Procedure : 2018/2559(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B8-0094/2018

Ingediende teksten :

B8-0094/2018

Debatten :

Stemmingen :

PV 08/02/2018 - 12.11
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :


ONTWERPRESOLUTIE
PDF 171kWORD 47k
5.2.2018
PE614.403v01-00
 
B8-0094/2018

naar aanleiding van een verklaring van de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid

ingediend overeenkomstig artikel 123, lid 2, van het Reglement


over de situatie in Venezuela  (2018/2559(RSP))


Javier Couso Permuy, Paloma López Bermejo, João Ferreira, João Pimenta Lopes, Miguel Viegas, Marina Albiol Guzmán, Takis Hadjigeorgiou, Neoklis Sylikiotis, Ángela Vallina, Nikolaos Chountis, Eleonora Forenza, Maria Lidia Senra Rodríguez namens de GUE/NGL-Fractie

Resolutie van het Europees Parlement over de situatie in Venezuela  (2018/2559(RSP))  
B8‑0094/2018

Het Europees Parlement,

–  gezien artikel 1, lid 2, van hoofdstuk I van het Handvest van de Verenigde Naties van 1945, en de daarin geformuleerde doelstelling om: "tussen de naties vriendschappelijke betrekkingen tot ontwikkeling te brengen, die zijn gegrond op eerbied voor het beginsel van gelijke rechten en van zelfbeschikking voor volken, en andere passende maatregelen te nemen ter versterking van de vrede overal ter wereld",

–  gezien het beginsel van non-interventie, dat in het VN-Handvest vastgelegd is,

–  gezien artikel 1 van het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten en artikel 1 van het Internationaal Verdrag inzake economische, sociale en culturele rechten, volgens welke artikelen alle volken zelfbeschikkingsrecht bezitten en zij uit hoofde van dit recht in alle vrijheid hun politieke status bepalen en vrijelijk hun economische, sociale en culturele ontwikkeling nastreven,

–  gezien de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens van 1948,

–  gezien het Verdrag van Wenen inzake diplomatiek verkeer van 1961,

–  gezien alle biregionale verklaringen die sinds de top in Rio de Janeiro in 1999 tijdens de daaropvolgende toppen door de staatshoofden en regeringsleiders van de EU en de Gemeenschap van Latijns-Amerikaanse en Caribische Staten (Celac) zijn aangenomen, met inbegrip van de verklaring van de top van 27 januari 2013, waarin de ondertekenende landen hun gehechtheid bevestigden aan alle in het Handvest van de Verenigde Naties vastgelegde doelstellingen en beginselen en hun steun uitspraken voor alle inspanningen om de soevereine gelijkheid van alle staten te verdedigen en hun territoriale integriteit en politieke onafhankelijkheid te eerbiedigen,

–  gezien de uitroeping van Latijns-Amerika en het Caraïbisch gebied tot zone van vrede, zoals overeengekomen tijdens de Celac-bijeenkomsten in Havana op 28 en 29 januari 2014, Belén (Costa Rica) in 2015 en Quito (Ecuador) in 2016,

–  gezien de eerdere verklaringen van Mercosur, Unasur en Celac over de situatie in Venezuela, met name de verklaringen waarin de eenzijdige dwangmaatregelen van de VS ten aanzien van de Bolivariaanse Republiek Venezuela worden verworpen,

–  gezien de eerdere verklaringen over Venezuela van de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid,

–  gezien zijn eerdere resoluties over Venezuela,

–  gezien de verkiezing van de Bolivariaanse Republiek Venezuela als lid van de VN-Mensenrechtenraad en de conclusies van de meest recente universele periodieke doorlichting van Venezuela door de Mensenrechtenraad,

–  gezien artikel 123, lid 2, van zijn Reglement,

A.  overwegende dat de regering van de Bolivariaanse Republiek Venezuela bij een aantal gelegenheden haar afkeuring heeft uitgesproken over externe inmenging, destabilisatie, desinformatiecampagnes, manipulatie van de publieke opinie en geweld dat door sommige oppositiegroeperingen wordt aangemoedigd tegen de soevereiniteit en onafhankelijkheid van en de vrede en democratische stabiliteit in het land en tegen het Venezolaanse volk;

B.  overwegende dat de EU diverse verklaringen heeft afgelegd met de intentie zich te mengen in de binnenlandse situatie in Venezuela en die te beïnvloeden;

C.  overwegende dat in mei 2016 op verzoek en initiatief van president Nicolás Maduro een commissie van de Unie van Zuid-Amerikaanse Naties (UZAN) is opgericht om inspanningen te ondersteunen ter bevordering van de dialoog tussen de regering van Venezuela en de oppositie teneinde kwesties die van essentieel belang voor het land zijn, aan te pakken;

D.  overwegende dat de Venezolaanse regering en delen van de oppositie sinds december 2017 besprekingen voeren in de Dominicaanse Republiek, in aanwezigheid van hooggeplaatste internationale waarnemers en de president van de Dominicaanse Republiek, om een oplossing te vinden voor de politieke crisis in Venezuela;

E.  overwegende dat er momenteel op dezelfde plaats een nieuwe gespreksronde gaande is;

F.  overwegende dat alle handelingen die een negatieve invloed hebben op de diplomatieke inspanningen om een weg naar dialoog en vrede tussen Venezolanen te vinden, moeten worden vermeden;

G.  overwegende dat eenzijdige dwangmaatregelen in strijd zijn met het gevestigde internationaal recht; overwegende dat de VN, en in het bijzonder de speciale rapporteur van de VN voor negatieve gevolgen van eenzijdige dwangmaatregelen voor de eerbiediging van de mensenrechten, dit herhaaldelijk hebben benadrukt; overwegende dat sancties iedere staat kunnen ontwrichten en dat zij, wanneer zij de economie schaden, een vernietigend effect kunnen hebben op de burgers van ontwikkelingslanden;

H.  overwegende dat dialoog de basis vormt voor de vreedzame beslechting van conflicten en interne kwesties in alle landen; overwegende dat de lidstaten een constructieve dialoog met de Venezolaanse regering moeten aanmoedigen teneinde oplossingen te vinden voor de concrete problemen waar het land op dit moment mee kampt;

I.  overwegende dat alle belangrijke politieke besluiten, zoals het besluit om vervroegde verkiezingen te houden, moeten worden genomen binnen het kader van een nationale dialoog, in overeenstemming met het Venezolaanse recht en de grondwet;

J.  overwegende dat de voorwaarden voor deelname aan die verkiezingen gelijk, eerlijk en transparant moeten zijn, en dat het verkiezingsproces onder toezicht moet staan van een evenwichtige nationale kiesraad (CNE) en voldoende waarborgen moet bieden voor alle deelnemers, zoals onder meer de aanwezigheid van onafhankelijke internationale waarnemers;

K.  overwegende dat op grote schaal gevreesd wordt dat de voortdurende confrontaties tussen beide kampen een belemmering vormen voor een stabiele oplossing waarvoor democratische steun bestaat in het hele land;

1.  veroordeelt met kracht de voortdurende buitenlandse inmenging in en de politieke, economische en sociale destabilisering van de Bolivariaanse Republiek Venezuela;

2.  benadrukt nogmaals dat een interventionistische strategie ten aanzien van de soevereiniteit van de Bolivariaanse Republiek Venezuela op geen enkele manier bijdraagt aan het creëren van ruimte voor dialoog en vrede;

3.  spreekt nogmaals zijn steun uit voor het recht van de Venezolaanse bevolking om op soevereine, onafhankelijke en vreedzame wijze een besluit te nemen over de weg naar ontwikkeling, zonder enige externe inmenging of druk, en dat alleen vreedzame onderhandelingen kunnen leiden tot een oplossing voor de huidige meervoudige crises en tot politieke stabiliteit;

4.  herinnert aan verslagen van de Voedsel- en Landbouworganisatie van de VN (FAO), de Economische Commissie voor Latijns-Amerika en het Caribisch Gebied (Eclac) en onafhankelijke deskundigen van de VN waarin wordt gesteld dat de zogenaamde humanitaire crisis in Venezuela niet bestaat;

5.  hekelt de beweringen over een vermeende "humanitaire crisis" in Venezuela door degenen die erop uit zijn externe inmenging te vergroten en pleiten voor een interventie-operatie in het land;

6.  veroordeelt het besluit van de VS en de EU om sancties te blijven opleggen aan Venezuela en zijn bevolking;

7.  benadrukt dat dialoog met derde landen er onder geen beding in mag resulteren dat beperkingen worden opgelegd aan het zelfbeschikkingsrecht van volkeren;

8.  onderschrijft de beginselen van de verklaring waarin Latijns-Amerika en het Caribisch gebied tot een zone van vrede worden uitgeroepen, en spoort de internationale gemeenschap aan deze verklaring in haar betrekkingen met de Celac-landen volledig te eerbiedigen, hetgeen onder andere betekent dat beloofd wordt niet direct of indirect in de interne aangelegenheden van andere staten te interveniëren en de beginselen van nationale soevereiniteit, gelijke rechten en het zelfbeschikkingsrecht van volkeren te respecteren;

9.  herinnert aan de belangrijke rol die Venezuela vervult bij het tot stand brengen en versterken van een samenwerkings- en integratieproces ten behoeve van de volkeren van Latijns-Amerika; wijst met klem op de aanzienlijk vooruitgang die is geboekt ten aanzien van regionale integratie en coöperatie ten behoeve van de volkeren van Latijns-Amerika;

10.  is van mening dat de politieke en maatschappelijke stabiliteit in Venezuela bepalend is voor het waarborgen van de vrede in de gehele regio;

11.  verwerpt iedere internationale oproep die afwijkt van de doelstellingen en beginselen van het VN-Handvest, met inbegrip van de onbeperkte eerbiediging van het beginsel van non-interventie in kwesties die in wezen binnen de binnenlandse jurisdictie van landen vallen, in om het even welk land, continent of gebied in de wereld, waarbij niet mag worden vergeten dat deze beginselen verankerd zijn in de Verdragen van de EU;

12.  ondersteunt de inspanningen van de Venezolaanse autoriteiten, de democratische oppositie en de Venezolaanse bevolking om zelf oplossingen te vinden voor hun politieke en economische problemen en om de bestendiging van de nationale dialoog in Venezuela te bevorderen, teneinde de levensomstandigheden en de economische en sociale ontwikkeling in Venezuela te verbeteren;

13.  is ingenomen met de lopende dialoog in de Dominicaanse Republiek en staat volledig achter de bemiddelingspogingen door uit de EU afkomstige en andere politici, zoals de voormalige Spaanse premier José Luis Rodríguez Zapatero; spreekt de hoop uit dat alle nationale en internationale actoren dit proces ondersteunen;

14.  pleit er met klem voor deze dialoog ook te laten gaan over een nationale overeenkomst inzake economisch beleid om de situatie te stabiliseren;

15.  dringt er bij alle actoren, zowel binnen als buiten het land, op aan voorzichtigheid en geduld te blijven betrachten en zich te onthouden van alle vormen van of oproepen tot geweld, die tot verdere destabilisering en uiteindelijk tot volledige ontwrichting van het land zouden leiden;

16.  roept politieke actoren buiten Venezuela op om geen misbruik te maken van de situatie in Venezuela om nationale politieke redenen;

17.  erkent het recht van de Venezolaanse bevolking om deel te nemen aan de presidentsverkiezingen in overeenstemming met de interne regels en procedures en met de Venezolaanse grondwet;

18.  verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de regeringen en parlementen van de lidstaten, de regering en autoriteiten van de Bolivariaanse Republiek Venezuela, de Euro-Latijns-Amerikaanse Parlementaire Vergadering en de Latijns-Amerikaanse regionale organisaties, met inebegrip van de Unie van Zuid-Amerikaanse Naties (UZAN), de Bolivariaanse Alliantie voor de volkeren van ons Amerika (ALBA) en de Gemeenschap van Latijns-Amerikaanse en Caribische Staten (Celac).

Laatst bijgewerkt op: 7 februari 2018Juridische mededeling - Privacybeleid