Procedure : 2010/2771(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B7-0426/2010

Ingediende teksten :

B7-0426/2010

Debatten :

PV 07/07/2010 - 18
CRE 07/07/2010 - 18

Stemmingen :

PV 08/07/2010 - 6.6
CRE 08/07/2010 - 6.6

Aangenomen teksten :

P7_TA(2010)0284

ONTWERPRESOLUTIE
PDF 127kWORD 78k
Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B7-0412/2010
5.7.2010
PE442.024v01-00
 
B7-0426/2010

naar aanleiding van een verklaring van de Commissie

ingediend overeenkomstig artikel 110, lid 2, van het Reglement


over een op rechten gebaseerde aanpak van de hiv/aids-strategie van de EU


Ulrike Lunacek, Heidi Hautala, Barbara Lochbihler, Judith Sargentini namens de Verts/ALE-Fractie

over een op rechten gebaseerde aanpak van de hiv/aids-strategie van de EU  
B7‑0426/2010

Het Europees Parlement,

–   gezien de aanstaande 18-de internationale aids-conferentie: "Right Here, Right Now", van 18 tot 23 juli 2010 in Wenen,

–   gezien de Verbintenisverklaring inzake hiv/aids die de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties tijdens haar 26-ste bijzondere zitting op 27 juni 2001 heeft aangenomen onder de titel "Global Crisis – Global Action",

–   gezien de bijzondere zitting van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties (UNGASS) op hoog niveau over hiv/aids van 2 juni 2006 en de politieke verklaring die op deze bijeenkomst is aangenomen,

–   gezien de verklaring van Abuja van 27 april 2001 over hiv/aids, tuberculose en aanverwante besmettelijke ziekten, het gemeenschappelijk standpunt van Afrika tijdens de UNGASS-bijeenkomst op hoog niveau van 2006 en de op 4 mei 2006 door de Afrikaanse Unie in Abuja ondertekende oproep voor versnelde maatregelen met het oog op algemene toegang tot dienstverlening in verband met hiv en aids, tuberculose en malaria in Afrika,

–   onder verwijzing naar zijn resolutie van 6 juli 2006 over HIV/AIDS: "Tijd om te handelen!", van 24 april 2007 over de bestrijding van hiv/aids in de Europese Unie en de naburige landen, 2006-2009, en van 20 november 2008 over HIV/AIDS: vroegtijdige diagnose en behandeling,

–   gezien de conclusies van de Raad over de vooruitgang die geboekt is met het Europees actieprogramma voor externe maatregelen tegen hiv/aids, malaria en tuberculose (2007-2011), november 2009,

–   gezien het UNAIDS-rapport van 2009 over de mondiale aidsepidemie,

–   gezien het UNAIDS Outcome Framework 2009-2011,

–   gezien de Mededeling van de Commissie over "Bestrijding van hiv/aids in de Europese Unie en de buurlanden" en de strategie voor de bestrijding van hiv/aids in de EU en haar buurlanden 2009-2013,

–   gezien het VN-rapport over de millenniumdoelstellingen voor ontwikkeling van 2010,

–   onder verwijzing naar zijn resolutie van 15 juni 2010 over de vorderingen bij de verwezenlijking van de millenniumdoelstellingen voor ontwikkeling: tussentijdse herziening ter voorbereiding op de VN-bijeenkomst op hoog niveau in september 2010,

–   gelet op artikel 116 van zijn Reglement,

A. overwegende dat het aantal mensen met hiv/aids blijft toenemen, dat er in de hele wereld nu naar schatting 33,4 miljoen hiv-geïnfecteerden zijn en dat er in 2008 2,7 miljoen hiv-geïnfecteerden bij zijn gekomen, hetgeen bijzonder verontrustend is,

B.  overwegende dat subsaharaans Afrika nog steeds de zwaarst getroffen regio is met 22,4 miljoen hiv-patiënten en 71% van alle nieuwe hiv-infecties in 2008,

C. overwegende dat naar schatting 17,5 miljoen kinderen één of beide ouders aan aids hebben verloren in 2008 - waarvan de overgrote meerderheid in subsaharaans Afrika - en vaak worden gestigmatiseerd en gediscrimineerd en de toegang tot basisdiensten zoals onderwijs en woonruimte wordt ontzegd, hetgeen hun kwetsbaarheid voor infectie met hiv verder vergroot,

D. overwegende dat vrouwen en meisjes nog altijd in onevenredig grote mate hiv/aids hebben,en dat vrouwen ongeveer 60% van alle hiv/aids-infecties in subsaharaans Afrika uitmaken en dat hiv/aids nog altijd de voornaamste oorzaak van dood en ziekte onder vrouwen in de reproductieve leeftijd is,

E.  overwegende dat seksuele contacten met personen van hetzelfde geslacht nog altijd sterk zijn gestigmatiseerd, vooral in subsaharaans Afrika, en dat in 31 landen seksuele contacten met personen van hetzelfde geslacht, ook met onderlinge instemming, strafbaar zijn, hiervoor in vier landen de doodstraf geldt, en er in andere landen gevangenisstraffen tot tien jaar voor worden opgelegd, waarbij een dergelijke stigmatisering hiv/aids-preventie bemoeilijkt,

F.  overwegende dat er tot nu toe onvoldoende aandacht is voor de band tussen hiv/aids en handicaps, hoewel personen met een handicap voorkomen onder alle sleutelgroepen met een verhoogd risico van infectie met hiv/aids,

G. overwegende dat aids wereldwijd nog steeds een van de belangrijkste doodsoorzaken is, waaraan in 2008 2 miljoen sterfgevallen moesten worden toegeschreven, en dat het naar verwachting ook in de komende decennia een belangrijke oorzaak van voortijdige sterfte zal blijven,

H. overwegende dat tegen eind 2009 naar schatting 5 miljoen mensen in lage- en midden-inkomenslanden antiretrovirale therapie ontvingen, een tienvoudige stijging in vijf jaar tijd en een ongekende schaalvergroting in de geschiedenis van de gezondheidszorg,

I.   overwegende dat het aantal nieuwe besmettingen sneller blijft stijgen dan de toename van de behandelingscapaciteit, en dat in 2009 niettemin twee derde van de mensen die een behandeling nodig hadden, er geen gekregen hebben, hetgeen betekent dat 10 miljoen mensen geen toegang hadden tot de effectieve behandeling waaraan zij behoefte hadden,

J.   overwegende dat er sterke bewijzen zijn voor de theorie dat hiv-preventie een effectief middel is voor het reduceren van het aantal nieuwe infecties, en dat er helaas een belangrijke programmatische kloof is bij het bij preventie-inspaningen betrekken van mensen met hiv,

K. overwegende dat er steeds meer bewijs is betreffende verhoogde infectie- en risiconiveaus onder sleutelgroepen(1) van de bevolking, met inbegrip van sekswerkers, mannen die seks hebben met mannen, gevangenen, intraveneuze drugsgebruikers, migranten en mobiele werkenden in bijna alle regio's, en ook in landen met algemene epidemieën, en dat er in het algemeen een te lage prioriteit wordt toegekend aan en te weinig financiële middelen ter beschikking worden gesteld door hiv-preventieprogramma's voor die groepen, met speciale aandacht voor het genderperspectief,

L.  overwegende dat vanwege de stagmatisering van hiv/aids 30% van de hiv-geïnfecteerden niet op de hoogte zijn van hun hiv-positieve status, en dat uit studies blijkt dat niet-gediagnosticeerde infectie de verdere verspreiding van hiv in de hand werkt en de kans op vroegtijdige sterfte onder hiv-geïnfecteerden vergroot,

M. overwegende dat de criminalisering van illegale drugsgebruikers in een groot aantal landen verhindert dat zij toegang hebben tot hiv-preventie, behandeling en zorg, en de verspreiding van hiv ten gevolg van intraveneus drugsgebruik bevordert,

N. overwegende dat 106 landen nog altijd wetgeving hebben en een beleid voeren dat een significante belemmering vormt voor een doeltreffende bestrijding van hiv,

O. overwegende dat toegang tot gezondheidszorg een fundamenteel recht is, dat is vastgelegd in de mensenrechtenverklaring van de VN,

P.  overwegende dat de Doha-verklaring de bescherming van de volksgezondheid voorrang toekende boven de bescherming van particuliere commerciële belangen en het recht bevestigde van ontwikkelingslanden om vrijwaringsclausules bij de TRIPS-overeenkomst, zoals verplichte vergunningen, te gebruiken om octrooien te omzeilen wanneer dat noodzakelijk is voor het beschermen van de volksgezondheid en het bevorderen van de toegang tot geneesmiddelen voor eenieder,

Q. overwegende het huidige prijsstellingssysteem, waarbij ondernemingen ontwikkelingslanden vrijwillig kortingen op geneesmiddelen geven, niet waarborgt dat geneesmiddelen ook daadwerkelijk betaalbaar zijn omdat zogenaamde 'single-source'-geneesmiddelen ook met kortingen nog te duur zijn; verder overwegende dat kortingen soms niet beschikbaar zijn omdat de producenten de desbetreffende geneesmiddelen niet overal registreren of op de markt brengen, en omdat sommige ondernemingen landen met een middeninkomen überhaupt geen kortingen bieden,

1.  herhaalt dat toegang tot gezondheidszorg is opgenomen in de universele verklaring van de rechten van de mens, en dat regeringen zich aan hun verplichtingen moeten houden door eenieder toegang tot volksgezondheidsdiensten te waarborgen;

2.  is daarnaast van oordeel dat de EU prioriteit moet toekennen aan bescherming en ondersteuning van mensenrechtenactivisten, met inbegrip van hen die zich voornamelijk inzetten voor het geven van voorlichting over hiv/aids; verzoekt in dit verband in het bijzonder de hoge vertegenwoordiger/ondervoorzitter van de Commissie ervoor te zorgen dat alle concrete acties en maatregelen in de Europese richtsnoeren betreffende mensenrechtenactivisten volledig worden geïmplementeerd voor vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld die actief zijn op het gebied van hiv/aids;

3.  verzoekt de Commissie en de Raad zich aan hun beloften te houden en meer te doen voor het bestrijden van aids als een mondiale volksgezondheidsprioriteit, waarbij mensenrechten en vrouwenrechten van centraal belang zijn voor hiv-preventie, behandeling, zorg en ondersteuning, waaronder in het kader van de EU-ontwikkelingssamenwerking;

4.  verzoekt de Commissie en de lidstaten met name aandacht te besteden aan de behoeften van vrouwen op het vlak van hiv/aids-preventie, door de toegang tot programma's voor seksuele en reproductieve gezondheidszorg te vergroten, met volledig daarin geïntegreerde hiv/aids-tests, -advies en -preventiediensten, en door te zorgen voor een ommekeer van de sociaal-economische factoren die ertoe leiden dat vrouwen een groter risico lopen met hiv/aids te worden gesmet, zoals genderongelijkheid, armoede, een gebrek aan economische en educatiemogelijkheden, en een tekortschietende wettelijke bescherming en bescherming van hun mensenrechten;

5.  verzoekt de Commissie en de lidstaten zich in te zetten voor de participatie van mensen met een handicap in hiv/aids-bestrijdingsactiviteiten en voor de integratie van hun mensenrechten in nationale hiv/aids-strategieën en -maatregelen, teneinde ervoor te zorgen dat zij toegang hebben tot hiv/aids-diensten die toegesneden zijn op en equivalent aan de diensten voor andere groepen;

6.  verzoekt de Commissie en de lidstaten steun te geven aan op gevangenen en intraveneuze drugsgebruikers gerichte effectbeperkingsprogramma's;

7.  verzoekt alle lidstaten en de Commissie om de zorgwekkende neergang in de financiering van seksuele en reproductieve gezondheidszorg en de rechten op dat vlak in de ontwikkelingslanden te keren, en om beleid voor de behandeling van seksueel overdraagbare infecties en de verstrekking van producten voor reproductieve gezondheid zoals levensreddende geneesmiddelen en anticonceptiemiddelen, waaronder condooms, te steunen;

8.  dringt aan op goedkeuring, door de werkgroep Mensenrechten van de Raad, van de 'toolkit' voor bevordering en bescherming van alle mensenrechten van holebi's en transseksuelen, en verzoekt de Raad en de Commissie de aanbevelingen van de werkgroep ten uitvoer te leggen;

9.  verzoekt de Commissie en de lidstaten ervoor te zorgen dat de uitgaven voor gezondheidszorg in ontwikkelingslanden een niveau bereiken dat in overeenstemming is met de gedane politieke beloften, zowel in de millenniumdoelstellingen voor ontwikkelingen in het algemeen, als voor bestrijding van hiv/aids in het bijzonder;

10. is ontstemd over bilaterale en regionale handelsakkoorden met daarin bepalingen die verdergaan dan hetgeen staat in het TRIPS-akkoord van de WTO ("TRIPS plus"), omdat deze een belemmering vormen voor en soms zelfs leiden tot beperking van de vrijwaringsclausules die in de verklaring van Doha zijn opgenomen teneinde volksgezondheid voorrang te geven ten opzichte van de bescherming van commerciële belangen; wijst op de verantwoordelijkheid van de landen die druk uitoefenen op ontwikkelingslanden om hun handtekening onder dergelijke handelsakkoorden te zetten;

11. onderstreept dat verplichte vergunningen en differentiële prijzen het probleem niet helemaal hebben opgelost, en verzoekt de Commissie met voorstellen te komen voor nieuwe oplossingen, teneinde te zorgen voor daadwerkelijke toegang tot hiv/aids-behandelingen tegen betaalbare prijzen;

12. verzoekt de ontwikkelingslanden prioriteit toe te kennen aan uitgaven voor volksgezondheid in het algemeen en voor de bestrijding van hiv/aids in het bijzonder, en verzoekt de Commissie stimulansen te geven aan partnerlanden om gezondheid als prioriteit op te nemen in de strategische landendocumenten;

13. verzoekt de Commissie en de Raad te werken aan bevordering van een op rechten gebaseerde aanpak van hiv/aids en opnieuw te kijken naar wetgeving die een belemmering vormt voor effectieve, op bewijsmateriaal gebaseerde hiv/aids-programma's en -diensten;

14. verzoekt de Commissie om in het kader van de beleidsdialoog met ontwikkelingslanden te werken aan bevordering van de participatie van hiv/aids-geïnfecteerden in het ontwerpen, implementeren, monitoren en beoordelen van programma's voor hiv/aids-preventie, behandeling, zorg en ondersteuning, alsook aan bestrijding van de stigmatisering en discriminagtie van vrouwen en mannen met hiv/aids, en aan het vrijwaren van hun recht op veiligheid en bescherming tegen misbruik en geweld;

15. is van oordeel dat preventie een belangrijk aspect van de strijd tegen hiv/aids is, en dringt in dit verband aan op bevordering van de participatie van de bevolking in eerbiediging van de beginselen van 'geïnformeerde toestemming', 'vertrouwelijkheid' en 'advies' bij hiv-tests en andere aan hiv/aids-gerelateerde diensten;

16. verzoekt de Commissie hiv/aids-programma's af te stemmen op hiv-patiënten en andere sleutelgroepen en toe te spitsen op grotere mondigheid van personen en gemeenschappen, verkleining van de kans op en kwetsbaarheid voor hiv/aids-besmetting en vermindering van de nadelige gevolgen van hiv/aids;

17. verzoekt de Commissie de regeringen van de lidstaten en maatschappelijke organisaties te helpen om iets te doen aan het geringe bereik van programma's in het kader van het nationale aidsbeleid ter bestrdijging van stigmatisering en discriminatie en ter bevordering van toegang tot de rechter;

18. verzoekt de Commissie en de Raad om samen met UNAIDS en andere partners te werken aan verbetering van de indicatoren voor het vaststellen van de vooruitgang op mondiaal, nationaal en programmaniveau in de strijd tegen stigmatisering en discriminatie van hiv/aids-geïnfecteerden, alsmede van de specifiek op de sleutelgroepen gerichte indicatoren, met inachtneming van het genderperspectief;

19. verzoekt de Commissie en de Raad steun te geven aan de onlangs opgerichte Global Commission on HIV and the Law (mondiale commissie hiv en recht) om te bereiken dat wetgeving effectief bijdraagt tot de aanpak van hiv/aids;

20. verzoekt de Commissie en de Raad het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten in te zetten om nadere informatie te vergaren over de mensenrechtensituatie van mensen met hiv/aids en andere sleutelgroepen in Europa, met inachtneming van de genderdimensie, wetende dat zij kwetsbar zijn voor veelvoudige en overlappende discriminatie;

21. verlangt dat de EU gebruik blijft maken van een combinatie van financiële instrumenten op mondiaal en nationaal niveau, naast begrotingssteun, en van relevante organisaties en mechanismen die hun nut in de aanpak van het mensenrechtenvraastuk in verband met hiv/aids hebben bewezen, met name maatschappelijke organisaties en in gemeenschappen gewortelde organisaties;

22. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de parlementen van de lidstaten, de secretaris-generaal van de VN, het gezamenlijk programma van de Verenigde Naties inzake HIV/aids, de Wereldgezondheidsorganisatie en de organisatoren van de 18-de internationale aidsconferentie.

(1)

'Sleutelgroepen' zijn groepen die een hoger risico lopen met hiv te worden besmet of in contact te komen, een belangrijke rol spelen bij de verspreiding van hiv, en wiens participatie van essentieel belang is voor een doeltreffende en duurzaam antwoord op hiv. Sleutelgroepen verschillen afhankelijke van de plaatselijke context, maar omvatten kwetsbare en gemarginaliseerde groepen, zoals hiv-geïnfecteerden, hun partners en gezinnen, mensen die seks kopen of verkopen, mannen die seks hebben met mannen, drugsgebruikers, wezen en andere kwetsbare kinderen, migranten en verdrevenen, en gevangenen.

Juridische mededeling - Privacybeleid