Procedure : 2015/2253(BUD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0290/2015

Ingediende teksten :

A8-0290/2015

Debatten :

Stemmingen :

PV 14/10/2015 - 15.3
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2015)0354

VERSLAG     
PDF 152kWORD 73k
13.10.2015
PE 569.618v01-00 A8-0290/2015

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de terbeschikkingstelling van middelen uit het flexibiliteitsinstrument voor onmiddellijke budgettaire maatregelen in het kader van de Europese migratieagenda, overeenkomstig punt 12 van het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer

(COM(2015)0486 – C8-0292/2015 – 2015/2253(BUD))

Begrotingscommissie

Rapporteur: Eider Gardiazabal Rubial

ERRATA/ADDENDA
ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de terbeschikkingstelling van middelen uit het flexibiliteitsinstrument voor onmiddellijke budgettaire maatregelen in het kader van de Europese migratieagenda, overeenkomstig punt 12 van het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer

(COM(2015)0486 – C8-0292/2015 – 2015/2253(BUD))

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2015)0486 – C8-0292/2015),

–  gezien de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2015, definitief vastgesteld op 17 december 2014(1),

–  gezien de gewijzigde begroting nr. 1/2015, definitief vastgesteld op 28 april 2015(2),

–  gezien de gewijzigde begroting nr. 2/2015, nr. 3/2015, nr. 4/2015 en nr. 5/2015, definitief vastgesteld op 7 juli 2015(3),

–  gezien het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 7/2015, door de Commissie goedgekeurd op 30 september 2015 (COM(2015)0485),

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(4) (MFK-verordening), en met name artikel 11 hiervan,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 2015/623 van de Raad van 21 april 2015 houdende wijziging van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(5),

–  gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(6), en met name punt 12 hiervan,

–  gezien het verslag van de Begrotingscommissie (A8-0290/2015),

A.  overwegende dat het, na alle mogelijkheden voor een herschikking van vastleggingskredieten binnen rubriek 3 te hebben onderzocht, nodig is middelen uit het flexibiliteitsinstrument beschikbaar te stellen ten behoeve van vastleggingskredieten;

B.  overwegende dat de Commissie heeft voorgesteld middelen uit het flexibiliteitsinstrument beschikbaar te stellen boven de maxima van het MFK om de middelen in de algemene begroting van de Unie voor het begrotingsjaar 2015 aan te vullen met 66,1 miljoen EUR aan vastleggingskredieten ter financiering van maatregelen voor het beheer van de vluchtelingen- en migratiecrisis;

1.  wijst erop dat het maximum voor 2015 voor rubriek 3 geen passende financiering toelaat van belangrijke en dringende politieke prioriteiten van de Unie;

2.  stemt er daarom mee in middelen uit het flexibiliteitsinstrument ter beschikking te stellen voor een bedrag van 66,1 miljoen EUR aan vastleggingskredieten;

3.  stemt verder in met de voorgestelde toewijzing van de overeenkomstige betalingskredieten, met name 52,9 miljoen EUR in 2016 en 13,2 miljoen EUR in 2017;

3.  herhaalt dat het gebruik van dit instrument, zoals bepaald in artikel 11 van de MFK-verordening, eens te meer aantoont dat de begroting van de Unie absoluut flexibeler moet zijn;

4.  herhaalt het standpunt dat het van oudsher verdedigt, namelijk dat, onverminderd de mogelijkheid om via het flexibiliteitsinstrument betalingskredieten voor specifieke begrotingslijnen beschikbaar te stellen zonder eerst middelen vast te leggen, de betalingen die voortvloeien uit eerder via het flexibiliteitsinstrument beschikbaar gestelde vastleggingskredieten alleen buiten de maxima kunnen worden geboekt;

5.  hecht zijn goedkeuring aan het bij deze resolutie gevoegde besluit;

6.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit samen met de voorzitter van de Raad te ondertekenen en zorg te dragen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie;

7.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie, met inbegrip van de bijlage, te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

betreffende de terbeschikkingstelling van middelen uit het flexibiliteitsinstrument voor onmiddellijke budgettaire maatregelen in het kader van de Europese migratieagenda

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(7), en met name punt 12,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

1.  Op grond van artikel 11 van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad(8) kunnen middelen uit het flexibiliteitsinstrument ter beschikking worden gesteld binnen een jaarlijks maximumbedrag van 471 miljoen EUR (prijzen 2011), om de financiering mogelijk te maken van duidelijk omschreven uitgaven die niet zouden kunnen worden gefinancierd binnen de grenzen van de beschikbare maxima voor één of meer andere rubrieken.

2.  Na bestudering van alle mogelijkheden tot herschikking van kredieten onder het uitgavenmaximum voor rubriek 3 (Veiligheid en burgerschap), is het nodig middelen uit het flexibiliteitsinstrument beschikbaar te stellen ter aanvulling van de financiering van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2015 met 66,1 miljoen EUR voor de financiering van maatregelen op het gebied van migratie.

3.  De betalingskredieten die overeenstemmen met het voorgestelde gebruik van het flexibiliteitsinstrument bedragen 52,9 miljoen EUR in 2016 en 13,2 miljoen EUR in 2017,

HEBBEN HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Ten laste van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2015 wordt een bedrag van 66,1 EUR aan vastleggingskredieten in rubriek 3 (Veiligheid en burgerschap) beschikbaar gesteld uit het flexibiliteitsinstrument.

Dit bedrag zal worden gebruikt ter financiering van maatregelen om de vluchtelingencrisis aan te pakken.

De betalingskredieten die overeenstemmen met het voorgestelde gebruik van het flexibiliteits­instrument bedragen 52,9 miljoen EUR in 2016 en 13,2 miljoen EUR in 2017.

Artikel 2

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te […],

Voor het Europees Parlement  Voor de Raad

De voorzitter  De voorzitter

UITSLAG VAN DE EINDSTEMMINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

12.10.2015

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

25

1

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Jean Arthuis, Richard Ashworth, Reimer Böge, Lefteris Christoforou, Jean-Paul Denanot, Gérard Deprez, José Manuel Fernandes, Eider Gardiazabal Rubial, Jens Geier, Bernd Kölmel, Zbigniew Kuźmiuk, Vladimír Maňka, Ernest Maragall, Siegfried Mureşan, Younous Omarjee, Paul Rübig, Patricija Šulin, Eleftherios Synadinos, Paul Tang, Indrek Tarand, Marco Zanni

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Ivan Štefanec, Nils Torvalds, Marco Valli, Tomáš Zdechovský

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Jude Kirton-Darling

(1)

PB L 69 van 13.3.2015, blz. 1.

(2)

PB L 190 van 17.7.2015, blz. 1.

(3)

PB L 261 van 7.10.2015.

(4)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.

(5)

PB L 103 van 22.4.2015, blz. 1.

(6)

PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(7)

  PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(8)

  Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020 (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884).

Juridische mededeling - Privacybeleid