Terug naar het Europarl-portaal

Choisissez la langue de votre document :

ONTWERPRESOLUTIE
PDF 97kWORD 45k
Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B5-0770/2001
11 december 2001
PE 313.260
 
B5‑◄0815►/2001
naar aanleiding van mondelinge vraag B5-0537/2001
ingediend overeenkomstig artikel 42, lid 5 van het Reglement
door Barbara O'Toole en Eluned Morgan
namens de PSE-Fractie
over minderheidstalen

Resolutie van het Europees Parlement over ◄minderheidstalen► 
B5‑0815/2001

Het Europees Parlement,

–  gezien de op 6 december 2001 door Eluned Morgan en Barbara O'Toole, namens de PSE-Fractie ingediende mondelinge vraag aan de Commissie (B5-0537/2001),

A.  overwegende dat de Europese Commissie sedert 1982 ten behoeve van de regionale en minderheidstalen goed werk heeft verricht, hoewel zij in haar mogelijkheden beperkt was door het ontbreken van een adequate rechtsgrondslag,

B.  overwegende dat de Raad en de Commissie alle lof verdienen omdat zij zich met succes hebben ingezet voor het Europese Jaar van de Talen, en bijzonder ingenomen met het feit dat de regionale en minderheidstaalgemeenschappen in de gehele Europese Unie hierbij actief betrokken zijn geweest,

C.  in overweging van het feit dat het Belgisch voorzitterschap dient te worden gefeliciteerd met de resolutie van de Raad inzake taalkundige diversiteit en het leren van talen; evenwel teleurgesteld over het feit dat daarin geen gewag wordt gemaakt van regionale en minderheidstalen, doch tegelijkertijd constaterend dat regionale en minderheidstalen in die resolutie niet nadrukkelijk terzijde worden geschoven,

D.  overwegende dat moet worden erkend dat gemeenschappen die zich van minder gebruikte talen bedienen een belangrijke bijdrage zullen kunnen leveren in het kader van het debat over de toekomst van Europa,

E.  in dit verband opnieuw verwijzend naar zijn eerdere resoluties over regionale en minderheidstalen, met name betreffende:

   *het Gemeenschapshandvest voor de rechten van etnische minderheden (Arfe, 1981)
   *maatregelen ten behoeve van minderheidstalen en -culturen (Arfe, 1983)
   *de talen en culturen van de regionale en etnische minderheden in de Europese Gemeenschap (Kuijpers, 1987)
   *de positie van de talen in Gemeenschap en van het Catalaans (Reding, 1991)
   *de taalminderheden in de Europese Gemeenschap (Killilea, 1994),

F.  teleurgesteld over het gebrek aan belangstelling bij de Raad voor de 40 miljoen burgers - welke nagenoeg 60 taalgroepen in de Europese Unie vertegenwoordigen - die regionale of minderheidstalen spreken,

G.  tevens met teleurstelling constaterend dat over culturele aangelegenheden in de Europese Unie nog steeds bij gewone meerderheidsstemming wordt besloten, en van mening dat cultuur van artikel 251 zou moeten worden overgeheveld naar artikel 252, dat stemming bij gekwalificeerde meerderheid verplicht stelt,

H.  het betreurend dat het Hof van Justitie bij arrest C-106/96 van 12 mei 1998 heeft uitgesproken dat de begrotingslijn voor minderheidstalen, die reeds twintig jaar bestaat, dient te worden opgeheven,

I.  met teleurstelling constaterend dat de Commissie nog steeds geen programma voor minderheidstalen heeft ingediend,

J.  overwegende dat de digitale technologie ingrijpende gevolgen heeft voor minderheids- en regionale talen, in die zin dat zij taalkeuzes kan helpen vergemakkelijken,

K.  overwegende dat onderzoek heeft uitgewezen dat er een nauw verband bestaat tussen toerisme, binnenlandse migratie en de achteruitgang van talen,

L.  overwegende dat in het advies van het Comité van de Regio's over "De bevordering en bescherming van regionale en minderheidstalen" (juni 2001) als standpunt wordt geponeerd dat de EU zich bij al haar activiteiten op het gebied van taalbeleid moet laten leiden door het streven naar instandhouding, overdracht van generatie op generatie, gebruik, bevordering en kwaliteit van regionale en minderheidstalen, en dat daarin de mening wordt uitgesproken dat taal alle aspecten van het menselijk leven bestrijkt en dat taalkwesties een integratief en alomvattend karakter dragen en als zodanig op alle terreinen bij de formulering en implementatie van beleid aanwezig dienen te zijn,

1.  dringt aan op een directe rechtsgrondslag voor het gebruik van regionale en minderheidstalen met het oog op de invoering van een meerjarenprogramma op lange termijn voor regionale en minderheidstalen;

2.  verlangt dat de EU initiatieven ontplooid ter aanvulling en initiëring van activiteiten op dat terrein in de lidstaten wanneer de bescherming van autochtone regionale en minderheidstalen te wensen overlaat of onbestaande is;

3.  dringt aan op herziening van de nationale en regionale wet- en regelgeving en praktijken die discriminerend zijn voor regionale of minderheidstalen;

4.  spoort de lidstaten ertoe aan het Handvest van de Raad van Europa voor regionale en minderheidstalen te ondertekenen, te ratificeren en na te leven;

5.  spoort de Commissie ertoe aan taal te verheffen tot een alomvattend thema, en binnen de desbetreffende algemene programma's financiële middelen uit te trekken ten behoeve van regionale en minderheidstalen, en verzoekt de directoraten-generaal informatie bij te houden omtrent de bedragen die worden gespendeerd aan regionale en minderheidstalen, met name in het kader van de structuurfondsen, en verslag uit te brengen over de effectiviteit daarvan;

6.  dringt erop aan dat de Raad en de Commissie in het kader van de uitbreiding van de EU van de kandidaat-lidstaten verlangen dat zij regionale en minderheidstalen en -culturen eerbiedigen en zich ten volle houden aan artikel 22 van het Handvest van de grondrechten van de EU en zich tevens aansluiten bij de paragrafen 1.1 en 1.2 van de jaarverslagen over de vorderingen op weg naar de toetreding;

7.  dringt erop aan dat de Commissie de middelen die op de begroting voor 2002 zijn uitgetrokken in het kader van de overeenkomst uit 1998 m.b.t. de maatregelen ter voorbereiding op de uitbreiding ook daadwerkelijk spendeert en erop toeziet dat deze goed worden gebruikt;

8.  dringt er bij de Commissie op aan voort te bouwen op de in het kader van het Europese Jaar van de Talen (2001) verrichte werkzaamheden en daartoe vóór eind 2002 een meerjarenprogramma in te dienen, waarin ook geld wordt uitgetrokken voor regionale en minderheidstalen;

9.  verzoekt de Raad erop toe te zien dat de implementatie van artikel 22 van het Handvest van de grondrechten van de EU op de agenda wordt geplaatst voor de komende intergouvernementele conferentie;

10.  dringt er bij de Commissie en het Europees Parlement op aan de burgers van de EU directe informatie te verstrekken over regionale en minderheidstalen;

11.  roept de Commissie en de Raad op het gebruik van regionale en minderheidstalen in de particuliere sector te bevorderen op het gebied van marketing, reclame en merkvorming, en daarnaast meer kansen te scherpen in de werkgelegenheidssfeer en het gebruik van deze talen op dit terrein te normaliseren;

12  dringt er bij de Commissie en de Raad op aan nichemarketing aan te moedigen door zich met name op een zodanige wijze tot specifieke publieksgroepen te richten dat deze zich cultureel bewust worden van het bestaan van regionale en minderheidstalen en deze gaan steunen, en door in te spelen op de factor "consumentenvertrouwen";

13.  verzoekt de Commissie erop toe te zien dat minderheidstalen ten volle worden betrokken bij alle nieuwe technologieprogramma's van de Commissie zoals e-Content;

14.  dringt er bij de Raad en de Commissie op aan kennis te nemen van het advies van het Comité van de Regio's inzake "De bevordering en bescherming van regionale en minderheidstalen" (juni 2001), en met name van de in deel L van dat advies vermelde punten;

15.  dringt er bij de Commissie op aan gelijke kansen voor regionale en minderheidstalen te bevorderen bij het gebruik van technologie die op ruime schaal wordt ingezet voor meerderheidstalen (zoals vertaalsoftware), teneinde de overdracht van goede praktijken mogelijk te maken;

16.  verzoekt de Commissie en de Raad het ontplooien van initiatieven op taalgebied en het gemeenschappelijk eigendom van regionale en minderheidstalen op plaatselijk niveau aan te moedigen en als katalysator te fungeren bij de verwezenlijking van taalkundige autonomie;

17.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Commissie, de Raad en het Comité van de Regio's.

Juridische mededeling - Privacybeleid