Procedure : 2017/2079(BUD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0248/2017

Ingediende teksten :

A8-0248/2017

Debatten :

Stemmingen :

PV 04/07/2017 - 6.3

Aangenomen teksten :

P8_TA(2017)0277

VERSLAG     
PDF 546kWORD 65k
29.6.2017
PE 606.014v02-00 A8-0248/2017

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (aanvraag van Spanje – EGF/2017/001 ES/Castilla y León winning van delfstoffen)

(COM(2017)0266 – C8-0174/2017 – 2017/2079(BUD))

Begrotingscommissie

Rapporteur: Monika Vana

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
 TOELICHTING
 BIJLAGE: BRIEF VAN DE COMMISSIE WERKGELEGENHEID EN SOCIALE ZAKEN
 BIJLAGE: BRIEF VAN DE COMMISSIE REGIONALE ONTWIKKELING
 INFORMATIE OVER DE GOEDKEURINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (aanvraag van Spanje – EGF/2017/001 ES/Castilla y León winning van delfstoffen)(COM(2017)0266 – C8-0174/2017 – 2017/2079(BUD))

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2017)0266 – C8-0174/2017),

–  gezien Verordening (EU) nr. 1309/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 betreffende het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (2014-2020) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1927/2006(1) (EFG-verordening),

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(2), en met name artikel 12,

–  gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer (IIA van 2 december 2013)(3), en met name punt 13,

–  gezien de trialoogprocedure als bedoeld in punt 13 van het IIA van 2 december 2013,

–  gezien de brief van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken,

–  gezien de brief van de Commissie regionale ontwikkeling,

–  gezien het verslag van de Begrotingscommissie (A8-0248/2017),

A.  overwegende dat de Unie wetgevings- en begrotingsinstrumenten in het leven heeft geroepen om extra steun te geven aan werknemers die de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen of de wereldwijde financiële en economische crisis ondervinden, en hen te helpen bij hun terugkeer op de arbeidsmarkt;

B.  overwegende dat financiële steun van de Unie aan ontslagen werknemers flexibel moet zijn en zo snel en efficiënt mogelijk ter beschikking moet worden gesteld, overeenkomstig de gezamenlijke verklaring van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie die is goedgekeurd tijdens het overleg van 17 juli 2008, en met inachtneming van het IIA van 2 december 2013 met betrekking tot het nemen van besluiten om gebruik te maken van het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG);

C.  overwegende dat de vaststelling van de nieuwe EFG-verordening vorm geeft aan de overeenkomst tussen het Parlement en de Raad om het criterium "crisisafwijking" opnieuw in te voeren, de financiële bijdrage van de Unie te verhogen tot 60 % van de totale geraamde kosten van de voorgestelde maatregelen, de efficiëntie voor de behandeling van EFG-aanvragen in de Commissie en door het Parlement en de Raad te verhogen door de termijn voor beoordeling en goedkeuring te verkorten, de subsidiabele maatregelen en begunstigden uit te breiden door zelfstandigen en jongeren toe te voegen en stimuleringsmaatregelen voor de oprichting van een eigen bedrijf te financieren;

D.  overwegende dat Spanje aanvraag EGF/2017/001 ES/Castilla y León heeft ingediend voor een financiële bijdrage van het EFG naar aanleiding van ontslagen in de economische sector die is ingedeeld in NACE Rev. 2 – afdeling 5 (Winning van steenkool en bruinkool) in de regio's van NUTS-niveau 2 van Castilla y León (ES41), en overwegende dat 339 ontslagen werknemers en maximaal 125 jongeren die geen werk hebben en evenmin onderwijs of een opleiding volgen (NEET's) van jonger dan 30, naar verwachting zullen deelnemen aan de maatregelen; overwegende dat de ontslagen zijn gevallen bij Hullera Vasco Leonesa SA, Centro de Investigación y Desarrollo SA, Hijos de Baldomero García SA, Minas del Bierzo Alto SL en Unión Minera del Norte SA;

E.  overwegende dat de aanvraag was ingediend in het kader van de in artikel 4, lid 2, van de EFG-verordening, vastgelegde criteria voor steunverlening, in afwijking van de in artikel 4, lid 1, onder b), vastgelegde subsidiabiliteitscriteria, waarin wordt bepaald dat binnen een referentieperiode van negen maanden ten minste 500 werknemers gedwongen moeten zijn ontslagen in ondernemingen die actief zijn in dezelfde economische sector als bepaald op het niveau van de NACE Rev. 2-afdeling en gelegen zijn in één regio of twee aan elkaar grenzende regio's als bepaald op NUTS 2-niveau;

1.  is het met de Commissie eens dat is voldaan aan de voorwaarden die zijn vastgelegd in artikel 4, lid 2, van de EFG-verordening, en dat Spanje bijgevolg recht heeft op een financiële bijdrage ter hoogte van 1 002 264 EUR, wat overeenkomt met 60 % van de totale kosten van 1 670 440 EUR;

2.  stelt vast dat de Spaanse autoriteiten de aanvraag voor een financiële bijdrage uit het EFG op 20 januari 2017 hebben ingediend, en dat de beoordeling daarvan door de Commissie op 2 juni 2017 is afgerond en op dezelfde dag aan het Parlement is meegedeeld;

3.  herinnert eraan dat de steenkoolproductie in de Unie en de steenkoolprijs wereldwijd de afgelopen tien jaar sterk zijn gedaald, met als gevolg dat de hoeveelheid uit niet-EU-landen ingevoerde steenkool is gestegen en veel Europese steenkoolmijnen niet langer rendabel zijn en tot sluiting worden gedwongen; wijst erop dat deze trends zich zelfs nog nadrukkelijker hebben voorgedaan in Spanje en daar geleid hebben tot reorganisatie en omschakeling van de steenkoolmijnsector; benadrukt dat de werkgelegenheid in de regio Castilla y León zwaar getroffen is door de gevolgen van de crisis in de steenkoolmijnsector en wijst erop dat in de periode 2010-2016 alleen al in Castilla y León tien steenkoolmijnbedrijven hun deuren hebben moeten sluiten;

4.  stelt vast dat Spanje verzoekt om afwijking van artikel 4, lid 1, onder b), op grond van het feit dat het door de ontslagen getroffen gebied bestaat uit een aantal kleine, geïsoleerde dorpen in de afgelegen, dunbevolkte bergvallei in Cantabrië, die grotendeels sterk afhankelijk zijn van de winning van steenkool en te kampen hebben met beperkte connectiviteit en dus kunnen worden beschouwd als kleine arbeidsmarkt in de zin van artikel 4, lid 2;

5.  wijst met name op de zeer geringe bevolkingsdichtheid, de problemen ten gevolge van het bergachtige landschap en de moeilijke werkgelegenheidssituatie in het noorden van de provincie León en de provincie Palencia; uit zijn bezorgdheid over de enorme bevolkingsdaling, die onder personen jonger dan 25 jaar naar verhouding het grootst is;

6.  wijst erop dat de financiële bijdrage bedoeld is voor 339 ontslagen werknemers, waarvan 97 % man is;

7.  is ingenomen met het besluit van Spanje om maximaal 125 NEET's jonger dan 30 jaar individuele dienstverlening te verstrekken die door het EFG wordt medegefinancierd; begrijpt dat deze dienstverlening ook steun zal omvatten aan jongeren die een eigen bedrijf willen starten;

8.  merkt op dat deze maatregelen zullen worden genomen op basis van een studie die wordt uitgevoerd naar het scheppen van banen en productieve activiteiten in de regio Castilla y León, om de initiatieven als bedoeld in dit pakket beter te definiëren;

9.  wijst erop dat Spanje voornemens is zes soorten maatregelen te nemen voor de ontslagen werknemers en NEET's voor wie in deze aanvraag steun wordt aangevraagd: i) algemene voorlichtingsbijeenkomsten, ii) loopbaanbegeleiding en advies, iii) intensieve hulp bij het zoeken naar werk, iv) opleiding over sectoroverschrijdende vaardigheden en competenties, en beroepsopleiding, v) bevordering van ondernemerschap, en vi) hulp bij het opstarten van een bedrijf, alsmede een programma van stimulerende maatregelen;

10.  stelt vast dat de stimulerende maatregelen 19,53 % zullen uitmaken van het totale pakket individuele dienstverlening, hetgeen ruim onder het maximum van 35 % ligt dat is vastgelegd in de EFG-verordening; stelt vast dat deze acties afhankelijk zijn gesteld van de actieve deelname van de beoogde begunstigden aan opleidingsactiviteiten en activiteiten in verband met het zoeken van een baan;

11.  stelt vast dat het opleidingsaanbod workshops zal omvatten over technieken om werk te zoeken, opleiding in persoonlijke en sociale vaardigheden, in informatie- en communicatietechnologieën (ICT) en in vreemde talen en dat bij de beroepsopleiding de nadruk zal komen te liggen op het verbeteren van de vaardigheden op het gebied van mijnbouw die van nut kunnen zijn voor beroepen in andere economische sectoren of op het ontwikkelen van vaardigheden voor andere sectoren, zoals: toerisme en horeca in plattelandsgebieden; milieuherstel in mijnbouwgebieden; herbebossing en landschapsarchitectuur;

12.  is ingenomen met het feit dat het gecoördineerde pakket van individuele dienstverlening is opgesteld na raadpleging, op regionaal niveau, van belanghebbenden, waaronder vakbonden, bedrijfsverenigingen, het regionale agentschap voor economische ontwikkeling, innovatie, financiering en internationalisering van het bedrijfsleven en een openbare stichting die verbonden is aan de regionale openbare dienst voor arbeidsvoorziening, en met het feit dat een beleid van gelijke behandeling van mannen en vrouwen zal worden gehanteerd en het beginsel van non-discriminatie zal worden toegepast, teneinde de toegang tot de door het EFG gefinancierde maatregelen te waarborgen en gedurende de tenuitvoerlegging ervan;

13.  herinnert eraan dat overeenkomstig artikel 7 van de EFG-richtlijn het ontwerp van het gecoördineerde pakket gepersonaliseerde diensten in moet spelen op toekomstige arbeidsmarktperspectieven en de op die markten benodigde vaardigheden, en verenigbaar moet zijn met de overgang naar een grondstoffenefficiënte en duurzame economie;

14.  is verheugd dat als stimulerende maatregel wordt ingevoerd dat verzorgers van afhankelijke personen een bijdrage in de kosten kunnen krijgen, omdat dit naar verwachting een positieve invloed zal hebben op het genderevenwicht; verzoekt de Commissie om gedetailleerde gegevens te verstrekken over het gebruik dat van deze mogelijkheid wordt gemaakt;

15.  herinnert aan de noodzaak de economieën van de Unie snel te transformeren en relevante werkgelegenheid te bevorderen in het licht van de Overeenkomst van Parijs inzake klimaatverandering (COP21);

16.  wijst op het belang van het opzetten van een voorlichtingscampagne om de NEET's te bereiken die mogelijk voor deze maatregelen in aanmerking komen, waarbij de gendergelijkheid waar mogelijk moet worden gewaarborgd;

17.  verzoekt de Commissie om in toekomstige voorstellen meer details te geven over de sectoren met groeipotentieel, waarin dus waarschijnlijk mensen in dienst kunnen worden genomen, alsook onderbouwde gegevens over de impact van de EFG-financiering te verzamelen, waaronder over de kwaliteit van de banen en het herintredingspercentage dat dankzij het EFG bereikt is;

18.  wijst erop dat de Spaanse autoriteiten hebben bevestigd dat voor de subsidiabele maatregelen geen steun uit andere financieringsinstrumenten van de Unie wordt ontvangen en dat dubbele financiering voorkomen zal worden en dat de voorgestelde acties complementair zullen zijn met acties die door de structuurfondsen worden gefinancierd;

19.  herhaalt dat uit het EFG afkomstige steun niet in de plaats mag komen van maatregelen waartoe ondernemingen verplicht zijn krachtens de nationale wetgeving of collectieve overeenkomsten, noch van maatregelen voor de herstructurering van ondernemingen of sectoren;

20.  is ingenomen met het feit dat het interventieplan een monitoringinitiatief zal omvatten, waaraan de sociale actoren kunnen deelnemen, en dat ten doel heeft te waarborgen dat het voorstel ten uitvoer wordt gelegd in overeenstemming met de aanbevelingen uit een studie die, als onderdeel van de maatregelen van het initiatief, uitgevoerd zal worden naar de behoeften op het gebied van beroepsopleiding en mogelijkheden voor activiteiten, en tevens ten doel heeft een goed beheer van de begrotingsmiddelen te waarborgen;

21.  herhaalt zijn oproep aan de Commissie ervoor te zorgen dat alle documenten in verband met EFG-zaken openbaar toegankelijk zijn;

22.  hecht zijn goedkeuring aan het bij deze resolutie gevoegde besluit;

23.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit samen met de voorzitter van de Raad te ondertekenen en zorg te dragen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie;

24.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie, met inbegrip van de bijlage, te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

(1)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 855.

(2)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.

(3)

PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.


BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (aanvraag van Spanje – EGF/2017/001 ES/Castilla y León winning van delfstoffen)

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 1309/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 betreffende het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (2014-2020) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1927/2006(1), en met name artikel 15, lid 4,

Gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(2), en met name punt 13,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)  Het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) heeft tot doel steun te verlenen aan werknemers die werkloos zijn geworden en zelfstandigen die hun werkzaamheden hebben beëindigd als gevolg van uit de globalisering voortvloeiende grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen, doordat de wereldwijde financiële en economische crisis aanhoudt, of door een nieuwe wereldwijde financiële en economische crisis, en hen te helpen om op de arbeidsmarkt terug te keren.

(2)  Zoals vastgesteld in artikel 12 van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad(3) mag het EFG het jaarlijks maximumbedrag van 150 miljoen EUR (prijzen 2011) niet overschrijden.

(3)  Op 20 januari 2017 heeft Spanje een aanvraag ingediend om middelen uit het EFG ter beschikking te stellen voor ontslagen in de economische sector die in de statistische classificatie van economische activiteiten in de Europese Gemeenschap NACE Rev. 2 is ingedeeld in afdeling 5 (Winning van steenkool en bruinkool), in de regio Castilla y León. Spanje heeft overeenkomstig artikel 8, lid 3, van Verordening (EU) nr. 1309/2013 aanvullende gegevens ingediend. De aanvraag voldoet aan de voorwaarden voor een financiële bijdrage uit het EFG overeenkomstig artikel 13 van Verordening (EU) nr. 1309/2013.

(4)  Spanje heeft besloten om door het EFG medegefinancierde individuele dienstverlening overeenkomstig artikel 6, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1309/2013 ook te verlenen aan 125 NEET's (jongeren die geen werk hebben en evenmin onderwijs of een opleiding volgen).

(5)  Aangezien de ontslagen ernstige gevolgen hebben voor de werkgelegenheid en de plaatselijke economie, wordt de aanvraag van Spanje overeenkomstig artikel 4, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1309/2013 als ontvankelijk beschouwd.

(6)  Er moeten dan ook middelen uit het EFG beschikbaar worden gesteld om een financiële bijdrage van 1 002 264 EUR te leveren met betrekking tot de door Spanje ingediende aanvraag.

(7)  Teneinde zo snel mogelijk middelen uit het EFG ter beschikking te stellen, moet dit besluit van toepassing zijn vanaf de datum waarop het wordt vastgesteld,

HEBBEN HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Ten laste van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2017 wordt een bedrag van 1 002 264 EUR aan vastleggings- en betalingskredieten beschikbaar gesteld uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de dag van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie. Het is van toepassing vanaf [de datum van vaststelling](4)*.

Gedaan te

Voor het Europees Parlement  Voor de Raad

De voorzitter  De voorzitter

(1)

  PB L 347 van 20.12.2013, blz. 855.

(2)

  PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

(3)

  Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020 (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884).

(4)

*  Datum in te voegen door het Parlement vóór de publicatie in het PB.


TOELICHTING

I.  Achtergrond

Het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) is opgericht om extra steun te geven aan werknemers die de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen ondervinden.

Overeenkomstig de bepalingen van artikel 12 van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020(1) en van artikel 15 van Verordening (EU) nr. 1309/2013(2) mag het jaarlijkse maximumbedrag ten behoeve van het fonds niet meer dan 150 miljoen EUR bedragen (prijzen 2011). De benodigde bedragen worden als voorziening opgenomen in de algemene begroting van de Europese Unie.

Overeenkomstig punt 13 van het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer(3) verloopt de procedure om het fonds te activeren als volgt: na een positieve beoordeling van een aanvraag legt de Commissie een voorstel tot beschikbaarstelling van middelen uit het fonds aan de begrotingsautoriteit voor, samen met een bijbehorend overschrijvingsverzoek. Indien geen eensgezindheid bestaat, wordt een trialoogprocedure ingeleid.

II.  De aanvraag van Spanje en het voorstel van de Commissie

Op 2 juni 2017 heeft de Commissie een voorstel goedgekeurd voor een besluit betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG aan Spanje om de terugkeer naar de arbeidsmarkt te steunen van werknemers die gedwongen zijn ontslagen bij 5 mijnbouwbedrijven in NACE Rev. 2 – afdeling 5 (Winning van steenkool en bruinkool) in de regio van NUTS-niveau 2 Castilla y León (ES41) in Spanje.

Ondernemingen en aantal ontslagen tijdens de referentieperiode

Hullera Vasco Leonesa S.A.   (HVL)

227

Centro de Investigación y Desarrollo S.A.   (CIDSA)

68

Hijos de Baldomero García S.A.

7

Minas del Bierzo Alto S.L.

8

Unión Minera del Norte S.A.   (UMINSA)

29

Totaal aantal ondernemingen: 5

Totaal aantal ontslagen:

339

Totaal aantal begunstigden dat in aanmerking komt:

339

Dit is de derde aanvraag die in het kader van de begroting voor 2017 wordt onderzocht en de eerste in de sector "winning van steenkool en bruinkool". Zij heeft betrekking op 339 ontslagen werknemers en maximaal 125 geselecteerde jongeren die geen werk hebben en evenmin onderwijs of een opleiding volgen (NEET's) die jonger zijn dan 30 jaar, en betreft de beschikbaarstelling van een bedrag van in totaal 1 002 264 EUR uit het EFG voor Spanje.

De aanvraag werd op 20 januari 2017 bij de Commissie ingediend, en vóór 17 maart 2017 werd er aanvullende informatie verstrekt. De Commissie heeft haar beoordeling op 2 juni 2017 afgerond en overeenkomstig alle toepasselijke bepalingen van de EFG‑verordening geconcludeerd dat de aanvraag voldoet aan de voorwaarden voor het toekennen van een financiële bijdrage uit het EFG, als bedoeld in artikel 4, lid 2, van de EFG‑verordening.

Aangezien het totale aantal ontslagen werknemers (339) lager is dan het aantal dat in de EFG-verordening is vastgelegd, verzoekt Spanje om een afwijking van de bepalingen van artikel 4, lid 1, onder b), dat bepaalt dat binnen een referentieperiode van negen maanden ten minste 500 werknemers gedwongen moeten zijn ontslagen in ondernemingen die actief zijn in dezelfde economische sector als bepaald op het niveau van de NACE Rev. 2-afdeling en gelegen zijn in één regio of twee aan elkaar grenzende regio's als bepaald op NUTS-niveau 2 in een lidstaat. Het verzoek om de afwijking is gebaseerd op artikel 4, lid 2, op grond van het feit dat het door de ontslagen getroffen mijnbouwgebied bestaat uit een aantal kleine, geïsoleerde dorpen in de afgelegen, dunbevolkte bergvallei in Cantabrië, die grotendeels sterk afhankelijk zijn van de winning van steenkool en te lijden hebben van een beperkte aansluiting en dus kunnen worden beschouwd als kleine arbeidsmarkt.

Bovendien heeft de regio te kampen met een tekort aan vacatures in het mijnbouwgebied en hoge emigratie onder de bevolking in de arbeidsgeschikte leeftijd, hetgeen leidt tot een vertekening van de werkloosheidscijfers, met name voor de jongere leeftijdsgroepen. De meest recente ontslagen dreigen de werkgelegenheidssituatie en de ontvolking van het gebied nog verder te verergeren.

Volgens de Spaanse autoriteiten is de oorzaak van de ontslagen gelegen in grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen als gevolg van de globalisering, in het bijzonder vanwege een drastische daling van bijna 60 % van de wereldwijde prijs van steenkool in de periode van 2005-2015. Deze daling werd veroorzaakt door een zwakke wereldeconomie en de lage vraag naar steenkool naar aanleiding van de vertraging van de industriële productie in Azië en het overaanbod van steenkool in China. Het gevolg was een scherpe daling van de binnenlandse productie en een sterke stijging van de hoeveelheid steenkool die van buiten de EU in Spanje werd ingevoerd, wat leidde tot een aanzienlijk lagere winstgevendheid en de sluiting van veel mijnbouwbedrijven in Spanje. In de regio Castilla y León daalde de steenkoolproductie tussen 2010 en 2015 met 86 %, waardoor in de periode 2010‑2016 tien steenkoolmijnbedrijven in deze regio hun deuren moesten sluiten.

De individuele dienstverlening die aan de ontslagen werknemers wordt aangeboden bestaat uit zes soorten maatregelen: i) algemene voorlichtingsbijeenkomsten, ii) loopbaanbegeleiding en advies, iii) intensieve hulp bij het zoeken naar werk, iv) opleiding over sectoroverschrijdende vaardigheden en competenties, en beroepsopleiding, v) bevordering van ondernemerschap, en vi) hulp bij het opstarten van een bedrijf, alsmede een programma van stimulerende maatregelen.

Volgens de Commissie zijn de beschreven maatregelen actieve arbeidsmarktmaatregelen die behoren tot de in artikel 7 van de EFG‑verordening vastgestelde subsidiabele acties. Deze maatregelen komen niet in de plaats van maatregelen die gericht zijn op passieve sociale bescherming.

De Spaanse autoriteiten hebben op de volgende punten de nodige garanties geboden:

–  bij de toegang tot de voorgestelde acties en hun uitvoering zullen de beginselen van gelijke behandeling en non-discriminatie worden gerespecteerd;

–  aan de voorschriften van de nationale en EU‑wetgeving betreffende collectieve ontslagen is voldaan;

–  de ondernemingen waar de ontslagen zijn gevallen die hun activiteiten hebben voortgezet, zijn hun wettelijke verplichtingen bij ontslagen nagekomen en hebben voor hun werknemers dienovereenkomstig de nodige maatregelen getroffen;

–  de voorgestelde maatregelen zullen geen financiële steun ontvangen van andere fondsen of financiële instrumenten van de Unie, en dubbele financiering zal worden voorkomen;

–  de voorgestelde maatregelen zullen complementair zijn met acties die door de structuurfondsen worden gefinancierd;

–  de financiële bijdrage van het EFG zal voldoen aan de procedurele en materiële EU‑regels inzake overheidssteun.

Spanje heeft de Commissie medegedeeld dat financiering van de autonome regio Castilla y León de bron is van nationale voor- of medefinanciering. De financiële bijdrage zal worden beheerd en gecontroleerd door dezelfde instanties die ook verantwoordelijk zijn voor het Europees Sociaal Fonds (ESF).

III.  Procedure

Om middelen uit het fonds te kunnen inzetten, heeft de Commissie de begrotingsautoriteit een overschrijvingsverzoek doen toekomen voor een totaalbedrag van 1 002 264 EUR uit de EFG-reserve (40 02 43) naar de EFG-begrotingslijn (04 04 01).

Dit is het derde overschrijvingsvoorstel betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het fonds dat tot op heden in 2017 naar de begrotingsautoriteit is gezonden.

Indien er geen eensgezindheid bestaat, wordt overeenkomstig artikel 15, lid 4, van de EFG‑verordening de trialoogprocedure ingeleid.

Overeenkomstig een interne afspraak moet de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken bij dit proces worden betrokken, zodat zij op constructieve wijze kan bijdragen aan de beoordeling van de aanvragen voor steun uit het EFG.

(1)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.

(2)

PB L 347 van 20.12.2013, blz. 855.

(3)

PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.


BIJLAGE: BRIEF VAN DE COMMISSIE WERKGELEGENHEID EN SOCIALE ZAKEN

D(2017)25522

De heer Jean Arthuis

Voorzitter van de Begrotingscommissie

ASP 09G205

Betreft: Advies inzake de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) in dossier EGF/2017/001 ES/Winning van delfstoffen Castilla y León

Geachte voorzitter,

De Commissie werkgelegenheid en sociale zaken (EMPL) en haar werkgroep EFG hebben de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG in dossier EGF/2017/001 ES/Winning van delfstoffen Castilla y León onderzocht en het volgende advies goedgekeurd.

De Commissie EMPL en haar werkgroep zijn voorstander van de beschikbaarstelling van middelen uit het fonds voor het verlangde doel. De commissie formuleert in dit verband een aantal opmerkingen, zonder evenwel de betaling ter discussie te stellen.

Bij haar beraadslagingen is de commissie uitgegaan van de volgende overwegingen:

A)  overwegende dat de aanvraag gebaseerd is op artikel 4, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1309/2013 (EFG‑verordening) en betrekking heeft op 339 werknemers die werden ontslagen bij vijf ondernemingen in de economische sectoren ingedeeld in NACE Rev. 2 – afdeling 5 – Winning van steenkool en bruinkool;

B)  overwegende dat Spanje het verband legt tussen de ontslagen en de grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen ingevolge de globalisering met het argument dat de Europese steenkoolindustrie in toenemende mate te lijden heeft onder concurrentie van goedkopere steenkool uit niet-Europese landen; overwegende dat dit in de periode 2005-2015 bleek uit een afname van de EU-productie met 26,9 % terwijl de mondiale productie in diezelfde periode met nagenoeg hetzelfde percentage toenam;

C)  overwegende dat 96,8 % van de werknemers waarop de maatregelen betrekking hebben man is, en 3,2 % vrouw; overwegende dat 96,2 % van de beoogde begunstigden tussen de 30 en 54 jaar oud is, 1,8 % tussen de 25 en 29 jaar oud en 2 % tussen de 55 en 64 jaar oud;

Daarom verzoekt de Commissie EMPL de ten principale bevoegde Begrotingscommissie onderstaande suggesties in haar ontwerpresolutie over de Spaanse aanvraag op te nemen:

1.  benadrukt dat het mijnbouwgebied Castilla y León zich grotendeels uitstrekt over afgelegen, dunbevolkte bergvalleien die sterk afhankelijk zijn van de winning van steenkool; is derhalve van mening dat de aanvraag volledig voldoet aan de criteria voor steunverlening zoals vastgesteld in artikel 4, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1309/2013;

2.  is het met de Commissie eens dat Spanje bijgevolg recht heeft op een financiële bijdrage ter hoogte van 1 002 264 EUR, wat overeenkomt met 60 % van de totale kosten van 1 670 440 EUR;

3.  merkt op dat de Commissie de termijn van twaalf weken na de ontvangst van de volledige aanvraag van de Spaanse autoriteiten heeft gerespecteerd, aangezien zij haar beoordeling van de naleving van de voorwaarden voor het verlenen van een financiële bijdrage op vrijdag 2 juni 2017 afrondde en het Parlement hiervan diezelfde dag nog in kennis stelde;

4.  wijst met name op de zeer geringe bevolkingsdichtheid, de problemen ten gevolge van het bergachtige landschap en de moeilijke werkgelegenheidssituatie in het noorden van de provincie León en de provincie Palencia; uit zijn bezorgdheid over de enorme bevolkingsdaling, die onder personen jonger dan 25 jaar naar verhouding het grootst is;

5.  verzoekt de Commissie bijzondere aandacht te schenken aan de vraag of het nodig is om handelsbeschermingsmaatregelen tegen steenkoolproducenten uit landen buiten de EU vast te stellen;

6.  is ingenomen met het besluit van Spanje om aan maximaal 125 jongeren onder de 30 jaar die geen werk hebben en evenmin onderwijs of een opleiding volgen (NEETs), individuele, door het EFG gecofinancierde dienstverlening aan te bieden; begrijpt dat dit aanbod ook steun zal omvatten aan jongeren die een eigen bedrijf willen starten;

7.  stelt vast dat het opleidingsaanbod workshops zal omvatten over methoden om werk te zoeken, opleiding in persoonlijke en sociale vaardigheden, in informatie- en communicatietechnologieën (ICT) en in vreemde talen en dat bij de beroepsopleiding de nadruk zal komen te liggen op het verbeteren van de vaardigheden op het gebied van mijnbouw die van nut kunnen zijn voor beroepen in andere economische sectoren of op het ontwikkelen van vaardigheden voor andere sectoren, zoals: toerisme en horeca in plattelandsgebieden; milieuherstel in mijnbouwgebieden; herbebossing en landschapsarchitectuur;

8.  wijst erop dat de door het EFG gecofinancierde individuele dienstverlening voor de ontslagen werknemers het volgende omvat: algemene voorlichtingsbijeenkomsten; beroepsbegeleiding en -advies; intensieve hulp bij het zoeken naar werk; opleiding; bevordering van ondernemerschap; hulp bij het starten van een bedrijf; stimuleringsmaatregelen;

9.  is verheugd dat als stimulerende maatregel wordt ingevoerd dat verzorgers van afhankelijke personen een bijdrage in de kosten kunnen krijgen, omdat dit naar verwachting een positieve invloed zal hebben op het genderevenwicht; verzoekt de Commissie om gedetailleerde gegevens te verstrekken over het gebruik dat van deze mogelijkheid wordt gemaakt;

10.  is ingenomen met het feit dat het gecoördineerde pakket van individuele dienstverlening is opgesteld na raadpleging, op regionaal niveau, van belanghebbenden, waaronder vakbonden, bedrijfsverenigingen, het regionale agentschap voor economische ontwikkeling, innovatie, financiering en internationalisering van het bedrijfsleven en een openbare stichting die verbonden is aan de regionale openbare dienst voor arbeidsvoorziening;

11.  stelt vast dat de stimulerende maatregelen 19,53 % zullen uitmaken van het totale pakket van individuele dienstverlening, hetgeen ruim onder het maximum van 35 % ligt dat is vastgelegd in de verordening; stelt vast dat deze acties afhankelijk zijn gesteld van de actieve deelname van de beoogde begunstigden aan opleidingsactiviteiten en activiteiten in verband met het zoeken van een baan;

12.  wijst erop dat de Spaanse autoriteiten garanties hebben geboden dat voor de voorgestelde maatregelen geen financiële steun uit andere fondsen of financieringsinstrumenten van de Unie zal worden ontvangen, dat dubbele ondersteuning zal worden voorkomen en dat de maatregelen een aanvulling zullen vormen op maatregelen gefinancierd door de structuurfondsen;

13.  verheugt zich over het feit dat Spanje heeft bevestigd dat financiële steun uit het EFG niet in de plaats zal komen van maatregelen die de betrokken onderneming moet nemen krachtens de nationale wetgeving of uit hoofde van collectieve arbeidsovereenkomsten;

14.  herinnert eraan dat in artikel 7 van de verordening is bepaald dat bij het samenstellen van het gecoördineerde pakket van individuele dienstverlening rekening moet worden gehouden met de toekomstperspectieven op de arbeidsmarkt en de vereiste vaardigheden, en dat het gecoördineerde pakket gericht moet zijn op de overgang naar een grondstofefficiënte en duurzame economie.

Hoogachtend,

Thomas HÄNDEL

Voorzitter EMPL


BIJLAGE: BRIEF VAN DE COMMISSIE REGIONALE ONTWIKKELING

De heer Jean ARTHUIS

Voorzitter

Begrotingscommissie

Europees Parlement

Betreft:  Beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering

Mijnheer de voorzitter,

Een voorstel van de Commissie voor een besluit betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) is voor advies doorverwezen naar de Commissie regionale ontwikkeling. Ik heb begrepen dat het de bedoeling is dat op 29 juni 2017 een verslag over dit voorstel in de Begrotingscommissie wordt goedgekeurd:

-  In COM(2017)0266 wordt voorgesteld uit het EFG een financiële bijdrage van 1 002 264 EUR beschikbaar te stellen voor 339 werknemers die gedwongen ontslagen zijn in de economische sector die is ingedeeld in NACE Rev. 2-afdeling 5 (Winning van steenkool en bruinkool). De ontslagen zijn gevallen in de regio van NUTS-niveau 2 Castilla y León (ES41).

De regels die van toepassing zijn op de financiële bijdragen uit het EFG zijn vastgesteld in Verordening (EU) nr. 1309/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 betreffende het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering (2014-2020) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1927/2006.

De commissiecoördinatoren hebben dit voorstel besproken en mij verzocht u te schrijven dat de meerderheid in deze commissie geen bezwaar heeft tegen de beschikbaarstelling van het voornoemde bedrag uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering, zoals door de Commissie voorgesteld.

Hoogachtend,

Iskra MIHAYLOVA


INFORMATIE OVER DE GOEDKEURINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

29.6.2017

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

24

2

1

Bij de eindstemming aanwezige leden

Nedzhmi Ali, Jonathan Arnott, Jean Arthuis, Richard Ashworth, Reimer Böge, Lefteris Christoforou, Gérard Deprez, Manuel dos Santos, José Manuel Fernandes, Eider Gardiazabal Rubial, Esteban González Pons, Clare Moody, Siegfried Mureşan, Jan Olbrycht, Younous Omarjee, Paul Rübig, Patricija Šulin, Indrek Tarand, Isabelle Thomas, Inese Vaidere, Tiemo Wölken

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Xabier Benito Ziluaga, Nicola Caputo, Anneli Jäätteenmäki, Ivana Maletić, Stanisław Ożóg, Tomáš Zdechovský


HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

24

+

ALDE

Nedzhmi Ali, Jean Arthuis, Gérard Deprez, Anneli Jäätteenmäki

GUE/NGL

Xabier Benito Ziluaga, Younous Omarjee

PPE

Reimer Böge, Lefteris Christoforou, José Manuel Fernandes, Esteban González Pons, Ivana Maletić, Siegfried Mureşan, Jan Olbrycht,Paul Rübig Inese Vaidere, Tomáš Zdechovský, Patricija Šulin

S&D

Nicola Caputo, Eider Gardiazabal Rubial, Clare Moody, Isabelle Thomas, Tiemo Wölken, Manuel dos Santos

Verts/ALE

Indrek Tarand

2

-

ECR

Richard Ashworth

EFDD

Jonathan Arnott

1

0

ECR

Stanisław Ożóg

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

Juridische mededeling - Privacybeleid