Ontwerpresolutie - B6-0304/2008Ontwerpresolutie
B6-0304/2008

    ONTWERPRESOLUTIE

    13.6.2008

    naar aanleiding van vragen voor mondeling antwoord B6‑0164/2008 en B6‑0165/2008
    ingediend overeenkomstig artikel 108, lid 5 van het Reglement
    door Pervenche Berès
    namens de Commissie economische en monetaire zaken
    over staatsinvesteringsfondsen

    Procedure : 2008/2589(RSP)
    Stadium plenaire behandeling
    Documentencyclus :  
    B6-0304/2008
    Ingediende teksten :
    B6-0304/2008
    Aangenomen teksten :

    B6‑0304/2008

    Resolutie van het Europees Parlement over staatsinvesteringsfondsen

    Het Europees Parlement,

    –  gezien de mededeling van de Europese Commissie van 27 februari 2008 getiteld "een gemeenschappelijke Europese aanpak van staatsinvesteringsfondsen" (COM(2008)0115),

    –  gezien de lopende werkzaamheden van het Internationaal Monetair Fonds en met name van de internationale werkgroep voor staatsinvesteringsfondsen,

    –  gezien het verslag van het investeringscomité van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) van 4 april 2008,

    –  gelet op de artikelen 64 en 65 van het Verdrag,

    –  gelet op artikel 108, lid 5, van zijn Reglement,

    A.  overwegende dat staatsinvesteringsfondsen (SWF) al meer dan 50 jaar actief zijn op de mondiale financiële markt,

    B.  overwegende dat de SWFs zich niet schuldig hebben gemaakt aan ontwrichting van de financiële markten,

    C.  overwegende dat zij door hun eigendomsstructuur buiten de reikwijdte vallen van de regulering van de financiële markt in Europa,

    D.  overwegende dat de investeringsstrategie van de SWFs een voorkeur vertoont voor stabiele investeringen op lange termijn,

    E.  overwegende dat er enige bezorgdheid bestaat over het gebrek aan transparantie van een aantal SWFs voor wat betreft hun activa, investeringsstrategieën, winsten en bestuursstructuur,

    F.  overwegende dat zij tijdens de recente financiële crisis een rol hebben gespeeld bij het bewaren van een aantal belangrijke financiële instellingen voor bankroet,

    G.  overwegende dat de SWF's groeipotentieel bezitten,

    H.  overwegende dat de Europese Unie zich een krachtig voorstander moet blijven tonen van openheid ten aanzien van investeringen en van het vrij verkeer van kapitaal,

    1.  is van mening dat de SWFs geen schuld dragen aan een ontwrichting van de kapitaalmarkten, maar dat door hun structuur, hun omvang en hun snelle groei behoefte is ontstaan aan een nauwgezette analyse van hun rol en invloed; is zich ervan bewust dat hun houding tegenover transparantie en bestuur uiteenloopt;

    2.  is er bezorgd over dat het gebrek aan transparantie van de meeste staatsinvesteringsfondsen het onmogelijk maakt een behoorlijk inzicht te krijgen in hun structuren en bedoelingen; verzoekt de Europese Commissie te erkennen dat transparantie en openheid de sleutel vormen tot het scheppen van eerlijke concurrentieverhoudingen en een soepel functioneren van de markten in het algemeen;

    3.  is ingenomen met de mededeling van de Commissie aan de Raad van 27 februari 2008 over SWF's waarin het belang van de vrije markten en het streven van de Commissie naar een mondiale oplossing wordt onderstreept; neemt kennis van de diverse initiatieven ter vergroting van de transparantie en verbetering van het bestuur zowel op nationaal niveau als in internationale fora en verzoekt de Europese Commissie nauw samen te werken met het IMF en de OESO om een wereldwijde gedragscode tot stand te brengen;

    4.  is echter van mening dat deze mededeling beschouwd dient te worden als een eerste stap en verzoekt de Europese Commissie dan ook de activiteiten van de SWFs te volgen en een coördinerende rol te spelen om ervoor te zorgen dat nationale initiatieven niet botsen met het aantrekken van investeringen en de positie van de Europese Unie op de wereldmarkt niet in gevaar brengen;

    5.  dringt er bij de Europese Commissie op aan opdracht te geven voor een analyse van de instrumenten die de Europese Unie ten dienste staan, zowel wat betreft verdragsbepalingen als bestaande wetgeving, zoals eisen van transparantie, stemrecht, rechten van aandeelhouders en gouden aandelen, om een reactie mogelijk te maken ingeval van eigendomsproblemen als gevolg van optreden van SWFs;

    6.  verzoekt de Raad en de Europese Commissie de speelruimte in te schatten die de Europese instellingen resteert in verband met de bepalingen van de artikelen 64 en 65 van het Verdrag, om de mogelijkheden na te gaan voor een gecoördineerd optreden op EU-niveau, wat cruciaal is voor de belangen van de Unie en het goede functioneren van de interne markt; verzoekt de Europese Commissie een lijst op te stellen van sectoren die zouden kunnen vallen onder de reikwijdte van artikel 65 over de openbare orde;

    7.  verzoekt de Europese Commissie en de Raad opdracht te geven tot een diepgaande analyse van het functioneren van de mondiale financiële markten en, rekening houdend met wereldwijde initiatieven, een krachtige Europese visie vast te leggen en te uit te dragen, die beginselen en regels voor het functioneren van die markten zou moeten omvatten; is van opvatting dat een dergelijk gemeenschappelijk standpunt een versterking zou betekenen van de positie van de Unie in internationale fora; verzoekt de Europese Unie haar handelen te baseren op het wederkerigheidsbeginsel;

    8.  is bezorgd over de olieprijzen en de gevolgen ervan op de wisselkoers tussen euro en dollar, aangezien oliewinsten vaak via SWFs opnieuw worden geïnvesteerd in activa die in euro's zijn gesteld en in de markten van de eurozone als geheel;

    9.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Commissie en de Raad.