Procedure : 2015/2730(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B8-0550/2015

Ingediende teksten :

B8-0550/2015

Debatten :

Stemmingen :

PV 11/06/2015 - 5.5
CRE 11/06/2015 - 5.5
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2015)0233

ONTWERPRESOLUTIE
PDF 147kWORD 77k
Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B8-0548/2015
8.6.2015
PE558.924v01-00
 
B8-0550/2015

naar aanleiding van de verklaringen van de Raad en de Commissie

ingediend overeenkomstig artikel 123, lid 2, van het Reglement


over recente onthullingen over corruptiezaken op hoog niveau bij de FIFA (2015/2730(RSP))


Petr Ježek, Frédérique Ries, Ramon Tremosa i Balcells, Dita Charanzová, Pavel Telička, Sophia in 't Veld, Catherine Bearder, Gérard Deprez, Petras Auštrevičius, Ivo Vajgl, Marielle de Sarnez, Johannes Cornelis van Baalen, Louis Michel, Hannu Takkula, Fernando Maura Barandiarán, Izaskun Bilbao Barandica, Urmas Paet, Kaja Kallas namens de ALDE-Fractie

Resolutie van het Europees Parlement over recente onthullingen over corruptiezaken op hoog niveau bij de FIFA (2015/2730(RSP))  
B8‑0550/2015

Het Europees Parlement,

–       gezien de mededeling van de Commissie van 18 januari 2011 getiteld "Ontwikkeling van de Europese dimensie van de sport" (COM(2011)0012),

–       gezien zijn resolutie van 2 februari 2012 over de Europese dimensie van de sport(1),

–       gezien het Witboek Sport van de Commissie (COM(2007)0391),

–       gezien de mededeling van de Commissie van 6 juni 2011 getiteld "Corruptiebestrijding in de EU" (COM(2011)0308),

–       gezien zijn resolutie van 14 maart 2013 over wedstrijdmanipulatie en corruptie in de sportwereld(2),

–       gezien zijn resolutie van 23 oktober 2013 over georganiseerde misdaad, corruptie en witwassen: aanbevelingen inzake de benodigde acties en initiatieven(3),

–       gezien het EU-corruptiebestrijdingsverslag van de Commissie van 3 februari 2014 (COM(2014)0038),

–       gezien Kaderbesluit 2003/568/JBZ van de Raad van 22 juli 2003 inzake de bestrijding van corruptie in de privésector(4),

–       gezien de resolutie van de Raad en de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, van 21 mei 2014 betreffende het werkplan van de Europese Unie voor sport (2014-2017)(5),

–       gezien het programma van Stockholm - Een open en veilig Europa ten dienste en ter bescherming van de burger,

–       gezien het akkoord over het voorstel van de Commissie voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld en de financiering van terrorisme (vierde AML-richtlijn) (COM(2013)0045),

–       gezien de resolutie van de Parlementaire Vergadering van de Raad van Europa van 23 april 2015 over de hervorming van voetbalgovernance,

–       gezien artikel 2 van de statuten van de FIFA, waarin wordt bepaald dat de FIFA onder meer de volgende doelstellingen heeft: het bevorderen van integriteit, ethiek en fair play, met het oog op het voorkomen van alle methoden of praktijken, zoals corruptie, doping of wedstrijdmanipulatie, die de integriteit van wedstrijden, competities, spelers, bestuurders en leden zouden kunnen aantasten, of die tot misbruik van het georganiseerd voetbal zouden kunnen leiden,

–       gezien artikel 123, lid 2, van zijn Reglement,

A.     overwegende dat veertien FIFA-bestuurders, waaronder de vicevoorzitter, op 27 mei 2015 in Zürich door de Zwitserse autoriteiten zijn gearresteerd; overwegende dat de arrestaties zijn verricht op verzoek van het Ministerie van Justitie van de VS op grond van beschuldigingen van witwassen, chantage, omkoperij en fraude;

B.     overwegende dat de Amerikaanse FBI tegen de veertien gearresteerde FIFA-bestuurders een onderzoek heeft ingesteld wegens corruptie, aangezien er meer dan 150 miljoen US-dollar aan steekpenningen zou zijn betaald;

C.     overwegende dat de facto is bewezen dat de FIFA jarenlang heeft geopereerd als een onbetrouwbare, ondoorzichtige en notoir corrupte organisatie; overwegende dat uit de recente arrestaties blijkt dat fraude en corruptie binnen de FIFA systemisch, wijdverbreid en alom aanwezig zijn en het niet om enkele op zichzelf staande gevallen van wangedrag gaat, zoals Joseph Blatter, ex-voorzitter van de FIFA, beweerde;

D.     overwegende dat de Zwitserse en de Amerikaanse autoriteiten ook een apart strafrechtelijk onderzoek hebben ingesteld naar de wijze waarop de wereldkampioenschappen voetbal van 2018 en 2022 aan Rusland, respectievelijk Qatar zijn toegewezen;

E.     overwegende dat de herverkiezing van Joseph Blatter als voorzitter van FIFA en het besluit om de bevindingen van een intern onderzoek naar de selectie van Rusland, respectievelijk Qatar als gastlanden voor de wereldkampioenschappen van 2018 en 2022 niet te publiceren, aantonen dat de FIFA zich op een onverantwoordelijke en onverantwoorde wijze heeft gedragen en niet bereid is geweest om de nodige hervormingen of veranderingen door te voeren om het bestuur van het internationaal voetbal te verbeteren;

F.     overwegende dat door het aftreden van Joseph Blatter en de arrestaties van de FIFA-bestuurders de voorwaarden zijn gecreëerd voor radicale hervormingen van de FIFA-structuren en -praktijken om het bestuur ervan te verbeteren en corruptie in de organisatie tegen te gaan;

G.     overwegende dat de integriteit van sportorganisaties van groot belang is, aangezien zowel beroeps- als amateursport een sleutelrol spelen bij het wereldwijd bevorderen van vrede, eerbiediging van de mensenrechten en solidariteit, goed zijn voor de gezondheid, economische voordelen opleveren, en een cruciale rol spelen bij het uitdragen van fundamentele, stichtende en culturele waarden alsook bij het bevorderen van sociale insluiting;

H.     overwegende dat grote sportevenementen de gelegenheid bij uitstek zijn om de waarden en beginselen van sport te verbreiden;

I.      overwegende dat sport een grote en snel groeiende sector van de EU-economie is en een belangrijke bijdrage levert aan groei en banen, met een toegevoegde waarde en werkgelegenheidseffecten die de gemiddelde groeipercentages overschrijden;

J.      overwegende dat voetbal een sport is met grote sociale zichtbaarheid waarvoor bijgevolg de hoogste bestuursnormen dienen te gelden; overwegende dat het dringend noodzakelijk is het bestuur van het internationaal voetbal te hervormen;

K.     overwegende dat het met de FIFA niet zo ver was gekomen als de nationale voetbalbonden alles in het werk hadden gesteld om dit te voorkomen;

L.     overwegende dat corruptie een bijzonder ernstig strafbaar feit is met een grensoverschrijdende dimensie en vaak implicaties heeft die de binnen- en buitengrenzen van de EU overschrijden; voorts overwegende dat de EU een algemeen recht heeft om op het gebied van corruptiebestrijding op te treden;

M.    overwegende dat volgens artikel 67 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) de Unie ernaar streeft een hoog niveau van veiligheid te waarborgen, met name door voorkoming en bestrijding van criminaliteit en de onderlinge aanpassing van de strafwetgevingen; overwegende dat artikel 83 VWEU corruptie definieert als een vorm van bijzonder zware criminaliteit met een grensoverschrijdende dimensie;

N.     overwegende dat corruptie, wanneer deze niet snel en doeltreffend wordt aangepakt, het vertrouwen in sportorganen kan gaan ondermijnen en een bedreiging voor de integriteit van sport in het algemeen kan gaan vormen;

O.     overwegende dat de Commissie en de Raad hebben erkend dat een partnerschap tussen voetbalbonden en overheidsinstanties noodzakelijk is voor een goed bestuur van de sport, dat de zelfregulerende aard van de beroepssport respecteert en tot een gestructureerde dialoog over sport heeft geleid;

P.     overwegende dat transparantie, verantwoordingsplicht en democratie – ofwel goed bestuur – in sportorganisaties eerste vereisten zijn voor zo'n zelfregulerend regime, alsook om fraude en corruptie in de sport doeltreffend en structureel te voorkomen en te bestrijden;

Q.     overwegende dat de Europese commissaris voor onderwijs, cultuur, jeugd en sport in zijn verklaring van 3 juni 2015 de jongste ontwikkelingen binnen de FIFA heeft veroordeeld en heeft aangedrongen op herstel van het vertrouwen en op invoering van een solide systeem van goed bestuur bij de FIFA;

R.     overwegende dat het Parlement een beroep op de bestuursorganen van het voetbal heeft gedaan om te zorgen voor meer democratie, transparantie, legitimiteit, verantwoordingsplicht (i.e. door een onafhankelijke auditentiteit uit te voeren financiële controles) en goed bestuur en de Commissie om advies heeft verzocht over de vraag hoe een legitiem en adequaat systeem van zelfregulering kan worden ondersteund;

S.     overwegende dat bestrijding van corruptie een van de prioriteiten is van het Stockholm-programma, de leidraad voor de acties van de Commissie op het gebied van justitie en binnenlandse zaken;

1.      onderschrijft de beschuldiging van de Amerikaanse openbare aanklager Lynch volgens welke corruptie binnen de FIFA wijdverbreid, systemisch en diepgeworteld zou zijn;

2.      benadrukt dat de beschuldigingen van corruptie jegens de FIFA en het gebrek aan geloofwaardigheid van de FIFA een verwoestend effect zullen hebben op de gehele voetbalpiramide, van de top van het betaald voetbal tot de laagste afdelingen van de amateurclubs;

3.      betreurt het dat de deplorabele stand van zaken in de FIFA zeer negatief is voor de reputatie van het voetbal als geheel;

4.      benadrukt dat het voetbal als sport irrelevant is voor de cultuur van corruptie en dat de sport uit alle macht moet worden beschermd tegen stigmatisering vanwege de huidige ontwikkelingen in de FIFA; herhaalt dat voetbal en sport in het algemeen een zeer sterke positieve impact hebben op het dagelijks leven van miljoenen mensen, met name jongeren;

5.      is ervan overtuigd dat diepgaande structurele hervormingen binnen de FIFA dringend noodzakelijk zijn;

6.      is verheugd over het aftreden van Joseph Blatter als voorzitter van de FIFA en het thans ingestelde strafrechtelijk onderzoek, dat tot hervormingen moet gaan leiden om volledige transparantie en verantwoordingsplicht in de FIFA te waarborgen;

7.      dringt er bij het uitvoerend comité van de FIFA op aan structurele hervormingen door te voeren om te zorgen voor transparantie en verantwoordingsplicht en een open, evenwichtig en democratisch besluitvormingsproces in de bond te waarborgen;

8.      is van mening dat hiervoor een breed hervormingsproces nodig is, inclusief een herziening van de statuten, structuur, codes, operationeel beleid en praktijken van de FIFA;

9.      is van oordeel dat de invoering van beperkte ambtstermijnen en onafhankelijke, gepaste zorgvuldigheid voor leden van het uitvoerend comité, met inbegrip van de voorzitter, alsook transparantie voor wat betreft het besluitvormingsproces en de beloning van het uitvoerend en hoger management, van essentieel belang zijn om de geloofwaardigheid en het vertrouwen te herstellen;

10.    benadrukt dat de FIFA een externe en volledig onafhankelijke financiële controle moet laten uitvoeren ter beoordeling van de betrouwbaarheid van de financiële staten;

11.    dringt erop aan dat de FIFA strenge ethische normen en een gedragscode voor het management en uitvoerend comité invoert, onder supervisie van een onafhankelijk toezichthoudend orgaan;

12.    dringt er bij alle sponsoren en omroepen waarmee contracten zijn gesloten, op aan een hervormingsproces bij de FIFA te eisen en te steunen door publiekelijk stelling te nemen tegen corruptie in de sport en hun woorden voortdurend kracht bij te zetten;

13.    beklemtoont dat voor de bestrijding van corruptie in de sport, gezien het grensoverschrijdende karakter ervan, een doeltreffender samenwerking vereist is tussen alle belanghebbenden, met inbegrip van overheidsinstanties, wetshandhavingsinstanties, de sportindustrie, sporters en supporters, en onderstreept dat ook aandacht moet worden besteed aan voorlichtings- en preventiemaatregelen ter zake;

14.    herinnert eraan dat goed bestuur in de sport een eerste vereiste is voor de autonomie en de zelfregulering van sportorganisaties, overeenkomstig de beginselen van transparantie, verantwoordingsplicht en democratie, en wijst op de noodzaak van een beleid van nultolerantie met betrekking tot corruptie in de sport; onderstreept het belang van een juiste vertegenwoordiging van alle belanghebbenden in het besluitvormingsproces; merkt op dat beste praktijken van andere sportorganisaties kunnen worden overgenomen;

15.    verzoekt de Commissie en de lidstaten om de werkzaamheden en acties met betrekking tot goed bestuur in het EU-werkplan voor sport op te voeren en prioriteit te geven en ervoor te zorgen dat de nationale bonden volledig worden betrokken bij de acties met het oog op beter bestuur zowel op Europees als op internationaal niveau;

16.    verzoekt de Commissie, in overleg met de lidstaten en in samenwerking met Interpol, Europol en Eurojust, passende maatregelen te treffen om mogelijke gevallen van corruptie door functionarissen van de FIFA of van continentale en nationale voetbalbonden op EU-grondgebied aan te pakken en ten volle samen te werken met de Amerikaanse en Zwitserse autoriteiten die met het strafrechtelijk onderzoek belast zijn;

17.    verzoekt de lidstaten de samenwerking tussen de Europese wethandhavingsdiensten te verbeteren middels gezamenlijke onderzoeksteams en samenwerking tussen opsporingsautoriteiten; benadrukt dat maatregelen moeten worden getroffen en doeltreffend moeten worden geïmplementeerd om illegale activiteiten in de sport tegen te gaan en de effectieve integriteit van de bestuursorganen te waarborgen;

18.    verzoekt de Commissie na te gaan of het recente akkoord over EU-wetgeving over witwassen toereikend is om witwassen door in de EU geregistreerde sportbestuursorganen en hun functionarissen aan te pakken, en of er aanpassingen nodig zijn om adequate controle van hun bankrekeningen mogelijk te maken;

19.    dringt erop aan dat de bestrijding van corruptie met betrekking tot het bestuur van de FIFA ook gepaard gaat met duidelijke toezeggingen en maatregelen van de kant van de FIFA om andere vormen van corruptie, met name wedstrijdmanipulatie, tegen te gaan;

20.    benadrukt dat het van belang is bij alle toekomstige hervormingen van het beroepsvoetbal substantiële bepalingen op te nemen voor de bescherming van de rechten van sporters, trainers en teams; onderstreept in dit verband dat de eigendom van spelers in de Europese sport door derde partijen moet worden aangepakt;

21.    benadrukt eens te meer hoe belangrijk het is de wereldkampioenschappen op grond van heldere en transparante regels toe te wijzen en erop toe te zien dat een adequaat informatie- en toezichtsysteem wordt ingesteld, zodat deze procedure de gelijkheid tussen landen die deelnemen aan de bidprocedure waarborgt en een definitief besluit uitsluitend is gebaseerd op de merites van hun projecten;

22.    onderstreept dat het van het allergrootste belang is dat de Zwitserse en Amerikaanse justitiële autoriteiten een onderzoek instellen naar het besluit van het uitvoerend comité van de FIFA om de organisatie van het wereldkampioenschap in 1998, 2010, 2018 en 2022 toe te wijzen aan respectievelijk Frankrijk, Zuid-Afrika, Rusland en Qatar; dringt er in deze context bij de FIFA op aan om het verslag Garcia integraal te publiceren;

23.    onderstreept dat erop moet worden toegezien dat het vervolgonderzoek naar corruptiepraktijken binnen de FIFA in het verleden impliceert dat, in gerechtvaardigde gevallen, alle bij financiële wangedragingen betrokken functionarissen moeten opstappen en de besluiten om de wereldkampioenschappen 2018 en 2022 aan respectievelijk Rusland en Qatar toe te kennen, moeten worden herzien; dringt erop aan dat de EU dit proces op de voet blijft volgen en de noodzakelijke voorwaarden schept voor een onpartijdig extern onderzoek;

24.    verzoekt alle internationale sportorganisaties, en met name het Internationaal Olympisch Comité (IOC), de FIFA en de Unie van Europese voetbalbonden (UEFA), ervoor te zorgen dat landen die meedoen aan de bidprocedure voor een groot sportevenement, ten aanzien van alle activiteiten die verband houden met het organiseren en houden van het evenement, zich ertoe verplichten zich te houden aan de internationale normen met betrekking tot de grondrechten;

25.    verzoekt internationale sportorganisaties procedures ter verificatie van de integriteit in te voeren, alsook mechanismen ter voorkoming, opsporing en bestraffing van alle vormen van corruptie en geldverduistering;

26.    verzoekt de UEFA en de nationale voetbalbonden hun inspanningen op te voeren om uiterlijk eind 2016 uitvoering te geven aan fundamentele hervormingsmaatregelen binnen de FIFA, en met name aan de aanbevelingen in deze resolutie, zowel rechtstreeks als door tussenkomst van hun vertegenwoordigers in het uitvoerend comité van de FIFA;

27.    verzoekt de lidstaten in overweging te nemen om de nationale voetbalteams uit de EU niet te laten deelnemen aan de wereldkampioenschappen voetbal in 2018 en 2022 en de financiële middelen van de FIFA in de EU te blokkeren, mochten de noodzakelijke veranderingen niet worden doorgevoerd;

28.    verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie, de regeringen en parlementen van de lidstaten, de Wereldvoetbalbond (FIFA), de Unie van Europese voetbalbonden (UEFA), de nationale voetbalbonden, de Vereniging van Europese betaald voetbal competities (EPFL), de Europese vereniging van voetbalclubs (ECA) en de Internationale Federatie van Beroepsvoetballers (FIFPRO).

 

(1)

PB C 239E van 20.8.2013, blz. 46.

(2)

Aangenomen teksten, P7_TA (2013)0098.

(3)

Aangenomen teksten, P7_TA (2013)0444.

(4)

PB L 192 van 31.7.2003, blz. 54.

(5)

PB C 183 van 14.6.2014, blz. 12.

Juridische mededeling - Privacybeleid