Procedure : 2016/2515(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B8-0160/2016

Ingediende teksten :

B8-0160/2016

Debatten :

Stemmingen :

PV 04/02/2016 - 8.9
CRE 04/02/2016 - 8.9
Stemverklaringen
PV 25/02/2016 - 7.15
CRE 25/02/2016 - 7.15
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2016)0066

ONTWERPRESOLUTIE
PDF 175kWORD 64k
Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B8-0151/2016
27.1.2016
PE576.521v01-00
 
B8-0160/2016

naar aanleiding van een verklaring van de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid

ingediend overeenkomstig artikel 123, lid 2, van het Reglement


over de situatie in Jemen (2016/2515(RSP))


Fabio Massimo Castaldo, Ignazio Corrao, Rolandas Paksas namens de EFDD-Fractie

Resolutie van het Europees Parlement over de situatie in Jemen (2016/2515(RSP))  
B8-0160/2016

Het Europees Parlement,

–  gezien zijn eerdere resoluties over Jemen,

–  gezien de verklaring van 26 maart 2015 van de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid (VV/HV), Federica Mogherini, over de situatie in Jemen,

–  gezien de gezamenlijke verklaring van 1 april 2015 van de VV/HV, Federica Mogherini, en de commissaris voor Humanitaire Hulp en Crisisbeheersing, Christos Stylianides, over de gevolgen van de gevechten in Jemen,

–  gezien de gezamenlijke verklaring van 11 mei 2015 van de VV/HV, Federica Mogherini, en de commissaris voor Humanitaire Hulp en Crisisbeheersing, Christos Stylianides, over het voorstel voor een wapenstilstand in Jemen,

–  gezien de gezamenlijke verklaring van 3 juli 2015 van de VV/HV, Federica Mogherini, en de commissaris voor Humanitaire Hulp en Crisisbeheersing, Christos Stylianides, over de crisis in Jemen,

–  gezien de gezamenlijke verklaring van 2 oktober 2015 van de VV/HV, Federica Mogherini, en de commissaris voor Humanitaire Hulp en Crisisbeheersing, Christos Stylianides, over Jemen,

–  gezien de conclusies van de Raad van 20 april en 16 november 2015 over Jemen,

–  gezien de verklaringen van de woordvoerder van de EDEO van 26 oktober, 6 december en 15 december 2015,

–  gezien resoluties 2014 (2011), 2051 (2012), 2140 (2014), 2201 (2015) en 2216 (2015) van de VN-Veiligheidsraad,

–   gezien de verklaring van 24 mei 2015 van de medevoorzitters van de 24ste Gezamenlijke Raad en ministeriële bijeenkomst van de Samenwerkingsraad van de Golf en de Europese Unie (GCC-EU),

–  gezien de persverklaringen van de VN-Veiligheidsraad van 25 juni, 23 oktober en 23 december 2015 over de situatie in Jemen,

–  gezien de resolutie van de VN-Mensenrechtenraad van 2 oktober 2015 over technische bijstand en capaciteitsopbouw voor Jemen op het gebied van de mensenrechten;

–  gezien het rapport van 7 september 2015 van de hoge commissaris voor de mensenrechten van de Verenigde Naties over de mensenrechtensituatie in Jemen,

–  gezien het vredesakkoord en de nationale partnerschapsovereenkomst van 21 september 2014, het document met de resultaten van de conferentie voor nationale dialoog van 25 januari 2014 en het initiatief van de Samenwerkingsraad van de Golf van 21 november 2011,

–  gezien het Handvest van de Verenigde Naties,

–  gezien artikel 123, lid 2, van zijn Reglement,

A.  overwegende dat de coalitie onder leiding van Saudi-Arabië er niet in is geslaagd Jemen te stabiliseren, en dat het aantal doden in de burgeroorlog is opgelopen tot ruim 6000;

B.  overwegende dat extremistische krachten gelinkt aan Daesh en AQAP zijn blijven vechten in Zuid-Jemen, met name in het gebied rond Aden;

C.  overwegende dat lokale milities gelieerd aan de zuidelijke afscheidingsbeweging meerdere malen troepen van Daesh en AQAP hebben teruggedrongen, maar dat de coalitie onder leiding van Saudi-Arabië deze zuidelijke milities niet heeft gesteund, waardoor extremistische troepen konden terugkeren naar posities waarvandaan zij verdreven waren;

D.  overwegende dat Jemen nu feitelijk is verdeeld naar clan en religie, terwijl de coalitie onder leiding van Saudi-Arabië de werkelijkheid niet onder ogen wil zien en blijft handelen in het eigen regionale belang, en niet in dat van de Jemenitische bevolking;

E.  overwegende dat de coalitie onder leiding van Saudi-Arabië niet op constructieve wijze met lokale leiders in dialoog is gegaan om een duurzaam akkoord te sluiten, en dat de situatie snel verslechtert omdat de strijdende partijen niet de hoop hebben dat zij mogen meepraten over de toekomst van Jemen;

F.  overwegende dat strenge invoerbeperkingen, voornamelijk als gevolg van een zeeblokkade door de coalitietroepen tijdens het conflict, de humanitaire situatie ernstig hebben verslechterd, waarbij de commerciële invoer van brandstof, die nodig is om energie te leveren voor de infrastructuren van het land, waaronder ziekenhuizen, is gedaald tot ternauwernood 1% van de maandelijkse behoefte, terwijl tekorten aan ingevoerde levensmiddelen leiden tot het verhongeren van de bevolking, waarvan 21 miljoen mensen, ofwel ruim 80% van de bevolking, afhankelijk zijn van humanitaire hulp om in hun basisbehoeften te voorzien;

G.  overwegende dat een groot aantal Europese landen op onverantwoordelijke wijze wapens en munitie exporteert naar Saudi-Arabië; overwegende dat deze uitvoer een schending vormt van het Wapenhandelsverdrag en van gemeenschappelijk standpunt 2008/944/GBVB over de controle op de uitvoer van wapens, en als zodanig zowel het EU- als het internationale recht schendt; overwegende dat de VS de coalitie onder leiding van Saudi-Arabië steun op het gebied van logistiek en inlichtingen heeft verstrekt, waaronder hulp van cruciaal belang in de vorm van bijtanken in de lucht en steun bij het vaststellen van doelwitten, alsmede miljarden dollars aan wapens heeft verkocht;

H.  overwegende dat van verschillende kanten, onder meer door de hoge commissaris van de VN voor de mensenrechten Zeid Ra'ad Zeid Al Hussein, de speciaal adviseur van de VN over de voorkoming van genocide en de verantwoordelijkheid tot bescherming, en door humanitaire organisaties, alsmede door het Europees Parlement in zijn eerdere resolutie, is aanbevolen om een onafhankelijk en onpartijdig internationaal mechanisme in te stellen voor het doen van onderzoek naar beweerde schendingen van en inbreuken op internationale mensenrechten- en humanitaire wetgeving in Jemen;

I.  overwegende dat een ontwerpresolutie ingediend door Nederland, waarin werd opgeroepen tot een VN-missie voor het documenteren van gewelddaden door alle partijen in Jemen, ter stemming gebracht in de Mensenrechtenraad, op 30 september 2015 is ingetrokken na zeer zware druk van Saudi-Arabië en vanwege onvoldoende steun van bepaalde belangrijke landen, waaronder lidstaten van de EU; overwegende dat in plaats daarvan een afgezwakte resolutie is goedgekeurd waarin niet werd gevraagd om een onafhankelijk onderzoek door de VN;

1.  spreekt zijn extreme bezorgdheid uit over de verslechterende humanitaire situatie in Jemen, de vernietiging van infrastructuur, waaronder scholen en ziekenhuizen, als gevolg van luchtbombardementen of granaataanvallen door de coalitie onder leiding van Saudi-Arabië en door de Houthi-opstandelingen, het ontbreken van medische basishulp voor de bevolking en de abominabele toestand van sanitaire voorzieningen en het gebrek aan voedsel en water, waardoor ruim 80% van de bevolking dringend behoefte heeft aan humanitaire hulp;

2.  dringt aan op een onmiddellijk einde aan de aanvallen op medische structuren en verzoekt alle partijen de ondubbelzinnige toezegging te doen aanvallen op burgers of civiele structuren te zullen vermijden, overeenkomstig het internationale humanitaire recht en het internationale recht inzake de mensenrechten;

3.  roept op tot een onmiddellijk staakt-het-vuren om hulpverleners van humanitaire agentschappen onbelemmerde toegang te kunnen geven, zodat zij steun, voedsel, medicijnen en brandstof kunnen verstrekken aan de meest behoeftigen; roept de EU, haar lidstaten en andere internationale donoren op gehoor te geven aan de oproep van de VN tot humanitaire hulp aan Jemen, waarvoor tot nu slechts gedeeltelijk financiering is ontvangen;

4.  veroordeelt de luchtaanvallen door de coalitie onder leiding van Saudi-Arabië, en roept de coalitie op hier onmiddellijk een einde aan te maken en de blokkade op te heffen; roept de Houthi-rebellen op een einde te maken aan alle destabiliserende acties, om humanitaire hulpverleners de kans te geven de hulpbehoevenden te bereiken en om de voorwaarden te scheppen voor een dialoog tussen de partijen;

5.  is van mening dat de enig mogelijke oplossing een politieke oplossing is; roept de VN en diens speciale gezant op alles in het werk te stellen om inclusieve onderhandelingen mogelijk te maken, overeenkomstig het GCC-initiatief, waarbij rekening wordt gehouden met de standpunten van de leiders van de verschillende strijdende partijen en waarbij clanleiders en vertegenwoordigers van afscheidingsbewegingen worden betrokken;

6.  dringt er bij de coalitie onder leiding van Saudi-Arabië op aan te waarborgen dat het conflict in Jemen niet langer wordt gezien als slagveld van soennieten en sjiieten, en dat met Iran onderhandelingen worden gestart om het conflict te beperken;

7.  dringt er bij de lidstaten van de EU op aan ogenblikkelijk een einde te maken aan alle wapenleveringen of andere vormen van militaire steun aan Saudi-Arabië en diens coalitiepartners die gebruikt kan worden om ernstige schendingen van de internationale mensenrechten in Jemen te plegen of mogelijk te maken; dringt er bij de VV/HV op aan om de volgende Raad Buitenlandse Zaken op 5 en 6 februari 2016 een wapenembargo tegen Saudi-Arabië voor te stellen;

8.  roept op tot een spoedig, onafhankelijk en doeltreffend internationaal onderzoek naar beweerde schendingen van internationale mensenrechten en het internationale humanitaire recht in Jemen, en dringt er bij de lidstaten op aan een dergelijk onderzoek te steunen binnen de VN-Veiligheidsraad;

9.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de parlementen en regeringen van de lidstaten, de speciale gezant van de secretaris-generaal van de VN voor Jemen, de regeringen van Jemen en van het Koninkrijk Saudi-Arabië, en de parlementen en regeringen van de lidstaten van de Samenwerkingsraad van de Golf en van de Liga van Arabische Staten.

Juridische mededeling - Privacybeleid