Procedure : 2016/0411(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0150/2018

Ingediende teksten :

A8-0150/2018

Debatten :

Stemmingen :

PV 29/11/2018 - 8.8

Aangenomen teksten :

P8_TA(2018)0473

VERSLAG     ***I
PDF 384kWORD 82k
27.4.2018
PE 606.192v02-00 A8-0150/2018

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1008/2008 inzake gemeenschappelijke regels voor de exploitatie van luchtdiensten in de Gemeenschap

(COM(2016) 818 final – C8-0531/2016 – 2016/0411(COD))

Commissie vervoer en toerisme

Rapporteur: Claudia Țapardel

AMENDEMENTEN
ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 PROCEDURE VAN DE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1008/2008 inzake gemeenschappelijke regels voor de exploitatie van luchtdiensten in de Gemeenschap

(COM(2016) 818 final – C8-0531/2016 – 2016/0411(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2016) 818 final),

–  gezien artikel 294, lid 2, en artikel 100, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C8-0531/2016),

–  gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité van 5 juli 2017(1),

–  na raadpleging van het Comité van de Regio's,

–  gezien artikel 59 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie vervoer en toerisme (A8-0150/2018),

1.  stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;

2.  verzoekt de Commissie om hernieuwde voorlegging aan het Parlement indien zij haar voorstel vervangt, ingrijpend wijzigt of voornemens is het ingrijpend te wijzigen;

3.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

Amendement    1

Voorstel voor een verordening

Overweging 7 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(7 bis)  Aangezien de Commissie momenteel een evaluatie uitvoert van Verordening (EG) nr. 1008/2008, met inbegrip van de bepalingen inzake wet lease, en van de mogelijke gevolgen daarvan voor werknemers en consumenten, en aangezien dit evaluatieproces te gepasten tijde zou kunnen leiden tot een algemene herziening van Verordening (EG) nr. 1008/2008, moet de reikwijdte van deze wijziging beperkt blijven tot het in overeenstemming brengen van de verordening met bovenvermelde internationale verplichtingen.

Amendement    2

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1

Verordening (EG) nr. 1008/2008

Artikel 13 – lid 3 – letter b – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

tenzij in een door de Unie gesloten internationale overeenkomst anders is bepaald, aan een van de volgende voorwaarden is voldaan

b) tenzij anders is bepaald in een door de Unie ondertekende internationale wet lease-overeenkomst die is gebaseerd op een bestaande, vóór 1 januari 2008 ondertekende overeenkomst inzake luchtvervoer, aan een van de volgende voorwaarden is voldaan:

(1)

PB C 345 van 13.10.2017, blz. 126.


TOELICHTING

Wet leasing, een belangrijk instrument voor de groei van de Europese luchtvaartsector

De oprichting van de interne luchtvaartmarkt van de EU, 25 jaar geleden, heeft tot een aanzienlijke toename van het luchtvervoer geleid en heeft van de sector een belangrijke motor voor economische groei gemaakt door banen te creëren, handel te bevorderen en mensen in staat te stellen zich vrij te verplaatsen tussen een stijgend aantal bestemmingen en tegen een lagere prijs. In dit verband kan het op basis van wet leasing huren van luchtvaartuigen een middel zijn om in de luchtvaartsector van de Unie groei te scheppen en te ondersteunen, en een absoluut noodzakelijk instrument waardoor luchtvaartmaatschappijen bij hun hedendaagse activiteiten kunnen beschikken over flexibele capaciteit in geval van specifieke operationele of seizoensgebonden behoeften van beperkte duur.

Luchtvaartmaatschappijen maken om verschillende redenen gebruik van wet leasing: tekort aan bemanning, opleidingskwesties of een luchtvaartuig dat om technische redenen aan de grond wordt gehouden, om er maar een paar te noemen.

Standpunt van de rapporteur

De Commissie stelt voor artikel 13, lid 3, onder b), van Verordening nr. 1008/2008 te wijzigen zodat de beperkende voorwaarden die van toepassing zijn op wet lease-overeenkomsten met betrekking tot in een derde land geregistreerde luchtvaartuigen kunnen worden opgeheven wanneer een specifieke wet lease-overeenkomst is opgenomen in een door de Unie gesloten internationale overeenkomst. Het Commissievoorstel is buitengewoon kort en wordt voorgesteld als een louter "technische" kwestie, op grond dat slechts wordt beoogd de juridische samenhang tussen de EU-wetgeving en bestaande internationale overeenkomsten te waarborgen.

Dat is theoretisch wel zo, maar de aanpassing zou toch verstrekkende gevolgen kunnen hebben voor de Europese luchtvaartmarkt, met name wat sociale normen en de rechten van passagiers betreft. Zij zou kunnen leiden tot de openstelling van de EU-markt voor niet aan beperkingen onderhevige wet leasing van in derde landen geregistreerde luchtvaartuigen, naargelang van het onderhandelingsresultaat. Op lange termijn zouden de tijdsbeperkingen en de seizoensgebondenheid kunnen sneuvelen, waardoor wet leasing tot de permanente kenmerken van de businessmodellen van luchtvaartmaatschappijen gaat behoren. Dit kan in de praktijk inhouden dat groei alleen bereikt kan worden door een beroep te doen op luchtvaartuigen en bemanning uit derde landen, wat nadelig is voor onze lidstaten, en bovendien mogelijk negatieve gevolgen heeft voor de kwaliteit van de dienstverlening voor passagiers en een verlaging van de sociale normen voor de werknemers met zich brengt. Tegelijk kunnen onbeperkte wet lease-overeenkomsten leiden tot het ontstaan van "virtuele EU-luchtvaartmaatschappijen", die vliegtuigen exploiteren met een "bewijs luchtvaartexploitant" (AOC) dat in een derde land is afgegeven en die hun activiteiten permanent uitbesteden.

Daarom is de rapporteur van mening dat wet leasing in beginsel van uitzonderlijke en tijdelijke aard moet blijven. Zij mag geen negatieve gevolgen hebben voor de normale werking van de luchtvaartmarkt van de Unie, noch middelen bieden om de verplichtingen van houders van een in de EU afgegeven AOC te omzeilen.

Bijgevolg wordt in het ontwerpverslag een juist evenwicht betracht tussen het bieden van voldoende flexibiliteit aan de EU voor onderhandelingen over internationale overeenkomsten en, terzelfder tijd, het handhaven van onze wezenlijke EU-rechten en -beginselen, in alle gevallen.

Hoewel het niet eenvoudig is om dit smalle pad te bewandelen, is de rapporteur van mening dat dit nodig is om in de geest van de Unie te handelen, in overeenstemming met het gevestigde beleid inzake wet leasing van in derde landen geregistreerde luchtvaartuigen, zoals dat uitstekend is beschreven in overweging 8 van Verordening (EG) nr. 1008/2008:

"Om te vermijden dat te veel gebruik wordt gemaakt van leasing van in derde landen geregistreerde luchtvaartuigen, met name wet leasing, moet deze mogelijkheid slechts in buitengewone omstandigheden worden toegestaan, bijvoorbeeld wanneer er onvoldoende geschikte luchtvaartuigen op de communautaire markt beschikbaar zijn; deze mogelijkheid moet ook strikt worden beperkt in de tijd en vereist dat wordt voldaan aan veiligheidsnormen die gelijkwaardig zijn aan die in de Gemeenschapswetgeving en de nationale wetgeving."

***

Momenteel is een periode van 7+7 maanden van toepassing op wet leasing van in derde landen geregistreerde luchtvaartuigen; de rapporteur stelt voor dat van deze algemene regel van 7+7 maanden kan worden afgeweken op voorwaarde dat de wet leasing ook na het verstrijken van de periode van 7+7 maanden uitzonderlijk blijft. De bevoegde autoriteit van de lidstaat moet nader onderzoeken of de wet leasing inderdaad van uitzonderlijke aard blijft. Dit houdt in de praktijk in dat de autoriteit kan besluiten de maatschappij toe te staan om luchtvaartuigen met bemanning uit derde landen te huren gedurende meer dan 14 opeenvolgende maanden, als aan de volgende drie vereisten is voldaan:

- Ten eerste moet er al een luchtvervoersovereenkomst tussen de Unie en het derde land in kwestie bestaan, en moet de wet lease-overeenkomst daarin uitdrukkelijk voorzien in het wederzijds wegnemen van de voor leasing geldende beperkingen die momenteel volgens het recht zijn vastgesteld. Zowel de EU als het derde land zullen hun respectieve wet- en regelgeving moeten aanpassen om de wet lease-overeenkomst ten uitvoer te leggen, met gepaste aandacht voor sociale en arbeidsomstandigheden en de rechten van passagiers.

- Ten tweede moet de verlenging van een leasevergunning door de bevoegde autoriteit worden verleend indien is aangetoond dat in de aanvankelijke periode van 14 maanden de wet leasing heeft plaatsgevonden op basis van daadwerkelijke wederkerigheid tussen de maatschappijen uit de EU en het derde land wat gelijke kansen inzake markttoegang betreft, er geen bewezen verlaging was van de veiligheids-, beveiligings- en sociale normen, en de rechten van passagiers vergelijkbaar zijn met de in de EU toepasselijke rechten.

- Ten derde moet de bevoegde autoriteit nagaan of in de EU en het derde land in kwestie vergelijkbare sociale en economische omstandigheden heersen en of al een zeer hoge mate van samenwerking op regelgevingsgebied tot stand is gebracht, bijvoorbeeld inzake luchtvaartveiligheid en -beveiliging, mededinging en sociale, milieu- en consumentenbescherming. Deze vereiste is fundamenteel om te waarborgen dat EU-maatschappijen die op grond van een wet leasing vliegtuigen exploiteren met een AOC dat in een derde land is afgegeven, steeds normen in acht nemen die vergelijkbaar zijn met de in de EU geldende normen. Dit zal ook bijdragen tot het voorkómen van mogelijke neveneffecten van de overeenkomst, namelijk marktverstoringen, oneerlijke mededinging en sociale dumping.

De rapporteur wil er met deze tekst op wijzen dat zij begrijpt dat de mogelijkheid van wet leasing moet worden uitgebreid ten opzichte van wat momenteel in de EU-wetgeving is toegestaan, maar dat dit geenszins negatieve gevolgen mag hebben voor de Europese sociale en milieunormen, de rechten van passagiers of de veiligheidsverplichtingen.

Verdere stappen

Zoals blijkt uit de mededeling "Een open en geconnecteerd Europa" die de Commissie in juni 2017 heeft gepubliceerd, ondergaat de Europese luchtvaartsector momenteel aanzienlijke veranderingen en moeten onmiddellijk beleidsmaatregelen worden genomen om wereldwijd concurrerend te blijven en de kansen te grijpen die ontstaan door de openstelling van de markten.

In de mededeling wordt in het algemeen aangegeven dat de Europese Unie de groei moet bevorderen, maar ook dat zij de hoogste normen moet respecteren inzake sociale en arbeidsomstandigheden en de rechten van passagiers. Openbaredienstverplichtingen en de regels inzake eigendom van en zeggenschap over luchtvaartmaatschappijen zijn slechts enkele van de thema's die naar verwachting in de nabije toekomst zullen worden behandeld.

Gezien al het bovenstaande is de rapporteur van mening dat de Europese Commissie binnen een adequate termijn een volledig herziene versie van Verordening nr. 1008/2008 moet voorleggen, op basis van een impactstudie waarin kan worden vastgesteld welke beleidsinstrumenten voor het succes van de Europese luchtvaartsector vereist zijn.


PROCEDURE VAN DE BEVOEGDE COMMISSIE

Titel

Gemeenschappelijke regels voor de exploitatie van luchtdiensten in de Gemeenschap

Document- en procedurenummers

COM(2016) 818 final – C8-0531/2016 – 2016/0411(COD)

Datum indiening bij EP

21.12.2016

 

 

 

Bevoegde commissie

       Datum bekendmaking

TRAN

19.1.2017

 

 

 

Rapporteurs

       Datum benoeming

Claudia Țapardel

27.3.2017

 

 

 

Behandeling in de commissie

27.2.2018

12.4.2018

 

 

Datum goedkeuring

25.4.2018

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

25

22

1

Bij de eindstemming aanwezige leden

Daniela Aiuto, Lucy Anderson, Marie-Christine Arnautu, Georges Bach, Izaskun Bilbao Barandica, Michael Cramer, Luis de Grandes Pascual, Isabella De Monte, Ismail Ertug, Jacqueline Foster, Dieter-Lebrecht Koch, Merja Kyllönen, Miltiadis Kyrkos, Bogusław Liberadzki, Peter Lundgren, Renaud Muselier, Markus Pieper, Tomasz Piotr Poręba, Gabriele Preuß, Dominique Riquet, Massimiliano Salini, Claudia Schmidt, Jill Seymour, Claudia Țapardel, Keith Taylor, István Ujhelyi, Peter van Dalen, Elissavet Vozemberg-Vrionidi, Roberts Zīle, Kosma Złotowski, Elżbieta Katarzyna Łukacijewska

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Matt Carthy, Jakop Dalunde, Michael Detjen, Markus Ferber, Michael Gahler, Maria Grapini, Karoline Graswander-Hainz, Kateřina Konečná, Peter Kouroumbashev, Werner Kuhn, Ramona Nicole Mănescu, Jozo Radoš, Matthijs van Miltenburg, Henna Virkkunen

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Anna Hedh, Jeroen Lenaers, Mylène Troszczynski

Datum indiening

27.4.2018


HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

25

+

ALDE

Izaskun Bilbao Barandica, Jozo Radoš, Dominique Riquet, Matthijs van Miltenburg

ECR

Jacqueline Foster, Tomasz Piotr Poręba, Roberts Zīle, Kosma Złotowski, Peter van Dalen

EFDD

Peter Lundgren

PPE

Georges Bach, Markus Ferber, Michael Gahler, Dieter-Lebrecht Koch, Werner Kuhn, Jeroen Lenaers, Renaud Muselier, Ramona Nicole Mănescu, Markus Pieper, Massimiliano Salini, Claudia Schmidt, Henna Virkkunen, Elissavet Vozemberg-Vrionidi, Luis de Grandes Pascual, Elżbieta Katarzyna Łukacijewska

22

-

EFDD

Jill Seymour

ENF

Marie-Christine Arnautu, Mylène Troszczynski

GUE/NGL

Matt Carthy, Kateřina Konečná, Merja Kyllönen

S&D

Lucy Anderson, Isabella De Monte, Michael Detjen, Ismail Ertug, Maria Grapini, Karoline Graswander-Hainz, Anna Hedh, Peter Kouroumbashev, Miltiadis Kyrkos, Bogusław Liberadzki, Gabriele Preuß, István Ujhelyi, Claudia Țapardel

Verts/ALE

Michael Cramer, Jakop Dalunde, Keith Taylor

1

0

EFDD

Daniela Aiuto

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

Laatst bijgewerkt op: 18 mei 2018Juridische mededeling - Privacybeleid