Procedure : 2019/2194(INI)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : A9-0210/2020

Ingediende teksten :

A9-0210/2020

Debatten :

PV 18/01/2021 - 20
CRE 18/01/2021 - 20

Stemmingen :

Aangenomen teksten :

P9_TA(2021)0008

<Date>{04/11/2020}4.11.2020</Date>
<NoDocSe>A9-0210/2020</NoDocSe>
PDF 194kWORD 66k

<TitreType>VERSLAG</TitreType>

<Titre>over de ontwikkeling van doeltreffend beleid naar aanleiding het Europees Jaar van het Cultureel Erfgoed</Titre>

<DocRef>(2019/2194(INI))</DocRef>


<Commission>{CULT}Commissie cultuur en onderwijs</Commission>

Rapporteur: <Depute>Dace Melbārde</Depute>

AMENDEMENTEN
ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING
 INFORMATIE OVER DE GOEDKEURING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE
 HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE


PR_INI

INHOUD

Blz.

ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

TOELICHTING

INFORMATIE OVER DE GOEDKEURING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

 


ONTWERPRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over de ontwikkeling van doeltreffend beleid naar aanleiding het Europees Jaar van het Cultureel Erfgoed

(2019/2194(INI))

Het Europees Parlement,

 gezien de preambule van het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU), waarin is vermeld dat de ondertekenaars zijn “geïnspireerd door de culturele, religieuze en humanistische tradities van Europa” en verlangen “de solidariteit tussen hun volkeren te verdiepen met inachtneming van hun geschiedenis, cultuur en tradities”, en gezien artikel 3, lid 3, van het VEU[1],

 gezien artikel 167 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU)[2],

 gezien het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, en met name artikel 22 daarvan[3],

 gezien het Verdrag betreffende de bescherming en de bevordering van de diversiteit van cultuuruitingen, aangenomen door de Algemene Conferentie van de Unesco tijdens haar 33e zitting op 20 oktober 2005[4],

 gezien de Overeenkomst inzake de bescherming van het cultureel en natuurlijk erfgoed van de wereld, aangenomen door de Algemene Conferentie van de Unesco tijdens haar 17e zitting op 16 november 1972[5],

 gezien het Verdrag inzake de bescherming van het immaterieel cultureel erfgoed, aangenomen door de Algemene Conferentie van de Unesco tijdens haar 32e zitting op 17 oktober 2003[6],

 gezien het Verdrag inzake de bescherming van cultureel erfgoed onder water, aangenomen door de Algemene Conferentie van de Unesco tijdens haar 31e zitting op 2 november 2001[7],

 gezien het Verdrag van Den Haag van 1954 inzake de bescherming van culturele goederen in geval van een gewapend conflict[8],

 gezien de Overeenkomst inzake de middelen om de onrechtmatige invoer, uitvoer of eigendomsoverdracht van culturele goederen te verbieden en te verhinderen, aangenomen door de Algemene Conferentie van de Unesco tijdens haar 16e zitting op 14 november 1970[9],

 gezien de conclusies van de Raad over het werkplan voor cultuur 2019-2022[10],

 gezien de mededeling van 22 mei 2018 van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio's over een nieuwe Europese agenda voor cultuur (COM(2018)0267)[11],

 gezien het verslag van 28 oktober 2019 van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio's over de uitvoering, resultaten en algehele beoordeling van het Europees Jaar van het Cultureel Erfgoed 2018 (COM(2019)0548)[12],

 gezien de mededeling van 11 december 2019 van de Commissie aan het Europees Parlement, de Europese Raad, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité, en het Comité van de Regio’s getiteld “De Europese Green Deal” (COM(2019)0640)[13],

 gezien Richtlijn 2014/60/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende de teruggave van cultuurgoederen die op onrechtmatige wijze buiten het grondgebied van een lidstaat zijn gebracht, en houdende wijziging van Verordening (EU) nr. 1024/2012[14],

 gezien zijn resolutie van 8 september 2015 met de titel “Naar een geïntegreerde aanpak van cultureel erfgoed voor Europa”[15],

 gezien zijn verslag van 23 november 2018 over de nieuwe Europese agenda voor cultuur,

 gezien zijn resolutie van 19 september 2019 over het belang van Europese herinnering voor de toekomst van Europa[16],

 gezien de conclusies van de Raad van 25 november 2014 over participatief beheer van cultureel erfgoed[17],

 gezien de resolutie van de Raad van 26 juni 2000 inzake de conservering en opwaardering van het Europese cinematografische erfgoed[18],

 gezien de conclusies van de Raad van 21 mei 2014 over cultureel erfgoed als strategische hulpbron voor een duurzaam Europa[19],

 gezien de conclusies van de Raad van 8 juni 2018 over de noodzaak cultureel erfgoed op alle beleidsgebieden van de EU op de voorgrond te plaatsen[20],

 gezien het Kaderverdrag van de Raad van Europa over de waarde van cultureel erfgoed voor de samenleving (Verdrag van Faro) van 13 oktober 2005[21],

 gezien het werkdocument van de diensten van de Commissie van 5 december 2018 over een Europees actiekader voor cultureel erfgoed (SWD(2018)0491)[22],

 gezien de resolutie van 22 november 2019 van de Raad van de Europese Unie en van de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, over de culturele dimensie van duurzame ontwikkeling (13956/19)[23],

 gezien de Eurobarometer-enquête over cultureel erfgoed (Special Eurobarometer 466)[24],

 gezien de mededeling van de Commissie van 22 juli 2014 getiteld “Naar een geïntegreerde aanpak van cultureel erfgoed voor Europa” (COM(2014)0477)[25],

 gezien het advies van het Comité van de Regio’s van november 2014 naar aanleiding van de mededeling van de Commissie getiteld “Naar een geïntegreerde aanpak van cultureel erfgoed voor Europa” (2015/C 195/04)[26],

 gezien Besluit (EU) 2017/864 van het Europees Parlement en de Raad van 17 mei 2017 over een Europees Jaar van het Cultureel Erfgoed (2018)[27],

 gezien de aanbeveling van de Commissie van 27 oktober 2011 betreffende de digitalisering en onlinetoegankelijkheid van cultureel materiaal en digitale bewaring (2011/711/EU)[28],

 gezien de verklaring van 9 april 2019 betreffende de samenwerking in verband met de bevordering van de digitalisering van cultureel erfgoed[29],

 gezien de mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s over het werkprogramma 2020 van de Commissie, getiteld “Een Unie die de lat hoger legt” (COM(2020)0037)[30],

 gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité over de bijdrage van Europese plattelandsgebieden aan het Europees Jaar van het Cultureel Erfgoed 2018 door te zorgen voor duurzaamheid en cohesie tussen stad en platteland (NAT/738-EESC-2018-01641)[31],

 gezien de Verklaring van Davos van 2018 “Naar een kwalitatief hoogstaande Baukultur voor Europa”[32],

 gezien de Verklaring van Leeuwarden van 23 november 2018 over het aangepaste hergebruik van gebouwd erfgoed[33],

 gezien de verklaring die op 3 mei 2019 werd aangenomen tijdens de informele vergadering van de ministers van de lidstaten die verantwoordelijk zijn voor culturele en Europese aangelegenheden na de brand in de Notre-Dame van Parijs[34],

 gezien het Europees Cultureel Verdrag van de Raad van Europa van 19 december 1954[35],

 gezien de oproep tot actie van Berlijn van Europa Nostra (Cultural Heritage for the Future of Europe) van 22 juni 2018[36], en het manifest van Parijs van Europa Nostra (Relançons l’Europe par la culture et le patrimoine culturel! (Laten we Europa weer op gang brengen door middel van cultuur en cultureel erfgoed!)) van 30 oktober 2019[37],

 gezien de studie getiteld “Cultural Heritage Counts for Europe” (Cultureel erfgoed telt voor Europa) van 2015[38],

 gezien de Verklaring van Barcelona over toerisme en cultureel erfgoed, getiteld “Better Places to Live, Better Places to Visit” ( (Betere plaatsen om te wonen, betere plaatsen om te bezoeken) van 11 oktober 2018[39],

 gezien de studie getiteld “Safeguarding cultural heritage from natural and man-made disasters” (Bescherming van cultureel erfgoed tegen natuurrampen en door de mens veroorzaakte rampen) van 2018[40],

 gezien het document van de Internationale Raad voor Monumenten en Landschappen (ICOMOS) van 2019, getiteld “European quality principles for EU-funded interventions with potential impact upon cultural heritage” (Europese kwaliteitsbeginselen voor door de EU gefinancierde ingrepen die gevolgen kunnen hebben voor cultureel erfgoed)[41],

 gezien het Internationaal Handvest inzake de instandhouding en de restauratie van historische monumenten en plaatsen (het Handvest van Venetië van 1964)[42],

 gezien de Overeenkomst van Granada van 1985 inzake het behoud van het architectonische erfgoed van Europa[43],

 gezien het Verdrag van Valletta van 1992 inzake het behoud van het archeologisch erfgoed van Europa[44],

 gezien de Europese Erfgoedprijzen / Europa Nostra-prijzen,

 gezien de duurzameontwikkelingsdoelstellingen van de VN, met name doelstellingen 4, 11 en 13,

 gezien de cluster “Cultuur, creativiteit en inclusieve samenleving” van Horizon Europa, pijler 2[45],

 gezien Verordening (EU) nr. 1295/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 tot vaststelling van het programma Creatief Europa (2014-2020) en tot intrekking van de Besluiten nr. 1718/2006/EG, nr. 1855/2006/EG en nr. 1041/2009/EG[46],

 gezien Verordening (EU) nr. 1303/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds, het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij en algemene bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds, het Cohesiefonds en het Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1083/2006 van de Raad[47],

 gezien Verordening (EU) nr. 1301/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 betreffende het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling en specifieke bepalingen met betrekking tot de doelstelling “Investeren in groei en werkgelegenheid”, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1080/2006[48],

 gezien zijn resolutie van 11 september 2018 over taalgelijkheid in het digitale tijdperk[49],

 gezien zijn resolutie van 13 november 2018 over minimumnormen voor minderheden in de EU[50],

 gezien zijn resolutie van 11 september 2013 over Europese talen die met uitsterven worden bedreigd en taalkundige verscheidenheid in de Europese Unie[51],

 gezien Verordening (EU) nr. 1291/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2013 tot vaststelling van Horizon 2020 – het kaderprogramma voor onderzoek en innovatie (2014-2020) en tot intrekking van Besluit nr. 1982/2006/EG[52],

 gezien de toezeggingen die de commissaris voor Innovatie, Onderzoek, Cultuur, Onderwijs en Jeugd heeft gedaan tijdens de aan haar benoeming voorafgaande hoorzitting op 30 september 2019 voor het Europees Parlement,

 gezien artikel 54 van zijn Reglement,

 gezien het verslag van de Commissie cultuur en onderwijs (A9-0210/2020),

A. overwegende dat het materieel, immaterieel, natuurlijk en digitaal cultureel erfgoed van Europa een bron van rijkdom is die uit het verleden is geërfd, die getuigt van de Europese geschiedenis, cultuur en tradities in al hun verscheidenheid en die in de loop der tijd voortdurend wordt verrijkt, en overwegende dat dit erfgoed moet worden bewaard om te worden overgedragen aan de toekomstige generaties;

B. overwegende dat het Europees cultureel erfgoed een bron is voor herinnering, collectief geheugen en kennis die ons gevoel van samenhorigheid versterkt;

C. overwegende dat de cultuur en het cultureel erfgoed helpen om onze identiteit te versterken en om de sociale samenhang, de stabiliteit en het begrip in de samenleving te bevorderen;

D. overwegende dat cultureel erfgoed een waarde op zich is, divers is en meerdere lagen (lokaal, regionaal, nationaal, Europees en mondiaal) en vormen (materieel, immaterieel, natuurlijk, digitaal en gedigitaliseerd) heeft die met elkaar verbonden zijn;

E. overwegende dat het cultureel erfgoed een belangrijke bijdrage levert aan de culturele en creatieve sectoren in en buiten Europa;

F. overwegende dat meer dan 300 000 mensen in Europa werkzaam zijn in de erfgoedsector en dat 7,8 miljoen banen in Europa indirect met deze sector verbonden zijn;

G. overwegende dat tijdens het Europees Jaar van het Cultureel Erfgoed (EYCH) in 2018 meer dan 23 000 evenementen hebben plaatsgevonden, waarbij meer dan 12,8 miljoen mensen (2,5 % van de bevolking van de EU-28)[53] in de lidstaten werden bereikt[54];

H. overwegende dat de strategische visie van het EYCH, die is verwoord in het motto “Ons erfgoed: waar verleden en toekomst elkaar ontmoeten”, nog steeds geldt als een leidend beginsel voor het vervolg en gericht is op het opbouwen van banden tussen het Europese culturele erfgoed en de huidige culturele productie, en op het bevorderen van de participatie van de Europese burgers;

I. overwegende dat de activiteiten van het EYCH gericht waren op de jongeren en op interactieve en creatieve projecten;

J. overwegende dat het EYCH 2018 werd gehouden in een jaar met belangrijke historische jubilea; overwegende dat er in dat jaar tal van nationale en internationale vieringen en herdenkingsevenementen hebben plaatsgevonden, die een aanzienlijke voetafdruk op de Europese culturele kaart hebben achtergelaten;

K. overwegende dat het EYCH onder meer heeft geleid tot de oprichting van een Europees netwerk van belanghebbenden met blijvende banden; overwegende dat dit netwerk duurzaam en robuust moet zijn;

L.  overwegende dat lokale en pan-Europese non-gouvernementele organisaties (ngo’s) en maatschappelijke organisaties een immense bijdrage hebben geleverd aan het welslagen van het EYCH;

M. overwegende dat, volgens de Eurobarometer-enquête over cultureel erfgoed, 84 % van de respondenten in de lidstaten van mening is dat cultureel erfgoed belangrijk is voor hen persoonlijk en voor hun lokale gemeenschap, terwijl acht op tien (80 %) het belangrijk vinden voor de Europese Unie als geheel;

N overwegende dat bijna een derde van de locaties op de Unesco-werelderfgoedlijst zich in de EU-27 bevindt, waaronder 326 cultureel belangrijke plaatsen, 26 natuurgebieden en vijf gemengde locaties; overwegende dat Europa in zijn geheel goed is voor bijna de helft van de werelderfgoedlijst van Unesco;

O. overwegende dat de representatieve lijst van het immaterieel cultureel erfgoed van de mensheid van de Unesco ten minste 131 onderdelen bevat die aan landen van de EU-27 zijn toegeschreven;

P. overwegende dat Europa en Noord-Amerika goed zijn voor 52 % van de inschrijvingen in het internationale “Memory of the World”-register van de Unesco;

Q. overwegende dat tot nu toe aan 48 Europese locaties het Europees erfgoedlabel is toegekend;

R. overwegende dat nagenoeg negen op tien (88 %) van de bevraagde Europeanen van mening zijn dat het cultureel erfgoed van Europa op school moet worden onderwezen[55];

S. overwegende dat het EYCH 2018 heeft aangetoond dat cultureel erfgoed als basis kan dienen voor internationale projecten waarbij burgers van alle leeftijdscategorieën betrokken zijn en waarin zij contact kunnen leggen met deskundigen; overwegende dat deze projecten een goed instrument zijn gebleken om het bewustzijn van de gemeenschappelijke Europese culturele geschiedenis te vergroten;

T. overwegende dat de opkomst van de digitalisering nieuwe mogelijkheden en uitdagingen creëert voor de culturele en creatieve sectoren in Europa;

U. overwegende dat in het werkplan voor cultuur 2019-2022, dat op 21 december 2018 door de Raad werd aangenomen, duurzaamheid in het cultureel erfgoed is opgenomen als de eerste van de vijf prioriteiten voor Europese samenwerking bij de vorming van het cultuurbeleid;

V. overwegende dat de COVID-19-uitbraak de meeste culturele evenementen heeft verstoord en een ernstige belemmering heeft gevormd voor de mogelijkheid om een groot deel van het Europees cultureel erfgoed te bezoeken, te beleven en te bestuderen, en overwegende dat digitale middelen vaak de enige mogelijke manier zijn om toegang te krijgen tot culturele evenementen; overwegende dat beperkingen op of een verbod van openbare bijeenkomsten en evenementen, sluitingen van musea en reisbeperkingen zeer schadelijke gevolgen hebben gehad voor kunstenaars en culturele actoren;

W. overwegende dat er in het kader van de lopende onderhandelingen over het MFK voor de periode 2021-2027 een mogelijkheid bestaat om nieuwe en gunstige voorwaarden vast te stellen voor investeringen in cultureel erfgoed uit de Europese structuur- en investeringsfondsen;

De waarde van cultureel erfgoed erkennen

1. is van mening dat cultureel erfgoed een bron van onschatbare waarde is, die ons in staat stelt na te denken over de geschiedenis en hiermee kritisch om te gaan en ons niet alleen helpt inzien dat we verschillende herinneringen hebben, maar ook dat we met elkaar verbonden zijn door gemeenschappelijke banden, en dat cultureel erfgoed zodoende diversiteit, dialoog, cohesie, solidariteit en wederzijds begrip bevordert en de kennis van onze tastbare, immateriële, natuurlijke en digitale rijkdommen verrijkt;

2. erkent de rol van cultureel erfgoed bij het stimuleren van creativiteit, innovatie en duurzaamheid en het bevorderen van intellectuele vermogens; is van mening dat cultureel erfgoed ook een bron van inspiratie en plezier kan zijn en kan bijdragen aan recreatieve activiteiten;

3. beklemtoont dat talen de rijkdom en diversiteit van het Europees cultureel erfgoed mogelijk maken en bevorderen, aangezien moedertalen dragers zijn van waarden en kennis en vaak worden gebruikt om immaterieel cultureel erfgoed door te geven; vraagt de Commissie en de lidstaten met aandrang dat zij meer actie ondernemen om de taaldiversiteit in het digitale tijdperk te beschermen, te ontwikkelen en te bevorderen, onder meer door voldoende middelen uit te trekken voor maatregelen inzake talen die als bedreigd worden beschouwd en door de burgers van de EU bewust te maken van de taalkundige en culturele rijkdom die de betrokken gemeenschappen vertegenwoordigen;

4. herinnert de Commissie en de lidstaten eraan dat zij het cultureel erfgoed van minderheden in Europa volledig moeten opnemen in elk beraad over het Europees erfgoed, met de verbintenis de bijdrage van die minderheden aan de culturele, taalkundige en artistieke rijkdom en diversiteit van de Unie te erkennen en te bevorderen, en het streven om gezamenlijke en gecoördineerde maatregelen voor het duurzame beheer en de bevordering van deze culturen vast te stellen en uit te voeren;

5. benadrukt de rol van Europese en pan-Europese culturele evenementen en traditionele culturele festivals bij de bewustmaking van de culturele rijkdom en diversiteit van Europa; moedigt de lidstaten aan dergelijke activiteiten te bevorderen en te ondersteunen en hun tradities te beschermen; vraagt de Commissie met aandrang dat zij overweegt dergelijke initiatieven te financieren;

Onderwijs en vaardigheden

6. beklemtoont het belang van alle vormen van onderwijs – formeel, niet-formeel en informeel – over cultureel erfgoed en geesteswetenschappen, onder meer geschiedenis en filosofie, op alle leeftijden; is van mening dat speciale aandacht moet worden besteed aan leerlingen en studenten met een handicap en kansarmen;  herhaalt dat het belangrijk is diverse kunstvormen, zoals muziek, film, theater, literatuur, design en architectuur op te nemen in de schoolprogramma’s of in begeleidende activiteiten van leerplannen; is van mening dat verschillende bestaande materialen die ter gelegenheid van het EYCH zijn geproduceerd, zoals de relevante eTwinning-kit, actiever moeten worden gepromoot; vraagt dat de Commissie het cultureel erfgoed meer integreert in haar strategie voor een Europese onderwijsruimte, om studenten te helpen een sterk gevoel van Europees burgerschap te ontwikkelen;

7. meent in dit verband dat het Huis van de Europese geschiedenis voldoende financiële middelen moet krijgen, zodat het een kennis- en samenwerkingscentrum kan worden voor jonge onderzoekers, docenten en studenten uit de hele EU en ook kan dienen als een instrument voor de bevordering van het Europees cultureel erfgoed; vindt het noodzakelijk aanvullende manieren te ontwikkelen om de toegang tot het Huis te bevorderen, onder meer door middel van digitale rondleidingen, zodat het ten volle zijn rol kan vervullen als toegangspoort voor alle publieksgroepen om te leren over gedeelde Europese ervaringen en hun uiteenlopende interpretaties; pleit er in dit verband voor om, afhankelijk van de financiële draagkracht, een pan-Europees samenwerkingsnetwerk van centra in het kader van het Huis tot stand te brengen;

8. wijst op de steeds grotere rol die digitaal onderwijs kan vervullen bij het leren over en door middel van cultureel erfgoed; merkt op dat er hoogwaardige e-learninginitiatieven, waaronder open onlinecursussen voor een groot publiek (MOOC’s), moeten worden ontwikkeld om het leren over cultureel erfgoed toegankelijker te maken en de vaardigheden in verband met erfgoed in heel Europa te verbeteren; is in dit verband van mening dat het actieplan voor digitaal onderwijs een aanzienlijke bijdrage kan leveren aan dit doel en vraagt dat bij de geplande bijwerking van het plan steun voor onderwijs over cultureel erfgoed wordt opgenomen;

9. maakt zich zorgen over het groeiend gebrek aan geschoolde ambachtslieden, restaurateurs en erfgoeddeskundigen, en over de problemen bij het aantrekken van jongeren om dit soort vaardigheden te verwerven; wijst op het gebrek aan een systematische aanpak en efficiënte mechanismen zoals opleidingen in traditionele technieken voor het overbrengen van de relevante vaardigheden en kennis, waardoor het Europees erfgoed in gevaar komt; is van mening dat het behoud van het cultureel erfgoed in de toekomst alleen mogelijk is als de relevante vaardigheden en kennis volledig worden bewaard, onder meer via digitale middelen, en worden doorgegeven; vraagt dan ook dat de Commissie ervoor zorgt dat in toekomstige initiatieven voor het behoud van het cultureel erfgoed ook het behoud van de nodige praktijken en kennis wordt opgenomen; herinnert aan de waarde van uitwisselingen en benadrukt in dit verband het belang van het Erasmus+-programma, dat ook de mobiliteit van leerlingen mogelijk maakt;

10. wijst er nogmaals op dat de sociaaleconomische omstandigheden en arbeidsvoorwaarden, alsook het genderevenwicht in de erfgoedsector moeten worden verbeterd en dat er meer mobiliteitskansen moeten geboden aan operatoren en werknemers in deze sector, inclusief personen met een handicap; wijst in dit verband op het belang van de erkenning van beroepskwalificaties;

11. benadrukt dat de bewustmakingsinspanningen met betrekking tot de waarde van het cultureel erfgoed voor Europa moeten worden voortgezet en dat de burgers en de belanghebbenden op lokaal niveau moeten worden bereikt; benadrukt het belang van een betere kennis van het Europese culturele erfgoed om de sociale cohesie te bevorderen en merkt op dat de toegang tot dergelijke kennis met name de sociale en culturele integratie van burgers met een migrantenachtergrond en hun gezinnen ten goede zou komen;

12. is ingenomen met het voorstel van de Commissie om binnen het Europees Instituut voor innovatie en technologie (EIT) een nieuwe kennis- en innovatiegemeenschap (KIG) op te zetten op het gebied van de culturele en creatieve sector, die de sociale diversiteit weerspiegelt en waar cultureel erfgoed ook moet worden gezien als bron van inspiratie voor hedendaagse creaties en oplossingen;

Digitaal cultureel erfgoed

13. erkent het belang van digitaal cultureel erfgoed, waarbij steeds meer mensen, waaronder ook mensen uit kansarme milieus en personen met een handicap, ongeëvenaarde mogelijkheden en gelijkwaardige toegang hebben tot cultureel materiaal; erkent dat digitaal cultureel erfgoed steeds meer relevant is geworden, met name tijdens pandemieën en de hiermee gepaard gaande lockdowns, waarbij virtuele museumrondleidingen en tentoonstellingen, digitale bibliotheken, online-encyclopedieën en soortgelijke digitale oplossingen en virtuele communicatiemiddelen troost bieden en de enige manier zijn om toegang te krijgen tot en zich bezig te houden met cultureel erfgoed en cultuur in het algemeen; beklemtoont dat het belangrijk is cultureel materiaal te digitaliseren, niet alleen om het te bewaren voor toekomstige generaties (de opslagfunctie), maar ook om het vlotter toegankelijk te maken voor het publiek door cultureel erfgoed online te brengen;

14. wijst erop dat relevante technologische vooruitgang, bijvoorbeeld op het gebied van digitale enquêtes, 3-D-modellering en -printen, toegevoegde realiteit (AR), virtuele realiteit (VR) en de rol van artificiële intelligentie (AI) en big data, nieuwe mogelijkheden schept, niet alleen om het cultureel erfgoed vast te leggen, te bewaren en te visualiseren, maar ook om het te verwerken, te analyseren en te reconstrueren en om toepassingen voor cultureel erfgoed te ontwikkelen;

15. benadrukt het belang van het Europeana-project, dat dient als digitale bibliotheek, archief, museum en educatief platform van Europa; vraagt dat extra inspanningen worden geleverd om het platform verder te ontwikkelen, onder meer door voldoende middelen voor het platform uit te trekken en het meer onder de aandacht te brengen van het grote publiek en de leerkrachten;

16. is van mening dat het te digitaliseren materiaal onbevooroordeeld moet worden geselecteerd zodat de geloofwaardigheid van digitale archieven en verzamelingen gegarandeerd is;

17. benadrukt dat ook het bestaan en de waarde van gedigitaliseerde archieven moet worden bevorderd en dat de digitale vaardigheden van het publiek moeten worden verbeterd, zodat meer gebruik wordt gemaakt van digitale inhoud;

18. is van mening dat online-encyclopedieën waardevolle bronnen van geverifieerde en betrouwbare informatie zijn, die de toegang tot cultureel erfgoed mogelijk maken en een rol spelen bij het behoud en het bevorderen ervan en dat zij ook een essentieel instrument zijn om van oorsprong digitaal cultureel erfgoed te classificeren en duurzaam toegankelijk te maken; is van mening dat meer middelen moeten worden uitgetrokken om online-encyclopedieën te promoten, te ontwikkelen en te verbeteren;

19. beklemtoont dat interoperabiliteit essentieel is om ervoor te zorgen dat digitale inhoud op lange termijn bruikbaar en herbruikbaar is; benadrukt in dit opzicht de rol van normen en kaders;

20. vraagt dat de lidstaten en de relevante sectoren meer samenwerken voor de veralgemeende bevordering van gedigitaliseerd cultureel erfgoed; is verheugd over de Verklaring van samenwerking ter bevordering van de digitalisering van cultureel erfgoed, die momenteel door bijna alle EU-lidstaten is ondertekend;

21. onderstreept dat er een omvattend EU-kader met passende financiering moet worden ontwikkeld voor de bescherming en bevordering van gedigitaliseerd en van oorsprong digitaal cultureel erfgoed; merkt op dat er behoefte is aan nationale beleidsmaatregelen voor behoud, met selectiebeslissingen die gebaseerd zijn op duidelijk omschreven beginselen en die op verantwoorde wijze worden genomen; wijst op de onschatbare bijdrage die digitale curatoren kunnen leveren om ervoor te zorgen dat digitaal cultureel erfgoed wordt beschermd en beschikbaar is voor een Europees en mondiaal publiek in verschillende talen; neemt met belangstelling kennis van de vele projecten voor digitalisering die al worden uitgevoerd uit hoofde van het EFRO en dringt erop aan dat de volgende programmeringsperiode de continuïteit van dit soort financiering mogelijk maakt;

22. dringt erop aan dat de aanbeveling van de Commissie betreffende de digitalisering en onlinetoegankelijkheid van cultureel materiaal en digitale bewaring van 27 oktober 2011 grondig wordt bijgewerkt, om de technologische vooruitgang en uitdagingen en mogelijkheden van het afgelopen decennium te weerspiegelen; meent evenwel dat de nadruk op digitaal erfgoed niet ten koste mag gaan van de bescherming van bestaand materieel en immaterieel cultureel erfgoed en de daarmee samenhangende banen;

Economisch potentieel en duurzaamheid

23. beklemtoont dat de erfgoedsector een bijdrage levert aan de economische ontwikkeling, met aanzienlijke overloopeffecten in andere economische sectoren; wijst opnieuw op de nauwe samenhang tussen cultureel erfgoed, zowel materieel als immaterieel, toerisme en duurzame ontwikkeling;

24. erkent dat duurzaam cultureel toerisme een aanzienlijk potentieel heeft om groei en banen in de EU te genereren, aangezien al vier op tien toeristen hun bestemming kiezen op basis van het cultureel toeristisch aanbod; wijst er echter op dat de bevordering van cultureel toerisme op inclusieve wijze moet gebeuren ten aanzien van lokale gemeenschappen en economieën en levenswijzen en tradities, en dat er een evenwicht moet worden gevonden tussen de economische, sociale, culturele en milieubehoeften; merkt op dat slechts een miniem deel van de economische waarde die door het aanbod aan cultureel erfgoed wordt gegenereerd, naar deze sector terugvloeit, wat betekent dat er nieuwe, alternatieve en stabiele financieringsbronnen nodig zijn om te kunnen blijven fungeren als katalysator voor duurzaam toerisme;

25. wijst erop dat het bestaan van sites die als cultureel erfgoed worden aangemerkt, voor veel mensen een motivatie vormen om op reis te gaan en bij te leren over andere culturen en samenlevingen; herinnert eraan dat 72 % van de deelnemers aan een enquête in de leeftijdsgroep van 15 tot 24 jaar aangeeft dat de aanwezigheid van cultureel erfgoed een rol kan spelen bij het kiezen van een vakantiebestemming; benadrukt in dit opzicht de rol die het initiatief DiscoverEU kan spelen; merkt evenwel op dat het initiatief tot nu toe niet alle jongeren in gelijke mate ten goede komt; verzoekt de Commissie op zoek te gaan naar manieren om jongeren uit een kansarm milieu, uit plattelandsgebieden en afgelegen regio’s in de lidstaten beter te betrekken bij het initiatief, evenals jongeren uit lidstaten die geen goede spoorverbindingen met andere EU-landen hebben;

26. dringt er bij de lidstaten op aan sterke mechanismen in te stellen ter voorkoming van de overexploitatie van cultureel erfgoed, onder meer door slecht beheerde toeristenstromen; waarschuwt voor de invloed van kortzichtige commerciële belangen die de authenticiteit van cultureel belangrijke plaatsen en gebruiken in gevaar kunnen brengen en de kwaliteit ervan kunnen aantasten; is in dit verband verheugd over het programma “Cultural Heritage In Action”, dat via leren onder gelijken wil bijdragen aan de versterking van het beleid inzake cultureel erfgoed op lokaal en regionaal niveau; wijst op zijn bereidheid om het programma te monitoren en te ondersteunen indien het succesvol blijkt;

27. erkent dat de Culturele Hoofdsteden van Europa een belangrijke rol vervullen bij de bevordering van steden en regio’s, aangezien deze, door een economisch kader op te bouwen rond hun culturele, artistieke en sociale projecten, het begrip duurzaam toerisme integreren en hun materieel en immaterieel erfgoed, tradities en innovaties versterken, zodat alle burgers, in Europa en daarbuiten ervan kunnen profiteren en het kunnen waarderen;

28. beveelt aan inspanningen te blijven leveren om reizen naar minder bekende en minder populaire bestemmingen en plattelandsgebieden aan te moedigen, en om reizen tijdens het laagseizoen te bevorderen om zo de duurzaamheid en toegankelijkheid van toerisme te bevorderen, met name voor personen met een handicap en ouderen; benadrukt de rol die het Elfpo kan spelen bij de ondersteuning van lokale initiatieven op het gebied van toerisme, met name via het Leader-programma; roept op tot een adequate financiering van dit programma voor de programmeringsperiode 2021-2027;

29. maakt zich zorgen over de gevolgen die vervuiling, vandalisme, diefstal, slecht beheerd toerisme en ongebreidelde stedelijke ontwikkeling hebben voor het cultureel erfgoed, evenals over de gevolgen van de opwarming van de aarde en de klimaatverandering, met name als gevolg van extreme weersomstandigheden die zich steeds vaker voordoen, met inbegrip van stortregens, hittegolven, overstromingen, brandgevaar en het risico op stormen; benadrukt de noodzaak van actie, onder meer door het delen van kennis tussen de lidstaten, en verzoekt de Commissie concrete maatregelen voor te stellen voor het behoud en de bescherming van cultureel erfgoed met het oog op deze natuurlijke en door de mens veroorzaakte gevaren;

30. onderstreept de rol van de maatschappelijke organisaties en de betekenis en de waarde van vrijwilligerswerk voor de bescherming en zelfs de ontdekking van cultureel erfgoed en benadrukt het belang ervan, evenals de kennis, deskundigheid en energie die vrijwilligers hiervoor inzetten; verzoekt de Commissie en de lidstaten de acties in dit verband te blijven steunen; wijst op de rol die het Europees Solidariteitskorps kan spelen om jongeren te betrekken bij het behoud en de renovatie van het Europese erfgoed en bij de bewustmaking van het publiek; is verheugd over de specifieke oproep voor cultureel erfgoed in het kader van dit initiatief;

31. maakt zich daarnaast zorgen over de bedreiging van cultureel erfgoed als gevolg van terrorisme in Europa en daarbuiten; veroordeelt de vernietiging van plaatsen die van belang zijn voor cultureel erfgoed; is van mening dat de EU een actievere rol moet spelen bij het bevorderen van restauratie, behoud en bescherming van cultureel erfgoed in de wereld;

32. is van mening dat de EU de bescherming van cultureel erfgoed moet opnemen als een van de voorwaarden voor de kandidaat-lidstaten;

33. herhaalt dat de illegale handel in en het verhandelen van cultuurgoederen, ook via digitale kanalen, een ernstig wereldwijd probleem is, dat maatregelen vereist die niet alleen door de lidstaten onderling maar ook op internationaal niveau moeten worden gecoördineerd; merkt op dat bij elke reflectie over het Europees erfgoed een nieuwe blik moet worden geworpen op de kwestie van werken en cultuurgoederen die in tijden van oorlog zijn geroofd, gestolen of illegaal zijn verkregen; herhaalt zijn steun voor de actieve bevordering van herkomstonderzoek in het kader van de EYCH;

Naar een strategische aanpak van cultureel erfgoed

34. verzoekt de Commissie een meer geïntegreerde benadering van het cultureel erfgoed te volgen, waarbij materieel, immaterieel, natuurlijk en digitaal erfgoed gelijk worden behandeld, en deze dimensies te zien als onderling en onlosmakelijk verbonden;

35. erkent het Europees actiekader voor cultureel erfgoed; wijst erop dat de in dit kader ondernomen acties moeten worden uitgevoerd en gepaard moeten gaan met toereikende middelen;

36. is van mening dat de bevindingen en aanbevelingen van de relevante studies in opdracht van de Commissie tot uiting moeten komen in haar maatregelen voor het behoud van cultureel erfgoed;

37. herhaalt zijn vraag aan de Commissie om één enkel EU-portaal, genaamd “Know Europe”, op te zetten, waarop informatie wordt samengebracht van alle EU-programma’s die cultureel erfgoed financieren, en om binnen de Commissie een gemeenschappelijke aanpak te volgen door middel van betere samenwerking tussen de verschillende beleidsterreinen in verband met cultureel erfgoed;

38. vindt het jammer dat de communicatie over het Europees erfgoedlabel nog onvoldoende is ontwikkeld en vraagt om steun voor de oprichting van een netwerk van de betrokken sites; is van mening dat locaties die dit label al hebben gekregen, moeten worden gepromoot en logistieke ondersteuning moeten krijgen;

39. roept op tot een strategische samenwerking tussen de Europese Unie en andere internationale organisaties, met name Unesco en de Raad van Europa, om de inspanningen en gemeenschappelijke normen voor het behoud en de bevordering van het cultureel erfgoed beter te coördineren en beste praktijken uit te wisselen;

40. merkt op dat nagenoeg driekwart van de bevraagde Europeanen van mening is dat de overheid meer middelen moet toewijzen aan cultureel erfgoed; beklemtoont dat de EU meer middelen moet uittrekken voor activiteiten in verband met cultureel erfgoed;

41. wijst op de noodzaak om de financiering voor cultureel erfgoed en cultuur in het algemeen te verhogen in het meerjarig financieel kader (MFK) voor de periode na 2020; herhaalt zijn oproep om in het volgende MFK het budget voor het programma Creatief Europa te verdubbelen en het budget voor het Erasmus+-programma te verdrievoudigen; benadrukt het potentieel van Creatief Europa om banden te leggen tussen levende kunst en materieel en immaterieel cultureel erfgoed; vraagt dat de begrotingstoewijzing voor erfgoedonderzoek in Horizon Europa versterkt wordt; merkt op dat er synergieën nodig zijn met andere sectorale beleidsmaatregelen en ook met de structuurfondsen, de verschillende programma’s van de Unie, waaronder Horizon Europa, Creatief Europa en LIFE, en de financieringsregelingen om cultureel erfgoed echt op de voorgrond te plaatsen; merkt op dat het belangrijk is het potentieel van de Europese structuurfondsen en investeringsfondsen voor het behoud van het cultureel erfgoed te vergroten; herhaalt zijn standpunt dat investeringen in infrastructuur voor cultuur en duurzaam toerisme als kleinschalige investeringen moeten worden beschouwd en in aanmerking moeten komen voor steun mits de cofinanciering uit het EFRO niet meer bedraagt dan 10 miljoen euro, en dat wanneer infrastructuur als mondiaal cultureel erfgoed wordt beschouwd, het plafond moet worden opgetrokken tot 20 miljoen euro;

42. is van mening dat in de Europese Green Deal maatregelen moeten worden opgenomen die de gevolgen van de klimaatverandering voor het cultureel erfgoed verzachten en dat erkend moet worden dat cultureel erfgoed een belangrijke rol kan vervullen bij het verwezenlijken van de klimaat- en duurzaamheidsdoelstellingen door middel van onderwijs, onderzoek en de heraanpassing van duurzame Europese traditionele praktijken;

43.  vindt het een goede zaak dat de culturele en creatieve sectoren tijdens de COVID-19-crisis snel hebben gereageerd en hun solidariteit hebben betuigd door het culturele erfgoed op grote schaal en vrijelijk online beschikbaar te stellen aan het publiek; is verontrust over de enorme impact die de gevolgen van de COVID-19-crisis zullen hebben op het cultureel erfgoed en de culturele en creatieve sectoren; vraagt dat de Commissie een uitgebreide analyse laat uitvoeren van de gevolgen van de pandemie voor de betrokken sectoren en de sector van het cultureel erfgoed in het bijzonder; dringt er bij de Commissie en de lidstaten op aan om adequate en gerichte financiële steun te bieden om de crisis in deze sectoren te verlichten en de mensen die in deze sectoren werken te helpen, onder meer door mensen met atypische vormen van werk toegang te geven tot sociale uitkeringen;

44. dringt erop aan dat extra inspanningen worden geleverd om voort te bouwen op het momentum van het EYCH en dat op basis hiervan duurzaam lokaal, regionaal, nationaal en Europees beleid wordt ontwikkeld, aangezien dit op zijn beurt een positieve economische, culturele en sociale bijdrage zou leveren en zou helpen om een gevoel van samenhorigheid te creëren tussen alle burgers in de Europese culturele ruimte, alsook van gedeelde verantwoordelijkheid voor het behoud, de verrijking en de bevordering van het cultureel erfgoed; verzoekt de Commissie te overwegen om in de toekomst nog een Europees Jaar van het cultureel erfgoed te organiseren;

45. vraagt dat de culturele dimensie van de Europese integratie, met inbegrip van erfgoed, wordt opgenomen in de strategische onderwerpen voor bespreking tijdens de komende conferentie over de toekomst van Europa;

46. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

 


 

TOELICHTING

Cultureel erfgoed is onze gezamenlijke bron van rijkdom die we hebben geërfd uit het verleden, die we in het heden koesteren en gebruiken en die we zullen doorgeven aan de toekomstige generaties. Cultureel erfgoed helpt ons te bepalen wie we zijn en waar we vandaan komen. Hoewel cultureel erfgoed de verschillen in onze tradities, talen en levenswijze in de verf zet, is het ook een rode draad die ons allen onderling verbindt. De rol van cultureel erfgoed voor de omarming en bevordering van diversiteit, cohesie, solidariteit en begrip is van onschatbare waarde.

Europeanen zijn het met elkaar eens dat cultureel erfgoed belangrijk is. Volgens de Eurobarometer-enquête is 84 % van de respondenten in de lidstaten van mening dat cultureel erfgoed belangrijk is voor hen persoonlijk en voor hun lokale gemeenschap, waarbij 87 % vindt dat het belangrijk is voor de eigen regio en 91 % meent dat cultureel erfgoed belangrijk is voor hun eigen land. Voorts zijn acht op tien respondenten (80 %) van mening dat cultureel erfgoed belangrijk is voor de Europese Unie in haar geheel. Deze cijfers wijken niet erg van elkaar af tussen de lidstaten.

Doeltreffend voortbouwen op de vorige beleidsmaatregelen in verband met het EYCH

Om onze diversiteit en alles wat ons verbindt te vieren werd 2018 gekozen als het Europees Jaar van het Cultureel Erfgoed (EYCH) in de EU. Dat jaar vonden meer dan 23 000 evenementen plaats (het EYCH-label werd toegekend aan meer dan 13 000 evenementen), die in alle lidstaten samen 12,8 miljoen mensen bereikten. De evenementen in verband met het EYCH hebben aldus ongeveer 2,5 % van de bevolking in de EU-28 bereikt[56].

Het EYCH was een initiatief van onderop, aangezien maatschappelijke organisaties pleitten voor de oprichting ervan en een sleutelrol vervulden in de voorbereiding en uitvoering. Onder de grotere verwezenlijkingen van het EYCH rekenen we dat het erin slaagde het nodige momentum te creëren en belanghebbenden uit de publieke en particuliere sector bij elkaar te brengen, met name niet-gouvernementele organisaties (ngo’s) die cultureel erfgoed bevorderen op lokaal, regionaal en nationaal niveau, zodat er een ware pan-Europese beweging tot stand kwam. Het is van cruciaal belang dat we dit momentum aanwenden om doeltreffend voort te bouwen op de vorige beleidsmaatregelen in verband met het EYCH. Het is eveneens van essentieel belang dat de samenwerking tussen de verschillende belanghebbenden, die tijdens het EYCH tot stand is gekomen, wordt voortgezet. Het verslag roept op tot de oprichting van een permanent platform, met in de kern maatschappelijke organisaties, voor samenwerking en coördinatie van het beleid inzake cultureel erfgoed op EU-niveau.

Er is nog veel werk aan de winkel. Het belang van de bevordering en bescherming van cultureel erfgoed is weliswaar erkend op nationaal en EU-niveau, maar de samenwerking en coördinatie tussen de lidstaten op alle bestuurlijke niveaus kan nog enorm worden verbeterd. Binnen de Europese instellingen is die situatie niet anders. Wat de Europese Commissie betreft, betreurt de rapporteur dat cultureel erfgoed noch cultuur in bredere zin worden vermeld in de hoofdtekst van haar werkprogramma voor 2020[57]. En hoewel de Commissie belangrijk werk verricht voor cultureel erfgoed, zijn de taken en activiteiten verspreid over diverse directoraten-generaal (DG’s). Dit verslag herhaalt de oproep van het Parlement om binnen de Commissie te komen tot een gemeenschappelijke aanpak, dankzij betere samenwerking tussen de verschillende beleidsterreinen die cultureel erfgoed behandelen.

De rapporteur verzoekt de Commissie een beter geïntegreerde benadering van cultureel erfgoed te hanteren, en daarbij materieel, immaterieel, natuurlijk en digitaal erfgoed te beschouwen als onderling en onlosmakelijk verbonden. De Commissie dient voort te bouwen op het Europees actiekader voor cultureel erfgoed, aan de hand van betere samenwerking tussen de verschillende beleidsterreinen die cultureel erfgoed behandelen.

Ook de EU-financiering voor cultureel erfgoed blijft versnipperd; ze is beschikbaar via de Europese structuur- en investeringsfondsen, diverse programma’s zoals Creatief Europa, Horizon Europa, Erasmus+ en het nieuwe programma Digitaal Europa. Het verslag herhaalt de verzoeken van het Parlement aan de Commissie om één enkel EU-portaal in te richten, waarop alle informatie wordt samengebracht uit alle EU-programma’s die cultureel erfgoed financieren. Voorts vraagt de rapporteur om synergie tot stand te brengen tussen andere sectorale beleidsmaatregelen en de verschillende EU-programma’s en financieringsregelingen en op die manier cultureel erfgoed werkelijk voor het voetlicht te brengen.

In dat verband meent de rapporteur dat het van groot belang is om een toereikende begroting veilig te stellen voor de programma’s Erasmus+ en Creatief Europa waarin in de toekomst mogelijk sterk zal worden gesnoeid. Ruimer gezien moet het meerjarig financieel kader (MFK) voldoende financiële middelen krijgen, vooral in het licht van de nieuwe initiatieven, in het bijzonder de Europese Green Deal. Als we de grotere ambities van de EU wensen te verwezenlijken is het niet constructief dat we onze aandacht sterk blijven richten op de drempel van 1,00 % van het bni van de EU wanneer over het MFK wordt onderhandeld.

Educatie en vaardigheden

De rapporteur beklemtoont het belang van geschiedenisonderwijs en educatie in cultureel erfgoed en wijst erop dat de banden tussen de cultureel-erfgoedsector en de onderwijssector moeten worden versterkt. Digitaal onderwijs en specifiek toegesneden open onlinecursussen voor een groot publiek (MOOC’s) en andere e-learninginitiatieven in verband met cultureel erfgoed kunnen een belangrijke rol vervullen aangezien ze een veel breder publiek bereiken, met name in de meer afgelegen gebieden.

Tegelijkertijd wijst de rapporteur op het groeiende tekort aan conservators-restaurateurs met vaardigheden die van onschatbare waarde zijn voor het behoud, de bescherming en handhaving van plaatsen die van belang zijn voor het cultureel erfgoed. Inmiddels kan het gebrek aan erfgoeddeskundigen en geschoolde ambachtslieden – een probleem dat de komende decennia naar verwachting zal verergeren ten gevolge van de vergrijzing – leiden tot een afname van activiteiten in verband met cultureel erfgoed, onder meer in verband met conservering en onderzoek, en tot een gebrek aan voorvechters van cultureel erfgoed. Het is belangrijk dat er in meer financiering wordt voorzien voor educatie in verband met cultureel erfgoed, en dat daarbij de klemtoon wordt gelegd op het aantrekken van nieuwe vakspecialisten.

Digitaal cultureel erfgoed

De rapporteur wenste vooral de aandacht te vestigen op digitaal cultureel erfgoed, gezien het toenemende belang daarvan. Het verslag onderstreept dat er een omvattend EU-kader moet worden ontwikkeld voor de bevordering en bescherming van digitaal erfgoed, aangezien de huidige pogingen daartoe versnipperd en ontoereikend zijn geweest. Voorts is de aanbeveling van de Commissie van 27 oktober 2011 betreffende de digitalisering en onlinetoegankelijkheid van cultureel materiaal en digitale bewaring niet meer bij de tijd en moet deze worden herzien om de nieuwe kansen en uitdagingen die de technologische vooruitgang met zich heeft meegebracht beter weer te geven.

Het verslag poogt een verschil aan te brengen tussen gedigitaliseerd en van oorsprong digitaal erfgoed aangezien op elk daarvan verschillende prioriteiten van toepassing zijn. Wat het eerste betreft, wordt in het verslag opgemerkt dat het belangrijk is gedigitaliseerde inhoud online te zetten om die breder toegankelijk te maken. De rapporteur onderstreept onder meer ook dat het te digitaliseren materiaal onbevooroordeeld moet worden geselecteerd zodat de geloofwaardigheid van digitale archieven en verzamelingen gegarandeerd is. Voorts pleit de rapporteur voor nauwere samenwerking tussen de lidstaten en de relevante sectoren zodat gedigitaliseerd cultureel erfgoed omvattender wordt bevorderd, waarbij onder meer de interoperabiliteit van de archieven wordt gegarandeerd en ervoor wordt gezorgd dat zij tot het openbare domein blijven behoren. In dit verband dient te worden opgemerkt dat de verklaring betreffende de samenwerking in verband met de bevordering van de digitalisering van cultureel erfgoed tot dusver door de meeste, maar niet door alle lidstaten is ondertekend.

Het is van cruciaal belang om te beginnen met de volledige bescherming van erfgoed dat van oorsprong al digitaal is. In dat verband is er behoefte aan goed doordachte nationale beleidsmaatregelen voor behoud in de lidstaten, met selectiebeslissingen die uitgaan van duidelijk omschreven beginselen en die op verantwoorde wijze worden genomen. Voorts is een verbetering van de digitale vaardigheden van het publiek een randvoorwaarde om ervoor te zorgen dat digitale inhoud meer wordt geraadpleegd en gebruikt. De rapporteur wijst op het belang van het Europeana-project, dat dient als digitale bibliotheek, archief, museum en educatief platform.

Economisch potentieel en duurzaamheid

De erfgoedsector is een belangrijke aanjager van groei en ontwikkeling aangezien ongeveer 300 000 mensen in Europa in die sector werkzaam zijn en 7,8 miljoen banen in Europa er onrechtstreeks verband mee houden[58]. In deze sector is het geschatte multiplicator voor de werkgelegenheid met 26,7 bijzonder hoog. Daarmee is deze hoger dan in veel andere sectoren[59]. Vooral cultureel toerisme is een belangrijke aanjager van groei in de EU. Zo kiezen vier op de tien toeristen hun bestemming op basis van het daar aanwezige culturele aanbod.

Niettemin beklemtoont de rapporteur dat het economische potentieel van de erfgoedsector niet mag worden ontsloten ten koste van de duurzaamheid ervan en waarschuwt voor de invloed van kortzichtige commerciële belangen die de authenticiteit van plaatsen van cultureel belang in gevaar kunnen brengen en de kwaliteit ervan kunnen aantasten. In dit verslag wordt gewaarschuwd voor de gevolgen voor cultureel erfgoed van vervuiling, vandalisme, diefstal en slecht beheerd massatoerisme, evenals voor de impact van de opwarming van de aarde en de klimaatverandering. De Commissie wordt daarbij verzocht concrete maatregelen uit te werken en voor te stellen voor de bewaring en bescherming van cultureel erfgoed in het licht van deze natuurlijke en door de mens veroorzaakte gevaren.

Ter bevordering van de duurzaamheid wordt de aanbeveling verstrekt inspanningen te blijven doen om reizen naar minder bekende en minder populaire bestemmingen en plattelandsgebieden aan te moedigen en om reizen tijdens het laagseizoen te bevorderen. De rapporteur is ingenomen met de rol van de Europese Culturele Routes, European Destinations of Excellence (EDEN) en het initiatief Europese hoofdstad van slim toerisme[60] die dienen als goede voorbeelden voor de bevordering van duurzaamheid en toegankelijkheid in het toerisme. De rapporteur verzoekt de Commissie de Verklaring van Barcelona met als titel “Better Places to Live, Better Places to Visit” te gebruiken als inspiratiebron voor maatregelen en beleid inzake duurzaam cultureel toerisme.

In het verslag wordt herhaald dat de zwarte handel in cultuurgoederen een ernstig probleem met een mondiale dimensie is dat maatregelen vereist die niet alleen door de lidstaten maar ook op internationaal niveau worden gecoördineerd. De rapporteur maakt zich zorgen over de bedreiging van cultureel erfgoed als gevolg van terrorisme in Europa en daarbuiten. Het is van cruciaal belang dat de EU een actievere rol op zich neemt bij de bevordering van de restauratie, conservering en bescherming van cultureel erfgoed, niet alleen in de Unie maar overal ter wereld.

Conclusie

Cultureel erfgoed is van inherente waarde en is een van de onderwerpen waarop in dit verslag de nadruk is gelegd. Daarom mogen discussies over cultureel erfgoed niet alleen toegespitst zijn op de bijdrage ervan aan andere sectoren – die ongetwijfeld zeer belangrijk zijn –, maar ook op wat wij – als samenlevingen en als de hele EU – kunnen doen om cultureel erfgoed te bevorderen en te beschermen. Het meest voor de hand liggende antwoord is: meer financiering verstrekken. Nagenoeg driekwart van de bevraagde Europeanen vindt immers dat overheden meer middelen moeten besteden aan cultureel erfgoed. Toch is het op zijn minst even belangrijk om te beschikken over een integrale EU-strategie ten aanzien van cultureel erfgoed om ervoor te zorgen dat dit de nodige erkenning krijgt die tot nu toe ontbrak.

Doeltreffend beleid dat voortbouwt op het EYCH zou inhouden: de bestaande inspanningen consolideren, de activiteiten sterker coördineren – niet alleen op het niveau van de lidstaten en de EU-instellingen, maar ook op het niveau van de maatschappelijke organisaties – en de nodige synergie tot stand brengen tussen de diverse belanghebbenden, beleidsmaatregelen, projecten en financieringsprogramma’s. Op die manier zal de Europese Unie veel beter in staat zijn om het cultureel erfgoed in heel Europa en daarbuiten met succes te beschermen en te bevorderen en om de sociale, economische en ecologische voordelen van cultureel erfgoed als instrument voor het realiseren van belangrijke beleidsprioriteiten en -doelstellingen volledig te ontsluiten.


INFORMATIE OVER DE GOEDKEURING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

Datum goedkeuring

27.10.2020

 

 

 

Uitslag eindstemming

+:

–:

0:

26

0

3

Bij de eindstemming aanwezige leden

Isabella Adinolfi, Christine Anderson, Andrea Bocskor, Vlad-Marius Botoş, Ilana Cicurel, Gilbert Collard, Gianantonio Da Re, Laurence Farreng, Tomasz Frankowski, Romeo Franz, Hannes Heide, Irena Joveva, Petra Kammerevert, Niyazi Kizilyürek, Predrag Fred Matić, Dace Melbārde, Victor Negrescu, Niklas Nienaß, Peter Pollák, Marcos Ros Sempere, Domènec Ruiz Devesa, Andrey Slabakov, Massimiliano Smeriglio, Michaela Šojdrová, Sabine Verheyen, Salima Yenbou, Theodoros Zagorakis, Milan Zver

Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

Pernando Barrena Arza

 


HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

 

 

26

+

PPE

Andrea Bocskor, Tomasz Frankowski, Peter Pollák, Michaela Šojdrová, Sabine Verheyen, Theodoros Zagorakis, Milan Zver

S&D

Hannes Heide, Petra Kammerevert, Predrag Fred Matić, Victor Negrescu, Marcos Ros Sempere, Domènec Ruiz Devesa, Massimiliano Smeriglio

RENEW

Vlad-Marius Botoş, Ilana Cicurel, Laurence Farreng, Irena Joveva

VERTS/ALE

Romeo Franz, Niklas Nienaß, Salima Yenbou

ECR

Dace Melbārde, Andrey Slabakov

GUE/NGL

Pernando Barrena Arza, Niyazi Kizilyürek

NI

Isabella Adinolfi

 

0

-

 

 

 

3

0

ID

Christine Anderson, Gilbert Collard, Gianantonio Da Re

 

Verklaring van de gebruikte tekens:

+ : voor

- : tegen

0 : onthouding

 

[1] https://eur-lex.europa.eu/resource.html?uri=cellar:2bf140bf-a3f8-4ab2-b506-fd71826e6da6.0003.02/DOC_1&format=PDF

[2] https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?uri=CELEX%3A12008E167

[3] https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:12012P/TXT&from=NL

[5] http://whc.unesco.org/archive/convention-en.pdf

[6] https://ich.unesco.org/doc/src/2003_Convention_Basic_Texts-_2018_version-EN.pdf

[7] https://unesdoc.unesco.org/ark:/48223/pf0000126065.locale=en

[8] https://unesdoc.unesco.org/ark:/48223/pf0000082464.locale=en

[9] https://unesdoc.unesco.org/ark:/48223/pf0000133378.locale=en

[10] http://data.consilium.europa.eu/doc/document/ST-13948-2018-INIT/nl/pdf#http://data.consilium.europa.eu/doc/document/ST-13948-2018-INIT/nl/pdf

[11] https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:52018DC0267&from=NL

[12] https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:52019DC0548&from=NL

[13] https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/?qid=1583225402586&uri=CELEX:52019DC0640

[14] PB L 159 van 28.5.2014, blz. 1.

[15] PB C 316 van 22.9.2017, blz. 88.

[16] Aangenomen teksten, P9_TA(2019)0021.

[17] PB C 463 van 23.12.2014, blz. 1.

[18] PB C 193 van 11.7.2000, blz. 1.

[19] PB C 183 van 14.6.2014, blz. 36.

[20] PB C 196 van 8.6.2018, blz. 20.

[21] https://www.coe.int/en/web/conventions/full-list/-/conventions/rms/0900001680083746

[22] https://ec.europa.eu/culture/sites/culture/files/library/documents/staff-working-document-european-agenda-culture-2018.pdf

[23] https://data.consilium.europa.eu/doc/document/ST-13956-2019-INIT/nl/pdf

[24] https://ec.europa.eu/commfrontoffice/publicopinion/index.cfm/ResultDoc/download/DocumentKy/80882

[25] https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:52014DC0477&from=NL

[26] https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CELEX:52014IR5515&from=NL

[27] PB L 131 van 20.5.2017, blz. 1.

[28] PB L 283 van 29.10.2011, blz. 39.

[29] https://ec.europa.eu/newsroom/dae/document.cfm?doc_id=58564

[30] PB C 196 van 8.6.2018, blz. 20.

[31] https://webapi2016.eesc.europa.eu/v1/documents/EESC-2018-01641-00-01-AC-TRA-NL.docx/content

[32] https://davosdeclaration2018.ch/media/Brochure_Declaration-de-Davos-2018_WEB_2.pdf

[33] https://www.ace-cae.eu/uploads/tx_jidocumentsview/LEEUWARDEN_STATEMENT_FINAL_EN-NEW.pdf

[34] https://www.diplomatie.gouv.fr/en/french-foreign-policy/europe/news/article/declaration-adopted-during-the-informal-meeting-of-european-union-member-state

[35] https://www.coe.int/en/web/conventions/full-list/-/conventions/rms/090000168006457e

[36] https://www.europanostra.org/wp-content/uploads/2018/09/Berlin-Call-Action-Eng.pdf

[37] https://www.europanostra.org/wp-content/uploads/2019/11/Paris-Manifesto_English.pdf

[38] http://blogs.encatc.org/culturalheritagecountsforeurope/wp-content/uploads/2015/06/CHCfE_FULL-REPORT_v2.pdf

[39] https://onedrive.live.com/?authkey=%21ALGmRQscySOLV5Q&cid=19E1928B8C6B7F5A&id=19E1928B8C6B7F5A%21157090&parId=19E1928B8C6B7F5A%21105860&o=OneUp

[40] https://op.europa.eu/portal2012-portlet/html/downloadHandler.jsp?identifier=8fe9ea60-4cea-11e8-be1d-01aa75ed71a1&format=pdf&language=en&productionSystem=cellar&part=

[41] http://openarchive.icomos.org/2083/1/European_Qualit/y_Principles_2019_EN.PDF

[42] https://www.icomos.org/charters/venice_e.pdf

[43] https://rm.coe.int/CoERMPublicCommonSearchServices/DisplayDCTMContent?documentId=090000168007a087

[44] https://www.coe.int/en/web/conventions/full-list/-/conventions/rms/090000168007bd25

[45] https://ec.europa.eu/info/sites/info/files/research_and_innovation/strategy_on_research_and_innovation/presentations/horizon_europe_en_investing_to_shape_our_future.pdf

[46] PB L 347 van 20.12.2013, blz. 221.

[47] PB L 347 van 20.12.2013, blz. 320.

[48] PB L 347 van 20.12.2013, blz. 289.

[49] Aangenomen teksten, P8_TA(2018)0332.

[50] Aangenomen teksten, P8_TA(2018)0447.

[51] PB C 93 van 9.3.2016, blz. 52.

[52] PB L 347 van 20.12.2013, blz. 104.

[53] Berekeningen gebaseerd op: https://ec.europa.eu/eurostat/statistics-explained/index.php/Population_and_population_change_statistics

[55] https://ec.europa.eu/commfrontoffice/publicopinion/index.cfm/ResultDoc/download/DocumentKy/80882, blz. 68.

[56] Berekeningen gebaseerd op https://ec.europa.eu/eurostat/statistics-explained/index.php/Population_and_population_change_statistics

[58] http://blogs.encatc.org/culturalheritagecountsforeurope/wp-content/uploads/2015/06/CHCfE_FULL-REPORT_v2.pdf

[59] http://blogs.encatc.org/culturalheritagecountsforeurope/wp-content/uploads/2015/06/CHCfE_FULL-REPORT_v2.pdf

[60] https://smarttourismcapital.eu

Laatst bijgewerkt op: 6 januari 2021Juridische mededeling - Privacybeleid