VERSLAG over de aanbeveling van het Europees Parlement aan de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid betreffende de politieke betrekkingen en samenwerking tussen de EU en Taiwan

    9.9.2021 - (2021/2041(INI))

    Commissie buitenlandse zaken
    Rapporteur: Charlie Weimers


    Procedure : 2021/2041(INI)
    Stadium plenaire behandeling
    Documentencyclus :  
    A9-0265/2021
    Ingediende teksten :
    A9-0265/2021
    Aangenomen teksten :

    ONTWERPAANBEVELING VAN HET EUROPEES PARLEMENT

    aan de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid betreffende de politieke betrekkingen en samenwerking tussen de EU en Taiwan

    (2021/2041(INI))

    Het Europees Parlement,

     gezien de jaarlijkse verslagen van het Europees Parlement over het GBVB en de onderdelen daarvan over de betrekkingen tussen de EU en Taiwan,

     gezien het in 2015 ingestelde mechanisme voor de dialoog tussen de EU en Taiwan over het industrieel beleid,

     gezien zijn resolutie van 9 oktober 2013 over de handelsbetrekkingen EU-Taiwan[1],

     gezien de deelname van Taiwan aan het Enterprise Europe Network, het European Cluster Cooperation Platform en de dialoog over de digitale economie,

     gezien het communiqué van de ministers van Buitenlandse Zaken en Ontwikkelingssamenwerking van de G7 van 5 mei 2021, in het bijzonder het deel over de steun voor een zinvolle deelname van Taiwan aan de fora van de Wereldgezondheidsorganisatie en aan de Wereldgezondheidsvergadering,

     gezien de samenwerkingsovereenkomsten voor de bestrijding van commerciële fraude en de toepassing van de internationale normen inzake goed fiscaal bestuur door Taiwan vanaf 2017,

     gezien de succesvolle samenwerking met Taiwan en de deelname van Taiwan aan de kaderprogramma’s van de Europese Unie,

     gezien het arbeidsoverleg tussen de EU en Taiwan dat in 2018 voor het eerst plaatsvond,

     gezien de visumvrijstelling van de EU voor houders van een Taiwanees paspoort sinds 2011,

     gezien het één-China-beleid van de EU,

     gezien de gezamenlijke verklaring van de leiders van de VS en Japan van 16 april 2021,

     gezien de gezamenlijke verklaring van de leiders van de VS en de Republiek Korea van 21 mei 2021,

     gezien de gezamenlijke mededeling van de Commissie 10 juni 2020, getiteld “Desinformatie in verband met COVID-19 aanpakken: feiten onderscheiden van fictie” (JOIN(2020)0008),

     gezien de conclusies van de Raad van 16 april over een EU-strategie voor samenwerking in de Indo-Pacifische regio,

     gezien artikel 118 van zijn Reglement,

     gezien het verslag van de Commissie buitenlandse zaken (A9-0265/2021),

    A. overwegende dat de EU en Taiwan gelijkgestemde partners zijn die de gemeenschappelijke waarden van vrijheid, democratie, mensenrechten en de rechtsstaat delen;

    B. overwegende dat de aanhoudende militaire strijdlustigheid van China en “grijze zone”-activiteiten, alsook andere vormen van provocatie van Taiwan, zoals spionage, cyberaanvallen en het rekruteren van Taiwanese talenten, een ernstige bedreiging vormen voor de status quo tussen Taiwan en China, alsook voor de vrede en stabiliteit in de Indo-Pacifische regio, en tot een gevaarlijke escalatie kunnen leiden; overwegende dat deze regio van groot belang is voor de EU, zowel vanwege de vele hechte partners die de EU daar heeft als vanwege het feit dat een van de lidstaten, Frankrijk, daar overzeese gebieden heeft;

    C. overwegende dat de EU zich er in 2016 toe heeft verbonden elk beschikbaar kanaal te gebruiken om initiatieven met het oog op de bevordering van de dialoog, samenwerking en vertrouwensopbouw tussen de twee zijden van de Straat van Taiwan te stimuleren; overwegende dat deze aspiraties tot dusver niet zijn waargemaakt;

    D. overwegende dat de strategie van Taiwan om de verspreiding van het coronavirus in te dammen een van de effectiefste strategieën ter wereld is gebleken; overwegende dat de inspanningen van Taiwan om op verschillende gebieden een actieve bijdrage te leveren aan het algemeen belang van de internationale gemeenschap tijdens de pandemie, onder andere door middel van talrijke internationale studies, een concreet voorbeeld zijn van het feit dat Taiwan zich gedraagt als een partner en bewijs vormen dat Taiwan ook zo moet worden behandeld; overwegende dat hieruit blijkt dat Taiwan de capaciteit heeft om even waardevolle bijdragen te leveren aan de internationale gemeenschap bij het aanpakken van de vele andere uitdagingen van deze tijd; overwegende dat de recente toename van het aantal COVID-19-besmettingen, het gebrek aan vaccins en de Chinese inmenging in de inspanningen van Taiwan om de vaccins zo snel mogelijk te verkrijgen, zeer zorgwekkend zijn;

    E. overwegende dat de EU nog altijd de grootste bron van directe buitenlandse investeringen (DBI) in Taiwan is, met een gecumuleerde waarde van 48 miljard EUR tot en met 2019, goed voor 31 % van de inkomende DBI van Taiwan; overwegende dat er veel mogelijkheden zijn om het aantal DBI van Taiwan in de EU te verhogen; overwegende dat Taiwan de markt voor de fabricage van halfgeleiders domineert, aangezien zijn producenten ongeveer 50 % van de halfgeleiders in de wereld produceren;

    F. overwegende dat de locatie van Taiwan, zijn cruciale rol in de wereldwijde hightechtoeleveringsketens, en zijn democratische levenswijze Taiwan een strategisch belangrijk land maken voor de Europese democratieën;

    G. overwegende dat het totale bedrag van de bilaterale handel tussen de EU en Taiwan in 2019 uitkwam op 51 miljard EUR, waarmee Taiwan de op vier na grootste handelspartner van de EU in Azië is en de op 14 na grootste handelspartner in de wereld;

    1. beveelt de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid en de Commissie aan:

    a) nauw samen te werken met de lidstaten om de politieke betrekkingen tussen de EU en Taiwan te intensiveren en een breed en versterkt partnerschap na te streven op basis van het één-China-beleid van de EU; Taiwan te beschouwen als een belangrijke partner en democratische bondgenoot in de Indo-Pacifische regio, aangezien het een robuuste democratie met een technologisch geavanceerde economie is die zou kunnen bijdragen aan de handhaving van een op regels gebaseerde orde te midden van een toenemende rivaliteit tussen grootmachten;

    b) zo snel mogelijk te beginnen met een effectbeoordeling, openbare raadpleging en verkennend onderzoek van een bilaterale investeringsovereenkomst met de Taiwanese autoriteiten ter voorbereiding van onderhandelingen om de bilaterale economische banden te versterken; aangezien een dergelijke overeenkomst zou leiden tot het versoepelen van vereisten voor “eigen inhoud” van Europese investeerders en producenten in Taiwan; gezien de regionale dynamiek, te wijzen op het belang van handels- en economische betrekkingen tussen de EU en Taiwan, onder meer met betrekking tot multilateralisme en de WTO, technologie en volksgezondheid, alsook op het belang van de essentiële samenwerking met betrekking tot kritieke voorraden van bijvoorbeeld halfgeleiders; spoort Taiwan aan om meer te investeren in de EU en merkt op dat Taiwan volwaardig lid is van de WTO;

    c) uiting te geven aan zijn ernstige bezorgdheid over de aanhoudende militaire strijdlustigheid van China tegenover Taiwan en hier de nadruk op te leggen, met name vanwege de aanzienlijke investeringen van China in militaire vermogens, zijn aanvalsoefeningen en de frequente schendingen van het Taiwanese luchtruim; voorts te wijzen op de opruiende Chinese retoriek waarmee wordt aangetoond dat China Taiwan wil opnemen in het totalitaire bewind van de Chinese Communistische Partij (CCP), en tegelijkertijd beweert te streven naar een vreedzame ontwikkeling van de betrekkingen met Taiwan, en erop aan te dringen dat wijzigingen in de betrekkingen tussen China en Taiwan niet unilateraal noch tegen de wil van Taiwanese burgers mogen worden doorgevoerd; de EU en de lidstaten te verzoeken een proactieve rol te spelen in de samenwerking met gelijkgestemde internationale partners om vrede en stabiliteit in de Straat van Taiwan na te streven en partnerschappen aan te gaan met de democratische regering van Taiwan;

    d) hun ernstige bezorgdheid te uiten over de situatie in de Oost- en Zuid-Chinese Zee en zich sterk te kanten tegen alle unilaterale pogingen om de status quo te veranderen en de spanning op te voeren; het belang te herhalen van eerbiediging van het internationaal recht, met name het VN-Verdrag inzake het recht van de zee (Unclos), met de bijbehorende bepalingen inzake de verplichting om geschillen langs vreedzame weg te beslechten en inzake het behoud van vrijheid van scheepvaart en van overvliegen;

    e) zich te herinneren dat het bewaren van de vrede en de stabiliteit in de Indo-Pacifische regio van essentieel belang is voor de EU en haar lidstaten; te benadrukken dat een militair conflict in de Straat van Taiwan niet alleen een aanzienlijke economische ontwrichting met gevolgen voor de Europese belangen zou betekenen, maar ook de op regels gebaseerde orde in de regio ernstig zou ondermijnen, alsook het democratische bestuur waarbij de mensenrechten, democratie en rechtsstaat centraal staan;

    f) in gedachten te houden dat de EU grote waarde hecht aan de veiligheid in de Straat van Taiwan en dat er een rechtstreeks verband bestaat tussen Europese voorspoed en Aziatische veiligheid, en dat het gevolgen zou hebben voor Europa als een conflict zich zou uitbreiden tot ver buiten het economische domein; te verklaren dat de maatregelen van China tegen Taiwan en in de Zuid-Chinese Zee gevolgen zullen hebben voor de betrekkingen tussen de EU en China;

    g) zijn bezorgdheid te uiten over de wetgeving van China inzake Taiwan en erop te wijzen dat het opleggen van de wet inzake de nationale veiligheid aan Hongkong de in de anti-afscheidingswet van 2005 vastgelegde bewering dat Taiwan een hoge mate van autonomie zou krijgen in geval van eenwording volledig onbetrouwbaar heeft gemaakt;

    h) te pleiten voor de betekenisvolle deelname van Taiwan als waarnemer aan vergaderingen, mechanismen en activiteiten van internationale organen, waaronder de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie (ICAO), de Internationale Organisatie van Criminele Politie (Interpol) en het VN-Raamverdrag inzake klimaatverandering (UNFCCC); de lidstaten en de EU-instellingen te verzoeken internationale initiatieven te steunen waarin wordt gepleit voor de deelname van Taiwan aan internationale organisaties; opnieuw ingenomen te zijn met de proactieve samenwerking van Taiwan met de internationale gemeenschap bij het verwerven van kennis over de COVID-19-pandemie en het vinden van de beste respons op de pandemie, en te benadrukken dat deze zaak heeft bewezen dat de bijdragen van Taiwan in de WHO een meerwaarde zouden zijn voor de gezondheid en het welzijn van alle burgers en van alle leden van de organisatie;

    i) te pleiten voor meer economische, wetenschappelijke, culturele, politieke en intermenselijke uitwisselingen, vergaderingen en samenwerking tussen de EU en Taiwan, en uitwisselingen met deelname van vertegenwoordigers van de lidstaten, ook op het hoogste niveau, zodat de dynamische, veelzijdige en nauwe samenwerking tussen de EU en Taiwan als gelijkgestemde partners volledig tot uiting komt; het dreigen met represailles en druk jegens Miloš Vystrčil, de voorzitter van de Tsjechische Senaat, door de Volksrepubliek China in verband met het bezoek van de voorzitter aan Taiwan in augustus 2020 te veroordelen, en op te merken dat de Tsjechische Republiek en elk ander soeverein land het recht heeft economische en culturele samenwerking met Taiwan tot stand te brengen;

    j) de spanningen in de Straat van Taiwan aan te pakken, de noodzaak om de democratie van Taiwan te beschermen, aan de orde te stellen, en het belang van Taiwan als EU-partner en regionale economische macht ter sprake te brengen in het kader van de toekomstige Indo-Pacifische strategie van de EU die momenteel door de EDEO en de Commissie wordt voorbereid; er bij de EU op aan te dringen nauw samen te werken met andere gelijkgestemde partners in het kader van haar Indo-Pacifische strategie om de dominerende houding van China in de regio aan te pakken en gezien de eigen belangen van de EU in de regio de op regels gebaseerde orde te versterken;

    k) initiatieven te blijven nemen om de bilaterale economische betrekkingen en de intermenselijke contacten te versterken, met name onder jongeren en onder meer in de academische wereld, het maatschappelijk middenveld, de sportwereld, de cultuurwereld en het onderwijs, alsook de partnerschappen tussen regio’s en tussen steden; bestaande partnerschappen tussen Europese en Taiwanese zustersteden te prijzen en de stedendiplomatie te stimuleren als instrument om de deelname van Taiwan aan internationale initiatieven te bevorderen, waardoor Taiwan de pogingen van China om zijn diplomatieke isolement verder te vergroten zal kunnen omzeilen;

    l) de samenwerking tussen Europa en Taiwan in de mediasector te stimuleren om de Chineestalige mediaomgeving in de EU te diversifiëren en een alternatief te bieden voor de mediakanalen die in handen zijn van de VRC;

    m) de EU en de lidstaten aan te sporen om in Europa het bewustzijn over de situatie in de Straat van Taiwan te vergroten, alsook over de complexiteit van de betrekkingen tussen Taiwan en China, door middel van het opzetten en financieren van specifieke programma’s en onderzoek gericht op de samenleving als geheel; het belang te benadrukken van het investeren in een inclusief debat in alle EU-lidstaten, waarbij aan het Europese publiek wordt uitgelegd wat de risico’s zijn van een autoritaire opmars in de Indo-Pacifische regio vanwege de dominerende houding van China en zijn pogingen om de democratie te ondermijnen, met name in Taiwan, en welke gevolgen het niet reageren op dit gevaar zou hebben voor democratieën over de hele wereld;

    n) dialoog en samenwerking met Taiwan aan te moedigen in alle industriële sectoren en leveringsketens, met name in opkomende bedrijfstakken en bedrijfstakken van strategisch belang, zoals elektronische voertuigen, robotica, slimme productie en halfgeleidertechnologieën;

    o) initiatieven te steunen die de EU in staat stellen partnerschappen aan te gaan met Taiwan op het gebied van ICT, biotechnologie, gezondheid en veiligheid, en concreet samen te werken en te werken aan initiatieven in verband met de connectiviteitsstrategie van de EU en de New Southbound Policy van Taiwan; een intensiever partnerschap op het gebied van halfgeleiders sterk te steunen;

    p) de centrale rol van Taiwan te erkennen in strategische industrieën zoals de vijfde generatie communicatie-infrastructuur (5G), aangezien het de thuisbasis is van ’s werelds grootste gieterij en de belangrijkste producent van halfgeleiders; te benadrukken dat microchips in de toekomst een centrale rol zullen spelen bij het vormgeven van de wereldorde en dat degene die de leiding heeft over het ontwerp en de productie van microchips de koers zal bepalen voor de 21e eeuw; eraan te herinneren dat de door de pandemie veroorzaakte onderbreking van de wereldwijde toeleveringsketens Taiwan voor het voetlicht heeft gebracht in de hang naar technologie, en de EU ook heeft doen stilstaan bij haar eigen kwetsbaarheden, hetgeen aantoont dat het dringend nodig is na te denken over het minder afhankelijk worden van externe actoren; daarom aan te dringen op meer samenwerking met Taiwan om de agenda van de EU inzake haar groene en digitale transitie te ondersteunen, alsook de inspanningen van de EU met het oog op de diversificatie van waarde- en toeleveringsketens, aangezien de vraag naar beide tijdens de pandemie is gegroeid, met nadruk op de behoefte aan meer investeringen en politieke steun, met name in waardeketens van strategisch belang, zoals micro-elektronica, autonoom rijden en artificiële intelligentie (AI), domeinen waarin Taiwan een centrale rol speelt;

    q) ingenomen te zijn met de organisatie van het eerste Europese investeringsforum in Taiwan in september 2020, en meer bilaterale investeringen in beide richtingen te stimuleren; aan te dringen op de toename van dergelijke investeringen, met name in bedrijfstakken waarin Taiwan voorop ligt, namelijk essentiële technologieën waaronder halfgeleiders, hetgeen de inspanningen van de EU om haar eigen capaciteit op het gebied van micro-elektronica te versterken, zou ondersteunen; op te merken dat na de dialoog tussen Taiwan en de EU over de digitale economie in 2020, de EU en Taiwan moeten voortbouwen op hun discussies over samenwerking op het gebied van onderzoek en technologie, blockchain, AI, cyberveiligheidscertificering, de gegevenseconomie en digitale connectiviteit, teneinde verdere synergieën te identificeren, de beleidsuitwisseling inzake de ontwikkeling van de digitale economie uit te breiden en bredere partnerschappen aan te gaan;

    r) ingenomen te zijn met de vrijwillige toezeggingen van Taiwan om de opwarming van de aarde te helpen bestrijden en zo bij te dragen aan de verwezenlijking van de doelstellingen van de Klimaatovereenkomst van Parijs;

    s) de EU en de lidstaten aan te sporen om nauwer te gaan samenwerken met Taiwan bij het bestrijden van desinformatie uit kwaadwillige derde landen, onder andere door de uitwisseling van beste praktijken, gezamenlijke benaderingen om de persvrijheid en journalistiek te bevorderen, een nauwere samenwerking op het gebied van cyberveiligheid en cyberdreigingen, het informeren van burgers en het verbeteren van de algemene digitale geletterdheid van de bevolking om de veerkracht van onze democratische stelsels te vergroten; een intensievere samenwerking tussen relevante Europese en Taiwanese denktanks op dat gebied te steunen;

    t) te overwegen lering te trekken uit de ervaring van Taiwan in de strijd tegen van het vasteland afkomstige desinformatie met betrekking tot de onafhankelijkheid van de media in Taiwan, die wordt verspreid door middel van socialemediaplatforms, door infiltratie van de Taiwanese televisie en gedrukte media om de publieke opinie te beïnvloeden met als doel de verkiezingen in Taiwan te ondermijnen; Taiwan te prijzen omdat het mediageletterdheid beschouwt als een nuttig en cruciaal instrument om mensen te informeren over hoe ze desinformatie kunnen herkennen en daarom mediageletterdheid heeft opgenomen in het schoolprogramma;

    u) te benadrukken dat de voordelen van de inspanningen van Taiwan in de strijd tegen desinformatie en nepnieuws niet voor Taiwan alleen gelden en niet alleen invloed hebben op de samenleving op het eiland, maar ook op de Chineessprekende gemeenschap in Hongkong en andere Zuidoost-Aziatische landen;

    v) te veroordelen dat China probeert de aanpak van de pandemie door de Taiwanese regering in een kwaad daglicht te stellen; de doeltreffende bottom-upbenadering van Taiwan te prijzen, geleid door zijn burgers, om nieuws en informatie op feiten te controleren met behulp van technologie, zoals AI, om de inspanningen op te voeren en de controleurs in staat te stellen de schadelijkste beweringen die op socialemediaplatforms circuleren te identificeren en zo de verspreiding ervan te stoppen;

    w) eraan te herinneren dat de dreiging waarmee Taiwan wordt geconfronteerd door de desinformatieactiviteiten van China onderdeel is van een groter probleem voor democratieën over de hele wereld in een tijdperk waarin communicatietechnologie cruciaal is voor de geopolitieke wedijver om mondiaal leiderschap; eraan te herinneren dat China, samen met andere niet-democratische landen, door toepassing van desinformatiecampagnes ook een grote bedreiging blijft voor democratieën in Europa, een bedreiging die aanzienlijk is toegenomen tijdens de pandemie, zoals vermeld in het verslag van de EDEO van juni 2020; op te merken dat samenwerking in de strijd tegen desinformatie daarom in het belang van zowel de EU als Taiwan is;

    x) De huidige samenwerking tussen de EU en Taiwan op het gebied van onderzoek en innovatie in het kaderprogramma Horizon Europa (2021-2027) verder te bevorderen; aan te dringen op de deelname van meer Taiwanese onderzoekers aan Horizon Europa in de toekomst;

    y) toerisme en de uitwisseling van jongeren met Taiwan verder te bevorderen door middel van initiatieven zoals werkvakantie, de Erasmusprogramma’s of de studiebeurs voor betrekkingen tussen Taiwan en Europa (Taiwan-Europe Connectivity Scholarship), en mogelijkheden voor samenwerking in het hoger onderwijs en op andere gebieden te verkennen, teneinde de expertise inzake China en Taiwan in Europa te versterken en bij te dragen aan een beter begrip van Europa in Taiwan;

    z) de EU en haar lidstaten aan te sporen de samenwerking met Taiwan te verbeteren met betrekking tot het kader voor wereldwijde samenwerking en opleiding (Global Cooperation & Training Framework − GCTF), een regionaal samenwerkingsplatform voor capaciteitsopbouw en opleidingsprogramma’s voor derde landen over de hele wereld;

    a bis) de naam van het Europees Bureau voor Economie en Handel in Taiwan te wijzigen in “Bureau van de Europese Unie in Taiwan” om de brede reikwijdte van onze banden weer te geven;

    a ter) ingenomen te zijn met de plannen om een Taiwanese vertegenwoordiging in Litouwen op te richten; het opleggen van economische sancties aan Litouwen door de Chinese regering te veroordelen; zijn steun en solidariteit met Litouwen in dit verband te betuigen, passende maatregelen te nemen en de Raad te verzoeken hetzelfde te doen;

    a quater) Taiwan als een uitstekende partner aan te bevelen bij de bevordering van de mensenrechten en de vrijheid van godsdienst in de Indo-Pacifische regio; te erkennen dat Taiwan het juiste voorbeeld heeft gegeven in de regio met zijn sterke staat van dienst wat betreft respect voor de fundamentele vrijheden, zowel op economisch als sociaal, gebied alsook voor politieke en culturele rechten, met inbegrip van de vooruitgang die is geboekt met betrekking tot lhbtqi+-rechten, en voor de rechten van inheemse gemeenschappen; de speciale vertegenwoordiger van de EU voor de mensenrechten en de speciale gezant van de EU voor de bevordering van de vrijheid van godsdienst of levensovertuiging te verzoeken deel te nemen aan internationale mensenrechtencongressen in Taiwan en concrete maatregelen te nemen om met Taiwan samen te werken teneinde de mensenrechten, sociale rechten, godsdienstvrijheid, digitale economie en duurzame groei van de ontwikkelingslanden in de Indo-Pacifische regio te bevorderen;

    a quinquies) de samenwerking met Taiwan te intensiveren om beste praktijken bij de aanpak van de COVID-19-pandemie uit te wisselen, initiatieven te nemen om het verkrijgen van vaccins te vergemakkelijken en om de samenwerking van de EU met Taiwan op het gebied van gezondheid en de bestrijding van overdraagbare ziekten te blijven versterken; de Taiwanese regering en het Taiwanese volk te prijzen voor hun relatief succesvolle beheersing van de pandemie in Taiwan zelf en voor hun ruimhartigheid bij het bieden van hulp aan andere landen; eraan te herinneren dat de doeltreffende respons van Taiwan afhankelijk was van transparantie, openheid en het gebruik van technologie in samenwerking met de maatschappij, een aanpak die gestoeld was op het vertrouwen van de bevolking;

    a sexies) de daden van solidariteit van Taiwan met de EU, zoals blijkt uit de donatie van meer dan 7 miljoen chirurgische maskers aan verschillende lidstaten tijdens onheilspellende eerste maanden van de pandemie, en eveneens vijf productielijnen voor maskers aan de Tsjechische Republiek, te prijzen; de EU te verzoeken op gelijke wijze solidair te zijn;

    a septies) de uitwisseling van inlichtingen tussen de lidstaten en Taiwan te blijven bevorderen, evenals de gezamenlijke bestrijding van grensoverschrijdende criminaliteit;

    a octies) te erkennen dat de VS en Japan voor het eerst in een gezamenlijke verklaring tijdens een recente bilaterale top het belang van vrede en stabiliteit in de Straat van Taiwan hebben benadrukt, gevolgd door een vergelijkbare verklaring van de G7 aan het begin van mei; erop aan te dringen dat de EU samenwerkt met andere gelijkgestemde partners, zoals Australië, Nieuw-Zeeland, India, Japan, Zuid-Korea en de Verenigde Staten, en te overwegen Taiwan uit te nodigen om samen met haar partners deel te nemen aan bestaande platforms en werkgroepen inzake essentiële bedrijfstakken;

    a nonies) lidstaten die geen overeenkomst ter vermijding van dubbele belasting en voorkoming van belastingvlucht of geen overeenkomst inzake uitwisseling van informatie over belasting met Taiwan hebben, aan te sporen zo spoedig mogelijk onderhandelingen over dergelijke overeenkomsten te starten;

    2. verzoekt zijn Voorzitter deze aanbeveling te doen toekomen aan de Raad, de Commissie en de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, alsmede aan de regering van Taiwan.

     


    INFORMATIE OVER DE GOEDKEURING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

    Datum goedkeuring

    1.9.2021

     

     

     

    Uitslag eindstemming

    +:

    –:

    0:

    60

    4

    6

    Bij de eindstemming aanwezige leden

    Alviina Alametsä, Alexander Alexandrov Yordanov, Maria Arena, Petras Auštrevičius, Traian Băsescu, Anna Bonfrisco, Reinhard Bütikofer, Fabio Massimo Castaldo, Susanna Ceccardi, Włodzimierz Cimoszewicz, Katalin Cseh, Tanja Fajon, Anna Fotyga, Michael Gahler, Sunčana Glavak, Raphaël Glucksmann, Klemen Grošelj, Bernard Guetta, Márton Gyöngyösi, Andrzej Halicki, Sandra Kalniete, Maximilian Krah, Andrius Kubilius, Ilhan Kyuchyuk, David Lega, Miriam Lexmann, Nathalie Loiseau, Antonio López-Istúriz White, Jaak Madison, Claudiu Manda, Lukas Mandl, Thierry Mariani, David McAllister, Vangelis Meimarakis, Sven Mikser, Francisco José Millán Mon, Javier Nart, Gheorghe-Vlad Nistor, Urmas Paet, Demetris Papadakis, Kostas Papadakis, Tonino Picula, Manu Pineda, Thijs Reuten, Jérôme Rivière, María Soraya Rodríguez Ramos, Nacho Sánchez Amor, Isabel Santos, Jacek Saryusz-Wolski, Andreas Schieder, Radosław Sikorski, Jordi Solé, Sergei Stanishev, Tineke Strik, Hermann Tertsch, Harald Vilimsky, Idoia Villanueva Ruiz, Viola Von Cramon-Taubadel, Witold Jan Waszczykowski, Charlie Weimers, Isabel Wiseler-Lima, Salima Yenbou, Željana Zovko

    Bij de eindstemming aanwezige vaste plaatsvervangers

    Robert Biedroń, Vladimír Bilčík, Andrea Cozzolino, Özlem Demirel, Assita Kanko, Hannah Neumann, Mick Wallace

     


    HOOFDELIJKE EINDSTEMMING IN DE BEVOEGDE COMMISSIE

    60

    +

    ECR

    Anna Fotyga, Assita Kanko, Jacek Saryusz-Wolski, Hermann Tertsch, Witold Jan Waszczykowski, Charlie Weimers

    ID

    Anna Bonfrisco, Susanna Ceccardi

    NI

    Fabio Massimo Castaldo, Márton Gyöngyösi

    PPE

    Alexander Alexandrov Yordanov, Vladimír Bilčík, Traian Băsescu, Michael Gahler, Sunčana Glavak, Andrzej Halicki, Sandra Kalniete, Andrius Kubilius, David Lega, Miriam Lexmann, Antonio López-Istúriz White, Lukas Mandl, David McAllister, Vangelis Meimarakis, Francisco José Millán Mon, Gheorghe-Vlad Nistor, Radosław Sikorski, Isabel Wiseler-Lima, Željana Zovko

    Renew

    Petras Auštrevičius, Katalin Cseh, Klemen Grošelj, Bernard Guetta, Ilhan Kyuchyuk, Nathalie Loiseau, Javier Nart, Urmas Paet, María Soraya Rodríguez Ramos

    S&D

    Maria Arena, Robert Biedroń, Włodzimierz Cimoszewicz, Andrea Cozzolino, Tanja Fajon, Raphaël Glucksmann, Claudiu Manda, Sven Mikser, Demetris Papadakis, Tonino Picula, Thijs Reuten, Nacho Sánchez Amor, Isabel Santos, Andreas Schieder, Sergei Stanishev

    Verts/ALE

    Alviina Alametsä, Reinhard Bütikofer, Hannah Neumann, Jordi Solé, Tineke Strik, Viola Von Cramon-Taubadel, Salima Yenbou

     

    4

    -

    NI

    Kostas Papadakis

    The Left

    Özlem Demirel, Manu Pineda, Mick Wallace

     

    6

    0

    ID

    Maximilian Krah, Jaak Madison, Thierry Mariani, Jérôme Rivière, Harald Vilimsky

    The Left

    Idoia Villanueva Ruiz

     

    Verklaring van gebruikte tekens:

    + : voor

    - : tegen

    0 : onthouding

     

     

    Laatst bijgewerkt op: 24 september 2021
    Juridische mededeling - Privacybeleid