Procedure : 2016/2256(BUD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0347/2016

Ingediende teksten :

A8-0347/2016

Debatten :

Stemmingen :

PV 01/12/2016 - 6.12
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2016)0467

VERSLAG     
PDF 348kWORD 52k
25.11.2016
PE 593.807v02-00 A8-0347/2016

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de gebruikmaking van de marge voor onvoorziene uitgaven in 2016

(COM(2016)0624 – C8-0399/2016 – 2016/2256(BUD))

Begrotingscommissie

Rapporteur: José Manuel Fernandes

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
 UITSLAG VAN DE EINDSTEMMINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de gebruikmaking van de marge voor onvoorziene uitgaven in 2016

(COM(2016)0624 – C8-0399/2016 – 2016/2256(BUD))

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2016)0624 – C8–0399/2016),

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(1), en met name artikel 13,

–  gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(2), en met name punt 14,

–  gezien de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2016, definitief vastgesteld op 25 november 2015(3),

–  gezien het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 4/2016, goedgekeurd door de Commissie op 30 september 2016 (COM(2016)0623),

–  gezien het standpunt van de Raad inzake het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 4/2016 (13583/2016 – C8-0459/2016), vastgesteld op 24 november 2016,

–  gezien zijn standpunt inzake het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 4/2016, vastgesteld op 1 december 2016(4);

–  gezien het verslag van de Begrotingscommissie (A8-0347/2016),

A.  overwegende dat de Commissie, naast ontwerp van gewijzigde begroting nr. 4/2016, voorstelt een bedrag van 240,1 miljoen EUR van de marge voor onvoorziene uitgaven voor 2016 te gebruiken om de vastleggingskredieten met betrekking tot de uitgaven onder rubriek 3 "Veiligheid en burgerschap" van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2016 aan te vullen;

1.  hecht zijn goedkeuring aan het bij deze resolutie gevoegde besluit;

2.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit samen met de voorzitter van de Raad te ondertekenen en zorg te dragen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie;

3.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie, met inbegrip van de bijlage, te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

(1)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.

(2)

PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(3)

PB L 48 van 24.2.2016, blz. 1.

(4)

Aangenomen teksten, P8_TA-PROV(2016)0000.


BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

van ... 2016

over de gebruikmaking van de marge voor onvoorziene uitgaven in 2016

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(1), en met name punt 14, tweede alinea,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Artikel 13 van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad(2) voorziet in de vorming van een marge voor onvoorziene uitgaven van ten hoogste 0,03 % van het bruto nationaal inkomen van de Unie.

(2) Overeenkomstig artikel 6 van deze verordening heeft de Commissie het absolute bedrag van de marge voor onvoorziene uitgaven voor 2014 berekend(3).

(3) Na alle andere financiële mogelijkheden te hebben onderzocht om op onvoorziene omstandigheden te reageren binnen de uitgavenplafonds 2016 van rubriek 3 (Veiligheid en burgerschap) van het meerjarig financieel kader, en na gebruikgemaakt te hebben van het volledige bedrag van het flexibiliteitsinstrument van 1 530 miljoen EUR dat in 2016 beschikbaar is, is de gebruikmaking van de marge voor onvoorziene uitgaven noodzakelijk om tegemoet te komen aan de behoeften in verband met de migratie-, vluchtelingen- en veiligheidscrisis door de vastleggingskredieten van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2016 tot boven de plafonds van rubriek 3 te verhogen.

(4) Gezien deze zeer uitzonderlijke situatie, is aan de voorwaarde inzake het laatste redmiddel van artikel 13, lid 1, van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad voldaan,

HEBBEN HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

In de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2016 wordt de marge voor onvoorziene uitgaven gebruikt om 240,1 miljoen EUR aan vastleggingskredieten te verstrekken bovenop het vastleggingsplafond van rubriek 3 van het meerjarig financieel kader.

Artikel 2

Het in artikel 1 bedoelde bedrag van 240,1 miljoen EUR aan vastleggingskredieten wordt volledig verrekend met de marge onder het vastleggingsplafond van rubriek 5 (Administratie) van het meerjarig financieel kader voor het begrotingsjaar 2016.

Artikel 3

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel,

Voor het Europees Parlement  Voor de Raad

De Voorzitter  De Voorzitter

(1)

  PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(2)

  Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020 (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884).

(3)

  Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2015 betreffende de technische aanpassing van het financieel kader voor 2016 op grond van de ontwikkeling van het bni (COM(2015) 320).


UITSLAG VAN DE EINDSTEMMINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

24.11.2016

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

31

4

2

Bij de eindstemming aanwezige leden

Nedzhmi Ali, Jonathan Arnott, Jean Arthuis, Richard Ashworth, Reimer Böge, Lefteris Christoforou, Jean-Paul Denanot, Gérard Deprez, Eider Gardiazabal Rubial, Jens Geier, Ingeborg Gräßle, Iris Hoffmann, Monika Hohlmeier, Bernd Kölmel, Zbigniew Kuźmiuk, Vladimír Maňka, Ernest Maragall, Clare Moody, Siegfried Mureşan, Victor Negrescu, Liadh Ní Riada, Younous Omarjee, Urmas Paet, Pina Picierno, Paul Rübig, Patricija Šulin, Eleftherios Synadinos, Indrek Tarand, Inese Vaidere, Monika Vana, Daniele Viotti, Marco Zanni, Auke Zijlstra, Stanisław Żółtek

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Ivana Maletić, Andrey Novakov, Tomáš Zdechovský

Juridische mededeling - Privacybeleid