Procedure : 2020/1996(BUD)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A9-0192/2020

Ingediende teksten :

A9-0192/2020

Debatten :

Stemmingen :

PV 20/10/2020 - 2

Aangenomen teksten :

P9_TA(2020)0269

<Date>{14/10/2020}14.10.2020</Date>
<NoDocSe>A9-0192/2020</NoDocSe>
PDF 193kWORD 62k

<TitreType>VERSLAG</TitreType>

<Titre>over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (aanvraag van Spanje – EGF/2020/001 ES/Galicia aanverwante sectoren van de scheepsbouw)</Titre>

<DocRef>(COM(2020)0485 – C9-0294/2020 – 2020/1996(BUD))</DocRef>


<Commission>{BUDG}Begrotingscommissie</Commission>

Rapporteur: <Depute>Valérie Hayer</Depute>

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD
 TOELICHTING
 BRIEF VAN DE COMMISSIE WERKGELEGENHEID EN SOCIALE ZAKEN
 BRIEF VAN DE COMMISSIE REGIONALE ONTWIKKELING
 INFORMATIE OVER DE GOEDKEURING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (aanvraag van Spanje – EGF/2020/001 ES/Galicia aanverwante sectoren van de scheepsbouw)

(COM(2020)0485 – C9-0294/2020 – 2020/1996(BUD))

Het Europees Parlement,

 gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2020)0485 – C9-0294/2020),

 gezien Verordening (EU) nr. 1309/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 betreffende het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (2014-2020) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1927/2006[1] (de “EFG-verordening”),

 gezien Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020[2], en met name artikel 12,

 gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer[3] (IIA van 2 december 2013), en met name punt 13,

 gezien de trialoogprocedure als bedoeld in punt 13 van het IIA van 2 december 2013,

 gezien de brieven van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken en van de Commissie regionale ontwikkeling,

 gezien het verslag van de Begrotingscommissie (A9-0192/2020),

A. overwegende dat de Unie wetgevings- en begrotingsinstrumenten in het leven heeft geroepen om extra steun te verlenen aan werknemers die de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen of de wereldwijde financiële en economische crisis ondervinden, en hen te helpen om op de arbeidsmarkt terug te keren; overwegende dat deze bijstand wordt verleend in de vorm van financiële steun aan de werknemers en aan de ondernemingen waarvoor zij hebben gewerkt;

B. overwegende dat Spanje aanvraag EGF/2020/001 ES/Galicia aanverwante sectoren van de scheepsbouw heeft ingediend voor een financiële bijdrage uit het EFG naar aanleiding van 960 ontslagen[4] in de economische sectoren die zijn ingedeeld in de NACE Rev. 2-afdelingen 24 (Vervaardiging van metalen in primaire vorm), 25 (Vervaardiging van producten van metaal, exclusief machines en apparaten), 30 (Vervaardiging van andere transportmiddelen), 32 (Overige industrie), 33 (Reparatie en installatie van machines en apparaten) en 43 (Gespecialiseerde bouwwerkzaamheden) in de regio van NUTS-niveau 2 Galicië (ES11) in Spanje;

C. overwegende dat de aanvraag stoelt op het subsidiabiliteitscriterium van artikel 4, lid 2, onder a), van de EFG-verordening, dat bepaalt dat een collectieve aanvraag door in één regio gelegen kmo’s betrekking kan hebben op kmo’s die actief zijn in verschillende NACE Rev. 2-afdelingen, op voorwaarde dat de kmo’s de belangrijkste of de enige soort bedrijven in die regio zijn;

D. overwegende dat kmo’s de ruggengraat van de economie van de regio vormen (meer dan 95 % van de ondernemingen in de regio in kwestie hebben minder dan 250 werknemers), en verder overwegende dat de 38 ondernemingen waar deze aanvraag betrekking op heeft kmo’s zijn; overwegende dat Galicië onderdeel uitmaakt van de Atlantic Axis-groep en dat de economie van deze regio in sterke mate afhankelijk is van over de grens heen opererende bedrijven en grensarbeiders;

E. overwegende dat de scheepsbouwsector in Galicië qua onderaanneming hetzelfde beeld laat zien als de scheepsbouwsector in Europa in het algemeen, dat wil zeggen dat hij voornamelijk bestaat uit kleine en middelgrote scheepswerven met een zeer hoog percentage onderaanneming (zowel in waarde, als in werkgelegenheid);

F. overwegende dat Spanje stelt dat Europa sinds 2004 zijn scheepsbouwactiviteiten in de koopvaardijsector[5] aan Oost-Azië heeft verloren en dat de economische en financiële crisis die in 2008 is begonnen, heeft geleid tot een aanzienlijke daling van de orders, een expansie van de scheepsbouw in Azië en een harde wereldwijde concurrentie[6];

G. overwegende dat subsidiemaatregelen en preferentiële belastingbehandelingen, zoals staatssteun en lagere loonkosten, in Zuid-Oost-Aziatische landen geresulteerd hebben in een verlies van marktaandeel voor de scheepsbouwers van de Unie;

H. overwegende dat op de scheepswerven in Galicië technologisch geavanceerde militaire schepen, olie-/chemicaliëntankers, offshorevaartuigen, vaartuigen voor oceanografisch en seismisch onderzoek, sleepboten, passagiersschepen en vissersvaartuigen worden gebouwd;

I. overwegende dat de sluiting van de scheepswerf Factorías Vulcano in juli 2019 en de aanvraag om surseance van betaling door de scheepswerf HJ Barreras in oktober 2019 tot de ontslagen hebben geleid, aangezien de helft van de ontslagen waarop deze aanvraag betrekking heeft, gebeurde in ondernemingen die schuldeiser zijn van HJ Barreras;

J. overwegende dat de onderaannemers door een hoog niveau van specialisatie gekenmerkt worden en derhalve een hoge mate van afhankelijkheid hebben van de voornaamste scheepswerf, met vertakkingen met en gevolgen voor de werkgelegenheid in de aanverwante sectoren van de scheepsbouw die identiek zijn aan de vertakkingen en gevolgen in het geval de ondernemingen in één enkele economische NACE-sector ingedeeld zouden zijn;

1. is het met de Commissie eens dat is voldaan aan de voorwaarden die zijn vastgelegd in artikel 4, lid 2, van de EFG-verordening en dat Spanje recht heeft op een financiële bijdrage van 2 054 400 EUR uit hoofde van die verordening, wat overeenkomt met 60 % van de totale kosten van 3 424 000 EUR, waarvan 3 274 047 EUR voor individuele diensten en 150 000 EUR voor voorbereiding, beheer, voorlichting en publiciteit, en controle en rapportage;

2. neemt ter kennis dat de Spaanse autoriteiten de aanvraag op 13 mei 2020 hebben ingediend en dat de Commissie, nadat Spanje aanvullende gegevens had verstrekt, haar beoordeling op 11 september 2020 heeft afgerond en het Parlement hiervan diezelfde dag nog in kennis heeft gesteld;

3. neemt er nota van dat Spanje op 13 augustus 2020 is begonnen met het verlenen van individuele diensten aan de beoogde begunstigden, wat betekent dat de periode om hiervoor in aanmerking te komen voor een financiële bijdrage uit het EFG zal lopen van 13 augustus 2020 tot en met 13 augustus 2022;

4. neemt er nota van dat Spanje op 8 juni 2020 is begonnen met administratieve uitgaven voor de uitvoering van het EFG, en dat de periode om voor uitgaven voor voorbereiding, beheer, voorlichting en publiciteit, controle en rapportage in aanmerking te komen voor een financiële bijdrage uit het EFG zal lopen van 8 juni 2020 tot en met 13 februari 2023;

5. juicht het toe dat het gecoördineerde pakket individuele diensten door Spanje is uitgewerkt in samenspraak met de sociale partners en dat de sociale partners middels een samenwerkingsovereenkomst ook betrokken zullen worden bij de tenuitvoerlegging van de diensten in kwestie;

6. is verheugd dat ASIME en de vakbonden CCOO[7] en UGT[8], de sociale partners die deelnemen aan de sociale dialoog in Galicië, betrokken waren bij de opstelling van het gecoördineerde pakket van individuele dienstverlening en bij de uitvoering van de dienstverlening; benadrukt dat de sociale partners ook bij de monitoring van de maatregelen betrokken moeten worden;

7. houdt rekening met het feit dat de sector scheepswerven en aanverwante industrieën in Galicië in 2018 een jaarlijkse omzet van ongeveer 2 000 miljoen EUR had, dat 10 000 banen rechtstreeks en 25 000 banen onrechtstreeks afhankelijk waren van de scheepsbouw, en dat de omzet van de sector vorig jaar met 11 % is gedaald en het aantal banen met 20,8 % (ongeveer 2 000 werknemers);

8. onderstreept dat de bedoelde ontslagen plaats hebben gevonden binnen het kader van een reeds hoog niveau van werkloosheid in Galicië (11,7 % in 2019); verwelkomt derhalve de om- en bijscholingsmaatregelen in het kader van deze EFG-ondersteuning, die erop gericht zijn de regionale scheepsbouwsector, de grensoverschrijdende economie en de arbeidsmarkt in het algemeen veerkrachtiger en concurrerender te maken;

9. onderstreept dat doeltreffend onderzoek, specialisatie en technologische innovatie essentieel zijn voor het versterken van de Europese scheepsbouwindustrie en om deze sector in staat te stellen wereldwijd te concurreren met landen met lage loonkosten, subsidies en preferentiële fiscale behandeling;

10. beklemtoont dat de gepersonaliseerde diensten voor ontslagen werknemers op de specifieke situatie van de persoon toegesneden moeten zijn;

11. neemt er nota van dat 94 % van de beoogde begunstigden mannen zijn en dat 78,2 % van hen tussen 30 en 54 jaar oud is; neemt er nota van dat de individuele dienstverlening die aan de ontslagen werknemers zal worden verstrekt, het volgende omvat: informatiebijeenkomsten en voorbereidende workshops, loopbaanbegeleiding met het oog op werk in loondienst of als zelfstandige, opleiding (voor degenen die als zelfstandige willen werken, zal ook worden voorzien in opleiding in ondernemerschap), begeleiding door een mentor na herintreding, intensieve hulp bij het zoeken naar werk, en een waaier aan stimuleringsmaatregelen;

12. is verheugd dat er ook stimulansen voor deelname (maximaal 400 EUR), een bijdrage in de reiskosten (0,19 EUR/km plus extra kosten zoals tolheffingen en parkeerkosten), een bijdrage in de uitgaven voor verzorgers van afhankelijke personen (tot 20 EUR per dag dat zij deelnemen), en stimulerende maatregelen ten behoeve van outplacement zijn: personen die als werknemers in loondienst of als zelfstandige terugkeren naar de arbeidsmarkt, zullen voor een periode van maximaal zes maanden 200 EUR per maand ontvangen, om de beoogde begunstigden te steunen bij het zoeken van een baan of bij opleidingsactiviteiten, op voorwaarde dat ze actief deelnemen;

13. herinnert eraan dat de voorgestelde acties actieve arbeidsmarktmaatregelen betreffen die behoren tot de in artikel 7 van de EFG-verordening vastgestelde subsidiabele acties, en niet in de plaats komen van passieve socialebeschermingsmaatregelen;

14. merkt op dat de financiële bijdrage beheerd en gecontroleerd zal worden door dezelfde organen die het Europees Sociaal Fonds beheren en controleren, en dat de Xunta de Galicia[9] als intermediaire instantie voor de beheersautoriteit zal fungeren;

15. benadrukt dat de Spaanse autoriteiten hebben bevestigd dat voor de subsidiabele acties geen steun uit andere fondsen of financieringsinstrumenten van de Unie wordt ontvangen;

16. herhaalt dat de steun van het EFG geen vervanging mag zijn voor de maatregelen die bedrijven op grond van de nationale wetgeving of collectieve arbeidsovereenkomsten moeten nemen;

17. wijst erop dat op basis van de bestaande regels EFG-ondersteuning kan worden toegekend voor werknemers die definitief ontslagen zijn en voor uitoefenaars van een zelfstandig beroep in de context van de wereldwijde crisis als gevolg van COVID-19, en dat de tekst van de verordening derhalve niet hoeft te worden gewijzigd, aangezien Spanje één van de lidstaten is die het zwaarst door de pandemie getroffen zijn;

18. hecht zijn goedkeuring aan het bij deze resolutie gevoegde besluit;

19. verzoekt zijn Voorzitter dit besluit samen met de voorzitter van de Raad te ondertekenen en zorg te dragen voor publicatie ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie;

20. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie, met inbegrip van de bijlage, te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.


BIJLAGE: BESLUIT VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering ingevolge een aanvraag van Spanje – EGF/2020/001 ES/Galicia aanverwante sectoren van de scheepsbouw

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

 

Gezien Verordening (EU) nr. 1309/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 betreffende het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (2014-2020) en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1927/2006[10], en met name artikel 15, lid 4,

 

Gezien het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer[11], en met name punt 13,

 

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

 

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) heeft tot doel steun te verlenen aan werknemers die werkloos zijn geworden en zelfstandigen die hun werkzaamheden hebben beëindigd als gevolg van uit de globalisering voortvloeiende grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen, doordat de wereldwijde financiële en economische crisis aanhoudt, of door een nieuwe wereldwijde financiële en economische crisis, en hen te helpen om op de arbeidsmarkt terug te keren.

(2) Zoals vastgesteld in artikel 12 van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad[12], mag het EFG het jaarlijks maximumbedrag van 150 miljoen EUR (in prijzen van 2011) niet overschrijden.

(3) Op 13 mei 2020 heeft Spanje een aanvraag ingediend voor een financiële bijdrage van het EFG naar aanleiding van ontslagen in de economische sectoren die zijn ingedeeld in de statistische nomenclatuur van de economische activiteiten in de Europese Unie (“NACE”), Rev. 2-afdelingen 24 (Vervaardiging van metalen in primaire vorm), 25 (Vervaardiging van producten van metaal, exclusief machines en apparaten), 30 (Vervaardiging van andere transportmiddelen), 32 (Overige industrie), 33 (Reparatie en installatie van machines en apparaten) en 43 (Gespecialiseerde bouwwerkzaamheden) in de regio van NUTS-niveau 2 Galicië (ES11) in Spanje. Spanje heeft overeenkomstig artikel 8, lid 3, van Verordening (EU) nr. 1309/2013 aanvullende gegevens ingediend. De aanvraag voldoet aan de voorwaarden voor een financiële bijdrage uit het EFG overeenkomstig artikel 13 van Verordening (EU) nr. 1309/2013.

(4) Overeenkomstig artikel 4, lid 2, van Verordening (EU) nr. 1309/2013 wordt de aanvraag van Spanje als ontvankelijk beschouwd, aangezien het gaat om een collectieve aanvraag die enkel door kmo’s is ingediend die in de regio Galicië gevestigd zijn waar de kmo’s de belangrijkste soort bedrijven zijn, en de gedwongen ontslagen ernstige gevolgen hebben voor de werkgelegenheid en de lokale, regionale of nationale economie.

(5) Er moeten dan ook middelen uit het EFG beschikbaar worden gesteld om een financiële bijdrage van 2 054 400 EUR te leveren met betrekking tot de door Spanje ingediende aanvraag.

(6) Teneinde zo snel mogelijk middelen uit het EFG ter beschikking te stellen, moet dit besluit van toepassing zijn vanaf de datum waarop het wordt vastgesteld,

HEBBEN HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Ten laste van de algemene begroting van de Europese Unie voor het begrotingsjaar 2020 wordt een bedrag van 2 054 400 EUR aan vastleggings- en betalingskredieten beschikbaar gesteld uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de dag van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie. Het is van toepassing vanaf [de datum waarop het wordt vastgesteld].

Gedaan te …,

Voor het Europees Parlement Voor de Raad

De voorzitter De voorzitter

 

 

 


TOELICHTING

I. Achtergrond

Het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (EFG) is opgericht om extra steun te verlenen aan werknemers die de gevolgen van grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen ondervinden.

Overeenkomstig de bepalingen van artikel 12 van Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020[13] en van artikel 15 van Verordening (EU) nr. 1309/2013[14], mag het jaarlijkse maximumbedrag ten behoeve van het fonds niet meer dan 150 miljoen EUR bedragen (prijzen van 2011). De benodigde bedragen worden als voorziening opgenomen in de algemene begroting van de Unie.

Overeenkomstig punt 13 van het Interinstitutioneel Akkoord van 2 december 2013 tussen het Europees Parlement, de Raad en de Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer[15] verloopt de procedure om het fonds te activeren als volgt: na een positieve beoordeling van een aanvraag legt de Commissie een voorstel tot beschikbaarstelling van middelen uit het fonds aan de begrotingsautoriteit voor, samen met een bijbehorend overschrijvingsverzoek. Indien geen eensgezindheid bestaat, wordt een trialoogprocedure ingeleid.

II. De aanvraag van Spanje en het voorstel van de Commissie

Op 13 mei 2020 heeft Spanje aanvraag EGF/2020/001 ES/Galicië aanverwante sectoren van de scheepsbouw ingediend voor een financiële bijdrage van het EFG naar aanleiding van 960 ontslagen[16] in aan de scheepsbouw aanverwante sectoren, in ondernemingen in de regio van NUTS-niveau 2 Galicië (ES11).

Na de aanvraag te hebben beoordeeld, heeft de Commissie overeenkomstig alle toepasselijke bepalingen van de EFG-verordening geconcludeerd dat aan de voorwaarden voor het toekennen van een financiële bijdrage uit het EFG is voldaan.

Op 11 september 2020 heeft de Commissie een voorstel aangenomen voor een besluit betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG aan Spanje om de terugkeer naar de arbeidsmarkt te steunen van 960 werknemers die zijn ontslagen in 38 kleine en middelgrote ondernemingen in aanverwante sectoren van de scheepsbouw in Galicië.

Dit is de eerste aanvraag die beoordeeld wordt onder de begroting voor 2020 en de zevende in de scheepsbouwsector in de brede zin van het woord, waarvan er twee betrekking hadden op handelsgerelateerde globalisering en de overige vijf op de mondiale financiële en economische crisis. Vier van deze aanvragen betreffen machines en uitrusting voor schepen, en drie andere betreffen scheepswerven.

De aanvraag heeft betrekking op 960 ontslagen werknemers en omvat een totaal bedrag van 2 054 400 EUR uit het EFG voor Spanje, hetgeen neerkomt op 60 % van de totale kosten van de voorgestelde maatregelen.

Spanje legt het verband tussen de ontslagen en de grote structurele veranderingen in de wereldhandelspatronen ingevolge de globalisering, met het argument dat de scheepvaartsector de laatste 20 jaar wereldwijd zeer sterk is veranderd. Van een periode (2002-2008) van enorme groei, waarin de meeste nieuwe scheepswerven zijn gebouwd in Azië, naar een dalende trend sindsdien. Ingevolge het geslonken orderboek en de aanzienlijke expansie van de scheepsbouw in Azië lijdt de sector onder een wereldwijde overcapaciteit, met een harde wereldwijde concurrentie als gevolg. Gezien de felle concurrentie van de Oost-Aziatische landen hebben de Europese scheepswerven hun scheepsbouwactiviteiten geheroriënteerd op nieuwe markten en hebben ze de niche-markten van de bouw van complexe schepen, zoals passagiersschepen en andere schepen die niet voor het vervoer van goederen bestemd zijn (ONCCV), betreden. In 2019 waren passagiersschepen, ONCCV en “offshore” samen goed voor 95 % van de Europese orders.

De zes soorten maatregelen die aan de ontslagen werknemers worden aangeboden en waarvoor medefinanciering uit het EFG wordt gevraagd, bestaan uit:

a. Informatiebijeenkomsten en voorbereidende workshops

b. Beroepskeuzeadvisering

c. Opleidingen

d. Intensieve hulp bij het zoeken naar werk

e. Begeleiding door een mentor na herintreding

f. Stimuleringsmaatregelen

Volgens de Commissie zijn de beschreven maatregelen actieve arbeidsmarktmaatregelen die behoren tot de in artikel 7 van de EFG-verordening vastgestelde subsidiabele acties, en betreft het geen passieve socialebeschermingsmaatregelen.

Spanje heeft de nodige informatie verstrekt over acties waartoe het betrokken bedrijf krachtens de nationale wetgeving of collectieve arbeidsovereenkomsten verplicht is. Het heeft ook bevestigd dat een financiële bijdrage uit het EFG niet in de plaats zal komen van deze acties.

III. Werkwijze

Om middelen uit het fonds te kunnen inzetten, heeft de Commissie de begrotingsautoriteit een overschrijvingsverzoek doen toekomen voor een totaalbedrag van 2 054 400 EUR uit de EFG-reserve (40 02 43) naar de EFG-begrotingslijn (04 04 01). Indien er geen eensgezindheid bestaat, wordt overeenkomstig artikel 15, lid 4, van de EFG-verordening de trialoogprocedure ingeleid.

Overeenkomstig een interne afspraak moet de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken bij dit proces worden betrokken, zodat zij op constructieve wijze kan bijdragen aan de beoordeling van de aanvragen voor steun uit het EFG.


 

 

BRIEF VAN DE COMMISSIE WERKGELEGENHEID EN SOCIALE ZAKEN

De heer Johan Van Overtveldt

Voorzitter

Begrotingscommissie

Wiertz 05U012

BRUSSEL

Betreft: <Titre>Advies inzake beschikbaarstelling van middelen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering – EGF/2020/001 ES/Galicia aanverwante sectoren van de scheepsbouw – Spanje</Titre> <DocRef>(COM(2020)0485 – C9-0294/2020 – 2020/1996(BUD))</DocRef>

 

Geachte voorzitter,

De Commissie werkgelegenheid en sociale zaken (EMPL) en haar werkgroep EFG, voorgezeten door de vicevoorzitter van EMPL, Tomáš Zdechovský, hebben de beschikbaarstelling van middelen uit het EFG in dossier EGF/2020/001 ES/Galicië onderzocht en het volgende advies goedgekeurd.

De Commissie EMPL en haar werkgroep zijn voorstander van de beschikbaarstelling van middelen uit het fonds voor het verlangde doel. De Commissie EMPL formuleert in dit verband een aantal opmerkingen, zonder evenwel de betaling ter discussie te willen stellen.

Bij haar beraadslagingen is de Commissie EMPL uitgegaan van onderstaande overwegingen. Daarom verzoekt de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken de ten principale bevoegde Begrotingscommissie onderstaande suggesties in haar ontwerpresolutie over de Spaanse aanvraag op te nemen:

 

Hoogachtend,

 

 

Lucia Ďuriš Nicholsonová

Voorzitter van de Commissie werkgelegenheid en sociale zaken

SUGGESTIES

A) overwegende dat de aanvraag gebaseerd is op artikel 4, lid 1, onder b), van Verordening (EU) nr. 1309/2013 (EFG-verordening) en betrekking heeft op 960 werknemers die zijn ontslagen in de aanverwante sectoren van de scheepsbouw in ondernemingen in de NUTS 2-regio Galicië (ES11);

 

B) overwegende dat Spanje stelt dat Europa sinds 2004 zijn scheepsbouwactiviteiten[17] aan Oost-Azië heeft verloren en dat de economische en financiële crisis die in 2008 is begonnen, heeft geleid tot een aanzienlijke daling van de orders, een expansie van de scheepsbouw in Azië en een harde wereldwijde concurrentie[18];

 

C) overwegende dat de toetreding van China, Zuid-Korea en Japan tot de Europese markt voor hightech-/complexe scheepstypen wordt gestimuleerd door sectorale strategieën, subsidiebeleid, fiscale voorkeursbehandeling, zoals staatssteun en andere financiële stimulansen om de binnenlandse vraag te stimuleren, lagere loonkosten en ondersteunende maatregelen voor bedrijven op het vlak van maritieme uitrusting[19];

 

D) overwegende dat op de scheepswerven in Galicië technologisch geavanceerde militaire schepen, olie-/chemicaliëntankers, offshorevaartuigen, vaartuigen voor oceanografisch en seismisch onderzoek, sleepboten, passagiersschepen en vissersvaartuigen worden gebouwd;

 

E) overwegende dat de sluiting van de scheepswerf Factorias Vulcano in juli 2019 en de aanvraag om surseance van betaling door de scheepswerf HJ Barreras in oktober 2019 tot de ontslagen hebben geleid, aangezien de helft van de ontslagen waarop deze aanvraag betrekking heeft, gebeurde in ondernemingen die schuldeiser zijn van HJ Barreras;

 

F) overwegende dat krachtens artikel 4, lid 2, van de EFG-verordening een collectieve aanvraag door in één regio gelegen kmo’s betrekking kan hebben op kmo’s die actief zijn in verschillende NACE Rev. 2-afdelingen, op voorwaarde dat de kmo’s de belangrijkste of de enige soort bedrijven in die regio zijn;

 

G) overwegende dat de onderaannemers zeer gespecialiseerd zijn en afhankelijk zijn van de voornaamste scheepswerf, met dezelfde gevolgen voor de werkgelegenheid in de aanverwante sectoren van de scheepsbouw als in het geval de ondernemingen in één enkele economische NACE-sector ingedeeld zouden zijn;

 

1. is het met de Commissie eens dat is voldaan aan de interventiecriteria die zijn vastgelegd in artikel 4, lid 1, onder b), van Verordening (EU) nr. 1309/2013 en dat Spanje bijgevolg recht heeft op een financiële bijdrage uit hoofde van die verordening ter hoogte van 2 054 400 EUR, wat overeenkomt met 60 % van de totale kosten van 3 424 000 EUR;

 

2. stelt vast dat de Commissie de termijn van twaalf weken na de ontvangst van de volledige aanvraag van de Spaanse autoriteiten in acht heeft genomen, aangezien zij haar beoordeling van de naleving van de voorwaarden voor het verlenen van een financiële bijdrage op 11 september heeft afgerond en het Parlement hiervan op dezelfde dag in kennis heeft gesteld;

 

3. houdt rekening met het feit dat de sector scheepswerven en aanverwante industrieën in Galicië in 2018 een jaarlijkse omzet van ongeveer 2 000 miljoen EUR had, dat 10 000 banen rechtstreeks en 25 000 banen onrechtstreeks afhankelijk waren van de scheepsbouw, en dat de omzet van de sector vorig jaar met 11 % is gedaald en het aantal banen met 20,8 % (ongeveer 2 000);

 

4. neemt er nota van dat 94 % van de beoogde begunstigden mannen zijn en dat 78,2 % van hen tussen 30 en 54 jaar oud is;  neemt er nota van dat de individuele dienstverlening die aan de ontslagen werknemers zal worden verstrekt, het volgende omvat: informatiebijeenkomsten en voorbereidende workshops, loopbaanbegeleiding met het oog op werk in loondienst of als zelfstandige, opleiding (voor degenen die als zelfstandige willen werken, zal ook worden voorzien in opleiding in ondernemerschap), begeleiding door een mentor na herintreding, intensieve hulp bij het zoeken naar werk, en een waaier aan stimuleringsmaatregelen;

 

5. is verheugd dat er ook stimulansen voor deelname (maximaal 400 EUR), een bijdrage in de reiskosten (0,19 EUR/km plus extra kosten zoals tolheffingen en parkeerkosten), een bijdrage in de uitgaven voor verzorgers van afhankelijke personen (tot 20 EUR per dag dat zij deelnemen), en stimulerende maatregelen ten behoeve van outplacement zijn: personen die als werknemers in loondienst of als zelfstandige terugkeren naar de arbeidsmarkt, zullen voor een periode van maximaal zes maanden 200 EUR per maand ontvangen, om de beoogde begunstigden te steunen bij het zoeken van een baan of bij opleidingsactiviteiten, op voorwaarde dat ze actief deelnemen;

 

6. herinnert eraan dat de voorgestelde acties actieve arbeidsmarktmaatregelen betreffen die behoren tot de in artikel 7 van de EFG-verordening vastgestelde subsidiabele acties, en niet in de plaats komen van passieve socialebeschermingsmaatregelen;

 

7. neemt er nota van dat Spanje heeft bevestigd dat bovengenoemde maatregelen die financiering uit het EFG ontvangen, niet ook financiële steun van andere financiële instrumenten van de Unie zullen ontvangen; voorts zal een financiële bijdrage uit het EFG niet in de plaats komen van acties waartoe het betrokken bedrijf krachtens de nationale wetgeving of collectieve arbeidsovereenkomsten verplicht is;

 

8. is verheugd dat ASIME en de vakbonden CCOO[20] en UGT[21], de sociale partners die deelnemen aan de sociale dialoog in Galicië, betrokken waren bij de opstelling van het gecoördineerde pakket van individuele dienstverlening en bij de uitvoering van de dienstverlening; benadrukt dat de sociale partners ook bij de monitoring van de maatregelen betrokken moeten worden;

 

9. neemt er nota van dat de financiële bijdrage door dezelfde instanties wordt beheerd en gecontroleerd die ook het ESF beheren en controleren; de Xunta de Galicia[22] zal fungeren als de intermediaire instantie voor de beheersautoriteit.


 

 

BRIEF VAN DE COMMISSIE REGIONALE ONTWIKKELING

De heer Johan Van Overtveldt

Voorzitter

Begrotingscommissie

BRUSSEL

Betreft: <Titre>Advies inzake de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering voor aanverwante sectoren in de scheepsbouw in Galicië</Titre> <DocRef>(COM(2020)04852020/1996(COD))</DocRef>

Geachte voorzitter,

Een voorstel van de Commissie voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad betreffende de beschikbaarstelling van middelen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering naar aanleiding van een verzoek van Spanje - EFG/2020/001 ES/Galicië voor aanverwante sectoren in de scheepsbouw (COM(2020)0485)- is doorverwezen naar de Commissie regionale ontwikkeling voor advies. Naar ik heb begrepen is het de bedoeling dat over dit voorstel binnenkort een verslag wordt goedgekeurd in de Begrotingscommissie.

Dit voorstel betreft de beschikbaarstelling van middelen van het EFG naar aanleiding van ontslagen in de economische sectoren die zijn ingedeeld in de statistische nomenclatuur van de economische activiteiten in de Europese Unie (“NACE”), Rev. 2-afdelingen 24 (Vervaardiging van metalen in primaire vorm), 25 (Vervaardiging van producten van metaal, exclusief machines en apparaten), 30 (Vervaardiging van andere transportmiddelen), 32 (Overige industrie), 33 (Reparatie en installatie van machines en apparaten) en 43 (Gespecialiseerde bouwwerkzaamheden) in de regio van NUTS-niveau 2 Galicië (ES11) in Spanje. De beschikbaarstelling betreft een financiële bijdrage van 2 054 400 EUR.

De regels die van toepassing zijn op de bijdragen uit het EFG zijn vastgesteld in Verordening (EG) nr. 1309/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 tot oprichting van een Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering (2014-2020).

De commissiecoördinatoren hebben dit voorstel besproken en mij verzocht u te schrijven dat de meerderheid in deze commissie geen bezwaar heeft tegen de beschikbaarstelling van voornoemde bedragen uit het Europees fonds voor aanpassing aan de globalisering zoals door de Commissie voorgesteld.

Hoogachtend,

Younous Omarjee 


INFORMATIE OVER DE GOEDKEURING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

12.10.2020

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

37

1

2

Bij de eindstemming aanwezige leden

Rasmus Andresen, Clotilde Armand, Robert Biedroń, Anna Bonfrisco, Olivier Chastel, Lefteris Christoforou, David Cormand, Paolo De Castro, José Manuel Fernandes, Eider Gardiazabal Rubial, Alexandra Geese, Valentino Grant, Elisabetta Gualmini, Francisco Guerreiro, Valérie Hayer, Eero Heinäluoma, Niclas Herbst, Monika Hohlmeier, Mislav Kolakušić, Moritz Körner, Joachim Kuhs, Zbigniew Kuźmiuk, Hélène Laporte, Pierre Larrouturou, Janusz Lewandowski, Margarida Marques, Silvia Modig, Siegfried Mureşan, Victor Negrescu, Andrey Novakov, Jan Olbrycht, Dimitrios Papadimoulis, Karlo Ressler, Bogdan Rzońca, Nicolae Ştefănuță, Nils Torvalds, Nils Ušakovs, Johan Van Overtveldt, Rainer Wieland, Angelika Winzig

 

 

 


 

 

 

 

HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

37

+

ECR

Zbigniew Kuźmiuk, Bogdan Rzońca

GUE/NGL

Silvia Modig, Dimitrios Papadimoulis

ID

Anna Bonfrisco, Valentino Grant, Hélène Laporte

NI

Mislav Kolakušić

PPE

Lefteris Christoforou, José Manuel Fernandes, Niclas Herbst, Monika Hohlmeier, Janusz Lewandowski, Siegfried Mureşan, Andrey Novakov, Jan Olbrycht, Karlo Ressler, Rainer Wieland, Angelika Winzig

RENEW

Clotilde Armand, Olivier Chastel, Valérie Hayer, Nicolae Ştefănuță, Nils Torvalds,

S&D

Robert Biedroń, Paolo De Castro, Eider Gardiazabal Rubial, Elisabetta Gualmini, Eero Heinäluoma, Pierre Larrouturou, Margarida Marques, Victor Negrescu, Nils Ušakovs,

VERTS/ALE

 Rasmus Andresen, David Cormand, Alexandra Geese, Francisco Guerreiro,

 

1

-

ID

Joachim Kuhs,

 

2

0

ECR

Johan Van Overtveldt

RENEW

Moritz Körner

 

Verklaring van de gebruikte tekens:

+ : voor

- : tegen

0 : onthouding

 

 

[1] PB L 347 van 20.12.2013, blz. 855.

[2] PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.

[3] PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

[4] In de zin van artikel 3 van de EFG-verordening.

[5] Het gaat om de bouw van tankschepen, schepen voor bulktransport en containerschepen.

[6] In 2018 is China (35,5 %) de leider geworden, gevolgd door Japan (23,4 %) en Zuid-Korea (22,7 %), terwijl

het marktaandeel van Europa was gedaald tot slechts 6,8 %. Wat het orderboek betreft, had China, als marktleider, in 2019 een aandeel van 34 %, Zuid-Korea 26 % en Japan 15 %.

 

[7] Bedrijvenfederatie van de CCOO Galicia.

[8] Federatie van metaalbewerkende, bouw- en verwante bedrijven van UGT (MCA-UGT).

[9] De Xunta de Galicia en met name de Consellería de Facenda — Dirección General de política financiera y fondos europeos/tesoro, Servicio de inspección y control de fondos comunitarios in samenwerking met de Consellería de Economía, Emprego e Industria — Secretaría Xeral de Emprego/Subdirección Xeral de Relacións Laborais, zal fungeren als de intermediaire instantie voor de beheersautoriteit.

[10] PB L 347 van 20.12.2013, blz. 855.

[11] PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

[12] Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad van 2 december 2013 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020 (PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884).

  Datum door het Parlement in te voegen vóór bekendmaking in het PB.

[13] PB L 347 van 20.12.2013, blz. 884.

[14] PB L 347 van 20.12.2013, blz. 855.

[15] PB C 373 van 20.12.2013, blz. 1.

[16] In de zin van artikel 3 van de EFG-verordening.

[17] Het gaat om de bouw van tankschepen, schepen voor bulktransport en containerschepen.

[18] In 2018 is China (35,5 %) de leider geworden, gevolgd door Japan (23,4 %) en Zuid-Korea (22,7 %), terwijl het marktaandeel van Europa was gedaald tot slechts 6,8 %. Wat het orderboek betreft, had China, als marktleider, in 2019 een aandeel van 34 %, Zuid-Korea 26 % en Japan 15 %.

 

[20] Bedrijvenfederatie van de CCOO Galicia.

[21] Federatie van metaalbewerkende, bouw- en verwante bedrijven van UGT (MCA-UGT).

[22] De Xunta de Galicia en met name de Consellería de Facenda — Dirección General de política financiera y fondos europeos/tesoro, Servicio de inspección y control de fondos comunitarios in samenwerking met de Consellería de Economía, Emprego e Industria — Secretaría Xeral de Emprego/Subdirección Xeral de Relacións Laborais, zal fungeren als de intermediaire instantie voor de beheersautoriteit.

Laatst bijgewerkt op: 19 oktober 2020Juridische mededeling - Privacybeleid