Procedure : 2015/0296(CNS)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0063/2016

Ingediende teksten :

A8-0063/2016

Debatten :

Stemmingen :

PV 12/04/2016 - 5.4
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2016)0097

VERSLAG     *
PDF 361kWORD 83k
18.3.2016
PE 575.288v03-00 A8-0063/2016

over het voorstel voor een richtlijn van de Raad tot wijziging van Richtlijn 2006/112/EG betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde, wat betreft de geldigheidsduur van de minimumhoogte van het normale tarief

(COM(2015)0646 – C8-0009/2016 – 2015/0296(CNS))

Commissie economische en monetaire zaken

Rapporteur: Peter Simon

AMENDEMENTEN
ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een richtlijn van de Raad tot wijziging van Richtlijn 2006/112/EG betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde, wat betreft de geldigheidsduur van de minimumhoogte van het normale tarief

(COM(2015)0646 – C8-0009/2016 – 2015/0296(CNS))

(Bijzondere wetgevingsprocedure – raadpleging)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan de Raad (COM(2015)0646),

–  gezien artikel 113 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het Parlement door de Raad is geraadpleegd (C8-0009/2016),

–  gezien artikel 59 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie economische en monetaire zaken (A8-0063/2016),

1.  hecht zijn goedkeuring aan het Commissievoorstel, als geamendeerd door het Parlement;

2.  betreurt het dat de Commissie haar voorstel zo laat bekend heeft gemaakt, waardoor de toepassing van een minimumniveau van het normale btw-tarief met terugwerkende kracht zal plaatsvinden;

3.  verzoekt de Commissie haar voorstel krachtens artikel 293, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie dienovereenkomstig te wijzigen;

4.  verzoekt de Raad, wanneer deze voornemens is af te wijken van de door het Parlement goedgekeurde tekst, het Parlement hiervan op de hoogte te stellen;

5.  wenst opnieuw te worden geraadpleegd ingeval de Raad voornemens is ingrijpende wijzigingen aan te brengen in het voorstel van de Commissie;

6.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

Amendement    1

Voorstel voor een richtlijn

Artikel 1 – punt 1

Richtlijn 2006/112/EG

Artikel 97

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Vanaf 1 januari 2016 tot en met 31 december 2017 mag het normale tarief niet lager zijn dan 15 %.

Vanaf 1 januari 2016 tot en met 31 december 2018 mag het normale tarief niet lager zijn dan 15 %.

TOELICHTING

In de btw-richtlijn is bepaald dat het normale tarief vanaf 1 januari 2011 tot en met 31 december 2015 niet lager mag zijn dan 15 %. Deze op artikel 113 VWEU gebaseerde bepaling schrijft voor dat de Raad bepalingen vaststelt die betrekking hebben op de harmonisatie van de wetgevingen inzake de omzetbelasting, voor zover deze harmonisatie noodzakelijk is om de instelling en de werking van de interne markt te waarborgen en concurrentieverstoringen te voorkomen.

Met het oog op de totstandbrenging van de interne markt op 1 januari 1993 heeft de Commissie voorstellen voor een definitieve regeling inzake fiscale harmonisatie gepresenteerd.

Toen echter duidelijk werd dat de voorstellen van de Commissie niet vóór 1 januari 1993 zouden kunnen worden aangenomen, heeft de Raad besloten een overgangsregeling vast te stellen. In dat verband werd voor de btw-tarieven Richtlijn 92/77/EEG aangenomen.

Met deze richtlijn werd een systeem van minimumtarieven ingevoerd. Er werd bepaald dat het normale tarief vanaf 1 januari 1993 tot en met 31 december 1996 in elke lidstaat niet lager mocht zijn dan 15 %. Deze bepaling is tot op heden vijfmaal verlengd en geldt thans tot en met 31 december 2015.

Minimumtarieven op het gebied van de btw zijn gerechtvaardigd vanwege het feit dat bij grensoverschrijdend winkelen en verkopen op afstand onder een bepaalde drempel de btw nog altijd in het land van oorsprong in plaats van het land van bestemming wordt toegepast. Een door alle lidstaten toegepaste minimumhoogte van het normale tarief - zoals momenteel het geval is - vormt daarom een nuttige waarborg voor de goede werking van de interne markt.

Omdat alle lidstaten momenteel een normaal tarief hanteren dat boven de 15 % ligt, biedt de huidige regeling voor een minimumhoogte van het normale tarief van 15 % de lidstaten ook speelruimte voor btw-hervormingen om het normale tarief te verminderen waardoor de btw-grondslag wordt verbreed en het gebruik van verlaagde tarieven wordt beperkt.

Op 6 december 2011 heeft de Commissie haar goedkeuring gehecht aan een mededeling over de toekomst van de btw, waarin is voorgesteld het oorsprongslandbeginsel te verlaten en waarin verschillende manieren zijn beschreven om belastingheffing op de plaats van bestemming te realiseren. De Commissie zal in 2016 een actieplan publiceren voor een eenvoudiger, efficiënter en fraudebestendiger definitief btw-stelsel, aangepast aan de interne markt.

In dat actieplan worden de lijnen uitgezet voor de werkzaamheden die zullen volgen in navolging van de resultaten die sinds de mededeling van 2011 zijn behaald. In het bijzonder zullen de belangrijkste kenmerken uiteen worden gezet van het definitieve btw-stelsel voor de handel binnen de EU dat de Commissie wil voorstellen en de beoogde hervormingen om de bestaande regels voor btw-tarieven aan te passen aan een definitief stelsel dat wordt gekenmerkt door het bestemmingsbeginsel.

In deze omstandigheden, en in afwachting van de besluiten over de uiteindelijke vorm van het definitieve stelsel, lijkt het passend om vast te houden aan het beginsel van een minimumniveau van het normale btw-tarief van 15 %, en voor te stellen de huidige regelingen met drie jaar (tot en met 31 december 2018) te verlengen.

De rapporteur deelt de mening dat deze tijdspanne garandeert dat de belanghebbenden de noodzakelijke rechtszekerheid genieten, en ruimte biedt voor een uitgebreider debat over btw-tarieven in samenhang met het komende actieplan betreffende de btw.

PROCEDURE VAN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

Titel

Gemeenschappelijk stelsel van belasting over de toegevoegde waarde, wat betreft de geldigheidsduur van de minimumhoogte van het normale tarief

Document- en procedurenummers

COM(2015)0646 – C8-0009/2016 – 2015/0296(CNS)

Datum raadpleging EP

15.1.2016

 

 

 

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

ECON

21.1.2016

 

 

 

Medeadviserende commissies

       Datum bekendmaking

JURI

21.1.2016

 

 

 

Geen advies

       Datum besluit

JURI

28.1.2016

 

 

 

Rapporteurs

       Datum benoeming

Peter Simon

21.1.2016

 

 

 

Behandeling in de commissie

22.2.2016

16.3.2016

 

 

Datum goedkeuring

16.3.2016

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

41

5

4

Bij de eindstemming aanwezige leden

Gerolf Annemans, Udo Bullmann, Esther de Lange, Fabio De Masi, Markus Ferber, Jonás Fernández, Elisa Ferreira, Roberto Gualtieri, Brian Hayes, Gunnar Hökmark, Danuta Maria Hübner, Cătălin Sorin Ivan, Diane James, Petr Ježek, Othmar Karas, Georgios Kyrtsos, Werner Langen, Sander Loones, Bernd Lucke, Ivana Maletić, Marisa Matias, Emmanuel Maurel, Costas Mavrides, Bernard Monot, Luděk Niedermayer, Stanisław Ożóg, Dariusz Rosati, Pirkko Ruohonen-Lerner, Alfred Sant, Molly Scott Cato, Peter Simon, Theodor Dumitru Stolojan, Paul Tang, Michael Theurer, Ramon Tremosa i Balcells, Ernest Urtasun, Marco Valli, Cora van Nieuwenhuizen, Miguel Viegas, Jakob von Weizsäcker, Steven Woolfe

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Matt Carthy, Mady Delvaux, Ashley Fox, Eva Paunova, Michel Reimon, Siôn Simon, Antonio Tajani, Romana Tomc

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Vladimir Urutchev

Datum indiening

18.3.2016

Juridische mededeling - Privacybeleid