Procedure : 2018/2198(DEC)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A8-0125/2019

Ingediende teksten :

A8-0125/2019

Debatten :

PV 26/03/2019 - 12
CRE 26/03/2019 - 12

Stemmingen :

PV 26/03/2019 - 13.23

Aangenomen teksten :

P8_TA(2019)0264

VERSLAG     
PDF 195kWORD 60k
1.3.2019
PE 626.792v02-00 A8-0125/2019

over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor chemische stoffen (ECHA) voor het begrotingsjaar 2017

(2018/2198(DEC))

Commissie begrotingscontrole

Rapporteur: Petri Sarvamaa

1. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

1. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor chemische stoffen voor het begrotingsjaar 2017

(2018/2198(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Agentschap voor chemische stoffen voor het begrotingsjaar 2017,

–  gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van het Europees Agentschap voor chemische stoffen betreffende het begrotingsjaar 2017, vergezeld van de antwoorden van het Agentschap(1),

–  gezien de verklaring van de Rekenkamer(2) voor het begrotingsjaar 2017 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien de aanbeveling van de Raad van 20 februari 2019 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2017 (05825/2019 – C8-00882019),

–  gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(3), en met name artikel 208,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012(4), en met name artikel 70,

–  gezien Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH), tot oprichting van een Europees Agentschap voor chemische stoffen, houdende wijziging van Richtlijn 1999/45/EG en houdende intrekking van Verordening (EEG) nr. 793/93 van de Raad en Verordening (EG) nr. 1488/94 van de Commissie alsmede Richtlijn 76/769/EEG van de Raad en de Richtlijnen 91/155/EEG, 93/67/EEG, 93/105/EG en 2000/21/EG van de Commissie(5), en met name artikel 97,

–  gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(6), en met name artikel 108,

–  gezien artikel 94 en bijlage IV van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid (A8-0125/2019),

1.  verleent de uitvoerend directeur van het Europees Agentschap voor chemische stoffen kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2017;

2.  formuleert zijn opmerkingen in onderstaande resolutie;

3.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Agentschap voor chemische stoffen, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (serie L).

2. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over de afsluiting van de rekeningen van het Europees Agentschap voor chemische stoffen voor het begrotingsjaar 2017

(2018/2198(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien de definitieve jaarrekening van het Europees Agentschap voor chemische stoffen voor het begrotingsjaar 2017,

–  gezien het verslag van de Rekenkamer over de jaarrekening van het Europees Agentschap voor chemische stoffen betreffende het begrotingsjaar 2017, vergezeld van de antwoorden van het Agentschap(7),

–  gezien de verklaring van de Rekenkamer(8) voor het begrotingsjaar 2017 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, overeenkomstig artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien de aanbeveling van de Raad van 20 februari 2019 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2017 (05825/2019 – C8-0088/2019),

–  gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002(9), en met name artikel 208,

–  gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012(10), en met name artikel 70,

–  gezien Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH), tot oprichting van een Europees Agentschap voor chemische stoffen, houdende wijziging van Richtlijn 1999/45/EG en houdende intrekking van Verordening (EEG) nr. 793/93 van de Raad en Verordening (EG) nr. 1488/94 van de Commissie alsmede Richtlijn 76/769/EEG van de Raad en de Richtlijnen 91/155/EEG, 93/67/EEG, 93/105/EG en 2000/21/EG van de Commissie(11), en met name artikel 97,

–  gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(12), en met name artikel 108,

–  gezien artikel 94 en bijlage IV van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid (A8-0125/2019),

1.  hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Europees Agentschap voor chemische stoffen voor het begrotingsjaar 2017;

2.  verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Europees Agentschap voor chemische stoffen, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (serie L).

3. ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

met de opmerkingen die een integrerend deel uitmaken van het besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor chemische stoffen voor het begrotingsjaar 2017

(2018/2198(DEC))

Het Europees Parlement,

–  gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor chemische stoffen voor het begrotingsjaar 2017,

–  gezien artikel 94 en bijlage IV van zijn Reglement,

–  gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole en het advies van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid (A8-0125/2019),

A.  overwegende dat de definitieve begroting van het Europees Agentschap voor chemische stoffen ("het Agentschap") voor het begrotingsjaar 2017 volgens zijn staat van ontvangsten en uitgaven(13) 110 530 554 EUR bedroeg, een lichte daling van 0,28 % ten opzichte van 2016; overwegende dat het Agentschap 69 340 298 EUR aan subsidies van de Unie heeft ontvangen (62,7 % van de totale begroting); overwegende dat de rest van de begroting van het Agentschap wordt gefinancierd met inkomsten uit vergoedingen en heffingen;

B.  overwegende dat de Rekenkamer in haar verslag over de jaarrekening van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2017 (hierna "het verslag van de Rekenkamer") verklaart redelijke zekerheid te hebben gekregen dat de jaarrekening van het Agentschap betrouwbaar is en de onderliggende verrichtingen wettig en regelmatig zijn;

Financieel en begrotingsbeheer

1.  stelt vast dat inspanningen op het gebied van begrotingstoezicht gedurende het begrotingsjaar 2017 hebben geresulteerd in een uitvoeringspercentage van de begroting van 98 %, een daling van 1 % ten opzichte van 2016; stelt voorts vast dat het uitvoeringspercentage van de betalingskredieten 87 % bedroeg, een stijging van 1 % ten opzichte van 2016;

2.  benadrukt dat het Agentschap gedeeltelijk zichzelf financiert en een vergoeding ontvangt van bedrijven die om registratie van chemische stoffen verzoeken, zoals voorgeschreven in de verordening registratie en beoordeling van en autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (Reach); merkt op dat de toepasselijke vergoedingen afhangen van de omvang van de bedrijven en de hoeveelheden van de geregistreerde chemische stoffen; volgens het verslag van de Rekenkamer beweert sinds de eerste registraties in 2009 ongeveer 30 % van de bedrijven een micro-onderneming of een kleine of middelgrote onderneming (kmo) te zijn; merkt evenwel met bezorgdheid op dat het Agentschap, dankzij zijn doeltreffende systeem van verificaties achteraf, heeft vastgesteld dat ongeveer 55 % van de micro-ondernemingen en kmo's zijn omvang onjuist had ingedeeld, waardoor de vergoedingen lager waren; staat achter de maatregelen die het Agentschap heeft genomen, namelijk bijzonder hoge correcties van vergoedingen ten bedrage van 16,4 miljoen EUR in rekening brengen; dringt er bovendien bij de nationale handhavingsinstanties op aan de controlesystemen voor de door de bedrijven aangegeven hoeveelheden te verbeteren en de "strategieën en minimumcriteria voor de handhaving van de regelgeving voor chemische stoffen" volledig en effectief ten uitvoer te leggen; verzoekt het Agentschap aan de kwijtingsautoriteit verslag uit te brengen over zijn inspanningen om de aanzienlijke achterstand bij de verificatie te verminderen en de vergoedingen te corrigeren, en over de resultaten daarvan;

3.  erkent de uitdagingen waarmee het Agentschap kampt bij het verifiëren van de juistheid van de inkomsten uit vergoedingen, in het bijzonder in verband met de aanzienlijke verlagingen van de vergoedingen zoals voorzien in de wetgeving voor kmo's; is in dit opzicht verheugd over de proactieve aanpak van het Agentschap, maar brengt in herinnering dat een financiële verificatie achteraf van de omvang van elke registrant in de wetgeving niet wordt vermeld als hoofdtaak van het Agentschap en dat het Agentschap niet over personeel beschikt om dit financiële werk te verrichten; verzoekt de Commissie ervoor te zorgen dat het Agentschap over voldoende middelen beschikt om haar inkomsten uit vergoedingen op doeltreffende en evenredige wijze tijdig te kunnen verifiëren;

4.  merkt met bezorgdheid op dat volgens het verslag van Rekenkamer, aangezien de derde termijn voor de registratie van chemische stoffen in het kader van de Reach-verordening in 2018 verstrijkt, de inkomsten uit vergoedingen naar verwachting vanaf 2019 zullen dalen en het Agentschap voor de financiering van zijn werkzaamheden afhankelijker zal worden van de begroting van de Unie; neemt er echter nota van dat het Agentschap volgens zijn antwoord alternatieve voorstellen aan de Commissie heeft gedaan en dat de Commissie heeft toegezegd alternatieven voor de financiering van het Agentschap te zullen onderzoeken; verzoekt het Agentschap de kwijtingsautoriteit op de hoogte te houden van de ontwikkelingen ter zake;

5.  merkt op dat de door het bedrijfsleven betaalde vergoedingen van jaar tot jaar aanzienlijk verschillen, hetgeen de begrotingsplanning compliceert en dat ten aanzien van een bepaalde verordening betaalde vergoedingen uitsluitend in dat onderdeel van de begroting van het Agentschap kunnen worden gebruikt, hetgeen tot een overschot in een bepaald onderdeel en een tekort in andere onderdelen van de begroting kan leiden; verzoekt de Commissie maatregelen voor te stellen om te zorgen voor een evenwichtiger financiering van de activiteiten in verband met alle verordeningen die het Agentschap ten uitvoer legt; beveelt aan dat wordt overwogen of de geïnde vergoedingen naar de begroting van de Unie kunnen worden overgedragen terwijl het Agentschap volledig door de Unie-begroting zou worden gefinancierd door middel van een enkele subsidie die alle verordeningen die het Agentschap ten uitvoer legt, dekt;

Annulering van overdrachten

6.  stelt vast dat de annuleringen van overdrachten van 2016 naar 2017 364 031 EUR bedroegen, d.w.z. 2,64 % van het totale overgedragen bedrag, een daling van 5,23 % ten opzichte van 2016;

Prestaties

7.  stelt vast dat het Agentschap kernprestatie-indicatoren (KPI's) gebruikt en daarnaast nieuwe efficiëntieprestatie-indicatoren heeft ingevoerd en de werklast-KPI's heeft verbeterd om het toezicht op elke activiteit vanuit het oogpunt van output, middelen, prestaties en efficiëntie te verbeteren; neemt er nota van dat het Agentschap bepaalde begrotingscijfers als KPI's gebruikt om zijn begrotingsbeheer te verbeteren; verzoekt het Agentschap bij de herziening van het algemene prestatiebeheersysteem meer op resultaten en effect gerichte KPI's te ontwikkelen om de toegevoegde waarde van de activiteiten van het Agentschap te beoordelen; verzoekt het Agentschap de kwijtingsautoriteit van de vorderingen op dit gebied op de hoogte te houden;

8.  stelt vast dat het Agentschap, ondanks de risico's en beperkingen op sommige gebieden, 70 van zijn 79 KPI-doelstellingen heeft gehaald en dat het zowel de maatregelen ter verbetering van de autorisatieaanvraag als zijn geïntegreerde regelgevingsstrategie verder heeft uitgevoerd;

9.  herinnert eraan dat het Agentschap een geconsolideerde entiteit is overeenkomstig artikel 185 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(14) ("het Financieel Reglement"), en dat het onder de regelgevende instanties de drijvende kracht vormt achter de tenuitvoerlegging van de wetgeving inzake chemische stoffen ten behoeve van de volksgezondheid en het milieu alsook van innovatie en concurrentievermogen; wijst erop dat het Agentschap bedrijven helpt wetgeving na te leven, het veilige gebruik van chemische stoffen bevordert en voorziet in informatie over chemische stoffen en zich bezighoudt met chemische stoffen die aanleiding geven tot bezorgdheid;

10.  wijst erop dat in 2017 ongeveer 15 900 registratiedossiers bij het Agentschap zijn ingediend (waarvan 8 500 tot de betaling van een vergoeding hebben geleid), een stijging van 48,6 % ten opzichte van 2016; beklemtoont dat de stijging van het aantal registraties rechtstreeks verband houdt met de uiterste datum voor REACH-registraties (1 juni 2018);

11.  stelt met waardering vast dat het Agentschap zijn interne auditfunctie deelt met het Europees GNSS-Agentschap en nauw samenwerkt met andere agentschappen, onder meer door diensten te delen, binnen het netwerk van agentschappen en via memoranda van overeenstemming met verscheidene agentschappen;

12.  volgens het verslag van de Rekenkamer voorziet de oprichtingsverordening van het Agentschap, anders dan bij de meeste andere agentschappen, niet uitdrukkelijk in periodieke externe evaluaties van de activiteiten van het Agentschap, die essentiële prestatiebeoordelingselementen zijn; moedigt het Agentschap aan om ten minste om de vijf jaar een externe evaluatie te laten uitvoeren;

Personeelsbeleid

13.  stelt vast dat de personeelsformatie op 31 december 2017 voor 96,52 % ingevuld was, aangezien 444 tijdelijke functionarissen waren aangesteld van de 460 tijdelijke functionarissen die in het kader van de begroting van de Unie waren toegestaan (tegenover 455 toegestane posten in 2016); stelt vast dat in 2017 verder nog 119 contractanten en 8 gedetacheerde nationale deskundigen voor het Agentschap werkten;

14.  stelt vast dat het Agentschap een beleid tegen intimidatie en richtsnoeren ter zake heeft vastgesteld; neemt kennis van het feit dat het Agentschap opleidingssessies heeft georganiseerd en vertrouwelijke counseling mogelijk heeft gemaakt;

15.  is ingenomen met de suggestie van de Rekenkamer om kennisgevingen van vacatures ook te publiceren op de website van het Europees Bureau voor personeelsselectie (EPSO) om er meer de aandacht op te vestigen; neemt kennis van de suggestie van het Agentschap om EPSO ook het door het netwerk van EU-agentschappen ontwikkelde banenportaal te laten promoten;

16.  merkt op dat 2018 weliswaar de uiterste wettelijke REACH-registratietermijn voor geleidelijk geïntegreerde stoffen was, maar dat er tijdens de resterende periode van deze strategie naar verwachting nog veel registratieactiviteiten bij het Agentschap zullen plaatsvinden; merkt bovendien op dat het Agentschap dankzij de strategische analyse van zijn toekomstig beheer een aantal huidige werkterreinen heeft kunnen identificeren die zich waarschijnlijk verder zullen ontwikkelen, alsook een reeks nieuwe taken die het mogelijk op zich zal moeten nemen; benadrukt dat onderbezetting moet worden vermeden;

Preventie van en omgang met belangenconflicten en transparantie

17.  volgens het Agentschap vertegenwoordigen de begrote inkomsten uit vergoedingen in 2017 35 % van de totale inkomsten; neemt kennis van het voorbeeldige systeem van het Agentschap om belangenconflicten te monitoren en te voorkomen en van het standpunt van het Agentschap dat er als gevolg van de genomen maatregelen geen gevaar van belangenconflicten bestaat omdat de vergoedingen de kosten dekken en omdat de personeelsleden van het Agentschap die bij het opstellen van adviezen betrokken zijn, regelmatig worden beoordeeld om hun onafhankelijkheid te waarborgen; merkt op dat het Agentschap graag een oplossing zou zien waarbij de Commissie de vergoedingen namens het Agentschap int, wat het financieel beheer van het Agentschap zou vergemakkelijken en het risico van tekorten zou helpen beperken;

18.  neemt nota van de bestaande maatregelen en de voortdurende inspanningen van het Agentschap om transparantie te waarborgen en klokkenluiders te beschermen; volgens het Agentschap worden alle vergaderingen van het hoger management met belangengroepen geregistreerd en op zijn website gepubliceerd om volledige transparantie te waarborgen;

Interne controle

19.  neemt er nota van dat de dienst Interne audit (IAS) van de Commissie een risicobeoordeling heeft uitgevoerd, het strategische auditplan van de IAS voor 2018-2020 heeft opgesteld en bovendien in oktober 2017 voorafgaande gesprekken heeft gevoerd met het oog op een audit van belangenconflicten en ethiek; verzoekt het Agentschap bij de kwijtingsautoriteit verslag uit te brengen over het resultaat van die audit en over de maatregelen die naar aanleiding van de aanbevelingen zijn genomen;

Overige opmerkingen

20.  neemt er nota van dat het Agentschap, na de selectie van het nieuwe gebouw en de ondertekening van een huurovereenkomst in 2017, van plan is om in januari 2020 naar een nieuw gebouw in Helsinki te verhuizen; merkt op dat deze verhuizing het gevolg is van het gedeeltelijk slecht functioneren van het huidige gebouw, met name wat betreft de luchtkwaliteit in het huidige gebouw;

o

o o

21.  verwijst voor andere opmerkingen van horizontale aard bij het kwijtingsbesluit naar zijn resolutie van ... 2019(15) over het functioneren en het financiële beheer van en de controle op de agentschappen.

24.1.2019

ADVIES van de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid

aan de Commissie begrotingscontrole

inzake het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Europees Agentschap voor chemische stoffen (ECHA) voor het begrotingsjaar 2017

(2018/2198(BUD))

Rapporteur voor advies: Adina-Ioana Vălean

SUGGESTIES

De Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid verzoekt de bevoegde Commissie begrotingscontrole onderstaande suggesties in haar ontwerpresolutie op te nemen:

1.  herinnert eraan dat het Europees Agentschap voor chemische stoffen ("het Agentschap") een geconsolideerde entiteit is overeenkomstig artikel 185 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad(16) ("het Financieel Reglement"), en dat het onder de regelgevende instanties de drijvende kracht vormt achter de tenuitvoerlegging van de wetgeving inzake chemische stoffen ten behoeve van de volksgezondheid en het milieu alsook van innovatie en concurrentievermogen; wijst erop dat het Agentschap bedrijven helpt wetgeving na te leven, het veilige gebruik van chemische stoffen bevordert en voorziet in informatie over chemische stoffen en zich bezighoudt met chemische stoffen die aanleiding geven tot bezorgdheid;

2.  geeft aan dat het Agentschap in 2017 zijn 10-jarig bestaan heeft gevierd en verder dat de raad van bestuur een nieuwe uitvoerend directeur heeft aangesteld;

  wijst erop dat het Agentschap wat Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad(17) ("de REACH-verordening") betreft, gefinancierd wordt uit de vergoedingen die door het bedrijfsleven worden betaald én uit een compenserende subsidie van de Unie, als bedoeld in artikel 208 van het Financieel Reglement; erkent het feit dat het Agentschap in 2017 in totaal 33 960 276 EUR aan vergoedingen heeft geïnd (tegen 33 377 004 EUR in 2016), terwijl de subsidie van de Unie 64 289 500 EUR bedroeg (tegen 58 919 188 EUR in 2016) en dat in aanvulling daarop de ontvangen bijdrage van de Europese Vrijhandelsassociatie (EVA) in totaal 1 587 950 EUR bedroeg;

4.  beklemtoont dat het Agentschap wat Verordening (EG) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad(18) ("de verordening inzake biociden") betreft, gefinancierd wordt uit de vergoedingen die door het bedrijfsleven worden betaald én uit een compenserende subsidie van de Unie, als bedoeld in artikel 208 van het Financieel Reglement; wijst erop dat het Agentschap in 2017 in totaal 8 127 680 EUR aan vergoedingen heeft geïnd (tegen 7 612 146 EUR in 2016), terwijl de subsidie van de Unie 3 867 798 EUR bedroeg (tegen 850 000 EUR in 2016) en dat in aanvulling daarop de ontvangen bijdrage van de Europese Vrijhandelsassociatie (EVA), inclusief Zwitserland, 183 156 EUR bedroeg (tegen 142 379 EUR in 2016);

5.  beklemtoont dat het Agentschap wat Verordening (EU) nr. 649/2012 van het Europees Parlement en de Raad(19) ("de PIC-verordening") betreft volledig gefinancierd wordt uit een subsidie van de Unie, als bedoeld in artikel 208 van het Financieel Reglement; wijst erop dat de subsidie van de Unie in 2017 1 185 770 EUR bedroeg (tegen 1 151 000 EUR in 2016); beklemtoont dat het Agentschap zijn eerste verslag over de werking van de PIC-verordening in de periode 2014-2016 heeft gepubliceerd;

6.  beklemtoont dat de totale begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2017 109 930 554 EUR bedroeg, hetgeen een daling van 0,8 % betekent ten opzichte van 2016; wijst erop dat de door het Agentschap in 2017 geïnde vergoedingen en rechten 38 % van de uitgaven van het Agentschap dekten (tegen 46 % in 2016);

7.  merkt op dat de door het bedrijfsleven betaalde vergoedingen van jaar tot jaar aanzienlijk verschillen, hetgeen de begrotingsplanning compliceert en dat ten aanzien van een bepaalde verordening betaalde vergoedingen uitsluitend in dat onderdeel van de begroting van het Agentschap kunnen worden gebruikt, hetgeen tot een overschot in een bepaald onderdeel en een tekort in andere onderdelen van de begroting kan leiden; beveelt aan dat wordt overwogen of de geïnde vergoedingen naar de begroting van de Unie kunnen worden overgedragen terwijl het Agentschap volledig door de Unie-begroting zou worden gefinancierd door middel van een enkele subsidie die alle verordeningen die het Agentschap ten uitvoer legt, dekt;

8.  merkt op dat inspanningen op het gebied van begrotingstoezicht gedurende het begrotingsjaar 2017 hebben geresulteerd in een uitvoeringspercentage van de begroting van 98,1 %: een stijging van 1,1 % ten opzichte van 2016; merkt daarnaast op dat het uitvoeringspercentage van de betalingskredieten in 2017 86,9 % bedroeg, een stijging van 0,9 % ten opzichte van 2016;

9.  wijst erop dat in 2017 ongeveer 15.900 registratiedossiers bij het Agentschap zijn ingediend (waarvan 8.500 tot de betaling van een vergoeding hebben geleid), een stijging van 48,6 % ten opzichte van 2016; beklemtoont dat de stijging van het aantal registraties rechtstreeks verband houdt met de uiterste datum voor REACH-registraties (1 juni 2018);

10.  wijst erop dat de aanwervingsdoelstelling is gehaald en dat 98 % van de posten voor REACH/CLP, PIC en biociden bezet zijn; onderstreept dat het Agentschap met problemen kampt als gevolg van de schrapping van posten en de aanhoudende onzekerheid met betrekking tot biociden;

11.  erkent de uitdagingen waarmee het Agentschap kampt bij het verifiëren van de juistheid van de inkomsten uit vergoedingen, in het bijzonder in verband met de aanzienlijke verlagingen van de vergoedingen zoals voorzien in de wetgeving voor kmo's; is in dit opzicht verheugd over de proactieve aanpak van het Agentschap, maar brengt in herinnering dat een financiële verificatie achteraf van de omvang van elke registrant in de wetgeving niet wordt vermeld als hoofdtaak van het Agentschap en dat het Agentschap niet over personeel beschikt om dit financiële werk te verrichten; verzoekt de Commissie ervoor te zorgen dat het Agentschap over voldoende middelen beschikt om haar inkomsten uit vergoedingen op doeltreffende en evenredige wijze tijdig te kunnen verifiëren;

12.  juicht het toe dat de Rekenkamer verklaard heeft redelijke zekerheid te hebben verkregen dat de jaarrekening van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2017 betrouwbaar is en dat de onderliggende verrichtingen wettig en regelmatig zijn;

13.  beveelt op grond van de beschikbare feiten aan om kwijting te verlenen aan de uitvoerend directeur van het Europees Agentschap voor chemische stoffen voor de uitvoering van de begroting van het agentschap voor het begrotingsjaar 2017.

INFORMATIE OVER DE GOEDKEURING IN DE ADVISERENDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

22.1.2019

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

49

7

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Margrete Auken, Pilar Ayuso, Catherine Bearder, Ivo Belet, Simona Bonafè, Biljana Borzan, Paul Brannen, Soledad Cabezón Ruiz, Nessa Childers, Birgit Collin-Langen, Miriam Dalli, Seb Dance, Angélique Delahaye, Mark Demesmaeker, Stefan Eck, Bas Eickhout, José Inácio Faria, Francesc Gambús, Elisabetta Gardini, Arne Gericke, Jens Gieseke, Julie Girling, Sylvie Goddyn, Françoise Grossetête, Jytte Guteland, Anneli Jäätteenmäki, Jean-François Jalkh, Benedek Jávor, Kateřina Konečná, Urszula Krupa, Peter Liese, Valentinas Mazuronis, Susanne Melior, Miroslav Mikolášik, Rory Palmer, Gilles Pargneaux, Bolesław G. Piecha, Pavel Poc, John Procter, Frédérique Ries, Daciana Octavia Sârbu, Annie Schreijer-Pierik, Ivica Tolić, Nils Torvalds, Adina-Ioana Vălean, Jadwiga Wiśniewska, Damiano Zoffoli

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Cristian-Silviu Buşoi, Christophe Hansen, Martin Häusling, Anja Hazekamp, Jan Huitema, Tilly Metz, Bart Staes, Tiemo Wölken

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Olle Ludvigsson

HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE ADVISERENDE COMMISSIE

49

+

ALDE

Catherine Bearder, Jan Huitema, Anneli Jäätteenmäki, Valentinas Mazuronis, Frédérique Ries, Nils Torvalds

ECR

Mark Demesmaeker

GUE/NGL 

Stefan Eck, Anja Hazekamp, Kateřina Konečná

PPE

Pilar Ayuso, Ivo Belet, Cristian Silviu Buşoi, Birgit Collin Langen, Angélique Delahaye, José Inácio Faria, Francesc Gambús, Elisabetta Gardini, Jens Gieseke, Julie Girling, Françoise Grossetête, Christophe Hansen, Peter Liese, Miroslav Mikolášik, Annie Schreijer Pierik, Ivica Tolić, Adina Ioana Vălean

S&D

Simona Bonafè, Biljana Borzan, Paul Brannen, Soledad Cabezón Ruiz, Nessa Childers, Miriam Dalli, Seb Dance, Jytte Guteland, Olle Ludvigsson, Susanne Melior, Rory Palmer, Gilles Pargneaux, Pavel Poc, Daciana Octavia Sârbu, Tiemo Wölken, Damiano Zoffoli

VERTS/ALE

Margrete Auken, Bas Eickhout, Martin Häusling, Benedek Jávor, Tilly Metz, Bart Staes

7

-

ECR

Arne Gericke, Urszula Krupa, Bolesław G. Piecha, John Procter, Jadwiga Wiśniewska

EFDD

Sylvie Goddyn

ENF

Jean-François Jalkh

0

0

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

INFORMATIE OVER DE GOEDKEURING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

20.2.2019

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

22

0

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Nedzhmi Ali, Inés Ayala Sender, Zigmantas Balčytis, Dennis de Jong, Tamás Deutsch, Martina Dlabajová, Ingeborg Gräßle, Jean-François Jalkh, Wolf Klinz, Monica Macovei, Georgi Pirinski, José Ignacio Salafranca Sánchez-Neyra, Petri Sarvamaa, Claudia Schmidt, Bart Staes, Marco Valli, Derek Vaughan, Tomáš Zdechovský, Joachim Zeller

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Karin Kadenbach, Marian-Jean Marinescu

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 200, lid 2)

Petra Kammerevert

HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

22

+

ALDE

Nedzhmi Ali, Martina Dlabajová, Wolf Klinz

ECR

Monica Macovei

EFDD

Marco Valli

ENF

Jean-François Jalkh

GUE/NGL

Dennis de Jong

PPE

Tamás Deutsch, Ingeborg Gräßle, Marian-Jean Marinescu, José Ignacio Salafranca Sánchez-Neyra, Petri Sarvamaa, Claudia Schmidt, Tomáš Zdechovský, Joachim Zeller

S&D

Inés Ayala Sender, Zigmantas Balčytis, Karin Kadenbach, Petra Kammerevert, Georgi Pirinski, Derek Vaughan

VERTS/ALE

Bart Staes

0

-

 

 

0

0

 

 

Verklaring van de gebruikte tekens:

+  :  voor

-  :  tegen

0  :  onthouding

(1)

PB C 434 van 30.11.2018, blz. 56.

(2)

PB C 434 van 30.11.2018, blz. 56.

(3)

PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.

(4)

PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1.

(5)

PB L 396 van 30.12.2006, blz. 1.

(6)

PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.

(7)

PB C 434 van 30.11.2018, blz. 56.

(8)

PB C 434 van 30.11.2018, blz. 56.

(9)

PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.

(10)

PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1.

(11)

PB L 396 van 30.12.2006, blz. 1.

(12)

PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.

(13)

PB C 415/04 van 5.12.2017, blz. 12.

(14)

  Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad (PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1).

(15)

Aangenomen teksten, P8_TA-PROV(2019)0000.

(16)

Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002 van de Raad (PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1).

(17)

Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH), tot oprichting van een Europees Agentschap voor chemische stoffen, houdende wijziging van Richtlijn 1999/45/EG en houdende intrekking van Verordening (EEG) nr. 793/93 van de Raad en Verordening (EG) nr. 1488/94 van de Commissie alsmede Richtlijn 76/769/EEG van de Raad en de Richtlijnen 91/155/EEG, 93/67/EEG, 93/105/EG en 2000/21/EG van de Commissie (PB L 396 van 30.12.2006, blz. 1).

(18)

Verordening (EU) nr. 528/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 22 mei 2012 betreffende het op de markt aanbieden en het gebruik van biociden (PB L 167 van 27.6.2012, blz. 1).

(19)

Verordening (EU) nr. 649/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende de in- en uitvoer van gevaarlijke chemische stoffen (PB L 201 van 27.7.2012, blz. 60).

Laatst bijgewerkt op: 14 maart 2019Juridische mededeling - Privacybeleid