VERSLAG over de raming van de inkomsten en uitgaven van het Europees Parlement voor het begrotingsjaar 2019

    16.4.2018 - (2018/2001(BUD))

    Begrotingscommissie
    Rapporteur: Paul Rübig


    Procedure : 2018/2001(BUD)
    Stadium plenaire behandeling
    Documentencyclus :  
    A8-0146/2018
    Ingediende teksten :
    A8-0146/2018
    Debatten :
    Aangenomen teksten :

    ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

    over de raming van de inkomsten en uitgaven van het Europees Parlement voor het begrotingsjaar 2019

    (2018/2001(BUD))

    Het Europees Parlement,

    –  gezien artikel 314 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

    –  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002[1], en met name artikel 36,

    –  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020[2],

    –  gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer[3] (IIA van 2 december 2013),

    –  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 1023/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2013 tot wijziging van het Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie en de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie[4],

    –  gezien zijn resolutie van 5 april 2017 over de raming van de ontvangsten en uitgaven van het Europees Parlement voor het begrotingsjaar 2018[5],

    –  gezien zijn resolutie van 25 oktober 2017 over het standpunt van de Raad inzake het ontwerp van algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2018[6],

    –  gezien zijn resolutie van 30 november 2017 over het gemeenschappelijk ontwerp van algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2018, goedgekeurd door het bemiddelingscomité in het kader van de begrotingsprocedure[7],

    –  gezien het verslag van de secretaris-generaal aan het Bureau met het oog op de opstelling van het voorontwerp van raming van het Parlement voor het begrotingsjaar 2019,

    –  gezien het voorontwerp van raming, opgesteld door het Bureau op … april 2018 overeenkomstig artikel 25, lid 7, en artikel 96, lid 1, van het Reglement van het Parlement,

    –  gezien de ontwerpraming, opgesteld door de Begrotingscommissie overeenkomstig artikel 96, lid 2, van het Reglement van het Parlement,

    –  gezien artikel 96 van zijn Reglement,

    –  gezien het verslag van de Begrotingscommissie (A8-0146/2018),

    A.  overwegende dat deze procedure de vierde volledige begrotingsprocedure is tijdens de nieuwe zittingsperiode en de zesde gedurende de looptijd van het meerjarig financieel kader 2014-2020;

    B.  overwegende dat de begroting 2019, zoals voorgesteld in het verslag van de secretaris-generaal, wordt voorbereid tegen de achtergrond van een jaarlijkse stijging - zowel wegens de inflatie als reëel - van het plafond voor rubriek V, zodat er meer ruimte komt voor groei en investeringen alsook voor verdere beleidsmaatregelen gericht op bezuinigingen, meer efficiëntie en een oriëntatie op een prestatiegerichte begroting;

    C.  overwegende dat de secretaris-generaal voor de begroting 2019 o.a. de volgende prioritaire doelstellingen heeft voorgesteld: de campagne voor de verkiezingen van het Europees Parlement in 2019, beveiligingsprojecten, meerjarige bouwprojecten, IT-ontwikkeling, verbetering van de dienstverlening aan de leden en bevordering van een groene aanpak op vervoersgebied;

    D.  overwegende dat de secretaris-generaal voor het voorontwerp van raming van het Parlement voor 2019 een begroting van 2 016 644 000 EUR heeft voorgesteld, wat een stijging van 3,38 % betekent ten opzichte van de begroting voor 2018 (inclusief 37,3 miljoen EUR voor de overgang naar een nieuwe zittingsperiode en 34,3 miljoen EUR voor andere buitengewone uitgaven), en een aandeel van 18,79 % van rubriek 5 van het MFK 2014-2020;

    E.  overwegende dat bijna twee derde van de begroting bestaat uit aan de index gekoppelde uitgaven die voornamelijk betrekking hebben op de bezoldiging, pensioenen, medische kosten en vergoedingen voor huidige en voormalige leden (23 %) en personeel (34 %), alsmede op gebouwen (13 %), en die worden aangepast overeenkomstig het ambtenaren- en ledenstatuut, sectorspecifieke indexeringen of het inflatiepercentage;

    F.  overwegende dat het Parlement al in zijn resolutie van 29 april 2015 over de raming van de ontvangsten en uitgaven van het Parlement voor het begrotingsjaar 2016[8] heeft beklemtoond dat de begroting 2016 op een realistische leest geschoeid moest worden en in overeenstemming met de beginselen van begrotingsdiscipline en goed financieel beheer moest zijn;

    G.  overwegende dat de geloofwaardigheid van het Parlement als tak van de begrotingsautoriteit afhangt van zijn vermogen om de eigen uitgaven te beheren en de democratie op Unieniveau te ontwikkelen;

    H.  overwegende dat het vrijwillig pensioenfonds in 1990 is opgezet op basis van de regeling van het Bureau inzake het (vrijwillig) aanvullend pensioenstelsel[9];

    Algemeen kader

    1.  benadrukt dat de begroting van het Parlement voor 2019 gehandhaafd moet blijven op minder dan 20 % van rubriek 5; wijst erop dat de raming voor 2019 neerkomt op 18,53 %, wat lager is dan het in 2018 verwezenlijkte percentage (18,85 %) en het geringste aandeel van rubriek 5 vormt in meer dan vijftien jaar;

    2.  benadrukt dat het grootste deel van de begroting van het Parlement vastligt op grond van wettelijke of contractuele verplichtingen en onderworpen is aan een jaarlijkse indexering;

    3.  merkt op dat er wegens de verkiezingen voor het Europees Parlement in 2019 aanzienlijk meer uitgaven zullen zijn op bepaalde gebieden, vooral met betrekking tot leden die niet opnieuw verkozen worden en hun medewerkers, terwijl er op andere punten besparingen gegenereerd worden, zij het op kleinere schaal, als gevolg van het verminderde volume aan parlementaire werkzaamheden in een verkiezingsjaar;

    4.  steunt de overeenstemming die in het overleg tussen het Bureau en de Begrotingscommissie van 26 maart 2018 en 10 april 2018 is bereikt om de verhoging van de begroting vast te stellen op 2,48 %, overeenkomend met het totaalbedrag van zijn ramingen voor 2019 van 1 999 144 000 EUR, om het uitgavenniveau van het voorontwerp van raming als goedgekeurd door het Bureau te verlagen met 17,5 miljoen EUR en om in verband daarmee de kredieten voor de volgende begrotingsonderdelen te verlagen: 1004 – normale reiskosten; 105 – taal- en computercursussen voor de leden; 1404 – stages, subsidies en uitwisseling van ambtenaren; 1612 – aanvullende opleiding; 1631 – mobiliteit; 2000 – huur; 2007 – oprichting en inrichting van gebouwen; 2022 – onderhoud en schoonmaak van en toezicht op de gebouwen; 2024 – energieverbruik; 2100 – informatica en telecommunicatie; 2101 – informatica en telecommunicatie — terugkerende operationele activiteiten in verband met de infrastructuur; 2105 – informatica en telecommunicatie — projectinvesteringen; 212 – meubilair; 214 – technisch materieel en technische installaties; 230 – papier, kantoorbenodigdheden en diverse producten; 238 – overige huishoudelijke uitgaven; 300 – dienstreizen van het personeel en reizen tussen de drie vergaderplaatsen; 302 – onthaal- en representatie; 3040 – interne vergaderingen; 3042 – vergaderingen, congressen, conferenties en delegaties; 3049 – werkingskosten van het reisbureau; 3243 – bezoekerscentra van het Europees Parlement; 3248 – audiovisuele voorlichting; 325 – voorlichtingsbureaus; 101 – reserve voor onvoorziene uitgaven; voorziet post 1400 – andere personeelsleden – secretariaat-generaal en fracties van kredieten ter hoogte van 50 000 EUR, artikel 320 – verwerving van expertise van 50 000 EUR en post 3211 – Europees wetenschaps- en mediaknooppunt van 800 000 EUR; is ingenomen met het feit dat die wijzigingen door het Bureau p 16 april 2018 zijn goedgekeurd;

    5.  benadrukt dat de kerntaken van het Parlement zijn: het samen met de Raad vaststellen van wetgeving en het al dan niet goedkeuren van de begroting, het vertegenwoordigen van de burgers en het uitoefenen van toezicht op de werkzaamheden van andere instellingen;

    6.  beklemtoont de rol van het Parlement bij het bevorderen van het Europees politiek bewustzijn en de waarden van de Unie;

    7.  wijst erop dat het voorontwerp van raming en de bijbehorende documenten pas op een laat tijdstip, na de goedkeuring ervan door het Bureau op 12 maart 2018, zijn ontvangen; verzoekt om in de komende jaren het verslag van de secretaris-generaal aan het Bureau over het voorontwerp van raming, met bijlagen, op tijd toegestuurd te krijgen;

    Transparantie en toegankelijkheid

    8.  is ingenomen met de reactie op het verzoek dat de Begrotingscommissie in diverse begrotingsresoluties heeft gedaan om aanvullende informatie over de planning voor de middellange en lange termijn, investeringen, wettelijke verplichtingen, beleidsuitgaven en een methodologie die berust op de huidige behoefte en niet op coëfficiënten;

    9.  merkt op dat, net als voor de begroting in voorgaande jaren, wordt voorgesteld om een bedrag uit te trekken voor "buitengewone" investeringen en uitgaven, d.w.z. investeringen en uitgaven die voor het Parlement ongebruikelijk of atypisch zijn en niet vaak worden gedaan; merkt op dat deze investeringen en uitgaven in 2019 71,6 miljoen EUR belopen, bestaande uit 37,3 miljoen EUR voor de overgang naar een nieuwe zittingsperiode en 34,3 miljoen EUR voor andere buitengewone uitgaven; herinnert eraan dat het in de begroting van 2016 aangebrachte en in de volgende begrotingen gehandhaafde onderscheid tussen gewone en buitengewone uitgaven uitsluitend bedoeld was met het oog op de implementatie van urgente maatregelen in verband met de beveiliging van gebouwen en cyberveiligheid na de terroristische aanslagen; is van oordeel dat overmatig gebruik van dat onderscheid, namelijk het opnemen van andere uitgaven in de buitengewone uitgaven, een verkeerd beeld geeft van de ontwikkeling van de begrotingsmarge en derhalve in tegenspraak is met het transparantiebeginsel met betrekking tot de uitgaven van het Parlement;

    10.  verwacht dat de begroting van het Parlement voor 2019 realistisch en accuraat zal zijn wat betreft het vinden van een goed evenwicht tussen behoeften en kosten, teneinde overbudgettering zo veel mogelijk te vermijden;

    Brexit

    11.  stelt vast dat de onderhandelaars van de Unie en het VK op 8 december 2017 een beginselakkoord hebben bereikt over de financiële afwikkeling van de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie, met daarin een bepaling dat het VK aan de begrotingen van de Unie voor 2019 en 2020 zal deelnemen alsof het nog lid van de Unie was, en zijn aandeel zal bijdragen ter financiering van de verplichtingen die de Unie voor 31 december 2020 is aangegaan; merkt op dat de vrijwillige pensioenregeling voor de leden als passief op de EU-balans is opgenomen en dat ook onderhandeld zal moeten worden over een bijdrage aan de uitstaande verplichtingen die nodig zijn ter dekking van de eerder aangegane en zich tot na 2020 uitstrekkende pensioenverplichtingen;

    12.  merkt op dat met de plenaire stemming in februari 2018 een initiatiefverslag van de Commissie constitutionele zaken over de samenstelling van het Parlement is bevestigd, en met name de verlaging van het aantal leden tot 705 na de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie; merkt op dat president Tusk, na de informele bijeenkomst van de 27 staatshoofden en regeringsleiders op 23 februari 2018, heeft aangegeven dat er veel steun is voor zijn voorstel; merkt op dat, ingeval het Verenigd Koninkrijk aan het begin van de zittingsperiode 2019-2024 nog lid van de EU is, het aantal leden is bepaald op 751, totdat de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie rechtsgeldig wordt; wijst er evenwel op dat de Europese Raad, na de goedkeuring van het Parlement te hebben verkregen, een besluit met eenparigheid van stemmen over de procedure moet nemen; onderstreept dat in de raming van het Parlement vooralsnog is uitgegaan van een status quo met een Parlement dat tussen 30 maart 2019 en het eind van de achtste zittingsperiode is samengesteld uit 678 leden uit 27 lidstaten, en een Parlement dat van het begin van de negende zittingsperiode tot het eind van het begrotingsjaar 2019 is samengesteld uit 705 leden uit 27 lidstaten; neemt tevreden kennis van de aanpassingen zoals voorgesteld door de secretaris-generaal aan de leden van het Bureau op 6 maart 2018;

    Europese verkiezingen 2019

    13.  verwelkomt de voorlichtingscampagne en beschouwt deze als een goede mogelijkheid om de burgers uit te leggen wat het doel van de Unie en het Parlement is; benadrukt dat deze campagne o.a. dient te zijn gericht op het uitleggen van de rol van de Unie, de bevoegdheden van het Parlement, zijn taken, zoals de verkiezing van de voorzitter van de Commissie, en zijn invloed op het leven van de burgers;

    14.  herinnert eraan dat, zoals goedgekeurd in de begrotingsprocedure voor 2018, de totale begroting voor de campagne 33,3 miljoen EUR voor beide jaren bedraagt, waarvan 25 miljoen EUR voor 2018 (wegens de tijd die nodig is voor aanbestedingsprocedures en voor het sluiten van contracten) en 8,33 miljoen EUR in 2019; merkt op dat de campagnestrategie, uitgaande van een analyse van de ervaringen uit de laatste verkiezingen, in november 2017 door het Bureau is goedgekeurd;

    15.  onderstreept dat de communicatieprocessen voor de Europese verkiezingen drieledig zijn: de meest zichtbare pijler wordt gevormd door de nationale en Europese politieke partijen en hun kandidaten, de tweede pijler is het lijsttrekkersproces ("Spitzenkandidaten") en de derde pijler is de institutionele campagne, waarin duidelijk wordt gemaakt wat het Parlement is en wat het doet, welke invloed het heeft op het leven van burgers en waarom meedoen aan de verkiezingen belangrijk is;

    16.  wijst erop dat het Parlement alleen niet de nodige middelen heeft om de 400 miljoen stemgerechtigden te bereiken, en dat het daartoe dus optimaal gebruik moet maken van zijn netwerk van multiplicatoren; is van oordeel dat communicatie via sociale media ook een belangrijke rol dient toe te komen; wijst erop dat er in 2018 op Europees niveau een reeks bijeenkomsten met burgers en belanghebbenden zal worden georganiseerd en dat op nationaal vlak de liaisonbureaus een cruciale rol spelen; handhaaft het Europees Comité van de Regio's en zijn plaatselijke en regionale vertegenwoordigers in de netwerkbenadering; is van mening dat de Europese politieke partijen en de nationale partijen in de aanloop naar de verkiezingen tezamen een cruciale rol zullen spelen, vooral in het kader van de "Spitzenkandidaten"-procedure; stelt daarom voor om hen in staat te stellen deze taak uit te voeren met financiering die speciaal voor 2019 wordt verhoogd;

    Veiligheid en cyberveiligheid

    17.  merkt op dat in de begroting 2019 verdere termijnen zullen worden opgenomen van de substantiële investeringen waarmee in 2016 een begin is gemaakt om de veiligheid in het Parlement aanzienlijk te verhogen; wijst erop dat die projecten verscheidene gebieden bestrijken, waarbij het voornamelijk om gebouwen gaat, te weten de modernisering van de beveiliging van de ingang, apparatuur en personeel, zoals het iPACS-project, maar ook om verbeteringen op het gebied van de cyberveiligheid en de beveiliging van communicatie;

    18.  is ingenomen met het in 2017 van kracht geworden memorandum van overeenstemming tussen de Belgische overheid en het Europees Parlement, de Raad, de Commissie, de Europese Dienst voor extern optreden en andere in Brussel gevestigde instellingen over het controleren van de veiligheidsmachtiging van alle medewerkers van externe contractanten die toegang wensen tot de instellingen van de Unie; verzoekt de secretaris-generaal nogmaals, net als in de raming van inkomsten en uitgaven van het Parlement voor2018, te onderzoeken of het misschien verstandig is zijn Memorandum of Understanding uit te breiden tot ambtenaren, parlementaire medewerkers en stagiairs, teneinde ze voorafgaand aan hun aanwerving aan een veiligheidsonderzoek te kunnen onderwerpen; verzoekt de secretaris-generaal dan ook de Begrotingscommissie op de hoogte te houden van de ontwikkelingen in dit dossier;

    19.  is van mening dat IT-tools voor de leden en het personeel belangrijke instrumenten zijn bij het verrichten van hun werkzaamheden, maar toch ook kwetsbaar zijn voor cyberaanvallen; juicht het daarom toe dat er een lichte stijging is van de middelen die worden uitgetrokken, zodat de instelling beter in staat zal zijn zichzelf en haar informatie te beschermen middels voortzetting van het actieplan cyberveiligheid;

    Onroerendgoedbeleid

    20.  herhaalt zijn verzoek om op het gebied van het gebouwenbeleid de besluitvorming transparant en op basis van vroegtijdige informatie te laten verlopen, met inachtneming van artikel 203 van het Financieel Reglement;

    21.  neemt nota van de verbetering van de werkomgeving voor leden en personeel, waartoe het Bureau in december 2017 besloten heeft en die in 2019 zal worden voortgezet teneinde de leden te voorzien van flexibele werkplekken die voldoen aan de behoeften die voortvloeien uit de veranderende werkpatronen, zodat zij na de verkiezingen in 2019 kunnen beschikken over drie kantoren in Brussel en twee in Straatsburg; beklemtoont desalniettemin dat het wat Straatsburg betreft nuttiger zou zijn flexibele vergaderruimten te creëren; neemt nota van de onderhoudskosten voor de gebouwen van het Parlement in 2019, inclusief veiligheids- en milieueisen; plaatst vraagtekens bij de zeer hoge kosten van enkele van de voorgestelde projecten, in het bijzonder: de verplaatsing van de bibliotheek en bijbehorende kantoren, de renovatie van het ledenrestaurant (Spinelli-gebouw) en de renovatie van het restaurant in het Churchill-gebouw; verzoekt de secretaris-generaal de Begrotingscommissie volledig te informeren over deze besluiten vóór de lezing van de begroting door het Parlement in het najaar van 2018; overwegende dat sommige projecten zullen worden uitgesteld;

    22.  plaatst vraagtekens bij de 1,58 miljoen EUR die gepland is voor de renovatie van het Spaak-gebouw, in de wetenschap dat hiervoor reeds 14 miljoen EUR was gereserveerd op de begroting 2018; verzoekt de secretaris-generaal de Begrotingscommissie volledig te informeren over dit besluit vóór de lezing van de begroting door het Parlement in het najaar van 2018;

    23.  vraagt om gedetailleerdere informatie over de toestand van de meubels in het ASP-gebouw in Brussel die de vervanging daarvan rechtvaardigt, alsook over de procedure die gebruikt is voor het kiezen van de nieuwe meubels, in het bijzonder over de verhouding tussen de prijs en de noodzaak van vervanging;

    24.  neemt kennis van de bijgewerkte taakomschrijving voor de voorlichtingsbureaus, die voortaan liaisonbureaus worden genoemd, zoals vastgesteld in een besluit van het Bureau van november 2017; merkt op dat de belangrijkste taak van de liaisonbureaus er een is van op een politiek neutrale wijze lokaal informeren en communiceren namens het Parlement, teneinde informatie te verstrekken over de Unie en haar beleid door middel van de activiteiten van externe belanghebbenden op lokaal, regionaal en nationaal niveau; met inbegrip van de leden van het Europees Comité van de Regio's;

    25.  stelt vast dat de eerste delen van de oostvleugel van het nieuwe KAD-gebouw eind 2018 zullen worden opgeleverd en betrokken, terwijl de resterende kantoren in de oostvleugel en de vergaderzalen geleidelijk in 2019 in gebruik zullen worden genomen; merkt op dat onmiddellijk daarna de werkzaamheden aan de westvleugel zullen beginnen;

    26.  herinnert aan de analyse die de Europese Rekenkamer in 2014 heeft verricht, waarin de kosten van de geografische spreiding van het Parlement worden geraamd op 114 miljoen EUR per jaar; wijst tevens op de bevinding in zijn resolutie van 20 november 2013 over de plaats van de zetels van de instellingen van de Europese Unie[10] dat 78% van alle dienstreizen van statutair personeel van het Parlement een direct gevolg zijn van de geografische spreiding van de instelling in kwestie; beklemtoont verder dat de milieugevolgen van de geografische spreiding in het verslag worden geraamd op tussen de 11 000 en 19 000 ton aan CO2-emissies; beklemtoont de potentiële bezuinigingen voor de begroting van het Europees Parlement van één zetel, en dringt derhalve aan op een routekaart voor één zetel;

    27.  herinnert aan zijn toezegging in het kader van Richtlijn 2012/27/EU betreffende energie-efficiëntie, waarin wordt bepaald dat het, onverminderd de voorschriften betreffende de begroting en de overheidsopdrachten, op de gebouwen waarvan het eigenaar en gebruiker is de voorschriften zal toepassen die, krachtens de artikelen 5 en 6 van die richtlijn, ook gelden voor de gebouwen van de centrale overheid van de lidstaten, vanwege de grote zichtbaarheid van de gebouwen en de leidende rol die het Parlement dient te vervullen ten aanzien van de energie-efficiëntie van de gebouwen; onderstreept dat het dringend nodig is om de daad bij het woord te voegen, vooral in het licht van de geloofwaardigheid van het Parlement bij de huidige herzieningen van de energieprestaties van gebouwen en de richtlijnen inzake energie-efficiëntie;

    Aan de leden en geaccrediteerde parlementaire medewerkers gerelateerde kwesties

    28.  is ingenomen met de inspanningen van het secretariaat-generaal van het Parlement, de secretariaten van de fracties en de kantoren van de leden om de leden beter te dienen bij de uitoefening van hun mandaat; moedigt de verdere ontwikkeling van deze diensten aan, waardoor de leden beter toezicht kunnen uitoefenen op de werkzaamheden van de Commissie en de Raad en de burgers beter kunnen vertegenwoordigen;

    29.  is met name ingenomen met de steeds betere kwaliteit van het onderzoek en de adviezen die ten behoeve van de leden en de commissies worden verzorgd door de Onderzoeksdienst van het Europees Parlement (EPRS) en de beleidsondersteunende afdelingen; neemt kennis van de tussentijdse evaluatie van de samenwerking tussen deze twee door de secretaris-generaal in oktober 2017 ingestelde diensten; verzoekt de secretaris-generaal meer informatie te verstrekken over de wijze waarop de twee diensten hun werkzaamheden coördineren om dubbel werk te voorkomen en te voldoen aan de behoeften van de klant; is verheugd over de nieuwe en lopende specifieke IT-projecten, die in 2019 volledig of gedeeltelijk zullen worden uitgevoerd: het e-Parlement-project, het ERMS-project (beheer van elektronische bestanden), het Programma voor een open digitale bibliotheek, het nieuwe onderzoeks- en ontwikkelingsproject voor lerende technologieën op het gebied van vertaalgeheugens en het instrument voor de registratie van deelnemers aan conferenties en evenementen;

    30.  herinnert aan bovengenoemde resoluties van 5 april 2017 over de raming van de inkomsten en uitgaven van het Europees Parlement voor het begrotingsjaar 2018[11] en van 25 oktober 2017 over het standpunt van de Raad inzake het ontwerp van algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2018[12] en alle referenties aan en verzoeken betreffende de algemene kostenvergoeding van de leden; herhaalt het verzoek om transparantie rond de algemene kostenvergoeding van de leden; is in dit verband ingenomen met de oprichting van de werkgroep van het Bureau inzake de algemene kostenvergoeding; herinnert eraan dat er meer transparantie wordt verwacht ten aanzien van de algemene kostenvergoeding en dat werk moet worden gemaakt van de vaststelling van preciezere regels inzake de verantwoording van de uitgaven die met deze vergoeding kunnen worden gedaan, zonder dat hierdoor voor het Parlement extra nettokosten ontstaan;

    31.  herinnert aan het beginsel van onafhankelijkheid van het mandaat; herhaalt, in het licht van het aanstaande besluit van het Bureau, zijn oproep voor meer transparantie met betrekking tot de algemene kostenvergoeding, voortbouwend op de goede praktijken van de nationale delegaties in het Parlement en de lidstaten; benadrukt dat een gemengd systeem kan worden ingevoerd, waarbij een deel van de algemene kostenvergoeding wordt gehandhaafd als forfaitair bedrag, en de rest wordt betaald tegen overlegging van facturen of op basis van een controle; herhaalt dat een verbetering van de efficiëntie en de transparantie van de algemene kostenvergoeding niet bedoeld is om de persoonlijke levenssfeer aan te tasten;

    32.  verzoekt de werkgroep van het Bureau van het Parlement inzake de algemene kostenvergoeding haar werkzaamheden af te ronden en vóór de verkiezingen voor de negende zittingsperiode aanbevelingen te formuleren op basis van het standpunt van het Parlement van oktober 2017;

    33.  verzoekt het Bureau nogmaals erop toe te zien dat de sociale en pensioenrechten van de leden en de geaccrediteerde parlementaire medewerkers (GPM's) worden geëerbiedigd en dat daarvoor voldoende financiële middelen beschikbaar worden gesteld; herhaalt in dit verband zijn verzoek om een voorstel te presenteren voor een werkbare oplossing voor die GPM's die, hoewel ze aan het eind van de huidige zittingsperiode ononderbroken gedurende twee zittingsperiode gewerkt zullen hebben, wanneer ze de pensioengerechtigde leeftijd bereiken geen recht hebben op een pensioen van het Europees pensioenstelsel omdat ze als gevolg van de vervroegde verkiezingen in 2014 en de vertragingen bij de validering van de arbeidsovereenkomsten van de nieuwe GPM's, die toe te schrijven waren aan de enorme werkdruk in de perioden na de verkiezingen van 2009 en 2014, de in het personeelsstatuut vastgelegde tien daarvoor benodigde jaren niet helemaal volgemaakt zullen hebben; herinnert eraan dat in artikel 27, lid 2, van het statuut van de leden van het Europees Parlement wordt bepaald dat "verworven rechten en aanspraken [...] in volle omvang [blijven] bestaan"; wijst echter op de aanhoudende problemen met het vrijwillig pensioenfonds en vraagt het Bureau en de secretaris-generaal alle mogelijkheden te onderzoeken om de last voor de begroting van het Parlement zoveel mogelijk te verlichten;

    34.  acht het bedrag op artikel 422 "Assistentie aan de leden" passend;

    35.  neemt kennis van de herziening van de bedragen van de vergoedingen voor geaccrediteerde parlementaire medewerkers (GPM's) voor de reizen die zij maken tussen de drie werklocaties van het Parlement; herinnert aan zijn verzoek aan het Bureau om maatregelen te nemen om de bedragen voor ambtenaren, overige personeelsleden en GPM's vanaf de volgende zittingsperiode volledig gelijk te trekken;

    36.  verzoekt de Conferentie van Voorzitters, met het oog op de volgende zittingsperiode, opnieuw om herziening van de uitvoeringsbepalingen betreffende het werk van delegaties en missies buiten de Europese Unie; onderstreept dat bij een dergelijke herziening de mogelijkheid moet worden overwogen GPM's, onder bepaalde voorwaarden, toe te staan leden tijdens officiële delegaties en missies van het Parlement te begeleiden;

    37.  verzoekt het Bureau van het EP om wijziging van het besluit van het Bureau van het EP van 19 april 2010 houdende regels betreffende stagiairs van leden, teneinde voor hen een fatsoenlijke vergoeding te kunnen vaststellen; beklemtoont dat de vergoeding die aan stagiairs van leden of fracties wordt betaald hen ten minste in staat moet stellen in Brussel, of in enige andere stad waar zij stage lopen, in hun levensonderhoud te voorzien;

    38.  is van oordeel dat passende financiële middelen ter beschikking moeten worden gesteld voor de tenuitvoerlegging van de routekaart voor de aanpassing van preventieve maatregelen en maatregelen voor vroegtijdige waarschuwing in verband met conflicten en intimidatie tussen leden en GPM's of andere personeelsleden;

    Aan het personeel gerelateerde kwesties

    39.  vermindert de personeelsformatie van zijn secretariaat-generaal voor 2019 met 59 posten (doelstelling tot vermindering met 1 %), overeenkomstig het akkoord van 14 november 2015 met de Raad over de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2016, waarin staat dat het Parlement de jaarlijkse personeelsvermindering tot 2019 voortzet;

    40.  is van mening dat het, in een periode waarin de financiële en personele middelen die de instellingen van de Unie ter beschikking staan naar verwachting steeds beperkter worden, van belang is dat de instellingen zelf de meest bekwame werknemers kunnen werven en behouden om op een manier die consistent is met de beginselen van een op prestaties gebaseerde budgettering te kunnen reageren op de complexe toekomstige uitdagingen;

    41.  is van oordeel dat het Parlement tot aan het reces in verband met de verkiezingen in een unieke positie zal zitten als gevolg van het samenvallen van de gebruikelijke drukte aan het einde van een zittingsperiode enerzijds en het ingewikkelde pakket wetgevingsvoorstellen in verband met het MFK, de brexit en het oplopende aantal trialogen anderzijds; is van oordeel dat het Parlement en zijn commissies, om hun kerntaken te kunnen uitvoeren, onverminderd over een passend niveau van logistieke en menselijke hulpbronnen moeten beschikken;

    42.  geeft de secretaris-generaal de opdracht om voort te bouwen op de bestaande samenwerkingsovereenkomsten tussen het Parlement, het Comité van de Regio's en het Europees Economisch en Sociaal Comité; waarvan de EPRS een zeer positief voorbeeld is; wenst dat wordt nagegaan op welke andere gebieden, waaronder maar niet uitsluitend IT-diensten of veiligheid, backoffice-taken kunnen worden gedeeld om meer synergie-effecten te bereiken, gebruikmakend van de ervaring van het Parlement en de andere twee organen en ten volle rekening houdend met de problemen op governancegebied en met de schaalverschillen, voor het tot stand brengen van billijke samenwerkingsovereenkomsten; verzoekt de secretaris-generaal bovendien te onderzoeken of ook synergie-effecten - bij backoffice-functies en -diensten - kunnen worden gerealiseerd met andere instellingen;

    43.  vraagt om een beoordeling van de besparingen en voordelen voor elke partij dankzij de overeenkomst inzake interinstitutionele administratieve samenwerking tussen het Europees Parlement, het Comité van de Regio's en het Europees Economisch en Sociaal Comité op zowel de gebieden waar diensten worden gedeeld, als op gebieden waar wordt samengewerkt, alsmede van de mogelijke besparingen en voordelen van eventuele toekomstige overeenkomsten met andere instellingen en agentschappen;

    44.  verwelkomt de resolutie van het Europees Parlement over de bestrijding van seksuele intimidatie en seksueel misbruik in de EU[13]; is van oordeel dat de resolutie een belangrijke stap is in de richting van een doeltreffender bestrijding van seksuele intimidatie en iedere vorm van ongepast gedrag in de Europese Unie en haar instellingen, met inbegrip van het Europees Parlement; verlangt dat voldoende middelen worden vrijgemaakt voor de implementatie van de resolutie;

    Overige kwesties

    45.  wijst op de nog steeds gangbare praktijk van een collectieve overschrijving aan het eind van het jaar ("ramassage") om bij te dragen aan de lopende bouwprojecten; beklemtoont dat, te oordelen naar de cijfers voor de jaren 2014, 2015, 2016 en 2017, deze collectieve overschrijving aan het eind van het jaar stelselmatig plaatsvindt en voor dezelfde hoofdstukken en titels en, enkele uitzonderingen daargelaten, voor precies dezelfde onderdelen; vraagt zich derhalve af of deze hoofdstukken en onderdelen wellicht planmatig worden overgewaardeerd om middelen te genereren ter financiering van het begrotingsbeleid;

    46.  vraagt zich af of het werkelijk nodig is headsets en webcams te installeren in de kantoren in Straatsburg en Brussel van alle parlementaire medewerkers hoewel de meesten van hen daar zelfs niet om hebben gevraagd; zou derhalve graag vernemen wat de kosten hiervan zijn en waarom dit besluit genomen is; verzoekt de secretaris-generaal de Begrotingscommissie volledig te informeren over dit besluit;

    47.  merkt op dat de beperkingen betreffende de toegang tot de cateringruimten van het Parlement op 1 januari 2017 werden opgeheven; accepteert de praktijk dat iedereen die in de gebouwen van het Parlement werkt, of met het oog op een interinstitutionele bijeenkomst toegang tot die gebouwen heeft, in de kantines en restaurants van het Parlement kan lunchen; merkt evenwel op dat de toegang tot het zelfbedieningsrestaurant in het ASP-gebouw in Brussel en tot het zelfbedieningsrestaurant in het LOW-gebouw in Straatsburg erg ingewikkeld is geworden als gevolg van de dagelijkse aanwezigheid van bezoekersgroepen; dringt er derhalve op aan bij de ingang van deze twee zelfbedieningsrestaurants opnieuw controles in te voeren, niet voor leden en personeel van de andere instellingen, maar om deze groepen stelselmatig naar de voor hen bedoelde restaurants te dirigeren;

    48.  wijst op de permanente dialoog tussen het Europees Parlement en de nationale parlementen; beklemtoont dat meer moet worden gedaan dan momenteel het geval is in het kader van de Europese Parlementaire Week, teneinde tot permanente synergie-effecten te komen in de betrekkingen tussen het Europees Parlement en de nationale parlementen; dringt erop aan deze te versterken zodat in de lidstaten een beter beeld ontstaat van de bijdrage van het Parlement en de Unie;

    49.  verzoekt om versterking van het Europese mediaknooppunt, dat in de begroting 2018 is opgenomen, met het oog op de samenwerking met televisieomroepen, sociale media en andere partners om aankomende journalisten opleidingsmogelijkheden te bieden, met name met betrekking tot nieuwe wetenschappelijke en technologische ontwikkelingen en nieuwsberichten die op feiten berusten en door collega's zijn getoetst;

    50.  juicht de inspanningen van het Parlement toe om duurzame mobiliteit te stimuleren;

    51.  verzoekt het Parlement milieuvriendelijkheid hoog in het vaandel te dragen en ervoor te zorgen dat elke activiteit op milieuvriendelijke wijze wordt geïmplementeerd;

    52.  neemt nota van de oprichting van een werkgroep Mobiliteit die op inclusieve wijze dient te werken en een duidelijk mandaat dient te krijgen; onderstreept dat het Parlement zich moet houden aan alle wetten die in de regio's van de plaatsen van werkzaamheid van toepassing zijn, ook op dat gebied; pleit voor het bevorderen van het gebruik van de bestaande rechtstreekse treinverbinding tussen de locatie van het Parlement in Brussel en de luchthaven; verzoekt de verantwoordelijke diensten de samenstelling en de omvang van zijn eigen wagenpark tegen deze achtergrond opnieuw te evalueren; verzoekt het Bureau onverwijld met een regeling te komen om het gebruik van fietsen voor het woon-werkverkeer te bevorderen; stelt vast dat een dergelijke regeling al bestaat bij andere instellingen, met name bij het Europees Economisch en Sociaal Comité;

    53.  verzoekt de secretaris-generaal en het Bureau voor een cultuur van prestatiegericht begroten te zorgen in de hele administratie van het Parlement, alsook voor een benadering te kiezen die berust op "lean management" om de efficiëntie te vergroten en de bureaucratische rompslomp in het interne werk van de instelling terug te dringen; beklemtoont dat de ervaring van "lean management" neerkomt op de permanente verbetering van de werkprocedure dankzij de vereenvoudiging en de ervaring van het administratief personeel;

    o

    o  o

    54.  stelt de raming voor het begrotingsjaar 2019 vast;

    55.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie en de raming te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

    BIJLAGE: ONTWERPRAMING

     

    VERSLAG VAN DE SECRETARIS-GENERAAL

    AAN DE LEDEN VAN HET BUREAU

    OVER DE RAMING VAN HET EUROPEES PARLEMENT VOOR HET BEGROTINGSJAAR 2019

     

    ONTWERPRAMING

    2019

    Bijdrage van de Europese Unie in de financiering van de uitgaven

    van het Europees Parlement voor het begrotingsjaar 2019

    Omschrijving

    Bedrag

     

     

    Uitgaven

    1 999 144 000

    Eigen inkomsten

    176 893 540

    Te ontvangen bijdrage

    1 822 250 460

    ONTVANGSTEN

    Titel Hoofdstuk Artikel Post

    Omschrijving

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

     

     

     

     

     

    4

    ONTVANGSTEN AFKOMSTIG VAN PERSONEN DIE VERBONDEN ZIJN AAN DE INSTELLINGEN EN ANDERE ORGANEN VAN DE UNIE

     

     

     

    4 0

    DIVERSE BELASTINGEN EN INHOUDINGEN

     

     

     

    4 0 0

    Opbrengst van de belasting op de bezoldigingen, lonen en vergoedingen van de leden van de instelling, de ambtenaren, de andere personeelsleden en de gepensioneerden

    82 449 930

    76 861 414

    73 998 872

    4 0 3

    Opbrengst van de tijdelijke bijdrage die van toepassing is op de bezoldigingen van de leden van de instelling, de ambtenaren en de andere personeelsleden in actieve dienst

    p.m.

    p.m.

    17 371

    4 0 4

    Opbrengst van de bijzondere heffing en de solidariteitsheffing die van toepassing zijn op de bezoldigingen van de leden van de instelling, de ambtenaren en de andere personeelsleden in actieve dienst

    11 681 950

    11 551 312

    11 067 302

     

     

    94 131 880

    88 412 726

    85 083 544

    Hoofdstuk 4 0 — Totaal

    4 1

    BIJDRAGEN AAN DE PENSIOENREGELING

     

     

     

    4 1 0

    Bijdragen van het personeel aan de pensioenregeling

    67 193 160

    66 291 673

    62 567 541

    4 1 1

    Overdracht of inkoop van pensioenrechten door het personeel

    9 200 000

    9 200 000

    7 596 194

    4 1 2

    Bijdragen van ambtenaren en tijdelijke functionarissen met verlof om redenen van persoonlijke aard aan de pensioenregeling

    10 000

    10 000

    49 218

     

     

    76 403 160

    75 501 673

    70 212 953

    Hoofdstuk 4 1 — Totaal

    4 2

    OVERIGE BIJDRAGEN AAN DE PENSIOENREGELING

     

     

     

    4 2 1

    Bijdrage van de leden van het Europees Parlement voor een ouderdomspensioenregeling

    p.m.

    p.m.

    0

     

    Hoofdstuk 4 2 — Totaal

    0

    0

    0

     

    Titel 4 — Totaal

    170 535 040

    163 914 399

    155 296 497

    5

    UIT DE ADMINISTRATIEVE WERKING VAN DE INSTELLING VOORTVLOEIENDE ONTVANGSTEN

     

     

     

    5 0

    VERKOOP VAN ROERENDE (LEVERING VAN GOEDEREN) EN ONROERENDE GOEDEREN

     

     

     

    5 0 0

    Verkoop van roerende goederen (levering van goederen)

    10 000

    p.m.

    0

    5 0 0 0

    Verkoop van voertuigen — Bestemmingsontvangsten

    p.m.

    p.m.

    0

    5 0 0 1

    Verkoop van andere roerende goederen — Bestemmingsontvangsten

    5 000

    p.m.

    0

    5 0 0 2

    Levering van goederen ten behoeve van andere instellingen of organen — Bestemmingsontvangsten

    10 000

    p.m.

    162

    5 0 1

    Verkoop van onroerende goederen

    p.m.

    p.m.

    0

    5 0 2

    Verkoop van publicaties, drukwerken en films — Bestemmingsontvangsten

    1 000

    p.m.

    0

     

    Hoofdstuk 5 0 — Totaal

    16 000

    p.m.

    162

    5 1

    HUUROPBRENGST

     

     

     

    5 1 1

    Verhuur en onderverhuur van onroerende goederen en terugbetaling van huurlasten

    4 186 000

    p.m.

     

    5 1 1 0

    Verhuur en onderverhuur van onroerende goederen - Bestemmingsontvangsten

    3 547 000

    p.m.

    3 016 718

    5 1 1 1

    Terugbetaling van huurlasten — Bestemmingsontvangsten

    639 000

    p.m.

    52 903

     

    Hoofdstuk 5 1 — Totaal

    4 186 000

    p.m.

    3 069 621

    5 2

    OPBRENGST VAN UITGEZETTE OF UITGELEENDE MIDDELEN, BANKRENTEN EN ANDERE ONTVANGSTEN

     

     

     

    5 2 0

    Opbrengst van uitgezette of uitgeleende middelen, bankrenten en andere renten geïnd op de rekeningen van de instelling

    50 000

    50 000

    2 077

     

    Hoofdstuk 5 2 — Totaal

    50 000

    50 000

    2 077

    5 5

    ONTVANGSTEN AFKOMSTIG VAN DE LEVERING VAN DIENSTEN EN WERKZAAMHEDEN

     

     

     

    5 5 0

    Ontvangsten afkomstig van de levering van diensten en werkzaamheden ten behoeve van andere instellingen of organen, inclusief kosten van dienstreizen voor rekening van andere instellingen of organen en door deze instellingen of organen terugbetaald — Bestemmingsontvangsten

    1 285 000

    p.m.

    5 546 788

    5 5 1

    Ontvangsten afkomstig van op verzoek van derden verleende diensten en werkzaamheden — Bestemmingsontvangsten

    p.m.

    p.m.

    755 042

     

    Hoofdstuk 5 5 — Totaal

    1 285 000

    p.m.

    6 301 830

    5 7

    OVERIGE BIJDRAGEN EN TERUGBETALINGEN DIE VOORTVLOEIEN UIT DE ADMINISTRATIEVE WERKING VAN DE INSTELLING

     

     

     

    5 7 0

    Ontvangsten afkomstig van de terugbetaling van onverschuldigd betaalde bedragen — Bestemmingsontvangsten

    717 500

    p.m.

    4 122 802

    5 7 1

    Ontvangsten die voor een bepaald doel zijn bestemd, zoals inkomsten van stichtingsvermogens, subsidies, giften en legaten, daaronder begrepen de aan elke instelling vooraf toegewezen specifieke ontvangsten — Bestemmingsontvangsten

    p.m.

    p.m.

    0

    5 7 2

    Terugbetaling van voor rekening van een andere instelling gedane uitgaven

    p.m.

    p.m.

    0

    5 7 3

    Overige bijdragen en terugbetalingen die voortvloeien uit de administratieve werking van de instelling — Bestemmingsontvangsten

    3 000

    p.m.

    3 669 132

     

    Hoofdstuk 5 7 — Totaal

    720 500

    p.m.

    7 791 934

    5 8

    DIVERSE VERGOEDINGEN

     

     

     

    5 8 1

    Ontvangsten afkomstig van verzekeringsuitkeringen — Bestemmingsontvangsten

    p.m.

    p.m.

    20 162 097

     

    Hoofdstuk 5 8 — Totaal

    p.m.

     

     

     

    Titel 5 — Totaal

    6 257 500

    50 000

    37 327 720

    6

    BIJDRAGEN EN TERUGBETALINGEN IN HET KADER VAN OVEREENKOMSTEN EN PROGRAMMA'S VAN DE UNIE

     

     

     

    6 6

    OVERIGE BIJDRAGEN EN TERUGBETALINGEN

     

     

     

    6 6 0

    Overige bijdragen en terugbetalingen

    100 000

    p.m.

    p.m.

    6 6 0 0

    Overige bestemmingsbijdragen en -terugbetalingen — Bestemmingsontvangsten

    100 000

    p.m.

    12 731 797

    6 6 0 1

    Overige bijdragen en terugbetalingen zonder bestemming

    p.m.

    p.m.

    0

     

    Hoofdstuk 6 6 — Totaal

    100 000

    p.m.

    12 731 797

     

    Titel 6 — Totaal

    100 000

    p.m.

    12 731 797

    9

    DIVERSE ONTVANGSTEN

     

     

     

    9 0

    DIVERSE ONTVANGSTEN

     

     

     

    9 0 0

    Diverse ontvangsten

    1 000

    1 000

    1 638 371

     

    Hoofdstuk 9 0 — Totaal

    1 000

    1 000

    1 638 371

     

    Titel 9 — Totaal

    1 000

    1 000

    1 638 371

     

    TOTAAL-GENERAAL

    176 893 540

    163 965 399

    206 994 385

    UITGAVEN

    Algemene samenvatting van de kredieten (2019 en 2018) en de uitvoering (2017)

    Titel Hoofdstuk

    Omschrijving

    Kredieten 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

     

     

     

     

     

    1

    AAN DE INSTELLING VERBONDEN PERSONEN

     

     

     

     

     

     

     

     

    1 0

    LEDEN VAN DE INSTELLING

    224 910 000

    211 876 000

    203 969 300

    1 2

    AMBTENAREN EN TIJDELIJKE FUNCTIONARISSEN

    683 275 000

    669 114 000

    641 373 448

    1 4

    ANDER PERSONEEL EN PRESTATIES VAN DERDEN

    142 607 000

    144 478 333

    138 007 588

    1 6

    OVERIGE UITGAVEN IN VERBAND MET AAN DE INSTELLING VERBONDEN PERSONEN

    20 662 000

    18 648 150

    14 743 257

     

    Titel 1 — Totaal

    1 071 454 000

    1 044 116 483

    998 093 592

     

     

     

     

     

    2

    GEBOUWEN, MEUBILAIR, UITRUSTING EN DIVERSE

     

     

     

     

    HUISHOUDELIJKE UITGAVEN

     

     

     

     

     

     

     

     

    2 0

    GEBOUWEN EN DAARMEE SAMENHANGENDE KOSTEN

    225 411 000

    227 352 000

    267 588 704

    2 1

    INFORMATICA, MATERIEEL EN MEUBILAIR

    178 085 200

    166 773 500

    161 271 592

    2 3

    LOPENDE HUISHOUDELIJKE UITGAVEN

    8 415 500

    7 103 000

    4 681 409

     

    Titel 2 — Totaal

    411 911 700

    401 228 500

    433 541 705

     

     

     

     

     

    3

    UITGAVEN VOORTVLOEIEND UIT DE ALGEMENE TAKEN VAN DE INSTELLING

     

     

     

     

     

     

     

     

    3 0

    VERGADERINGEN EN CONFERENTIES

    33 630 000

    36 693 000

    32 136 133

    3 2

    EXPERTISE EN INFORMATIE: VERWERVING, ARCHIVERING, PRODUCTIE EN VERSPREIDING

    123 823 300

    144 268 390

    114 596 561

     

    Titel 3 — Totaal

    157 453 300

    180 961 390

    146 732 695

     

     

     

     

     

    4

    UITGAVEN VOORTVLOEIEND UIT SPECIALE TAKEN VAN DE INSTELLING

     

     

     

     

     

     

     

     

    4 0

    UITGAVEN IN VERBAND MET BEPAALDE INSTELLINGEN EN ORGANEN

    130 180 000

    114 770 000

    109 814 922

    4 2

    ASSISTENTIE AAN DE LEDEN

    209 160 000

    208 171 000

    200 971 143

    4 4

    VERGADERINGEN EN ANDERE ACTIVITEITEN VAN LEDEN EN VOORMALIGE LEDEN

    460 000

    440 000

    420 000

     

    Titel 4 — Totaal

    339 800 000

    323 381 000

    311 206 065

     

     

     

     

     

    5

    AUTORITEIT VOOR EUROPESE POLITIEKE PARTIJEN EN EUROPESE POLITIEKE STICHTINGEN EN VAN HET COMITE VAN ONAFHANKELIJKE VOORAANSTAANDE PERSONEN

     

     

     

    5 0

    UITGAVEN VAN DE AUTORITEIT VOOR EUROPESE POLITIEKE PARTIJEN EN EUROPESE POLITIEKE STICHTINGEN EN VAN HET COMITÉ VAN ONAFHANKELIJKE VOORAANSTAANDE PERSONEN

    p.m.

    p.m.

    0

     

    Titel 5 — Totaal

    0

    0

    0

     

     

     

     

     

    10

    OVERIGE UITGAVEN

     

     

     

     

     

     

     

     

    10 0

    VOORZIENINGEN

    p.m.

    p.m.

    0

    10 1

    RESERVE VOOR ONVOORZIENE UITGAVEN

    18 525 000

    1 000 000

    0

    10 3

    RESERVE VOOR DE UITBREIDING

    p.m.

    p.m.

    0

    10 4

    RESERVE VOOR HET VOORLICHTINGS- EN COMMUNICATIEBELEID

    p.m.

    p.m.

    0

    10 5

    VOORZIENINGEN VOOR GEBOUWEN

    p.m.

    p.m.

    0

    10 6

    RESERVE VOOR NIEUWE PRIORITEITEN

    p.m.

    p.m.

    0

    10 8

    RESERVE VOOR EMAS

    p.m.

    p.m.

    0

     

    Titel 10 — Totaal

    18 525 000

    1 000 000

    0

     

    TOTAAL-GENERAAL

    1 999 144 000

    1 950 687 373

    1 889 574 057

    AFDELING I — EUROPEES PARLEMENT

    Ontvangsten — Eigen inkomsten

    Titel 4 — Ontvangsten afkomstig van personen die verbonden zijn aan de instellingen en andere organen van de Unie

    Hoofdstuk 4 0 — Diverse belastingen en inhoudingen

    Artikel 4 0 0 — Opbrengst van de belasting op de bezoldigingen, lonen en vergoedingen van de leden van de instelling, de ambtenaren, de andere personeelsleden en de gepensioneerden

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    82 449 930

    76 861 414

    73 998 872,04

    Rechtsgronden

    Protocol betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Unie, met name artikel 12.

    Verordening (EEG, Euratom, EGKS) nr. 260/68 van de Raad van 29 februari 1968 tot vaststelling van de voorwaarden en de wijze van heffing van belasting ten bate van de Europese Gemeenschappen (PB L 56 van 4.3.1968, blz. 8).

    Artikel 4 0 3 — Opbrengst van de tijdelijke bijdrage die van toepassing is op de bezoldigingen van de leden van de instelling, de ambtenaren en de andere personeelsleden in actieve dienst

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    17 370,67

    Rechtsgronden

    Statuut van de ambtenaren van de Europese Gemeenschappen, met name artikel 66 bis in de versie van kracht tot 15 december 2003.

    Artikel 4 0 4 — Opbrengst van de bijzondere heffing en de solidariteitsheffing die van toepassing zijn op de bezoldigingen van de leden van de instelling, de ambtenaren en de andere personeelsleden in actieve dienst

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    11 681 950

    11 551 312

    11 067 301,69

    Rechtsgronden

    Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie, met name artikel 66 bis.

    Hoofdstuk 4 1 — Bijdragen aan de pensioenregeling

    Artikel 4 1 0 — Bijdragen van het personeel aan de pensioenregeling

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    67 193 160

    66 291 673

    62 567 540,69

    Rechtsgronden

    Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie, met name artikel 83, lid 2.

    Artikel 4 1 1 — Overdracht of inkoop van pensioenrechten door het personeel

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    9 200 000

    9 200 000

    7 596 194,14

    Rechtsgronden

    Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie, met name artikel 4, artikel 11, leden 2 en 3, en artikel 48 van bijlage VIII.

    Artikel 4 1 2 — Bijdragen van ambtenaren en tijdelijke functionarissen met verlof om redenen van persoonlijke aard aan de pensioenregeling

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    10 000

    10 000

    49 218,19

    Hoofdstuk 4 2 — Overige bijdragen aan de pensioenregeling

    Artikel 4 2 1 — Bijdrage van de leden van het Europees Parlement voor een ouderdomspensioenregeling

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    0,—

    Rechtsgronden

    Regeling inzake de kosten en vergoedingen van de leden van het Europees Parlement, met name bijlage III.

    Titel 5 — Ontvangsten voortvloeiend uit de administratieve werking van de instelling

    Hoofdstuk 5 0 — Opbrengst van de verkoop van roerende goederen (levering van goederen) en onroerende goederen

    Artikel 5 0 0 — Verkoop van roerende goederen (levering van goederen)

    Post 5 0 0 0 — Verkoop van voertuigen — Bestemmingsontvangsten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    0,—

    Toelichting

    Onder deze post worden de inkomsten geboekt die afkomstig zijn van de verkoop of de overname van de voertuigen van de instelling.

    Deze ontvangsten worden overeenkomstig artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement beschouwd als bestemmingsontvangsten en geven aanleiding tot de opvoering van extra kredieten op het begrotingsonderdeel van de oorspronkelijke uitgave die tot de ontvangsten heeft geleid.

    Post 5 0 0 1 — Verkoop van andere roerende goederen — Bestemmingsontvangsten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    5 000

    p.m.

     

    Toelichting

    Deze post is bestemd voor het boeken van ontvangsten afkomstig van de verkoop of de overname van de andere roerende goederen dan voertuigen van de instelling.

    Deze ontvangsten worden overeenkomstig artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement beschouwd als bestemmingsontvangsten en geven aanleiding tot de opvoering van extra kredieten op het begrotingsonderdeel van de oorspronkelijke uitgave die tot de ontvangsten heeft geleid.

    Post 5 0 0 2 — Levering van goederen ten behoeve van andere instellingen of organen — Bestemmingsontvangsten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    10 000

    p.m.

    162,00

    Toelichting

    Deze ontvangsten worden overeenkomstig artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement beschouwd als bestemmingsontvangsten en geven aanleiding tot de opvoering van extra kredieten op het begrotingsonderdeel van de oorspronkelijke uitgave die tot de ontvangsten heeft geleid.

    Details van de uitgaven en ontvangsten die voortvloeien uit leningen of huur of de verlening van diensten in het kader van deze post worden gegeven in een bijlage bij deze begroting.

    Artikel 5 0 1 — Verkoop van onroerende goederen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    0,—

    Toelichting

    Onder dit artikel worden de inkomsten geboekt die afkomstig zijn van de verkoop van onroerende goederen van de instelling.

    Artikel 5 0 2 — Verkoop van publicaties, drukwerken en films — Bestemmingsontvangsten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    1 000

    p.m.

    0,—

    Toelichting

    Deze ontvangsten worden overeenkomstig artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement beschouwd als bestemmingsontvangsten en geven aanleiding tot de opvoering van extra kredieten op het begrotingsonderdeel van de oorspronkelijke uitgave die tot de ontvangsten heeft geleid.

    Dit artikel omvat tevens de ontvangsten uit de verkoop van deze producten in elektronische vorm.

    Hoofdstuk 5 1 — Verhuuropbrengst

    Artikel 5 1 1 — Verhuur en onderverhuur van onroerende goederen en terugbetaling van huurlasten

    Post 5 1 1 0 — Verhuur en onderverhuur van onroerende goederen — Bestemmingsontvangsten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    3 547 000

    p.m.

    3 016 717,90

    Toelichting

    Deze ontvangsten worden overeenkomstig artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement beschouwd als bestemmingsontvangsten en geven aanleiding tot de opvoering van extra kredieten op het begrotingsonderdeel van de oorspronkelijke uitgave die tot de ontvangsten heeft geleid.

    Details van de uitgaven en ontvangsten die voortvloeien uit leningen of huur of de verlening van diensten in het kader van deze post worden gegeven in een bijlage bij deze begroting.

    Post 5 1 1 1 — Terugbetaling van huurlasten — Bestemmingsontvangsten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    639 000

    p.m.

    52 903,00

    Toelichting

    Deze ontvangsten worden overeenkomstig artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement beschouwd als bestemmingsontvangsten en geven aanleiding tot de opvoering van extra kredieten op het begrotingsonderdeel van de oorspronkelijke uitgave die tot de ontvangsten heeft geleid.

    Hoofdstuk 5 2 — Opbrengst van uitgezette of uitgeleende middelen, bankrenten en andere renten

    Artikel 5 2 0 — Opbrengst van uitgezette of uitgeleende middelen, bankrenten en andere renten geïnd op de rekeningen van de instelling

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    50 000

    50 000

    2 076,80

    Toelichting

    Onder dit artikel worden de ontvangsten geboekt die afkomstig zijn van uitgezette of uitgeleende middelen, bankrenten en andere renten, geïnd op de rekeningen van de instelling.

    Hoofdstuk 5 5 — Ontvangsten afkomstig van de levering van diensten en werkzaamheden

    Artikel 5 5 0 — Ontvangsten afkomstig van de levering van diensten en werkzaamheden ten behoeve van andere instellingen of organen, inclusief kosten van dienstreizen voor rekening van andere instellingen of organen en door deze instellingen of organen terugbetaald — Bestemmingsontvangsten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    1 285 000

    p.m.

    5 546 788,16

    Toelichting

    Deze ontvangsten worden overeenkomstig artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement beschouwd als bestemmingsontvangsten en geven aanleiding tot de opvoering van extra kredieten op het begrotingsonderdeel van de oorspronkelijke uitgave die tot de ontvangsten heeft geleid.

    Artikel 5 5 1 — Ontvangsten van derden afkomstig van op verzoek van derden verleende diensten en werkzaamheden — Bestemmingsontvangsten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    755 041,57

    Toelichting

    Deze ontvangsten worden overeenkomstig artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement beschouwd als bestemmingsontvangsten en geven aanleiding tot de opvoering van extra kredieten op het begrotingsonderdeel van de oorspronkelijke uitgave die tot de ontvangsten heeft geleid.

    Hoofdstuk 5 7 — Overige bijdragen en terugbetalingen die voortvloeien uit de administratieve werking van de instelling

    Artikel 5 7 0 — Ontvangsten afkomstig van de terugbetaling van onverschuldigd betaalde bedragen — Bestemmingsontvangsten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    717 500

    p.m.

    4 122 801,83

    Toelichting

    Deze ontvangsten worden overeenkomstig artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement beschouwd als bestemmingsontvangsten en geven aanleiding tot de opvoering van extra kredieten op het begrotingsonderdeel van de oorspronkelijke uitgave die tot de ontvangsten heeft geleid.

    Artikel 5 7 1 — Ontvangsten die voor een bepaald doel zijn bestemd, zoals inkomsten van stichtingsvermogens, subsidies, giften en legaten, daaronder begrepen de aan elke instelling vooraf toegewezen specifieke ontvangsten — Bestemmingsontvangsten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    0,—

    Toelichting

    Deze ontvangsten worden overeenkomstig artikel 21, lid 2, onder d), van het Financieel Reglement beschouwd als bestemmingsontvangsten en geven aanleiding tot de opvoering van extra kredieten op het begrotingsonderdeel van de oorspronkelijke uitgave die tot de ontvangsten heeft geleid.

    Artikel 5 7 2 — Terugbetaling van voor rekening van een andere instelling gedane sociale uitgaven

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    0,—

    Toelichting

    Onder dit artikel worden de inkomsten geboekt in verband met de terugbetaling van voor rekening van een andere instelling gedane sociale uitgaven.

    Artikel 5 7 3 — Overige bijdragen en terugbetalingen die voortvloeien uit de administratieve werking van de instelling — Bestemmingsontvangsten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    3 000

    p.m.

    3 669 131,72

    Hoofdstuk 5 8 — Diverse vergoedingen

    Artikel 5 8 1 — Ontvangsten afkomstig van verzekeringsuitkeringen — Bestemmingsontvangsten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    20 162 096,72

    Toelichting

    Deze ontvangsten worden overeenkomstig artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement beschouwd als bestemmingsontvangsten en geven aanleiding tot de opvoering van extra kredieten op het begrotingsonderdeel van de oorspronkelijke uitgave die tot de ontvangsten heeft geleid.

    Dit artikel omvat tevens de terugbetaling door de verzekering van de bezoldiging van ambtenaren in geval van ongevallen.

    Titel 6 — Bijdragen en terugbetalingen in het kader van overeenkomsten en programma's van de Unie

    Hoofdstuk 6 6 — Overige bijdragen en terugbetalingen

    Artikel 6 6 0 — Overige bijdragen en terugbetalingen

    Post 6 6 0 0 — Overige bestemmingsbijdragen en -terugbetalingen — Bestemmingsontvangsten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    100 000

    p.m.

    12 731 797,26

    Toelichting

    Op deze post worden, overeenkomstig artikel 21 van het Financieel Reglement, de eventuele ontvangsten geboekt die niet zijn voorzien bij de andere onderdelen van titel 6 en die worden aangewend voor de opvoering van extra kredieten ter financiering van de uitgaven waarvoor deze ontvangsten zijn bestemd.

    Post 6 6 0 1 — Overige bijdragen en terugbetalingen zonder bestemming

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    0,—

    Titel 9 — Diverse ontvangsten

    Hoofdstuk 9 0 — Diverse ontvangsten

    Artikel 9 0 0 — Diverse ontvangsten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Begroting 2018

    Uitvoering 2017

    1 000

    1 000

    1 638 370,61

    Toelichting

    Onder dit artikel worden diverse ontvangsten opgenomen.

    Details van de uitgaven en ontvangsten die voortvloeien uit leningen of huur of de verlening van diensten in het kader van deze post worden gegeven in een bijlage bij deze begroting.

    Uitgaven — Uitgaven

    Titel 1 — Aan de instelling verbonden personen

    Hoofdstuk 1 0 — Leden van de instelling

    Artikel 1 0 0 — Bezoldigingen en vergoedingen

    Post 1 0 0 0 — Bezoldigingen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    78 020 000

    77 125 000

    75 582 239,05

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de financiering van de in het statuut van de leden voorziene vergoeding.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de leden van het Europees Parlement, met name de artikelen 9 en 10.

    Bepalingen ter uitvoering van het statuut van de leden van het Europees Parlement, met name de artikelen 1 en 2.

    Post 1 0 0 4 — Normale reiskosten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    59 040 000

    68 500 000

    66 850 000,00

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de vergoeding van reis- en verblijfkosten in verband met reizen van en naar de plaatsen waar de instelling haar werkzaamheden verricht en andere dienstreizen.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 25 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de leden van het Europees Parlement, met name artikel 20.

    Bepalingen ter uitvoering van het statuut van de leden van het Europees Parlement, met name de artikelen 10 tot en met 21 en artikel 24.

    Post 1 0 0 5 — Overige reiskosten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    5 670 000

    6 200 000

    5 700 000,00

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de vergoeding van bijkomende reiskosten, de kosten van reizen in het land van verkiezing.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 1 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de leden van het Europees Parlement, met name artikel 20.

    Bepalingen ter uitvoering van het statuut van de leden van het Europees Parlement, met name de artikelen 22 en 23.

    Post 1 0 0 6 — Algemene kostenvergoeding

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    42 900 000

    40 213 000

    38 910 938,44

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de kosten die voortvloeien uit de parlementaire activiteiten van de leden, overeenkomstig de Bepalingen ter uitvoering van het statuut van de leden van het Europees Parlement.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 170 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de leden van het Europees Parlement, met name artikel 20.

    Bepalingen ter uitvoering van het statuut van de leden van het Europees Parlement, met name de artikelen 25 tot en met 28.

    Post 1 0 0 7 — Ambtsvergoedingen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    187 000

    185 000

    162 322,21

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de vaste verblijfs- en representatievergoedingen in verband met het uitoefenen van de functie van voorzitter van het Europees Parlement.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de leden van het Europees Parlement, met name artikel 20.

    Besluit van het Bureau van 17 juni 2009.

    Artikel 1 0 1 — Ongevallen- en ziektekostenverzekering en andere sociale voorzieningen

    Post 1 0 1 0 — Ongevallen- en ziektekostenverzekering en andere sociale lasten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    2 930 000

    2 923 000

    2 058 839,26

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de ongevallenverzekering, de vergoeding van medische kosten en de verzekering tegen verlies en diefstal van persoonlijke bezittingen van de leden.

    Het dient tevens ter dekking van verzekering en bijstand in geval van repatriëring van de leden bij een officiële reis, als gevolg van ernstige ziekte, ongeval of onvoorziene omstandigheden waardoor voortzetting van de reis onmogelijk is. De bijstand omvat het organiseren van de repatriëring en het voor rekening nemen van de aan de repatriëring verbonden kosten.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 200 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de leden van het Europees Parlement, met name de artikelen 18 en 19.

    Bepalingen ter uitvoering van het statuut van de leden van het Europees Parlement, met name de artikelen 3 tot en met 9 en artikel 29.

    Gemeenschappelijke regeling voor de verzekering van ambtenaren van de Europese Unie tegen ongevallen en beroepsziekten.

    Gemeenschappelijke regeling voor de verzekering van ambtenaren van de Europese Gemeenschappen tegen ziekten.

    Besluit van de Commissie houdende vaststelling van de algemene uitvoeringsbepalingen voor de vergoeding van ziektekosten.

    Post 1 0 1 2 — Specifieke voorzieningen ten behoeve van gehandicapte leden

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    876 000

    805 000

    655 000,00

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van bepaalde uitgaven die nodig zijn om bijstand te verlenen aan ernstig gehandicapte leden.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Bepalingen ter uitvoering van het statuut van de leden van het Europees Parlement, met name artikel 30.

    Artikel 1 0 2 — Overbruggingstoelagen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    20 690 000

    960 000

    645 727,51

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de financiering van de overbruggingstoelage bij ambtsbeëindiging van leden.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de leden van het Europees Parlement, met name artikel 13.

    Bepalingen ter uitvoering van het statuut van de leden van het Europees Parlement, met name de artikelen 45 tot en met 48 en artikel 77.

    Artikel 1 0 3 — Pensioenen

    Post 1 0 3 0 — Ouderdomspensioenen (KVL)

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    11 410 000

    11 540 000

    10 450 954,11

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitkering van een ouderdomspensioen na beëindiging van het mandaat van een lid.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 150 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Bepalingen ter uitvoering van het statuut van de leden van het Europees Parlement, met name artikel 75 van en bijlage III bij de KVL-regeling (regeling kosten en vergoedingen van leden van het Europees Parlement).

    Post 1 0 3 1 — Invaliditeitspensioenen (KVL)

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    274 000

    310 000

    302 405,62

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitkering van een pensioen bij invaliditeit van een lid die tijdens het mandaat is ontstaan.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Bepalingen ter uitvoering van het statuut van de leden van het Europees Parlement, met name artikel 75 van en bijlage II bij de KVL-regeling (regeling kosten en vergoedingen van leden van het Europees Parlement).

    Post 1 0 3 2 — Overlevingspensioenen (KVL)

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    2 113 000

    2 315 000

    1 980 873,42

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitkering van een overlevings- en/of wezenpensioen bij overlijden van een lid of van een voormalig lid.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 15 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Bepalingen ter uitvoering van het statuut van de leden van het Europees Parlement, met name artikel 75 van en bijlage I bij de KVL-regeling (regeling kosten en vergoedingen van leden van het Europees Parlement).

    Post 1 0 3 3 — Vrijwillige pensioenregeling van de leden

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    0,—

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de bijdrage van de instelling aan de vrijwillige aanvullende pensioenregeling voor leden van het Parlement.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 500 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de leden van het Europees Parlement, met name artikel 27.

    Bepalingen ter uitvoering van het statuut van de leden van het Europees Parlement, met name artikel 76 van en bijlage VII bij de KVL-regeling (regeling kosten en vergoedingen van leden van het Europees Parlement).

    Artikel 1 0 5 — Talen- en computercursussen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    800 000

    800 000

    670 000,00

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de kosten van taalcursussen en computercursussen voor de leden.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Rechtsgronden

    Bepalingen ter uitvoering van het statuut van de leden van het Europees Parlement, met name artikel 44.

    Besluit van het Bureau van 23 oktober 2017 betreffende talen- en computercursussen voor de leden.

    Hoofdstuk 1 2 — Ambtenaren en tijdelijke functionarissen

    Artikel 1 2 0 — Salaris en andere rechten

    Post 1 2 0 0 — Salaris en vergoedingen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    678 300 000

    664 350 000

    637 428 655,80

    Toelichting

    Dit krediet dient vooral ter dekking, voor de ambtenaren en tijdelijke functionarissen die een ambt bekleden op de lijst van het aantal ambten, van:

    —  de salarissen, vergoedingen en aan de salarissen gekoppelde toelagen;

    —  de ziekte-, ongevallen- en beroepsziektekostenverzekering en andere sociale lasten;

    —  de forfaitaire vergoedingen voor overuren;

    —  de overige toelagen en vergoedingen;

    —  de betaling van de reiskosten van de ambtenaren en tijdelijke functionarissen, hun echtgenoten en de personen te hunnen laste van de standplaats naar de plaats van herkomst;

    —  de gevolgen van de toepassing van de aanpassingscoëfficiënten op de bezoldigingen en op het gedeelte van de emolumenten dat naar een ander land dan dat van de standplaats wordt overgemaakt;

    —  de werkloosheidsverzekering voor tijdelijke functionarissen, alsmede betalingen met het oog op de totstandkoming of de handhaving van pensioenrechten in het land van herkomst van tijdelijke functionarissen.

    Het dient tevens ter dekking van de premies voor de verzekering van ongelukken in verband met sportactiviteiten voor gebruikers van het sportcentrum van het Europees Parlement in Brussel en Straatsburg.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 450 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie.

    Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie.

    Post 1 2 0 2 — Betaalde overuren

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    110 000

    134 000

    50 000,00

    Toelichting

    Dit krediet dient voor het uitbetalen van overuren onder de voorwaarden vervat in de rechtsgronden.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie, met name artikel 56 en bijlage VI.

    Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie.

    Post 1 2 0 4 — Rechten in verband met indiensttreding, overplaatsing en beëindiging van de dienst

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    3 060 000

    3 430 000

    2 950 000,00

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van:

    —  de reiskosten van ambtenaren en tijdelijke functionarissen (en van hun gezinsleden) bij indiensttreding, beëindiging van de dienst of overplaatsing met verandering van standplaats;

    —  de inrichtings- en herinrichtingsvergoedingen en de verhuiskosten voor ambtenaren en tijdelijke functionarissen die bij indiensttreding of bij tewerkstelling in een andere standplaats van woonplaats moeten veranderen, en voor ambtenaren die zich bij de definitieve beëindiging van de dienst in een andere plaats vestigen;

    —  de dagvergoedingen die verschuldigd zijn aan ambtenaren en tijdelijke functionarissen die aantonen dat zij bij indiensttreding of bij tewerkstelling in een nieuwe standplaats genoodzaakt zijn van woonplaats te veranderen;

    —  de ontslagvergoeding voor ambtenaren op proef in geval van hun kennelijke onbekwaamheid;

    —  de vergoeding bij opzegging door de instelling van overeenkomsten met tijdelijke functionarissen;

    —  het verschil tussen de bijdragen van de contractuele functionarissen aan een pensioenstelsel van een lidstaat en die welke zij aan het communautaire stelsel moeten afdragen in geval van herkwalificatie van een contract.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie.

    Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie.

    Artikel 1 2 2 — Vergoedingen bij vervroegde beëindiging van de dienst

    Post 1 2 2 0 — Vergoedingen bij ontheffing van het ambt en verlof om redenen van dienstbelang

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    1 805 000

    1 200 000

    944 791,98

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de vergoedingen:

    —  aan ambtenaren die ter beschikking zijn gesteld ingevolge een maatregel tot vermindering van het aantal ambten bij de instelling;

    —  aan ambtenaren die op verlof geplaatst om organisatorische redenen die verband houden met de verwerving van nieuwe vaardigheden binnen de instelling;

    —  aan ambtenaren en tijdelijke functionarissen van fracties, die een ambt bekleden in rang AD 16 of AD 15 en van dit ambt worden ontheven om redenen van dienstbelang.

    Het dient ook ter dekking van de werkgeversbijdrage voor de ziektekostenverzekering en de gevolgen van de toepassing van de aanpassingscoëfficiënten hierop (met uitzondering van de personen die vallen onder artikel 42 quater van het Statuut, die geen recht hebben op de aanpassingscoëfficiënt).

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie, met name de artikelen 41, 42 quater en 50, alsmede bijlage IV, en artikel 48 bis van de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie.

    Post 1 2 2 2 — Vergoedingen bij definitieve beëindiging van de dienst en speciale pensioenregeling voor ambtenaren en tijdelijke functionarissen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    0,—

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van:

    —  de vergoedingen die verschuldigd zijn uit hoofde van het Statuut of van de Verordeningen (EG, Euratom, EGKS) nr. 2689/95 en (EG, Euratom) nr. 1748/2002 van de Raad;

    —  de werkgeversbijdrage voor de ziektekostenverzekering van de begunstigden van deze vergoedingen;

    —  de gevolgen van de toepassing van de aanpassingscoëfficiënten op de diverse vergoedingen.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie, met name de artikelen 64 en 72.

    Verordening (EG, Euratom, EGKS) nr. 2689/95 van de Raad van 17 november 1995 tot vaststelling van bijzondere maatregelen betreffende de beëindiging van de dienst van tijdelijke functionarissen van de Europese Gemeenschappen naar aanleiding van de toetreding van Oostenrijk, Finland en Zweden (PB L 280 van 23.11.1995, blz. 4).

    Verordening (EG, Euratom) nr. 1748/2002 van de Raad van 30 september 2002 tot vaststelling, in het kader van de modernisering van de instelling, van bijzondere maatregelen inzake beëindiging van de dienst door ambtenaren van de Europese Gemeenschappen die in vaste dienst bij het Europees Parlement zijn aangesteld, en tijdelijke functionarissen van de politieke fracties van het Europees Parlement (PB L 264 van 2.10.2002, blz. 9).

    Hoofdstuk 1 4 — Ander personeel en prestaties van derden

    Artikel 1 4 0 — Andere personeelsleden en externe personen

    Post 1 4 0 0 — Andere personeelsleden — Secretariaat-generaal en fracties

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    54 061 000

    47 441 000

    43 861 462,94

    Toelichting

    Dit krediet dient hoofdzakelijk ter dekking van de volgende uitgaven, met uitzondering van de uitgaven voor de andere personeelsleden die werkzaam zijn in het directoraat-generaal dat met beveiliging belast is en die taken uitvoeren die verband houden met de beveiliging van personen en goederen, de informatiebeveiliging alsook met de risicobeoordeling en de uitgaven voor de andere personeelsleden die in het secretariaat-generaal de taken van chauffeur uitvoeren of die zorgen voor de coördinatie ervan:

    —  de bezoldiging, met inbegrip van toewijzingen en vergoedingen, van de andere personeelsleden, met inbegrip van arbeidscontractanten en bijzondere adviseurs (overeenkomstig de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie), de werkgeversbijdrage voor de diverse socialezekerheidsregelingen, voor het grootste deel voor het communautaire stelsel, en de gevolgen van de toepassing van de aanpassingscoëfficiënten op de vergoedingen van deze personeelsleden;

    —  het inschakelen van uitzendkrachten;

    —  facturen ingediend door PMO ter dekking van de kosten voor personeel aangenomen om de administratieve dossiers van personeelsleden van het Europees Parlement te verwerken (met name werkloosheidstoelagen en pensioenrechten).

    Een deel van dit krediet dient om personen met een handicap aan te werven als arbeidscontractanten, overeenkomstig het Besluit van het Bureau van 27 april 2015.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 000 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie (titel IV, titel V en titel VI).

    Algemene uitvoeringsbepalingen inzake vergelijkende onderzoeken en selectieprocedures, aanwerving en inschaling van ambtenaren en andere personeelsleden van het Europees Parlement (besluit van de secretaris-generaal van het Europees Parlement van 17 oktober 2014).

    Post 1 4 0 1 — Andere personeelsleden — Beveiliging

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    27 713 000

    24 139 600

    24 692 009,18

    Toelichting

    Dit krediet dient hoofdzakelijk ter dekking van de volgende uitgaven voor de andere personeelsleden die werkzaam zijn in het directoraat-generaal dat verantwoordelijk is voor de beveiliging en die taken uitvoeren die verband houden met de beveiliging van personen en goederen, de informatiebeveiliging alsook met de risicobeoordeling:

    —  de bezoldiging van arbeidscontractanten en arbeidscontractanten voor hulptaken, met inbegrip van de toelagen en vergoedingen alsook de gevolgen van de toepassing van de aanpassingscoëfficiënten op de vergoedingen van deze personeelsleden;

    —  het inschakelen van uitzendkrachten;

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie (titel IV).

    Algemene uitvoeringsbepalingen inzake vergelijkende onderzoeken en selectieprocedures, aanwerving en inschaling van ambtenaren en andere personeelsleden van het Europees Parlement (besluit van de secretaris-generaal van het Europees Parlement van 17 oktober 2014).

    Post 1 4 0 2 — Andere personeelsleden — Chauffeurs in het secretariaat-generaal

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    6 391 000

    6 202 300

    5 459 043,14

    Toelichting

    Dit krediet dient hoofdzakelijk ter dekking van de volgende uitgaven in verband met de andere personeelsleden die in het secretariaat-generaal de taken van chauffeur uitvoeren of die zorgen voor de coördinatie ervan:

    —  de bezoldiging van arbeidscontractanten en arbeidscontractanten voor hulptaken, met inbegrip van de toelagen en vergoedingen alsook de gevolgen van de toepassing van de aanpassingscoëfficiënten op de vergoedingen van deze personeelsleden;

    —  het inschakelen van uitzendkrachten;

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie (titel IV).

    Algemene uitvoeringsbepalingen inzake vergelijkende onderzoeken en selectieprocedures, aanwerving en inschaling van ambtenaren en andere personeelsleden van het Europees Parlement (besluit van de secretaris-generaal van het Europees Parlement van 17 oktober 2014).

    Post 1 4 0 4 — Stages, beurzen en uitwisseling van ambtenaren

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    9 442 000

    7 197 900

    7 168 126,55

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van:

    —  emolumenten voor stagiairs (beurzen), met inbegrip van eventuele kostwinnerstoelagen;

    —  reiskosten voor stagiairs;

    —  de bijkomende kosten voor stagiairs in het kader van het proefprogramma voor stages voor personen met een handicap, die rechtstreeks voortvloeien uit hun handicap, overeenkomstig artikel 24, lid 9 (oud artikel 20, lid 8), van de interne regels betreffende stages bij en studiebezoeken aan het secretariaat-generaal van het Europees Parlement. Dit omvat ook de kosten van een bijkomende arbeidsongeschiktheidsuitkering (tot 50% van de beurs);

    —  de kosten van ziektekosten- en ongevallenverzekeringen voor stagiairs;

    —  de kosten van het houden van informatiebijeenkomsten en trainingen voor stagiairs (met inbegrip van de kosten van de ontvangst van stagiairs);

    —  subsidie aan het Comité voor Schuman-stages;

    —  de uitgaven die voortvloeien uit het wederzijds ter beschikking stellen van personeel door het Europees Parlement en de openbare sector in de lidstaten of in andere landen die specifiek in de regeling worden genoemd;

    —  de kosten in verband met de detachering van nationale deskundigen bij het Europees Parlement, met inbegrip van vergoedingen en reiskosten;

    —  de kosten van ongevallenverzekeringen voor gedetacheerde deskundigen;

    —  de vergoeding van studiebezoeken en studiebeurzen;

    —  de organisatie van opleidingen voor conferentietolken en vertalers, met name in samenwerking met tolkenscholen en universiteiten die een vertalersopleiding aanbieden, alsmede de kosten voor de toekenning van beurzen voor de opleiding en bijscholing van tolken en vertalers, de aankoop van didactisch materiaal alsmede bijkomende kosten.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Regeling inzake de terbeschikkingstelling van ambtenaren van het Europees Parlement en tijdelijke functionarissen van fracties bij nationale administraties, hiermee gelijkgestelde organen of internationale organisaties (besluit van het Bureau van 7 maart 2005).

    Regeling inzake de detachering van nationale deskundigen bij het Europees Parlement (besluit van het Bureau van 4 mei 2009).

    Interne regels betreffende stages bij en studiebezoeken aan het secretariaat-generaal van het Europees Parlement (besluit van de secretaris-generaal van het Europees Parlement van 1 februari 2013).

    Post 1 4 0 5 — Uitgaven voor tolkendiensten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    40 000 000

    50 801 533

    47 589 860,00

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de volgende uitgaven:

    —  de vergoedingen en hiermee gelijkgestelde toelagen, sociale bijdragen en andere kosten van de contractuele conferentietolken die door het Europees Parlement worden aangeworven voor vergaderingen die het Europees Parlement voor zichzelf of andere instellingen of organen organiseert, waarvoor de benodigde diensten niet door de tolken die als ambtenaar of tijdelijk functionaris werkzaam zijn, kunnen worden geleverd;

    —  de uitgaven voor technisch en ander personeel voor conferenties voor de hierboven genoemde vergaderingen, wanneer de benodigde diensten niet door ambtenaren, tijdelijke functionarissen of andere personeelsleden van het Europees Parlement kunnen worden geleverd;

    —  de kosten in verband met de voor het Parlement verrichte diensten van tolken die werkzaam zijn bij andere regionale, nationale of internationale instellingen;

    —  de kosten in verband met vertolkingsactiviteiten, in het bijzonder de voorbereiding op vergaderingen en de opleiding en selectie van tolken;

    —  de aan de Commissie betaalde kosten voor het beheer van de betalingen aan de conferentietolken.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 500 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie.

    Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie.

    Overeenkomst betreffende de arbeidsvoorwaarden en de financiële regeling voor de als hulpfunctionaris aangestelde conferentietolken (en de uitvoeringsbepalingen daarvan), vastgesteld op 28 juli 1999, zoals geannoteerd op 13 oktober 2004 en zoals herzien op 31 juli 2008.

    Post 1 4 0 6 — Waarnemers

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    0,—

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de kosten betreffende de waarnemers, overeenkomstig artikel 13 van het Reglement van orde van het Europees Parlement.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Artikel 1 4 2 — Externe vertalingsdiensten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    5 000 000

    8 696 000

    9 237 085,84

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van door derden verrichte diensten op het gebied van vertaling, tekstredactie, typewerkzaamheden, codering en technische assistentie.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 50 000 EUR.

    Hoofdstuk 1 6 — Overige uitgaven in verband met aan de instelling verbonden personen

    Artikel 1 6 1 — Uitgaven in verband met personeelsbeheer

    Post 1 6 1 0 — Uitgaven in verband met aanwerving

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    163 000

    253 650

    180 000,00

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van:

    —  de kosten voor het organiseren van de in artikel 3 van Besluit 2002/621/EG bedoelde vergelijkende onderzoeken, alsmede de reis- en verblijfkosten van de kandidaten voor aanwervingsgesprekken,

    —  de kosten van de organisatie van procedures voor de aanwerving van personeelsleden.

    In gevallen waarin een en ander naar behoren is aangetoond op grond van functionele behoeften en na raadpleging van het Europees Bureau voor personeelsselectie, kan dit krediet worden gebruikt voor door de instelling zelf georganiseerde vergelijkende onderzoeken.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie, met name de artikelen 27 tot en met 31 en artikel 33, alsmede bijlage III.

    Besluit 2002/620/EG van het Europees Parlement, de Raad, de Commissie, het Hof van Justitie, de Rekenkamer, het Economisch en Sociaal Comité, het Comité van de Regio's en de Europese Ombudsman van 25 juli 2002 betreffende de oprichting van het Bureau voor personeelsselectie van de Europese Gemeenschappen (PB L 197 van 26.7.2002, blz. 53) en Besluit 2002/621/EG van de secretarissen-generaal van het Europees Parlement, van de Raad en van de Commissie, de griffier van het Hof van Justitie, de secretarissen-generaal van de Rekenkamer, van het Economisch en Sociaal Comité en van het Comité van de Regio's, en de vertegenwoordiger van de Europese Ombudsman van 25 juli 2002 betreffende de organisatie en de werking van het Bureau voor personeelsselectie van de Europese Gemeenschappen (PB L 197 van 26.7.2002, blz. 56).

    Post 1 6 1 2 — Bijscholing

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    7 085 000

    6 210 000

    5 079 596,63

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven voor opleiding met als doel de vaardigheden van het personeel en de prestaties en de efficiëntie van de instelling te verbeteren, bijvoorbeeld door de organisatie van taalcursussen in de officiële werktalen.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie, met name artikel 24 bis.

    Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie.

    Artikel 1 6 3 — Voorzieningen voor het personeel van de instelling

    Post 1 6 3 0 — Sociale dienst

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    749 000

    743 000

    477 204,99

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van:

    —  in het kader van het interinstitutionele gehandicaptenbeleid, voor gehandicapten die behoren tot een van de volgende groepen:

    —  ambtenaren en tijdelijke functionarissen in actieve dienst;

    —  echtgenoten van ambtenaren en tijdelijke functionarissen in actieve dienst;

    —  ten laste komende kinderen in de zin van het Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie;

    voor de terugbetaling van de op grond van de handicap gemaakte, als noodzakelijk erkende, naar behoren aangetoonde niet-medische kosten die niet door de Gemeenschappelijke Regeling voor de ziektekostenverzekering worden vergoed, binnen de grenzen van de budgettaire mogelijkheden en na uitputting van de eventuele rechten die door het land van herkomst of woonplaats worden toegekend;

    —  de kosten voor bijstand aan ambtenaren en andere personeelsleden die in zeer benarde omstandigheden verkeren;

    —  de verstrekking van een subsidie voor het Personeelscomité en kleinere uitgaven van sociale aard. De door het Personeelscomité gefinancierde bijdragen of overname van kosten ten behoeve van deelnemers aan een sociale activiteit zijn bestemd voor activiteiten met een sociale, culturele of taaldimensie, maar er wordt geen subsidie verleend aan individuele personeelsleden of gezinsleden;

    —  andere institutionele of interinstitutionele maatregelen van sociale aard ten behoeve van ambtenaren, ander personeel en gepensioneerden;

    —  redelijke maatregelen voor het bieden van ondersteuning aan, of medische of sociale analyse van, ambtenaren en ander personeel met een handicap en stagiairs met een handicap, of ambtenaren en ander personeel met een handicap tijdens de aanwervingsprocedure en stagiairs met een handicap tijdens de selectieprocedure, uit hoofde van artikel 1 quinquies van het Statuut van de ambtenaren, in het bijzonder individuele ondersteuning op de arbeidsplaats of tijdens dienstreizen.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 70 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie, met name artikel 1 quinquies, artikel 9, lid 3, derde alinea, en artikel 76.

    Post 1 6 3 1 — Mobiliteit

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    1 500 000

    730 000

    639 060,19

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven voor het mobiliteitsplan in de verschillende werklocaties.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 000 EUR.

    Post 1 6 3 2 — Sociale betrekkingen tussen de leden van het personeel en andere maatregelen op sociaal gebied

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    240 000

    227 000

    230 000,00

    Toelichting

    Dit krediet dient ter aanmoediging en financiële ondersteuning van alle initiatieven ter bevordering van sociale contacten tussen personeelsleden van verschillende nationaliteiten, zoals subsidies voor sportclubs en culturele verenigingen van het personeel, alsmede voor een bijdrage in de kosten van een ontmoetingscentrum (culturele activiteiten, ontspanning, restaurant) voor vrijetijdsbesteding.

    Het dient tevens ter dekking van de financiële bijdrage in de interinstitutionele sociale activiteiten.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 600 000 EUR.

    Artikel 1 6 5 — Activiteiten met betrekking tot alle aan de instelling verbonden personen

    Post 1 6 5 0 — Medische dienst

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    1 555 000

    1 250 000

    1 087 796,26

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de huishoudelijke uitgaven van de medische diensten, de dienst ziekteverlof en de afdeling voor preventie en welzijn op de werkplek in de drie vergaderplaatsen, met inbegrip van de medische controles, de aanschaf van materieel, geneesmiddelen enz., de kosten van medisch onderzoek, met name in het kader van de arbeidsgeneeskunde, de medische onderzoeken in verband met aanwerving, de periodieke medische onderzoeken voor "risicoposten, posten in de bewaking en posten met een vastgesteld risico", de medische verslagen, ergonomie de huishoudelijke uitgaven van het invaliditeitscomité, arbitrage en advies van deskundigen, alsmede van de diensten van externe medische of paramedisch specialisten die door de raadgevend geneesheren noodzakelijk worden geacht.

    Tevens dient het ter dekking van de aanschaf van bepaalde werkmiddelen die vanuit medisch oogpunt noodzakelijk worden geacht, samen met uitgaven voor verleners van medische of paramedische diensten of tijdelijk vervangend personeel.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie, met name artikel 59, alsmede bijlage II, artikel 8.

    Post 1 6 5 2 — Uitgaven in verband met aanwerving

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    1 080 000

    1 310 000

    180 000,00

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de cateringkosten.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 100 000 EUR.

    Post 1 6 5 4 — Voorzieningen voor kinderopvang

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    7 675 000

    7 478 900

    6 574 599,12

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de bijdrage van het Europees Parlement aan het totaal van de uitgaven voor organisatie en voor dienstverlening voor de interne voorzieningen voor kinderopvang, alsook voor de externe voorzieningen voor kinderopvang waarmee een contract is afgesloten.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 300 000 EUR.

    Post 1 6 5 5 — Bijdrage van het Europees Parlement voor geaccrediteerde type II-Europese scholen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    615 000

    445 600

    295 000,00

    Toelichting

    Tenuitvoerlegging van Besluit C(2013) 4886 van de Commissie van 1 augustus 2013 betreffende de toepassing van de EU-bijdrage voor door de raad van bestuur van de Europese Scholen geaccrediteerde Europese Scholen, naar gelang van het aantal ingeschreven kinderen van EU-personeel, tot vervanging van Besluit C(2009) 7719 van de Commissie van 14 oktober 2009, gewijzigd bij Besluit C(2010) 7993 van de Commissie van 8 december 2010 (PB C 222 van 2.8.2013, blz. 8).

    Dit krediet dient ter dekking van de bijdrage van het Europees Parlement aan de type II-Europese scholen geaccrediteerd door de Raad van bestuur van de Europese scholen of de terugbetaling van de door de Commissie namens het Europees Parlement betaalde bijdrage aan de type II-Europese scholen geaccrediteerd door de Raad van bestuur van de Europese scholen. Het dekt de kosten voor in een type II-Europese school ingeschreven kinderen van personeelsleden van het Europees Parlement die vallen onder het Personeelsstatuut.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Titel 2 — Gebouwen, meubilair, materieel en diverse huishoudelijke uitgaven

    Toelichting

    Daar de dekking van de risico's van arbeidsconflicten en terroristische aanslagen waaraan de gebouwen van het Europees Parlement zijn blootgesteld door de verzekeringsmaatschappijen is opgezegd, dienen deze risico's door de algemene begroting van de Europese Unie te worden gedekt.

    Dientengevolge dienen de kredieten van deze titel ter dekking van alle uitgaven als gevolg van schade door arbeidsconflicten en terroristische aanslagen.

    Hoofdstuk 2 0 — Gebouwen en daarmee samenhangende kosten

    Artikel 2 0 0 — Gebouwen

    Post 2 0 0 0 — Huur

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    38 620 000

    35 948 000

    37 096 065,45

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de huurbedragen betreffende de onroerende goederen of gedeelten daarvan die door het Europees Parlement worden gebruikt.

    Tevens dient het ter dekking van de onroerende voorheffing. De huren zijn berekend over twaalf maanden en op basis van bestaande of in voorbereiding zijnde contracten, die normaliter voorzien in een indexering op basis van de kosten van het levensonderhoud of van de bouwkosten.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 000 000 EUR.

    Financiële bijdragen van de lidstaten of hun openbare instanties in de vorm van financiering of terugbetaling van kosten en van bijkomende kosten in verband met de aankoop of het gebruik van grond, gebouwen, alsmede van kosten in verband met gebouwen en faciliteiten van de instelling, worden beschouwd als externe bestemmingsontvangsten in de zin van artikel 21, lid 2, van het Financieel Reglement.

    Post 2 0 0 1 — Erfpacht

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    13 000 000

    40 850 000,00

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven voor de erfpacht van gebouwen of gedeelten van gebouwen op grond van lopende of in voorbereiding zijnde contracten.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 50 000 EUR.

    Financiële bijdragen van de lidstaten of hun openbare instanties in de vorm van financiering of terugbetaling van kosten en van bijkomende kosten in verband met de aankoop of het gebruik van grond, gebouwen, alsmede van kosten in verband met gebouwen en faciliteiten van de instelling, worden beschouwd als externe bestemmingsontvangsten in de zin van artikel 21, lid 2, van het Financieel Reglement.

    Post 2 0 0 3 — Aankoop van gebouwen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    0,—

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de aankoop van onroerende goederen. De subsidies voor de grondstukken en het bouwrijp maken ervan worden behandeld overeenkomstig de bepalingen van het Financieel Reglement.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 13 000 EUR.

    Financiële bijdragen van de lidstaten of hun openbare instanties in de vorm van financiering of terugbetaling van kosten en van bijkomende kosten in verband met de aankoop of het gebruik van grond, gebouwen, alsmede van kosten in verband met gebouwen en faciliteiten van de instelling, worden beschouwd als externe bestemmingsontvangsten in de zin van artikel 21, lid 2, van het Financieel Reglement.

    Post 2 0 0 7 — Inrichting van dienstruimten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    81 330 000

    78 708 000

    98 275 949,13

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van:

    —  de kosten van de bouw van gebouwen (werkzaamheden, honoraria voor studies, eerste inrichting en uitrusting noodzakelijk voor ingebruikneming en alle hieraan gerelateerde kosten),

    —  de werkzaamheden in verband met de inrichting van dienstruimten, alsmede van andere hiermee samenhangende uitgaven, met name architecten- of ingenieurshonoraria enz.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 600 000 EUR.

    Financiële bijdragen van de lidstaten of hun openbare instanties in de vorm van financiering of terugbetaling van kosten en van bijkomende kosten in verband met de aankoop of het gebruik van grond, gebouwen, alsmede van kosten in verband met gebouwen en faciliteiten van de instelling, worden beschouwd als externe bestemmingsontvangsten in de zin van artikel 21, lid 2, van het Financieel Reglement.

    Post 2 0 0 8 — Overige specifieke regelingen voor het beheer van onroerend goed

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    4 971 000

    5 196 000

    3 312 059,57

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven voor het beheer van onroerend goed waarin door de overige artikelen van dit hoofdstuk niet speciaal is voorzien, en met name:

    —  beheer en de behandeling van afval;

    —  controles, kwaliteitscontroles, expertises, audits, toezicht op de naleving van de regelgeving, enz.;

    —  technische bibliotheek;

    —  bij het beheer (building helpdesk);

    —  beheer van de plannen van de gebouwen en het informatiemateriaal;

    —  overige uitgaven.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 50 000 EUR.

    Artikel 2 0 2 — Uitgaven in verband met de gebouwen

    Post 2 0 2 2 — Onderhoud en schoonmaak van en toezicht op de gebouwen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    59 820 000

    57 450 000

    57 073 754,46

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de kosten van onderhoud en schoonmaak van en toezicht op de gebouwen (ruimten en technische installaties) die eigendom zijn van of gehuurd worden door het Europees Parlement, overeenkomstig de lopende contracten.

    Voorafgaand aan de hernieuwing of de sluiting van contracten, overlegt de instelling met de andere instellingen over de door elk van hen verkregen contractuele voorwaarden (prijs, valuta, indexering, duur, andere clausules) met inachtneming van artikel 104 van het Financieel Reglement.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 200 000 EUR.

    Post 2 0 2 4 — Energieverbruik

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    15 820 000

    15 800 000

    13 427 610,77

    Toelichting

    Dit krediet dient met name ter dekking van de kosten van het gebruik van water, gas, elektriciteit en verwarming.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 150 000 EUR.

    Post 2 0 2 6 — Veiligheid van en toezicht op de gebouwen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    22 350 000

    18 670 000

    16 774 496,39

    Toelichting

    Dit krediet dient voornamelijk ter dekking van de kosten van de bewaking van en het toezicht op de gebouwen die het Europees Parlement in de drie gewoonlijke vergaderplaatsen en de voorlichtingsbureaus in gebruik heeft, de ruimten van het Europees Parlement in de Europahuizen in de Unie en de buitenkantoren in derde landen.

    Voorafgaand aan de hernieuwing of de sluiting van contracten, overlegt de instelling met de andere instellingen over de door elk van hen verkregen contractuele voorwaarden (prijs, valuta, indexering, duur, andere clausules) met inachtneming van artikel 104 van het Financieel Reglement.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 120 000 EUR.

    Post 2 0 2 8 — Verzekeringen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    2 500 000

    2 580 000

    778 768,37

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van verzekeringspremies.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 000 EUR.

    Hoofdstuk 2 1 — INFORMATICA, MATERIEEL EN MEUBILAIR

    Toelichting

    Op het gebied van overheidsopdrachten overlegt de instelling met de andere instellingen over de door elk van hen verkregen voorwaarden.

    Artikel 2 1 0 — Informatica en telecommunicatie

    Post 2 1 0 0 — Informatica en telecommunicatie — Terugkerende operationele activiteiten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    29 915 200

    26 112 000

    27 914 345,51

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven voor de aankoop, de huur en het onderhoud van de hardware en software, alsook ter dekking van de kosten van externe bijstand van servicebedrijven en IT-consultants voor de terugkerende activiteiten die nodig zijn voor de goede werking van de informatica- en telecommunicatiesystemen van het Europees Parlement. Deze uitgaven betreffen in het bijzonder de systemen van het informaticacentrum en het telecommunicatiecentrum, het materiaal voor de afdelingen en het beheer van het netwerk.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 625 000 EUR.

    Post 2 1 0 1 — Informatica en telecommunicatie — Terugkerende operationele activiteiten in verband met de infrastructuur

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    23 546 000

    21 850 000

    21 163 695,67

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven voor de aankoop, de huur en het onderhoud van de hardware en software, alsook ter dekking van de kosten van externe bijstand van servicebedrijven en IT-consultants voor de terugkerende activiteiten met betrekking tot het beheer en het onderhoud van de infrastructuur in verband met de informatica- en telecommunicatiesystemen van het Europees Parlement. Deze uitgaven betreffen met name de infrastructuur in verband met de netwerken, de bekabeling, de telecommunicatie, de individuele uitrustingen en de stemsystemen.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 66 000 EUR.

    Post 2 1 0 2 — Informatica en telecommunicatie — Terugkerende operationele activiteiten in verband met algemene ondersteuning van gebruikers

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    12 301 000

    12 141 500

    10 653 193,91

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven voor de aankoop, de huur en het onderhoud van de hardware en software, alsook ter dekking van de kosten van externe bijstand van servicebedrijven en IT-consultants voor de terugkerende activiteiten met betrekking tot de bijstand en algemene ondersteuning van gebruikers in verband met de informatica- en telecommunicatiesystemen van het Europees Parlement. Deze uitgaven betreffen de ondersteunende diensten voor de leden en andere gebruikers, met name voor administratieve, wetgevende en communicatieapplicaties.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 4 000 EUR.

    Post 2 1 0 3 — Informatica en telecommunicatie — Terugkerende activiteiten met betrekking tot het beheer van ICT-applicaties

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    20 594 500

    18 465 500

    18 097 078,91

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven voor de aankoop, de huur en het onderhoud van de hardware en software en de daarmee verband houdende werkzaamheden, alsook ter dekking van de kosten van de service- en adviesbedrijven voor bijstand en voor de terugkerende activiteiten met betrekking tot het beheer van de ICT-applicaties van de instelling. Deze uitgaven betreffen met name de applicaties voor de leden, de communicatieapplicaties, alsook de administratieve en de wetgevingsapplicaties.

    Het dient ook ter dekking van de uitgaven voor de ICT-apparatuur die gezamenlijk gefinancierd wordt in het kader van de interinstitutionele samenwerking op taalgebied, als gevolg van de besluiten van het Interinstitutioneel Comité voor vertaling en vertolking.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 32 000 EUR.

    Post 2 1 0 4 — Informatica en telecommunicatie — Infrastructuurinvesteringen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    17 702 000

    19 845 000

    24 793 487,68

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven voor de aankoop van de hardware en software, alsook ter dekking van de kosten van externe bijstand van servicebedrijven en IT-consultants voor investeringen met betrekking tot de informatica- en telecommunicatie-infrastructuur van het Europees Parlement. De investeringen betreffen met name de systemen van het informaticacentrum en het telecommunicatiecentrum, de netwerken, de bekabeling, alsook de videoconferentiesystemen.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 102 000 EUR.

    Post 2 1 0 5 — Informatica en telecommunicatie — Projectinvesteringen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    34 792 000

    32 933 000

    24 907 627,51

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven voor de aankoop van de hardware en software, alsook ter dekking van de kosten van externe bijstand van servicebedrijven en IT-consultants voor investeringen met betrekking tot bestaande of nieuwe ICT-projecten. De investeringen betreffen voornamelijk toepassingen voor de leden, toepassingen op wetgevings-, administratief, financieel en communicatiegebied en toepassingen voor ICT-beheer.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 3 000 EUR.

    Artikel 2 1 2 — Meubilair

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    7 600 000

    5 600 000

    4 622 309,18

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de aankoop, de huur, het onderhoud en de reparatie van meubilair, met name de aankoop van ergonomisch kantoormeubilair en de vervanging van verouderd meubilair en meubilair dat niet langer wordt gebruikt, alsmede van kantoormachines. Het dient tevens ter dekking van de diverse beheersuitgaven in verband met het meubilair van het Europees Parlement.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 000 EUR.

    Artikel 2 1 4 — Technisch materieel en technische installaties

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    27 533 500

    26 098 500

    25 897 358,14

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van aankoop, huur, onderhoud, reparatie en beheer van technisch materieel en technische installaties, met name:

    —  vaste of mobiele apparatuur en technische installaties in verband met drukkerij, beveiliging (inclusief software), kantines, gebouwen, opleiding van personeel, sportcentra van de instelling enz.;

    —  apparatuur, met name voor printshop, telefoondienst, kantines, inkoopcentrales, veiligheid, technische dienst voor conferenties, de audiovisuele sector enz.;

    —  speciaal materieel (elektronische, elektrische en computerapparatuur), met inbegrip van de eraan verbonden externe prestaties.

    Dit krediet dient voorts ter dekking van de kosten voor het bekendmaken van de verkoop en de verwijdering van afgeschreven goederen, alsmede de kosten van technische assistentie (consulting) voor dossiers waarvoor externe expertise nodig is.

    Dit krediet dient voorts ter dekking van de kosten van vervoersdiensten voor apparatuur zodat de technische apparatuur die nodig is voor technische conferentiediensten op verzoek van een lid, een delegatie, een fractie of een orgaan van het Europees Parlement waar dan ook ter wereld beschikbaar kan worden gesteld. Deze kosten omvatten zowel de vervoerskosten als de totale daaraan verbonden administratieve kosten.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 190 000 EUR.

    Artikel 2 1 6 — Vervoer van leden, andere personen en goederen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    4 101 000

    3 728 000

    3 222 495,68

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van aankoop, onderhoud, gebruik en reparatie van voertuigen (wagenpark en fietsen) en van de huur van auto's, taxi's, bussen en vrachtwagens, met of zonder chauffeur, met inbegrip van de bijbehorende verzekeringen, alsook de overige beheerskosten. Bij de vervanging van het wagenpark of de aankoop of de huur van voertuigen moet de voorkeur worden gegeven aan de minst vervuilende typen, zoals hybride auto's.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 100 000 EUR.

    Hoofdstuk 2 3 — Lopende huishoudelijke uitgaven

    Toelichting

    Op het gebied van overheidsopdrachten overlegt de instelling met de andere instellingen over de door elk van hen verkregen voorwaarden.

    Artikel 2 3 0 — Papier, kantoorbenodigdheden en diverse producten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    1 440 000

    1 449 500

    1 299 846,57

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de aanschaf van papier, enveloppen, kantoorbehoeften, producten voor de drukkerij en de reproductiewerkplaatsen, enz., alsook de beheerskosten in verband daarmee.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 10 000 EUR.

    Artikel 2 3 1 — Financiële kosten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    60 000

    60 000

    40 000,00

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de bankkosten (commissies, agio's en diverse kosten) en de andere financiële kosten, met inbegrip van de bijkomende kosten voor de financiering van de gebouwen.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Artikel 2 3 2 — Juridische kosten en schadevergoedingen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    1 545 000

    1 010 000

    531 406,12

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van:

    —  het te betalen bedrag in geval van een veroordeling van het Europees Parlement tot betaling van de door het Hof van Justitie, het Gerecht en de nationale rechtbanken vastgestelde proceskosten;

    —  de kosten voor het inschakelen van externe advocaten die het Europees Parlement vertegenwoordigen voor rechtbanken van de Unie of nationale rechtbanken, en het inschakelen van juridische adviseurs of deskundigen om de Juridische Dienst te assisteren;

    —  de vergoeding van de kosten van advocaten in het kader van tuchtprocedures en daarmee vergelijkbare procedures;

    —  de uitgaven die voortvloeien uit schadevergoedingen;

    —  het bedrag van bij minnelijke regelingen toegekende vergoedingen, in toepassing van titel III, hoofdstuk 11 van het Reglement voor de procesvoering van het Gerecht.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 000 EUR.

    Artikel 2 3 6 — Porto en verzendkosten

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    337 000

    271 000

    160 116,73

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van uitgaven voor porto en voor verwerking en versturing door nationale postdiensten en koeriersdiensten.

    Het dient tevens ter financiering van postdiensten.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 25 000 EUR.

    Artikel 2 3 7 — Verhuizingen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    3 180 000

    2 490 000

    1 324 850,37

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven voor verhuizing en opslag door verhuisbedrijven of door tijdelijke arbeidskrachten die door externe dienstverleners ter beschikking worden gesteld.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 000 EUR.

    Artikel 2 3 8 — Overige huishoudelijke uitgaven

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    1 591 000

    1 560 000

    1 128 227,88

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van:

    —  verzekeringen die niet expliciet onder andere posten worden genoemd;

    —  de uitgaven voor aankoop en onderhoud van uniformen voor bodes, chauffeurs, receptionisten, magazijnbedienden, verhuizers, alsmede voor het personeel van de diensten bezoekers en studiebijeenkomsten, van het Parlamentarium, de medische dienst, de veiligheidsdienst, de dienst onderhoud gebouwen en diverse technische diensten;

    —  diverse huishoudelijke en beheersuitgaven, met inbegrip van de aan PMO betaalde beheerkosten verbonden aan de statutaire pensioenen van voormalige leden, de kosten in verband met de veiligheidscheck van externe personeelsleden die in de ruimten of de systemen van het Europees Parlement werken, alsook de aankoop van goederen en diensten waarin niet specifiek wordt voorzien door een andere post;

    —  diverse aankopen in verband met Eco-Management and Audit Scheme (EMAS) (voorlichtingscampagnes enz.).

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 000 EUR.

    Artikel 2 3 9 — EMAS-activiteiten, met inbegrip van voorlichting, en compensatieregeling voor CO2-emissies van het Europees Parlement

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    262 500

    262 500

    196 961,24

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de kosten voortvloeiend uit EMAS-activiteiten gericht op het verbeteren van de milieuprestaties van het Europees Parlement, met inbegrip van voorlichting over die activiteiten, en uit de compensatieregeling voor CO2-emissies van het Europees Parlement.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Titel 3 — Uitgaven voortvloeiend uit de algemene taken van de instelling

    Hoofdstuk 3 0 — Vergaderingen en conferenties

    Artikel 3 0 0 — Dienstreizen van het personeel en reizen tussen de drie vergaderplaatsen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    27 010 000

    29 673 000

    26 449 999,95

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven voor reiskosten van het personeel van de instelling, gedetacheerde nationale deskundigen, stagiairs en personeel van andere Europese of internationale instellingen dat door de instelling is uitgenodigd, tussen de standplaats en een van de drie vergaderplaatsen van het Europees Parlement (Brussel, Luxemburg en Straatsburg), alsook voor dienstreizen naar elke andere plaats buiten de drie vergaderplaatsen. De gedekte uitgaven betreffen de reiskosten, dagvergoedingen en verblijfkosten, en compensatie voor ongebruikelijke arbeidstijden. Bijkomende kosten (met inbegrip van kosten van de annulering van plaatsbewijzen en hotelreserveringen, kosten in verband met elektronische facturering, kosten in verband met verzekeringen) zijn eveneens gedekt.

    Dit krediet is ook bedoeld ter dekking van de kosten voor eventuele compensatie voor CO2-emissies als gevolg van dienstreizen en verplaatsingen van het personeel.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 200 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie, met name artikel 71, alsmede bijlage VII, artikelen 11, 12 en 13.

    Artikel 3 0 2 — Onthaal en representatie

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    1 000 000

    1 045 000

    698 664,49

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van:

    —  de uitgaven in verband met de verplichtingen van de instelling inzake ontvangst, met inbegrip van ontvangst in het kader van de werkzaamheden in verband met de beoordeling van wetenschappelijke keuzen (Scientific and Technological Options Assessment (STOA)), alsook van de uitgaven voor representatie van de leden van de instelling;

    —  de representatiekosten van de Voorzitter bij reizen buiten de vergaderplaatsen;

    —  de representatiekosten en de bijdrage in de secretariaatskosten van het kabinet van de Voorzitter;

    —  de kosten van ontvangst en representatie van het secretariaat-generaal, inclusief de aankoop van artikelen en medailles voor ambtenaren met 15 en/of 25 dienstjaren;

    —  diverse kosten van het protocol, zoals vlaggen, drukwerk, uitnodigingen, menukaarten enz.;

    —  reis- en verblijfkosten van VIP-bezoekers van de instelling;

    —  kosten van visa van leden en personeelsleden van het Europees Parlement bij officiële reizen;

    —  kosten van ontvangst en representatie en andere specifieke kosten voor leden die een officiële functie bij het Europees Parlement bekleden.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Artikel 3 0 4 — Diverse uitgaven voor vergaderingen

    Post 3 0 4 0 — Interne vergaderingen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    1 100 000

    1 230 000

    1 145 000,00

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven voor verfrissingen en andere dranken en voor lichte maaltijden die soms tijdens vergaderingen van het Europees Parlement of in zijn gebouwen georganiseerde interinstitutionele vergaderingen worden verstrekt, met inbegrip van het beheer van die diensten.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 000 EUR.

    Post 3 0 4 2 — Vergaderingen, congressen, conferenties en delegaties

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    2 010 000

    2 515 000

    1 762 468,81

    Toelichting

    Dit krediet dient met name ter dekking van andere kosten dan die welke reeds worden gedekt door hoofdstuk 1 0 en artikel 3 0 0, in verband met:

    —  het organiseren van vergaderingen buiten de plaatsen waar de instelling haar werkzaamheden verricht (commissies en commissiedelegaties, fracties), met inbegrip, waar passend van representatiekosten;

    —  het organiseren van de interparlementaire delegaties, ad-hocdelegaties, de gemengde parlementaire commissies, de parlementaire samenwerkingscommissies, parlementaire delegaties naar de Wereldhandelsorganisatie (WTO), alsmede de Parlementaire Conferentie van de WTO en haar Stuurcomité;

    —  het organiseren van de delegaties naar de Paritaire Parlementaire Vergadering ACS-EU, de Parlementaire Vergadering van EuroLat, de Parlementaire Vergadering Euronest, alsook van de organen van genoemde vergaderingen;

    —  het organiseren van de Vergadering van de Unie voor het Middellandse Zeegebied (UMZ), de commissies en het bureau hiervan. Deze uitgaven omvatten de bijdrage van het Europees Parlement aan de begroting van het autonome secretariaat van de UMZ of de rechtstreekse tenlasteneming van de kosten van het aandeel van het Europees Parlement in de begroting van de UMZ;

    —  de bijdragen aan internationale organisaties waarvan het Europees Parlement of één van zijn organen lid is (Interparlementaire Unie, Vereniging van de secretarissen-generaal van parlementen, Groep 12+ bij de Interparlementaire Unie);

    —  de terugbetaling aan de Commissie, op basis van een dienstenovereenkomst tussen het Europees Parlement en de Commissie, van het aandeel van het Parlement in de kosten van het produceren van de laissez-passer van de EU (apparatuur, personeel en voorraden), overeenkomstig het Protocol betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Unie (artikel 6), artikel 23 van het Statuut van de ambtenaren van de Europese Unie, artikelen 11 en 81 van de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie en Verordening (EU) nr. 1417/2013 van de Raad van 17 december 2013 tot vaststelling van de vorm van de door de Europese Unie afgegeven laissez-passer (PB L 353 van 28.12.2013, blz. 26).

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 000 EUR.

    Post 3 0 4 9 — Werkingskosten van het reisbureau

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    2 510 000

    2 230 000

    2 080 000,00

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de kosten die voortvloeien uit de werking van het reisbureau waarmee het Europees Parlement een contract heeft gesloten.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 6 000 EUR.

    Hoofdstuk 3 2 — Expertise en informatie: verwerving, archivering, productie en verspreiding

    Artikel 3 2 0 — Verwerving van expertise

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    6 171 000

    8 200 350

    6 014 129,02

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van:

    —  de kosten van overeenkomsten met gekwalificeerde deskundigen en onderzoeksinstituten voor studies en andere onderzoekswerkzaamheden (workshops, rondetafelconferenties, panels of hoorzittingen met deskundigen, conferenties) ten behoeve van de organen van het Europees Parlement, de parlementaire commissies en delegaties en de administratie;

    —  verwerving of huur van gespecialiseerde informatiebronnen, zoals gespecialiseerde databanken, gerelateerde literatuur en technische ondersteuning, om in voorkomend geval de bovengenoemde expertiseovereenkomsten aan te vullen;

    —  reis- en verblijfkosten en bijkomende kosten van deskundigen en andere personen — met inbegrip van personen die een verzoekschrift aan het Europees Parlement hebben gericht — die worden uitgenodigd voor vergaderingen van commissies, delegaties, studie- en werkgroepen en workshops;

    —  de kosten van de verspreiding van de resultaten van het interne of externe parlementaire onderzoek en van andere relevante producten ten gunste van de instelling en het grote publiek (met name door middel van publicatie op internet, interne databanken, brochures en publicaties);

    —  de uitgaven voor een beroep op externen voor deelname aan de werkzaamheden van organen als de tuchtraad en het speciaal panel voor financiële onregelmatigheden.

    —  de kosten van controle van de juistheid van de door kandidaten voor aanwerving verstrekte documenten door externe gespecialiseerde dienstverleners.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 50 000 EUR.

    Artikel 3 2 1 — Uitgaven voor de onderzoeksdienst voor de leden, met inbegrip van de bibliotheek, de historische archieven, de evaluatie van wetenschappelijke en technologische keuzes (STOA) en het Europees wetenschaps- en mediaknooppunt

    Artikel 3 2 1 — Uitgaven voor de onderzoeksdienst voor de leden, met inbegrip van de bibliotheek, de historische archieven en de evaluatie van wetenschappelijke en technologische keuzes (STOA)

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    7 460 000

    7 603 800

    7 437 151,03

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven in verband met de activiteiten van het directoraat-generaal Parlementaire Onderzoeksdiensten (DG EPRS), met name:

    —  de verwerving van gespecialiseerde expertise en ondersteuning voor de onderzoeksactiviteiten van het Europees Parlement (met inbegrip van artikelen, studies, workshops, seminars, rondetafelconferenties, panels van deskundigen, conferenties), indien nodig in het kader van een partnerschap met andere instellingen, internationale organisaties, onderzoeksafdelingen en bibliotheken van nationale parlementen, thinktanks, onderzoeksinstanties en andere gekwalificeerde deskundigen;

    —  de verwerving van gespecialiseerde expertise op het gebied van impactbeoordeling/evaluatie ex-ante en ex-post, van de Europese meerwaarde en van de evaluatie van wetenschappelijke en technische opties (Scientific and Technological Options Assessment, STOA);

    —  de verwerving of huur van boeken, tijdschriften, kranten, databanken, producten van persagentschappen en elke andere informatiedrager voor de bibliotheek, in diverse vormen, inclusief kosten als gevolg van auteursrechten, kwaliteitsbeheerssysteem, materiaal en werkzaamheden in verband met het inbinden en conserveren en andere relevante diensten;

    —  de kosten van de externe archiveringsdiensten (organisatie, selectie, beschrijving, omzetting op verschillende informatiedragers en in papierloze vorm, verwerving van primaire archiefbronnen);

    —  de verwerving, de ontwikkeling, de installatie, de exploitatie en het onderhoud van speciale bibliotheek- en archiveringsdocumentatie en speciaal mediatheekmateriaal, inclusief elektrische, elektronische en computerapparatuur en/of -systemen, alsmede materiaal in verband met het inbinden en conserveren;

    —  de kosten van de verspreiding van de resultaten van het interne of externe parlementaire onderzoek en van andere relevante producten ten gunste van de instelling en het grote publiek (met name door middel van publicatie op internet, interne databanken, brochures en publicaties);

    —  reis- en verblijfkosten en bijkomende kosten van deskundigen en auteurs die zijn uitgenodigd om deel te nemen aan de presentaties, seminars, workshops of andere, soortgelijke activiteiten die door DG EPRS worden georganiseerd;

    —  de deelname van de STOA aan de werkzaamheden van Europese en internationale wetenschappelijke organen;

    —  de verplichtingen van het Europees Parlement op grond van internationale en/of interinstitutionele samenwerkingsovereenkomsten, inclusief de bijdrage van het Parlement aan de dekking van de kosten als gevolg van het beheer van de historische archieven van de Unie overeenkomstig Verordening (EEG, Euratom) nr. 354/83 van de Raad.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Rechtsgronden

    Verordening (EEG, Euratom) nr. 354/83 van de Raad van 1 februari 1983 inzake het voor het publiek toegankelijk maken van de historische archieven van de Europese Economische Gemeenschap en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (PB L 43 van 15.2.1983, blz. 1).

    Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie (PB L 145 van 31.5.2001, blz. 43).

    Besluit van het Bureau van 28 november 2001 over de regeling inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, laatstelijk gewijzigd op 22 juni 2011 (PB C 216 van 22.7.2011, blz. 19).

    Besluit van het Bureau van 16 december 2002 over de regeling betreffende het archief van het Europees Parlement, zoals geconsolideerd op 3 mei 2004.

    Besluit van het Bureau van 10 maart 2014 over de regeling inzake de verwerking van persoonlijke archieven van leden en voormalige leden van het Europees Parlement.

    Referentiebesluiten

    Artikel 3 2 1 — Uitgaven voor het Europees wetenschaps- en mediaknooppunt

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    1 600 000

    800 000

    0,—

    Toelichting

    Nieuwe post (voorheen artikel 3 2 6)

    Om een effectieve dialoog tussen leden van het Europees Parlement, de wetenschappelijke wereld en journalisten te bevorderen — met name met betrekking tot huidige wetenschappelijke en technologische ontwikkelingen en vraagstukken — kan het Europees Parlement baat hebben bij een specifieke en betrouwbare structuur ter ondersteuning van discussie, opleiding en verspreiding van kennis op dit gebied. Hiertoe werd een „Europees wetenschaps- en mediaknooppunt” opgericht, en de werking ervan staat onder toezicht van het STOA-panel van het Europees Parlement.

    De kredieten onder dit artikel, die dienen ter ondersteuning van de activiteiten op het raakvlak tussen het Europees Parlement, de wetenschappelijke wereld en de media, moeten de kosten van het Europese wetenschaps- en mediaknooppunt dekken, met name om netwerkvorming, opleiding en kennisverspreiding te bevorderen, bijvoorbeeld door:

    —  netwerken op het raakvlak tussen het Europees Parlement, de wetenschappelijke wereld en de media op te zetten en te onderhouden;

    —  seminars, conferenties en opleidingscursussen over actuele wetenschappelijke en technologische ontwikkelingen en vraagstukken, en over de aard en de doeltreffendheid van wetenschapsjournalistiek te organiseren;

    —  deskundige informatie en analyses van deskundigen uit de academische wereld, de media en andere bronnen op het gebied van wetenschap en technologie te benutten ten behoeve van beleidsmakers en burgers;

    —  onderzoek van het Europees Parlement en ander relevant materiaal op het gebied van wetenschap en technologie op grotere schaal beschikbaar te stellen met schriftelijke, audiovisuele en andere middelen;

    —  technieken en methodologieën te ontwikkelen om betrouwbare bronnen op het gebied van wetenschap en technologie beter te kunnen identificeren en verspreiden;

    —  de installatie, modernisering en/of het gebruik van geavanceerde technische apparatuur en mediafaciliteiten te ondersteunen om een dergelijke dialoog in de hand te werken;

    —  nauwere samenwerking en banden in het algemeen tussen het Europees Parlement, relevante media en universiteiten en onderzoekscentra op dit gebied te ontwikkelen, onder meer door de rol en het werk van het knooppunt in de media te promoten alsook de toegankelijkheid ervan voor de burgers te bevorderen.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Rechtsgronden

    Paragraaf 30 van de resolutie van het Europees Parlement van 29 april 2015 over de raming van de inkomsten en uitgaven van het Europees Parlement voor het begrotingsjaar 2016 (PB C 346 van 21.9.2016, blz. 188).

    Paragraaf 54 van de resolutie van het Europees Parlement van 14 april 2016 over de raming van de inkomsten en uitgaven van het Europees Parlement voor het begrotingsjaar 2017 (Aangenomen teksten, P8_TA(2016) 132).

    Referentiebesluiten

    Artikel 3 2 2 — Uitgaven voor documentatie

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    2 592 000

    2 431 500

    2 180 090,85

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van:

    —  abonnementen op dagbladen, tijdschriften, nieuwsagentschappen en op hun publicaties en onlinediensten, met inbegrip van de kosten van auteursrechten voor de reproductie en verspreiding van deze abonnementen langs klassieke of elektronische weg en dienstverleningscontracten voor persoverzichten en krantenknipsels;

    —  abonnementen of dienstverleningscontracten voor de levering van samenvattingen en inhoudsanalysen van tijdschriften of van het invoeren in optische dragers van uit deze tijdschriften geselecteerde artikelen;

    —  kosten in verband met het gebruik van externe databanken voor documenten en statistische gegevens, met uitzondering van computerapparatuur en telecommunicatiekosten;

    —  de aanschaf van nieuwe of vervangende woordenboeken, lexicons, ongeacht het medium, ook voor de nieuwe taalsecties, alsmede andere werken voor de taaldiensten en voor de afdelingen kwaliteit van de wetgeving.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Artikel 3 2 3 — Ondersteuning van de democratie en versterking van de capaciteit van de parlementen van derde landen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    1 120 000

    1 230 000

    949 050,13

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van:

    —  de kosten als gevolg van de programma's inzake informatie-uitwisseling en samenwerking tussen het Europees Parlement en de nationale parlementen van de pretoetredingslanden, met name de Westelijke Balkan en Turkije;

    —  de uitgaven voor het bevorderen van de (niet onder het vorige streepje bedoelde) betrekkingen tussen het Europees Parlement en democratisch verkozen nationale parlementen van derde landen alsook met regionale parlementaire organisaties. De activiteiten in kwestie hebben als doel de parlementaire capaciteit te versterken in nieuwe en ontluikende democratieën, met name in de (zuidelijke en oostelijke) Europese buurlanden;

    —  de uitgaven voor de bevordering van activiteiten ter ondersteuning van bemiddeling en van programma's ten gunste van jonge politieke leiders uit de Europese Unie en de Europese buurlanden in brede zin: Maghreb, Oost-Europa en Rusland, Israëlisch-Palestijnse dialoog en andere prioritaire landen volgens de besluiten van de coördinatiegroep democratieondersteuning en verkiezingen;

    —  de kosten van de organisatie van de Sacharovprijs (met name het geldbedrag van de prijs, de kosten in verband met de verplaatsing en het onthaal van de laureaat of laureaten en andere finalisten, de werkingskosten van het Sacharovnetwerk en de uitgaven voor dienstreizen van de leden van dit netwerk) en van de activiteiten ter bevordering van de mensenrechten.

    Deze activiteiten omvatten onder meer voorlichtingsbezoeken aan het Europees Parlement in Brussel, Luxemburg of Straatsburg, alsook bezoeken in de lidstaten en in derde landen. Dit krediet dient ter volledige of gedeeltelijke dekking van de kosten van de deelnemers, met name reiskosten, kosten van lokaal vervoer, verblijfkosten en dagvergoedingen;

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Rechtsgronden

    Besluit van het Bureau van 12 december 2011 tot oprichting van het directoraat Democratieondersteuning binnen het directoraat-generaal Extern Beleid van de Unie.

    Artikel 3 2 4 — Productie en verspreiding

    Post 3 2 4 0 — Publicatieblad

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    800 000

    830 000

    3 985 315,20

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van het aandeel van de instelling in de kosten van publicatie, verspreiding en andere bijkomende kosten van het Publicatiebureau voor de teksten die gepubliceerd moeten worden in het Publicatieblad van de Europese Unie.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 000 EUR.

    Post 3 2 4 1 — Digitale en traditionele publicaties

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    4 225 300

    4 307 640

    3 883 265,51

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van:

    —  de kosten van digitale (intranet) en traditionele (diverse documenten en drukwerk in onderaanneming) uitgaven, met inbegrip van distributie;

    —  de actualisering en het updaten en corrigeren van de systemen voor publicatie.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 11 000 EUR.

    Post 3 2 4 2 — Kosten van publicatie, voorlichting en deelneming aan openbare evenementen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    27 210 000

    45 475 000

    29 151 133,57

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van:

    —  de uitgaven voor voorlichtingspublicaties, met inbegrip van elektronische publicaties, voorlichtingsactiviteiten, public relations, deelname aan openbare evenementen, tentoonstellingen en beurzen in de lidstaten en de kandidaat-lidstaten en in de landen waar het Europees Parlement een verbindingskantoor heeft, alsmede voor de actualisering van het Legislative Observatory (OEIL) en de ontwikkeling van instrumenten of middelen om de toegang ertoe voor het publiek door middel van mobiele apparatuur te verruimen of te vergemakkelijken.

    —  de kosten van culturele initiatieven van Europees belang, zoals de LUX-filmprijs van het Europees Parlement voor de Europese film;

    —  het organiseren en houden van evenementen voor jongeren, het zorgen voor grotere zichtbaarheid van het Parlement op de sociale media, het in het oog houden van trends onder jongeren;

    —  de kosten in verband met mobiel internet, interactieve technologie, interactieruimte, deelplatforms en veranderingen in het gedrag van internetgebruikers, met het doel het Europees Parlement dichter bij de burger te brengen;

    —  de kosten in verband met de productie, distributie en huisvesting door het Europees Parlement van clips voor het web en ander uitzendklaar multimediamateriaal, in overeenstemming met de communicatiestrategie van de instelling.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 50 000 EUR.

    Post 3 2 4 3 — Bezoekerscentra van het Europees Parlement

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    15 667 000

    15 245 000

    10 807 428,96

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de financiering van installaties, materiaal en tentoonstellingen in de bezoekerscentra van het Europees Parlement, met name:

    —  het Parlamentarium — het bezoekerscentrum van het Europees Parlement in Brussel;

    —  de ontvangstruimten, de "Europa Experience"-centra en de informatiepunten buiten Brussel;

    —  de activiteiten van het Huis van de Europese geschiedenis, zoals de specifieke interieurinrichting, de aankoop van collecties, de organisatie van tentoonstellingen en de exploitatiekosten, met inbegrip van de kosten voor de aanschaf van boeken, tijdschriften en andere publicaties die verband houden met de activiteiten van het Huis van de Europese geschiedenis;

    —  de uitgaven voor kunstwerken van het Europees Parlement, zowel voor de aanschaf van specifiek materiaal als de daarmee samenhangende lopende uitgaven, zoals die voor expertise, het conserveren, inlijsten, restaureren en schoonmaken, voor verzekeringen en voor incidenteel vervoer.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 000 000 EUR.

    Post 3 2 4 4 — Organisatie en ontvangst van bezoekersgroepen, Euroscola en uitnodigingen aan opiniemakers uit derde landen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    29 820 000

    32 336 000

    32 160 049,06

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van subsidies voor bezoekersgroepen, alsmede de daarmee samenhangende uitgaven voor begeleiding en infrastructuur, de financiering van stages voor opiniemakers uit derde landen (EUVP) en de kosten van het functioneren van het Euroscola-, het Euromed-Scola- en het Euronest-Scolaprogramma. Het Euromed-Scola- en het Euronest-Scolaprogramma vinden ieder jaar beurtelings plaats in de gebouwen van het Europees Parlement in Straatsburg of Brussel, behalve tijdens verkiezingsjaren.

    Dit krediet wordt jaarlijks verhoogd door toepassing van een deflator waarbij rekening wordt gehouden met de wijzigingen van het bni en het prijspeil.

    Elk lid van het Europees Parlement heeft het recht om per kalenderjaar ten hoogste vijf bezoekersgroepen uit te nodigen met in totaal 110 bezoekers. De bezoekersgroepen die officieel door een lid worden gesponsord, kunnen op diens uitnodiging deelnemen aan het Euroscola-programma.

    Er wordt ook voorzien in een adequaat bedrag voor bezoekers met een handicap.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 200 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Besluit van het Bureau van 16 december 2002 betreffende de regeling voor de ontvangst van bezoekersgroepen en voor het Euroscola, EuroMed-Scola- en Euronest-Scola-programma, als laatstelijk gewijzigd op 24 oktober 2016.

    Post 3 2 4 5 — Organisatie van colloquia en studiedagen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    2 608 000

    3 249 100

    4 357 473,60

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van:

    —  de kosten of subsidies in verband met de organisatie van colloquia en studiedagen van nationale of internationale aard voor opiniemakers uit de lidstaten, de toetredingslanden en de landen waar het EP over een kantoor beschikt, alsmede de kosten voor het organiseren van parlementaire colloquia en symposia en de financiering van culturele initiatieven van Europees belang, zoals de LUX-filmprijs van het Europees Parlement voor de Europese film;

    —  de uitvoering van „vergaderzaalactiviteiten” in Straatsburg en Brussel, overeenkomstig het door het Bureau vastgestelde jaarlijkse programma;

    —  ondersteunende maatregelen en instrumenten voor meertaligheid, zoals studiedagen en conferenties, vergaderingen met aanbieders van opleidingen voor tolken of vertalers, maatregelen en acties gericht op de bewustmaking voor meertaligheid en de bevordering van het beroep van tolk of vertaler, met inbegrip van een subsidieprogramma voor universiteiten, scholen en andere instellingen die zich met tolken- en vertaalstudies bezighouden waarbij gebruik wordt gemaakt van virtuele communicatie, evenals deelneming aan soortgelijke acties en maatregelen georganiseerd tezamen met andere diensten in het kader van de interinstitutionele en internationale samenwerking;

    —  kosten in verband met de organisatie van colloquia en seminars met betrekking tot informatie- en communicatietechnologieën.

    —  de kosten van het uitnodigen van journalisten voor voltallige vergaderingen, commissievergaderingen, persconferenties en andere parlementaire activiteiten.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 25 000 EUR.

    Post 3 2 4 8 — Audiovisuele voorlichting

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    16 615 000

    14 555 000

    12 827 361,73

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van:

    —  aankoop, huur, onderhoud, reparatie en beheer van technisch materieel en technische installaties van de audiovisuele sector,

    —  de huishoudelijke uitgaven van de audiovisuele sector (eigen producties en externe bijstand), zoals technische werkzaamheden bij radio- en televisiestations, realisatie, productie, coproductie en verspreiding van audiovisuele programma's, huur van straalverbindingen en uitzending van televisie- en radioprogramma's, alsmede andere activiteiten ter ontwikkeling van de contacten van de instelling met de audiovisuele sector;

    —  de uitgaven voor het direct via internet uitzenden van plenaire vergaderingen en vergaderingen van de commissies van het Parlement;

    —  het opzetten van een passend archief om de media en burgers permanent toegang tot deze informatie te garanderen.

    —  de uitgaven in verband met de perskamer.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 50 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Resolutie van het Europees Parlement van 12 maart 2002 over de richtsnoeren voor de begrotingsprocedure 2003 (PB C 47 E van 27.2.2003, blz. 72).

    Resolutie van het Europees Parlement van 14 mei 2002 over de raming van de uitgaven en ontvangsten van het Europees Parlement voor het begrotingsjaar 2003 (PB C 180 E van 31.07.03, blz. 150).

    Resolutie van het Europees Parlement van 14 mei 2003 over de raming van de uitgaven en ontvangsten van het Europees Parlement voor het begrotingsjaar 2004 (PB C 67 E van 17.3.2004, blz. 179).

    Post 3 2 4 9 — Informatie-uitwisseling met de nationale parlementen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    165 000

    205 000

    102 231,68

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van:

    —  uitgaven voor de bevordering van de betrekkingen tussen het Europees Parlement en de nationale parlementen. Dit heeft betrekking op de parlementaire betrekkingen, andere dan die genoemd onder de hoofdstukken 1 0 en 3 0, de uitwisseling van informatie en documentatie en bijstand bij de analyse en het beheer van deze informatie, met inbegrip van uitwisseling met het Europees Centrum voor onderzoek en parlementaire documentatie (ECOPD);

    —  de financiering van samenwerkingsprogramma's en opleidingsactiviteiten voor ambtenaren van de bovengenoemde parlementen en, in het algemeen, activiteiten ter versterking van hun parlementaire capaciteiten.

    Deze activiteiten omvatten onder meer voorlichtingsbezoeken aan het Europees Parlement te Brussel, Luxemburg of Straatsburg. De kredieten dienen ter volledige of gedeeltelijke dekking van de kosten van de deelnemers, met name reiskosten, kosten van lokaal vervoer, verblijfkosten en dagvergoedingen;

    —  samenwerkingsacties, met name in verband met de wetgevingsactiviteiten, alsmede de acties in verband met documentatie, analyse, voorlichting en beveiliging van het domein www.ipex.eu, met inbegrip van de acties die worden uitgevoerd door het ECOPD.

    Dit krediet dient ter voorbereiding op de versterkte samenwerking tussen het Europees Parlement en de nationale parlementen op het gebied van de parlementaire controle op het GBVB/GVDB, overeenkomstig het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, met name de artikelen 9 en 10 van Protocol nr. 1 over de rol van nationale parlementen in de Europese Unie.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Rechtsgronden

    Conferenties van de voorzitters van de Europese parlementaire vergaderingen (juni 1977) en van de parlementen van de Europese Unie (september 2000, maart 2001).

    Artikel 3 2 5 — Uitgaven in verband met de voorlichtingsbureaus

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    7 770 000

    7 800 000

    741 880,94

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven van de voorlichtingsbureaus van het Europees Parlement in de lidstaten:

    —  communicatie en voorlichting (voorlichting en openbare evenementen; internet — productie, reclame, advies; seminars; audiovisuele producties);

    —  algemene uitgaven en diverse incidentele uitgaven (kantoorbenodigdheden, telecommunicatie, portokosten, behandeling, vervoer, opslag, standaardpromotiemateriaal, databanken, abonnementen op persdiensten enz.).

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 10 000 EUR.

    Titel 4 — Uitgaven voortvloeiend uit speciale taken van de instelling

    Hoofdstuk 4 0 — Uitgaven in verband met bepaalde instellingen en organen

    Artikel 4 0 0 — Lopende huishoudelijke uitgaven en uitgaven in verband met de politieke en de voorlichtingsactiviteiten van de fracties en de niet-fractiegebonden leden

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    60 480 000

    63 000 000

    60 046 300,00

    Toelichting

    Dit krediet dient, voor de fracties en de niet-fractiegebonden leden, ter dekking van:

    —  secretariaatskosten en administratieve en huishoudelijke uitgaven;

    —  de uitgaven voor politieke en voorlichtingsactiviteiten in het kader van de politieke activiteiten van de Unie.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 000 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Besluit van het Bureau van 30 juni 2003 betreffende de regeling inzake het gebruik van kredieten van begrotingspost 4 0 0, als laatstelijk gewijzigd op 27 april 2015.

    Artikel 4 0 2 — Financiering van de Europese politieke partijen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    50 000 000

    32 447 000

    30 873 074,90

    Toelichting

    Dit krediet dient ter financiering van de politieke partijen op Europees niveau. Goed bestuur en grondig toezicht op het gebruik van middelen moeten worden gewaarborgd.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Rechtsgronden

    Verdrag betreffende de Europese Unie, met name artikel 10, lid 4.

    Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, met name artikel 224.

    Verordening (EU, Euratom) nr. 1141/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2014 betreffende het statuut en de financiering van Europese politieke partijen en Europese politieke stichtingen (PB L 317 van 4.11.2014, blz. 1).

    Besluit van het Bureau van het Europees Parlement van 12 juni 2017 houdende de uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1141/2014 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het statuut en de financiering van politieke partijen op Europees niveau (PB C 205 van 29.6.2017, blz. 2).

    Artikel 4 0 3 — Financiering van Europese politieke stichtingen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    19 700 000

    19 323 000

    18 895 547,23

    Toelichting

    Dit krediet dient ter financiering van de politieke stichtingen op Europees niveau. Goed bestuur en grondig toezicht op het gebruik van middelen moeten worden gewaarborgd.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Rechtsgronden

    Verdrag betreffende de Europese Unie, met name artikel 10, lid 4.

    Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, met name artikel 224.

    Verordening (EU, Euratom) nr. 1141/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2014 betreffende het statuut en de financiering van Europese politieke partijen en Europese politieke stichtingen (PB L 317 van 4.11.2014, blz. 1).

    Besluit van het Bureau van het Europees Parlement van 12 juni 2017 houdende de uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1141/2014 van het Europees Parlement en de Raad betreffende het statuut en de financiering van politieke partijen op Europees niveau (PB C 205 van 29.6.2017, blz. 2).

    Hoofdstuk 4 2 — Assistentie aan de leden

    Artikel 4 2 2 — Assistentie aan de leden

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    209 160 000

    208 171 000

    200 971 143,35

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de kosten voor personeel en dienstverleners die belast zijn met de parlementaire assistentie aan de leden, alsook de kosten verbonden aan derdebetalenden.

    Het dient tevens ter dekking van de kosten van dienstreizen en opleiding (externe cursussen) van geaccrediteerde parlementaire medewerkers alsmede van de kosten van eventuele compensatie van de koolstofemissies in verband met hun werkbezoeken en reizen.

    Het dient tevens ter dekking van de koersverschillen ten laste van de begroting van het Europees Parlement, overeenkomstig de voorschriften die van toepassing zijn op de terugbetaling van de kosten voor parlementaire assistentie, alsook de kosten voor de ondersteunende diensten voor het beheer van de parlementaire assistentie.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 775 000 EUR.

    Rechtsgronden

    Statuut van de leden van het Europees Parlement, met name artikel 21.

    Bepalingen ter uitvoering van het statuut van de leden van het Europees Parlement, met name de artikelen 33 tot en met 44.

    Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie, met name artikel 5 bis en de artikelen 125 tot en met 139.

    Besluit van het Bureau van 14 april 2014 betreffende de maatregelen ter uitvoering van titel VII van de Regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Unie.

    Hoofdstuk 4 4 — Vergaderingen en andere activiteiten van leden en voormalige leden

    Artikel 4 4 0 — Kosten voor vergaderingen en andere activiteiten van voormalige leden

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    230 000

    220 000

    210 000,00

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de kosten van vergaderingen van de Vereniging van voormalige leden van het Europees Parlement, alsmede van eventuele bijkomende kosten.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Artikel 4 4 2 — Kosten van vergaderingen en andere activiteiten van de Europese Parlementaire Vereniging

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    230 000

    220 000

    210 000,00

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de kosten voor vergaderingen van de Europese Parlementaire Vereniging, alsmede van eventuele bijkomende kosten.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Titel 5 — Autoriteit voor Europese politieke partijen en Europese politieke Stichtingen en van het Comité van onafhankelijke vooraanstaande personen

    Hoofdstuk 5 0 — Uitgaven van de Autoriteit voor Europese politieke partijen en Europese politieke stichtingen en van het Comité van onafhankelijke vooraanstaande personen

    Artikel 5 0 0 — Operationele uitgaven voor de Autoriteit voor Europese politieke partijen en Europese politieke stichtingen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    0,—

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven van de Autoriteit voor Europese politieke partijen en Europese politieke stichtingen om het volledig en onafhankelijk functioneren daarvan te waarborgen.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Rechtsgronden

    Verordening (EU, Euratom) nr. 1141/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2014 betreffende het statuut en de financiering van Europese politieke partijen en Europese politieke stichtingen (PB L 317 van 4.11.2014, blz. 1), met name artikel 6, leden 1 en 7.

    Artikel 5 0 1 — Uitgaven in verband met het Comité van onafhankelijke vooraanstaande personen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    0,—

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven voor het secretariaat en de financiering van het Comité van onafhankelijke vooraanstaande personen.

    Het bedrag van de bestemmingsontvangsten bedoeld in artikel 21, lid 3, van het Financieel Reglement wordt geraamd op 5 100 EUR.

    Rechtsgronden

    Verordening (EU, Euratom) nr. 1141/2014 van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2014 betreffende het statuut en de financiering van Europese politieke partijen en Europese politieke stichtingen (PB L 317 van 4.11.2014, blz. 1), met name artikel 11, lid 2.

    Titel 10 — Diverse ontvangsten

    Titel 10 — Overige uitgaven Hoofdstuk 10 0 — Voorzieningen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

     

     

    0,—

    Hoofdstuk 10 1 — Reserve voor onvoorziene uitgaven

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    18 525 000

    1 000 000

    0,—

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van niet te voorziene uitgaven, voortkomend uit tijdens het begrotingsjaar te nemen begrotingsbesluiten.

    Hoofdstuk 10 3 — Reserve voor de uitbreiding

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    0,—

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de kosten die worden gemaakt om de instelling voor te bereiden op de uitbreiding.

    Hoofdstuk 10 4 — Reserve voor het voorlichtings- en communicatiebeleid

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    0,—

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven voor het voorlichtings- en communicatiebeleid.

    Hoofdstuk 10 5 — Voorzieningen voor gebouwen

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    0,—

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven voor investeringen in onroerend goed en inrichtingswerken door de instelling. Het Bureau van het Europees Parlement heeft verzocht een coherente en verantwoordelijke strategie voor de lange termijn op het gebied van onroerend goed en gebouwen vast te stellen, waarbij rekening wordt gehouden met het specifieke probleem van de onderhoudskosten, de noodzaak van renovatie en beveiligingskosten, en waarbij de duurzaamheid van de begroting van het Europees Parlement wordt gewaarborgd.

    Hoofdstuk 10 6 — Reserve voor prioritaire projecten in ontwikkeling

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    0,—

    Toelichting

    Dit krediet dient ter dekking van de uitgaven van de instelling voor prioritaire projecten in ontwikkeling.

    Hoofdstuk 10 8 — Reserve voor EMAS

    Cijfers

    Begroting 2019

    Kredieten 2018

    Uitvoering 2017

    p.m.

    p.m.

    0,—

    Toelichting

    Aansluitend op de besluiten die het Bureau moet nemen inzake de tenuitvoerlegging van het EMAS-actieplan, met name na de koolstofaudit van het Europees Parlement, dient dit krediet ter financiering van de relevante huishoudelijke lijnen.

    PERSONEEL

    Afdeling I — Europees Parlement

    Functiegroep en rang

     

    2019

    2018

    Vaste ambten

    Tijdelijke ambten

    Vaste ambten

    Tijdelijke ambten

    Overige

    Fracties

    Overige

    Fracties

    Niet-ingedeeld

    1

     

     

     

    1

     

     

     

    AD 16

    13

     

    1

    7

    13

     

    1

    7

    AD 15

    54

     

    1

    5

    54

     

    1

    5

    AD 14

    213

    2

    7

    36

    213

    2

    7

    36

    AD 13

    430

    8

    2

    38

    430

    8

    2

    38

    AD 12

    337

     

    13

    60

    327

     

    13

    60

    AD 11

    168

     

    8

    28

    158

     

    8

    28

    AD 10

    343

     

    8

    32

    253

     

    8

    30

    AD 9

    464

     

    6

    35

    349

     

    6

    28

    AD 8

    251

     

    8

    46

    341

     

    8

    38

    AD 7

    210

     

    6

    66

    250

     

    3

    68

    AD 6

    52

     

    7

    45

    161

     

    9

    50

    AD 5

    80

     

    3

    60

    105

     

    4

    70

    Subtotaal AD

    2 615

    10

    70

    458

    2 654

    10

    70

    458

    AST 11

    102

    10

     

    37

    102

    10

     

    37

    AST 10

    80

     

    19

    35

    80

     

    19

    35

    AST 9

    565

     

    5

    41

    510

     

    4

    41

    AST 8

    306

     

    9

    42

    316

     

    10

    37

    AST 7

    297

     

    3

    43

    307

     

    3

    46

    AST 6

    318

     

    11

    59

    323

     

    4

    61

    AST 5

    495

     

    9

    90

    430

     

    15

    81

    AST 4

    273

     

    3

    87

    313

     

    4

    85

    AST 3

    107

     

    13

    86

    177

     

    13

    86

    AST 2

    16

     

     

    55

    21

     

     

    56

    AST 1

     

     

     

    70

     

     

     

    80

    Subtotaal AST

    2 559

    10

    72

    645

    2 579

    10

    72

    645

    AST/SC 6

     

     

     

     

     

     

     

     

    AST/SC 5

     

     

     

     

     

     

     

     

    AST/SC 4

     

     

     

     

     

     

     

     

    AST/SC 3

    10

     

     

     

     

     

     

     

    AST/SC 2

    85

     

     

     

    70

     

     

     

    AST/SC 1

    109

     

     

     

    134

     

     

     

    Subtotaal AST/SC

    204

     

     

     

    204

     

     

     

    Totaal

    5 379[14]

    20[15]

    142[16]

    1,103

    5 438[17]

    20[18]

    142[19]

    1 103

    Totaal-generaal

    6 624

    6 683

    Bijlage

    BESTEMMINGSONTVANGSTEN

    Begrotingsonderdeel

    Omschrijving

    Geïnde ontvangsten

    Vooruitzichten*

    2017

    2019

    5000

    Verkoop van voertuigen

    -

    p.m.

    5001

    Verkoop van andere roerende goederen

    -

    5 000

    5002

    Levering van goederen ten behoeve van andere instellingen of organen

    162

    10 000

    502

    Verkoop van publicaties, drukwerken en films

    -

    1 000

    5110

    Verhuur en onderverhuur van onroerende goederen Terugbetaling van huurlasten

    3 016 718

    3 547 000

    5111

    Terugbetaling van huurlasten

    52 903

    639 000

    550

    Ontvangsten afkomstig van de levering van diensten en werkzaamheden ten behoeve van andere instellingen of organen, inclusief kosten van dienstreizen voor rekening van andere instellingen of organen en door deze instellingen of organen terugbetaald

    5 546 788

    1 285 000

    551

    Ontvangsten van derden afkomstig van op verzoek van derden verleende diensten en werkzaamheden

    755 042

    p.m.

    570

    Ontvangsten afkomstig van de terugbetaling van onverschuldigd betaalde bedragen

    4 122 802

    717 500

    571

    Ontvangsten die voor een bepaald doel ter beschikking zijn gesteld, zoals inkomsten van stichtingsvermogens, subsidies, giften en legaten, daaronder begrepen de aan elke instelling vooraf toegewezen eigen ontvangsten

    -

    p.m.

    573

    Overige bijdragen en terugbetalingen die voortvloeien uit de administratieve werking van de instelling

    3 669 132

    3 000

    581

    Ontvangsten afkomstig van verzekeringsuitkeringen

    20 162 097

    p.m.

    6600

    Overige bestemmingsbijdragen en terugbetalingen

    12 731 797

    100 000

     

     TOTAAL

    50 057 440

    6 307 500

     

     

     

     

    * In de tabel wordt geen rekening gehouden met eventuele wijzigingen in het Financieel Reglement wat bestemmingsontvangsten betreft.

    • [1]  PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.
    • [2]  PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.
    • [3]  PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.
    • [4]  PB L 287 van 29.10.2013, blz. 15.
    • [5]  Aangenomen teksten, P8_TA(2017)0114.
    • [6]  Aangenomen teksten, P8_TA(2017)0408.
    • [7]  Aangenomen teksten, P8_TA(2017)0458.
    • [8]  Aangenomen teksten, P8_TA(2015)0172.
    • [9]  Door het Bureau goedgekeurde teksten, PE 113.116/BUR./rev. XXVI/01-04-2009.
    • [10]  Aangenomen teksten, P7_TA(2013)0498.
    • [11]  Aangenomen teksten, P8_TA(2017)0114.
    • [12]  Aangenomen teksten, P8_TA(2017)0408.
    • [13]  Aangenomen teksten: P8_TA(2017)0417
    • [14]  Waarvan drie bevorderingen ad personam (drie van AD 14 naar AD 15), verleend in bijzondere gevallen aan verdienstelijke ambtenaren.
    • [15]  Virtuele reserve voor ambtenaren die in het belang van de dienst gedetacheerd zijn en niet zijn opgenomen in het totaal-generaal.
    • [16]  Waarvan één tijdelijk ambt van de categorie AD 12 voor de directeur van de Autoriteit voor Europese politieke partijen en Europese politieke stichtingen.
    • [17]  Waarvan drie bevorderingen ad personam (drie van AD 14 naar AD 15), verleend in bijzondere gevallen aan verdienstelijke ambtenaren.
    • [18]  Virtuele reserve voor ambtenaren die in het belang van de dienst gedetacheerd zijn en niet zijn opgenomen in het totaal-generaal.
    • [19]  Waarvan één tijdelijk ambt van de categorie AD 12 voor de directeur van de Autoriteit voor Europese politieke partijen en Europese politieke stichtingen.

    INFORMATIE OVER DE GOEDKEURINGIN DE BEVOEGDE COMMISSIE

    Datum goedkeuring

    16.4.2018

     

     

     

    Uitslag eindstemming

    +:

    –:

    0:

    33

    5

    0

    Bij de eindstemming aanwezige leden

    Jean Arthuis, Richard Ashworth, Lefteris Christoforou, Gérard Deprez, Manuel dos Santos, José Manuel Fernandes, Raymond Finch, Eider Gardiazabal Rubial, Iris Hoffmann, Monika Hohlmeier, John Howarth, Bernd Kölmel, Zbigniew Kuźmiuk, Vladimír Maňka, Siegfried Mureşan, Jan Olbrycht, Urmas Paet, Răzvan Popa, Paul Rübig, Petri Sarvamaa, Jordi Solé, Eleftherios Synadinos, Indrek Tarand, Isabelle Thomas, Inese Vaidere, Monika Vana, Daniele Viotti, Tiemo Wölken, Marco Zanni, Stanisław Żółtek

    Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

    Marco Valli, Tomáš Zdechovský

    Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

    Clara Eugenia Aguilera García, Verónica Lope Fontagné, Maria Noichl, Dennis Radtke, Fernando Ruas, Lieve Wierinck

    HOOFDELIJKE EINDSTEMMINGIN DE BEVOEGDE COMMISSIE

    33

    +

    ALDE

    Jean Arthuis, Gérard Deprez, Urmas Paet, Lieve Wierinck

    ECR

    Zbigniew Kuźmiuk

    ENF

    Stanisław Żółtek

    PPE

    Richard Ashworth, Lefteris Christoforou, José Manuel Fernandes, Monika Hohlmeier, Verónica Lope Fontagné, Siegfried Mureşan, Jan Olbrycht, Dennis Radtke, Fernando Ruas, Paul Rübig, Petri Sarvamaa, Inese Vaidere, Tomáš Zdechovský

    S&D

    Clara Eugenia Aguilera García, Eider Gardiazabal Rubial, Iris Hoffmann, John Howarth, Vladimír Maňka, Maria Noichl, Răzvan Popa, Manuel dos Santos, Isabelle Thomas, Daniele Viotti, Tiemo Wölken

    VERTS/ALE

    Jordi Solé, Indrek Tarand, Monika Vana

    5

    -

    ECR

    Bernd Kölmel

    EFDD

    Raymond Finch, Marco Valli

    ENF

    Marco Zanni

    NI

    Eleftherios Synadinos

    0

    0

     

     

    Verklaring van de gebruikte tekens:

    +  :  voor

    -  :  tegen

    0  :  onthouding

    Laatst bijgewerkt op: 18 april 2018
    Juridische mededeling - Privacybeleid