Ontwerpresolutie - B6-0190/2007Ontwerpresolutie
B6-0190/2007

ONTWERPRESOLUTIE

2.5.2007

naar aanleiding van de verklaringen van de Raad en de Commissie
ingediend overeenkomstig artikel 103, lid 2 van het Reglement
door Jan Marinus Wiersma, Hannes Swoboda, Reino Paasilinna en Panagiotis Beglitis
namens de PSE-Fractie
over de Top EU-Rusland

Procedure : 2007/2554(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus :  
B6-0190/2007
Ingediende teksten :
B6-0190/2007
Debatten :
Aangenomen teksten :

B6‑0190/2007

Resolutie van het Europees Parlement over de Top EU-Rusland

Het Europees Parlement,

–  gelet op de partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst (PSO) tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Russische Federatie, anderzijds, die in 1997 in werking is getreden en in 2007 afloopt,

–  gelet op het mensenrechtenoverleg tussen de EU en Rusland,

–  onder verwijzing naar zijn eerdere resoluties over Rusland en met name zijn resolutie van 26 mei 2005 over de betrekkingen tussen de EU en Rusland[1],

–  onder verwijzing naar zijn resolutie van 13 december 2006 over de Top EU-Russia[2],

–  gelet op artikel 103, lid 2 van zijn Reglement,

A.  overwegende dat de betrekkingen tussen de EU en Rusland zich de afgelopen jaren gestaag hebben ontwikkeld, hetgeen heeft geleid tot een diepgaande, omvattende economische integratie en wederzijdse afhankelijkheid, die in de nabije toekomst zeker nog groter zal worden,

B.  overwegende dat versterkte samenwerking en goede nabuurschapsbetrekkingen tussen de EU en Rusland van essentieel belang zijn voor de stabiliteit, de veiligheid en de welvaart van heel Europa,

C.  overwegende dat het sluiten van een strategische partnerschapsovereenkomst tussen de EU en de Russische Federatie van het grootste belang is voor deze versterkte samenwerking, in het bijzonder met betrekking tot de verdere ontwikkeling van de economische betrekkingen op basis van gelijkheid, transparantie en eerbiediging van internationaal erkende procedures, tot de versterking van de veiligheid en stabiliteit in Europa door te zoeken naar een vreedzame politieke oplossing voor regionale conflicten in de gezamenlijke omgeving, en tot de verdere versterking van de eerbiediging van de mensenrechten, de rechtsstaat en een democratisch kader als basis voor deze betrekkingen,

D.  overwegende dat een snelle tenuitvoerlegging van de vier gemeenschappelijke gebieden, namelijk een gemeenschappelijk economisch gebied, een gebied van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid, een gebied van externe veiligheid en een gebied van onderzoek, onderwijs en cultuur, centraal dient te staan in de onderhandelingen over een nieuwe strategische partnerschapsovereenkomst,

E.  overwegende dat een toekomstige overeenkomst tussen de EU en de Russische Federatie de beginselen van het Energiehandvest dient te bevatten, om de banden weer aan te halen en de Europese zorgen te verminderen dat Rusland zijn enorme energiereserves als politiek wapen gebruikt,

F.  overwegende dat Litouwen een energiecontract tussen de EU en de Russische federatie dreigt te blokkeren wegens het sinds juni 2006 afsluiten van de Russische Druzhba-oliepijpleiding naar de Mazeikiu Nafta-raffinaderij in Litouwen als gevolg van, naar wordt beweerd, opzettelijk trage reparaties van een lekkage door Transneft, de Russische exploitant van pijpleidingen,

G.  overwegende dat de spanningen tussen Estland en Rusland oplopen nu Estland het bronzen soldatenstandbeeld ter ere van de tijdens de Tweede Wereldoorlog gevallen Sovjetsoldaten uit het centrum van Tallinn heeft verwijderd; overwegende dat het feit dat Rusland overweegt sancties aan Estland op te leggen, tot verdere vertragingen zou kunnen leiden in de onderhandelingen met Rusland over de PSO,

H.  overwegende dat de EU en Rusland spreken over de inrichting van een "hotline" voor energiecrises, zodat ambtenaren in Brussel en Moskou onmiddellijk contact met elkaar kunnen opnemen om een mogelijke verstoring van de gas- en olievoorziening door politieke problemen of technische ongevallen te voorkomen,

I.  overwegende dat de start van een nieuwe kaderovereenkomst tussen de EU en Rusland die de in 2007 aflopende PSO vervangt en ook Bulgarije en Roemenië zal omvatten, een positief teken zou zijn dat zowel de EU als Rusland de basis wil leggen voor verdere intensieve samenwerking, met name bij gemeenschappelijke belangen op energie- en veiligheidsgebied,

J.  overwegende dat het begin van de onderhandelingen over de nieuwe kaderovereenkomst vertraging heeft opgelopen en afhankelijk is gesteld van het opheffen van een in 2005 door Moskou ingesteld invoerverbod voor Pools vlees; overwegende dat de EU pogingen in het werk stelt een compromis voor de invoer van Pools vlees te vinden, om uit deze politieke impasse te geraken,

K.  overwegende dat Rusland na maanden onderhandelen tussen de Commissie, het Duitse voorzitterschap en Polen enerzijds en Rusland anderzijds bereid lijkt met de EU tot een compromis te komen in een poging om uit deze impasse te geraken, zodat beide zijden onderhandelingen kunnen aangaan over een nieuwe kaderovereenkomst,

L.  overwegende dat er in de internationale gemeenschap toenemende bezorgdheid bestaat over de eerbiediging van de mensenrechten en de rechtsstaat in Rusland, met name ten aanzien van de vrijheid van meningsuiting en het recht van vergadering,

M.  overwegende dat zowel EU-burgers die naar Rusland reizen, als Russische burgers die de EU willen binnenkomen, momenteel worden geconfronteerd met ingewikkelde visumcontroles,

N.  overwegende dat de Amerikaanse plannen om een raketafweersysteem op Europese bodem, namelijk in Polen en de Tsjechische Republiek, te plaatsen, Rusland hebben verontrust en een verhit debat hebben veroorzaakt over het machtsevenwicht en een potentiële wapenwedloop,

1.  erkent het belang van Rusland als strategische samenwerkingspartner waarmee de EU niet alleen economische en handelsbelangen gemeen heeft, maar ook de doelstelling van nauwe samenwerking op het internationale toneel en in de gemeenschappelijke omgeving;

2.  onderstreept het belang van eenheid en solidariteit tussen alle EU-lidstaten in hun betrekkingen met Rusland; doet daarom een beroep op de EU om met één stem te blijven spreken tijdens de bijeenkomsten met Rusland, om zo een grotere politieke kracht te vertegenwoordigen in het belang van al haar lidstaten en bovenal in het Europees belang;

3.  is verheugd over de voortgaande gedachtewisseling over de mensenrechten in Rusland in het kader van het Mensenrechtenoverleg EU-Rusland; onderstreept evenwel dat de huidige situatie in Rusland aanleiding geeft tot ernstige bezorgdheid over de eerbiediging van de mensenrechten, de democratie, de vrijheid van meningsuiting en het recht van organisaties en personen om bezwaar te maken tegen handelingen van de autoriteiten en deze daarvoor ter verantwoording te roepen;

4.  spreekt zijn diepe zorg uit over het geweldgebruik van de Russische autoriteiten tegen deelnemers aan vreedzame demonstraties tegen de regering in Moskou en St. Petersburg de afgelopen weken; onderstreept dat vrijheid van meningsuiting en het recht van vergadering fundamentele mensenrechten zijn en dat een voortzetting van deze trend daarom een negatieve invloed zal hebben op de algehele reputatie van Rusland;

5.  verzoekt Rusland, dat lid is van de Verenigde Naties, de OVSE en de Raad van Europa, aan zijn verplichtingen te voldoen en de mensenrechten, de vrijheid van vergadering en de vrijheid van meningsuiting zonder enig voorbehoud in acht te nemen en te eerbiedigen;

6.  dringt er bij de Commissie en de Raad op aan de huidige situatie en de toekomstige ontwikkelingen in Ruisland te blijven volgen; wijst erop dat een breder debat over de situatie in Rusland op de agenda van de Raad dient te worden geplaatst;

7.  onderstreept dat er met Rusland als noodzakelijke strategische partner moet worden samengewerkt om voor vrede, stabiliteit en veiligheid te zorgen en het internationale terrorisme en gewelddadig extremisme te bestrijden, alsmede andere veiligheidsvraagstukken aan te pakken, zoals nucleaire en milieurisico's, drugs, wapen- en mensenhandel en de grensoverschrijdende georganiseerde misdaad in de omgeving van Europa, dit in samenwerking met de OVSE en andere actoren in internationale fora;

8.  verzoekt de Commissie en de Raad gezamenlijk met de Russische regering initiatieven te nemen ter versterking van de democratie, de veiligheid en de eerbiediging van de fundamentele mensenrechten in Wit-Rusland, en gezamenlijk pogingen in het werk te stellen om eindelijk een oplossing te vinden voor de conflicten in Moldavië, Georgië en Nagorno Karabach; verzoekt de EU en Rusland hun verantwoordelijkheid als leden van het Kwartet te nemen voor de regeling van het conflict in het Midden-Oosten en zich in te zetten voor het houden van een internationale vredesconferentie over een regionaal vredesakkoord voor het Midden-Oosten;

9.  wijst erop dat de EU en Rusland een gemeenschappelijk belang hebben bij multilaterale oplossingen voor mondiale vraagstukken; herinnert eraan dat wederzijds vertrouwen en begrip de basis moeten vormen voor een doeltreffend partnerschap voor de lange termijn; onderstreept dat beide partijen de rol en de initiatieven van de Verenigde Naties moeten steunen om een compromisoplossing voor de status van Kosovo te vinden die de vrede en stabiliteit in de hele regio zou waarborgen; juicht de opstelling van Rusland in het zeslandenoverleg met Noord-Korea toe en verzoekt Rusland om een soortgelijke opstelling bij het zoeken naar een oplossing voor de ontwikkelingen in Iran, Irak en Centraal-Azië;

10.  spreekt zijn bezorgdheid uit over de verklaringen van president Poetin als reactie op de Amerikaanse plannen voor het plaatsen van anti-ballistische raketten in Europa en roept alle betrokken partijen op de dialoog aan te gaan; spreekt zijn diepe bezorgdheid uit over het Amerikaanse voorstel onderdelen van het raketafweersysteem in Polen en de Tsjechische Republiek te stationeren, hetgeen tot een nieuwe wapenwedloop zou kunnen leiden en de mondiale veiligheid dus eerder zou verminderen dan vergroten, en wenst derhalve dat deze voorstellen zowel in de EU als in de NAVO diepgaand worden besproken; verzoekt de VS en alle direct en indirect betrokken partners het multilaterale kader van het non-proliferatieregime te ondersteunen;

11.  merkt op dat het Europese Nabuurschapsbeleid al een aantal mogelijkheden tot multilaterale samenwerking biedt; verzoekt om oprichting van een Gemeenschap EU-Zwarte Zee, naar het voorbeeld van de Noordse Dimensie, om meer dialoog te bevorderen en te stimuleren met het oog op een stabielere, veiligere en democratischere omgeving;

12.  is verheugd over de initiatieven om visumvrij reizen tussen de Europese Unie en Rusland mogelijk te maken, als voorbode van verbeterde betrekkingen die ertoe leiden dat de burgers niet alleen het recht hebben om te reizen, maar ook om te werken; roept op tot verdere samenwerking bij illegale immigratie, betere controle van identiteitspapieren en een betere informatie-uitwisseling over terrorisme en de georganiseerde misdaad; onderstreept dat de Raad en de Commissie ervoor moeten zorgen dat Rusland voldoet aan alle voorwaarden die worden gesteld in een tussen beide zijden te sluiten akkoord over afschaffing van de visumplicht, om een verstoring van de veiligheid of democratie in Europa te voorkomen;

13.  is verheugd over de geïntensiveerde dialoog tussen de EU en Rusland over energievraagstukken; onderstreept het belang van de energie-invoer voor de Europese economieën, hetgeen een mogelijkheid biedt voor verdere economische en handelssamenwerking tussen de EU en Rusland; benadrukt dat de beginselen van onderlinge afhankelijkheid en transparantie de basis dienen te vormen voor deze samenwerking, naast gelijke toegang tot markten, infrastructuur en investeringen; verzoekt de Raad en de Commissie ervoor te zorgen dat de beginselen van het Energiehandvest en de conclusies van de G8 worden opgenomen in een nieuwe overeenkomst tussen de EU en Rusland, waaronder verdere samenwerking op het gebied van efficiënt energiegebruik, energiebesparing en hernieuwbare energie;

14.  is verheugd over de inspanningen en initiatieven van het Duitse voorzitterschap om prioriteit toe te kennen aan dit belangrijke onderwerp; onderstreept dat de dialoog over energie bovenaan de agenda van het komende voorzitterschap moet blijven staan;

15.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie en de regeringen en parlementen van de lidstaten en de Russische Federatie.