VERSLAG over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van voorschriften inzake het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1069/2009 en (EG) nr. 1107/2009

25.7.2017 - (COM(2016)0157 – C8-0123/2016 – 2016/0084(COD)) - ***I

Commissie interne markt en consumentenbescherming
Rapporteur: Ildikó Gáll-Pelcz
Rapporteurs voor advies (*):
Elisabetta Gardini, Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid
Jan Huitema, Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling
(*) Procedure met medeverantwoordelijke commissies – Artikel 54 van het Reglement


Procedure : 2016/0084(COD)
Stadium plenaire behandeling

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van voorschriften inzake het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1069/2009 en (EG) nr. 1107/2009

(COM(2016)0157 – C8-0123/2016 – 2016/0084(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2016)0157),

–  gezien artikel 294, lid 2, en artikel 114 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C8-0123/2016),

–  gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité[1],

–  gezien artikel 59 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie interne markt en consumentenbescherming en de adviezen van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid, de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling en de Commissie internationale handel (A8-0270/2017),

1.  stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;

2.  verzoekt om hernieuwde voorlegging indien de Commissie voornemens is ingrijpende wijzigingen in haar voorstel aan te brengen of dit door een nieuwe tekst te vervangen;

3.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

Amendement    1

Voorstel voor een verordening

Titel

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD tot vaststelling van voorschriften inzake het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1069/2009 en (EG) nr. 1107/2009

Voorstel voor een VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD tot vaststelling van voorschriften inzake het op de markt aanbieden van plantenvoedingsproducten met CE-markering en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1069/2009 en (EG) nr. 1107/2009

 

(Deze wijziging van "bemestingsproducten" in "plantenvoedingsproducten" is van toepassing op de gehele tekst. Bij aanneming van dit amendement moet deze wijziging in de gehele tekst en bijgevolg ook in de aangenomen amendementen worden doorgevoerd.)

Amendement    2

Voorstel voor een verordening

Overweging 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(1)  De voorwaarden voor het aanbieden van meststoffen op de interne markt werden gedeeltelijk geharmoniseerd door Verordening (EG) nr. 2003/2003 van het Europees Parlement en de Raad15, die vrijwel uitsluitend betrekking heeft op meststoffen bestaande uit gedolven of chemisch vervaardigde, anorganische materialen. Er bestaat ook een noodzaak om voor bemesting gebruik te maken van gerecycleerde of organische materialen. Om een krachtige stimulans te bieden voor het verdere gebruik van meststoffen vervaardigd uit gerecycleerde of organische materialen, moeten geharmoniseerde voorwaarden worden vastgesteld voor het op de gehele interne markt aanbieden ervan. De reikwijdte van de harmonisatie moet daarom worden uitgebreid tot gerecycleerde en organische materialen.

(1)  De voorwaarden voor het aanbieden van meststoffen op de interne markt werden gedeeltelijk geharmoniseerd door Verordening (EG) nr. 2003/2003 van het Europees Parlement en de Raad15, die vrijwel uitsluitend betrekking heeft op meststoffen bestaande uit gedolven of chemisch vervaardigde, minerale materialen. Er bestaat ook een noodzaak om voor bemesting gebruik te maken van gerecycleerde of organische materialen. Om een krachtige stimulans te bieden voor het verdere gebruik van meststoffen vervaardigd uit gerecycleerde of organische materialen, moeten geharmoniseerde voorwaarden worden vastgesteld voor het op de gehele interne markt aanbieden ervan. De bevordering van het gebruik van gerecycleerde nutriënten draagt verder bij aan de ontwikkeling van de circulaire economie, maakt een hulpbronnenefficiënter gebruik van nutriënten mogelijk, en zorgt er tevens voor dat de Unie minder afhankelijk wordt van nutriënten uit derde landen. De reikwijdte van de harmonisatie moet daarom worden uitgebreid tot gerecycleerde en organische materialen.

_________________

_________________

15Verordening (EG) nr. 2003/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 2003 inzake meststoffen (PB L 304 van 21.11.2003, blz. 1).

15 Verordening (EG) nr. 2003/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 2003 inzake meststoffen (PB L 304 van 21.11.2003, blz. 1).

 

(Dit amendement heeft tevens betrekking op een horizontale technische wijziging betreffende de term "anorganisch", die gewijzigd wordt in "mineraal"; bij aanneming van dit amendement moet deze term in de gehele tekst worden gewijzigd en bijgevolg ook in de aangenomen amendementen.)

Amendement    3

Voorstel voor een verordening

Overweging 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 bis)  De nutriënten in voedingsmiddelen zijn afkomstig uit de bodem; een gezonde en voedingrijke bodem resulteert in gezonde en voedingrijke gewassen en voedingsmiddelen. Landbouwers moeten over een uitgebreid gamma aan meststoffen van zowel organische als synthetische aard kunnen beschikken om hun bodem te kunnen verbeteren. Wanneer de bodem een gebrek aan bepaalde nutriënten vertoont of deze zijn uitgeput, zijn de gewassen gekenmerkt door een tekort aan nutriënten, waardoor zij mogelijk niet meer groeien of geen voedingswaarde hebben voor de mens.

Amendement     4

Voorstel voor een verordening

Overweging 5 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(5 bis)  Om een doeltreffend gebruik van dierlijke mest en op het eigen landbouwbedrijf verkregen compost te waarborgen, dienen landbouwers producten te gebruiken die het concept van "verantwoorde landbouw" in acht nemen, waarbij de voorkeur uitgaat naar lokale distributiekanalen en goede agronomische en milieupraktijken, en die in overeenstemming zijn met de milieuwetgeving van de Unie, zoals de nitratenrichtlijn of de kaderrichtlijn water. Het preferentiële gebruik van meststoffen die op het eigen of op naburige landbouwbedrijven zijn geproduceerd, moet worden aangemoedigd.

Amendement    5

Voorstel voor een verordening

Overweging 6 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(6 bis)  Een bemestingsproduct met CE-markering kan meer dan een van de functies hebben die zijn beschreven in de productfunctiecategorieën van deze verordening. Indien een bewering wordt gedaan over slechts één van deze functies, moet het volstaan dat het product voldoet aan de eisen van de productfunctiecategorie waarin de aangegeven functie wordt beschreven. Wordt daarentegen een bewering gedaan over meer dan een van deze functies, dan moet het desbetreffende bemestingsproduct met CE-markering worden beschouwd als een combinatie van twee of meer samenstellende bemestingsproducten, en moet worden vereist dat elk samenstellend bemestingsproduct voldoet aan de functievereisten. Er dient dan ook een specifieke productfunctiecategorie te worden ingevoerd voor dergelijke combinaties.

Amendement    6

Voorstel voor een verordening

Overweging 6 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(6 ter)  Een fabrikant die gebruikmaakt van een of meer bemestingsproducten met CE-markering die reeds zijn onderworpen aan een door die fabrikant of een andere fabrikant uitgevoerde conformiteitsbeoordeling, mag zich baseren op die conformiteitsbeoordeling. Teneinde de administratieve lasten tot een minimum te beperken, moet het resulterende bemestingsproduct met CE-markering tevens worden beschouwd als een combinatie van twee of meer samenstellende bemestingsproducten, en moeten de aanvullende conformiteitseisen voor de combinatie worden beperkt tot de aspecten naar aanleiding van het mengen.

Amendement    7

Voorstel voor een verordening

Overweging 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(8)  Contaminanten in bemestingsproducten met CE-markering, zoals cadmium, zijn mogelijk een risico voor de gezondheid van mens en dier en voor het milieu, aangezien zij zich opstapelen in het milieu en in de voedselketen terechtkomen. Het gehalte aan contaminanten in dergelijke producten moet derhalve worden beperkt. Verder moeten onzuiverheden in van bioafval afgeleide bemestingsproducten met CE-markering, in het bijzonder polymeren, maar ook metaal en glas, worden voorkomen of beperkt voor zover dat technisch mogelijk is door middel van opsporing van dergelijke onzuiverheden in gescheiden ingezameld bioafval voor het wordt verwerkt.

(8)  Contaminanten in bemestingsproducten met CE-markering, indien deze laatste niet correct worden gebruikt, zoals cadmium, zijn mogelijk een risico voor de gezondheid van mens en dier en voor het milieu, aangezien zij zich opstapelen in het milieu en in de voedselketen terechtkomen. Het gehalte aan contaminanten in dergelijke producten moet derhalve worden beperkt. Verder moeten onzuiverheden in van bioafval afgeleide bemestingsproducten met CE-markering, in het bijzonder polymeren, maar ook metaal en glas, worden voorkomen of beperkt voor zover dat technisch mogelijk is door middel van opsporing van dergelijke onzuiverheden in gescheiden ingezameld bioafval voor het wordt verwerkt.

Amendement    8

Voorstel voor een verordening

Overweging 8 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 bis)  Lidstaten die reeds strengere nationale grenswaarden voor cadmium in meststoffen hebben ingevoerd, moeten de mogelijkheid krijgen die grenswaarden te behouden totdat de rest van de Unie een gelijkwaardig ambitieniveau bereikt.

Amendement    9

Voorstel voor een verordening

Overweging 8 ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 ter)  Om te bevorderen dat de fosfaatbemestingsproducten in overeenstemming zijn met de eisen van deze verordening en innovatie te stimuleren, moeten er voldoende stimulansen worden geboden voor de ontwikkeling van desbetreffende technologie, in het bijzonder technologie om cadmium te verwijderen, alsook voor het beheer van gevaarlijk afval met een hoog cadmiumgehalte, met behulp van de financiële middelen die beschikbaar zijn in het kader van Horizon 2020, LIFE-programma's, het ondersteuningsplatform voor financiering op het gebied van de circulaire economie, via de Europese Investeringsbank (EIB) en in voorkomend geval andere financieringsinstrumenten. De Commissie moet jaarlijks verslag uitbrengen aan het Europees Parlement en de Raad over de stimulansen en de Uniefinanciering die zijn geboden voor het verwijderen van cadmium.

Amendement    10

Voorstel voor een verordening

Overweging 9

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(9)  Producten die aan alle eisen van deze verordening voldoen, moeten worden toegelaten tot het vrije verkeer op de interne markt. Wanneer een of meer bestanddelen van een bemestingsproduct met CE-markering onder Verordening (EG) nr. 1069/2009 van het Europees Parlement en de Raad18 vallen, maar een punt in de productieketen bereiken waarna zij niet langer een significant risico voor de volksgezondheid of de diergezondheid inhouden (het "eindpunt in de productieketen"), zou het een onnodige administratieve last zijn om de bepalingen van die verordening op het product te blijven toepassen. Dergelijke bemestingsproducten moeten derhalve van de verplichtingen van die verordening worden vrijgesteld. Verordening (EG) nr. 1069/2009 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(9)  Bemestingsproducten met CE-markering die aan alle eisen van deze verordening voldoen, moeten worden toegelaten tot het vrije verkeer op de interne markt. Wanneer een of meer bestanddelen een afgeleid product vormen dat onder Verordening (EG) nr. 1069/2009 van het Europees Parlement en de Raad18 valt, maar een punt in de productieketen hebben bereikt waarna zij niet langer een risico voor de volksgezondheid of de diergezondheid inhouden (het "eindpunt in de productieketen"), zou het een onnodige administratieve last zijn om de bepalingen van die verordening op het product te blijven toepassen. Dergelijke bemestingsproducten moeten derhalve van de verplichtingen van die verordening worden vrijgesteld. Verordening (EG) nr. 1069/2009 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

_________________

_________________

18Verordening (EG) nr. 1069/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 tot vaststelling van gezondheidsvoorschriften inzake niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten en afgeleide producten en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1774/2002 (verordening dierlijke bijproducten) (PB L 300 van 14.11.2009, blz. 1).

18Verordening (EG) nr. 1069/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 tot vaststelling van gezondheidsvoorschriften inzake niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten en afgeleide producten en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1774/2002 (verordening dierlijke bijproducten) (PB L 300 van 14.11.2009, blz. 1).

Amendement    11

Voorstel voor een verordening

Overweging 10

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(10)  Voor elk relevant bestanddeel dat dierlijke bijproducten bevat, moet het eindpunt in de productieketen worden vastgesteld overeenkomstig de procedures van Verordening (EG) nr. 1069/2009. Wanneer een door deze verordening gereguleerd productieproces begint voor dat eindpunt is bereikt, moeten de procesvoorschriften van Verordening (EG) nr. 1069/2009 en die van deze verordening cumulatief van toepassing zijn op bemestingsproducten met CE-markering. Dit betekent dat wanneer beide verordeningen dezelfde parameter reguleren, de strengste voorschriften worden toegepast.

(10)  Voor iedere bestanddelencategorie die afgeleide producten in de zin van Verordening (EG) nr. 1069/2009 omvat, moet voor elk relevant bestanddeel dat dierlijke bijproducten bevat het eindpunt in de productieketen worden vastgesteld overeenkomstig de procedures van die verordening. Om voordeel te halen uit technische ontwikkelingen, meer kansen voor producenten en bedrijven te creëren en het potentieel aan te boren van een sterker gebruik van nutriënten uit dierlijke bijproducten, zoals dierlijke mest, dienen onmiddellijk na de inwerkingtreding van deze verordening verwerkingsmethoden en voorschriften inzake nuttige toepassing te worden vastgesteld voor dierlijke bijproducten waarvoor een eindpunt in de productieketen is bepaald. Wanneer het bemestingsproducten betreft die verwerkte dierlijke mest bevatten of daaruit bestaan, moeten er einde-dierlijkemestcriteria worden vastgesteld. Met het oog op de uitbreiding of toevoeging van bestanddelencategorieën, teneinde meer dierlijke bijproducten in de verordening op te nemen, moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie handelingen vast te stellen. Wanneer een dergelijk eindpunt is bereikt voordat het bemestingsproduct met CE-markering in de handel is gebracht, maar nadat het door deze verordening gereguleerde productieproces is begonnen, moeten de procesvoorschriften van Verordening (EG) nr. 1069/2009 en die van deze verordening cumulatief van toepassing zijn op bemestingsproducten met CE-markering. Dit betekent dat wanneer beide verordeningen dezelfde parameter reguleren, de strengste voorschriften worden toegepast.

Amendement    12

Voorstel voor een verordening

Overweging 10 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(10 bis)  Voor dierlijke bijproducten die reeds op grote schaal in de lidstaten worden gebruikt voor de productie van meststoffen dient het eindpunt onverwijld en uiterlijk één jaar na de datum van inwerkingtreding van deze verordening te worden vastgesteld.

Amendement    13

Voorstel voor een verordening

Overweging 12

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(12)  Wanneer een of meer bestanddelen van een bemestingsproduct met CE-markering onder Verordening (EG) nr. 1069/2009 vallen en het eindpunt in de productieketen nog niet hebben bereikt, zou het misleidend zijn als deze verordening in de CE-markering van dat product zou voorzien, aangezien het op de markt aanbieden van dat product onderworpen is aan de voorschriften van Verordening (EG) nr. 1069/2009. Dergelijke producten moeten derhalve van het toepassingsgebied van deze verordening worden uitgesloten.

(12)  Het op de markt aanbieden van een dierlijk bijproduct of een afgeleid product waarvoor geen eindpunt in de productieketen is vastgesteld, of waarvoor het vastgestelde eindpunt nog niet is bereikt op het moment dat het product op de markt wordt aangeboden, is onderworpen aan de voorschriften van Verordening (EG) nr. 1069/2009. Het zou derhalve misleidend zijn als deze verordening in de CE-markering van het product zou voorzien. Producten die dergelijke dierlijke bijproducten of afgeleide producten bevatten of eruit bestaan, moeten derhalve van het toepassingsgebied van deze verordening worden uitgesloten.

Amendement    14

Voorstel voor een verordening

Overweging 13

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(13)  Er is vastgesteld dat er op de markt een vraag bestaat om bepaalde afvalstoffen die nuttig zijn toegepast in de zin van Richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad20 als bemestingsproduct te gebruiken. Om ervoor te zorgen dat het gebruik van die producten niet leidt tot over het geheel genomen ongunstige effecten op het milieu of de menselijke gezondheid, zijn bovendien bepaalde eisen noodzakelijk voor de afvalstoffen die als input worden gebruikt in de nuttige toepassing, voor de verwerkingsprocessen en -technieken, en voor de bemestingsproducten die het resultaat zijn van de nuttige toepassing. Wat bemestingsproducten met CE-markering betreft, moeten die eisen in deze verordening worden vastgesteld. Vanaf het moment waarop aan alle eisen van deze verordening wordt voldaan, mogen die producten dus niet meer als afvalstoffen in de zin van Richtlijn 2008/98/EG worden beschouwd.

(13)  Er is vastgesteld dat er op de markt een vraag bestaat om bepaalde afvalstoffen, zoals struviet, biochar en uit as verkregen producten, die nuttig zijn toegepast in de zin van Richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad20 als bemestingsproduct te gebruiken. Om ervoor te zorgen dat het gebruik van die producten niet leidt tot over het geheel genomen ongunstige effecten op het milieu of de menselijke gezondheid, zijn bovendien bepaalde eisen noodzakelijk voor de afvalstoffen die als input worden gebruikt in de nuttige toepassing, voor de verwerkingsprocessen en -technieken, en voor de bemestingsproducten die het resultaat zijn van de nuttige toepassing. Wat bemestingsproducten met CE-markering betreft, moeten die eisen in deze verordening worden vastgesteld. Vanaf het moment waarop aan alle eisen van deze verordening wordt voldaan, mogen die producten dus niet meer als afvalstoffen in de zin van Richtlijn 2008/98/EG worden beschouwd, en derhalve moeten producten die dergelijke nuttig toegepaste afvalstoffen bevatten of daaruit bestaan op de interne markt kunnen worden gebracht. Onmiddellijk na de inwerkingtreding van deze verordening moet op het niveau van de Unie een aanvang worden gemaakt met de wetenschappelijke analyses en de vaststelling van vereisten inzake nuttige toepassing voor dergelijke producten, teneinde juridische duidelijkheid te garanderen, voordeel te halen uit technische ontwikkelingen en de motivatie onder producenten om meer gebruik te maken van waardevolle afvalstromen verder te stimuleren. Dienovereenkomstig moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie handelingen vast te stellen om zonder onnodige vertraging uitgebreidere of aanvullende bestanddelencategorieën te bepalen die in aanmerking komen voor gebruik in de productie van bemestingsproducten met CE-markering.

_________________

_________________

20 Richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad van 19 november 2008 betreffende afvalstoffen en tot intrekking van een aantal richtlijnen (PB L 312 van 22.11.2008, blz. 3).

20 Richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad van 19 november 2008 betreffende afvalstoffen en tot intrekking van een aantal richtlijnen (PB L 312 van 22.11.2008, blz. 3).

Amendement    15

Voorstel voor een verordening

Overweging 13 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(13 bis)  Bepaalde industriële bijproducten, nevenproducten of gerecycleerde producten afkomstig van specifieke industriële processen worden momenteel door fabrikanten gebruikt als bestanddeel van bemestingsproducten met CE-markering. Voor bestanddelen van bemestingsproducten met CE-markering moeten de eisen in verband met bestanddelencategorieën worden vastgelegd in deze verordening. Vanaf het moment waarop aan alle eisen van deze verordening wordt voldaan, mogen die producten, in voorkomend geval, niet meer als afvalstoffen in de zin van Richtlijn 2008/98/EG worden beschouwd.

Amendement    16

Voorstel voor een verordening

Overweging 14

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(14)  Bepaalde stoffen en mengsels, gewoonlijk aangeduid als agronomische toevoegingsmiddelen, verbeteren het afgiftepatroon van een nutriënt in een meststof. Stoffen en mengsels die op de markt worden aangeboden met de bedoeling om ze om die reden aan bemestingsproducten met CE-markering toe te voegen, moeten op verantwoordelijkheid van de fabrikant van die stoffen en mengsels voldoen aan bepaalde werkzaamheidscriteria en moeten derhalve op grond van deze verordening als bemestingsproducten met CE-markering worden beschouwd. Bovendien moeten voor bemestingsproducten met CE-markering die dergelijke stoffen of mengsels bevatten bepaalde werkzaamheids- en veiligheidscriteria gelden. Dergelijke stoffen en mengsels moeten derhalve ook als bestanddelen voor bemestingsproducten met CE-markering worden gereguleerd.

(14)  Bepaalde stoffen en mengsels, aangeduid als agronomische toevoegingsmiddelen, verbeteren het afgiftepatroon van een nutriënt in een meststof. Stoffen en mengsels die op de markt worden aangeboden met de bedoeling om ze om die reden aan bemestingsproducten met CE-markering toe te voegen, moeten op verantwoordelijkheid van de fabrikant van die stoffen en mengsels voldoen aan bepaalde werkzaamheids-, veiligheids- en milieucriteria en moeten derhalve op grond van deze verordening als bemestingsproducten met CE-markering worden beschouwd. Bovendien moeten voor bemestingsproducten met CE-markering die dergelijke stoffen of mengsels bevatten bepaalde werkzaamheids-, veiligheids- en milieucriteria gelden. Dergelijke stoffen en mengsels moeten derhalve ook als bestanddelen voor bemestingsproducten met CE-markering worden gereguleerd.

Amendement     17

Voorstel voor een verordening

Overweging 14 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(14 bis)  Indien producten die behalve uit bemestingsbestanddelen bestaan uit andere stoffen en mengsels bedoeld zijn om aan de bodem te worden toegevoegd en vrijkomen in het milieu, dienen de conformiteitscriteria van toepassing te zijn op alle materialen waaruit het product is samengesteld, in het bijzonder wanneer zij klein zijn of uiteenvallen in kleine fragmenten die in de bodem en in watersystemen verspreid worden en in de ruimere omgeving kunnen terechtkomen. Daarom moeten criteria inzake biologische afbreekbaarheid en conformiteitstests gelden in realistische in vivo omstandigheden waarin rekening wordt gehouden met verschillende afbraaksnelheden onder anaerobe omstandigheden, in aquatische habitats of onder water, in met water verzadigde omstandigheden of in bevroren grond.

Amendement    18

Voorstel voor een verordening

Overweging 15

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(15)  Bepaalde stoffen, mengsels en micro-organismen, gewoonlijk aangeduid als biostimulanten voor planten, zijn geen nutriënten als zodanig, maar stimuleren wel de voedingsprocessen van planten. Wanneer dergelijke producten als enige doel hebben het gebruik van nutriënten door de plant efficiënter te maken of de tolerantie voor abiotische stress of de kenmerken in verband met de kwaliteit van het gewas te verbeteren, hebben zij in wezen meer gemeen met bemestingsproducten dan met de meeste categorieën gewasbeschermingsmiddelen. Die producten moeten derhalve in aanmerking komen voor CE-markering op grond van deze verordening en uitgesloten worden van het toepassingsgebied van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad21. Verordening (EG) nr. 1107/2009 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(15)  Bepaalde stoffen, mengsels en micro-organismen, aangeduid als biostimulanten voor planten, voegen geen nutriënten als zodanig toe, maar stimuleren wel de natuurlijke voedingsprocessen van planten. Wanneer dergelijke producten als enige doel hebben het gebruik van nutriënten door de plant efficiënter te maken of de tolerantie voor abiotische stress, de kenmerken in verband met de kwaliteit van het gewas of de afbraak van organische bodembestanddelen te verbeteren, of de beschikbaarheid van nutriënten in de rizosfeer te vergroten, hebben zij in wezen meer gemeen met bemestingsproducten dan met de meeste categorieën gewasbeschermingsmiddelen. Hun werking vormt dus een aanvulling op die van meststoffen en is bedoeld om de efficiëntie van meststoffen vergroten zodat er minder nutriënten moeten worden gebruikt. Die producten moeten derhalve in aanmerking komen voor CE-markering op grond van deze verordening en uitgesloten worden van het toepassingsgebied van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad21. Verordening (EG) nr. 1107/2009 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

_________________

_________________

21 Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PB L 309 van 24.11.2009, blz. 1).

21 Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PB L 309 van 24.11.2009, blz. 1).

Amendement    19

Voorstel voor een verordening

Overweging 15 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(15 bis)  Voor micro-organismen moeten de bestanddelencategorieën worden uitgebreid of aangevuld om het innovatieve potentieel van de ontwikkeling en ontdekking van nieuwe microbiële biostimulanten voor planten te garanderen en te vergroten. Om innovatie te stimuleren en rechtszekerheid te scheppen voor producenten over de eisen waaraan moet worden voldaan om nieuwe micro-organismen te gebruiken als bestanddelen van bemestingsproducten met CE-markering, moeten er duidelijke geharmoniseerde methoden voor de veiligheidsbeoordeling van nieuwe micro-organismen worden vastgesteld. Meteen na de inwerkingtreding van deze verordening moet worden aangevangen met de voorbereidende werkzaamheden voor het bepalen van deze veiligheidsbeoordelingsmethoden. De bevoegdheid om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag handelingen vast te stellen, moet aan de Commissie worden overgedragen om zonder onnodige vertraging te bepalen aan welke eisen producenten moeten voldoen bij het aantonen van de veiligheid van nieuwe micro-organismen met het oog op gebruik in bemestingsproducten met CE-markering.

Amendement    20

Voorstel voor een verordening

Overweging 16

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(16)  Op producten met een of meer functies, waarvan er een onder Verordening (EG) nr. 1107/2009 valt, moet de controle van toepassing blijven die op die producten is afgestemd en waarin die verordening voorziet. Wanneer dergelijke producten ook de functie van bemestingsproduct hebben, zou het misleidend zijn als deze verordening in de CE-markering van die producten zou voorzien, aangezien het op de markt aanbieden van een gewasbeschermingsmiddel afhangt van een producttoelating die geldig is in de betrokken lidstaat. Dergelijke producten moeten derhalve van het toepassingsgebied van deze verordening worden uitgesloten.

(16)  Producten met een of meer functies, waarvan er een onder Verordening (EG) nr. 1107/2009 valt, zijn gewasbeschermingsmiddelen die onder het toepassingsgebied van die verordening vallen. Op die producten moet de controle van toepassing blijven die op die producten is afgestemd en waarin die verordening voorziet. Wanneer dergelijke producten ook de functie of werking van bemestingsproduct hebben, zou het misleidend zijn als deze verordening in de CE-markering van die producten zou voorzien, aangezien het op de markt aanbieden van een gewasbeschermingsmiddel afhangt van een producttoelating die geldig is in de betrokken lidstaat. Dergelijke producten moeten derhalve van het toepassingsgebied van deze verordening worden uitgesloten.

Amendement    21

Voorstel voor een verordening

Overweging 17

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(17)  Deze verordening mag geen beletsel vormen voor de toepassing van bestaande wetgeving van de Unie betreffende aspecten van de bescherming van de gezondheid, de veiligheid en het milieu waarop deze verordening geen betrekking heeft. Deze verordening moet derhalve van toepassing zijn behoudens Richtlijn 86/278/EEG van de Raad22, Richtlijn 89/391/EEG van de Raad23, Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad24, Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad25, Verordening (EG) nr. 1881/2006 van de Commissie26, Richtlijn 2000/29/EG van de Raad27, Verordening (EU) nr. 98/2013 van het Europees Parlement en de Raad28 en Verordening (EU) nr. 1143/2014 van het Europees Parlement en de Raad29.

(17)  Ongeacht het type van het plantenvoedingsproduct met CE-markering mag deze verordening geen beletsel vormen voor de toepassing van bestaande wetgeving van de Unie betreffende aspecten van de bescherming van de gezondheid, de veiligheid en het milieu waarop deze verordening geen betrekking heeft. Deze verordening moet derhalve van toepassing zijn behoudens Richtlijn 86/278/EEG van de Raad22, Richtlijn 89/391/EEG van de Raad23, Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad24, Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad25, Verordening (EG) nr. 1881/2006 van de Commissie26, Richtlijn 2000/29/EG van de Raad27, Verordening (EU) nr. 98/2013 van het Europees Parlement en de Raad28, Verordening (EU) nr. 1143/2014 van het Europees Parlement en de Raad29, Richtlijn 91/676/EEG van de Raad29 bis en Richtlijn 2000/60/EG29 ter.

_________________

_________________

22 Richtlijn 86/278/EEG van de Raad van 12 juni 1986 betreffende de bescherming van het milieu, in het bijzonder de bodem, bij het gebruik van zuiveringsslib in de landbouw (PB L 181 van 4.7.1986, blz. 6).

22 Richtlijn 86/278/EEG van de Raad van 12 juni 1986 betreffende de bescherming van het milieu, in het bijzonder de bodem, bij het gebruik van zuiveringsslib in de landbouw (PB L 181 van 4.7.1986, blz. 6).

23 Richtlijn 89/391/EEG van de Raad van 12 juni 1989 betreffende de tenuitvoerlegging van maatregelen ter bevordering van de verbetering van de veiligheid en de gezondheid van de werknemers op het werk (PB L 183 van 29.6.1989, blz. 1).

23 Richtlijn 89/391/EEG van de Raad van 12 juni 1989 betreffende de tenuitvoerlegging van maatregelen ter bevordering van de verbetering van de veiligheid en de gezondheid van de werknemers op het werk (PB L 183 van 29.6.1989, blz. 1).

24 Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH) (PB L 396 van 30.12.2006, blz. 1).

24 Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH) (PB L 396 van 30.12.2006, blz. 1).

25 Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels (PB L 353 van 31.12.2008, blz. 1).

25 Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels (PB L 353 van 31.12.2008, blz. 1).

26 Verordening (EG) nr. 1881/2006 van de Commissie van 19 december 2006 tot vaststelling van de maximumgehalten aan bepaalde verontreinigingen in levensmiddelen (PB L 364 van 20.12.2006, blz. 5).

26 Verordening (EG) nr. 1881/2006 van de Commissie van 19 december 2006 tot vaststelling van de maximumgehalten aan bepaalde verontreinigingen in levensmiddelen (PB L 364 van 20.12.2006, blz. 5).

27 Richtlijn 2000/29/EG van de Raad van 8 mei 2000 betreffende de beschermende maatregelen tegen het binnenbrengen en de verspreiding in de Gemeenschap van voor planten en voor plantaardige producten schadelijke organismen (PB L 169 van 10.7.2000, blz. 1).

27 Richtlijn 2000/29/EG van de Raad van 8 mei 2000 betreffende de beschermende maatregelen tegen het binnenbrengen en de verspreiding in de Gemeenschap van voor planten en voor plantaardige producten schadelijke organismen (PB L 169 van 10.7.2000, blz. 1).

28 Verordening (EU) nr. 98/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 15 januari 2013 over het op de markt brengen en het gebruik van precursoren voor explosieven (PB L 39 van 9.2.2013, blz. 1).

28 Verordening (EU) nr. 98/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 15 januari 2013 over het op de markt brengen en het gebruik van precursoren voor explosieven (PB L 39 van 9.2.2013, blz. 1).

29 Verordening (EU) nr. 1143/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2014 betreffende de preventie en beheersing van de introductie en verspreiding van invasieve uitheemse soorten (PB L 317 van 4.11.2014, blz. 35).

29 Verordening (EU) nr. 1143/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2014 betreffende de preventie en beheersing van de introductie en verspreiding van invasieve uitheemse soorten (PB L 317 van 4.11.2014, blz. 35).

 

29 bis Richtlijn 91/676/EEG van de Raad van 12 december 1991 inzake de bescherming van water tegen verontreinigingen door nitraten uit agrarische bronnen (PB L 375 van 31.12.1991, blz. 1).

 

29 ter Richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid (PB L 327 van 22.12.2000, blz. 1).

 

 

Amendement    22

Voorstel voor een verordening

Overweging 17 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(17 bis)  De traceerbaarheid van producten waarbij het risico bestaat van organische verontreiniging door stoffen die afkomstig zijn uit bepaalde potentieel problematische (of als zodanig beschouwde) bronnen, moet worden gewaarborgd tot aan de bron van het organische materiaal. Dit is noodzakelijk om het vertrouwen van de consument zeker te stellen en de schade te beperken indien zich lokaal verontreiniging voordoet. Op die manier kunnen de bedrijven in kaart worden gebracht die bemestingsproducten gebruiken met uit die bronnen afkomstig organisch materiaal. Dit moet verplicht worden gesteld voor producten die materiaal bevatten dat afkomstig is van afvalstoffen of bijproducten die niet zijn onderworpen aan een procedé om organische verontreinigende stoffen, ziekteverwekkers en genetisch materiaal te vernietigen. Doel is om niet alleen de gezondheids- en milieurisico's te beperken, maar ook om het publiek gerust te stellen en de bedenkingen van landbouwers met betrekking tot ziekteverwekkers, organische verontreinigende stoffen en genetisch materiaal weg te nemen. Om grondeigenaren te beschermen tegen onopzettelijke verontreinigingen worden de lidstaten verzocht passende aansprakelijkheidsregelingen in te stellen.

Amendement    23

Voorstel voor een verordening

Overweging 17 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(17 ter)  Onbehandelde bijproducten van de veeteelt dienen niet onder deze verordening te vallen.

Amendement    24

Voorstel voor een verordening

Overweging 19 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(19 bis)  In het kader van de circulaire economie worden bepaalde industriële bij- of nevenproducten die bij specifieke industriële processen ontstaan door fabrikanten reeds gebruikt als bestanddeel van bemestingsproducten met CE-markering. De toepasselijke eisen voor dergelijke bestanddelencategorieën dienen te worden vastgesteld in bijlage II.

Amendement    25

Voorstel voor een verordening

Overweging 20

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(20)  Een blend van verschillende bemestingsproducten met CE-markering, die elk met succes een beoordeling van hun conformiteit met de voor dat materiaal toepasselijke eisen hebben ondergaan, kan worden beschouwd als zijnde geschikt voor gebruik als bemestingsproduct met CE-markering, waarbij slechts aan bepaalde bijkomende eisen naar aanleiding van het mengen moet worden voldaan. Om onnodige administratieve lasten te voorkomen, moeten dergelijke blends in een afzonderlijke categorie worden ingedeeld, waarvoor de conformiteitsbeoordeling moet worden beperkt tot de bijkomende eisen naar aanleiding van het mengen.

(20)  Een combinatie van producten uit verschillende productfunctiecategorieën, die elk met succes een beoordeling van hun conformiteit met de voor dat materiaal toepasselijke eisen hebben ondergaan, kan worden beschouwd als zijnde geschikt voor gebruik als bemestingsproduct met CE-markering, waarbij slechts aan bepaalde bijkomende eisen naar aanleiding van het mengen moet worden voldaan. Om onnodige administratieve lasten te voorkomen, moeten dergelijke combinaties in een afzonderlijke categorie worden ingedeeld, waarvoor de conformiteitsbeoordeling moet worden beperkt tot de bijkomende eisen naar aanleiding van het mengen.

 

(Dit amendement heeft tevens betrekking op een horizontale wijziging betreffende de term "blend" (in het enkelvoud of meervoud), die gewijzigd wordt in "combinatie" (in het enkelvoud of meervoud); bij aanneming van dit amendement moeten deze termen in de gehele tekst worden gewijzigd en bijgevolg ook in de aangenomen amendementen.)

Amendement    26

Voorstel voor een verordening

Overweging 25

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(25)  Om het markttoezicht mogelijk te maken, moet een importeur die een bemestingsproduct met CE-markering in de handel brengt zijn of haar naam, geregistreerde handelsnaam of geregistreerde merknaam en het postadres waarop contact met hem of haar kan worden opgenomen op de verpakking van het bemestingsproduct vermelden.

(25)  Om het markttoezicht mogelijk te maken, moet een importeur die een product met CE-markering in de handel brengt zijn of haar naam, geregistreerde handelsnaam of geregistreerde merknaam en het postadres waarop contact met hem of haar kan worden opgenomen, alsook de naam van de fabrikant uit een derde land op de verpakking van het product vermelden.

Amendement     27

Voorstel voor een verordening

Overweging 31

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(31)  Wanneer er geen geharmoniseerde normen zijn vastgesteld of wanneer de geharmoniseerde normen niet voldoende gegevens bevatten betreffende alle elementen van de kwaliteits- en veiligheidseisen van deze verordening, kunnen uniforme voorwaarden voor de implementatie van die eisen nodig zijn. De Commissie moet derhalve de bevoegdheid krijgen om uitvoeringshandelingen vast te stellen waarin die voorwaarden in gemeenschappelijke specificaties worden vastgesteld. Omwille van de rechtszekerheid moet worden verduidelijkt dat bemestingsproducten met CE-markering aan die specificaties moeten voldoen, ook al worden zij beschouwd te voldoen aan geharmoniseerde normen.

(31)  Wanneer er geen geharmoniseerde normen zijn vastgesteld of wanneer de geharmoniseerde normen niet voldoende gegevens bevatten betreffende alle elementen van de kwaliteits- en veiligheidseisen van deze verordening en wanneer er sprake is van onnodige vertraging bij de vaststelling of bijwerking van op die eisen gebaseerde normen, kunnen voorlopige maatregelen tot vaststelling van uniforme voorwaarden voor de implementatie van die eisen nodig zijn. De Commissie moet derhalve de bevoegdheid krijgen om uitvoeringshandelingen vast te stellen waarin die voorwaarden in gemeenschappelijke specificaties worden vastgesteld. Omwille van de rechtszekerheid moet worden verduidelijkt dat bemestingsproducten met CE-markering aan die specificaties moeten voldoen, ook al worden zij beschouwd te voldoen aan geharmoniseerde normen.

Amendement    28

Voorstel voor een verordening

Overweging 47

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(47)  Bemestingsproducten met CE-markering mogen slechts in de handel worden gebracht indien zij voldoende doeltreffend zijn en geen onaanvaardbaar risico voor de gezondheid van mensen, dieren of planten, voor de veiligheid of voor het milieu inhouden wanneer zij naar behoren worden opgeslagen en worden gebruikt waarvoor zij bestemd zijn alsook in gebruiksomstandigheden die redelijkerwijs kunnen worden voorzien, d.w.z. een gebruik dat het gevolg zou kunnen zijn van rechtmatig en gemakkelijk voorspelbaar menselijk gedrag. Derhalve moeten veiligheids- en kwaliteitseisen worden vastgesteld alsook passende controlemechanismen. Bovendien mag het beoogde gebruik van bemestingsproducten met CE-markering er niet toe leiden dat levensmiddelen of diervoeders onveilig worden.

(47)  Bemestingsproducten met CE-markering mogen slechts in de handel worden gebracht indien zij voldoende doeltreffend zijn en geen risico voor de gezondheid van mensen, dieren of planten, voor de veiligheid of voor het milieu inhouden wanneer zij naar behoren worden opgeslagen en worden gebruikt waarvoor zij bestemd zijn alsook in gebruiksomstandigheden die redelijkerwijs kunnen worden voorzien, d.w.z. een gebruik dat het gevolg zou kunnen zijn van rechtmatig en gemakkelijk voorspelbaar menselijk gedrag. Derhalve moeten veiligheids- en kwaliteitseisen worden vastgesteld alsook passende controlemechanismen.

Amendement     29

Voorstel voor een verordening

Overweging 49

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(49)  Het bestaande systeem moet worden aangevuld met een procedure om belanghebbenden te informeren over voorgenomen maatregelen tegen bemestingsproducten met CE-markering die een onaanvaardbaar risico voor de gezondheid van mensen, dieren of planten, de veiligheid of het milieu inhouden. Deze procedure moet markttoezichtautoriteiten ook in staat stellen samen met de betrokken marktdeelnemers vroegtijdig tegen dergelijke bemestingsproducten op te treden.

(49)  Het bestaande systeem moet worden aangevuld met een procedure om alle belanghebbenden, onder meer op het gebied van gezondheid en consumentenzaken, te informeren over voorgenomen maatregelen tegen bemestingsproducten met CE-markering die een risico voor de gezondheid van mensen, dieren of planten, de veiligheid of het milieu inhouden. Deze procedure moet markttoezichtautoriteiten ook in staat stellen samen met de betrokken marktdeelnemers vroegtijdig tegen dergelijke bemestingsproducten op te treden.

Amendement    30

Voorstel voor een verordening

Overweging 55

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(55)  Op het gebied van recycling van afvalstoffen wordt veelbelovende technische vooruitgang geboekt, bijvoorbeeld recycling van fosfor uit zuiveringsslib en de productie van bemestingsproducten op basis van dierlijke bijproducten, zoals biochar. Wanneer de productieprocessen wetenschappelijk zijn geanalyseerd en er op Unie-niveau procesvoorschriften zijn vastgesteld, moeten producten die dergelijke materialen bevatten of eruit bestaan zonder onnodige vertraging toegang krijgen tot de interne markt. Daartoe moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie handelingen vast te stellen ter bepaling van bredere of bijkomende categorieën bemestingsproducten met CE-markering of bestanddelen die in aanmerking komen om voor de productie van die producten te worden gebruikt. Voor dierlijke bijproducten mogen de bestanddelencategorieën slechts worden uitgebreid of mogen er slechts bestanddelencategorieën worden toegevoegd indien een eindpunt in de productieketen is vastgesteld overeenkomstig de procedures van Verordening (EG) nr. 1069/2009, aangezien dierlijke bijproducten waarvoor geen eindpunt is vastgesteld in alle gevallen van het toepassingsgebied van deze verordening zijn uitgesloten.

(55)  Op het gebied van recycling van afvalstoffen wordt veelbelovende technische vooruitgang geboekt, bijvoorbeeld recycling van fosfor uit zuiveringsslib, zoals struviet, de productie van bemestingsproducten op basis van dierlijke bijproducten, zoals biochar, en de nuttige toepassing van fosfor na verbranding, zoals uit as verkregen producten. Wanneer de productieprocessen wetenschappelijk zijn geanalyseerd en er op Unie-niveau procesvoorschriften zijn vastgesteld, moeten producten die dergelijke materialen bevatten of eruit bestaan zonder onnodige vertraging toegang krijgen tot de interne markt. Daartoe moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie handelingen vast te stellen om te bepalen of dergelijke materialen in aanmerking komen voor gebruik in de productie. Voor producten die zijn afgeleid van dierlijke bijproducten mogen de bestanddelencategorieën slechts worden uitgebreid of mogen er slechts bestanddelencategorieën worden toegevoegd indien een eindpunt in de productieketen is vastgesteld overeenkomstig de procedures van Verordening (EG) nr. 1069/2009.

Amendement    31

Voorstel voor een verordening

Overweging 55 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(55 bis)  Een bemestingsproduct met CE-markering mag naast nutriëntenpolymeren ook andere polymeren bevatten, hoewel dit beperkt moet blijven tot gevallen waarin de polymeer tot doel heeft de afgifte van nutriënten te reguleren of de vochtopnamecapaciteit van het bemestingsproduct met CE-markering te verhogen. Het moet mogelijk zijn innovatieve producten die dergelijke polymeren bevatten toe te laten op de interne markt. Om de risico's voor de menselijke gezondheid, de veiligheid en het milieu van andere polymeren dan nutriëntenpolymeren tot een minimum te beperken, dienen de criteria te worden vastgelegd voor hun biologische afbreekbaarheid zodat ze langs fysische en biologische weg kunnen worden afgebroken. Daartoe moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie handelingen vast te stellen om de criteria voor de omzetting van koolstofpolymeren in koolstofdioxide (CO2) en een testmethode inzake biologische afbreekbaarheid te bepalen.

Amendement    32

Voorstel voor een verordening

Overweging 56

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(56)  Bovendien moet het mogelijk zijn om onmiddellijk te reageren op nieuwe bevindingen betreffende de voorwaarden waaronder bemestingsproducten met CE-markering voldoende doeltreffend zijn en op nieuwe risicobeoordelingen betreffende de gezondheid van mensen, dieren of planten, de veiligheid of het milieu. Daartoe moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag handelingen vast te stellen om de eisen voor de verschillende categorieën bemestingsproducten met CE-markering te wijzigen.

(56)  Bovendien moet het mogelijk zijn om onmiddellijk te reageren op nieuwe bevindingen betreffende de voorwaarden waaronder bemestingsproducten met CE-markering voldoende doeltreffend zijn en op nieuwe risicobeoordelingen betreffende de gezondheid van mensen, dieren of planten, de veiligheid of het milieu, met inachtneming van beoordelingen die zijn gemaakt door of in samenwerking met autoriteiten in de lidstaten. Daartoe moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag handelingen vast te stellen om de eisen voor de verschillende categorieën bemestingsproducten met CE-markering te wijzigen.

Amendement    33

Voorstel voor een verordening

Overweging 57

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(57)  Bij de uitoefening van die bevoegdheden is het van bijzonder belang dat de Commissie tijdens haar voorbereidende werkzaamheden tot passende raadpleging overgaat, onder meer op deskundigenniveau. De Commissie moet er bij de voorbereiding en opstelling van gedelegeerde handelingen voor zorgen dat de desbetreffende documenten tijdig en op gepaste wijze gelijktijdig worden toegezonden aan het Europees Parlement en de Raad.

(57)  Wanneer zij gedelegeerde handelingen vaststelt zoals bepaald in deze verordening, is het van bijzonder belang dat de Commissie tijdens haar voorbereidende werkzaamheden tot passende raadpleging overgaat, onder meer op deskundigenniveau, en dat die raadplegingen gebeuren in overeenstemming met de beginselen die zijn vastgelegd in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven. Met name om te zorgen voor gelijke deelname aan de voorbereiding van gedelegeerde handelingen ontvangen het Europees Parlement en de Raad alle documenten op hetzelfde tijdstip als de deskundigen van de lidstaten, en hebben hun deskundigen systematisch toegang tot de vergaderingen van de deskundigengroepen van de Commissie die zich bezighouden met de voorbereiding van de gedelegeerde handelingen.

Amendement    34

Voorstel voor een verordening

Overweging 59 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(59 bis)  Aangezien de Unie sterk afhankelijk is van de invoer van natuurfosfaat, heeft de Commissie dit materiaal als kritieke grondstof geclassificeerd. Derhalve moet toezicht worden gehouden op de gevolgen van deze verordening voor de toegang tot de grondstofvoorraden in het algemeen, de beschikbaarheid van natuurfosfaat in het bijzonder, en in beide gevallen voor de prijzen. Na een dergelijke beoordeling en in geval van negatieve gevolgen moet de Commissie alle maatregelen nemen die zij passend acht om deze handelsverstoringen te verhelpen.

Amendement    35

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 1 – alinea 2 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  dierlijke bijproducten waarop de voorschriften van Verordening (EG) nr. 1069/2009 van toepassing zijn,

a)  dierlijke bijproducten of afgeleide producten die overeenkomstig de voorschriften van Verordening (EG) nr. 1069/2009 op de markt worden aangeboden,

Amendement    36

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 2 – letter b bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b bis)  Richtlijn 91/676/EEG;

Amendement    37

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 2 – letter b ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b ter)  Richtlijn 2000/60/EG;

Amendement    38

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1 – punt 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1)  "bemestingsproduct": een stof die of een mengsel, micro-organisme of elk ander materiaal dat, als zodanig of gemend met een ander materiaal, wordt aangebracht of bestemd is om te worden aangebracht op planten of hun rizosfeer om de planten nutriënten te verschaffen of hun voedingsefficiëntie te verbeteren;

1)  "plantenvoedingsproduct": een stof die of een mengsel, micro-organisme of elk ander materiaal dat, als zodanig of gemengd met een ander materiaal, wordt aangebracht of bestemd is om te worden aangebracht op schimmels of hun mycosfeer of op planten in elke groeifase, met inbegrip van zaden, en/of hun rizosfeer, met het doel planten of schimmels nutriënten te verschaffen of hun fysieke of biologische groeiomstandigheden of hun algemene groeikracht, opbrengst en kwaliteit te verbeteren, onder meer door het vermogen van de plant om nutriënten op te nemen uit de fyllosfeer te vergroten (met uitzondering van gewasbeschermingsmiddelen die onder Verordening (EG) nr. 1107/2009 vallen);

Amendement     39

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – alinea 1 – punt 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3)  "stof": een stof in de zin van artikel 3, punt 1, van Verordening (EG) nr. 1907/2006;

3)  "stof": een chemisch element en de verbindingen ervan, zoals zij voorkomen in natuurlijke toestand of bij de vervaardiging ontstaan, met inbegrip van alle additieven die nodig zijn voor het behoud van de stabiliteit ervan en alle onzuiverheden ten gevolge van het toegepaste procedé, doch met uitzondering van elk oplosmiddel dat kan worden afgescheiden zonder dat de stabiliteit van de stof wordt aangetast of de samenstelling ervan wordt gewijzigd;

Amendement    40

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – alinea 1 – punt 13

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

13)  "technische specificatie": een document dat de technische eisen voorschrijft waaraan een bemestingsproduct met CE-markering moet voldoen;

13)  "technische specificatie": een document dat de technische eisen voorschrijft waaraan een bemestingsproduct met CE-markering of het productieproces ervan moet voldoen;

Amendement    41

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De lidstaten mogen het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering die voldoen aan deze verordening niet belemmeren.

De lidstaten mogen het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering die voldoen aan deze verordening niet belemmeren met betrekking tot de aspecten en risico's die onder deze verordening vallen.

Amendement     42

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Deze verordening belet de lidstaten niet om betreffende het gebruik van bemestingsproducten met CE-markering voorschriften te handhaven of vast te stellen die in overeenstemming zijn met de Verdragen, met het oog op de bescherming van de menselijke gezondheid en het milieu, mits deze bepalingen geen modificatie vereisen van bemestingsproducten met CE-markering die in overeenstemming zijn met deze verordening en zij geen invloed hebben op de voorwaarden voor het op de markt aanbieden van die producten.

Amendement    43

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Voor aspecten die niet onder bijlage I of II vallen, voldoen bemestingsproducten met CE-markering aan de eis dat het gebruik ervan zoals gespecificeerd in de gebruiksaanwijzing er niet toe leidt dat levensmiddelen of diervoeders van plantaardige oorsprong onveilig worden in de zin van respectievelijk artikel 14 en 15 van Verordening (EG) nr. 178/2002.

Schrappen

Amendement     44

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  De Commissie publiceert gelijktijdig met de publicatie van deze verordening in het Publicatieblad van de Europese Unie een document met richtsnoeren waarin zij fabrikanten en markttoezichtautoriteiten duidelijkheid geeft over hoe het etiket eruit dient te zien, geïllustreerd met voorbeelden. In deze richtsnoeren wordt ook andere relevante informatie in de zin van deel I, punt 2, onder d), van bijlage III gespecificeerd.

Amendement    45

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Fabrikanten bewaren de technische documentatie en de EU-conformiteitsverklaring gedurende tien jaar nadat het bemestingsproduct met CE-markering waarop die documenten betrekking hebben in de handel is gebracht.

3.  Fabrikanten bewaren de technische documentatie en de EU-conformiteitsverklaring gedurende vijf jaar nadat het bemestingsproduct met CE-markering waarop die documenten betrekking hebben in de handel is gebracht.

 

(Dit is een horizontaal amendement met betrekking tot de termijn voor het bewaren van alle technische documentatie; bij aanneming van dit amendement moet deze wijziging in de gehele tekst en bijgevolg ook in de aangenomen amendementen worden doorgevoerd.)

Amendement    46

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 4 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Fabrikanten zorgen ervoor dat zij beschikken over procedures om de conformiteit met deze verordening van bemestingsproducten met CE-markering die in serie worden geproduceerd, te blijven waarborgen. Er wordt terdege rekening gehouden met veranderingen in de productiemethode of in de kenmerken van die bemestingsproducten en met veranderingen in de geharmoniseerde normen, in de in artikel 13 bedoelde gemeenschappelijke specificaties of in andere technische specificaties waarnaar in de conformiteitsverklaring van een bemestingsproduct met CE-markering is verwezen.

Fabrikanten zorgen ervoor dat zij beschikken over procedures om de conformiteit met deze verordening van bemestingsproducten met CE-markering die in serie worden geproduceerd, te blijven waarborgen. Er wordt terdege rekening gehouden met veranderingen in de kenmerken van die bemestingsproducten en met veranderingen in de geharmoniseerde normen, in de in artikel 13 bedoelde gemeenschappelijke specificaties of in andere technische specificaties waarnaar in de conformiteitsverklaring van een bemestingsproduct met CE-markering is verwezen.

Amendement    47

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 4 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Indien dit rekening houdend met de prestaties of de risico's van een bemestingsproduct met CE-markering passend wordt geacht, voeren fabrikanten steekproeven uit op dergelijke op de markt aangeboden bemestingsproducten, onderzoeken zij klachten, niet-conforme bemestingsproducten met CE-markering en terugroepingen van dergelijke producten en houden zij daarvan zo nodig een register bij, en houden zij de distributeurs op de hoogte van dergelijk toezicht.

Indien dit rekening houdend met de prestaties of de risico's van een bemestingsproduct met CE-markering passend wordt geacht, voeren fabrikanten ter bescherming van de gezondheid en veiligheid van de consumenten en het milieu steekproeven uit op dergelijke op de markt aangeboden bemestingsproducten, onderzoeken zij klachten, niet-conforme bemestingsproducten met CE-markering en terugroepingen van dergelijke producten en houden zij daarvan een register bij, en houden zij de distributeurs en de markttoezichtautoriteiten op de hoogte van dergelijk toezicht.

Amendement    48

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 6

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6.  Fabrikanten vermelden hun naam, hun geregistreerde handelsnaam of hun geregistreerde merknaam en het postadres waarop contact met hen kan worden opgenomen op de verpakking van het bemestingsproduct met CE-markering, of wanneer het bemestingsproduct onverpakt wordt geleverd, in een bij het bemestingsproduct gevoegd document. Het postadres geeft één enkele plaats aan waar de fabrikant kan worden gecontacteerd. De contactgegevens worden gesteld in een voor eindgebruikers en markttoezichtautoriteiten gemakkelijk te begrijpen taal.

6.  Fabrikanten vermelden hun naam, hun geregistreerde handelsnaam of hun geregistreerde merknaam en het postadres waarop contact met hen kan worden opgenomen op de verpakking van het bemestingsproduct met CE-markering, of wanneer het bemestingsproduct onverpakt wordt geleverd, in een bij het bemestingsproduct gevoegd document. Het postadres geeft één enkele plaats aan waar de fabrikant kan worden gecontacteerd. De bovengenoemde informatie wordt gesteld in een voor eindgebruikers en markttoezichtautoriteiten gemakkelijk te begrijpen taal, als bepaald door de betrokken lidstaat, en is duidelijk, begrijpelijk en leesbaar.

Amendement    49

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 7

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

7.  Fabrikanten zorgen ervoor dat bemestingsproducten met CE-markering overeenkomstig bijlage III zijn voorzien van een etiket, of wanneer een bemestingsproduct onverpakt wordt geleverd, dat de vermeldingen op het etiket zijn opgenomen in een bij het bemestingsproduct gevoegd document dat kan worden geraadpleegd voor inspectie wanneer het product in de handel wordt gebracht. De vermeldingen op het etiket worden gesteld in een voor eindgebruikers gemakkelijk te begrijpen taal, zoals bepaald door de betrokken lidstaat, en zijn duidelijk en begrijpelijk.

7.  Fabrikanten zorgen ervoor dat het bemestingsproduct met CE-markering overeenkomstig bijlage III is voorzien van een etiket, of, wanneer de verpakking te klein is om alle gegevens op het etiket te vermelden of het bemestingsproduct met CE-markering onverpakt wordt geleverd, dat de vereiste informatie wordt verstrekt in een bij het bemestingsproduct met CE-markering gevoegd document. De uit hoofde van bijlage III vereiste informatie wordt gesteld in een voor eindgebruikers gemakkelijk te begrijpen taal, zoals bepaald door de betrokken lidstaat, en is duidelijk, begrijpelijk en verstaanbaar.

Amendement    50

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 10 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

10.  De fabrikant dient bij de bevoegde autoriteit van de lidstaat van bestemming voor de volgende bemestingsproducten met CE-markering een verslag in van de in bijlage IV voorgeschreven detonatieproef:

10.  De fabrikant dient bij de bevoegde autoriteit van de lidstaat van bestemming een verslag in van de in bijlage IV voorgeschreven detonatieproef en waarborgt dat de volgende bemestingsproducten met CE-markering in staat zijn die test te doorstaan:

Amendement     51

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 10 – alinea 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  bemestingsproductenblends, zoals in bijlage I beschreven in productfunctiecategorie 7, die een onder a) bedoelde meststof bevatten.

b)  combinaties van producten uit verschillende productfunctiecategorieën, zoals in bijlage I beschreven in productfunctiecategorie 7, die een onder a) bedoelde meststof bevatten.

Amendement    52

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 10 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Het verslag wordt ten minste vijf dagen voor die producten in de handel worden gebracht, ingediend.

Het verslag wordt ten minste vijf werkdagen voor die producten in de handel worden gebracht, ingediend. De lijst van bevoegde autoriteiten van de lidstaten wordt door de Commissie beschikbaar gemaakt op haar website.

Amendement     53

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Importeurs brengen alleen bemestingsproducten met CE-markering in de handel die aan de gestelde eisen voldoen.

1.  Er kunnen alleen meststoffen met CE-markering die aan de gestelde eisen voldoen in de Unie worden ingevoerd en in de Unie in de handel worden gebracht.

Amendement    54

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Alvorens een bemestingsproduct met CE-markering in de handel te brengen, zien importeurs erop toe dat de fabrikant de juiste conformiteitsbeoordelingsprocedure zoals bedoeld in artikel 14 heeft uitgevoerd. Zij zorgen ervoor dat de fabrikant de technische documentatie heeft opgesteld, dat het bemestingsproduct met CE-markering vergezeld gaat van de EU-conformiteitsverklaring en de vereiste documenten, en dat de fabrikant aan de eisen van artikel 6, leden 5 en 6, heeft voldaan. Wanneer een importeur van mening is of redenen heeft om aan te nemen dat een bemestingsproduct met CE-markering niet in overeenstemming is met de toepasselijke eisen van bijlage I, II of III, brengt hij of zij het bemestingsproduct niet in de handel alvorens het conform is gemaakt. Wanneer het bemestingsproduct met CE-markering een onaanvaardbaar risico inhoudt voor de gezondheid van mensen, dieren of planten, voor de veiligheid of voor het milieu, brengt de importeur de fabrikant en de markttoezichtautoriteiten hiervan op de hoogte.

2.  Alvorens een bemestingsproduct met CE-markering in de handel te brengen, zien importeurs erop toe dat de fabrikant de juiste conformiteitsbeoordelingsprocedure zoals bedoeld in artikel 14 heeft uitgevoerd. Zij zorgen ervoor dat de fabrikant de technische documentatie heeft opgesteld, dat het bemestingsproduct met CE-markering vergezeld gaat van de EU-conformiteitsverklaring en de vereiste documenten, en dat de fabrikant aan de eisen van artikel 6, leden 5 en 6, heeft voldaan. Wanneer een importeur van mening is of redenen heeft om aan te nemen dat een bemestingsproduct met CE-markering niet in overeenstemming is met de toepasselijke eisen van deze verordening, brengt hij of zij het bemestingsproduct niet in de handel alvorens het conform is gemaakt. Wanneer het bemestingsproduct met CE-markering een onaanvaardbaar risico inhoudt voor de gezondheid van mensen, dieren of planten, voor de veiligheid of voor het milieu, brengt de importeur de fabrikant en de markttoezichtautoriteiten hiervan op de hoogte.

Amendement    55

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Importeurs vermelden hun naam, hun geregistreerde handelsnaam of hun geregistreerde merknaam en het postadres waarop contact met hen kan worden opgenomen op de verpakking van het bemestingsproduct met CE-markering, of wanneer het bemestingsproduct met CE-markering onverpakt wordt geleverd, in een bij het bemestingsproduct gevoegd document. De contactgegevens worden gesteld in een voor eindgebruikers en markttoezichtautoriteiten gemakkelijk te begrijpen taal.

3.  Importeurs vermelden hun naam, hun geregistreerde handelsnaam of hun geregistreerde merknaam, het postadres waarop contact met hen kan worden opgenomen en de fabrikanten uit derde landen op de verpakking van het bemestingsproduct met CE-markering, of wanneer het bemestingsproduct met CE-markering onverpakt wordt geleverd, in een bij het bemestingsproduct gevoegd document. De contactgegevens worden gesteld in een voor eindgebruikers en markttoezichtautoriteiten gemakkelijk te begrijpen taal.

Amendement    56

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  Importeurs zorgen ervoor dat het bemestingsproduct met CE-markering overeenkomstig bijlage III is voorzien van een etiket in een voor eindgebruikers gemakkelijk te begrijpen taal, zoals bepaald door de betrokken lidstaat.

4.  Importeurs zorgen ervoor dat het bemestingsproduct met CE-markering overeenkomstig bijlage III is voorzien van een etiket, of, wanneer de verpakking te klein is om alle gegevens op het etiket te vermelden of het bemestingsproduct met CE-markering onverpakt wordt geleverd, dat de vereiste informatie wordt verstrekt in een bij het bemestingsproduct met CE-markering gevoegd document. De uit hoofde van bijlage III vereiste informatie wordt gesteld in een voor eindgebruikers gemakkelijk te begrijpen taal, zoals bepaald door de betrokken lidstaat.

Amendement    57

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 6

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6.  Indien dit rekening houdend met de prestaties of de risico's van een bemestingsproduct met CE-markering passend wordt geacht, voeren importeurs steekproeven uit op dergelijke op de markt aangeboden bemestingsproducten, onderzoeken zij klachten, niet-conforme bemestingsproducten met CE-markering en terugroepingen van dergelijke producten en houden zij daarvan zo nodig een register bij, en houden zij de distributeurs op de hoogte van dergelijk toezicht.

6.  Indien dit rekening houdend met de prestaties of de risico's van een bemestingsproduct met CE-markering passend wordt geacht, voeren importeurs ter bescherming van de gezondheid en veiligheid van de consumenten en het milieu steekproeven uit op dergelijke op de markt aangeboden bemestingsproducten, onderzoeken zij klachten, niet-conforme bemestingsproducten met CE-markering en terugroepingen van dergelijke producten en houden zij daarvan een register bij, en houden zij de distributeurs op de hoogte van dergelijk toezicht.

Amendement    58

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – lid 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

8.  Importeurs houden gedurende tien jaar nadat het bemestingsproduct met CE-markering in de handel is gebracht, een kopie van de EU-conformiteitsverklaring ter beschikking van de markttoezichtautoriteiten en zorgen ervoor dat de technische documentatie op verzoek aan die autoriteiten kan worden verstrekt.

8.  Importeurs houden gedurende vijf jaar nadat het bemestingsproduct met CE-markering in de handel is gebracht, een kopie van de EU-conformiteitsverklaring ter beschikking van de markttoezichtautoriteiten en zorgen ervoor dat de technische documentatie op verzoek aan die autoriteiten kan worden verstrekt. Op verzoek stellen importeurs een kopie van de EU-conformiteitsverklaring ter beschikking van andere betrokken marktdeelnemers.

Amendement    59

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – lid 2 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Alvorens een bemestingsproduct met CE-markering op de markt aan te bieden, controleren distributeurs of het vergezeld gaat van de EU-conformiteitsverklaring en de vereiste documenten, of het overeenkomstig bijlage III van een etiket is voorzien in een taal die de eindgebruikers in de lidstaat waar het bemestingsproduct met CE-markering op de markt wordt aangeboden, gemakkelijk kunnen begrijpen, en of de fabrikant en de importeur aan de eisen van respectievelijk artikel 6, leden 5 en 6, en artikel 8, lid 3, hebben voldaan.

Alvorens een bemestingsproduct met CE-markering op de markt aan te bieden, controleren distributeurs of het vergezeld gaat van de vereiste documenten, of het overeenkomstig bijlage III van een etiket is voorzien in een taal die de eindgebruikers in de lidstaat waar het bemestingsproduct met CE-markering op de markt wordt aangeboden, gemakkelijk kunnen begrijpen, en of de fabrikant en de importeur aan de eisen van respectievelijk artikel 6, leden 5 en 6, en artikel 8, lid 3, hebben voldaan. Wanneer de verpakking te klein is om alle gegevens op het etiket te vermelden of het bemestingsproduct met CE-markering onverpakt wordt geleverd, controleren distributeurs of de vereiste informatie wordt verstrekt in een bij het bemestingsproduct met CE-markering gevoegd document.

Amendement    60

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – lid 2 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Wanneer een distributeur van mening is of redenen heeft om aan te nemen dat een bemestingsproduct met CE-markering niet in overeenstemming is met de toepasselijke eisen van bijlage I, II of III, biedt hij of zij het bemestingsproduct niet aan op de markt alvorens het conform is gemaakt. Wanneer het bemestingsproduct met CE-markering een onaanvaardbaar risico inhoudt voor de gezondheid van mensen, dieren of planten, voor de veiligheid of voor het milieu, brengt de distributeur de fabrikant of de importeur hiervan op de hoogte, evenals de markttoezichtautoriteiten.

Wanneer een distributeur van mening is of redenen heeft om aan te nemen dat een bemestingsproduct met CE-markering niet in overeenstemming is met de toepasselijke eisen van deze verordening, biedt hij of zij het bemestingsproduct niet aan op de markt alvorens het conform is gemaakt. Wanneer het bemestingsproduct met CE-markering een onaanvaardbaar risico inhoudt voor de gezondheid van mensen, dieren of planten, voor de veiligheid of voor het milieu, brengt de distributeur de fabrikant of de importeur hiervan op de hoogte, evenals de markttoezichtautoriteiten.

Amendement    61

Voorstel voor een verordening

Artikel 12 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Onverminderd de in artikel 13 bedoelde gemeenschappelijke specificaties, worden bemestingsproducten met CE-markering die conform zijn met geharmoniseerde normen of delen daarvan waarvan de referentienummers in het Publicatieblad van de Europese Unie zijn bekendgemaakt, geacht in overeenstemming te zijn met de in de bijlagen I, II en III beschreven eisen die door die normen of delen daarvan worden bestreken.

Bemestingsproducten met CE-markering die conform zijn met of getest zijn overeenkomstig geharmoniseerde normen of delen daarvan waarvan de referentienummers in het Publicatieblad van de Europese Unie zijn bekendgemaakt, worden geacht in overeenstemming te zijn met de respectieve in de bijlagen I, II en III beschreven eisen die door die normen of delen daarvan worden bestreken.

Amendement     62

Voorstel voor een verordening

Artikel 13 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De Commissie kan uitvoeringshandelingen vaststellen ter bepaling van gemeenschappelijke specificaties waaraan moet worden voldaan om conform te zijn met de in de bijlagen I, II en III beschreven eisen die door die specificaties of delen daarvan worden bestreken. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 41, lid 3, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

Indien een eis in bijlage I, II of III niet wordt bestreken door geharmoniseerde normen of delen daarvan, waarvan de referentienummers in het Publicatieblad van de Europese Unie zijn bekendgemaakt, en de Commissie na een tot een of meer Europese normalisatieorganisaties gericht verzoek om de opstelling van geharmoniseerde normen voor die eis constateert dat er sprake is van onnodige vertraging bij de vaststelling van die norm, kan de Commissie uitvoeringshandelingen vaststellen ter bepaling van gemeenschappelijke specificaties betreffende die eis. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 41, lid 3, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

Amendement    63

Voorstel voor een verordening

Artikel 17 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De CE-markering wordt zichtbaar, leesbaar en onuitwisbaar aangebracht op de bijgevoegde documenten en, wanneer het bemestingsproduct met CE-markering verpakt wordt geleverd, op de verpakking.

1.  De CE-markering wordt zichtbaar, leesbaar en onuitwisbaar aangebracht op de verpakking van het bemestingsproduct met CE-markering of, wanneer het bemestingsproduct met CE-markering onverpakt wordt geleverd, op de bij het bemestingsproduct met CE-markering gevoegde documenten.

Amendement    64

Voorstel voor een verordening

Artikel 17 – lid 3 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De CE-markering wordt gevolgd door het identificatienummer van de aangemelde instantie die betrokken is bij de conformiteitsbeoordeling die in bijlage IV, module D1, wordt beschreven.

De CE-markering wordt gevolgd door het identificatienummer van de aangemelde instantie, indien dat overeenkomstig bijlage IV vereist is.

Amendement    65

Voorstel voor een verordening

Artikel 18 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Een bemestingsproduct met CE-markering dat een handeling van nuttige toepassing heeft ondergaan en dat voldoet aan de eisen van deze verordening, wordt geacht te voldoen aan de voorwaarden van artikel 6, lid 1, van Richtlijn 2008/98/EG en wordt derhalve geacht niet langer afval te zijn.

Wanneer een materiaal dat voordien afval was een handeling van nuttige toepassing heeft ondergaan, en een bemestingsproduct met CE-markering dat aan de in deze verordening gestelde eisen voldoet dit materiaal bevat of eruit bestaat, wordt dat materiaal geacht te voldoen aan de voorwaarden van artikel 6, lid 1, van Richtlijn 2008/98/EG en wordt het derhalve geacht niet langer afval te zijn vanaf het moment waarop de EU-conformiteitsverklaring wordt opgesteld.

Amendement     66

Voorstel voor een verordening

Artikel 30 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  De aanmeldende lidstaat verstrekt de Commissie op verzoek alle informatie over de grondslag van de aanmelding of het op peil houden van de bekwaamheid van de betrokken aangemelde instantie.

2.  De aanmeldende autoriteiten verstrekken de Commissie op verzoek alle informatie over de grondslag van de aanmelding of het op peil houden van de bekwaamheid van de betrokken aangemelde instantie.

Amendement    67

Voorstel voor een verordening

Artikel 31 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Wanneer een aangemelde instantie vaststelt dat een fabrikant niet heeft voldaan aan de eisen van bijlage I, II of III of aan de overeenkomstige geharmoniseerde normen, de in artikel 13 bedoelde gemeenschappelijke specificaties of andere technische specificaties, verlangt zij van die fabrikant dat hij of zij passende corrigerende maatregelen neemt en verleent zij geen certificaat.

3.  Wanneer een aangemelde instantie vaststelt dat een fabrikant niet heeft voldaan aan de eisen van bijlage I, II of III of aan de overeenkomstige geharmoniseerde normen of de in artikel 13 bedoelde gemeenschappelijke specificaties, verlangt zij van die fabrikant dat hij of zij passende corrigerende maatregelen neemt en verleent zij geen conformiteitscertificaat of goedkeuringsbesluit.

Amendement    68

Voorstel voor een verordening

Artikel 31 – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  Wanneer een aangemelde instantie bij het toezicht op de conformiteit na verlening van een certificaat vaststelt dat een bemestingsproduct met CE-markering niet meer conform is, verlangt zij van de fabrikant dat hij of zij passende corrigerende maatregelen neemt; zo nodig schorst zij het certificaat of trekt zij dit in.

4.  Wanneer een aangemelde instantie bij het toezicht op de conformiteit na verlening van een certificaat of goedkeuringsbesluit vaststelt dat een bemestingsproduct met CE-markering niet meer conform is, verlangt zij van de fabrikant dat hij of zij passende corrigerende maatregelen neemt; zo nodig schorst zij het certificaat of goedkeuringsbesluit, of trekt zij dit in.

Amendement    69

Voorstel voor een verordening

Artikel 31 – lid 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  Wanneer geen corrigerende maatregelen worden genomen of de genomen maatregelen niet het vereiste effect hebben, worden de certificaten door de aangemelde instantie naargelang het geval beperkt, geschorst of ingetrokken.

5.  Wanneer geen corrigerende maatregelen worden genomen of de genomen maatregelen niet het vereiste effect hebben en een bemestingsproduct met CE-markering bijgevolg nog steeds niet voldoet aan de voorschriften van deze verordening, worden de certificaten of goedkeuringsbesluiten door de aangemelde instantie naargelang het geval beperkt, geschorst of ingetrokken.

Amendement    70

Voorstel voor een verordening

Artikel 33 – lid 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  elke weigering, beperking, schorsing of intrekking van certificaten;

a)  elke weigering, beperking, schorsing of intrekking van certificaten of goedkeuringsbesluiten;

Amendement     71

Voorstel voor een verordening

Artikel 37 – titel

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Procedure voor bemestingsproducten met CE-markering die op nationaal niveau een risico vertonen

Procedure op nationaal niveau voor bemestingsproducten met CE-markering die een risico vertonen

Amendement    72

Voorstel voor een verordening

Artikel 37 – lid 1 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Wanneer de markttoezichtautoriteiten van een lidstaat voldoende redenen hebben om aan te nemen dat een bemestingsproduct met CE-markering een onaanvaardbaar risico inhoudt voor de gezondheid van mensen, dieren of planten, voor de veiligheid of voor het milieu, voeren zij een beoordeling van het betrokken bemestingsproduct uit in het licht van de in deze verordening vastgestelde eisen. De desbetreffende marktdeelnemers werken hiertoe op elke vereiste wijze met de markttoezichtautoriteiten samen.

Wanneer de markttoezichtautoriteiten van een lidstaat voldoende redenen hebben om aan te nemen dat een bemestingsproduct met CE-markering een risico inhoudt voor de gezondheid van mensen, dieren of planten, voor de veiligheid, het milieu of andere onder deze verordening vallende aspecten inzake de bescherming van algemene belangen, voeren zij een beoordeling van het betrokken bemestingsproduct uit in het licht van alle in deze verordening vastgestelde eisen. De desbetreffende marktdeelnemers werken hiertoe op elke vereiste wijze met de markttoezichtautoriteiten samen.

 

(Dit amendement heeft tevens betrekking op een horizontale wijziging betreffende de term "onaanvaardbaar risico" (in het enkelvoud of meervoud), die gewijzigd wordt in "risico" (in het enkelvoud); bij aanneming van dit amendement moeten deze termen in de gehele tekst worden gewijzigd en bijgevolg ook in de aangenomen amendementen.)

Amendement     73

Voorstel voor een verordening

Artikel 37 – lid 1 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Wanneer de markttoezichtautoriteiten bij de beoordeling vaststellen dat het bemestingsproduct met CE-markering niet aan de eisen van deze verordening voldoet, verlangen zij onverwijld van de marktdeelnemer dat hij of zij binnen een redelijke termijn alle passende corrigerende maatregelen neemt om het bemestingsproduct met deze eisen in overeenstemming te maken, het uit de handel te nemen, het terug te roepen, of om de CE-markering te verwijderen.

Wanneer de markttoezichtautoriteiten bij de beoordeling vaststellen dat het bemestingsproduct met CE-markering niet aan de eisen van deze verordening voldoet, verlangen zij onverwijld van de marktdeelnemer dat hij of zij alle passende corrigerende maatregelen neemt om het bemestingsproduct binnen een door die autoriteiten vast te stellen redelijke termijn die evenredig is met de aard van het risico, met deze eisen in overeenstemming te brengen, uit de handel te nemen of terug te roepen, en om de CE-markering te verwijderen.

Amendement     74

Voorstel voor een verordening

Artikel 37 – lid 4 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Wanneer de desbetreffende marktdeelnemer niet binnen de in lid 1, tweede alinea, bedoelde termijn doeltreffende corrigerende maatregelen neemt, nemen de markttoezichtautoriteiten alle passende voorlopige maatregelen om het op hun nationale markt aanbieden van het bemestingsproduct met CE-markering te verbieden of te beperken, dan wel het bemestingsproduct in de betrokken lidstaat uit de handel te nemen of terug te roepen.

Wanneer de desbetreffende marktdeelnemer niet binnen de in lid 1, tweede alinea, bedoelde termijn doeltreffende corrigerende maatregelen neemt, nemen de markttoezichtautoriteiten alle passende voorlopige maatregelen om het op hun nationale markt aanbieden van het bemestingsproduct met CE-markering te verbieden of te beperken, dan wel het bemestingsproduct in de betrokken lidstaat uit de handel te nemen of terug te roepen. De verplichtingen van de markttoezichtautoriteiten in dit verband beletten de lidstaten niet om regelgeving vast te stellen voor bemestingsproducten zonder CE-markering die op de markt worden aangeboden.

Amendement     75

Voorstel voor een verordening

Artikel 37 – lid 5 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  tekortkomingen in de geharmoniseerde normen waarnaar in artikel 12 wordt verwezen als normen die een vermoeden van conformiteit vestigen.

b)  tekortkomingen in de geharmoniseerde normen waarnaar in artikel 12 wordt verwezen;

Amendement     76

Voorstel voor een verordening

Artikel 37 – lid 5 – letter b bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b bis)  tekortkomingen in de gemeenschappelijke specificaties waarnaar in artikel 13 wordt verwezen.

Amendement    77

Voorstel voor een verordening

Artikel 38 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  Indien de nationale maatregel gerechtvaardigd wordt geacht en de niet-conformiteit van het bemestingsproduct met CE-markering wordt toegeschreven aan tekortkomingen in de gemeenschappelijke specificaties zoals bedoeld in artikel 37, lid 5, onder c), stelt de Commissie onverwijld uitvoeringshandelingen vast tot wijziging of intrekking van de betrokken gemeenschappelijke specificatie. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 41, lid 3, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

Amendement    78

Voorstel voor een verordening

Artikel 39 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Wanneer een lidstaat na uitvoering van een beoordeling overeenkomstig artikel 37, lid 1, vaststelt dat een bemestingsproduct met CE-markering dat conform is met deze verordening toch een onaanvaardbaar risico voor de gezondheid van mensen, dieren of planten, voor de veiligheid of voor het milieu inhoudt, verlangt deze lidstaat van de desbetreffende marktdeelnemer dat hij of zij binnen een redelijke termijn alle passende maatregelen neemt om ervoor te zorgen dat het betrokken bemestingsproduct dat risico niet meer inhoudt wanneer het in de handel wordt gebracht, om het uit de handel te nemen of om het terug te roepen.

1.  Wanneer een lidstaat na uitvoering van een beoordeling overeenkomstig artikel 37, lid 1, vaststelt dat een bemestingsproduct met CE-markering dat conform is met deze verordening toch een risico inhoudt voor de gezondheid van mensen, dieren of planten, voor de veiligheid of voor het milieu of andere onder deze verordening vallende aspecten inzake de bescherming van algemene belangen, verlangt deze lidstaat van de desbetreffende marktdeelnemer dat hij of zij binnen een door de markttoezichtautoriteit vast te stellen redelijke termijn die evenredig is met de aard van het risico alle passende maatregelen neemt om ervoor te zorgen dat het betrokken bemestingsproduct dat risico niet meer inhoudt wanneer het op de markt wordt aangeboden, om het uit de handel te nemen of om het terug te roepen.

Amendement    79

Voorstel voor een verordening

Artikel 40 – lid 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  het bemestingsproduct met CE-markering gaat niet vergezeld van de EU-conformiteitsverklaring;

c)  er is geen EU-conformiteitsverklaring opgesteld;

Amendement    80

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De Commissie is bevoegd om overeenkomstig artikel 43 gedelegeerde handelingen vast te stellen om de bijlagen I tot en met IV te wijzigen om deze aan de technische vooruitgang aan te passen en de toegang tot de interne markt en het vrije verkeer te vergemakkelijken voor nieuwe bemestingsproducten met CE-markering

1.  De Commissie is bevoegd om overeenkomstig artikel 43 gedelegeerde handelingen vast te stellen om de bijlagen I tot en met IV te wijzigen om deze aan de technische vooruitgang aan te passen, rekening houdend met producten en materialen die reeds zijn toegelaten in de lidstaten en in het bijzonder wat de productie van meststoffen uit dierlijke bijproducten en producten die zijn verkregen uit de nuttige toepassing van afval betreft, en met als doel de toegang tot de interne markt en het vrije verkeer te vergemakkelijken voor nieuwe bemestingsproducten met CE-markering

a)  waarin waarschijnlijk aanzienlijk zal worden gehandeld op de interne markt, en

a)  waarin mogelijk aanzienlijk zal worden gehandeld op de interne markt, en

b)  waarvoor wetenschappelijk bewijs bestaat dat zij geen onaanvaardbaar risico voor de gezondheid van mensen, dieren of planten, de veiligheid of het milieu inhouden en dat zij voldoende doeltreffend zijn.

b)  waarvoor wetenschappelijk bewijs bestaat dat zij geen risico voor de gezondheid van mensen, dieren of planten, de veiligheid of het milieu inhouden en dat zij voldoende doeltreffend zijn.

Amendement    81

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Onverwijld na ... [datum van de inwerkingtreding van deze verordening] stelt de Commissie overeenkomstig lid 1 een gedelegeerde handeling vast om de in bijlage II vermelde bestanddelencategorieën te wijzigen, teneinde met name dierlijke bijproducten waarvoor het eindpunt is bepaald, struviet, biochar en uit as verkregen producten toe te voegen aan die bestanddelencategorieën, en om de vereisten vast te stellen voor het opnemen van deze producten in die categorieën. Bij de vaststelling van die gedelegeerde handelingen houdt de Commissie specifiek rekening met de technologische vooruitgang op het gebied van de nuttige toepassing van nutriënten.

Amendement    82

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 2 – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Wanneer de Commissie ingevolge lid 1 bijlage II wijzigt om nieuwe micro-organismen toe te voegen aan de bestanddelencategorie voor die organismen, doet zij dat op basis van de volgende gegevens:

2.  Wanneer de Commissie bijlage II wijzigt om nieuwe stammen van micro-organismen toe te voegen aan de bestanddelencategorie voor die organismen, na te hebben gecontroleerd dat alle betrokken stammen van de bijkomende micro-organismen voldoen aan de voorwaarden van lid 1, onder b), van dit artikel, doet zij dat op basis van de volgende gegevens:

Amendement    83

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 2 – letter a

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  de naam van het micro-organisme;

a)  de naam van het micro-organisme op stamniveau;

Amendement     84

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 2 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  historische gegevens over de veilige productie en het veilige gebruik van het micro-organisme;

c)  wetenschappelijke literatuur waarin de veilige productie en het veilige gebruik van het micro-organisme wordt beschreven;

Amendement    85

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 2 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d)  het taxonomische verband met soorten micro-organismen die voldoen aan de vereisten voor een gekwalificeerd vermoeden van veiligheid (Qualified Presumption of Safety) zoals bepaald door de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid;

d)  het taxonomische verband met soorten micro-organismen die voldoen aan de vereisten voor een gekwalificeerd vermoeden van veiligheid (Qualified Presumption of Safety) zoals bepaald door de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid, of een verwijzing naar de verklaring van overeenstemming met de relevante geharmoniseerde normen voor de veiligheid van de gebruikte micro-organismen die in het Publicatieblad van de Europese Unie zijn bekendgemaakt, of de verklaring van overeenstemming met de vereisten voor de veiligheidsbeoordeling van nieuwe micro-organismen, als aangenomen door de Commissie indien er geen dergelijke geharmoniseerde normen voorhanden zijn;

Amendement     86

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 2 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Om rekening te houden met de snelle technologische vooruitgang op dat gebied stelt de Commissie uiterlijk op ... [één jaar na de inwerkingtreding van deze verordening] overeenkomstig artikel 43 gedelegeerde handelingen vast tot bepaling van de criteria voor de beoordeling van nieuwe micro-organismen die in plantenvoedingsproducten kunnen worden gebruikt zonder dat zij met naam in een positieve lijst worden vermeld.

Amendement    87

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 3 – alinea 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Uiterlijk op ... [zes maanden na de inwerkingtreding van deze verordening] wijzigt de Commissie bijlage II om de eindpunten in de productieketen op te nemen die zijn bepaald overeenkomstig artikel 5, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 met betrekking tot de in bestanddelencategorie 11 van bijlage II genoemde dierlijke bijproducten.

Amendement    88

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 3 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis.  Bij de vaststelling van gedelegeerde handelingen overeenkomstig lid 1 wijzigt de Commissie de bestanddelencategorie tot bepaling van de vereiste voor andere polymeren dan de in bijlage II vermelde nutriëntenpolymeren, teneinde rekening te houden met de meest recente wetenschappelijke bewijzen en technologische ontwikkelingen, en bepaalt zij uiterlijk op ... [drie jaar na de datum van toepassing van deze verordening] de criteria voor de omzetting van koolstofpolymeren die moeten worden omgezet in koolstofdioxide (CO2) en een respectieve testmethode inzake biologische afbreekbaarheid.

Amendement    89

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 3 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 ter.  Bij de vaststelling van gedelegeerde handelingen overeenkomstig lid 1 wijzigt de Commissie de bestanddelencategorie tot bepaling van de criteria voor de in bijlage II vermelde andere bijproducten van de industrie, teneinde rekening te houden met de bestaande productiemethoden, technologische ontwikkelingen en de meest recente wetenschappelijke bewijzen, en bepaalt zij uiterlijk op ... [één jaar na de inwerkingtreding van deze verordening] de criteria voor bijproducten van de industrie om te worden opgenomen in de bestanddelencategorie.

Amendement    90

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 4 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 bis.  Wat deel II van bijlage I betreft is de bevoegdheid om overeenkomstig de leden 1 en 4 van dit artikel gedelegeerde handelingen vast te stellen niet van toepassing op aanpassingen aan de daarin opgenomen grenswaarden voor contaminanten, tenzij er nieuwe grenswaarden voor contaminanten nodig zijn als gevolg van de toevoeging van nieuwe bestanddelen aan bijlage II. Als er nieuwe grenswaarden voor contaminanten worden vastgesteld, zijn die waarden alleen van toepassing op de nieuwe, toegevoegde bestanddelen.

Amendement    91

Voorstel voor een verordening

Artikel 43 – lid 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis.  Vóór de vaststelling van een gedelegeerde handeling raadpleegt de Commissie de door elke lidstaat aangewezen deskundigen overeenkomstig de beginselen die zijn neergelegd in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven.

Amendement    92

Voorstel voor een verordening

Artikel 44 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De lidstaten leggen de regels vast voor de sancties die van toepassing zijn op inbreuken op deze verordening, en nemen alle nodige maatregelen om te waarborgen dat zij worden toegepast. De sancties zijn doeltreffend, evenredig en afschrikkend. De lidstaten stellen de Commissie onverwijld van deze regels en deze maatregelen in kennis en doen dit eveneens bij alle eventuele latere wijzigingen ervan.

De lidstaten leggen de regels vast voor de sancties die van toepassing zijn op inbreuken op deze verordening, en nemen alle nodige maatregelen om te waarborgen dat zij worden toegepast. De sancties zijn doeltreffend, evenredig en afschrikkend. De lidstaten stellen de Commissie onverwijld van deze regels en deze maatregelen in kennis en doen dit eveneens bij alle eventuele latere wijzigingen ervan. De lidstaten nemen alle nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat hun regels inzake sancties worden gehandhaafd.

Amendement    93

Voorstel voor een verordening

Artikel 45 – alinea 1 – punt 1 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 1069/2009

Artikel 5 – lid 2 – alinea 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis)   in lid 2 wordt na de eerste alinea de volgende alinea ingevoegd:

 

"Voor afgeleide producten die onder het toepassingsgebied van artikel 32 vallen en reeds op grote schaal in de lidstaten worden gebruikt voor de productie van meststoffen stelt de Commissie uiterlijk op ... [zes maanden na de inwerkingtreding van de meststoffenverordening] een dergelijk eindpunt vast."

Amendement    94

Voorstel voor een verordening

Artikel 46 – alinea 1 – punt 2

Verordening (EG) nr. 1107/2009

Artikel 3 – punt 34 – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3)  "34. "biostimulant voor planten": een product dat de voedingsprocessen van een plant stimuleert onafhankelijk van het gehalte aan nutriënten van het product, met als enige doel een of meer van de volgende eigenschappen van de plant te verbeteren:

"34. "biostimulant voor planten": een product dat een stof of micro-organisme bevat die c.q. dat de voedingsprocessen van een plant stimuleert onafhankelijk van zijn gehalte aan nutriënten, dan wel een combinatie van deze stoffen en/of micro-organismen, met als enige doel een of meer van de volgende eigenschappen van de plant of de rizosfeer van de plant te verbeteren:

Amendement    95

Voorstel voor een verordening

Artikel 46 – alinea 1 – punt 2

Verordening (EG) nr. 1107/2009

Artikel 3 – punt 34 – letter c

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  de kenmerken in verband met de kwaliteit van het gewas.

c)  de kwaliteit van het gewas.

Amendement     96

Voorstel voor een verordening

Artikel 46 – alinea 1 – punt 2

Verordening (EG) nr. 1107/2009

Artikel 3 – punt 34 – letter c bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis)  de beschikbaarheid van in de bodem, de rizosfeer of de fyllosfeer vastgehouden nutriënten;

Amendement     97

Voorstel voor een verordening

Artikel 46 – alinea 1 – punt 2

Verordening (EG) nr. 1107/2009

Artikel 3 – punt 34 – letter c ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c ter)  de afbraak van organische verbindingen in de bodem;

Amendement    98

Voorstel voor een verordening

Artikel 46 – alinea 1 – punt 2

Verordening (EG) nr. 1107/2009

Artikel 3 – punt 34 – letter c quater (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c quater)  humificatie;

Amendement    99

Voorstel voor een verordening

Artikel 48 – titel

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Overgangsbepalingen

Overgangsbepalingen, evaluatie en rapportage

Amendement    100

Voorstel voor een verordening

Artikel 48 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De lidstaten belemmeren niet dat producten die vóór [Publications office, please insert the date of application of this Regulation] overeenkomstig Verordening (EG) nr. 2003/2003 in de handel zijn gebracht als meststoffen met de aanduiding "EG-meststof", op de markt worden aangeboden. Hoofdstuk 5 is echter mutatis mutandis op die producten van toepassing.

De lidstaten belemmeren niet dat producten die vóór ... [twaalf maanden na de datum van toepassing van deze verordening] overeenkomstig Verordening (EG) nr. 2003/2003 in de handel zijn gebracht als meststoffen met de aanduiding "EG-meststof", op de markt worden aangeboden. Hoofdstuk 5 is echter mutatis mutandis op die producten van toepassing.

Amendement    101

Voorstel voor een verordening

Artikel 48 – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.   Lidstaten die reeds een lagere grenswaarde hebben ingevoerd voor het gehalte aan cadmium (Cd) in organisch-minerale meststoffen en anorganische meststoffen, zoals vastgesteld in bijlage I, deel II, productfunctiecategorie 1 B), punt 3, onder a) en productfunctiecategorie 1 C) I), punt 2, onder a), mogen deze strengere grenswaarde behouden totdat de grenswaarde die overeenkomstig deze verordening wordt vastgesteld gelijk of lager is. De lidstaten stellen de Commissie uiterlijk op ... [zes maanden na de datum van inwerkingtreding van deze verordening] in kennis van het bestaan van dergelijke nationale maatregelen.

Amendement    102

Voorstel voor een verordening

Artikel 48 – lid 1 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 ter.  Uiterlijk op ... [42 maanden na de datum van toepassing van deze verordening] dient de Commissie bij het Europees Parlement en de Raad een verslag in met een beoordeling van de toepassing van deze verordening en van het algemene effect ervan wat de verwezenlijking van de doelstellingen betreft, met inbegrip van het effect op kmo's. Dat verslag omvat met name:

 

a)  een beoordeling van de werking van de interne markt voor bemestingsproducten, met inbegrip van de conformiteitsbeoordeling en de doeltreffendheid van het markttoezicht, een analyse van de effecten van gedeeltelijke harmonisering met betrekking tot productie, gebruikspatronen en handelsstromen van bemestingsproducten met CE-markering en bemestingsproducten die volgens de nationale regels in de handel worden gebracht;

 

b)  een beoordeling van de toepassing van beperkingen op de gehalten aan contaminanten als vastgelegd in bijlage I bij deze verordening, eventuele beschikbare nieuwe wetenschappelijke informatie met betrekking tot de toxiciteit en carcinogeniteit van contaminanten, met inbegrip van de risico's van uraniumcontaminatie in bemestingsproducten;

 

c)  een beoordeling van de ontwikkelingen op het gebied van cadmiumverwijderingstechnologieën en de effecten, schaal en kosten daarvan doorheen de waardeketen, alsook het afvalbeheer met betrekking tot cadmium dat hiermee verband houdt; en

 

d)  een beoordeling van de effecten op de handel in het betrekken van grondstoffen, met inbegrip van de beschikbaarheid van natuurfosfaat.

 

In het verslag wordt terdege rekening gehouden met technologische vooruitgang en innovatie, alsook met normalisatieprocessen die van invloed zijn op de productie en het gebruik van bemestingsproducten. In voorkomend geval gaat het uiterlijk op ... [vijf jaar na de datum van toepassing van deze verordening] vergezeld van een wetgevingsvoorstel.

 

Uiterlijk op ... [twaalf maanden na de inwerkingtreding van deze verordening] legt de Commissie een evaluatie voor van de wetenschappelijke gegevens voor de vaststelling van de agronomische en milieucriteria ter bepaling van einde-dierlijkemestcriteria om de prestaties te kunnen beschrijven van producten die verwerkte dierlijke mest bevatten of hieruit bestaan.

Amendement     103

Voorstel voor een verordening

Artikel 48 – lid 1 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 quater.  Uiterlijk op ... [vijf jaar na de datum van inwerkingtreding van de verordening] voert de Commissie een evaluatie uit van de conformiteitsbeoordelingsprocedure voor micro-organismen.

Amendement    104

Voorstel voor een verordening

Artikel 49 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Zij is van toepassing met ingang van 1 januari 2018.

Zij is van toepassing met ingang van … [twee jaar na de datum van inwerkingtreding van deze verordening], met uitzondering van de artikelen 19 tot en met 35, die van toepassing zijn met ingang van ... [één jaar na de datum van inwerkingtreding van deze verordening], en de artikelen 13, 41, 42, 43 en 45, die van toepassing zijn met ingang van … [de dag van de inwerkingtreding van deze verordening].

Amendement    105

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel I – punt 1 – letter C bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

C bis.  Meststof met laag koolstofgehalte

Amendement    106

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel I – punt 5 – letter A – punt I bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

I bis.  Denitrificatieremmer

Amendement    107

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – punt 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  Indien het bemestingsproduct met CE-markering een stof bevat waarvoor maximumresidugehalten voor levensmiddelen en diervoeders zijn vastgesteld overeenkomstig

Schrappen

(a)   Verordening (EEG) nr. 315/93 van de Raad32,

 

(b)   Verordening (EG) nr. 396/2005 van het Europees Parlement en de Raad33,

 

(c)   Verordening (EG) nr. 470/2009 van het Europees Parlement en de Raad34, of

 

(d)   Richtlijn 2002/32/EG van het Europees Parlement en de Raad35,

 

mag het gebruik van het bemestingsproduct met CE-markering zoals gespecificeerd in de gebruiksaanwijzing niet leiden tot een overschrijding van die maximumresidugehalten in levensmiddelen of diervoeders.

 

__________________

 

32 Verordening (EEG) nr. 315/93 van de Raad van 8 februari 1993 tot vaststelling van communautaire procedures inzake verontreinigingen in levensmiddelen (PB L 37 van 13.2.1993, blz. 1).

 

33Verordening (EG) nr. 396/2005 van het Europees Parlement en de Raad van 23 februari 2005 tot vaststelling van maximumgehalten aan bestrijdingsmiddelenresiduen in of op levensmiddelen en diervoeders van plantaardige en dierlijke oorsprong en houdende wijziging van Richtlijn 91/414/EEG van de Raad (PB L 70 van 16.3.2005, blz. 1).

 

34Verordening (EG) nr. 470/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 6 mei 2009 tot vaststelling van communautaire procedures voor het vaststellen van grenswaarden voor residuen van farmacologisch werkzame stoffen in levensmiddelen van dierlijke oorsprong, tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 2377/90 van de Raad en tot wijziging van Richtlijn 2001/82/EG van het Europees Parlement en de Raad en van Verordening (EG) nr. 726/2004 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 152 van 16.6.2009, blz. 11).

 

35Richtlijn 2002/32/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 mei 2002 inzake ongewenste stoffen in diervoeding (PB L 140 van 30.5.2002, blz. 10).

 

Amendement    108

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – punt 4 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Ingrediënten waarvoor een aanvraag voor goedkeuring of hernieuwde goedkeuring is ingediend overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009, maar die niet zijn opgenomen in Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011, worden niet gebruikt in bemestingsproducten indien zij daarin niet zijn opgenomen op grond van artikel 1, lid 4, van Verordening (EG) nr. 1107/2009.

Amendement    109

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 A) – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Een organische meststof bevat

1. Een organische meststof bevat

-  koolstof (C) en

-  organische koolstof (Corg) en

-  nutriënten

-  nutriënten

van uitsluitend biologische oorsprong, met uitzondering van materiaal dat is gefossiliseerd of ingebed in geologische formaties.

van uitsluitend biologische oorsprong, zoals turf, met inbegrip van leonardiet, ligniet en uit deze materialen verkregen stoffen, maar met uitzondering van andere materialen die zijn gefossiliseerd of ingebed in geologische formaties.

Amendement    110

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 A) – punt 2 – bolletje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  cadmium (Cd)  1,5 mg/kg vaste stof,

•  cadmium (Cd)  1,0 mg/kg vaste stof,

Amendement    111

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 A) – punt 2 – bolletje 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  lood (Pb)  120 mg/kg vaste stof, en

•  lood (Pb)  20 mg/kg vaste stof, en

Amendement    112

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 A) – punt 2 – bolletje 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  biureet (C2H5N3O2) 12 g/kg vaste stof.

•  biureet (C2H5N3O2) onder de detectiegrens.

Amendement    113

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 A) – punt 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

3.  Salmonella spp. mag niet voorkomen in een monster van 25 g van het bemestingsproduct met CE-markering.

Amendement

3.  Pathogenen mogen in de organische meststof niet voorkomen in een concentratie die hoger ligt dan de respectieve grenswaarden in onderstaande tabel:

Te testen micro-organisme

Steekproefplannen

Grenswaarde

 

n

c

m

M

Salmonella spp.

5

0

0

Afwezig in 25 g of 25 ml

Escherichia coli of Enterococcaceae

5

5

0

1 000 in 1 g of 1 ml

n = aantal te testen monsters,

c = aantal monsters waarbij het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve, mag liggen tussen m en M,

m = drempelwaarde voor het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve, dat als bevredigend wordt beschouwd,

M = maximale waarde voor het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve.

De parasieten Ascaris spp. en Toxocara spp. in alle fasen van hun ontwikkeling mogen niet voorkomen in 100 g of 100 ml organische meststof.

Amendement    114

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 A) I) – punt 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat ten minste één van de volgende aangegeven nutriënten: stikstof (N), fosforpentoxide (P2O5) of kaliumoxide (K2O).

Amendement    115

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 – punt 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  Indien het bemestingsproduct met CE-markering meer dan één nutriënt bevat, bevat het de aangegeven primaire nutriënten in hoeveelheden die ten minste gelijk zijn aan de hieronder vermelde minimumwaarden: □

 

2,5 massaprocent totaal stikstof (N), of 2 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5), of 2 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O), en

 

6,5 massaprocent totale som nutriënten.

Amendement    116

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 A) II) – punt 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat ten minste één van de volgende aangegeven nutriënten: stikstof (N), fosforpentoxide (P2O5) of kaliumoxide (K2O).

Amendement    117

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 A) II) – punt 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat ten minste één van de volgende aangegeven nutriënten in hoeveelheden die ten minste gelijk zijn aan de vermelde minimumwaarden:

2.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat ten minste één van de volgende aangegeven primaire nutriënten in hoeveelheden die ten minste gelijk zijn aan de vermelde minimumwaarden:

Amendement    118

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 A) II) – punt 2 – bolletje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  2 massaprocent totaal stikstof (N),

•  1 massaprocent totaal stikstof (N), en/of

Amendement    119

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 A) II) – punt 2 – bolletje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  1 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5), of

•  2 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5), of

Amendement    120

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 A) II) – punt 2 – bolletje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  2 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O).

•  1 (één) massaprocent totaal kaliumoxide (K2O) en

Amendement    121

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 A) II) – punt 2 – bolletje 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

  6,5 massaprocent totale som nutriënten.

Amendement    122

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 A) II) – punt 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  Indien het bemestingsproduct met CE-markering meer dan één nutriënt bevat, bevat het de aangegeven primaire nutriënten in hoeveelheden die ten minste gelijk zijn aan de hieronder vermelde minimumwaarden: □

 

2 massaprocent totaal stikstof (N), of 1 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5), of 2 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O), en

 

5 massaprocent totale som primaire nutriënten.

Amendement    123

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 B) – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een organisch-minerale meststof is een gecombineerde formulering van

1.  Een organisch-minerale meststof is een gecombineerde formulering van

–  een of meer anorganische meststoffen, zoals gespecificeerd in productfunctiecategorie 1 C), en

–  een of meer minerale meststoffen, zoals gespecificeerd in productfunctiecategorie 1 C), en

–  een materiaal dat

  organische koolstof (C) en

 

–  een of meer materialen die

  organische koolstof (Corg) en

–  nutriënten bevat

van uitsluitend biologische oorsprong, met uitzondering van materiaal dat is gefossiliseerd of ingebed in geologische formaties.

–  nutriënten bevatten

van uitsluitend biologische oorsprong, zoals turf, met inbegrip van leonardiet, ligniet en uit deze materialen verkregen stoffen, maar met uitzondering van andere materialen die zijn gefossiliseerd of ingebed in geologische formaties.

Amendement    124

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 B) – punt 3 – letter a – punt 2 – bolletje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  met ingang van [Publications Office, please insert the date occurring twelve years after the date of application of this Regulation]: 20 mg/kg fosforpentoxide (P2O5),

•  met ingang van ... [negen jaar na de datum van toepassing van deze verordening]: 20 mg/kg fosforpentoxide (P2O5),

Amendement    125

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 B) – punt 3 – letter e

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(e)  lood (Pb)  120 mg/kg vaste stof.

(e)  lood (Pb)  20 mg/kg vaste stof.

Amendement    126

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 B) – punt 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

4.  Salmonella spp. mag niet voorkomen in een monster van 25 g van het bemestingsproduct met CE-markering.

Amendement

4.  Pathogenen mogen in de organisch-minerale meststof niet voorkomen in een concentratie die hoger ligt dan de respectieve grenswaarden in onderstaande tabel:

Te testen micro-organisme

Steekproefplannen

Grenswaarde

 

n

c

m

M

Salmonella spp.

5

0

0

Afwezig in 25 g of 25 ml

Escherichia coli of Enterococcaceae

5

5

0

1 000 in 1 g of 1 ml

n = aantal te testen monsters,

c = aantal monsters waarbij het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve, mag liggen tussen m en M,

m = drempelwaarde voor het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve, dat als bevredigend wordt beschouwd,

M = maximale waarde voor het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve.

De parasieten Ascaris spp. en Toxocara spp. in alle fasen van hun ontwikkeling mogen niet voorkomen in 100 g of 100 ml organisch-minerale meststof.

Amendement    127

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 B) I) – punt 2 – bolletje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  2 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5), of

•  1 massaprocent in neutraal ammoniumcitraat en water oplosbaar fosforpentoxide (P2O5), of

Amendement    128

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 – punt 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  Indien het bemestingsproduct met CE-markering meer dan één nutriënt bevat, bevat het de aangegeven primaire nutriënten in hoeveelheden die ten minste gelijk zijn aan de hieronder vermelde minimumwaarden:

 

2,5 massaprocent totaal stikstof (N), waarvan 1 massaprocent van het bemestingsproduct met CE-markering organische stikstof (N) is, of 2 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5), of 2 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O), en

 

6,5 massaprocent totale som primaire nutriënten.

Amendement    129

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 B) I) – punt 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  Elke eenheid van het bemestingsproduct met CE-markering bevat het organisch materiaal en de nutriënten in de aangegeven gehaltes.

4.  Elke eenheid van het bemestingsproduct met CE-markering bevat organisch koolstof en alle nutriënten in de aangegeven gehaltes. Onder "eenheid" wordt verstaan: een onderdeel van het product, zoals korrels, pellets enz.

Amendement    130

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 B) II) – punt 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  Wanneer het product meer dan één nutriënt bevat, zijn de volgende minimumhoeveelheden aanwezig:

 

  1 massaprocent totaal stikstof (N), of

 

  1 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5), of

 

  1 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O).

 

waarbij de som van de nutriënten ten minste 4 % is.

Amendement    131

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 B) II) – punt 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Het gehalte organische koolstof (C) in het bemestingsproduct met CE-markering is ten minste 3 massaprocent.

3.  Het gehalte organische koolstof (C) in het bemestingsproduct met CE-markering is ten minste 1 massaprocent.

Amendement    132

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. Een anorganische meststof is een meststof anders dan een organische of organisch-minerale meststof.

1. Een minerale meststof is een meststof die nutriënten in minerale vorm of tot minerale vorm verwerkte nutriënten van dierlijke of plantaardige oorsprong bevat. Het gehalte organische koolstof (Corg) in het bemestingsproduct met CE-markering mag niet meer dan 1 massaprocent bedragen. Dit sluit koolstof uit die afkomstig is van bedekkingsmiddelen die voldoen aan de eisen van bestanddelencategorie 9 en 10 en agronomische toevoegingsmiddelen die voldoen aan de eisen van productfunctiecategorie 5 en bestanddelencategorie 8.

Amendement    133

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) – punt 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis. Fosforhoudende meststoffen moeten aan ten minste één van de volgende minimale oplosbaarheidsniveaus voldoen om beschikbaar te zijn voor de planten (zo niet kunnen zij niet als fosforhoudende meststof worden aangemerkt):

 

  oplosbaarheid in water: minimaal 40 % van het totale gehalte P, of

 

  oplosbaarheid in neutraal ammoniumcitraat: minimaal 75 % van het totale gehalte P, of

 

  oplosbaarheid in mierenzuur (alleen voor zacht natuurfosfaat): minimaal 55 % van het totale gehalte P.

Amendement    134

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) – punt 1 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 ter. Het totale aan te geven stikstofgehalte is de som van ammoniumstikstof, nitraatstikstof, ureumstikstof, stikstof uit methyleenureum, isobutylideendiureumstikstof en crotonylideendiureumstikstof. Het aan te geven fosforgehalte komt overeen met het fosfor in fosfaatvorm. Hieraan kunnen overeenkomstig artikel 42, lid 1, na een wetenschappelijk onderzoek nieuwe vormen worden toegevoegd.

Amendement    135

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een anorganische macronutriëntenmeststof is bedoeld om planten van een of meer van de volgende macronutriënten te voorzien: stikstof (N), fosfor (P), kalium (K), magnesium (Mg), calcium (Ca), zwavel (S) of natrium (Na).

1.  Een minerale macronutriëntenmeststof is bedoeld om planten van een of meer van de volgende macronutriënten te voorzien:

 

(a)  primair: stikstof (N), fosfor (P) en kalium (K).

 

(b)  secundair: magnesium (Mg), calcium (Ca), zwavel (S) of natrium (Na).

 

 

Amendement    136

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) – punt 2 – letter a – punt 2 – bolletje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  met ingang van [Publications Office, please insert the date occurring twelve years after the date of application of this Regulation]: 20 mg/kg fosforpentoxide (P2O5),

•  met ingang van ... [negen jaar na de datum van toepassing van deze verordening]: 20 mg/kg fosforpentoxide (P2O5),

Amendement    137

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) – punt 2 – letter e

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(e)  lood (Pb)  150 mg/kg vaste stof,

(e)  lood (Pb)  20 mg/kg vaste stof.

Amendement    138

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) – punt 2 – letter f

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(f)  arseen (As)  60 mg/kg vaste stof,

(f)  arseen (As)  20 mg/kg vaste stof,

Amendement    139

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) a) i) – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een enkelvoudige vaste anorganische macronutriëntenmeststof heeft een aangegeven gehalte van niet meer dan één nutriënt.

1.  Een enkelvoudige vaste minerale macronutriëntenmeststof heeft een aangegeven gehalte van:

 

(a)  niet meer dan één primaire nutriënt (stikstof (N), fosfor (P) en kalium (K)), of

Amendement    140

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) a) i) – punt 1 – letter b (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(b)  niet meer dan één secundaire nutriënt (magnesium (Mg), calcium (Ca), zwavel (S) en natrium (Na)).

Amendement    141

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) a) i) – punt 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Een enkelvoudige vaste minerale macronutriëntenmeststof met een aangegeven gehalte van niet meer dan één primaire nutriënt kan één of meer secundaire nutriënten bevatten.

Amendement    142

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) a) i) – punt 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat één van de volgende aangegeven nutriënten in een hoeveelheid die ten minste gelijk is aan de vermelde minimumwaarde:

2.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat primaire en/of secundaire aangegeven nutriënten in een hoeveelheid die ten minste gelijk is aan de vermelde minimumwaarde:

Amendement    143

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) a) i) – punt 2 – bolletje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  12 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5),

•  12 massaprocent in neutraal ammoniumcitraat en water oplosbare fosforpentoxide (P2O5),

Amendement    144

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) a) i) – punt 2 – bolletje 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  1 massaprocent totaal natriumoxide (Na2O).

•  3 massaprocent totaal natriumoxide (Na2O).

Amendement    145

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) a) ii) – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een samengestelde vaste anorganische macronutriëntenmeststof heeft een aangegeven gehalte van meer dan één nutriënt.

1.  Een samengestelde vaste minerale macronutriëntenmeststof heeft een aangegeven gehalte van meer dan één primaire en/of secundaire nutriënt.

Amendement    146

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) a) i) – punt 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat meer dan één van de volgende aangegeven nutriënten in hoeveelheden die ten minste gelijk zijn aan de vermelde minimumwaarden:

2.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat meer dan één van de aangegeven primaire en/of secundaire nutriënten in hoeveelheden die ten minste gelijk zijn aan de vermelde minimumwaarden:

Amendement    147

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) a) ii) – punt 2 – bolletje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  3 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5),

•  5 massaprocent totaal in neutraal ammoniumcitraat en water oplosbaar fosforpentoxide (P2O5),

Amendement    148

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) a) ii) – punt 2 – bolletje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

–  3 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O),

–  5 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O),

Amendement    149

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) a) ii) – punt 2 – bolletje 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  1,5 massaprocent totaal magnesiumoxide (MgO),

•  2 massaprocent totaal magnesiumoxide (MgO),

Amendement    150

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) a) ii) – punt 2 – bolletje 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  1,5 massaprocent totaal calciumoxide (CaO),

•  2 massaprocent totaal calciumoxide (CaO),

Amendement    151

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) a) ii) – punt 2 – bolletje 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  1,5 massaprocent totaal zwaveltrioxide (SO3), of

•  5 massaprocent totaal zwaveltrioxide (SO3),

Amendement    152

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) a) ii) – punt 2 – bolletje 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  1 massaprocent totaal natriumoxide (Na2O).

•  3 massaprocent totaal natriumoxide (Na2O).

Amendement    153

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) a) i-ii) A) – punt 5 – bolletje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  na vijf temperatuurcycli zoals beschreven in rubriek 4.2 van module A1 in bijlage IV,

-  na vijf temperatuurcycli zoals beschreven in rubriek 4.2 van module A1 in bijlage IV, in het kader van proeven vóór het in de handel brengen,

Amendement    154

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) b) i) – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een enkelvoudige vloeibare anorganische macronutriëntenmeststof heeft een aangegeven gehalte van niet meer dan één nutriënt.

1.  Een enkelvoudige vloeibare minerale macronutriëntenmeststof heeft een aangegeven gehalte van:

 

(a)  niet meer dan één primaire nutriënt

Amendement    155

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) b) i) – punt 1 – letter b (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(b)  niet meer dan één secundaire nutriënt.

Amendement    156

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) b) i) – punt 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Een enkelvoudige vloeibare minerale macronutriëntenmeststof met een aangegeven gehalte van niet meer dan één primaire nutriënt kan één of meer secundaire nutriënten bevatten.

Amendement    157

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) b) i) – punt 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat één van de volgende aangegeven nutriënten in een hoeveelheid die ten minste gelijk is aan de vermelde minimumwaarde:

2.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat één van de aangegeven primaire en/of secundaire nutriënten in een hoeveelheid die ten minste gelijk is aan de vermelde minimumwaarde:

Amendement    158

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) b) i) – punt 2 – bolletje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  5 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5),

•  5 massaprocent totaal in neutraal ammoniumcitraat en water oplosbaar fosforpentoxide (P2O5),

Amendement    159

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) b) i) – punt 2 – bolletje 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  5 massaprocent totaal zwaveltrioxide (SO3), of

•  5 massaprocent totaal zwaveltrioxide (SO3),

Amendement    160

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) b) i) – punt 2 – bolletje 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  1 massaprocent totaal natriumoxide (Na2O).

•  tussen de 0,5 en 5 massaprocent totaal natriumoxide (Na2O).

Amendement    161

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) b) ii) – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een samengestelde vloeibare anorganische macronutriëntenmeststof heeft een aangegeven gehalte van meer dan één nutriënt.

1.  Een samengestelde vloeibare minerale macronutriëntenmeststof heeft een aangegeven gehalte van meer dan één primaire en/of secundaire nutriënt.

Amendement    162

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) b) ii) – punt 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat meer dan één van de volgende aangegeven nutriënten in hoeveelheden die ten minste gelijk zijn aan de vermelde minimumwaarden:

2.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat meer dan één van de aangegeven primaire en/of secundaire nutriënten in hoeveelheden die ten minste gelijk zijn aan de vermelde minimumwaarden:

Amendement    163

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) b) ii) – punt 2 – bolletje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  1,5 massaprocent totaal stikstof (N),

•  3 massaprocent totaal stikstof (N), of

Amendement    164

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) b) ii) – punt 2 – bolletje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  1,5 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5),

•  1,5 massaprocent totaal in neutraal ammoniumcitraat en water oplosbaar fosforpentoxide (P2O5),

Amendement    165

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) b) ii) – punt 2 – bolletje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  1,5 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O),

•  3 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O), of

Amendement    166

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) b) ii) – punt 2 – bolletje 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  0,75 massaprocent totaal magnesiumoxide (MgO),

•  1,5 massaprocent totaal magnesiumoxide (MgO), of

Amendement    167

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) b) ii) – punt 2 – bolletje 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  0,75 massaprocent totaal calciumoxide (CaO),

•  1,5 massaprocent totaal calciumoxide (CaO), of

Amendement    168

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) b) ii) – punt 2 – bolletje 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  0,75 massaprocent totaal zwaveltrioxide (SO3), of

•  1,5 massaprocent totaal zwaveltrioxide (SO3),

Amendement    169

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) II) – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een anorganische micronutriëntenmeststof is een anorganische meststof, anders dan een macronutriëntenmeststof, bedoeld om planten van een of meer van de volgende nutriënten te voorzien: boor (B), kobalt (Co), koper (Cu), ijzer (Fe), mangaan (Mn), molybdeen (Mo) of zink (Zn).

1.  Een anorganische micronutriëntenmeststof is een anorganische meststof, anders dan een macronutriëntenmeststof, bedoeld om planten van een of meer van de volgende nutriënten te voorzien: boor (B), kobalt (Co), koper (Cu), ijzer (Fe), mangaan (Mn), molybdeen (Mo), seleen (Se), silicium (Si) of zink (Zn).

Amendement    170

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 C bis) (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Productfunctiecategorie 1 C bis): MESTSTOF MET LAAG KOOLSTOFGEHALTE

 

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering wordt aangeduid met de term meststof met laag koolstofgehalte als het meer dan 1 % organische koolstof (Corg) bevat en maximaal 15 % organische koolstof (Corg).

 

2.  Koolstof in calciumcyaanamide en in ureum en in condensatie- en associatieproducten daarvan vallen niet onder organische koolstof ten behoeve van die definitie.

 

3.  De specificaties vast/vloeibaar, enkelvoudig/samengesteld en macronutriënt/micronutriënt voor meststoffen uit productfunctiecategorie 1 C) gelden voor de doeleinden van deze categorie.

 

4.  Producten die worden verkocht in het kader van productfunctiecategorie 1 C bis) voldoen aan de in bijlage I beschreven contaminantenwaarden die zijn vastgesteld voor organische of organisch-minerale meststoffen in alle gevallen waarin productfunctiecategorie 1 C) geen grenswaarden bevat voor die contaminanten.

Amendement    171

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 2 – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een kalkmeststof is een bemestingsproduct met CE-markering dat is bedoeld om de zuurtegraad van de bodem te corrigeren en oxiden, hydroxiden, carbonaten of silicaten van de nutriënten calcium (Ca) of magnesium (Mg) bevat.

1.  Een kalkmeststof is een bemestingsproduct met CE-markering dat is bedoeld om de zuurtegraad van de bodem te corrigeren en oxiden, hydroxiden, carbonaten of/en silicaten van de nutriënten calcium (Ca) of magnesium (Mg) bevat.

Amendement    172

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 2 – punt 2 – bolletje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  cadmium (Cd)  3 mg/kg vaste stof,

•  cadmium (Cd)  1 mg/kg vaste stof,

Amendement    173

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 2 – punt 2 – bolletje 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  lood (Pb)  200 mg/kg vaste stof, en

•  lood (Pb)  20 mg/kg vaste stof, en

Amendement    174

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 2 – punt 2 – bolletje 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  arseen (As)  120 mg/kg vaste stof.

•  arseen (As)  20 mg/kg vaste stof.

Amendement    175

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Een bodemverbeteraar is een bemestingsproduct met CE-markering dat is bedoeld om aan de bodem te worden toegevoegd teneinde de fysische of chemische eigenschappen, de structuur of de biologische activiteit daarvan in stand te houden, te verbeteren of te beschermen.

Een bodemverbeteraar is een materiaal, met inbegrip van mulch, dat in situ aan de bodem wordt toegevoegd, in eerste instantie om de fysische eigenschappen ervan in stand te houden of te verbeteren, en dat de chemische en/of biologische eigenschappen of activiteit van die bodem kan verbeteren.

Amendement    176

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 3 – punt 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis. Het bemestingsproduct met CE-markering bevat ten minste 15 % materiaal van biologische oorsprong.

Amendement    177

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 3 A) – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een organische bodemverbeteraar bestaat geheel uit materiaal van uitsluitend biologische oorsprong, met uitzondering van materiaal dat is gefossiliseerd of ingebed in geologische formaties.

1.  Een organische bodemverbeteraar bestaat geheel uit materiaal van uitsluitend biologische oorsprong, met inbegrip van turf, leonardiet, ligniet en daaruit verkregen humusstoffen, maar met uitzondering van andere materialen die zijn gefossiliseerd of ingebed in geologische formaties.

Amendement    178

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 3 A) – punt 2 – bolletje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  cadmium (Cd)  3 mg/kg vaste stof,

•  cadmium (Cd)  1,5 mg/kg vaste stof,

Amendement    179

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 3 A) – punt 2 – bolletje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  zeswaardig chroom (Cr(VI))  2 mg/kg vaste stof,

•  zeswaardig chroom (Cr(VI))  1 mg/kg vaste stof,

Amendement    180

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 1 A) – punt 2 – bolletje 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  lood (Pb)  120 mg/kg vaste stof.

•  lood (Pb)  20 mg/kg vaste stof.

Amendement    181

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 3 A) – punt 3 – letter a

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

(a)  mag Salmonella spp. niet voorkomen in een monster van 25 g van het bemestingsproduct met CE-markering;

Amendement

(a)  mogen pathogenen in de organische bodemverbeteraar niet voorkomen in een concentratie die hoger ligt dan de respectieve grenswaarden in onderstaande tabel:

Te testen micro-organisme

Steekproefplannen

Grenswaarde

 

n

c

m

M

Salmonella spp.

5

0

0

Afwezig in 25 g of 25 ml

Escherichia coli of Enterococcaceae

5

5

0

1 000 in 1 g of 1 ml

n = aantal te testen monsters,

c = aantal monsters waarbij het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve, mag liggen tussen m en M,

m = drempelwaarde voor het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve, dat als bevredigend wordt beschouwd,

M = maximale waarde voor het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve.

De parasieten Ascaris spp. en Toxocara spp. in alle fasen van hun ontwikkeling mogen niet voorkomen in 100 g of 100 ml organische bodemverbeteraar.

Amendement    182

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 3 B) – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een anorganische bodemverbeteraar is een bodemverbeteraar anders dan een organische bodemverbeteraar.

1.  Een anorganische bodemverbeteraar is een bodemverbeteraar anders dan een organische bodemverbeteraar, en omvat ook mulchfolies. Een biologisch afbreekbare mulchfolie is een biologisch afbreekbare polymeerfolie die met name voldoet aan de eisen van de punten 2 bis en 3 van bestanddelencategorie 10 in bijlage II en is bedoeld om in situ op de bodem te worden aangebracht om de structuur ervan te beschermen, de groei van onkruid tegen te gaan, het vochtverlies in de bodem te beperken of erosie te voorkomen.

Amendement    183

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 3 B) – punt 2 – bolletje 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  lood (Pb)  150 mg/kg vaste stof.

•  lood (Pb)  20 mg/kg vaste stof.

Amendement    184

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 4 – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een groeimedium is een materiaal, anders dan bodem, bedoeld om als substraat voor wortelvorming te dienen.

1.  Een groeimedium is een materiaal, anders dan bodem in situ, waarin planten en paddenstoelen worden geteeld.

Amendement    185

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 4 – punt 2 – bolletje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  cadmium (Cd)  3 mg/kg vaste stof,

•  cadmium (Cd)  1,5 mg/kg vaste stof,

Amendement    186

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 4 – punt 2 – bolletje 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  lood (Pb)  150 mg/kg vaste stof.

•  lood (Pb)  20 mg/kg vaste stof.

Amendement    187

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 4 – punt 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

3.  Salmonella spp. mag niet voorkomen in een monster van 25 g van het bemestingsproduct met CE-markering.

Amendement

3.  Pathogenen mogen in het groeimedium niet voorkomen in een concentratie die hoger ligt dan de respectieve grenswaarden in onderstaande tabel:

Te testen micro-organisme

Steekproefplannen

Grenswaarde

 

n

c

m

M

Salmonella spp.

5

0

0

Afwezig in 25 g of 25 ml

Escherichia coli of Enterococcaceae

5

5

0

1 000 in 1 g of 1 ml

n = aantal te testen monsters,

c = aantal monsters waarbij het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve, mag liggen tussen m en M,

m = drempelwaarde voor het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve, dat als bevredigend wordt beschouwd,

M = maximale waarde voor het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve.

De parasieten Ascaris spp. en Toxocara spp. in alle fasen van hun ontwikkeling mogen niet voorkomen in 100 g of 100 ml groeimedium.

Amendement    188

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 5 – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Een agronomisch toevoegingsmiddel is een bemestingsproduct met CE-markering dat is bedoeld om aan een product dat planten van nutriënten voorziet te worden toegevoegd, teneinde de afgiftepatronen van de nutriënten in dat product te verbeteren.

Een agronomisch toevoegingsmiddel is een bemestingsproduct met CE-markering dat is bedoeld om te worden toegevoegd aan een product, hetgeen een bewezen effect heeft op de omzetting of de beschikbaarheid voor planten van verschillende vormen minerale of gemineraliseerde nutriënten, of beide, of dat moet worden toegevoegd aan de bodem teneinde de opname van nutriënten door planten te verbeteren of het verlies van nutriënten te beperken.

Amendement    189

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 5 A) – punt 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Elke stof in deze categorie moet overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd36, waarbij het registratiedossier het volgende moet bevatten:

Elke stof in deze categorie moet overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd36, tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in artikel 6 van die verordening of in bijlage IV of V bij die verordening.

__________________

__________________

36 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

36 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

Amendement    190

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 5 A) – punt 2 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  de in de bijlagen VI, VII en VIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 bedoelde informatie, alsmede

Schrappen

Amendement    191

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 5 A) – punt 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  een chemischeveiligheidsrapport overeenkomstig artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dat betrekking heeft op het gebruik als bemestingsproduct,

Schrappen

Amendement    192

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 5 A) – punt 2 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in bijlage IV bij die verordening of in de punten 6, 7, 8 of 9 van bijlage V bij die verordening.

Schrappen

Amendement    193

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 5 A) I bis) (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Productfunctiecategorie 5 A) I bis): denitrificatieremmer

 

1.  Een denitrificatieremmer is een remmer die de vorming van distikstofoxide (N2O) beperkt door de omzetting van nitraat (NO3-) in distikstof (N2) te vertragen of te blokkeren, zonder invloed uit te oefenen op het nitrificatieproces als beschreven in productfunctiecategorie 5 A) I). Dit draagt ertoe bij dat er meer nitraat beschikbaar wordt voor de plant en de N2O-emissies worden beperkt.

 

2.  De doeltreffendheid van deze methode kan worden beoordeeld door de distikstofoxide-emissies te meten in gasmonsters die zijn verzameld in een geschikt meettoestel en door de hoeveelheid N2O in dat monster te meten in een gaschromatograaf. Bij de beoordeling wordt tevens het watergehalte van de bodem genoteerd.

Amendement    194

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 5 B) – punt 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De stof moet overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd37, waarbij het registratiedossier het volgende moet bevatten:

2. De stof moet overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd37, tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in artikel 6 van die verordening of in bijlage IV of bijlage V bij die verordening.

__________________

__________________

37 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

37 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

Amendement    195

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 5 B) – punt 2 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  de in de bijlagen VI, VII en VIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 bedoelde informatie, alsmede

Schrappen

Amendement    196

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 5 B) – punt 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  een chemischeveiligheidsrapport overeenkomstig artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dat betrekking heeft op het gebruik als bemestingsproduct,

Schrappen

Amendement    197

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 5 B) – punt 2 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in bijlage IV bij die verordening of in de punten 6, 7, 8 of 9 van bijlage V bij die verordening.

Schrappen

Amendement    198

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 5 C) – punt 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De stof moet overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd38, waarbij het registratiedossier het volgende moet bevatten:

2. De stof moet overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd38, tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in artikel 6 van die verordening of in bijlage IV of bijlage V bij die verordening.

__________________

__________________

38 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

38 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

Amendement    199

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 5 C) – punt 2 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  de in de bijlagen VI, VII en VIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 bedoelde informatie, alsmede

Schrappen

Amendement    200

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 5 C) – punt 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  een chemischeveiligheidsrapport overeenkomstig artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dat betrekking heeft op het gebruik als bemestingsproduct,

Schrappen

Amendement    201

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 5 C) – punt 2 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in bijlage IV bij die verordening of in de punten 6, 7, 8 of 9 van bijlage V bij die verordening.

Schrappen

Amendement    202

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 6 – punt 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een biostimulant voor planten is een bemestingsproduct met CE-markering dat de voedingsprocessen van een plant stimuleert onafhankelijk van het gehalte aan nutriënten van het product, met als enige doel een of meer van de volgende eigenschappen van de plant te verbeteren:

1.  Een biostimulant voor planten is een bemestingsproduct met CE-markering dat de voedingsprocessen van een plant stimuleert onafhankelijk van het gehalte aan nutriënten van het product, met als enige doel een of meer van de volgende eigenschappen van de plant en de rizosfeer of de fyllosfeer van de plant te verbeteren:

Amendement    203

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 6 – punt 1 – letter c bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(c bis)  de beschikbaarheid van in de bodem en de rizosfeer vastgehouden nutriënten

Amendement    204

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 6 – punt 1 – letter c ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(c ter)  humificatie

Amendement    205

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 6 – punt 1 – letter c quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(c quater)  de afbraak van organische verbindingen in de bodem, of

Amendement    206

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 6 – punt 2 – bolletje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  cadmium (Cd)  3 mg/kg vaste stof,

•  cadmium (Cd)  1,5 mg/kg vaste stof,

Amendement    207

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 6 – punt 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De biostimulant voor planten moet de op het etiket aangegeven effecten hebben op de eveneens op het etiket vermelde gewassen.

3.  De biostimulant voor planten moet de op het etiket aangegeven effecten hebben op de eveneens op het etiket vermelde plant. Indien de biostimulant voor planten een of meer ingrediënten bevat die zijn goedgekeurd overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009, omvat de bij de conformiteitsbeoordeling te verschaffen informatie dwingend empirisch bewijs van het effect van de biostimulant, rekening houdend met relevante parameters, zoals de relatieve concentratie van de bestanddelen, dosering, duur, het groeistadium van de planten, de doelgewassen, enz.

Amendement    208

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 6 A) – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een microbiële biostimulant voor planten bestaat uitsluitend uit een micro-organisme of een consortium van micro-organismen zoals bedoeld in bestanddelencategorie 7 in bijlage II.

1.  Een microbiële biostimulant voor planten bestaat uit:

 

(a)  een micro-organisme of een consortium van micro-organismen zoals bedoeld in bestanddelencategorie 7 in bijlage II;

 

(b)  andere micro-organismen of een ander consortium van micro-organismen dan die bedoeld onder a). Ze kunnen als bestanddelencategorieën worden gebruikt voor zover zij aan de in bestanddelencategorie 7 van bijlage II vastgestelde vereisten voldoen.

Amendement    209

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 6 A) – punt 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

3.  Salmonella spp. mag niet voorkomen in een monster van 25 g of 25 ml van het bemestingsproduct met CE-markering.

 

Amendement

3.  Pathogenen mogen in de microbiële biostimulant voor planten niet voorkomen in een concentratie die hoger ligt dan de respectieve grenswaarden in onderstaande tabel:

Micro-organismen/toxinen en metabolieten daarvan

Steekproefplannen

Grenswaarde

 

n

c

 

Salmonella spp.

5

0

Afwezig in 25 g of 25 ml

Escherichia coli

5

0

Afwezig in 1 g of 1 ml

Listeria monocytogenes

5

0

Afwezig in 25 g of 25 ml

Vibrio spp.

5

0

Afwezig in 25 g of 25 ml

Shigella spp.

5

0

Afwezig in 25 g of 25 ml

Staphylococcus aureus

5

0

Afwezig in 25 g of 25 ml

Enterococcaceae

5

2

10 kve/g

Anaeroob kiemgetal, tenzij de microbiële biostimulant een aerobe bacterie is

5

2

105 kve/g of ml

Telling van gisten en schimmels, tenzij de microbiële biostimulant een schimmel is

5

2

1 000 kve/g of ml

waarbij  n = aantal eenheden van de steekproef; c = aantal steekproefeenheden met waarden boven de gedefinieerde grenswaarde.

Amendement    210

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 6 A) – punt 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  Escherichia coli mag niet voorkomen in een monster van 1 g of 1 ml van het bemestingsproduct met CE-markering.

Schrappen

Amendement    211

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 6 A) – punt 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  Enterococcaceae mogen niet in het bemestingsproduct met CE-markering voorkomen in grotere hoeveelheden dan 10 kve/g verse massa.

Schrappen

Amendement    212

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 6 A) – punt 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6.  Listeria monocytogenes mag niet voorkomen in een monster van 25 g of 25 ml van het bemestingsproduct met CE-markering.

Schrappen

Amendement    213

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 6 A) – punt 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

7.  Vibrio spp. mag niet voorkomen in een monster van 25 g of 25 ml van het bemestingsproduct met CE-markering.

Schrappen

Amendement    214

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 6 A) – punt 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

8.  Shigella spp. mag niet voorkomen in een monster van 25 g of 25 ml van het bemestingsproduct met CE-markering.

Schrappen

Amendement    215

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 6 A) – punt 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

9.  Staphylococcus aureus mag niet voorkomen in een monster van 1 g of 1 ml van het bemestingsproduct met CE-markering.

Schrappen

Amendement    216

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 6 A) – punt 10

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

10.  Het aeroob kiemgetal bedraagt ten hoogste 105 kve/g of ml monster van het bemestingsproduct met CE-markering, tenzij de microbiële biostimulant een aerobe bacterie is.

Schrappen

Amendement    217

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 6 A) – punt 12 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

moet de biostimulant voor planten een pH van 4 of hoger hebben.

Schrappen

Amendement    218

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 6 A) – punt 13

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

13.  De houdbaarheidstermijn van de microbiële biostimulant voor planten bedraagt ten minste 6 maanden onder de op het etiket vermelde opslagomstandigheden.

Schrappen

Amendement    219

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – Productfunctiecategorie 7– punt 3 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Door het blenden mag de aard van elk samenstellend bemestingsproduct niet worden gewijzigd

3.  Door het blenden mag de functie van elk samenstellend bemestingsproduct niet worden gewijzigd

Amendement    220

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel I – Bestanddelencategorie 11 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Bestanddelencategorie 11 bis: andere bijproducten van de industrie

Amendement    221

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 1 – punt 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag stoffen en mengsels bevatten anders dan39

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag stoffen en mengsels, met inbegrip van technische toevoegingsmiddelen, bevatten anders dan39

__________________

__________________

39 De uitsluiting van een materiaal uit bestanddelencategorie 1 verhindert niet dat het als bestanddeel in aanmerking kan komen krachtens een andere bestanddelencategorie waarvoor andere eisen gelden. Zie bijvoorbeeld bestanddelencategorie 11 betreffende dierlijke bijproducten, de bestanddelencategorieën 9 en 10 betreffende polymeren en bestanddelencategorie 8 betreffende agronomische toevoegingsmiddelen.

39 De uitsluiting van een materiaal uit bestanddelencategorie 1 verhindert niet dat het als bestanddeel in aanmerking kan komen krachtens een andere bestanddelencategorie waarvoor andere eisen gelden. Zie bijvoorbeeld bestanddelencategorie 11 betreffende dierlijke bijproducten, de bestanddelencategorieën 9 en 10 betreffende polymeren en bestanddelencategorie 8 betreffende agronomische toevoegingsmiddelen.

Amendement    222

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 1 – punt 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  bijproducten in de zin van Richtlijn 2008/98/EEG,

(b)  bijproducten in de zin van Richtlijn 2008/98/EEG, met uitzondering van bijproducten die geregistreerd zijn overeenkomstig de bepalingen van Verordening (EG) nr. 1907/2006, anders dan de bijproducten die vallen onder de in punt 5 van bijlage V bij die verordening vastgelegde vrijstellingen van de registratieplicht,

Amendement    223

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 1 – punt 1 – letter e

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(e)  polymeren, of

(e)  polymeren, met uitzondering van de polymeren die worden gebruikt in groeimedia die niet in aanraking komen met de bodem, of

Amendement    224

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 1 – punt 2 – alinea 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Alle stoffen die, als zodanig of in een mengsel, in het bemestingsproduct met CE-markering zijn verwerkt, moeten overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd, waarbij het registratiedossier het volgende moet bevatten:

Tenzij ze expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht vallen waarin is voorzien in artikel 6 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 of de bijlagen IV of V bij die verordening, moeten alle stoffen die, als zodanig of in een mengsel, in het bemestingsproduct met CE-markering zijn verwerkt, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd, waarbij het registratiedossier het volgende moet bevatten:

Amendement    225

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 1 – punt 2 – alinea 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  de in de bijlagen VI, VII en VIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 bedoelde informatie, alsmede

Schrappen

Amendement    226

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 1 – punt 2 – alinea 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  een chemischeveiligheidsrapport overeenkomstig artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dat betrekking heeft op het gebruik als bemestingsproduct,

Schrappen

Amendement    227

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 1 – punt 2 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in bijlage IV bij die verordening of in de punten 6, 7, 8 of 9 van bijlage V bij die verordening.

Schrappen

Amendement    228

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 2 – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag planten, delen van planten of plantenextracten bevatten die geen andere bewerking hebben ondergaan dan snijden, fijnmaken, centrifugeren, persen, drogen, vriesdrogen of extraheren met water.

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag planten, delen van planten of plantenextracten bevatten die geen andere bewerking hebben ondergaan dan snijden, fijnmaken, centrifugeren, zeven, malen, persen, drogen, vriesdrogen, bufferen, extruderen, bestralen, behandelen door bevriezing, zuiveren door verhitting, extraheren met water of een andere bereiding/bewerking die niet tot gevolg heeft dat de uiteindelijke stof moet worden geregistreerd uit hoofde van Verordening (EG) nr. 1907/2006.

Amendement    229

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 2 – punt 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Voor de toepassing van punt 1 hierboven worden algen geacht tot de planten te behoren, maar blauwwieren niet.

2.  Voor de toepassing van punt 1 hierboven worden algen geacht tot de planten te behoren, met uitzondering van blauwwieren die cyanotoxinen produceren die overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1272/2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels als gevaarlijk zijn aangemerkt.

Amendement    230

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 3 – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag compost bevatten die is verkregen uit aerobe compostering van uitsluitend een of meer van de volgende uitgangsmaterialen:

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag compost, een vloeibaar of niet-vloeibaar microbieel of niet-microbieel extract van compost bevatten die is verkregen uit aerobe compostering en de mogelijke daaropvolgende vermenigvuldiging van de van nature erin voorkomende microben van uitsluitend een of meer van de volgende uitgangsmaterialen:

Amendement    231

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 3 – punt 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  dierlijke bijproducten van de categorieën 2 en 3 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1069/2009;

(b)  van dierlijke bijproducten afgeleide producten als bedoeld in artikel 32 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 waarvoor het eindpunt in de productieketen is vastgesteld overeenkomstig artikel 5 van die verordening;

Amendement    232

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 3 – punt 1 – letter c – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  levende of dode organismen of delen daarvan, onbewerkt of enkel bewerkt met de hand, met mechanische hulpmiddelen of met behulp van de zwaartekracht, door oplossing in water, door flotatie, door extractie met water, door stoomdistillatie, of door verhitting uitsluitend om water te onttrekken, of die met enig hulpmiddel aan de lucht zijn onttrokken, met uitzondering van

c)  levende of dode organismen of delen daarvan, onbewerkt of enkel bewerkt met de hand, met mechanische hulpmiddelen of met behulp van de zwaartekracht, door oplossing in water, door flotatie, door extractie met water, met uitzondering van

Amendement    233

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 3 – punt 1 – letter c – bolletje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  zuiveringsslib, industrieel slib, of baggerslib, en

•  zuiveringsslib, industrieel slib (met uitzondering van niet-consumeerbare voedselresten, voeder en planten die verband houden met agrobrandstoffen), of baggerslib, en

Amendement    234

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 3 – punt 1 – letter d – – bolletje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  het toevoegingsmiddel overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 is geregistreerd, waarbij het registratiedossier het volgende moet bevatten:

•  het toevoegingsmiddel overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 is geregistreerd40, tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in artikel 6 van die verordening of in bijlage IV of bijlage V bij die verordening.

__________________

__________________

40 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

40 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

Amendement    235

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 3 – punt 1 – letter d – bolletje 1 – streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  de in de bijlagen VI, VII en VIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 bedoelde informatie, alsmede

Schrappen

Amendement    236

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 3 – punt 1 – letter d – bolletje 1 – streepje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  een chemischeveiligheidsrapport overeenkomstig artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dat betrekking heeft op het gebruik als bemestingsproduct,

Schrappen

Amendement    237

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 3 – punt 1 – letter d – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in bijlage IV bij die verordening of in de punten 6, 7, 8 of 9 van bijlage V bij die verordening, en

Schrappen

het totale gehalte aan alle toevoegingsmiddelen niet meer bedraagt dan 5 % van het totale gewicht van het uitgangsmateriaal; of

 

Amendement    238

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 3 – punt 1 – letter e bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(e bis)  onbewerkte en mechanisch bewerkte residuen van de levensmiddelenindustrie, met uitzondering van residuen van industrieën die dierlijke bijproducten gebruiken overeenkomstig Richtlijn (EG) nr. 1069/2009.

Amendement    239

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 3 – punt 1 – letter e ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(e ter)  materialen die voldoen aan bestanddelencategorieën 2, 3, 4, 5, 6 en 11.

Amendement    240

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 3 – punt 2 – bolletje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

–  waar alleen de in punt 1 hierboven bedoelde uitgangsmaterialen worden verwerkt, en

–  waar productlijnen voor de verwerking van de in punt 1 hierboven bedoelde uitgangsmaterialen duidelijk worden gescheiden van productlijnen voor de verwerking van andere dan de in punt 1 bedoelde uitgangsmaterialen, en

Amendement    241

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 3 – punt 6 – letter a – bolletje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  criterium: maximaal 25 mmol O2/kg organisch materiaal/h; of

•  criterium: maximaal 50 mmol O2/kg organisch materiaal/h; of

Amendement    242

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 4 – titel

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Bestanddelencategorie 4: digestaat van energiegewassen

Bestanddelencategorie 4: digestaat van energiegewassen en plantaardig bioafval

Amendement    243

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 4 – punt 1 – letter b – bolletje 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  het toevoegingsmiddel overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 is geregistreerd43, waarbij het registratiedossier het volgende moet bevatten:

•  het toevoegingsmiddel overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 is geregistreerd43, tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in artikel 6 van die verordening of in bijlage IV of bijlage V bij die verordening.

__________________

__________________

43 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

43 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

Amendement    244

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 4 – punt 1 – letter b – bolletje 1 – streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  de in de bijlagen VI, VII en VIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 bedoelde informatie, alsmede

Schrappen

Amendement    245

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 4 – punt 1 – letter b – bolletje 1 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  een chemischeveiligheidsrapport overeenkomstig artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dat betrekking heeft op het gebruik als bemestingsproduct,

Schrappen

Amendement    246

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 4 – punt 1 – letter b – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in bijlage IV bij die verordening of in de punten 6, 7, 8 of 9 van bijlage V bij die verordening, en

Schrappen

  het totale gehalte aan alle toevoegingsmiddelen niet meer bedraagt dan 5 % van het totale gewicht van het uitgangsmateriaal; of

 

Amendement    247

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 4 – punt 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(c)  een onder a) of b) bedoeld materiaal dat in een eerder stadium is vergist.

(c)  een onder a) of b) bedoeld materiaal dat in een eerder stadium is vergist zonder sporen van aflatoxinen.

Amendement    248

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 4 – punt 2 – bolletje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  waar alleen de in punt 1 hierboven bedoelde uitgangsmaterialen worden verwerkt, en

•  waar productlijnen voor de verwerking van de in punt 1 hierboven bedoelde uitgangsmaterialen duidelijk worden gescheiden van productlijnen voor de verwerking van andere dan de in punt 1 bedoelde uitgangsmaterialen, en

Amendement    249

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 4 – punt 3 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  thermofiele anaerobe vergisting bij 55 °C met een verwerkingsproces waarin een pasteurisatiestap is opgenomen (70 °C – 1 uur);

(b)  thermofiele anaerobe vergisting bij 55 °C met een verwerkingsproces dat pasteurisatie omvat als omschreven in bijlage V, hoofdstuk 1, afdeling 1, punt 1, bij Verordening (EU) nr. 142/2011 van de Commissie1 bis;

 

_________________

 

1 bis Verordening (EU) nr. 142/2011 van de Commissie van 25 februari 2011 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 1069/2009 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van gezondheidsvoorschriften inzake niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten en afgeleide producten en tot uitvoering van Richtlijn 97/78/EG van de Raad wat betreft bepaalde monsters en producten die vrijgesteld zijn van veterinaire controles aan de grens krachtens die richtlijn (PB L 54 van 26.2.2011, blz. 1).

Amendement    250

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 4 – punt 3 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d)  mesofiele anaerobe vergisting bij 37-40 °C met een verwerkingsproces waarin een pasteurisatiestap is opgenomen (70 °C – 1 uur); of

d)  mesofiele anaerobe vergisting bij 37-40 °C met een verwerkingsproces dat pasteurisatie omvat als omschreven in bijlage V, hoofdstuk 1, afdeling 1, punt 1, bij Verordening (EU) nr. 142/2011; of

Amendement    251

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 5 – punt 1 – letter c – bolletje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  zuiveringsslib, industrieel slib, of baggerslib,

•  zuiveringsslib, industrieel slib anders dan vermeld onder e bis), of baggerslib, en

Amendement    252

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 5 – punt 1 – letter d – bolletje 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  het toevoegingsmiddel overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 is geregistreerd44, waarbij het registratiedossier het volgende moet bevatten:

•  het toevoegingsmiddel overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 is geregistreerd44, tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in artikel 6 van die verordening of in bijlage IV of bijlage V bij die verordening.

__________________

__________________

44 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

44 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

Amendement    253

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 5 – punt 1 – letter d – bolletje 1 – streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  de in de bijlagen VI, VII en VIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 bedoelde informatie, alsmede

Schrappen

Amendement    254

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 5 – punt 1 – letter d – bolletje 1 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  een chemischeveiligheidsrapport overeenkomstig artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dat betrekking heeft op het gebruik als bemestingsproduct,

Schrappen

tenzij de stof onder de vrijstelling van de registratieplicht valt waarin is voorzien in bijlage IV bij die verordening of in de punten 6, 7, 8 of 9 van bijlage V bij die verordening, en

 

  het totale gehalte aan alle toevoegingsmiddelen niet meer bedraagt dan 5 % van het totale gewicht van het uitgangsmateriaal; of

 

Amendement    255

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 5 – punt 1 – letter e – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(e)  een onder a) tot en met d) vermeld materiaal dat

(e)  een onder a) tot en met d) vermeld materiaal zonder aflatoxinen dat

Amendement    256

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 5 – punt 1 – letter e bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(e bis)  onbewerkte en mechanisch bewerkte residuen van de levensmiddelenindustrie, met uitzondering van residuen van industrieën die dierlijke bijproducten gebruiken overeenkomstig Richtlijn (EG) nr. 1069/2009.

Amendement    257

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 5 – punt 1 – letter e ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(e ter)  materialen die voldoen aan bestanddelencategorieën 2, 3, 4, 5, 6 en 11.

Amendement    258

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 5 – punt 2 – bolletje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  waar alleen de in punt 1 hierboven bedoelde uitgangsmaterialen worden verwerkt, en

•  waar productlijnen voor de verwerking van de in punt 1 hierboven bedoelde uitgangsmaterialen duidelijk worden gescheiden van productlijnen voor de verwerking van andere dan de in punt 1 bedoelde uitgangsmaterialen, en

Amendement    259

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 5 – punt 3 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a)  thermofiele anaerobe vergisting bij 55 °C gedurende minstens 24 uur en een hydraulische verblijftijd van ten minste 20 dagen;

(a)  thermofiele anaerobe vergisting bij 55 °C gedurende minstens 24 uur en een hydraulische verblijftijd van ten minste 20 dagen, gevolgd door een analyse om te controleren of de ziekteverwekkers bij het vergistingsproces daadwerkelijk zijn vernietigd;

Amendement    260

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 5 – punt 3 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  thermofiele anaerobe vergisting bij 55 °C met een verwerkingsproces waarin een pasteurisatiestap is opgenomen (70 °C – 1 uur);

(b)  thermofiele anaerobe vergisting bij 55 °C met een verwerkingsproces dat pasteurisatie omvat als omschreven in bijlage V, hoofdstuk 1, afdeling 1, punt 1, bij Verordening (EU) nr. 142/2011;

Amendement    261

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 5 – punt 3 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d)  mesofiele anaerobe vergisting bij 37-40 °C met een verwerkingsproces waarin een pasteurisatiestap is opgenomen (70 °C – 1 uur); of

d)  mesofiele anaerobe vergisting bij 37-40 °C met een verwerkingsproces dat pasteurisatie omvat als omschreven in bijlage V, hoofdstuk 1, afdeling 1, punt 1, bij Verordening (EU) nr. 142/2011; of

Amendement    262

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 6 – punt 1 – letter c bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(c bis)  perskoeken van olijven, d.w.z. een stroperig bijproduct dat afkomstig is uit het persen van olijven en dat wordt verkregen door een behandeling van de vochtige olijfdroesem met organische oplosmiddelen in twee (alperujo) of drie (orujo) fasen.

Amendement    263

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 6 – punt 1 – letter c ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(c ter)  bijproducten van de diervoederindustrie die zijn opgenomen in de catalogus van afzonderlijke voedermiddelen van Verordening (EU) nr. 68/2013,

Amendement    264

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 6 – punt 1 – letter c quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(c quater)  elk ander materiaal of elke andere stof dat c.q. die is goedgekeurd voor verwerking in levensmiddelen of diervoeder.

Amendement    265

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 6 – punt 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De stof moet overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd47, waarbij het registratiedossier het volgende moet bevatten:

De stof moet overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd47, tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in artikel 6 van die verordening of in bijlage IV of bijlage V bij die verordening.

__________________

__________________

47 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen stof wordt aan deze voorwaarde voldaan indien de stof in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dezelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

47 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen stof wordt aan deze voorwaarde voldaan indien de stof in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dezelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

Amendement    266

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 6 – punt 2 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  de in de bijlagen VI, VII en VIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 bedoelde informatie, alsmede

Schrappen

Amendement    267

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 6 – punt 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  een chemischeveiligheidsrapport overeenkomstig artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dat betrekking heeft op het gebruik als bemestingsproduct,

Schrappen

Amendement    268

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 6 – punt 2 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in bijlage IV bij die verordening of in de punten 6, 7, 8 of 9 van bijlage V bij die verordening.

Schrappen

Amendement    269

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 6 – punt 2 – alinea 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Het gehalte aan aflatoxinen moet in alle stoffen onder de detectiegrens liggen.

Amendement    270

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 7 – punt 1 – bolletje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  geen andere bewerking dan drogen of vriesdrogen hebben ondergaan en

Schrappen

Amendement    271

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 8 – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag een stof of een mengsel bevatten, bedoeld ter verbetering van de afgiftepatronen van de nutriënten in het bemestingsproduct, maar uitsluitend indien is aangetoond dat die stof of dat mengsel aan de eisen van deze verordening voor een product van productfunctiecategorie 5 van bijlage I voldoet, overeenkomstig de conformiteitsbeoordelingsprocedure die op een dergelijk agronomisch toevoegingsmiddel van toepassing is.

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag een stof of een mengsel bevatten (met inbegrip van technische toevoegingsmiddelen zoals antiklontermiddelen, schumwerende middelen, stofwerende middelen, kleurstoffen en reologische middelen), bedoeld ter verbetering van de afgiftepatronen van de nutriënten in het bemestingsproduct, maar uitsluitend indien is aangetoond dat die stof of dat mengsel aan de eisen van deze verordening voor een product van productfunctiecategorie 5 van bijlage I voldoet, overeenkomstig de conformiteitsbeoordelingsprocedure die op een dergelijk agronomisch toevoegingsmiddel van toepassing is.

Amendement    272

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 8 – punt 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag een conforme denitrificatieremmer bevatten, zoals bedoeld in productfunctiecategorie 5 A) I bis) van bijlage I, maar uitsluitend indien het stikstof bevat, in welke vorm dan ook.

Amendement    273

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 8 – punt 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag een conforme ureaseremmer bevatten, zoals bedoeld in productfunctiecategorie 5 A) II) van bijlage I, maar uitsluitend indien ten minste 50 % van het totale gehalte stikstof (N) van het bemestingsproduct bestaat uit stikstof (N) in de vorm van ureum (CH4N2O).

4.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag een conforme ureaseremmer bevatten, zoals bedoeld in productfunctiecategorie 5 A) II) van bijlage I, maar uitsluitend indien ten minste 50 % van het totale gehalte stikstof (N) van het bemestingsproduct bestaat uit stikstof (N) in de vorm van ammonium (NH4+) of ammonium (NH4+) en ureum (CH4N2O).

Amendement    274

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 9 – punt 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De polymeren mogen geen formaldehyde bevatten.

3.  De polymeren bevatten een concentratie vrij formaldehyde van maximaal 600 ppm.

Amendement    275

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 10 – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag andere polymeren dan nutriëntenpolymeren bevatten, maar uitsluitend in gevallen waarin het polymeer tot doel heeft om

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag andere polymeren dan nutriëntenpolymeren bevatten, maar uitsluitend in gevallen waarin het polymeer tot doel heeft om

(a)   het doordringen van water in de nutriëntendeeltjes, en daarmee de afgifte van nutriënten, te reguleren (in welk geval het polymeer doorgaans als "bedekkingsmiddel" wordt aangeduid), of

(a)   het doordringen van water in de nutriëntendeeltjes, en daarmee de afgifte van nutriënten, te reguleren (in welk geval het polymeer doorgaans als "bedekkingsmiddel" wordt aangeduid), of

(b)   de vochtopnamecapaciteit van het bemestingsproduct met CE-markering te verhogen.

(b)   de vochtopnamecapaciteit van het bemestingsproduct met CE-markering te verhogen, of

 

(b bis)  de bodem te verbeteren als biologisch afbreekbare mulchfolie die met name voldoet aan de eisen van de punten 2 bis en 3 van bestanddelencategorie 10, of

 

(b ter)  onderdelen van het bemestingsproduct te binden, zonder in contact te komen met de bodem, of

 

(b quater)  de stabiliteit van de bemestingsproducten met CE-markering te verbeteren, of

 

(b quinquies)  water beter te doen doordringen in de bodem.

Amendement    276

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 10 – punt 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Met ingang van [Publications office, please insert the date occurring three years after the date of application of this Regulation] moet aan het volgende criterium worden voldaan: het polymeer moet langs fysische, biologische weg afgebroken kunnen worden, zodat het uiteindelijk grotendeels uiteenvalt in koolstofdioxide (CO2), biomassa en water. Ten minstens 90 % van de organische koolstof in het polymeer moet in maximaal 24 maanden worden omgezet in CO2 bij een test van de biologische afbreekbaarheid zoals beschreven onder a) - c) hieronder.

2.  Met ingang van ... [vijf jaar na de datum van toepassing van deze verordening] moet aan het volgende criterium worden voldaan: het polymeer moet langs fysische, biologische weg afgebroken kunnen worden, zodat het uiteindelijk grotendeels uiteenvalt in koolstofdioxide (CO2), biomassa en water. Ten minstens 90 % van de organische koolstof in het polymeer moet in maximaal 48 maanden worden omgezet in CO2 na afloop van de op het etiket aangegeven beweerde werkingsperiode van het bemestingsproduct en vergeleken met een passende norm in de test van de biologische afbreekbaarheid. De criteria inzake biologische afbreekbaarheid en de ontwikkeling van een passende testmethode voor biologische afbreekbaarheid wordt geëvalueerd aan de hand van het meest recente wetenschappelijke bewijs en vastgelegd in gedelegeerde handelingen die worden aangenomen in overeenstemming met artikel 42 van deze verordening.

(a)  De test wordt uitgevoerd bij 25 ± 2 °C.

 

(b)  De test wordt uitgevoerd volgens een methode voor de bepaling van de totale aerobe biologische afbreekbaarheid van kunststoffen in de bodem door meting van het zuurstofverbruik of de hoeveelheid ontwikkelde koolstofdioxide.

 

(c)  Een microkristallijn cellulosepoeder met dezelfde afmetingen als het testmateriaal wordt bij de test als referentiemateriaal gebruikt.

 

(d)  Het testmateriaal mag vóór de test niet worden blootgesteld aan omstandigheden of procedés die zijn bedoeld om de afbraak van de film te versnellen, zoals blootstelling aan warmte of licht.

 

Amendement    277

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 10 – punt 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  De biologisch afbreekbare mulchfolie als bedoeld in productfunctiecategorie 3 B) voldoet aan het volgende criterium:

 

het polymeer kan langs fysische, biologische weg afgebroken worden, zodat het uiteindelijk uiteenvalt in koolstofdioxide (CO2), biomassa en water, en ten minste 90 % van de organische koolstof in het polymeer – hetzij in absolute cijfers, hetzij ten opzichte van het referentiemateriaal – moet in maximaal 24 maanden worden omgezet in CO2 bij een test van de biologische afbreekbaarheid volgens normen van de Unie voor de biologische afbraak van polymeren in de bodem.

Amendement    278

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 10 – punt 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis.  Aangezien het product bedoeld is om te worden toegevoegd aan de bodem en in het milieu terechtkomt, zijn deze criteria van toepassing op alle materialen in het product.

Amendement    279

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 10 – punt 3 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 ter.  Een product met CE-markering dat andere polymeren bevat dan nutriëntpolymeren wordt vrijgesteld van de in de leden 1, 2 en 3 gestelde eisen, mits de polymeren uitsluitend worden gebruikt als bindmiddel voor het bemestingsproduct en ze niet in aanraking komen met de bodem.

Amendement    280

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 11

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Een bemestingsproduct met CE-markering mag dierlijke bijproducten in de zin van Verordening (EG) nr. 1069/2009 bevatten die het eindpunt in de productieketen hebben bereikt, zoals overeenkomstig die verordening bepaald, en die in de onderstaande tabel zijn opgenomen en gespecificeerd:

 

Amendement

Onder voorbehoud van de goedkeuring door de Commissie van de gedelegeerde handelingen overeenkomstig artikel 42 mag een bemestingsproduct met CE-markering dierlijke bijproducten in de zin van Verordening (EG) nr. 1069/2009 bevatten die het eindpunt in de productieketen hebben bereikt, zoals overeenkomstig die verordening bepaald, en die in de onderstaande tabel zijn opgenomen en gespecificeerd:

 

Afgeleid product

Verwerkingsnormen voor het bereiken van het eindpunt in de productieketen

1

Vleesmeel

Vastgesteld overeenkomstig artikel 5, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

2

Beendermeel

Vastgesteld overeenkomstig artikel 5, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

3

Vleesbeendermeel

Vastgesteld overeenkomstig artikel 5, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

4

Dierlijk bloed

Vastgesteld overeenkomstig artikel 5, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

5

Gehydrolyseerde eiwitten van categorie III – overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1069/2009

Vastgesteld overeenkomstig artikel 5, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

6

Verwerkte mest

Vastgesteld overeenkomstig artikel 5, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

7

Compost (1)

Vastgesteld overeenkomstig artikel 5, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

8

Gistingsresiduen van biogas (1)

Vastgesteld overeenkomstig artikel 5, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

9

Verenmeel

Vastgesteld overeenkomstig artikel 5, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

10

Huiden en vellen

Vastgesteld overeenkomstig artikel 5, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

11

Hoeven en hoorns

Vastgesteld overeenkomstig artikel 5, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

12

Vleermuisguano

Vastgesteld overeenkomstig artikel 5, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

13

Wol en haar

Vastgesteld overeenkomstig artikel 5, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

14

Veren en dons

Vastgesteld overeenkomstig artikel 5, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

15

Varkenshaar

Vastgesteld overeenkomstig artikel 5, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

16

Glycerine en andere producten van materialen uit categorie 2 en 3, afkomstig van de productie van biodiesel en hernieuwbare brandstoffen

Vastgesteld overeenkomstig artikel 5, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

17

Voeder voor gezelschapsdieren en hondenkluiven die om commerciële redenen of wegens technische tekortkomingen zijn geweigerd

Vastgesteld overeenkomstig artikel 5, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

(1) afgeleid van materialen van categorie 2 en 3 anders dan vleesbeendermeel en verwerkte dierlijke eiwitten

Amendement    281

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – Bestanddelencategorie 11 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

BESTANDDELENCATEGORIE 11 BIS: andere bijproducten van de industrie

 

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag andere bijproducten van de industrie bevatten, zoals uit de productie van caprolactam verkregen ammoniumsulfaat, uit de raffinage van aardgas en olie verkregen zwavelzuur en andere van specifieke industriële processen afkomstige materialen, die uitgesloten zijn van bestanddelencategorie 1 en die in de onderstaande tabel zijn opgenomen, onder de voorwaarden die daarin worden gespecificeerd:

 

2.  Met ingang van ... [één jaar na de datum van inwerkingtreding van deze verordening] worden aan de hand van het meest recente wetenschappelijke bewijs de criteria vastgesteld voor bijproducten van de industrie die in overeenstemming met Verordening (EG) nr. 2003/2003 zijn gebruikt als bestanddelen van EG-meststoffen met het oog op hun opname in de bestanddelencategorie, en worden deze vastgelegd in gedelegeerde handelingen die overeenkomstig artikel 42 van deze verordening worden vastgesteld.

Amendement    282

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel I – punt 2 – letter e

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(e)  een beschrijving van alle bestanddelen die meer dan 5 gewichtsprocent van het product uitmaken, in aflopende volgorde van grootte drooggewicht, met inbegrip van een aanduiding van de desbetreffende bestanddelencategorieën zoals bedoeld in bijlage II.

(e)  een beschrijving van alle bestanddelen die meer dan gewichtsprocent van het product uitmaken, in aflopende volgorde van grootte drooggewicht, met inbegrip van een aanduiding van de desbetreffende bestanddelencategorieën zoals bedoeld in bijlage II en met inbegrip van het gehalte als percentage droge stof;

Amendement    283

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel I – punt 2 – letter e bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(e bis)  in het geval van producten die materiaal bevatten dat afkomstig is van organische afvalstoffen of bijproducten en die geen proces hebben ondergaan waarbij alle organische materialen zijn vernietigd, moet op het etiket worden vermeld welke afvalstoffen en bijproducten zijn gebruikt, samen met een partijnummer of een nummer van de productietijdreeks. Dat nummer moet verwijzen naar de traceerbaarheidsgegevens die door de producent worden bijgehouden en die de individuele bronnen (landbouwbedrijven, fabrieken enz.) identificeren van alle in de partij/tijdreeks gebruikte organische afvalstoffen/bijproducten. Na een openbare raadpleging en uiterlijk op ... [twee jaar na de inwerkingtreding van deze verordening] publiceert de Commissie specificaties voor de tenuitvoerlegging van deze bepaling, die uiterlijk op ... [drie jaar na de publicatie van de specificaties] van kracht wordt. Om de administratieve lasten voor de marktdeelnemers en de markttoezichtautoriteiten tot een minimum te beperken, moet in de specificaties van de Commissie rekening worden gehouden met de eisen van artikel 6, leden 5 t/m 7, en artikel 11, en met de bestaande traceerbaarheidssystemen (bijvoorbeeld voor dierlijke bijproducten of industriële systemen) alsook met de EU-codes voor de indeling van afvalstoffen.

Amendement    284

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel I – punt 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  De fabrikanten stellen beknopte instructies ter beschikking met betrekking tot het beoogde gebruik, met inbegrip van de beoogde dosering en duur, de beoogde doelplanten en opslag.

Amendement    285

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel I – punt 7 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

7 bis.  Betreffende producten kunnen uitsluitend beweringen worden gedaan in verband met een andere productfunctiecategorie indien zij volledig voldoen aan de vereisten van de productfunctiecategorie in kwestie, en er mogen geen rechtstreekse of impliciete beweringen worden gedaan over de gewasbeschermende werking ervan.

Amendement    286

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 1 – punt 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  het gehalte aan nitrificatieremmer wordt uitgedrukt als massapercentage van de totale stikstof (N) in de vorm van ammoniumstikstof (NH4+) en ureumstikstof (CH4N2O);

(b)  het gehalte aan nitrificatieremmer wordt uitgedrukt als massapercentage van de totale stikstof (N) in de vorm van ammoniumstikstof (NH4+) of ammoniumstikstof (NH4+) en ureumstikstof (CH4N2O);

Amendement    287

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 1 A) – punt 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a)  de aangegeven nutriënten stikstof (N), fosfor (P), of kalium (K), in de volgorde van hun chemische symbolen N-P-K;

(a)  de aangegeven nutriënten stikstof (N), fosfor (P), of kalium (K), in de volgorde van hun chemische symbolen N-P-K; het aangegeven stikstofgehalte is de som van ammoniumstikstof, nitraatstikstof, ureumstikstof, ureumformaldehydestikstof, isobutylideendiureumstikstof, crotonylideendiureumstikstof en cyanamidestikstof.

 

Fosforhoudende meststoffen moeten aan de volgende minimale oplosbaarheidsniveaus voldoen om beschikbaar te zijn voor de planten, zo niet kunnen zij niet als fosforhoudende meststoffen worden aangemerkt:

 

  oplosbaarheid in water: minimaal 25 % van het totale gehalte P,

 

  oplosbaarheid in neutraal ammoniumcitraat: minimaal 30 % van het totale gehalte P,

 

  oplosbaarheid in mierenzuur (enkel voor zacht natuurfosfaat): minimaal 35 % van het totale gehalte P.

Amendement    288

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 1 A) – punt 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  de aangegeven nutriënten magnesium (Mg), calcium (Ca), zwavel (S), of natrium (Na), in de volgorde van hun chemische symbolen Mg-Ca-S-Na;

(b)  de aangegeven nutriënten calcium (Ca), magnesium (Mg), natrium (Na) of zwavel (S) in de volgorde van hun chemische symbolen Ca-Mg-Na-S;

 

(Dit amendement is van toepassing op de gehele tekst. Bij aanneming van dit amendement moet deze wijziging in de gehele tekst worden doorgevoerd.)

Amendement    289

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 1 A) – punt 1 – letter c

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(c)  een getalsmatige aanduiding van het totale gehalte aan de aangegeven nutriënten stikstof (N), fosfor (P), of kalium (K), gevolgd door een getalsmatige aanduiding tussen haakjes van het totale gehalte aan magnesium (Mg), calcium (Ca), zwavel (S), of natrium (Na),

(c)  een getalsmatige aanduiding van het gemiddelde gehalte aan de aangegeven nutriënten stikstof (N), fosfor (P), of kalium (K), gevolgd door een getalsmatige aanduiding tussen haakjes van het totale gehalte aan magnesium (Mg), calcium (Ca), zwavel (S), of natrium (Na),

Amendement    290

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 1 A) – punt 1 – letter d – bolletje 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  organische koolstof (C); en

  organische koolstof (C) en de C/N-verhouding;

Amendement    291

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 1 A) – punt 1 – letter d – bolletje 7 bis

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

  in een bepaalde vorm zoals poeder of korrels.

Amendement    292

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 1 B) – punt 1 – letter d – bolletje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  totaal fosforpentoxide (P2O5);

  in neutraal ammoniumcitraat en water oplosbaar fosforpentoxide (P2O5);

Amendement    293

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 1 B) – punt 1 – letter d – bolletje 2 – streepje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  indien zachte natuurfosfaat aanwezig is, in mierenzuur oplosbaar fosforpentoxide (P2O5);

alleen in anorganische zuren oplosbaar fosforpentoxide (P2O5);

Amendement    294

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel 2 – Productfunctiecategorie 1 B) – punt 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Het totaal aangegeven stikstofgehalte is de som van ammoniumstikstof, nitraatstikstof, ureumstikstof, stikstof uit methyleenureum, stikstof uit isobutylideendiureum, stikstof uit crotonylideendiureum en stikstof uit cyanamide.

Amendement    295

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) – punt 1 – letter d – bolletje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  totaal fosforpentoxide (P2O5);

  in neutraal ammoniumcitraat en water oplosbaar fosforpentoxide (P2O5);

Amendement    296

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) – punt 1 – letter d – bolletje 2 – streepje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  indien zachte natuurfosfaat aanwezig is, in mierenzuur oplosbaar fosforpentoxide (P2O5);

•  alleen in anorganische zuren oplosbaar fosforpentoxide (P2O5);

Amendement    297

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) – punt 1 – letter d – bolletje 4 – streepje 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

  in een bepaalde vorm zoals poeder of korrels;

Amendement    298

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) – punt 1 – letter d bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

d bis)  pH

Amendement    299

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel 2 – Productfunctiecategorie 1 C) I) – punt 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Bemestingsproducten die minder dan respectievelijk 5 ppm cadmium, arseen, lood, chroom VI en kwik bevatten, mogen op de verpakking en het etiket een zichtbaar "milieukeurmerk" gebruiken. De Commissie is bevoegd overeenkomstig artikel 43 gedelegeerde handelingen vast te stellen om deze verordening aan te vullen met de vaststelling van technische normen voor een dergelijk keurmerk.

Amendement    300

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) I) a) – punt 3 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(c)  poeder, indien ten minste 90 % van het product door een zeef met een maaswijdte van 10 mm kan gaan, of

(c)  poeder, indien ten minste 90 % van het product door een zeef met een maaswijdte van mm kan gaan, of

Amendement    301

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel 2 – Productfunctiecategorie 1 C) I) a) – punt 4 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 bis.  Voor bemestingsproducten met CE-markering als bedoeld in bijlage II, bestanddelencategorie 10, punt 1, onder b bis), waarin polymeren uitsluitend worden gebruikt als bindmiddel, wordt de volgende vermelding aangebracht: "Het bemestingsproduct is niet bedoeld om in aanraking te komen met de bodem."

Amendement    302

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 1 C) II) – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De aangegeven micronutriënten in het bemestingsproduct met CE-markering worden in de onderstaande volgorde vermeld met hun benamingen en chemische symbolen: boor (B), kobalt (Co), koper (Cu), ijzer (Fe), mangaan (Mn), molybdeen (Mo) en zink (Zn), gevolgd door de benaming(en) van hun tegenion(en).

1.  De aangegeven micronutriënten in het bemestingsproduct met CE-markering worden in de onderstaande volgorde vermeld met hun benamingen en chemische symbolen: boor (B), kobalt (Co), koper (Cu), ijzer (Fe), mangaan (Mn), molybdeen (Mo), selenium (Se), silicium (Si) en zink (Zn), gevolgd door de benaming(en) van hun tegenion(en).

Amendement    303

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 1 C bis) (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Productfunctiecategorie 1 C bis): Meststof met laag koolstofgehalte

 

1.  De volgende gegevenselementen met betrekking tot macronutriënten moeten aanwezig zijn:

 

(a)  de aangegeven nutriënten stikstof (N), fosfor (P), of kalium (K), in de volgorde van hun chemische symbolen N-P-K;

 

(b)  de aangegeven nutriënten magnesium (Mg), calcium (Ca), zwavel (S), of natrium (Na), in de volgorde van hun chemische symbolen Mg-Ca-S-Na;

 

(c)  een getalsmatige aanduiding van het totale gehalte aan de aangegeven nutriënten stikstof (N), fosfor (P), of kalium (K), gevolgd door een getalsmatige aanduiding tussen haakjes van het totale gehalte aan magnesium (Mg), calcium (Ca), zwavel (S), of natrium (Na);

 

(d)  het gehalte aan de volgende aangegeven nutriënten, in de onderstaande volgorde en als massapercentage van de meststof:

 

  totaal stikstof (N);

 

  minimumhoeveelheid organische stikstof (N), gevolgd door een beschrijving van de herkomst van het gebruikte organische materiaal;

 

  stikstof (N) in de vorm van nitraatstikstof;

 

  stikstof (N) in de vorm van ammoniumstikstof;

 

  stikstof (N) in de vorm van ureumstikstof;

 

  totaal fosforpentoxide (P2O5);

 

  in water oplosbaar fosforpentoxide (P2O5);

 

  in neutraal ammoniumcitraat oplosbaar fosforpentoxide (P2O5);

 

  indien zachte natuurfosfaat aanwezig is, in mierenzuur oplosbaar fosforpentoxide (P2O5);

 

  totaal kaliumoxide (K2O);

 

  in water oplosbaar kaliumoxide (K2O);

 

  magnesiumoxide (MgO), calciumoxide (CaO), zwaveltrioxide (SO3) en natriumoxide (Na2O), uitgedrukt

 

  alleen als het in water oplosbare gehalte, indien die nutriënten volledig oplosbaar zijn in water;

 

  als het totale gehalte en het in water oplosbare gehalte, indien het oplosbare gehalte van die nutriënten ten minste een kwart bedraagt van het totale gehalte aan die nutriënten;

 

  als het totale gehalte, in andere gevallen.

 

(e)  indien ureum (CH4N2O) aanwezig is, informatie over de mogelijke effecten op de luchtkwaliteit van de uitstoot van ammoniak als gevolg van het gebruik van de meststof, en een verzoek aan de gebruikers om geschikte saneringsmaatregelen te treffen.

 

2.  De volgende andere gegevenselementen worden vermeld als massapercentage van het bemestingsproduct met CE-markering:

 

  gehalte organische koolstof (C); en

 

  gehalte droge stof.

 

3.  Indien een of meer van de micronutriënten boor (B), kobalt (Co), koper (Cu), ijzer (Fe), mangaan (Mn), molybdeen (Mo) en zink (Zn) aanwezig zijn in het minimumgehalte zoals in onderstaande tabel als massapercentage vermeld,

 

  moeten zij worden aangegeven indien zij doelbewust aan het bemestingsproduct met CE-markering zijn toegevoegd, en

 

  mogen zij worden aangegeven in andere gevallen:

 

Micronutriënt

Massapercentage

 

Boor (B)

0,01

 

Kobalt (Co)

0,002

 

Koper (Cu)

0,002

 

Mangaan (Mn)

0,01

 

Molybdeen (Mo)

0,001

 

Zink

0,002

 

Zij worden aangegeven na de gegevens over macronutriënten. De volgende gegevenselementen moeten aanwezig zijn:

 

(a)  vermelding van de benamingen en chemische symbolen van de aangegeven micronutriënten, in deze volgorde: boor (B), kobalt (Co), koper (Cu), ijzer (Fe), mangaan (Mn), molybdeen (Mo) en zink (Zn), gevolgd door de benaming(en) van hun tegenion(en).

 

(b)  het totale gehalte micronutriënten, uitgedrukt als massapercentage van de meststof

 

  alleen als het in water oplosbare gehalte, indien die nutriënten volledig oplosbaar zijn in water;

 

  als het totale gehalte en het in water oplosbare gehalte; indien het oplosbare gehalte van die nutriënten ten minste een kwart bedraagt van het totale gehalte aan die nutriënten; en

 

  als het totale gehalte, in andere gevallen;

 

(c)  indien de aangegeven micronutriënt(en) zijn gecheleerd door middel van (een) chelaatvormer(s), de volgende kwalificatie na de benaming en de chemische aanduiding van de micronutriënt:

 

  "chelaatvormer: ..." benaming of afkorting van de chelaatvormer, en de hoeveelheid micronutriënt in chelaatvorm als massapercentage van het bemestingsproduct met CE-markering;

 

(d)  indien het bemestingsproduct met CE-markering micronutriënt(en) bevat die door middel van (een) complexvormer(s) zijn gecomplexeerd:

 

  de volgende kwalificatie na de benaming en de chemische aanduiding van de micronutriënt: "complexvormer: ..." en de hoeveelheid micronutriënt in complexvorm als massapercentage van het bemestingsproduct met CE-markering; en

 

  de benaming van de complexvormer of de afkorting daarvan;

 

(e)  de volgende vermelding: "Alleen te gebruiken in geval van duidelijke behoefte. De juiste dosering niet overschrijden.".

Amendement    304

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 3 – punt 1 – streepje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  totaal gehalte stikstof (N);

Schrappen

Amendement    305

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 3 – punt 1 – streepje 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  Totaal gehalte fosforpentoxide (P2O5);

Schrappen

Amendement    306

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 3 – punt 1 – streepje 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  totaal gehalte kaliumoxide (K2O);

Schrappen

Amendement    307

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 6 – letter e

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(e)  dosis, tijdschema (ontwikkelingsstadium plant) en frequentie van de toepassing;

(e)  dosis, tijdschema (ontwikkelingsstadium plant), plaatsing en frequentie van de toepassing (in overeenstemming met het empirisch bewijsmateriaal ter staving van de bewering(en) over de biostimulanten);

Amendement    308

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – Productfunctiecategorie 6 – letter f bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(f bis)  vermelding dat het product geen gewasbeschermingsmiddel is;

Amendement    309

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel III – Productfunctiecategorie 1 A)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Toegestane toleranties voor het aangegeven gehalte nutriënten en andere aangegeven parameters

 

Toegestane toleranties voor het aangegeven gehalte nutriënten en andere aangegeven parameters

Organische koolstof (C)

± 20 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,0 procentpunten in absolute termen

Organische koolstof (C)

± 15 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,0 procentpunten in absolute termen

Gehalte droge stof

± 5,0 procentpunten in absolute termen

Gehalte droge stof

± 5,0 procentpunten in absolute termen

Totaal stikstof (N)

± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Totaal stikstof (N)

± 15 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Organische stikstof (N)

± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Organische stikstof (N)

± 15 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Totaal fosforpentoxide (P2O5)

± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Totaal fosforpentoxide (P2O5)

± 15 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Totaal kaliumoxide (K2O)

± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Totaal kaliumoxide (K2O)

± 15 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Totaal en in water oplosbare magnesiumoxide, calciumoxide, zwaveltrioxide of natriumoxide

± 25 % van het aangegeven gehalte aan die nutriënten tot maximaal 1,5 procentpunten in absolute termen

Totaal en in water oplosbare magnesiumoxide, calciumoxide, zwaveltrioxide of natriumoxide

± 25 % van het aangegeven gehalte aan die nutriënten tot maximaal 1,5 procentpunten in absolute termen

Totaal koper (Cu)

± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,5 procentpunten in absolute termen

Totaal koper (Cu)

± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,5 procentpunten in absolute termen

Totaal zink (Zn)

± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,0 procentpunten in absolute termen

Totaal zink (Zn)

± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,0 procentpunten in absolute termen

Hoeveelheid

- 5 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde

Hoeveelheid

- 5 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde

 

 

Aangegeven vormen van stikstof, fosfor en kalium

Meststoffen met twee nutriënten: maximale tolerantie in absolute termen van 1,1 N en 0,5 organische N, 1,1 P2O5, 1,1 K2O en 1,5 voor het totaal van twee nutriënten.

 

 

 

Meststoffen met drie nutriënten: maximale tolerantie in absolute termen van 1,1 N en 0,5 organische N, 1,1 P2O5, 1,1 K2O en 1,9 voor het totaal van drie nutriënten.

 

 

 

± 10 % van het totaal aangegeven gehalte van elke nutriënt tot maximaal 2 procentpunten in absolute termen.

Amendement    310

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel III – Productfunctiecategorie 1 B) – tabel 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Toegestane toleranties voor het aangegeven gehalte aan vormen van anorganische macronutriënt

N

P2O5

K2O

MgO

CaO

SO3

Na2O

± 25 % van het aangegeven gehalte aan de aanwezige vormen van de nutriënten tot maximaal 2 procentpunten in absolute termen

± 25 % van het aangegeven gehalte aan die nutriënten tot maximaal 1,5 procentpunten in absolute termen

± 25 % van het aangegeven gehalte tot maximaal 0,9 procentpunten in absolute termen

Amendement

Toegestane toleranties voor het aangegeven gehalte aan vormen van anorganische macronutriënt

N

P2O5

K2O

MgO

CaO

SO3

Na2O

± 25 % van het aangegeven gehalte aan de aanwezige vormen van de nutriënten tot maximaal 2 procentpunten in absolute termen voor elke nutriënt afzonderlijk en voor alle nutriënten samen

- 50 % en + 100 % van het aangegeven gehalte aan die nutriënten tot maximaal -2 en + 4 procentpunten in absolute termen

± 25 % van het aangegeven gehalte tot maximaal 0,9 procentpunten in absolute termen

De tolerantieniveaus voor P2O5 verwijzen naar fosforpentoxide (P2O5) dat oplosbaar is in neutraal ammoniumcitraat en water.

 

 

Amendement    311

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel III – Productfunctiecategorie 1 B)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Organische koolstof: ± 20 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,0 procentpunten in absolute termen

Organische koolstof: ± 15 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,0 procentpunten in absolute termen

Organische stikstof: ± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Organische stikstof: ± 15 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Totaal koper (Cu) ± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,5 procentpunten in absolute termen

Totaal koper (Cu) ± 15 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,5 procentpunten in absolute termen

Totaal zink (Zn) ± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,0 procentpunten in absolute termen

Totaal zink (Zn) ± 15 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,0 procentpunten in absolute termen

Amendement    312

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel III – Productfunctiecategorie 1 C) I)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Toegestane toleranties voor het aangegeven gehalte aan vormen van anorganische macronutriënt

N

P2O5

K2O

MgO

CaO

SO3

Na2O

± 25 % van het aangegeven gehalte aan de aanwezige vormen van de nutriënten tot maximaal 2 procentpunten in absolute termen

± 25 % van het aangegeven gehalte aan die nutriënten tot maximaal 1,5 procentpunten in absolute termen

± 25 % van het aangegeven gehalte tot maximaal 0,9 procentpunten in absolute termen

Korrelgrootteverdeling: ± 10 % relatieve afwijking, toe te passen op het aangegeven percentage materiaal dat door een zeef met een bepaalde maaswijdte gaat.

Hoeveelheid: ± 5 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde

Amendement

Toegestane toleranties voor het aangegeven gehalte aan vormen van anorganische macronutriënt

N

P2O5

K2O

MgO

CaO

SO3

Na2O

± 25 % van het aangegeven gehalte aan de aanwezige vormen van de nutriënten tot maximaal 2 procentpunten in absolute termen voor elke nutriënt afzonderlijk en voor alle nutriënten samen

- 50 % en + 100 % van het aangegeven gehalte aan die nutriënten tot maximaal -2 en + 4 procentpunten in absolute termen

- 50 % en + 100 % van het aangegeven gehalte tot maximaal -2 en + 4 procentpunten in absolute termen

De bovenstaande tolerantiewaarden gelden ook voor de stikstofvormen en voor de oplosbaarheid.

Korrelgrootteverdeling: ± 20 % relatieve afwijking, toe te passen op het aangegeven percentage materiaal dat door een zeef met een bepaalde maaswijdte gaat

Hoeveelheid: ± 3 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde

Amendement    313

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel III – Productfunctiecategorie 3

Vormen van de aangegeven nutriënt en andere aangegeven kwaliteitscriteria

Toegestane toleranties voor de aangegeven parameter

pH

± 0,7 ten tijde van de vervaardiging

 

± 1,0 op enig moment in de distributieketen

Organische koolstof (C)

± 10 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Totaal stikstof (N)

± 20 % relatieve afwijking tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Totaal fosforpentoxide (P2O5)

± 20 % relatieve afwijking tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Totaal kaliumoxide (K2O)

± 20 % relatieve afwijking tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Droge stof

± 10 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde

Hoeveelheid

- 5 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde, ten tijde van de vervaardiging

 

- 25 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde, op enig moment in de distributieketen

Organische koolstof (C) / organische stikstof (N)

± 20 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,0 procentpunten in absolute termen

Korrelgrootteverdeling

± 10 % relatieve afwijking, toe te passen op het aangegeven percentage materiaal dat door een zeef met een bepaalde maaswijdte gaat.

Amendement

Vormen van de aangegeven nutriënt en andere aangegeven kwaliteitscriteria

Toegestane toleranties voor de aangegeven parameter

pH

± 0,7 ten tijde van de vervaardiging

 

± 0,9 op enig moment in de distributieketen

Organische koolstof (C)

± 10 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Totaal stikstof (N)

± 20 % relatieve afwijking tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Totaal fosforpentoxide (P2O5)

± 20 % relatieve afwijking tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Totaal kaliumoxide (K2O)

± 20 % relatieve afwijking tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Droge stof

± 10 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde

Hoeveelheid

- 5 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde, ten tijde van de vervaardiging

 

- 15 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde, op enig moment in de distributieketen

Organische koolstof (C) / organische stikstof (N)

± 20 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,0 procentpunten in absolute termen

Korrelgrootteverdeling

± 10 % relatieve afwijking, toe te passen op het aangegeven percentage materiaal dat door een zeef met een bepaalde maaswijdte gaat.

Amendement    314

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel III – Productfunctiecategorie 4

Vormen van de aangegeven nutriënt en andere aangegeven kwaliteitscriteria

Toegestane toleranties voor de aangegeven parameter

elektrische geleidbaarheid

± 50 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

± 75 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

pH

± 0,7 ten tijde van de vervaardiging

 

± 1,0 op enig moment in de distributieketen

hoeveelheid, uitgedrukt als volume (liter of m³)

- 5 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

- 25 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

Bepaling van hoeveelheid (volume) van materialen met een deeltjesgrootte van meer dan 60 mm

- 5 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

- 25 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

Bepaling van hoeveelheid (volume) van voorgevormde groeimedia

- 5 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

- 25 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

In water oplosbare stikstof (N)

± 50 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

± 75 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

In water oplosbaar fosforpentoxide (P2O5),

± 50 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

± 75 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

In water oplosbaar kaliumoxide (K2O)

± 50 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

± 75 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

Amendement

Vormen van de aangegeven nutriënt en andere aangegeven kwaliteitscriteria

Toegestane toleranties voor de aangegeven parameter

elektrische geleidbaarheid

± 50 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

± 60 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

pH

± 0,7 ten tijde van de vervaardiging

 

± 0,9 op enig moment in de distributieketen

hoeveelheid, uitgedrukt als volume (liter of m³)

- 5 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

- 15 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

Bepaling van hoeveelheid (volume) van materialen met een deeltjesgrootte van meer dan 60 mm

- 5 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

- 15 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

Bepaling van hoeveelheid (volume) van voorgevormde groeimedia

- 5 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

- 15 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

In water oplosbare stikstof (N)

± 50 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

± 60 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

In water oplosbaar fosforpentoxide (P2O5)

± 50 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

± 60 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

In water oplosbaar kaliumoxide (K2O)

± 50 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

± 60 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

Amendement    315

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel 1 – punt 1 – punt 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  digestaten van energiegewassen zoals beschreven in bestanddelencategorie 4,

(b)  digestaten van energiegewassen en plantaardig bioafval zoals beschreven in bestanddelencategorie 4,

Amendement    316

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel 1 – punt 1 – punt 1 – letter f bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(f bis)  niet-bewerkte of mechanisch bewerkte planten, delen van planten of plantenextracten zoals beschreven in bestanddelencategorie 2.

Amendement    317

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel 1 – punt 1 – punt 3 – letter b bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(b bis)  een denitrificatieremmer zoals beschreven in productfunctiecategorie 5 A) I bis),

Amendement    318

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel 1 – punt 3 – punt 2 – letter a bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(a bis)  een denitrificatieremmer zoals beschreven in productfunctiecategorie A) I bis),

Amendement    319

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel 2 – module A – punt 2.2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  ontwerp- en fabricagetekeningen alsmede schema's,

Schrappen

Amendement    320

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel 2 – module A – punt 2.2 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(c)  beschrijvingen en toelichtingen die nodig zijn voor het begrijpen van die tekeningen en schema's en van het gebruik van het bemestingsproduct met CE-markering.

Schrappen

Amendement    321

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel 2 – module A1 – punt 4 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De in de rubrieken 4.1 tot en met 4.3 hieronder bedoelde cycli en proef worden ten minste om de 3 maanden namens de fabrikant uitgevoerd op een representatief monster van het product, om te controleren of is voldaan aan

De in de rubrieken 4.1 tot en met 4.3 hieronder bedoelde cycli en proef worden ten minste om de zes maanden indien de fabriek voortdurend in bedrijf is, of om het jaar in het geval van periodieke productie, namens de fabrikant uitgevoerd op een representatief monster van het product, om te controleren of is voldaan aan

Amendement    322

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel 2 – module A1 – punt 4.3.5 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4.3.5 bis.  De fabrikant houdt de testverslagen samen met de technische documentatie bij.

Amendement    323

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel 2 – module B – punt 3.2 – letter c – bolletje 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

•  testverslagen, en

•  testverslagen, met inbegrip van studies over de agronomische efficiëntie, en

Amendement    324

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel 2 – module D1 – punt 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  ontwerp- en fabricagetekeningen alsmede schema's, met inbegrip van een schriftelijke beschrijving en een diagram van het productieproces, waarin alle behandelingen, opslagvaten en ruimtes duidelijk worden aangeduid,

(b)  een schriftelijke beschrijving en een diagram van het productieproces,

  • [1]    PB C 389 van 21.10.2016, blz. 80.

TOELICHTING

Inleiding

Op 17 maart 2016 heeft de Europese Commissie een voorstel aangenomen voor een ontwerpverordening tot vaststelling van voorschriften inzake het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering.

Het huidige wetgevingskader inzake de voorwaarden voor het op de interne markt aanbieden van meststoffen, Verordening (EG) nr. 2003/2003, heeft vrijwel uitsluitend betrekking op meststoffen bestaande uit gedolven of chemisch vervaardigde, anorganische materialen. Het ontwerpvoorstel zal deze regelgeving vervangen en een bredere waaier van bemestingsproducten behelzen, waardoor de interne markt zal worden opengesteld voor het vrije verkeer van bemestingsproducten vervaardigd uit organische of secundaire grondstoffen. Met dit voorstel zullen de voorschriften inzake bemestingsproducten bijgevolg worden afgestemd op het nieuwe wetgevingskader voor productwetgeving, met als enige rechtsgrondslag artikel 114 van het VWEU.

Het voorstel van de Commissie moet de duurzaamheid en concurrentiepositie van de sector in de EU helpen verbeteren, duurzame economische groei bevorderen en nieuwe banen scheppen. Deze voorgestelde verordening heeft als doel de EU-regels voor producten afgeleid van organisch afvalmateriaal en bijproducten te harmoniseren.

Voorbereiding van het voorstel

Het voorstel is gebaseerd op uitgebreid overleg met belanghebbenden en een effectbeoordeling. Uit de evaluatie van de bestaande verordening inzake meststoffen in 2010 is echter ook gebleken dat de verordening doeltreffender zou kunnen zijn wat de ondersteuning van innovatieve meststoffen betreft en dat er hervormingen nodig zijn om de interne markt te versterken. Ook bleek dat noch de marktdeelnemers, noch de nationale instanties van mening waren dat wederzijdse erkenning volstond om het vrije verkeer van organische meststoffen te verzekeren, aangezien meststoffen producten zijn waarvoor strikte regels nodig zijn om de productkwaliteit en de bescherming van het milieu en de gezondheid te waarborgen.

Alle betrokken belanghebbenden werden geraadpleegd tijdens de voorbereidende fase, ook in het kader van de openbare raadpleging over de circulaire economie, die in mei 2015 is bekendgemaakt. De belanghebbenden werd ook gevraagd feedback te geven over de routekaart voor de herziening van de meststoffenverordening die in oktober 2015 is bekendgemaakt.

Het voorstel wordt ondersteund door een effectbeoordeling, waaruit is gebleken dat de hervorming voor administratieve vereenvoudiging en de nodige flexibiliteit op de markt zou zorgen en tegelijkertijd de bescherming van de gezondheid en het milieu zou verzekeren.

Algemene opmerkingen

De rapporteur is ingenomen met het voorstel voor de verordening inzake bemestingsproducten, als onderdeel van het pakket voor de circulaire economie. In het voorstel worden de conformiteitsbeoordeling en het markttoezicht gemoderniseerd in overeenstemming met het nieuwe wetgevingskader voor de productwetgeving. Het behelst een brede waaier van bemestingsproducten (met inbegrip van producten vervaardigd uit secundaire grondstoffen) en voorziet in grenswaarden voor de aanwezigheid van zware metalen en contaminanten in bemestingsproducten om het algemene belang te beschermen.

1. Optionele harmonisatie

Het initiatief beoogt het bereiken van een kritieke massa door dergelijke producten toegang tot de interne markt te bieden. In het verleden is gebleken dat de wederzijdse erkenning van niet-geharmoniseerde meststoffen bijzonder moeilijk is, terwijl de harmonisatiewetgeving anorganische meststoffen op doeltreffende wijze toegang tot de interne markt heeft verschaft. Derhalve wordt geconcludeerd dat harmonisatiewetgeving voor meststoffen vervaardigd uit organische of secundaire grondstoffen niet verder gaat dan nodig is om de vereiste rechtszekerheid te bieden voor het stimuleren van grootschalige investeringen in de circulaire economie.

De regelgevingstechniek waarvoor in dit voorstel is gekozen, biedt marktdeelnemers de grootst mogelijke flexibiliteit om nieuwe producten op de interne markt te brengen zonder daarbij de veiligheid en de kwaliteit in het gedrang te brengen. Bovendien kunnen de lidstaten niet-geharmoniseerde meststoffen tot de nationale markt toelaten, terwijl marktdeelnemers die grensoverschrijdende handel op grotere markten beogen, de mogelijkheid hebben om voor het geharmoniseerde regelgevingskader te kiezen.

De rapporteur is van mening dat de bestaande obstakels voor het vrije verkeer van innovatieve meststoffen, in de vorm van uiteenlopende nationale regelgevingskaders, niet effectief kunnen worden geëlimineerd door de unilaterale maatregelen van de lidstaten. Maatregelen op EU-niveau zouden het vrije verkeer van dergelijke organische meststoffen op de interne markt kunnen aanmoedigen door in geharmoniseerde en ambitieuze criteria inzake kwaliteit, veiligheid en het milieu te voorzien. Een Europees regelgevingskader zal bovendien het economische en milieupotentieel van innovatieve meststoffen onder de aandacht van de lidstaten brengen, organische meststoffen op gelijke voet plaatsen met meststoffen op basis van mineralen en innovatie stimuleren.

De rapporteur wijst erop dat ondernemingen die voor harmonisatie kiezen, gemakkelijker toegang zouden krijgen tot de hele interne markt. Bovendien zouden de administratieve kosten verminderen, aangezien het minder vaak nodig zou zijn om individuele producten volgens uiteenlopende nationale regels te registeren. Producenten voor wie certificering door derden niet van toepassing is, zouden minder gevolgen ondervinden dan producenten die de kosten voor certificering door derden wel moeten dragen (bijvoorbeeld kmo's). Deze kosten zouden worden gecompenseerd door een vermindering van het aantal controles afhankelijk van het productievolume en een vermindering van het aantal externe bemonsteringen na het jaar van erkenning. In die zin zou facultatieve harmonisatie een vlotte overgang naar het nieuwe regelgevingskader mogelijk maken, omdat producenten kunnen kiezen of ze hun producten op de lokale markt of op de markt van de EU verhandelen.

2. Nieuwe voorschriften en toepassingsgebied van de verordening

Een van de doelstellingen van de verordening bestaat erin de veiligheidsnormen voor bemestingsproducten te verhogen en lagere grenswaarden voor zware metalen, in het bijzonder cadmium, vast te stellen voor elke productfunctiecategorie. Dat zou de voedselveiligheid en de veiligheid van de consumenten, maar ook de bodembescherming kunnen verbeteren. Op basis van nieuwe veiligheidsnormen worden maximale grenswaarden voor onzuiverheden, zoals organische en microbiële contaminanten, vastgesteld. Daarnaast wordt een nieuw minimaal nutriëntengehalte vastgesteld voor elke afzonderlijke productfunctiecategorie, teneinde de kwaliteit van bemestingsproducten met CE-markering te verzekeren.

De toegestane grenswaarden voor calcium in fosfaatmeststoffen leverden heel wat stof voor discussie: er moest een goed evenwicht worden gevonden tussen het algemene belang en een evenredige manier om dat belang te beschermen, met inachtneming van de wetenschappelijke basis en de beschikbaarheid van de nodige technologie. Op het niveau van de commissies is aan de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid van het Parlement de exclusieve bevoegdheid toegekend om de toegestane grenswaarden voor cadmium vast te stellen in bijlage I bij het voorstel.

3. Duidelijk onderscheid tussen meststoffen

De huidige definitie van bemestingsproducten die in het voorstel is opgenomen, kan tot verwarring leiden onder de landbouwers, aangezien zij verschillende soorten producten met uiteenlopende functies en kenmerken omvat. Het dient dan ook een bijzonder duidelijk onderscheid te worden gemaakt tussen meststoffen (producten die nutriënten verschaffen voor de plantengroei) en andere soorten producten (bodemverbeteraars, groeimedia, agronomische toevoegingsmiddelen of biostimulanten), die andere functies vervullen en bijvoorbeeld bepaalde functies van planten stimuleren, effecten hebben op de bodem enzovoort.

4. Vermindering van de administratieve lasten

In het voorstel worden een aantal voorschriften voor marktdeelnemers vastgesteld om een interne markt tot stand te brengen die de algemene belangen, zoals de veiligheid, de bescherming van de volksgezondheid en het milieu enz., vrijwaart. Die doelstellingen moeten echter worden verzekerd via de maatregelen die de minste belasting met zich brengen, om de innovatie en de werkgelegenheid in de sector niet te belemmeren. De rapporteur acht het daarom belangrijk om het voorstel aan te passen opdat de verplichtingen van de marktdeelnemers in verhouding zouden staan tot de doelstellingen van de verordening, zonder verder te gaan dan wat strikt noodzakelijk is.

5. Etikettering

De rapporteur vindt het belangrijk om voor duidelijke, volledige etikettering te zorgen, die alle informatie over de beschikbare nutriënten en hun oplosbaarheid bevat. Dat is van essentieel belang om de landbouwers in staat te stellen om de agronomische doeltreffendheid van de producten te beoordelen en het meest geschikte product te kiezen voor de behoeften van hun gewassen en de omstandigheden en kenmerken van de bodem en het klimaat. Het komt tevens de efficiëntie ten goede en is goed voor het milieu.

Conclusies

De rapporteur is van mening dat de administratieve last dankzij dit voorstel eenvoudiger zal worden en zal afnemen voor producenten van bemestingsproducten die toegang willen krijgen tot meer dan één nationaal grondgebied op de interne markt, aangezien die toegang niet meer op wederzijdse erkenning zal berusten. Tegelijkertijd wordt vermeden dat de toegang tot de markt wordt geweigerd of beperkt voor producenten die niet willen voldoen aan de regels op EU-niveau, door de mogelijkheid te behouden om toegang te krijgen tot de nationale markten op basis van nationale regels, of te kiezen voor wederzijdse erkenning bij grensoverschrijdende activiteiten.

De rapporteur is eveneens van mening dat de nieuwe benadering van de Commissie tot een hele reeks ongeziene regels voor de meststoffensector zou kunnen leiden. Bovendien bevat het voorstel een aantal tegenstrijdigheden en onzekerheden die moeten worden verduidelijkt en ontbreken er een aantal definities. Het lijkt daarom al te ambitieus om de verordening op 1 januari 2018 in werking te laten treden.

In de herzieningsclausule wordt de Commissie verzocht om in 2023 verslag uit te brengen over de werking van de interne markt om de effecten van de gedeeltelijke harmonisering te beoordelen, om na te gaan of deze verordening bijdraagt tot de voorziene administratieve vereenvoudiging en om de in bijlage I vastgestelde beperkingen op de gehalten contaminanten te beoordelen. De geplande datum van het verslag is afhankelijk van eventuele aanpassingen van het tijdspad voor toepassing zoals bepaald in artikel 49.

BIJLAGE: LIJST VAN ENTITEITEN WAARVAN OF PERSONEN VAN WIE DE RAPPORTEUR INPUT HEEFT ONTVANGEN

De volgende lijst is op zuiver vrijwillige basis en onder exclusieve verantwoordelijkheid van de rapporteur opgesteld. De rapporteur heeft bij de opstelling van het ontwerpverslag informatie ontvangen van de volgende entiteiten of personen:

Entiteit en/of persoon

Fertilizers Europe

European Biostimulant Industry Council (EBIC)

European Consortium of the Organic-Based Fertilizer Industry (ECOFI)

Alliance Européenne des Engrais Phosphatés

 

The European Sustainable Phosphorus Platform

 

 

The European Sustainable Phosphorus Platform

 

 

The European Sustainable Phosphorus Platform

 

The European Sustainable Phosphorus Platform

 

 

Copa-Cogeca

 

 

Chemicals Legislation European Enforcement Network (CLEEN)

Fertisac

Phosagro

Stockholm University Baltic Sea Centre (Baltic Eye-project)

GRODAN

SOBAC

 

Veolia

SUEZ Group

Office Chérifien des Phosphates (OCP)

BAYER

ADVIES van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid (2.6.2017)

aan de Commissie interne markt en consumentenbescherming

inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van voorschriften inzake het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1069/2009 en (EG) nr. 1107/2009
(COM(2016)0157 – C8-0123/2016 – 2016/0084(COD))

Rapporteur voor advies: Elisabetta Gardini

(*)  Procedure met medeverantwoordelijke commissies – Artikel 54 van het Reglement

BEKNOPTE MOTIVERING

Achtergrond

Bemestingsproducten worden gebruikt om planten te voeden en hun groei te bevorderen, vooral in de landbouw. Ze zijn in te delen in twee grote groepen: meststoffen, die nutriënten leveren voor planten, en andere producten, die voornamelijk bedoeld zijn om de plantengroei op andere manieren te bevorderen. In het licht van de groeiende wereldbevolking bieden meststoffen belangrijke voordelen, in het bijzonder doordat ze de gewasopbrengst verhogen. Toch zijn er ook uitdagingen verbonden aan het gebruik van meststoffen, bijvoorbeeld voor het milieu, de volksgezondheid en de voedselveiligheid.

Volgens ramingen van de Commissie genereert de sector van de bemestingsproducten jaarlijks een omzet van 20 tot 25 miljard euro en zorgt hij voor ongeveer 100 000 banen. 90 % van de bedrijven die in de sector actief zijn, zijn kmo's. Uit een in 2015 gepubliceerde interne studie bleek tevens dat meststoffen in de meeste lidstaten van de EU ongeveer 10 % van de kosten van landbouwers vertegenwoordigen, hoewel dat percentage in sommige landen oploopt tot wel 20 %, zoals in Ierland, of daalt tot 3,6 %, zoals in Malta.

Huidig juridisch kader

In de meststoffenverordening van 2003 (Verordening (EG) nr. 2003/2003) zijn verschillende soorten meststoffen gedefinieerd, die als "EG-meststoffen" zijn erkend en vrij mogen worden aangeboden op de EU-markt. Hoewel de huidige verordening verschillende soorten meststoffen behelst, zijn de huidige "EG-meststoffen" in wezen conventionele, minerale meststoffen die worden gewonnen uit primaire grondstoffen, soms via energie- en CO2-intensieve productieprocessen. Bovendien bevat de verordening geen beperkingen ten aanzien van het gehalte zware metalen en andere contaminanten, zoals pathogenen en fysische onzuiverheden.

In maart 2016 kwam de Commissie in het kader van het Pakket circulaire economie met een wetgevingsvoorstel inzake bemestingsproducten. In dat voorstel komen uiteenlopende bemestingsproducten aan bod (ook die welke worden vervaardigd uit secundaire grondstoffen) en worden tevens grenswaarden vastgesteld voor de zware metalen en contaminanten die in bemestingsproducten worden aangetroffen.

Standpunt van de rapporteur

De rapporteur is ingenomen met het voorstel van de Commissie, aangezien het ervoor zorgt dat alle meststoffen op de interne markt mogen worden gebracht en het de beginselen van de circulaire economie in de praktijk brengt. De rapporteur is eveneens van mening dat het een grote stap in de goede richting is om alle soorten bemestingsproducten – en niet alleen de minerale – in overweging te nemen in de EU-regelgeving. Dat zal bijdragen aan een volledigere interne markt en zal de investeringen van kmo's in de circulaire economie ondersteunen en versterken.

Het is echter ook van cruciaal belang om realistische, haalbare streefdoelen vast te stellen, om ervoor te zorgen dat de grenswaarden en voorschriften ook daadwerkelijk kunnen worden nageleefd. Daarbij dient de prioriteit te worden gegeven aan de bescherming van de gezondheid van mens en dier en van het milieu, afgewogen tegen de sociaaleconomische gevolgen die de getroffen maatregelen kunnen hebben. Voorts is het belangrijk om de voedselzekerheid te waarborgen en te verzekeren dat de voedselvoorziening aan de behoeften van de groeiende bevolking kan blijven voldoen. De nieuwe regels dienen een gedegen wetenschappelijke basis te hebben en te zijn gestoeld op robuuste risicobeoordelingen en niet alleen op het voorzorgsbeginsel. Dat zou tot ongerechtvaardigde beperkingen leiden en sommige producten ten onrechte verbannen van de interne markt. Tenzij er gedegen wetenschappelijke bewijzen bestaan om te concluderen dat producten risico's inhouden voor het milieu of de gezondheid van mens en dier, dienen er geen technisch onrealistische voorschriften te worden vastgesteld. Dat is de benadering die de rapporteur heeft gekozen ten aanzien van het voorstel, en meer in het bijzonder van contaminanten.

Een contaminant die bijzondere aandacht vereist, is cadmium (Cd). Cadmium is vooral aanwezig in minerale fosfaatmeststoffen en werpt specifieke problemen op aangezien het zich kan opstapelen in de bodem, kan worden overgedragen op levensmiddelen en nadelige gevolgen kan hebben voor de gezondheid, de biodiversiteit van de bodem en de kwaliteit van het grondwater – zonder dat het voordelen oplevert voor de planten. Het cadmiumgehalte van fosfaatmeststoffen is afhankelijk van het gebruikte natuurfosfaat, aangezien de stof aanwezig is in het natuurfosfaat en zelfs na het productieproces niet wordt vrijgegeven. Het cadmiumgehalte in natuurfosfaat varieert van minder dan 10 mg Cd/kg fosfor (P2O5) tot 200 mg/kg, naargelang van waar het wordt gewonnen. In het Commissievoorstel is voorzien in een geleidelijke verlaging van het maximumgehalte voor metaalonzuiverheden van 60 mg Cd/kg P2O5 naar 40 mg Cd/kg na drie jaar en naar 20 mg Cd/kg na twaalf jaar. Dat zouden de striktste grenswaarden ter wereld zijn: Japan, Australië, Californië en Nieuw-Zeeland hanteren allemaal hogere grenswaarden voor Cd, terwijl er in de EU op dit moment geen grenswaarden gelden.

Bemestingsproducten in de EU worden geproduceerd volgens uiteenlopende gevestigde methoden, waarvan er vele volledig aansluiten op de beginselen van de circulaire economie. Het is dan ook belangrijk om ervoor te zorgen dat deze productiemethoden kunnen worden behouden en dat er geen regels worden vastgesteld die ertegen indruisen.

De rapporteur is bovendien vastberaden om ervoor te zorgen dat de voorschriften voor verschillende categorieën van meststoffen worden geharmoniseerd, opdat landbouwers over hoogwaardige producten en veel meer keuzevrijheid zouden kunnen beschikken.

Sommige meststoffen, die zijn aangemerkt als producten "voor tweeërlei gebruik", worden vervaardigd uit dezelfde chemische bestanddelen als gewasbeschermingsmiddelen. In het Commissievoorstel wordt niet verwezen naar deze producten, en dat dient te worden rechtgezet om een duidelijk onderscheid te maken tussen beide categorieën, die verschillende eigenschappen hebben.

De Commissie stelt tevens voor om organische organisch-minerale meststoffen en biostimulanten vervaardigd uit dierlijke bijproducten uit te sluiten van het toepassingsgebied van de verordening. De enige dierlijke bijproducten die met een CE-markering in de handel zouden kunnen worden gebracht, zijn bijproducten die het zogeheten "eindpunt" hebben bereikt, om frauduleus gebruik van dierlijke bijproducten als diervoeder te voorkomen. Dierlijke bijproducten die het eindpunt nog niet hebben bereikt, moeten evenwel aan bijzonder strikte voorschriften voldoen. Het zou dan ook mogelijk moeten zijn om dergelijke bijproducten op EU-niveau in de handel te brengen.

Naast deze problemen zijn er verschillende termen en definities die beter moeten worden afgestemd op de technologische vooruitgang, in het bijzonder met betrekking tot innovatieve producten, zoals biostimulanten.

Landbouwers en consumenten moeten ook duidelijkere informatie krijgen. Daartoe dienen de nutriënten die een bepaalde minerale meststof bevat, te worden vermeld en dienen de algemene etiketteringsvoorschriften in bijlage III te worden verbeterd. Op die manier zouden landbouwers en consumenten de meststoffen optimaal kunnen inzetten, waardoor de effecten van deze producten op het milieu zouden worden beperkt.

AMENDEMENTEN

De Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid verzoekt de ten principale bevoegde Commissie interne markt en consumentenbescherming onderstaande amendementen in aanmerking te nemen:

Amendement    1

Voorstel voor een verordening

Titel 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Voorstel voor een

Voorstel voor een

VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

tot vaststelling van voorschriften inzake het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1069/2009 en (EG) nr. 1107/2009

tot vaststelling van voorschriften inzake het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1069/2009 en (EG) nr. 1107/2009 en Richtlijn 91/676/EEG

(Voor de EER relevante tekst)

(Voor de EER relevante tekst)

Motivering

Het is essentieel dat er een koppeling wordt gemaakt tussen handel en gebruik van meststoffen, met andere woorden tussen deze verordening en de nitraatrichtlijn. Indien handel en gebruik volledig los staan van elkaar, dreigt deze verordening haar doel te missen. Het zou dan namelijk kunnen gebeuren dat lidstaten of regio’s via de reglementering op het gebruik van meststoffen verhinderen dat bepaalde meststoffen, bijvoorbeeld compost op basis van biologisch afval, in de praktijk worden gebruikt.

Amendement    2

Voorstel voor een verordening

Overweging 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(1)  De voorwaarden voor het aanbieden van meststoffen op de interne markt werden gedeeltelijk geharmoniseerd door Verordening (EG) nr. 2003/2003 van het Europees Parlement en de Raad15, die vrijwel uitsluitend betrekking heeft op meststoffen bestaande uit gedolven of chemisch vervaardigde, anorganische materialen. Er bestaat ook een noodzaak om voor bemesting gebruik te maken van gerecycleerde of organische materialen. Om een krachtige stimulans te bieden voor het verdere gebruik van meststoffen vervaardigd uit gerecycleerde of organische materialen, moeten geharmoniseerde voorwaarden worden vastgesteld voor het op de gehele interne markt aanbieden ervan. De reikwijdte van de harmonisatie moet daarom worden uitgebreid tot gerecycleerde en organische materialen.

(1)  De voorwaarden voor het aanbieden van meststoffen op de interne markt werden gedeeltelijk geharmoniseerd door Verordening (EG) nr. 2003/2003 van het Europees Parlement en de Raad15, die vrijwel uitsluitend betrekking heeft op meststoffen bestaande uit gedolven of chemisch vervaardigde, anorganische materialen. Er bestaat ook een noodzaak om voor bemesting gebruik te maken van gerecycleerde of organische materialen. Om een krachtige stimulans te bieden voor het verdere gebruik van meststoffen vervaardigd uit gerecycleerde of organische materialen, moeten geharmoniseerde voorwaarden worden vastgesteld voor het op de gehele interne markt aanbieden ervan. De bevordering van meer gebruik van gerecycleerde nutriënten zou kunnen bijdragen tot de circulaire economie en een hulpbronnenefficiënter gebruik van alle nutriënten mogelijk maken, en zou de Unie tegelijkertijd minder afhankelijk maken van nutriënten uit derde landen. De reikwijdte van de harmonisatie moet daarom worden uitgebreid tot gerecycleerde en organische materialen.

__________________

__________________

15 Verordening (EG) nr. 2003/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 2003 inzake meststoffen (PB L 304 van 21.11.2003, blz. 1).

15 Verordening (EG) nr. 2003/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 2003 inzake meststoffen (PB L 304 van 21.11.2003, blz. 1).

Amendement    3

Voorstel voor een verordening

Overweging 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 bis)  Deze verordening dient de doelstellingen van de circulaire economie te ondersteunen, mits tegelijkertijd ook de voorzieningszekerheid van uiterst doeltreffende bemestingsproducten aan landbouwers wordt gegarandeerd. De Commissie dient op … [OJ please insert the date: five years after its entry into force] bij het Europees Parlement en de Raad een verslag in te dienen waarin de balans wordt opgemaakt van de toepassing van deze verordening.

Amendement    4

Voorstel voor een verordening

Overweging 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(8)  Contaminanten in bemestingsproducten met CE-markering, zoals cadmium, zijn mogelijk een risico voor de gezondheid van mens en dier en voor het milieu, aangezien zij zich opstapelen in het milieu en in de voedselketen terechtkomen. Het gehalte aan contaminanten in dergelijke producten moet derhalve worden beperkt. Verder moeten onzuiverheden in van bioafval afgeleide bemestingsproducten met CE-markering, in het bijzonder polymeren, maar ook metaal en glas, worden voorkomen of beperkt voor zover dat technisch mogelijk is door middel van opsporing van dergelijke onzuiverheden in gescheiden ingezameld bioafval voor het wordt verwerkt.

(8)  Contaminanten in bemestingsproducten met CE-markering, zoals cadmium, zijn een risico voor de gezondheid van mens en dier en voor het milieu, aangezien zij zich opstapelen in het milieu en in de voedselketen terechtkomen. Verschillende lidstaten schrijven reeds contaminantenwaarden voor cadmium voor wegens het risico van cadmium voor de gezondheid van mens en dier en voor het milieu. Het gehalte aan contaminanten in dergelijke producten moet derhalve worden beperkt. Verder moeten onzuiverheden in van bioafval afgeleide bemestingsproducten met CE-markering, in het bijzonder polymeren, maar ook metaal en glas, worden voorkomen of beperkt voor zover dat technisch mogelijk is door middel van opsporing van dergelijke onzuiverheden in gescheiden ingezameld bioafval voor het wordt verwerkt.

Amendement    5

Voorstel voor een verordening

Overweging 8 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 bis)  Lidstaten die reeds strengere nationale grenswaarden voor cadmium in meststoffen hebben ingevoerd, zouden die grenswaarden moeten kunnen behouden totdat de rest van de Unie een gelijkwaardig ambitieniveau bereikt.

Amendement    6

Voorstel voor een verordening

Overweging 8 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(8 ter)  In de hele Unie zou een verplichte etikettering voor het cadmiumgehalte in bemestingsproducten met CE-markering moeten worden ingevoerd waarmee de werkelijke hoeveelheid cadmium (Cd) in mg/kg fosforpentoxide (P2O5) wordt aangegeven. Deze etikettering zou de vorm kunnen krijgen van een duidelijk zichtbaar etiket met kleurcode op het product, zodat voor de gebruikers direct zichtbaar is of zij een product met een hoger of lager cadmiumgehalte gebruiken. Het zou mogelijk moeten zijn om speciale aanduidingen te gebruiken voor bemestingsproducten met een werkelijk cadmiumgehalte dat lager is of gelijk aan 20 mg/kg fosforpentoxide (P2O5).

Amendement    7

Voorstel voor een verordening

Overweging 10 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(10 bis)  Om gebruik te maken van de technische vooruitgang betreffende het potentiële gebruik van dierlijke bijproducten, zou de desbetreffende bestanddelencategorie onverwijld moeten worden uitgebreid door meer dierlijke bijproducten op te nemen. Deze uitgebreide bestanddelencategorie zou meer mogelijkheden en rechtszekerheid kunnen helpen scheppen voor producenten en bedrijven door het potentieel te ontsluiten om beter gebruik te maken van nutriënten uit dierlijke bijproducten zoals dierlijke mest. Dit betekent dat aan de Commissie de bevoegdheid moet worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de onverwijlde toevoeging van bepaalde dierlijke bijproducten aan specifieke bestanddelencategorieën.

Amendement    8

Voorstel voor een verordening

Overweging 10 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(10 ter)  Voor dierlijke bijproducten die reeds op grote schaal in de lidstaten worden gebruikt voor de productie van meststoffen, zoals bewerkte dierlijke mest, dient het eindpunt onverwijld te worden bepaald, en uiterlijk op ... [OJ please insert the date: six months after the date of entry into force of this Regulation].

Amendement    9

Voorstel voor een verordening

Overweging 13

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(13)  Er is vastgesteld dat er op de markt een vraag bestaat om bepaalde afvalstoffen die nuttig zijn toegepast in de zin van Richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad20 als bemestingsproduct te gebruiken. Om ervoor te zorgen dat het gebruik van die producten niet leidt tot over het geheel genomen ongunstige effecten op het milieu of de menselijke gezondheid, zijn bovendien bepaalde eisen noodzakelijk voor de afvalstoffen die als input worden gebruikt in de nuttige toepassing, voor de verwerkingsprocessen en -technieken, en voor de bemestingsproducten die het resultaat zijn van de nuttige toepassing. Wat bemestingsproducten met CE-markering betreft, moeten die eisen in deze verordening worden vastgesteld. Vanaf het moment waarop aan alle eisen van deze verordening wordt voldaan, mogen die producten dus niet meer als afvalstoffen in de zin van Richtlijn 2008/98/EG worden beschouwd.

(13)  Er is vastgesteld dat er op de markt een vraag bestaat om bepaalde afvalstoffen, zoals struviet, biochar en uit as verkregen producten, die nuttig zijn toegepast in de zin van Richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad20 als bemestingsproduct te gebruiken. Om ervoor te zorgen dat het gebruik van die producten niet leidt tot over het geheel genomen ongunstige effecten op het milieu of de menselijke gezondheid, zijn bovendien bepaalde eisen noodzakelijk voor de afvalstoffen die als input worden gebruikt in de nuttige toepassing, voor de verwerkingsprocessen en -technieken, en voor de bemestingsproducten die het resultaat zijn van de nuttige toepassing. Wat bemestingsproducten met CE-markering betreft, moeten die eisen in deze verordening worden vastgesteld. Vanaf het moment waarop aan alle eisen van deze verordening wordt voldaan, mogen die producten dus niet meer als afvalstoffen in de zin van Richtlijn 2008/98/EG worden beschouwd. Om de technische ontwikkelingen te kunnen benutten en de innovatie op het vlak van het nuttige gebruik van waardevolle afvalstromen verder te stimuleren, zou de Commissie moeten worden gemachtigd om gedelegeerde handelingen overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) vast te stellen met het doel de desbetreffende bestanddelencategorieën toe te voegen of uit te breiden om meer afvalstoffen op te nemen die in aanmerking komen voor gebruik in de productie van bemestingsproducten met CE-markering, zoals struviet, biochar en uit as verkregen producten. De verwerkingsvoorschriften moeten onmiddellijk na de inwerkingtreding van deze verordening op passende wijze worden beoordeeld en vastgesteld.

__________________

__________________

20 Richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad van 19 november 2008 betreffende afvalstoffen en tot intrekking van een aantal richtlijnen (PB L 312 van 22.11.2008, blz. 3).

20 Richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad van 19 november 2008 betreffende afvalstoffen en tot intrekking van een aantal richtlijnen (PB L 312 van 22.11.2008, blz. 3).

Amendement    10

Voorstel voor een verordening

Overweging 15

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(15)  Bepaalde stoffen, mengsels en micro-organismen, gewoonlijk aangeduid als biostimulanten voor planten, zijn geen nutriënten als zodanig, maar stimuleren wel de voedingsprocessen van planten. Wanneer dergelijke producten als enige doel hebben het gebruik van nutriënten door de plant efficiënter te maken of de tolerantie voor abiotische stress of de kenmerken in verband met de kwaliteit van het gewas te verbeteren, hebben zij in wezen meer gemeen met bemestingsproducten dan met de meeste categorieën gewasbeschermingsmiddelen. Die producten moeten derhalve in aanmerking komen voor CE-markering op grond van deze verordening en uitgesloten worden van het toepassingsgebied van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad21. Verordening (EG) nr. 1107/2009 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(15)  Bepaalde stoffen, micro-organismen en mengsels daarvan, gewoonlijk aangeduid als biostimulanten voor planten, zijn niet noodzakelijk nutriënten maar stimuleren wel de algemene groeikracht en voedingsprocessen van planten. Wanneer dergelijke producten als enige doel hebben het gebruik van nutriënten door de plant efficiënter te maken, de beschikbaarheid van nutriënten te vergroten, de tolerantie voor abiotische stress, de kenmerken in verband met de kwaliteit van planten of de afbraak van organische bodembestanddelen te verbeteren of de beschikbaarheid van in de bodem of de rizosfeer opgeslagen nutriënten, dan wel de opbrengst, te vergroten, hebben zij in wezen meer gemeen met bemestingsproducten dan met de meeste categorieën gewasbeschermingsmiddelen. Die producten moeten derhalve in aanmerking komen voor CE-markering op grond van deze verordening en uitgesloten worden van het toepassingsgebied van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad21. Verordening (EG) nr. 1107/2009 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

_________________

_________________

21 Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PB L 309 van 24.11.2009, blz. 1).

21 Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PB L 309 van 24.11.2009, blz. 1).

Amendement    11

Voorstel voor een verordening

Overweging 17

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(17)  Deze verordening mag geen beletsel vormen voor de toepassing van bestaande wetgeving van de Unie betreffende aspecten van de bescherming van de gezondheid, de veiligheid en het milieu waarop deze verordening geen betrekking heeft. Deze verordening moet derhalve van toepassing zijn behoudens Richtlijn 86/278/EEG van de Raad22, Richtlijn 89/391/EEG van de Raad23, Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad24, Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad25, Verordening (EG) nr. 1881/2006 van de Commissie26, Richtlijn 2000/29/EG van de Raad27, Verordening (EU) nr. 98/2013 van het Europees Parlement en de Raad28 en Verordening (EU) nr. 1143/2014 van het Europees Parlement en de Raad29.

(17)  Deze verordening mag geen beletsel vormen voor de toepassing van bestaande wetgeving van de Unie betreffende aspecten van de bescherming van de gezondheid, de veiligheid en het milieu waarop deze verordening geen betrekking heeft. Deze verordening moet derhalve van toepassing zijn behoudens Richtlijn 86/278/EEG van de Raad22, Richtlijn 91/676/EEG van de Raad22 bis, Richtlijn 2000/60/EG van de Raad22 ter, Richtlijn 89/391/EEG van de Raad23, Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad24, Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad25, Verordening (EG) nr. 1881/2006 van de Commissie26, Richtlijn 2000/29/EG van de Raad27, Verordening (EU) nr. 98/2013 van het Europees Parlement en de Raad28, Verordening (EU) nr. 1143/2014 van het Europees Parlement en de Raad29 en Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad29 bis.

__________________

__________________

22 Richtlijn 86/278/EEG van de Raad van 12 juni 1986 betreffende de bescherming van het milieu, in het bijzonder de bodem, bij het gebruik van zuiveringsslib in de landbouw (PB L 181 van 4.7.1986, blz. 6).

22 Richtlijn 86/278/EEG van de Raad van 12 juni 1986 betreffende de bescherming van het milieu, in het bijzonder de bodem, bij het gebruik van zuiveringsslib in de landbouw (PB L 181 van 4.7.1986, blz. 6).

 

22 bis Richtlijn 91/676/EEG van de Raad van 12 december 1991 inzake de bescherming van water tegen verontreiniging door nitraten uit agrarische bronnen (PB L 375 van 31.12.1991, blz. 1).

 

22 ter Richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid (PB L 327 van 22.12.2000, blz. 1).

23 Richtlijn 89/391/EEG van de Raad van 12 juni 1989 betreffende de tenuitvoerlegging van maatregelen ter bevordering van de verbetering van de veiligheid en de gezondheid van de werknemers op het werk (PB L 183 van 29.6.1989, blz. 1).

23 Richtlijn 89/391/EEG van de Raad van 12 juni 1989 betreffende de tenuitvoerlegging van maatregelen ter bevordering van de verbetering van de veiligheid en de gezondheid van de werknemers op het werk (PB L 183 van 29.6.1989, blz. 1).

24 Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH) (PB L 396 van 30.12.2006, blz. 1).

24 Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH) (PB L 396 van 30.12.2006, blz. 1).

25 Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels (PB L 353 van 31.12.2008, blz. 1).

25 Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels (PB L 353 van 31.12.2008, blz. 1).

26 Verordening (EG) nr. 1881/2006 van de Commissie van 19 december 2006 tot vaststelling van de maximumgehalten aan bepaalde verontreinigingen in levensmiddelen (PB L 364 van 20.12.2006, blz. 5).

26 Verordening (EG) nr. 1881/2006 van de Commissie van 19 december 2006 tot vaststelling van de maximumgehalten aan bepaalde verontreinigingen in levensmiddelen (PB L 364 van 20.12.2006, blz. 5).

27 Richtlijn 2000/29/EG van de Raad van 8 mei 2000 betreffende de beschermende maatregelen tegen het binnenbrengen en de verspreiding in de Gemeenschap van voor planten en voor plantaardige producten schadelijke organismen (PB L 169 van 10.7.2000, blz. 1).

27 Richtlijn 2000/29/EG van de Raad van 8 mei 2000 betreffende de beschermende maatregelen tegen het binnenbrengen en de verspreiding in de Gemeenschap van voor planten en voor plantaardige producten schadelijke organismen (PB L 169 van 10.7.2000, blz. 1).

28 Verordening (EU) nr. 98/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 15 januari 2013 over het op de markt brengen en het gebruik van precursoren voor explosieven (PB L 39 van 9.2.2013, blz. 1).

28 Verordening (EU) nr. 98/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 15 januari 2013 over het op de markt brengen en het gebruik van precursoren voor explosieven (PB L 39 van 9.2.2013, blz. 1).

29 Verordening (EU) nr. 1143/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2014 betreffende de preventie en beheersing van de introductie en verspreiding van invasieve uitheemse soorten (PB L 317 van 4.11.2014, blz. 35).

29 Verordening (EU) nr. 1143/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2014 betreffende de preventie en beheersing van de introductie en verspreiding van invasieve uitheemse soorten (PB L 317 van 4.11.2014, blz. 35).

 

29 bis Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad van 28 juni 2007 inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten, PB L 189 van 20.7.2007, blz. 1.

Motivering

De meststoffenverordening heeft uitsluitend ten doel de werking van de interne markt te garanderen en de voorwaarden voor het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering die op de interne markt verhandeld kunnen worden gedeeltelijk te harmoniseren. De nitraatrichtlijn, de kaderrichtlijn water (2000/60/EG) en Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten dienen buiten het toepassingsgebied van de verordening inzake het op de markt aanbieden van bemestingsproducten te vallen.

Amendement    12

Voorstel voor een verordening

Overweging 55

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(55)  Op het gebied van recycling van afvalstoffen wordt veelbelovende technische vooruitgang geboekt, bijvoorbeeld recycling van fosfor uit zuiveringsslib en de productie van bemestingsproducten op basis van dierlijke bijproducten, zoals biochar. Wanneer de productieprocessen wetenschappelijk zijn geanalyseerd en er op Unie-niveau procesvoorschriften zijn vastgesteld, moeten producten die dergelijke materialen bevatten of eruit bestaan zonder onnodige vertraging toegang krijgen tot de interne markt. Daartoe moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie handelingen vast te stellen ter bepaling van bredere of bijkomende categorieën bemestingsproducten met CE-markering of bestanddelen die in aanmerking komen om voor de productie van die producten te worden gebruikt. Voor dierlijke bijproducten mogen de bestanddelencategorieën slechts worden uitgebreid of mogen er slechts bestanddelencategorieën worden toegevoegd indien een eindpunt in de productieketen is vastgesteld overeenkomstig de procedures van Verordening (EG) nr. 1069/2009, aangezien dierlijke bijproducten waarvoor geen eindpunt is vastgesteld in alle gevallen van het toepassingsgebied van deze verordening zijn uitgesloten.

(55)  Op het gebied van recycling van afvalstoffen wordt veelbelovende technische vooruitgang geboekt, bijvoorbeeld recycling van fosfor uit zuiveringsslib, met name struviet, de productie van bemestingsproducten op basis van dierlijke bijproducten, zoals biochar, en de nuttige toepassing van fosfor na verbranding, met name uit as verkregen producten. Dergelijke producten zijn reeds toegestaan uit hoofde van de nationale wetgeving van verschillende lidstaten. Wanneer de productieprocessen wetenschappelijk zijn geanalyseerd en er op Unie-niveau procesvoorschriften zijn vastgesteld, moeten producten die dergelijke materialen bevatten of eruit bestaan onverwijld toegang krijgen tot de interne markt. Daartoe moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 VWEU handelingen vast te stellen ter bepaling van bredere of bijkomende categorieën bemestingsproducten met CE-markering of bestanddelen die in aanmerking komen om voor de productie van die producten te worden gebruikt. Met name dient er onverwijld na de inwerkingtreding van deze verordening een gedelegeerde handeling te worden vastgesteld waarmee struviet, biochar en uit as verkregen producten worden toegevoegd aan de bestanddelencategorieën. Voor dierlijke bijproducten mogen de bestanddelencategorieën slechts worden uitgebreid of mogen er slechts bestanddelencategorieën worden toegevoegd indien een eindpunt in de productieketen is vastgesteld overeenkomstig de procedures van Verordening (EG) nr. 1069/2009.

Amendement    13

Voorstel voor een verordening

Overweging 56

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(56)  Bovendien moet het mogelijk zijn om onmiddellijk te reageren op nieuwe bevindingen betreffende de voorwaarden waaronder bemestingsproducten met CE-markering voldoende doeltreffend zijn en op nieuwe risicobeoordelingen betreffende de gezondheid van mensen, dieren of planten, de veiligheid of het milieu. Daartoe moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag handelingen vast te stellen om de eisen voor de verschillende categorieën bemestingsproducten met CE-markering te wijzigen.

(56)  Bovendien moet het mogelijk zijn om onmiddellijk te reageren op nieuwe bevindingen betreffende de voorwaarden waaronder bemestingsproducten met CE-markering voldoende doeltreffend zijn en op nieuwe risicobeoordelingen betreffende de gezondheid van mensen, dieren of planten, de veiligheid of het milieu, met inachtneming van de beoordelingen die zijn gemaakt door of in samenwerking met de autoriteiten in de lidstaten. Daartoe moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag handelingen vast te stellen om de eisen voor de verschillende categorieën bemestingsproducten met CE-markering te wijzigen.

Amendement    14

Voorstel voor een verordening

Overweging 59 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(59 bis)  Er moet worden bepaald dat producten die in het kader van de wederzijdse erkenning overeenkomstig Verordening (EG) nr. 764/2008 van het Europees Parlement en de Raad1 bis in de handel zijn gebracht, verder gebruikt mogen worden.

 

__________________

 

1 bis Verordening (EG) nr. 764/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 9 juli 2008 tot vaststelling van procedures voor de toepassing van bepaalde nationale technische voorschriften op goederen die in een andere lidstaat rechtmatig in de handel zijn gebracht, en tot intrekking van Beschikking nr. 3052/95/EG (PB L 218 van 13.8.2008, blz. 21).

Amendement    15

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 2 – letter b bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b bis)  Richtlijn 91/676/EEG;

Motivering

The scope of the fertilising regulation is solely to guarantee the functioning of the internal market and to partially harmonise the conditions for placing in the market of CE marked fertilising products that can be traded in the internal market. Whereas the scope of the nitrates directive is the protection of water from agricultural pollution through certain restrictions of use of nutrients harmonised at EU level in already polluted areas. Amending the restriction on use in polluted areas included in the nitrates directive should fall outside of the scope of placing in the market of the fertilising regulation.

Amendement    16

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 2 – letter b ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b ter)  Richtlijn 2000/60/EG;

Motivering

De meststoffenverordening heeft uitsluitend ten doel de werking van de interne markt te garanderen en de voorwaarden voor het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering die op de interne markt verhandeld kunnen worden gedeeltelijk te harmoniseren. De kaderrichtlijn water inzake water van goede kwaliteit in Europa (2000/60/EG) moet buiten het toepassingsgebied van deze verordening inzake het op de markt aanbieden van bemestingsproducten vallen.

Amendement    17

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 2 – letter h bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

h bis)  Verordening (EG) nr. 834/2007

Motivering

Het is belangrijk om in het toepassingsgebied van de verordening inzake het op de markt aanbieden van bemestingsproducten de biologische landbouw met zijn bijzondere kenmerken te erkennen.

Amendement    18

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – alinea 1 – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1)  een stof die of een mengsel, micro-organisme of elk ander materiaal dat, als zodanig of gemend met een ander materiaal, wordt aangebracht of bestemd is om te worden aangebracht op planten of hun rizosfeer om de planten nutriënten te verschaffen of hun voedingsefficiëntie te verbeteren;

1)  een stof die of een mengsel, micro-organisme of elk ander materiaal dat, als zodanig of gemengd met een ander materiaal, wordt aangebracht of bestemd is om te worden aangebracht op schimmels of hun mycosfeer of op planten in elke groeifase, met inbegrip van zaad, en/of hun rizosfeer, met het doel planten of schimmels nutriënten te verschaffen of hun fysieke of biologische groeiomstandigheden of hun algemene groeikracht, opbrengst en kwaliteit te verbeteren door hun voedingsefficiëntie te verhogen, onder meer door het vermogen van de plant om nutriënten op te nemen uit de fyllosfeer te vergroten (met uitzondering van gewasbeschermingsmiddelen zoals gedefinieerd in Verordening (EG) nr. 1107/2009);

Amendement    19

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De lidstaten mogen het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering die voldoen aan deze verordening niet belemmeren.

De lidstaten mogen het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering die aan deze verordening voldoen noch op grond van de samenstelling of markering ervan noch op grond van andere bepalingen van deze verordening belemmeren. Met betrekking tot het gebruik van bemestingsproducten met CE-markering kunnen de lidstaten nationale bepalingen ter bescherming van de menselijke gezondheid en het milieu handhaven of vaststellen. Die bepalingen mogen echter geen wijzigingen vereisen van bemestingsproducten die over een CE-markering beschikken en in overeenstemming zijn met deze verordening. Evenmin mogen de bepalingen een wijziging behelzen van de voorwaarden voor het op de markt aanbieden van die producten.

Amendement    20

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  De Commissie publiceert gelijktijdig met de publicatie van deze verordening in het Publicatieblad van de Europese Unie een document met richtsnoeren waarin zij fabrikanten en markttoezichtautoriteiten duidelijkheid geeft over hoe het etiket eruit dient te zien, geïllustreerd met voorbeelden. In deze richtsnoeren wordt ook andere relevante informatie in de zin van deel I, punt 2, onder d), van bijlage III gespecificeerd.

Motivering

Om de landbouwers duidelijke informatie te geven en onjuiste toepassingen van meststoffen met negatieve gevolgen voor het milieu te voorkomen, dient de Europese Commissie in een document met richtsnoeren concrete voorschriften en visuele aspecten van de etiketten voor kunstmeststoffen te verstrekken.

Amendement    21

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

9.  Fabrikanten verstrekken op een met redenen omkleed verzoek van een bevoegde nationale autoriteit aan deze autoriteit op papier of elektronisch alle benodigde informatie en documentatie om de conformiteit van het bemestingsproduct met CE-markering met deze verordening aan te tonen, in een taal die deze autoriteit gemakkelijk kan begrijpen. Op verzoek van deze autoriteit verlenen zij medewerking aan eventuele maatregelen waarmee de risico's van de door hen in de handel gebrachte bemestingsproducten met CE-markering worden weggenomen.

9.  Fabrikanten verstrekken op verzoek van een bevoegde nationale autoriteit aan deze autoriteit op papier of elektronisch alle benodigde informatie en documentatie om de conformiteit van het bemestingsproduct met CE-markering met deze verordening aan te tonen, in een taal die deze autoriteit gemakkelijk kan begrijpen. Op verzoek van deze autoriteit verlenen zij medewerking aan eventuele maatregelen waarmee de risico's van de door hen in de handel gebrachte bemestingsproducten met CE-markering worden weggenomen.

Amendement    22

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 10 – alinea 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  enkelvoudige of samengestelde vaste anorganische macronutriëntenmeststoffen op basis van ammoniumnitraat en met een hoog stikstofgehalte, zoals in bijlage I beschreven in productfunctiecategorie 1 C) I) a) i-ii) A);

a)  enkelvoudige of samengestelde vaste minerale macronutriëntenmeststoffen op basis van ammoniumnitraat en met een hoog stikstofgehalte, zoals in bijlage I beschreven in productfunctiecategorie 1 C) I) a) i-ii) A);

 

(Deze wijziging van "anorganische meststof" in "minerale meststof" is van toepassing op de gehele tekst. Bij aanneming van dit amendement moet deze wijziging in de gehele tekst worden doorgevoerd.)

Amendement    23

Voorstel voor een verordening

Artikel 7 – lid 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  een bevoegde nationale autoriteit, wanneer deze een met redenen omkleed verzoek daartoe indient, alle benodigde informatie en documentatie verstrekken om de conformiteit van een bemestingsproduct met CE-markering aan te tonen;

b)  een bevoegde nationale autoriteit, wanneer deze een verzoek daartoe indient, alle benodigde informatie en documentatie verstrekken om de conformiteit van een bemestingsproduct met CE-markering aan te tonen;

Amendement    24

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – lid 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  Distributeurs verstrekken op een met redenen omkleed verzoek van een bevoegde nationale autoriteit aan deze autoriteit op papier of elektronisch alle benodigde informatie en documentatie om de conformiteit van een bemestingsproduct met CE-markering aan te tonen. Op verzoek van deze autoriteit verlenen zij medewerking aan eventuele maatregelen waarmee de risico's van de door hen op de markt aangeboden bemestingsproducten met CE-markering worden weggenomen.

5.  Distributeurs verstrekken op verzoek van een bevoegde nationale autoriteit aan deze autoriteit op papier of elektronisch alle benodigde informatie en documentatie om de conformiteit van een bemestingsproduct met CE-markering aan te tonen. Op verzoek van deze autoriteit verlenen zij medewerking aan eventuele maatregelen waarmee de risico's van de door hen op de markt aangeboden bemestingsproducten met CE-markering worden weggenomen.

Amendement    25

Voorstel voor een verordening

Artikel 18 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering dat een handeling van nuttige toepassing heeft ondergaan en dat voldoet aan de eisen van deze verordening, wordt geacht te voldoen aan de voorwaarden van artikel 6, lid 1, van Richtlijn 2008/98/EG en wordt derhalve geacht niet langer afval te zijn.

1.  Wanneer een materiaal dat afval was een handeling van nuttige toepassing overeenkomstig deze verordening heeft ondergaan, en een conform bemestingsproduct met CE-markering dit materiaal bevat of eruit bestaat, wordt dat materiaal geacht te voldoen aan de voorwaarden van artikel 6, lid 1, van Richtlijn 2008/98/EG en wordt het derhalve geacht niet langer afval te zijn vanaf het moment waarop de EU-conformiteitsverklaring wordt opgesteld.

Amendement    26

Voorstel voor een verordening

Artikel 23 – lid 3 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Een instantie die lid is van een organisatie van ondernemers en/of van een vakorganisatie die ondernemingen vertegenwoordigt die betrokken zijn bij het ontwerp, de vervaardiging, de levering of het gebruik van de door haar beoordeelde bemestingsproducten met CE-markering, kan als een dergelijke instantie worden beschouwd op voorwaarde dat haar onafhankelijkheid en de afwezigheid van belangenconflicten worden aangetoond.

Een instantie die lid is van een organisatie van ondernemers en/of van een vakorganisatie die ondernemingen vertegenwoordigt die betrokken zijn bij het ontwerp, de vervaardiging, de levering of het gebruik van de door haar beoordeelde bemestingsproducten met CE-markering, kan niet als een dergelijke instantie worden beschouwd.

Amendement    27

Voorstel voor een verordening

Artikel 23 – lid 8 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De onpartijdigheid van de conformiteitsbeoordelingsinstanties, hun hoogste leidinggevenden en het personeel dat de conformiteitsbeoordelingstaken verricht, wordt gewaarborgd.

De onpartijdigheid van de conformiteitsbeoordelingsinstanties, hun hoogste leidinggevenden en het personeel dat de conformiteitsbeoordelingstaken verricht, wordt gewaarborgd. Er wordt voorzien in passende bescherming van werknemers die inbreuken melden die binnen de conformiteitsbeoordelingsinstanties hebben plaatsgevonden, tegen op zijn minst vergelding, discriminatie of andere vormen van oneerlijke behandeling.

Amendement    28

Voorstel voor een verordening

Artikel 33 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Aangemelde instanties verstrekken de andere uit hoofde van deze verordening aangemelde instanties die soortgelijke conformiteitsbeoordelingsactiviteiten voor dezelfde bemestingsproducten met CE-markering verrichten, relevante informatie over negatieve conformiteitsbeoordelingsresultaten, en op verzoek ook over positieve conformiteitsbeoordelingsresultaten.

2.  Onverminderd bestaande EU-voorschriften inzake gegevensbescherming en de vertrouwelijkheid van bedrijfsinformatie en de bescherming van tests en studies die voor conformiteitsbeoordelingen worden ingediend, verstrekken aangemelde instanties de andere uit hoofde van deze verordening aangemelde instanties die soortgelijke conformiteitsbeoordelingsactiviteiten voor dezelfde bemestingsproducten met CE-markering verrichten, relevante informatie over negatieve conformiteitsbeoordelingsresultaten, en op verzoek ook over positieve conformiteitsbeoordelingsresultaten.

Motivering

Zonder deze toevoeging veronderstelt artikel 33, lid 2, dat de aangemelde instanties de gegevens van de aanvragers onbeperkt onder elkaar mogen delen, hetgeen de gegevensbescherming in het gedrang zou kunnen brengen.

Amendement    29

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De Commissie is bevoegd om overeenkomstig artikel 43 gedelegeerde handelingen vast te stellen om de bijlagen I tot en met IV te wijzigen om deze aan de technische vooruitgang aan te passen en de toegang tot de interne markt en het vrije verkeer te vergemakkelijken voor nieuwe bemestingsproducten met CE-markering

1.  De Commissie is bevoegd om overeenkomstig artikel 43 gedelegeerde handelingen vast te stellen om de bijlagen I tot en met IV te wijzigen om deze aan de technische vooruitgang aan te passen, in het bijzonder voor wat betreft de productie van meststoffen van dierlijke bijproducten en producten die zijn verkregen uit de nuttige toepassing van afval of die door fabrikanten worden gebruikt als bijproducten of nevenproducten van andere industriële en/of landbouwprocessen, evenals gerecycleerde producten, rekening houdend met de producten en materialen die reeds zijn toegestaan in de lidstaten, en de toegang tot de interne markt en het vrije verkeer te vergemakkelijken voor nieuwe bemestingsproducten met CE-markering:

Amendement    30

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  waarin waarschijnlijk aanzienlijk zal worden gehandeld op de interne markt, en

a)  die het potentieel hebben om op de interne markt te worden verhandeld, en

Amendement    31

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Onverwijld na de inwerkingtreding van deze verordening stelt de Commissie overeenkomstig lid 1 een gedelegeerde handeling vast om de in bijlage II opgesomde bestanddelencategorieën te wijzigen teneinde met name dierlijke bijproducten, struviet, biochar en uit as verkregen producten toe te voegen aan die bestanddelencategorieën, en om de vereisten vast te stellen voor het opnemen van deze producten in die categorieën. De Commissie houdt daarbij specifiek rekening met de technologische vooruitgang op het gebied van hergebruik van nutriënten.

Amendement    32

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 1 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 ter.  Per [OJ please insert the date: six months after the date of publication of this Regulation] stelt de Commissie overeenkomstig lid 1 een gedelegeerde handeling vast om bijlage II te wijzigen teneinde de eindpunten in de productieketen op te nemen die zijn bepaald overeenkomstig artikel 5, lid 2, tweede alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009 met betrekking tot de in bestanddelencategorie 11 van deze verordening genoemde dierlijke bijproducten.

Amendement    33

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 2 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)   de naam van het micro-organisme;

a)   de naam van het micro-organisme, tot op het niveau van de stam;

Motivering

Verschillende stammen van dezelfde soort kunnen sterk verschillende eigenschappen hebben.

Amendement    34

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 2 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d)  het taxonomische verband met soorten micro-organismen die voldoen aan de vereisten voor een gekwalificeerd vermoeden van veiligheid (Qualified Presumption of Safety) zoals bepaald door de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid;

(Niet van toepassing op de Nederlandse versie)  het taxonomische verband met soorten micro-organismen die voldoen aan de vereisten voor een gekwalificeerd vermoeden van veiligheid (Qualified Presumption of Safety) zoals bepaald door de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid;

Amendement    35

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  De Commissie is bevoegd om in overeenstemming met artikel 43 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de vaststelling van voorschriften voor de veiligheidsbeoordeling van nieuwe micro-organismen met het oog op de toepassing van lid 2. De eerste van die gedelegeerde handelingen wordt uiterlijk … [OJ please insert the date: one year after the entry into force of this Regulation] aan het Europees Parlement en de Raad voorgelegd.

Motivering

Er is veel innovatie en ontwikkeling mogelijk voor het gebruik van micro-organismen in bemestingsproducten. Daarom is het belangrijk ervoor te zorgen dat deze verordening de innovatie en ontwikkeling op dit vlak zoveel mogelijk bevordert. De vergemakkelijking van de opname van meer micro-organismen in deze verordening is wat dit betreft een belangrijke stap.

Amendement    36

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 4 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 bis.  Wat deel II van bijlage I betreft sluit de bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen overeenkomstig de leden 1 en 4 aanpassingen van de daarin bepaalde grenswaarden voor contaminanten uit, tenzij er nieuwe grenswaarden voor contaminanten nodig zijn als gevolg van de toevoeging van nieuwe bestanddelen aan bijlage II. Als er nieuwe grenswaarden voor contaminanten worden vastgesteld, zijn die waarden alleen van toepassing op de nieuwe, toegevoegde bestanddelen.

Amendement    37

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 4 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 ter.  De Commissie herziet deel II van bijlage I per … [OJ please insert the date: ten years after the entry into force of this Regulation] of indien er nieuwe relevante wetenschappelijke gegevens beschikbaar zijn met betrekking tot de toxiciteit en carcinogeniteit van de betrokken contaminanten of indien er nieuwe technologische vooruitgang en innovatie heeft plaatsgevonden op het gebied van de productie en het gebruik van bemestingsproducten.

Motivering

De vereisten in verband met de contaminanten van productfunctiecategorieën zijn vrijgesteld van de bevoegdheden die aan de Europese Commissie worden gedelegeerd en worden herzien via de gewone wetgevingsprocedure, aangezien een van de doelstellingen van de nieuwe verordening het aanpakken is van de bezorgdheid om het milieu die voortvloeit uit de contaminatie door CE-meststoffen van de bodem, de binnenwateren, de zeewateren en uiteindelijk ook van levensmiddelen, zodat dit een van de belangrijkste punten van zorg is met betrekking tot de menselijke gezondheid.

Amendement    38

Voorstel voor een verordening

Artikel 45 – alinea 1 – punt 1 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 1069/2009

Artikel 5 – lid 2 – alinea 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.   in lid 2 wordt na de eerste alinea de volgende alinea ingevoegd:

 

"Voor afgeleide producten die onder het toepassingsgebied van artikel 32 vallen en reeds op grote schaal in de lidstaten worden gebruikt voor de productie van meststoffen stelt de Commissie een dergelijk eindpunt vast per [Publications office, please insert the date occurring six months after the date of publication of the Fertilisers Regulationg]."

Amendement    39

Voorstel voor een verordening

Artikel 46 – alinea 1 – punt 2

Verordening (EG) nr. 1107/2009

Artikel 3 – punt 34 – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3)  "34  "biostimulant voor planten": een product dat de voedingsprocessen van een plant stimuleert onafhankelijk van het gehalte aan nutriënten van het product, met als enige doel een of meer van de volgende eigenschappen van de plant te verbeteren:

3)  34. "biostimulant voor planten": een product dat een stof of micro-organisme bevat die c.q. dat de voedingsprocessen van een plant stimuleert, ongeacht zijn nutriëntengehalte, dan wel een combinatie van dergelijke stoffen en/of micro-organismen, met als enige doel een of meer van de volgende eigenschappen van de plant of de rizosfeer van de plant te verbeteren:

Amendement    40

Voorstel voor een verordening

Artikel 46 – alinea 1 – punt 2

Verordening (EG) nr. 1107/2009

Artikel 3 – punt 34 – letter c bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis)  de aantasting van organisch materiaal in de bodem;

Amendement    41

Voorstel voor een verordening

Artikel 46 – alinea 1 – punt 2

Verordening (EG) nr. 1107/2009

Artikel 3 – punt 34 – letter c ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c ter)  de beschikbaarheid van bepaalde nutriënten in de bodem en de rizosfeer.

Amendement    42

Voorstel voor een verordening

Artikel 46 bis (nieuw)

Richtlijn 91/676/EEG

Artikel 2 – letter g

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Artikel 46 bis

 

Wijziging van Richtlijn 91/676/EEG

 

In Richtlijn 91/676/EG wordt artikel 2, onder g), vervangen door het volgende:

 

"g) 'dierlijke mest': excrementen van vee of een mengsel van strooisel en excrementen van vee, alsook producten daarvan, tenzij deze producten een verwerking hebben ondergaan overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1069/2009 en een vervangingswaarde voor nitraatmeststof van ten minste 90 % hebben bereikt.".

Motivering

Het is belangrijk een koppeling aan te brengen tussen deze verordening en de nitraatrichtlijn.

Amendement    43

Voorstel voor een verordening

Artikel 46 ter (nieuw)

Verordening (EG) nr. 1907/2006

Bijlage V – punt 12

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Artikel 46 ter

 

Wijziging van Verordening (EG) nr. 1907/2006

 

Punt 12 in bijlage V wordt vervangen door het volgende:

 

"12. Compost, biogas en digestaat."

Motivering

Om innovatie in en ontwikkeling van de circulaire economie te ondersteunen is een helder economisch regelgevingskader van essentieel belang. Het volgende voorgestelde amendement consolideert de wijdverspreide toepassingspraktijk van Verordening (EG) nr. 1907/2006 (REACH) waarin digestaat uit hoofde van die verordening niet hoeft te worden geregistreerd.

Amendement    44

Voorstel voor een verordening

Artikel 48 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.   Lidstaten die reeds een lagere grenswaarde voor het gehalte aan cadmium (Cd) in organominerale meststoffen en anorganische meststoffen, zoals vastgesteld in bijlage I, deel II, productfunctiecategorie 1 B), punt 3, onder a) en productfunctiecategorie C) I), punt 2, onder a), hebben toegepast, mogen deze strengere grenswaarde behouden totdat de grenswaarde in deze verordening gelijk of lager is. De lidstaten stellen de Commissie in kennis van het bestaan van dergelijke nationale maatregelen per … [OJ please insert the date: six months after the date of entry into force of this Regulation].

Amendement    45

Voorstel voor een verordening

Artikel 49 – alinea 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.   In afwijking lid 2 van dit artikel zijn de artikelen 42 en 45 van toepassing per … [OJ please insert the date: the date of entry into force of the Regulation].

Amendement    46

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel III – lid 5 – letter A – punt I bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

I bis.  Denitrificatieremmer

Motivering

De denitrificatieremmer moet aan de categorie "agronomische toevoegingsmiddelen" worden toegevoegd. Denitrificatieremmers zijn essentiële stoffen die atmosferische verontreiniging moeten voorkomen door de vorming van distikstof uit producten als dierlijke mest en biodigestaat te beperken.

Amendement    47

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (A) – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Een organische meststof bevat

Een organische meststof bevat

-  koolstof (C) en

-  organische koolstof (Corg) en

-  nutriënten

-  nutriënten

van uitsluitend biologische oorsprong, met uitzondering van materiaal dat is gefossiliseerd of ingebed in geologische formaties.

van uitsluitend biologische oorsprong, zoals turf, met inbegrip van leonardiet, ligniet en uit deze materialen verkregen stoffen, maar met uitzondering van andere materialen die zijn gefossiliseerd of ingebed in geologische formaties.

Amendement    48

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (A) – punt 2 - streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  cadmium (Cd)  1,5 mg/kg vaste stof,

-  cadmium (Cd)  1,0 mg/kg vaste stof,

Motivering

Gezien het feit dat het een van de doelstellingen van de huidige regelgeving is om het gebruik van organisch-minerale meststoffen en anorganische meststoffen te verlagen en het gebruik van organische meststoffen op de EU-markt te verhogen, is het van zeer groot belang dat we ernaar streven de accumulatie in de landbouwgrond van de EU van carcinogene stoffen, zoals cadmium, zo ver mogelijk te verlagen. Cadmium staat sinds 2014 op de kandidatenlijst gezien de indeling als bekend carcinogeen onder C1A (bekend carcinogeen voor de mens) op grond van de Reach-verordening.

Amendement    49

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (A) – punt 2 - streepje 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  lood (Pb)  120 mg/kg vaste stof, en

-  lood (Pb)  20 mg/kg vaste stof, en

Motivering

The French Food Security Agency (ANSES) has concluded in a 2016 report that levels for Lead found in baby and child food are of extreme risk and non-acceptable and should immediately be lowered. Similarly, the European Commission’s study of the Joint Research Centre and the Institute for Reference Materials and Measurements in which the total lead in baby food in Europe was determined, Lead was found as very problematic substance for babies’ intake. Given the fact that presence of lead in fertilisers easily contaminates crops for human consumption, as it was confirmed by EFSA’s study on Lead dietary exposure in the European population, maximum limits for this toxic contaminant in contaminants should drastically be lowered for all fertilisers, including organic ones

Amendement    50

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (A) – punt 2 - streepje 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  biureet (C2H5N3O2) 12 g/kg vaste stof.

-  biureet (C2H5N2O2) onder de detectiegrens.

Motivering

Voor biureet (een chemische verbinding die aanwezig is in ureum) moet een lage grenswaarde worden vastgesteld om frauduleus gebruik van ureum, dat vanwege de lage prijzen in plaats van organisch materiaal zou kunnen worden gebruikt, te voorkomen.

Amendement    51

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (A) – punt 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

3.  Salmonella spp. mag niet voorkomen in een monster van 25 g van het bemestingsproduct met CE-markering.

Amendement

3.  Pathogenen mogen in de organische meststof niet voorkomen in grotere dan de in de onderstaande tabel aangegeven concentraties:

Te testen micro-organisme

Steekproefplannen

Grenswaarde

 

n

c

m

M

Salmonella spp

5

0

0

Afwezig in 25 g of 25 ml

Escherichia coli of Enterococcaceae

5

5

0

1 000 in 1 g of 1 ml

n = aantal te testen monsters,

c = aantal monsters waarbij het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve, mag liggen tussen m en M,

m = drempelwaarde voor het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve, dat voldoende wordt geacht,

M = maximale waarde voor het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve.

De parasieten Ascaris spp. en Toxocara spp. in alle fasen van hun ontwikkeling mogen niet aanwezig zijn in 100 g of 100 ml organische meststof.

Amendement    52

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (A) I) – punt 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat ten minste een van de volgende aangegeven nutriënten: stikstof (N), fosforpentoxide (P2O5) of kaliumoxide (K2O).

Amendement    53

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (A) II) – punt 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat ten minste een van de volgende aangegeven nutriënten: stikstof (N), fosforpentoxide (P2O5) of kaliumoxide (K2O).

Amendement    54

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (A) II) – punt 2 - streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  2 massaprocent totaal stikstof (N),

-  1 massaprocent totaal stikstof (N), en/of

Amendement    55

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (A) II) – punt 2 - streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  1 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5), of

-  0,5 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5), en/of

Amendement    56

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (B) – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een organisch-minerale meststof is een gecombineerde formulering van

1.  Een organisch-minerale meststof is een gecombineerde formulering van

–  een of meer anorganische meststoffen, zoals gespecificeerd in productfunctiecategorie 1 C), en

–  een of meer minerale meststoffen, zoals gespecificeerd in productfunctiecategorie 1 C), en

–  een materiaal dat organische koolstof (C) en

–  een materiaal/materialen dat/die organische koolstof (Corg) en

–  nutriënten bevat van uitsluitend biologische oorsprong, met uitzondering van materiaal dat is gefossiliseerd of ingebed in geologische formaties.

–  van uitsluitend biologische oorsprong, bevat(ten) zoals turf, met inbegrip van leonardiet, ligniet en uit deze materialen verkregen stoffen, maar met uitzondering van andere materialen die zijn gefossiliseerd of ingebed in geologische formaties.

Amendement    57

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (B) – punt 3 - letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(1)  indien het bemestingsproduct met CE-markering een totaal gehalte fosfor (P) van minder dan 5 massaprocent fosforpentoxide (P2O5)-equivalent heeft: 3 mg/kg vaste stof, of

(1)  indien het bemestingsproduct met CE-markering een totaal gehalte fosfor (P) van minder dan 5 massaprocent fosforpentoxide (P2O5)-equivalent heeft: 3 mg/kg vaste stof, of

(2)   indien het bemestingsproduct met CE-markering een totaal gehalte fosfor (P) van 5 massaprocent fosforpentoxide (P2O5)-equivalent of meer heeft ("fosfaatmeststof"):

(2)   indien het bemestingsproduct met CE-markering een totaal gehalte fosfor (P) van 5 massaprocent fosforpentoxide (P2O5)-equivalent of meer heeft ("fosfaatmeststof"):

-  met ingang van [Publications Office, please insert the date of application of this Regulation]: 60 mg/kg fosforpentoxide (P2O5),

-  met ingang van [Publications office, please insert the date of application of this Regulation]: 60 mg/kg fosforpentoxide (P2O5),

-  met ingang van [Publications Office, please insert the date occurring three years after the date of application of this Regulation]: 40 mg/kg fosforpentoxide (P2O5), en

-  met ingang van [Publications office, please insert the date occurring three years after the date of application of this Regulation]: 40 mg/kg fosforpentoxide (P2O5), en

-  met ingang van [Publications Office, please insert the date occurring twelve years after the date of application of this Regulation]: 20 mg/kg fosforpentoxide (P2O5),

-  met ingang van [Publications office, please insert the date occurring nine years after the date of application of this Regulation]: 20 mg/kg fosforpentoxide (P2O5),

Amendement    58

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (B) – punt 3 - letter e

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(e)  lood (Pb)  120 mg/kg vaste stof.

(e)  lood (Pb)  20 mg/kg vaste stof.

Motivering

Lood hoopt zich op in het lichaam en heeft zeer ernstige gevolgen voor de ontwikkeling van het centrale zenuwstelsel van peuters, kinderen en de foetus van zwangere vrouwen. Er bestaat geen aanbevolen aanvaardbare innamehoeveelheid, aangezien er geen bewijs bestaat van drempelwaarden voor een aantal cruciale gezondheidseffecten. Gezien de bijzondere zorg voor blootstelling aan lood bij kinderen, is het van belang de belangrijkste bronnen voor de inname van lood streng te reguleren.

Amendement    59

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (B) – punt 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

4.  Salmonella spp. mag niet voorkomen in een monster van 25 g van het bemestingsproduct met CE-markering.

Amendement

4.  Pathogenen mogen in de organisch-minerale meststof niet voorkomen in grotere dan de in de onderstaande tabel aangegeven concentraties

Te testen micro-organisme

Steekproefplannen

Grenswaarde

 

n

c

m

M

Salmonella spp

5

0

0

Afwezig in 25 g of 25 ml

Escherichia coli of Enterococcaceae

5

5

0

1 000 in 1 g of 1 ml

n = aantal te testen monsters,

c = aantal monsters waarbij het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve, mag liggen tussen m en M,

m = drempelwaarde voor het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve, dat voldoende wordt geacht,

M = maximale waarde voor het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve.

De parasieten Ascaris spp. en Toxocara spp. in alle fasen van hun ontwikkeling mogen niet aanwezig zijn in 100 g of 100 ml organisch-minerale meststof.

Amendement    60

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (B) I) – punt 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Het gehalte organische koolstof (C) in het bemestingsproduct met CE-markering is ten minste 3 massaprocent.

3.  Het gehalte organische koolstof (C) in het bemestingsproduct met CE-markering is ten minste 1 massaprocent.

Amendement    61

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (B) I) – punt 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis.  Indien het bemestingsproduct met CE-markering meer dan één nutriënt bevat, bevat dat product de volgende aangegeven nutriënten in hoeveelheden die ten minste gelijk zijn aan onderstaande minimumwaarden:

 

-   1,0 massaprocent totaal stikstof, waarvan 0,5 massaprocent van het bemestingsproduct met CE-markering organisch is (N), of

 

-   1 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5), of

 

-   1 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O), en

 

-   3 massaprocent totale som nutriënten.

Amendement    62

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (C) – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Een anorganische meststof is een meststof anders dan een organische of organisch-minerale meststof.

Een minerale meststof is een meststof die nutriënten bevat in minerale vorm of is verwerkt tot minerale vorm van dierlijke of plantaardige oorsprong. Calciumcyaanamide, ureum en de condensatie- en associatieproducten ervan worden beschouwd als producten die nutriënten in minerale vorm bevatten.

Amendement    63

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (C) – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Het totaal aan te geven stikstofgehalte is de som van ammoniumstikstof, nitraatstikstof, ureumstikstof, stikstof uit methyleenureum, isobutylideendiureumstikstof en crotonylideendiureumstikstof. Het aan te geven fosforgehalte komt overeen met het fosfor in fosfaatvorm. Nieuwe vormen kunnen worden toegevoegd na een wetenschappelijk onderzoek in overeenstemming met artikel 42.

Motivering

De Europese Commissie stelt voor om in het totale te vermelden nutriëntengehalte standaard alle vormen van nutriënten op te nemen, ook die welke niet beschikbaar zullen zijn voor de planten. Enkel voor de planten beschikbare nutriënten dienen op het etiket te worden vermeld, aangezien andere vormen van stikstof en fosfor niet aantoonbaar bijdragen aan de voeding van de planten. Anders bieden landbouwers hun gewassen niet de hoeveelheid nutriënten die ze verwachtten toe te passen overeenkomstig het voorstel en zouden zij dus worden misleid door de opgave van het totale nutriëntengehalte.

Amendement    64

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (C)I) – punt 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Om beschikbaar te zijn voor de planten voldoen fosforhoudende meststoffen aan ten minste een van de volgende minimale oplosbaarheidsniveaus:

 

-  oplosbaarheid in water: minimaal 40 % van het totale gehalte P, of

 

-  oplosbaarheid in neutraal ammoniumcitraat: minimaal 75 % van het totale gehalte P, of

 

-  oplosbaarheid in mierenzuur (enkel voor zacht natuurfosfaat): minimaal 55 % van het totale gehalte P.

Amendement    65

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (C)I) – punt 1 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 ter.  Het aangegeven stikstofgehalte is de som van ammoniumstikstof, nitraatstikstof, ureumstikstof, stikstof uit methyleenureum, stikstof uit isobutylideendiureum, stikstof uit crotonylideendiureum en stikstof uit cyanamide.

Motivering

De Europese Commissie stelt voor om in het totale te vermelden nutriëntengehalte standaard alle vormen van nutriënten op te nemen, ook die welke niet beschikbaar zullen zijn voor de planten. Enkel voor de planten beschikbare nutriënten dienen op het etiket te worden vermeld, aangezien andere vormen van stikstof en fosfor niet aantoonbaar bijdragen aan de voeding van de planten. Anders bieden landbouwers hun gewassen niet de hoeveelheid nutriënten die ze verwachtten toe te passen overeenkomstig het voorstel en zouden zij dus worden misleid door de opgave van het totale nutriëntengehalte.

Amendement    66

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (C)I) – lid 2 – letter a – punt 2 – streepje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  met ingang van [Publications Office, please insert the date occurring twelve years after the date of application of this Regulation]: 20 mg/kg fosforpentoxide (P2O5),

-  met ingang van [Publications office, please insert the date occurring nine years after the date of application of this Regulation]: 20 mg/kg fosforpentoxide (P2O5),

Amendement    67

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (C)I) – lid 2 - letter e

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(e)  lood (Pb)  150 mg/kg vaste stof,

(e)  lood (Pb)  20 mg/kg vaste stof.

Motivering

Lood hoopt zich op in het lichaam en heeft zeer ernstige gevolgen voor de ontwikkeling van het centrale zenuwstelsel van peuters, kinderen en de foetus van zwangere vrouwen. Er bestaat geen aanbevolen aanvaardbare innamehoeveelheid, aangezien er geen bewijs bestaat van drempelwaarden voor een aantal cruciale gezondheidseffecten. Gezien de bijzondere zorg voor blootstelling aan lood bij kinderen, is het van belang de belangrijkste bronnen voor de inname van lood streng te reguleren.

Amendement    68

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (C)I) – lid 2 - letter f

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(f)  arseen (As)  60 mg/kg vaste stof,

(f)  arseen (As)  20 mg/kg vaste stof,

Amendement    69

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 1 (C)II) – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een anorganische micronutriëntenmeststof is een anorganische meststof, anders dan een macronutriëntenmeststof, bedoeld om planten van een of meer van de volgende nutriënten te voorzien: boor (B), kobalt (Co), koper (Cu), ijzer (Fe), mangaan (Mn), molybdeen (Mo) of zink (Zn).

1.  Een anorganische micronutriëntenmeststof is een anorganische meststof, anders dan een macronutriëntenmeststof, bedoeld om planten van een of meer van de volgende nutriënten te voorzien: boor (B), kobalt (Co), koper (Cu), ijzer (Fe), mangaan (Mn), molybdeen (Mo), seleen (Se), silicium (Si) of zink (Zn).

Motivering

Seleen wordt gebruikt voor gras om de voeding van vee te verbeteren. Silicium wordt gebruikt om planten te voeden.

Amendement    70

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 2 – lid 2 - streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  cadmium (Cd)  3 mg/kg vaste stof,

-  cadmium (Cd)  1 mg/kg vaste stof,

Amendement    71

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 2 – lid 2 - streepje 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  lood (Pb)  200 mg/kg vaste stof, en

-  lood (Pb)  20 mg/kg vaste stof, en

Motivering

Lood hoopt zich op in het lichaam en heeft zeer ernstige gevolgen voor de ontwikkeling van het centrale zenuwstelsel van peuters, kinderen en de foetus van zwangere vrouwen. Er bestaat geen aanbevolen aanvaardbare innamehoeveelheid, aangezien er geen bewijs bestaat van drempelwaarden voor een aantal cruciale gezondheidseffecten. Gezien de bijzondere zorg voor blootstelling aan lood bij kinderen, is het van belang de belangrijkste bronnen voor de inname van lood streng te reguleren.

Amendement    72

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 2 – lid 2 - streepje 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  arseen (As)  120 mg/kg vaste stof

-  arseen (As)  20 mg/kg vaste stof,

Amendement    73

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Een bodemverbeteraar is een bemestingsproduct met CE-markering dat is bedoeld om aan de bodem te worden toegevoegd teneinde de fysische of chemische eigenschappen, de structuur of de biologische activiteit daarvan in stand te houden, te verbeteren of te beschermen.

Een bodemverbeteraar is een materiaal (met inbegrip van mulch) dat in situ aan de bodem wordt toegevoegd, in eerste instantie om de fysische eigenschappen in stand te houden of te verbeteren, en dat de chemische en/of biologische eigenschappen of activiteit van die bodem kan verbeteren.

Amendement    74

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 3 (A) – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een organische bodemverbeteraar bestaat geheel uit materiaal van uitsluitend biologische oorsprong, met uitzondering van materiaal dat is gefossiliseerd of ingebed in geologische formaties.

1.  Een organische bodemverbeteraar bestaat geheel uit materiaal van uitsluitend biologische oorsprong, zoals turf, met inbegrip van leonardiet, ligniet en uit deze materialen verkregen stoffen, maar met uitzondering van andere materialen die zijn gefossiliseerd of ingebed in geologische formaties.

Amendement    75

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 3 (A) – lid 2 - streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  cadmium (Cd)  3 mg/kg vaste stof,

-  cadmium (Cd)  1,5 mg/kg vaste stof,

Motivering

Om de grenswaarden voor contaminanten voor organische bodemverbeteraars, kalkmeststoffen, groeimedia en biostimulanten voor planten op elkaar af te stemmen, dient de grenswaarde voor cadmium in alle voornoemde categorieën te worden gewijzigd van 3 in 1,5 mg/kg.

Amendement    76

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 3 (A) – lid 2 - streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  zeswaardig chroom (Cr(VI))  2 mg/kg vaste stof,

-  zeswaardig chroom (Cr(VI))  1 mg/kg vaste stof,

Amendement    77

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 3 (A) – lid 2 - streepje 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  lood (Pb)  120 mg/kg vaste stof.

-  lood (Pb)  20 mg/kg vaste stof.

Amendement    78

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 3 (A) – lid 3 - letter a

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

(a)  Salmonella spp. mag niet voorkomen in een monster van 25 g van het bemestingsproduct met CE-markering.

Amendement

(a)  Pathogenen mogen in de organische bodemverbeteraar niet voorkomen in grotere dan de in de onderstaande tabel aangegeven concentraties:

Te testen micro-organisme

Steekproefplannen

Grenswaarde

 

n

c

m

M

Salmonella spp

5

0

0

Afwezig in 25 g of 25 ml

Escherichia coli of Enterococcaceae

5

5

0

1 000 in 1 g of 1 ml

n = aantal te testen monsters,

c = aantal monsters waarbij het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve, mag liggen tussen m en M,

m = drempelwaarde voor het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve, dat voldoende wordt geacht,

M = maximale waarde voor het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve.

De parasieten Ascaris spp. en Toxocara spp. in alle fasen van hun ontwikkeling mogen niet aanwezig zijn in 100 g of 100 ml organische bodemverbeteraar.

Amendement    79

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 3 (B) – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een anorganische bodemverbeteraar is een bodemverbeteraar anders dan een organische bodemverbeteraar.

1.  Een anorganische bodemverbeteraar is een bodemverbeteraar anders dan een organische bodemverbeteraar, en omvat ook mulchfolies. Een biologisch afbreekbare mulchfolie is een biologisch afbreekbare polymeerfolie die met name voldoet aan de voorschriften uit de punten 2 bis en 3 van bestanddelencategorie 10 in bijlage II en is bedoeld om in situ op de bodem te worden aangebracht om de structuur ervan te beschermen, de groei van onkruid tegen te gaan, het vochtverlies in de bodem te beperken of erosie te voorkomen.

Amendement    80

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 3 (B) – lid 2 - streepje 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  lood (Pb)  150 mg/kg vaste stof.

-  lood (Pb)  20 mg/kg vaste stof.

Amendement    81

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 4 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een groeimedium is een materiaal, anders dan bodem, bedoeld om als substraat voor wortelvorming te dienen.

1.  Een groeimedium is een materiaal, anders dan bodem, in situ waarin planten en paddenstoelen kunnen groeien.

Amendement    82

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 4 – lid 2 - streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  cadmium (Cd)  3 mg/kg vaste stof,

-  cadmium (Cd)  1,5 mg/kg vaste stof,

Motivering

Om de grenswaarden voor contaminanten voor organische bodemverbeteraars, kalkmeststoffen, groeimedia en biostimulanten voor planten op elkaar af te stemmen, dient de grenswaarde voor cadmium in alle voornoemde categorieën te worden gewijzigd van 3 in 1,5 mg/kg.

Amendement    83

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 4 – lid 2 - streepje 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  lood (Pb)  150 mg/kg vaste stof.

-  lood (Pb)  20 mg/kg vaste stof.

Motivering

Lood hoopt zich op in het lichaam en heeft zeer ernstige gevolgen voor de ontwikkeling van het centrale zenuwstelsel van peuters, kinderen en de foetus van zwangere vrouwen. Er bestaat geen aanbevolen aanvaardbare innamehoeveelheid, aangezien er geen bewijs bestaat van drempelwaarden voor een aantal cruciale gezondheidseffecten. Gezien de bijzondere zorg voor blootstelling aan lood bij kinderen, is het van belang de belangrijkste bronnen voor de inname van lood streng te reguleren.

Amendement    84

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 4 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

3.  Salmonella spp. mag niet voorkomen in een monster van 25 g van het bemestingsproduct met CE-markering.

Amendement

3.  Pathogenen mogen in het groeimedium niet voorkomen in grotere dan de in de onderstaande tabel aangegeven concentraties

Te testen micro-organisme

Steekproefplannen

Grenswaarde

 

n

c

m

M

Salmonella spp

5

0

0

Afwezig in 25 g of 25 ml

Escherichia coli of Enterococcaceae

5

5

0

1 000 in 1 g of 1 ml

n = aantal te testen monsters,

c = aantal monsters waarbij het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve, mag liggen tussen m en M,

m = drempelwaarde voor het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve, dat voldoende wordt geacht,

M = maximale waarde voor het aantal bacteriën, uitgedrukt in kve.

De parasieten Ascaris spp. en Toxocara spp. in alle fasen van hun ontwikkeling mogen niet aanwezig zijn in 100 g of 100 ml groeimedium.

Amendement    85

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 6 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een biostimulant voor planten is een bemestingsproduct met CE-markering dat de voedingsprocessen van een plant stimuleert onafhankelijk van het gehalte aan nutriënten van het product, met als enige doel een of meer van de volgende eigenschappen van de plant te verbeteren:

1.  Een biostimulant voor planten is een bemestingsproduct met CE-markering dat stoffen of micro-organismen bevat die de voedingsprocessen van een plant stimuleren, ongeacht zijn nutriëntengehalte, dan wel een combinatie van dergelijke stoffen en/of micro-organismen, met als enige doel een of meer van de volgende eigenschappen van de plant of de rizosfeer van de plant te verbeteren:

Amendement    86

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 6 – lid 1 – letter c bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(c bis)  de aantasting van organisch materiaal in de bodem; of

Amendement    87

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 6 – lid 1 – letter c ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(c ter)  de beschikbaarheid van bepaalde nutriënten in de bodem en de rizosfeer.

Amendement    88

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 6 – lid 2 - streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  cadmium (Cd)  3 mg/kg vaste stof,

-  cadmium (Cd)  1,5 mg/kg vaste stof,

Motivering

Om de grenswaarden voor contaminanten voor organische bodemverbeteraars, kalkmeststoffen, groeimedia en biostimulanten voor planten op elkaar af te stemmen, dient de grenswaarde voor cadmium in alle voornoemde categorieën te worden gewijzigd van 3 in 1,5 mg/kg.

Amendement    89

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 6 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De biostimulant voor planten moet de op het etiket aangegeven effecten hebben op de eveneens op het etiket vermelde gewassen.

3.  De biostimulant voor planten moet de op het etiket aangegeven effecten hebben op de eveneens op het etiket vermelde plant.

Amendement    90

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 6 (A) – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

3.  Salmonella spp. mag niet voorkomen in een monster van 25 g of 25 ml van het bemestingsproduct met CE-markering.

 

Amendement

3.  Pathogenen mogen in de microbiële biostimulant voor planten niet voorkomen in grotere dan de in de onderstaande tabel aangegeven concentraties:

Micro-organismen/toxinen en metabolieten

Steekproefplannen

Grenswaarde

 

n

c

 

Salmonella spp

5

0

Afwezig in 25 g of 25 ml

Escherichia coli

5

0

Afwezig in 1g of 1ml

Listeria monocytogenes

5

0

Afwezig in 25 g of 25 ml

Vibrio spp

5

0

Afwezig in 25 g of 25 ml

Shigella spp

5

0

Afwezig in 25 g of 25 ml

Staphylococcus aureus

5

0

Afwezig in 25 g of 25 ml

Enterococcaceae

5

2

10 kve/g

Anaeroob kiemgetal, tenzij de microbacteriële biostimulant een aerobe bacterie is

5

2

105 kve/g of ml

Kiemgetal gisten en schimmels, tenzij de microbacteriële biostimulant een schimmel is

5

2

1000 kve/g of ml

waarbij  n= aantal eenheden van de steekproef; c = het aantal monsters dat waarden verstrekt boven de gedefinieerde grenswaarde.

Amendement    91

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 6 (A) – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  Escherichia coli mag niet voorkomen in een monster van 1 g of 1 ml van het bemestingsproduct met CE-markering.

Schrappen

Amendement    92

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 6 (A) – lid 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  Enterococcaceae mogen niet in het bemestingsproduct met CE-markering voorkomen in grotere hoeveelheden dan 10 kve/g verse massa.

Schrappen

Amendement    93

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 6 (A) – lid 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

6.  Listeria monocytogenes mag niet voorkomen in een monster van 25 g of 25 ml van het bemestingsproduct met CE-markering.

Schrappen

Amendement    94

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 6 (A) – lid 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

7.  Vibrio spp. mag niet voorkomen in een monster van 25 g of 25 ml van het bemestingsproduct met CE-markering.

Schrappen

Amendement    95

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 6 (A) – lid 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

8.  Shigella spp. mag niet voorkomen in een monster van 25 g of 25 ml van het bemestingsproduct met CE-markering.

Schrappen

Amendement    96

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 6 (A) – lid 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

9.  Staphylococcus aureus mag niet voorkomen in een monster van 1 g of 1 ml van het bemestingsproduct met CE-markering.

Schrappen

Amendement    97

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 6 (A) – lid 10

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

10.  Het aeroob kiemgetal bedraagt ten hoogste 5 kve/g of ml monster van het bemestingsproduct met CE-markering, tenzij de microbiële biostimulant een aerobe bacterie is.

Schrappen

Amendement    98

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 6 (A) – lid 12 - alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

moet de biostimulant voor planten een pH van 4 of hoger hebben.

Schrappen

Amendement    99

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – PFC 6 (A) – lid 13

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

13.  De houdbaarheidstermijn van de microbiële biostimulant voor planten bedraagt ten minste 6 maanden onder de op het etiket vermelde opslagomstandigheden.

Schrappen

Motivering

Door te verplichten dat de houdbaarheidstermijn van de microbiële biostimulant voor planten 6 maanden moet bedragen, zoals de Commissie voorstelt, dreigen goed werkende producten met een kortere houdbaarheidstermijn te worden uitgesloten. Het is niet belangrijk de houdbaarheidstermijn van een product hier te reguleren zolang de gebruiker van de desbetreffende producten maar behoorlijk wordt ingelicht. Daarom moet er in de plaats een etiketteringsverplichting worden ingevoerd.

Amendement    100

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – CMC 2 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag planten, delen van planten of plantenextracten bevatten die geen andere bewerking hebben ondergaan dan snijden, fijnmaken, centrifugeren, persen, drogen, vriesdrogen of extraheren met water.

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag planten, delen van planten of plantenextracten bevatten die geen andere bewerking hebben ondergaan dan snijden, fijnmaken, centrifugeren, zeven, malen, persen, drogen, vriesdrogen, bufferen, extruderen, bestralen, behandelen door bevriezing, zuiveren door verhitting of extraheren met water of een andere bereiding/bewerking waardoor de uiteindelijke stof niet hoeft te worden geregistreerd uit hoofde van Verordening (EG) nr. 1907/2006.

Amendement    101

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – CMC 2 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Voor de toepassing van punt 1 hierboven worden algen geacht tot de planten te behoren, maar blauwwieren niet.

2.  Voor de toepassing van punt 1 hierboven worden algen geacht tot de planten te behoren, met uitzondering van blauwwieren die cyanotoxinen produceren welke overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1272/2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels als gevaarlijk zijn aangemerkt.

Amendement    102

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – CMC 3 – lid 2 - streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  waar alleen de in punt 1 hierboven bedoelde uitgangsmaterialen worden verwerkt, en

-  waar alleen de in punt 1 hierboven bedoelde uitgangsmaterialen worden verwerkt, in productielijnen die duidelijk afgescheiden zijn van productielijnen waar andere dan de in punt 1 bedoelde uitgangsmaterialen worden verwerkt, en

Amendement    103

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – CMC 3 – lid 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  Met ingang van [Publications Office: Please insert the date occurring 5 years after the date of application of this Regulation] bevat de compost ten hoogste 2,5 g/kg droge stof macroscopische onzuiverheden in de vorm van kunststof groter dan 2 mm. Uiterlijk op [Publications Office: Please insert the date occurring 8 years after the date of application of this Regulation] wordt de grenswaarde van 2,5 g/kg droge stof opnieuw beoordeeld teneinde rekening te houden met de vooruitgang op het gebied van de gescheiden inzameling van bioafval.

5.  Met ingang van [Publications Office: Please insert the date occurring 2 years after the date of application of this Regulation] bevat de compost ten hoogste 2,5 g/kg droge stof macroscopische onzuiverheden in de vorm van kunststof groter dan 2 mm. Uiterlijk op [Publications Office: Please insert the date occurring 5 years after the date of application of this Regulation] wordt de grenswaarde van 2,5 g/kg droge stof opnieuw beoordeeld teneinde rekening te houden met de vooruitgang op het gebied van de gescheiden inzameling van bioafval.

Motivering

Er is geen reden om vijf jaar lang 5 g/kg kunststof in compost toe te staan. Het niveau van 2,5 g/kg moet twee jaar na de toepassingsdatum gelden en na vijf jaar opnieuw worden beoordeeld.

Amendement    104

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – CMC 4 – kopje

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Bestanddelencategorie 4: digestaat van energiegewassen

Bestanddelencategorie 4: digestaat van energiegewassen en plantaardig bioafval

Amendment    105

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – CMC 4 – lid 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(c)  een onder a) of b) bedoeld materiaal dat in een eerder stadium is vergist.

(c)  een onder a) of b) bedoeld materiaal dat in een eerder stadium is vergist zonder sporen van aflatoxines.

Motivering

Aflatoxines zijn chemische stoffen die worden geproduceerd door schimmels en die erg gevaarlijk zijn voor de gezondheid van mens en dier.

Amendement    106

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – CMC 4 – lid 3 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  thermofiele anaerobe vergisting bij 55 °C met een verwerkingsproces waarin een pasteurisatiestap is opgenomen (70 °C – 1 uur);

(b)  thermofiele anaerobe vergisting bij 55 °C met een verwerkingsproces waarin een pasteurisatiestap is opgenomen overeenkomstig de definitie van bijlage V, hoofdstuk 1, afdeling 1, punt 1, bij Verordening nr. 142/2011 van de Commissie1 bis;

 

_________________

 

1 bis Verordening (EU) nr. 142/2011 van de Commissie van 25 februari 2011 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 1069/2009 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van gezondheidsvoorschriften inzake niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten en afgeleide producten en tot uitvoering van Richtlijn 97/78/EG van de Raad wat betreft bepaalde monsters en producten die vrijgesteld zijn van veterinaire controles aan de grens krachtens die richtlijn (PB L 54 van 26.2.2011, blz. 1).

Amendement    107

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – CMC 4 – lid 3 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(d)  mesofiele anaerobe vergisting bij 37-40 °C met een verwerkingsproces waarin een pasteurisatiestap is opgenomen (70 °C – 1 uur); of

(d)  mesofiele anaerobe vergisting bij 37-40 °C met een verwerkingsproces waarin een pasteurisatiestap is opgenomen overeenkomstig de definitie van bijlage V, hoofdstuk 1, afdeling 1, punt 1, bij Verordening nr. 142/2011; of

Amendement    108

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – CMC 5 – lid 1 – letter e – inleidend gedeelte

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(e)  een onder a) tot en met d) vermeld materiaal dat

(e)  een onder a) tot en met d) vermeld materiaal zonder aflatoxines dat

Motivering

Aflatoxines zijn chemische stoffen die worden geproduceerd door schimmels en die erg gevaarlijk zijn voor de gezondheid van mens en dier.

Amendement    109

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – CMC 5 – lid 3 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  thermofiele anaerobe vergisting bij 55 °C met een verwerkingsproces waarin een pasteurisatiestap is opgenomen (70 °C – 1 uur);

(b)  thermofiele anaerobe vergisting bij 55 °C met een verwerkingsproces waarin een pasteurisatiestap is opgenomen overeenkomstig de definitie van bijlage V, hoofdstuk 1, afdeling 1, punt 1, bij Verordening nr. 142/2011;

Amendement    110

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – CMC 5 – lid 3 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(d)  mesofiele anaerobe vergisting bij 37-40 °C met een verwerkingsproces waarin een pasteurisatiestap is opgenomen (70 °C – 1 uur); of

(d)  mesofiele anaerobe vergisting bij 37-40 °C met een verwerkingsproces waarin een pasteurisatiestap is opgenomen overeenkomstig de definitie van bijlage V, hoofdstuk 1, afdeling 1, punt 1, bij Verordening nr. 142/2011; of

Amendement    111

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – CMC 6 – lid 2 – alinea 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Het gehalte aan aflatoxines moet in alle stoffen onder de detectiegrens liggen.

Motivering

Aflatoxines zijn chemische stoffen die worden geproduceerd door schimmels en die erg gevaarlijk zijn voor de gezondheid van mens en dier.

Amendement    112

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – CMC 7 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  in de onderstaande tabel zijn vermeld:

Schrappen

Azotobacter spp.

 

Mycorrhizale schimmels

 

Rhizobium spp.

 

Azospirillum spp.

 

Amendement    113

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – CMC 10 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag andere polymeren dan nutriëntenpolymeren bevatten, maar uitsluitend in gevallen waarin het polymeer tot doel heeft om

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag andere polymeren dan nutriëntenpolymeren bevatten, maar uitsluitend in gevallen waarin het polymeer tot doel heeft om

(a)   het doordringen van water in de nutriëntendeeltjes, en daarmee de afgifte van nutriënten, te reguleren (in welk geval het polymeer doorgaans als "bedekkingsmiddel" wordt aangeduid), of

(a)   het doordringen van water in de nutriëntendeeltjes, en daarmee de afgifte van nutriënten, te reguleren (in welk geval het polymeer doorgaans als "bedekkingsmiddel" wordt aangeduid), of

(b)   de vochtopnamecapaciteit van het bemestingsproduct met CE-markering te verhogen.

(b)   de vochtopnamecapaciteit van het bemestingsproduct met CE-markering te verhogen, of

 

(b bis)  de bodem te verbeteren als biologisch afbreekbare mulchfolie die met name voldoet aan de voorschriften van de punten 2 bis en 3 van bestanddelencategorie 10, of

 

(b ter)  de stabiliteit van de bemestingsproducten met CE-markering te verbeteren.

Amendement    114

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – CMC 10 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.   Met ingang van [Publications office, please insert the date occurring three years after the date of application of this Regulation] moet aan het volgende criterium worden voldaan: het polymeer moet langs fysische, biologische weg afgebroken kunnen worden, zodat het uiteindelijk grotendeels uiteenvalt in koolstofdioxide (CO2), biomassa en water. Ten minstens 90 % van de organische koolstof in het polymeer moet in maximaal 24 maanden worden omgezet in CO2 bij een test van de biologische afbreekbaarheid zoals beschreven onder a) - c) hieronder.

2.   Met ingang van [Publications office, please insert the date occurring five years after the date of application of this Regulation] stelt de Commissie uit hoofde van artikel 42, lid 1, van deze verordening gedelegeerde handelingen vast, met invoering van:

(a)   De test wordt uitgevoerd bij 25 ± 2 °C.

(a)   een norm voor de biologische afbreekbaarheid door een tijdspanne in te stellen waarin ten minste 90 % van de organische koolstof is omgezet in CO2, nadat de verwachte afgiftetijd van het polymeer is verstreken, en

(b)   De test wordt uitgevoerd volgens een methode voor de bepaling van de totale aerobe biologische afbreekbaarheid van kunststoffen in de bodem door meting van het zuurstofverbruik of de hoeveelheid ontwikkelde koolstofdioxide.

(b)   een test van de biologische afbreekbaarheid, die voldoet aan het volgende criterium: het polymeer kan langs fysische, biologische weg afgebroken worden, zodat het uiteindelijk grotendeels uiteenvalt in koolstofdioxide (CO2), biomassa en water.

(c)   Een microkristallijn cellulosepoeder met dezelfde afmetingen als het testmateriaal wordt bij de test als referentiemateriaal gebruikt.

 

(d)   Het testmateriaal mag vóór de test niet worden blootgesteld aan omstandigheden of procedés die zijn bedoeld om de afbraak van de film te versnellen, zoals blootstelling aan warmte of licht.

 

Amendement    115

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – CMC 10 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  De biologisch afbreekbare mulchfolie voldoet aan het volgende criterium:

 

het polymeer kan langs fysische, biologische weg afgebroken worden, zodat het uiteindelijk uiteenvalt in koolstofdioxide (CO2), biomassa en water, en ten minste 90 % van de organische koolstof in het polymeer, hetzij absoluut, hetzij ten opzichte van het referentiemateriaal, moet in maximaal 24 maanden worden omgezet in CO2 bij een test van de biologische afbreekbaarheid volgens Europese normen voor de biologische afbraak van polymeren in de bodem.

Amendement    116

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – CMC 10 – lid 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis.  Polymeren die uitsluitend als bindmiddel in een bemestingsproduct met CE-markering worden gebruikt en niet in aanraking komen met de bodem, worden vrijgesteld van de vereisten in de punten 1, 2 en 3.

Amendement    117

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – CMC 11

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Een bemestingsproduct met CE-markering mag dierlijke bijproducten in de zin van Verordening (EG) nr. 1069/2009 bevatten die het eindpunt in de productieketen hebben bereikt, zoals overeenkomstig die verordening bepaald, en die in de onderstaande tabel zijn opgenomen en gespecificeerd:

 

Amendement

Onder voorbehoud van de goedkeuring door de Commissie van de gedelegeerde handelingen overeenkomstig artikel 42 mag een bemestingsproduct met CE-markering dierlijke bijproducten in de zin van Verordening (EG) nr. 1069/2009 bevatten die het eindpunt in de productieketen hebben bereikt, zoals overeenkomstig die verordening bepaald, en die in de onderstaande tabel zijn opgenomen en gespecificeerd:

 

Afgeleid product

Verwerkingsnormen voor het bereiken van het eindpunt in de productieketen

1

Vleesmeel

Bepaald overeenkomstig artikel 5, lid 2, [nieuwe tweede] alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

2

Beendermeel

Bepaald overeenkomstig artikel 5, lid 2, [nieuwe tweede] alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

3

Vleesbeendermeel

Bepaald overeenkomstig artikel 5, lid 2, [nieuwe tweede] alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

4

Dierlijk bloed

Bepaald overeenkomstig artikel 5, lid 2, [nieuwe tweede] alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

5

Gehydrolyseerde eiwitten van categorie III - overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1069/2009

Bepaald overeenkomstig artikel 5, lid 2, [nieuwe tweede] alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

6

Verwerkte mest

Bepaald overeenkomstig artikel 5, lid 2, [nieuwe tweede] alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

7

Compost (1)

Bepaald overeenkomstig artikel 5, lid 2, [nieuwe tweede] alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

8

Gistingsresiduen van biogas (1)

Bepaald overeenkomstig artikel 5, lid 2, [nieuwe tweede] alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

9

Verenmeel

Bepaald overeenkomstig artikel 5, lid 2, [nieuwe tweede] alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

10

Huiden en vellen

Bepaald overeenkomstig artikel 5, lid 2, [nieuwe tweede] alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

11

Hoeven en hoorns

Bepaald overeenkomstig artikel 5, lid 2, [nieuwe tweede] alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

12

Vleermuisguano

Bepaald overeenkomstig artikel 5, lid 2, [nieuwe tweede] alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

13

Wol en haar

Bepaald overeenkomstig artikel 5, lid 2, [nieuwe tweede] alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

14

Veren en dons

Bepaald overeenkomstig artikel 5, lid 2, [nieuwe tweede] alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

15

Varkenshaar

Bepaald overeenkomstig artikel 5, lid 2, [nieuwe tweede] alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

16

Glycerine en andere producten van categorie 2- en 3-materiaal, afkomstig van de productie van biodiesel en hernieuwbare brandstoffen

Bepaald overeenkomstig artikel 5, lid 2, [nieuwe tweede] alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

17

Diervoeders en hondenkluiven die om commerciële of technische redenen zijn geweigerd

Bepaald overeenkomstig artikel 5, lid 2, [nieuwe tweede] alinea, van Verordening (EG) nr. 1069/2009

(1) afgeleid van categorie 2- en 3-materiaal anders dan vleesbeendermeel en verwerkte dierlijke eiwitten

Amendement    118

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – CMC 11 bis (nieuw) – kopje

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Bestanddelencategorie 11 bis: Andere bijproducten van de industrie

Amendement    119

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – CMC 11 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Een bemestingsproduct met CE-markering mag andere, van specifieke industriële processen afkomstige bijproducten van de industrie bevatten die uitgesloten zijn van bestanddelencategorie 1 en die in de onderstaande tabel zijn opgenomen en gespecificeerd:

Motivering

De inhoud van de tabel moet door de Commissie worden bepaald. Zie het amendement over bijproducten van de industrie – artikel 42, lid 1, punt c (nieuw).

Amendement    120

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel 1 – lid 2 – letter e bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(e bis)  in het geval van producten die materiaal bevatten dat afkomstig is van organisch afval of bijproducten en dat geen proces heeft ondergaan waarbij alle organische materialen zijn vernietigd, moet op het etiket worden vermeld welk afval en welke bijproducten zijn gebruikt, samen met een partijnummer of een nummer van de productietijdreeks. Dat nummer moet verwijzen naar de traceerbaarheidsgegevens die door de producent worden bijgehouden en die de individuele bronnen (landbouwbedrijven, fabrieken enz.) identificeren van al het organisch afval/elk organisch bijproduct dat in de partij/tijdreeks werd gebruikt. Na een openbare raadpleging en uiterlijk twee jaar na … [OJ please insert the date of entry into force of this Regulation] publiceert de Commissie specificaties voor de tenuitvoerlegging van deze bepaling, die van kracht wordt drie jaar na de publicatie van de specificaties. Om de administratieve lasten voor de marktdeelnemers en de markttoezichtautoriteiten tot een minimum te beperken moet in de specificaties van de Commissie rekening worden gehouden met de eisen van artikel 6, leden 5 t/m 7, en artikel 11, de bestaande traceerbaarheidssystemen (bijvoorbeeld voor dierlijke bijproducten of industriële systemen) en de EU-codes voor de indeling van afvalstoffen.

Motivering

Phosphorous is a limited substance, therefore to recycle this very important nutrient and apply the circular economy approach for the production of fertilisers should be supported. In order to establish trust and ensure confidence and safety for fertiliser products susceptible to contain organic materials, a traceability system from input material source to field for organic fertiliser products based on the existing system used for animal by-products is highly recommended. Because the Fertilisers Regulation effectively results in “end of waste” status for animal by-products which become EU fertilisers, and because CMC11 (category of certain animal by-products) is currently a blank box, it should be made explicit that the current traceability for animal by-products (e.g. manures, slaughter house by-products) is maintained. This traceability should also be extended to all organic materials, e.g. fertilisers made out of sludge, food waste, food industry by-products.

Amendement    121

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel I – lid 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5.  Indien het bemestingsproduct met CE-markering een stof bevat waarvoor maximumresidugehalten voor levensmiddelen en diervoeders zijn vastgesteld overeenkomstig Verordening (EEG) nr. 315/93, Verordening (EG) nr. 396/2005, Verordening (EG) nr. 470/2009 of Richtlijn 2002/32/EG, moeten de in punt 2, onder c), bedoelde instructies ervoor zorgen dat het beoogde gebruik van het bemestingsproduct met CE-markering niet leidt tot een overschrijding van die grenswaarden in levensmiddelen of diervoeders.

5.  Indien het bemestingsproduct met CE-markering een stof bevat waarvoor maximumresidugehalten voor levensmiddelen en diervoeders zijn vastgesteld overeenkomstig Verordening (EEG) nr. 315/93, Verordening (EG) nr. 396/2005, Verordening (EG) nr. 470/2009 of Richtlijn 2002/32/EG, moeten de in punt 2, onder c), bedoelde instructies ervoor zorgen dat het beoogde gebruik van het bemestingsproduct met CE-markering niet leidt tot een overschrijding van die grenswaarden in levensmiddelen of diervoeders. Indien het bemestingsproduct met CE-markering volgens Verordening (EG) nr. 889/20081 bis mag worden gebruikt in de biologische landbouw, dient het te zijn voorzien van de vermelding "toegelaten voor biologische landbouw krachtens Verordening (EG) nr. 889/2008".

 

__________________

 

1 bis Verordening (EG) nr. 889/2008 van de Commissie van 5 september 2008 tot vaststelling van bepalingen ter uitvoering van Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten, wat de biologische productie, de etikettering en de controle betreft (PB L 250 van 18.9.2008, blz. 1).

Motivering

Om de informatie voor de eindgebruiker te verbeteren, moeten producten die zijn toegelaten voor biologische landbouw correct worden geëtiketteerd.

Amendement    122

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel I – lid 7 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

7 bis.  Indien het bemestingsproduct met CE-markering volgens Verordening (EG) nr. 834/2007 mag worden gebruikt in de biologische landbouw, dient het te zijn voorzien van de vermelding "toegelaten voor biologische landbouw krachtens Verordening (EG) nr. 834/2007".

 

Bemestingsproducten met CE-markering die volgens Verordening (EG) nr. 834/2007 niet geschikt zijn voor de biologische landbouw en een handelsbenaming hebben die doet denken aan termen als bedoeld in artikel 23 van Verordening (EG) nr. 834/2007 die de eindgebruiker kunnen misleiden over het gebruik ervan in de biologische landbouw, moeten op het etiket de vermelding dragen "niet toegestaan in de biologische landbouw overeenkomstig Verordening (EG) nr. 834/2007".

Amendement    123

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – PFC 1 (B) – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  Indien het bemestingsproduct met CE-markering een totaal gehalte fosfor (P) van 5 massaprocent fosforpentoxide (P2O5)-equivalent of meer heeft ("fosfaatmeststof")

 

(a)   moet het werkelijke gehalte cadmium (Cd) in mg/kg fosforpentoxide (P2O5) duidelijk worden vermeld, en

 

(b)   mag de vermelding "laag cadmiumgehalte" of een soortgelijke vermelding, of een logo met die mededeling, uitsluitend worden opgenomen indien het gehalte cadmium (Cd) gelijk is aan of lager dan 20 mg/kg fosforpentoxide (P2O5).

Amendement    124

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – PFC 1 (C)I)– lid 1 – letter d bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(d bis)  pH

Motivering

De pH van meststoffen is voor boeren een belangrijke aanwijzing om hun productie aan te passen op basis van het bodemtype en de gebruikte gewassen.

Amendement    125

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – PFC 1 (C)I) – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Bemestingsproducten die minder dan respectievelijk 5 ppm cadmium, arseen, lood, chroom VI en kwik bevatten, mogen op de verpakking en het etiket een zichtbaar "milieukeurmerk" gebruiken. De Commissie wordt gemachtigd overeenkomstig artikel 43 gedelegeerde handelingen vast te stellen om deze verordening aan te vullen met de vaststelling van technische normen voor een dergelijk keurmerk.

Motivering

The European Union should ensure transparency for farmers and consumers and promote the use of greener, non-contaminated products in fertilising practices. In order to foster the usage of non-contaminated products in arable soil, we must increase visibility of those products in the market. The introduction of a “green label” in exceptionally low-contaminants products will facilitate the choice of farmers for these products, ensure their full knowledge on the contents of contaminants in their fertilisers, and ultimately encourage a move towards sustainable farming and safer products in the food chain. The introduction of a green label for those fertilisers with a content of below 5ppm of Cadmium, Arsenic, Lead Chromium VI and Mercury (the most toxic and common contaminants in inorganic and organo-mineral fertilisers” will support the transition towards greener fertilisers in the EU market.

Amendement    126

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – PFC 1 (C)I) – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Indien het bemestingsproduct met CE-markering een totaal gehalte fosfor (P) van 5 massaprocent fosforpentoxide (P2O5)-equivalent of meer heeft ("fosfaatmeststof")

 

(a)   moet het werkelijke gehalte cadmium (Cd) in mg/kg fosforpentoxide (P2O5) duidelijk worden vermeld, en

 

(b)   mag de vermelding "laag cadmiumgehalte" of een soortgelijke vermelding, of een logo met die mededeling, uitsluitend worden opgenomen indien het gehalte cadmium (Cd) gelijk is aan of lager dan 20 mg/kg fosforpentoxide (P2O5).

Amendement    127

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel III – PFC 1 (C) I)– lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Hoeveelheid: ± 5 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde

Hoeveelheid: ± 3 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde

Motivering

De ± 5 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde voor de hoeveelheid is te hoog.

Amendement    128

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel I – CMC 1 – lid 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  digestaten van energiegewassen zoals beschreven in bestanddelencategorie 4,

(b)  digestaten van energiegewassen en plantaardig bioafval zoals beschreven in bestanddelencategorie 4,

Motivering

Zoals is voorgesteld voor bestanddelencategorieën 4 en 6, moeten er interne productiecontroles worden toegepast voor digestaten van afval van agrovoedingsmiddelen (bijlage IV, module A). Met dit amendement worden de bepalingen in overeenstemming gebracht met de aangebrachte wijzigingen in bijlage II.

PROCEDURE VAN DE MEDEADVISERENDE COMMISSIE

Titel

Vaststelling van voorschriften inzake het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering

Document- en procedurenummers

COM(2016)0157 – C8-0123/2016 – 2016/0084(COD)

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

IMCO

11.4.2016

 

 

 

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

ENVI

11.4.2016

Medeverantwoordelijke commissies - datum bekendmaking

27.10.2016

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

Elisabetta Gardini

21.9.2016

Behandeling in de commissie

27.2.2017

24.4.2017

 

 

Datum goedkeuring

30.5.2017

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

34

15

17

Bij de eindstemming aanwezige leden

Marco Affronte, Margrete Auken, Pilar Ayuso, Zoltán Balczó, Catherine Bearder, Ivo Belet, Simona Bonafè, Biljana Borzan, Paul Brannen, Nessa Childers, Birgit Collin-Langen, Mireille D’Ornano, Miriam Dalli, Seb Dance, Angélique Delahaye, Mark Demesmaeker, Stefan Eck, Bas Eickhout, José Inácio Faria, Karl-Heinz Florenz, Francesc Gambús, Elisabetta Gardini, Gerben-Jan Gerbrandy, Arne Gericke, Jens Gieseke, Julie Girling, Françoise Grossetête, Andrzej Grzyb, Jytte Guteland, Anneli Jäätteenmäki, Jean-François Jalkh, Benedek Jávor, Josu Juaristi Abaunz, Karin Kadenbach, Urszula Krupa, Giovanni La Via, Jo Leinen, Peter Liese, Norbert Lins, Valentinas Mazuronis, Susanne Melior, Miroslav Mikolášik, Massimo Paolucci, Gilles Pargneaux, Pavel Poc, Frédérique Ries, Daciana Octavia Sârbu, Annie Schreijer-Pierik, Davor Škrlec, Renate Sommer, Claudiu Ciprian Tănăsescu, Ivica Tolić, Estefanía Torres Martínez, Nils Torvalds, Adina-Ioana Vălean, Jadwiga Wiśniewska, Damiano Zoffoli

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Jørn Dohrmann, Eleonora Evi, Robert Jarosław Iwaszkiewicz, Merja Kyllönen, Stefano Maullu, James Nicholson, Christel Schaldemose

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Pál Csáky, Siôn Simon

HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE MEDEADVISERENDE COMMISSIE

34

+

ALDE

Catherine Bearder, Gerben-Jan Gerbrandy, Anneli Jäätteenmäki, Valentinas Mazuronis, Nils Torvalds

EFDD

Eleonora Evi

GUE/NGL

Stefan Eck, Josu Juaristi Abaunz, Merja Kyllönen, Estefanía Torres Martínez

NI

Zoltán Balczó

S&D

Simona Bonafè, Biljana Borzan, Paul Brannen, Nessa Childers, Miriam Dalli, Seb Dance, Jytte Guteland, Karin Kadenbach, Jo Leinen, Susanne Melior, Massimo Paolucci, Gilles Pargneaux, Pavel Poc, Christel Schaldemose, Siôn Simon, Daciana Octavia Sârbu, Claudiu Ciprian Tănăsescu, Damiano Zoffoli

VERTS/ALE

Marco Affronte, Margrete Auken, Bas Eickhout, Benedek Jávor, Davor Škrlec

15

-

ECR

Jørn Dohrmann, Arne Gericke, Julie Girling, Urszula Krupa, James Nicholson, Jadwiga Wiśniewska

EFDD

Robert Jarosław Iwaszkiewicz

ENF

Mireille D'Ornano, Jean-François Jalkh

PPE

Angélique Delahaye, Jens Gieseke, Françoise Grossetête, Andrzej Grzyb, Annie Schreijer-Pierik, Renate Sommer

17

0

ALDE

Frédérique Ries

ECR

Mark Demesmaeker

PPE

Pilar Ayuso, Ivo Belet, Birgit Collin-Langen, Pál Csáky, José Inácio Faria, Karl-Heinz Florenz, Francesc Gambús, Elisabetta Gardini, Giovanni La Via, Peter Liese, Norbert Lins, Stefano Maullu, Miroslav Mikolášik, Ivica Tolić, Adina-Ioana Vălean

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

ADVIES van de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling (9.6.2017)

aan de Commissie interne markt en consumentenbescherming

inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van voorschriften inzake het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1069/2009 en (EG) nr. 1107/2009
(COM(2016)0157 – C8-0123/2016 – 2016/0084(COD))

Rapporteur voor advies (*): Jan Huitema

(*)  Procedure met medeverantwoordelijke commissies – Artikel 54 van het Reglement

BEKNOPTE MOTIVERING

Meststoffen zijn essentieel voor de landbouwproductie. Bemestingsproducten garanderen landbouwers dat hun gewassen worden voorzien van de nodige nutriënten. De noodzaak om meer te produceren met minder wordt steeds belangrijker om te kunnen voldoen aan de voedingsbehoeften en om ons milieu te beschermen. Meststoffen zijn belangrijk om aan deze uitdaging het hoofd te bieden.

Ongeveer 50 % van de meststoffen die momenteel op markt te verkrijgen zijn, valt buiten het toepassingsgebied van de verordening, met name bemestingsproducten die gerecycleerde organische materialen bevatten of daaruit bestaan. Uit schattingen blijkt dat bijna 30 % van de anorganische meststoffen vervangen kan worden door organische meststoffen als er meer gebruik zou worden gemaakt van bioafval en het potentieel voor recycling zou worden benut. Daarmee kan worden bijgedragen aan de circulaire economie door de hoeveelheid afval te beperken en de mineraalcirkel te sluiten, en kan er worden opgetreden tegen de afhankelijkheid van de Europese Unie van de invoer van grondstoffen uit derde landen en de energie-intensieve processen waarmee de productie van anorganische meststoffen gepaard gaat.

Daarom is de rapporteur ingenomen met de herziening van de bestaande meststoffenverordening zodat organische bemestingsproducten toegang kunnen krijgen tot de interne markt en landbouwers meer keuzevrijheid krijgen. Bovendien zal de uitbreiding van het toepassingsgebied en verdere harmonisatie ondernemerschap stimuleren en het innovatieve potentieel van de agrovoedingssector vergroten, vooral wat betreft de ontwikkeling van technieken waarmee waardevolle nutriënten uit organische afvalstromen nuttig worden toegepast en vervolgens kunnen worden gebruikt voor de productie van bemestingsproducten.

De mogelijkheden voor het recycleren van organische afvalstromen zijn enorm en de landbouwsector speelt daarbij een cruciale rol, bijvoorbeeld met de nuttige toepassing van nutriënten uit dierlijke mest. Mest is de meest gebruikte meststof op landbouwgronden in de Europese Unie, en levert ongeveer de helft van de nutriënten die worden gebruikt op landbouwgrond in de EU. Met innovatieve technieken waarmee nutriënten uit dierlijke mest nuttig kunnen worden toegepast in de vorm van zeer efficiënte mineralenconcentraten (stikstof en kalium) wordt landbouwers de mogelijkheid geboden nutriënten op duurzamere wijze te recycleren.

De motivatie om bemestingsproducten te gebruiken die verwerkte dierlijke mest bevatten of daaruit bestaan neemt echter af als gevolg van de uitvoeringsregels voor het gebruik van meststoffen als beschreven in de nitraatrichtlijn, aangezien het gebruik van verwerkte mest gebonden is aan dezelfde regels als onverwerkte mest.

De rapporteur trekt de doelstellingen van de nitraatrichtlijn niet in twijfel, noch wil hij de grenswaarde voor de hoeveelheid stikstof uit dierlijke mest, die mag worden gebruikt op landbouwgronden, wijzigen. Wel is het ongerechtvaardigd dat bemestingsproducten die verwerkte dierlijke mest bevatten of daaruit bestaan en die dezelfde agronomische efficiëntie hebben als anorganische meststoffen en geen bedreiging vormen voor de milieudoelstellingen van de nitraatrichtlijn aan dezelfde regels worden onderworpen als onverwerkte mest, als gevolg waarvan hun gebruik beperkt blijft. De nuttige toepassing van nutriënten uit dierlijke mest levert niet alleen ecologische voordelen op door de mineraalcirkel te sluiten maar bespaart ook kosten voor de landbouwers, aangezien zij minder afhankelijk zullen zijn van de aanschaf van anorganische meststoffen.

De rapporteur stelt dan ook voor om de definitie van “dierlijke mest” in de nitraatrichtlijn aan te passen zodat bemestingsproducten die verwerkte dierlijke mest bevatten of daaruit bestaan en die voldoen aan de voorschriften van de meststoffenverordening of bewezen hebben over toereikende agronomische capaciteiten te beschikken, niet ten onrechte worden gediscrimineerd. Desondanks zijn duidelijke en strikte voorschriften nodig om de efficiëntie en kwaliteit van de producten te controleren teneinde de milieudoelstellingen van de nitraatrichtlijn veilig te stellen.

Een ander veelbelovend product met een groot potentieel voor de landbouw is de categorie biostimulanten. De rapporteur is van mening dat het gebruik van biostimulanten een belangrijke rol kan spelen bij het vergroten van de efficiëntie en dus het gebruik van meststoffen, aangezien zij de opname van nutriënten per gewas bevorderen. Daarnaast kunnen deze biostimulanten ook veelvoudige andere gunstige effecten hebben waardoor planten indirect beter bestand zijn tegen externe invloeden zoals plagen.

Het huidige voorstel houdt echter geen gelijke tred met de snelle ontwikkelingen op het vlak van biostimulanten, met name microbiële biostimulanten voor planten. We moeten zien te voorkomen dat veelbelovende producten met gunstige effecten uitgesloten worden van het toepassingsgebied van de meststoffenverordening. Daarom moeten er duidelijke voorschriften gelden waaraan producenten van microbiële biostimulanten voor planten moeten voldoen, aangezien er momenteel geen duidelijke voorschriften zijn voor veiligheidsbeoordelingen waarmee wordt bepaald of het veilig is om pas ontdekte micro-organismen te gebruiken in bemestingsproducten met CE-markering. Hierdoor wordt productinnovatie vertraagd omdat producenten behoefte hebben aan duidelijkheid.

Hetzelfde geldt voor de voorschriften op het vlak van biologische afbreekbaarheid voor meststoffen met een gereguleerde afgifte. De rapporteur is het ermee eens dat we zo veel mogelijk moeten voorkomen dat onze bodem wordt verontreinigd met kunststofpolymeren. Met een tijdspanne van 24 maanden komt echter de functie van biologisch afbreekbare polymeren niet tot zijn recht aangezien de afgifte van nutriënten door bepaalde producten over een langere periode gespreid is. Bovendien is het met de huidige kennis en de beschikbare technologie onwaarschijnlijk dat 90 % biologische afbreekbaarheid haalbaar is binnen 24 maanden. Daarom moet de tijdsduur nadat het polymeer uiteen begint te vallen ingaan op het moment dat de verwachte afgiftetijd verstreken is. Verder moet de sector meer tijd krijgen om een haalbare tijdspanne vast te stellen waarna het polymeer een biologische afbreekbaarheid van 90 % bereikt. Met het oog daarop moeten passende tests voor biologische afbreekbaarheid worden ontwikkeld.

AMENDEMENTEN

De Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling verzoekt de ten principale bevoegde Commissie interne markt en consumentenbescherming onderstaande amendementen in aanmerking te nemen:

Amendement    1

Voorstel voor een verordening

Titel

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Voorstel voor een

Voorstel voor een

VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

tot vaststelling van voorschriften inzake het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1069/2009 en (EG) nr. 1107/2009

tot vaststelling van voorschriften inzake het op de markt aanbieden van meststoffen en producten ter verbetering van de voedingsefficiëntie met CE-markering en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1069/2009, (EG) nr. 1107/2009 en (EG) nr. 1907/2006

(Voor de EER relevante tekst)

(Voor de EER relevante tekst)

 

("Meststof" dient overal in de hele tekst te worden geschrapt voor producten die de voedingsefficiëntie van planten beogen te verbeteren.)

Amendement    2

Voorstel voor een verordening

Overweging 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(1)  De voorwaarden voor het aanbieden van meststoffen op de interne markt werden gedeeltelijk geharmoniseerd door Verordening (EG) nr. 2003/2003 van het Europees Parlement en de Raad15, die vrijwel uitsluitend betrekking heeft op meststoffen bestaande uit gedolven of chemisch vervaardigde, anorganische materialen. Er bestaat ook een noodzaak om voor bemesting gebruik te maken van gerecycleerde of organische materialen. Om een krachtige stimulans te bieden voor het verdere gebruik van meststoffen vervaardigd uit gerecycleerde of organische materialen, moeten geharmoniseerde voorwaarden worden vastgesteld voor het op de gehele interne markt aanbieden ervan. De reikwijdte van de harmonisatie moet daarom worden uitgebreid tot gerecycleerde en organische materialen.

(1)  Deze verordening moet erop gericht zijn de doelstellingen van de circulaire economie te ondersteunen en te garanderen dat landbouwers beschikken over een zekere en duurzame voorziening van zeer efficiënte meststoffen. De voorwaarden voor het aanbieden van meststoffen op de interne markt werden gedeeltelijk geharmoniseerd door Verordening (EG) nr. 2003/2003 van het Europees Parlement en de Raad15, die vrijwel uitsluitend betrekking heeft op meststoffen bestaande uit gedolven of chemisch vervaardigde, anorganische materialen. Er bestaat ook een noodzaak om voor bemesting gebruik te maken van gerecycleerde of organische materialen. Om een krachtige stimulans te bieden voor de bevordering van het verdere gebruik van meststoffen vervaardigd uit gerecycleerde of organische materialen, moeten geharmoniseerde voorwaarden worden vastgesteld voor het op de gehele interne markt aanbieden ervan. Dis is cruciaal om de afhankelijkheid van de Unie van nutriënten uit derde landen te beperken en bij te dragen aan de circulaire economie. De reikwijdte van de harmonisatie moet daarom worden uitgebreid tot gerecycleerde en organische materialen. Er moet bovendien een duidelijk onderscheid worden gemaakt tussen de term "organisch" zoals gedefinieerd in Verordening (EG) nr. 834/200715 bis van de Raad en "organisch" als categorie meststof die hoofdzakelijk bestaat uit organisch materiaal in plaats van minerale bestanddelen. De Commissie moet vijf jaar na de inwerkingtreding van deze verordening bij het Europees Parlement en de Raad een verslag indienen waarin de balans wordt opgemaakt van de toepassing ervan.

__________________

__________________

15 Verordening (EG) nr. 2003/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 2003 inzake meststoffen (PB L 304 van 21.11.2003, blz. 1).

15 Verordening (EG) nr. 2003/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 2003 inzake meststoffen (PB L 304 van 21.11.2003, blz. 1).

 

15 bis Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad van 28 juni 2007 inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten (PB L 189 van 20.7.2007, blz. 20).

Amendement    3

Voorstel voor een verordening

Overweging 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 bis)  De nutriënten in voedingsmiddelen zijn afkomstig uit de bodem; een gezonde bodem die rijk is aan nutriënten resulteert in gezonde en voedzame gewassen en levensmiddelen. Landbouwers moeten over een brede keuze aan meststoffen van zowel organische als synthetische aard kunnen beschikken om hun bodem te kunnen verbeteren. Wanneer de bodem een gebrek aan nutriënten vertoont of deze zijn uitgeput, krijgen gewassen te maken met een tekort aan nutriënten, waardoor zij mogelijk niet meer groeien of geen voedingswaarde hebben voor de mens.

Amendement    4

Voorstel voor een verordening

Overweging 8

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(8)  Contaminanten in bemestingsproducten met CE-markering, zoals cadmium, zijn mogelijk een risico voor de gezondheid van mens en dier en voor het milieu, aangezien zij zich opstapelen in het milieu en in de voedselketen terechtkomen. Het gehalte aan contaminanten in dergelijke producten moet derhalve worden beperkt. Verder moeten onzuiverheden in van bioafval afgeleide bemestingsproducten met CE-markering, in het bijzonder polymeren, maar ook metaal en glas, worden voorkomen of beperkt voor zover dat technisch mogelijk is door middel van opsporing van dergelijke onzuiverheden in gescheiden ingezameld bioafval voor het wordt verwerkt.

(8)  Contaminanten in bemestingsproducten met CE-markering, zoals cadmium, zijn bij verkeerd gebruik mogelijk een risico voor de gezondheid van mens en dier en voor het milieu, aangezien zij zich opstapelen in het milieu en in de voedselketen terechtkomen. Het gehalte aan contaminanten in dergelijke producten moet derhalve worden beperkt. Verder moeten onzuiverheden in van bioafval afgeleide bemestingsproducten met CE-markering, in het bijzonder polymeren, maar ook metaal en glas, worden voorkomen of beperkt voor zover dat technisch mogelijk is door middel van opsporing van dergelijke onzuiverheden in gescheiden ingezameld bioafval voor het wordt verwerkt.

Amendement    5

Voorstel voor een verordening

Overweging 10

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(10)  Voor elk relevant bestanddeel dat dierlijke bijproducten bevat, moet het eindpunt in de productieketen worden vastgesteld overeenkomstig de procedures van Verordening (EG) nr. 1069/2009. Wanneer een door deze verordening gereguleerd productieproces begint voor dat eindpunt is bereikt, moeten de procesvoorschriften van Verordening (EG) nr. 1069/2009 en die van deze verordening cumulatief van toepassing zijn op bemestingsproducten met CE-markering. Dit betekent dat wanneer beide verordeningen dezelfde parameter reguleren, de strengste voorschriften worden toegepast.

(10)  Voor elk relevant bestanddeel dat dierlijke bijproducten bevat, moet het eindpunt in de productieketen worden vastgesteld overeenkomstig de procedures van Verordening (EG) nr. 1069/2009. Meteen na de inwerkingtreding van deze verordening moeten de verwerkingsmethoden en de regels voor nuttige toepassing van dierlijke bijproducten waarvoor een eindpunt in de productieketen is bepaald, worden vastgesteld. Dienovereenkomstig moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie handelingen vast te stellen om zonder onnodige vertraging bepaalde dierlijke bijproducten uit te breiden in of toe te voegen aan de specifieke bestanddelencategorieën teneinde meer mogelijkheden en rechtszekerheid te scheppen voor producenten en bedrijven door het potentieel te ontsluiten om meer gebruik te maken van nutriënten uit dierlijke bijproducten zoals dierlijke mest. Wanneer een door deze verordening gereguleerd productieproces begint voor dat eindpunt is bereikt, moeten de procesvoorschriften van Verordening (EG) nr. 1069/2009 en die van deze verordening cumulatief van toepassing zijn op bemestingsproducten met CE-markering. Dit betekent dat wanneer beide verordeningen dezelfde parameter reguleren, de strengste voorschriften worden toegepast.

Amendement    6

Voorstel voor een verordening

Overweging 11

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(11)  Wanneer een van dierlijke bijproducten afgeleid bemestingsproduct met CE-markering een risico vormt voor de volksgezondheid of de diergezondheid, moeten beschermingsmaatregelen overeenkomstig Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad19 kunnen worden genomen, zoals dat ook het geval is voor andere van dierlijke bijproducten afgeleide productcategorieën.

(11)  Wanneer een van dierlijke bijproducten afgeleid bemestingsproduct met CE-markering een proportioneel risico inhoudt voor de gezondheid van mens of dier, moeten beschermingsmaatregelen overeenkomstig Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad19 kunnen worden genomen, zoals dat ook het geval is voor andere van dierlijke bijproducten afgeleide productcategorieën.

__________________

__________________

19 Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2002 tot vaststelling van de algemene beginselen en voorschriften van de levensmiddelenwetgeving, tot oprichting van een Europese Autoriteit voor voedselveiligheid en tot vaststelling van procedures voor voedselveiligheidsaangelegenheden (PB L 31 van 1.2.2002, blz. 1).

19 Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2002 tot vaststelling van de algemene beginselen en voorschriften van de levensmiddelenwetgeving, tot oprichting van een Europese Autoriteit voor voedselveiligheid en tot vaststelling van procedures voor voedselveiligheidsaangelegenheden (PB L 31 van 1.2.2002, blz. 1).

Amendement    7

Voorstel voor een verordening

Overweging 13

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(13)  Er is vastgesteld dat er op de markt een vraag bestaat om bepaalde afvalstoffen die nuttig zijn toegepast in de zin van Richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad20 als bemestingsproduct te gebruiken. Om ervoor te zorgen dat het gebruik van die producten niet leidt tot over het geheel genomen ongunstige effecten op het milieu of de menselijke gezondheid, zijn bovendien bepaalde eisen noodzakelijk voor de afvalstoffen die als input worden gebruikt in de nuttige toepassing, voor de verwerkingsprocessen en -technieken, en voor de bemestingsproducten die het resultaat zijn van de nuttige toepassing. Wat bemestingsproducten met CE-markering betreft, moeten die eisen in deze verordening worden vastgesteld. Vanaf het moment waarop aan alle eisen van deze verordening wordt voldaan, mogen die producten dus niet meer als afvalstoffen in de zin van Richtlijn 2008/98/EG worden beschouwd.

(13)  Er is vastgesteld dat er op de markt een vraag bestaat om bepaalde afvalstoffen, zoals struviet, biochar en uit as verkregen producten, die nuttig zijn toegepast in de zin van Richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad20 als bemestingsproduct te gebruiken. Om ervoor te zorgen dat het gebruik van die producten niet leidt tot over het geheel genomen ongunstige effecten op het milieu of de menselijke gezondheid, zijn bovendien bepaalde eisen noodzakelijk voor de afvalstoffen die als input worden gebruikt in de nuttige toepassing, voor de verwerkingsprocessen en -technieken, en voor de bemestingsproducten die het resultaat zijn van de nuttige toepassing. Wat bemestingsproducten met CE-markering betreft, moeten die eisen in deze verordening worden vastgesteld. Vanaf het moment waarop aan alle eisen van deze verordening wordt voldaan, mogen die producten dus niet meer als afvalstoffen in de zin van Richtlijn 2008/98/EG worden beschouwd, en derhalve moeten producten die dergelijke nuttig toegepaste afvalstoffen bevatten of daaruit bestaan, op de interne markt kunnen worden gebracht. Meteen na de inwerkingtreding van deze verordening moet worden aangevangen met de wetenschappelijke analyses en het vaststellen van procesvereisten op het niveau van de Unie voor dergelijke producten, om juridische duidelijkheid te garanderen en de motivatie onder producenten om meer gebruik te maken van waardevolle afvalstromen verder te stimuleren. Dienovereenkomstig moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie handelingen vast te stellen om zonder onnodige vertraging uitgebreidere of aanvullende bestanddelencategorieën te bepalen die in aanmerking komen voor gebruik in de productie van bemestingsproducten met CE-markering, zoals struviet, biochar en uit as verkregen producten.

__________________

__________________

20 Richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad van 19 november 2008 betreffende afvalstoffen en tot intrekking van een aantal richtlijnen (PB L 312 van 22.11.2008, blz. 3).

20 Richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad van 19 november 2008 betreffende afvalstoffen en tot intrekking van een aantal richtlijnen (PB L 312 van 22.11.2008, blz. 3).

Amendement    8

Voorstel voor een verordening

Overweging 13 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(13 bis)  Fabrikanten van meststoffen en producten ter verbetering van de voedingsefficiëntie moeten, voordat deze op de markt worden gebracht, de efficiëntie ervan aantonen teneinde een hoog kwaliteitsniveau te garanderen voor consumenten.

Amendement    9

Voorstel voor een verordening

Overweging 13 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(13 ter)  Bepaalde industriële bij- of nevenproducten of gerecycleerde producten die bij specifieke industriële processen ontstaan, worden momenteel door fabrikanten gebruikt als bestanddeel van bemestingsproducten met CE-markering. Voor bestanddelen van bemestingsproducten met CE-markering moeten in deze verordening eisen met betrekking tot bestanddelencategorieën worden vastgesteld. In voorkomend geval mogen die producten vanaf het moment waarop zij aan alle eisen van deze verordening voldoen, niet meer als afvalstoffen in de zin van Richtlijn 2008/98/EG worden beschouwd.

Amendement    10

Voorstel voor een verordening

Overweging 14

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(14)  Bepaalde stoffen en mengsels, gewoonlijk aangeduid als agronomische toevoegingsmiddelen, verbeteren het afgiftepatroon van een nutriënt in een meststof. Stoffen en mengsels die op de markt worden aangeboden met de bedoeling om ze om die reden aan bemestingsproducten met CE-markering toe te voegen, moeten op verantwoordelijkheid van de fabrikant van die stoffen en mengsels voldoen aan bepaalde werkzaamheidscriteria en moeten derhalve op grond van deze verordening als bemestingsproducten met CE-markering worden beschouwd. Bovendien moeten voor bemestingsproducten met CE-markering die dergelijke stoffen of mengsels bevatten bepaalde werkzaamheids- en veiligheidscriteria gelden. Dergelijke stoffen en mengsels moeten derhalve ook als bestanddelen voor bemestingsproducten met CE-markering worden gereguleerd.

(14)  Bepaalde stoffen en mengsels, gewoonlijk aangeduid als agronomische toevoegingsmiddelen, verbeteren het afgiftepatroon van een nutriënt in een meststof. Stoffen en mengsels die op de markt worden aangeboden met de bedoeling om ze om die reden aan bemestingsproducten met CE-markering of op biologische landbouwbedrijven verkregen bemestingsproducten toe te voegen, moeten op verantwoordelijkheid van de fabrikant van die stoffen en mengsels voldoen aan bepaalde werkzaamheids-, veiligheids- en milieucriteria en moeten derhalve op grond van deze verordening als bemestingsproducten met CE-markering worden beschouwd. Bovendien moeten voor bemestingsproducten met CE-markering die dergelijke stoffen of mengsels bevatten bepaalde werkzaamheids-, veiligheids- en milieucriteria gelden. Dergelijke stoffen en mengsels moeten derhalve ook als bestanddelen voor bemestingsproducten met CE-markering worden gereguleerd.

Amendement    11

Voorstel voor een verordening

Overweging 15

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(15)  Bepaalde stoffen, mengsels en micro-organismen, gewoonlijk aangeduid als biostimulanten voor planten, zijn geen nutriënten als zodanig, maar stimuleren wel de voedingsprocessen van planten. Wanneer dergelijke producten als enige doel hebben het gebruik van nutriënten door de plant efficiënter te maken of de tolerantie voor abiotische stress of de kenmerken in verband met de kwaliteit van het gewas te verbeteren, hebben zij in wezen meer gemeen met bemestingsproducten dan met de meeste categorieën gewasbeschermingsmiddelen. Die producten moeten derhalve in aanmerking komen voor CE-markering op grond van deze verordening en uitgesloten worden van het toepassingsgebied van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad21. Verordening (EG) nr. 1107/2009 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(15)  Bepaalde stoffen, mengsels en micro-organismen, gewoonlijk aangeduid als biostimulanten voor planten, zijn geen nutriënten als zodanig, maar stimuleren wel de voedingsprocessen van planten. Wanneer dergelijke producten als enige doel hebben het gebruik van nutriënten door de plant efficiënter te maken of de tolerantie voor abiotische stress, de kenmerken in verband met de kwaliteit van het gewas en de humificatie te verbeteren of de beschikbaarheid van gebonden nutriënten in de bodem te vergroten, hebben zij in wezen meer gemeen met bemestingsproducten dan met de meeste categorieën gewasbeschermingsmiddelen. Ze kunnen dus de werking van bemestingsproducten aanvullen, om de efficiëntie ervan te verbeteren en de vereiste hoeveelheden te verminderen. Deze producten verhogen niet alleen de productiecapaciteit maar kunnen daarnaast dienen ter ondersteuning van ecosysteemdiensten en zorgen ervoor dat gewassen beter bestand zijn tegen de effecten van de klimaatverandering. Die producten moeten derhalve in aanmerking komen voor CE-markering op grond van deze verordening en uitgesloten worden van het toepassingsgebied van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad21. Verordening (EG) nr. 1107/2009 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

__________________

__________________

21 Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PB L 309 van 24.11.2009, blz. 1).

21 Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PB L 309 van 24.11.2009, blz. 1).

Amendement    12

Voorstel voor een verordening

Overweging 15 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(15 bis)  Voor micro-organismen moeten de bestanddelencategorieën worden uitgebreid of aangevuld om het innovatieve potentieel van de ontwikkeling en ontdekking van nieuwe microbiële biostimulanten voor gewassen te garanderen en te vergroten. Om innovatie te stimuleren en rechtszekerheid te scheppen voor producenten over de eisen waaraan moet worden voldaan om nieuwe micro-organismen te registreren als bestanddeel van bemestingsproducten met CE-markering, moeten er duidelijke geharmoniseerde methoden voor de veiligheidsbeoordeling van nieuwe micro-organismen worden vastgesteld. Meteen na de inwerkingtreding van deze verordening moet worden aangevangen met de voorbereidende werkzaamheden voor het bepalen van deze veiligheidsbeoordelingsmethoden. De bevoegdheid om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie handelingen vast te stellen moet aan de Commissie worden overgedragen om zonder onnodige vertraging de voorschriften te bepalen waaraan producenten moeten voldoen bij het aantonen van de veiligheid van nieuwe micro-organismen teneinde die te registreren voor gebruik in bemestingsproducten met CE-markering.

Amendement    13

Voorstel voor een verordening

Overweging 16

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(16)  Op producten met een of meer functies, waarvan er een onder Verordening (EG) nr. 1107/2009 valt, moet de controle van toepassing blijven die op die producten is afgestemd en waarin die verordening voorziet. Wanneer dergelijke producten ook de functie van bemestingsproduct hebben, zou het misleidend zijn als deze verordening in de CE-markering van die producten zou voorzien, aangezien het op de markt aanbieden van een gewasbeschermingsmiddel afhangt van een producttoelating die geldig is in de betrokken lidstaat. Dergelijke producten moeten derhalve van het toepassingsgebied van deze verordening worden uitgesloten.

(16)  Producten die op de markt worden gebracht voor gebruik voor een of meer functies, waarvan er ten minste één onder Verordening (EG) nr. 1107/2009 valt, worden aangemerkt als gewasbeschermingsmiddelen waarop de controle van toepassing blijft die op die producten is afgestemd en waarin die verordening voorziet. Wanneer dergelijke producten ook de functie van bemestingsproduct hebben, zou het misleidend zijn als deze verordening in de CE-markering van die producten zou voorzien, aangezien het op de markt aanbieden van een gewasbeschermingsmiddel afhangt van een producttoelating die geldig is in de betrokken lidstaat. Dergelijke producten moeten derhalve van het toepassingsgebied van deze verordening worden uitgesloten. Producten die overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009 geregistreerde bestanddelen bevatten, kunnen een of meer bemestingsfuncties hebben en derhalve binnen het toepassingsgebied van deze verordening vallen.

Motivering

Met dit amendement wordt een cruciaal onderscheid gemaakt tussen producten en afzonderlijke bestanddelen, die vaak door elkaar worden gehaald. Dit onderscheid is essentieel om het juiste evenwicht te vinden tussen het duidelijk afbakenen van grenzen, de mogelijkheid van innovatie en voorkomen dat met de verordening inzake gewasbeschermingsmiddelen het gebruik van stoffen die overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009 voor andere doeleinden zijn geregistreerd wordt verhinderd.

Amendement    14

Voorstel voor een verordening

Overweging 17

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(17)  Deze verordening mag geen beletsel vormen voor de toepassing van bestaande wetgeving van de Unie betreffende aspecten van de bescherming van de gezondheid, de veiligheid en het milieu waarop deze verordening geen betrekking heeft. Deze verordening moet derhalve van toepassing zijn behoudens Richtlijn 86/278/EEG van de Raad22, Richtlijn 89/391/EEG van de Raad23, Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad24, Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad25, Verordening (EG) nr. 1881/2006 van de Commissie26, Richtlijn 2000/29/EG van de Raad27, Verordening (EU) nr. 98/2013 van het Europees Parlement en de Raad28 en Verordening (EU) nr. 1143/2014 van het Europees Parlement en de Raad29.

(17)  Deze verordening mag geen beletsel vormen voor de toepassing van bestaande wetgeving van de Unie betreffende aspecten van de bescherming van de gezondheid, de veiligheid en het milieu waarop deze verordening geen betrekking heeft. Deze verordening moet derhalve van toepassing zijn behoudens Richtlijn 86/278/EEG van de Raad22, Richtlijn 91/676/EEG van de Raad22 bis, Richtlijn 2000/60/EG van de Raad22 ter, Richtlijn 89/391/EEG van de Raad23, Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad24, Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad25, Verordening (EG) nr. 1881/2006 van de Commissie26, Richtlijn 2000/29/EG van de Raad27, Verordening (EU) nr. 98/2013 van het Europees Parlement en de Raad28, Verordening (EU) nr. 1143/2014 van het Europees Parlement en de Raad29 en Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad29 bis.

__________________

__________________

22 Richtlijn 86/278/EEG van de Raad van 12 juni 1986 betreffende de bescherming van het milieu, in het bijzonder de bodem, bij het gebruik van zuiveringsslib in de landbouw (PB L 181 van 4.7.1986, blz. 6).

22 Richtlijn 86/278/EEG van de Raad van 12 juni 1986 betreffende de bescherming van het milieu, in het bijzonder de bodem, bij het gebruik van zuiveringsslib in de landbouw (PB L 181 van 4.7.1986, blz. 6).

 

22 bis Richtlijn 91/676/EEG van de Raad van 12 december 1991 inzake de bescherming van water tegen verontreiniging door nitraten uit agrarische bronnen (PB L 375 van 31.12.1991, blz. 1).

 

22 ter Richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid (PB L 327 van 22.12.2000, blz. 1).

23 Richtlijn 89/391/EEG van de Raad van 12 juni 1989 betreffende de tenuitvoerlegging van maatregelen ter bevordering van de verbetering van de veiligheid en de gezondheid van de werknemers op het werk (PB L 183 van 29.6.1989, blz. 1).

23 Richtlijn 89/391/EEG van de Raad van 12 juni 1989 betreffende de tenuitvoerlegging van maatregelen ter bevordering van de verbetering van de veiligheid en de gezondheid van de werknemers op het werk (PB L 183 van 29.6.1989, blz. 1).

24 Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH) (PB L 396 van 30.12.2006, blz. 1).

24 Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH) (PB L 396 van 30.12.2006, blz. 1).

25 Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels (PB L 353 van 31.12.2008, blz. 1).

25 Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2008 betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels (PB L 353 van 31.12.2008, blz. 1).

26 Verordening (EG) nr. 1881/2006 van de Commissie van 19 december 2006 tot vaststelling van de maximumgehalten aan bepaalde verontreinigingen in levensmiddelen (PB L 364 van 20.12.2006, blz. 5).

26 Verordening (EG) nr. 1881/2006 van de Commissie van 19 december 2006 tot vaststelling van de maximumgehalten aan bepaalde verontreinigingen in levensmiddelen (PB L 364 van 20.12.2006, blz. 5).

27 Richtlijn 2000/29/EG van de Raad van 8 mei 2000 betreffende de beschermende maatregelen tegen het binnenbrengen en de verspreiding in de Gemeenschap van voor planten en voor plantaardige producten schadelijke organismen (PB L 169 van 10.7.2000, blz. 1).

27 Richtlijn 2000/29/EG van de Raad van 8 mei 2000 betreffende de beschermende maatregelen tegen het binnenbrengen en de verspreiding in de Gemeenschap van voor planten en voor plantaardige producten schadelijke organismen (PB L 169 van 10.7.2000, blz. 1).

28 Verordening (EU) nr. 98/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 15 januari 2013 over het op de markt brengen en het gebruik van precursoren voor explosieven (PB L 39 van 9.2.2013, blz. 1).

28 Verordening (EU) nr. 98/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 15 januari 2013 over het op de markt brengen en het gebruik van precursoren voor explosieven (PB L 39 van 9.2.2013, blz. 1).

29 Verordening (EU) nr. 1143/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2014 betreffende de preventie en beheersing van de introductie en verspreiding van invasieve uitheemse soorten (PB L 317 van 4.11.2014, blz. 35).

29 Verordening (EU) nr. 1143/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2014 betreffende de preventie en beheersing van de introductie en verspreiding van invasieve uitheemse soorten (PB L 317 van 4.11.2014, blz. 35).

 

29 bis Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad van 28 juni 2007 inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten (PB L 189 van 20.7.2007, blz. 1).

Amendement    15

Voorstel voor een verordening

Overweging 17 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(17 bis)  Bemestingsproducten die overeenkomstig deze verordening zijn voorzien van een CE-markering moeten op dezelfde manier behandeld worden en niet ten onrechte gediscrimineerd worden door regels die zijn vastgelegd in andere wetgeving van de Unie. Teneinde de motivatie aan te wakkeren om bemestingsproducten uit gerecycleerde en organische stoffen te gebruiken, moeten er technologisch neutrale regels worden toegepast om rechtszekerheid te bieden aan producenten die investeren in de productie van innovatieve bemestingsproducten, en eerlijke concurrentie te garanderen tussen de verschillende categorieën bemestingsproducten. Mits bemestingsproducten die verwerkte dierlijke mest bevatten of daaruit bestaan agronomisch efficiënt genoeg zijn om te kunnen blijven voldoen aan de milieudoelstellingen van Richtlijn 91/676/EEG1 bis en mits deze efficiëntie wordt gestaafd met technische documentatie die wordt gecontroleerd door de in deze verordening in het leven geroepen mechanismen, zou het dan ook ongegrond zijn om het gebruik van dergelijke bemestingsproducten te beperken tot onder de in Richtlijn 91/676/EEG vastgestelde grenswaarden voor stikstofverbindingen uit dierlijke mest. Daarom moet Richtlijn 91/676/EEG worden gewijzigd om discriminatie van producten die verwerkte dierlijke mest bevatten of daaruit bestaan te voorkomen.

 

__________________

 

1 bis Richtlijn 91/676/EEG van de Raad van 12 december 1991 inzake de bescherming van water tegen verontreiniging door nitraten uit agrarische bronnen (PB L 375 van 31.12.1991, blz. 1).

Amendement    16

Voorstel voor een verordening

Overweging 17 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(17 ter)  De traceerbaarheid van producten waarbij het risico bestaat van organische verontreiniging door stoffen die afkomstig zijn uit bepaalde potentieel problematische (of als zodanig beschouwde) bronnen, moet worden gewaarborgd tot aan de bron van het organische materiaal. Dit is noodzakelijk om a) het vertrouwen van de consument zeker te stellen en b) de schade te beperken indien zich lokaal verontreiniging voordoet. Op die manier kunnen de bedrijven in kaart worden gebracht die bemestingsproducten gebruiken met uit die bronnen afkomstige organische grondstoffen. Dit moet verplicht worden gesteld voor producten die materiaal bevatten dat afkomstig is van afvalstoffen of bijproducten die niet zijn onderworpen aan een procedé om organische verontreinigende stoffen, ziekteverwekkers en genetisch materiaal te vernietigen. Doel is om niet alleen de gezondheids- en milieurisico's te beperken, maar ook om het publiek gerust te stellen en de bedenkingen van landbouwers met betrekking tot ziekteverwekkers, organische verontreinigende stoffen en genetisch materiaal weg te nemen. Om grondeigenaren te beschermen tegen onopzettelijke verontreinigingen worden de lidstaten verzocht passende aansprakelijkheidsregelingen in te stellen.

Amendement    17

Voorstel voor een verordening

Overweging 17 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(17 quater)  Onbehandelde bijproducten van de veeteelt dienen niet onder deze verordening te vallen.

Amendement    18

Voorstel voor een verordening

Overweging 18

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(18)  Wanneer een bemestingsproduct met CE-markering een stof of mengsel in de zin van Verordening (EG) nr. 1907/2006 bevat, moet de veiligheid van de samenstellende stoffen voor het beoogde gebruik worden bepaald door middel van registratie overeenkomstig die verordening. De informatievereisten moeten ervoor zorgen dat de veiligheid van het beoogde gebruik van het bemestingsproduct met CE-markering wordt aangetoond op een manier die vergelijkbaar is met die van andere regelgevingen betreffende producten bestemd voor gebruik op bouwland of akkerbouwgewassen, in het bijzonder de nationale wetgeving betreffende meststoffen van de lidstaten en Verordening (EG) nr. 1107/2009. Wanneer de eigenlijke hoeveelheid die in de handel wordt gebracht minder dan tien ton per onderneming per jaar bedraagt, moeten de bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 bepaalde informatievereisten voor de registratie van stoffen in hoeveelheden van tien tot honderd ton derhalve bij wijze van uitzondering een voorwaarde vormen voor het op grond van deze verordening aanbieden op de markt.

(18)  Wanneer een bemestingsproduct met CE-markering een stof of mengsel in de zin van Verordening (EG) nr. 1907/2006 bevat, moet de veiligheid van de samenstellende stoffen voor het beoogde gebruik worden bepaald door middel van registratie overeenkomstig die verordening.

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    19

Voorstel voor een verordening

Overweging 18 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(18 bis)  Digestaat hoeft op grond van Verordening (EG) nr. 1907/2006 weliswaar niet geregistreerd te worden, maar dit blijkt niet heel duidelijk uit de formulering van bijlage V bij die verordening. Daarom moet die bijlage worden herzien om de huidige praktijk van tenuitvoerlegging te reguleren.

Amendement    20

Voorstel voor een verordening

Overweging 55

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(55)  Op het gebied van recycling van afvalstoffen wordt veelbelovende technische vooruitgang geboekt, bijvoorbeeld recycling van fosfor uit zuiveringsslib en de productie van bemestingsproducten op basis van dierlijke bijproducten, zoals biochar. Wanneer de productieprocessen wetenschappelijk zijn geanalyseerd en er op Unie-niveau procesvoorschriften zijn vastgesteld, moeten producten die dergelijke materialen bevatten of eruit bestaan zonder onnodige vertraging toegang krijgen tot de interne markt. Daartoe moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie handelingen vast te stellen ter bepaling van bredere of bijkomende categorieën bemestingsproducten met CE-markering of bestanddelen die in aanmerking komen om voor de productie van die producten te worden gebruikt. Voor dierlijke bijproducten mogen de bestanddelencategorieën slechts worden uitgebreid of mogen er slechts bestanddelencategorieën worden toegevoegd indien een eindpunt in de productieketen is vastgesteld overeenkomstig de procedures van Verordening (EG) nr. 1069/2009, aangezien dierlijke bijproducten waarvoor geen eindpunt is vastgesteld in alle gevallen van het toepassingsgebied van deze verordening zijn uitgesloten.

(55)  Op het gebied van recycling van afvalstoffen wordt veelbelovende technische vooruitgang geboekt, bijvoorbeeld recycling van fosfor uit zuiveringsslib, met name struviet, de productie van bemestingsproducten op basis van dierlijke bijproducten, zoals biochar, en de nuttige toepassing van fosfor na verbranding, met name uit as verkregen producten. Wanneer de productieprocessen wetenschappelijk zijn geanalyseerd en er op Unie-niveau procesvoorschriften zijn vastgesteld, moeten producten die dergelijke materialen bevatten of eruit bestaan dan ook toegang krijgen tot de interne markt. Daartoe moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie handelingen vast te stellen ter bepaling van bredere of bijkomende categorieën bemestingsproducten met CE-markering of bestanddelen die in aanmerking komen om voor de productie van die producten te worden gebruikt. Met de eerste van die gedelegeerde handelingen moeten met name struviet, biochar en uit as verkregen producten worden toegevoegd aan de bestanddelencategorieën en deze handeling moet zo snel mogelijk worden vastgesteld na de inwerkingtreding van deze verordening. Voor dierlijke bijproducten mogen de bestanddelencategorieën slechts worden uitgebreid of mogen er slechts bestanddelencategorieën worden toegevoegd indien een eindpunt in de productieketen is vastgesteld overeenkomstig de procedures van Verordening (EG) nr. 1069/2009, aangezien dierlijke bijproducten waarvoor geen eindpunt is vastgesteld in alle gevallen van het toepassingsgebied van deze verordening zijn uitgesloten.

Amendement    21

Voorstel voor een verordening

Overweging 55 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(55 bis)  De bestaande productiemethoden waarbij andere industriële bijproducten of gerecycleerde producten als bestanddeel van een minerale meststof worden gebruikt, moeten door deze verordening worden gevrijwaard, teneinde hun bijdrage aan de circulaire economie in de Unie te handhaven en te bevorderen. Wanneer de productieprocessen wetenschappelijk zijn geanalyseerd en er op Unieniveau procesvoorschriften zijn vastgesteld, moeten dergelijke bestanddelen zonder onnodige vertraging in aanmerking kunnen komen als bestanddelen volgens de in deze verordening gestelde eisen. Daartoe moet aan de Commissie de bevoegdheid worden overgedragen om overeenkomstig artikel 290 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie gedelegeerde handelingen vast te stellen om uitgebreidere of aanvullende categorieën bestanddelen te bepalen die in aanmerking komen om voor de productie van die producten te worden gebruikt.

Amendement    22

Voorstel voor een verordening

Overweging 59 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(59 bis)  Er moet worden bepaald dat het gebruik van producten die in het kader van wederzijdse erkenning overeenkomstig Verordening (EG) nr. 764/20081 bis in de handel zijn gebracht, toegestaan blijft.

 

__________________

 

1 bis Verordening (EG) nr. 764/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 9 juli 2008 tot vaststelling van procedures voor de toepassing van bepaalde nationale technische voorschriften op goederen die in een andere lidstaat rechtmatig in de handel zijn gebracht, en tot intrekking van Beschikking nr. 3052/95/EG (PB L 218 van 13.8.2008, blz. 21).

Amendement    23

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 2 – letter b bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b bis)  Richtlijn 2000/60/EG;

Amendement    24

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – lid 2 – letter h bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

h bis)  Verordening (EG) nr. 834/2007 inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 2092/91.

Motivering

Binnen het toepassingsgebied van de meststoffenverordening moet de biologische landbouw met zijn bijzondere kenmerken worden erkend.

Amendement    25

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – alinea 1 – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1)  "bemestingsproduct": een stof die of een mengsel, micro-organisme of elk ander materiaal dat, als zodanig of gemengd met een ander materiaal, wordt aangebracht of bestemd is om te worden aangebracht op planten of hun rizosfeer om de planten nutriënten te verschaffen of hun voedingsefficiëntie te verbeteren;

Schrappen

Motivering

Aangezien er twee verschillende productcategorieën bestaan, moeten er twee definities worden gegeven in plaats van één.

Amendement    26

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – alinea 1 – punt 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis)  "meststof": een stof die of een mengsel van stoffen dat bestemd is om de planten nutriënten te verschaffen;

Motivering

Aangezien er twee verschillende productcategorieën bestaan, moeten er twee definities worden gegeven in plaats van één.

Amendement    27

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – alinea 1 – punt 1 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 ter)  "product ter verbetering van de voedingsefficiëntie": een stof die of een mengsel van stoffen, een micro-organisme of elk ander materiaal dat ter verbetering van hun voedingsefficiëntie wordt aangebracht op planten of hun rizosfeer;

Amendement    28

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – alinea 1 – punt 1 quater (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 quater)  "primaire nutriënten": uitsluitend de elementen stikstof, fosfor en kalium;

Amendement    29

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – alinea 1 – punt 1 quinquies (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 quinquies)  "secundaire nutriënten": de elementen calcium, magnesium, natrium en zwavel;

Amendement    30

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  De Commissie publiceert gelijktijdig met de publicatie van deze verordening in het Publicatieblad van de Europese Unie een document met richtsnoeren waarin zij fabrikanten en markttoezichtautoriteiten duidelijkheid verschaft over hoe het etiket eruit dient te zien, geïllustreerd met voorbeelden. In deze richtsnoeren wordt ook het soort relevante informatie als bedoeld in bijlage III, deel I, punt 2, onder d), gespecificeerd.

Motivering

Teneinde duidelijke informatie aan landbouwers te verstrekken en incorrecte toepassingen van meststoffen te voorkomen die negatieve gevolgen hebben voor het milieu, moet de Commissie in haar richtsnoeren concrete voorschriften en visuele aspecten van etiketten voor minerale meststoffen opnemen.

Amendement    31

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – lid 10 – alinea 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b)  bemestingsproductenblends, zoals in bijlage I beschreven in productfunctiecategorie 7, die een onder a) bedoelde meststof bevatten.

b)  combinaties van productfunctiecategorieën, zoals in bijlage I beschreven in productfunctiecategorie 7, die een onder a) bedoelde meststof bevatten.

 

(Deze wijziging van "bemestingsproductenblends" in "combinaties van bemestingsproducten" is van toepassing op de hele tekst. Bij aanneming van dit amendement moet de wijziging in de hele tekst worden doorgevoerd.)

Motivering

De voorgestelde benaming van productfunctiecategorie 7, "bemestingsproductenblends", is verwarrend en stemt niet overeen met de reële situatie op de wereldwijde meststoffenmarkt, waar "meststoffenblends" worden verkregen door een droge vermenging van verschillende meststoffen, zonder dat er een chemische reactie plaatsvindt. Omwille van de duidelijkheid moet de benaming van productfunctiecategorie 7 in de hele verordening worden gewijzigd.

Amendement    32

Voorstel voor een verordening

Artikel 18 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Een bemestingsproduct met CE-markering dat een handeling van nuttige toepassing heeft ondergaan en dat voldoet aan de eisen van deze verordening, wordt geacht te voldoen aan de voorwaarden van artikel 6, lid 1, van Richtlijn 2008/98/EG en wordt derhalve geacht niet langer afval te zijn.

Wanneer een materiaal dat afval was een handeling van nuttige toepassing overeenkomstig deze verordening heeft ondergaan, en een conform product met CE-markering dit materiaal bevat of eruit bestaat, wordt dat materiaal geacht te voldoen aan de voorwaarden van artikel 6, lid 1, van Richtlijn 2008/98/EG en wordt het derhalve geacht niet langer afval te zijn vanaf het moment waarop de EU-conformiteitsverklaring wordt opgesteld.

Amendement    33

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De Commissie is bevoegd om overeenkomstig artikel 43 gedelegeerde handelingen vast te stellen om de bijlagen I tot en met IV te wijzigen om deze aan de technische vooruitgang aan te passen en de toegang tot de interne markt en het vrije verkeer te vergemakkelijken voor nieuwe bemestingsproducten met CE-markering

1.  De Commissie is bevoegd om overeenkomstig artikel 43 gedelegeerde handelingen vast te stellen om de bijlagen I tot en met IV te wijzigen om deze aan de technische en wetenschappelijke vooruitgang aan te passen, in het bijzonder voor wat betreft de productie van meststoffen van dierlijke bijproducten en producten die zijn verkregen uit de nuttige toepassing van afval, en de toegang tot de interne markt en het vrije verkeer te vergemakkelijken voor nieuwe bemestingsproducten met CE-markering.

Amendement    34

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 1 – letter b bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b bis)  die momenteel door producenten worden gebruikt als bijproducten uit of nevenproducten van andere industriële en/of landbouwprocessen, of als gerecycleerde producten.

Amendement    35

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 1 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Uiterlijk ... [één jaar na de inwerkingtreding van deze verordening] stelt de Commissie overeenkomstig de eerste alinea een gedelegeerde handeling vast om de in bijlage II opgesomde bestanddelencategorieën voor de eerste keer te wijzigen, met name met het oog op de toevoeging van dierlijke bijproducten, struviet, uit as verkregen producten en biochar aan die bestanddelencategorieën. Bij de vaststelling van die gedelegeerde handeling besteedt de Commissie bijzondere aandacht aan de technologische vooruitgang die wordt geboekt bij de nuttige toepassing van nutriënten.

Amendement    36

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 2 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  de naam van het micro-organisme;

a)  de naam van het micro-organisme op stamniveau;

Amendement    37

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 2 – letter d

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d)  het taxonomische verband met soorten micro-organismen die voldoen aan de vereisten voor een gekwalificeerd vermoeden van veiligheid (Qualified Presumption of Safety) zoals bepaald door de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid;

d)  het taxonomische verband met soorten micro-organismen die voldoen aan de vereisten voor een gekwalificeerd vermoeden van veiligheid (Qualified Presumption of Safety) zoals bepaald door de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid, of een verwijzing naar de verklaring van overeenstemming met de relevante geharmoniseerde normen voor de veiligheid van de gebruikte micro-organismen, die in het Publicatieblad van de Europese Unie zijn bekendgemaakt, of de verklaring van overeenstemming met de vereisten voor de veiligheidsbeoordeling voor nieuwe micro-organismen, zoals aangenomen door de Commissie, indien dergelijke geharmoniseerde normen niet voorhanden zijn;

Amendement    38

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  Met het oog op de toepassing van lid 2 is de Commissie bevoegd om in overeenstemming met artikel 43 gedelegeerde handelingen vast te stellen met betrekking tot de vaststelling van voorschriften voor de veiligheidsbeoordeling van nieuwe micro-organismen. De eerste van die gedelegeerde handelingen wordt uiterlijk ... [één jaar na de datum van inwerkingtreding van deze verordening] vastgesteld.

Amendement    39

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  De Commissie is ook bevoegd om overeenkomstig artikel 43 gedelegeerde handelingen vast te stellen om de bijlagen I tot en met IV te wijzigen in het licht van nieuwe wetenschappelijke gegevens. De Commissie gebruikt deze bevoegdheid wanneer op basis van een risicobeoordeling blijkt dat een wijziging nodig is om ervoor te zorgen dat bemestingsproducten met CE-markering die aan de eisen van deze verordening voldoen in gewone gebruiksomstandigheden geen onaanvaardbaar risico voor de gezondheid van mensen, dieren of planten, de veiligheid of het milieu inhouden.

4.  De Commissie is ook bevoegd om overeenkomstig artikel 43 gedelegeerde handelingen vast te stellen om de bijlagen I tot en met IV te wijzigen, na bestudering van nieuwe wetenschappelijke gegevens. De Commissie gebruikt deze bevoegdheid wanneer op basis van een risicobeoordeling blijkt dat een wijziging nodig is om ervoor te zorgen dat bemestingsproducten met CE-markering die aan de eisen van deze verordening voldoen bij juist gebruik geen onaanvaardbaar risico voor de gezondheid van mensen, dieren of planten, de veiligheid of het milieu inhouden.

Amendement    40

Voorstel voor een verordening

Artikel 42 – lid 4 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 bis.  Voor de toepassing van bestanddelencategorie 10 wordt aan de Commissie de bevoegdheid overgedragen om overeenkomstig artikel 43 gedelegeerde handelingen vast te stellen ter bepaling van de vereisten inzake de norm voor de biologische-afbreekbaarheidscriteria en de ontwikkeling van een passende testmethode voor biologische afbreekbaarheid. Deze vereisten en testmethode worden aan de hand van de nieuwste wetenschappelijke gegevens geëvalueerd en worden vastgesteld met ingang van ... [vijf jaar na de datum van toepassing van deze verordening].

Motivering

Dit amendement betreft een gedelegeerde handeling waarmee een norm voor biologische afbreekbaarheid moet worden vastgesteld, evenals een testmethode voor meststoffen met gereguleerde afgifte. Dit punt wordt ook aangehaald in een gerelateerd amendement met betrekking tot bestanddelencategorie 10 in bijlage II.

Amendement    41

Voorstel voor een verordening

Artikel 46 – alinea 1 – punt 2

Verordening (EG) nr. 1107/2009

Artikel 3 – punt 34 – letter c

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  de kenmerken in verband met de kwaliteit van het gewas.

c)  de kwaliteit van het gewas.

Amendement    42

Voorstel voor een verordening

Artikel 46 – alinea 1 – punt 2

Verordening (EG) nr. 1107/2009

Artikel 3 – punt 34 – letter c bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis)  humificatie;

Amendement    43

Voorstel voor een verordening

Artikel 46 – alinea 1 – punt 2

Verordening (EG) nr. 1107/2009

Artikel 3 – punt 34 – letter c ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c ter)  de beschikbaarheid van gebonden nutriënten in de bodem en de rizosfeer vergroten.

Amendement    44

Voorstel voor een verordening

Artikel 46 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Artikel 46 bis

 

Wijziging van Verordening (EG) nr. 1907/2006

 

In bijlage V wordt punt 12 vervangen door:

 

"12.   Compost, biogas en digestaat."

Amendement    45

Voorstel voor een verordening

Artikel 48 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De lidstaten belemmeren niet dat producten die vóór [Publications office, please insert the date of application of this Regulation] overeenkomstig Verordening (EG) nr. 2003/2003 in de handel zijn gebracht als meststoffen met de aanduiding "EG-meststof", op de markt worden aangeboden. Hoofdstuk 5 is echter mutatis mutandis op die producten van toepassing.

De lidstaten belemmeren niet dat producten die vóór [Publications office, please insert the date: twelve months after the date of application of this Regulation] overeenkomstig Verordening (EG) nr. 2003/2003 in de handel zijn gebracht als meststoffen met de aanduiding "EG-meststof", op de markt worden aangeboden. Hoofdstuk 5 is echter mutatis mutandis op die producten van toepassing.

Motivering

De in artikel 48 voorgestelde termijn voor de overgangsperiode lijkt niet haalbaar. Een termijn van twaalf maanden na de toepassingsdatum is realistischer.

Amendement    46

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel I – punt 1 – letter C – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

C.  Anorganische meststof

C.  Minerale meststof

 

(Dit amendement is van toepassing op de hele tekst. Bij aanneming van dit amendement moet de wijziging in de hele tekst worden doorgevoerd.)

Amendement    47

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel I – punt 1 – letter C bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

C bis.  Meststof met laag koolstofgehalte

 

(Dit amendement is van toepassing op de hele tekst. Bij aanneming van dit amendement moet de wijziging in de hele tekst worden doorgevoerd.)

Amendement    48

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – lid 4 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Ingrediënten waarvoor een aanvraag voor goedkeuring of hernieuwde goedkeuring is ingediend overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009, maar die niet zijn opgenomen in Uitvoeringsverordening (EU) nr. 540/2011, worden niet gebruikt in bemestingsproducten indien zij daarin niet zijn opgenomen op grond van artikel 1, punt 4, van Verordening (EG) nr. 1107/2009.

Motivering

Wanneer de goedkeuring van bestanddelen krachtens Verordening (EG) nr. 1107/2009 om veiligheidsredenen is geweigerd, is het niet gepast om het gebruik ervan in bemestingsproducten toe te staan.

Amendement    49

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 A – lid 1 – streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  koolstof (C) en

-  organische koolstof (Corg) en

Amendement    50

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 A – lid 1 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

van uitsluitend biologische oorsprong, met uitzondering van materiaal dat is gefossiliseerd of ingebed in geologische formaties.

van uitsluitend biologische oorsprong, met uitzondering van materiaal dat is gefossiliseerd of ingebed in geologische formaties, met uitzondering van leonardiet, ligniet en turf.

Amendement    51

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 A II – lid 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat ten minste één van de volgende aangegeven nutriënten in hoeveelheden die ten minste gelijk zijn aan de vermelde minimumwaarden:

2.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat ten minste één van de volgende aangegeven primaire nutriënten in hoeveelheden die ten minste gelijk zijn aan de vermelde minimumwaarden:

Amendement    52

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 A II – lid 2 – streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  2 massaprocent totaal stikstof (N),

-  1 massaprocent totaal stikstof (N),

Amendement    53

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 A II – lid 2 – streepje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  2 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O).

-  1 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O).

Amendement    54

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 A II – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  Wanneer het product meer dan één nutriënt bevat, moeten deze nutriënten ten minste bestaan uit onderstaande minimumhoeveelheden:

 

  1 massaprocent totaal stikstof (N),

 

  1 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5),

 

  1 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O),

 

waarbij het totale nutriëntengehalte minimaal 4 procent bedraagt.

Amendement    55

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 B – lid 1 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

van uitsluitend biologische oorsprong, met uitzondering van materiaal dat is gefossiliseerd of ingebed in geologische formaties.

van uitsluitend biologische oorsprong, met uitzondering van materiaal dat is gefossiliseerd of ingebed in geologische formaties, met uitzondering van leonardiet, ligniet en turf.

Amendement    56

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 B I – lid 2 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  2 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5), of

-  1 massaprocent in neutraal ammoniumcitraat en water oplosbaar fosforpentoxide (P2O5), of

Motivering

"Totaal" is uit agronomisch oogpunt onjuist, met name bij hoge en neutrale pH-waarden en bij weinig neerslag. De voor planten beschikbare fractie is oplosbaar in ammoniumcitraat en water.

Amendement    57

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 B I – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis.  Wanneer het product meer dan één nutriënt bevat, moeten deze nutriënten ten minste bestaan uit onderstaande minimumhoeveelheden:

 

  1 massaprocent totaal stikstof (N),

 

  1 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5),

 

  1 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O),

 

waarbij het totale nutriëntengehalte minimaal 4 procent bedraagt.

Amendement    58

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 B I – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  Elke eenheid van het bemestingsproduct met CE-markering bevat het organisch materiaal en de nutriënten in de aangegeven gehaltes.

4.  Elke eenheid van het bemestingsproduct met CE-markering bevat organisch koolstof en alle nutriënten in de aangegeven gehaltes. Onder "eenheid" wordt verstaan: een onderdeel van het product, zoals korrels, pellets, enz.

Motivering

Het is onmogelijk om voor elke eenheid van een product exacte gehaltes van de daarin aanwezige stoffen te garanderen.

Amendement    59

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 B II – lid 2 – streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  2 massaprocent totaal stikstof (N), waarvan 0,5 massaprocent van het bemestingsproduct met CE-markering als organische stikstof (N), of

-  1 massaprocent totaal stikstof (N), waarvan 0,5 massaprocent van het bemestingsproduct met CE-markering als organische stikstof (N), of

Amendement    60

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 B II – lid 2 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  2 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5), of

-  1 massaprocent in neutraal ammoniumcitraat en water oplosbaar fosforpentoxide (P2O5), of

Motivering

"Totaal" is uit agronomisch oogpunt onjuist, met name bij hoge en neutrale pH-waarden en bij weinig neerslag. De voor planten beschikbare fractie is oplosbaar in ammoniumcitraat en water.

Amendement    61

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 B II – lid 2 – streepje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  2 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O).

-  1 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O).

Amendement    62

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 B II – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

 

 

2 bis.  Wanneer het product meer dan één nutriënt bevat, moeten deze nutriënten ten minste bestaan uit onderstaande minimumhoeveelheden:

 

  1,5 massaprocent totaal stikstof (N),

 

  1,5 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5),

 

  1,5 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O),

 

waarbij het totale nutriëntengehalte minimaal 4 procent bedraagt.

Amendement    63

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 B II – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Het gehalte organische koolstof (C) in het bemestingsproduct met CE-markering is ten minste 3 massaprocent.

3.  Het gehalte organische koolstof (C) in het bemestingsproduct met CE-markering is ten minste 1 massaprocent.

Amendement    64

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Een anorganische meststof is een meststof anders dan een organische of organisch-minerale meststof.

Een minerale meststof is een meststof die nutriënten in minerale vorm of tot minerale vorm verwerkte nutriënten van dierlijke of plantaardige oorsprong bevat. Calciumcyaanamide, ureum en de condensatie- en associatieproducten ervan worden beschouwd als producten die nutriënten in minerale vorm bevatten. Het gehalte organische koolstof (Corg) in het bemestingsproduct met CE-markering bedraagt niet meer dan 1 massaprocent. Koolstof afkomstig van coatings en technische agentia wordt volgens afspraak niet meegeteld in dat gehalte.

Amendement    65

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Fosforhoudende meststoffen moeten aan ten minste een van de volgende minimale oplosbaarheidsniveaus voldoen om beschikbaar te zijn voor planten; anders mogen zij niet als fosforhoudende meststof worden aangemerkt:

 

  oplosbaarheid in water: minimaal 40 % van het totale gehalte P, of

 

  oplosbaarheid in neutraal ammoniumcitraat: minimaal 75 % van het totale gehalte P, of

 

  oplosbaarheid in mierenzuur (alleen voor zacht natuurfosfaat): minimaal 55 % van het totale gehalte P.

Amendement    66

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C – alinea 1 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Het totaal aan te geven stikstofgehalte is de som van ammoniumstikstof, nitraatstikstof, ureumstikstof, stikstof uit methyleenureum, isobutylideendiureumstikstof en crotonylideendiureumstikstof. Het aan te geven fosforgehalte komt overeen met het fosfor in fosfaatvorm. Hieraan kunnen overeenkomstig artikel 42, lid 1, na een wetenschappelijk onderzoek nieuwe vormen worden toegevoegd.

Amendement    67

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I a i – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een enkelvoudige vaste anorganische macronutriëntenmeststof heeft een aangegeven gehalte van niet meer dan één nutriënt.

1.  Een enkelvoudige vaste anorganische macronutriëntenmeststof heeft een aangegeven gehalte van niet meer dan één primaire of secundaire nutriënt. Enkelvoudige vaste minerale primaire nutriënten kunnen ook secundaire nutriënten bevatten.

Motivering

Volgens de definitie in het Commissievoorstel zou CAN-27 met S onderdeel gaan vormen van de productfunctiecategorie 1 C) I) a) ii): samengestelde vaste anorganische macronutriëntenmeststof". Dit druist in tegen de gangbare praktijk en is uit agronomisch oogpunt onjuist. Dit gaat tevens in tegen de opvattingen in wetenschappelijke, technische en landbouwkringen.×

Amendement    68

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I a i – lid 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat meer dan één van de volgende aangegeven nutriënten in hoeveelheden die ten minste gelijk zijn aan de vermelde minimumwaarden:

2.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat meer dan één van de aangegeven primaire nutriënten in hoeveelheden die ten minste gelijk zijn aan de vermelde minimumwaarden:

Amendement    69

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I a i – lid 2 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  12 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5),

-  12 massaprocent in neutraal ammoniumcitraat en water oplosbaar fosforpentoxide (P2O5),

Motivering

"Totaal" is uit agronomisch oogpunt onjuist, met name bij hoge en neutrale pH-waarden en bij weinig neerslag. De voor planten beschikbare fractie is oplosbaar in ammoniumcitraat en water.

Amendement    70

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I a ii – lid 2 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  3 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5),

-  5 massaprocent in neutraal ammoniumcitraat en water oplosbaar fosforpentoxide (P2O5),

Motivering

"Totaal" is uit agronomisch oogpunt onjuist, met name bij hoge en neutrale pH-waarden en bij weinig neerslag. De voor planten beschikbare fractie is oplosbaar in ammoniumcitraat en water.

Amendement    71

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I a ii – lid 2 – streepje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  3 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O),

-  5 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O),

Amendement    72

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I a ii – lid 2 – streepje 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

  en kan een of meer secundaire nutriënten bevatten in hoeveelheden die ten minste gelijk zijn aan de vermelde minimumwaarden:

Amendement    73

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I a ii – lid 2 – streepje 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  1,5 massaprocent totaal magnesiumoxide (MgO),

-  2 massaprocent totaal magnesiumoxide (MgO),

Amendement    74

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I a ii – lid 2 – streepje 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  1,5 massaprocent totaal calciumoxide (CaO),

-  2 massaprocent totaal calciumoxide (CaO),

Amendement    75

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I a ii – lid 2 – streepje 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  1,5 massaprocent totaal zwaveltrioxide (SO3), of

-  5 massaprocent totaal zwaveltrioxide (SO3),

Amendement    76

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I b i – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een enkelvoudige vloeibare anorganische macronutriëntenmeststof heeft een aangegeven gehalte van niet meer dan één nutriënt.

1.  Een enkelvoudige vloeibare anorganische macronutriëntenmeststof heeft een aangegeven gehalte van niet meer dan één primaire of secundaire nutriënt. Enkelvoudige vloeibare minerale primaire nutriënten kunnen ook secundaire nutriënten bevatten.

Amendement    77

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I b i – lid 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat één van de volgende aangegeven nutriënten in een hoeveelheid die ten minste gelijk is aan de vermelde minimumwaarde:

2.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat één van de aangegeven primaire nutriënten in een hoeveelheid die ten minste gelijk is aan de vermelde minimumwaarde:

Amendement    78

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I b i – lid 2 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  5 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5),

-  5 massaprocent in neutraal ammoniumcitraat en water oplosbaar fosforpentoxide (P2O5),

Motivering

"Totaal" is uit agronomisch oogpunt onjuist, met name bij hoge en neutrale pH-waarden en bij weinig neerslag. De voor planten beschikbare fractie is oplosbaar in ammoniumcitraat en water.

Amendement    79

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I b i – lid 2 – streepje 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

-  en kan een of meer secundaire nutriënten bevatten in hoeveelheden die ten minste gelijk zijn aan de vermelde minimumwaarden:

Amendement    80

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I b i – lid 2 – streepje 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  5 massaprocent totaal zwaveltrioxide (SO3), of

-  5 massaprocent totaal zwaveltrioxide (SO3),

Amendement    81

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I b i – lid 2 – streepje 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  1 massaprocent totaal natriumoxide (Na2O).

-  tussen de 0,5 en 5 massaprocent totaal natriumoxide (Na2O).

Motivering

De primaire nutriënten N, P2O5 en K2O zijn de voornaamste elementen die noodzakelijk zijn voor een efficiënte plantengroei, terwijl de secundaire nutriënten MgO, CaO, SO3 en Na2O de functies van primaire elementen slechts ondersteunen. De opheffing van het onderscheid tussen de twee nutriëntengroepen zou verwarrend zijn voor landbouwers. Formules voor samengestelde vaste macronutriëntenmeststoffen bestaan daarom uit meer dan één primaire nutriënt en kunnen een of meer secundaire nutriënten bevatten. In de etiketteringsbepalingen is indirect rekening gehouden met het onderscheid tussen primaire en secundaire nutriënten door voor te schrijven dat de informatie over primaire nutriënten het eerst moet worden vermeld.

Amendement    82

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I b ii – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een samengestelde vloeibare anorganische macronutriëntenmeststof heeft een aangegeven gehalte van meer dan één nutriënt.

1.  Een samengestelde vloeibare anorganische macronutriëntenmeststof heeft een aangegeven gehalte van meer dan één primaire nutriënt.

Amendement    83

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I b ii – lid 2 – streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  1,5 massaprocent totaal stikstof (N),

-  3 massaprocent totaal stikstof (N), of

Motivering

Minerale meststoffen, en dan vooral samengestelde vloeibare minerale macronutriëntenmeststoffen, moeten een minimumgehalte aan nutriënten bevatten om agronomisch efficiënt te zijn en landbouwers te helpen om de gewasopbrengsten te verhogen. Bemestingsproducten met een zeer laag gehalte aan nutriënten zouden niet efficiënt zijn. Landbouwers zouden grote hoeveelheden product moeten aanbrengen om in de gewasbehoeften te voorzien, waardoor het vervoer, de opslag en het aanbrengen duurder en minder hulpbronnenefficiënt zouden zijn.

Amendement    84

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I b ii – lid 2 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  1,5 massaprocent totaal fosforpentoxide (P2O5),

-  1,5 massaprocent in neutraal ammoniumcitraat en water oplosbaar fosforpentoxide (P2O5),

Motivering

"Totaal" is uit agronomisch oogpunt onjuist, met name bij hoge en neutrale pH-waarden en bij weinig neerslag. De voor planten beschikbare fractie is oplosbaar in ammoniumcitraat en water.

Amendement    85

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I b ii – lid 2 – streepje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  1,5 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O),

-  3 massaprocent totaal kaliumoxide (K2O), of

Motivering

Minerale meststoffen, en dan vooral samengestelde vloeibare minerale macronutriëntenmeststoffen, moeten een minimumgehalte aan nutriënten bevatten om agronomisch efficiënt te zijn en landbouwers te helpen om de gewasopbrengsten te verhogen. Bemestingsproducten met een zeer laag gehalte aan nutriënten zouden niet efficiënt zijn. Landbouwers zouden grote hoeveelheden product moeten aanbrengen om in de gewasbehoeften te voorzien, waardoor het vervoer, de opslag en het aanbrengen duurder en minder hulpbronnenefficiënt zouden zijn.

Amendement    86

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I b ii – lid 2 – streepje 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  0,75 massaprocent totaal magnesiumoxide (MgO),

-  1,5 massaprocent totaal magnesiumoxide (MgO), of

Motivering

Minerale meststoffen, en dan vooral samengestelde vloeibare minerale macronutriëntenmeststoffen, moeten een minimumgehalte aan nutriënten bevatten om agronomisch efficiënt te zijn en landbouwers te helpen om de gewasopbrengsten te verhogen. Bemestingsproducten met een zeer laag gehalte aan nutriënten zouden niet efficiënt zijn. Landbouwers zouden grote hoeveelheden product moeten aanbrengen om in de gewasbehoeften te voorzien, waardoor het vervoer, de opslag en het aanbrengen duurder en minder hulpbronnenefficiënt zouden zijn.

Amendement    87

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I b ii – lid 2 – streepje 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  0,75 massaprocent totaal calciumoxide (CaO),

-  1,5 massaprocent totaal calciumoxide (CaO), of

Motivering

Minerale meststoffen, en dan vooral samengestelde vloeibare minerale macronutriëntenmeststoffen, moeten een minimumgehalte aan nutriënten bevatten om agronomisch efficiënt te zijn en landbouwers te helpen om de gewasopbrengsten te verhogen. Bemestingsproducten met een zeer laag gehalte aan nutriënten zouden niet efficiënt zijn. Landbouwers zouden grote hoeveelheden product moeten aanbrengen om in de gewasbehoeften te voorzien, waardoor het vervoer, de opslag en het aanbrengen duurder en minder hulpbronnenefficiënt zouden zijn.

Amendement    88

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C I b ii – lid 2 – streepje 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  0,75 massaprocent totaal zwaveltrioxide (SO3), of

-  1,5 massaprocent totaal zwaveltrioxide (SO3), of

Motivering

Minerale meststoffen, en dan vooral samengestelde vloeibare minerale macronutriëntenmeststoffen, moeten een minimumgehalte aan nutriënten bevatten om agronomisch efficiënt te zijn en landbouwers te helpen om de gewasopbrengsten te verhogen. Bemestingsproducten met een zeer laag gehalte aan nutriënten zouden niet efficiënt zijn. Landbouwers zouden grote hoeveelheden product moeten aanbrengen om in de gewasbehoeften te voorzien, waardoor het vervoer, de opslag en het aanbrengen duurder en minder hulpbronnenefficiënt zouden zijn.

Amendement    89

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 1 C bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Productfunctiecategorie 1 C bis): Meststof met laag koolstofgehalte

 

1.  Een ander bemestingsproduct met CE-markering dan de producten die in productfunctiecategorie 1 A), productfunctiecategorie 1 B), productfunctiecategorie 1 C) of productfunctiecategorie 7 vallen, worden aangeduid als meststof met laag koolstofgehalte als het meer dan 1 % organische koolstof (Corg) bevat en maximaal 7,5 %” organische koolstof (Corg).

 

2.  Koolstof in calciumcyaanamide en in ureum en in condensatie- en associatieproducten daarvan vallen niet onder organische koolstof ten behoeve van die definitie.

 

3.  De specificaties van vast/vloeibaar, enkelvoudig/samengesteld en macronutriënt/micronutriënt voor meststoffen uit productfunctiecategorie 1 C) gelden voor de doeleinden van deze categorie.

 

4.  Producten uit productfunctiecategorie 1 C bis) die worden verkocht voldoen aan de in bijlage I uiteengezette contaminantenwaarden voor organische of organisch-minerale meststoffen in alle gevallen waarin productfunctiecategorie 1 C) geen grenswaarden bevat voor die contaminanten.

Amendement    90

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 2 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een kalkmeststof is een bemestingsproduct met CE-markering dat is bedoeld om de zuurtegraad van de bodem te corrigeren en oxiden, hydroxiden, carbonaten of silicaten van de nutriënten calcium (Ca) of magnesium (Mg) bevat.

1.  Een kalkmeststof is een product met CE-markering dat is bedoeld om de zuurtegraad van de bodem te corrigeren en oxiden, hydroxiden, carbonaten of silicaten van de nutriënten calcium (Ca) of magnesium (Mg) bevat.

Motivering

Er moet een onderscheid worden gemaakt tussen producten die de voedingsefficiëntie van meststoffen verhogen en meststoffen zelf (die nutriënten toevoegen). Dit amendement is van toepassing op alle onder deze verordening vallende producten die ten doel hebben de voedingsefficiëntie van planten te verbeteren.

Amendement    91

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 3 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Een bodemverbeteraar is een bemestingsproduct met CE-markering dat is bedoeld om aan de bodem te worden toegevoegd teneinde de fysische of chemische eigenschappen, de structuur of de biologische activiteit daarvan in stand te houden, te verbeteren of te beschermen.

Een bodemverbeteraar is een materiaal (met inbegrip van mulch) dat in situ aan de bodem wordt toegevoegd, in eerste instantie om de fysische eigenschappen in stand te houden of te verbeteren, en dat de chemische en/of biologische eigenschappen of activiteit van die bodem kan verbeteren.

Motivering

Bodemverbeteraars worden ook op de bodem aangebracht (bijvoorbeeld in het geval van mulches) om verdamping te voorkomen, de hoeveelheid onkruid terug te dringen en de biologische activiteit in de ondergrond te versterken. Deze bodemverbeteraars vallen niet onder de verordening als de definitie niet wordt gewijzigd.

Amendement    92

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 3 – alinea 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Het bemestingsproduct met CE-markering bevat ten minste 15 % materiaal van biologische oorsprong.

Amendement    93

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 3 A – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een organische bodemverbeteraar bestaat geheel uit materiaal van uitsluitend biologische oorsprong, met uitzondering van materiaal dat is gefossiliseerd of ingebed in geologische formaties.

1.  Een organische bodemverbeteraar bestaat geheel uit materiaal van uitsluitend biologische oorsprong, met uitzondering van materiaal dat is gefossiliseerd of ingebed in geologische formaties, met uitzondering van leonardiet, ligniet en turf.

Amendement    94

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 3 A – lid 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  In het bemestingsproduct met CE-markering mogen geen contaminanten voorkomen in grotere dan de volgende hoeveelheden:

2.  In de organische bodemverbeteraar met CE-markering mogen geen contaminanten voorkomen in grotere dan de volgende hoeveelheden:

Motivering

Er moet een onderscheid worden gemaakt tussen producten die de voedingsefficiëntie verbeteren (toevoeging van kalk) en producten die nutriënten toevoegen (meststoffen).

Amendement    95

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 3 A – lid 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat ten minste 40 % droge stof.

4.  Het bemestingsproduct met CE-markering bevat ten minste 20 % droge stof.

Amendement    96

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 3 B – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Een biologisch afbreekbare mulchfolie is een polymeerfolie die voldoet aan de voorschriften van de punten 2 bis en 3 van bestanddelencategorie 10 in bijlage II en is bedoeld om in situ op de bodem te worden aangebracht om de structuur ervan te beschermen, de groei van onkruid tegen te gaan, het vochtverlies in de bodem te beperken of erosie te voorkomen.

Motivering

Met dit amendement wordt de subcategorie mulchfolies ingevoerd die uit biologisch afbreekbare polymeren zijn vervaardigd en ten doel hebben de structuur van de bodem te beschermen, de groei van onkruid tegen te gaan, het vochtverlies in de bodem te beperken of erosie te voorkomen.

Amendement    97

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 4 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een groeimedium is een materiaal, anders dan bodem, bedoeld om als substraat voor wortelvorming te dienen.

1.  Een groeimedium is een materiaal, anders dan bodem in situ, waarin planten en paddenstoelen worden geteeld.

Amendement    98

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 5 – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Een agronomisch toevoegingsmiddel is een bemestingsproduct met CE-markering dat is bedoeld om aan een product dat planten van nutriënten voorziet te worden toegevoegd, teneinde de afgiftepatronen van de nutriënten in dat product te verbeteren.

Een agronomisch toevoegingsmiddel is een bemestingsproduct met CE-markering dat is bedoeld om aan een product te worden toegevoegd, een bewezen effect heeft op de omzetting en/of de beschikbaarheid voor planten van verschillende vormen minerale of gemineraliseerde nutriënten, of om aan de bodem te worden toegevoegd teneinde de opname van nutriënten door planten te verbeteren of het verlies van nutriënten te beperken.

Motivering

Agronomische toevoegingsmiddelen dragen ertoe bij dat de voeding van gewassen steeds efficiënter wordt en dat de milieueffecten van bemesting tot een minimum worden beperkt. De definitie in bijlage I, deel II, productfunctiecategorie 5, moet worden verbeterd om beter aan te sluiten bij de producten die momenteel in de handel zijn en eventuele innovatieve producten in de toekomst.

Amendement    99

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 5 A – lid 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Elke stof in deze categorie moet overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd36, waarbij het registratiedossier het volgende moet bevatten:

Elke stof in deze categorie moet overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd36, tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in artikel 6 van die verordening of bijlage IV of V bij die verordening.

__________________

__________________

36 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

36 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    100

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 5 A – lid 2 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a)  de in de bijlagen VI, VII en VIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 bedoelde informatie, alsmede

Schrappen

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    101

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 5 A – lid 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  een chemischeveiligheidsrapport overeenkomstig artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dat betrekking heeft op het gebruik als bemestingsproduct,

Schrappen

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    102

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 5 A – lid 2 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in bijlage IV bij die verordening of in de punten 6, 7, 8 of 9 van bijlage V bij die verordening.

Schrappen

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    103

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 5 B – lid 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De stof moet overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd37, waarbij het registratiedossier het volgende moet bevatten:

2. De stof moet overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd37, tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in artikel 6 van die verordening of in bijlage IV of bijlage V bij die verordening.

__________________

__________________

37 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

37 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    104

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 5 B – lid 2 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a)  de in de bijlagen VI, VII en VIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 bedoelde informatie, alsmede

Schrappen

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    105

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 5 B – lid 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  een chemischeveiligheidsrapport overeenkomstig artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dat betrekking heeft op het gebruik als bemestingsproduct,

Schrappen

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    106

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 5 B – lid 2 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in bijlage IV bij die verordening of in de punten 6, 7, 8 of 9 van bijlage V bij die verordening.

Schrappen

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    107

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 5 C – lid 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2. De stof moet overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd38, waarbij het registratiedossier het volgende moet bevatten:

2. De stof moet overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd38, tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in artikel 6 van die verordening of in bijlage IV of bijlage V bij die verordening.

__________________

__________________

38 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

38 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    108

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 5 C – lid 2 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a)  de in de bijlagen VI, VII en VIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 bedoelde informatie, alsmede

Schrappen

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    109

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 5 C – lid 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  een chemischeveiligheidsrapport overeenkomstig artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dat betrekking heeft op het gebruik als bemestingsproduct,

Schrappen

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    110

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 5 C – lid 2 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in bijlage IV bij die verordening of in de punten 6, 7, 8 of 9 van bijlage V bij die verordening.

Schrappen

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    111

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 6 – lid 1 – letter c bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis)  humificatie

Amendement    112

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 6 – lid 1 – letter c ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c ter)  de beschikbaarheid van gebonden nutriënten in de bodem en de rizosfeer.

Amendement    113

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 6 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De biostimulant voor planten moet de op het etiket aangegeven effecten hebben op de eveneens op het etiket vermelde gewassen.

3.  De biostimulant voor planten moet de op het etiket aangegeven effecten hebben op de eveneens op het etiket vermelde gewassen. Indien de biostimulant voor planten een of meer ingrediënten bevat die zijn goedgekeurd overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009, omvat de bij de conformiteitsbeoordeling te verschaffen informatie overtuigend empirisch bewijs van het effect van de biostimulant, rekening houdend met relevante parameters, zoals de relatieve concentratie van de bestanddelen, dosering, duur, het groeistadium van de planten, doelgewassen, enz.

Motivering

Hoewel in het kader van de conformiteitsbeoordelingsprocedure in alle gevallen naar empirisch bewijs moet worden gezocht voor het beweerde effect van de biostimulant, verdient het aanbeveling om specifiek te wijzen op het belang ervan in het geval van producten met bestanddelen die overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1107/2009 zijn geregistreerd, om te voorkomen dat wordt getracht de vereiste vergunning als gewasbeschermingsmiddel te omzeilen. Tegelijkertijd moet worden voorkomen dat de aanwezigheid van dergelijke bestanddelen de erkenning als legitieme biostimulant in de weg staat.

Amendement    114

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 6 A – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een microbiële biostimulant voor planten bestaat uitsluitend uit een micro-organisme of een consortium van micro-organismen zoals bedoeld in bestanddelencategorie 7 in bijlage II.

1.  Een microbiële biostimulant voor planten bestaat uit:

 

(a)  een micro-organisme of een consortium van micro-organismen zoals bedoeld in bestanddelencategorie 7 in bijlage II;

 

(b)  andere micro-organismen of een ander consortium van micro-organismen dan die bedoeld onder a). Ze kunnen als bestanddelencategorieën worden gebruikt voor zover zij aan de in bestanddelencategorie 7 van bijlage II vastgestelde vereisten voldoen.

Amendement    115

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 6 A – lid 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  In het bemestingsproduct met CE-markering mogen geen contaminanten voorkomen in grotere dan de volgende hoeveelheden:

2.  In de kalkmeststof met CE-markering mogen geen contaminanten voorkomen in grotere dan de volgende hoeveelheden:

Motivering

Er moet een onderscheid worden gemaakt tussen producten die de voedingsefficiëntie verbeteren (toevoeging van kalk) en producten die nutriënten toevoegen (meststoffen).

Amendement    116

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 6 A – lid 12 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

moet de biostimulant voor planten een pH van 4 of hoger hebben.

Schrappen

Amendement    117

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 6 B II – lid 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  In het bemestingsproduct met CE-markering mogen geen contaminanten voorkomen in grotere dan de volgende hoeveelheden:

2.  In de kalkmeststof met CE-markering mogen geen contaminanten voorkomen in grotere dan de volgende hoeveelheden:

Motivering

Er moet een onderscheid worden gemaakt tussen producten die de voedingsefficiëntie verbeteren (toevoeging van kalk) en producten die nutriënten toevoegen (meststoffen).

Amendement    118

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 7 – lid 3 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Door het blenden mag de aard van elk samenstellend bemestingsproduct niet worden gewijzigd

3.  Door het blenden mag de functie van elk samenstellend bemestingsproduct niet worden gewijzigd en de blend mag geen nadelig effect hebben op de gezondheid van mensen, dieren of planten, op de veiligheid of op het milieu, onder redelijkerwijs te verwachten omstandigheden bij de opslag of het gebruik van de bemestingsproductenblend met CE-markering.

Motivering

Het doel van dit amendement is ervoor te zorgen dat bij het blenden de functie van het product zorgvuldig wordt behouden.

Amendement    119

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 7 – lid 3 – streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  op een wijze die een nadelig effect heeft op de gezondheid van mensen, dieren of planten, op de veiligheid of op het milieu, onder redelijkerwijs te verwachten omstandigheden bij de opslag of het gebruik van de bemestingsproductenblend met CE-markering, of

Schrappen

Amendement    120

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel II – productfunctiecategorie 7 – lid 3 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  op enige andere significante wijze.

Schrappen

Amendement    121

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 1 – lid 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  bijproducten in de zin van Richtlijn 2008/98/EEG,

(b)  bijproducten in de zin van Richtlijn 2008/98/EEG, met uitzondering van bijproducten die geregistreerd zijn overeenkomstig de bepalingen van Verordening (EG) nr. 1907/2006, anders dan die vallen onder de in punt 5 van bijlage V van die verordening vastgelegde vrijstellingen van de registratieplicht,

Motivering

Het is de bedoeling om hetzelfde veiligheidsniveau te garanderen voor producten en bijproducten en het tegelijkertijd mogelijk te maken de op de markt beschikbare bijproducten te gebruiken.

Amendement    122

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 1 – lid 1 – letter e

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(e)  polymeren, of

(e)  polymeren, met uitzondering van polymeren die worden gebruikt in groeimedia die niet in aanraking komen met de bodem, of

Motivering

Het voorstel moet uitdrukkelijk voorzien in de mogelijkheid dat groeimedia die niet in contact komen met de bodem polymeren gebruiken als bindmiddel. Deze polymeren vormen geen risico voor de gezondheid van mens, dier of plant, of voor het milieu.

Amendement    123

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 1 – lid 2 – alinea 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Alle stoffen die, als zodanig of in een mengsel, in het bemestingsproduct met CE-markering zijn verwerkt, moeten overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd, waarbij het registratiedossier het volgende moet bevatten:

Tenzij het gaat om stoffen die expliciet vallen onder de vrijstellingen van de registratieplicht waarin is voorzien in artikel 6 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 of in bijlage IV of V bij die verordening, moeten alle stoffen die, als zodanig of in een mengsel, in het bemestingsproduct met CE-markering zijn verwerkt, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd, waarbij het registratiedossier het volgende moet bevatten:

Amendement    124

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 1 – lid 2 – alinea 1 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a)  de in de bijlagen VI, VII en VIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 bedoelde informatie, alsmede

Schrappen

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    125

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 1 – lid 2 – alinea 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  een chemischeveiligheidsrapport overeenkomstig artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dat betrekking heeft op het gebruik als bemestingsproduct,

Schrappen

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    126

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 1 – lid 2 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in bijlage IV bij die verordening of in de punten 6, 7, 8 of 9 van bijlage V bij die verordening.

Schrappen

Amendement    127

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 2 – lid 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag planten, delen van planten of plantenextracten bevatten die geen andere bewerking hebben ondergaan dan snijden, fijnmaken, centrifugeren, persen, drogen, vriesdrogen of extraheren met water.

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag planten, delen van planten of plantenextracten bevatten die slechts een fysieke of mechanische bewerking hebben ondergaan zoals snijden, fijnmaken, centrifugeren, zeven, malen, persen, drogen, vriesdrogen, granuleren, hakken, bufferen, extruderen, behandelen door bevriezing, zuiveren door verhitting of extraheren met water.

Amendement    128

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 3 – lid 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag compost bevatten die is verkregen uit aerobe compostering van uitsluitend een of meer van de volgende uitgangsmaterialen:

1.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag compost en al dan niet vloeibare extracten van compost bevatten die zijn verkregen uit aerobe compostering van uitsluitend een of meer van de volgende uitgangsmaterialen en de daarop volgende vermenigvuldiging van de daarin van nature voorkomende microben:

Amendement    129

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 3 – lid 1 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  dierlijke bijproducten van de categorieën 2 en 3 overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1069/2009;

(b)  van dierlijke bijproducten afgeleide producten als bedoeld in artikel 32 van Verordening (EG) nr. 1069/2009 waarvoor het eindpunt in de productieketen is vastgesteld overeenkomstig artikel 5 van die verordening;

Motivering

De door de Commissie voorgestelde formulering garandeert niet dat in open lucht verkregen compost uit dierlijke bijproducten van categorieën 2 en 3, in afwijking van Verordening (EG) nr. 1069/2009, zal worden beschouwd als meststoffen en groeimedia en dus in overeenstemming zal zijn met de toekomstige verordening. Deze compost moet worden beschouwd als meststoffen en groeimedia op basis van een controlesysteem en een gevalideerde methode waardoor temperatuurstijgingen kunnen worden beheerst en de hygiënecriteria kunnen worden gecontroleerd, zodat deze producten in de bodem kunnen worden teruggeplaatst.

Amendement    130

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 3 – lid 1 – letter c

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c) levende of dode organismen of delen daarvan, onbewerkt of enkel bewerkt met de hand, met mechanische hulpmiddelen of met behulp van de zwaartekracht, door oplossing in water, door flotatie, door extractie met water, door stoomdistillatie, of door verhitting uitsluitend om water te onttrekken, of die met enig hulpmiddel aan de lucht zijn onttrokken, met uitzondering van

(c) levende of dode organismen of delen daarvan, onbewerkt of enkel bewerkt met de hand, met mechanische hulpmiddelen of met behulp van de zwaartekracht, door oplossing in water, door flotatie, door extractie met water, door stoomdistillatie, of door verhitting uitsluitend om water te onttrekken, of die met enig hulpmiddel aan de lucht zijn onttrokken, voedsel- en voederresiduen die geen verontreinigende stoffen bevatten en niet geschikt zijn voor consumptie, en afval van aanplantingen dat gebruikt wordt voor agrobrandstoffen en geen verontreinigende stoffen bevat, met uitzondering van

Amendement    131

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 3 – lid 1 – letter d – punt 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

–  het toevoegingsmiddel overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 is geregistreerd40, waarbij het registratiedossier het volgende moet bevatten:

–  het toevoegingsmiddel overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 is geregistreerd40, tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in artikel 6 van die verordening of in bijlage IV of bijlage V bij die verordening.

__________________

__________________

40 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

40 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    132

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 3 – lid 1 – letter d – punt 1 – streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  de in de bijlagen VI, VII en VIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 bedoelde informatie, alsmede

Schrappen

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    133

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 3 – lid 1 – letter d – punt 1 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  een chemischeveiligheidsrapport overeenkomstig artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dat betrekking heeft op het gebruik als bemestingsproduct,

Schrappen

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    134

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 3 – lid 1 – letter d – punt 1 – streepje 2 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in bijlage IV bij die verordening of in de punten 6, 7, 8 of 9 van bijlage V bij die verordening, en

Schrappen

– het totale gehalte aan alle toevoegingsmiddelen niet meer bedraagt dan 5 % van het totale gewicht van het uitgangsmateriaal; of

 

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    135

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 3 – lid 1 – letter e bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

e bis)  Onbewerkte en mechanisch bewerkte residuen van de levensmiddelenindustrie, met uitzondering van residuen van industrieën die dierlijke bijproducten gebruiken overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1069/2009.

Motivering

Momenteel valt industrieel slib niet onder de uitgangsmaterialen in de bestanddelencategorieën 3 en 5. Er wordt niet duidelijk omschreven wat onder industrieel slib wordt verstaan. Veel slib van de agrovoedingsmiddelenindustrie (bijvoorbeeld de verwerking van fruit, de bereiding van zuivel/kaas, enzovoort) is volledig biologisch en schoon, en als zodanig veilig en geschikt als uitgangsmateriaal voor compostering en digestaatverwerking.

Amendement    136

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 3 – lid 1 – letter e ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

e ter)  materialen overeenkomstig bestanddelencategorieën 2, 3, 4, 5, 6 en 11.

Amendement    137

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 3 – lid 2 – streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  waar alleen de in punt 1 hierboven bedoelde uitgangsmaterialen worden verwerkt, en

-  waarbij productlijnen voor de verwerking van de in punt 1 hierboven bedoelde uitgangsmaterialen duidelijk worden onderscheiden van productlijnen voor de verwerking van andere dan de in punt 1 bedoelde uitgangsmaterialen, en

Amendement    138

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 3 – lid 6 – letter a – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-  criterium: maximaal 25 mmol O2/kg organisch materiaal/h; of

-  criterium: maximaal 50 mmol O2/kg organisch materiaal/h; of

Motivering

Het is niet duidelijk waarom de waarde hier verschilt van die in bestanddelencategorie 5, dus we stellen voor de waarden gelijk te stellen op 50.

Amendement    139

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 4 – lid 1 – letter b – punt 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

–  het toevoegingsmiddel overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 is geregistreerd43, waarbij het registratiedossier het volgende moet bevatten:

–  het toevoegingsmiddel overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 is geregistreerd43, tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in artikel 6 van die verordening of in bijlage IV of bijlage V bij die verordening.

__________________

__________________

43 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

43 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    140

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 4 – lid 1 – letter b – punt 1 – streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  de in de bijlagen VI, VII en VIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 bedoelde informatie, alsmede

Schrappen

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    141

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 4 – lid 1 – letter b – punt 1 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  een chemischeveiligheidsrapport overeenkomstig artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dat betrekking heeft op het gebruik als bemestingsproduct,

Schrappen

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    142

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 4 – lid 1 – letter b – punt 1 – streepje 2 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in bijlage IV bij die verordening of in de punten 6, 7, 8 of 9 van bijlage V bij die verordening, en

Schrappen

  het totale gehalte aan alle toevoegingsmiddelen niet meer bedraagt dan 5 % van het totale gewicht van het uitgangsmateriaal; of

 

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    143

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 5 – lid 1 – letter c – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

–  zuiveringsslib, industrieel slib, of baggerslib,

–  zuiveringsslib, industrieel slib anders dan vermeld onder e bis), of baggerslib, en

Motivering

Momenteel valt industrieel slib niet onder de uitgangsmaterialen in de bestanddelencategorieën 3 en 5. Er wordt niet duidelijk omschreven wat onder industrieel slib wordt verstaan. Veel slib van de agrovoedingsmiddelenindustrie (bijvoorbeeld de verwerking van fruit, de bereiding van zuivel/kaas, enzovoort) is volledig biologisch en schoon, en als zodanig veilig en geschikt als uitgangsmateriaal voor compostering en digestaatverwerking.

Amendement    144

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 5 – lid 1 – letter d – punt 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

–  het toevoegingsmiddel overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 is geregistreerd44, waarbij het registratiedossier het volgende moet bevatten:

–  het toevoegingsmiddel overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 is geregistreerd44, tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in artikel 6 van die verordening of in bijlage IV of bijlage V bij die verordening.

__________________

__________________

44 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

44 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen toevoegingsmiddel wordt aan deze voorwaarde voldaan indien het toevoegingsmiddel in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 hetzelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    145

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 5 – lid 1 – letter d – punt 1 – streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  de in de bijlagen VI, VII en VIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 bedoelde informatie, alsmede

Schrappen

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    146

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 5 – lid 1 – letter d – punt 1 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  een chemischeveiligheidsrapport overeenkomstig artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dat betrekking heeft op het gebruik als bemestingsproduct,

Schrappen

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    147

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 5 – lid 1 – letter e bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

e bis)  Onbewerkte en mechanisch bewerkte residuen van de levensmiddelenindustrie, met uitzondering van residuen van industrieën die dierlijke bijproducten gebruiken overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1069/2009.

Motivering

Momenteel valt industrieel slib niet onder de uitgangsmaterialen in de bestanddelencategorieën 3 en 5. Er wordt niet duidelijk omschreven wat onder industrieel slib wordt verstaan. Veel slib van de agrovoedingsmiddelenindustrie (bijvoorbeeld de verwerking van fruit, de bereiding van zuivel/kaas, enzovoort) is volledig biologisch en schoon, en als zodanig veilig en geschikt als uitgangsmateriaal voor compostering en digestaatverwerking.

Amendement    148

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 5 – lid 1 – letter e ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

e ter)  materialen overeenkomstig bestanddelencategorieën 2, 3, 4, 5, 6 en 11.

Amendement    149

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 5 – lid 3 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a)  thermofiele anaerobe vergisting bij 55 °C gedurende minstens 24 uur en een hydraulische verblijftijd van ten minste 20 dagen;

(a)  thermofiele anaerobe vergisting bij 55 °C gedurende minstens 24 uur en een hydraulische verblijftijd van ten minste 20 dagen, gevolgd door een analyse om te controleren of de ziekteverwekkers bij het vergistingsproces daadwerkelijk zijn vernietigd;

Motivering

Bij deze lage temperaturen en zo'n korte vergistingsduur is het mogelijk dat er ziekteverwekkers overleven en zich tijdens de daarop volgende verblijftijd vermenigvuldigen. Het is van het allergrootste belang aan het eind van de verblijftijd na te gaan of de ziekteverwekkers daadwerkelijk verdwenen zijn.

Amendement    150

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 6 – lid 1 – letter c bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis)  perskoeken van olijven, d.w.z. een stroperig bijproduct dat afkomstig is uit het persen van olijven en dat wordt verkregen door een behandeling met organische oplosmiddelen uit vochtige olijfdroesem in twee (alperujo) of drie (orujo) fasen.

Motivering

Er moet een definitie van perskoeken van olijven worden opgenomen, aangezien die niet voorkomt in de vorige alinea's en aangezien de organische oplosmiddelen bijna volledig zijn verdwenen uit het eindproduct.

Amendement    151

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 6 – lid 1 – letter c ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c ter)  elk ander materiaal dat of elke andere stof die is goedgekeurd voor verwerking in levensmiddelen of diervoeder.

Amendement    152

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 6 – lid 2 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De stof moet overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd47, waarbij het registratiedossier het volgende moet bevatten:

De stof moet overeenkomstig Verordening (EG) nr. 1907/2006 zijn geregistreerd47, tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in artikel 6 van die verordening of in bijlage IV of bijlage V bij die verordening.

__________________

__________________

47 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen stof wordt aan deze voorwaarde voldaan indien de stof in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dezelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

47 In geval van een in de Europese Unie teruggewonnen stof wordt aan deze voorwaarde voldaan indien de stof in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), i), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dezelfde is als een geregistreerde stof waarvoor het registratiedossier de hier genoemde informatie bevat, en indien de informatie in de zin van artikel 2, lid 7, onder d), ii), van Verordening (EG) nr. 1907/2006 beschikbaar is voor de fabrikant van het bemestingsproduct.

Motivering

De REACH-verordening moet worden toegepast op bemestingsproducten.

Amendement    153

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 6 – lid 2 – letter a

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(a)  de in de bijlagen VI, VII en VIII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 bedoelde informatie, alsmede

Schrappen

Amendement    154

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 6 – lid 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  een chemischeveiligheidsrapport overeenkomstig artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1907/2006 dat betrekking heeft op het gebruik als bemestingsproduct,

Schrappen

Amendement    155

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 6 – lid 2 – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

tenzij de stof expliciet onder een van de vrijstellingen van de registratieplicht valt waarin is voorzien in bijlage IV bij die verordening of in de punten 6, 7, 8 of 9 van bijlage V bij die verordening.

Schrappen

Amendement    156

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 7 – alinea 1 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Een bemestingsproduct met CE-markering mag micro-organismen bevatten, met inbegrip van dode of uit een lege cel bestaande micro-organismen en onschadelijke restelementen van de media waarop zij zijn geproduceerd, die

Micro-organismen, met inbegrip van dode of uit een lege cel bestaande micro-organismen en onschadelijke restelementen van de media waarop zij zijn geproduceerd, kunnen in één van de volgende drie gevallen veilig worden geacht voor verwerking in een bemestingsproduct met CE-markering:

Amendement    157

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 7 – alinea 1 – streepje 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

–  geen andere bewerking dan drogen of vriesdrogen hebben ondergaan en

(a)  een van de volgende micro-organismen zijn:

 

  Azotobacter spp.

 

  Mycorrhizale schimmels

 

  Rhizobiumbacteriën

 

  Azospirillum spp.

Amendement    158

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 7 – alinea 1 – streepje 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

–  in de onderstaande tabel zijn vermeld:

(b)  voor zover passende voorschriften voor gegevensbescherming en gegevensvergunningen worden toegepast, alle micro-organismen (of consortia van micro-organismen) die zijn toegelaten voor een van de volgende toepassingen:

Azotobacter spp.

  verwerking in een levensmiddel als gedefinieerd in artikel 2 van Verordening (EG) nr. 178/2002 of toegelaten gebruik bij de verwerking van een dergelijk levensmiddel, met inbegrip van culturen die als traditioneel levensmiddeleningrediënt worden beschouwd in de zin van Verordening (EG) nr. 178/2002;

Mycorrhizale schimmels

  gebruik als toevoegingsmiddel in diervoeder zoals aangegeven, door opname in het repertorium van toevoegingsmiddelen van de Europese Unie in overeenstemming met Verordening (EG) nr. 1831/2003;

Rhizobium spp.

  gebruik als werkzame stof in een gewasbeschermingsmiddel uit hoofde van Verordening (EG) nr. 1107/2009 of een biocide uit hoofde van Verordening (EU) nr. 528/2012.

Azospirillum spp.

(c)  alle micro-organismen (of consortia van micro-organismen) die veilig zijn bevonden voor gebruik als biostimulant met behulp van relevante gemeenschappelijke specificaties of geharmoniseerde normen die zijn vastgesteld in overeenstemming met Verordening (EU) nr. 1025/2012, waarin aanvaardbare drempels en analysemethoden voor veiligheidscriteria zijn beschreven, met inbegrip van die omschreven zijn in artikel 42 van deze verordening.

Amendement    159

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 8 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag een conforme nitrificatieremmer bevatten, zoals bedoeld in productfunctiecategorie 5 A) I) van bijlage I, maar uitsluitend indien ten minste 50 % van het totale gehalte stikstof (N) van het bemestingsproduct bestaat uit stikstof (N) in de vorm van ammonium (NH4+) en ureum (CH4N2O).

3.  Een bemestingsproduct met CE-markering mag een conforme nitrificatieremmer bevatten, zoals bedoeld in productfunctiecategorie 5 A) I) van bijlage I, maar uitsluitend indien ten minste 50 % van het totale gehalte stikstof (N) van het bemestingsproduct bestaat uit stikstof (N) in de vorm van ammonium (NH4+) of in de vorm van ammonium (NH4+) en ureum (CH4N2O).

Motivering

Het is van belang te verduidelijken dat het N-gehalte kan worden bereikt met alleen ammonium of met ammonium en ureum samen.

Amendement    160

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 10 – lid 1 – letter b bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b bis) de bodem te verbeteren als biologisch afbreekbare mulchfolie die voldoet aan de voorschriften van de punten 2 bis en 3 van bestanddelencategorie 10.

Amendement    161

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 10 – lid 1 – letter b ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b ter) de stabiliteit van de bemestingsproducten met CE-markering te verbeteren.

Amendement    162

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 10 – lid 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Met ingang van [Publications office, please insert the date occurring three years after the date of application of this Regulation] moet aan het volgende criterium worden voldaan: het polymeer moet langs fysische, biologische weg afgebroken kunnen worden, zodat het uiteindelijk grotendeels uiteenvalt in koolstofdioxide (CO2), biomassa en water. Ten minstens 90 % van de organische koolstof in het polymeer moet in maximaal 24 maanden worden omgezet in CO2 bij een test van de biologische afbreekbaarheid zoals beschreven onder a) - c) hieronder.

2.  Met ingang van [Publications office, please insert the date occurring five years after the date of application of this Regulation] stelt de Commissie uit hoofde van artikel 42, lid 1, van deze verordening gedelegeerde handelingen vast, waarin de volgende eisen worden vastgelegd:

(a)  De test wordt uitgevoerd bij 25 ± 2°C.

(a)  Een norm voor de biologische afbreekbaarheid van het polymeer, door een tijdspanne in te stellen waarin ten minste 90 % (in absolute termen of ten opzichte van het referentiemateriaal) van de organische koolstof is omgezet in CO2, nadat de verwachte afgiftetijd van het polymeer is verstreken, en

(b)  De test wordt uitgevoerd volgens een methode voor de bepaling van de totale aerobe biologische afbreekbaarheid van kunststoffen in de bodem door meting van het zuurstofverbruik of de hoeveelheid ontwikkelde koolstofdioxide.

(b)  een test van de biologische afbreekbaarheid die voldoet aan het volgende criterium: het polymeer kan langs fysische, biologische weg afgebroken worden, zodat het uiteindelijk grotendeels uiteenvalt in koolstofdioxide (CO2), biomassa en water.

(c)  Een microkristallijn cellulosepoeder met dezelfde afmetingen als het testmateriaal wordt bij de test als referentiemateriaal gebruikt.

 

(d)  Het testmateriaal mag vóór de test niet worden blootgesteld aan omstandigheden of procedés die zijn bedoeld om de afbraak van de film te versnellen, zoals blootstelling aan warmte of licht.

 

Amendement    163

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 10 – lid 2 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis. De biologisch afbreekbare mulchfolie voldoet aan het volgende criterium: het polymeer kan langs fysische, biologische weg afgebroken worden, zodat het uiteindelijk uiteenvalt in koolstofdioxide (CO2), biomassa en water. Ten minste 90 % (in absolute termen of ten opzichte van het referentiemateriaal) moet in maximaal 24 maanden worden omgezet in CO2 bij een test van de biologische afbreekbaarheid overeenkomstig de Europese normen voor de biologische afbreekbaarheid van polymeren in de bodem.

Amendement    164

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 10 – lid 3 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 bis.  Een bemestingsproduct met CE-markering dat andere polymeren bevat dan nutriëntpolymeren wordt vrijgesteld van de vereisten in de leden 1, 2 en 3, mits de polymeren uitsluitend worden gebruikt als bindmiddel voor het bemestingsproduct en ze niet in aanraking komen met de bodem.

Amendement    165

Voorstel voor een verordening

Bijlage II – deel II – bestanddelencategorie 10 – lid 3 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

3 ter.  Aangezien het product bedoeld is om te worden toegevoegd aan de bodem en in het milieu terechtkomt, zijn deze criteria van toepassing op alle materialen in het product.

Amendement    166

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel I – lid 2 – letter e

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(e)  een beschrijving van alle bestanddelen die meer dan 5 gewichtsprocent van het product uitmaken, in aflopende volgorde van grootte drooggewicht, met inbegrip van een aanduiding van de desbetreffende bestanddelencategorieën zoals bedoeld in bijlage II.

(e)  een beschrijving van alle bestanddelen die meer dan 1 gewichtsprocent van het product uitmaken, in aflopende volgorde van grootte drooggewicht, met inbegrip van een aanduiding van de desbetreffende bestanddelencategorieën zoals bedoeld in bijlage II en met inbegrip van het gehalte als percentage drooggewicht;

Amendement    167

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel I – lid 7 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

7 bis.  Indien het bemestingsproduct met CE-markering volgens Verordening (EG) nr. 834/2007 in de biologische landbouw mag worden gebruikt, wordt op het etiket vermeld: "toegestaan in de biologische landbouw overeenkomstig Verordening (EG) nr. 834/2007.”

 

Bemestingsproducten met CE-markering die volgens Verordening (EG) nr. 834/2007 niet geschikt zijn voor de biologische landbouw en een handelsnaam hebben die doet denken aan de in artikel 23 van die verordening genoemde termen en de eindgebruiker kunnen misleiden omtrent het gebruik ervan in de biologische landbouw, worden op het etiket aangeduid met de vermelding "niet toegestaan in de biologische landbouw overeenkomstig Verordening (EG) nr. 834/2007.”

Amendement    168

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel I – lid 7 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

7 ter.  Voor producten kunnen uitsluitend beweringen worden gedaan in verband met een andere productfunctiecategorie indien zij volledig voldoen aan de vereisten van de productfunctiecategorie in kwestie en er mogen geen rechtstreekse of impliciete beweringen worden gedaan over de gewasbeschermende werking ervan.

Motivering

Deze toevoeging versterkt de afbakening ten opzichte van de verordening inzake gewasbescherming en de verschillende productfunctiecategorieën, zodat kan worden voorkomen dat de vereisten van deze verordening of Verordening (EG) 1107/2009 worden omzeild.

Amendement    169

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – productfunctiecategorie 1 – lid 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  het gehalte aan nitrificatieremmer wordt uitgedrukt als massapercentage van de totale stikstof (N) in de vorm van ammoniumstikstof (NH4+) en ureumstikstof (CH4N2O);

(b)  het gehalte aan nitrificatieremmer wordt uitgedrukt als massapercentage van de totale stikstof (N) in de vorm van ammoniumstikstof (NH4+) of in de vorm van ammoniumstikstof (NH4+) en ureumstikstof (CH4N2O);

Motivering

Er moet worden verduidelijkt dat het N-gehalte kan worden bereikt met alleen ammonium of met ammonium en ureum samen.

Amendement    170

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – productfunctiecategorie 1 A – letter d – streepje 12 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

  vorm, zoals poeder of korrels.

Motivering

Dit is een belangrijke indicator voor de landbouwer bij het aanpassen van de tijd en de manier waarop de meststof wordt toegepast.

Amendement    171

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – productfunctiecategorie 1 B – lid 1 – letter d – punt 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

–  totaal fosforpentoxide (P2O5);

–  in neutraal ammoniumcitraat en water oplosbaar fosforpentoxide (P2O5):

Motivering

Ter verbetering van de informatievoorziening aan landbouwers: "Totaal" is uit agronomisch oogpunt onjuist, met name bij hoge en neutrale pH-waarden en bij weinig neerslag. De voor planten beschikbare fractie is oplosbaar in ammoniumcitraat en water.

Amendement    172

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – productfunctiecategorie 1 B – lid 1 – letter d – punt 2 – streepje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

–  indien zachte natuurfosfaat aanwezig is, in mierenzuur oplosbaar fosforpentoxide (P2O5);

–  alleen in anorganische zuren oplosbaar fosforpentoxide (P2O5);

Motivering

Ter verbetering van de informatievoorziening aan landbouwers, zoals vastgesteld bij Verordening (EG) nr. 2003/2003.Niet onmiddellijk beschikbaar, alleen beschikbaar in bodems met een erg lage pH-waarde en bij veel regen.

Amendement    173

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – productfunctiecategorie 1 B – lid 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  Het totaal aangegeven stikstofgehalte is de som van ammoniumstikstof, nitraatstikstof, ureumstikstof, stikstof uit methyleenureum, stikstof uit isobutylideendiureum, stikstof uit crotonylideendiureum en stikstof uit cyanamide.

Motivering

De Commissie stelt voor om in het totaal aan te geven nutriëntengehalte standaard alle vormen van nutriënten op te nemen, ook degene die niet beschikbaar zullen zijn voor de planten. Enkel voor de planten beschikbare nutriënten dienen te worden aangegeven en op het etiket te worden vermeld, aangezien andere vormen van stikstof en fosfor niet aantoonbaar bijdragen aan de voeding van planten. Anders bieden landbouwers hun gewassen niet de hoeveelheid nutriënten die ze verwachtten toe te passen overeenkomstig het voorstel en zouden zij dus worden misleid door de opgave van het totale nutriëntengehalte.

Amendement    174

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – productfunctiecategorie 1 C I – lid 1 – letter d – punt 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

–  totaal fosforpentoxide (P2O5);

–  in neutraal ammoniumcitraat en water oplosbaar fosforpentoxide (P2O5):

Motivering

Ter verbetering van de informatievoorziening aan landbouwers: "Totaal" is uit agronomisch oogpunt onjuist, met name bij hoge en neutrale pH-waarden en bij weinig neerslag. De voor planten beschikbare fractie is oplosbaar in ammoniumcitraat en water.

Amendement    175

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – productfunctiecategorie 1 C I – lid 1 – letter d – punt 2 – streepje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

–  indien zachte natuurfosfaat aanwezig is, in mierenzuur oplosbaar fosforpentoxide (P2O5);

–  alleen in anorganische zuren oplosbaar fosforpentoxide (P2O5);

Motivering

Ter verbetering van de informatievoorziening aan landbouwers, zoals vastgesteld bij Verordening (EG) nr. 2003/2003.Niet onmiddellijk beschikbaar, alleen beschikbaar in bodems met een erg lage pH-waarde en bij veel regen.

Amendement    176

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – productfunctiecategorie 1 C I a – lid 4 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 bis.  Voor bemestingsproducten met CE-markering waarin polymeren uitsluitend worden gebruikt als bindmiddel, wordt de volgende vermelding aangeduid: “Het bemestingsproduct is niet bedoeld om in aanraking te komen met de bodem.”

Amendement    177

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – productfunctiecategorie 1 C bis (nieuw)

Micronutriënt

Massapercentage

Boor (B)

0,01

Kobalt (Co)

0,002

Koper (Cu)

0,002

Mangaan (Mn)

0,01

Molybdeen (Mo)

0,001

Zink

0,002

Zij worden aangegeven na de gegevens over macronutriënten. De volgende gegevenselementen worden aangeduid:

a.  vermelding van de benamingen en chemische symbolen van de aangegeven micronutriënten, in deze volgorde: boor (B), kobalt (Co), koper (Cu), ijzer (Fe), mangaan (Mn), molybdeen (Mo) en zink (Zn), gevolgd door de benaming(en) van hun tegenion(en);

b.  het totale gehalte micronutriënten, uitgedrukt als massapercentage van de meststof

  alleen als het in water oplosbare gehalte, indien die nutriënten volledig oplosbaar zijn in water;

  als het totale gehalte en het in water oplosbare gehalte, indien het oplosbare gehalte van die nutriënten ten minste een kwart bedraagt van het totale gehalte van die nutriënten; en

  als het totale gehalte, in andere gevallen;

c.  indien de aangegeven micronutriënt(en) is/zijn gecheleerd door middel van (een) chelaatvormer(s), de volgende kwalificatie na de benaming en de chemische aanduiding van de micronutriënt:

  "gecheleerd door: ..." benaming of afkorting van de chelaatvormer, en de hoeveelheid micronutriënt in chelaatvorm als massapercentage van het bemestingsproduct met CE-markering;

d.  indien het bemestingsproduct met CE-markering (een) micronutriënt(en) bevat die door middel van (een) complexvormer(s) is/zijn gecomplexeerd:

  de volgende kwalificatie na de benaming en de chemische aanduiding van de micronutriënt: "gecomplexeerd door: ..." en de hoeveelheid micronutriënt in complexvorm als massapercentage van het bemestingsproduct met CE-markering; en

  de benaming van de complexvormer of de afkorting daarvan.

e.  de volgende vermelding: "Alleen te gebruiken in geval van duidelijke behoefte. De juiste dosering niet overschrijden.".

Amendement    178

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – productfunctiecategorie 3 – alinea 1 – streepje 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  totaal gehalte stikstof (N);

Schrappen

Motivering

Bodemverbeteraars hebben uitsluitend tot doel de fysische en chemische bodemstructuur te verbeteren en niet om nutriënten af te geven. Door de mogelijkheid te bieden om het nutriëntengehalte aan te geven, kan oneigenlijk gebruik van deze producten worden aangemoedigd.

Amendement    179

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – productfunctiecategorie 3 – alinea 1 – streepje 4

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  totaal gehalte fosforpentoxide (P2O5);

Schrappen

Motivering

Bodemverbeteraars hebben uitsluitend tot doel de fysische en chemische bodemstructuur te verbeteren en niet om nutriënten af te geven. De mogelijkheid om het nutriëntengehalte aan te geven kan leiden tot oneigenlijk gebruik van deze producten.

Amendement    180

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – productfunctiecategorie 3 – alinea 1 – streepje 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

  totaal gehalte kaliumoxide (K2O);

Schrappen

Motivering

Bodemverbeteraars hebben uitsluitend tot doel de fysische en chemische bodemstructuur te verbeteren en niet om nutriënten af te geven. Door de mogelijkheid te bieden om het nutriëntengehalte aan te geven, kan oneigenlijk gebruik van deze producten worden aangemoedigd.

Amendement    181

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – productfunctiecategorie 6 – alinea 1 – letter e

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(e)  dosis, tijdschema (ontwikkelingsstadium plant) en frequentie van de toepassing;

(e)  dosis, tijdschema (ontwikkelingsstadium plant), plaatsing en frequentie van de toepassing (in overeenstemming met het empirisch bewijsmateriaal ter rechtvaardiging van de bewering(en) over biostimulanten);

Motivering

Met deze formulering kan worden voorkomen dat bedrijven de productparameters op de etiketten veranderen om de aandacht te vestigen op de niet-biostimulante effecten van het gebruik.

Amendement    182

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel II – productfunctiecategorie 6 – alinea 1 – letter f bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

f bis)  een vermelding waaruit blijkt dat het product geen gewasbeschermingsmiddel is;

Motivering

Op het etiket van een biostimulant voor planten moet duidelijk worden vermeld dat het niet om een gewasbeschermingsmiddel gaat.

Amendement    183

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel III – productfunctiecategorie 1 A – tabel 1

 

Toegestane toleranties voor het aangegeven gehalte nutriënten en andere aangegeven parameters

Organische koolstof (C)

± 20 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,0 procentpunten in absolute termen

Gehalte droge stof

± 5,0 procentpunten in absolute termen

Totaal stikstof (N)

± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Organische stikstof (N)

± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Totaal fosforpentoxide (P2O5)

± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Totaal kaliumoxide (K2O)

± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Totaal en in water oplosbare magnesiumoxide, calciumoxide, zwaveltrioxide of natriumoxide

± 25 % van het aangegeven gehalte aan die nutriënten tot maximaal 1,5 procentpunten in absolute termen

Totaal koper (Cu)

± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,5 procentpunten in absolute termen

Totaal zink (Zn)

± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,0 procentpunten in absolute termen

Hoeveelheid

- 5 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde

 

Amendement

Productfunctiecategorie 1 A): organische meststof

 

Toegestane toleranties voor het aangegeven gehalte nutriënten en andere aangegeven parameters

Organische koolstof (C)

± 15 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,0 procentpunten in absolute termen

Gehalte droge stof

± 5,0 procentpunten in absolute termen

Totaal stikstof (N)

± 15 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Organische stikstof (N)

± 15 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Totaal fosforpentoxide (P2O5)

± 15 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Totaal kaliumoxide (K2O)

± 15 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Totaal en in water oplosbare magnesiumoxide, calciumoxide, zwaveltrioxide of natriumoxide

± 25 % van het aangegeven gehalte aan die nutriënten tot maximaal 1,5 procentpunten in absolute termen

Totaal koper (Cu)

± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,5 procentpunten in absolute termen

Totaal zink (Zn)

± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,0 procentpunten in absolute termen

Hoeveelheid

- 5 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde

Motivering

Het voorstel van de Commissie biedt geen waarborgen ten aanzien van de volledige efficiëntie van de producten die aan de landbouwers worden verkocht. Er is echter een redelijke flexibiliteit nodig om rekening te houden met de productieprocessen.

Amendement    184

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel III – productfunctiecategorie 1 B – tabel 1 - rij 3 - kolom 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

± 25 % van het aangegeven gehalte aan de aanwezige vormen van de nutriënten tot maximaal 2 procentpunten in absolute termen

± 25 % van het aangegeven gehalte aan de aanwezige vormen van de nutriënten tot maximaal 2 procentpunten in absolute termen

 

De tolerantieniveaus voor P2O5 verwijzen naar fosforpentoxide (P2O5) dat oplosbaar is in neutraal ammoniumcitraat en water.

Motivering

De voor planten beschikbare fractie bestaat uit in ammoniumcitraat en water oplosbaar fosforpentoxide.

Amendement    185

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel III – productfunctiecategorie 1 B – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Organische koolstof: ± 20 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,0 procentpunten in absolute termen

Organische koolstof: ± 15 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 2,0 procentpunten in absolute termen

Motivering

Het voorstel van de Commissie biedt geen waarborgen ten aanzien van de volledige efficiëntie van de producten die aan de landbouwers worden verkocht. Er is echter een redelijke flexibiliteit nodig om rekening te houden met de productieprocessen.

Amendement    186

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel III – productfunctiecategorie 1 B – alinea 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Organische stikstof: ± 50 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Organische stikstof: ± 15 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde tot maximaal 1,0 procentpunten in absolute termen

Motivering

Het voorstel van de Commissie biedt geen waarborgen ten aanzien van de volledige efficiëntie van de producten die aan de landbouwers worden verkocht. Er is echter een redelijke flexibiliteit nodig om rekening te houden met de productieprocessen.

Amendement    187

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel III – productfunctiecategorie 1 C I – tabel 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Productfunctiecategorie 1 C) I): anorganische macronutriëntenmeststof

Toegestane toleranties voor het aangegeven gehalte aan vormen van macronutriënt

N

P2O5

K2O

MgO

CaO

SO3

Na2O

± 25 % van het aangegeven gehalte aan de aanwezige vormen van de nutriënten tot maximaal 2 procentpunten in absolute termen

± 25 % van het aangegeven gehalte aan die nutriënten tot maximaal 1,5 procentpunten in absolute termen

± 25 % van het aangegeven gehalte tot maximaal 0,9 procentpunten in absolute termen

Korrelgrootteverdeling: ± 10 % relatieve afwijking, toe te passen op het aangegeven percentage materiaal dat door een zeef met een bepaalde maaswijdte gaat.

Hoeveelheid: ± 5 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde

 

Amendement

Productfunctiecategorie 1 C) I): anorganische macronutriëntenmeststof

Toegestane toleranties voor het aangegeven gehalte aan vormen van macronutriënt

N

P2O5

K2O

MgO

CaO

SO3

Na2O

± 25 % van het aangegeven gehalte aan de aanwezige vormen van de nutriënten tot maximaal 2 procentpunten in absolute termen voor elke nutriënt afzonderlijk en voor alle nutriënten samen

- 50 % en + 100 % van het aangegeven gehalte aan die nutriënten tot maximaal 2 en + 4 procentpunten in absolute termen

± 25 % van het aangegeven gehalte tot maximaal 0,9 procentpunten in absolute termen

De hierboven vermelde tolerantiewaarden gelden ook voor de stikstofvormen en de oplosbaarheid.

Korrelgrootteverdeling: ± 20 % relatieve afwijking, toe te passen op het aangegeven percentage materiaal dat door een zeef met een bepaalde maaswijdte gaat.

Hoeveelheid: ± 3 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde

Motivering

De toleranties moeten worden gewijzigd om problemen op de markt te voorkomen. Voor primaire nutriënten moet worden verduidelijkt dat er een cumulatieve grenswaarde is (niet 2 % per nutriënt). Volgens het voorstel is bij de productie van een NPK-meststof ± 6 % variatie in het totale nutriëntengehalte mogelijk; deze waarde is te hoog. Voor secundaire nutriënten zijn hogere toleranties geboden, aangezien deze vaak worden toegevoegd als vulstoffen. De tolerantiewaarden dienen tevens te gelden voor de stikstofvormen en de oplosbaarheid. De voorgestelde tolerantie voor de korrelgrootteverdeling is te streng. De ± 5 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde voor de hoeveelheid is te hoog.

Amendement    188

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel III – productfunctiecategorie 1 C I – tabel 1 - rij 3 - kolom 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

± 25 % van het aangegeven gehalte aan de aanwezige vormen van de nutriënten tot maximaal 2 procentpunten in absolute termen

± 25 % van het aangegeven gehalte aan de aanwezige vormen van de nutriënten tot maximaal 2 procentpunten in absolute termen

 

De tolerantieniveaus voor P2O5 verwijzen naar fosforpentoxide (P2O5) dat oplosbaar is in neutraal ammoniumcitraat en water.

Motivering

De voor planten beschikbare fractie bestaat uit in ammoniumcitraat en water oplosbaar fosforpentoxide.

Amendement    189

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel III – productfunctiecategorie 1 C I – alinea 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Korrelgrootteverdeling: ± 10 % relatieve afwijking, toe te passen op het aangegeven percentage materiaal dat door een zeef met een bepaalde maaswijdte gaat.

Korrelgrootteverdeling: ± 20 % relatieve afwijking, toe te passen op het aangegeven percentage materiaal dat door een zeef met een bepaalde maaswijdte gaat.

Motivering

De productieprocessen vereisen een grotere mate van flexibiliteit.

Amendement    190

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel III – productfunctiecategorie 3 – tabel 1 - rij 2 - kolom 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

± 0,7 ten tijde van de vervaardiging

± 0,7 ten tijde van de vervaardiging

± 1,0 op enig moment in de distributieketen

± 0,9 op enig moment in de distributieketen

Motivering

Wij steunen het voorstel van de Commissie dat er tolerantiegrenzen moeten worden opgelegd voor zowel productie als distributie om de kwaliteit van de bodemverbeteraar voor de landbouwer te waarborgen. De door de Europese Commissie voor de distributie voorgestelde tolerantieniveaus zijn evenwel niet streng genoeg en moeten worden verlaagd om de landbouwer te beschermen.

Amendement    191

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel III – productfunctiecategorie 3 – tabel 1 - rij 8 - kolom 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

-25 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde, op enig moment in de distributieketen

-15 % relatieve afwijking van de aangegeven waarde, op enig moment in de distributieketen

Motivering

Wij steunen het voorstel van de Commissie dat er tolerantiegrenzen moeten worden opgelegd voor zowel productie als distributie om de kwaliteit van de bodemverbeteraar voor de landbouwer te waarborgen. De door de Europese Commissie voor de distributie voorgestelde tolerantieniveaus zijn evenwel niet streng genoeg en moeten worden verlaagd om de landbouwer te beschermen.

Amendement    192

Voorstel voor een verordening

Bijlage III – deel III – productfunctiecategorie 4 – tabel 1

Vormen voor de aangegeven nutriënt en andere aangegeven kwaliteitscriteria

Toegestane toleranties voor de aangegeven parameter

elektrische geleidbaarheid

± 50 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

± 75 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

pH

± 0,7 ten tijde van de vervaardiging

 

± 1,0 op enig moment in de distributieketen

hoeveelheid, uitgedrukt als volume (liter of m³)

-5 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

-25 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

Bepaling van hoeveelheid (volume) van materialen met een deeltjesgrootte van meer dan 60 mm

-5 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

-25 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

Bepaling van hoeveelheid (volume) van voorgevormde groeimedia

-5 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

-25 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

In water oplosbare stikstof (N)

± 50 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

± 75 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

In water oplosbaar fosforpentoxide (P2O5),

± 50 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

± 75 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

In water oplosbaar kaliumoxide (K2O)

± 50 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

± 75 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

 

Amendement

PRODUCTFUNCTIECATEGORIE 4: GROEIMEDIUM

Vormen voor de aangegeven nutriënt en andere aangegeven kwaliteitscriteria

Toegestane toleranties voor de aangegeven parameter

elektrische geleidbaarheid

± 50 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

± 60 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

pH

± 0,7 ten tijde van de vervaardiging

 

± 0,9 op enig moment in de distributieketen

hoeveelheid, uitgedrukt als volume (liter of m³)

-5 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

-15 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

Bepaling van hoeveelheid (volume) van materialen met een deeltjesgrootte van meer dan 60 mm

-5 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

-15 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

Bepaling van hoeveelheid (volume) van voorgevormde groeimedia

-5 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

-15 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

In water oplosbare stikstof (N)

± 50 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

± 60 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

In water oplosbaar fosforpentoxide (P2O5),

± 50 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

± 60 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

In water oplosbaar kaliumoxide (K2O)

± 50 % relatieve afwijking ten tijde van de vervaardiging

 

± 60 % relatieve afwijking op enig moment in de distributieketen

Motivering

Wij steunen het voorstel van de Commissie dat er tolerantiegrenzen moeten worden opgelegd voor zowel productie als distributie om de kwaliteit van de bodemverbeteraar voor de landbouwer te waarborgen. De door de Europese Commissie voor de distributie voorgestelde tolerantieniveaus zijn evenwel niet streng genoeg en moeten worden verlaagd om de landbouwer te beschermen.

Amendement    193

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel I – lid 1 – letter f bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

f bis)  niet-bewerkte of mechanisch bewerkte planten, delen van planten of plantenextracten zoals beschreven in bestanddelencategorie 2.

Motivering

In module A dient ook het gebruik van producten uit bestanddelencategorie 2, d.w.z. bestanddelen van groeimedia, te worden aanvaard. Naar het oordeel van Growing Media Europe valt het toestaan van digestaten uit bestanddelencategorie 4 en bijproducten van de levensmiddelenindustrie uit bestanddelencategorie 6 niet te rijmen met de uitsluiting van zelfcertificering voor materialen als houtvezels. Het op de markt brengen van materialen voor groeimedia geschiedt in de meeste lidstaten via zelfcertificering. De invoering van extra goedkeuringsprocessen zet de sector, die hoofdzakelijk bestaat uit kmo's, zwaar onder druk.

Amendement    194

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel II – module A – lid 4.2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.2.  De fabrikant stelt voor elke partij bemestingsproduct met CE-markering een EU-conformiteitsverklaring op en houdt deze verklaring, samen met de technische documentatie, gedurende tien jaar na het in de handel brengen van het bemestingsproduct met CE-markering ter beschikking van de nationale autoriteiten. In de conformiteitsverklaring wordt het bemestingsproduct met CE-markering beschreven.

4.2.  De fabrikant stelt voor elke partij bemestingsproduct met CE-markering een EU-conformiteitsverklaring op en houdt deze verklaring, samen met de technische documentatie, gedurende vijf jaar na het in de handel brengen van het bemestingsproduct met CE-markering ter beschikking van de nationale autoriteiten. In de conformiteitsverklaring wordt het bemestingsproduct met CE-markering beschreven.

Motivering

De voorgestelde termijn voor het bewaren van de technische documentatie en de EU-conformiteitsverklaring is veel te lang. Net zoals bij belastingvoorschriften zou het logisch zijn om deze periode te beperken tot vijf jaar.

Amendement    195

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel II – module B – lid 3.2 – letter c – streepje 6

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

–  testverslagen, en

–  testverslagen, met inbegrip van onderzoeken naar de agronomische efficiëntie, en

Motivering

De agronomische efficiëntie van nieuwe producten dient te worden gewaarborgd. De agronomische efficiëntie van de in Verordening (EG) nr. 2003/2003 vermelde producten is reeds aangetoond.

Amendement    196

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel II – module B – lid 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

9.  De fabrikant houdt tot tien jaar na het in de handel brengen van het bemestingsproduct met CE-markering een kopie van het certificaat van EU-typeonderzoek, de bijlagen en aanvullingen, samen met de technische documentatie, ter beschikking van de nationale autoriteiten.

9.  De fabrikant houdt tot vijf jaar na het in de handel brengen van het bemestingsproduct met CE-markering een kopie van het certificaat van EU-typeonderzoek, de bijlagen en aanvullingen, samen met de technische documentatie, ter beschikking van de nationale autoriteiten.

Motivering

De voorgestelde periode is te lang. De termijn dient te worden afgestemd op de belastingvoorschriften.

Amendement    197

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel II – module C – lid 3.2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.2  De fabrikant stelt voor een partij bemestingsproduct met CE-markering een EU-conformiteitsverklaring op en houdt deze verklaring gedurende tien jaar na het in de handel brengen van het bemestingsproduct met CE-markering ter beschikking van de nationale autoriteiten. In de conformiteitsverklaring wordt vermeld om welke partij bemestingsproduct met CE-markering het gaat.

3.2  De fabrikant stelt voor een partij bemestingsproduct met CE-markering een EU-conformiteitsverklaring op en houdt deze verklaring gedurende vijf jaar na het in de handel brengen van het bemestingsproduct met CE-markering ter beschikking van de nationale autoriteiten. In de conformiteitsverklaring wordt vermeld om welke partij bemestingsproduct met CE-markering het gaat.

Motivering

De voorgestelde periode is te lang. De termijn dient te worden afgestemd op de belastingvoorschriften.

Amendement    198

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel II – module D1 – lid 2 – letter b

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(b)  ontwerp- en fabricagetekeningen alsmede schema's, met inbegrip van een schriftelijke beschrijving en een diagram van het productieproces, waarin alle behandelingen, opslagvaten en ruimtes duidelijk worden aangeduid,

(b)  een schriftelijke beschrijving en een diagram van het productieproces,

Amendement    199

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel II – module D1 – lid 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De fabrikant houdt tot tien jaar na het in de handel brengen van het bemestingsproduct met CE-markering de technische documentatie ter beschikking van de relevante nationale autoriteiten.

3.  De fabrikant houdt tot vijf jaar na het in de handel brengen van het bemestingsproduct met CE-markering de technische documentatie ter beschikking van de relevante nationale autoriteiten.

Motivering

De voorgestelde periode is te lang. De termijn dient te worden afgestemd op de belastingvoorschriften.

Amendement    200

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel II – module D1 – lid 7 – punt 7.2.1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

7.2.1  De fabrikant stelt voor elke partij van het bemestingsproduct met CE-markering een EU-conformiteitsverklaring op en houdt deze verklaring gedurende tien jaar na het in de handel brengen van het bemestingsproduct met CE-markering ter beschikking van de nationale autoriteiten. In de EU-conformiteitsverklaring wordt de partij van het product beschreven.

7.2.1  De fabrikant stelt voor elke partij van het bemestingsproduct met CE-markering een EU-conformiteitsverklaring op en houdt deze verklaring gedurende vijf jaar na het in de handel brengen van het bemestingsproduct met CE-markering ter beschikking van de nationale autoriteiten. In de EU-conformiteitsverklaring wordt de partij van het product beschreven.

Motivering

De voorgestelde periode is te lang. De termijn dient te worden afgestemd op de belastingvoorschriften.

Amendement    201

Voorstel voor een verordening

Bijlage IV – deel II – module D1 – lid 8 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

8.  De fabrikant houdt gedurende een periode van ten minste tien jaar nadat het product in de handel is gebracht de volgende gegevens ter beschikking van de nationale autoriteiten:

8.  De fabrikant houdt gedurende een periode van ten minste vijf jaar nadat het product in de handel is gebracht de volgende gegevens ter beschikking van de nationale autoriteiten:

Motivering

De voorgestelde periode is te lang. De termijn dient te worden afgestemd op de belastingvoorschriften.

PROCEDURE VAN DE MEDEADVISERENDE COMMISSIE

Titel

Vaststelling van voorschriften inzake het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering

Document- en procedurenummers

COM(2016)0157 – C8-0123/2016 – 2016/0084(COD)

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

IMCO

11.4.2016

 

 

 

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

AGRI

11.4.2016

Medeverantwoordelijke commissies - datum bekendmaking

27.10.2016

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

Jan Huitema

21.6.2016

Datum goedkeuring

30.5.2017

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

30

6

3

Bij de eindstemming aanwezige leden

John Stuart Agnew, Clara Eugenia Aguilera García, Eric Andrieu, Daniel Buda, Nicola Caputo, Matt Carthy, Viorica Dăncilă, Michel Dantin, Paolo De Castro, Albert Deß, Jørn Dohrmann, Herbert Dorfmann, Norbert Erdős, Edouard Ferrand, Luke Ming Flanagan, Beata Gosiewska, Martin Häusling, Esther Herranz García, Jan Huitema, Peter Jahr, Ivan Jakovčić, Jarosław Kalinowski, Elisabeth Köstinger, Zbigniew Kuźmiuk, Philippe Loiseau, Ulrike Müller, James Nicholson, Maria Noichl, Marijana Petir, Bronis Ropė, Maria Lidia Senra Rodríguez, Ricardo Serrão Santos, Tibor Szanyi, Marc Tarabella, Marco Zullo

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Bas Belder, Franc Bogovič, Paul Brannen, Angélique Delahaye, Gabriel Mato, Hannu Takkula

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Margrete Auken

HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE MEDEADVISERENDE COMMISSIE

30

+

ALDE

Jan Huitema, Ivan Jakovčić, Ulrike Müller, Hannu Takkula

ECR

Bas Belder, James Nicholson

ENF

Edouard Ferrand, Philippe Loiseau

GUE/NGL

Matt Carthy, Luke Ming Flanagan

PPE

Franc Bogovič, Daniel Buda, Michel Dantin, Angélique Delahaye, Albert Deß, Herbert Dorfmann, Esther Herranz García, Peter Jahr, Jarosław Kalinowski, Elisabeth Köstinger, Gabriel Mato, Marijana Petir

S&D

Clara Eugenia Aguilera García, Eric Andrieu, Viorica Dăncilă, Paolo De Castro, Maria Noichl, Ricardo Serrão Santos, Tibor Szanyi, Marc Tarabella

6

-

EFDD

John Stuart Agnew, Marco Zullo

GUE/NGL

Maria Lidia Senra Rodríguez, Estefanía Torres Martínez

Verts/ALE

Martin Häusling, Bronis Ropė

3

0

ECR

Beata Gosiewska, Zbigniew Kuźmiuk

PPE

Norbert Erdős

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

ADVIES van de Commissie internationale handel (4.5.2017)

aan de Commissie interne markt en consumentenbescherming

inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van voorschriften inzake het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1069/2009 en (EG) nr. 1107/2009
(COM(2016)0157 – C8-0123/2016 – 2016/0084(COD))

Rapporteur: Jarosław Wałęsa,

BEKNOPTE MOTIVERING

Hoewel de rapporteur ingenomen is met de nagestreefde doelen van de herziening van de meststoffenverordening – bevordering van de hulpbronnenefficiëntie, verbetering van de harmonisatie, vermindering van de afhankelijkheid van import en stimulering van de productie van meststoffen in de EU – benadrukt hij een aantal zwakke punten met betrekking tot het verwachte effect in ruimere zin. De regels, die worden voorgesteld zonder solide wetenschappelijk fundament, kunnen zowel een gevaar vormen voor de Europese producenten als worden aangevochten door de handelspartners van de EU. Het voorstel zou tevens in strijd kunnen zijn met het beginsel van betere regelgeving. Dit beginsel vereist dat de beleidsmaatregelen en wetgeving van de EU zodanig worden ontworpen dat ze hun doelen bereiken op de efficiëntst en effectiefst mogelijke manier.

Internationale handelscontext

De Europese Unie is voor wat betreft natuurfosfaat bijna geheel afhankelijk van de import. Het voorstel voor een herziene meststoffenverordening, zoals vastgesteld door de Commissie in maart 2016, zal een ingrijpend effect hebben op de internationale handel. Bovenal zou de voorgestelde onrealistische grenswaarde voor cadmium kunnen leiden tot een ernstige verstoring van de handel met een aantal natuurfosfaatproducerende landen, alsmede ernstige vragen kunnen oproepen ten aanzien van de eerbiediging van de WTO-regels.

Als het voorstel wordt aangenomen in zijn huidige vorm, dan zouden de herziene regels de exportstromen van een aantal ontwikkelingslanden ernstig beperken. Veel landen die natuurfosfaat exporteren naar de EU, zouden niet in staat zijn om aan de door de Commissie voorgestelde grenswaarden te voldoen. De voorgestelde grenswaarden kunnen in potentie de bilaterale spanningen op handelsgebied vergroten en leiden tot geschillenbeslechtingsprocedures bij de WTO. Bovendien kan hierdoor het tekort aan natuurfosfaat dat bruikbaar is voor de productie van meststoffen met een CE-markering toenemen, hetgeen een nadelig effect zou hebben op de EU-producenten van fosfaathoudende meststoffen, die volledig afhankelijk zijn van geïmporteerd natuurfosfaat.

In deze context stelt de rapporteur voor om aanvullende maatregelen te introduceren op grond waarvan tijdelijke afwijkingen zijn toegestaan die de industrie in staat stellen zich aan te passen aan het veranderend regelgevingsklimaat. Een wetenschappelijk onderbouwde gemiddelde grenswaarde voor cadmium van 80 mg/kg in natuurfosfaat zou zorgen voor de naleving van de WTO-regels en dus de spanningen op handelsgebied verminderen.

Conclusies

De bijgewerkte regels mogen de inspanningen van EU-bedrijven om hun afhankelijkheid van import te doorbreken, hun import over de internationale markten te spreiden en te voorkomen dat ze afhankelijk zijn van een paar prijsverstorende bronnen van grondstoffenimport, niet ondermijnen. Daarnaast moet de samenhang van het EU-beleid met betrekking tot de zuidelijke buurlanden niet worden ondermijnd.

De rapporteur betreurt het feit dat de Commissie niet genoeg ingaat op de bezorgdheid dat de voorgestelde maatregelen een ernstige verstoring kunnen vormen van de handelspatronen binnen de internationale handel in grondstoffen. De rapporteur is van oordeel dat als er zonder geloofwaardig wetenschappelijk fundament grenswaarden voor cadmium worden ingevoerd, dit de geloofwaardigheid van de EU ten overstaan van de handelspartners ernstig kan schaden, de inkoop van grondstoffen kan ondermijnen, de internationale handelsstromen kan verleggen en een onherstelbaar effect op de industrie van de EU kan hebben.

Met name derde landen die een monopoliepositie op de grondstofvoorraden hebben, kunnen proberen van hun bevoorrechte positie en de krachtens de verordening opgelegde grenswaarden gebruik te maken teneinde het aanbod van grondstoffen verder te verkrappen en hun marktaandeel aan afgewerkte bemestingsproducten te vergroten. De EU zou hierdoor afhankelijk worden van de import van afgewerkte mest, hetgeen ernstig implicaties heeft voor de voedselveiligheid.

Derhalve moet de Commissie het toezicht, de verslaglegging en de actie ten opzichte van negatieve markt- en handelsimplicaties van de beoogde maatregelen opschroeven om de stabiele en betaalbare toegang tot grondstoffen te waarborgen, en zo te zorgen voor effectieve concurrentie en het concurrentievermogen van de Europese mestindustrie veilig te stellen. Speciale aandacht zou moeten uitgaan naar verstoringen, zoals dubbele prijzen, gereguleerde binnenlandse prijzen, exportbeperkingen, exportrechten en monopolistische of oligopolistische structuren binnen de grondstoffenindustrie van derde landen. Tot slot is een groot deel van het beperkte aantal mondiale natuurfosfaatvoorraden niet beschikbaar voor EU-producenten. De rapporteur zou graag zien dat de Commissie gebruikmaakt van de middelen die haar ter beschikking staan om de fluïditeit van de grondstoffenvoorraden te vergroten.

AMENDEMENTEN

De Commissie internationale handel verzoekt de ten principale bevoegde Commissie interne markt en consumentenbescherming onderstaande amendementen in aanmerking te nemen:

Amendement    1

Voorstel voor een verordening

Overweging 60 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(60 bis)  Het is zaak de potentiële negatieve economische en sociale gevolgen van deze verordening voor de landen van het Europees nabuurschapsgebied en de die sterk afhankelijk zijn van de uitvoer van natuurfosfaat en meststoffen, te evalueren en te beperken. De Commissie moet de noodzakelijke maatregelen treffen ter bevordering van recycling en technologieën en processen voor de verwijdering van cadmium op industriële schaal om de naleving van de voorwaarden voor CE-markering te faciliteren. Er moet tevens financiële steun mogelijk zijn voor het invoeren van methodes voor de verwijdering van cadmium, meer bepaald via het onderzoeksprogramma "Horizon 2020" en de externe financieringsprojecten van de Europese Investeringsbank;

Amendement    2

Voorstel voor een verordening

Overweging 60 ter (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(60 ter)  Aangezien de Unie sterk afhankelijk is van de invoer van natuurfosfaat, heeft de Commissie deze grondstof als kritieke grondstof geclassificeerd. Derhalve moet toezicht worden gehouden op de gevolgen van deze verordening voor de toegang tot de grondstofvoorraden in het algemeen, de beschikbaarheid van natuurfosfaat in het bijzonder, en in beide gevallen voor de prijzen. Na een dergelijke beoordeling en in geval van negatieve gevolgen moet de Commissie alle maatregelen nemen die zij passend acht om deze handelsverstoringen te verhelpen.

Motivering

Natuurfosfaat werd als een kritieke grondstof geclassificeerd aangezien het economisch zeer belangrijk is voor de EU en de toelevering ervan groot risico loopt. De Commissie moet toezicht houden op de gevolgen van deze verordening voor de toegang, beschikbaarheid en prijzen van natuurfosfaat na de inwerkingtreding ervan. De Commissie moet eveneens maatregelen kunnen nemen om handelsverstoringen te verhelpen.

Amendement    3

Voorstel voor een verordening

Artikel 44 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

Artikel 44 bis

 

Toezicht, rapportering en bijstand

 

Uiterlijk ... [drie jaar na de datum van inwerkingtreding van deze verordening] en vervolgens elke vijf jaar legt de Commissie een verslag voor aan het Europees Parlement en de Raad met een beoordeling van de gevolgen van deze verordening voor:

 

- de zekerheid van de levering van grondstoffen, de beschikbaarheid van natuurfosfaat, de prijzen en de marktdeelnemers in de Unie, met name de kmo's, en

 

- de economieën van de landen van het Europees nabuurschapsgebied en de ontwikkelingslanden die sterk afhankelijk zijn van de uitvoer van natuurfosfaat en meststoffen. Dit verslag omvat de ontwikkeling van methodes voor de verwijdering van cadmium en de evolutie van de invoer van fosfaat

 

De Commissie neemt passende maatregelen om de marktdeelnemers in de Unie, met name de kmo's, bij te staan bij de aanpassing aan de eisen van deze verordening, met inbegrip van de verbetering van de toegang tot de mogelijke financiering van onderzoek door de EU.

 

Om mogelijke negatieve gevolgen te beperken en de naleving van de voorwaarden voor CE-markering te faciliteren, voorziet de Commissie de landen van het Europees nabuurschapsgebied en de ontwikkelingslanden van technische en financiële bijstand, onder andere ter bevordering van recycling en technologieën en processen voor de verwijdering van cadmium op industriële schaal.

Amendement    4

Voorstel voor een verordening

Bijlage I – deel 2 – Productfunctiecategorie 7 – punt 3 – inleidende formule

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Door het blenden mag de aard van elk samenstellend bemestingsproduct niet worden gewijzigd

3.  Door het blenden mag de functie van elk samenstellend bemestingsproduct niet worden gewijzigd:

PROCEDURE VAN DE MEDEADVISERENDE COMMISSIE

Titel

Vaststelling van voorschriften inzake het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering

Document- en procedurenummers

COM(2016)0157 – C8-0123/2016 – 2016/0084(COD)

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

IMCO

11.4.2016

 

 

 

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

INTA

12.5.2016

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

Jarosław Wałęsa

20.4.2016

Behandeling in de commissie

13.7.2016

5.12.2016

27.2.2017

 

Datum goedkeuring

4.5.2017

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

31

4

3

Bij de eindstemming aanwezige leden

Laima Liucija Andrikienė, Maria Arena, Tiziana Beghin, David Borrelli, Daniel Caspary, Salvatore Cicu, Santiago Fisas Ayxelà, Heidi Hautala, Yannick Jadot, Bernd Lange, David Martin, Anne-Marie Mineur, Sorin Moisă, Franz Obermayr, Franck Proust, Tokia Saïfi, Marietje Schaake, Helmut Scholz, Joachim Schuster, Joachim Starbatty, Adam Szejnfeld, Hannu Takkula

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Eric Andrieu, Bendt Bendtsen, Dita Charanzová, Edouard Ferrand, Danuta Maria Hübner, Agnes Jongerius, Stelios Kouloglou, Sander Loones, Bolesław G. Piecha, Fernando Ruas, José Ignacio Salafranca Sánchez-Neyra, Pedro Silva Pereira, Jarosław Wałęsa

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Beatriz Becerra Basterrechea, Edward Czesak, Marco Zanni

HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE MEDEADVISERENDE COMMISSIE

31

+

ALDE

Becerra Basterrechea Beatriz, Schaake Marietje, Takkula Hannu

ECR

Czesak Edward, Loones Sander, Piecha Bolesław G., Starbatty Joachim

EFDD

Beghin Tiziana, Borrelli David

PPE

Andrikienė Laima Liucija, Bendtsen Bendt, Caspary Daniel, Cicu Salvatore, Fisas Ayxelà Santiago, Hübner Danuta Maria, Proust Franck, Ruas Fernando, Salafranca Sánchez-Neyra José Ignacio, Saïfi Tokia, Szejnfeld Adam, Wałęsa Jarosław

S&D

Andrieu Eric, Arena Maria, Jongerius Agnes, Lange Bernd, Martin David, Moisă Sorin, Schuster Joachim, Silva Pereira Pedro

VERTS/ALE

Hautala Heidi, Jadot Yannick

4

ENF

Zanni Marco

GUE/NGL

Kouloglou Stelios, Mineur Anne-Marie, Scholz Helmut

3

0

ALDE

Charanzová Dita

ENF

Ferrand Edouard, Obermayr Franz

PROCEDURE VAN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

Titel

Vaststelling van voorschriften inzake het op de markt aanbieden van bemestingsproducten met CE-markering

Document- en procedurenummers

COM(2016)0157 – C8-0123/2016 – 2016/0084(COD)

Datum indiening bij EP

17.3.2016

 

 

 

Commissie ten principale

       Datum bekendmaking

IMCO

11.4.2016

 

 

 

Medeadviserende commissies

       Datum bekendmaking

INTA

12.5.2016

ENVI

11.4.2016

ITRE

11.4.2016

AGRI

11.4.2016

Geen advies

       Datum besluit

ITRE

24.5.2016

 

 

 

Medeverantwoordelijke commissies

       Datum bekendmaking

AGRI

27.10.2016

ENVI

27.10.2016

 

 

Rapporteurs

       Datum benoeming

Ildikó Gáll-Pelcz

20.4.2016

 

 

 

Behandeling in de commissie

13.7.2016

21.3.2017

11.5.2017

 

Datum goedkeuring

13.7.2017

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

30

3

4

Bij de eindstemming aanwezige leden

Carlos Coelho, Daniel Dalton, Nicola Danti, Pascal Durand, John Flack, Ildikó Gáll-Pelcz, Evelyne Gebhardt, Maria Grapini, Sergio Gutiérrez Prieto, Robert Jarosław Iwaszkiewicz, Liisa Jaakonsaari, Morten Løkkegaard, Marlene Mizzi, Virginie Rozière, Christel Schaldemose, Olga Sehnalová, Jasenko Selimovic, Ivan Štefanec, Catherine Stihler, Mylène Troszczynski, Anneleen Van Bossuyt, Marco Zullo

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Jan Philipp Albrecht, Birgit Collin-Langen, Edward Czesak, Dariusz Rosati, Adam Szejnfeld, Marc Tarabella

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Andrea Bocskor, David Coburn, Jan Huitema, Seán Kelly, Andrey Kovatchev, Norbert Lins, Bogdan Brunon Wenta, Marco Zanni, Bogdan Andrzej Zdrojewski

Datum indiening

25.7.2017

HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE TEN PRINCIPALE BEVOEGDE COMMISSIE

30

+

ALDE

Jan Huitema, Morten Løkkegaard, Jasenko Selimovic

ENF

Mylène Troszczynski, Marco Zanni

PPE

Andrea Bocskor, Carlos Coelho, Birgit Collin-Langen, Ildikó Gáll-Pelcz, Seán Kelly, Andrey Kovatchev, Norbert Lins, Dariusz Rosati, Ivan Štefanec, Adam Szejnfeld, Bogdan Brunon Wenta, Bogdan Andrzej Zdrojewski

S&D

Nicola Danti, Evelyne Gebhardt, Maria Grapini, Sergio Gutiérrez Prieto, Liisa Jaakonsaari, Marlene Mizzi, Virginie Rozière, Christel Schaldemose, Olga Sehnalová, Catherine Stihler, Marc Tarabella

VERTS/ALE

Jan Philipp Albrecht, Pascal Durand

3

-

EFDD

David Coburn, Robert Jarosław Iwaszkiewicz, Marco Zullo

4

0

ECR

Edward Czesak, Daniel Dalton, John Flack, Anneleen Van Bossuyt

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding