Procedure : 2015/2662(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B8-0397/2015

Ingediende teksten :

B8-0397/2015

Debatten :

Stemmingen :

PV 30/04/2015 - 10.4
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2015)0180

ONTWERPRESOLUTIE
PDF 127kWORD 57k
Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B8-0392/2015
27.4.2015
PE555.171v01-00
 
B8-0397/2015

naar aanleiding van een verklaring van de vicevoorzitter van de Commissie / hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid

ingediend overeenkomstig artikel 123, lid 2, van het Reglement


over de situatie op de Maldiven (2015/2662(RSP))


Charles Tannock, Mark Demesmaeker, Geoffrey Van Orden, Beatrix von Storch namens de ECR-Fractie

Resolutie van het Europees Parlement over de situatie op de Maldiven (2015/2662(RSP))  
B8‑0397/2015

Het Europees Parlement,

–       gezien het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten,

–       gezien de verklaring van de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,

–       gezien de gezamenlijke plaatselijke verklaring d.d. 30 september 2014 van de bij de Maldiven geaccrediteerde EU‑delegatie en ambassades van de EU-lidstaten, Noorwegen en Zwitserland in Colombo over bedreigingen voor het maatschappelijk middenveld en de mensenrechten op de Maldiven,

–       gezien de verklaring d.d. 12 maart 2015 van de voorzitter van haar delegatie in Zuid-Azië over de arrestatie van voormalig president Nasheed op de Maldiven en de brief d.d. 10 april 2015 van de voorzitter van haar Commissie buitenlandse zaken aan de minister van Buitenlandse Zaken van de Republiek der Maldiven,

–       gezien artikel 123, lid 2, van zijn Reglement,

A.     overwegende dat Mohamed Nasheed, de eerste democratisch gekozen president van de Maldiven, die zich reeds lang inzet voor de niet-gewelddadige strijd en de pluralistische democratie, op 13 maart 2015 is veroordeeld tot 13 jaar gevangenis op basis van een politiek gemotiveerde aanklacht wegens terrorisme;

B.     overwegende dat de arrestatie van Mohamed Nasheed plaatsvond enkele weken nadat een belangrijke bondgenoot van de regeringscoalitie van zittende president Abdullah Yameen was overgelopen naar de Maldivian Democratic Party (MDP) van Nasheed, welke deel uitmaakt van de oppositie;

C.     overwegende dat het controversiële proces niet voldeed aan de nationale en internationale normen voor de rechtspraak, ondanks de oproep van de Verenigde naties om de gerechtelijke procedure tegen voormalig president Nasheed rechtvaardig en transparant te laten verlopen: Mohamed Nasheed werd buiten de rechtszaal ruw behandeld, hem werd vaak rechtsbijstand geweigerd, de rechtbank weigerde om zijn eigen getuigen à decharge te horen, zijn team van advocaten werd onvoldoende tijd gegund om de verdediging voor te bereiden en de strafrechtbank weigert om het verslag van de zaak aan zijn advocaten door te geven, hoewel zij dit nodig hebben om beroep aan te tekenen;

D.     overwegende dat de zeer gepolitiseerde Maldivische rechterlijke macht, die vaak geen erkende juridische kwalificaties bezit, al jaren een bron van zorg is aangezien rechters en vooral leden van het hooggerechtshof, als hoeders van de grondwet, in de afgelopen jaren hun bevoegdheden hebben misbruikt en ten voordele van de huidige regeringspartij hebben gehandeld;

E.     overwegende dat de onlangs door het Maldivische parlement aangenomen wet waarmee personen die een gevangenisstraf uitzitten hun lidmaatschap van een politieke partij wordt afgenomen, bedoeld is om te verhinderen dat voormalig president Nasheed aan de presidentsverkiezingen van 2018 deelneemt;

F.     overwegende dat het proces van de presidentsverkiezingen in 2013 werd ontsierd door onregelmatigheden, vertragingen, inmenging door de rechterlijke macht in de tijdschema's van de verkiezingsronden en de organisatie van de verkiezingen, invallen bij de onafhankelijke verkiezingscommissie en politieke intimidatie;

G.     overwegende dat andere oppositieleden, zoals voormalig minister van Defensie Tholath Ibrahim, en rivalen binnen de eigen partij en regeringscoalitie van Yameen Abdul Gayoom, zoals Mohamed Nazim, met behulp van de gepolitiseerde rechterlijke macht werden veroordeeld;

H.     overwegende dat politici uit de oppositie routinematig worden geïntimideerd en dat in een recent rapport van het Comité van de Interparlementaire Unie over de mensenrechten van parlementsleden de Maldiven worden aangeduid als een van de ergste landen ter wereld vanuit het oogpunt van aanvallen tegen en foltering en intimidatie van parlementsleden in de oppositie;

I.      overwegende dat het regime inbreuk maakt op de vrijheid van vergadering door brute aanvallen op de medestanders van Mohamed Nasheed: sinds februari zijn ten minste 140 vreedzame demonstranten gearresteerd en zij werden alleen vrijgelaten onder voorwaarden die hun rechten om nog verder te demonstreren, ernstig inperken;

J.      overwegende dat de politieke onrust bovenop de bezorgdheid komt over een toenemend militante islam op de Maldiven en het aantal geradicaliseerde jonge mannen die zich naar verluidt bij ISIS hebben gevoegd;

K.     overwegende dat de persvrijheid in de afgelopen jaren ernstig is beknot en dat drie journalisten zijn gearresteerd toen zij berichtten over de politieke demonstraties voor de vrijlating van Mohamed Nasheed;

L.     overwegende dat Ahmed Rilwan, een journalist die kritisch ten opzichte van de regering staat en die in augustus 2014 is "verdwenen", nog steeds wordt vermist en dat gevreesd wordt dat hij dood is;

M.    overwegende dat bendes en religieuze groeperingen - naar verluidt onder één hoedje met de politie - vaak instellingen, organisatie en personen aanvallen die kritisch tegenover het optreden van de regering staan, en dat zij aldus een sfeer van intimidatie van het maatschappelijk middenveld creëren;

N.     overwegende dat maatschappelijke organisaties en voorvechters van de mensenrechten steeds meer te maken krijgen met pesterijen, intimidatie een aanvallen, met inbegrip van de Commissie voor de rechten van de mens van de Maldiven, die door het hooggerechtshof is beschuldigd van hoogverraad en het ondermijnen van de grondwet, omdat zij een rapport heeft opgesteld voor de universele periodieke toetsing van de Raad voor de rechten van de mens van de Verenigde Naties;

O.     overwegende dat Jens Toyberg-Frandzen, de assistent-secretaris-generaal voor politieke aangelegenheden van de VN, een beroep heeft gedaan op de regering van de Maldiven om vreedzame politieke meningsverschillen toe te staan en om manieren te vinden om met de oppositie te communiceren in het belang van de politieke stabiliteit van het land op de lange termijn;

P.     overwegende dat gastarbeiders te lijden hebben onder dwangarbeid, de confiscatie van hun identiteitskaarten en reisdocumenten, het inhouden of niet‑betalen van hun loon en schuldhorigheid, en dat zij door de Maldivische autoriteiten met uitzetting zijn bedreigd naar aanleiding van hun protesten tegen discriminatie en geweld na een reeks aanvallen tegen gastarbeiders;

Q.     overwegende dat het parlement van de Maldiven in 2014 heeft gestemd voor de intrekking van het in 1954 ingestelde moratorium op de doodstraf waardoor het mogelijk wordt om minderjarigen vanaf zeven jaar te veroordelen, die schuldbekwaam kunnen worden geacht en worden geëxecuteerd zodra zij de leeftijd van 18 jaar bereiken, en die tot die tijd in hechtenis kunnen worden gehouden; overwegende dat dit in strijd is met de verplichtingen ten aanzien van de mensenrechten van de Maldiven als partij bij het Verdrag inzake de rechten van het kind;

1.      verzoekt de regering van de Maldiven om:

• voormalig president Nasheed en de voormalige ministers van Defensie Ibrahim en Nazim onmiddellijk en onvoorwaardelijk vrij te laten, en alle aanklachten tegen hen in te trekken;

• de nodige stappen te nemen om het vertrouwen in haar toewijding aan de democratie, de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht en de rechtsstaat, met inbegrip van de eerbiediging van de vrijheid van meningsuiting en vergadering en de eerbiediging van een eerlijke rechtsbedeling, te herstellen;

• de ongehinderde werking van een pluralistische democratie te waarborgen waaraan kan worden deelgenomen niet alleen door degenen die erop aandringen dat de conservatieve islam de politiek en de samenleving domineert, maar ook door democratisch gezinde, gematigde moslims en voorvechters van een seculiere samenleving, die zich tegen de invloed van wahabisme en salafisme keren;

• de rechterlijke macht te hervormen;

• het moratorium op de doodstraf te herstellen;

• een gedegen onderzoek mogelijk te maken naar de verdwijning van Ahmed Rilwan, en naar de aanvallen en bedreigingen tegen journalisten, leden van het maatschappelijk middenveld en onafhankelijke instellingen;

2.      doet een beroep op de Commissie en de lidstaten om toeristen die een bezoek aan de Maldiven overwegen terdege op de hoogte te stellen van de mensenrechtensituatie in het land;

3.      verzoekt de EU en de lidstaten om, indien de situatie van de democratie en de mensenrechten op de Maldiven blijft verslechteren, de tegoeden van de leden van de Maldivische regering en hun leidende medestanders in het Maldivische bedrijfsleven te bevriezen en hun een reisverbod op te leggen;

4.      verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Commissie, de Raad, de lidstaten en de regering van de Maldiven.

 

Juridische mededeling - Privacybeleid