Ontwerpresolutie - B6-0619/2008Ontwerpresolutie
B6-0619/2008

ONTWERPRESOLUTIE

1.12.2008

naar aanleiding van de verklaringen van de Raad en de Commissie
ingediend overeenkomstig artikel 103, lid 2 van het Reglement
door Raül Romeva i Rueda en Angelika Beer
namens de Verts/ALE-Fractie
over de gedragscode van de EU betreffende de wapenhandel - verzuim van de Raad om het gemeenschappelijk standpunt aan te nemen en de gedragscode te veranderen in een wettelijk bindend instrument - noodzaak de tussenhandel in wapens te beperken

Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B6-0619/2008

Procedure : 2008/2682(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus :  
B6-0619/2008

B6‑0619/2008

Resolutie van het Europees Parlement over de gedragscode van de EU betreffende de wapenhandel - verzuim van de Raad om het gemeenschappelijk standpunt aan te nemen en de gedragscode te veranderen in een wettelijk bindend instrument - noodzaak de tussenhandel in wapens te beperken

Het Europees Parlement,

–  gelet op artikel 103, lid 2 van zijn Reglement,

A.  overwegende dat de gedragscode van de Europese Unie inzake de uitvoer van wapens in 2008 tien jaar bestaat,

B.  overwegende dat de Werkgroep export van conventionele wapens van de Raad (COARM) twee jaar geleden, op 30 juni 2005, op technisch niveau overeenstemming heeft bereikt over de tekst van een gemeenschappelijk standpunt na langdurige onderhandelingen over een herziening van de gedragscode betreffende de wapenhandel ten einde deze te veranderen in een doeltreffend instrument voor de controle op de wapenuitvoer vanaf het grondgebied van de EU en door bedrijven in de EU,

C.  overwegende dat de gedragscode door de aanneming van dit gemeenschappelijk standpunt voor alle lidstaten een juridisch bindend instrument voor controle op de uitvoer van wapens zal worden,

D.  overwegende dat de Europese Raad, ondanks herhaalde oproepen daartoe van het Europees Parlement, sinds 2005 niet in staat is gebleken dit gemeenschappelijk standpunt op politiek niveau aan te nemen, waardoor het vraagstuk onopgelost blijft,

E.  overwegende dat deze kwestie des te urgenter is geworden als gevolg van ontwikkelingen als:

  • -diverse initiatieven om het aankoopbeleid voor wapens van de afzonderlijke lidstaten,    alsmede de intracommunautaire wapenhandel en ‑verkoop te harmoniseren;
  • -hernieuwde belangstelling voor beheersing van de gevolgen van de tussenhandel in    wapens, met name sinds de inwerkingtreding van de luchtveiligheidsregels van de EU    en de gevolgen daarvan voor luchtvrachtvervoerders,

1.  herhaalt met klem zijn kritiek op de politieke impasse die als gevolg van de niet-aanneming van dit gemeenschappelijk standpunt is ontstaan, in het licht van het feit dat de gedragscode al tien jaar bestaat;

2.  verzoekt het Franse voorzitterschap met klem deze kwestie op te lossen en ervoor te zorgen dat het gemeenschappelijk standpunt nog voor het eind van het voorzitterschap wordt aangenomen;

3.  herhaalt dat de bijdrage van de EU aan een internationaal bindend verdrag inzake de wapenhandel aanzienlijk aan geloofwaardigheid zal winnen zodra haar eigen regeling voor de wapenuitvoer juridisch bindend wordt;

4.  herhaalt dat gelijktijdig met de vaststelling van het gemeenschappelijk standpunt onder meer de volgende maatregelen moeten worden genomen:

a)  het voorkomen van onverantwoordelijke wapenhandel door een strikte toepassing van de criteria van de gedragscode zowel op bedrijven als op nationale strijdkrachten;

b)  het verbeteren en toepassen van controles op de tussenhandel; het voorkomen van illegale wapenhandel door de lucht of over zee door omzetting van het gemeenschappelijk standpunt van de EU inzake de tussenhandel in een voor alle EU-lidstaten bindende wet;

c)  het snel onderzoeken van recente meldingen van schending van wapenembargo's;

d)  het voorkomen van verkopen aan particuliere tussenhandelaren van wapens die in de loop van EVDB- en SSR-operaties en andere acties van de EU zijn ingezameld en van de daaropvolgende verkoop ervan aan andere regio's waar gewelddadige conflicten of spanning heersen;

e)  het verbeteren van de transparantie en kwaliteit van gegevens die door de lidstaten van de EU worden voorgelegd in het kader van het jaarrapport over de gedragscode;

5.  is ervan overtuigd dat de aanneming van het gemeenschappelijk standpunt inzake de gedragscode betreffende de wapenexport naar derde landen van vitaal belang is voor een behoorlijke tenuitvoerlegging van de toekomstige instrumenten ter harmonisering en liberalisering van de intracommunautaire handel in defensiemateriaal;

6.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie alsmede aan de regeringen en parlementen van de lidstaten.