geeft binnen tien dagen na ontvangst van de kennisgeving aan:

 

i) welke onderzoeken zij voornemens is uit te voeren met betrekking tot het in lid 1 bedoelde geval van niet-naleving; or

 

ii) om welke redenen zij geen onderzoek nodig acht.

 

Amendement    137

Voorstel voor een verordening

Artikel 56 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De bevoegde autoriteiten die een kennisgeving overeenkomstig lid 1 ontvangen, doen onverwijld het volgende:

Schrappen

a) zij bevestigen de ontvangst van de kennisgeving en geven aan welke onderzoeken zij voornemens zijn uit te voeren met betrekking tot het in lid 1 bedoelde geval van niet-naleving;

 

b) zij onderzoeken de aangelegenheid, nemen alle nodige maatregelen en stellen de kennisgevende bevoegde autoriteit in kennis van de aard van de door hen verrichte onderzoeken en officiële controles, de genomen beslissingen en de redenen daarvoor.

 

Amendement    138

Voorstel voor een verordening

Artikel 56 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Indien de in lid 1 bedoelde kennisgevende bevoegde autoriteit reden heeft om aan te nemen dat de overeenkomstig lid 2 verrichte onderzoeken of genomen maatregelen van de bevoegde autoriteiten die de kennisgeving hebben ontvangen, ontoereikend zijn om de vastgestelde niet-naleving aan te pakken, verzoekt zij die bevoegde autoriteiten aanvullende officiële controles te verrichten of aanvullende maatregelen te nemen.

Schrappen

In dat geval:

 

a) proberen de bevoegde autoriteiten van beide lidstaten te komen tot een passende gezamenlijke aanpak van het in lid 1 van dit artikel bedoelde geval van niet-naleving, bijvoorbeeld door overeenkomstig artikel 53, lid 2, en artikel 54, lid 2, ter plaatse gezamenlijke officiële controles te verrichten;

 

b) brengen zij, indien zij geen overeenstemming bereiken over passende maatregelen, de Commissie daarvan onverwijld op de hoogte.

 

Amendement    139

Voorstel voor een verordening

Artikel 58 – lid 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a) de Commissie over informatie beschikt die wijst op activiteiten die gevallen van niet-naleving zijn of lijken te zijn, die:

a) de Commissie over informatie beschikt die wijst op activiteiten die gevallen van niet-naleving van de zoötechnische en genealogische voorschriften van deze verordening zijn of lijken te zijn, die:

Amendement    140

Voorstel voor een verordening

Artikel 61 – lid 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a) verrichten de bevoegde autoriteiten verder onderzoek dat nodig is om de oorsprong en de reikwijdte van de niet-naleving te bepalen en de verantwoordelijkheden van fokkers, stamboekverenigingen en fokkerijen vast te stellen;

a) verrichten de bevoegde autoriteiten alle officiële controles of verdere onderzoeken die nodig zijn om de oorsprong en de reikwijdte van de niet-naleving te bepalen en de verantwoordelijkheden van fokkers, stamboekverenigingen en fokkerijen vast te stellen;

Amendement    141

Voorstel voor een verordening

Artikel 61 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Het optreden van de bevoegde autoriteiten overeenkomstig lid 1 omvat, in voorkomend geval:

2. Het optreden van de bevoegde autoriteiten overeenkomstig lid 1 omvat het nemen van alle maatregelen die zij passend achten om de naleving van de zoötechnische en genealogische voorschriften van deze verordening te waarborgen.

a) het uitstellen van de inschrijving van raszuivere fokdieren in stamboeken of van de registratie van hybride fokvarkens in rasregisters;

 

b) het gebieden van de wijziging van de status van de dieren of levende producten ervan, zoals bedoeld voor het fokken overeenkomstig deze verordening of de verstrekking van corrigerende aan de fokkers;

 

c) een beperking van of verbod op de handel in dieren en levende producten als fokdieren of levende producten zoals gedefinieerd in artikel 2 of de invoer ervan in de Unie dan wel de uitvoer ervan naar derde landen, of een verbod op of het gebieden van de terugkeer ervan in de lidstaat van verzending;

 

d) het gebieden dat de fokker, stamboekvereniging of fokkerij de frequentie van de eigen controles verhoogt;

 

e) het gebieden dat bepaalde activiteiten van de betrokken fokker, stamboekvereniging of fokkerij aan meer uitgebreide of systematische officiële controles worden onderworpen;

 

f) het gebieden van de stopzetting van (een deel van) de activiteiten van de betrokken fokker, stamboekvereniging of fokkerij en, in voorkomend geval, van de door hem of haar beheerde of gebruikte websites, gedurende een passende periode, alsmede van de schorsing van de goedkeuring van een door een stamboekvereniging of fokkerij uitgevoerd fokprogramma wanneer die stamboekvereniging of fokkerij herhaaldelijk, voortdurend of in het algemeen niet aan de voorschriften van het overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurde fokprogramma voldoet;

 

g) het gebieden van de intrekking van de overeenkomstig artikel 4, lid 2, verleende erkenning van de stamboekvereniging of fokkerij, indien uit het administratief beheer van die stamboekvereniging of fokkerij blijkt dat zij herhaaldelijk, voortdurend of in het algemeen niet aan artikel 4, lid 2, onder c), voldoet;

 

h) het nemen van elke andere maatregel die de bevoegde autoriteiten passend achten om de naleving van de zoötechnische en genealogische voorschriften in deze verordening te waarborgen.

 

Amendement    142

Voorstel voor een verordening

Artikel 65 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Om de Commissie bij te staan bij de uitvoering van de in artikel 63, lid 1, bedoelde controles van de Commissie, moeten de lidstaten:

1. Om de Commissie bij te staan bij de uitvoering van de in artikel 63, lid 1, bedoelde controles van de Commissie, verstrekken de lidstaten alle nodige technische bijstand en alle documentatie en andere technische ondersteuning waarom de deskundigen van de Commissie verzoeken om de controles van de Commissie doelmatig en doeltreffend te kunnen uitvoeren.

a) alle nodige bijstand en alle documentatie en andere technische ondersteuning verstrekken waarom de deskundigen van de Commissie verzoeken om de controles van de Commissie doelmatig en doeltreffend te kunnen uitvoeren;

 

b) ervoor zorgen dat de deskundigen van de Commissie toegang hebben tot alle gebouwen of delen daarvan en informatie, met inbegrip van computersystemen, die zij nodig hebben om de controles van de Commissie uit te voeren.

 

(Punt a) is met één wijziging opgenomen in de inleidende formule, terwijl punt b) is geschrapt.)

Amendement    143

Voorstel voor een verordening

Artikel 66 – lid 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De in lid 1 bedoelde maatregelen worden uitsluitend genomen als de betrokken lidstaat, na ontvangst van een verzoek daartoe, de situatie niet binnen de door de Commissie gestelde termijn heeft rechtgezet.

2. De in lid 1 bedoelde maatregelen worden uitsluitend genomen als de betrokken lidstaat, na ontvangst van een verzoek daartoe, de situatie niet binnen de door de Commissie gestelde passende termijn heeft rechtgezet.

Amendement    144

Voorstel voor een verordening

Artikel 67 – lid 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a) na te gaan of de zoötechnische en genealogische voorschriften inzake fokdieren en levende producten ervan in de wetgeving van het derde land garanties bieden die gelijkwaardig zijn met de garanties die deze verordening in de Unie biedt;

a) na te gaan of de wetgeving en de systemen van deze derde landen voldoen aan of gelijkwaardig zijn aan de zoötechnische en genealogische voorschriften die op grond van deze verordening in de Unie gelden;

 

Amendement    145

Voorstel voor een verordening

Artikel 67 – lid 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b) na te gaan of het controlesysteem in het derde land kan waarborgen dat naar de Unie uitgevoerde zendingen fokdieren en levende producten ervan aan de desbetreffende voorschriften in hoofdstuk VII van deze verordening voldoen;

b) na te gaan of het controlesysteem in het derde land in staat is te waarborgen dat naar de Unie uitgevoerde zendingen fokdieren en levende producten ervan aan de desbetreffende voorschriften in hoofdstuk VII van deze verordening voldoen;

Amendement    146

Voorstel voor een verordening

Artikel 67 – lid 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c) informatie te verzamelen om inzicht te krijgen in de oorzaken van terugkerende gevallen waarbij in de Unie ingevoerde fokdieren en levende producten ervan niet voldoen aan de zoötechnische en genealogische voorschriften voor invoer in de Unie waarvoor de naleving ten onrechte is gecertificeerd.

c) informatie en gegevens te verzamelen om inzicht te krijgen in de oorzaken van terugkerende of nieuwe gevallen waarbij in de Unie ingevoerde fokdieren en levende producten ervan niet voldoen aan de zoötechnische en genealogische voorschriften voor invoer in de Unie waarvoor de naleving ten onrechte is gecertificeerd.

Amendement    147

Voorstel voor een verordening

Artikel 67 – lid 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b) de organisatie van de bevoegde autoriteit van het derde land, haar bevoegdheden en onafhankelijkheid, het toezicht dat erop wordt uitgeoefend en het gezag dat zij heeft om de onder a) bedoelde wetgeving doeltreffend te handhaven;

b) de organisatie van de bevoegde autoriteit van het derde land, haar bevoegdheden en onafhankelijkheid, het toezicht dat erop wordt uitgeoefend en het gezag dat zij heeft om de toepasselijke wetgeving doeltreffend te handhaven;

Amendement    148

Voorstel voor een verordening

Artikel 67 – lid 2 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c) de opleiding van de personeelsleden voor het uitvoeren van officiële controles;

c) de opleiding van de personeelsleden door de bevoegde autoriteiten van derde landen voor het uitvoeren van officiële controles;

Amendement    149

Voorstel voor een verordening

Artikel 67 – lid 2 – letter f

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

f) de reikwijdte en uitvoering van officiële controles betreffende fokdieren en levende producten ervan die uit andere derde landen aankomen;

f) de reikwijdte en uitvoering van door de bevoegde autoriteiten van deze derde landen uitgevoerde officiële controles betreffende fokdieren en levende producten ervan die uit andere derde landen aankomen;

Amendement    150

Voorstel voor een verordening

Artikel 68 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De frequentie van de controles van de Commissie in derde landen wordt bepaald op basis van:

1. De frequentie van de controles van de Commissie in derde landen als bedoeld in artikel 67, lid 1, wordt bepaald op basis van:

Amendement    151

Voorstel voor een verordening

Artikel 68 – lid 1 – letter d bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

d bis) alle andere relevant geachte informatie.

Amendement    152

Voorstel voor een verordening

Artikel 70 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Wanneer er aanwijzingen zijn dat de zoötechnische en genealogische voorschriften in deze verordening wellicht op grote schaal en op ernstige wijze niet worden nageleefd, stelt de Commissie door middel van uitvoeringshandelingen de bijzondere maatregelen vast die noodzakelijk zijn om die niet-naleving te beëindigen.

1. Wanneer er aanwijzingen zijn dat de zoötechnische en genealogische voorschriften in deze verordening wellicht op ernstige wijze niet worden nageleefd, stelt de Commissie door middel van uitvoeringshandelingen de bijzondere maatregelen vast die noodzakelijk zijn om die niet-naleving te beëindigen.

Amendement    153

Voorstel voor een verordening

Artikel 70 – lid 2 – letter b – punt ii

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

ii) vergezeld gaan van een officieel certificaat of enig ander bewijsstuk waaruit blijkt dat de fokdieren of levende producten ervan voldoen aan de voorschriften in hoofdstuk VII van deze verordening of in de uit hoofde van artikel 45, lid 1, vastgestelde gedelegeerde handeling;

ii) vergezeld gaan van een officieel certificaat of enig ander bewijsstuk waaruit blijkt dat de fokdieren of levende producten ervan voldoen aan de voorschriften in hoofdstuk VII van deze verordening;

Amendement    154

Voorstel voor een verordening

Artikel 71 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De bevoegdheid om de in artikel 4, lid 3, artikel 8, lid 3, artikel 17, lid 4, artikel 19, lid 4, artikel 20, lid 2, artikel 21, lid 2, artikel 23, lid 4, artikel 24, lid 2, artikel 28, lid 1, artikel 32, lid 2, artikel 33, lid 3, artikel 35, lid 1, artikel 39, lid 2, artikel 45, lid 1, en artikel 52, lid 1, bedoelde gedelegeerde handelingen vast te stellen wordt aan de Commissie toegekend voor onbepaalde tijd met ingang van de inwerkingtreding van deze verordening.

2. De in artikel 32, lid 2 en artikel 33, lid 3, bedoelde bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend voor een termijn van vijf jaar met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze verordening. De Commissie stelt uiterlijk negen maanden voor het einde van de termijn van 5 jaar een verslag op over de bevoegdheidsdelegatie en legt dit verslag voor aan het Europees Parlement en de Raad. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend met termijnen van dezelfde duur verlengd , tenzij het Europees Parlement of de Raad zich uiterlijk drie maanden voor het verstrijken van elke termijn tegen deze verlenging verzet.

 

Amendement    155

Voorstel voor een verordening

Artikel 71 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Het Europees Parlement of de Raad kan de in artikel 4, lid 3, artikel 8, lid 3, artikel 17, lid 4, artikel 19, lid 4, artikel 20, lid 2, artikel 21, lid 2, artikel 23, lid 4, artikel 24, lid 2, artikel 28, lid 1, artikel 32, lid 2, artikel 33, lid 3, artikel 35, lid 1, artikel 39, lid 2, artikel 45, lid 1, en artikel 52, lid 1, bedoelde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Het besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.

3. Het Europees Parlement of de Raad kan de in artikel 32, lid 2, en artikel 33, lid 3, bedoelde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Het besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.

Amendement    156

Voorstel voor een verordening

Artikel 71 – lid 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. Een overeenkomstig artikel 4, lid 3, artikel 8, lid 3, artikel 17, lid 4, artikel 19, lid 4, artikel 20, lid 2, artikel 21, lid 2, artikel 23, lid 4, artikel 24, lid 2, artikel 28, lid 1, artikel 32, lid 2, artikel 33, lid 3, artikel 35, lid 1, artikel 39, lid 2, artikel 45, lid 1, en artikel 52, lid 1, vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het Europees Parlement noch de Raad daartegen binnen een termijn van twee maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de Raad bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad voor het verstrijken van die termijn de Commissie hebben medegedeeld dat zij daartegen geen bezwaar zullen maken. Die termijn kan op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden worden verlengd.

5. Een overeenkomstig artikel 32, lid 2, en artikel 33, lid 3, vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het Europees Parlement noch de Raad binnen een termijn van twee maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de Raad daartegen bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad voor het verstrijken van die termijn de Commissie hebben medegedeeld dat zij daartegen geen bezwaar zullen maken. Die termijn kan op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden worden verlengd.

 

Amendement    157

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Deel 1 – titel

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Algemene voorschriften voor de erkenning van stamboekverenigingen en fokkerijen, zoals bedoeld in artikel 4, lid 2

Algemene voorschriften voor de erkenning van stamboekverenigingen en fokkerijen, zoals bedoeld in artikel 4, lid 2, onder b)

 

(Dit amendement is van toepassing op de gehele tekst. Bij aanneming van dit amendement moet deze wijziging in de gehele tekst worden doorgevoerd.)

Amendement    158

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Deel 1 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. juridisch en financieel onafhankelijk zijn van de bevoegde autoriteit;

Schrappen

Motivering

Deze bepaling komt niet overeen met de realiteit van sommige stamboekverenigingen en zou het bestaan van deze verenigingen dus op het spel zetten.

Amendement    159

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Deel 1 – punt 3 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d) de gegevens over de zoötechnische prestaties van fokdieren die nodig zijn voor de uitvoering van het overeenkomstig artikel 8, lid 1, en, indien van toepassing, artikel 9 goed te keuren fokprogramma kan genereren en gebruiken;

d) in staat is de gegevens over de zoötechnische prestaties van fokdieren die nodig zijn voor de uitvoering van het overeenkomstig artikel 8, lid 1, en, indien van toepassing, artikel 9 goed te keuren fokprogramma direct of indirect te genereren en te gebruiken;

Motivering

Er dient nogmaals op te worden gewezen dat stamboekverenigingen of fokkerijen een deel van hun activiteiten kunnen overdragen.

Amendement    160

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Deel 1 – punt 3 – letter e – inleidend gedeelte

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

e) indien de stamboekvereniging of fokkerij lidmaatschap van de fokkers voorschrijft, een huishoudelijk reglement heeft vastgesteld om te zorgen voor:

e) indien een stamboekvereniging of fokkerij een lidmaatschapsregeling kent, een huishoudelijk reglement heeft vastgesteld om met name te zorgen voor:

 

Amendement    161

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Deel 1 – punt 3 – letter f

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

f) een huishoudelijk reglement hebben vastgesteld om geschillen met fokkers, die voortkomen uit het prestatieonderzoek en de genetische evaluatie van fokdieren, de opname in klassen op grond van de genetische waarde en de toelating van fokdieren tot de voortplanting en tot de winning en het gebruik van levende producten, te beslechten.

f) een huishoudelijk reglement hebben vastgesteld om geschillen met fokkers te beslechten en waarin de rechten en plichten zijn neergelegd van fokkers die deelnemen aan het fokprogramma van de stamboekvereniging of fokkerij.

 

Amendement    162

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Deel 2 – punt 1 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d) de doelstellingen van het fokprogramma en gedetailleerde evaluatiecriteria met betrekking tot de selectie van fokdieren, waarbij in het geval van de opstelling van een stamboek voor een nieuw ras informatie moet worden gegeven over de precieze omstandigheden die de instelling van een stamboek of rasregister van het nieuwe ras rechtvaardigen;

d) de doelstellingen van het fokprogramma, de te beoordelen populaties en gedetailleerde evaluatiecriteria met betrekking tot de selectie van fokdieren, waarbij in het geval van de opstelling van een stamboek voor een nieuw ras informatie moet worden gegeven over de precieze omstandigheden die de instelling van een stamboek of rasregister van het nieuwe ras rechtvaardigen;

Amendement    163

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Deel 2 – punt 1 – letter e

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

e) de systemen waarmee de resultaten van prestatieonderzoek worden gegenereerd, geregistreerd, gecommuniceerd en gebruikt en, indien voorgeschreven in artikel 27, genetische evaluatie wordt uitgevoerd om een inschatting te maken van de genetische waarden van fokdieren, met het oog op de verbetering, de selectie of het behoud van het ras of de verbetering van de kruising;

e) de systemen waarmee de resultaten van prestatieonderzoek worden gegenereerd, geregistreerd, gecommuniceerd en gebruikt en, indien voorgeschreven in artikel 27, een inschatting wordt gemaakt van de genetische waarden van fokdieren, die een genomische beoordeling kan omvatten, met het oog op de verbetering, de selectie of het behoud van het ras of de planning van de kruising;

Amendement    164

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Deel 2 – punt 1 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Indien het fokprogramma als een instandhoudingsprogramma moet worden uitgevoerd, moeten, naast de bepalingen van de eerste alinea, onder a) tot en met g), de noodzakelijke en passende maatregelen in situ (op levende dieren) of ex situ (bewaring van teeltmateriaal of weefsels) worden genomen om het genetische erfgoed van een ras in stand te houden.

Amendement    165

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – Deel 1 – Hoofdstuk I – punt 1 – letter a – sub i

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

i) in artikel 2, onder i), i), in het geval van raszuivere fokrunderen (Bos taurus en Bubalus bubalis), fokvarkens (Sus scrofa), fokschapen (Ovis aries) en fokgeiten (Capra hircus);

i) in artikel 2, onder i), i), in het geval van raszuivere fokrunderen (Bos taurus, Bos indicus en Bubalus bubalis), fokvarkens (Sus scrofa), fokschapen (Ovis aries) en fokgeiten (Capra hircus);

Amendement    166

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – Deel 1 – Hoofdstuk 1 – punt 1 – letter a – sub ii

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

ii) in artikel 2, onder i), ii), in het geval van raszuivere fokpaarden (Equus caballus en Equus asinus);

ii) in artikel 2, onder i), ii), in het geval van raszuivere fokpaarden of -ezels (Equus caballus en Equus asinus). Beide ouders van het dier worden in de hoofdsectie van het stamboek ingeschreven en zijn door de stamboekvereniging toegelaten tot de voortplanting;

Motivering

Het proces dat voorafgaat aan de toelating (en dus de mogelijke afwijzing) van een hengst of merrie tot de voortplanting in een stamboek maakt het mogelijk met name op zoötechnisch vlak controle uit te oefenen in het kader van een fokbenadering die verder gaat dan alleen de stamboom. Ezels moeten ook in de verordening worden opgenomen.

Amendement    167

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – Deel 1 – Hoofdstuk I – punt 1 – letter a – sub iii

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

iii) in de uit hoofde van artikel 35, punt 1, en artikel 45, punt 1, vastgestelde gedelegeerde handelingen, in het geval van raszuivere fokdieren van andere soorten zoals bedoeld in artikel 2, onder i), iii);

Schrappen

Amendement     168

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – sectie 1 – subsectie 1 – punt 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c) het dier is na de geboorte geïdentificeerd overeenkomstig de diergezondheidswetgeving van de Unie betreffende de betrokken soort en de voorschriften in het overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurde fokprogramma, die in het geval van raszuivere fokpaarden identificatie van het veulen voordat het is gespeend en ten minste een dekcertificaat moeten vereisen;

c) het dier is na de geboorte geïdentificeerd overeenkomstig de diergezondheidswetgeving van de Unie betreffende het betrokken ras en de voorschriften in het overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurde fokprogramma, die in het geval van raszuivere fokpaarden identificatie van het veulen voordat het is gespeend en ten minste een dekcertificaat moeten vereisen;

Amendement    169

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – Deel 1 – punt 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis. Een stamboekvereniging die een raszuiver fokpaard inschrijft in haar stamboek, mag niet weigeren om een gecastreerde hengst die voldoet aan de voorwaarden van punt 1, onder b) en c), en, indien van toepassing, punt 1, onder d), in te schrijven of te registreren voor inschrijving als de ouders van dit dier opgenomen zijn in het stamboek en door een stamboekvereniging toegelaten zijn tot de voortplanting.

Amendement     170

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – sectie 1 – subsectie 3 – punt 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis. Stamboekverenigingen mogen niet weigeren mannelijke schapen of geiten die als raszuiver worden beschouwd in de hoofdsectie van het door hen overeenkomstig hoofdstuk I opgestelde stamboek in te schrijven, als het dier aan de volgende voorwaarden voldoet:

 

a) zijn ouders en grootouders zijn ingeschreven in een aanvullende sectie van een stamboek van hetzelfde ras, zoals bedoeld in punt 1;

 

b) het gaat om een dier van een sterk ras waarvoor een goedgekeurd en tijdelijk fokprogramma bestaat dat voorziet in de inschrijving van mannelijke fokdieren in een aanvullende sectie van een stamboek voor dat ras overeenkomstig punt 1.

Motivering

Bestaande afwijkingen voor sterke rassen moeten ongewijzigd blijven om de genetische diversiteit te behouden.

Amendement     171

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – sectie 1 – subsectie 3 – punt 4 – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

In het geval van vrouwelijke raszuivere fokpaarden mogen die voorwaarden niet strenger zijn dan de in punt 3, onder a) en b), van dit hoofdstuk vastgelegde voorwaarden.

Schrappen

Motivering

Certaines races d’équidés (races rustiques entre autres) utilisent une section annexe en vue d’obtenir des animaux de race pure (ou quasiment) inscriptibles en section principale. Ce niveau de pureté de la race ne peut être atteint qu’à l’issue de croisements successifs de juments (ou ânesses), inscrites en annexe, avec des étalons (ou baudets) de la race et sur plusieurs générations. Or, la disposition introduite au dernier alinéa et qui n’existe pas dans la réglementation actuelle, ne permettrait plus d’atteindre ce niveau de pureté en obligeant à inscrire en section principale des femelles issues seulement de deux croisements successifs avec un mâle de la race.

Amendement     172

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – kopje 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Stamboekverenigingen kunnen prestatieonderzoek uitvoeren op basis van de vereisten van hun fokprogramma, en wanneer prestatieonderzoeken worden verricht kunnen zij activiteiten kiezen die geschikt zijn voor hun fokprogramma.

Amendement    173

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk I – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Stamboekverenigingen verrichten prestatieonderzoek om de genetische waarde van raszuivere fokrunderen te bepalen, waarbij zij een of meer van de in dit hoofdstuk beschreven methoden toepassen.

Stamboekverenigingen verrichten prestatieonderzoek, of laten dit verrichten door een aangewezen instantie als bedoeld in artikel 29, lid 1, om de genetische waarde van raszuivere fokrunderen te bepalen, waarbij zij een of meer van de in dit hoofdstuk beschreven methoden toepassen.

Amendement    174

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk I – punt 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Het prestatieonderzoek geschiedt overeenkomstig de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het Internationale Comité voor de productiecontrole bij dieren (ICAR) zijn vastgesteld.

Het prestatieonderzoek geschiedt overeenkomstig de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld.

 

(Dit amendement is van toepassing op de gehele tekst. Bij aanneming van dit amendement moet deze wijziging in de gehele tekst worden doorgevoerd.)

Amendement    175

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk I – Sectie 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Stamboekverenigingen moeten de melkproductiegegevens vastleggen volgens de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld.

(Niet van toepassing op de Nederlandse versie.)

Amendement    176

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk I – Sectie 3 – punt 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Bij de genetische evaluatie mag alleen rekening worden gehouden met temperament, exterieurbeoordeling en weerstand tegen ziekten als de gegevens zijn gegenereerd op basis van een registratiesysteem dat is goedgekeurd door de in artikel 29, lid 1, bedoelde aangewezen instantie.

2. Bij de genetische evaluatie mag alleen rekening worden gehouden met temperament, exterieurbeoordeling en weerstand tegen ziekten, of andere nieuwe kenmerken als de gegevens zijn gegenereerd op basis van een registratiesysteem dat is goedgekeurd door de in artikel 29, lid 1, bedoelde aangewezen instantie.

 

Motivering

Andere soorten mogen alleen via medebeslissing worden opgenomen in deze verordening.

Amendement    177

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 2 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De fokwaarde van een fokdier wordt berekend aan de hand van de resultaten van het prestatieonderzoek van het individuele dier of zijn verwanten; het vertrouwen in die fokwaarde kan worden vergroot door gebruik te maken van genomische informatie of door toepassing van een andere methode die door het in artikel 31, lid 1, bedoelde referentiecentrum van de Europese Unie is gevalideerd.

De fokwaarde van een fokdier wordt berekend aan de hand van informatie in verband met het genoom en/of de resultaten van het prestatieonderzoek van het individuele dier en/of zijn verwanten, en/of een andere informatiebron die door het in artikel 31, lid 1, bedoelde referentiecentrum van de Europese Unie is gevalideerd.

Motivering

De formulering van de Commissie zou zo kunnen worden opgevat dat jonge stieren zonder dochters, zogenaamde genomische stieren, niet tot de voortplanting mogen worden toegelaten. Het op de markt kunnen brengen van zaad van genomisch geëvalueerde stieren moet echter worden gewaarborgd.

Amendement    178

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis. Stamboekverenigingen zien erop toe dat de belangrijkste milieufactoren en de gegevensstructuur geen vertekeningen veroorzaken. Stamboekverenigingen kunnen een beroep doen op het desbetreffende in artikel 31, lid 1, bedoelde referentiecentrum van het de Europese Unie, als ze zich ervan willen vergewissen dat hun statistische methoden voor genetische evaluatie voldoen aan de internationaal vastgestelde en erkende voorschriften en normen. Wanneer het referentiecentrum van de Europese Unie om deskundig advies wordt gevraagd, behandelt het door de stamboekvereniging verstrekte informatie als vertrouwelijk.

Motivering

De door de Commissie voorgestelde verplichting zou de innovatie inzake genetische evaluatie in de kiem kunnen smoren en in voorkomend geval het zakengeheim van een stamboekvereniging die innovatieve statistische methoden ontwikkelt, in gevaar kunnen brengen.

Amendement    179

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 3 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De bij de genetische evaluatie toegepaste statistische methoden moeten voldoen aan de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, punt 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld en een genetische evaluatie waarborgen die niet beïnvloed wordt door de belangrijkste omgevingsfactoren of de gegevensstructuur.

Schrappen

Amendement    180

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 3 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De betrouwbaarheid van de genetische evaluatie wordt gemeten als de determinatiecoëfficiënt overeenkomstig de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld. Bij publicatie van de evaluatieresultaten worden de betrouwbaarheid en de evaluatiedatum vermeld.

Niet van toepassing op de Nederlandse versie.

Amendement     181

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – sectie 1 – subsectie 2 – punt 5 – inleidend gedeelte

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. Stieren die zijn bedoeld voor kunstmatige inseminatie, met uitzondering van stieren van rassen die met uitsterven worden bedreigd, moeten worden onderworpen aan een genetische evaluatie met betrekking tot de verplichte kenmerken, zoals beschreven in punt 6 of 7. Deze fokwaarden worden door de stamboekvereniging gepubliceerd.

5. Stieren van minstens 12 maanden die op de markt worden gebracht ten behoeve van kunstmatige inseminatie, met uitzondering van stieren van rassen die met uitsterven worden bedreigd, worden onderworpen aan een genetische evaluatie met betrekking tot ten minste de verplichte kenmerken, zoals beschreven in punt 6 of 7. Al deze fokwaarden worden door de stamboekvereniging gepubliceerd.

 

Motivering

Het recht op informatie moet betrekking hebben op het geheel van de beschikbare genetische waarden maar mag geen stieren betreffen die getest worden of zich in het bevestigingsproces bevinden.

Amendement    182

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 5 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

De stamboekvereniging publiceert tevens alle andere fokwaarden voor de stieren die voor kunstmatige-inseminatieprogramma's bedoeld zijn.

Amendement    183

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 5 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De stamboekvereniging moet ook andere beschikbare fokwaarden publiceren van stieren die voor kunstmatige inseminatie zijn bedoeld.

De stamboekvereniging publiceert ook bestaande fokwaarden van stieren voor natuurlijke dekking zijn bedoeld, en van vrouwelijke dieren.

Motivering

De gegevens van geïndexeerde vrouwelijke dieren moeten ook beschikbaar zijn.

Amendement    184

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 6 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De minimale betrouwbaarheid van de genetische evaluatie van stieren voor kunstmatige inseminatie van de melkrassen moet ten minste 0,5 bedragen voor de kenmerken melkopbrengst, het melkvet- en eiwitgehalte, overeenkomstig de voorschriften en normen die desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld voor de evaluatie van de belangrijkste productiekenmerken, waarbij alle beschikbare informatie over de nakomelingen en broers en zussen in aanmerking wordt genomen.

Niet van toepassing op de Nederlandse versie.

Amendement    185

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 6 – alinea 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Genomisch geëvalueerde jonge stieren waarvoor geen prestatiegegevens van nakomelingen beschikbaar zijn, worden geschikt geacht voor kunstmatige inseminatie indien hun genomische evaluatie is gevalideerd overeenkomstig de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld.

Niet van toepassing op de Nederlandse versie.

Amendement    186

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 7 – alinea 1 – letter e

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

e) genomische evaluatie of een andere methode, waaronder een combinatie van deze methoden, die is gevalideerd overeenkomstig de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld.

Niet van toepassing op de Nederlandse versie.

Amendement    187

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 7 – alinea 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De minimale betrouwbaarheid van de genetische evaluatie van stieren met het oog op kunstmatige inseminatie van vleesrassen moet ten minste 0,5 bedragen voor de kenmerken toename van het levend gewicht en spierontwikkeling (bevleesdheid), overeenkomstig de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld voor de evaluatie van de belangrijkste productiekenmerken.

De minimale betrouwbaarheid van de genetische evaluatie van stieren met het oog op kunstmatige inseminatie van vleesrassen moet ten minste 0,3 bedragen voor de kenmerken toename van het levend gewicht en spierontwikkeling (bevleesdheid), overeenkomstig de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld voor de evaluatie van de belangrijkste productiekenmerken.

Motivering

De door de Commissie voorgestelde drempel is te hoog in het licht van de huidige fokmethoden die voor vleesproductie worden gebruikt.

Amendement    188

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 7 – alinea 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De minimale betrouwbaarheid van de genetische evaluatie van stieren met het oog op kunstmatige inseminatie van vleesrassen moet ten minste 0,5 bedragen voor de kenmerken toename van het levend gewicht en spierontwikkeling (bevleesdheid), overeenkomstig de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld voor de evaluatie van de belangrijkste productiekenmerken.

Niet van toepassing op de Nederlandse versie.

Amendement    189

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 7 – alinea 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Indien genomische fokwaarden worden berekend, moeten deze waarden voor de betrokken kenmerken worden gevalideerd overeenkomstig de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld.

Niet van toepassing op de Nederlandse versie.

Amendement     190

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – sectie 2 – subsectie 2 – puhnt 1 – letter a – inleidend gedeelte

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a) De genetische waarde van het fokdier wordt berekend door de kwaliteiten van een geschikt aantal nakomelingen of broers en zussen met betrekking tot de productie-eigenschappen te beoordelen:

a) De genetische waarde van het fokdier wordt berekend op basis van genoominformatie of door de kwaliteiten van een geschikt aantal nakomelingen of broers en zussen met betrekking tot de productie-eigenschappen te beoordelen of een combinatie van deze methoden:

Motivering

Er moet rekening worden gehouden met de technologische ontwikkelingen en de toepassing van de genoommethode bij het fokken van varkens.

Amendement     191

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – sectie 3 – subsectie 1 – punt 1 – letter b – sub ii

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

ii) de maximumleeftijd of het maximumgewicht van jonge fokdieren aan het begin van het onderzoek en het aantal dieren;

ii) het geslacht, de maximumleeftijd of het maximumgewicht van jonge fokdieren aan het begin van het onderzoek en het aantal dieren;

 

Amendement    192

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 3 – Hoofdstuk I – punt 3 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a) de kenmerken die overeenkomstig de met het ICAR overeengekomen beginselen worden geregistreerd, zoals de melkproductie, de melksamenstelling of andere relevante gegevens, moeten worden vermeld;

Niet van toepassing op de Nederlandse versie

Amendement    193

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 3 – Hoofdstuk I – punt 3 – letter b – sub i

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

i) betrekking hebben op een tijdsperiode die overeenkomt met de norm die door het ICAR voor de registratie van de productiviteit van melkdieren is vastgesteld;

Niet van toepassing op de Nederlandse versie

Amendement     194

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – sectie 3 – subsectie 2 – punt 1 – inleidend gedeelte

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De genetische waarde van een fokdier wordt berekend door de kwaliteiten van een geschikt aantal nakomelingen en, indien van toepassing, broers en zussen te beoordelen:

De genetische waarde van een fokdier wordt berekend op basis van genoominformatie of door de kwaliteiten van een geschikt aantal nakomelingen en, indien van toepassing, broers en zussen te beoordelen of een combinatie van deze methoden:

 

Motivering

Er moet rekening worden gehouden met de technologische ontwikkelingen en de toepassing van de genoommethode bij het fokken van schapen.

Amendement     195

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – punt 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c) personeel dat is opgedragen het vertrouwelijke karakter van bepaalde onderwerpen, resultaten en mededelingen te eerbiedigen;

c) procedures om ervoor te zorgen dat het vertrouwelijke karakter van bepaalde onderwerpen, resultaten en mededelingen gehandhaafd blijft;

Amendement    196

Voorstel voor een verordening

Bijlage V – Deel 2 – Hoofdstuk I – punt 1 – letter l

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

l) alle beschikbare resultaten van het prestatieonderzoek en de bijgewerkte resultaten van de genetische evaluatie, met inbegrip van genetische bijzonderheden en de genetische defecten van het raszuivere fokdier zelf en van de ouders en grootouders ervan, zoals vereist in het overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurde fokprogramma voor de categorie en het raszuivere fokdier in kwestie;

l) alle beschikbare resultaten van de genetische evaluatie of, wanneer die ontbreekt, van het prestatieonderzoek, met inbegrip van genetische bijzonderheden en de genetische defecten van het raszuivere fokdier zelf en van de ouders en grootouders ervan, zoals vereist in het overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurde fokprogramma voor de categorie en het raszuivere fokdier in kwestie;

Motivering

Door alle informatie over het fokprogramma te vermelden, zou de stamboom nodeloos te vol raken. Relevante, beknopte informatie over de beschikbare resultaten van de genetische evaluatie volstaat.

TOELICHTING

De zoötechnische wetgeving van de Europese Unie (EU) is erop gericht de vrije handel in fokdieren en hun genetische materiaal binnen de EU te bevorderen en de invoer ervan mogelijk te maken met inachtneming van het behoud van fokprogramma's en programma's ter instandhouding van de genetische rijkdommen in Europa.

Het fokken van gebruiksdieren en met name dieren waarvan is vastgesteld dat ze genetisch erg bijzonder zijn, draagt niet alleen bij tot de economische en sociale ontwikkeling van het betrokken gebied maar vormt ook een pijler van de voedselzekerheid in de Unie.

De Europese Commissie wil alle richtlijnen in verband met de zoötechnische wetgeving van de verschillende soorten middels deze verordening in één rechtscorpus bundelen en zo de verwezenlijking van de interne markt op dit gebied voltooien. Er zij echter op gewezen dat de Europese Commissie een breder doel heeft dan alleen hergroepering en vereenvoudiging van teksten. Er wordt namelijk een geharmoniseerde structurering van fokken voorgesteld, hetgeen een niet te verwaarlozen effect zal sorteren in de sector van de dierlijke genetica in Europa. De rapporteur steunt deze algemene aanpak, maar wenst bepaalde punten te verduidelijken of herzien.

Allereerst wil de rapporteur bepaalde definities aanvullen of verduidelijken. In het bijzonder zijn de termen "ras" en "fokprogramma" niet gedefinieerd, terwijl ze van essentieel belang zijn voor de interpretatie van deze verordening.

Het streven naar een sterkere concurrentiepositie, zodat met name de grote Europese rassen internationaal uitgevoerd kunnen worden, mag echter niet de soms zeer zeldzame lokale rassen in gevaar brengen, die een wezenlijk bestanddeel van de genetische biodiversiteit in Europa uitmaken. De rapporteur wil ervoor zorgen dat dit evenwicht in de hele tekst bewaard wordt. Met name de artikelen 5 en 9 zijn dienovereenkomstig gewijzigd.

De stamboekvereniging (SV) of fokkerij krijgt voortaan de leiding over de fokprogramma's. De SV/SO moet voldoen aan precieze criteria om de erkenning van de bevoegde autoriteit te verkrijgen. Hun fokprogramma's moeten tevens worden goedgekeurd door de bevoegde autoriteit. De rapporteur is voorstander van deze aanpak, die het mogelijk maakt de Europese rassen op doeltreffende wijze te structureren terwijl de wereldmarkt ingewikkelder en concurrerender wordt. De erkennings- en goedkeuringsprocedure moet derhalve worden gewaarborgd, hetgeen het doel is van een aantal amendementen, met name in hoofdstuk II. Daarnaast moeten bepaalde realiteiten in het veld in aanmerking worden genomen, waartoe diverse amendementen zijn ingediend die meer flexibiliteit bieden met betrekking tot de rechtspositie van de SV, haar mogelijkheid om een deel van haar activiteiten aan derde instanties over te dragen en haar interne organisatie ten aanzien van de fokkers.

Voor wat de rechten en plichten van de fokkers betreft, wenst de rapporter de bepalingen weer in evenwicht te brengen. Zo lijkt het nationale recht op bepaalde punten ruim voldoende om de fokkers in staat te stellen hun positie binnen een SV/SO te versterken. Dit verklaart de schrapping van bepalingen die te extreem werden bevonden, met name betreffende beroepsprocedures (artikelen 11 t/m 14).

De bepalingen inzake officiële controles moeten worden vereenvoudigd en beperkt tot hetgeen noodzakelijk is om de eerbiediging van de Europese normen door derde landen te waarborgen.

De rapporteur is voorts van mening dat het aantal en de reikwijdte van de door de Europese Commissie voorgestelde gedelegeerde handelingen drastisch moeten worden beperkt. Gedelegeerde handelingen mogen in het bijzonder geen betrekking hebben op essentiële bepalingen, zoals die over de erkenning van de SV/SO, de goedkeuring van fokprogramma's, het bijhouden van stamboeken en het opnemen van nieuwe soorten in de verordening.

Bovendien is de rapporteur van oordeel dat paardachtigen, vanwege de bijzonderheid van hun stamboek, in deze verordening niet op dezelfde manier behandeld kunnen worden als de andere soorten. De zetel van hun organisatie mag dan wel in de EU gevestigd zijn, de grote paardenrassen zijn internationaal georganiseerd en daaraan valt niet te tornen. Europa is tegenwoordig wereldleider in het kweken van paardachtigen. De diversiteit en de kwaliteitsbenadering van hun stamboeken moeten behouden blijven.

Tot slot wil de rapporteur nogmaals wijzen op het belang van de werkzaamheden van het Internationale Comité voor de productiecontrole bij dieren (International Committee for Animal Recording (ICAR)) inzake identificatiemethodes en voorschriften voor prestatieonderzoek en genetische evaluatie van gebruiksdieren. Het ICAR moet duidelijk als referentie-instantie inzake de ontwikkeling van de zoötechnische wetgeving worden aangewezen op de terreinen waarvoor het bevoegd is.

26.1.2015

ADVIES van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid

aan de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling

inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de zoötechnische en genealogische voorwaarden voor de handel in en de invoer in de Unie van fokdieren en levende producten ervan

(COM(2014)0005 – C8‑0032/2014 – 2014/0032(COD))

Rapporteur voor advies: Michel Dantin

BEKNOPTE MOTIVERING

De zoötechnische wetgeving van de Europese Unie (EU) is erop gericht de vrije handel in fokdieren en hun genetische materiaal binnen de EU te bevorderen en de invoer ervan mogelijk te maken met inachtneming van het behoud van fokprogramma's en programma's tot instandhouding van de genetische rijkdom, en dus van alle rassen die in Europa bestaan.

Het fokken van gebruiksdieren en met name dieren waarvan is vastgesteld dat ze genetisch erg bijzonder zijn, draagt niet alleen bij tot de economische en sociale ontwikkeling van het betrokken gebied maar vormt ook een pijler van de voedselzekerheid in de Unie.

Het streven naar een sterkere concurrentiepositie, zodat met name de grote Europese rassen internationaal uitgevoerd kunnen worden, mag de soms zeer zeldzame lokale rassen, die een wezenlijk bestanddeel van de genetische biodiversiteit in Europa uitmaken, echter niet in gevaar brengen. De rapporteur wenst ervoor te zorgen dat dit evenwicht in de hele tekst bewaard wordt.

De Europese Commissie wil alle richtlijnen in verband met de zoötechnische wetgeving van de verschillende soorten middels deze verordening in één rechtscorpus bundelen en zo de verwezenlijking van de interne markt op dit gebied voltooien. De rapporteur kan zich weliswaar in die aanpak vinden, maar gezien de doelstelling in de voorgaande alinea moeten een aantal bepalingen wel worden verbeterd.

Met name de begrippen "ras", "fokprogramma", "instandhoudingsprogramma" en "gevaar voor het behoud of de genetische diversiteit" ontbreken, hoewel ze van essentieel belang zijn voor de uitlegging van deze verordening. De rapporteur heeft besloten ze in zijn ontwerpverslag op te nemen.

Voorts zijn de artikelen 5 en 9, die met name betrekking hebben op de bescherming van de biodiversiteit, uitgewerkt om rekening te houden met alle situaties die een in Europa voorkomend lokaal ras in gevaar kunnen brengen.

Bovendien is de rapporteur van mening dat paardachtigen, vanwege hun bijzondere stamboek, in deze verordening niet op dezelfde manier behandeld kunnen worden als de andere soorten. De zetel van hun organisatie mag dan wel in de EU gevestigd zijn, de grote paardenrassen zijn internationaal georganiseerd en daaraan valt niet te tornen. Europa is tegenwoordig wereldleider in het fokken van paardachtigen. De diversiteit en de kwaliteitsbenadering van de paardenstamboeken moeten behouden blijven.

Tot slot wil de rapporteur nogmaals wijzen op het belang van de werkzaamheden van het Internationale Comité voor de productiecontrole bij dieren (International Committee for Animal Recording (ICAR)) inzake identificatiemethodes en voorschriften voor prestatieonderzoek en genetische evaluatie van gebruiksdieren. Het ICAR moet duidelijk als referentie-instantie inzake de ontwikkeling van de zoötechnische wetgeving worden aangewezen op de terreinen waarvoor het bevoegd is.

AMENDEMENTEN

De Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid verzoekt de ten principale bevoegde Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling onderstaande amendementen in aanmerking te nemen:

Amendement    1

Voorstel voor een verordening

Overweging 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(1) Het fokken van als landbouwhuisdier gehouden runderen, varkens, schapen, geiten en paarden, en in mindere mate het fokken van dieren van andere soorten, speelt een belangrijke rol in de landbouw van de Unie en vormt een bron van inkomsten voor de landbouwgemeenschap. Het fokken van dieren van die soorten wordt het best gestimuleerd indien gebruik wordt gemaakt van raszuivere fokdieren of hybride fokvarkens van vastgelegde hoge genetische kwaliteit.

(1) Het fokken van als gebruiksdieren gehouden runderen, varkens, schapen, geiten en paarden, en in mindere mate het fokken van dieren van andere soorten, speelt in economisch en maatschappelijk opzicht een strategische rol in de landbouw van de Unie. Deze landbouwactiviteit, die bijdraagt tot de voedselzekerheid van de Unie, vormt een bron van inkomsten voor de landbouwgemeenschap. Het fokken van dieren van die soorten wordt het best gestimuleerd indien gebruik wordt gemaakt van raszuivere fokdieren of hybride fokvarkens van vastgelegde hoge genetische kwaliteit.

Amendement    2

Voorstel voor een verordening

Overweging 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 bis) Het streven naar een sterkere concurrentiepositie mag echter niet leiden tot het verdwijnen van rassen met kenmerken die aangepast zijn aan bijzondere biofysische omstandigheden. Als er onvoldoende exemplaren worden gehouden, kunnen lokale rassen gevaar lopen, waardoor er genetische biodiversiteit verloren zou gaan.

Amendement    3

Voorstel voor een verordening

Overweging 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 bis) Diergezondheid en dierenwelzijn, met inbegrip van vervoersomstandigheden van levende dieren, zijn zorgen waarmee alle spelers in de zoötechnische sector rekening moeten houden, vooral met betrekking tot de genetische verbetering van rassen. De Commissie moet er dan ook op toezien dat deze zorgen terdege in acht worden genomen in de gedelegeerde en uitvoeringshandelingen die moeten worden vastgesteld voor de doeltreffende tenuitvoerlegging van deze verordening.

Amendement    4

Voorstel voor een verordening

Overweging 11

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(11) Het begrip "ras" moet echter een onbepaald rechtsbegrip blijven dat stamboekverenigingen in staat stelt om de groep dieren met voldoende genetische uniformiteit te beschrijven die zij beschouwen als verschillend van andere dieren van die soort en om hen met vermelding van hun bekende voorgeslacht in te schrijven in stamboeken om hun aangeboren eigenschappen door middel van reproductie, uitwisseling en selectie binnen het kader van een vastgesteld fokprogramma te reproduceren.

Schrappen

Motivering

Hoewel het begrip "ras" in de hele verordening voorkomt, wordt het niet gedefinieerd. Omwille van de rechtszekerheid stelt de rapporteur een definitie voor.

Amendement    5

Voorstel voor een verordening

Overweging 16

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(16) De kwaliteit van de diensten die worden verleend door stamboekverenigingen en fokkerijen en de wijze waarop zij dieren evalueren en classificeren, zijn van invloed op de waarde van fokdieren op de markt. Daarom moeten er voorschriften worden vastgesteld voor de erkenning van stamboekverenigingen en fokkerijen op basis van geharmoniseerde criteria van de Unie en het toezicht daarop door de bevoegde autoriteit van lidstaten om te waarborgen dat de door hen vastgestelde voorschriften geen ongelijkheden creëren tussen fokprogramma’s en fokvoorschriften en daardoor technische barrières voor de handel binnen de Unie opwerpen.

(16) De kwaliteit van de diensten die worden verleend door stamboekverenigingen en fokkerijen en de wijze waarop zij dieren evalueren en classificeren, bepalen het prestatieniveau van de dieren en zijn van invloed op de waarde van fokdieren op de markt. Daarom moeten er voorschriften worden vastgesteld voor de erkenning van stamboekverenigingen en fokkerijen op basis van geharmoniseerde criteria van de Unie en het toezicht daarop door de bevoegde autoriteit van lidstaten om te waarborgen dat de door hen vastgestelde voorschriften geen ongelijkheden creëren tussen fokprogramma’s en fokvoorschriften en daardoor technische barrières voor de handel binnen de Unie opwerpen.

Amendement    6

Voorstel voor een verordening

Overweging 19 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(19 bis) De doelstellingen van het Protocol van Nagoya inzake toegang tot genetische rijkdommen en de eerlijke en billijke verdeling van voordelen die voortvloeien uit het gebruik daarvan bij het Verdrag inzake biologische diversiteit zijn het behoud van de biologische diversiteit, het duurzame gebruik van de bestanddelen daarvan en de eerlijke en billijke verdeling van de voordelen die voortvloeien uit het gebruik van genetische rijkdommen, met inbegrip van passende toegang tot genetische rijkdommen en de juiste overdracht van de desbetreffende technologieën, waarbij rekening wordt gehouden met de rechten op die rijkdommen en technologieën, en door middel van passende financiering.

Amendement    7

Voorstel voor een verordening

Overweging 34

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(34) Prestatieonderzoek en genetische evaluatie mogen worden uitgevoerd door instanties die door de stamboekvereniging of de fokkerij zijn aangewezen. Die aangewezen instanties moeten samenwerken met de door de Commissie aangewezen referentiecentra van de Europese Unie. De Commissie moet daarom de bevoegdheid krijgen door middel van uitvoeringshandelingen referentiecentra van de Europese Unie aan te wijzen en aan de Commissie moeten de nodige bevoegdheden worden toegekend om gedelegeerde handelingen vast te stellen waarin hun taken en functies worden beschreven, zo nodig door bijlage IV te wijzigen. Die referentiecentra komen in aanmerking voor bijstand van de Unie overeenkomstig Beschikking 2009/470/EG van de Raad van 25 mei 2009 betreffende bepaalde uitgaven op veterinair gebied15. Voor de door een stamboekvereniging uitgevoerde prestatieonderzoeken en genetische evaluatie van raszuivere fokrunderen wordt momenteel bijstand verleend door het Interbull Centre, het referentieorgaan van de Europese Unie dat is aangewezen bij Beschikking 96/463/EG van de Raad van 23 juli 1996 tot aanwijzing van de referentie-instantie die verantwoordelijk is voor de uniformisering van de methoden voor het testen van raszuivere fokrunderen en van de evaluatie van de testresultaten16.

(34) Prestatieonderzoek en genetische evaluatie mogen worden uitgevoerd door instanties die door de stamboekvereniging of de fokkerij zijn aangewezen. Die aangewezen instanties moeten samenwerken met de door de Commissie aangewezen referentiecentra van de Europese Unie. De Commissie moet daarom de bevoegdheid krijgen door middel van uitvoeringshandelingen referentiecentra van de Europese Unie aan te wijzen en aan de Commissie moeten de nodige bevoegdheden worden toegekend om gedelegeerde handelingen vast te stellen waarin hun taken en functies worden beschreven, zo nodig door bijlage IV te wijzigen. Die referentiecentra komen in aanmerking voor bijstand van de Unie overeenkomstig Verordening (EU) nr. 652/2014 van het Europees Parlement en de Raad15. Voor de door een stamboekvereniging uitgevoerde prestatieonderzoeken en genetische evaluatie van raszuivere fokrunderen wordt momenteel bijstand verleend door het Interbull Centre, een vaste commissie van het Internationale Comité voor de productiecontrole bij dieren (ICAR), dat bij Beschikking 96/463/EG van de Raad is aangewezen als de referentie-instantie die verantwoordelijk is voor de uniformisering van de methoden voor het testen van raszuivere fokrunderen en van de evaluatie van de testresultaten16.

__________________

__________________

15 PB L 155 van 18.6.2009, blz. 30.

15 Verordening (EU) nr. 652/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 tot vaststelling van bepalingen betreffende het beheer van de uitgaven in verband met de voedselketen, diergezondheid en dierenwelzijn, alsmede in verband met plantgezondheid en teeltmateriaal, tot wijziging van de Richtlijnen 98/56/EG, 2000/29/EG en 2008/90/EG van de Raad, de Verordeningen (EG) nr. 178/2002, (EG) nr. 882/2004 en (EG) nr. 396/2005 van het Europees Parlement en de Raad, Richtlijn 2009/128/EG van het Europees Parlement en de Raad en Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van de Besluiten 66/399/EEG en 76/894/EEG en Beschikking 2009/470/EG van de Raad (PB L 189 van 27.6.2014, blz. 1).

16 PB L 192 van 2.8.1996, blz. 19.

16 PB L 192 van 2.8.1996, blz. 19.

Amendement    8

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a) zoötechnische en genealogische voorschriften voor de handel in fokdieren en sperma, eicellen en embryo’s ervan, alsook voor de invoer in de Unie van fokdieren en sperma, eicellen en embryo’s ervan;

a) zoötechnische en genealogische voorschriften voor de instandhouding en verbetering van het fokken van dieren, voor de handel in fokdieren en sperma, eicellen en embryo’s ervan, alsook voor de invoer in de Unie van fokdieren en sperma, eicellen en embryo’s ervan;

Motivering

Dit amendement sluit aan bij de nieuwe overweging 2 bis zoals voorgesteld door de rapporteur. De verordening betreft ook de instandhouding en verbetering van dierenrassen en beoogt zowel de instandhouding van lokale rassen en de biodiversiteit als de veredeling van de positieve kenmerken van die rassen.

Amendement    9

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – letter a – punt i

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

i) runderen (Bos taurus en Bubalus bubalis), varkens (Sus scrofa), schapen (Ovis aries) en geiten (Capra hircus);

i) runderen (Bos taurus, bos indicus en Bubalus bubalis), varkens (Sus scrofa), schapen (Ovis aries) en geiten (Capra hircus);

Amendement    10

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – letter a bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

a bis) "ras": een groep dieren met voldoende genetische uniformiteit om als verschillend van andere dieren van deze soort te worden beschouwd door een of meer fokkersgroepen die besluiten om ze in te schrijven in hun stamboeken, onder vermelding van het bekende voorgeslacht van de dieren, om met het oog op reproductie, uitwisseling en selectie als onderdeel van een vastgesteld fokprogramma hun aangeboren eigenschappen te reproduceren;

Amendement    11

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – letter e

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

e) “fokkerij”: een fokkersorganisatie, fokkersvereniging of privéonderneming die overeenkomstig artikel 4, lid 2, door de bevoegde autoriteit van een lidstaat erkend is met het oog op de uitvoering van een fokprogramma met hybride fokvarkens die in de door haar bijgehouden of opgestelde rasregisters zijn geregistreerd;

e) "hybride onderneming": een fokkersorganisatie, fokkersvereniging of privéonderneming die overeenkomstig artikel 4, lid 2, door de bevoegde autoriteit van een lidstaat erkend is met het oog op de uitvoering van een fokprogramma met hybride fokvarkens die in de door haar bijgehouden of opgestelde hybride registers zijn geregistreerd;

Amendement    12

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – letter f bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

f bis) "fokprogramma": elk fokprogramma en/of veredelingsprogramma en/of instandhoudingsprogramma dat door stamboekverenigingen of fokkerijen wordt beheerd en dat aan de minimumvoorwaarden van deel 2 van bijlage I moet voldoen om door de bevoegde autoriteiten te worden erkend;

Amendement    13

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – letter i – punt ii

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

ii) van de onder a), ii), bedoelde soorten, dat afstamt van ouders die in de hoofdsectie van een stamboek van hetzelfde ras zijn ingeschreven en dat zelf ingeschreven is, of geregistreerd is en in aanmerking komt voor inschrijving, in de hoofdsectie van een dergelijk stamboek overeenkomstig artikel 19;

ii) van de onder a), ii), bedoelde soorten, dat afstamt van ouders die in de hoofdsectie van een stamboek van hetzelfde ras zijn ingeschreven en dat zelf ingeschreven is, of geregistreerd is en in aanmerking komt voor inschrijving, in de hoofdsectie van een dergelijk stamboek overeenkomstig artikel 19, met inbegrip van ruinen;

Motivering

Deze definitie, die alleen fokdieren omvat, strookt niet met de kenmerken van het stamboek van paardachtigen, waarvan de dieren worden ingeschreven bij de geboorte, ongeacht of het later fokdieren worden. Het betreft hier met name ruinen en hun status van "geregistreerd paardachtige" .

Amendement    14

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – letter j – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

j) “hybride fokvarken”: een varken dat is geregistreerd in een rasregister en geproduceerd is door opzettelijke kruising tussen:

j) "hybride fokvarken": een varken dat is geregistreerd in een hybride register en geproduceerd is door opzettelijke kruising tussen:

Amendement    15

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – letter j bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

j bis) "lijn": een genetisch vastgelegde subpopulatie van raszuivere dieren van een bepaald ras;

Motivering

Als men overgaat tot het nemen van DNA-monsters, kan het aldus verkregen monster worden toegevoegd aan de documentatie die fokdieren tijdens hun hele leven vergezelt, en kan het gebruikt worden in geval van een geschil of bij identificatieproblemen.

Amendement    16

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – letter o

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

o) “genetische waarde”: een meetbare erfelijke eigenschap van een fokdier;

o) "genetische waarde": een schatting van het verwachte effect van het genotype van een dier op een bepaalde eigenschap van zijn nakomelingen;

Amendement    17

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – letter y bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

y bis) "gekloond dier": dier verwekt met een aseksuele, kunstmatige reproductiemethode teneinde een genetisch identieke of bijna identieke kopie van een individueel dier te verkrijgen;

Motivering

Dit amendement hangt samen met de amendementen op de artikelen 33 en 40 en bijlage V.

Amendement    18

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – letter y ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

y ter) "nakomeling van een gekloond dier": dier verwekt door seksuele reproductie, waarbij ten minste een van de voorzaten een gekloond dier is.

Motivering

Dit amendement hangt samen met de amendementen op de artikelen 33 en 40 en bijlage V.

Amendement    19

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. In afwijking van artikel 4, lid 2, onder b), mag de bevoegde autoriteit weigeren een stamboekvereniging te erkennen die aan de voorschriften van deel 1 van bijlage I voldoet wanneer het fokprogramma van die stamboekvereniging een gevaar zou vormen voor het behoud of de genetische diversiteit van de raszuivere fokdieren die ingeschreven zijn, of geregistreerd zijn en in aanmerking komen voor inschrijving, in het stamboek voor dat ras dat door een reeds in die lidstaat erkende stamboekvereniging is opgesteld.

1. In afwijking van artikel 4, lid 2, onder b), mag de bevoegde autoriteit weigeren een stamboekvereniging te erkennen die aan de voorschriften van deel 1 van bijlage I voldoet wanneer het fokprogramma van die stamboekvereniging een gevaar zou vormen voor:

 

– het behoud of de genetische diversiteit van de raszuivere fokdieren die ingeschreven zijn, of geregistreerd zijn en in aanmerking komen voor inschrijving, in het stamboek voor dat ras dat door een reeds in die lidstaat erkende stamboekvereniging is opgesteld, waardoor het toezicht op de toename van inteelt en de beheersing van afwijkingen van genetische oorsprong minder doelmatig verloopt wegens een gebrek aan gecoördineerd beheer en aan uitwisseling van informatie over het genetisch erfgoed van dit ras;

 

– de doeltreffende uitvoering van het veredelingsprogramma van een erkende vereniging voor datzelfde ras, waardoor de verwachte genetische vooruitgang aanzienlijk minder doelmatig verloopt,;

 

– het bereiken van de doelstellingen van het Protocol van Nagoya en het Verdrag inzake biologische diversiteit met betrekking tot het behoud van de biodiversiteit; of

 

– de doelstellingen van de EU-biodiversiteitsstrategie voor 2020.

Motivering

De bepalingen in verband met de mogelijkheden om de erkenning van stamboekverenigingen te weigeren moeten worden aangevuld om te voorkomen dat op een bepaald grondgebied een wildgroei van stamboekverenigingen voor eenzelfde ras ontstaat, wat tot onduidelijkheid voor de gebruikers zou leiden.

Amendement    20

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – lid 2 – letter c bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis) eventuele interferenties of een verzwakking die zouden voortvloeien uit de erkenning van een vereniging die dezelfde fokdieren registreert als een reeds erkende stamboekvereniging.

Amendement    21

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis. Een stamboekvereniging of een hybride onderneming mag geen eigen zoötechnisch programma uitvoeren zolang dit niet goedgekeurd is door de bevoegde autoriteit overeenkomstig lid 1.

Motivering

Dit lid wordt toegevoegd om te verduidelijken dat voor de activiteiten van een stamboekvereniging of een hybride onderneming de goedkeuring van het zoötechnisch programma noodzakelijk is en dat deze hier niet los van mogen worden gezien.

Amendement    22

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De in artikel 4 bedoelde bevoegde autoriteit kan stamboekverenigingen en fokkerijen toestemming geven om het technische beheer van hun stamboek of rasregister en andere specifieke aspecten van hun fokprogramma uit te besteden aan een derde partij, op voorwaarde dat:

2. De stamboekverenigingen en fokkerijen kunnen het technische beheer van hun stamboek of rasregister en andere specifieke aspecten van hun fokprogramma uitbesteden aan een derde partij, op voorwaarde dat:

Motivering

De stamboekverenigingen moeten zelf kunnen beslissen of ze het technische beheer van de stamboeken of rasregisters en andere specifieke aspecten van hun fokprogramma's al dan niet uitbesteden.

Amendement    23

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 2 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Wanneer zij de in de eerste alinea geboden mogelijkheid benutten, stellen de stamboekverenigingen en fokkerijen de bevoegde autoriteit daarvan in kennis.

Amendement    24

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot wijziging van de in deel 2 en, in het geval van raszuivere fokpaarden, deel 3 van bijlage I vervatte voorschriften voor de goedkeuring van fokprogramma's, teneinde rekening te houden met de variëteit van de fokprogramma’s die worden uitgevoerd door stamboekverenigingen en fokkerijen.

3. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen ter nadere bepaling van de in deel 2 en, in het geval van raszuivere fokpaarden, deel 3 van bijlage I vervatte voorschriften voor de goedkeuring van fokprogramma's, teneinde rekening te houden met de variëteit van de fokprogramma's die worden uitgevoerd door stamboekverenigingen en fokkerijen.

Amendement    25

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – lid 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b) aan de onder a) bedoelde bevoegde autoriteit bij die kennisgeving een kopie verstrekt van de in artikel 8, lid 1, bedoelde aanvraag tot goedkeuring van het fokprogramma.

b) aan de onder a) bedoelde bevoegde autoriteit bij die kennisgeving een kopie verstrekt van de in artikel 8, lid 1, bedoelde aanvraag tot goedkeuring van het fokprogramma, in de officiële taal van de onder a) bedoelde bevoegde autoriteit.

Amendement    26

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – lid 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b) de goedkeuring van nog een fokprogramma de populatie van de in die lidstaat beschikbare raszuivere dieren zodanig zou fragmenteren dat het behoud of de genetische diversiteit van het ras in gevaar zou komen.

b) de goedkeuring van nog een fokprogramma de populatie van de in die lidstaat beschikbare raszuivere dieren zodanig zou fragmenteren dat:

 

i) bij de instandhoudingsprogramma's het behoud of de genetische diversiteit in gevaar komt van de raszuivere fokdieren die ingeschreven zijn, of geregistreerd zijn en in aanmerking komen voor inschrijving in het stamboek dat door een reeds in die lidstaat erkende stamboekvereniging is opgesteld voor dat ras, als gevolg van teruglopende doelmatigheid bij het toezicht op een toenemend aantal gevallen van inteelt en de beheersing van afwijkingen van genetische oorsprong wegens een gebrek aan gecoördineerd beheer en aan uitwisseling van informatie over het genetisch erfgoed van dat ras; of

 

ii) bij de genetischeveredelingsprogramma's, onverminderd artikel 18, een dergelijke goedkeuring zou leiden tot teruglopende doelmatigheid bij de verwachte genetische vooruitgang, het toezicht op een toenemend aantal gevallen van inteelt en de beheersing van afwijkingen van genetische oorsprong wegens een gebrek aan gecoördineerd beheer en aan uitwisseling van informatie over het genetisch erfgoed van dit ras, of een dergelijke goedkeuring zou leiden tot ontwikkelingen op fokgebied die afwijken van of onverenigbaar zijn met de vastgelegde kenmerken van dat ras in die lidstaat.

Amendement    27

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – lid 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis. Fokkers die hun dieren verplaatsen naar locaties buiten het geografische gebied waarvoor een door een stamboekvereniging of een hybride onderneming beheerd zoötechnisch programma is goedgekeurd, kunnen hun dieren laten inschrijven of registreren in het stamboek of hybride register dat door die stamboekvereniging of hybride onderneming wordt beheerd, in overeenstemming met de artikelen 19 en 24.

Amendement    28

Voorstel voor een verordening

Artikel 20 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen tot wijziging van de in bijlage II, deel 1, hoofdstuk III, vervatte voorwaarden voor de opname van dieren in aanvullende secties van stamboeken.

2. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 71 gedelegeerde handelingen vast te stellen ter nadere bepaling van de in bijlage II, deel 1, hoofdstuk III, vervatte voorwaarden voor de opname van dieren in aanvullende secties van stamboeken.

Amendement    29

Voorstel voor een verordening

Artikel 21 – lid 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Stamboekverenigingen mogen het gebruik van in de hoofdsectie van hun stamboek ingeschreven raszuivere fokdieren voor voortplanting met behulp van de volgende reproductietechnieken, niet uitsluiten op zoötechnische of genealogische gronden die afwijken van de gronden die voortvloeien uit de toepassing van artikel 19:

1. Stamboekverenigingen mogen het gebruik van in de hoofdsectie van hun stamboek ingeschreven raszuivere fokdieren voor voortplanting met behulp van de volgende reproductietechnieken, niet uitsluiten op zoötechnische of genealogische gronden die afwijken van de gronden die voortvloeien uit de toepassing van artikel 19 en artikel 27:

Amendement    30

Voorstel voor een verordening

Artikel 21 – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis. In afwijking van lid 1 mogen stamboekverenigingen die een stamboek voor raszuivere fokpaarden beheren, ten behoeve van hun fokprogramma's of het behoud van de genetische diversiteit binnen een zuiver ras het gebruik van één of meerdere in lid 1 vermelde voortplantingsmethoden voor de in de hoofdsectie van hun stamboek ingeschreven raszuivere fokdieren beperken of verbieden.

Amendement    31

Voorstel voor een verordening

Artikel 22 – lid 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Stamboekverenigingen eisen dat raszuivere fokrunderen en mannelijke raszuivere fokschapen en -geiten van melkrassen worden geïdentificeerd door analyse van hun bloedgroep of met een andere geschikte methode die ten minste dezelfde zekerheidsgraad verschaft wanneer zij worden gebruikt voor:

1. Stamboekverenigingen eisen dat raszuivere fokrunderen, -schapen en ‑geiten worden geïdentificeerd door analyse van hun bloedgroep, SNP-analyses (single nucleotide polymorphism), microsatellietanalyses, DNA-monsters of met een andere geschikte methode die ten minste dezelfde zekerheidsgraad verschaft wanneer zij worden gebruikt voor:

Motivering

SNP- en microsatellietanalyses moeten ook als referentiemethode worden aangemerkt.

Amendement    32

Voorstel voor een verordening

Artikel 22 – lid 1 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

De Commissie houdt rekening met de ontwikkelingen in de identificatiemethodes op basis van de werkzaamheden van het ICAR en de International Society of Animal Genetics (ISAG).

Amendement    33

Voorstel voor een verordening

Artikel 22 – lid 2 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De Commissie kan op verzoek van een lidstaat of een Europese vereniging van stamboekverenigingen voor raszuivere dieren van de betrokken soort, door middel van uitvoeringshandelingen methoden voor de verificatie van de identiteit van raszuivere fokrunderen en mannelijke raszuivere fokschapen en -geiten van melkrassen goedkeuren die ten minste dezelfde zekerheidsgraad verschaffen als de analyse van de bloedgroep van die raszuivere fokdieren, waarbij zij rekening houdt met de technische ontwikkelingen en de aanbevelingen van de in artikel 31 bedoelde Europese referentiecentra.

1. De Commissie kan op verzoek van een lidstaat of een Europese vereniging van stamboekverenigingen voor raszuivere dieren van de betrokken soort, door middel van uitvoeringshandelingen methoden voor de verificatie van de identiteit van raszuivere fokrunderen en mannelijke raszuivere fokschapen en -geiten van melkrassen goedkeuren die ten minste dezelfde zekerheidsgraad verschaffen als de analyse van de bloedgroep van die raszuivere fokdieren, waarbij zij rekening houdt met de technische ontwikkelingen in de identificatiemethodes op basis van de werkzaamheden van het ICAR en ISAG en de aanbevelingen van de in artikel 31 bedoelde referentiecentra van de Europese Unie.

Amendement    34

Voorstel voor een verordening

Artikel 27 – lid 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Wanneer voor een overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurd fokprogramma prestatieonderzoek en genetische evaluatie moeten worden uitgevoerd met het oog op de classificatie van raszuivere fokpaarden in stamboeken en de toelating van mannelijke fokpaarden en het sperma ervan tot de voortplanting, waarborgen de stamboekverenigingen dat het prestatieonderzoek en de genetische evaluatie worden uitgevoerd overeenkomstig de volgende voorschriften, die zijn vastgesteld in bijlage I:

2. Wanneer voor een overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurd fokprogramma prestatieonderzoek en genetische evaluatie moeten worden uitgevoerd met het oog op de classificatie van raszuivere fokpaarden in stamboeken en de toelating van fokpaarden en de levende producten ervan tot de voortplanting, waarborgen de stamboekverenigingen dat het prestatieonderzoek en de genetische evaluatie worden uitgevoerd overeenkomstig de volgende voorschriften, die zijn vastgesteld in bijlage I:

Motivering

De mogelijkheid om prestatieonderzoek en genetische evaluaties uit te voeren voor toelating tot de voortplanting moet worden uitgebreid tot merries. Dit selectiemiddel is van fundamenteel belang voor bepaalde stamboekverenigingen.

Amendement    35

Voorstel voor een verordening

Artikel 28 – lid 1 – letter d bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

d bis) ethische bezwaren.

Amendement    36

Voorstel voor een verordening

Artikel 28 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. In het licht van het in artikel 13, lid 1, onder a), bedoelde advies van een onafhankelijke deskundige kan de Commissie door middel van een uitvoeringshandeling uniforme voorschriften vaststellen voor prestatieonderzoek en genetische evaluaties en voor de interpretatie van de resultaten ervan.

2. In het licht van het in artikel 13, lid 1, onder a), bedoelde advies van een onafhankelijke deskundige kan de Commissie door middel van een uitvoeringshandeling uniforme voorschriften vaststellen voor prestatieonderzoek en genetische evaluaties en voor de interpretatie van de resultaten ervan, op basis van de werkzaamheden van het ICAR.

Amendement    37

Voorstel voor een verordening

Artikel 33 – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis. In de zoötechnische certificaten wordt in ieder geval vermeld of het fokdier een gekloond dier of een nakomeling van een gekloond dier is, dan wel of het levende product afkomstig is van een gekloond dier of een nakomeling van een gekloond dier.

Motivering

In 2011 waren de drie instellingen het erover eens dat traceerbaarheid nodig was als een fundamentele en gemakkelijk toe te passen vereiste voor eventuele voorschriften inzake gekloonde dieren en hun nakomelingen waarover later zou worden beslist. Landbouwers moeten het recht hebben te weten of het door hen aangekochte teeltmateriaal afkomstig is van gekloonde dieren of hun nakomelingen. Reeds in 2010 beloofde de Commissie in haar verslag over het klonen van dieren om in de zoötechnische wetgeving traceerbaarheidsvereisten vast te stellen. (http://ec.europa.eu/dgs/health_consumer/docs/20101019_report_ec_cloning_nl.pdf, blz. 14).

Amendement    38

Voorstel voor een verordening

Artikel 40 – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis. In de zoötechnische certificaten wordt in ieder geval vermeld of het fokdier een gekloond dier of een nakomeling van een gekloond dier is, dan wel of het levende product afkomstig is van een gekloond dier of een nakomeling van een gekloond dier.

Motivering

In 2011 waren de drie instellingen het erover eens dat traceerbaarheid nodig was als een fundamentele en gemakkelijk toe te passen vereiste voor eventuele voorschriften inzake gekloonde dieren en hun nakomelingen waarover later zou worden beslist. Landbouwers moeten het recht hebben te weten of het door hen aangekochte teeltmateriaal afkomstig is van gekloonde dieren of hun nakomelingen. Reeds in 2010 beloofde de Commissie in haar verslag over het klonen van dieren om in de zoötechnische wetgeving traceerbaarheidsvereisten vast te stellen (http://ec.europa.eu/dgs/health_consumer/docs/20101019_report_ec_cloning_nl.pdf, blz. 14).

Amendement    39

Voorstel voor een verordening

Artikel 50 – lid 2 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c) een onderzoek van documenten en andere gegevens die van belang kunnen zijn voor de beoordeling van de naleving van de zoötechnische en genealogische voorschriften in deze verordening;

c) een onderzoek van documenten, traceerbaarheidsgegevens en andere gegevens die van belang kunnen zijn voor de beoordeling van de naleving van de zoötechnische en genealogische voorschriften in deze verordening;

Amendement    40

Voorstel voor een verordening

Artikel 53 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De in lid 1 bedoelde administratieve bijstand omvat, indien passend, de deelname door de bevoegde autoriteit van een lidstaat aan officiële controles ter plaatse die door de bevoegde autoriteit van een andere lidstaat worden verricht.

2. De in lid 1 bedoelde administratieve bijstand omvat, indien nodig, de deelname door de bevoegde autoriteit van een lidstaat aan officiële controles ter plaatse die door de bevoegde autoriteit van een andere lidstaat worden verricht.

Amendement    41

Voorstel voor een verordening

Artikel 60 – lid 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis. Onder geen beding mag de in de EU bestaande limiet van acht uur voor alle vervoer van levende dieren worden geschonden, zoals vastgelegd in Verordening (EG) nr. 1/2005 van de Raad.

Motivering

Landbouwers dragen de juridische verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat hun dieren zo worden vervoerd dat zij niet worden blootgesteld aan letsel of onnodig lijden. Desondanks blijven er tijdens het vervoer ernstige problemen bestaan op het gebied van dierenwelzijn, zoals blijkt uit gegevens van de Europese Commissie en de EFSA. In sommige EU-lidstaten zijn de sancties voor niet-naleving helemaal niet afschrikwekkend.

Amendement    42

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Deel 1 – punt 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. juridisch en financieel onafhankelijk zijn van de bevoegde autoriteit;

2. juridisch en financieel onafhankelijk zijn van de bevoegde autoriteit, met dien verstande dat het beginsel van financiële onafhankelijkheid niet belet dat zij van overheidswege steun kunnen krijgen overeenkomstig het recht van de Unie;

Amendement    43

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Deel 2 – punt 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c) het systeem voor het registreren van de afstamming van raszuivere fokdieren die zijn ingeschreven of zijn geregistreerd en in aanmerking komen voor inschrijving in stamboeken of van hybride fokvarkens die zijn geregistreerd in rasregisters;

c) het systeem voor het registreren van de afstamming van raszuivere fokdieren – met inbegrip van de procentuele afstammingszuiverheid van de dieren – die zijn ingeschreven of zijn geregistreerd en in aanmerking komen voor inschrijving in stamboeken of van hybride fokvarkens die zijn geregistreerd in rasregisters;

Motivering

Het is belangrijk de beginselen van transparantie en verantwoordingsplicht hoog te houden om te waarborgen dat de zuiverheid van het ras voor alle belanghebbenden duidelijk is zodat de genetische diversiteit van het ras behouden blijft.

Amendement    44

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Deel 2 – punt 1 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d) de doelstellingen van het fokprogramma en gedetailleerde evaluatiecriteria met betrekking tot de selectie van fokdieren, waarbij in het geval van de opstelling van een stamboek voor een nieuw ras informatie moet worden gegeven over de precieze omstandigheden die de instelling van een stamboek of rasregister van het nieuwe ras rechtvaardigen;

d) de doelstellingen van het fokprogramma, de populaties die geëvalueerd moeten worden en gedetailleerde evaluatiecriteria met betrekking tot de selectie van fokdieren, waarbij in het geval van de opstelling van een stamboek voor een nieuw ras informatie moet worden gegeven over de precieze omstandigheden die de instelling van een stamboek of rasregister van het nieuwe ras rechtvaardigen;

Amendement    45

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – Deel 2 – punt 1 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Indien het fokprogramma als een instandhoudingsprogramma moet worden uitgevoerd, moeten, naast de bepalingen onder a) tot g) van de eerste alinea, de noodzakelijke en passende maatregelen in situ (op levende dieren) of ex situ (bewaring van teeltmateriaal of weefsels) worden genomen om het genetische erfgoed van een ras te behouden.

Amendement    46

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – Deel 1 – Hoofdstuk I – punt 1 – letter a – punt i

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

i) in artikel 2, onder i), i), in het geval van raszuivere fokrunderen (Bos taurus en Bubalus bubalis), fokvarkens (Sus scrofa), fokschapen (Ovis aries) en fokgeiten (Capra hircus);

i) in artikel 2, onder i), i), in het geval van raszuivere fokrunderen (Bos taurus, Bos indicus en Bubalus bubalis), fokvarkens (Sus scrofa), fokschapen (Ovis aries) en fokgeiten (Capra hircus);

Amendement    47

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – Deel 1 – Hoofdstuk I – punt 1 – letter a – punt ii

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

ii) in artikel 2, onder i), ii), in het geval van raszuivere fokpaarden (Equus caballus en Equus asinus);

ii) in artikel 2, onder i), ii), in het geval van raszuivere fokpaarden (Equus caballus en Equus asinus). Beide ouders van het dier worden door de stamboekvereniging toegelaten tot de voortplanting;

Amendement    48

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – Deel 1 – Hoofdstuk I – punt 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b) de afstamming is vastgesteld overeenkomstig de voorschriften in het stamboek overeenkomstig het overeenkomstig artikel 8, lid 1, of artikel 9 goedgekeurde fokprogramma;

b) de afstamming is, samen met de procentuele afstammingszuiverheid van het dier, vastgesteld overeenkomstig de voorschriften in het stamboek;

Motivering

Aangelegenheden in verband met afstamming vallen onder de voorschriften in het stamboek en niet onder de uitvoering van het fokprogramma.

Amendement    49

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – Deel 1 – Hoofdstuk I – punt 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis. Een stamboekvereniging die een raszuiver fokpaard inschrijft in haar stamboek, mag niet weigeren om een gecastreerde hengst die voldoet aan de voorwaarden van lid 1, onder b) en c), en, indien van toepassing, lid 1, onder d), in te schrijven of te registreren voor inschrijving als de ouders van dit dier opgenomen zijn in de hoofdsectie van het stamboek en door een stamboekvereniging toegelaten zijn tot de voortplanting.

Amendement    50

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk I – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Stamboekverenigingen verrichten prestatieonderzoek om de genetische waarde van raszuivere fokrunderen te bepalen, waarbij zij een of meer van de in dit hoofdstuk beschreven methoden toepassen.

Stamboekverenigingen verrichten prestatieonderzoek, of laten dit verrichten, om de genetische waarde van raszuivere fokrunderen te bepalen, waarbij zij een of meer van de in dit hoofdstuk beschreven methoden toepassen.

Amendement    51

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk I – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Het prestatieonderzoek geschiedt overeenkomstig de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het Internationale Comité voor de productiecontrole bij dieren (ICAR) zijn vastgesteld.

Het prestatieonderzoek geschiedt overeenkomstig de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld.

Amendement    52

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk I – Afdeling 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Stamboekverenigingen moeten de melkproductiegegevens vastleggen volgens de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld.

(Niet van toepassing op de Nederlandse versie.)

Amendement    53

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk I – Afdeling 3 – punt 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. Bij de genetische evaluatie mag alleen rekening worden gehouden met temperament, exterieurbeoordeling en weerstand tegen ziekten als de gegevens zijn gegenereerd op basis van een registratiesysteem dat is goedgekeurd door de in artikel 29, lid 1, bedoelde aangewezen instantie.

2. Bij de genetische evaluatie mag alleen rekening worden gehouden met temperament, exterieurbeoordeling en weerstand tegen ziekten, of andere nieuwe kenmerken als de gegevens zijn gegenereerd op basis van een registratiesysteem dat is goedgekeurd door de in artikel 29, lid 1, bedoelde aangewezen instantie.

Amendement    54

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 2 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De fokwaarde van een fokdier wordt berekend aan de hand van de resultaten van het prestatieonderzoek van het individuele dier of zijn verwanten; het vertrouwen in die fokwaarde kan worden vergroot door gebruik te maken van genomische informatie of door toepassing van een andere methode die door het in artikel 31, lid 1, bedoelde referentiecentrum van de Europese Unie is gevalideerd.

De fokwaarde van een fokdier wordt berekend aan de hand van informatie in verband met het genoom en/of de resultaten van het prestatieonderzoek van het individuele dier en/of zijn verwanten, en/of een andere informatiebron die door het in artikel 31, lid 1, bedoelde referentiecentrum van de Europese Unie is gevalideerd.

Motivering

De formulering van de Europese Commissie zou zo kunnen worden opgevat dat jonge stieren zonder dochters, zogenaamde genomische stieren, niet tot de voortplanting mogen worden toegelaten. De verhandeling van zaad van genomisch geëvalueerde stieren moet echter worden gewaarborgd.

Amendement    55

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 3 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. De bij de genetische evaluatie toegepaste statistische methoden moeten voldoen aan de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld en een genetische evaluatie waarborgen die niet beïnvloed wordt door de belangrijkste omgevingsfactoren of de gegevensstructuur.

3. Stamboekvereniging moeten erop toezien dat de belangrijkste milieufactoren en de gegevensstructuur geen vertekeningen veroorzaken. Een stamboekvereniging kan een beroep doen op het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, als ze zich ervan wil vergewissen dat haar statistische methoden voor genetische evaluatie voldoen aan de internationaal vastgestelde en erkende voorschriften en normen. In geval van een expertiserapport dient het referentiecentrum van de Europese Unie de door de stamboekvereniging verstrekte informatie vertrouwelijk te behandelen.

Motivering

De door de Europese Commissie voorgestelde verplichting zou de innovatie inzake genetische evaluatie in de kiem kunnen smoren en in voorkomend geval het zakengeheim van een stamboekvereniging die innovatieve statistische methoden ontwikkelt, in gevaar kunnen brengen.

Amendement    56

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 3 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De betrouwbaarheid van de genetische evaluatie wordt gemeten als de determinatiecoëfficiënt overeenkomstig de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld. Bij publicatie van de evaluatieresultaten worden de betrouwbaarheid en de evaluatiedatum vermeld.

(Niet van toepassing op de Nederlandse versie.)

Amendement    57

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 5 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5. Stieren die zijn bedoeld voor kunstmatige inseminatie, met uitzondering van stieren van rassen die met uitsterven worden bedreigd, moeten worden onderworpen aan een genetische evaluatie met betrekking tot de verplichte kenmerken, zoals beschreven in punt 6 of 7. Deze fokwaarden worden door de stamboekvereniging gepubliceerd.

5. Stieren die zijn bedoeld voor kunstmatige inseminatie, met uitzondering van stieren van rassen die met uitsterven worden bedreigd, moeten worden onderworpen aan een genetische evaluatie met betrekking tot ten minste de verplichte kenmerken, zoals beschreven in punt 6, onder a), of 7. Al deze fokwaarden worden door de stamboekvereniging gepubliceerd.

 

De stamboekvereniging publiceert tevens alle andere fokwaarden voor de stieren die voor kunstmatige-inseminatieprogramma's bedoeld zijn.

 

De stamboekvereniging publiceert ook fokwaarden van stieren die bedoeld zijn voor natuurlijke dekking, en van vrouwtjes.

Amendement    58

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 6 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De minimale betrouwbaarheid van de genetische evaluatie van stieren voor kunstmatige inseminatie van de melkrassen moet ten minste 0,5 bedragen voor de kenmerken melkopbrengst, het melkvet- en eiwitgehalte, overeenkomstig de voorschriften en normen die desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld voor de evaluatie van de belangrijkste productiekenmerken, waarbij alle beschikbare informatie over de nakomelingen en broers en zussen in aanmerking wordt genomen.

(Niet van toepassing op de Nederlandse versie.)

Amendement    59

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 6 – alinea 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Genomisch geëvalueerde jonge stieren waarvoor geen prestatiegegevens van nakomelingen beschikbaar zijn, worden geschikt geacht voor kunstmatige inseminatie indien hun genomische evaluatie is gevalideerd overeenkomstig de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld.

(Niet van toepassing op de Nederlandse versie.)

Amendement    60

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 7 – alinea 1 – letter e

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

e) genomische evaluatie of een andere methode, waaronder een combinatie van deze methoden, die is gevalideerd overeenkomstig de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld.

(Niet van toepassing op de Nederlandse versie.)

Amendement    61

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 7 – alinea 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De minimale betrouwbaarheid van de genetische evaluatie van stieren met het oog op kunstmatige inseminatie van vleesrassen moet ten minste 0,5 bedragen voor de kenmerken toename van het levend gewicht en spierontwikkeling (bevleesdheid), overeenkomstig de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld voor de evaluatie van de belangrijkste productiekenmerken.

(Niet van toepassing op de Nederlandse versie.)

Amendement    62

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 1 – Hoofdstuk II – punt 7 – alinea 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Indien genomische fokwaarden worden berekend, moeten deze waarden voor de betrokken kenmerken worden gevalideerd overeenkomstig de voorschriften en normen die door het desbetreffende referentiecentrum van de Europese Unie, zoals bedoeld in artikel 31, lid 1, in samenwerking met het ICAR zijn vastgesteld.

(Niet van toepassing op de Nederlandse versie.)

Amendement    63

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 3 – Hoofdstuk I – punt 3 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a) de kenmerken die overeenkomstig de met het ICAR overeengekomen beginselen worden geregistreerd, zoals de melkproductie, de melksamenstelling of andere relevante gegevens, moeten worden vermeld;

(Niet van toepassing op de Nederlandse versie.)

Amendement    64

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – Deel 3 – Hoofdstuk I – punt 3 – letter b – punt i

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

i) betrekking hebben op een tijdsperiode die overeenkomt met de norm die door het ICAR voor de registratie van de productiviteit van melkdieren is vastgesteld;

(Niet van toepassing op de Nederlandse versie.)

Amendement    65

Voorstel voor een verordening

Bijlage V – Deel 2 – Hoofdstuk I – punt 1 – letter h bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

h bis) indien van toepassing, het gegeven dat het een gekloond dier betreft;

Motivering

In 2011 waren de drie instellingen het erover eens dat traceerbaarheid nodig was als een fundamentele en gemakkelijk toe te passen vereiste voor eventuele voorschriften inzake gekloonde dieren en hun nakomelingen waarover later zou worden beslist. Landbouwers moeten het recht hebben te weten of het door hen aangekochte teeltmateriaal afkomstig is van gekloonde dieren of hun nakomelingen. Reeds in 2010 beloofde de Commissie in haar verslag over het klonen van dieren om in de zoötechnische wetgeving traceerbaarheidsvereisten vast te stellen (http://ec.europa.eu/dgs/health_consumer/docs/20101019_report_ec_cloning_nl.pdf, blz. 14).

Amendement    66

Voorstel voor een verordening

Bijlage V – Deel 2 – Hoofdstuk I – punt 1 – letter h ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

h ter) indien van toepassing, het gegeven dat het dier afstamt van een gekloond dier;

Motivering

In 2011 waren de drie instellingen het erover eens dat traceerbaarheid nodig was als een fundamentele en gemakkelijk toe te passen vereiste voor eventuele voorschriften inzake gekloonde dieren en hun nakomelingen waarover later zou worden beslist. Landbouwers moeten het recht hebben te weten of het door hen aangekochte teeltmateriaal afkomstig is van gekloonde dieren of hun nakomelingen. Reeds in 2010 beloofde de Commissie in haar verslag over het klonen van dieren om in de zoötechnische wetgeving traceerbaarheidsvereisten vast te stellen. (http://ec.europa.eu/dgs/health_consumer/docs/20101019_report_ec_cloning_nl.pdf, blz. 14).

Amendement    67

Voorstel voor een verordening

Bijlage V – Deel 2 – Hoofdstuk I – punt 1 – letter k – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

k) de afstamming:

k) de afstamming zoals hieronder weergegeven, tevens vergezeld van de procentuele afstammingszuiverheid van het dier:

Motivering

Het is belangrijk de beginselen van transparantie en verantwoordingsplicht hoog te houden om te waarborgen dat de zuiverheid van het ras voor alle belanghebbenden duidelijk is zodat de genetische diversiteit van het ras behouden blijft.

Amendement    68

Voorstel voor een verordening

Bijlage V – Deel 3 – Hoofdstuk I – alinea 1 – letter h bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

h bis) indien van toepassing, het gegeven dat het een gekloond dier betreft;

Motivering

In 2011 waren de drie instellingen het erover eens dat traceerbaarheid nodig was als een fundamentele en gemakkelijk toe te passen vereiste voor eventuele voorschriften inzake gekloonde dieren en hun nakomelingen waarover later zou worden beslist. Landbouwers moeten het recht hebben te weten of het door hen aangekochte teeltmateriaal afkomstig is van gekloonde dieren of hun nakomelingen. Reeds in 2010 beloofde de Commissie in haar verslag over het klonen van dieren om in de zoötechnische wetgeving traceerbaarheidsvereisten vast te stellen. (http://ec.europa.eu/dgs/health_consumer/docs/20101019_report_ec_cloning_nl.pdf, blz. 14).

Amendement    69

Voorstel voor een verordening

Bijlage V – Deel 3 – Hoofdstuk I – alinea 1 – letter h ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

h ter) indien van toepassing, het gegeven dat het dier afstamt van een gekloond dier;

Motivering

In 2011 waren de drie instellingen het erover eens dat traceerbaarheid nodig was als een fundamentele en gemakkelijk toe te passen vereiste voor eventuele voorschriften inzake gekloonde dieren en hun nakomelingen waarover later zou worden beslist. Landbouwers moeten het recht hebben te weten of het door hen aangekochte teeltmateriaal afkomstig is van gekloonde dieren of hun nakomelingen. Reeds in 2010 beloofde de Commissie in haar verslag over het klonen van dieren om in de zoötechnische wetgeving traceerbaarheidsvereisten vast te stellen. (http://ec.europa.eu/dgs/health_consumer/docs/20101019_report_ec_cloning_nl.pdf, blz. 14).

PROCEDURE

Titel

Zoötechnische en genealogische voorwaarden voor de handel in en de invoer in de Unie van fokdieren en levende producten ervan

Document- en procedurenummers

COM(2014)0005 – C7-0032/2014 – 2014/0032(COD)

Commissie ten principale

Datum bekendmaking

AGRI

25.2.2014

 

 

 

Advies uitgebracht door

Datum bekendmaking

ENVI

25.2.2014

Rapporteur voor advies

Datum benoeming

Michel Dantin

10.7.2014

Behandeling in de commissie

24.11.2014

 

 

 

Datum goedkeuring

21.1.2015

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

66

0

2

Bij de eindstemming aanwezige leden

Marco Affronte, Pilar Ayuso, Zoltán Balczó, Catherine Bearder, Ivo Belet, Simona Bonafè, Biljana Borzan, Lynn Boylan, Cristian-Silviu Bușoi, Nicola Caputo, Nessa Childers, Mireille D’Ornano, Miriam Dalli, Jørn Dohrmann, Ian Duncan, Stefan Eck, Bas Eickhout, Eleonora Evi, José Inácio Faria, Karl-Heinz Florenz, Francesc Gambús, Iratxe García Pérez, Elisabetta Gardini, Enrico Gasbarra, Gerben-Jan Gerbrandy, Jens Gieseke, Julie Girling, Matthias Groote, Françoise Grossetête, Andrzej Grzyb, Jytte Guteland, Esther Herranz García, György Hölvényi, Anneli Jäätteenmäki, Jean-François Jalkh, Benedek Jávor, Josu Juaristi Abaunz, Karin Kadenbach, Kateřina Konečná, Giovanni La Via, Peter Liese, Norbert Lins, Valentinas Mazuronis, Gesine Meissner, Susanne Melior, Miroslav Mikolášik, Massimo Paolucci, Gilles Pargneaux, Piernicola Pedicini, Bolesław G. Piecha, Pavel Poc, Marcus Pretzell, Michèle Rivasi, Teresa Rodriguez-Rubio, Daciana Octavia Sârbu, Annie Schreijer-Pierik, Davor Škrlec, Renate Sommer, Dubravka Šuica, Tibor Szanyi, Claudiu Ciprian Tănăsescu, Nils Torvalds, Glenis Willmott, Jadwiga Wiśniewska

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Nicola Caputo, Nicola Danti, Michel Dantin, Esther Herranz García, Gesine Meissner, James Nicholson, Alojz Peterle, Bart Staes

PROCEDURE VAN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

Titel

Zoötechnische en genealogische voorwaarden voor de handel in en de invoer in de Unie van fokdieren en levende producten ervan

Document- en procedurenummers

COM(2014)0005 – C7-0032/2014 – 2014/0032(COD)

Datum indiening bij EP

11.2.2014

 

 

 

Commissie ten principale

Datum bekendmaking

AGRI

25.2.2014

 

 

 

Medeadviserende commissies

Datum bekendmaking

ENVI

25.2.2014

 

 

 

Rapporteurs

Datum benoeming

Michel Dantin

3.9.2014

 

 

 

Behandeling in de commissie

3.9.2014

 

 

 

Datum goedkeuring

5.10.2015

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

40

3

1

Bij de eindstemming aanwezige leden

John Stuart Agnew, Clara Eugenia Aguilera García, Eric Andrieu, Richard Ashworth, José Bové, Paul Brannen, Daniel Buda, Nicola Caputo, Matt Carthy, Viorica Dăncilă, Michel Dantin, Paolo De Castro, Albert Deß, Diane Dodds, Edouard Ferrand, Luke Ming Flanagan, Beata Gosiewska, Martin Häusling, Anja Hazekamp, Esther Herranz García, Jan Huitema, Peter Jahr, Jarosław Kalinowski, Elisabeth Köstinger, Zbigniew Kuźmiuk, Philippe Loiseau, Mairead McGuinness, Nuno Melo, Giulia Moi, Ulrike Müller, James Nicholson, Maria Noichl, Marijana Petir, Laurenţiu Rebega, Jens Rohde, Bronis Ropė, Jasenko Selimovic, Lidia Senra Rodríguez, Czesław Adam Siekierski, Marc Tarabella, Janusz Wojciechowski, Marco Zullo

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Franc Bogovič, Rosa D’Amato, Angélique Delahaye, Georgios Epitideios, Fredrick Federley, Maria Heubuch, Norbert Lins, Momchil Nekov, Sofia Ribeiro, Hannu Takkula

Datum indiening

12.10.2015

HOOFDELIJKE EINDSTEMMING

IN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

38

+

ALDE

Fredrick Federley, Jan Huitema, Ulrike Müller, Jasenko Selimovic

ECR

Richard Ashworth, Beata Gosiewska, Zbigniew Kuźmiuk, James Nicholson, Janusz Wojciechowski

ENF

Edouard Ferrand, Philippe Loiseau, Laurenţiu Rebega

NI

Diane Dodds

PPE

Daniel Buda, Michel Dantin, Angélique Delahaye, Albert Deß, Esther Herranz García, Peter Jahr, Jarosław Kalinowski, Elisabeth Köstinger, Norbert Lins, Mairead McGuinness, Nuno Melo, Marijana Petir, Czesław Adam Siekierski

S & D

Clara Eugenia Aguilera García, Eric Andrieu, Paul Brannen, Nicola Caputo, Paolo De Castro, Viorica Dăncilă, Maria Noichl, Marc Tarabella

VERTS/ALE

José Bové, Maria Heubuch, Martin Häusling, Bronis Ropė

3

-

EFDD

John Stuart Agnew

GUE/NGL

Anja Hazekamp, Lidia Senra Rodríguez

3

0

EFDD

Giulia Moi, Marco Zullo, Luke Ming Flanagan

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

(1)

  PB C 226 van 16.7.2014, blz. 70.

Juridische mededeling - Privacybeleid