Procedure : 2016/2170(DEC)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0129/2017

Ingediende teksten :

A8-0129/2017

Debatten :

PV 26/04/2017 - 19
CRE 26/04/2017 - 19

Stemmingen :

PV 27/04/2017 - 5.52

Aangenomen teksten :

P8_TA(2017)0183

VERSLAG     
PDF 298kWORD 62k
30.3.2017
PE 593.876v02-00 A8-0129/2017

over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van Eurojust voor het begrotingsjaar 2015

(2016/2170(DEC))

Commissie begrotingscontrole

Rapporteur: Inés Ayala Sender

1. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

1. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van Eurojust voor het begrotingsjaar 2015

(2016/2170(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien de definitieve jaarrekening van Eurojust voor het begrotingsjaar 2015,

–  gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van Eurojust voor het begrotingsjaar 2015 vergezeld van de antwoorden van Eurojust(1),

–  gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2015 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd(2), overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien de aanbeveling van de Raad van dinsdag 21 februari 2017 betreffende de aan Eurojust te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2015 (05873/2017 – C8-0056/2017),

–  gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(3), en met name artikel 208,

–  gezien Besluit 2002/187/JBZ van de Raad van 28 februari 2002 betreffende de oprichting van Eurojust teneinde de strijd tegen ernstige vormen van criminaliteit te versterken(4), en met name artikel 36,

–  gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(5), en met name artikel 108,

–  gezien artikel 94 en bijlage IV van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken (A8-0129/2017),

1.  verleent de administratief directeur van Eurojust kwijting voor de uitvoering van de begroting van Eurojust voor het begrotingsjaar 2015;

2.  formuleert zijn opmerkingen in onderstaande resolutie;

3.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de administratief directeur van Eurojust, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (L-serie).

2. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over de afsluiting van de rekeningen van Eurojust voor het begrotingsjaar 2015

(2016/2170(DEC))

Het Europees Parlement,

–  –  gezien de definitieve jaarrekening van Eurojust voor het begrotingsjaar 2015,

–  gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van Eurojust voor het begrotingsjaar 2015 vergezeld van de antwoorden van Eurojust(6),

–  gezien de verklaring van de Rekenkamer voor het begrotingsjaar 2015 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd(7), overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien de aanbeveling van de Raad van dinsdag 21 februari 2017 betreffende de aan Eurojust te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2015 (05873/2017 – C8-0056/2017),

–  gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(8), en met name artikel 208,

–  gezien Besluit 2002/187/JBZ van de Raad van 28 februari 2002 betreffende de oprichting van Eurojust teneinde de strijd tegen ernstige vormen van criminaliteit te versterken(9), en met name artikel 36,

–  gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(10), en met name artikel 108,

–  gezien artikel 94 en bijlage IV van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken (A8-0129/2017),

1.  hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van Eurojust voor het begrotingsjaar 2015;

2.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de administratief directeur van Eurojust, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (L-serie).

3. ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

met de opmerkingen die een integrerend deel uitmaken van het besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van Eurojust voor het begrotingsjaar 2015

(2016/2170(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van Eurojust voor het begrotingsjaar 2015,

–  gezien artikel 94 en bijlage IV van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken (A8-0129/2017),

A.  overwegende dat de begroting van Eurojust voor het begrotingsjaar 2015 volgens zijn financiële staten 33 818 351 EUR bedroeg; overwegende dat de begroting van Eurojust volledig wordt gefinancierd met middelen van de begroting van de Unie;

B.  overwegende dat de Rekenkamer in haar verslag over de jaarrekening van Eurojust voor het begrotingsjaar 2015 (hierna "het verslag van de Rekenkamer") verklaard heeft redelijke zekerheid te hebben gekregen dat de jaarrekening van Eurojust betrouwbaar is en de onderliggende verrichtingen wettig en regelmatig zijn;

C.  overwegende dat het Parlement, in het kader van de kwijtingsprocedure, sterk de nadruk legt op het belang van het verder versterken van de democratische legitimiteit van de instellingen van de Unie door de transparantie en de verantwoordingsplicht te vergroten, het concept van resultaatgericht begroten ten uitvoer te leggen, en een goed personeelsbeheer te verzekeren;

Follow-up van de kwijting voor 2014

1.  merkt op dat, volgens het verslag van de Rekenkamer, met betrekking tot de follow-up van eerdere kwijtingsprocedures, corrigerende maatregelen zijn getroffen en dat twee opmerkingen als "loopt nog" aangemerkt zijn en één opmerking als "niet van toepassing";

2.  wijst erop dat Eurojust in overleg met het directoraat-generaal Justitie en Consumentenzaken en het directoraat-generaal Begroting van de Commissie het gebruik van gesplitste kredieten evalueert om de financiering van operationele activiteiten te waarborgen die niet van tevoren kunnen worden gepland en gedurende het gehele jaar doorgang moeten vinden;

Financieel en begrotingsbeheer

3.  merkt met tevredenheid op dat de inspanningen op het gebied van begrotingstoezicht gedurende het begrotingsjaar 2015 hebben geresulteerd in een uitvoeringspercentage van de begroting van 99,99 %, hetgeen een stijging van 0,17 % inhoudt ten opzichte van 2014; stelt voorts vast dat het uitvoeringspercentage van de betalingskredieten 89 % bedroeg, een stijging van 1,69 % ten opzichte van 2014;

4.  betreurt dat Eurojust problemen ondervond met de beschikbaarheid van begrotingsmiddelen en voor het tweede achtereenvolgende jaar beperkende maatregelen moest nemen als gevolg van een gewijzigde begroting; betreurt het dat deze financiële onzekerheid Eurojust gedwongen heeft een aantal van zijn lopende activiteiten op te schorten en belangrijke technologische ontwikkelingen op de wat langere baan te schuiven; vraagt Eurojust en de Commissie deze bekende structurele problemen op te lossen en voor een goed niveau van financiering voor de komende jaren te zorgen;

Vastleggingen en overdrachten

5.  wijst erop dat de van 2014 naar 2015 overgedragen kredieten 4 246 726 EUR bedroegen, waarvan 87,6 % werd gebruikt; merkt bovendien op dat een bedrag van 525 194 EUR werd geannuleerd aan het einde van het jaar, een vergelijkbaar bedrag als in 2014;

6.  verneemt uit het verslag van de Rekenkamer dat de overgedragen vastgelegde kredieten voor titel II (huishoudelijke uitgaven) 1 600 000 EUR (21 %) bedroegen, ten opzichte van 1 500 000 EUR (20 %) in 2014; wijst erop dat deze overdrachten vooral betrekking hebben op specifieke contracten voor beveiligings- en receptiediensten en ICT-projecten, hardware en onderhoud, consultancy en projectkosten voor het nieuwe gebouw, alsmede op diensten die vóór het einde van het jaar zijn besteld en in 2016 zijn geleverd;

7.  merkt op dat overdrachten gedeeltelijk of geheel kunnen worden gerechtvaardigd als gevolg van het meerjarige karakter van de operationele programma's en niet noodzakelijkerwijs op zwakke punten in de begrotingsplanning en -uitvoering wijzen, en evenmin altijd in strijd zijn met het begrotingsbeginsel van jaarperiodiciteit, vooral niet als ze van tevoren gepland zijn en meegedeeld zijn aan de Rekenkamer;

Aanbestedings- en aanwervingsprocedures

8.  wijst erop dat Eurojust 23 contracten heeft ondertekend met een waarde van meer dan 15 000 EUR, wat neerkomt op een lichte daling met 14 % ten opzichte van 2014; wijst erop dat openbare aanbestedingsprocedures werden toegepast voor 82,6 % van de contracten, samen goed voor 95,44 % van de gegunde hoeveelheid;

9.  wijst erop dat het vacaturepercentage van Eurojust op 31 december 2015 op 2,4 % stond, tegenover 4,8 % op 31 december 2014; stelt met voldoening vast dat 97,6 % van de personeelsformatie voor 2015 was uitgevoerd;

10.  wijst erop dat Eurojust in 2015 de tweede golf van vermindering van de posten heeft doorgevoerd met de afschaffing van vier posten (2 %), in het streven naar een vermindering van het personeelsbestand met 5 %, waartoe de begrotingsautoriteit heeft besloten; merkt bovendien op dat de laatste golf van personeelsinkrimping, die overeenkomt met 1 % of drie posten, in 2016 ten uitvoer moest worden gelegd op het gebied van administratieve ondersteuning; wijst erop dat bij de personeelsinkrimping het aandeel beleidsposten is versterkt;

Preventie van en omgang met belangenconflicten en transparantie

11.  wijst erop dat Eurojust opnieuw bevestigt dat duidelijke regels voor de bescherming van klokkenluiders een fundamentele rol spelen bij de totstandbrenging van een klimaat van vertrouwen en bij de bestrijding van fraude, overeenkomstig artikel 22 quater van het personeelsstatuut; neemt kennis van het feit dat Eurojust bezig is met de opstelling van de nieuwe regels voor de bescherming van klokkenluiders; wijst erop dat een eerste bespreking over de ontwerp-voorschriften reeds heeft plaatsgevonden in het college van Eurojust op 4 oktober 2016; verzoekt Eurojust verder verslag uit te brengen van het proces en de daarop volgende vaststelling van zijn regels voor de bescherming van klokkenluiders;

12.  wijst erop dat korte samenvattingen van de curricula vitae (cv’s) van de leden van het college op internet worden gepubliceerd, maar de belangenverklaringen niet; stelt in dit verband vast dat het college van Eurojust in januari 2016 richtsnoeren inzake de voorkoming van en omgang met belangenconflicten heeft vastgesteld; merkt tevens op dat Eurojust de laatste hand legt aan het proces van het bijeenbrengen van belangenverklaringen en dat deze verklaringen vervolgens op zijn website gepubliceerd zullen worden; vraagt Eurojust de kwijtingsautoriteit te berichten over de voortgang met dit onderwerp;

13.  stelt met bezorgdheid vast dat Eurojust niet heeft voorzien in een controle of actualisering van de belangenverklaringen van deskundigen, de leden van het college en het personeel;

14.  betreurt dat het bestuur en de leden van het onafhankelijke gemeenschappelijk controleorgaan hun belangenverklaringen niet openbaar hebben gemaakt; dringt aan op de onmiddellijke openbaarmaking van deze verklaringen; dringt er bij Eurojust op aan een praktische handleiding voor institutioneel beheer en een voor belangenconflicten op te stellen, overeenkomstig de door de Commissie in december 2013 gepubliceerde richtsnoeren, en duidelijke regels tegen "draaideurpraktijken" vast te stellen;

Interne audit

15.  merkt op dat, volgens het jaarverslag van Eurojust, de dienst Interne audit van de Commissie (IAS) zijn audit betreffende "monitoring en verslaglegging/bouwstenen voor de betrouwbaarheid" vanwege zijn beperkte middelen voor IT-audits heeft uitgesteld en uiteindelijk pas heeft uitgevoerd in januari 2016; ziet uit naar het volgende jaarverslag van Eurojust en naar nadere informatie over de audit;

16.  stelt vast dat op 27 maart 2015 alle tot dan toe openstaande aanbevelingen door de IAS zijn afgesloten; brengt in herinnering dat de IAS in 2014 het beheer en de organisatie van coördinatievergaderingen en coördinatiecentra van Eurojust heeft gecontroleerd; neemt kennis van het feit dat de IAS in 2015 een definitief auditverslag heeft gepubliceerd met één aanbeveling aangemerkt als "belangrijk"; stelt met tevredenheid vast dat Eurojust corrigerende maatregelen heeft getroffen waardoor de aanbeveling als "afgerond" kon worden aangemerkt;

17.  neemt kennis van het feit dat de uitvoering van het project tot versterking van Accrual Based Accounting (ABAC) een efficiënter gebruik van personele middelen van Eurojust mogelijk maakte, terwijl het instrument voor tijdregistratie (eRecording), door de administratief directeur voor al het personeel ingevoerd vanaf april 2015, een stap op weg naar op activiteiten gebaseerde controle en verslaglegging vormde;

Overige opmerkingen

18.  moedigt Eurojust aan bij wijze van prioriteit door te gaan met het bestrijden van terrorisme, mensenhandel en -smokkel, en cybermisdaad; juicht het toe dat de lidstaten steeds meer gebruikmaken van coördinatiebijeenkomsten en -centra, en dat zij de toenemende participatie van derde landen in gemeenschappelijke onderzoeksteams op waarde weten te schatten; juicht het toe dat de lidstaten Eurojust steeds vaker om bijstand vragen (23 % méér gevallen dan in 2014); is van mening dat de begroting van Eurojust dienovereenkomstig moet worden verhoogd;

19.  wijst erop dat Eurojust momenteel, samen met de gastlidstaat, bezig is met de voorbereiding van de verhuizing naar het nieuwe gebouw; wijst erop dat de bouwwerkzaamheden begonnen in het voorjaar van 2015 en dat de verhuizing gepland was voor het voorjaar van 2017; verzoekt Eurojust aan de kwijtingsautoriteit verslag uit te brengen van de verhuizing naar zijn nieuwe gebouw en een overzicht te geven van de totale voor de verhuizing gemaakte kosten;

20.  stelt met bezorgdheid vast dat het genderevenwicht onder de leden van het college van Eurojust ver te zoeken is; dringt er bij Eurojust op aan dit gebrek aan evenwicht zo snel mogelijk te corrigeren en de resultaten kenbaar te maken aan het Europees Parlement en de Raad;

21.  wijst erop dat Eurojust zeven dienstwagens heeft, waarvan de kosten 20 000 EUR per jaar bedragen;

22.  merkt op dat in 2015 in totaal 64 personeelsleden hebben deelgenomen aan buitendagen, en dat de totale kosten daarvan 9 346,98 EUR bedroegen (146,04 EUR per persoon);

23.  betreurt dat Eurojust in zijn jaarverslag 2015 heeft gesteld dat corruptie niet tot de Uniale prioriteiten behoort; wijst erop dat deze bewering werd weerlegd door de 90 corruptiezaken waarvoor, volgens het jaarverslag van Eurojust, de deskundigheid van Eurojust in 2015 werd ingeroepen (twee keer zo veel als in 2014); wijst erop dat Griekenland, Roemenië en Kroatië de lidstaten zijn die het vaakst een verzoek indienden omtrent met corruptie samenhangende zaken;

°

°  °

24.  verwijst voor andere opmerkingen van horizontale aard bij het kwijtingsbesluit naar zijn resolutie van [xx xxxx 2017](11) [over het functioneren en het financiële beheer van en de controle op de agentschappen].

1.3.2017

ADVIES van de Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken

aan de Commissie begrotingscontrole

inzake het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van Eurojust voor het begrotingsjaar 2015

(2016/2170(DEC))

Rapporteur voor advies: Petr Ježek

SUGGESTIES

De Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken verzoekt de ten principale bevoegde Commissie begrotingscontrole onderstaande suggesties in haar ontwerpresolutie op te nemen:

1.  is tevreden met de conclusies van de Rekenkamer dat de jaarrekeningen van Eurojust een correcte weergave zijn van de financiële stand van zaken op 31 december 2015, en dat zijn transacties wettig en regelmatig zijn;

2.  moedigt Eurojust aan bij wijze van prioriteit door te gaan met het bestrijden van terrorisme, mensenhandel en -smokkel, en cybermisdaad; juicht het toe dat de lidstaten steeds meer gebruik maken van coördinatiebijeenkomsten en -centra, en dat zij waardering hebben voor de toenemende participatie van derde landen in gemeenschappelijke onderzoeksteams; juicht het toe dat de lidstaten Eurojust steeds vaker om bijstand vragen (in 23 % méér gevallen dan in 2014); is van mening dat de begroting van Eurojust dienovereenkomstig moet worden verhoogd; wijst op het hoge uitvoeringspercentage (99,86 %) van de begroting van Eurojust (33,818 miljoen EUR) in 2015;

3.  betreurt dat Eurojust in zijn jaarverslag 2015 heeft gesteld dat corruptie niet tot de Uniale prioriteiten behoort; wijst erop dat deze bewering werd weerlegd door de 90 corruptiezaken waarvoor, volgens het jaarverslag van Eurojust, de deskundigheid van Eurojust in 2015 werd ingeroepen (twee keer zo veel als in 2014); erkent dat Griekenland, Roemenië en Kroatië de lidstaten zijn die het vaakst een verzoek indienden omtrent met corruptie samenhangende zaken;

4.  betreurt het dat Eurojust als gevolg van structurele financieringsmoeilijkheden problemen had op het gebied van de beschikbaarheid van financiële middelen; betreurt het dat deze financiële onzekerheid Eurojust gedwongen heeft een aantal van zijn lopende activiteiten op te schorten en belangrijke technologische ontwikkelingen op de wat langere baan te schuiven; vraagt Eurojust en de Commissie deze bekende structurele problemen op te lossen en voor een goed niveau van financiering voor de komende jaren te zorgen;

5.  stelt vast een hoog percentage vastleggingskredieten voor administratieve uitgaven werd overgedragen (21 %); is zich ervan bewust dat dit voornamelijk het resultaat was van onzekerheid met betrekking tot de begroting; betreurt het dat dit tot problemen heeft geleid met de uitvoering van specifieke contracten voor veiligheids- en ontvangstdiensten, ict-projecten, de aanschaf van hardware en onderhoud, alsook van overeenkomsten voor adviezen en projectkosten voor het/de nieuwe gebouw(en); juicht het toe dat Eurojust zich ondanks de problemen blijft inzetten voor het voorkomen van ongerechtvaardigde overdrachten;

6.  betreurt dat het bestuur en de leden van het onafhankelijke gemeenschappelijk controleorgaan hun belangenverklaringen niet openbaar hebben gemaakt; dringt aan op de onmiddellijke openbaarmaking van deze verklaringen; dringt er bij Eurojust op aan een praktische handleiding voor institutioneel beheer en een voor belangenconflicten op te stellen, overeenkomstig de door de Commissie in december 2013 gepubliceerde richtsnoeren, en duidelijke regels tegen "draaideurpraktijken" vast te stellen; herinnert Eurojust eraan dat het interne bindende regels vast moet stellen voor de bescherming van klokkenluiders, overeenkomstig artikel 22 ter van het statuut van de ambtenaren van de Europese Unie, dat op 1 januari 2014 in werking is getreden.

UITSLAG VAN DE EINDSTEMMINGIN DE MEDEADVISERENDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

9.2.2017

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

38

2

3

Bij de eindstemming aanwezige leden

Heinz K. Becker, Michał Boni, Caterina Chinnici, Agustín Díaz de Mera García Consuegra, Tanja Fajon, Kinga Gál, Ana Gomes, Nathalie Griesbeck, Sylvie Guillaume, Jussi Halla-aho, Monika Hohlmeier, Eva Joly, Dietmar Köster, Barbara Kudrycka, Cécile Kashetu Kyenge, Marju Lauristin, Juan Fernando López Aguilar, Monica Macovei, Roberta Metsola, Péter Niedermüller, Soraya Post, Judith Sargentini, Birgit Sippel, Csaba Sógor, Sergei Stanishev, Helga Stevens, Traian Ungureanu, Bodil Valero, Marie-Christine Vergiat, Udo Voigt, Josef Weidenholzer, Kristina Winberg, Tomáš Zdechovský

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Petr Ježek, Jeroen Lenaers, Nadine Morano, Morten Helveg Petersen, Emil Radev, Barbara Spinelli, Anders Primdahl Vistisen, Axel Voss

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Josu Juaristi Abaunz, Georg Mayer

INFORMATIE OVER DE GOEDKEURINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

22.3.2017

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

24

5

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Inés Ayala Sender, Dennis de Jong, Tamás Deutsch, Martina Dlabajová, Luke Ming Flanagan, Ingeborg Gräßle, Cătălin Sorin Ivan, Jean-François Jalkh, Bogusław Liberadzki, Monica Macovei, Notis Marias, Georgi Pirinski, José Ignacio Salafranca Sánchez-Neyra, Petri Sarvamaa, Claudia Schmidt, Bart Staes, Hannu Takkula, Derek Vaughan, Joachim Zeller

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Richard Ashworth, Gerben-Jan Gerbrandy, Benedek Jávor, Karin Kadenbach, Julia Pitera, Patricija Šulin

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Raymond Finch, Jens Geier, Piernicola Pedicini, Janusz Zemke

HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

24

+

ALDE

ECR

GUE/NGL

PPE

S&D

VERTS/ALE

Martina Dlabajová, Gerben-Jan Gerbrandy, Hannu Takkula

Monica Macovei

Luke Ming Flanagan, Dennis de Jong

Tamás Deutsch, Ingeborg Gräßle, Julia Pitera, José Ignacio Salafranca Sánchez-Neyra, Petri Sarvamaa, Claudia Schmidt, Joachim Zeller, Patricija Šulin

Inés Ayala Sender, Jens Geier, Cătălin Sorin Ivan, Karin Kadenbach, Bogusław Liberadzki, Georgi Pirinski, Derek Vaughan, Janusz Zemke

Benedek Jávor, Bart Staes

5

-

ECR

EFDD

ENF

Richard Ashworth, Notis Marias

Raymond Finch, Piernicola Pedicini

Jean-François Jalkh

0

0

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

(1)

PB C 449 van 1.12.2016, blz. 193.

(2)

PB C 449 van 1.12.2016, blz. 193.

(3)

PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.

(4)

PB L 63 van 6.3.2002, blz. 1.

(5)

PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.

(6)

PB C 449 van 1.12.2016, blz. 193.

(7)

PB C 449 van 1.12.2016, blz. 193.

(8)

PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.

(9)

PB L 63 van 6.3.2002, blz. 1.

(10)

PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.

(11)

Aangenomen teksten van die datum, P[8_TA(-PROV)(2017)0000].

Juridische mededeling - Privacybeleid