Procedure : 2018/0205(COD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0324/2018

Ingediende teksten :

A8-0324/2018

Debatten :

Stemmingen :

PV 23/10/2018 - 7.15
CRE 23/10/2018 - 7.15
PV 26/03/2019 - 7.15

Aangenomen teksten :

P8_TA(2018)0399
P8_TA(2019)0235

VERSLAG     ***I
PDF 968kWORD 145k
15.10.2018
PE 625.332v02-00 A8-0324/2018

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de onderlinge afstemming van de verslagleggingsverplichtingen op het gebied van milieubeleid en tot wijziging van Richtlijnen 86/278/EEG, 2002/49/EG, 2004/35/EG, 2007/2/EG, 2009/147/EG en 2010/63/EU, Verordeningen (EG) nr. 166/2006 en (EU) nr. 995/2010 en Verordeningen (EG) nr. 338/97 en (EG) nr. 2173/2005 van de Raad

(COM(2018)0381 – C8-0244/2018 – 2018/0205(COD))

Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid

Rapporteur: Adina-Ioana Vălean

AMENDEMENTEN
ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 ADVIES van de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling
 ADVIES van de Commissie juridische zaken
 PROCEDURE VAN DE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de onderlinge afstemming van de verslagleggingsverplichtingen op het gebied van milieubeleid en tot wijziging van Richtlijnen 86/278/EEG, 2002/49/EG, 2004/35/EG, 2007/2/EG, 2009/147/EG en 2010/63/EU, Verordeningen (EG) nr. 166/2006 en (EU) nr. 995/2010 en Verordeningen (EG) nr. 338/97 en (EG) nr. 2173/2005 van de Raad

(COM(2018)0381 – C8-0244/2018 – 2018/0205(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2018)0381),

–  gezien artikel 294, lid 2, en de artikelen 114, 192, lid 1, en 207 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C8‑0244/2018),

–  gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité(1),

–  gezien het advies van het Comité van de Regio's(2),

–  gezien artikel 59 van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid en de adviezen van de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling en de Commissie juridische zaken (A8‑0324/2018),

1.  stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;

2.  verzoekt de Commissie om hernieuwde voorlegging aan het Parlement indien zij haar voorstel vervangt, ingrijpend wijzigt of voornemens is het ingrijpend te wijzigen;

3.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

Amendement    1

Voorstel voor een verordening

Titel

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Voorstel voor een

Voorstel voor een

VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

betreffende de onderlinge afstemming van de verslagleggingsverplichtingen op het gebied van milieubeleid en tot wijziging van Richtlijnen 86/278/EEG, 2002/49/EG, 2004/35/EG, 2007/2/EG, 2009/147/EG en 2010/63/EU, Verordeningen (EG) nr. 166/2006 en (EU) nr. 995/2010 en Verordeningen (EG) nr. 338/97 en (EG) nr. 2173/2005 van de Raad

betreffende de onderlinge afstemming van de verslagleggingsverplichtingen op het gebied van wetgeving die verband houdt met het milieu en tot wijziging van Richtlijnen 86/278/EEG, 2002/49/EG, 2004/35/EG, 2007/2/EG, 2009/147/EG en 2010/63/EU, Verordeningen (EG) nr. 166/2006 en (EU) nr. 995/2010 en Verordeningen (EG) nr. 338/97 en (EG) nr. 2173/2005 van de Raad

(Voor de EER relevante tekst)

(Voor de EER relevante tekst)

Motivering

Wijziging van de titel om weer te geven dat niet alle hier vermelde rechtshandelingen per se milieuwetgeving zijn.

Amendement    2

Voorstel voor een verordening

Overweging 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(1)  Teneinde te kunnen inspelen op de behoefte aan informatie over de tenuitvoerlegging en de naleving en rekening houdend met de resultaten van het verslag van de Commissie betreffende de maatregelen om milieuverslaglegging te stroomlijnen45 en de bijbehorende geschiktheidscontrole46, is het nodig een milieuwetgevingsteksten te wijzigen.

(1)  Teneinde te kunnen inspelen op de behoefte aan informatie over de tenuitvoerlegging en de naleving en rekening houdend met de resultaten van het verslag van de Commissie betreffende de maatregelen om milieuverslaglegging te stroomlijnen45 en de bijbehorende geschiktheidscontrole46, is het nodig een aantal wetgevingsteksten die verband houden met het milieu te wijzigen.

__________________

__________________

45 COM(2017) 312.

45 COM(2017) 312.

46 COM(2017) 230.

46 SWD(2017) 230.

Motivering

In overeenstemming met een gelijksoortige wijziging van de titel.

Amendement    3

Voorstel voor een verordening

Overweging 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 bis)  Deze verordening heeft ten doel het informatiebeheer te moderniseren en een consequente benadering ten aanzien van de door deze verordening bestreken wetgevingsteksten te waarborgen door de verslaglegging te vereenvoudigen om de administratieve lasten te verminderen, de databank voor toekomstige beoordelingen te verbeteren en de transparantie voor het publiek te verhogen, met inachtneming van de omstandigheden.

Amendement    4

Voorstel voor een verordening

Overweging 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(2)  Bij de het toegankelijk stellen van gegevens moet ervoor worden gezorgd dat de administratieve lasten voor alle entiteiten zo beperkt mogelijk blijven. Om de nodige infrastructuur voor de toegang van het publiek, de verslaglegging en de uitwisseling van gegevens tussen overheidsinstanties te waarborgen wordt in het voorstel actieve verpreiding van de informatie op nationaal niveau voorgeschreven, in overeenstemming met Richtlijnen 2003/4/EG47 en 2007/2/EG48 van het Europees Parlement en de Raad en de uitvoeringsbepalingen daarvan.

(2)  Bij de het toegankelijk stellen van gegevens moet ervoor worden gezorgd dat de administratieve lasten voor alle entiteiten zo beperkt mogelijk blijven, met name voor niet-gouvernementele entiteiten zoals kleine en middelgrote ondernemingen (kmo's). Om de nodige infrastructuur voor de toegang van het publiek, de verslaglegging en de uitwisseling van gegevens tussen overheidsinstanties te waarborgen wordt in het voorstel actieve verspreiding van de informatie op nationaal niveau voorgeschreven, in overeenstemming met Richtlijnen 2003/4/EG47 en 2007/2/EG48 van het Europees Parlement en de Raad en de uitvoeringsbepalingen daarvan.

_________________

_________________

47 Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2003 inzake de toegang van het publiek tot milieu-informatie en tot intrekking van Richtlijn 90/313/EEG van de Raad (PB L 41 van 14.2.2003, blz. 26).

47 Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2003 inzake de toegang van het publiek tot milieu-informatie en tot intrekking van Richtlijn 90/313/EEG van de Raad (PB L 41 van 14.2.2003, blz. 26).

48 Richtlijn 2007/2/EG van het Europees Parlement en de Raad van 14 maart 2007 tot oprichting van een infrastructuur voor ruimtelijke informatie in de Gemeenschap (Inspire) (PB L 108 van 25.4.2007, blz. 1).

48 Richtlijn 2007/2/EG van het Europees Parlement en de Raad van 14 maart 2007 tot oprichting van een infrastructuur voor ruimtelijke informatie in de Gemeenschap (Inspire) (PB L 108 van 25.4.2007, blz. 1).

Amendement    5

Voorstel voor een verordening

Overweging 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(3)  De door de lidstaten verstrekte gegevens zijn cruciaal voor de Commissie bij het volgen, beoordelen en toetsen van de mate waarin de wetgeving haar doelstellingen tot stand brengt en de resultaten daarvan vormen de basis van toekomstige beoordelingen van die wetgeving, in overeenstemming met punt 22 van het Interinstitutioneel Akkoord tussen het Europees Parlement, de Raad van de Europese Unie en de Europese Commissie over beter wetgeven van 13 april 201649. Het is dan ook aangewezen in verschillende wetgevingshandelingen in de milieusector bepalingen op te nemen met het oog op hun toekomstige beoordeling, op basis van de gegevens die tijdens de tenuitvoerlegging werden verzameld, eventueel aangevuld met bijkomende wetenschappelijke, analytische gegevens. Er bestaat in dat verband een behoefte aan relevante gegevens die het mogelijk maken om de doelmatigheid, doeltreffendheid, relevantie, samenhang en meerwaarde van de Uniewetgeving voor de EU beter te beoordelen; vandaar de behoefte aan geschikte verslagleggingsmechanismen die in dat verband ook kunnen dienen als indicatoren.

(3)  Uitgebreide en tijdige rapportering van relevante gegevens door de lidstaten is cruciaal voor de Commissie bij het volgen, beoordelen en toetsen van de mate waarin de wetgeving haar doelstellingen tot stand brengt en de resultaten daarvan vormen de basis van toekomstige beoordelingen van die wetgeving, in overeenstemming met punt 22 van het Interinstitutioneel Akkoord tussen het Europees Parlement, de Raad van de Europese Unie en de Europese Commissie over beter wetgeven van 13 april 201649. Het is dan ook aangewezen in verschillende wetgevingshandelingen in de milieusector bepalingen op te nemen met het oog op hun toekomstige beoordeling, op basis van de gegevens die tijdens de tenuitvoerlegging werden verzameld, eventueel aangevuld met bijkomende wetenschappelijke, analytische gegevens. Er bestaat in dat verband een behoefte aan relevante gegevens die het mogelijk maken om de doelmatigheid, doeltreffendheid, relevantie, samenhang en meerwaarde van de Uniewetgeving voor de EU beter te beoordelen; vandaar de behoefte aan geschikte verslagleggingsmechanismen die in dat verband ook kunnen dienen als indicatoren, zowel voor besluitvormers als voor het algemene publiek.

_________________

_________________

49 PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1.

49 PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1.

Amendement    6

Voorstel voor een verordening

Overweging 5

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(5)  Ingevolge de beoordeling van Richtlijn 2002/49/EG van het Europees Parlement en de Raad50 moeten de verslagleggingstermijnen voor geluidsbelastingkaarten en actieplannen worden gestroomlijnd opdat er voldoende tijd is voor de openbare raadpleging over de actieplannen. Te dien einde wordt de termijn voor de herziening of aanpassing van de actieplannen eenmalig met één jaar uitgesteld; de termijn van de volgende (vierde) ronde actieplannen is dan niet 18 juli 2023 maar 18 juli 2024. Daardoor zullen de lidstaten vanaf de vierde ronde ongeveer twee jaar de tijd hebben tussen het opmaken van de geluidsbelastingkaarten en het voltooien van de herziening of aanpassing van de actieplannen, in plaats van één jaar zoals op dit moment het geval is. Voor de daaropvolgende ronden actieplannen zal de periode van vijf jaar voor de herziening of aanpassing worden hervat. Daarnaast moeten de lidstaten, om de doelstellingen van Richtlijn 2002/49/EG beter te kunnen verwezenlijken en om een basis te kunnen leggen voor de uitwerking van maatregelen op het niveau van de Unie, elektronische hulpmiddelen aanwenden voor de verslaglegging. Er moet ook worden gezorgd voor meer publieksparticipatie door te eisen dat bepaalde informatie openbaar wordt gemaakt en tegelijkertijd moet die verplichting worden afgestemd op andere Uniewetgeving, zoals Richtlijn 2007/2/EG, zonder daarbij de praktische vereisten te dupliceren.

(5)  Ingevolge de beoordeling van Richtlijn 2002/49/EG van het Europees Parlement en de Raad50 moeten de verslagleggingstermijnen voor geluidsbelastingkaarten en actieplannen worden gestroomlijnd opdat er voldoende tijd is voor de openbare raadpleging over de actieplannen. Te dien einde wordt de termijn voor de herziening of aanpassing van de actieplannen eenmalig met één jaar uitgesteld; de termijn van de volgende (vierde) ronde actieplannen is dan niet 18 juli 2023 maar 18 juli 2024. Daardoor zullen de lidstaten vanaf de vierde ronde ongeveer twee jaar de tijd hebben tussen het opmaken van de geluidsbelastingkaarten en het voltooien van de herziening of aanpassing van de actieplannen, in plaats van één jaar zoals op dit moment het geval is. Voor de daaropvolgende ronden actieplannen zal de periode van vijf jaar voor de herziening of aanpassing worden hervat. Daarnaast moeten de lidstaten, om de doelstellingen van Richtlijn 2002/49/EG beter te kunnen verwezenlijken en om een basis te kunnen leggen voor de uitwerking van maatregelen op het niveau van de Unie, elektronische hulpmiddelen aanwenden voor de verslaglegging. Er moet ook worden gezorgd voor meer publieksparticipatie door te eisen dat begrijpelijke, nauwkeurige en vergelijkbare informatie openbaar wordt gemaakt en tegelijkertijd moet die verplichting worden afgestemd op andere Uniewetgeving, zoals Richtlijn 2007/2/EG, zonder daarbij de praktische vereisten te dupliceren.

_________________

_________________

50 Richtlijn 2002/49/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 juni 2002 inzake de evaluatie en de beheersing van omgevingslawaai (PB L 189 van 18.7.2002).

50 Richtlijn 2002/49/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 juni 2002 inzake de evaluatie en de beheersing van omgevingslawaai (PB L 189 van 18.7.2002).

Amendement    7

Voorstel voor een verordening

Overweging 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7)  In het licht van het verslag van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement over de uitvoering van Richtlijn 2007/2/EG en de REFIT-evaluatie52 is het, met het oog op de vereenvoudiging van de uitvoering van die richtlijn en de beperking van de administratieve lasten bij het toezicht door de lidstaten, niet langer nodig om de lidstaten te verplichten driejaarlijkse verslagen in te dienen bij de Commissie en om de Commissie te verplichten een samenvattend verslag in te dienen bij het Europees Parlement en de Raad, aangezien de geschiktheidscontrole betreffende de verslaglegging heeft bevestigd dat dergelijke verslagen slechts in beperkte mate worden gebruikt53.

(7)  In het licht van het verslag van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement over de uitvoering van Richtlijn 2007/2/EG en de REFIT-evaluatie52 is het, met het oog op de vereenvoudiging van de uitvoering van die richtlijn en de beperking van de administratieve lasten bij het toezicht door de lidstaten, niet langer nodig om de lidstaten te verplichten driejaarlijkse verslagen in te dienen bij de Commissie en om de Commissie te verplichten een samenvattend verslag in te dienen bij het Europees Parlement en de Raad, aangezien de geschiktheidscontrole betreffende de verslaglegging heeft bevestigd dat dergelijke verslagen slechts in beperkte mate worden gebruikt53. Desalniettemin moet de Commissie doorgaan met het – met geregelde tussenpozen – evalueren van die richtlijn en het openbaar maken van de bedoelde evaluaties.

_________________

_________________

52 COM(2016) 478 en SWD(2016) 273.

52 COM(2016) 478 en SWD(2016) 273.

53 COM(2017) 312.

53 COM(2017) 312.

Motivering

In de huidige tekst van Richtlijn 2007/2/EG wordt de Commissie verzocht een verslag bij het Europees Parlement en de Raad in te dienen. Daarom moet er op zijn minst periodiek een beoordeling worden uitgevoerd en openbaar gemaakt.

Amendement    8

Voorstel voor een verordening

Overweging 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(9)  De rapportageverplichtingen van artikelen 43, 54 en 57 van Richtlijn 2010/63/EU van het Europees Parlement en de Raad56 moeten worden gewijzigd. Teneinde de transparantie te verhogen en de administratieve lasten te verlagen, behelzen die bepalingen onder meer het opzetten van een centrale, vrij toegankelijke en doorzoekbare databank voor niet-technische projectsamenvattingen en de bijbehorende beoordelingen achteraf, het verlenen van uitvoeringsbevoegdheden aan de Commissie om een gemeenschappelijke wijze vast te stellen voor het indienen van niet-technische projectsamenvattingen en de bijbehorende beoordelingen achteraf, informatie over de tenuitvoerlegging, en vervanging van de verplichting van driejaarlijkse verslaglegging door de Commissie over statistische gegevens door de eis dat een dynamische, door de Commissie te beheren centrale databank wordt opgezet, waarmee elk jaar informatie wordt vrijgegeven.

(9)  De rapportageverplichtingen van artikelen 43, 54, 57 en 58 van Richtlijn 2010/63/EU van het Europees Parlement en de Raad56 moeten worden gewijzigd. Teneinde de transparantie te verhogen en de administratieve lasten te verlagen, behelzen die bepalingen onder meer het opzetten van een centrale, vrij toegankelijke en doorzoekbare databank voor niet-technische projectsamenvattingen en de bijbehorende beoordelingen achteraf, het verlenen van uitvoeringsbevoegdheden aan de Commissie om een gemeenschappelijke wijze vast te stellen voor het indienen van niet-technische projectsamenvattingen en de bijbehorende beoordelingen achteraf, informatie over de tenuitvoerlegging, en vervanging van de verplichting van driejaarlijkse verslaglegging door de Commissie over statistische gegevens door de eis dat een dynamische, door de Commissie te beheren centrale databank wordt opgezet, waarmee elk jaar informatie wordt vrijgegeven. In het licht van een verslag van de Commissie van 201756 bis, moet de clausule voor een evaluatie van die richtlijn als bedoeld in artikel 58 van die tekst worden overwogen met het oog op een toekomstige evaluatie.

__________________

__________________

56 Richtlijn 2010/63/EU van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2010 betreffende de bescherming van dieren die voor wetenschappelijke doeleinden worden gebruikt (PB L 276 van 20.10.2010, blz. 33).

56 Richtlijn 2010/63/EU van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2010 betreffende de bescherming van dieren die voor wetenschappelijke doeleinden worden gebruikt (PB L 276 van 20.10.2010, blz. 33).

 

56 bis Verslag van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio's in overeenstemming met artikel 58 van Richtlijn 2010/63/EU betreffende de bescherming van dieren die voor wetenschappelijke doeleinden worden gebruikt (COM(2017) 631 final).

Amendement    9

Voorstel voor een verordening

Overweging 14 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(14 bis)  De Richtlijnen 86/278/EEG, 2002/49/EG, 2004/35/EG, 2007/2/EG, 2009/147/EG en 2010/63/EU, Verordeningen (EG) nr. 166/2006 en (EU) nr. 995/2010 en Verordeningen (EG) nr. 338/97 en (EG) nr. 2173/2005 moeten daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd,

Motivering

Nieuwe overweging om een richting aan te geven, als een conclusie voor alle andere overwegingen.

Amendement    10

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt -1 (nieuw)

Richtlijn 86/278/EEG

Artikel 2 – alinea 1 – letter d bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

-1)  In artikel 2 wordt het volgende punt toegevoegd:

 

"d bis) "diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens": de verwerking van de ruimtelijke gegevens die zich in die verzamelingen bevinden of de verwerking van de aanverwante metagegevens door middel van een computertoepassing, zoals gedefinieerd in artikel 3, lid 4,van Richtlijn 2007/2/EG van het Europees Parlement en de Raad*;".

 

__________________

 

* Richtlijn 2007/2/EG van het Europees Parlement en de Raad van 14 maart 2007 tot oprichting van een infrastructuur voor ruimtelijke informatie in de Gemeenschap (Inspire) (PB L 108 van 25.4.2007, blz. 1).

(Zie formulering van Richtlijn 2007/2/EG (Inspire))

Motivering

De definities staan in artikel 2 van de basishandeling. Omwille van de samenhang en duidelijkheid is de nieuwe definitie van diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens daarom aan artikel 2 toegevoegd.

Amendement    11

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt -1 bis (nieuw)

Richtlijn 86/278/EEG

Artikel 2 – alinea 1 – letter d ter (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

-1 bis)  In artikel 2 wordt het volgende punt toegevoegd:

 

"d ter) "verzameling ruimtelijke gegevens": een identificeerbare verzameling ruimtelijke gegevens zoals gedefinieerd in artikel 3, lid 3, van Richtlijn 2007/2/EG;".

Motivering

De definities staan in artikel 2 van de basishandeling. Omwille van de samenhang en duidelijkheid is de nieuwe definitie van diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens daarom aan artikel 2 toegevoegd.

Amendement    12

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1

Richtlijn 86/278/EEG

Artikel 10 – lid 1 – letter d

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d)  de namen en adressen van de ontvangers van het slib en de plaatsen waar het slib wordt gebruikt;

Schrappen

Motivering

Concrete bedrijfsgegevens zoals in dit geval de gegevens van de afnemers van slib mogen niet publiek toegankelijk zijn. Er moet voor gegevensbescherming worden gezorgd. Ook kan het bekend maken van namen van landbouwers tot een hetze door milieuorganisaties en activisten leiden, ook al is de toepassing wettelijk toegestaan. Publicatie van gegevens kan zo als schandpaal werken. De autoriteiten moeten intern over de gegevens kunnen beschikken om te kunnen controleren of de voorwaarden en bepalingen worden nageleefd.

Amendement    13

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1

Richtlijn 86/278/EEG

Artikel 10 – lid 1 – letter e

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

e)  enige andere informatie met betrekking tot de omzetting en tenuitvoerlegging van deze richtlijn die door de lidstaten aan de Commissie wordt verstrekt ingevolge artikel 17.

Schrappen

Motivering

De voorgestelde tekst creëert een vicieuze cirkel door de verwijzing naar artikel 17, waarin weer wordt verwezen naar een uitvoeringshandeling waarmee de vereisten van artikel 10 moeten worden opgesteld.

Amendement    14

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1

Richtlijn 86/278/EEG

Artikel 10 – lid 1 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Voor het presenteren van de verzamelingen ruimtelijke gegevens op basis van informatie uit die registers wordt gebruik gemaakt van diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens in de zin van artikel 3, lid 4, van Richtlijn 2007/2/EG van het Europees Parlement en de Raad*.

Voor het presenteren van de verzamelingen ruimtelijke gegevens op basis van informatie uit die registers wordt gebruik gemaakt van diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens.

Motivering

Voor de duidelijkheid moet deze alinea afzonderlijk als punt d bis) (nieuw) in artikel 2 worden geplaatst, omdat de definities in artikel 2 van de basishandeling staan.

Amendement    15

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1

Richtlijn 86/278/EEG

Artikel 10 – lid 2 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De in lid 1 genoemde gegevens worden voor elk kalenderjaar ter beschikking gesteld van het publiek, uiterlijk drie maanden na het einde van het betrokken kalenderjaar, op een geconsolideerde wijze zoals vastgelegd in de bijlage bij Beschikking 94/741/EG van de Commissie** of in een andere vorm ingevolge artikel 17.

De in lid 1 genoemde gegevens worden voor elk kalenderjaar in gemakkelijk toegankelijke vorm ter beschikking gesteld van het publiek, uiterlijk drie maanden na het einde van het betrokken kalenderjaar, op een geconsolideerde wijze zoals vastgelegd in de bijlage bij Beschikking 94/741/EG van de Commissie** of in een andere vorm ingevolge artikel 17.

Amendement    16

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1

Richtlijn 86/278/EEG

Artikel 10 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Gegevens over de behandelingsmethoden en analyseresultaten worden op verzoek aan de bevoegde autoriteiten overgelegd.

3. Gegevens over de behandelingsmethoden en analyseresultaten worden aan de bevoegde autoriteiten overgelegd.

Amendement    17

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – alinea 1 – punt 4

Richtlijn 2002/49/EG

Artikel 10 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

"2.  De lidstaten dragen er zorg voor dat de in de strategische geluidsbelastingkaarten vervatte gegevens en de samenvattingen van de actieplannen, als nader omschreven in bijlage VI, binnen zes maanden na de in artikel 7 respectievelijk artikel 8 genoemde datums aan de Commissie worden toegezonden. De lidstaten verstrekken daartoe uitsluitend op elektronische wijze informatie aan het gegevensarchief, dat moet worden opgezet in overeenstemming met de in artikel 13, lid 3, genoemde regelgevingsprocedure met toetsing. Indien een lidstaat informatie wenst bij te werken, beschrijft hij, op het moment dat hij de bijgewerkte aanlevert voor opname in het gegevensarchief, de verschillen tussen de bijgewerkte en de oorspronkelijke informatie en de redenen voor de bijwerking.".

"2.  De lidstaten dragen er zorg voor dat de in de strategische geluidsbelastingkaarten vervatte gegevens en de samenvattingen van de actieplannen, als nader omschreven in bijlage VI, binnen zes maanden na de in artikel 7 respectievelijk artikel 8 genoemde datums aan de Commissie worden toegezonden. De lidstaten verstrekken daartoe uitsluitend op elektronische wijze informatie aan een verplicht gegevensarchief. Indien een lidstaat informatie wenst bij te werken, beschrijft hij, op het moment dat hij de bijgewerkte aanlevert voor opname in het gegevensarchief, de verschillen tussen de bijgewerkte en de oorspronkelijke informatie en de redenen voor de bijwerking.".

Amendement    18

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – alinea 1– punt 4 bis (nieuw)

Richtlijn 2002/49/EG

Artikel 10 – lid 2 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 bis)  In artikel 10 wordt na lid 2 het volgende lid toegevoegd:

 

"2 bis.  De Commissie stelt overeenkomstig artikel 12 bis gedelegeerde handelingen vast als aanvulling op deze richtlijn met betrekking tot het opzetten van een verplicht gegevensarchief zoals vermeld in lid 2, en de gedetailleerde regels van het digitaal mechanisme voor de uitwisseling van informatie om de informatie uit de strategische geluidsbelastingkaarten en samenvattingen van de actieplannen uit te wisselen.".

Amendement    19

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – alinea 1 – punt 4 ter (nieuw)

Richtlijn 2002/49/EG

Artikel 12 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 ter)  Het volgende artikel wordt toegevoegd:

 

"Artikel 12 bis

 

Uitoefening van de bevoegdheidsdelegatie

 

1.  De bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend onder de in dit artikel neergelegde voorwaarden.

 

2.  De bevoegdheid om de in artikel 10, lid 2 bis, bedoelde gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie verleend voor een periode van vijf jaar vanaf ... [de datum van inwerkingtreding van deze verordening]. De Commissie stelt uiterlijk negen maanden voor het einde van de termijn van vijf jaar een verslag op over de bevoegdheidsdelegatie. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend met termijnen van dezelfde duur verlengd, tenzij het Europees Parlement of de Raad zich uiterlijk drie maanden voor het einde van elke termijn tegen deze verlenging verzet.

 

3.  Het Europees Parlement of de Raad kan de in artikel 10, lid 2 bis, bedoelde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Het besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.

 

4.  Vóór de vaststelling van een gedelegeerde handeling raadpleegt de Commissie de door elke lidstaat aangewezen deskundigen overeenkomstig de beginselen die zijn neergelegd in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven.

 

5.  Zodra de Commissie een gedelegeerde handeling heeft vastgesteld, stelt zij het Europees Parlement en de Raad daarvan gelijktijdig in kennis.

 

6.  Een overeenkomstig artikel 10, lid 2 bis, vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het Europees Parlement noch de Raad binnen een termijn van twee maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de Raad daartegen bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad vóór het verstrijken van die termijn de Commissie hebben medegedeeld dat zij daartegen geen bezwaar zullen maken. Die termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden verlengd.

 

__________________

 

* PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1.".

Amendement    20

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – alinea 1 – punt 5

Richtlijn 2002/49/EG

Bijlage VI – punt 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5)  Bijlage VI, punt 3, wordt vervangen door:

5)  Bijlage VI, punt 3, wordt geschrapt.

"3.  Mechanisme voor de uitwisseling van informatie

 

De Commissie, bijgestaan door het Europees Milieuagentschap, ontwikkelt een verplicht digitaal mechanisme voor de uitwisseling van informatie om de informatie uit de in artikel 10, lid 2, genoemde strategische geluidsbelastingkaarten en samenvattingen van de actieplannen uit te wisselen in overeenstemming met de in artikel 13, lid 3, genoemde regelgevingsprocedure met toetsing.".

 

Amendement    21

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt -1 (nieuw)

Richtlijn 2004/35/EG

Artikel 2 – alinea 1– punt 16 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

-1)  In artikel 2 wordt het volgende punt toegevoegd:

 

"16 bis.   "diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens": de verwerking van de ruimtelijke gegevens die zich in de verzamelingen ruimtelijke gegevens bevinden of de verwerking van de aanverwante metagegevens door middel van een computertoepassing, zoals gedefinieerd in Richtlijn 2007/2/EG van het Europees Parlement en de Raad*;

 

__________________

 

* Richtlijn 2007/2/EG van het Europees Parlement en de Raad van 14 maart 2007 tot oprichting van een infrastructuur voor ruimtelijke informatie in de Gemeenschap (Inspire) (PB L 108 van 25.4.2007, blz. 1).".

Motivering

De definities staan in artikel 2 van de basishandeling. Omwille van de samenhang en duidelijkheid is de nieuwe definitie van diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens daarom aan artikel 2 toegevoegd.

Amendement    22

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 2004/35/EG

Artikel 18 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De lidstaten dragen er zorg voor dat toereikende en actuele informatie over ten minste de onmiddellijke gevaren voor milieuschade online, in een open gegevensformaat, ter beschikking staan van het publiek, overeenkomstig bijlage VI bij deze richtlijn en artikel 7, lid 4, van Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad*. Voor elk incident wordt ten minste de in bijlage VI bij deze richtlijn genoemde informatie verstrekt.

1. De lidstaten dragen er zorg voor dat toereikende en actuele informatie over ten minste de onmiddellijke gevaren voor milieuschade online, in een open gegevensformaat, ter beschikking staan van het publiek en van de Commissie, overeenkomstig bijlage VI bij deze richtlijn en artikel 7, lid 4, van Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad*. Voor elk incident wordt ten minste de in bijlage VI bij deze richtlijn genoemde informatie verstrekt.

Amendement    23

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 2004/35/EG

Artikel 18 – lid 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  De Commissie stelt overeenkomstig artikel 18 bis een gedelegeerde handeling vast tot wijziging van bijlage VI bij deze richtlijn met betrekking tot de gedetailleerde criteria op grond waarvan de omvang en het type van de milieuschade zullen worden ingedeeld.

Amendement    24

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 2004/35/EG

Artikel 18 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  Voor het presenteren van de verzamelingen ruimtelijke gegevens op basis van de in lid 1 van dit artikel bedoelde informatie (zoals de ruimtelijke plaats van incidenten), moet gebruik worden gemaakt van diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens in de zin van artikel 3, lid 4, van Richtlijn 2007/2/EG van het Europees Parlement en de Raad**.

2.  Voor het presenteren van de verzamelingen ruimtelijke gegevens op basis van de in lid 1 van dit artikel bedoelde informatie (zoals de ruimtelijke plaats van incidenten), moet gebruik worden gemaakt van diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens.

Amendement    25

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 2004/35/EG

Artikel 18 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De diensten van de Commissie publiceren op basis van de gegevens die ingevolge lid 1 door de lidstaten beschikbaar werden gesteld een overzicht voor de hele Unie, met kaarten.

3.  De diensten van de Commissie publiceren op basis van de gegevens die ingevolge lid 1 door de lidstaten beschikbaar werden gesteld een overzicht voor de hele Unie, met kaarten, en zorgen ervoor dat dit regelmatig wordt geactualiseerd.

Amendement    26

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 2004/35/EG

Artikel 18 – lid 4 – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  De Commissie verricht op gezette tijden een beoordeling van deze richtlijn. De beoordeling berust onder meer op de volgende elementen:

4.  De Commissie verricht uiterlijk op 1 januari 2022 en vervolgens ten minste iedere vijf jaar een beoordeling van deze richtlijn en de tenuitvoerlegging ervan. De beoordeling wordt openbaar gemaakt en berust onder meer op de volgende elementen:

Amendement    27

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 2004/35/EG

Artikel 18 – lid 4 – letter b bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b bis)  een analyse van de ontwikkelingen en relevante veranderingen in de lidstaten.

Amendement    28

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 2004/35/EG

Artikel 18 – lid 4 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 bis.  De Commissie brengt te zijner tijd verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de resultaten van de in lid 4 bedoelde evaluatie, en laat dit verslag indien nodig vergezeld gaan van passende wetgevingsvoorstellen.

Amendement    29

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 2004/35/EG

Artikel 18 – lid 4 ter (new)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 ter.  In de in lid 4 bedoelde beoordeling wordt ook rekening gehouden met de uitbreiding van de definitie van "milieuschade" als gedefinieerd in artikel 2, lid 1, en van de reikwijdte van deze richtlijn, waar nu ook schade aan de volksgezondheid onder valt, en derhalve ook luchtvervuiling, die aanzienlijke risico's voor de volksgezondheid met zich meebrengt.

Amendement    30

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 2 bis (nieuw)

Richtlijn 2004/35/EG

Artikel 18 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

2 bis)  Het volgende artikel wordt ingevoegd:

 

"Artikel 18 bis

 

Uitoefening van de bevoegdheidsdelegatie

 

1.  De bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend onder de in dit artikel neergelegde voorwaarden.

 

2.  De in artikel 18, lid 1 bis, bedoelde bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt met ingang van ... [datum van de inwerkingtreding van deze verordening] voor onbepaalde tijd aan de Commissie verleend.

 

3.  Het Europees Parlement of de Raad kan de in artikel 18, lid 1 bis, bedoelde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Het besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.

 

4.  Vóór de vaststelling van een gedelegeerde handeling raadpleegt de Commissie de door elke lidstaat aangewezen deskundigen overeenkomstig de beginselen die zijn neergelegd in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven.

 

5.  Zodra de Commissie een gedelegeerde handeling heeft vastgesteld, stelt zij het Europees Parlement en de Raad daarvan gelijktijdig in kennis.

 

6.  Een overeenkomstig artikel 18, lid 1 bis, vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het Europees Parlement noch de Raad binnen een termijn van twee maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de Raad daartegen bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad vóór het verstrijken van die termijn de Commissie hebben medegedeeld dat zij daartegen geen bezwaar zullen maken. Die termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden verlengd."

 

__________________

 

* PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1.".

Amendement    31

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 3

Richtlijn 2004/35/EG

Bijlage VI – alinea 1 – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De in artikel 18, lid 1, bedoelde informatie heeft betrekking op emissies, gebeurtenissen of incidenten die milieuschade of een onmiddellijke dreiging van schade hebben veroorzaakt, met daarbij voor elk geval de volgende informatie en gegevens:

De in artikel 18, lid 1, bedoelde informatie bevat een lijst van emissies, gebeurtenissen of incidenten die milieuschade of een onmiddellijke dreiging van schade hebben veroorzaakt, met daarbij voor elk geval de volgende informatie en gegevens:

Amendement    32

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 3

Richtlijn 2004/35/EG

Bijlage VI – punt 7 – letter c bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis)  gerechtelijke procedures ter zake;

Amendement    33

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – alinea 1 – punt 1 – letter a bis (nieuw)

Richtlijn 2007/2/EG

Artikel 21 – lid 2 – letter c bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

a bis)  in lid 2 wordt het volgende punt ingevoegd:

 

"c bis)  een analyse van de ontwikkeling van de infrastructuur voor Inspire in de lidstaten;";

Amendement    34

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – alinea 1– punt 2

Richtlijn 2007/2/EG

Artikel 23 – alinea 2 – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De Commissie verricht op gezette tijden een beoordeling van deze richtlijn. De beoordeling berust onder meer op de volgende elementen:

De Commissie verricht uiterlijk op 1 januari 2022 en vervolgens ten minste iedere vijf jaar een beoordeling van deze richtlijn en de tenuitvoerlegging ervan, en maakt deze openbaar. De beoordeling berust onder meer op de volgende elementen:

Amendement    35

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – alinea 1– punt 2

Richtlijn 2007/2/EG

Artikel 23 – alinea 2 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

De Commissie brengt te zijner tijd verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de resultaten van de in lid 2 bedoelde evaluatie, en laat dit verslag indien nodig vergezeld gaan van passende wetgevingsvoorstellen.

Amendement    36

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – alinea 1 – punt 1

Richtlijn 2009/147/EG

Artikel 12 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De lidstaten dienen om de zes jaar, op hetzelfde moment als het verslag dat uit hoofde van artikel 17 van Richtlijn 92/43/EEG van de Raad* wordt opgesteld, bij de Commissie een verslag in over de tenuitvoerlegging van de maatregelen die in het kader van deze richtlijn zijn getroffen en over de belangrijkste effecten van die maatregelen. Dat verslag bevat met name informatie over de staat en de ontwikkelingen van in het wild levende vogelsoorten die door deze richtlijn worden beschermd, de bedreigingen en druk op die vogelsoorten, de voor hen genomen instandhoudingsmaatregelen en de bijdrage van het netwerk van speciale beschermingszones aan de doelstellingen, zoals uiteengezet in artikel 2 van deze richtlijn.

1.  De lidstaten dienen om de zes jaar, op hetzelfde moment als het verslag dat uit hoofde van artikel 17 van Richtlijn 92/43/EEG van de Raad* wordt opgesteld, bij de Commissie een verslag in over de tenuitvoerlegging van de maatregelen die in het kader van deze richtlijn zijn getroffen en over de belangrijkste effecten van die maatregelen. Dat verslag is toegankelijk voor het publiek en bevat met name informatie over de staat en de ontwikkelingen van in het wild levende vogelsoorten die door deze richtlijn worden beschermd, de bedreigingen en druk op die vogelsoorten, de voor hen genomen instandhoudingsmaatregelen en de bijdrage van het netwerk van speciale beschermingszones aan de doelstellingen, zoals uiteengezet in artikel 2 van deze richtlijn.

Amendement    37

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 2009/147/EG

Artikel 12 – lid 2 – zin 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  De Commissie, bijgestaan door het Europees Milieuagentschap, stelt om de zes jaar een samenvattend verslag op aan de hand van de in lid 1 bedoelde gegevens.

2.  De Commissie, bijgestaan door het Europees Milieuagentschap, stelt om de zes jaar een samenvattend verslag op aan de hand van de in lid 1 bedoelde gegevens en publiceert dit verslag.

 

 

Amendement    38

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – alinea 1 – punt 2 – letter a

Richtlijn 2010/63/EU

Artikel 54 – lid 1 – alinea 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De diensten van de Commissie drager er zorg voor dat het op basis van de door de lidstaten ingediende gegevens opgesteld overzicht voor de hele Unie wordt geopenbaard.

Uiterlijk zes maanden na de indiening van de gegevens door de lidstaten als bedoeld in de tweede alinea, publiceren de diensten van de Commissie een overzicht voor de hele Unie op basis van die gegevens, en zien erop toe dat dit regelmatig wordt geactualiseerd.

Amendement    39

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – alinea 1 – punt 2 – letter b

Richtlijn 2010/63/EU

Artikel 54 – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  De Commissie stelt volgens de in artikel 56, lid 3, bedoelde regelgevingsprocedure de gemeenschappelijke inhoud en het gemeenschappelijk formaat vast voor indiening van de in de leden 1, 2 en 3 bedoelde gegevens.

4.  De Commissie stelt volgens de in artikel 56, lid 3, bedoelde onderzoeksprocedure de gemeenschappelijke inhoud en het gemeenschappelijk formaat vast voor indiening van de in de leden 1, 2 en 3 bedoelde gegevens.

Motivering

De regelgevingsprocedure is gewijzigd in een uitvoeringshandeling (onderzoeksprocedure).

Amendement    40

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – alinea 1– punt 2 bis (nieuw)

Richtlijn 2010/63/EU

Artikel 56 – lid 3

 

Bestaande tekst

Amendement

 

2 bis)  Artikel 56, lid 3, wordt vervangen door:

3.  Wanneer naar dit lid wordt verwezen, zijn de artikelen 5 en 7 van Besluit 1999/468/EG van toepassing, met inachtneming van artikel 8 van dat besluit.

"3.  Wanneer naar dit lid wordt verwezen, is artikel 5 van Verordening (EU) nr. 182/2011 van toepassing.

Motivering

De regelgevingsprocedure is gewijzigd in een uitvoeringshandeling (onderzoeksprocedure).

Amendement    41

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – alinea 1 – punt 3

Richtlijn 2010/63/EU

Artikel 57

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3)  Artikel 57 wordt geschrapt.

3)  Artikel 57 wordt vervangen door:

 

"Artikel 57

 

Rapportage door de Commissie

 

Uiterlijk op 10 november 2020, en vervolgens iedere drie jaar, dient de Commissie op basis van de krachtens artikel 54, lid 2, door de lidstaten overgelegde statistische gegevens bij het Europees Parlement en de Raad een samenvattend verslag in over die gegevens.".

Amendement    42

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – alinea 1 – punt 3 bis (nieuw)

Richtlijn 2010/63/EU

Artikel 58 – alinea 1

 

Bestaande tekst

Amendement

 

3 bis)  Artikel 58, lid 1, wordt vervangen door:

Uiterlijk op 10 november 2017 evalueert de Commissie deze richtlijn, rekening houdend met de vooruitgang bij de ontwikkeling van alternatieve methoden waarbij geen dieren en met name geen niet-menselijke primaten worden gebruikt, en stelt zij indien passend wijzigingen voor.

"Uiterlijk op 10 november 2024 evalueert de Commissie deze richtlijn, rekening houdend met de vooruitgang bij de ontwikkeling van alternatieve methoden waarbij geen dieren en met name geen niet-menselijke primaten worden gebruikt, en stelt zij indien passend wijzigingen voor.".

Amendement    43

Voorstel voor een verordening

Artikel 7 – alinea 1 – punt 2

Verordening (EG) nr. 166/2006

Artikel 7 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  De lidstaten verstrekken elk jaar alle in artikel 5, leden 1 en 2, bedoelde gegevens via elektronische gegevensoverdracht aan de Commissie, in het formaat en binnen een termijn zoals door de Commissie in uitvoeringshandelingen is vastgesteld, overeenkomstig de in artikel 19, lid 2, bedoelde procedure. De gegevens worden uiterlijk negen maanden na het einde van het verslagjaar verstrekt.

2.  De lidstaten verstrekken elk jaar uiterlijk 31 maart alle in artikel 5, leden 1 en 2, bedoelde gegevens via elektronische gegevensoverdracht aan de Commissie, in het formaat zoals door de Commissie in uitvoeringshandelingen is vastgesteld, overeenkomstig de in artikel 19, lid 2, bedoelde procedure. De gegevens worden uiterlijk negen maanden na het einde van het verslagjaar verstrekt.

Motivering

Aanpassing aan het tijdschema van het verslag van de Commissie zoals vastgelegd in andere gewijzigde voorstellen in deze basishandeling.

Amendement    44

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – alinea 1

Verordening (EU) nr. 995/2010

Artikel 20 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De lidstaten stellen uiterlijk op 30 april van elk jaar informatie beschikbaar aan het publiek en de Commissie over de tenuitvoerlegging van deze verordening in het voorgaande kalenderjaar. De Commissie kan door middel van uitvoeringshandelingen het formaat en de procedure voor de bekendmaking van dergelijke informatie door de lidstaten vaststellen. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 18, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

(Niet van toepassing op de Nederlandse versie.)

Amendement    45

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – alinea 1

Verordening (EU) nr. 995/2010

Artikel 20 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Uiterlijk op 3 december 2015, en daarna om de zes jaar, evalueert de Commissie de werking en de doeltreffendheid van deze verordening op basis van de informatie over en ervaringen met de toepassing van deze verordening, met inbegrip van het verhinderen dat illegaal gekapt hout en producten van dergelijk hout op de markt worden gebracht. Zij let daarbij met name op de administratieve gevolgen voor het midden- en kleinbedrijf en de onder de werkingssfeer vallende producten. De Commissie brengt verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de resultaten van de evaluatie, en laat die verslagen indien nodig vergezeld gaan van passende wetgevingsvoorstellen.".

3.  Uiterlijk op 3 december 2021, en daarna om de vijf jaar, evalueert de Commissie de werking en de doeltreffendheid van deze verordening op basis van de informatie over en ervaringen met de toepassing van deze verordening, met inbegrip van het verhinderen dat illegaal gekapt hout en producten van dergelijk hout op de markt worden gebracht. Zij let daarbij met name op de administratieve gevolgen voor het midden- en kleinbedrijf en de onder de werkingssfeer vallende producten. De Commissie brengt verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de resultaten van de evaluatie, en laat die verslagen indien nodig vergezeld gaan van passende wetgevingsvoorstellen.".

Motivering

Het Europees Parlement wordt de mogelijkheid geboden om elke zittingsperiode de verslagen van de Commissie en eventuele wetgevingsvoorstellen te evalueren.

Amendement    46

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – alinea 1 – punt 1

Verordening (EG) nr. 2173/2005

Artikel 8 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De lidstaten stellen uiterlijk op 30 april van elk jaar informatie beschikbaar aan het publiek en de Commissie over de tenuitvoerlegging van deze verordening in het voorgaande kalenderjaar.

(Niet van toepassing op de Nederlandse versie.)

Amendement    47

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – alinea 1 – punt 2

Verordening (EG) nr. 2173/2005

Artikel 9 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Uiterlijk in december 2021, en daarna om de zes jaar, evalueert de Commissie de werking en de doeltreffendheid van deze verordening op basis van de informatie over en ervaringen met de tenuitvoerlegging van deze verordening. Daarbij moet de Commissie rekening houden met de voortgang die is geboekt bij de uitvoering van de vrijwillige partnerschapsovereenkomsten. De Commissie brengt verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de resultaten van de evaluatie, en laat, voor zover nodig, die verslagen vergezeld gaan van voorstellen voor verbetering van het Flegt-vergunningensysteem.".

Uiterlijk in december 2021, en daarna om de vijf jaar, evalueert de Commissie de werking en de doeltreffendheid van deze verordening op basis van de informatie over en ervaringen met de tenuitvoerlegging van deze verordening. Daarbij houdt de Commissie rekening met de voortgang die is geboekt bij de uitvoering van de vrijwillige partnerschapsovereenkomsten. De Commissie brengt om de vijf jaar verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de resultaten van de evaluatie, en laat, voor zover nodig, die verslagen vergezeld gaan van voorstellen voor verbetering van het Flegt-vergunningensysteem.

Amendement    48

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – alinea 1 – punt 1

Verordening (EG) nr. 338/97

Artikel 15 – lid 4 – punt c

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  Onverminderd artikel 20 verstrekken de administratieve instanties van de lidstaten de Commissie één jaar vóór elke vergadering van de Conferentie van de Partijen bij de Overeenkomst alle relevante informatie betreffende de voorgaande periode die vereist is voor het opstellen van de in artikel VIII, lid 7, onder b), van de overeenkomst bedoelde verslagen en gelijkwaardige informatie over de bepalingen van deze verordening die buiten het toepassingsgebied van de Overeenkomst vallen. De Commissie bepaalt volgens de in artikel 18, lid 2, bedoelde regelgevingsprocedure welke informatie moet worden verstrekt en in welke vorm dat dient te geschieden.

c)  Onverminderd artikel 20 verstrekken de administratieve instanties van de lidstaten de Commissie één jaar vóór elke vergadering van de Conferentie van de Partijen bij de Overeenkomst alle relevante informatie betreffende de voorgaande periode die vereist is voor het opstellen van de in artikel VIII, lid 7, onder b), van de overeenkomst bedoelde verslagen en gelijkwaardige informatie over de bepalingen van deze verordening die buiten het toepassingsgebied van de Overeenkomst vallen. De Commissie bepaalt volgens de in artikel 18, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure in welke vorm dat dient te geschieden.

Motivering

Welke informatie moet worden verstrekt, dient niet door de Commissie te worden bepaald en de regelgevingsprocedure moet worden omgezet in een uitvoeringshandeling (onderzoeksprocedure).

Amendement    49

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – alinea 1 bis (nieuw)

Verordening (EG) nr. 338/97

Artikel 18 – lid 2

 

Bestaande tekst

Amendement

 

Artikel 18, lid 2, wordt vervangen door:

2.  Wanneer naar dit artikel wordt verwezen, zijn de artikelen 5 en 7 van Besluit 1999/468/EG van toepassing, met inachtneming van het bepaalde in artikel 8 van dat besluit.

"2.  Wanneer naar dit lid wordt verwezen, is artikel 5 van Verordening (EU) nr. 182/2011 van toepassing.".

De in artikel 5, lid 6, van Besluit 1999/468/EG bedoelde termijn wordt vastgesteld op drie maanden. Voor de taken waarvoor het comité krachtens artikel 19, punten 1 en 2, bevoegd is, worden de voorgestelde maatregelen, indien de Raad na verloop van een termijn van drie maanden na de indiening van het voorstel bij de Raad, geen besluit heeft genomen, door de Commissie vastgesteld.

 

(1)

  PB C ….

(2)

  PB C ….


TOELICHTING

De rapporteur is ingenomen met het voornemen van de Commissie om de onderlinge afstemming van de verslagleggingsverplichtingen op het gebied van wetgeving met betrekking tot het milieu te stroomlijnen door bijwerking van specifieke bepalingen van 10 sectorale richtlijnen en verordeningen. Dit voorstel van de Commissie komt volgens de rapporteur op een gunstig moment nu er wordt gestreefd naar een vereenvoudiging van de sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw geleidelijk toegenomen milieuwetgeving, met inbegrip van de verslagleggingsbepalingen.

Dit wetgevingsvoorstel komt concreet voort uit een bijgewerkt actieplan voor stroomlijning van de milieuverslaglegging(1), een van de resultaten van de geschiktheidscontrole inzake de verslaglegging over en het toezicht op het milieubeleid van de Unie(2). Bovendien vormt het voorstel van de Commissie een aanvulling op het onlangs aangenomen besluit over procedureregels inzake rapportage op milieugebied(3).

De rapporteur steunt het doel van de Commissie om de transparantie te vergroten, een empirische basis te bieden voor toekomstige beoordelingen en de administratieve lasten voor de lidstaten en de Commissie te vereenvoudigen en te verminderen. Zij heeft een aantal suggesties voor verbetering van het wetgevingsvoorstel waarvan het algemene doel de modernisering van informatiebeheer en verlaging van de administratieve lasten is.

Bovendien zal het verbeterde wetgevingsvoorstel voor belanghebbenden een kostenverlagend en voordeelverhogend effect hebben, door op grotere schaal de meest efficiënte processen aan te wenden en door meer gebruik te maken van elektronische hulpmiddelen en sjablonen. Deze verbeteringen zullen leiden tot een betere verzameling en verwerking van gegevens, waardoor besluitvormers in de lidstaten en op het niveau van de Unie sneller de beschikking hebben over uitgebreide evaluaties.

Bepaalde suggesties van de rapporteur zijn gericht op het bieden van een transparantere toegang tot duidelijke milieu-informatie aan verschillende belanghebbenden, met inbegrip van het grote publiek, en dragen onder meer bij aan prioritaire doelstelling 4 van het zevende milieuactieprogramma(4). Verschillende amendementen met betrekking tot definities van een aantal termen in de basishandelingen waarnaar in dit voorstel wordt verwezen of die bepaalde termen specificeren, zijn bijvoorbeeld gericht op verbetering van de samenhang, vereenvoudiging van de tekst en het bieden van meer duidelijkheid in het algemeen.

Enkele door de rapporteur aangebrachte wijzigingen verbeteren de rol van medewetgevers, waaronder die van het Europees Parlement, en verduidelijken de rol van het Europees Milieuagentschap (EMA) in het algemene proces van verslaglegging en toezicht.

De rapporteur is van mening dat er behoefte is aan gedetailleerde criteria op grond waarvan de omvang en het type van de milieuschade zal worden ingedeeld in Richtlijn 2004/35/EG(5).

In het geval van Richtlijn 2010/63/EG(6), voert de rapporteur een vereiste in voor de Commissie om het overzicht voor de hele Unie, gebaseerd op de door de lidstaten ingediende gegevens, niet alleen te publiceren maar ook regelmatig bij te werken.

Met betrekking tot Verordening (EG) nr. 166/2006(7), wordt ook een voorstel gedaan betreffende een duidelijke uiterste rapportagedatum voor de lidstaten om de Commissie via elektronische gegevensoverdracht te voorzien van alle vereiste, in deze verordening vastgelegde gegevens.

Wat Verordening (EG) nr. 995/2010 betreft, is de rapporteur van mening dat het Parlement de mogelijkheid moet worden geboden om elke zittingsperiode de verslagen van de Commissie en eventuele wetgevingsvoorstellen te evalueren en daarom wordt de evaluatieperiode van zes naar vijf jaar teruggebracht.

De rapporteur is van oordeel dat bepaalde voorschriften met betrekking tot het gebruik van de wetgevingsprocedure met toetsing in basishandelingen waarnaar in dit voorstel wordt verwezen, moeten worden afgestemd op het Verdrag van Lissabon. In dit verband verzoekt de rapporteur om de toepassing van gedelegeerde handelingen bij bepaalde artikelen van enkele basishandelingen waarnaar in dit voorstel wordt verwezen, om meer duidelijkheid te scheppen over de bevoegdheid die wordt verleend aan de Commissie door de twee medewetgevers: het Europees Parlement en de Raad. Ook wordt informatie over de uitoefening van de bevoegdheidsdelegatie verstrekt. De voorgestelde afstemming op het Verdrag van Lissabon en in het bijzonder de toepassing van de gedelegeerde handelingen vormen daarom niet alleen een belangrijke bijstelling van het voorstel van de Commissie, maar ook een algemene verbetering van de verslaglegging en het toezicht.

(1)

Verslag van de Commissie (COM(2017)0312). 

(2)

SWD(2017) 0230 final.

(3)

Besluit (EU) 2018/853 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2018 tot wijziging van Verordening (EU) nr. 1257/2013 en Richtlijnen 94/63/EG en 2009/31/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijnen 86/278/EEG en 87/217/EEG van de Raad wat betreft procedureregels inzake rapportage op milieugebied en tot intrekking van Richtlijn 91/692/EEG van de Raad.

(4)

PB L 354 van 28.12.2013, blz. 171-200.

(5)

Richtlijn 2004/35/EG van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 betreffende milieuaansprakelijkheid met betrekking tot het voorkomen en herstellen van milieuschade.

(6)

Richtlijn 2010/63/EU van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2010 betreffende de bescherming van dieren die voor wetenschappelijke doeleinden worden gebruikt.

(7)

Verordening (EG) nr. 166/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 januari 2006 betreffende de instelling van een Europees register inzake de uitstoot en overbrenging van verontreinigende stoffen en tot wijziging van de Richtlijnen 91/689/EEG en 96/61/EG van de Raad.


ADVIES van de Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling (2.10.2018)

aan de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid

inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de onderlinge afstemming van de verslagleggingsverplichtingen op het gebied van milieubeleid en tot wijziging van Richtlijnen 86/278/EEG, 2002/49/EG, 2004/35/EG, 2007/2/EG, 2009/147/EG en 2010/63/EU, Verordeningen (EG) nr. 166/2006 en (EU) nr. 995/2010 en Verordeningen (EG) nr. 338/97 en (EG) nr. 2173/2005 van de Raad

(COM(2018)0381 – C8-0244/2018 – 2018/0205(COD))

Rapporteur voor advies: Nicola Caputo

BEKNOPTE MOTIVERING

De rapporteur is verheugd over de verbeteringen op het gebied van transparantie en vereenvoudiging die zijn aangebracht in de richtlijn betreffende de bescherming van dieren die voor wetenschappelijke doeleinden worden gebruikt (Richtlijn 2010/63/EU), met name de creatie van een doorzoekbare en vrij toegankelijke databank met statistische gegevens. Dankzij deze toegankelijke gegevensbank zal het gebruik van dieren voor wetenschappelijke doeleinden veel regelmatiger kunnen worden gecontroleerd en komt informatie beschikbaar over de zwaarte van de gebruikte procedures of soorten, met name ten aanzien van niet-menselijke primaten. Het moet evenwel verplicht blijven een verslag in te dienen bij het Parlement en de Raad, om een overzicht en een interpretatie te geven van de ruwe statistische gegevens die in de gegevensbank zijn opgenomen. Zoals werd onderstreept in het in 2017 gepubliceerde verslag van de Commissie, is het daarnaast, gezien het feit dat deze evaluatie wordt uitgevoerd in een vroeg stadium van de tenuitvoerlegging van de richtlijn, nog te vroeg om een beoordeling te maken van de resultaten ervan ten aanzien van de strategische doelstellingen. In dezelfde conclusies werd overigens al gewezen op een aantal punten dat in de toekomst moet worden gewijzigd. Daarom acht de rapporteur het onontbeerlijk het artikel betreffende de evaluatie van de richtlijn te behouden.

AMENDEMENTEN

De Commissie landbouw en plattelandsontwikkeling verzoekt de bevoegde Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid onderstaande amendementen in aanmerking te nemen:

Amendement    1

Voorstel voor een verordening

Titel 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de onderlinge afstemming van de verslagleggingsverplichtingen op het gebied van milieubeleid en tot wijziging van Richtlijnen 86/278/EEG, 2002/49/EG, 2004/35/EG, 2007/2/EG, 2009/147/EG en 2010/63/EU, Verordeningen (EG) nr. 166/2006 en (EU) nr. 995/2010 en Verordeningen (EG) nr. 338/97 en (EG) nr. 2173/2005 van de Raad

Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de onderlinge afstemming van de verslagleggingsverplichtingen in het kader van wetgeving in verband met het milieu en tot wijziging van Richtlijnen 86/278/EEG, 2002/49/EG, 2004/35/EG, 2007/2/EG, 2009/147/EG en 2010/63/EU, Verordeningen (EG) nr. 166/2006 en (EU) nr. 995/2010 en Verordeningen (EG) nr. 338/97 en (EG) nr. 2173/2005 van de Raad

Motivering

Wijziging van de titel om weer te geven dat niet alle hier vermelde rechtshandelingen per se milieuwetgeving zijn.

Amendement    2

Voorstel voor een verordening

Overweging 1

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(1)  Teneinde te kunnen inspelen op de behoefte aan informatie over de tenuitvoerlegging en de naleving en rekening houdend met de resultaten van het verslag van de Commissie betreffende de maatregelen om milieuverslaglegging te stroomlijnen45 en de bijbehorende geschiktheidscontrole46, is het nodig een milieuwetgevingsteksten te wijzigen.

(1)  Teneinde te kunnen inspelen op de behoefte aan informatie over de tenuitvoerlegging en de naleving en rekening houdend met de resultaten van het verslag van de Commissie betreffende de maatregelen om milieuverslaglegging te stroomlijnen45 en de bijbehorende geschiktheidscontrole46, is het nodig een aantal wetgevingsteksten die verband houden met het milieu te wijzigen.

_________________

_________________

45 COM(2017) 312.

45 COM(2017) 312.

46 SWD(2017) 230.

46 SWD(2017) 230.

Motivering

In overeenstemming met een gelijksoortige wijziging van de titel.

Amendement    3

Voorstel voor een verordening

Overweging 2

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(2)  Bij de het toegankelijk stellen van gegevens moet ervoor worden gezorgd dat de administratieve lasten voor alle entiteiten zo beperkt mogelijk blijven. Om de nodige infrastructuur voor de toegang van het publiek, de verslaglegging en de uitwisseling van gegevens tussen overheidsinstanties te waarborgen wordt in het voorstel actieve verspreiding van de informatie op nationaal niveau voorgeschreven, in overeenstemming met Richtlijnen 2003/4/EG47 en 2007/2/EG48 van het Europees Parlement en de Raad en de uitvoeringsbepalingen daarvan.

(2)  Bij het toegankelijk stellen van gegevens moet ervoor worden gezorgd dat de administratieve lasten voor alle entiteiten zo beperkt mogelijk blijven, met name voor niet-gouvernementele entiteiten zoals kleine en middelgrote ondernemingen. Om de nodige infrastructuur voor de toegang van het publiek, de verslaglegging en de uitwisseling van gegevens tussen overheidsinstanties te waarborgen wordt in het voorstel actieve verspreiding van de informatie op nationaal niveau voorgeschreven, in overeenstemming met Richtlijnen 2003/4/EG47 en 2007/2/EG48 van het Europees Parlement en de Raad en de uitvoeringsbepalingen daarvan.

_________________

_________________

47 Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2003 inzake de toegang van het publiek tot milieu-informatie en tot intrekking van Richtlijn 90/313/EEG van de Raad (PB L 41 van 14.2.2003, blz. 26);

47 Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2003 inzake de toegang van het publiek tot milieu-informatie en tot intrekking van Richtlijn 90/313/EEG van de Raad (PB L 41 van 14.2.2003, blz. 26);

48 Richtlijn 2007/2/EG van het Europees Parlement en de Raad van 14 maart 2007 tot oprichting van een infrastructuur voor ruimtelijke informatie in de Gemeenschap (Inspire) (PB L 108 van 25.4.2007, blz. 1).

48 Richtlijn 2007/2/EG van het Europees Parlement en de Raad van 14 maart 2007 tot oprichting van een infrastructuur voor ruimtelijke informatie in de Gemeenschap (Inspire) (PB L 108 van 25.4.2007, blz. 1).

Amendement    4

Voorstel voor een verordening

Overweging 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(3)  De door de lidstaten verstrekte gegevens zijn cruciaal voor de Commissie bij het volgen, beoordelen en toetsen van de mate waarin de wetgeving haar doelstellingen tot stand brengt en de resultaten daarvan vormen de basis van toekomstige beoordelingen van die wetgeving, in overeenstemming met punt 22 van het Interinstitutioneel Akkoord tussen het Europees Parlement, de Raad van de Europese Unie en de Europese Commissie over beter wetgeven van 13 april 201649. Het is dan ook aangewezen in verschillende wetgevingshandelingen in de milieusector bepalingen op te nemen met het oog op hun toekomstige beoordeling, op basis van de gegevens die tijdens de tenuitvoerlegging werden verzameld, eventueel aangevuld met bijkomende wetenschappelijke, analytische gegevens. Er bestaat in dat verband een behoefte aan relevante gegevens die het mogelijk maken om de doelmatigheid, doeltreffendheid, relevantie, samenhang en meerwaarde van de Uniewetgeving voor de EU beter te beoordelen; vandaar de behoefte aan geschikte verslagleggingsmechanismen die in dat verband ook kunnen dienen als indicatoren.

(3)  De door de lidstaten verstrekte gegevens zijn cruciaal voor de Commissie bij het volgen, beoordelen en toetsen van de mate waarin de wetgeving haar doelstellingen tot stand brengt en de resultaten daarvan vormen de basis van toekomstige beoordelingen van die wetgeving, in overeenstemming met punt 22 van het Interinstitutioneel Akkoord tussen het Europees Parlement, de Raad van de Europese Unie en de Europese Commissie over beter wetgeven van 13 april 201649. Het is dan ook aangewezen in verschillende wetgevingshandelingen in de milieusector bepalingen op te nemen met het oog op hun toekomstige beoordeling, op basis van de gegevens die tijdens de tenuitvoerlegging werden verzameld, eventueel aangevuld met bijkomende wetenschappelijke, analytische gegevens. Er bestaat in dat verband een behoefte aan relevante gegevens die het mogelijk maken om de doelmatigheid, doeltreffendheid, relevantie, samenhang en meerwaarde van de Uniewetgeving voor de EU beter te beoordelen; vandaar de behoefte aan geschikte verslagleggingsmechanismen die in dat verband ook kunnen dienen als indicatoren, zowel voor besluitvormers als voor het algemene publiek.

_________________

_________________

49 PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1.

49 PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1.

Amendement    5

Voorstel voor een verordening

Overweging 9

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(9)  De rapportageverplichtingen van artikelen 43, 54 en 57 van Richtlijn 2010/63/EU van het Europees Parlement en de Raad moeten worden gewijzigd56. Teneinde de transparantie te verhogen en de administratieve lasten te verlagen, behelzen die bepalingen onder meer het opzetten van een centrale, vrij toegankelijke en doorzoekbare databank voor niet-technische projectsamenvattingen en de bijbehorende beoordelingen achteraf, het verlenen van uitvoeringsbevoegdheden aan de Commissie om een gemeenschappelijke wijze vast te stellen voor het indienen van niet-technische projectsamenvattingen en de bijbehorende beoordelingen achteraf, informatie over de tenuitvoerlegging, en vervanging van de verplichting van driejaarlijkse verslaglegging door de Commissie over statistische gegevens door de eis dat een dynamische, door de Commissie te beheren centrale databank wordt opgezet, waarmee elk jaar informatie wordt vrijgegeven.

(9)  De rapportageverplichtingen van artikelen 43, 54, 57 en 58 van Richtlijn 2010/63/EU van het Europees Parlement en de Raad56 moeten worden gewijzigd. Teneinde de transparantie te verhogen en de administratieve lasten te verlagen, behelzen die bepalingen onder meer het opzetten van een centrale, vrij toegankelijke en doorzoekbare databank voor niet-technische projectsamenvattingen en de bijbehorende beoordelingen achteraf, het verlenen van uitvoeringsbevoegdheden aan de Commissie om een gemeenschappelijke wijze vast te stellen voor het indienen van niet-technische projectsamenvattingen en de bijbehorende beoordelingen achteraf, informatie over de tenuitvoerlegging, en vervanging van de verplichting van driejaarlijkse verslaglegging door de Commissie over statistische gegevens door de eis dat een dynamische, door de Commissie te beheren centrale databank wordt opgezet, waarmee elk jaar informatie wordt vrijgegeven. De bepaling betreffende de evaluatie moet worden herzien met het oog op een toekomstige herziening als gevolg van het verslag aan de Commissie overeenkomstig artikel 58 van Richtlijn 2010/63/EU betreffende de bescherming van dieren die voor wetenschappelijke doeleinden worden gebruikt56 bis.

__________________

__________________

56 Richtlijn 2010/63/EU van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2010 betreffende de bescherming van dieren die voor wetenschappelijke doeleinden worden gebruikt (PB L 276 van 20.10.2010, blz. 33).

56 Richtlijn 2010/63/EU van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2010 betreffende de bescherming van dieren die voor wetenschappelijke doeleinden worden gebruikt (PB L 276 van 20.10.2010, blz. 33).

 

56 bis COM (2017) 631 final Verslag van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio's in overeenstemming met artikel 58 van Richtlijn 2010/63/EU betreffende de bescherming van dieren die voor wetenschappelijke doeleinden worden gebruikt.

Amendement    6

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1

Richtlijn 86/278/EEG

Artikel 10 – artikel 1 – letter d

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

d)  de namen en adressen van de ontvangers van het slib en de plaatsen waar het slib wordt gebruikt;

Schrappen

Motivering

Concrete bedrijfsgegevens zoals in dit geval de gegevens van de afnemers van slib mogen niet publiek toegankelijk zijn. Er moet voor gegevensbescherming worden gezorgd. Ook kan het bekend maken van namen van landbouwers tot een hetze door milieuorganisaties en activisten leiden, ook al is de toepassing wettelijk toegestaan. Publicatie van gegevens kan zo als schandpaal werken. De autoriteiten moeten intern over de gegevens kunnen beschikken om te kunnen controleren of de voorwaarden en bepalingen worden nageleefd.

Amendement    7

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1

Richtlijn 86/278/EEG

Artikel 10 – lid 1 – letter e

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

e)  enige andere informatie met betrekking tot de omzetting en tenuitvoerlegging van deze richtlijn die door de lidstaten aan de Commissie wordt verstrekt ingevolge artikel 17.

Schrappen

Motivering

De voorgestelde tekst creëert een lus door de verwijzing naar artikel 17, waarin weer wordt verwezen naar een uitvoeringshandeling waarmee de vereisten van artikel 10 moeten worden opgesteld.

Amendement    8

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 86/278/EEG

Artikel 17 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De Commissie is bevoegd om door middel van een uitvoeringshandeling te bepalen in welke vorm de lidstaten informatie moeten verstrekken over de tenuitvoerlegging van Richtlijn 86/278/EEG, zoals voorgeschreven in artikel 10 van deze richtlijn. Die uitvoeringshandeling wordt vastgesteld volgens de in artikel 15, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure. De diensten van de Commissie publiceren een overzicht voor de hele Unie met kaarten op basis van de gegevens die door de lidstaten beschikbaar werden gesteld ingevolge artikel 10 en artikel 17.

De Commissie is bevoegd om door middel van een uitvoeringshandeling te bepalen in welke vorm de lidstaten informatie moeten verstrekken over de tenuitvoerlegging van Richtlijn 86/278/EEG, zoals voorgeschreven in artikel 10 van deze richtlijn. Die uitvoeringshandeling wordt vastgesteld volgens de in artikel 15, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure. De diensten van de Commissie publiceren een overzicht voor de hele Unie met kaarten op basis van de gegevens die door de lidstaten beschikbaar werden gesteld ingevolge artikel 10 en artikel 17 en dienen elke twee jaar passende voorstellen in bij het Europees Parlement en de Raad met het oog op een betere bescherming van de bodem en het milieu.

Amendement    9

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – alinea 1 – punt 4

Richtlijn 2002/49/EG

Artikel 10 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  De lidstaten dragen er zorg voor dat de in de strategische geluidsbelastingkaarten vervatte gegevens en de samenvattingen van de actieplannen, als nader omschreven in bijlage VI, binnen zes maanden na de in artikel 7 respectievelijk artikel 8 genoemde datums aan de Commissie worden toegezonden. De lidstaten verstrekken daartoe uitsluitend op elektronische wijze informatie aan het gegevensarchief, dat moet worden opgezet in overeenstemming met de in artikel 13, lid 3, genoemde regelgevingsprocedure met toetsing. Indien een lidstaat informatie wenst bij te werken, beschrijft hij, op het moment dat hij de bijgewerkte aanlevert voor opname in het gegevensarchief, de verschillen tussen de bijgewerkte en de oorspronkelijke informatie en de redenen voor de bijwerking.

2.  De lidstaten dragen er zorg voor dat de in de strategische geluidsbelastingkaarten vervatte gegevens en de samenvattingen van de actieplannen, als nader omschreven in bijlage VI, binnen zes maanden na de in artikel 7 respectievelijk artikel 8 genoemde datums aan de Commissie worden toegezonden. De lidstaten verstrekken daartoe uitsluitend op elektronische wijze informatie aan een verplicht gegevensarchief. Indien een lidstaat informatie wenst bij te werken, beschrijft hij, op het moment dat hij de bijgewerkte aanlevert voor opname in het gegevensarchief, de verschillen tussen de bijgewerkte en de oorspronkelijke informatie en de redenen voor de bijwerking.

Motivering

Aanpassing van de basishandeling aan de procedure voor gedelegeerde handelingen.

Amendement    10

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – lid 1– punt 4 bis (nieuw)

Richtlijn 2002/49/EG

Artikel 10 – lid 2 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 bis.  In artikel 10 wordt na lid 2 het volgende lid toegevoegd:

 

"2 bis. De Commissie stelt overeenkomstig artikel 12 bis gedelegeerde handelingen vast als aanvulling op deze richtlijn met betrekking tot het opzetten van een verplicht gegevensarchief zoals vermeld in lid 2, en de gedetailleerde regels van het digitaal mechanisme voor de uitwisseling van informatie om de informatie uit de strategische geluidsbelastingkaarten en samenvattingen van de actieplannen uit te wisselen."

Motivering

Aanpassing van de basishandeling aan de procedure voor gedelegeerde handelingen. Met dit nieuwe lid wordt artikel 10, lid 2, punt 5, gewijzigd en wordt hiervan een nieuw lid 2 bis gemaakt.

Amendement    11

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – alinea 1 – punt 4 ter (nieuw)

Richtlijn 2002/49/EG

Artikel 12 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 ter.  Het volgende artikel wordt toegevoegd: 

 

"Artikel 12 bis

 

Uitoefening van de delegatie

 

1. De bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend onder de in dit artikel neergelegde voorwaarden. 

 

2. De bevoegdheid om de in artikel 10, lid 2 bis, bedoelde gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie verleend voor een periode van vijf jaar vanaf... [de datum van inwerkingtreding van deze verordening]. De Commissie stelt uiterlijk negen maanden vóór het einde van de termijn van vijf jaar een verslag op over de bevoegdheidsdelegatie. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend met termijnen van dezelfde duur verlengd, tenzij het Europees Parlement of de Raad zich uiterlijk drie maanden vóór het einde van elke termijn tegen deze verlenging verzet. 

 

3. Het Europees Parlement of de Raad kan de in artikel 10, lid 2 bis, bedoelde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Het besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet. 

 

4. Vóór de vaststelling van een gedelegeerde handeling raadpleegt de Commissie de door de lidstaten aangewezen deskundigen, en wel overeenkomstig de in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven vastgelegde beginselen. 

 

5. Zodra de Commissie een gedelegeerde handeling heeft vastgesteld, doet zij daarvan gelijktijdig kennisgeving aan het Europees Parlement en de Raad. 

 

6. Een overeenkomstig artikel 10, lid 2 bis, vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het Europees Parlement noch de Raad daartegen binnen een termijn van twee maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de Raad bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad vóór het verstrijken van die termijn de Commissie hebben medegedeeld dat zij daartegen geen bezwaar zullen maken. Die termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of van de Raad met twee maanden verlengd.".

Motivering

Aanpassing van de basishandeling aan de procedure voor gedelegeerde handelingen.

Amendement    12

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – alinea 1 – punt 5

Richtlijn 2002/49/EG

Bijlage VI – punt 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

5)  Bijlage VI, punt 3, wordt vervangen door:

5)  Bijlage VI, punt 3, wordt geschrapt.

"3. Mechanisme voor de uitwisseling van informatie

 

De Commissie, bijgestaan door het Europees Milieuagentschap, ontwikkelt een verplicht digitaal mechanisme voor de uitwisseling van informatie om de informatie uit de in artikel 10, lid 2, genoemde strategische geluidsbelastingkaarten en samenvattingen van de actieplannen uit te wisselen in overeenstemming met de in artikel 13, lid 3, genoemde regelgevingsprocedure met toetsing.".

 

Motivering

Deze wijziging is geherformuleerd en verplaatst naar artikel 10, lid 2 bis.

Amendement    13

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt -1 (nieuw)

Richtlijn 2004/35/EG

Artikel 3 – lid 1 – letter b bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

-1.  Aan artikel 3, lid 1, wordt de volgende letter b bis toegevoegd:

 

b bis) schade die wordt veroorzaakt door de introductie van uitheemse bosbouwgewassen die ongeschikt zijn vanwege hun grote waterverbruik of brandgevaar.

Amendement    14

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 3

Richtlijn 2004/35/EG

Bijlage VI – punt 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  de omvang van de milieuschade en het type milieuschade, de datum waarop die is ontstaan en/of aan het licht is gekomen. De milieuschade wordt naar omvang ingedeeld als zijnde gering, middelgroot, groot of zeer groot. Het type milieuschade wordt ingedeeld als schade aan het water, aan mariene milieus, aan de bodem, aan de natuur/ecosystemen of aan de gezondheid van de mens ten gevolge van verontreiniging;

1.  de omvang van de milieuschade en het type milieuschade, de datum waarop die is ontstaan en/of aan het licht is gekomen. De milieuschade wordt naar omvang ingedeeld als zijnde gering, middelgroot, groot of zeer groot. Het type milieuschade wordt ingedeeld als schade aan het water, aan mariene milieus, aan de bodem, aan de natuur/ecosystemen, aan het landschap of aan de gezondheid van mens of dier ten gevolge van verontreiniging;

Amendement    15

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – alinea 1– punt 2

Richtlijn 2007/2/EG

Artikel 23 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Het Europees Milieuagentschap publiceert elk half jaar een op basis van de door de lidstaten aangeleverde gegevens en metagegevens bijgewerkt overzicht voor de hele Unie via de netwerkdiensten in overeenstemming met artikel 21. Het overzicht voor de hele Unie omvat in voorkomend geval indicatoren voor de outputs, resultaten en effecten van deze richtlijn, overzichtskaarten voor de hele Unie en overzichtsverslagen voor de verschillende lidstaten.

(Niet van toepassing op de Nederlandse versie)

Amendement    16

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – alinea 1 – punt 1 – letter a

Richtlijn 2010/63/EG

Artikel 43 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De lidstaten publiceren tot 31 december 2020 de niet-technische samenvattingen van de toegelaten projecten en de eventuele aanvullingen daarop. Vanaf 1 januari 2021 zorgen de lidstaten ervoor dat de niet-technische projectsamenvattingen en eventuele aanvullingen uiterlijk zes maanden na de vergunning via elektronische gegevensoverdracht bij de Commissie worden ingediend en gepubliceerd.";

3.  De lidstaten publiceren tot 31 december 2021 de niet-technische samenvattingen van de toegelaten projecten en de eventuele aanvullingen daarop. Vanaf 1 januari 2022 zorgen de lidstaten ervoor dat de niet-technische projectsamenvattingen en eventuele aanvullingen uiterlijk zes maanden na de vergunning via elektronische gegevensoverdracht bij de Commissie worden ingediend en gepubliceerd.";

Amendement    17

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – alinea 1 – punt 2 – letter a

Richtlijn 2010/63/EG

Artikel 54 – lid 1 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De lidstaten zenden uiterlijk op 30 september 2023, en vervolgens iedere vijf jaar, de informatie toe over de tenuitvoerlegging van deze richtlijn en met name van artikel 10, lid 1, en de artikelen 26, 28, 34, 38, 39, 43 en 46.

De lidstaten zenden uiterlijk op 30 september 2024, en vervolgens iedere vijf jaar, de informatie toe over de tenuitvoerlegging van deze richtlijn en met name van artikel 10, lid 1, en de artikelen 26, 28, 34, 38, 39, 43 en 46.

Amendement    18

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – alinea 1 – punt 2 – letter a

Richtlijn 2010/63/EG

Artikel 54 – lid 1 – alinea 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De diensten van de Commissie drager er zorg voor dat het op basis van de door de lidstaten ingediende gegevens opgesteld overzicht voor de hele Unie wordt geopenbaard.

Uiterlijk zes maanden na de indiening van de gegevens door de lidstaten als bedoeld in de tweede alinea, publiceren de diensten van de Commissie een overzicht op basis van de door de lidstaten verstrekte gegevens.

Amendement    19

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – alinea 1 – punt 3

Richtlijn 2010/63/EU

Artikel 57

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Artikel 57 wordt geschrapt.

3.  Artikel 57 wordt vervangen door:

 

"Artikel 57

 

Verslag van de Commissie

 

 

 

Uiterlijk op 10 november 2020, en vervolgens iedere drie jaar, dient de Commissie op basis van de krachtens artikel 54, lid 2, door de lidstaten overgelegde statistische gegevens bij het Europees Parlement en de Raad een samenvattend verslag in over die gegevens.".

Amendement    20

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – alinea 1 – punt 3 bis (nieuw)

Richtlijn 2010/63/EU

Artikel 58 – alinea 1

 

Bestaande tekst

Amendement

 

3 bis.  in artikel 58 wordt lid 1 vervangen door:

Uiterlijk op 10 november 2017 evalueert de Commissie deze richtlijn, rekening houdend met de vooruitgang bij de ontwikkeling van alternatieve methoden waarbij geen dieren en met name geen niet-menselijke primaten worden gebruikt, en stelt zij indien passend wijzigingen voor.

Uiterlijk op 10 november 2024 evalueert de Commissie deze richtlijn, rekening houdend met de vooruitgang bij de ontwikkeling van alternatieve methoden waarbij geen dieren en met name geen niet-menselijke primaten worden gebruikt, en stelt zij indien passend wijzigingen voor.

Amendement    21

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – alinea 1

Verordening (EU) nr. 995/2010

Artikel 20 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Uiterlijk op 3 december 2015, en daarna om de zes jaar, evalueert de Commissie de werking en de doeltreffendheid van deze verordening op basis van de informatie over en ervaringen met de toepassing van deze verordening, met inbegrip van het verhinderen dat illegaal gekapt hout en producten van dergelijk hout op de markt worden gebracht. Zij let daarbij met name op de administratieve gevolgen voor het midden- en kleinbedrijf en de onder de werkingssfeer vallende producten. De Commissie brengt verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de resultaten van de evaluatie, en laat die verslagen indien nodig vergezeld gaan van passende wetgevingsvoorstellen.

3.  Uiterlijk op 3 december 2021, en daarna om de zes jaar, evalueert de Commissie de werking en de doeltreffendheid van deze verordening op basis van de informatie over en ervaringen met de toepassing van deze verordening, met inbegrip van het verhinderen dat illegaal gekapt hout en producten van dergelijk hout op de markt worden gebracht. Zij let daarbij met name op de administratieve gevolgen voor het midden- en kleinbedrijf en de onder de werkingssfeer vallende producten. De Commissie brengt verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de resultaten van de evaluatie, en laat die verslagen indien nodig vergezeld gaan van passende wetgevingsvoorstellen.

Amendement    22

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – alinea 1 – punt 1

Verordening (EG) nr. 338/97

Artikel 15 – lid 4 – letter c

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  Onverminderd artikel 20 verstrekken de administratieve instanties van de lidstaten de Commissie één jaar vóór elke vergadering van de Conferentie van de Partijen bij de Overeenkomst alle relevante informatie betreffende de voorgaande periode die vereist is voor het opstellen van de in artikel VIII, lid 7, onder b), van de overeenkomst bedoelde verslagen en gelijkwaardige informatie over de bepalingen van deze verordening die buiten het toepassingsgebied van de Overeenkomst vallen. De Commissie bepaalt volgens de in artikel 18, lid 2, bedoelde regelgevingsprocedure welke informatie moet worden verstrekt en in welke vorm dat dient te geschieden.

c)  Onverminderd artikel 20 verstrekken de administratieve instanties van de lidstaten de Commissie één jaar vóór elke vergadering van de Conferentie van de Partijen bij de Overeenkomst alle relevante informatie betreffende de voorgaande periode die vereist is voor het opstellen van de in artikel VIII, lid 7, onder b), van de overeenkomst bedoelde verslagen en gelijkwaardige informatie over de bepalingen van deze verordening die buiten het toepassingsgebied van de Overeenkomst vallen. De Commissie bepaalt volgens de in artikel 18, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure in welke vorm dat dient te geschieden.

Motivering

Welke informatie moet worden verstrekt, dient niet door de Commissie te worden bepaald en de regelgevingsprocedure moet worden omgezet in een uitvoeringshandeling (onderzoeksprocedure).

PROCEDURE VAN DE ADVISERENDE COMMISSIE

Titel

Aanpassing van de meldingsplicht op het gebied van het milieubeleid

Document- en procedurenummers

COM(2018)0381 – C8-0244/2018 – 2018/0205(COD)

Bevoegde commissie

       Datum bekendmaking

ENVI

11.6.2018

 

 

 

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

AGRI

11.6.2018

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

Nicola Caputo

28.6.2018

Datum goedkeuring

1.10.2018

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

38

4

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

John Stuart Agnew, Clara Eugenia Aguilera García, Eric Andrieu, Richard Ashworth, Daniel Buda, Nicola Caputo, Matt Carthy, Jacques Colombier, Michel Dantin, Paolo De Castro, Albert Deß, Diane Dodds, Jørn Dohrmann, Herbert Dorfmann, Norbert Erdős, Luke Ming Flanagan, Karine Gloanec Maurin, Esther Herranz García, Jan Huitema, Martin Häusling, Peter Jahr, Ivan Jakovčić, Jarosław Kalinowski, Zbigniew Kuźmiuk, Philippe Loiseau, Mairead McGuinness, Nuno Melo, Giulia Moi, Ulrike Müller, James Nicholson, Maria Noichl, Marijana Petir, Bronis Ropė, Maria Lidia Senra Rodríguez, Czesław Adam Siekierski, Tibor Szanyi, Marco Zullo

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Franc Bogovič, Michela Giuffrida, Elsi Katainen, Anthea McIntyre, Momchil Nekov, Molly Scott Cato, Vladimir Urutchev, Thomas Waitz

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Renata Briano

HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE ADVISERENDE COMMISSIE

38

+

ALDE

Jan Huitema, Ivan Jakovčić, Elsi Katainen, Ulrike Müller

ECR

Jørn Dohrmann, Zbigniew Kuźmiuk, Anthea McIntyre, James Nicholson

EFDD

Giulia Moi, Marco Zullo

ENF

Jacques Colombier, Philippe Loiseau

PPE

Richard Ashworth, Franc Bogovič, Daniel Buda, Michel Dantin, Albert Deß, Herbert Dorfmann, Norbert Erdős, Esther Herranz García, Peter Jahr, Jarosław Kalinowski, Nuno Melo, Marijana Petir, Czesław Adam Siekierski, Vladimir Urutchev

S&D

Clara Eugenia Aguilera García, Eric Andrieu, Nicola Caputo, Paolo De Castro, Michela Giuffrida, Karine Gloanec Maurin, Momchil Nekov, Maria Noichl, Tibor Szanyi

Verts/ALE

Bronis Ropė, Molly Scott Cato, Thomas Waitz

4

-

EFDD

John Stuart Agnew

GUE/NGL

Matt Carthy, Luke Ming Flanagan, Maria Lidia Senra Rodríguez

0

0

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding


ADVIES van de Commissie juridische zaken (27.9.2018)

aan de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid

inzake het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de onderlinge afstemming van de verslagleggingsverplichtingen op het gebied van milieubeleid en tot wijziging van Richtlijnen 86/278/EEG, 2002/49/EG, 2004/35/EG, 2007/2/EG, 2009/147/EG en 2010/63/EU, Verordeningen (EG) nr. 166/2006 en (EU) nr. 995/2010 en Verordeningen (EG) nr. 338/97 en (EG) nr. 2173/2005 van de Raad

(COM(2018)0381 – C8-0244/2018 – 2018/0205(COD))

Rapporteur voor advies: Heidi Hautala

AMENDEMENTEN

De Commissie juridische zaken verzoekt de bevoegde Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid onderstaande amendementen in aanmerking te nemen:

Amendement    1

Voorstel voor een verordening

Overweging 1 bis (nieuw)

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 bis)  Deze verordening heeft ten doel het informatiebeheer te moderniseren en een consequente benadering ten aanzien van de door deze verordening bestreken wetgevingsteksten te waarborgen door, naargelang de omstandigheden, de verslaglegging te vereenvoudigen om de administratieve lasten te verminderen, de databank voor toekomstige beoordelingen te verbeteren en de transparantie voor het publiek te verhogen.

Amendement    2

Voorstel voor een verordening

Overweging 3

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(3)  De door de lidstaten verstrekte gegevens zijn cruciaal voor de Commissie bij het volgen, beoordelen en toetsen van de mate waarin de wetgeving haar doelstellingen tot stand brengt en de resultaten daarvan vormen de basis van toekomstige beoordelingen van die wetgeving, in overeenstemming met punt 22 van het Interinstitutioneel Akkoord tussen het Europees Parlement, de Raad van de Europese Unie en de Europese Commissie over beter wetgeven van 13 april 201649. Het is dan ook aangewezen in verschillende wetgevingshandelingen in de milieusector bepalingen op te nemen met het oog op hun toekomstige beoordeling, op basis van de gegevens die tijdens de tenuitvoerlegging werden verzameld, eventueel aangevuld met bijkomende wetenschappelijke, analytische gegevens. Er bestaat in dat verband een behoefte aan relevante gegevens die het mogelijk maken om de doelmatigheid, doeltreffendheid, relevantie, samenhang en meerwaarde van de Uniewetgeving voor de EU beter te beoordelen; vandaar de behoefte aan geschikte verslagleggingsmechanismen die in dat verband ook kunnen dienen als indicatoren.

(3)  Uitgebreide en tijdige rapportering van relevante gegevens door de lidstaten is cruciaal voor de Commissie bij het volgen, beoordelen en toetsen van de mate waarin de wetgeving haar doelstellingen tot stand brengt en de resultaten daarvan vormen de basis van toekomstige beoordelingen van die wetgeving, in overeenstemming met punt 22 van het Interinstitutioneel Akkoord tussen het Europees Parlement, de Raad van de Europese Unie en de Europese Commissie over beter wetgeven van 13 april 201649. Het is dan ook aangewezen in verschillende wetgevingshandelingen in de milieusector bepalingen op te nemen met het oog op hun toekomstige beoordeling, op basis van de gegevens die tijdens de tenuitvoerlegging werden verzameld, eventueel aangevuld met bijkomende wetenschappelijke, analytische gegevens. Er bestaat in dat verband een behoefte aan relevante gegevens die het mogelijk maken om de doelmatigheid, doeltreffendheid, relevantie, samenhang en meerwaarde van de Uniewetgeving voor de EU beter te beoordelen; vandaar de behoefte aan geschikte verslagleggingsmechanismen die in dat verband ook kunnen dienen als indicatoren.

_________________

_________________

49PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1.

49PB L 123 van 12.5.2016, blz. 1.

Amendement    3

Voorstel voor een verordening

Overweging 7

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(7)  In het licht van het verslag van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement over de uitvoering van Richtlijn 2007/2/EG en de REFIT-evaluatie52 is het, met het oog op de vereenvoudiging van de uitvoering van die richtlijn en de beperking van de administratieve lasten bij het toezicht door de lidstaten, niet langer nodig om de lidstaten te verplichten driejaarlijkse verslagen in te dienen bij de Commissie en om de Commissie te verplichten een samenvattend verslag in te dienen bij het Europees Parlement en de Raad, aangezien de geschiktheidscontrole betreffende de verslaglegging heeft bevestigd dat dergelijke verslagen slechts in beperkte mate worden gebruikt53.

(7)  In het licht van het verslag van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement over de uitvoering van Richtlijn 2007/2/EG en de REFIT-evaluatie52 is het, met het oog op de vereenvoudiging van de uitvoering van die richtlijn en de beperking van de administratieve lasten bij het toezicht door de lidstaten, niet langer nodig om de lidstaten te verplichten driejaarlijkse verslagen in te dienen bij de Commissie en om de Commissie te verplichten een samenvattend verslag in te dienen bij het Europees Parlement en de Raad, aangezien de geschiktheidscontrole betreffende de verslaglegging heeft bevestigd dat dergelijke verslagen slechts in beperkte mate worden gebruikt53. Desalniettemin moet de Commissie op gezette tijden een evaluatie van die richtlijn blijven uitvoeren en deze evaluatie openbaar maken.

_________________

_________________

52 COM(2016) 478 en SWD(2016) 273.

52 COM(2016) 478 en SWD(2016) 273.

53 COM(2017) 312.

53 COM(2017) 312.

Motivering

Op grond van de huidige tekst van Richtlijn 2007/2/EG moet de Commissie een verslag indienen bij het Europees Parlement en de Raad. Daarom is het nodig dat er op gezette tijden een evaluatie plaatsvindt die openbaar wordt gemaakt.

Amendement    4

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1

Richtlijn 86/278/EEG

Artikel 10 – lid 2 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De in lid 1 genoemde gegevens worden voor elk kalenderjaar ter beschikking gesteld van het publiek, uiterlijk drie maanden na het einde van het betrokken kalenderjaar, op een geconsolideerde wijze zoals vastgelegd in de bijlage bij Beschikking 94/741/EG van de Commissie** of in een andere vorm ingevolge artikel 17.

De in lid 1 genoemde gegevens worden voor elk kalenderjaar in gemakkelijk toegankelijke vorm ter beschikking gesteld van het publiek, uiterlijk drie maanden na het einde van het betrokken kalenderjaar, op een geconsolideerde wijze zoals vastgelegd in de bijlage bij Beschikking 94/741/EG van de Commissie** of in een andere vorm ingevolge artikel 17.

Amendement    5

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 1

Richtlijn 86/278/EEG

Artikel 10 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3. Gegevens over de behandelingsmethoden en analyseresultaten worden op verzoek aan de bevoegde autoriteiten overgelegd.

3. Gegevens over de behandelingsmethoden en analyseresultaten worden aan de bevoegde autoriteiten overgelegd.

Amendement    6

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 86/278/EEG

Artikel 17 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De Commissie is bevoegd om door middel van een uitvoeringshandeling te bepalen in welke vorm de lidstaten informatie moeten verstrekken over de tenuitvoerlegging van Richtlijn 86/278/EEG, zoals voorgeschreven in artikel 10 van deze richtlijn. Die uitvoeringshandeling wordt vastgesteld volgens de in artikel 15, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure. De diensten van de Commissie publiceren een overzicht voor de hele Unie met kaarten op basis van de gegevens die door de lidstaten beschikbaar werden gesteld ingevolge artikel 10 en artikel 17.

De Commissie is bevoegd om door middel van een uitvoeringshandeling te bepalen in welke vorm de lidstaten tijdig informatie moeten verstrekken over de tenuitvoerlegging van Richtlijn 86/278/EEG, zoals voorgeschreven in artikel 10 van deze richtlijn. Die uitvoeringshandeling wordt vastgesteld volgens de in artikel 15, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure. De diensten van de Commissie publiceren een overzicht voor de hele Unie met kaarten op basis van de gegevens die door de lidstaten beschikbaar werden gesteld ingevolge artikel 10 en artikel 17.

Amendement    7

Voorstel voor een verordening

Artikel 1 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 86/278/EEG

Artikel 17 – alinea 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

De Commissie voert uiterlijk op 1 januari 2021 en vervolgens ten minste iedere drie jaar een evaluatie uit van deze richtlijn en de tenuitvoerlegging ervan. De Commissie brengt verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de resultaten van de evaluatie, en laat die verslagen indien nodig vergezeld gaan van passende wetgevingsvoorstellen.

Amendement    8

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – alinea 1 – punt 3

Richtlijn 2002/49/EG

Artikel 9 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1. De lidstaten dragen er zorg voor dat de door hen opgestelde en eventueel goedgekeurde strategische geluidsbelastingkaarten en de door hen uitgewerkte actieplannen aan het publiek beschikbaar worden gesteld en onder het publiek worden verspreid in overeenstemming met de toepasselijke EU-wetgeving, in het bijzonder Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad* en Richtlijn 2007/2/EG van het Europees Parlement en de Raad**, en overeenkomstig de bijlagen IV en V bij Richtlijn 2002/49/EG, mede door middel van de beschikbare informatietechnologieën.

1. De lidstaten dragen er zorg voor dat de door hen opgestelde en eventueel goedgekeurde strategische geluidsbelastingkaarten en de door hen uitgewerkte actieplannen onverwijld aan het publiek beschikbaar worden gesteld en onder het publiek worden verspreid in overeenstemming met de toepasselijke EU‑wetgeving, in het bijzonder Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad* en Richtlijn 2007/2/EG van het Europees Parlement en de Raad**, en overeenkomstig de bijlagen IV en V bij Richtlijn 2002/49/EG, mede door middel van de beschikbare informatietechnologieën.

Amendement    9

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – alinea 1 – punt 4

Richtlijn 2002/49/EG

Artikel 10 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  De lidstaten dragen er zorg voor dat de in de strategische geluidsbelastingkaarten vervatte gegevens en de samenvattingen van de actieplannen, als nader omschreven in bijlage VI, binnen zes maanden na de in artikel 7 respectievelijk artikel 8 genoemde datums aan de Commissie worden toegezonden. De lidstaten verstrekken daartoe uitsluitend op elektronische wijze informatie aan het gegevensarchief, dat moet worden opgezet in overeenstemming met de in artikel 13, lid 3, genoemde regelgevingsprocedure met toetsing. Indien een lidstaat informatie wenst bij te werken, beschrijft hij, op het moment dat hij de bijgewerkte aanlevert voor opname in het gegevensarchief, de verschillen tussen de bijgewerkte en de oorspronkelijke informatie en de redenen voor de bijwerking.

2.  De lidstaten dragen er zorg voor dat de in de strategische geluidsbelastingkaarten vervatte gegevens en de samenvattingen van de actieplannen, als nader omschreven in bijlage VI, binnen zes maanden na de in artikel 7 respectievelijk artikel 8 genoemde datums aan de Commissie worden toegezonden. De lidstaten verstrekken daartoe uitsluitend op elektronische wijze informatie aan het gegevensarchief. Indien een lidstaat informatie wenst bij te werken, beschrijft hij, op het moment dat hij de bijgewerkte aanlevert voor opname in het gegevensarchief, de verschillen tussen de bijgewerkte en de oorspronkelijke informatie en de redenen voor de bijwerking. De Commissie stelt overeenkomstig artikel 10 bis gedelegeerde handelingen vast ter aanvulling van deze richtlijn wat betreft het opzetten van het gegevensarchief.

Amendement    10

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – alinea 1– punt 4 bis (nieuw)

Richtlijn 2002/49/EG

Artikel 10 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 bis.  Het volgende artikel wordt toegevoegd:

 

Artikel 10 bis

 

Uitoefening van de delegatie

 

1. De bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend onder de in dit artikel neergelegde voorwaarden.

 

2. De in artikel 10, lid 2, bedoelde bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend voor een termijn van vijf jaar met ingang van … [PB: datum van inwerkingtreding van Verordening (EU) 2018/... van het Europees Parlement en de Raad*+]. De Commissie stelt uiterlijk negen maanden vóór het einde van de termijn van vijf jaar een verslag op over de bevoegdheidsdelegatie. De bevoegdheidsdelegatie wordt stilzwijgend met termijnen van dezelfde duur verlengd, tenzij het Europees Parlement of de Raad zich uiterlijk drie maanden vóór het einde van elke termijn tegen deze verlenging verzet.

 

3. Het Europees Parlement of de Raad kan de in artikel 10, lid 2, bedoelde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Het besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheid. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.

 

4. Vóór de vaststelling van een gedelegeerde handeling raadpleegt de Commissie de door elke lidstaat aangewezen deskundigen overeenkomstig de beginselen die zijn neergelegd in het Interinstitutioneel Akkoord van 13 april 2016 over beter wetgeven.

 

5. Zodra de Commissie een gedelegeerde handeling heeft vastgesteld, doet zij daarvan gelijktijdig kennisgeving aan het Europees Parlement en de Raad.

 

6. Een overeenkomstig artikel 10, lid 2, vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het Europees Parlement noch de Raad daartegen binnen een termijn van twee maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de Raad bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad vóór het verstrijken van die termijn de Commissie hebben medegedeeld dat zij daartegen geen bezwaar zullen maken. Die termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of de Raad met twee maanden verlengd.

 

______________

 

* Verordening (EU) 2018/... van het Europees Parlement en de Raad van ... betreffende [de onderlinge afstemming van de verslagleggingsverplichtingen op het gebied van milieubeleid ...], (PB L ..., blz. ...).

 

+ PB: Gelieve in de tekst het in document 2018/0205(COD) vervatte volgnummer van de verordening in te voegen, en in de voetnoot het nummer, de datum, de titel en de PB-referentie van die verordening.

Amendement    11

Voorstel voor een verordening

Artikel 2 – alinea 1 – punt 5

Richtlijn 2002/49/EG

Bijlage VI – punt 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De Commissie, bijgestaan door het Europees Milieuagentschap, ontwikkelt een verplicht digitaal mechanisme voor de uitwisseling van informatie om de informatie uit de in artikel 10, lid 2, genoemde strategische geluidsbelastingkaarten en samenvattingen van de actieplannen uit te wisselen in overeenstemming met de in artikel 13, lid 3, genoemde regelgevingsprocedure met toetsing.".

De Commissie, bijgestaan door het Europees Milieuagentschap, stelt overeenkomstig artikel 10 bis gedelegeerde handelingen vast ter aanvulling van deze richtlijn wat betreft de ontwikkeling van een verplicht digitaal mechanisme voor de uitwisseling van informatie, voor het uitwisselen van de informatie uit de strategische geluidsbelastingkaarten en samenvattingen van de actieplannen overeenkomstig artikel 10, lid 2.

Amendement    12

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 1

Richtlijn 2004/35/EG

Artikel 14 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  Artikel 14, lid 2, wordt geschrapt.

1.  Artikel 14, lid 2, wordt als volgt gewijzigd:

 

Vóór 1 januari 2021 dient de Commissie een verslag in over de doeltreffendheid van de richtlijn wat betreft het feitelijke herstel van milieuschade alsmede over de beschikbaarheid tegen redelijke kosten en onder voorwaarden van verzekering en andere typen financiële zekerheden inzake de onder bijlage III van deze richtlijn vallende activiteiten. Wat de financiële zekerheden betreft, bestrijkt het verslag tevens de volgende aspecten: een geleidelijke aanpak, een plafond voor financiële garanties en de uitsluiting van activiteiten met een laag risico. In het licht van het verslag en van een uitgebreide effectenbeoordeling, inclusief een kosten-batenanalyse, kan de Commissie voorstellen doen tot invoering van een systeem van geharmoniseerde verplichte financiële zekerheid.

Motivering

De verplichtingen inzake de evaluatie van het herstel van milieuschade en financiële zekerheid moeten geactualiseerd worden.

Amendement    13

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 2004/35/EG

Artikel 18 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De lidstaten dragen er zorg voor dat toereikende en actuele informatie over ten minste de onmiddellijke gevaren voor milieuschade online, in een open gegevensformaat, ter beschikking staan van het publiek, overeenkomstig bijlage VI bij deze richtlijn en artikel 7, lid 4, van Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad*. Voor elk incident wordt ten minste de in bijlage VI bij deze richtlijn genoemde informatie verstrekt.

1.   De lidstaten dragen er zorg voor dat toereikende en actuele informatie over onder meer de onmiddellijke gevaren voor milieuschade online, in een open gegevensformaat, rechtstreeks ter beschikking staan van het publiek en de Commissie, overeenkomstig bijlage VI bij deze richtlijn en artikel 7, lid 4, van Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad*. Voor elk incident wordt ten minste de in bijlage VI bij deze richtlijn genoemde informatie verstrekt.

Motivering

Wijziging om te waarborgen dat de Commissie toegang heeft tot de gegevens die zij nodig heeft om te voldoen aan haar verplichtingen op grond van artikel 18, lid 3.

Amendement    14

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 2004/35/EG

Artikel 18 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  De diensten van de Commissie publiceren op basis van de gegevens die ingevolge lid 1 door de lidstaten beschikbaar werden gesteld een overzicht voor de hele Unie, met kaarten.

3.  De diensten van de Commissie publiceren op basis van de gegevens die ingevolge lid 1 door de lidstaten beschikbaar werden gesteld een overzicht voor de hele Unie, met kaarten, en actualiseren dit overzicht regelmatig, doch in ieder geval jaarlijks.

Motivering

Er moet expliciet worden verwezen naar de verplichting om het overzicht regelmatig te actualiseren.

Amendement    15

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 2004/35/EG

Artikel 18 – lid 4 – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  De Commissie verricht op gezette tijden een beoordeling van deze richtlijn. De beoordeling berust onder meer op de volgende elementen:

4.  De Commissie voert uiterlijk op 1 januari 2021 en vervolgens ten minste iedere drie jaar een evaluatie uit van deze richtlijn. De evaluatie wordt openbaar gemaakt en berust onder meer op de volgende elementen:

Motivering

Er moet expliciet worden verwezen naar de openbaarmaking van de evaluatie.

Amendement    16

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 2004/35/EG

Artikel 18 – lid 4 – letter a

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

a)  de ervaring die is opgedaan bij de tenuitvoerlegging van deze richtlijn;

a)  de ervaring die is opgedaan bij de tenuitvoerlegging van deze richtlijn en de beoordeling van de ontwikkelingen in de lidstaten wat betreft het feitelijk herstel van milieuschade, met name met betrekking tot eventuele incidenten met door genetisch gemodificeerde organismen (ggo's) veroorzaakte milieuschade, de toepassing van deze richtlijn ten aanzien van beschermde soorten en natuurlijke habitats, het recht van een exploitant om overeenkomstig de internationale overeenkomsten als bedoeld in artikel 4, lid 3, zijn aansprakelijkheid te beperken, alsmede de uitsluiting van de werkingssfeer van deze richtlijn van onder de internationale instrumenten in de bijlagen IV en V vallende verontreinigingen;

 

(Het deel van dit amendement "en de beoordeling van de ontwikkelingen in de lidstaten" is van toepassing op de hele tekst. Als dit amendement wordt aangenomen, moet deze wijziging in de hele tekst worden doorgevoerd.)

Motivering

Op grond van de richtlijn in haar huidige vorm moeten de lidstaten specifieke ontwikkelingen of wijzigingen die van invloed zijn op de werkingssfeer van de betreffende verordeningen rapporteren. Op grond van het voorstel van de Commissie is dat niet langer het geval. Een dergelijk vereiste moet, als algemeen vereiste, echter wel worden opgenomen om een omvattende en consistente verslaglegging te waarborgen.

Amendement    17

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 2004/35/EG

Artikel 18 – lid 4 – letter b bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

b bis)  een analyse van de ontwikkelingen en veranderingen binnen de relevante internationale fora en de tenuitvoerlegging daarvan in de lidstaten;

Amendement    18

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 2004/35/EG

Artikel 18 – lid 4 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

4 bis.  De Commissie brengt verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de resultaten van de in lid 4 bedoelde evaluatie, en laat dit verslag indien nodig vergezeld gaan van passende wetgevingsvoorstellen.

Amendement    19

Voorstel voor een verordening

Artikel 3 – alinea 1 – punt 3

Richtlijn 2004/35/EG

Bijlage VI – punt 7 – letter c bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

c bis)  gerechtelijke procedures ter zake;

Amendement    20

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 2007/2/EG

Artikel 23 – alinea 2 – inleidende formule

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De Commissie verricht op gezette tijden een beoordeling van deze richtlijn. De beoordeling berust onder meer op de volgende elementen:

De Commissie voert uiterlijk op 1 januari 2021 en vervolgens ten minste iedere drie jaar een evaluatie uit van deze richtlijn en maakt deze evaluatie openbaar. De evaluatie berust onder meer op de volgende elementen:

Motivering

Op grond van de huidige tekst van artikel 23 van Richtlijn 2007/2/EG moet de Commissie een verslag indienen bij het Europees Parlement en de Raad. Een uitdrukkelijke verwijzing naar openbaarmaking van de evaluatie is daarom nodig.

Amendement    21

Voorstel voor een verordening

Artikel 4 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 2007/2/EG

Artikel 23 – alinea 2 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

De Commissie brengt verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de resultaten van de in lid 2 bedoelde evaluatie, en laat dit verslag indien nodig vergezeld gaan van passende wetgevingsvoorstellen.

Amendement    22

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – alinea 1 – punt 1

Richtlijn 2009/147/EG

Artikel 12 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De lidstaten dienen om de zes jaar, op hetzelfde moment als het verslag dat uit hoofde van artikel 17 van Richtlijn 92/43/EEG van de Raad* wordt opgesteld, bij de Commissie een verslag in over de tenuitvoerlegging van de maatregelen die in het kader van deze richtlijn zijn getroffen en over de belangrijkste effecten van die maatregelen. Dat verslag bevat met name informatie over de staat en de ontwikkelingen van in het wild levende vogelsoorten die door deze richtlijn worden beschermd, de bedreigingen en druk op die vogelsoorten, de voor hen genomen instandhoudingsmaatregelen en de bijdrage van het netwerk van speciale beschermingszones aan de doelstellingen, zoals uiteengezet in artikel 2 van deze richtlijn.

1.  De lidstaten dienen om de zes jaar, op hetzelfde moment als het verslag dat uit hoofde van artikel 17 van Richtlijn 92/43/EEG van de Raad* wordt opgesteld, bij de Commissie een verslag in over de tenuitvoerlegging van de maatregelen die in het kader van deze richtlijn zijn getroffen en over de belangrijkste effecten van die maatregelen. Dat verslag is toegankelijk voor het publiek en bevat met name informatie over de staat en de ontwikkelingen van in het wild levende vogelsoorten die door deze richtlijn worden beschermd, de bedreigingen en druk op die vogelsoorten, de voor hen genomen instandhoudingsmaatregelen en de bijdrage van het netwerk van speciale beschermingszones aan de doelstellingen, zoals uiteengezet in artikel 2 van deze richtlijn.

Amendement    23

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – alinea 1– punt 1 bis (nieuw)

Richtlijn 2009/147/EG

Artikel 12 – lid 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  het volgende lid 1 bis wordt ingevoegd:

 

Er wordt gelijktijdig een verslag ingediend over het terrestrische en het mariene gedeelte als omvat door deze richtlijn.

Amendement    24

Voorstel voor een verordening

Artikel 5 – alinea 1 – punt 2

Richtlijn 2009/147/EG

Artikel 12 – lid 2 – zin 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  De Commissie, bijgestaan door het Europees Milieuagentschap, stelt om de zes jaar een samenvattend verslag op aan de hand van de in lid 1 bedoelde gegevens.

2.  De Commissie, bijgestaan door het Europees Milieuagentschap, stelt om de zes jaar een samenvattend verslag op aan de hand van de in lid 1 bedoelde gegevens en publiceert dit verslag.

 

(Dit amendement is van toepassing op de gehele tekst. Als dit amendement wordt aangenomen, moet deze wijziging in de hele tekst worden doorgevoerd.)

Amendement    25

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – alinea 1 – punt 2 – letter a

Richtlijn 2010/63/EU

Artikel 54 – lid 1 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De lidstaten zenden uiterlijk op 30 september 2023, en vervolgens iedere vijf jaar, de informatie toe over de tenuitvoerlegging van deze richtlijn en met name van artikel 10, lid 1, en de artikelen 26, 28, 34, 38, 39, 43 en 46.

De lidstaten zenden uiterlijk op 30 september 2023, en vervolgens iedere vijf jaar, onverwijld de informatie toe over de tenuitvoerlegging van deze richtlijn en met name van artikel 10, lid 1, en de artikelen 26, 28, 34, 38, 39, 43 en 46.

Amendement    26

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – alinea 1 – punt 2 – letter a

Richtlijn 2010/63/EU

Artikel 54 – lid 1 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De indiening en publicatie van die gegevens door de lidstaten geschiedt via elektronische gegevensoverdracht en in een door de Commissie in overeenstemming met lid 4 vast te stellen formaat.

De indiening en publicatie van die gegevens door de lidstaten geschiedt onverwijld via elektronische gegevensoverdracht en in een door de Commissie in overeenstemming met lid 4 vast te stellen formaat.

Amendement    27

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – alinea 1 – punt 2 – letter a

Richtlijn 2010/63/EU

Artikel 54 – lid 1 – alinea 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De diensten van de Commissie drager er zorg voor dat het op basis van de door de lidstaten ingediende gegevens opgesteld overzicht voor de hele Unie wordt geopenbaard.

Uiterlijk zes maanden na de indiening van de gegevens door de lidstaten als bedoeld in de tweede alinea, publiceren de diensten van de Commissie een overzicht op basis van die gegevens.

Amendement    28

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – alinea 1 – punt 2 – letter a

Richtlijn 2010/63/EU

Artikel 54 – lid 1 bis (nieuw)

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

1 bis.  De Commissie voert uiterlijk op 1 januari 2021 en vervolgens ten minste iedere drie jaar een evaluatie uit van deze richtlijn en de tenuitvoerlegging ervan, waarbij zij zich met name baseert op de informatie die zij overeenkomstig artikel 54, lid 1, van de lidstaten heeft ontvangen en waarbij zij rekening houdt met de vooruitgang bij de ontwikkeling van alternatieve methoden waarbij geen dieren worden gebruikt. De Commissie brengt verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de resultaten van de evaluatie, en laat dit verslag indien nodig vergezeld gaan van passende wetgevingsvoorstellen.

Amendement    29

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – alinea 1 – punt 2 – letter a

Richtlijn 2010/63/EU

Artikel 54 – lid 2 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De lidstaten verzamelen jaarlijks statistische gegevens over het gebruik van dieren in procedures en maken deze openbaar, met inbegrip van gegevens over de werkelijke ernst van de procedures en over de soorten in de procedures gebruikte niet-menselijke primaten en hun herkomst.

De lidstaten verzamelen jaarlijks statistische gegevens over het gebruik van dieren in procedures en maken deze onverwijld openbaar, met inbegrip van gegevens over de werkelijke ernst van de procedures en over de soorten in de procedures gebruikte niet-menselijke primaten en hun herkomst.

Amendement    30

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – alinea 1 – punt 2 – letter a

Richtlijn 2010/63/EU

Artikel 54 – lid 2 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

De lidstaten dienen die statistische gegevens uiterlijk op 30 september van het volgende jaar bij de Commissie in, via elektronische gegevensoverdracht en in een niet-samengevat, door de Commissie in overeenstemming met lid 4 vastgesteld formaat.

De lidstaten dienen die statistische gegevens uiterlijk op 30 september van het volgende jaar bij de Commissie in, via elektronische gegevensoverdracht en in een samengevat en niet-samengevat, door de Commissie in overeenstemming met lid 4 vastgesteld formaat.

Amendement    31

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – alinea 1 – punt 2 – letter b

Richtlijn 2010/63/EU

Artikel 54 – lid 4

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

4.  De Commissie stelt volgens de in artikel 56, lid 3, bedoelde regelgevingsprocedure de gemeenschappelijke inhoud en het gemeenschappelijk formaat vast voor indiening van de in de leden 1, 2 en 3 bedoelde gegevens.

4.  De Commissie stelt volgens de in artikel 56, lid 3, bedoelde onderzoeksprocedure de gemeenschappelijke inhoud en het gemeenschappelijk formaat vast voor indiening van de in de leden 1, 2 en 3 bedoelde gegevens.

Amendement    32

Voorstel voor een verordening

Artikel 6 – alinea 1– punt 2 bis (nieuw)

Richtlijn 2010/63/EU

Artikel 56 – lid 3

 

Bestaande tekst

Amendement

 

2 bis.  Artikel 56, lid 3, wordt vervangen door:

3.  Wanneer naar dit lid wordt verwezen, zijn de artikelen 5 en 7 van Besluit 1999/468/EG van toepassing, met inachtneming van artikel 8 van dat besluit.

3.   Wanneer naar dit lid wordt verwezen, is artikel 5 van Verordening (EU) nr. 182/2011 van toepassing.

Amendement    33

Voorstel voor een verordening

Artikel 7 – alinea 1 – punt 1

Verordening (EG) nr. 166/2006

Artikel 5 – lid 1 – alinea 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Exploitanten van inrichtingen waar één of meer van de in bijlage I genoemde activiteiten plaatsvinden in een mate die de daarin gespecificeerde toepasselijke capaciteitsdrempelwaarde overtreft, leveren de gegevens die voor de identificatie van de inrichtingen nodig zijn op elektronische wijze en in het in artikel 7, lid 2, bedoelde formaat bij de bevoegde instantie aan, tenzij de bevoegde instantie reeds over die gegevens beschikt.

Exploitanten van inrichtingen waar één of meer van de in bijlage I genoemde activiteiten plaatsvinden in een mate die de daarin gespecificeerde toepasselijke capaciteitsdrempelwaarde overtreft, leveren onverwijld de gegevens die voor de identificatie van de inrichtingen nodig zijn op elektronische wijze en in het in artikel 7, lid 2, bedoelde formaat bij de bevoegde instantie aan, tenzij de bevoegde instantie reeds over die gegevens beschikt.

Amendement    34

Voorstel voor een verordening

Artikel 7 – alinea 1 – punt 3

Verordening (EG) nr. 166/2006

Artikel 11

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Artikel 11 wordt vervangen door:

Schrappen

Artikel 11

 

Vertrouwelijkheid

 

Telkens wanneer informatie door een lidstaat als vertrouwelijk wordt beschouwd overeenkomstig artikel 4 van Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad*, wordt in het in artikel 7, lid 2, van deze verordening bedoeld verslag voor het betrokken verslagjaar en voor elke inrichting afzonderlijk vermeld welke informatie niet openbaar mag worden gemaakt en de reden daarvoor. Die reden wordt openbaar gemaakt.

 

Richtlijn 2003/4/EG van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2003 inzake de toegang van het publiek tot milieu-informatie (PB L 41 van 14.2.2003, blz. 26).

 

Motivering

De Verordening betreffende het Europees register inzake de uitstoot en overbrenging van verontreinigende stoffen (E-PRTR) is binnen het milieuacquis van de Unie een belangrijk instrument vanwege de informatie over de prestaties van grote industrieën die daardoor openbaar wordt gemaakt. De tekst van artikel 11 van de bestaande verordening en de toepassing van dat artikel stroken met het beoogde doel. Wijziging ervan wat betreft de verslaglegging van vertrouwelijke gegevens is niet noodzakelijk.

Amendement    35

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – alinea 1

Verordening (EU) nr. 995/2010

Artikel 20 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De lidstaten stellen uiterlijk op 30 april van elk jaar informatie beschikbaar aan het publiek en de Commissie over de tenuitvoerlegging van deze verordening in het voorgaande kalenderjaar. De Commissie kan door middel van uitvoeringshandelingen het formaat en de procedure voor de bekendmaking van dergelijke informatie door de lidstaten vaststellen. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 18, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

1.  (Niet van toepassing op de Nederlandse versie.) De Commissie kan door middel van uitvoeringshandelingen het formaat en de procedure voor de bekendmaking van dergelijke informatie door de lidstaten vaststellen. Die uitvoeringshandelingen worden volgens de in artikel 18, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure vastgesteld.

Amendement    36

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – alinea 1

Verordening (EU) nr. 995/2010

Artikel 20 – lid 2

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

2.  De diensten van de Commissie maken op basis van de in lid 1 bedoelde, door de lidstaten ingediende informatie jaarlijks een overzicht voor de hele Unie toegankelijk voor het publiek.". Bij de opstelling van het overzicht moeten de diensten van de Commissie rekening houden met de voortgang die is geboekt bij de afsluiting en uitvoering van de Flegt-VPA's overeenkomstig Verordening (EG) nr. 2173/2005 en de bijdrage daarvan tot het minimaliseren van de aanwezigheid op de interne markt van illegaal gekapt hout en producten van dergelijk hout.

2.  De diensten van de Commissie maken op basis van de in lid 1 bedoelde, door de lidstaten ingediende informatie jaarlijks onverwijld een overzicht voor de hele Unie toegankelijk voor het publiek.". Bij de opstelling van het overzicht moeten de diensten van de Commissie rekening houden met de voortgang die is geboekt bij de afsluiting en uitvoering van de Flegt-VPA's overeenkomstig Verordening (EG) nr. 2173/2005 en de bijdrage daarvan tot het minimaliseren van de aanwezigheid op de interne markt van illegaal gekapt hout en producten van dergelijk hout.

Amendement    37

Voorstel voor een verordening

Artikel 8 – alinea 1

Verordening (EU) nr. 995/2010

Artikel 20 – lid 3

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

3.  Uiterlijk op 3 december 2015, en daarna om de zes jaar, evalueert de Commissie de werking en de doeltreffendheid van deze verordening op basis van de informatie over en ervaringen met de toepassing van deze verordening, met inbegrip van het verhinderen dat illegaal gekapt hout en producten van dergelijk hout op de markt worden gebracht. Zij let daarbij met name op de administratieve gevolgen voor het midden- en kleinbedrijf en de onder de werkingssfeer vallende producten. De Commissie brengt verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de resultaten van de evaluatie, en laat die verslagen indien nodig vergezeld gaan van passende wetgevingsvoorstellen.

3.  Uiterlijk op 3 december 2015, en daarna om de drie jaar, evalueert de Commissie de werking en de doeltreffendheid van deze verordening op basis van de informatie over en ervaringen met de toepassing van deze verordening, met inbegrip van het verhinderen dat illegaal gekapt hout en producten van dergelijk hout op de markt worden gebracht. Zij let daarbij met name op de administratieve gevolgen voor het midden- en kleinbedrijf en de onder de werkingssfeer vallende producten. De Commissie brengt verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de resultaten van de evaluatie, en laat die verslagen indien nodig vergezeld gaan van passende wetgevingsvoorstellen.

Amendement    38

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – alinea 1 – punt 1

Verordening (EG) nr. 2173/2005

Artikel 8 – lid 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

1.  De lidstaten stellen uiterlijk op 30 april van elk jaar informatie beschikbaar aan het publiek en de Commissie over de tenuitvoerlegging van deze verordening in het voorgaande kalenderjaar.

1.  (Niet van toepassing op de Nederlandse versie.)

Amendement    39

Voorstel voor een verordening

Artikel 9 – alinea 1 – punt 2

Verordening (EG) nr. 2173/2005

Artikel 9 – alinea 1

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Uiterlijk in december 2021, en daarna om de zes jaar, evalueert de Commissie de werking en de doeltreffendheid van deze verordening op basis van de informatie over en ervaringen met de tenuitvoerlegging van deze verordening. Daarbij moet de Commissie rekening houden met de voortgang die is geboekt bij de uitvoering van de vrijwillige partnerschapsovereenkomsten. De Commissie brengt verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de resultaten van de evaluatie, en laat, voor zover nodig, die verslagen vergezeld gaan van voorstellen voor verbetering van het Flegt-vergunningensysteem.

Uiterlijk in december 2021, en daarna om de drie jaar, evalueert de Commissie de werking en de doeltreffendheid van deze verordening op basis van de informatie over en ervaringen met de tenuitvoerlegging van deze verordening. Daarbij moet de Commissie rekening houden met de voortgang die is geboekt bij de uitvoering van de vrijwillige partnerschapsovereenkomsten. De Commissie brengt verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad over de resultaten van de evaluatie, en laat, voor zover nodig, die verslagen vergezeld gaan van voorstellen voor verbetering van het Flegt-vergunningensysteem.

Amendement    40

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – alinea 1 – punt 1

Verordening (EG) nr. 338/97

Artikel 15 – lid 4 – letter c

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

c)  Onverminderd artikel 20 verstrekken de administratieve instanties van de lidstaten de Commissie één jaar vóór elke vergadering van de Conferentie van de Partijen bij de Overeenkomst alle relevante informatie betreffende de voorgaande periode die vereist is voor het opstellen van de in artikel VIII, lid 7, onder b), van de overeenkomst bedoelde verslagen en gelijkwaardige informatie over de bepalingen van deze verordening die buiten het toepassingsgebied van de Overeenkomst vallen. De Commissie bepaalt volgens de in artikel 18, lid 2, bedoelde regelgevingsprocedure welke informatie moet worden verstrekt en in welke vorm dat dient te geschieden.

c)  Onverminderd artikel 20 verstrekken de administratieve instanties van de lidstaten de Commissie één jaar vóór elke vergadering van de Conferentie van de Partijen bij de Overeenkomst alle relevante informatie betreffende de voorgaande periode die vereist is voor het opstellen van de in artikel VIII, lid 7, onder b), van de overeenkomst bedoelde verslagen en gelijkwaardige informatie over de bepalingen van deze verordening die buiten het toepassingsgebied van de Overeenkomst vallen. De Commissie bepaalt volgens de in artikel 18, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure welke informatie moet worden verstrekt en in welke vorm dat dient te geschieden.

Amendement    41

Voorstel voor een verordening

Artikel 10 – lid 1 bis(nieuw)

Verordening (EG) nr. 338/97

Artikel 18 – lid 2

 

Bestaande tekst

Amendement

 

1 bis.  Artikel 18, lid 2, wordt vervangen door:

2.   Wanneer naar dit lid wordt verwezen, zijn de artikelen 5 en 7 van Besluit 1999/468/EG van toepassing, met inachtneming van artikel 8 van dat besluit.

2.   Wanneer naar dit lid wordt verwezen, is artikel 5 van Verordening (EU) nr. 182/2011 van toepassing.

De in artikel 5, lid 6, van Besluit 1999/468/EG bedoelde termijn wordt vastgesteld op drie maanden. Voor de taken waarvoor het comité krachtens artikel 19, punten 1 en 2, bevoegd is, worden de voorgestelde maatregelen, indien de Raad na verloop van een termijn van drie maanden na de indiening van het voorstel bij de Raad, geen besluit heeft genomen, door de Commissie vastgesteld.

 

PROCEDURE VAN DE ADVISERENDE COMMISSIE

Titel

Onderlinge afstemming van de verslagleggingsverplichtingen op het gebied van milieubeleid

Document‑ en procedurenummers

COM(2018)0381 – C8-0244/2018 – 2018/0205(COD)

Bevoegde commissie

       Datum bekendmaking

ENVI

11.6.2018

 

 

 

Advies uitgebracht door

       Datum bekendmaking

JURI

11.6.2018

Rapporteur voor advies

       Datum benoeming

Heidi Hautala

9.7.2018

Behandeling in de commissie

3.9.2018

 

 

 

Datum goedkeuring

24.9.2018

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

19

0

2

Bij de eindstemming aanwezige leden

Max Andersson, Joëlle Bergeron, Marie-Christine Boutonnet, Jean-Marie Cavada, Rosa Estaràs Ferragut, Heidi Hautala, Sylvia-Yvonne Kaufmann, António Marinho e Pinto, Emil Radev, Evelyn Regner, Pavel Svoboda, Axel Voss, Francis Zammit Dimech, Tadeusz Zwiefka

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Sergio Gaetano Cofferati, Geoffroy Didier, Pascal Durand, Jytte Guteland, Jiří Maštálka

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Guillaume Balas, John Howarth, Christelle Lechevalier

HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE ADVISERENDE COMMISSIE

19

+

ALDE

Jean-Marie Cavada, António Marinho e Pinto

EFDD

Joëlle Bergeron

GUE/NGL

Jiří Maštálka

PPE

Geoffroy Didier, Rosa Estaràs Ferragut, Emil Radev, Pavel Svoboda, Axel Voss, Francis Zammit Dimech, Tadeusz Zwiefka

S&D

Guillaume Balas, Sergio Gaetano Cofferati, Jytte Guteland, John Howarth, Sylvia-Yvonne Kaufmann, Evelyn Regner

Verts/ALE

Max Andersson, Pascal Durand

0

-

 

 

2

0

ENF

Marie-Christine Boutonnet, Christelle Lechevalier

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding


PROCEDURE VAN DE BEVOEGDE COMMISSIE

Titel

Onderlinge afstemming van de verslagleggingsverplichtingen op het gebied van milieubeleid

Document- en procedurenummers

COM(2018)0381 – C8-0244/2018 – 2018/0205(COD)

Datum indiening bij EP

31.5.2018

 

 

 

Bevoegde commissie

       Datum bekendmaking

ENVI

11.6.2018

 

 

 

Adviserende commissies

       Datum bekendmaking

ITRE

11.6.2018

AGRI

11.6.2018

JURI

11.6.2018

 

Geen advies

       Datum besluit

ITRE

19.6.2018

 

 

 

Rapporteurs

       Datum benoeming

Adina-Ioana Vălean

14.5.2018

 

 

 

Behandeling in de commissie

29.8.2018

 

 

 

Datum goedkeuring

10.10.2018

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

53

1

1

Bij de eindstemming aanwezige leden

Marco Affronte, Pilar Ayuso, Ivo Belet, Simona Bonafè, Biljana Borzan, Lynn Boylan, Paul Brannen, Soledad Cabezón Ruiz, Birgit Collin-Langen, Miriam Dalli, Seb Dance, José Inácio Faria, Francesc Gambús, Arne Gericke, Jens Gieseke, Julie Girling, Sylvie Goddyn, Françoise Grossetête, Andrzej Grzyb, Jytte Guteland, György Hölvényi, Benedek Jávor, Karin Kadenbach, Urszula Krupa, Giovanni La Via, Jo Leinen, Peter Liese, Valentinas Mazuronis, Joëlle Mélin, Susanne Melior, Miroslav Mikolášik, Rory Palmer, Gilles Pargneaux, Bolesław G. Piecha, Pavel Poc, Julia Reid, Frédérique Ries, Michèle Rivasi, Annie Schreijer-Pierik, Renate Sommer, Nils Torvalds, Adina-Ioana Vălean

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Cristian-Silviu Buşoi, Jørn Dohrmann, Linnéa Engström, Eleonora Evi, Fredrick Federley, Christophe Hansen, Jan Huitema, Norbert Lins, Tilly Metz, Younous Omarjee, Gabriele Preuß, Bart Staes

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Anthea McIntyre, Kati Piri

Datum indiening

15.10.2018


HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

53

+

ALDE

Fredrick Federley, Jan Huitema, Valentinas Mazuronis, Frédérique Ries, Nils Torvalds

ECR

Jørn Dohrmann, Arne Gericke, Urszula Krupa, Anthea McIntyre, Bolesław G. Piecha

EFDD

Eleonora Evi

ENF

Sylvie Goddyn

GUE/NGL

Lynn Boylan, Younous Omarjee

PEE

Pilar Ayuso, Ivo Belet, Cristian-Silviu Buşoi, Birgit Collin-Langen, José Inácio Faria, Francesc Gambús, Jens Gieseke, Julie Girling, Françoise Grossetête, Andrzej Grzyb, Christophe Hansen, György Hölvényi, Giovanni La Via, Peter Liese, Norbert Lins, Miroslav Mikolášik, Annie Schreijer-Pierik, Renate Sommer, Adina-Ioana Vălean

S&D

Biljana Borzan, Paul Brannen, Soledad Cabezón Ruiz, Miriam Dalli, Seb Dance, Jytte Guteland, Karin Kadenbach, Jo Leinen, Susanne Melior, Rory Palmer, Gilles Pargneaux, Kati Piri, Pavel Poc, Gabriele Preuß

Verts/ALE

Marco Affronte, Linnéa Engström, Benedek Jávor, Tilly Metz, Michèle Rivasi, Bart Staes

1

-

EFDD

Julia Reid

1

0

ENF

Joëlle Mélin

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

Laatst bijgewerkt op: 19 oktober 2018Juridische mededeling - Privacybeleid