ONTWERPRESOLUTIE over de aanstaande topontmoeting EU-VS en de vergadering van de Trans-Atlantische Economische Raad
9.11.2011
ingediend overeenkomstig artikel 110, lid 2, van het Reglement
Sarah Ludford, Olle Schmidt, Gesine Meissner, Marietje Schaake namens de ALDE-Fractie
Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B7-0577/2011
B7‑0580/2011
Resolutie van het Europees Parlement over de aanstaande topontmoeting EU-VS en de vergadering van de Trans-Atlantische Economische Raad
Het Europees Parlement,
– gezien zijn eerdere resoluties over de trans-Atlantische betrekkingen,
– gezien artikel 110, lid 2, van zijn Reglement,
A. overwegende dat de EU en de VS waarden als vrijheid, democratie, mensenrechten en de wens naar open samenlevingen delen en daarom een wederzijds belang en de verantwoordelijkheid hebben om samen te werken bij de aanpak van de financiële crisis, klimaatverandering, continuïteit van de energievoorziening, terrorisme en nucleaire proliferatie;
B. overwegende dat tal van mondiale uitdagingen op het gebied van het buitenlands beleid, veiligheid, ontwikkeling en milieu om gezamenlijk optreden en trans-Atlantische samenwerking vragen, maar dat de huidige economische crisis naar voren is gekomen als de belangrijkste uitdaging die nu moet worden aangepakt;
C. overwegende dat de EU en de VS samen de helft van de wereldeconomie uitmaken en dat hun partnerschap van 4,28 biljoen dollar de grootste, meest geïntegreerde en langdurigste economische relatie ter wereld is en een drijvende kracht achter de wereldwijde economische welvaart;
D. overwegende dat de EU en de VS nog wel de twee grootste economieën ter wereld zijn, maar voor grote uitdagingen staan die een gevolg zijn van de financiële crisis en de toenemende concurrentie vanuit opkomende economieën en de BRIC-landen, en dat de prioriteit voor beide ligt bij groei en nieuwe banen;
E. overwegende dat de aanhoudende financiële en economische crisis, zowel in Europa als in de Verenigde Staten, de stabiliteit en voorspoed van onze economieën en de welvaart van onze burgers bedreigt, en dat met het oog op de bestrijding van deze crisis nauwere economische samenwerking tussen Europa en de Verenigde Staten nooit zo noodzakelijk is geweest als juist nu;
F. overwegende dat het nodig is de contacten te verbeteren en de dialoog over wetgeving met trans-Atlantische gevolgen in alle stadia van de besluitvorming in de EU en de VS te bevorderen;
G. overwegende dat het gebod om thuis voor vrijheid en veiligheid te zorgen niet mag leiden tot het opofferen van kernbeginselen met betrekking tot burgerlijke vrijheden en het vasthouden aan gemeenschappelijke mensenrechtennormen;
Economische en financiële crisis
1. stelt vast dat de huidige crisis de ergste wereldwijde recessie sinds de Grote Depressie is, en dat de economische en financiële bestuursstructuren zoals die bij het begin van de crisis bestonden, zowel op mondiaal niveau als in de VS of de EU, het wereldwijde financiële systeem onvoldoende stabiliteit hebben verleend; meent dat de samenwerking op het vlak van het macro-economisch beleid en het toezicht op de belangrijkste economieën moet worden versterkt nu de economische en financiële markten steeds meer onderling afhankelijk worden; dringt er voorts op aan dat de EU haar vertegenwoordiging in het IMF aan de orde stelt, en is verheugd over de aankondiging van voorzitter Barroso dat er een voorstel zal worden ingediend voor één enkele externe vertegenwoordiging van de eurozone;
2. vraagt de EU en de VS met China samen te werken aan de beslechting van het wereldwijde geschil over wisselkoersen, zonder protectionistische of retorsiemaatregelen te nemen; meent dat de EU-lidstaten andere marktpressies ondervinden dan de VS, met name met betrekking tot overheidsobligaties en het bestaan van een monetaire unie; roept de VS ertoe op om bij de tenuitvoerlegging van hun intern monetair beleid het probleem van het globale evenwicht van de wisselkoersen niet te vergroten;
3. wijst op het belang van versterking van de dialoog tussen de onlangs opgerichte EU-autoriteiten en de Amerikaanse autoriteiten over regulering van de financiële markten, teneinde de benaderingen van de regelgevers op elkaar af te stemmen, hiaten vast te stellen en naar een betere convergentie toe te werken, o.a. door toepassing van de kapitaalvereisten van Bazel;
Internationale handel
4. is ervan overtuigd dat de trans-Atlantische bilaterale handel veel potentieel heeft om de economische groei aan te zwengelen; verzoekt de autoriteiten in de EU en de VS een gezamenlijk trans-Atlantisch initiatief voor banen en groei te ontwikkelen en te starten, inclusief een routekaart voor het wegnemen van de resterende niet-tarifaire belemmeringen voor handel en investeringen en voor het tot stand brengen van vrijhandel met een nultarief voor industrieproducten;
5. verzoekt de Commissie en de VS zich ertoe te verplichten om zowel in bilaterale als in multilaterale fora de strijd aan te binden met de mondiale trend van meer protectionisme, en een mechanisme voor vroegtijdige waarschuwing in te stellen om protectionisme in de onderlinge betrekkingen te ontmoedigen;
6. benadrukt dat het TEC-proces moet worden versterkt voor het halen van deze doelstellingen, o.a. door ontwikkeling van gemeenschappelijke normen voor nieuwe regelgevingsgebieden als nanotechnologie of opkomende economische sectoren als technologie voor elektrische voertuigen, aangezien de samenwerking tussen de EU en de VS inzake het gebruik van normen in de regelgeving en bij de bestrijding van namaakgoederen van essentieel belang is om de trans-Atlantische markt te versterken en de wereldhandel te ondersteunen;
7. herinnert eraan dat rechtstreekse buitenlandse investeringen in het kader van de trans-Atlantische betrekkingen belangrijk zijn, en is van mening dat de Commissie en de VS deze top moeten aangrijpen om gemeenschappelijke beginselen inzake investeringen vast te stellen;
8. is tevreden met de oplossing van oude WTO-geschillen en is van mening dat dit als springplank moet worden gebruikt voor de aanpak van nog bestaande handelsbelemmeringen; dringt er bij de VS met name op aan de uitspraak over de praktijk van de nulpuntstelling ("zeroing") bij de goedkeuring van antidumpingmaatregelen na te leven, de invoer van alle rundvleesproducten uit de EU toe te staan en geen "Buy American"-eisen te stellen;
9. dringt er bij de VS op aan om in de context van de in december geplande ministersconferentie de ambitie aan de dag te leggen om de lopende onderhandelingen over markttoegang in het kader van de Overeenkomst inzake overheidsopdrachten (Government Procurement Agreement, GPA) van de WTO met succes af te ronden; herinnert eraan dat het voor de trans-Atlantische handel belangrijk is dat er open markten zijn voor aanbestedingen, met gelijke toegang voor de aanbieders, met name kleine en middelgrote ondernemingen; benadrukt dat de GPA van belang is om te zorgen voor een open en evenwichtige toegang tot beide markten;
10. verzoekt de VS vorderingen te maken bij het vergroten van de transparantie van de Amerikaanse Small Business Act als geheel; onderstreept dat het van belang is dat de VS pas op de plaats maken bij de gereserveerde opdrachten in het kader van de Small Business Act;
Vervoer
11. verzoekt de EU en de VS hun samenwerking inzake vervoersbeveiliging te intensiveren om te komen tot een op risico gebaseerde benadering, zoals een gedifferentieerde, van de beveiliging uitgaande behandeling van exploitanten en het scannen van vloeistoffen, in plaats van brede, algemene beperkingen, zoals het scannen van alle containers en een verbod op vloeistoffen aan boord van vliegtuigen;
12. stelt bezorgd vast dat het nog steeds de bedoeling is dat de Amerikaanse wetgeving over het doorlichten van alle containers in juli 2012 in werking treedt, maar juicht het toe dat de Amerikaanse minister van Interne veiligheid, Janet Napolitano, bij verschillende gelegenheden heeft verklaard dat de uitvoering van de wet wellicht twee jaar wordt uitgesteld, zoals in de wetgeving is voorzien;
13. is verheugd over de in juni 2011 goedgekeurde gezamenlijke verklaring van de EU en de VS over beveiliging van de leveringsketen, waarin zij zich gezamenlijk verplichten tot een meerlagige, op risico gebaseerde veiligheidsbenadering die ondersteund wordt door bilaterale en multilaterale internationale samenwerking, en spreekt daarom de wens uit dat de aanstaande Amerikaanse strategie inzake de mondiale beveiliging van de leveringsketen tot positieve ontwikkelingen in dit opzicht leidt;
Industrie, energie, onderzoek en ICT
14. benadrukt dat moet worden gewerkt aan de vaststelling en uitvoering van een gezamenlijke routekaart van de EU en de VS voor grondstoffen tot 2050, met de nadruk op zeldzame aardmetalen, en dat het onderzoek naar alternatieven moet worden versterkt en de samenwerking moet worden bevorderd op het gebied van innovatie met betrekking tot de technologie voor de winning en recyclage van grondstoffen;
15. stimuleert de EU en de VS steun te geven aan onderzoek naar en ontwikkeling van de industriële toepassing van nanotechnologie en samen te werken bij het beoordelen van de noodzaak van vaststelling van een regelgevingskader voor nanotechnologie;
16. herhaalt dat moet worden samengewerkt bij het bevorderen van energie-efficiëntie, hernieuwbare energiebronnen en strenge normen inzake nucleaire veiligheid wereldwijd, en is verheugd over de inspanningen gericht op voortzetting van de coördinatie van de programma's voor de energie-efficiëntie-etikettering van kantoorapparatuur en de samenwerking inzake de ontwikkeling van energietechnologie (de nieuwe Energy Star-overeenkomst tussen de EU en de VS), waarbij moet worden onderzocht of deze coördinatie ("energy star") kan worden uitgebreid naar andere energie-etiketteringsregelingen;
17. dringt aan op versterkte samenwerking bij onderzoek naar nieuwe energietechnologie, met name slimme netten (normalisatie en bevordering van toepassingen), en wenst dat maatregelen worden genomen om Amerikaanse en EU-onderzoeksclusters van deelname aan onderzoeksprogramma's in de VS en de EU te verzekeren;
18. zet de EU en de VS ertoe aan ervaringen en goede praktijken uit te wisselen met het oog op het stimuleren van ondernemerschap, o.a. met steun voor starters, en bij de afhandeling van faillissementen;
19. verzoekt de EU en de VS de bescherming en de integriteit van het mondiale internet en de vrijheid van communicatie te waarborgen, door eenzijdige maatregelen tot intrekking van IP-adressen of domeinnamen te voorkomen;
Klimaatverandering
20. herinnert eraan dat de klimaatverandering een wereldwijde bedreiging vormt, en betreurt het daarom dat de bestaande verplichtingen en toezeggingen die in het kader van het Akkoord van Kopenhagen zijn gedaan en in de Overeenkomsten van Cancún zijn geformaliseerd, onvoldoende zijn om de CO2-uitstoot zodanig te verlagen dat de 2°C-doelstelling wordt gehaald; onderstreept dat op de aanstaande klimaatconferentie in Durban de met het Protocol van Kyoto aangegane globale verplichting moet worden bekrachtigd om werkbare oplossingen te vinden voor kwesties als de financiering, technologieoverdracht, landgebruik en ontbossing, monitoring, rapportage en verificatie door ontwikkelingslanden alsmede instandhouding van de biodiversiteit;
21. is daarom bezorgd over wetsontwerp nr. 2594, dat onlangs door het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden is goedgekeurd en waarin een verbod wordt vastgesteld voor Amerikaanse luchtvaartmaatschappijen om deel te nemen aan de EU-regeling voor handel in emissierechten; verzoekt de Amerikaanse Senaat dit wetsontwerp niet goed te keuren en roept op tot een constructieve dialoog over dit thema;
Buitenlandse zaken
22. herinnert eraan dat de beste waarborg voor de mondiale veiligheid wordt geboden door de ontwikkeling van vrije en open democratieën die de vrede en de stabiliteit bevorderen, en verzoekt daarom de EU en de VS de vrede verder te bevorderen, met name in het Midden-Oosten, en de ontluikende democratieën in Noord-Afrika te steunen;
23. verzoekt de EU en de VS met klem aan te dringen op hervatting van de rechtstreekse onderhandelingen tussen Israël en de Palestijnen met volledige eerbiediging van het internationaal recht, om te komen tot een tweestatenoplossing , met als basis de grenzen van 1967 en Jeruzalem als hoofdstad van beide staten, waarbij de staat Israël en een onafhankelijke, democratische en levensvatbare staat Palestina zij aan zij leven in vrede en veiligheid;
24. prijst de EU en de VS om de nauwe samenwerking die zij als partners hebben ontwikkeld bij het militaire optreden waartoe zij door de VN-Veiligheidsraad waren gemandateerd en dat nodig was om de Libiërs tijdens de bevrijdingsstrijd te helpen beschermen; erkent dat de VS een essentiële rol hebben gespeeld door ervoor te zorgen dat de Europese bondgenoten konden bijtanken in de lucht en door inlichtingen- en verkenningsoperaties voor de Europese bondgenoten uit te voeren;
25. verzoekt de EU en de VS de Libische overgangsautoriteiten te steunen in al hun inspanningen om in Libië een inclusieve en democratische maatschappij op te bouwen en de eerste vrije democratische verkiezingen te organiseren; benadrukt tegelijk dat deze steun afhankelijk moet zijn van de volledige eerbiediging van de mensenrechten en de rechtsstaat en gericht moet zijn op ondersteuning van de opbouw van een democratische samenleving die de grondrechten en fundamentele vrijheden en de politieke participatie voor alle burgers waarborgt;
26. steunt de inspanningen van de VS en de EU-lidstaten in de VN-Veiligheidsraad om een resolutie goed te keuren waarin het gebruik van dodelijk geweld door het Syrische regime wordt veroordeeld en wordt opgeroepen om hieraan een einde te maken en waarin sancties worden vastgesteld voor het geval aan deze oproep geen gevolg wordt gegeven; veroordeelt ten stelligste het toenemende geweld dat in Syrië wordt gebruikt tegen vreedzame betogers, en de gewelddadige en stelselmatige vervolging van activisten die ijveren voor democratie en opkomen voor de mensenrechten, alsmede journalisten; herinnert eraan dat misdrijven niet ongestraft mogen blijven en roept president Bashar al Assad en zijn regime op onmiddellijk afstand te doen van de macht;
27. is van mening dat de EU en de VS nauw moeten blijven samenwerken, ook binnen de P5+1, om de druk op Iran hoog te houden, met name via doeltreffende sancties ter afschrikking en ter inperking van de bedreiging die het land voor de internationale veiligheid vormt, door het ontwikkelen van kernwapens dan wel door terroristische activiteiten;
28. blijft steun geven aan het nieuwe Amerikaanse concept van een strategie tegen opstandelingen die gericht is op bescherming van de lokale bevolking en wederopbouw van de Afghaanse gebieden waar de veiligheid verzekerd is, alsook aan het Actieplan van de EU voor Afghanistan and Pakistan;
29. onderstreept opnieuw dat elke langetermijnoplossing voor Afghanistan gebaseerd moet zijn op het belang van de Afghaanse burgers bij interne veiligheid, civiele bescherming en sociaaleconomische ontwikkeling; stelt vast dat het grootste deel van de middelen voor sociaaleconomische ontwikkeling in Afghanistan wordt verstrekt via internationale mechanismen, maar dat een aanzienlijk deel van deze hulp niet op de daarvoor bestemde plaats terechtkomt, te weten de Afghaanse bevolking; onderstreept daarom dat de EU een voortrekkersrol moet spelen bij de verbetering van de donorcoördinatie in Afghanistan, in nauwe samenwerking met andere grote donors, waaronder de VS;
30. stelt met vreugde vast dat de EU en de VS in het kader van de EULEX-missie ter bevordering van de rechtsstaat in Kosovo in versterkte mate samenwerken; juicht de Amerikaanse steun voor de dialoog tussen Belgrado en Priština toe, die zich vooral moet blijven richten op de onmiddellijke praktische behoeften van de bevolking, zoals meer reis- en handelsmogelijkheden; waardeert de Amerikaanse steun voor het proces gericht op integratie van alle landen op de westelijke Balkan in de EU;
31. is verheugd over de herhaalde oproep van de bondgenoten tijdens de NAVO-top in Lissabon om het strategische partnerschap tussen de NAVO en de EU verder te versterken, zodat zij elkaar beter aanvullen en elkaars rol versterken bij het ondersteunen van de internationale vrede en veiligheid, met inbegrip van een vergroting van het vermogen bij het crisisbeheer en bij operaties die effectieve militaire en civiele capaciteiten vereisen, waarbij onnodig dubbel werk moet worden vermeden en de middelen zo kostenefficiënt mogelijk moeten worden ingezet;
32. betreurt het dat de regering-Obama tot dusver te maken heeft gekregen met aanzienlijke uitdagingen bij haar inspanningen om de door de VS gebruikte detentiefaciliteit in Guantánamo Bay, Cuba, te sluiten, ondanks de aankondiging in 2009 dat de faciliteit binnen een jaar zou worden gesloten; stelt met spijt vast dat slechts een beperkt aantal EU-lidstaten kleine aantallen vrijgelaten gevangenen heeft opgenomen (of heeft beloofd deze op te nemen), terwijl de andere dit hebben geweigerd;
Ontwikkeling
33. herinnert eraan dat zowel de EU als de VS hun hulpbegroting praktisch zullen moeten verdubbelen om het in het kader van de millenniumdoelstellingen voor ontwikkeling gestelde doel voor 2015 te halen; doet daarom een beroep op beide zijden om dringende stappen te ondernemen om aan hun verplichting inzake 0,7% van het bni voor ontwikkelingshulp te voldoen en hun specifieke toezeggingen aan Afrika en de LDC's gestand te doen;
Justitie en binnenlandse zaken
34. is verheugd dat in maart 2011 de onderhandelingen zijn geopend over een overeenkomst tussen de EU en de VS over de bescherming van persoonsgegevens die worden doorgegeven en verwerkt met het oog op het voorkomen, onderzoeken, opsporen en vervolgen van strafbare feiten, waaronder terrorisme, in het kader van politiële en justitiële samenwerking in strafzaken; verwacht in de nabije toekomst aanzienlijke vorderingen bij deze onderhandelingen; herinnert aan zijn standpunt inzake deze overeenkomst, zoals verwoord in zijn resolutie van 11 november 2010 over de aanstaande topontmoeting EU-VS in 2010[1], en onderstreept dat een dergelijke kaderovereenkomst een hoge mate van bescherming van de grondrechten moet waarborgen door juridisch bindende en afdwingbare normen voor de gegevensbescherming vast te stellen en mechanismen in te voeren om te garanderen dat deze normen in de praktijk daadwerkelijk worden toegepast;
35. onderstreept dat de geplande PNR-overeenkomst tussen de EU en de VS moet voldoen aan de eisen die het Europees Parlement heeft vastgesteld in zijn resolutie van 5 mei 2010 over de opening van onderhandelingen over overeenkomsten inzake persoonsgegevens van passagiers (PNR-gegevens) met de Verenigde Staten, Australië en Canada[2], en zoals zij naar voren komen in de mededeling van de Commissie over de algemene aanpak van de doorgifte van PNR-gegevens aan derde landen (COM(2010)0492);
36. onderstreept het belang van een degelijke uitvoering van de tussen de EU en de VS gesloten overeenkomsten over uitlevering en wederzijdse rechtsbijstand en de aanpassing van bilaterale instrumenten;
37. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de regeringen en parlementen van de lidstaten en de president en het Congres van de Verenigde Staten van Amerika.
- [1] Resolutie van het Europees Parlement van 11 november 2010 over de aanstaande topontmoeting EU-VS en de Trans-Atlantische Economische Raad, P7_TA(2010)0396 (paragraaf 47).
- [2] P7_TA(2010)0144, PB C 81E van 15.3.2011, blz. 70.