Ontwerpresolutie - B6-0484/2006Ontwerpresolutie
B6-0484/2006

ONTWERPRESOLUTIE

4.9.2006

naar aanleiding van vraag voor mondeling antwoord B6‑427/2006
ingediend overeenkomstig artikel 108, lid 5 van het Reglement
door Johan Van Hecke
namens de ALDE-Fractie
over de opschorting van de onderhandelingen over de Ontwikkelingsagenda van Doha (DDA)

Procedure : 2006/2615(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus :  
B6-0484/2006
Ingediende teksten :
B6-0484/2006
Aangenomen teksten :

B6‑0484/2006

Resolutie van het Europees Parlement over de opschorting van de onderhandelingen over de Ontwikkelingsagenda van Doha (DDA)

Het Europees Parlement,

–  gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, met name op de artikelen 36, 27 en 133 hiervan,

–  gezien de op 14 november 2001 in Doha aangenomen ministerverklaring van de Wereldhandelsorganisatie (WTO),

–  gezien het besluit over het werkprogramma van Doha dat op 1 augustus 2004 door de Raad Algemene Zaken werd aangenomen,

–  gelet op artikel 108, lid 5 van zijn Reglement,

A.  overwegende dat het stelsel van de multilaterale handel, dat concreet vorm krijgt in de Wereldhandelsorganisatie, in de afgelopen vijftig jaar aanzienlijk heeft bijgedragen tot economische groei, ontwikkeling en werkgelegenheid,

B.  overwegende dat de internationale handel een belangrijke rol kan vervullen bij de bevordering van de economische ontwikkeling en de verlichting van de armoede,

C.  overwegende dat het niet-afsluiten van de onderhandelingen in 2006 het risico in zich bergt dat de Doha-ronde mislukt hetgeen weer de geloofwaardigheid van het stelsel van de multilaterale handel kan aantasten en kan uitmonden in een verschuiving naar bilaterale en regionale handelsakkoorden, die vaak het gebrek aan evenwicht tussen de industrielanden en de ontwikkelingslanden nog versterken,

D.  overwegende dat de Doha-ronde moet leiden tot resultaten waarmee de ontwikkeling wordt versterkt op alle gebieden waarover wordt onderhandeld, met name in het belang van armere en kwetsbare ontwikkelingslanden;

1.  is diep verontrust over het besluit om de onderhandelingen over de Ontwikkelingsagenda van Doha op te schorten;

2.  betreurt ten zeerste het gebrek aan aspiraties dat een gevaar vormt voor het vermogen om tot welk zinvol resultaat van de DDA dan ook te komen

3.  dringt derhalve aan op een grotere inzet van alle belangrijke spelers, met inbegrip van de EU, de VS en de nieuwe industrielanden;

4.  is bezorgd over het gevaar dat het uitblijven van een overeenkomst over de DDA kan leiden tot een ineenstorting van het huidige stelsel van de multilaterale handel;

5.  wijst erop dat het mislukken van de multilaterale onderhandelingen en een verschuiving naar bilaterale en regionale akkoorden leiden tot een oneerlijk proces van liberalisatie en een ongelijke ontwikkeling, hetgeen vooral voor de minst ontwikkelde landen nadelige gevolgen heeft;

6.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie en de WTO.