Procedure : 2019/2080(DEC)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A9-0039/2020

Ingediende teksten :

A9-0039/2020

Debatten :

Stemmingen :

Aangenomen teksten :

P9_TA(2020)0091

<Date>{05/03/2020}5.3.2020</Date>
<NoDocSe>A9-0039/2020</NoDocSe>
PDF 176kWORD 51k

<TitreType>VERSLAG</TitreType>

<Titre>over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging (nu het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging) voor het begrotingsjaar 2018</Titre>

<DocRef>(2019/2080(DEC))</DocRef>


<Commission>{CONT}Commissie begrotingscontrole</Commission>

Rapporteur: <Depute>Ryszard Czarnecki</Depute>

AMENDEMENTEN
1. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 2. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 3. ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 INFORMATIE OVER DE GOEDKEURING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

1. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging (nu het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging) voor het begrotingsjaar 2018

(2019/2080(DEC))

Het Europees Parlement,

 gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging voor het begrotingsjaar 2018,

 gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2018, vergezeld van het antwoord van het Agentschap[1],

 gezien de verklaring van de Rekenkamer[2] voor het begrotingsjaar 2018 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, als bedoeld in artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

 gezien de aanbeveling van de Raad van 18 februari 2020 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2018 (05761/2020 – C9-0047/2020),

 gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

 gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002[3], en met name artikel 208,

 gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012[4], en met name artikel 70,

 gezien Verordening (EU) nr. 526/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 inzake het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging (Enisa) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 460/2004[5], en met name artikel 21,

 gezien Verordening (EU) 2019/881 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2019 inzake Enisa (het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging), en inzake de certificering van de cyberbeveiliging van informatie- en communicatietechnologie en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 526/2013 (de cyberbeveiligingsverordening) [6]  , en met name artikel 31,

 gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad[7], en met name artikel 108,

 gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad7, en met name artikel 105,

 gezien artikel 100 van en bijlage V bij zijn Reglement,

 gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A9-0039/2020),

1. verleent de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2018;

2. formuleert zijn opmerkingen in onderstaande resolutie;

3. verzoekt zijn Voorzitter dit besluit en de resolutie die daarvan een integrerend deel uitmaakt, te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (L-serie).

 

 


 

2. ONTWERPBESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging (nu het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging) voor het begrotingsjaar 2018

(2019/2080(DEC))

Het Europees Parlement,

 gezien de definitieve jaarrekening van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging voor het begrotingsjaar 2018,

 gezien het jaarverslag van de Rekenkamer over de EU-agentschappen betreffende het begrotingsjaar 2018, vergezeld van het antwoord van het Agentschap[8],

 gezien de verklaring van de Rekenkamer[9] voor het begrotingsjaar 2018 waarin de betrouwbaarheid van de rekeningen en de wettigheid en regelmatigheid van de onderliggende verrichtingen worden bevestigd, als bedoeld in artikel 287 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

 gezien de aanbeveling van de Raad van 18 februari 2020 betreffende de aan het Agentschap te verlenen kwijting voor de uitvoering van de begroting voor het begrotingsjaar 2018 (05761/2020 – C9-0047/2020),

 gezien artikel 319 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

 gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie en tot intrekking van Verordening (EG, Euratom) nr. 1605/2002[10], en met name artikel 208,

 gezien Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad van 18 juli 2018 tot vaststelling van de financiële regels van toepassing op de algemene begroting van de Unie, tot wijziging van Verordeningen (EU) nr. 1296/2013, (EU) nr. 1301/2013, (EU) nr. 1303/2013, (EU) nr. 1304/2013, (EU) nr. 1309/2013, (EU) nr. 1316/2013, (EU) nr. 223/2014, (EU) nr. 283/2014 en Besluit nr. 541/2014/EU en tot intrekking van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012[11], en met name artikel 70,

 gezien Verordening (EU) nr. 526/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 inzake het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging (Enisa) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 460/2004[12], en met name artikel 21,

 gezien Verordening (EU) 2019/881 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2019 inzake Enisa (het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging), en inzake de certificering van de cyberbeveiliging van informatie- en communicatietechnologie en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 526/2013 (de cyberbeveiligingsverordening) [13] , en met name artikel 31,

 gezien Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 1271/2013 van de Commissie van 30 september 2013 houdende de financiële kaderregeling van de organen, bedoeld in artikel 208 van Verordening (EU, Euratom) nr. 966/2012 van het Europees Parlement en de Raad[14], en met name artikel 108,

 gezien Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/715 van de Commissie van 18 december 2018 houdende de financiële kaderregeling van de bij het VWEU en het Euratom-Verdrag opgerichte organen, bedoeld in artikel 70 van Verordening (EU, Euratom) 2018/1046 van het Europees Parlement en de Raad7, en met name artikel 105,

 gezien artikel 100 van en bijlage V bij zijn Reglement,

 gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A9-0039/2020),

1. hecht zijn goedkeuring aan de afsluiting van de rekeningen van het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging voor het begrotingsjaar 2018;

2. verzoekt zijn Voorzitter dit besluit te doen toekomen aan de uitvoerend directeur van het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging, de Raad, de Commissie en de Rekenkamer, en te zorgen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie (L-serie).

 

 


 

3. ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

met de opmerkingen die een integrerend deel uitmaken van het besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging (nu het Agentschap van de Europese Unie voor cyberbeveiliging) voor het begrotingsjaar 2018

(2019/2080(DEC))

Het Europees Parlement,

 gezien zijn besluit over het verlenen van kwijting voor de uitvoering van de begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging voor het begrotingsjaar 2018,

 gezien artikel 100 van en bijlage V bij zijn Reglement,

 gezien het verslag van de Commissie begrotingscontrole (A9-0039/2020),

A. overwegende dat de definitieve begroting van het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging (het “Agentschap”) voor het begrotingsjaar 2018 volgens zijn staat van ontvangsten en uitgaven[15] 11 473 788 EUR bedroeg, hetgeen een verhoging van 2,67 % ten opzichte van 2017 betekent; overwegende dat de begroting van het Agentschap voornamelijk wordt gefinancierd met middelen van de begroting van de Unie[16];

B. overwegende dat de Rekenkamer in haar verslag over de jaarrekening van het Agentschap voor het begrotingsjaar 2018 (hierna “het verslag van de Rekenkamer”) verklaarde redelijke zekerheid te hebben verkregen dat de jaarrekening van het Agentschap betrouwbaar is en de onderliggende verrichtingen wettig en regelmatig zijn;

Financieel en begrotingsbeheer

1. merkt met tevredenheid op dat de inspanningen op het gebied van begrotingstoezicht gedurende het begrotingsjaar 2018 hebben geresulteerd in een uitvoeringspercentage van de begroting van 99,98 %, hetgeen neerkomt op een stijging van 0,01 % ten opzichte van het jaar 2017; merkt daarnaast op dat het uitvoeringspercentage van de betalingskredieten 88,56 % bedroeg, een lichte stijging met 0,37 % ten opzichte van 2017;

Prestaties

2. stelt vast dat het Agentschap bepaalde kernprestatie-indicatoren (KPI’S) hanteert om de toegevoegde waarde van zijn activiteiten te meten en zijn begrotingsbeheer te verbeteren, met meer kwalitatieve indicatoren voor de beoordeling van de verwezenlijking van zijn operationele doelstellingen en meer kwantitatieve indicatoren voor zijn administratieve doelstellingen; merkt op dat het Agentschap, om beter te kunnen voldoen aan de verwachtingen van zijn belanghebbenden, zijn rapportagepakket versterkt door zijn kwalitatieve en kwantitatieve KPI’s zodanig aan te passen dat een meer efficiënte meting van de effecten van zijn activiteiten plaatsvindt;

3. verzoekt het Agentschap meer maatregelen te treffen om de beveiligingsgebreken van 5G te verhelpen en op een zo groot mogelijke schaal over het onderwerp te communiceren zodat de bestaande technische oplossingen door de sector worden toegepast;

4. betreurt het dat naar aanleiding van de studie inzake de externe evaluatie van de prestaties van het Agentschap in de periode 2013-2016 die in 2017 namens de Commissie is uitgevoerd, geen actieplan is geformaliseerd; merkt evenwel op dat relevante aanbevelingen zijn uitgevoerd en dat een door de dienst Interne Audit uitgevoerde interne controle overlappende aanbevelingen heeft gedaan in verband waarmee overeenstemming is bereikt over een formeel corrigerend actieplan;

5. spoort het Agentschap ertoe aan zijn diensten verder te digitaliseren;

6. verzoekt de Commissie een haalbaarheidsstudie uit te voeren om de mogelijkheid te onderzoeken of synergieën kunnen worden bereikt met het Cedefop dat zijn hoofdkantoor heeft in Thessaloniki; verzoekt de Commissie om beide scenario's te beoordelen, namelijk de verplaatsing van het Agentschap naar het hoofdkantoor van Cedefop in Thessaloniki, en de verplaatsing van het hoofdkantoor van het Agentschap naar het hoofdkantoor van het Agentschap in Heraklion; merkt op dat de verplaatsing van het Agentschap naar het hoofdkantoor van het Cedefop ertoe zou leiden dat beide agentschappen zakelijke en ondersteunende diensten, het beheer van gemeenschappelijke gebouwen, ICT- en telecommunicatiesystemen en internetinfrastructuur delen, waardoor enorm veel geld zou worden bespaard, wat vervolgens gebruikt zal worden voor de verdere financiering van beide agentschappen;

Personeelsbeleid

7. stelt met bezorgdheid vast dat de personeelsformatie op 31 december 2018 slechts voor 93,62 % ingevuld was, aangezien 44 tijdelijke functionarissen werden aangesteld van de 47 tijdelijke functionarissen die in het kader van de begroting van de Unie waren toegestaan (tegenover 48 toegestane posten in 2017); stelt vast dat er in 2018 bovendien 27 contractanten en drie gedetacheerde nationale deskundigen voor het Agentschap werkten;

8. merkt op dat het Agentschap in 2015 van plan was om administratieve medewerkers naar Athene over te plaatsen, terwijl in Verordening (EU) nr. 526/2013[17] is bepaald dat dergelijke personeelsleden in Heraklion moeten zijn gevestigd, en dat het waarschijnlijk is dat de kosten verder kunnen worden verlaagd als alle personeelsleden op één centrale locatie zouden worden ondergebracht; merkt op dat momenteel slechts zeven personeelsleden in de gebouwen in Heraklion werken; stelt vast dat het Agentschap de relevantie van de faciliteiten nader zal onderzoeken in overeenstemming met de huidige zetelovereenkomst en de programma’s die in die faciliteiten zijn ontwikkeld;

9. stelt met bezorgdheid vast dat het Agentschap moeilijkheden heeft om goed opgeleid personeel aan te werven, aan te trekken en vast te houden, hoofdzakelijk als gevolg van het soort functies dat wordt aangeboden (arbeidscontractanten) en de lage aanpassingscoëfficiënten die van toepassing zijn op de salarissen van de werknemers van het Agentschap in Griekenland; stelt echter met voldoening vast dat het Agentschap een aantal sociale maatregelen ten uitvoer heeft gelegd om zijn aantrekkelijkheid te vergroten;

10. merkt op dat het Agentschap niet beschikt over de nodige kredieten om alle vacatures in alle EU-talen bekend te maken, zoals voorgeschreven door EPSO; merkt echter op dat het Agentschap, net als andere gedecentraliseerde agentschappen van de Unie, vacatures publiceert op verschillende websites en in publicaties in de hele Unie en ook op de website van het netwerk van EU-agentschappen;

11. merkt op dat het proces voor overdracht aan nieuwe personeelsleden momenteel wordt herzien om in de toekomst de kennisoverdracht aan nieuwe personeelsleden beter te laten verlopen en dat dit proces wordt beschouwd als onderdeel van het beleid inzake gevoelige posten; verzoekt het Agentschap om de kwijtingsautoriteit van de afronding van de herziening in kennis te stellen;

12. stelt met bezorgdheid vast dat voor 2018 een ongelijke genderverhouding tussen mannen en vrouwen is gerapporteerd met betrekking tot de hogere managers (8 mannen en 2 vrouwen) en de leden van de raad van bestuur (25 mannen en 5 vrouwen);

Preventie van en omgang met belangenconflicten en transparantie

13. wijst op de bestaande maatregelen en de niet-aflatende inspanningen van het Agentschap om te zorgen voor transparantie, preventie en beheer van belangenconflicten en merkt op dat de cv’s van de leden van de raad van bestuur en hun verklaringen over belangenconflicten thans op de website van het Agentschap worden gepubliceerd; wijst erop dat het Agentschap op zijn website geen belangenverklaringen van het hogere management publiceert; verzoekt het Agentschap nogmaals de cv's van alle leden van de raad van bestuur en de belangenverklaringen van het hogere management te publiceren, en aan de kwijtingsautoriteit verslag uit te brengen over de in dit verband genomen maatregelen;

Internebeheersingsmaatregelen

14.  neemt met bezorgdheid kennis van de opmerking van de Rekenkamer dat het Agentschap geen beleid heeft inzake gevoelige posten in het kader waarvan gevoelige functies worden vastgesteld, actueel worden gehouden en passende maatregelen worden vastgesteld om de risico’s van gevestigde belangen te beperken; verzoekt het Agentschap dit beleid onverwijld vast te stellen en ten uitvoer te leggen;

15. merkt op dat in 2018 de dienst Interne Audit van de Commissie een controleverslag heeft uitgebracht over de betrokkenheid van belanghebbenden bij de totstandbrenging van te leveren prestaties bij Enisa, en dat het Agentschap een actieplan opstelt om terreinen die voor verbetering vatbaar zijn, aan te pakken;

Overige opmerkingen

16. stelt vast dat de gevolgen van het besluit van het Verenigd Koninkrijk om zich uit de Unie terug te trekken voor de activiteiten en de administratie van het Agentschap zeer beperkt zijn; merkt echter op dat het Agentschap zijn interne procedures heeft herzien om eventuele risico’s te beperken die verband houden met de mogelijkheid van de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Unie, maar dat deze risico’s niet als kritiek maar eerder als zeer beperkt worden ingeschat;

17. betreurt het dat het Agentschap nog steeds geen strategie heeft geformaliseerd om een milieuvriendelijke werkplek te waarborgen; verzoekt het Agentschap dit met spoed te doen;

18. vraagt het Agentschap zich te richten op de verspreiding van de resultaten van zijn onderzoek onder het publiek, en contact te leggen met het publiek via sociale en andere media;

o

o  o

19. verwijst voor andere, horizontale opmerkingen bij zijn kwijtingsbesluit naar zijn resolutie van … maart 2020[18] over de prestaties en het financiële beheer van en het toezicht op de agentschappen.

 


INFORMATIE OVER DE GOEDKEURING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

19.2.2020

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

20

2

0

Bij de eindstemming aanwezige leden

Matteo Adinolfi, Olivier Chastel, Caterina Chinnici, Lefteris Christoforou, Luke Ming Flanagan, Daniel Freund, Isabel García Muñoz, Cristian Ghinea, Monika Hohlmeier, Jean-François Jalkh, Joachim Kuhs, Sabrina Pignedoli, Michèle Rivasi, Angelika Winzig, Lara Wolters, Tomáš Zdechovský

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Maria Grapini, David Lega, Mikuláš Peksa, Ramona Strugariu

Bij de eindstemming aanwezige plaatsvervangers (art. 209, lid 7)

Peter Pollák, József Szájer

 


HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

20

+

GUE/NGL

Luke Ming Flanagan

ID

Jean-François Jalkh

NI

Sabrina Pignedoli

PPE

Lefteris Christoforou, Monika Hohlmeier, David Lega, Peter Pollák, József Szájer, Angelika Winzig, Tomáš Zdechovský

RENEW

Olivier Chastel, Cristian Ghinea, Ramona Strugariu

S&D

Caterina Chinnici, Isabel García Muñoz, Maria Grapini, Lara Wolters

VERTS/ALE

Daniel Freund, Mikuláš Peksa, Michèle Rivasi

 

2

-

ID

Matteo Adinolfi, Joachim Kuhs

 

0

0

 

 

 

 

 

Verklaring van de gebruikte tekens:

+ : voor

- : tegen

0 : onthoudingen

 

[1] PB C 417 van 11.12.2019, blz. 1.

[2] PB C 417 van 14.10.2016, blz. 34.

[3] PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.

[4] PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1.

[5] PB L 165 van 18.6.2013, blz. 41.

[6] PB L 151 van 7.6.2019, blz. 15.

[7] PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.

[8] PB C 417 van 11.12.2019, blz. 1.

[9] PB C 417 van 11.12.2019, blz. 34.

[10] PB L 298 van 26.10.2012, blz. 1.

[11] PB L 193 van 30.7.2018, blz. 1.

[12] PB L 165 van 18.6.2013, blz. 41.

[13] PB L 151 van 7.6.2019, blz. 15.

[14] PB L 328 van 7.12.2013, blz. 42.

[15] PB C 120/42 van 29.3.2019, blz. 207.

[16] PB C 120/42 van 29.3.2019, blz. 206.

[17] Verordening (EU) nr. 526/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 inzake het Agentschap van de Europese Unie voor netwerk- en informatiebeveiliging (Enisa) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 460/2004 (PB L 165 van 18.6.2013, blz. 41).

[18] Aangenomen teksten van die datum, P9_TA(2020)0000.

Laatst bijgewerkt op: 18 maart 2020Juridische mededeling - Privacybeleid