Procedure : 2010/3006(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B7-0707/2010

Ingediende teksten :

B7-0707/2010

Debatten :

PV 15/12/2010 - 18
CRE 15/12/2010 - 18

Stemmingen :

PV 16/12/2010 - 6.7
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P7_TA(2010)0492

ONTWERPRESOLUTIE
PDF 129kWORD 72k
Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B7-0707/2010
13.12.2010
PE450.539v01-00
 
B7-0707/2010

naar aanleiding van een verklaring van de vicevoorzitter van de Commissie / hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid

ingediend overeenkomstig artikel 110, lid 2, van het Reglement


over de situatie in de Republiek Ivoorkust


Charles Tannock, Michał Tomasz Kamiński, Ryszard Antoni Legutko, Tomasz Piotr Poręba, Adam Bielan, Ryszard Czarnecki namens de ECR-Fractie

over de situatie in de Republiek Ivoorkust  
B7‑0707/2010

Het Europees Parlement,

–   onder verwijzing naar zijn vroegere resoluties over Ivoorkust,

–   gezien de in juni 2000 ondertekende Partnerschapsovereenkomst van Cotonou tussen de EU en de ACS,

–   gezien de relevante resoluties van de VN-Veiligheidsraad over Ivoorkust, in het bijzonder resolutie 1765 (2007), resolutie 1933 (2010) en resolutie 1946 (2010),

–   gezien de verklaringen van de vicevoorzitter/hoge vertegenwoordiger barones Catherine Ashton over het verkiezingsproces, en in het bijzonder haar verklaring van 3 december 2010 over de resultaten van de verkiezingen in Ivoorkust, en haar verklaring van 1 december 2010 over de tweede ronde van de presidentsverkiezingen in Ivoorkust,

–   gezien de voorlopige conclusies van de verkiezingswaarnemingsmissies van de Europese Unie (EU), de Afrikaanse Unie (AU) en de Economische Gemeenschap van West-Afrikaanse Staten (ECOWAS), die alle drie tot de conclusie zijn gekomen dat de tweede ronde van de presidentsverkiezingen in Ivoorkust een vrij en democratisch karakter hadden,

–   gezien zowel de persmededeling van de VN-Veiligheidsraad over de verkiezingen in Ivoorkust, als de verklaring van de secretaris-generaal van de VN, Ban Kii-Moon, van 2 december 2010,

–   gezien de verklaring van de heer Young Joon Choi, de speciale afgezant van de secretaris-generaal van de VN voor Ivoorkust, van 3 december 2010 over de certificatie van de resultaten van de tweede ronde van de presidentsverkiezingen van 28 november 2010,

–   gezien de op 3 december 2010 in Kinshasa aangenomen verklaring van de parlementaire vergadering EU-ACS over de bekendmaking van de resultaten van de tweede ronde van de presidentsverkiezingen op 28 november 2010 in Ivoorkust,

–   gezien de verklaring van de secretaris-generaal van de VN, Ban Kii-Moon, van 4 december 2010, waarin hij zijn bezorgdheid tot uitdrukking brengt over de politieke impasse na de presidentsverkiezingen in Ivoorkust, ondanks de duidelijke overwinning van de heer Alassane Dramane Ouatara in de exit polls met een marge van bijna 10%,

–   gezien de verklaring van de voorzitter van de Commissie, José Manuel Durão Barroso, van 4 december 2010, waarin hij bevestigt dat de heer Alassane Dramane Ouatara de legitieme winnaar van de democratische presidentsverkiezingen in Ivoorkust is,

–   gezien het communiqué van de heer Abdou Diouf, secretaris-generaal van de Organisation internationale de la Francophonie, van 5 december 2010, waarin hij alle betrokken politieke actoren oproept de resultaten van de presidentsverkiezingen, zoals bekendgemaakt door de onafhankelijke verkiezingscommissie van Ivoorkust (CEI) en gecertificeerd door de VN, te erkennen,

–   gezien de slotverklaring van de ECOWAS-top op 7 december 2010 in Abuja (Nigeria),

–   gezien de verklaring van de VN-Veiligheidsraad van 8 december 2010,

–   gezien de beslissing van de AU om het lidmaatschap van Ivoorkust op 9 december 2010 op te schorten, teneinde druk uit te oefenen op de voormalige president van het land, Laurent Koudou Gbagbo, en hem ertoe te bewegen terug te treden,

–   gezien het feit dat de internationale gemeenschap de voormalige president, Laurent Koudou Gbagbo, heeft opgeroepen zijn functie zo snel mogelijk op te geven om de kansen op een vreedzame machtsoverdracht niet in gevaar te brengen,

–   gelet op artikel 110, lid 2, van zijn Reglement,

A. overwegende dat, na meer dan tien jaar en een aantal keer te zijn uitgesteld, op 31 oktober 2010 de eerste ronde van de presidentsverkiezingen in Ivoorkust hebben plaatsgevonden, in overeenstemming met de bepalingen van het politiek akkoord van Ouagadougou van 4 maart 2007,

B.  overwegende dat de eerste ronde van de presidentsverkiezingen werd gekenmerkt door een historisch hoge opkomst van 80% van de geregistreerde kiezers en in het algemeen plaatsvond in een rustige en vreedzame sfeer, ondanks het feit dat de bekendmaking van de resultaten een aantal maal werd uitgesteld,

C. overwegende dat de CEI uiteindelijk de namen van de zittende president, Laurent Koudou Gbagbo, en de voormalige eerste minister, Alassane Dramane Ouattara, bekend heeft gemaakt als de belangrijkste deelnemers aan de tweede ronde van de presidentsverkiezingen op 28 november 2010,

D. overwegende dat de EU-waarnemingsmissie in Ivoorkust in haar voorlopige verklaring van 30 november 2010 de conclusie trok dat de verkiezingscampagne voor de tweede ronde van de presidentsverkiezingen was ontsierd door geweld, resulterend in meerdere gewonden en doden onder de burgerbevolking,

E.  overwegende dat de voorzitter van de CEI, de heer Youssouf Bakayoko, op de avond van 2 december 2010 de heer Alassane Dramane Ouattara tot winnaar van de tweede ronde van de verkiezingen heeft uitgeroepen met 54,1% van de uitgebrachte stemmen, en dat in een sfeer van algemene spanning die werd gekenmerkt door beschuldigingen van verkiezingsfraude vanuit het kamp van de presidentskandidaat en door geweld tegen en intimidatie van aanhangers van de heer Ouattara en EU-waarnemers in het land,

F.  overwegende dat de VN-Veiligheidsraad positief heeft gereageerd op de bekendmaking van de voorlopige resultaten door de CEI en heeft herhaald bereid te zijn passende maatregelen te treffen tegen diegenen die het vredesproces, en in het bijzonder het werk van de CEI, verstoren, zoals ook wordt aangegeven in punt 6 van resolutie 1946 (2010),

G.  overwegende dat het hoofd van de grondwettelijke raad van Ivoorkust, na de bekendmaking van de verkiezingsresultaten door de CEI, deze resultaten nietig heeft verklaard en de heer Gbagbo tot winnaar van de presidentsverkiezingen heeft uitgeroepen, na eerst de verkiezingsresultaten van vier noordelijke regio's van Ivoorkust, waar de heer Ouattara met een grote marge had gewonnen, ongeldig te hebben verklaard,

H.  overwegende dat na het voornoemde besluit van de grondwettelijke raad van Ivoorkust alle landsgrenzen zijn gesloten en de tv-uitzendingen van alle buitenlandse nieuwszenders zijn opgeschort, waardoor niet alleen de burgers van Ivoorkust volledig van de rest van de wereld zijn geïsoleerd, maar ook de internationale gemeenschap belemmerd wordt bij het uitoefenen van toezicht op mogelijke mensenrechtenschendingen en inbreuken op de regels van de rechtstaat in Ivoorkust,

I.   overwegende dat de heer Choi, de speciale afgezant van de secretaris-generaal van de VN, na de verkiezingen heeft bevestigd dat deze eerlijk zijn verlopen, en daarmee heeft bevestigd dat de door de CEI bekendgemaakte resultaten juist zijn en een afspiegeling van de vrije wil van de bevolking van Ivoorkust,

J.   overwegende dat de heer Fatou Bensouda, plaatsvervangend officier van justitie van het Internationaal Strafhof, de autoriteiten van Ivoorkust heeft opgeroepen een diepgaand onderzoek in te stellen naar alle geweldsincidenten voor en na de tweede ronde van de presidentsverkiezingen, en daarmee nog eens heeft aangegeven dat het vastberaden is alle gemelde incidenten serieus te onderzoeken,

K. overwegende dat de heer Gbagbo op 4 december 2010 als president in zijn ambt is benoemd ondanks aanhoudend internationaal protest, en dat de heer Ouattarra de eed van president van Ivoorkust heeft afgelegd middels een brief aan de grondwettelijke raad,

L.  overwegende dat een toenemend aantal politieke en handelspartners van Ivoorkust in Afrika en de westerse wereld hun steun voor de heer Alassane Dramane Ouattarra hebben uitgesproken en hem hebben erkend als de legitieme winnaar van de presidentsverkiezingen in Ivoorkust en legitiem staatshoofd, op basis van de democratisch tot uitdrukking gebrachte wil van de bevolking van Ivoorkust,

M. overwegende dat Thabo Mbeki, de voormalige president van Zuid-Afrika en de huidige speciale afgezant van de AU voor Ivoorkust, het land heeft bezocht om te zien of hij een bemiddelende rol tussen de twee presidentskampen kan vervullen,

N. overwegende dat de heer Ouattara op 5 december 2010 de vorming van een regering onder aanvoering van de heer Guillaume Soro, de voormalig eerste minister, heeft bekendgemaakt; overwegende dat de heer Gbagbo hierop heeft gereageerd met de benoeming van een eigen eerste minister, ondanks de protesten van enkele duizenden mensen in de noordelijke stad Bouaké,

O. overwegende dat de VN-Veiligheidsraad op 8 december 2010 in uitermate scherpe bewoordingen zijn veroordeling heeft uitgesproken over elke poging om de wil van de bevolking van Ivoorkust te negeren, en zijn steun heeft uitgesproken voor het besluit van ECOWAS om de heer Ouattara tot president van Ivoorkust uit te roepen,

1.  maakt zich ernstige zorgen over de situatie in Ivoorkust na de tweede ronde van de presidentsverkiezingen; benadrukt in dit verband dat de resultaten van democratische verkiezingen door alle deelnemers, met inbegrip van de verslagen kandidaten, volledig moeten worden gerespecteerd, en onderstreept dat het niet respecteren van deze resultaten ook de vrede en de stabiliteit in het land in gevaar brengt;

2.  verzoekt alle politieke krachten in Ivoorkust met klem zich neer te leggen bij wil van de bevolking zoals op 28 november 2010 in de presidentsverkiezingen vrijelijk tot uitdrukking gebracht, bekendgemaakt door de CEI en bekrachtigd door de speciale afgezant van de secretaris-generaal van de VN;

3.  betreurt de gewelddadige botsingen voorafgaand aan de bekendmaking van de resultaten van de tweede ronde van de presidentsverkiezingen in Ivoorkust en spreekt zijn solidariteit uit met de slachtoffers en hun families; betreurt daarnaast de politieke obstructie en pogingen tot intimidatie van CEI-leden, waardoor de bekendmaking van de voorlopige resultaten is vertraagd en het goede verloop van het democratische verkiezingsproces is belemmerd;

4.  veroordeelt het besluit van de grondwettelijke raad om de resultaten van de tweede ronde van de presidentsverkiezingen gedeeltelijk ongeldig te verklaren; beschouwt dit als een schending van de Ivoriaanse kieswet, die hierin niet voorziet, en uit zijn bezorgdheid over het feit dat de heer Gbagbo de grondwettelijke raad tot een politiek instrument maakt, waardoor deze niet meer goed kan functioneren, hetgeen het hele verkiezingsproces in gevaar wordt gebracht;

5.  is verheugd over de verklaringen van de verschillende actoren van de internationale gemeenschap waarin zij steun uitspreken voor het verkiezingsproces in Ivoorkust in de heer Ouattara erkennen als de legitieme winnaar van deze verkiezingen;

6.  beklemtoont de noodzaak van goed toezicht op de nog altijd verwarde politieke situatie in Ivoorkust en de gemelde geweldsincidenten, waar in een aantal gevallen naar verluidt ook Ivoriaanse veiligheidstroepen bij betrokken zijn; verzoekt alle betrokken partijen zich zo terughoudend mogelijk op te stellen om een verdere escalatie van de situatie te voorkomen en de rechtstaat niet in gevaar te brengen;

7.  steunt alle bemiddelingspogingen, en verzoekt alle politieke krachten in Ivoorkust actief steun te geven aan een vreedzame machtsoverdracht en aldus een splitsing van het land te vermijden;

8.  veroordeelt in krachtige bewoordingen de intimidatie van EU-waarnemers in Ivoorkust en van EU-burgers in het algemeen, waardoor de missie zich om veiligheidsredenen uit het land heeft moeten terugtrekken;

9.  is verheugd over de steun van de vicevoorzitter van de Commissie / hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid voor het verkiezingsproces in Ivoorkust en over haar bereidheid na te denken over gerichte sancties tegen diegenen die de vreedzame machtsoverdracht belemmeren;

10. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie / hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, barones Catherine Ashton, de VN-Veiligheidsraad en de secretaris-generaal van de VN, de ONUCI, de instellingen van de Afrikaanse Unie, ECOWAS, de parlementaire vergadering EU-ACS, en de regeringen van de lidstaten van de EU.

 

Juridische mededeling - Privacybeleid