Procedure : 2016/0325(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0112/2017

Ingediende teksten :

A8-0112/2017

Debatten :

PV 12/06/2017 - 13
CRE 12/06/2017 - 13

Stemmingen :

PV 13/06/2017 - 5.5
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2017)0249

VERSLAG     ***I
PDF 856kWORD 126k
29.3.2017
PE 595.480v02-00 A8-0112/2017

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de deelname van de Unie aan een door verscheidene lidstaten gezamenlijk opgezet partnerschap voor onderzoek en innovatie in het Middellandse Zeegebied (het Prima-initiatief)

(COM(2016)0662 – C8-0421/2016 – 2016/0325(COD))

Commissie industrie, onderzoek en energie

Rapporteur: Sofia Sakorafa

AMENDEMENTEN
ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 ADVIES van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid
 PROCEDURE VAN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de deelname van de Unie aan een door verscheidene lidstaten gezamenlijk opgezet partnerschap voor onderzoek en innovatie in het Middellandse Zeegebied het Prima-initiatief)

(COM(2016)0662 – C8-0421/2016 – 2016/0325(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2016) 662),

–  gezien artikel 294, lid 2, en de artikelen 185 en 188 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C8-0421/2016),

–  gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité van 26 januari 2017(1),

–  gezien artikel 59 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie industrie, onderzoek en energie en het advies van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid (A8-0112/2017),

1.  stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;

2.  verzoekt om hernieuwde voorlegging indien de Commissie haar voorstel vervangt, er ingrijpende wijzigingen in aanbrengt of voornemens is er ingrijpende wijzigingen in aan te brengen;

3.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

Amendement    1

Voorstel voor een besluit

Visum 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

gezien het Handvest van de Verenigde Naties, onder meer artikel 73 over niet-zelfbesturende gebieden,

Amendement    2

Voorstel voor een besluit

Visum 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

gezien de richtsnoeren van de Commissie betreffende de mogelijkheid van Israëlische entiteiten en hun activiteiten in de door Israël sinds juni 1967 bezette gebieden om in aanmerking te komen voor subsidies, prijzen en financieringsinstrumenten die na 2014 met EU-middelen worden gefinancierd1 bis,

 

_________________

 

1 bis PB C 205 van 19.7.2013, blz. 9.

Amendement    3

Voorstel voor een besluit

Visum 3 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

gezien Protocol nr. 1 betreffende de rol van de nationale parlementen in de Europese Unie,

Amendement    4

Voorstel voor een besluit

Visum 3 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

gezien Protocol nr. 2 betreffende de toepassing van de beginselen van subsidiariteit en evenredigheid,

Amendement    5

Voorstel voor een besluit

Overweging 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 bis)  Toegang tot water is een universeel recht dat moet worden gegarandeerd voor alle burgers. Daarom is de volledige toepassing van het mensenrecht op water en sanitaire voorzieningen, waaronder de beschikbaarheid, toegankelijkheid, aanvaardbaarheid en kwaliteit ervan, zoals erkend door de Verenigde Naties en gesteund door de lidstaten, van essentieel belang, en speelt het deugdelijk beheer van watervoorraden een cruciale rol bij het garanderen van duurzaam watergebruik en het beschermen van de natuurlijke hulpbronnen op de wereld. De gecombineerde effecten van menselijke activiteit en klimaatverandering hebben ertoe geleid dat het hele Middellandse Zeegebied als waterarm, woestijnachtig gebied is aangemerkt.

Amendement    6

Voorstel voor een besluit

Overweging 1 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 ter)  Het Middellandse Zeegebied is vanuit politiek, economisch, cultureel, wetenschappelijk en ecologisch oogpunt van strategisch belang voor de Unie;

Amendement    7

Voorstel voor een besluit

Overweging 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(2)  Bij Verordening (EU) nr. 1291/2013 van het Europees Parlement en de Raad4 is Horizon 2020 - het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie (2014-2020) ("Horizon 2020") vastgesteld. Horizon 2020 is gericht op het bereiken van een groter effect op onderzoek en innovatie door bij te dragen aan de versterking van publiek-publieke partnerschappen, onder meer door deelname van de Unie aan door verscheidene lidstaten gezamenlijk opgezette programma's.

(2)  Bij Verordening (EU) nr. 1291/2013 van het Europees Parlement en de Raad4 is Horizon 2020 - het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie (2014-2020) ("Horizon 2020") vastgesteld. Horizon 2020 is gericht op het bereiken van een groter effect op onderzoek en innovatie door bij te dragen aan de versterking van publiek-publieke partnerschappen, onder meer door deelname van de Unie aan door verscheidene lidstaten gezamenlijk opgezette programma's, met het oog op de duurzame ontwikkeling van de lidstaten.

__________________

__________________

4 Verordening (EU) nr. 1291/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 tot vaststelling van Horizon 2020 - het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie (2014-2020) en tot intrekking van Besluit nr. 1982/2006/EG (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 104).

4 Verordening (EU) nr. 1291/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 tot vaststelling van Horizon 2020 - het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie (2014-2020) en tot intrekking van Besluit nr. 1982/2006/EG (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 104).

Amendement    8

Voorstel voor een besluit

Overweging 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(3)  Publiek-publieke partnerschappen moeten als doel hebben grotere synergie tot stand te brengen, de coördinatie te intensiveren en overlapping met uniale, internationale, nationale en regionale onderzoeksprogramma’s te voorkomen, en moeten de algemene beginselen van Horizon 2020, in het bijzonder de beginselen in verband met openheid en transparantie, volledig naleven.

(3)  Publiek-publieke partnerschappen moeten als doel hebben grotere synergie tot stand te brengen, de coördinatie te intensiveren en overlapping met uniale, internationale, nationale en regionale onderzoeksprogramma’s te voorkomen, en moeten de algemene beginselen van Horizon 2020 om onderzoek en innovatie te bevorderen en zodoende duurzame groei te verwezenlijken, in het bijzonder de beginselen in verband met openheid, transparantie en toegankelijkheid, volledig naleven.

Amendement    9

Voorstel voor een besluit

Overweging 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(3 bis)  Overeenkomstig artikel 19, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1291/2013 moeten onderzoeks- en innovatieactiviteiten die in het kader van Horizon 2020 worden uitgevoerd, waaronder alle mogelijke publiek-private partnerschappen zoals het Prima-initiatief, uitsluitend gericht zijn op civiele toepassingen.

Amendement    10

Voorstel voor een besluit

Overweging 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(4)  In Verordening (EU) nr. 1291/2013 worden "Klimaatactie, milieu, efficiënt gebruik van hulpbronnen en grondstoffen" en "Voedselzekerheid, duurzame land- en bosbouw, marien en maritiem onderzoek en onderzoek inzake binnenwateren en de bio-economie" geïdentificeerd als twee van de belangrijkste maatschappelijke uitdagingen die moeten worden aangepakt door ondersteuning van investeringen in onderzoek en innovatie. Bovendien wordt in Verordening (EU) nr. 1291/2013 erkend dat, gezien de transnationale en mondiale aard van het klimaat en het milieu, de schaal en complexiteit ervan en de internationale dimensie van de toeleveringsketen van levensmiddelen en landbouwproducten, de onderzoeks- en innovatie-activiteiten met betrekking tot deze uitdagingen beter op EU-niveau en daarbuiten worden uitgevoerd.

(4)  In Verordening (EU) nr. 1291/2013 worden "Klimaatactie, milieu, efficiënt gebruik van hulpbronnen en grondstoffen" en "Voedselzekerheid, duurzame land- en bosbouw, marien en maritiem onderzoek en onderzoek inzake binnenwateren en de bio-economie" geïdentificeerd als twee van de belangrijkste maatschappelijke uitdagingen die zonder vertraging moeten worden aangepakt door ondersteuning van investeringen in onderzoek en innovatie. Bovendien wordt in Verordening (EU) nr. 1291/2013 erkend dat, gezien de transnationale en mondiale aard van het klimaat en het milieu, de schaal en complexiteit ervan en de internationale dimensie van de toeleveringsketen van levensmiddelen en landbouwproducten, de onderzoeks- en innovatie-activiteiten met betrekking tot deze uitdagingen beter op EU-niveau en daarbuiten worden uitgevoerd.

Amendement    11

Voorstel voor een besluit

Overweging 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(5)  In Verordening (EU) nr. 1291/2013 wordt gewezen op de noodzaak van internationale samenwerking met derde landen voor een doeltreffende benadering van gemeenschappelijke uitdagingen. Internationale samenwerking op het gebied van onderzoek en innovatie is een basisaspect van het mondiale engagement van de Unie en speelt een belangrijke rol in het partnerschap van de Unie met de nabuurschapslanden. Deze samenwerking strookt met de aanpak van het Europees nabuurschapsbeleid, waarbij het samenwerkingsniveau met elk nabuurschapsland verschilt naargelang hun engagement ten aanzien van de Unie.

(5)  In Verordening (EU) nr. 1291/2013 wordt gewezen op de noodzaak van internationale samenwerking met derde landen voor een doeltreffende benadering van gemeenschappelijke uitdagingen. Internationale samenwerking op het gebied van onderzoek en innovatie is een basisaspect van het mondiale engagement van de Unie en speelt een belangrijke rol in het partnerschap van de Unie met de nabuurschapslanden en met andere derde landen. Deze samenwerking strookt met de aanpak van het Europees nabuurschapsbeleid, waarbij het samenwerkingsniveau met elk nabuurschapsland verschilt naargelang hun engagement ten aanzien van de Unie.

Amendement    12

Voorstel voor een besluit

Overweging 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7)  Op 23 december 2014 heeft een groep van 19 landen van het Middellandse Zeegebied bij de Commissie een voorstel ingediend voor een gezamenlijk programmeringsinitiatief onder de naam "Partnerschap voor onderzoek en innovatie in het Middellandse Zeegebied" (het Prima-initiatief). 14 landen zijn overeengekomen om financiële middelen uit te trekken voor de gezamenlijke verwezenlijking van het Prima-initiatief: Cyprus, Frankrijk, Griekenland, Italië, Luxemburg, Malta, Portugal, Spanje en Tsjechië, wat de lidstaten van de Unie betreft; Israël en Tunesië, wat de met Horizon 2020 geassocieerde derde landen betreft; Egypte, Libanon en Marokko, wat de niet met Horizon 2020 geassocieerde derde landen betreft.

(7)  Op 23 december 2014 heeft een groep van 19 landen van het Middellandse Zeegebied bij de Commissie een voorstel ingediend voor een gezamenlijk programmeringsinitiatief onder de naam "Partnerschap voor onderzoek en innovatie in het Middellandse Zeegebied" (het Prima-initiatief). Sindsdien zijn 15 landen overeengekomen om financiële middelen uit te trekken voor de gezamenlijke verwezenlijking van het Prima-initiatief: Cyprus, Duitsland, Frankrijk, Griekenland, Italië, Luxemburg, Malta, Portugal en Spanje, wat de lidstaten van de Unie betreft; Israël en Tunesië, wat de met Horizon 2020 geassocieerde derde landen betreft; Egypte, Jordanië, Libanon en Marokko, wat de niet met Horizon 2020 geassocieerde derde landen betreft.

Amendement    13

Voorstel voor een besluit

Overweging 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(8)  Het Prima-initiatief beoogt de uitvoering van een gezamenlijk programmeringsinitiatief voor de ontwikkeling en vaststelling van innovatieve en geïntegreerde manieren om de efficiëntie, veiligheid, beveiliging en duurzaamheid van de voedselproductie en watervoorziening in het Middellandse Zeegebied te verbeteren. Het Prima-initiatief moet bijdragen tot de verwezenlijking van de recentelijk overeengekomen doelstellingen inzake duurzame ontwikkeling en de toekomstige Europese strategie voor duurzame ontwikkeling.

(8)  Het Prima-initiatief beoogt de uitvoering van een gezamenlijk programmeringsinitiatief voor de ontwikkeling en vaststelling van innovatieve en geïntegreerde manieren om de efficiëntie, veiligheid, beveiliging en duurzaamheid van de agrovoedingssystemen en geïntegreerd waterbeheer in het Middellandse Zeegebied te verbeteren. Het Prima-initiatief moet bijdragen tot de verwezenlijking van de recentelijk overeengekomen doelstellingen inzake duurzame ontwikkeling en de toekomstige Europese strategie voor duurzame ontwikkeling, evenals tot de verwezenlijking van de doelstellingen van de Overeenkomst van Parijs.

Amendement    14

Voorstel voor een besluit

Overweging 8 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 bis)  Geïntegreerd waterbeheer, waaronder het hergebruik en de behandeling van afvalwater, houdt in dat alle verschillende vormen van watergebruik gezamenlijk worden bekeken, en schaart burgerparticipatie, volledige transparantie en democratische verantwoordingsplicht onder zijn kernwaarden, om ecologische en maatschappelijke duurzaamheid te waarborgen.

Amendement    15

Voorstel voor een besluit

Overweging 8 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 ter)  Een duurzaam agrovoedingssysteem is erop gericht om te voldoen aan de eisen van burgers en het milieu voor veilige, gezonde en betaalbare voeding en om de verwerking, verspreiding en consumptie van levensmiddelen en voeder duurzamer te maken en zo de voedselverspilling en afval van agrovoedingsmiddelen tot een minimum te beperken. Daarnaast moeten de activiteiten van het Prima-initiatief gericht zijn op de ontwikkeling van diensten, concepten en beleid om de bestaanszekerheid op het platteland te garanderen en duurzame consumptie aan te moedigen.

Amendement     16

Voorstel voor een besluit

Overweging 8 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 quater)  Gezien de waterschaarste in het Middellandse Zeegebied is er een andere energieoplossing nodig en moeten er efficiëntere patronen worden ingevoerd. Hernieuwbare energie moet deel gaan uitmaken van de processen ter vervanging van fossiele brandstoffen.

Amendement     17

Voorstel voor een besluit

Overweging 8 quinquies (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 quinquies)  Een open, democratisch en participatief bestuur is van cruciaal belang om te waarborgen dat voor het beheer van de watervoorraden de meest kosteneffectieve oplossingen worden gekozen die de hele samenleving ten goede komen.

Amendement    18

Voorstel voor een besluit

Overweging 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(9)  Om ervoor te zorgen dat Egypte, Libanon en Marokko, die niet met Horizon 2020 geassocieerde derde landen zijn, aan het Prima-initiatief kunnen deelnemen, moeten de Unie en deze derde landen middels het sluiten van internationale overeenkomsten de juridische regeling van dit besluit tot deze landen uitbreiden.

(9)  Om ervoor te zorgen dat Egypte, Jordanië, Libanon en Marokko, die niet met Horizon 2020 geassocieerde derde landen zijn, aan het Prima-initiatief kunnen deelnemen, moeten de Unie en deze derde landen middels het sluiten van internationale overeenkomsten op het vlak van wetenschap en technologie de juridische regeling van dit besluit tot deze landen uitbreiden.

Amendement    19

Voorstel voor een besluit

Overweging 10

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(10)  Conform de doelstellingen van Horizon 2020 mag elke andere lidstaat en elk ander met Horizon 2020 geassocieerd derde land aan het Prima-initiatief deelnemen indien zij zich ertoe verbinden om initiatief mee te financieren.

(10)  Conform de doelstellingen van Horizon 2020 en om de werkgelegenheid en groei aan te wakkeren, mag elke andere lidstaat en elk ander met Horizon 2020 geassocieerd derde land aan het Prima-initiatief deelnemen indien zij zich ertoe verbinden om het initiatief mee te financieren met een passend percentage van de totale kosten.

Amendement    20

Voorstel voor een besluit

Overweging 11

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(11)  Met het oog op de verwezenlijking van de doelstellingen van het Prima-initiatief moet de deelname van niet met Horizon 2020 geassocieerde derde landen, en met name landen van het zuidelijke Middellandse Zeegebied, mogelijk zijn, indien zij zich ertoe verbinden om het initiatief mee te financieren en indien de Prima-uitvoeringsstructuur de deelname goedkeurt. De deelname moet ook in de desbetreffende internationale overeenkomst tussen dat derde land en de Unie zijn voorzien.

(11)  Met het oog op de verwezenlijking van de doelstellingen van het Prima-initiatief moet de deelname van niet met Horizon 2020 geassocieerde derde landen, en met name landen van het zuidelijke Middellandse Zeegebied, mogelijk zijn, indien zij zich ertoe verbinden om het initiatief mee te financieren en indien de Prima-uitvoeringsstructuur de deelname goedkeurt. De deelname moet ook in de desbetreffende internationale overeenkomst op het vlak van wetenschap en technologie tussen dat derde land en de Unie zijn voorzien.

Amendement    21

Voorstel voor een besluit

Overweging 12

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(12)  Met het oog op de gezamenlijke uitvoering van het Prima-initiatief moet een uitvoeringsstructuur worden gevormd (de "Prima-uitvoeringsstructuur"). Deze uitvoeringsstructuur moet de financiële bijdrage van de Unie ontvangen en moet een doelmatige uitvoering van het Prima-initiatief waarborgen.

(12)  Met het oog op de gezamenlijke uitvoering van het Prima-initiatief moet een uitvoeringsstructuur worden gevormd (de "Prima-uitvoeringsstructuur"). Deze uitvoeringsstructuur moet de financiële bijdrage van de Unie ontvangen en moet een doelmatige en transparante uitvoering van het Prima-initiatief waarborgen.

Amendement    22

Voorstel voor een besluit

Overweging 13

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(13)  Voor de financiële bijdrage van de Unie is vereist dat de deelnemende landen formeel toezeggen dat zij zullen bijdragen aan de financiering van het Prima-initiatief en dat zij deze toezeggingen nakomen in overeenstemming met de bepalingen van dit besluit. De deelnemende landen moet de nodige flexibiliteit worden geboden om naar keuze financieel bij te dragen aan de Prima-uitvoeringsstructuur met het oog op de financiering van acties onder contract, zodat een hoge mate van financiële integratie wordt bereikt. Voorts moeten de deelnemende landen financieel of niet-financieel bijdragen aan activiteiten die zonder bijdrage van de Unie worden uitgevoerd. De periode waarin de deelnemende landen hun bijdrage moeten leveren, moet duidelijk worden vastgesteld.

(13)  Voor de financiële bijdrage van de Unie is vereist dat de deelnemende landen formeel toezeggen dat zij zullen bijdragen aan de financiering van het Prima-initiatief en dat zij deze toezeggingen nakomen en uitvoeren in overeenstemming met de bepalingen van dit besluit. De deelnemende landen moet de nodige flexibiliteit worden geboden om naar keuze financieel bij te dragen aan de Prima-uitvoeringsstructuur met het oog op de financiering van acties onder contract, zodat een hoge mate van financiële integratie wordt bereikt. Voorts moeten de deelnemende landen financieel of niet-financieel bijdragen aan activiteiten die zonder bijdrage van de Unie worden uitgevoerd. De periode waarin de deelnemende landen hun bijdrage moeten leveren, moet duidelijk worden vastgesteld.

Amendement    23

Voorstel voor een besluit

Overweging 13 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(13 bis)  De raad van bestuur en het jaarlijks werkprogramma moeten een rechtvaardige verdeling van de middelen garanderen, onder andere door voldoende aandacht te schenken aan territoriale aspecten.

Amendement    24

Voorstel voor een besluit

Overweging 14

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(14)  Er moet een maximum worden vastgesteld voor de bijdrage van de Unie aan het Prima-initiatief met middelen van Horizon 2020. Met inachtneming van dat maximum moet de bijdrage van de Unie gelijk zijn aan de bijdrage van de deelnemende landen aan het Prima-initiatief, teneinde een sterk hefboomeffect te verkrijgen en te zorgen voor een sterkere integratie van de programma's van de deelnemende landen. Het moet mogelijk zijn om een gedeelte van de Unie-bijdrage te gebruiken voor de administratieve kosten van de Prima-uitvoeringsstructuur.

(14)  Er moet een maximum worden vastgesteld voor de bijdrage van de Unie aan het Prima-initiatief met middelen van Horizon 2020. Met inachtneming van dat maximum moet de bijdrage van de Unie gelijk zijn aan de bijdrage van de deelnemende landen aan het Prima-initiatief, teneinde een sterk hefboomeffect te verkrijgen en te zorgen voor een sterkere integratie van de programma's van de deelnemende landen. Het moet mogelijk zijn om een gedeelte van de Unie-bijdrage te gebruiken voor de administratieve kosten van de Prima-uitvoeringsstructuur. Er moet worden gezorgd voor een efficiënt beheer van het programma, en de administratieve kosten moeten tot een minimum beperkt worden.

Amendement    25

Voorstel voor een besluit

Overweging 16

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(16)  De activiteiten van het Prima-initiatief moeten in overeenstemming zijn met de doelstellingen en de prioriteiten inzake onderzoek en innovatie van Horizon 2020 en met de in artikel 26 van Verordening (EU) nr. 1291/2013 vastgelegde algemene beginselen en voorwaarden. Het Prima-initiatief moet rekening houden met de OESO-definities betreffende het niveau van technologische paraatheid in de classificatie van technologisch onderzoek, productontwikkeling en demonstratieactiviteiten.

(16)  De activiteiten van het Prima-initiatief moeten in overeenstemming zijn met de doelstellingen en de prioriteiten inzake onderzoek en innovatie van Horizon 2020, die fungeren als de voornaamste aanjagers van slimme, duurzame en inclusieve ontwikkeling, en met de in artikel 26 van Verordening (EU) nr. 1291/2013 vastgelegde algemene beginselen en voorwaarden. Het Prima-initiatief moet rekening houden met de OESO-definities betreffende het niveau van technologische paraatheid in de classificatie van technologisch onderzoek, productontwikkeling en demonstratieactiviteiten.

Amendement    26

Voorstel voor een besluit

Overweging 16 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(16 bis)  Het Prima-initiatief moet steun verlenen aan een breed scala van onderzoeks- en innovatieactiviteiten, met inbegrip van capaciteitsopbouw, opleidingen, acties die gericht zijn op bewustmaking en verspreiding, de mobiliteit van onderzoekers, onderzoeks-, ontwikkelings- en innovatieprojecten en innovatieve demonstratiemodellen en proefinstallaties, waarmee uiteenlopende niveaus van technologische paraatheid aan de orde komen en gezorgd wordt voor een passend evenwicht tussen kleine en grote projecten.

Amendement    27

Voorstel voor een besluit

Overweging 16 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(16 ter)  Het Prima-initiatief moet ten uitvoer worden gelegd op basis van een jaarlijks werkprogramma waarin de in een bepaald jaar te ondernemen activiteiten worden beschreven. De Prima-uitvoeringsstructuur moet de resultaten van projectoproepen bijhouden en bekijken in hoeverre adequaat is omgegaan met wetenschappelijke vraagstukken, de verwachte effecten en de overinschrijving van voorstellen boven de drempel waarvoor financiering beschikbaar was. In gerechtvaardigde gevallen moeten binnen de Prima-uitvoeringsstructuur in gewijzigde of volgende jaarlijkse werkprogramma’s corrigerende maatregelen genomen worden.

Amendement    28

Voorstel voor een besluit

Overweging 17 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(17 bis)  Wat de aard van de onderzoeks- en innovatie-entiteiten betreft, mag deelname aan het programma niet discriminerend zijn. Belemmeringen voor de deelname van nieuwkomers aan het programma moeten in kaart worden gebracht en worden aangepakt. In dit verband moet de deelname van universiteiten, onderzoekscentra en kmo’s worden bevorderd.

Amendement    29

Voorstel voor een besluit

Overweging 17 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(17 ter)  Bij de verwezenlijking van haar doelstellingen en in overeenstemming met de toepasselijke regels en beginselen, zoals het beginsel van wetenschappelijke excellentie, moet de Prima-uitvoeringsstructuur ernaar streven om een passend percentage, d.w.z. ongeveer 25 %, van de Uniefinanciering, toe te kennen aan juridische entiteiten in derde landen die als deelnemende landen worden beschouwd, waarmee de toewijding van mediterrane partnerlanden aan het programma weerspiegeld wordt.

Amendement    30

Voorstel voor een besluit

Overweging 18

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(18)  De door het Prima-initiatief beheerde projectoproepen moeten ook worden bekendgemaakt op het gemeenschappelijke deelnemersportaal, alsmede via andere door de Commissie beheerde elektronische verspreidingsmiddelen van Horizon 2020.

(18)  De door het Prima-initiatief beheerde projectoproepen en onderbouwde besluiten met betrekking tot de selectie van projecten moeten ook worden bekendgemaakt op het gemeenschappelijke deelnemersportaal van Prima, op het deelnemersportaal van Horizon 2020, alsmede via andere door de Commissie beheerde elektronische verspreidingsmiddelen van Horizon 2020.

Amendement    31

Voorstel voor een besluit

Overweging 18 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(18 bis)  De Prima-uitvoeringsstructuur moet een modelsubsidieovereenkomst goedkeuren waarin moet worden vastgelegd op welke wijze entiteiten die gevestigd zijn in landen die niet aan het Prima-initiatief deelnemen de Prima-uitvoeringsstructuur passende garanties dienen te verschaffen om het risico op wanbetaling of wanbeheer van Uniefinanciering af te dekken.

Amendement    32

Voorstel voor een besluit

Overweging 18 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(18 ter)  De Prima-uitvoeringsstructuur moet de effecten van uitgevoerde projecten voortdurend meten.

Amendement    33

Voorstel voor een besluit

Overweging 18 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(18 quater)  De Prima-uitvoeringsstructuur kan in haar jaarlijks werkprogramma’s aanvullende voorwaarden voor deelname opnemen, bijvoorbeeld dat alle projecten in het kader van een bepaalde aanbesteding moeten worden gecoördineerd door entiteiten die gevestigd zijn in deelnemende landen.

Amendement    34

Voorstel voor een besluit

Overweging 19 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(19 bis)  Om te zorgen voor een deugdelijk financieel beheer van de Uniemiddelen moeten passende financiële garanties aan de Prima-uitvoeringsstructuur worden verstrekt. Deze garanties moeten toereikend en evenredig zijn. Wanneer de garanties door de deelnemende landen worden verstrekt, moet elk van deze landen de aansprakelijkheid dragen voor een maximumbedrag dat minder is dan of gelijk is aan zijn financiële verplichting voor het Prima-initiatief. De totale terugvordering moet worden beperkt tot een maximumbedrag van 200 000 000 euro.

Motivering

Gerelateerd aan het amendement waarin wordt voorgesteld een nieuw lid 1 bis toe te voegen aan artikel 8.

Amendement    35

Voorstel voor een besluit

Overweging 20

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(20)  Ter bescherming van de financiële belangen van de Unie moet de Commissie het recht hebben om de financiële bijdrage van de Unie te verlagen, op te schorten of te beëindigen als het Prima-initiatief ontoereikend, slechts gedeeltelijk of te laat wordt uitgevoerd, dan wel als de deelnemende landen niet, slechts gedeeltelijk of te laat bijdragen aan de financiering van het Prima-initiatief.

(20)  Ter bescherming van de financiële belangen van de Unie moet de Commissie het recht hebben om de financiële bijdrage van de Unie te verlagen of op te schorten als het Prima-initiatief ontoereikend, slechts gedeeltelijk of te laat wordt uitgevoerd, dan wel als de deelnemende landen niet, slechts gedeeltelijk of te laat bijdragen aan de financiering van het Prima-initiatief.

Amendement    36

Voorstel voor een besluit

Overweging 21

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(21)  De deelname aan acties onder contract die door de Prima-uitvoeringsstructuur worden gefinancierd, wordt bepaald door Verordening (EU) nr. 1290/2013 van het Europees Parlement en de Raad7. Wegens de specifieke uitvoeringsvereisten voor het Prima-initiatief is het echter nodig te voorzien in afwijkingen van die verordening, overeenkomstig artikel 1, lid 3, daarvan.

(21)  Met het oog op het algemene doel van Horizon 2020 om te komen tot grotere vereenvoudiging en de harmonisatie van het Europese financieringslandschap voor onderzoek en innovatie moeten publiek-publieke partnerschappen eenvoudige governancemodellen vaststellen en waar mogelijk van Horizon 2020 afwijkende regelingen zien te vermijden. De deelname aan acties onder contract die door de Prima-uitvoeringsstructuur worden gefinancierd, wordt dan ook bepaald door Verordening (EU) nr. 1290/2013 van het Europees Parlement en de Raad7. Wegens de specifieke uitvoeringsvereisten voor het Prima-initiatief is het echter nodig te voorzien in beperkte afwijkingen van die verordening, overeenkomstig artikel 1, lid 3, daarvan.

__________________

__________________

7 Verordening (EU) nr. 1290/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 tot vaststelling van de regels voor de deelname aan acties en de verspreiding van resultaten in het kader van "Horizon 2020 - het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie (2014-2020)" en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1906/2006 (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 81).

7 Verordening (EU) nr. 1290/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 tot vaststelling van de regels voor de deelname aan acties en de verspreiding van resultaten in het kader van "Horizon 2020 - het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie (2014-2020)" en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1906/2006 (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 81).

Amendement    37

Voorstel voor een besluit

Overweging 22

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(22)  Afwijkingen van artikel 9, lid 1, onder b), en lid 3, van Verordening (EU) nr. 1290/2013 zijn noodzakelijk om rekening te houden met de specifieke kenmerken die voortvloeien uit het geografische toepassingsgebied van het Prima-initiatief, door middel van een verdere aanpassing van de minimale voorwaarden om in aanmerking te komen voor deelname aan acties onder contract. Om te zorgen voor een evenwichtige kern voor deelname aan acties onder contract, met deelname van zowel noordelijke als zuidelijke landen, moet in afwijking van artikel 9, lid 1, onder b), van Verordening (EU) nr. 1290/2013, worden vastgesteld dat het aantal deelnemers aan een actie bestaat uit minimaal drie juridische entiteiten die gevestigd zijn in drie verschillende deelnemende landen, waarvan één een lidstaat of een met Horizon 2020 geassocieerd land en één een al dan niet met Horizon 2020 geassocieerd derde land is. Er is een afwijking van artikel 9, lid 3, van Verordening (EU) nr. 1290/2013 nodig om ervoor te zorgen dat de minimale voorwaarden om in aanmerking te komen voor deelname aan acties onder contract niet discriminerend zijn voor in derde landen gevestigde entiteiten die als deelnemend land aan het Prima-initiatief deelnemen. Om ervoor te zorgen dat de voorwaarden niet discriminerend zijn voor in derde landen gevestigde entiteiten die als deelnemende landen aan het Prima-initiatief deelnemen, moet worden bepaald dat naast de in artikel 10, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1290/2013 bedoelde entiteiten ook in deelnemende landen gevestigde juridische entiteiten in aanmerking komen voor financiering. Er zijn afwijkingen van artikel 12 van Verordening (EU) nr. 1290/2013 nodig om via gezamenlijke, door de Prima-uitvoeringsstructuur gelanceerde projectoproepen de samenwerking te kunnen uitbreiden tot andere juridische entiteiten dan derde landen en internationale organisaties.

(22)  Afwijkingen van artikel 9, lid 1, onder b), en lid 3, van Verordening (EU) nr. 1290/2013 zijn noodzakelijk om rekening te houden met de specifieke kenmerken die voortvloeien uit het geografische toepassingsgebied van het Prima-initiatief, door middel van een verdere aanpassing van de minimale voorwaarden om in aanmerking te komen voor deelname aan acties onder contract. Om te zorgen voor een evenwichtige kern voor deelname aan acties onder contract, met deelname van zowel noordelijke als zuidelijke landen, moet in afwijking van artikel 9, lid 1, onder b), van Verordening (EU) nr. 1290/2013, worden vastgesteld dat het aantal deelnemers aan een actie bestaat uit minimaal drie juridische entiteiten die gevestigd zijn in drie verschillende deelnemende landen, teneinde een evenwichtige Europees-mediterrane samenwerking te bevorderen. Er is een afwijking van artikel 9, lid 3, van Verordening (EU) nr. 1290/2013 nodig om ervoor te zorgen dat de minimale voorwaarden om in aanmerking te komen voor deelname aan acties onder contract niet discriminerend zijn voor in derde landen gevestigde entiteiten die als deelnemend land aan het Prima-initiatief deelnemen. Om ervoor te zorgen dat de voorwaarden niet discriminerend zijn voor in derde landen gevestigde entiteiten die als deelnemende landen aan het Prima-initiatief deelnemen, moet worden bepaald dat naast de in artikel 10, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1290/2013 bedoelde entiteiten ook in deelnemende landen gevestigde juridische entiteiten in aanmerking komen voor financiering. Internationale organisaties en in niet-deelnemende landen gevestigde entiteiten die niet in aanmerking komen voor financiering uit hoofde van het Prima-initiatief, moeten in het kader van het Prima-initiatief en in afwijking van artikel 10, leden 1 en 2, van Verordening (EU) nr. 1290/2013 gefinancierd kunnen worden, mits voldaan is aan de specifieke voorwaarden in deze verordening. Er zijn afwijkingen van artikel 12 van Verordening (EU) nr. 1290/2013 nodig om via gezamenlijke, door de Prima-uitvoeringsstructuur gelanceerde projectoproepen de samenwerking te kunnen uitbreiden tot andere juridische entiteiten dan derde landen en internationale organisaties.

Amendement    38

Voorstel voor een besluit

Overweging 23

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(23)  Ten behoeve van de vereenvoudiging moeten de administratieve lasten voor alle betrokken partijen worden verminderd. Overlappende controles en onevenredige documentatie en verslaglegging moeten worden vermeden. Bij het uitvoeren van controles moet in voorkomend geval rekening worden gehouden met de specifieke kenmerken van de nationale programma’s.

(23)  Ten behoeve van de vereenvoudiging moeten de administratieve lasten strikt evenredig zijn met de verwachte effecten voor alle betrokken partijen. Overlappende controles en onevenredige documentatie en verslaglegging moeten worden vermeden. Er moet een geharmoniseerde methodiek voor de verzameling van gegevens uit de deelnemende landen worden vastgesteld. Bij het uitvoeren van controles moet in voorkomend geval rekening worden gehouden met de specifieke kenmerken van de nationale programma’s.

Amendement    39

Voorstel voor een besluit

Overweging 26

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(26)  De Commissie moet in een tussentijdse evaluatie met name de kwaliteit en de doelmatigheid van het Prima-initiatief en de gemaakte voortgang naar de vastgestelde doelstellingen beoordelen, een eindevaluatie verrichten, en verslagen over die evaluaties opstellen.

(26)  De Commissie moet, rekening houdend met de standpunten van de deelnemende landen, in een tussentijdse evaluatie met name de kwaliteit en de doelmatigheid van het Prima-initiatief en de gemaakte voortgang naar de vastgestelde doelstellingen beoordelen, een eindevaluatie verrichten, en verslagen over die evaluaties opstellen.

Amendement    40

Voorstel voor een besluit

Overweging 27

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(27)  Op verzoek van de Commissie moeten de Prima-uitvoeringsstructuur en de deelnemende landen alle informatie verstrekken die de Commissie moet opnemen in de evaluatieverslagen over het Prima-initiatief.

(27)  Op verzoek van de Commissie moeten de Prima-uitvoeringsstructuur en de deelnemende landen in een standaardformaat alle informatie verstrekken die de Commissie moet opnemen in de evaluatieverslagen over het Prima-initiatief.

Amendement    41

Voorstel voor een besluit

Overweging 28

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(28)  Het doel van dit besluit is om de onderzoeks- en innovatiestelsels en -activiteiten in de mediterrane landen op het gebied van watervoorziening en voedselsystemen beter te integreren en op één lijn te brengen. Om de problemen van het Middellandse Zeegebied aan te pakken is er onderzoek en innovatie op grote schaal nodig, omdat de grootste knelpunten systemisch van aard zijn. De omvang van het onderzoek en de innovatie is complex, multidisciplinair en grensoverschrijdend en vereist een grensoverschrijdende aanpak met de deelname van meerdere actoren. Een gezamenlijke aanpak met de deelname van verschillende landen die hun financiële en intellectuele middelen bundelen kan helpen om de vereiste schaal en reikwijdte te bereiken. Aangezien de doelstelling dus beter op het niveau van de Unie kan worden verwezenlijkt door het integreren van nationale inspanningen tot een samenhangende Europese benadering, door het bijeenbrengen van gecompartimenteerde nationale onderzoeksprogramma's, door bij te dragen aan het opzetten van gemeenschappelijke, grensoverschrijdende onderzoeks- en financieringsstrategieën, en door de vereiste kritische massa van actoren en investeringen te verwezenlijken, kan de Unie, overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie neergelegde subsidiariteitsbeginsel, maatregelen nemen. Het onderhavige besluit van het Europees Parlement en de Raad gaat, overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag vervatte proportionaliteitsbeginsel, niet verder dan wat nodig is om deze doelstellingen te verwezenlijken.

(28)  Het doel van dit besluit is om de onderzoeks- en innovatiestelsels en -activiteiten in de mediterrane landen op het gebied van duurzame agrovoedingssystemen en geïntegreerd waterbeheer beter te integreren en op één lijn te brengen. Om de problemen van het Middellandse Zeegebied aan te pakken is er onderzoek en innovatie op grote schaal nodig, omdat de grootste knelpunten systemisch van aard zijn. De omvang van het onderzoek en de innovatie is complex, multidisciplinair en grensoverschrijdend en vereist een grensoverschrijdende aanpak met de deelname van meerdere actoren. Een gezamenlijke aanpak met de deelname van verschillende landen die hun financiële en intellectuele middelen bundelen kan helpen om de vereiste schaal en reikwijdte te bereiken. Aangezien de doelstelling dus beter op het niveau van de Unie kan worden verwezenlijkt door het integreren van nationale inspanningen tot een samenhangende Europese benadering, door het bijeenbrengen van gecompartimenteerde nationale onderzoeksprogramma's, door bij te dragen aan het opzetten van gemeenschappelijke, grensoverschrijdende onderzoeks- en financieringsstrategieën, en door de vereiste kritische massa van actoren en investeringen te verwezenlijken, kan de Unie, overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie neergelegde subsidiariteitsbeginsel, maatregelen nemen. Het onderhavige besluit van het Europees Parlement en de Raad gaat, overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag vervatte proportionaliteitsbeginsel, niet verder dan wat nodig is om deze doelstellingen te verwezenlijken.

Amendement    42

Voorstel voor een besluit

Artikel 1 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De Unie neemt deel aan het partnerschap voor onderzoek en innovatie in het Middellandse Zeegebied (het "Prima-initiatief"), gezamenlijk opgezet door [Cyprus, Frankrijk, Griekenland, Israël, Italië, Luxemburg, Malta, Portugal, Spanje, Tsjechië, en Tunesië] (de "deelnemende landen"), overeenkomstig de in dit besluit vastgestelde voorwaarden.

1.  De Unie neemt deel aan het partnerschap voor onderzoek en innovatie in het Middellandse Zeegebied (het "Prima-initiatief"), gezamenlijk opgezet door [Cyprus, Duitsland, Frankrijk, Griekenland, Israël, Italië, Luxemburg, Malta, Portugal, Spanje en Tunesië] (de "deelnemende landen"), overeenkomstig de in dit besluit vastgestelde voorwaarden.

Amendement    43

Voorstel voor een besluit

Artikel 1 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Egypte, Libanon en Marokko worden deelnemende landen onder voorbehoud van de sluiting van internationale overeenkomsten met de Unie over de voorwaarden voor hun deelname aan het Prima-initiatief.

2.  Egypte, Jordanië, Libanon en Marokko worden deelnemende landen onder voorbehoud van de sluiting van internationale overeenkomsten op het vlak van wetenschap en technologie met de Unie over de voorwaarden voor hun deelname aan het Prima-initiatief.

Amendement    44

Voorstel voor een besluit

Artikel 1 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Elke lidstaat die en elk met Horizon 2020 geassocieerd land dat niet in lid 1 is vermeld, kan aan het Prima-initiatief deelnemen, mits aan de in artikel 4, lid 1, onder c), van dit besluit bepaalde voorwaarde wordt voldaan. Indien aan die voorwaarde wordt voldaan, wordt de lidstaat of het land beschouwd als een deelnemend land voor de doeleinden van dit besluit.

3.  Elke lidstaat die en elk met Horizon 2020 geassocieerd land dat niet in lid 1 is vermeld, kan aan het Prima-initiatief deelnemen, mits aan de in artikel 4, lid 1, onder c), van dit besluit bepaalde voorwaarde wordt voldaan en met name in overeenstemming is met artikel 11, lid 5. Indien aan deze voorwaarden wordt voldaan, wordt de lidstaat of het land beschouwd als een deelnemend land voor de doeleinden van dit besluit.

Amendement    45

Voorstel voor een besluit

Artikel 1 – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  Een niet met Horizon 2020 geassocieerd land dat niet in lid 2 is vermeld, kan aan het Prima-initiatief deelnemen op voorwaarde dat:

4.  Een niet met Horizon 2020 geassocieerd land dat niet in lid 2 is vermeld, kan aan het Prima-initiatief deelnemen op voorwaarde dat:

a)   het voldoet aan de voorwaarde van artikel 4, lid 1, onder c) van dit besluit;

a)   het voldoet aan de voorwaarde van artikel 4, lid 1, onder c) en is met name in overeenstemming met artikel 11, lid 5, van dit besluit;

b)  de Prima-uitvoeringsstructuur de deelname goedkeurt nadat is onderzocht of de deelname van het land relevant is voor de verwezenlijking van de doelstellingen van het Prima-initiatief; en

b)  de Prima-uitvoeringsstructuur de deelname goedkeurt nadat is onderzocht of de deelname van het land relevant is voor de verwezenlijking van de doelstellingen van het Prima-initiatief; en

c)  het een internationale overeenkomst sluit met de Unie over de voorwaarden voor deelname aan het Prima-initiatief.

c)  het een internationale overeenkomst sluit met de Unie over de voorwaarden voor deelname aan het Prima-initiatief.

Indien het land voldoet aan de voorwaarden in de eerste alinea, wordt het beschouwd als een deelnemend land voor de doeleinden van dit besluit.

Indien het land voldoet aan de voorwaarden in de eerste alinea, wordt het beschouwd als een deelnemend land voor de doeleinden van dit besluit.

Amendement    46

Voorstel voor een besluit

Artikel 2 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De algemene doelstelling van het Prima-initiatief is het ontwikkelen van volledig geteste en gedemonstreerde gemeenschappelijke innovatieve oplossingen voor de watervoorziening en voedselsystemen in het Middellandse Zeegebied, zodat deze klimaatbestendiger, efficiënter, kosteneffectiever en duurzamer worden en zodat ertoe wordt bijgedragen om de problemen op het gebied van voeding, gezondheid, welzijn en migratie bij de wortel aan te pakken.

1.  De algemene doelstelling van het Prima-initiatief is, in overeenstemming met de prioriteiten van Horizon 2020, het opbouwen van onderzoeks- en innovatiecapaciteit en het ontwikkelen van kennis en gemeenschappelijke innovatieve oplossingen voor duurzame agrovoedingssystemen en geïntegreerd waterbeheer in het Middellandse Zeegebied, zodat deze klimaatbestendiger, efficiënter, kosteneffectiever en ecologisch en maatschappelijk duurzamer worden en zodat ertoe wordt bijgedragen om de problemen op het gebied van watertekorten, voedselveiligheid, voeding, gezondheid, welzijn en migratie bij de wortel aan te pakken.

Amendement    47

Voorstel voor een besluit

Artikel 2 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Om bij te dragen aan het bereiken van de algemene doelstelling moet het Prima-initiatief de volgende specifieke doelstellingen verwezenlijken:

2.  Om bij te dragen aan het bereiken van de algemene doelstelling moet het Prima-initiatief de volgende specifieke doelstellingen verwezenlijken:

i)  de ontwikkeling van een stabiele en langlopende gemeenschappelijke strategische agenda op het gebied van watervoorziening en voedselsystemen;

i)  de ontwikkeling van een stabiele en langlopende gemeenschappelijke strategische agenda op het gebied van duurzame agrovoedingssystemen en geïntegreerd waterbeheer;

ii)  de gerichtheid van alle nationale O&I-programma’s op de uitvoering van de strategische agenda;

ii)  de gerichtheid van alle relevante nationale onderzoeks- en innovatieprogramma's op de uitvoering van de strategische agenda en de coördinatie tussen die programma’s;

iii)  de structurele betrokkenheid van alle relevante publieke en private actoren bij de uitvoering van de strategische agenda door het bundelen van kennis en financiële middelen om de benodigde kritische massa te bereiken;

iii)  de betrokkenheid van alle relevante publieke en private actoren bij de uitvoering van de strategische agenda door het bundelen van kennis en financiële middelen om de benodigde kritische massa te bereiken;

iv)  de versterking van de financiering en de uitvoeringscapaciteit van alle betrokken actoren.

iv)  de versterking van de financiering voor de onderzoeks- en innovatiecapaciteit en van de uitvoeringscapaciteit van alle betrokken actoren, met inbegrip van kmo's, de academische wereld, ngo's en lokale onderzoekscentra.

Amendement    48

Voorstel voor een besluit

Artikel 3 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De financiële bijdrage van de Unie aan het Prima-initiatief bedraagt ten hoogste 200 000 000 EUR en is gelijk aan de bijdragen van de deelnemende landen.

1.  De financiële bijdrage van de Unie aan het Prima-initiatief bedraagt 200 000 000 EUR en is gelijk aan de bijdragen van de deelnemende landen.

Amendement    49

Voorstel voor een besluit

Artikel 3 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  De financiële bijdrage van de Unie wordt betaald uit de kredieten die in de algemene begroting van de Unie zijn toegewezen aan de relevante onderdelen van het bij Besluit 2013/743/EU van de Raad8 vastgestelde specifieke programma tot uitvoering van Horizon 2020, en met name uit onderdeel II "Industrieel leiderschap" en onderdeel III "Maatschappelijke uitdagingen", met inachtneming van artikel 58, lid 1, onder c), punt vi), en de artikelen 60 en 61 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012.

2.  De in lid 1 bedoelde financiële bijdrage van de Unie wordt betaald uit de kredieten die in de algemene begroting van de Unie zijn toegewezen aan de relevante onderdelen van het bij Besluit 2013/743/EU van de Raad8 vastgestelde specifieke programma tot uitvoering van Horizon 2020, en met name uit onderdeel II "Industrieel leiderschap" en onderdeel III "Maatschappelijke uitdagingen", met inachtneming van artikel 58, lid 1, onder c), punt vi), en de artikelen 60 en 61 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012.

__________________

__________________

8 Besluit 2013/743/EU van de Raad van 3 december 2013 tot vaststelling van het specifieke programma tot uitvoering van "Horizon 2020" — het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie (2014-2020) en tot intrekking van de Besluiten 2006/971/EG, 2006/972/EG, 2006/973/EG, 2006/974/EG en 2006/975/EG (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 965).

8 Besluit 2013/743/EU van de Raad van 3 december 2013 tot vaststelling van het specifieke programma tot uitvoering van "Horizon 2020" — het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie (2014-2020) en tot intrekking van de Besluiten 2006/971/EG, 2006/972/EG, 2006/973/EG, 2006/974/EG en 2006/975/EG (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 965).

Amendement    50

Voorstel voor een besluit

Artikel 3 – lid 3 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De financiële bijdrage van de Unie wordt gebruikt door de Prima-uitvoeringsstructuur voor:

3.  De in lid 1 bedoelde financiële bijdrage van de Unie wordt gebruikt door de Prima-uitvoeringsstructuur voor:

Amendement    51

Voorstel voor een besluit

Artikel 3 – lid 3 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  de administratieve kosten van de Prima-uitvoeringsstructuur, tot maximaal 5 % van de financiële bijdrage van de Unie.

b)  de administratieve kosten van de Prima-uitvoeringsstructuur, tot maximaal 6 % van de in lid 1 bedoelde financiële bijdrage van de Unie.

Motivering

Net als in het EDCTP-programma.

Amendement    52

Voorstel voor een besluit

Artikel 4 – lid 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De financiële bijdrage van de Unie wordt verleend nadat het volgende is geregeld:

1.  De in artikel 3, lid 1, bedoelde financiële bijdrage van de Unie wordt verleend nadat het volgende is geregeld:

Amendement    53

Voorstel voor een besluit

Artikel 4 – lid 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  de deelnemende landen of de door de deelnemende landen aangewezen organisaties wijzen een entiteit met rechtspersoonlijkheid, zoals bedoeld in artikel 58, lid 1, onder c), punt vi) van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012, aan als Prima-uitvoeringsstructuur. Deze uitvoeringsstructuur is verantwoordelijk voor de uitvoering van het Prima-initiatief en voor de ontvangst, toewijzing en monitoring van de eventuele financiële bijdrage van de Unie en, in voorkomend geval, van de deelnemende landen, en garandeert dat alle acties worden ondernomen die nodig zijn om de doelstellingen van het Prima-initiatief te verwezenlijken;

b)  de deelnemende landen of de door de deelnemende landen aangewezen organisaties wijzen een entiteit met rechtspersoonlijkheid, zoals bedoeld in artikel 58, lid 1, onder c), punt vi) van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012, aan als Prima-uitvoeringsstructuur. Deze uitvoeringsstructuur is verantwoordelijk voor de uitvoering van het Prima-initiatief en voor de ontvangst, toewijzing en monitoring van de eventuele, in artikel 3, lid 1, bedoelde financiële bijdrage van de Unie en, in voorkomend geval, van de deelnemende landen, en garandeert dat alle acties worden ondernomen die nodig zijn om de doelstellingen van het Prima-initiatief te verwezenlijken;

Amendement    54

Voorstel voor een besluit

Artikel 4 – lid 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  elk deelnemend land verbindt zich ertoe om bij te dragen aan de financiering van het Prima-initiatief;

c)  elk deelnemend land verbindt zich ertoe om bij te dragen aan de financiering van het Prima-initiatief met een passend percentage van de totale kosten;

Amendement    55

Voorstel voor een besluit

Artikel 4 – lid 1 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d)  de Prima-uitvoeringsstructuur toont haar capaciteit aan om het Prima-initiatief uit te voeren, met inbegrip van het ontvangen, toewijzen en monitoren van de bijdrage van de Unie in het kader van indirect beheer van de Uniebegroting overeenkomstig de artikelen 58, 60 en 61 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012;

d)  de Prima-uitvoeringsstructuur toont haar capaciteit aan om het Prima-initiatief uit te voeren, met inbegrip van het ontvangen, toewijzen en monitoren van de in artikel 3, lid 1, bedoelde financiële bijdrage van de Unie in het kader van indirect beheer van de Uniebegroting overeenkomstig de artikelen 58, 60 en 61 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012;

Amendement     56

Voorstel voor een besluit

Artikel 4 – lid 1 – letter e

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

e)  er wordt een bestuursmodel voor het Prima-initiatief opgezet in overeenstemming met artikel 12;

e)  er wordt een efficiënt bestuursmodel voor het Prima-initiatief opgezet in overeenstemming met artikel 12;

Amendement    57

Voorstel voor een besluit

Artikel 4 – lid 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Tijdens de uitvoering van het Prima-initiatief is de financiële bijdrage van de Unie tevens afhankelijk van de volgende voorwaarden:

2.  Tijdens de uitvoering van het Prima-initiatief is de in artikel 3, lid 1 genoemde financiële bijdrage van de Unie tevens afhankelijk van de volgende voorwaarden:

Amendement    58

Voorstel voor een besluit

Artikel 4 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De Commissie beoordeelt of de deelnemende landen hun toezeggingen nakomen, in het bijzonder via de eerste twee jaarlijkse werkprogramma's van het Prima-initiatief. Na die beoordeling wordt de in artikel 3, lid 1, bedoelde maximale bijdrage van de Unie herzien overeenkomstig artikel 9.

3.  De Commissie beoordeelt of de deelnemende landen hun toezeggingen nakomen, in het bijzonder via de eerste twee jaarlijkse werkprogramma's van het Prima-initiatief. Na die beoordeling kan de in artikel 3, lid 1, bedoelde maximale financiële bijdrage van de Unie overeenkomstig artikel 9 worden herzien.

Amendement    59

Voorstel voor een besluit

Artikel 5 – lid 2 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  financiële bijdragen aan de administratieve kosten van de Prima-uitvoeringsstructuur die niet worden gedekt door de in artikel 3, lid 3, onder b), bedoelde bijdrage van de Unie.

c)  financiële en niet-financiële bijdragen aan de administratieve kosten van de Prima-uitvoeringsstructuur die niet worden gedekt door de in artikel 3, lid 3, onder b), bedoelde financiële bijdrage van de Unie.

Amendement    60

Voorstel voor een besluit

Artikel 5 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Niet-financiële bijdragen als bedoeld in lid 2, onder b), van dit artikel omvatten kosten die de deelnemende landen via hun nationale financieringsorganen hebben gemaakt bij de uitvoering van de in artikel 6, lid 1, onder b), bedoelde activiteiten, na aftrek van de directe of indirecte financiële bijdrage van de Unie aan die kosten.

3.  (Niet van toepassing op de Nederlandse versie.)

Amendement    61

Voorstel voor een besluit

Artikel 5 – lid 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  De in lid 2, onder a) en b), bedoelde bijdragen die als bijdragen van de deelnemende landen gelden, moeten worden geleverd na de inwerkingtreding van dit besluit wat de activiteiten van het eerste jaarlijks werkprogramma van het Prima-initiatief betreft, en na de goedkeuring van de daaropvolgende jaarlijkse werkprogramma's door de Prima-uitvoeringsstructuur.

5.  De in lid 2, onder a), b) en c), bedoelde bijdragen die als bijdragen van de deelnemende landen gelden, moeten worden geleverd na de vaststelling van het jaarlijks werkprogramma. Indien het jaarlijks werkprogramma wordt vastgesteld gedurende het in artikel 6, lid 2, genoemde referentiejaar, kunnen de in het werkprogramma opgenomen en in lid 2, onder c), bedoelde bijdragen die als bijdragen van de deelnemende landen gelden, bijdragen omvatten die per 1 januari van dat jaar zijn geleverd.

 

In afwijking van de eerste alinea, kunnen de in het eerste werkprogramma opgenomen en in lid 2, onder c), bedoelde bijdragen die als bijdragen van de deelnemende landen gelden, bijdragen omvatten die na de inwerkingtreding van dit besluit zijn geleverd.

Amendement    62

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Het Prima-initiatief zal steun verlenen aan de volgende activiteiten:

1.  Het Prima-initiatief zal steun verlenen aan een breed scala van onderzoeks- en innovatieactiviteiten en acties als vastgelegd in het jaarlijks werkprogramma van het initiatief, waarmee uiteenlopende niveaus van technologische paraatheid aan de orde komen en gezorgd wordt voor een passend evenwicht tussen kleine en grote projecten, door:

a)   acties onder contract in de zin van Verordening (EU) nr. 1290/2013 en (EU) nr. 1291/2013 die door de Prima-uitvoeringsstructuur worden gefinancierd overeenkomstig artikel 7, voornamelijk in de vorm van subsidies na door de Prima-uitvoeringsstructuur gelanceerde transnationale open en vergelijkende projectoproepen, met inbegrip van:

a)   acties onder contract in de zin van Verordening (EU) nr. 1290/2013 en (EU) nr. 1291/2013 die door de Prima-uitvoeringsstructuur worden gefinancierd overeenkomstig artikel 7, voornamelijk in de vorm van subsidies na door de Prima-uitvoeringsstructuur gelanceerde transnationale open en vergelijkende projectoproepen, met inbegrip van:

i)  onderzoeks- en innovatieacties of innovatieacties zoals demonstratieprojecten, proefinstallaties, tests, precommerciële toepassingen, waarbij met name naar een hoger niveau van technologische paraatheid wordt gestreefd;

i)  onderzoeks- en innovatieacties;

ii)   coördinatie en ondersteuning van acties die tot doel hebben informatie te verspreiden over het Prima-initiatief en de impact ervan zo groot mogelijk te maken;

ii)   coördinatie en ondersteuning van acties die tot doel hebben informatie te verspreiden over het Prima-initiatief en de impact ervan zo groot mogelijk te maken;

b)  activiteiten gefinancierd door de deelnemende landen via hun nationale financieringsorganen zonder bijdrage van de Unie, die in toenemende mate streven naar een hoger niveau van technologische paraatheid en die uit het volgende bestaan:

b)  activiteiten gefinancierd door de deelnemende landen zonder bijdrage van de Unie, die uit het volgende bestaan:

i)   activiteiten die na door de Prima-uitvoeringsstructuur gelanceerde transnationale open en concurrerende projectoproepen worden geselecteerd, die door de nationale financieringsorganen in het kader van de nationale programma’s van de deelnemende landen worden beheerd en die hoofdzakelijk via subsidies worden gefinancierd;

i)   activiteiten die na door de Prima-uitvoeringsstructuur gelanceerde transnationale open en concurrerende projectoproepen worden geselecteerd, die door de nationale financieringsorganen in het kader van de nationale programma’s van de deelnemende landen worden beheerd en die hoofdzakelijk via subsidies worden gefinancierd;

ii)  activiteiten in het kader van de nationale programma’s van de deelnemende landen.

ii)  activiteiten in het kader van de nationale programma’s van de deelnemende landen, met inbegrip van transnationale projecten.

Amendement    63

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Het Prima-initiatief zal worden uitgevoerd op basis van de jaarlijkse werkprogramma’s die de Prima-uitvoeringsstructuur, na goedkeuring door de Commissie, aan het einde van het voorafgaande jaar vaststelt. Bij wijze van uitzondering kan het jaarlijks werkprogramma voor 2018 van het Prima-initiatief uiterlijk op 31 maart 2018 worden vastgesteld. De Prima-uitvoeringsstructuur maakt het jaarlijks werkprogramma openbaar.

2.  Het Prima-initiatief zal worden uitgevoerd op basis van de jaarlijkse werkprogramma’s die activiteiten omvatten die moeten plaatsvinden gedurende de periode van 1 januari t/m 31 december van een bepaald jaar ("referentiejaar"). Het jaarlijks werkprogramma wordt na goedkeuring door de Commissie en zonder onnodige vertraging uiterlijk op 31 maart van het referentiejaar vastgesteld. Indien de Commissie binnen een maand geen gehoor geeft aan het verzoek om het voorstel voor het jaarlijks werkprogramma goed te keuren, wordt het geacht te zijn goedgekeurd. De Prima-uitvoeringsstructuur maakt het jaarlijks werkprogramma openbaar.

Amendement    64

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  De jaarlijkse werkprogramma’s worden beschikbaar gesteld aan de desbetreffende programmacomités voor het specifieke programma ter uitvoering van Horizon 2020.

Amendement    65

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 2 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 ter.  Alle uit hoofde van het Prima-initiatief ondersteunde activiteiten zijn in overeenstemming met het internationaal recht en het Unierecht en worden uitgevoerd door een instantie die door de Unie wordt erkend als bevoegd voor dat doeleinde.

Amendement    66

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 2 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 quater.  De in lid 1, onder a) en b), bedoelde activiteiten mogen in het referentiejaar pas na de vaststelling van het jaarlijks werkprogramma worden opgestart.

Amendement    67

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 2 quinquies (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 quinquies.  Indien het jaarlijks werkprogramma wordt vastgesteld gedurende het referentiejaar kunnen met de in artikel 3, lid 1, bedoelde financiële bijdrage van de Unie administratieve kosten voor de Prima-uitvoeringsstructuur worden vergoed die vanaf 1 januari van dat referentiejaar zijn gemaakt in overeenstemming met het jaarlijks werkprogramma.

 

In afwijking van de eerste alinea kunnen met de in artikel 3, lid 1, bedoelde financiële bijdrage van de Unie administratieve kosten voor de Prima-uitvoeringsstructuur worden vergoed die vanaf de inwerkingtreding van dit besluit zijn gemaakt in overeenstemming met het eerste jaarlijks werkprogramma.

Amendement    68

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Activiteiten mogen uitsluitend worden gefinancierd in het kader van het Prima-initiatief indien zij zijn opgenomen in het jaarlijks werkprogramma van het Prima-initiatief. In het jaarlijks Prima-werkprogramma zal een onderscheid worden gemaakt tussen de in lid 1, onder a), bedoelde activiteiten, de in lid 1, onder b), bedoelde activiteiten en de administratieve kosten van de Prima-uitvoeringsstructuur. Daarnaast wordt een raming gegeven van de bijbehorende uitgaven en hoeveel middelen er zijn toegewezen aan activiteiten die dankzij een bijdrage van de Unie worden gefinancierd en aan activiteiten die dankzij een bijdrage van de deelnemende landen via hun nationale financieringsorganen zonder bijdrage van de Unie worden gefinancierd. Het jaarlijks Prima-werkprogramma bevat tevens de geraamde waarde van de niet-financiële bijdragen van de deelnemende landen als bedoeld in artikel 5, lid 2, onder b).

3.  Activiteiten mogen uitsluitend worden gefinancierd in het kader van het Prima-initiatief indien zij zijn opgenomen in het jaarlijks werkprogramma van het Prima-initiatief. In het jaarlijks Prima-werkprogramma zal een onderscheid worden gemaakt tussen de in lid 1, onder a), bedoelde activiteiten, de in lid 1, onder b), bedoelde activiteiten en de administratieve kosten van de Prima-uitvoeringsstructuur. Daarnaast wordt een raming gegeven van de bijbehorende uitgaven en hoeveel middelen er zijn toegewezen aan activiteiten die dankzij een in artikel 3, lid 1, bedoelde financiële bijdrage van de Unie worden gefinancierd en aan activiteiten die dankzij een bijdrage van de deelnemende landen zonder de in artikel 3, lid 1, bedoelde financiële bijdrage van de Unie worden gefinancierd. Het jaarlijks Prima-werkprogramma bevat tevens de geraamde waarde van de niet-financiële bijdragen van de deelnemende landen als bedoeld in artikel 5, lid 2, onder b).

Amendement    69

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis.  In jaarlijkse werkprogramma’s voor een bepaald jaar en jaarlijkse werkprogramma’s voor daarop volgende jaren wordt rekening gehouden met de resultaten van eerdere projectoproepen. Er wordt naar gestreefd correcties aan te brengen indien onvoldoende wetenschappelijke onderwerpen worden bestreken, met name onderwerpen die aanvankelijk aan de orde kwamen in activiteiten als bedoeld in lid 1, onder b), die niet in toereikende mate konden worden gefinancierd.

Amendement    70

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  Activiteiten die door de deelnemende landen via hun nationale financieringsorganen zonder bijdrage van de Unie worden gefinancierd, kunnen alleen worden opgenomen in het jaarlijks werkprogramma van het Prima-initiatief na de positieve uitkomst van een door de Prima-uitvoeringsstructuur georganiseerde onafhankelijke externe beoordeling door internationale collegiale toetsing, met inachtneming van de doelstellingen van het Prima-initiatief.

5.  Activiteiten die door de deelnemende landen zonder de in artikel 3, lid 1, bedoelde financiële bijdrage van de Unie worden gefinancierd, kunnen alleen worden opgenomen in het jaarlijks werkprogramma van het Prima-initiatief na de positieve uitkomst van een door de Prima-uitvoeringsstructuur georganiseerde onafhankelijke externe beoordeling door internationale collegiale toetsing, met inachtneming van de doelstellingen van het Prima-initiatief.

Amendement    71

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6.  Activiteiten die zijn opgenomen in het jaarlijks Prima-werkprogramma en die door de deelnemende landen via hun nationale financieringsorganen zonder bijdrage van de Unie worden gefinancierd, worden uitgevoerd in overeenstemming met gemeenschappelijke beginselen die na goedkeuring door de Commissie door de Prima-uitvoeringsstructuur worden vastgesteld. De gemeenschappelijke beginselen moeten in overeenstemming zijn met de beginselen in dit besluit, in titel VI van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 en in Verordening (EU) nr. 1290/2013, met name de beginselen van gelijke behandeling, transparantie, onafhankelijke collegiale toetsing en selectie. Na goedkeuring door de Commissie stelt de Prima-uitvoeringsstructuur ook vast aan welke vereisten voor verslaglegging de deelnemende landen moeten voldoen jegens de uitvoeringsstructuur, waaronder die met betrekking tot de indicatoren voor elk van deze activiteiten.

6.  Activiteiten die zijn opgenomen in het jaarlijks Prima-werkprogramma en die door de deelnemende landen zonder de in artikel 3, lid 1, bedoelde financiële bijdrage van de Unie worden gefinancierd, worden uitgevoerd in overeenstemming met gemeenschappelijke beginselen die na goedkeuring door de Commissie door de Prima-uitvoeringsstructuur worden vastgesteld. De gemeenschappelijke beginselen moeten in overeenstemming zijn met de beginselen in dit besluit, in titel VI van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 en in Verordening (EU) nr. 1290/2013, met name de beginselen van gelijke behandeling, transparantie, onafhankelijke collegiale toetsing en selectie. Na goedkeuring door de Commissie stelt de Prima-uitvoeringsstructuur ook vast aan welke vereisten voor verslaglegging de deelnemende landen moeten voldoen jegens de uitvoeringsstructuur, waaronder die met betrekking tot de indicatoren voor elk van deze activiteiten.

Amendement    72

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

7.  De in lid 1, onder b), punt i), bedoelde activiteiten moeten niet alleen overeenstemmen met de in lid 6 bedoelde gemeenschappelijke beginselen, maar zij moeten ook aan de volgende voorwaarden voldoen:

7.  De in lid 1, onder b), punt i), bedoelde activiteiten moeten niet alleen overeenstemmen met de in lid 6 bedoelde gemeenschappelijke beginselen, maar zij moeten ook aan de volgende voorwaarden voldoen:

a)  De voorstellen betreffen transnationale projecten, met een deelname van ten minste drie onafhankelijke juridische entiteiten gevestigd in drie verschillende deelnemende landen, waarvan:

a)  De voorstellen betreffen transnationale projecten, met een deelname van ten minste drie onafhankelijke juridische entiteiten gevestigd in drie verschillende landen die vóór de uiterste termijn voor het indienen van de desbetreffende projectoproepen als deelnemende landen worden beschouwd uit hoofde van dit besluit, en waarvan:

i)  één is gevestigd in een lidstaat of in een met Horizon 2020 geassocieerd land, en

i)  één is gevestigd in een lidstaat of in een met Horizon 2020 geassocieerd land dat niet onder punt ii) valt, en

ii)  één is gevestigd in een derde land dat vóór de uiterste termijn voor het indienen van de desbetreffende projectoproepen als een deelnemend land wordt beschouwd uit hoofde van dit besluit.

ii)  één is gevestigd in een derde land dat is opgenomen in artikel 1, lid 2, of dat grenst aan de Middellandse Zee.

b)  De voorstellen worden geselecteerd na transnationale projectoproepen en volgens een procedure in twee fasen. De eerste fase bestaat uit een beoordeling op nationaal of transnationaal niveau van de voorstellen die zijn ingediend door juridische entiteiten die in aanmerking komen voor financiering uit hoofde van de desbetreffende nationale programma’s. De tweede fase bestaat uit één door de Prima-uitvoeringsstructuur georganiseerde onafhankelijke beoordeling door internationale collegiale toetsing. In de tweede fase worden de voorstellen, met de medewerking van ten minste drie onafhankelijke deskundigen, geëvalueerd op basis van de volgende toekenningscriteria: excellentie, impact, kwaliteit en efficiëntie van de uitvoering.

b)  De voorstellen worden geselecteerd na transnationale projectoproepen en worden met de medewerking van ten minste drie onafhankelijke deskundigen, geëvalueerd op basis van de volgende toekenningscriteria: excellentie, impact, kwaliteit, duurzaamheid en efficiëntie van de uitvoering.

c)  De voorstellen worden gerangschikt volgens de evaluatieresultaten. De Prima-uitvoeringsstructuur maakt een selectie op basis van deze rangschikking. De deelnemende landen komen tot overeenstemming over een passende financieringswijze die het mogelijk maakt om zo veel mogelijk voorstellen te financieren op basis van deze rangschikking, in het bijzonder door reservebedragen te verstrekken voor de nationale bijdragen voor projectoproepen.

c)  De voorstellen worden gerangschikt volgens de evaluatieresultaten. De Prima-uitvoeringsstructuur maakt een selectie en volgt daarbij deze rangschikking. De deelnemende landen komen tot overeenstemming over een passende financieringswijze die het mogelijk maakt om zo veel mogelijk voorstellen te financieren op basis van deze rangschikking, in het bijzonder door reservebedragen te verstrekken voor de nationale bijdragen voor projectoproepen. Indien een of meer projecten niet kunnen worden gefinancierd, kunnen de eerstvolgende projecten op de ranglijst worden geselecteerd.

Amendement    73

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 8 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

8 bis.  Alle oproepen, voorstellen en projecten worden onmiddellijk beschikbaar gesteld in de eCORDA-databank van Horizon 2020.

Amendement    74

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 9 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

9 bis.  Om een groter effect te sorteren, wordt er gestreefd naar samenwerking tussen Prima en andere onderzoeks- en innovatieactiviteiten die in het kader van Horizon 2020 worden uitgevoerd, zoals de KIG (kennis- en innovatiegemeenschap) Food van het EIT (Europees Instituut voor innovatie en technologie), of andere instrumenten van de Unie, zoals het Europees nabuurschaps- en partnerschapsinstrument (ENPI), en worden mogelijke overlappingen voorkomen.

Amendement    75

Voorstel voor een besluit

Artikel 7 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  In afwijking van artikel 9, lid 1, onder b), van Verordening (EU) nr. 1290/2013, bedraagt het minimumaantal deelnemers drie juridische entiteiten die gevestigd zijn in drie verschillende deelnemende landen waarvan:

2.  In afwijking van artikel 9, lid 1, onder b), van Verordening (EU) nr. 1290/2013, bedraagt het minimumaantal deelnemers drie juridische entiteiten die gevestigd zijn in drie verschillende landen die vóór de uiterste termijn voor het indienen van de desbetreffende projectoproepen als deelnemende landen worden beschouwd uit hoofde van dit besluit, en waarvan:

a)  één is gevestigd in een lidstaat of in een met Horizon 2020 geassocieerd land, en

a)  één is gevestigd in een lidstaat of in een met Horizon 2020 geassocieerd land dat niet onder punt b) valt, en

b)  één is gevestigd in een derde land dat vóór de uiterste termijn voor het indienen van de desbetreffende projectoproepen als een deelnemend land wordt beschouwd uit hoofde van dit besluit.

b)  één is gevestigd in een derde land dat is opgenomen in artikel 1, lid 2, of dat grenst aan de Middellandse Zee.

Amendement    76

Voorstel voor een besluit

Artikel 7 – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  Afgezien van de deelnemers die in aanmerking komen voor financiering uit hoofde van artikel 10, lid 1, van Verordening (EU) nr. 1290/2013, komen ook juridische entiteiten die in een deelnemend land zijn gevestigd in aanmerking voor financiering.

4.  In afwijking van artikel 10, leden 1 en 2, van Verordening (EU) nr. 1290/2013 komen de volgende deelnemers in aanmerking voor financiering door de Prima-uitvoeringsstructuur:

 

a)   elke juridische entiteit die is opgericht krachtens het recht van de Unie en is gevestigd in een deelnemend land;

 

b)   elke internationale Europese belangenorganisatie als bedoeld in artikel 2, lid 1, punt 12), van Verordening (EU) nr. 1290/2013.

Amendement    77

Voorstel voor een besluit

Artikel 7 – lid 4 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 bis.   In het geval van een internationale organisatie die niet in aanmerking komt voor financiering door de Prima-uitvoeringsstructuur, kan financiering worden verstrekt mits voldaan is aan ten minste een van de volgende voorwaarden:

 

a)   deelname wordt door de Prima-uitvoeringsstructuur als essentieel beschouwd voor de uitvoering van de actie;

 

b)   dergelijke financiering wordt verstrekt in het kader van een bilaterale wetenschappelijke en technologische overeenkomst of een andere overeenkomst tussen de Unie en de internationale organisatie.

Amendement    78

Voorstel voor een besluit

Artikel 7 – lid 4 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 ter.   In het geval van een juridische entiteit die is opgericht krachtens het recht van de Unie en is gevestigd in een niet-deelnemend land, kan financiering door de Prima-uitvoeringsstructuur worden verstrekt mits voldaan is aan ten minste een van de volgende voorwaarden:

 

a)   deelname wordt door de Prima-uitvoeringsstructuur als essentieel beschouwd voor de uitvoering van de actie;

 

b)   er is een ad-hocfinancieringsregeling getroffen tussen de Prima-uitvoeringsstructuur en het derde land waar de juridische entiteit gevestigd is.

Amendement    79

Voorstel voor een besluit

Artikel 7 – lid 4 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 quater.  Onverminderd artikel 18 van Verordening (EU) nr. 1290/2013 kan de toepasselijke modelsubsidieovereenkomst erin voorzien dat juridische entiteiten die gevestigd zijn in niet-deelnemende landen en die financiering van de Prima-uitvoeringsstructuur ontvangen, eveneens passende financiële garanties moeten verstrekken met het oog op een volledige terugvordering van aan de Unie verschuldigde bedragen overeenkomstig Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 en Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012.

Amendement    80

Voorstel voor een besluit

Artikel 7 – lid 4 quinquies (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 quinquies.  Onverminderd Verordening (EU) nr. 1290/2013 en met inachtneming van de bijzonderheden van het Prima-initiatief, kan de Prima-uitvoeringsstructuur in haar jaarlijks werkprogramma aanvullende voorwaarden voor deelname opnemen teneinde rekening te houden met het soort entiteiten die als coördinator kunnen fungeren van acties onder contract.

Amendement    81

Voorstel voor een besluit

Artikel 7 – lid 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  In afwijking van artikel 12 van Verordening (EU) nr. 1290/2013, kan de Prima-uitvoeringsstructuur, voor zover dergelijke activiteiten in het jaarlijks werkprogramma van het Prima-initiatief zijn opgenomen, gezamenlijke projectoproepen lanceren met derde landen die geen deelnemende landen zijn of met de wetenschappelijke en technologische organisaties en instanties daarvan, met internationale organisaties of met andere derden, met name niet-gouvernementele organisaties, overeenkomstig het bepaalde in artikel 12 van Verordening (EU) nr. 1290/2013.

Schrappen

Amendement    82

Voorstel voor een besluit

Artikel 8 – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Wanneer de financiële garanties door de deelnemende landen worden verstrekt, dient elk land de aansprakelijkheid te dragen voor een maximumbedrag dat minder is dan of gelijk is aan zijn financiële verplichting in het kader van het Prima-initiatief. De totale terugvordering moet worden beperkt tot een maximumbedrag van 200 000 000 euro.

Motivering

De door deelnemende landen verstrekte garanties moeten passend, d.w.z. toereikend en evenredig zijn.

Amendement    83

Voorstel voor een besluit

Artikel 9 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Indien het Prima-initiatief niet dan wel op ontoereikende wijze, gedeeltelijk of te laat wordt uitgevoerd, kan de Commissie de financiële bijdrage van de Unie beëindigen, naar evenredigheid verlagen of opschorten afhankelijk van de mate waarin het Prima-initiatief daadwerkelijk wordt uitgevoerd.

1.  Indien het Prima-initiatief niet dan wel op ontoereikende wijze, gedeeltelijk of te laat wordt uitgevoerd, kan de Commissie de in artikel 3, lid 1, bedoelde financiële bijdrage van de Unie beëindigen, naar evenredigheid verlagen of opschorten afhankelijk van de mate waarin het Prima-initiatief daadwerkelijk wordt uitgevoerd.

Amendement    84

Voorstel voor een besluit

Artikel 9 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Als de deelnemende landen niet, slechts gedeeltelijk of te laat bijdragen aan de financiering van het Prima-initiatief, kan de Commissie de financiële bijdrage van de Unie beëindigen, naar evenredigheid verlagen of opschorten, rekening houdend met het financieringsbedrag dat door de deelnemende landen is toegewezen voor de uitvoering van het Prima-initiatief.

2.  Als de deelnemende landen niet, slechts gedeeltelijk of te laat bijdragen aan de financiering van het Prima-initiatief, kan de Commissie de in artikel 3, lid 1, bedoelde financiële bijdrage van de Unie beëindigen, naar evenredigheid verlagen of opschorten, rekening houdend met het financieringsbedrag dat door de deelnemende landen is toegewezen voor de uitvoering van het Prima-initiatief.

Amendement    85

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  de algemene vergadering;

a)  de raad van bestuur, die een voorzitter en een medevoorzitter heeft;

Amendement    86

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  de raad van bestuur;

b)  het bestuur;

Amendement    87

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  het secretariaat;

c)  het secretariaat, geleid door de directeur;

Amendement    88

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 1 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d)  de wetenschappelijke adviesraad.

d)  het wetenschappelijke adviescomité.

Amendement    89

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 2 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De Prima-uitvoeringsstructuur wordt bestuurd door een algemene vergadering waarin alle deelnemende landen zijn vertegenwoordigd. De algemene vergadering is het besluitvormingsorgaan van de Prima-uitvoeringsstructuur.

De Prima-uitvoeringsstructuur wordt bestuurd door de raad van bestuur waarin alle deelnemende landen zijn vertegenwoordigd. De raad van bestuur is het besluitvormingsorgaan van de Prima-uitvoeringsstructuur. De raad van bestuur ziet erop toe dat het Europees Parlement regelmatig van de tenuitvoerlegging van het Prima-programma op de hoogte wordt gehouden.

Amendement    90

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 2 – alinea 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De algemene vergadering stelt na goedkeuring van de Commissie het volgende vast:

De raad van bestuur stelt na goedkeuring van de Commissie het volgende vast:

Amendement    91

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 2 – alinea 2 – letter c bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis)  De raad van bestuur vergewist zich ervan dat aan de in artikel 1, lid 3, vastgelegde voorwaarden is voldaan, en stelt de Commissie hiervan op de hoogte.

Amendement    92

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 2 – alinea 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De algemene vergadering is verantwoordelijk voor de goedkeuring van de deelname aan het Prima-initiatief van niet met Horizon 2020 geassocieerde landen die niet in artikel 1, lid 2, zijn vermeld, na onderzoek van de relevantie van hun deelname aan de verwezenlijking van de doelstellingen van het Prima-initiatief.

De raad van bestuur is verantwoordelijk voor de goedkeuring van de deelname aan het Prima-initiatief van niet met Horizon 2020 geassocieerde landen die niet in artikel 1, lid 2, zijn vermeld, na onderzoek van de relevantie van hun deelname aan de verwezenlijking van de doelstellingen van het Prima-initiatief.

Amendement    93

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 2 – alinea 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

De raad van bestuur beslist wat een passend percentage van de totale kosten is overeenkomstig artikel 4, lid 1, onder c), van dit besluit.

Amendement    94

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 2 – alinea 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Elk deelnemend land heeft één stem in de algemene vergadering. Besluiten worden bij consensus genomen. Indien geen consensus wordt bereikt, neemt de algemene vergadering haar besluiten bij een meerderheid van ten minste 75 % van de stemmen. Voor de goedkeuring van de deelname aan het Prima-initiatief van niet met Horizon 2020 geassocieerde derde landen die niet in artikel 1, lid 2, zijn vermeld, is eenparigheid van stemmen nodig.

Elk deelnemend land heeft één stem in de raad van bestuur. Besluiten worden bij consensus genomen. Indien geen consensus wordt bereikt, neemt de raad van bestuur zijn besluiten bij een meerderheid van ten minste 75 % van de geldig uitgebrachte stemmen.

Amendement    95

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 2 – alinea 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De Unie, vertegenwoordigd door de Commissie, wordt uitgenodigd om als waarnemer aan alle bijeenkomsten van de algemene vergadering deel te nemen en kan aan de besprekingen deelnemen. Zij ontvangt alle benodigde documenten.

De Unie, vertegenwoordigd door de Commissie, wordt uitgenodigd om als waarnemer aan alle bijeenkomsten van de raad van bestuur deel te nemen en kan aan de besprekingen deelnemen. Zij ontvangt alle benodigde documenten.

Amendement    96

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 2 – alinea 5 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

De Prima-uitvoeringsstructuur ziet erop toe dat, bij het nastreven van de eigen institutionele doeleinden, op adequate wijze wordt gecommuniceerd met het Europees Parlement.

Amendement    97

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De algemene vergadering bepaalt het aantal leden van de raad van bestuur, die ten minste uit vijf leden bestaat, en benoemt deze. De raad van bestuur houdt toezicht op het secretariaat van de Prima-uitvoeringsstructuur.

3.  De raad van bestuur bepaalt het aantal leden van het bestuur, dat ten minste uit vijf leden bestaat, en benoemt deze. Het bestuur houdt toezicht op het secretariaat van de Prima-uitvoeringsstructuur.

Amendement    98

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 4 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De algemene vergadering stelt het secretariaat van de Prima-uitvoeringsstructuur samen, dat het uitvoerend orgaan van het Prima-initiatief vormt.

Het secretariaat vormt het uitvoerend orgaan van het Prima-initiatief.

Amendement    99

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 4 – alinea 2 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d)  beheer van de financiële bijdragen van de Unie en de deelnemende landen en de verslaglegging over hun gebruik;

d)  beheer van de in artikel 3, lid 1, bedoelde financiële bijdrage van de Unie en financiële bijdragen van de deelnemende landen en de verslaglegging over hun gebruik;

Amendement     100

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 4 – alinea 2 – letter f bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

f bis)  waarborging van de transparantie van de activiteiten van het Prima-initiatief.

Amendement    101

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 5 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De algemene vergadering benoemt een wetenschappelijke adviesraad, bestaande uit onafhankelijke deskundigen uit de deelnemende landen, die bevoegd zijn op gebieden die relevant zijn voor het Prima-initiatief. De algemene vergadering stelt het aantal leden van de wetenschappelijke adviesraad, hun stemrecht en de wijze waarop zij worden benoemd vast in overeenstemming met artikel 40 van Verordening (EU) nr. 1290/2013.

De raad van bestuur benoemt een wetenschappelijk adviescomité, bestaande uit onafhankelijke deskundigen uit de deelnemende landen, die bevoegd zijn op gebieden die relevant zijn voor het Prima-initiatief. De raad van bestuur stelt het aantal leden van het wetenschappelijk adviescomité en de wijze waarop zij worden benoemd vast in overeenstemming met artikel 40 van Verordening (EU) nr. 1290/2013.

Amendement    102

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 5 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De algemene vergadering kan binnen de wetenschappelijke adviesraad gespecialiseerde werkgroepen vormen die voor specifieke taken kunnen worden aangevuld met onafhankelijke deskundigen.

Schrappen

Motivering

Omwille van de transparantie en de verantwoordingsplicht moet de uitbreiding van groepen worden voorkomen.

Amendement    103

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 5 – alinea 3 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De wetenschappelijke adviesraad:

Het wetenschappelijk adviescomité:

Amendement    104

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 5 – alinea 3 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  adviseert de algemene vergadering over strategische prioriteiten en behoeften;

a)  adviseert de raad van bestuur over strategische prioriteiten en behoeften;

Amendement    105

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 5 – alinea 3 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  adviseert de algemene vergadering over de inhoud en de reikwijdte van het ontwerp van het jaarlijks werkprogramma van het Prima-initiatief vanuit een wetenschappelijk en technisch standpunt;

b)  adviseert de raad van bestuur over de inhoud en de reikwijdte van het ontwerp van het jaarlijks werkprogramma van het Prima-initiatief vanuit een wetenschappelijk en technisch standpunt;

Amendement    106

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 5 – alinea 3 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d)  adviseert de algemene vergadering, in voorkomend geval, over de oprichting van wetenschappelijke subcommissies, taskforces en gespecialiseerde werkgroepen.

Schrappen

Motivering

Omwille van de transparantie en de verantwoordingsplicht moet de uitbreiding van groepen worden voorkomen.

Amendement    107

Voorstel voor een besluit

Artikel 14 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Uiterlijk op 30 juni 2022 voert de Commissie een tussentijdse evaluatie van het Prima-initiatief uit. De Commissie stelt over die evaluatie een verslag op waarin de conclusies over die evaluatie en opmerkingen van de Commissie zijn opgenomen. De Commissie stuurt dat verslag uiterlijk op 31 december 2022 naar het Europees Parlement en de Raad.

1.  Uiterlijk op 30 juni 2022 voert de Commissie, met behulp van onafhankelijke deskundigen, een tussentijdse evaluatie van het Prima-initiatief uit. De Commissie stelt over die evaluatie een verslag op waarin de conclusies over die evaluatie en opmerkingen van de Commissie zijn opgenomen. De Commissie stuurt dat verslag uiterlijk op 31 december 2022 naar het Europees Parlement en de Raad.

(1)

Nog niet in het Publicatieblad verschenen.


TOELICHTING

In 1995 werd met de verklaring van het proces van Barcelona een ambitieus programma gelanceerd voor een Europees-mediterraan partnerschap dat bedoeld was om een ruimte van vrede, welvaart en stabiliteit te creëren. Van meet af aan werd samenwerking op het vlak van onderzoek en innovatie als cruciaal beschouwd.

In 2007, twaalf jaar na de lancering van het proces van Barcelona, dat ondertussen werd ondersteund met een nieuwer instrument, het Europees nabuurschaps- en partnerschapsinstrument (ENPI), bracht de Europees-mediterrane conferentie over hoger onderwijs en onderzoek een ambitieus document uit, de verklaring van Caïro, waarin de sector onderzoek en innovatie (O&I) centraal werd gesteld bij de Europees-mediterrane samenwerking.

Tijdens de Europees-mediterrane conferentie over onderzoek en innovatie die in april 2012 in Barcelona werd gehouden, zagen de EU, haar lidstaten en de partnerlanden in het Middellandse Zeegebied in dat samenwerking op het vlak van hoger onderwijs, onderzoek en innovatie de enige manier is om sociale en economische ontwikkeling tot stand te brengen aan weerszijden van de Middellandse Zee.

In december 2014 hechtten beide medewetgevers van de EU, de Raad en het Europees Parlement, hun goedkeuring aan het voorstel tot oprichting van een “Partnerschap voor onderzoek en innovatie in het Middellandse Zeegebied” (het Prima-initiatief), waarin ze de Commissie verzochten een voorstel voor te bereiden voor de uitvoering van het initiatief en tevens verklaarden dat ze artikel 185 VWEU als de juiste rechtsgrondslag zagen.

Op 18 oktober 2016 keurde de Europese Commissie uit hoofde van artikel 185 VWEU een voorstel tot oprichting van een nieuw publiek-privaat partnerschap voor onderzoek en innovatie in het Middellandse Zeegebied (het Prima-initiatief) goed, waarin de nadruk lag op twee wezenlijke sociaal-economische kwesties die van belang zijn in de regio: agrovoedingssystemen en waterbeheer.

De rapporteur onderstreept dat de huidige situatie van sociale en politieke onrust in het Middellandse Zeebekken ons aan het denken moet zetten over de uitdagingen waarmee de economieën in de buurlanden van de EU kampen en de mogelijkheden voor duurzame ontwikkeling in de regio. Een verbetering van de levensomstandigheden is een van de voornaamste behoeften van de burgers in het Middellandse Zeegebied, aangezien zij zich in een in veel opzichten onveilige situatie bevinden waardoor zij elke dag opnieuw zeer kwetsbaar zijn. De toegang tot voeding en water zijn bepalend voor de onderling samenhangende problemen in dit gebied, en het is dan ook van doorslaggevend – politiek, sociaal en economisch – belang om de beschikbaarheid van voeding en water veilig te stellen in deze regio.

In hetzelfde verband benadrukt de rapporteur dat gewapende conflicten, politieke instabiliteit, klimaatverandering, het niet-duurzame beheer van natuurlijke hulpbronnen en de snel groeiende bevolking de meest kritieke factoren zijn die migratie in de hand werken. De rapporteur is het in die zin eens met de benadering van het partnerschapskader om kortetermijnoplossingen te vinden en zo de acute migratiedruk te verlichten, en de onderliggende oorzaken van migratie en gedwongen ontheemding grondiger aan te pakken.

Het rapporteur schaart zich achter het algemene doel van het Prima-initiatief, namelijk de uitvoering van een gezamenlijk programma in het kader van Horizon 2020, voor de uitwerking en goedkeuring van innovatieve en geïntegreerde oplossingen om de efficiëntie, veiligheid, beveiliging en duurzaamheid van de agrovoedingssystemen en het waterbeheer in het Middellandse Zeegebied te verbeteren. De gedachte achter het Prima-initiatief sluit aan bij de recentelijk overeengekomen doelstellingen inzake duurzame ontwikkeling en de toekomstige Europese strategie voor duurzame ontwikkeling. In dit verband wijst de rapporteur erop dat water een algemeen goed is en dat toegang tot water en sanitaire voorzieningen een fundamenteel mensenrecht vormt.

Volgens de rapporteur moet het Prima-initiatief als publiek-privaat partnerschap voor onderzoek en innovatie uitsluitend gericht zijn op civiele toepassingen, als bepaald in artikel 19, lid 2 van Verordening nr. 1291/2013. Tevens moeten alle Prima-acties op het gebied van onderzoek en innovatie in overeenstemming zijn met de grondrechten en de beginselen van met name het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. Dergelijke activiteiten moeten voldoen aan alle wettelijke verplichtingen, waaronder het internationaal recht en het Handvest van de VN, met name artikel 73 over niet-zelfbesturende gebieden.

De rapporteur schaart zich daarnaast volledig achter de algemene doelstelling van het Prima-initiatief: bijdragen aan duurzame en inclusieve groei in het kader van het Europees-mediterrane partnerschap en de specifieke doelstelling daarvan om de momenteel versnipperde nationale onderzoeks- en innovatieprogramma’s voor agrovoedingssystemen en waterbeheer te coördineren, te versterken, te intensiveren, uit te breiden en op elkaar af te stemmen door middel van een multidimensionale, alomvattende en geïntegreerde benadering waaraan diverse actoren een bijdrage leveren.

Ze is van mening dat het Prima-initiatief mogelijkheden biedt op het vlak van wetenschapsdiplomatie waarmee meerwaarde kan worden gecreëerd bij het bevorderen van de samenwerking en conflictpreventie, het herstellen van het vertrouwen en het aanwakkeren van wederzijds begrip tussen landen. Ook vindt de rapporteur dat de op stapel staande projecten andere sociaal-economische en politieke effecten zouden kunnen sorteren, zoals de bevordering van de lokale ontwikkeling in plattelandsgebieden met het oog op het waarborgen van voedsel- en waterzekerheid op een ecologisch duurzame manier, nieuwe banen, zakelijke mogelijkheden en subsidies aan kleine landbouwbedrijven.

De rapporteur merkt verder op dat aangezien Prima is ontworpen als openinnovatie-initiatief, een zeer grote verspreiding van de Prima-resultaten mogelijk is, met meer concrete voordelen voor de Europees-mediterrane gemeenschappen en bedrijven die de eindgebruikers ervan zijn en een intensievere dialoog tussen verschillende Europees-mediterrane landen.

De rapporteur is ingenomen met het voorstel van de Commissie uit hoofde van 185 VWEU om het partnerschap op te richten voor een periode van tien jaar (tot 31 december 2028). Het Prima-initiatief zal worden gefinancierd met 200 miljoen euro als onderdeel van het kaderprogramma voor onderzoek Horizon 2020. De EU-bijdrage zal worden beheerd door de Prima-uitvoeringsstructuur en zal gelijk zijn aan de bijdrage van 200 miljoen euro die is toegezegd door de deelnemende landen. De rapporteur merkt verder op dat het nodig is te voorzien in afwijkingen op de regels voor deelname aan Horizon 2020, zodat derde landen en internationale organisaties zich kunnen aansluiten bij de partnerschappen.

Volgens de huidige ontwikkelingen en toezeggingen van landen die de rapporteur in acht heeft genomen, zal het Prima-initiatief gezamenlijk worden ontplooid door veertien landen aan weerszijden van het Middellandse Zeegebied, met een status die afhankelijk is van hun deelname aan Horizon 2020: negen lidstaten (Cyprus, Frankrijk, Duitsland, Griekenland, Italië, Luxemburg, Malta, Portugal en Spanje), twee geassocieerde landen (Israël en Tunesië) en vier derde landen (Jordanië, Marokko, Egypte en Libanon).

De rapporteur deelt de mening van de Commissie niet dat de door het Prima-initiatief te financieren projecten met name moeten gaan over hogere niveaus van technologische paraatheid. Ze is van mening dat hierover moet worden besloten al naargelang de behoeften die naar voren komen in de verschillende oproepen/projecten die zijn opgenomen in het jaarlijkse werkprogramma. Verder vindt ze dat er een goed evenwicht moet worden gewaarborgd tussen kleine en grote projecten, aangezien niet alleen grote projecten geschikt zijn om tot snelle oplossingen te komen en kunnen bijdragen aan de doelstellingen van het Prima-initiatief.

Uiteraard is transparantie bij de verspreiding van de informatie, resultaten en het financiële beheer van zowel de EU als van nationale fondsen een absolute vereiste voor het welslagen van het Prima-initiatief.


ADVIES van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid (10.3.2017)

aan de Commissie industrie, onderzoek en energie

over het voorstel voor een Besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de deelname van de Unie aan een door verscheidene lidstaten gezamenlijk opgezet partnerschap voor onderzoek en innovatie in het Middellandse Zeegebied (het Prima-initiatief)

(COM(2016)0662 – C8-0421/2016 – 2016/0325(COD))

Rapporteur voor advies: Francesc Gambús

TOELICHTING

Het waterbeheer, en daarmee het waarborgen van de voedselveiligheid, is een uitdaging die reeds door de Europese Unie moet zijn aangegaan. Waterarmoede kan worden gedefinieerd als "het geen toegang hebben tot voldoende water of tot water van voldoende kwaliteit om aan de persoonlijke basisbehoeften te voldoen". Uit cijfers van de Europese Commissie blijkt dat ongeveer 180 miljoen mensen in het Middellandse Zeegebied worden getroffen door waterarmoede en dat dit invloed heeft op de gezondheid en de stabiliteit van de bevolking aan beide kanten van de Middellandse Zee. Daarom is het goed dat het Prima-initiatief zo spoedig mogelijk wordt gelanceerd en kracht wordt bijgezet door de Unie.

In dit opzicht mogen we niet vergeten dat in veel gebieden en stroomgebieden de druk op de waterreserves alleen maar is toegenomen, enerzijds door de vraag van de bevolking, anderzijds door de stijging van het aantal irrigatiegebieden, waardoor enkele plaatselijke artisanale economieën en natuurbeschermingsgebieden gevaar lopen.

Daarom moet bij de ontwikkeling van het Prima-initiatief een holistische benadering worden gehanteerd, die betrekking heeft op zowel de efficiëntie van irrigatiegebieden, van de gewassen en van de stedelijke pijpleidingen, als de bescherming van de natuurgebieden, wetlands en speciale beschermingszones, in overeenstemming met de Europese wetgeving, en in het bijzonder afgestemd op, voldoend aan en met eerbied voor de kaderrichtlijn water.

De dialoog tussen beide kanten van het Middellandse Zeegebied in het kader van het Prima-initiatief kan zowel dienen om de effecten van de klimaatverandering te voorkomen, als om parallelle problemen, zoals woestijnvorming, het hoofd te bieden. Daarom is de deelname van de Unie voor het Middellandse Zeegebied, die reeds heel ervaren is, zo belangrijk, zowel op het gebied van ontwikkeling als in het beheer van het partnerschap.

Het is echter nodig om enkele punten uit het besluit te wijzigen om het Prima-initiatief zo goed mogelijk te kunnen besturen en de beschikbare financiële middelen voor projecten voor onderzoek en ontwikkeling zo goed en zo efficiënt mogelijk te benutten, in die zin dat een efficiëntere behandeling van de financiële middelen voor het Prima-initiatief meer mogelijkheden biedt om het klimaat te scheppen dat nodig is om economische groei te stimuleren en fatsoenlijke banen te creëren in de landen van het Middellandse Zeegebied, die het hardst getroffen zijn door de economische crisis en die te kampen hebben met hogere werkloosheidscijfers, en in het bijzonder met hoge jeugdwerkloosheid.

Na de bespreking tijdens de plenaire vergadering van 15 december 2014 te Straatsburg kwam het belang van deelname van de Unie aan het Prima-initiatief duidelijk naar voren gezien de stimulans en de toegevoegde waarde die dat zou hebben. Er werd ook gewezen op het belang van de waterreserves voor de ontwikkeling van de landen, en op het feit dat projecten de kennis en de toepassing van hernieuwbare energie moeten inzetten in de waterinfrastructuur, zoals bijvoorbeeld bij het verpompen van water om duurzamere gewassen te kunnen ontwikkelen.

Een andere verplichting van de Unie die centraal moet staan in haar nabuurschapsbeleid is het waarborgen van de voedselveiligheid en de waterreserves, en van de stabiliteit en de ontwikkeling in de buurlanden. Het partnerschap, dat is voortgevloeid uit de conferentie over onderzoek en innovatie in april 2012 in Barcelona, kan een basis vormen voor het uitbouwen ervan.

AMENDEMENTEN

De Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid verzoekt de ten principale bevoegde Commissie industrie, onderzoek en energie onderstaande amendementen in aanmerking te nemen:

Amendement    1

Voorstel voor een besluit

Overweging 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(3)  Publiek-publieke partnerschappen moeten als doel hebben grotere synergie tot stand te brengen, de coördinatie te intensiveren en overlapping met uniale, internationale, nationale en regionale onderzoeksprogramma’s te voorkomen, en moeten de algemene beginselen van Horizon 2020, in het bijzonder de beginselen in verband met openheid en transparantie, volledig naleven.

(3)  Publiek-publieke partnerschappen moeten als doel hebben grotere synergie tot stand te brengen, de coördinatie te intensiveren en overlapping met en versnippering van uniale, internationale, nationale en regionale onderzoeksprogramma’s te voorkomen, en moeten de algemene beginselen van Horizon 2020, in het bijzonder de beginselen in verband met openheid en transparantie, volledig naleven. Een degelijke en tijdige verspreiding van uitgebreide informatie is samen met de transparantie van de resultaten en van het financieel beheer van cruciaal belang om Prima-initiatief te doen slagen.

Amendement     2

Voorstel voor een besluit

Overweging 4 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(4 bis)  De volledige toepassing van het mensenrecht op water en sanitaire voorzieningen, zoals erkend door de Verenigde Naties en gesteund door de lidstaten, is van essentieel belang voor het leven, en het deugdelijk beheer van watervoorraden speelt een cruciale rol bij het garanderen van duurzaam watergebruik en het beschermen van de natuurlijke hulpbronnen van de wereld.

Amendement     3

Voorstel voor een besluit

Overweging 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(5)  In Verordening (EU) nr. 1291/2013 wordt gewezen op de noodzaak van internationale samenwerking met derde landen voor een doeltreffende benadering van gemeenschappelijke uitdagingen. Internationale samenwerking op het gebied van onderzoek en innovatie is een basisaspect van het mondiale engagement van de Unie en speelt een belangrijke rol in het partnerschap van de Unie met de nabuurschapslanden. Deze samenwerking strookt met de aanpak van het Europees nabuurschapsbeleid, waarbij het samenwerkingsniveau met elk nabuurschapsland verschilt naargelang hun engagement ten aanzien van de Unie.

(5)  In Verordening (EU) nr. 1291/2013 wordt gewezen op de noodzaak van internationale samenwerking met derde landen voor een doeltreffende benadering van gemeenschappelijke uitdagingen. Internationale samenwerking op het gebied van onderzoek, wetenschap en innovatie is een basisaspect van het mondiale engagement van de Unie en speelt een belangrijke rol in het partnerschap van de Unie met de nabuurschapslanden. Deze samenwerking strookt met de aanpak van het Europees nabuurschapsbeleid, waarbij het samenwerkingsniveau met elk nabuurschapsland verschilt naargelang hun engagement ten aanzien van de Unie.

Amendement    4

Voorstel voor een besluit

Overweging 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(8)  Het Prima-initiatief beoogt de uitvoering van een gezamenlijk programmeringsinitiatief voor de ontwikkeling en vaststelling van innovatieve en geïntegreerde manieren om de efficiëntie, veiligheid, beveiliging en duurzaamheid van de voedselproductie en watervoorziening in het Middellandse Zeegebied te verbeteren. Het Prima-initiatief moet bijdragen tot de verwezenlijking van de recentelijk overeengekomen doelstellingen inzake duurzame ontwikkeling en de toekomstige Europese strategie voor duurzame ontwikkeling.

(8)  Het gebrek aan schoon water en voedzame levensmiddelen heeft negatieve gevolgen voor de gezondheid en de stabiliteit van de bevolking, en het Prima-initiatief beoogt de uitvoering van een gezamenlijk programmeringsinitiatief voor de ontwikkeling en vaststelling van innovatieve multidimensionale en geïntegreerde gemeenschappelijke manieren om de efficiëntie, veiligheid, beveiliging en duurzaamheid van de agrovoedselproductie en watervoorziening, waterzuivering en hergebruik in het Middellandse Zeegebied te verbeteren op basis van de beginselen van mede-eigendom, wederzijds belang en gedeeld voordeel. Rekening houdend met het feit dat toegang tot water en sanitaire voorzieningen een fundamenteel mensenrecht vormt en aangezien het veiligstellen van de beschikbaarheid van voedsel en water van essentieel belang is in de regio, moet het Prima-initiatief bijdragen tot de verwezenlijking van de recentelijk overeengekomen doelstellingen inzake duurzame ontwikkeling en de toekomstige Europese strategie voor duurzame ontwikkeling, alsook tot de doelstellingen van de Overeenkomst van Parijs.

Amendement     5

Voorstel voor een besluit

Overweging 8 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 bis)  Voor een duurzame watervoorziening en voedselproductie in het Middellandse Zeegebied moeten de natuurlijke zoetwaterecosystemen worden beschermd, moet er worden overgestapt naar efficiëntere verbruikspatronen en moeten hernieuwbare energiebronnen worden geïntegreerd. Een open, democratisch en participatief beheer van de watervoorziening is een absolute voorwaarde voor een kostenefficiënte oplossing die de hele gemeenschap ten goede komt.

Amendement     6

Voorstel voor een besluit

Overweging 8 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 ter)  De duurzame bescherming van natuurgebieden zoals zoetwaterecosystemen, is van vitaal belang voor de ontwikkeling en drinkwatervoorziening.

Amendement     7

Voorstel voor een besluit

Overweging 8 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 quater)  Gezien de waterschaarste in het Middellandse Zeegebied zijn er andere energieoplossingen nodig en moeten efficiëntere patronen worden ingevoerd. Hernieuwbare energie moet in de processen ter vervanging van fossiele brandstoffen worden geïntegreerd.

Amendement     8

Voorstel voor een besluit

Overweging 8 quinquies (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 quinquies)  Een open, democratisch en participatief bestuur is van cruciaal belang om te waarborgen dat voor het beheer van de watervoorraden de meest kostenefficiënte oplossingen worden gekozen die de hele samenleving ten goede komen.

Amendement     9

Voorstel voor een besluit

Overweging 10

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(10)  Conform de doelstellingen van Horizon 2020 mag elke andere lidstaat en elk ander met Horizon 2020 geassocieerd derde land aan het Prima-initiatief deelnemen indien zij zich ertoe verbinden om initiatief mee te financieren.

(10)  Conform de doelstellingen van Horizon 2020 mag elke andere lidstaat en elk ander met Horizon 2020 geassocieerd derde land aan het Prima-initiatief deelnemen indien zij zich ertoe verbinden om het initiatief mee te financieren met een passend percentage van de totale inspanning.

Amendement     10

Voorstel voor een besluit

Overweging 11 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(11 bis)  Het Prima-partnerschap moet de volledige keten omvatten van onderzoek tot innovatie en daarbij universiteiten, onderzoeks- en technologie-instellingen, het bedrijfsleven en op innovatie gerichte kmo's mobiliseren.

Amendement     11

Voorstel voor een besluit

Overweging 16

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(16)  De activiteiten van het Prima-initiatief moeten in overeenstemming zijn met de doelstellingen en de prioriteiten inzake onderzoek en innovatie van Horizon 2020 en met de in artikel 26 van Verordening (EU) nr. 1291/2013 vastgelegde algemene beginselen en voorwaarden. Het Prima-initiatief moet rekening houden met de OESO-definities betreffende het niveau van technologische paraatheid in de classificatie van technologisch onderzoek, productontwikkeling en demonstratieactiviteiten.

(16)  De activiteiten van het Prima-initiatief moeten in overeenstemming zijn met de doelstellingen en de prioriteiten inzake onderzoek en innovatie van Horizon 2020 en met de in artikel 26 van Verordening (EU) nr. 1291/2013 vastgelegde algemene beginselen en voorwaarden. Het Prima-initiatief moet rekening houden met de OESO-definities betreffende het niveau van technologische paraatheid in de classificatie van technologisch onderzoek, productontwikkeling en demonstratieactiviteiten, en moet zowel lage als hoge niveaus van technologische paraatheid nastreven, met inbegrip van vormen van "nieuwsgierigheidsgedreven" en "praktijkgericht" onderzoek.

Amendement     12

Voorstel voor een besluit

Overweging 18

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(18)  De door het Prima-initiatief beheerde projectoproepen moeten ook worden bekendgemaakt op het gemeenschappelijke deelnemersportaal, alsmede via andere door de Commissie beheerde elektronische verspreidingsmiddelen van Horizon 2020.

(18)  De door het Prima-initiatief beheerde projectoproepen moeten ook worden bekendgemaakt op het gemeenschappelijke deelnemersportaal van het Prima-initiatief, alsmede via andere door de Commissie beheerde elektronische verspreidingsmiddelen van Horizon 2020.

Amendement     13

Voorstel voor een besluit

Overweging 27

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(27)  Op verzoek van de Commissie moeten de Prima-uitvoeringsstructuur en de deelnemende landen alle informatie verstrekken die de Commissie moet opnemen in de evaluatieverslagen over het Prima-initiatief.

(27)  Op verzoek van de Commissie moeten de Prima-uitvoeringsstructuur en de deelnemende landen alle informatie verstrekken die de Commissie moet opnemen in de evaluatieverslagen over het Prima-initiatief. Die informatie moet tegelijkertijd ook aan de bevoegde commissies van het Europees Parlement worden verstrekt.

Amendement    14

Voorstel voor een besluit

Overweging 28

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(28)  Het doel van dit besluit is om de onderzoeks- en innovatiestelsels en -activiteiten in de mediterrane landen op het gebied van watervoorziening en voedselsystemen beter te integreren en op één lijn te brengen. Om de problemen van het Middellandse Zeegebied aan te pakken is er onderzoek en innovatie op grote schaal nodig, omdat de grootste knelpunten systemisch van aard zijn. De omvang van het onderzoek en de innovatie is complex, multidisciplinair en grensoverschrijdend en vereist een grensoverschrijdende aanpak met de deelname van meerdere actoren. Een gezamenlijke aanpak met de deelname van verschillende landen die hun financiële en intellectuele middelen bundelen kan helpen om de vereiste schaal en reikwijdte te bereiken. Aangezien de doelstelling dus beter op het niveau van de Unie kan worden verwezenlijkt door het integreren van nationale inspanningen tot een samenhangende Europese benadering, door het bijeenbrengen van gecompartimenteerde nationale onderzoeksprogramma's, door bij te dragen aan het opzetten van gemeenschappelijke, grensoverschrijdende onderzoeks- en financieringsstrategieën, en door de vereiste kritische massa van actoren en investeringen te verwezenlijken, kan de Unie, overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie neergelegde subsidiariteitsbeginsel, maatregelen nemen. Het onderhavige besluit van het Europees Parlement en de Raad gaat, overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag vervatte proportionaliteitsbeginsel, niet verder dan wat nodig is om deze doelstellingen te verwezenlijken.

(28)  Het doel van dit besluit is om de onderzoeks- en innovatiestelsels en -activiteiten in de mediterrane landen op het gebied van watervoorziening, waterzuivering, duurzaam gebruik en hergebruik en agrovoedselsystemen beter te integreren en op één lijn te brengen. Om de problemen van het Middellandse Zeegebied aan te pakken is er onderzoek en innovatie op grote schaal nodig, omdat de grootste knelpunten systemisch van aard zijn. Relevante resultaten moeten intussen ook als model kunnen dienen in andere door hitte getroffen gebieden van de Europese Unie. De omvang van het onderzoek en de innovatie is complex, multidisciplinair en grensoverschrijdend en vereist een grensoverschrijdende aanpak met de deelname van meerdere actoren. Een gezamenlijke aanpak met de deelname van verschillende landen die hun financiële en intellectuele middelen bundelen kan helpen om de vereiste schaal en reikwijdte te bereiken. Aangezien de doelstelling dus beter op het niveau van de Unie kan worden verwezenlijkt door het integreren van nationale inspanningen tot een samenhangende Europese benadering, door het bijeenbrengen van gecompartimenteerde nationale onderzoeksprogramma's, door bij te dragen aan het opzetten van gemeenschappelijke, grensoverschrijdende onderzoeks- en financieringsstrategieën, en door de vereiste kritische massa van actoren en investeringen te verwezenlijken, kan de Unie, overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie neergelegde subsidiariteitsbeginsel, maatregelen nemen. Het onderhavige besluit van het Europees Parlement en de Raad gaat, overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag vervatte proportionaliteitsbeginsel, niet verder dan wat nodig is om deze doelstellingen te verwezenlijken.

Amendement    15

Voorstel voor een besluit

Artikel 1 – lid 4 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Indien het land voldoet aan de voorwaarden in de eerste alinea, wordt het beschouwd als een deelnemend land voor de doeleinden van dit besluit.

Indien het land voldoet aan de voorwaarden in dit lid, wordt het beschouwd als een deelnemend land voor de doeleinden van dit besluit.

Amendement    16

Voorstel voor een besluit

Artikel 2 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De algemene doelstelling van het Prima-initiatief is het ontwikkelen van volledig geteste en gedemonstreerde gemeenschappelijke innovatieve oplossingen voor de watervoorziening en voedselsystemen in het Middellandse Zeegebied, zodat deze klimaatbestendiger, efficiënter, kosteneffectiever en duurzamer worden en zodat ertoe wordt bijgedragen om de problemen op het gebied van voeding, gezondheid, welzijn en migratie bij de wortel aan te pakken.

1.  De algemene doelstelling van het Prima-initiatief is het creëren van sociale en economische ontwikkeling aan weerskanten van de Middellandse Zee aan de hand van het opbouwen van onderzoeks- en innovatiecapaciteit en het ontwikkelen van gemeenschappelijke innovatieve oplossingen voor de landbouw- en voedselsystemen en de systemen voor het waterbeheer, met inbegrip van zuivering en hergebruik, in het Middellandse Zeegebied, zodat deze efficiënter worden, onder meer door verlies en afval te beperken, en zodat de klimaatbestendigheid en de duurzaamheid van voedselproductie en watervoorziening worden vergroot en ertoe wordt bijgedragen om de problemen op het gebied van watertekorten, voedselveiligheid, voeding, gezondheid, welzijn, milieu en migratie bij de wortel aan te pakken.

Amendement    17

Voorstel voor een besluit

Artikel 2 – lid 2 – punt i

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

i)  de ontwikkeling van een stabiele en langlopende gemeenschappelijke strategische agenda op het gebied van watervoorziening en voedselsystemen;

i)  de ontwikkeling van een langlopende, duurzame, gemeenschappelijke strategische agenda in overeenstemming met de duurzame-ontwikkelingsdoelstellingen en de Europese strategie voor duurzame ontwikkeling, teneinde de natuurlijke hulpbronnen te beschermen, op het gebied van waterbeheer, -productie en -voorziening, met inbegrip van zuivering en hergebruik, en op het gebied van agrovoedingsproducten;

Amendement     18

Voorstel voor een besluit

Artikel 2 – lid 2 – punt i bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

i bis)  de toename van innovatieve en duurzame oplossingen voor de landbouw, voedselproductie en watervoorziening en het aanmoedigen van de toepassing ervan door gemeenschappen, bedrijven en burgers; het duurzame waterbeheer voor aride en semi-aride gebieden; de duurzame landbouwsystemen aangepast aan de beperkingen van het mediterrane milieu met het oog op het behoud van de natuurlijke hulpbronnen;

Amendement    19

Voorstel voor een besluit

Artikel 2 – lid 2 – punt ii

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

ii)  de gerichtheid van alle nationale O&I-programma’s op de uitvoering van de strategische agenda;

ii)  de gerichtheid van relevante nationale O&I-programma's op de uitvoering van de strategische agenda en de coördinatie van deze programma’s;

Amendement    20

Voorstel voor een besluit

Artikel 2 – lid 2 – punt iii

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

iii)  de structurele betrokkenheid van alle relevante publieke en private actoren bij de uitvoering van de strategische agenda door het bundelen van kennis en financiële middelen om de benodigde kritische massa te bereiken;

iii)  de betrokkenheid van alle relevante publieke en private actoren bij de uitvoering van de strategische agenda door het bundelen van kennis en financiële middelen om de benodigde kritische massa te bereiken;

Amendement     21

Voorstel voor een besluit

Artikel 2 – lid 2 – punt iv

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

iv)  de versterking van de financiering en de uitvoeringscapaciteit van alle betrokken actoren.

iv)  de versterking van de financiering en de uitvoeringscapaciteit van alle betrokken actoren, met inbegrip van kmo's, de academische wereld, ngo's en lokale onderzoekscentra.

Amendement     22

Voorstel voor een besluit

Artikel 4 – alinea 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  elk deelnemend land verbindt zich ertoe om bij te dragen aan de financiering van het Prima-initiatief;

c)  elk deelnemend land verbindt zich ertoe om bij te dragen aan de financiering van het Prima-initiatief met een passend percentage van de totale inspanning;

Amendement     23

Voorstel voor een besluit

Artikel 4 – alinea 1 – letter e

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

e)  er wordt een bestuursmodel voor het Prima-initiatief opgezet in overeenstemming met artikel 12;

e)  er wordt een efficiënt bestuursmodel voor het Prima-initiatief opgezet in overeenstemming met artikel 12;

Amendement    24

Voorstel voor een besluit

Artikel 4 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De Commissie beoordeelt of de deelnemende landen hun toezeggingen nakomen, in het bijzonder via de eerste twee jaarlijkse werkprogramma's van het Prima-initiatief. Na die beoordeling wordt de in artikel 3, lid 1, bedoelde maximale bijdrage van de Unie herzien overeenkomstig artikel 9.

3.  De Commissie beoordeelt of de deelnemende landen hun toezeggingen nakomen, in het bijzonder via de eerste twee jaarlijkse werkprogramma's van het Prima-initiatief. Na die beoordeling kan de in artikel 3, lid 1, bedoelde maximale bijdrage van de Unie worden herzien overeenkomstig artikel 9.

Amendement    25

Voorstel voor een besluit

Artikel 5 – lid 2 – letter a

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  in voorkomend geval, financiële bijdragen aan de Prima-uitvoeringsstructuur met het oog op de financiering van acties onder contract als bedoeld in artikel 6, lid 1, onder a);

a)  in voorkomend geval, financiële en niet-financiële bijdragen aan de Prima-uitvoeringsstructuur met het oog op de financiering van acties onder contract als bedoeld in artikel 6, lid 1, onder a);

Amendement    26

Voorstel voor een besluit

Artikel 5 – lid 2 – letter b

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  financiële en niet-financiële bijdragen bij de uitvoering van de in artikel 6, lid 1, onder b), bedoelde activiteiten; alsmede

b)  financiële en niet-financiële bijdragen bij de uitvoering van de in artikel 6, lid 1, onder a) en b), bedoelde activiteiten; alsmede

Amendement    27

Voorstel voor een besluit

Artikel 5 – lid 2 – letter c

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  financiële bijdragen aan de administratieve kosten van de Prima-uitvoeringsstructuur die niet worden gedekt door de in artikel 3, lid 3, onder b), bedoelde bijdrage van de Unie.

c)  financiële en niet-financiële bijdragen aan de administratieve kosten van de Prima-uitvoeringsstructuur die niet worden gedekt door de in artikel 3, lid 3, onder b), bedoelde bijdrage van de Unie.

Amendement    28

Voorstel voor een besluit

Artikel 5 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Niet-financiële bijdragen als bedoeld in lid 2, onder b), van dit artikel omvatten kosten die de deelnemende landen via hun nationale financieringsorganen hebben gemaakt bij de uitvoering van de in artikel 6, lid 1, onder b), bedoelde activiteiten, na aftrek van de directe of indirecte financiële bijdrage van de Unie aan die kosten.

3.  Niet-financiële bijdragen als bedoeld in lid 2 van dit artikel omvatten kosten die de deelnemende landen hebben gemaakt bij de uitvoering van de in artikel 6 bedoelde activiteiten of in verband met de administratieve kosten van de Prima-uitvoeringsstructuur, na aftrek van de directe of indirecte financiële bijdrage van de Unie aan die kosten.

Amendement    29

Voorstel voor een besluit

Artikel 5 – lid 5

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  De in lid 2, onder a) en b), bedoelde bijdragen die als bijdragen van de deelnemende landen gelden, moeten worden geleverd na de inwerkingtreding van dit besluit wat de activiteiten van het eerste jaarlijks werkprogramma van het Prima-initiatief betreft, en na de goedkeuring van de daaropvolgende jaarlijkse werkprogramma's door de Prima-uitvoeringsstructuur.

5.  De in lid 2, onder a) en b), bedoelde bijdragen die als bijdragen van de deelnemende landen gelden, moeten worden geleverd na de inwerkingtreding van dit besluit wat de activiteiten van het eerste jaarlijks werkprogramma van het Prima-initiatief betreft, en binnen het tijdsbestek (1 jaar, vanaf 1 januari tot 31 december) van de daaropvolgende jaarlijkse werkprogramma's door de Prima-uitvoeringsstructuur.

Amendement    30

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 1 – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Het Prima-initiatief zal steun verlenen aan de volgende activiteiten:

1.  Het Prima-initiatief zal steun verlenen aan acties die worden gefinancierd door de deelnemende lidstaten via hun nationale financieringsorganen, bestaande uit:

Amendement     31

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 1 – letter a – punt i

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

i)  onderzoeks- en innovatieacties of innovatieacties zoals demonstratieprojecten, proefinstallaties, tests, precommerciële toepassingen, waarbij met name naar een hoger niveau van technologische paraatheid wordt gestreefd;

i)  onderzoeks- en innovatieacties of innovatieacties zoals demonstratieprojecten, proefinstallaties, tests, precommerciële toepassingen, waarbij naar een laag tot hoog niveau van technologische paraatheid wordt gestreefd;

Amendement    32

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 1 – letter b – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  activiteiten gefinancierd door de deelnemende landen via hun nationale financieringsorganen zonder bijdrage van de Unie, die in toenemende mate streven naar een hoger niveau van technologische paraatheid en die uit het volgende bestaan:

b)  activiteiten gefinancierd door de deelnemende landen, zonder bijdrage van de Unie, die streven naar een laag tot hoog niveau van technologische paraatheid.

Amendement     33

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 1 – letter b – punt ii

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

ii)  activiteiten in het kader van de nationale programma’s van de deelnemende landen.

ii)  activiteiten in het kader van de nationale programma’s van de deelnemende landen, met inbegrip van onderzoeksprogramma's voor een strategisch beheer van de watervoorraden en langetermijnplannen voor mitigatie en aanpassing, om tot een meer samenhangende en klimaatbestendige aanpak van waterbeheer te komen.

Amendement    34

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Tot de activiteiten behoren onderzoeks- en innovatieacties of innovatieacties zoals innovatieve demonstratieprojecten, proefinstallaties, tests en precommerciële toepassingen, waarbij met name naar een hoger niveau van technologische paraatheid wordt gestreefd, door middel van kleine en grote projecten, met betrekking tot de kosten en aantal deelnemers.

 

Ook de coördinatie en ondersteuning van acties die tot doel hebben informatie te verspreiden over het Prima-initiatief en de impact ervan zo groot mogelijk te maken, behoren daartoe.

Amendement    35

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Het Prima-initiatief zal worden uitgevoerd op basis van de jaarlijkse werkprogramma’s die de Prima-uitvoeringsstructuur, na goedkeuring door de Commissie, aan het einde van het voorafgaande jaar vaststelt. Bij wijze van uitzondering kan het jaarlijks werkprogramma voor 2018 van het Prima-initiatief uiterlijk op 31 maart 2018 worden vastgesteld. De Prima-uitvoeringsstructuur maakt het jaarlijks werkprogramma openbaar.

2.  Het Prima-initiatief zal worden uitgevoerd op basis van de jaarlijkse werkprogramma’s die de Prima-uitvoeringsstructuur, na goedkeuring door de Commissie, vaststelt. De Prima-uitvoeringsstructuur moet deze werkprogramma's aan het einde van het voorafgaande jaar naar de Commissie sturen. Bij wijze van uitzondering kan het jaarlijks werkprogramma voor 2018 van het Prima-initiatief uiterlijk op 31 maart 2018 worden verstuurd. De Prima-uitvoeringsstructuur maakt het jaarlijks werkprogramma openbaar.

Amendement    36

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 5

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  Activiteiten die door de deelnemende landen via hun nationale financieringsorganen zonder bijdrage van de Unie worden gefinancierd, kunnen alleen worden opgenomen in het jaarlijks werkprogramma van het Prima-initiatief na de positieve uitkomst van een door de Prima-uitvoeringsstructuur georganiseerde onafhankelijke externe beoordeling door internationale collegiale toetsing, met inachtneming van de doelstellingen van het Prima-initiatief.

5.  Activiteiten die door de deelnemende landen via hun nationale financieringsorganen zonder bijdrage van de Unie worden gefinancierd, kunnen alleen worden opgenomen in het jaarlijks werkprogramma van het Prima-initiatief na een positieve beoordeling door de Prima-uitvoeringsstructuur van hun bijdrage aan de doelstellingen van het Prima-initiatief. Bij twijfel kan de Prima-uitvoeringsstructuur een onafhankelijke externe beoordeling door internationale collegiale toetsing vragen.

Amendement    37

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 6

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6.  Activiteiten die zijn opgenomen in het jaarlijks Prima-werkprogramma en die door de deelnemende landen via hun nationale financieringsorganen zonder bijdrage van de Unie worden gefinancierd, worden uitgevoerd in overeenstemming met gemeenschappelijke beginselen die na goedkeuring door de Commissie door de Prima-uitvoeringsstructuur worden vastgesteld. De gemeenschappelijke beginselen moeten in overeenstemming zijn met de beginselen in dit besluit, in titel VI van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 en in Verordening (EU) nr. 1290/2013, met name de beginselen van gelijke behandeling, transparantie, onafhankelijke collegiale toetsing en selectie. Na goedkeuring door de Commissie stelt de Prima-uitvoeringsstructuur ook vast aan welke vereisten voor verslaglegging de deelnemende landen moeten voldoen jegens de uitvoeringsstructuur, waaronder die met betrekking tot de indicatoren voor elk van deze activiteiten.

6.  Activiteiten die zijn opgenomen in het jaarlijks Prima-werkprogramma worden uitgevoerd in overeenstemming met gemeenschappelijke beginselen die na goedkeuring door de Commissie door de Prima-uitvoeringsstructuur worden vastgesteld. De gemeenschappelijke beginselen moeten rekening houden met het evenwicht tussen de noordelijke en de zuidelijke oever van de Middellandse Zee, en moeten in overeenstemming zijn met de beginselen in dit besluit, in titel VI van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 en in Verordening (EU) nr. 1290/2013, met name de beginselen van gelijke behandeling, transparantie, onafhankelijke collegiale toetsing en selectie. Na goedkeuring door de Commissie stelt de Prima-uitvoeringsstructuur ook vast aan welke vereisten voor verslaglegging de deelnemende landen moeten voldoen jegens de uitvoeringsstructuur, waaronder die met betrekking tot de indicatoren voor elk van deze activiteiten.

Amendement    38

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 7 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  De voorstellen worden geselecteerd na transnationale projectoproepen en volgens een procedure in twee fasen. De eerste fase bestaat uit een beoordeling op nationaal of transnationaal niveau van de voorstellen die zijn ingediend door juridische entiteiten die in aanmerking komen voor financiering uit hoofde van de desbetreffende nationale programma’s. De tweede fase bestaat uit één door de Prima-uitvoeringsstructuur georganiseerde onafhankelijke beoordeling door internationale collegiale toetsing. In de tweede fase worden de voorstellen, met de medewerking van ten minste drie onafhankelijke deskundigen, geëvalueerd op basis van de volgende toekenningscriteria: excellentie, impact, kwaliteit en efficiëntie van de uitvoering.

b)  De voorstellen worden geselecteerd na transnationale projectoproepen. De voorstellen worden, met de medewerking van ten minste drie onafhankelijke deskundigen, geëvalueerd op basis van de volgende selectie- en toekenningscriteria: een billijk evenwicht tussen kleine en grotere projecten, relevantie, wetenschappelijke en technologische excellentie, impact, wetenschappelijke kwaliteit (van het beheer en de partners) en efficiëntie van de uitvoering.

Amendement    39

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 7 – letter c

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  De voorstellen worden gerangschikt volgens de evaluatieresultaten. De Prima-uitvoeringsstructuur maakt een selectie op basis van deze rangschikking. De deelnemende landen komen tot overeenstemming over een passende financieringswijze die het mogelijk maakt om zo veel mogelijk voorstellen te financieren op basis van deze rangschikking, in het bijzonder door reservebedragen te verstrekken voor de nationale bijdragen voor projectoproepen.

c)  De voorstellen worden gerangschikt volgens de evaluatieresultaten. De Prima-uitvoeringsstructuur maakt een selectie op basis van deze rangschikking. De deelnemende landen komen tot overeenstemming over een passende selectiewijze die het mogelijk maakt om zo veel mogelijk voorstellen te financieren op basis van deze rangschikking, in het bijzonder door reservebedragen te verstrekken voor de nationale bijdragen voor projectoproepen. Indien één of meerdere projecten niet kunnen worden gefinancierd door geldgebrek, kunnen de eerstvolgende projecten worden geselecteerd.

Amendement    40

Voorstel voor een besluit

Artikel 6 – lid 7 – letter c bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis)  De activiteiten voldoen aan de duurzaamheidscriteria die, na goedkeuring door de Commissie, door de Prima-uitvoeringsstructuur zijn vastgesteld, om zeker te stellen dat activiteiten geen negatieve milieu-, sociale of volksgezondheidseffecten hebben;

Amendement    41

Voorstel voor een besluit

Artikel 7 – lid 2 – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  In afwijking van artikel 9, lid 1, onder b), van Verordening (EU) nr. 1290/2013, bedraagt het minimumaantal deelnemers drie juridische entiteiten die gevestigd zijn in drie verschillende deelnemende landen waarvan:

2.  In afwijking van artikel 9, lid 1, onder b), van Verordening (EU) nr. 1290/2013, bedraagt het minimumaantal deelnemers drie juridische entiteiten die gevestigd zijn in drie verschillende landen die vóór de uiterste termijn voor het indienen van de desbetreffende projectoproepen als deelnemende landen worden beschouwd uit hoofde van dit besluit, en waarvan:

Amendement    42

Voorstel voor een besluit

Artikel 7 – lid 4 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 bis.  In afwijking van het voorgaande kunnen de projectoproepen van het Prima-initiatief worden opengesteld voor deelname door entiteiten die zijn gevestigd in een lidstaat van de Unie voor het Middellandse Zeegebied of in een met Horizon 2020 geassocieerd land, als hun land of hun nationale financieringsorgaan die deelname voor ten minste 50 % cofinanciert. In dat geval komen die entiteiten in aanmerking voor financiering door de Unie.

Amendement    43

Voorstel voor een besluit

Artikel 11 – lid 5

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  Bij de uitvoering van het Prima-initiatief treffen de deelnemende landen de nodige wetgevende, regelgevende, administratieve en andere maatregelen ter bescherming van de financiële belangen van de Unie, met name met het oog op een volledige terugvordering van aan de Unie verschuldigde bedragen overeenkomstig Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 en Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012.

5.  Bij de uitvoering van het Prima-initiatief treffen de deelnemende landen de nodige wetgevende, regelgevende, administratieve en andere maatregelen ter bescherming van de financiële belangen van de Unie, met name met het oog op een volledige terugvordering van aan de Unie verschuldigde bedragen overeenkomstig Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 en Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1268/2012. De terugvordering moet worden beperkt tot maximaal 200 000 000 EUR. Elk deelnemend land is uitsluitend verantwoordelijk voor het volume van Europese gelden die zijn ontvangen door entiteiten die op zijn grondgebied zijn gevestigd en die zijn beperkt tot een totaalbedrag dat gelijk is aan hun bijdrage aan het programma van het Prima-initiatief. De deelnemende landen mogen niet verantwoordelijk worden gesteld voor de financiering die is ontvangen door entiteiten die zijn gevestigd in een land dat niet deelneemt aan het Prima-initiatief.

Amendement     44

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De organen van de Prima-uitvoeringsstructuur bestaan uit:

1.  De organen van de Prima-uitvoeringsstructuur, die specifiek gericht zijn op efficiëntie, bestaan uit:

Amendement    45

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 1 – letter b

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  de raad van bestuur;

(Niet van toepassing op de Nederlandse versie)  

Amendement    46

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 2 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De Prima-uitvoeringsstructuur wordt bestuurd door een algemene vergadering waarin alle deelnemende landen zijn vertegenwoordigd. De algemene vergadering is het besluitvormingsorgaan van de Prima-uitvoeringsstructuur.

De Prima-uitvoeringsstructuur wordt bestuurd door het bestuur, waarin alle deelnemende landen zijn vertegenwoordigd. Het bestuur is het besluitvormingsorgaan van de Prima-uitvoeringsstructuur. Het bestuur houdt gewone en buitengewone algemene vergaderingen. De gewone vergaderingen worden ten minste één keer per jaar bijeengeroepen, binnen een termijn van vier maanden na afsluiting van het boekjaar; de buitengewone vergaderingen worden bijeengeroepen telkens als dit nodig is.

Amendement    47

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 2 – alinea 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De algemene vergadering is verantwoordelijk voor de goedkeuring van de deelname aan het Prima-initiatief van niet met Horizon 2020 geassocieerde landen die niet in artikel 1, lid 2, zijn vermeld, na onderzoek van de relevantie van hun deelname aan de verwezenlijking van de doelstellingen van het Prima-initiatief.

Het bestuur is verantwoordelijk voor de goedkeuring van de deelname aan het Prima-initiatief van landen die geen lid zijn van de Unie voor het Middellandse Zeegebied en die niet geassocieerd zijn met Horizon 2020, na onderzoek van de relevantie van hun deelname aan de verwezenlijking van de doelstellingen van het Prima-initiatief. Het bestuur beslist wat een passend percentage van de totale inspanning is in overeenstemming met artikel 4, lid 1, onder c).

Amendement    48

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De algemene vergadering bepaalt het aantal leden van de raad van bestuur, die ten minste uit vijf leden bestaat, en benoemt deze. De raad van bestuur houdt toezicht op het secretariaat van de Prima-uitvoeringsstructuur.

3.  Het bestuur bepaalt het aantal leden van de raad van bestuur, die ten minste uit vijf leden bestaat, en benoemt deze voor een hernieuwbare termijn van vier jaar. De raad van bestuur komt ten minste om de drie maanden bijeen, of wanneer dit nodig wordt geacht. De raad van bestuur houdt toezicht op het secretariaat van de Prima-uitvoeringsstructuur.

Amendement     49

Voorstel voor een besluit

Artikel 12 – lid 4 – alinea 2 – letter f bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

f bis)  waarborging van de transparantie van de activiteiten van het Prima-initiatief.

PROCEDURE VAN DE MEDEADVISERENDE COMMISSIE

Titel

Participatie van de Unie in het gezamenlijk door enkele lidstaten opgezette partnerschap voor onderzoek en innovatie in het Middellandse Zeegebied (PRIMA)

Document- en procedurenummers

COM(2016)0662 – C8-0421/2016 – 2016/0325(COD)

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

ITRE

27.10.2016

 

 

 

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

ENVI

27.10.2016

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

Francesc Gambús

21.11.2016

Behandeling in de commissie

30.1.2017

 

 

 

Datum goedkeuring

9.3.2017

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

56

1

3

Bij de eindstemming aanwezige leden

Marco Affronte, Margrete Auken, Pilar Ayuso, Zoltán Balczó, Ivo Belet, Simona Bonafè, Biljana Borzan, Lynn Boylan, Paul Brannen, Soledad Cabezón Ruiz, Nessa Childers, Alberto Cirio, Birgit Collin-Langen, Mireille D’Ornano, Seb Dance, Angélique Delahaye, Mark Demesmaeker, Ian Duncan, Stefan Eck, Bas Eickhout, José Inácio Faria, Karl-Heinz Florenz, Francesc Gambús, Gerben-Jan Gerbrandy, Arne Gericke, Jens Gieseke, Julie Girling, Sylvie Goddyn, Françoise Grossetête, Jytte Guteland, Benedek Jávor, Karin Kadenbach, Urszula Krupa, Peter Liese, Valentinas Mazuronis, Gilles Pargneaux, Bolesław G. Piecha, Pavel Poc, Julia Reid, Frédérique Ries, Annie Schreijer-Pierik, Davor Škrlec, Renate Sommer, Claudiu Ciprian Tănăsescu, Ivica Tolić, Estefanía Torres Martínez, Nils Torvalds, Adina-Ioana Vălean

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Clara Eugenia Aguilera García, Nicola Caputo, Albert Deß, Eleonora Evi, Merja Kyllönen, James Nicholson, Gabriele Preuß, Christel Schaldemose, Bart Staes, Carlos Zorrinho

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Edouard Martin, Lieve Wierinck

HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE MEDEADVISERENDE COMMISSIE

56

+

ALDE

Gerben-Jan Gerbrandy, Valentinas Mazuronis, Frédérique Ries, Nils Torvalds, Lieve Wierinck

ECR

Mark Demesmaeker, Ian Duncan, Arne Gericke, Julie Girling, Urszula Krupa, James Nicholson, Boleslaw G. Piecha

EFDD

Eleonora Evi

GUE/NGL

Lynn Boylan, Stefan Eck, Merja Kyllönen, Estefanía Torres Martínez

PPE

Pilar Ayuso, Ivo Belet, Alberto Cirio, Birgit Collin-Langen, Angélique Delahaye, Albert Deß, José Inácio Faria, Karl-Heinz Florenz, Francesc Gambús, Jens Gieseke, Françoise Grossetête, Peter Liese, Annie Schreijer-Pierik, Renate Sommer, Ivica Tolić, Adina-Ioana Vălean

S&D

Clara Eugenia Aguilera García, Simona Bonafè, Biljana Borzan, Paul Brannen, Soledad Cabezón Ruiz, Nicola Caputo, Nessa Childers, Seb Dance, Jytte Guteland, Karin Kadenbach, Edouard Martin, Gilles Pargneaux, Pavel Poc, Gabriele Preuß, Christel Schaldemose, Claudiu Ciprian Tănăsescu, Carlos Zorrinho

VERTS/ALE

Marco Affronte, Margrete Auken, Bas Eickhout, Benedek Jávor, Davor Škrlec, Bart Staes

1

-

EFDD

Julia Reid

3

0

ENF

Mireille D’Ornano, Sylvie Goddyn

NI

Zoltán Balczó

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding


PROCEDURE VAN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

Titel

Participatie van de Unie in het gezamenlijk door enkele lidstaten opgezette partnerschap voor onderzoek en innovatie in het Middellandse Zeegebied (PRIMA)

Document- en procedurenummers

COM(2016)0662 – C8-0421/2016 – 2016/0325(COD)

Datum indiening bij EP

18.10.2016

 

 

 

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

ITRE

27.10.2016

 

 

 

Medeadviserende commissies

       Datum bekendmaking

AFET

27.10.2016

DEVE

27.10.2016

BUDG

27.10.2016

ENVI

27.10.2016

 

LIBE

27.10.2016

 

 

 

Geen advies

       Datum besluit

AFET

30.1.2017

DEVE

25.1.2017

BUDG

24.11.2016

LIBE

14.11.2016

Rapporteurs

       Datum benoeming

Sofia Sakorafa

17.11.2016

 

 

 

Behandeling in de commissie

25.1.2017

 

 

 

Datum goedkeuring

22.3.2017

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

55

7

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Nikolay Barekov, Bendt Bendtsen, Xabier Benito Ziluaga, José Blanco López, Cristian-Silviu Buşoi, Reinhard Bütikofer, Jerzy Buzek, Angelo Ciocca, Edward Czesak, Christian Ehler, Fredrick Federley, Ashley Fox, Adam Gierek, András Gyürk, Rebecca Harms, Eva Kaili, Kaja Kallas, Krišjānis Kariņš, Seán Kelly, Peter Kouroumbashev, Zdzisław Krasnodębski, Miapetra Kumpula-Natri, Janusz Lewandowski, Paloma López Bermejo, Edouard Martin, Angelika Mlinar, Nadine Morano, Dan Nica, Angelika Niebler, Morten Helveg Petersen, Michel Reimon, Herbert Reul, Paul Rübig, Massimiliano Salini, Algirdas Saudargas, Jean-Luc Schaffhauser, Neoklis Sylikiotis, Dario Tamburrano, Evžen Tošenovský, Claude Turmes, Vladimir Urutchev, Kathleen Van Brempt, Henna Virkkunen, Martina Werner, Anna Záborská, Flavio Zanonato, Carlos Zorrinho

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Pilar Ayuso, Mario Borghezio, Soledad Cabezón Ruiz, Jens Geier, Françoise Grossetête, Benedek Jávor, Olle Ludvigsson, Notis Marias, Piernicola Pedicini, Sofia Sakorafa, Marco Zullo

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Isabella Adinolfi, Arndt Kohn, Maria Noichl, Pavel Poc

Datum indiening

29.3.2017


HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

55

+

ALDE

Fredrick Federley, Kaja Kallas, Angelika Mlinar, Morten Helveg Petersen

ECR

Nikolay Barekov, Edward Czesak, Ashley Fox, Zdzisław Krasnodębski, Evžen Tošenovský

EFDD

Isabella Adinolfi, Piernicola Pedicini, Dario Tamburrano, Marco Zullo

ENF

Angelo Ciocca, Jean-Luc Schaffhauser

GUE/NGL

Xabier Benito Ziluaga, Paloma López Bermejo, Sofia Sakorafa, Neoklis Sylikiotis

PPE

Pilar Ayuso, Bendt Bendtsen, Cristian-Silviu Buşoi, Jerzy Buzek,Christian Ehler, Françoise Grossetête, András Gyürk, Krišjānis Kariņš, Seán Kelly, Janusz Lewandowski, Nadine Morano, Angelika Niebler, Herbert Reul, Paul Rübig, Massimiliano Salini, Algirdas Saudargas, Vladimir Urutchev, Henna Virkkunen, Anna Záborská

S&D

José Blanco López, Soledad Cabezón Ruiz, Jens Geier, Adam Gierek, Eva Kaili, Arndt Kohn, Peter Kouroumbashev, Miapetra Kumpula-Natri, Olle Ludvigsson, Edouard Martin, Dan Nica, Maria Noichl, Pavel Poc, Kathleen Van Brempt, Martina Werner, Flavio Zanonato, Carlos Zorrinho

7

-

ECR

Notis Marias

ENF

Mario Borghezio

VERTS/ALE

Reinhard Bütikofer, Rebecca Harms, Benedek Jávor, Michel Reimon, Claude Turmes

0

0

 

 

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

Juridische mededeling - Privacybeleid