Ontwerpresolutie - B6-0548/2006Ontwerpresolutie
B6-0548/2006

ONTWERPRESOLUTIE

23.10.2006

naar aanleiding van de verklaringen van de Voorzitter van het Europees Parlement en de fractievoorzitters
ingediend overeenkomstig artikel 103, lid 2 van het Reglement
door
–   Hans-Gert Poettering, József Szájer, Péter Olajos, namens de PPE-DE-Fractie
–   Martin Schulz, Hannes Swoboda, Csaba Sándor Tabajdi, namens de PSE-Fractie
–   Graham Watson, István Szent-Iványi, namens de ALDE-Fractie
–   Daniel Cohn-Bendit, Milan Horáček, namens de Verts-ALE-Fractie
–   Brian Crowley, Cristiana Muscardini, Roberta Angelilli, Wojciech Roszkowski, Michał Tomasz Kamiński, Konrad Szymański, Ģirts Valdis Kristovskis, Adam Jerzy Bielan, namens de UEN-Fractie
over de vijftigste verjaardag van de Hongaarse revolutie van 1956 en de historische betekenis daarvan voor Europa

Procedure : 2006/2644(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus :  
B6-0548/2006
Ingediende teksten :
B6-0548/2006
Debatten :
Aangenomen teksten :

B6‑0548/2006

Resolutie van het Europees Parlement over de vijftigste verjaardag van de Hongaarse revolutie van 1956 en de historische betekenis daarvan voor Europa

Het Europees Parlement,

–  gelet op artikel 103, lid 2 van zijn Reglement,

A.  overwegende dat de Europese Unie is gegrondvest op de beginselen van vrijheid, democratie, rechtsstatelijkheid en eerbiediging van de mensenrechten en de fundamentele vrijheden, welke beginselen alle lidstaten delen,

B.  overwegende dat de landen in Midden- en Oost-Europa als gevolg van de in Jalta overeengekomen deling van Europa na de tweede wereldoorlog meer dan vier decennia van hun soevereiniteit en vrijheid beroofd waren,

C.  overwegende dat de communistische regimes in Midden- en Oost-Europa niet berustten op de instemming of de wil van het volk en in stand werden gehouden door het bezettende sovjetleger en door de samenwerking tussen communistische partijen,

D.  herinnerend aan de moed en vastberadenheid van de Hongaren die op 23 oktober 1956 de straat op zijn gegaan uit protest tegen de dictatuur van de communistische partij,

E.  zijn respect betuigend voor het doorzettingsvermogen van de Hongaren die hun strijd voor vrijheid, nationale onafhankelijkheid en burgerrechten hebben voortgezet ondanks het uitblijven van enigerlei militaire steun uit het westen en ondanks het ingrijpen en het overweldigende militaire overwicht van de Sovjetunie,

F.  vol eerbied voor de menselijke en politieke moed van Imre Nagy, de hervormingsgezinde communistische premier van Hongarije, die de juiste betekenis toekende aan de elementaire uiting van de wil van het volk en het politieke leiderschap van de volksrevolutie voor vrijheid en democratie aanvaardde, totdat hij uiteindelijk zijn leven opofferde en een martelaar voor de vrijheid werd toen hij in 1958 werd geëxecuteerd omdat hij niet toegaf aan de druk om de revolutie publiekelijk af te zweren,

G.  vol eerbied voor de slachtoffers van de revolutie - bij de gevechten kwamen 2.170 mensen om het leven - en van de wrede represailles - 228 mensen werden tussen 1956 en 1961 geëxecuteerd, 20.000 werden er tussen 1956 en 1958 gearresteerd en gevangen gezet en duizenden werden nog tientallen jaren na de revolutie door de teruggekeerde communistische leiding gediscrimineerd,

H.  zijn dank uitsprekend voor de solidariteit van mensen in veel westerse landen die in 1956 en 1957 194.000 Hongaarse vluchtelingen hebben opgenomen,

I.  in het besef van de essentiële waarde van de solidariteit tussen landen in het algemeen en in het bijzonder tussen verscheidene landen in Midden- en Oost-Europa die voor hun vrijheid hebben gevochten - de Hongaren, Tsjechen, Slowaken, Polen, Duitsers, Esten, Letten en Litouwers,

J.  in het besef van het historische en politieke verband tussen de Hongaarse revolutie in oktober 1956 en diverse andere vormen van verzet en verzetsbewegingen, zoals de demonstraties in het Poolse Poznan in juni 1956, de Praagse lente in 1968, de geboorte van Solidariteit in Polen in 1980 en de democratiebewegingen in de voormalige USSR, met name die van de Baltische volkeren,

K.  beseffend dat de Hongaarse revolutie een historische poging was tot hereniging van een gedeeld Europa en als zodanig een hoeksteen blijft van ons gezamenlijke Europese historische erfgoed,

L.  beseffend hoe de Hongaarse revolutie heeft bijgedragen tot het versterken van de samenhang in de democratische wereld en de uiteindelijke oprichting van de Europese Gemeenschappen in 1957 en een voorloper vormde van de democratische politieke veranderingen die zich in 1989-1990 in Midden- en Oost-Europa hebben voltrokken, waardoor de vreedzame hereniging van Europa mogelijk werd via het Europese integratieproces,

1.  erkent de Hongaarse revolutie van 1956 als een van de emblematische uitingen in de 20e eeuw van het streven naar vrijheid en democratie waarmee het communisme in het sovjetblok werd getrotseerd;

2.  eert de dappere mannen en vrouwen van Hongarije die door hun zelfopoffering een baken van hoop werden voor andere naties die onder het communistische juk zuchtten;

3.  onderstreept dat de democratische gemeenschap de repressieve en ondemocratische communistische ideologie ondubbelzinnig moet afwijzen en de beginselen van vrijheid, democratie, mensenrechten en rechtsstatelijkheid moet huldigen en duidelijk positie moet kiezen wanneer deze beginselen worden geschonden;

4.  doet een beroep op alle democratische landen om de misdaden die door alle totalitaire regimes zijn begaan, in alle duidelijkheid te veroordelen;

5.  verzoekt om opstelling van een Europees programma ter versterking van de samenwerking tussen onderzoeks- en documentatiecentra in de lidstaten die de misdaden van totalitaire regimes bestuderen;

6.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie en de regeringen en parlementen van de lidstaten.