<Date>{06/07/2020}6.7.2020</Date>
<NoDocSe>A9-0133/2020</NoDocSe>
PDF 238kWORD 82k

<TitreType>VERSLAG</TitreType>     <RefProcLect>***I</RefProcLect>

<Titre>over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EU) nr. 654/2014 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de uitoefening van de rechten van de Unie voor de toepassing en handhaving van de internationale handelsregels</Titre>

<DocRef>(COM(2019)0623 – C9-0197/2019 – 2019/0273(COD))</DocRef>


<Commission>{INTA}Commissie internationale handel</Commission>

Rapporteur: <Depute>Marie-Pierre Vedrenne</Depute>

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 PROCEDURE VAN DE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EU) nr. 654/2014 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de uitoefening van de rechten van de Unie voor de toepassing en handhaving van de internationale handelsregels

(COM(2019)0623 – C9-0197/2019 – 2019/0273(COD))

(Gewone wetgevingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

 gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2019)0623),

 gezien artikel 294, lid 2, en artikel 207 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C9-0197/2019),

 gezien artikel 294, lid 3, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

 gezien advies 2/15 van het Europees Hof van Justitie[1],

 gezien zijn resolutie over de crisis van de WTO-Beroepsinstantie van 28 november 2019[2],

 gezien artikel 59 van zijn Reglement,

 gezien het verslag van de Commissie internationale handel (A9-0133/2020),

1. stelt onderstaand standpunt in eerste lezing vast;

2. verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie alsmede aan de nationale parlementen.

<RepeatBlock-Amend><AmendA>Amendement  <NumAmA>1</NumAmA>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Visum 1 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

- gezien advies 2/15 van het Europees Hof van Justitie,

</AmendA><AmendB>Amendement  <NumAmB>2</NumAmB>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 1 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 bis) Advies 2/15 van het Hof van Justitie van de Europese Unie1bis verschafte duidelijkheid in de kwestie van de bevoegdheden in het kader van brede handelsovereenkomsten. In dit advies wordt onder andere verduidelijkt dat de bepalingen in de hoofdstukken over handel en duurzame ontwikkeling onder de exclusieve bevoegdheid van de Unie vallen en dat het doel van duurzame ontwikkeling integraal deel uitmaakt van het gemeenschappelijk handelsbeleid.

 

__________________

 

1 bis ECLI:EU:C:2017:376.

</AmendB>

<AmendB>Amendement  <NumAmB>3</NumAmB>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 2 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 bis) De verordening dient de coherente toepassing te waarborgen van het handhavingsmechanisme in het geval van handelsgeschillen in verband met internationale handelsovereenkomsten, met inbegrip van regionale of bilaterale overeenkomsten. Geschillenbeslechtingsbepalingen, met inbegrip van die in regionale of bilaterale handelsovereenkomsten, zijn mogelijkerwijs niet specifiek of expliciet genoeg om geschillen in het geval van een duidelijke inbreuk op de verplichtingen uit hoofde van handelsovereenkomsten doeltreffend op te lossen. Het toekomstige wetgevingsvoorstel van de Commissie voor de herziening van Verordening (EU) nr. 654/2014 dient aan een volledige effectbeoordeling te worden onderworpen. De Commissie dient voorstellen in te dienen voor het versterken van de handhaving van toezeggingen op het gebied van duurzame ontwikkeling.

</AmendB><AmendB>Amendement  <NumAmB>4</NumAmB>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 4 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(4 bis) De Unie houdt vast aan de voorrang van het internationaal handelsrecht, zoals dat door de WTO wordt beheerd en gehandhaafd uit hoofde van artikel 23 van de WTO-overeenkomst, en zal meewerken aan alle inspanningen om het geschillenbeslechtingsmechanisme van de WTO te hervormen teneinde te zorgen voor de goede werking van de WTO-Beroepsinstantie.

</AmendB>

<AmendB>Amendement  <NumAmB>5</NumAmB>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 4 ter (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(4 ter) Op ... [één jaar na de inwerkingtreding van deze verordening] dient de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad verslag uit te brengen over de ontwikkelingen in de praktijk van de beslechting van internationale handelsgeschillen en over haar activiteiten inzake de hervorming van de WTO-Beroepsinstantie.

</AmendB>

<AmendB>Amendement  <NumAmB>6</NumAmB>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 5 ter (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(5 ter) De Unie blijft zich inzetten voor een multilaterale benadering van de internationale geschillenbeslechting, voor op regels gebaseerde handel en internationale samenwerking om de doelstellingen voor duurzame ontwikkeling van de Verenigde Naties te verwezenlijken.

</AmendB>

<Amend>Amendement  <NumAm>7</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 7 bis (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(7 bis)  Diensten en intellectuele-eigendomsrechten vormen een belangrijk en steeds groter wordend onderdeel van de wereldhandel en vallen onder internationale handelsovereenkomsten, met inbegrip van regionale en bilaterale overeenkomsten van de EU.
Diensten en intellectuele-eigendomsrechten moeten derhalve worden opgenomen in het toepassingsgebied van het handelsbeleid van de Unie, dat zich vooralsnog beperkt tot goederen en overheidsopdrachten. Met de bedoelde opname wordt beoogd Verordening (EU) nr. 654/2014 samenhangender en doeltreffender te maken.

<TitreJust>Motivering</TitreJust>

Verordening (EU) nr. 654/2014 voorziet momenteel alleen in bepaalde maatregelen ten aanzien van goederen en overheidsopdrachten.

Maatregelen ten aanzien van andere gebieden, bijvoorbeeld diensten en intellectuele-eigendomsrechten, zijn niet mogelijk.

</Amend><Amend>Amendement  <NumAm>8</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 7 ter (nieuw)</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(7 ter)  Gezien het feit dat de spanningen op handelsgebied in de wereld toenemen en tegen de achtergrond van de crisis die de WTO doormaakt, moet de Unie ervoor zorgen dat ze snel kan reageren wanneer ze met unilaterale en onrechtmatige maatregelen wordt geconfronteerd. De Unie dient derhalve in staat te zijn maatregelen op te leggen in het geval van een duidelijke inbreuk op het internationale recht of van een duidelijke schending van handelsverpichtingen ten opzichte van de Unie door een derde land die de handelsbelangen van de Unie bedreigt of uitholt, of de strategische autonomie van de Unie in gevaar brengt, op voorwaarde dat de Unie de onrechtmatige maatregelen in kwestie bij de WTO of een bevoegd geschillenbeslechtingsorgaan op passende wijze heeft aangevochten.

<TitreJust>Motivering</TitreJust>

De Unie moet meer mogelijkheden krijgen om te reageren op het moment dat ze met onrechtmatige maatregelen wordt geconfronteerd die haar handelsbelangen schade toebrengen. De wijzigingen beogen het ontmoedigende karakter van de verordening te versterken door de Unie instrumenten te geven om onmiddellijk te reageren op het moment dat haar belangen worden geschaad. Er zij op gewezen dat (evenredige) maatregelen altijd pas moeten worden overwogen wanneer alle andere middelen hebben gefaald.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>9</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Overweging 9</Article>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

(9)  Tot slot moet de evaluatieclausule van Verordening (EU) nr. 654/2014 met nog een periode van vijf jaar worden verlengd en moet deze de toepassing van de voorgestelde wijziging omvatten.

(9)  Tot slot moet de evaluatieclausule van Verordening (EU) nr. 654/2014 ook de toepassing van de voorgestelde wijziging omvatten.

<TitreJust>Motivering</TitreJust>

De door de Commissie voorgestelde datum, 1 maart 2025, is te ver weg in tijd. De verordening moet in een eerder stadium, gedurende de huidige zittingsperiode van het Parlement, geëvalueerd kunnen worden, teneinde vast te stellen hoe de toepassing ervan verloopt en welke wijzigingen eventueel moeten worden doorgevoerd.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>10</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt -1 (nieuw)</Article>

<DocAmend2>Verordening (EU) nr. 654/2014</DocAmend2>

<Article2>Artikel 1 – lid 1 – letter b</Article2>

 

Bestaande tekst

Amendement

 

(-1)  In artikel 1 wordt punt b) vervangen door:

b)  het evenwicht van concessies of andere verplichtingen te herstellen in handelsbetrekkingen met derde landen, wanneer de behandeling van goederen uit de Unie zodanig wordt gewijzigd dat het de belangen van de Unie raakt.

b)  het evenwicht van concessies of andere verplichtingen te herstellen in handelsbetrekkingen met derde landen, wanneer de behandeling van goederen of diensten uit de Unie zodanig wordt gewijzigd dat het de belangen van de Unie raakt.

<TitreJust>Motivering</TitreJust>

 Er moet worden gepreciseerd dat de behandeling van diensten ook kan worden gewijzigd.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>11</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt -1 bis (nieuw)</Article>

<DocAmend2>Verordening (EU) nr. 654/2014</DocAmend2>

<Article2>Artikel 2 – alinea 1 – letter b</Article2>

 

Bestaande tekst

Amendement

 

-1 bis) In artikel 2 wordt punt b) vervangen door:

b)  “concessies of andere verplichtingen”: tariefconcessies of enige andere voordelen tot de toepassing waarvan de Unie de verbintenis is aangegaan in haar handel met derde landen in het kader van internationale handelsovereenkomsten waarbij zij partij is;

b)  “concessies of andere verplichtingen”: tariefconcessies, verbintenissen op het gebied van diensten, verplichtingen ten aanzien van die aspecten van de intellectuele eigendom die op handel betrekking hebben of enige andere voordelen tot de toepassing waarvan de Unie de verbintenis is aangegaan in haar handel met derde landen in het kader van internationale handelsovereenkomsten waarbij zij partij is;

<TitreJust>Motivering</TitreJust>

De opname van diensten en intellectuele-eigendomsrechten in het instrumentarium van het handelsbeleid van de Unie versterkt de geloofwaardigheid en het ontmoedigende karakter van de verordening. Daarom is het noodzakelijk om de definitie te wijzigen.

</Amend>

<AmendB>Amendement  <NumAmB>12</NumAmB>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 1 – letter b</Article>

<DocAmend2>Verordening (EU) nr. 654/2014</DocAmend2>

<Article2>Artikel 3 – lid 1 – letter b bis</Article2>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

“b bis) in handelsgeschillen over andere internationale handelsovereenkomsten, met inbegrip van regionale of bilaterale overeenkomsten, indien een uitspraak niet mogelijk is omdat het derde land niet de stappen onderneemt die nodig zijn om een geschillenbeslechtingsprocedure te laten functioneren;”

“b bis) in handelsgeschillen over andere internationale handelsovereenkomsten, met inbegrip van regionale of bilaterale overeenkomsten, indien een uitspraak niet mogelijk is omdat het derde land de behandeling vertraagt of niet de stappen onderneemt die nodig zijn om een geschillenbeslechtingsprocedure te laten functioneren;”

</AmendB>

<Amend>Amendement  <NumAm>13</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 1 bis (nieuw)</Article>

<DocAmend2>Verordening (EU) nr. 654/2014</DocAmend2>

<Article2>Artikel 3 – lid 1 – letter d</Article2>

 

Bestaande tekst

Amendement

 

(1 bis)   in artikel 3 wordt punt d) vervangen door:

d)  in geval van wijzigingen van concessies door een WTO-lid overeenkomstig artikel XXVIII van de GATT 1994, wanneer geen overeenstemming over een compenserende regeling is bereikt.

d)  in geval van wijzigingen van concessies of verbintenissen door een WTO-lid overeenkomstig artikel XXVIII van de GATT 1994 of artikel XXI van de GATS, wanneer geen overeenstemming over een compenserende regeling is bereikt.

<TitreJust>Motivering</TitreJust>

Er moet worden verduidelijkt dat het ook om wijzigingen van concessies of verbintenissen op het gebied van diensten kan gaan.

</Amend><Amend>Amendement  <NumAm>14</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 1 ter (nieuw)</Article>

<DocAmend2>Verordening (EU) nr. 654/2014</DocAmend2>

<Article2>Artikel 3 – lid 1 – letter d bis (nieuw)</Article2>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(1 ter)  Aan artikel 3 wordt het volgende punt toegevoegd:

 

d bis)  in geval van vaststelling door een derde land van handelspolitieke maatregelen die de handelsbelangen van de Unie bedreigen of uithollen, of de strategische autonomie van de Unie in gevaar brengen, en een duidelijke inbreuk vormen op het internationale recht of een duidelijke schending van zijn handelsverplichtingen ten opzichte van de Unie, op voorwaarde dat de Unie deze maatregelen bij de WTO of een bevoegd geschillenbeslechtingsorgaan op passende wijze heeft aangevochten.

<TitreJust>Motivering</TitreJust>

De Unie moet haar instrumentarium versterken om te kunnen reageren op alle door derde landen genomen unilaterale en onrechtmatige maatregelen die schade toebrengen aan haar belangen. De Unie moet de mogelijkheid hebben om de in artikel 5 bedoelde handelspolitieke maatregelen te nemen in geval een derde land het internationaal recht duidelijk schendt en schade toebrengt aan de belangen van de Unie. De bedoelde maatregelen hebben een tijdelijk karakter en zijn gericht op het beschermen van de rechten van de Unie.

</Amend><Amend>Amendement  <NumAm>15</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 2</Article>

<DocAmend2>Verordening (EU) nr. 654/2014</DocAmend2>

<Article2>Artikel 4 – lid 2 – letter b bis</Article2>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b bis)  wanneer maatregelen worden genomen om de handel met een derde land te beperken in situaties als bedoeld in artikel 3, punt a bis) of artikel 3, punt b bis), worden deze maatregelen afgestemd op de mate waarin de handelsbelangen van de Unie als gevolg van de maatregelen van dat derde land worden tenietgedaan of uitgehold;”

b bis)  wanneer maatregelen worden genomen om de handel met een derde land te beperken in situaties als bedoeld in artikel 3, punt a bis), artikel 3, punt b bis), of artikel 3, punt e), worden deze maatregelen afgestemd op de mate waarin de handelsbelangen van de Unie als gevolg van de maatregelen van dat derde land worden tenietgedaan of uitgehold en bieden zij zoveel mogelijk bijstand aan de getroffen sectoren van de Unie;

<TitreJust>Motivering</TitreJust>

De maatregelen moeten gericht en evenredig zijn, en er moeten pas maatregelen worden opgelegd wanneer alle andere middelen hebben gefaald.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>16</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 2 bis (nieuw)</Article>

<DocAmend2>Verordening (EU) nr. 654/2014</DocAmend2>

<Article2>Artikel 4 – lid 2 – letter d</Article2>

 

Bestaande tekst

Amendement

 

(2 bis)  Artikel 4, lid 2, onder a), wordt vervangen door:

d)  indien concessies worden ingetrokken in de handel met een derde land in verband met artikel XXVIII van de GATT 1994 en het gerelateerde memorandum 5 zijn zij in wezen gelijkwaardig aan de door dat derde land gewijzigde of ingetrokken concessies, overeenkomstig artikel XXVIII van de GATT 1994 en het gerelateerde memorandum.

d)  indien concessies of verbintenissen worden gewijzigd of ingetrokken in de handel met een derde land in verband met artikel XXVIII van de GATT 1994 en het gerelateerde memorandum 5, of artikel XXI van de GATS en de toepassingsbepalingen daarvan, zijn zij in wezen gelijkwaardig aan de door dat derde land gewijzigde of ingetrokken concessies of verbintenissen, overeenkomstig artikel XXVIII van de GATT 1994 en het gerelateerde memorandum, of artikel XXI van de GATS en gerelateerde toepassingsbepalingen.

_______________

_____________

5 Understanding “Interpretation and Application of Article XXVIII”.

5 Understanding “Interpretation and Application of Article XXVIII”.

<TitreJust>Motivering</TitreJust>

Er moet worden verduidelijkt dat het ook om wijzigingen van concessies of verbintenissen op het gebied van diensten kan gaan.

</Amend><AmendB>Amendement  <NumAmB>17</NumAmB>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 2 ter (nieuw)</Article>

<DocAmend2>Verordening (EU) nr. 654/2014</DocAmend2>

<Article2>Artikel 4 bis (nieuw)</Article2>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 ter) het volgende artikel wordt ingevoegd:

 

Artikel 4 bis

 

Verzoek van het Europees Parlement en de Raad

 

1.  Het Europees Parlement en/of de Raad kan/kunnen de Commissie verzoeken passende stappen vast te stellen of te nemen om de in artikel 4 bedoelde uitvoeringshandelingen vast te stellen.

 

2.  Wanneer het Europees Parlement en/of de Raad besluit/besluiten gebruik te maken van de in lid 1 bedoelde mogelijkheid, dan voorziet hij/voorzien zij de Commissie van bewijzen van in artikel 3 bedoelde gevallen waarin de handelsbelangen van de Unie zijn tenietgedaan of uitgehold.

 

3.  Na ontvangst van een verzoek informeert de Commissie het Europees Parlement en de Raad onverwijld over de wijze waarop zij aan het verzoek gevolg denkt te geven.

</AmendB>

 

<Amend>Amendement  <NumAm>18</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 2 quater (nieuw)</Article>

<DocAmend2>Verordening (EU) nr. 654/2014</DocAmend2>

<Article2>Artikel 5 – lid 1 – letter b bis (nieuw)</Article2>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 quater)  In artikel 5, lid 1, wordt het volgende punt toegevoegd:

 

b bis)  de opschorting van verbintenissen of andere verplichtingen op het gebied van diensten;

<TitreJust>Motivering</TitreJust>

De opname van diensten in het instrumentarium van het handelsbeleid van de Unie versterkt de geloofwaardigheid en het ontmoedigende karakter van de verordening.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>19</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 2 quinquies (nieuw)</Article>

<DocAmend2>Verordening (EU) nr. 654/2014</DocAmend2>

<Article2>Artikel 5 – lid 1 – letter b ter (nieuw)</Article2>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

 

(2 quinquies)  In artikel 5, lid 1, wordt het volgende punt toegevoegd:

 

b ter)  de opschorting van verplichtingen ten aanzien van die aspecten van intellectuele-eigendomsrechten die verband houden met handel;

<TitreJust>Motivering</TitreJust>

De opname van intellectuele-eigendomsrechten in het instrumentarium van het handelsbeleid van de Unie versterkt de geloofwaardigheid en het ontmoedigende karakter van de verordening.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>20</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 2 sexies (nieuw)</Article>

<DocAmend2>Verordening (EU) nr. 654/2014</DocAmend2>

<Article2>Artikel 7 – lid 2 – letter c</Article2>

 

Bestaande tekst

Amendement

 

(2 sexies)  Artikel 7, lid 2, eerste alinea, onder c), wordt vervangen door:

c)  bij wijzigingen van concessies door een WTO-lid overeenkomstig artikel XXVIII van de GATT 1994, wanneer het betrokken derde land de Unie na de vaststelling van een uitvoeringshandeling krachtens artikel 4, lid 1, adequate en evenredige compensatie biedt.

c)  bij intrekkingen of wijzigingen van concessies of verbintenissen door een WTO-lid overeenkomstig artikel XXVIII van de GATT 1994, of artikel XXI van de GATS, wanneer het betrokken derde land de Unie na de vaststelling van een uitvoeringshandeling krachtens artikel 4, lid 1, adequate en evenredige compensatie biedt.

<TitreJust>Motivering</TitreJust>

Er moet worden verduidelijkt dat het ook om wijzigingen van concessies of verbintenissen op het gebied van diensten kan gaan.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>21</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 2 septies (nieuw)</Article>

<DocAmend2>Verordening (EU) nr. 654/2014</DocAmend2>

<Article2>Artikel 9 – lid 1</Article2>

 

Bestaande tekst

Amendement

 

(2 septies) In artikel 9 wordt lid 2 vervangen door:

1. De Commissie wint informatie en standpunten in over de economische belangen van de Unie in specifieke goederen of diensten of in specifieke sectoren, in toepassing van deze verordening, door middel van een bericht in het Publicatieblad van de Europese Unie of door middel van andere geschikte openbare communicatiemiddelen, en geeft aan binnen welke termijn inbreng wordt verwacht. De Commissie houdt rekening met deze inbreng.

1. De Commissie wint informatie en standpunten in over de economische belangen van de Unie in specifieke goederen of diensten of in specifieke sectoren, of over intellectuele-eigendomsrechten, in toepassing van deze verordening, door middel van een bericht in het Publicatieblad van de Europese Unie of door middel van andere geschikte openbare communicatiemiddelen, en geeft aan binnen welke termijn inbreng wordt verwacht. De Commissie houdt rekening met deze inbreng.

<TitreJust>Motivering</TitreJust>

Er moet ook informatie worden ingewonnen over intellectuele-eigendomsrechten.</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>22</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 3 – letter a</Article>

<DocAmend2>Verordening (EU) nr. 654/2014</DocAmend2>

<Article2>Artikel 10 – alinea 1</Article2>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

Uiterlijk op 1 maart 2025 evalueert de Commissie het toepassingsgebied van deze verordening, met name rekening houdend met de wijzigingen in het toepassingsgebied met ingang van [datum van inwerkingtreding van deze wijzigingsverordening], de handelspolitieke maatregelen die kunnen worden vastgesteld, alsmede de uitvoering ervan, en brengt zij hierover verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad.

Bij de vroegst mogelijke gelegenheid na ... [datum van inwerkingtreding van deze gewijzigde verordening], maar niet later dan twee jaar na die datum, evalueert de Commissie het toepassingsgebied van deze verordening, met name rekening houdend met de handelspolitieke maatregelen die kunnen worden vastgesteld, alsmede de uitvoering van de verordening, en brengt zij hierover verslag uit aan het Europees Parlement en de Raad. Deze evaluatie omvat tevens de indiening van voorstellen voor het versterken van de handhaving van toezeggingen op het gebied van duurzame ontwikkeling.

<TitreJust>Motivering</TitreJust>

De door de Commissie voorgestelde datum is te ver weg in tijd. De verordening moet eerder, gedurende de huidige zittingsperiode van het Parlement, kunnen worden geëvalueerd.

</Amend>

<Amend>Amendement  <NumAm>23</NumAm>

<DocAmend>Voorstel voor een verordening</DocAmend>

<Article>Artikel 1 – alinea 1 – punt 3 – letter b</Article>

<DocAmend2>Verordening (EU) nr. 654/2014</DocAmend2>

<Article2>Artikel 10 – lid 2</Article2>

 

Door de Commissie voorgestelde tekst

Amendement

b) lid 2 wordt als volgt gewijzigd:

Schrappen

i) in lid 2, eerste alinea, wordt de eerste zin vervangen door: “Bij de toepassing van lid 1 verricht de Commissie een evaluatie om te bepalen of in het kader van deze verordening bijkomende handelspolitieke maatregelen kunnen worden overwogen waarbij concessies of andere verplichtingen op het gebied van de handel in diensten worden opgeschort.”

 

ii) de tweede alinea wordt geschrapt.

 

<TitreJust>Motivering</TitreJust>

Dit lid kan worden geschrapt aangezien het toepassingsgebied van de handelspolitieke maatregelen middels wijzigingen van de tekst van de verordening is uitgebreid.

</Amend>

</RepeatBlock-Amend>

 


TOELICHTING

Context van het voorstel van de Europese Commissie

Verordening (EU) nr. 654/2014 van het Europees Parlement en de Raad biedt de Europese Unie (EU) een horizontaal wetgevingskader voor de uitoefening van haar rechten die voortvloeien uit de overeenkomst houdende oprichting van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) en andere internationale handelsovereenkomsten. In een mondiale context waarin het treffen van vergeldingsmaatregelen toeneemt, is het belangrijk de uitoefening van de handelsrechten van de Unie te versterken, haar geloofwaardigheid te vergroten en, uiteindelijk, onze handelspartners ertoe bewegen de in handelsovereenkomsten vastgestelde regels na te leven.

 

De recente ontwikkelingen binnen de WTO en het feit dat het beroeporgaan van haar mechanisme voor geschilbeslechting geblokkeerd is, dwingen de Unie tot wijziging van Verordening (EU) nr. 654/2014. De Unie moet bijvoorbeeld haar belangen in het kader van internationale handelsovereenkomsten kunnen beschermen in situaties waarin derde landen onrechtmatige maatregelen vaststellen en tegelijkertijd een geschillenbeslechtingsprocedure blokkeren. De verordening is oorspronkelijk niet ontworpen om dergelijke situaties aan te pakken, maar de huidige situatie, te weten de blokkering van het beroeporgaan van het mechanisme voor geschilbeslechting van de WTO, maakt dat de Unie zo snel mogelijk actie moet ondernemen voor het beschermen van haar belangen.

 

Op 12 december 2019, de dag na de datum waarop het beroeporgaan van de WTO ophield te functioneren, heeft de Commissie een nieuw voorstel gepresenteerd, houdende wijziging van de oorspronkelijke verordening. Het nieuwe voorstel van de Commissie beoogt voornamelijk iets te doen aan situaties waarin het geschilbeslechtingsorgaan van de WTO een voor de Unie gunstige uitspraak heeft gedaan, maar het proces daarna geblokkeerd is. De blokkering is het gevolg van het beroep “in het luchtledige” tegen de uitspraak door de wederpartij en zijn weigering om gebruik te maken van de tijdelijke regeling inzake beroep en arbitrage als bedoeld in artikel 25 van het Memorandum of Understanding van de WTO inzake geschilbeslechting. In dat geval leidt het mechanisme voor het beslechten van geschillen niet tot een resultaat met een bindend karakter en het voorstel van de Commissie biedt de Unie dan de mogelijkheid de noodzakelijke maatregelen te nemen wanneer zij een recht van handelen heeft in reactie op een maatregel die door een derde land is genomen.

 

Het voorstel van de Commissie heeft ook betrekking op vergelijkbare gevallen die zich in het kader van andere internationale handelsovereenkomsten, in het bijzonder met een regionaal of bilateraal karakter, zouden kunnen voordoen wanneer een derde land onvoldoende meewerkt aan een goede werking van de geschilbeslechting, bijvoorbeeld wanneer het geen arbiter aanwijst en er niet in een noodarbitragemechanisme voorzien is op grond waarvan de procedure toch door zou kunnen gaan. 

 

Standpunt van de rapporteur

Rapporteur steunt het voorstel van de Commissie en vindt ook dat de situatie urgent is, gezien de leemtes in de bestaande wetgeving. We moeten ervoor zorgen dat de Unie haar belangen in het kader van internationale handelsovereenkomsten kan beschermen in situaties waarin derde landen onrechtmatige maatregelen vaststellen en tegelijkertijd een geschillenbeslechtingsprocedure blokkeren. Verder is het essentieel dat wij nogmaals onze steun uitspreken voor het op regels stoelende systeem voor multilaterale handel. Rapporteur juicht in dit verband de op 27 maart 2020 door de EU en 15 andere leden van de WTO geïntroduceerde (en op 30 april 2020 in werking getreden) tijdelijke multipartijenregeling inzake beroep en arbitrage toe, die een oplossing biedt voor de tijdelijke blokkering van het beroeporgaan van de WTO in verband met handelsgeschillen.

 

 Opname van diensten en intellectuele-eigendomsrechten in het toepassingsgebied van handelspolitieke maatregelen (artikel 5)

Rapporteur is overigens ook van mening dat meerdere, reeds eerder door het Parlement - in concreto bij de vaststelling van Verordening (EU) nr. 654/2014 - naar voren gebrachte argumenten nog altijd relevant zijn en dringt dus aan op uitbreiding van het toepassingsgebied van de verordening. Meer in het bijzonder gaat het om de opname van diensten en intellectuele-eigendomsrechten in het handelspolitieke instrumentarium van de Unie.

 

Diensten en intellectuele-eigendomsrechten vormen een belangrijk en steeds groter wordend onderdeel van onze handelsbetrekking op mondiaal niveau en worden gereglementeerd middels door de Unie gesloten handelsovereenkomsten. De opname van diensten en intellectuele-eigendomsrechten vergroot de geloofwaardigheid en de ontmoedigende werking van de verordening doordat het laat zien dat de Unie in staat is haar handelsbelangen wereldwijd op doeltreffende wijze te beschermen. De opname is nodig om tot een samenhangend wetgevingskader inzake eerbiediging van de rechten van de Unie te komen, dat ervoor zorgt dat zij haar rechten kan beschermen door op het gebied van diensten en intellectuele-eigendomsrechten net zo snel en doeltreffend te handelen als op het gebied van goederen en overheidsopdrachten. Bovendien stelt de opname van handel en intellectuele-eigendomsrechten de Unie in staat heel precies en op evenwichtige wijze tegenmaatregelen te nemen op gebieden waar deze het meeste effect sorteren, in combinatie met minimalisering van de impact op de eigen belangen.

 

 Mogelijkheid om onmiddellijk maatregelen te nemen in geval een derde land unilateraal een maatregel vaststelt die een duidelijke inbreuk op het internationaal recht vormt en schade toebrengt aan de belangen van de Unie.

Met de voorgestelde wijzigingen van de verordening beoogt rapporteur de Unie ook meer mogelijkheden te geven om te reageren op het moment dat ze met illegale maatregelen wordt geconfronteerd. Gezien de huidige spanningen in de handelsbetrekkingen en de crisis in de WTO moet de Unie haar instrumentarium versterken om te kunnen reageren op alle door derde landen genomen unilaterale en onrechtmatige maatregelen die schade toebrengen aan haar belangen.

Dit betekent derhalve dat de Unie de mogelijkheid moet hebben om, parallel aan een verzoek om het starten van een geschilbeslechtingsprocedure, de in artikel 5 bedoelde handelspolitieke maatregelen te nemen in geval een derde land het internationaal recht duidelijk schendt en schade toebrengt aan de belangen van de Unie. Op die manier en dankzij deze voorlopige maatregelen wordt voorkomen dat de Unie en haar economische actoren met de onmiddellijke gevolgen van onrechtmatige maatregelen worden geconfronteerd zonder tegenmaatregelen te kunnen treffen omdat een uitspraak in het kader van het mechanisme voor geschilbeslechting nog maanden op zich laat wachten. De wijzigingen beogen het ontmoedigende karakter van de verordening te versterken door de Unie instrumenten te geven om onmiddellijk te reageren op het moment dat haar belangen worden geschaad. Rapporteur wijst met klem op het ontmoedigende karakter van de aanpassingen en geeft aan dat (evenredige) maatregelen altijd pas moeten worden overwogen wanneer alle andere middelen hebben gefaald.

 

 Vervroegde evaluatie van de verordening

Rapporteur stelt tot slot een wijziging voor van de datum waarop het nieuwe voorstel van de Commissie opnieuw moet worden geëvalueerd. De door de Commissie voorgestelde datum, 1 maart 2025, is te ver weg in tijd. De verordening moet in een eerder stadium, gedurende de huidige zittingsperiode van het Parlement, geëvalueerd kunnen worden, teneinde vast te stellen hoe de toepassing ervan verloopt en welke wijzigingen eventueel moeten worden doorgevoerd.


PROCEDURE VAN DE BEVOEGDE COMMISSIE

Titel

Uitoefening van de rechten van de Unie voor de toepassing en handhaving van internationale handelsregels

Document- en procedurenummers

COM(2019)0623 – C9-0197/2019 – 2019/0273(COD)

Datum indiening bij EP

12.12.2019

 

 

 

Bevoegde commissie

 Datum bekendmaking

INTA

19.12.2019

 

 

 

Rapporteurs

 Datum benoeming

Marie-Pierre Vedrenne

20.1.2020

 

 

 

Behandeling in de commissie

20.2.2020

28.5.2020

25.6.2020

 

Datum goedkeuring

6.7.2020

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

32

3

3

Bij de eindstemming aanwezige leden

Barry Andrews, Anna-Michelle Asimakopoulou, Tiziana Beghin, Geert Bourgeois, Saskia Bricmont, Jordi Cañas, Anna Cavazzini, Miroslav Číž, Arnaud Danjean, Paolo De Castro, Emmanouil Fragkos, Raphaël Glucksmann, Enikő Győri, Roman Haider, Christophe Hansen, Danuta Maria Hübner, Herve Juvin, Karin Karlsbro, Maximilian Krah, Danilo Oscar Lancini, Bernd Lange, Gabriel Mato, Emmanuel Maurel, Maxette Pirbakas, Samira Rafaela, Inma Rodríguez-Piñero, Massimiliano Salini, Helmut Scholz, Sven Simon, Mihai Tudose, Kathleen Van Brempt, Marie-Pierre Vedrenne, Jörgen Warborn, Iuliu Winkler

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Reinhard Bütikofer, Nicola Danti, Dino Giarrusso, Seán Kelly

Datum indiening

6.7.2020

 


HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

32

+

ECR

Geert Bourgeois, Emmanouil Fragkos

GUE

Emmanuel Maurel, Helmut Scholz

ID

Roman Haider, Maximilian Krah, Danilo Oscar Lancini

NI

Tiziana Beghin, Dino Giarrusso

PPE

Anna-Michelle Asimakopoulou, Arnaud Danjean, Enikő Győri, Christophe Hansen, Danuta Maria Hübner, Seán Kelly, Gabriel Mato, Massimiliano Salini, Sven Simon, Jörgen Warborn, Iuliu Winkler

Renew

Jordi Cañas, Nicola Danti, Karin Karlsbro, Samira Rafaela, Marie-Pierre Vedrenne

S&D

Paolo De Castro, Raphaël Glucksmann, Bernd Lange, Inma Rodríguez-Piñero, Mihai Tudose, Kathleen Van Brempt, Miroslav Číž

 

3

-

Verts/ALE

Saskia Bricmont, Reinhard Bütikofer, Anna Cavazzini

 

3

0

ID

Herve Juvin, Maxette Pirbakas

Renew

Barry Andrews

 

Verklaring van de gebruikte symbolen:

+ : voor

- : tegen

0 : onthouding

 

 

[1] ECLI:EU:C:2017:376.

[2] Aangenomen teksten, P9_TA(2019)0083.

Laatst bijgewerkt op: 21 juli 2020Juridische mededeling - Privacybeleid