Procedure : 2016/2257(BUD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0350/2016

Ingediende teksten :

A8-0350/2016

Debatten :

Stemmingen :

PV 01/12/2016 - 6.13
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2016)0468

VERSLAG     
PDF 369kWORD 55k
25.11.2016
PE 592.346v02-00 A8-0350/2016

over het standpunt van de Raad inzake het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 4/2016 van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2016: Actualisering van kredieten ter weerspiegeling van de meest recente ontwikkelingen op het gebied van migratie- en veiligheidskwesties, verlaging van betalings- en vastleggingskredieten ten gevolge van de algemene overschrijving, verlenging van de looptijd van EFSI, wijziging van de personeelsformatie van Frontex en actualisering van bestemmingsontvangsten (eigen middelen)

(13583/2016 – C8-0459/2016 – 2016/2257(BUD))

Begrotingscommissie

Rapporteur: José Manuel Fernandes

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 BIJLAGE: BRIEF VAN DE COMMISSIE REGIONALE ONTWIKKELING
 BIJLAGE: BRIEF VAN DE COMMISSIE BURGERLIJKE VRIJHEDEN, JUSTITIE EN BINNENLANDSE ZAKEN

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het standpunt van de Raad inzake het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 4/2016 van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2016: Actualisering van kredieten ter weerspiegeling van de meest recente ontwikkelingen op het gebied van migratie- en veiligheidskwesties, verlaging van betalings- en vastleggingskredieten ten gevolge van de algemene overschrijving, verlenging van de looptijd van EFSI, wijziging van de personeelsformatie van Frontex en actualisering van bestemmingsontvangsten (eigen middelen)

(13583/2016 – C8-0459/2016 – 2016/2257(BUD))

Het Europees Parlement,

–  gezien artikel 314 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien artikel 106 bis van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(1), en met name artikel 41,

–  gezien de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2016, definitief vastgesteld op woensdag 25 november 2015(2),

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(3),

–  gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(4),

–  gezien Besluit 2014/335/EG, Euratom van de Raad van maandag 26 mei 2014 betreffende het stelsel van eigen middelen van de Europese Gemeenschappen(5),

–  gezien het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 4/2016, goedgekeurd door de Commissie op vrijdag 30 september 2016 (COM(2016)0623),

–  gezien het standpunt inzake het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 4/2016, vastgesteld door de Raad op 24 november 2016 en toegezonden aan het Europees Parlement op ..... (13583/2016 – C8-0459/2016),

–  gezien de brief van de Commissie regionale ontwikkeling,

–  gezien de brief van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken,

–  gezien artikel 88 van het Reglement,

–  gezien het verslag van de Begrotingscommissie (A8-0350/2016),

A.  overwegende dat ontwerp van gewijzigde begroting nr. 4/2016 (OGB 4/2016) het niveau van de betalingskredieten verlaagt met 7 284,3 miljoen EUR, voor het grootste deel van begrotingslijnen binnen subrubriek 1b - Economische, sociale en territoriale samenhang, en daarmee de nationale bijdragen dienovereenkomstig verlaagt;

B.  overwegende dat OGB 4/2016 het niveau van de vastleggingskredieten in rubriek 3 - Veiligheid en burgerschap, verhoogt met 50 miljoen EUR voor het Instrument voor noodhulp in de Unie, met 130 miljoen EUR voor het Fonds voor asiel, migratie en integratie (AMIF) en met 70 miljoen EUR voor het Fonds voor interne veiligheid (ISF), waarvoor het nodig is de marge voor onvoorziene uitgaven te mobiliseren voor een bedrag van 240,1 miljoen EUR, nadat rekening is gehouden met een herschikking van 9,9 miljoen EUR;

C.  overwegende dat OGB 4/2016 de vervroegde financiering van het Europees Fonds voor strategische investeringen (EFSI) inhoudt met een herschikking van 73,9 miljoen aan vastleggingskredieten van het energiedeel van de Connecting Europe Facility (CEF-Energy), die in 2018 gecompenseerd moet worden;

D.  overwegende dat met OGB 4/2016 de personeelsformatie van Frontex wordt gewijzigd met het oog op de inwerkingtreding van Verordening (EU) 2016/1624(6);

E.  overwegende dat, met een een vermindering van 14,7 miljoen EUR van verschillende begrotingslijnen in rubriek 2 - Duurzame groei: natuurlijke hulpbronnen, de netto-impact van OGB 4/2016 op de uitgavenzijde van de begroting 2016 een stijging met 225,4 miljoen EUR aan vastleggingskredieten is;

F.  overwegende dat OGB 4/2016 aan de inkomstenzijde ook aanpassingen inhoudt in verband met de herziening van de raming van de traditionele eigen middelen (d.w.z. douanerechten en suikerheffingen), de btw- en de bni-grondslag, en de begroting van de relevante Britse correcties en de financiering daarvan;

1.  spreekt zijn ernstige bezorgdheid uit over het betalingsoverschot van 7 284,3 miljoen EUR, dat het gevolg is van grote vertragingen bij de tenuitvoerlegging van EU-programma's in gedeeld beheer, en de weg vrijmaakt voor een aanzienlijke ophoping van betalingsverzoeken tegen het einde van het huidige MFK; wijst op de conclusie van de Commissie dat volgens de huidige ramingen aan de geactualiseerde betalingsbehoeften tot 2020 alleen binnen de huidige maxima tegemoet kan worden gekomen indien de overkoepelende marge voor betalingen volledig wordt gebruikt (en als bij wijze van voorzorg de jaarlijkse maxima van deze marge worden afgeschaft), en indien de betalingen voor speciale instrumenten worden meegeteld boven de maxima; roept daarom op tot een definitieve en eensluidende oplossing van laatstgenoemde kwestie in het kader van de herziening van het MFK;

2.  stemt in met de versterkingen van rubriek 3 door gebruikmaking van de marge voor onvoorziene uitgaven, alsmede met de vervroegde financiering van de versterking van de personeelsformatie van Frontex; verwelkomt in het bijzonder de gedeeltelijke aanvulling van het AMIF, maar is bezorgd over het feit dat, ondanks het hoge niveau van begrotingsuitvoering op basis van de nationale programma's van de lidstaten, tot nu toe nog maar weinig hervestigingen van vluchtelingen hebben plaatsgevonden;

3.  stemt in met de vervroegde financiering van het EFSI, mits de herschikking van het CEF wordt gecompenseerd in 2018; wil verduidelijken dat deze vervroegde financiering niet in de weg staat aan het definitieve financieringsplan van het nieuwe voorstel voor een verlenging van het EFSI, dat vastgesteld moet worden overeenkomstig de gewone wetgevingsprocedure;

4.  wijst met bezorgdheid op de verwachte daling van de ontvangsten, geraamd op 1,8 miljard EUR, vanwege de waardedaling van het Britse pond ten opzichte van de euro; wijst op het voornemen van de Commissie om gebruik te maken van de ontvangsten van bijkomende boetes om dat tekort op te vangen;

5.   keurt het standpunt van de Raad inzake het ontwerp van gewijzigde begroting nr. 4/2016 goed;

6.   verzoekt zijn Voorzitter te constateren dat de gewijzigde begroting nr. 4/2016 definitief is vastgesteld en zorg te dragen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie;

7.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de Rekenkamer, alsmede aan de nationale parlementen.

(1)

PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.

(2)

PB L 48 van 24.2.2016, blz. 1.

(3)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.

(4)

PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(5)

PB L 168 van 7.6.2014, blz. 105.

(6)

Verordening (EU) 2016/1624 van het Europees Parlement en de Raad van 14 september 2016 betreffende de Europese grens- en kustwacht en tot wijziging van Verordening (EU) 2016/399 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 863/2007 van het Europees Parlement en de Raad, Verordening (EG) nr. 2007/2004 van de Raad en Besluit 2005/267/EG van de Raad (PB L 251 van 16.9.2016, blz. 1).


BIJLAGE: BRIEF VAN DE COMMISSIE REGIONALE ONTWIKKELING

De heer Jean ARTHUIS

Voorzitter van de Begrotingscommissie

Europees ParlementBrussel

Betreft:  Advies inzake "Ontwerp van gewijzigde begroting nr. 4 bij de algemene begroting 2016"

Geachte heer Arthuis,

Op 11 oktober 2016 besloten de coördinatoren van de commissie REGI dat de commissie een advies zou opstellen over het wetgevingsverslag van BUDG over het voorstel van de Commissie "Ontwerp van gewijzigde begroting nr. 4 bij de algemene begroting 2016" (COM(2016)623 final).

Naar ik heb begrepen zal BUDG het voorstel met de Raad bespreken in het kader van de bemiddelingsprocedure voor de begroting 2017. Dat betekent dat REGI geen tijd heeft om een normaal advies op te stellen, en ik verzoek u daarom onderstaande suggesties te zien als de voorstellen van de commissie REGI die bedoeld zijn om in de ontwerpresolutie van uw commissie opgenomen te worden.

Suggesties:

1.  wijst erop dat de Commissie verwacht dat ten gevolge van de late aanwijzing van beheersautoriteiten voor de operationele programma's en de relatief trage uitvoering van bepaalde uitgavenprogramma's op het gebied van het cohesiebeleid minder facturen ontvangen zullen worden dan was voorzien op de begroting 2016;

2.  spreekt zijn bezorgdheid uit over de vertragingen die zich momenteel voordoen bij de uitvoering van EU-programma's onder gedeeld beheer, en over de daaruit voortvloeiende aanzienlijke verlaging van betalingskredieten als voorzien in het voorstel van de Commissie; benadrukt dat, aangezien het uitvoeringspercentage van de Europese structuur- en investeringsfondsen naar verwachting in 2017 zal toenemen, voldoende budgettaire middelen noodzakelijk zijn om aan die stijging te voldoen; is bezorgd dat deze situatie negatieve gevolgen kan hebben voor de betalingsachterstand door de opeenhoping van onbetaalde facturen tijdens de tweede helft van het meerjarig financieel kader;

3.  herinnert eraan dat de uitstaande verplichtingen in het begrotingsjaar 2015 weer hun eerdere hoge niveaus bereikten; is ervan overtuigd dat al het mogelijke moet worden gedaan om het ontstaan van een nieuwe ophoping van onbetaalde rekeningen en een nieuwe crisis met de betalingen, zoals tijdens de vorige periode, te voorkomen;

4.  spreekt zijn krachtige steun uit voor de ontwikkeling door de drie instellingen van een nieuw, bindend betalingsplan voor de periode 2016-2020;

Hoogachtend,

Iskra MIHAYLOVA


BIJLAGE: BRIEF VAN DE COMMISSIE BURGERLIJKE VRIJHEDEN, JUSTITIE EN BINNENLANDSE ZAKEN

De heer Jean Arthuis

Voorzitter van de Begrotingscommissie

ASP 09G205

Betreft:   Vierde ontwerp van gewijzigde begroting 2016

Mijnheer de voorzitter,

De LIBE-commissie wijst op de verhoging van de vastleggings- en betalingskredieten in rubriek 3 van het MFK met een bedrag van respectievelijk 240,1 en 10 miljoen EUR, alsook op de desbetreffende beschikbaarstelling van middelen uit de marge voor onvoorziene uitgaven die hiervoor nodig is, aangezien er geen marge meer is onder het maximum van rubriek 3 en het flexibiliteitsinstrument in 2016 volledig is opgebruikt. De LIBE-commissie stelt vast dat dit instrument in 2016 is gebruikt met volledige verrekening tegen de niet-toegewezen marge van rubriek 5 (administratie), maar herinnert eraan dat de marge voor onvoorziene uitgaven een allerlaatste toevlucht is.

De LIBE-commissie wijst tevens op de verhoging voor het instrument voor noodhulp binnen de Unie (18 07 01) met nog eens 49,5 miljoen EUR aan vastleggingskredieten (waardoor deze stijgen van 199 naar ongeveer 248,5 miljoen EUR, wat dicht in de buurt komt van het geraamde totaalbedrag van 300 miljoen EUR voor 2016 in OGB 1/2016) en 10 miljoen EUR aan betalingskredieten. Zij benadrukt dat de Commissie kaderpartnerschapsovereenkomsten heeft gesloten met een aantal ngo's en lokale entiteiten die hierdoor in aanmerking komen om acties uit te voeren, en verzoekt de Commissie gedetailleerde informatie te verstrekken over de begunstigden en de procedures. Zij dringt aan op een beoordeling en verslaglegging na nauw toezicht op de uitgaven.

Overwegende dat in de loop van 2016, 199 miljoen EUR werd overgeheveld van het AMIF naar het nieuwe begrotingsonderdeel voor het instrument voor noodhulp binnen de Unie (18 07 01) en gezien de aanhoudende druk op de grenzen van de EU en de vrij veranderlijke situatie inzake migratiestromen eind 2016, steunt de LIBE-commissie een kredietverhoging voor het AMIF (+130 miljoen EUR aan vastleggingskredieten). Zij herinnert eraan dat het AMIF in de begroting 2016 aanvankelijk over een bedrag van 1 miljard EUR beschikte voor de herplaatsing van 160 000 personen (6 500 EUR per persoon) dat wellicht slechts gedeeltelijk voor het oorspronkelijk beoogde doel zal worden gebruikt, aangezien tot op heden slechts een gering aantal herplaatsingen (6 000) heeft plaatsgevonden. In een geest van transparantie en duidelijkheid wil de LIBE-commissie bijgevolg nauwkeuriger informatie krijgen over de wijze waarop de Commissie de middelen die aanvankelijk voor herplaatsing waren bedoeld een andere bestemming kan geven.

De LIBE-commissie dringt aan op maximale verantwoording, transparantie en nauw toezicht op alle uitgaven. Zij wijst op de inspanningen van de Commissie om de kredieten in de EU-begroting aan te passen op grond van de daadwerkelijke uitvoering van de lopende maatregelen en van bijgestelde financiële behoeften.

De LIBE-commissie neemt kennis van de verhoging van de vastleggingskredieten (+70 miljoen EUR) voor het ISF om tegemoet te komen aan in behandeling zijnde en verwachte verzoeken om noodhulp van Bulgarije.

De LIBE-commissie is ingenomen met de begrotingsneutrale gedeeltelijke vervroegde invoering (+50 ambten) van de voorgestelde verhoging van het personeelsbestand van Frontex in de ontwerpbegroting 2017 (in totaal +130 ambten) via een wijziging van de personeelsformatie van het agentschap, wat het pas opgerichte Europees Grens- en kustwachtagentschap in staat moet stellen de taken te verrichten die zijn opgenomen in zijn mandaat. De LIBE-commissie herinnert eraan dat Frontex zijn grondrechtenfunctionaris voldoende middelen en personeel beschikbaar moet stellen voor het opzetten van een klachtenmechanisme en voor de verdere ontwikkeling en tenuitvoerlegging van de strategie van het agentschap voor toezicht op en het waarborgen van de bescherming van de grondrechten.

Hoogachtend,

Claude MORAES

UITSLAG VAN DE EINDSTEMMINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

24.11.2016

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

30

3

4

Bij de eindstemming aanwezige leden

Nedzhmi Ali, Jonathan Arnott, Jean Arthuis, Richard Ashworth, Reimer Böge, Lefteris Christoforou, Jean-Paul Denanot, Gérard Deprez, Eider Gardiazabal Rubial, Jens Geier, Ingeborg Gräßle, Iris Hoffmann, Monika Hohlmeier, Bernd Kölmel, Zbigniew Kuźmiuk, Vladimír Maňka, Ernest Maragall, Clare Moody, Siegfried Mureşan, Victor Negrescu, Liadh Ní Riada, Younous Omarjee, Urmas Paet, Pina Picierno, Paul Rübig, Patricija Šulin, Eleftherios Synadinos, Indrek Tarand, Inese Vaidere, Monika Vana, Daniele Viotti, Marco Zanni, Auke Zijlstra, Stanisław Żółtek

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Ivana Maletić, Andrey Novakov, Tomáš Zdechovský

Juridische mededeling - Privacybeleid