Procedure : 2016/2934(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B8-1240/2016

Ingediende teksten :

B8-1240/2016

Debatten :

Stemmingen :

PV 24/11/2016 - 8.13
CRE 24/11/2016 - 8.13
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P8_TA(2016)0456

ONTWERPRESOLUTIE
PDF 261kWORD 63k
Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B8-1232/2016
16.11.2016
PE593.672v01-00
 
B8-1240/2016

naar aanleiding van een verklaring van de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid

ingediend overeenkomstig artikel 123, lid 2, van het Reglement


over de situatie in Belarus (2016/2934(RSP))


Charles Tannock, Anna Elżbieta Fotyga, Mark Demesmaeker, Ryszard Czarnecki, Ryszard Antoni Legutko, Tomasz Piotr Poręba, Angel Dzhambazki, Kazimierz Michał Ujazdowski, Marek Jurek namens de ECR-Fractie

Resolutie van het Europees Parlement over de situatie in Belarus (2016/2934(RSP))  
B8-1240/2016

Het Europees Parlement,

–  gezien zijn eerdere resoluties en aanbevelingen over Belarus,

–  gezien de op 11 september 2016 gehouden parlementsverkiezingen,

–  gezien de verklaring van de voorzitter van zijn Delegatie voor de betrekkingen met Belarus van 13 september 2016 over de recente parlementsverkiezingen in Belarus,

–  gezien de verklaring van de woordvoerder van de Europese Dienst voor extern optreden van 12 september 2016 over de parlementsverkiezingen in Belarus,

–  gezien de voorlopige verklaring van de OVSE/ODIHR, de Parlementaire Vergadering van de OVSE en de Parlementaire Vergadering van de Raad van Europa (PACE) van 12 september 2016 over de parlementsverkiezingen in Belarus,

–  gezien de conclusies van de Raad over Belarus, met name die van 16 februari 2016 waarmee de sancties tegen 170 individuen en drie Belarussische bedrijven zijn opgeheven,

–  gezien de verklaring van de woordvoerder van het Amerikaanse Ministerie van Buitenlandse Zaken van 12 september 2016 over de parlementsverkiezingen in Belarus,

–  gezien de talrijke verklaringen van de Belarussische autoriteiten volgens welke een aantal van de aanbevelingen van de OVSE/ODIHR naar aanleiding van de presidentsverkiezingen van 2015 vóór de parlementsverkiezingen van 2016 ten uitvoer zou worden gelegd,

–  gezien artikel 123, lid 2, van zijn Reglement,

A.  overwegende dat de OVSE/ODIHR in haar eindverslag over de presidentsverkiezingen in Belarus van 2015 een aantal aanbevelingen heeft opgesteld die Belarus vóór de parlementsverkiezingen van 2016 ten uitvoer moest leggen;

B.  overwegende dat volgens de beoordeling door de OVSE/ODIHR de parlementsverkiezingen van 2016 efficiënt waren georganiseerd, maar dat er nog steeds sprake is van een aantal sinds lange tijd bestaande systemische tekortkomingen, met inbegrip van beperkingen in het rechtskader voor politieke rechten en fundamentele vrijheden;

C.  overwegende dat er nog steeds sprake is van uiterst ondemocratische wetten en praktijken, die het hele verkiezingsproces ondoorzichtig en ondemocratisch maken; overwegende dat dit voornamelijk ongebruikelijke praktijken voor vervroegd stemmen en gebrekkige toegang voor de oppositie tot het tellen van de stemmen betreft (de oppositie was voor slechts 0,08% vertegenwoordigd in de verkiezingscommissies in de districten);

D.  overwegende dat het enige onafhankelijke enquêtebureau in Belarus (NISEPI) als gevolg van druk door de regering besloot zijn werkzaamheden tijdelijk te staken, waardoor het zeer moeilijk is om te beoordelen wat de werkelijke politieke voorkeuren van de Belarussen zijn;

E.  overwegende dat er sinds 1994 in Belarus geen vrije en eerlijke verkiezingen zijn gehouden overeenkomstig een kieswet die aan de internationaal erkende OVSE/ODIHR-normen voldoet;

F.  overwegende dat Belarus ondanks bepaalde veranderingen in positieve zin een gecentraliseerde en autocratische staat blijft onder een "zacht" dictatorschap, waar overheidsorganen systematische mensenrechtenschendingen begaan jegens andersdenkenden en demonstranten, waar mensenrechtenactivisten en journalisten worden geïntimideerd en belemmerd bij het uitvoeren van hun taak, en waar vertegenwoordigers van onafhankelijke of buitenlandse media die niet over een door de overheid goedgekeurde accreditatie beschikken, vaak worden opgepakt, vervolgd en/of beboet;

G.  overwegende dat het EU-beleid van "kritische betrokkenheid" tot doel heeft Belarus aan te moedigen zijn reputatie op het gebied van mensenrechten, democratie en de rechtsstaat te verbeteren; overwegende dat de EU erop moet toezien dat haar middelen niet worden gebruikt om maatschappelijke organisaties, mensenrechtenactivisten, freelance journalisten en oppositieleiders te onderdrukken;

H.  overwegende dat de Delegatie van het Parlement voor de betrekkingen met Belarus op 18 en 19 juni 2015 voor het eerst sinds 2002 een officieel bezoek aan Minsk heeft gebracht; overwegende dat het Parlement momenteel geen officiële betrekkingen met het Belarussische parlement onderhoudt;

I.  overwegende dat een aanzienlijke verbetering van de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van de media, de eerbiediging van de politieke rechten van gewone burgers en oppositie-activisten en de volledige eerbiediging van de rechtsstaat en de grondrechten de randvoorwaarden zijn voor betere betrekkingen tussen de EU en Belarus; overwegende dat de Europese Unie zich onverminderd inzet voor de verdediging van de mensenrechten in Belarus, waaronder de vrijheid van meningsuiting en de mediavrijheid;

J.  overwegende dat op de verkiezingen geen massale arrestaties zijn gevolgd, zoals in het verleden vaak wel het geval was; overwegende dat mensenrechtenorganisaties evenwel de aandacht hebben gevestigd op de nieuwe methodes om de oppositie te intimideren en op de arrestatie van Eduard Palchis en Uladzimir Kondrus in 2016;

1.  blijft zich ernstig zorgen maken over de tekortkomingen die onafhankelijke internationale waarnemers hebben vastgesteld tijdens de presidentsverkiezingen van 2015 en de parlementsverkiezingen van 2016; is van mening dat alle vastgestelde verbeteringen terug te voeren zijn op het streven van het regime om meer financiële steun van westerse landen aan te trekken; herinnert er evenwel aan dat Belarus geen lid is van de WTO maar tot de Euraziatische Economische Unie (EAEU) behoort;

2.  stelt vast dat de oppositie twee zetels in het nieuw gekozen parlement zal hebben, maar beschouwt dit meer als politieke benoemingen dan als weergave van de verkiezingsuitkomst;

3.  verzoekt de Belarussische autoriteiten onverwijld verder te gaan met een algemene hervorming van het kiesstelsel in het kader van het bredere democratiseringsproces en in samenwerking met internationale partners; benadrukt dat de aanbevelingen van de OVSE/ODIHR op tijd voor de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2018 ten uitvoer moeten worden gelegd; benadrukt dat dit van essentieel belang is om het volledige potentieel van de betrekkingen tussen de EU en Belarus te bewerkstelligen;

4.  verzoekt de Belarussische regering de vrijgelaten politieke gevangenen te rehabiliteren en hun politieke en burgerrechten terug te geven;

5.  maakt zich zorgen over het feit dat er sinds 2000 geen nieuwe politieke partijen in Belarus zijn geregistreerd; verzoekt in dit verband om een minder restrictieve aanpak;

6.  verzoekt de Europese Dienst voor extern optreden en de Commissie op zoek te gaan naar nieuwe manieren om organisaties van het maatschappelijk middenveld in Belarus te steunen; benadrukt in dit verband de noodzaak om alle onafhankelijke nieuwsbronnen voor de Belarussische maatschappij te steunen, met inbegrip van media die in de Belarussische taal uitzenden en media die vanuit het buitenland uitzenden;

7.  neemt er nota van dat in januari 2014 onderhandelingen zijn aangevat over een soepelere visumregeling om de interpersoonlijke contacten te verbeteren en de ontwikkeling van het maatschappelijk middenveld te bevorderen; benadrukt de noodzaak om in dit opzicht meer vooruitgang te boeken;

8.  veroordeelt ten zeerste het beleid van de Belarussische regering om bijzondere eenheden te gebruiken om in te grijpen in de interne zaken van middenveldorganisaties, waaronder organisaties die nationale minderheden vertegenwoordigen zoals de onafhankelijke ngo "Unie van Polen in Belarus";

9.  herhaalt zijn toezegging om zich in te zetten voor de Belarussische bevolking, ondersteuning te bieden aan haar prodemocratische ambities en initiatieven, en een bijdrage te leveren aan een stabiele, democratische en voorspoedige toekomst voor het land;

10.  merkt evenwel op dat het toelaten van twee oppositieleden tot het parlement een uitdaging voor de oppositie betekent, daar het regime hun aanwezigheid wellicht zal gebruiken om de verzoeken van de oppositie om verdere veranderingen te bagatelliseren;

11.  is bezorgd over de lopende bouw van een kerncentrale in Ostrovets in het district Grodno, die volgens president Loekasjenko de "snelst gebouwde en goedkoopste" installatie van dit type zou zijn; herinnert eraan dat deze centrale op 50 km van de hoofdstad van Litouwen en dicht bij de Poolse grens komt te staan, en niet aan de vereisten van de Verdragen van Aarhus en Espoo voldoet; verzoekt de Commissie deze investering als onderwerp op te nemen in haar dialoog met Belarus en voor garanties te zorgen dat alle veiligheids- en controlevereisten worden nageleefd; is bezorgd dat deze investering, die door Rusland wordt gefinancierd en met behulp van Russische technologie wordt uitgevoerd, tot verdere Belarussische afhankelijkheid van Rusland zal leiden wat energiezekerheid betreft;

12.  benadrukt dat Belarus deel uitmaakt van de Organisatie van het verdrag voor collectieve veiligheid (CSTO) en deelneemt aan gezamenlijke legeroefeningen met Rusland; veroordeelt in dit verband de eerdere deelname van het Belarussische leger aan de agressieve "Zapad"-legeroefeningen en is bezorgd over de plannen voor een gezamenlijke strategische oefening "Zapad 2017"; betreurt het dat Servië eveneens is opgetreden als gastland voor en deelnemer aan separate legeroefeningen met Rusland en Belarus;

13.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid (VV/HV), de Europese Dienst voor extern optreden, de Raad, de Commissie, de lidstaten, de OVSE/ODIHR, de Raad van Europa alsmede de Belarussische autoriteiten.

Juridische mededeling - Privacybeleid