Procedure : 2019/2896(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B9-0192/2019

Ingediende teksten :

B9-0192/2019

Debatten :

Stemmingen :

PV 28/11/2019 - 8.6
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P9_TA(2019)0077

<Date>{25/11/2019}25.11.2019</Date>
<NoDocSe>B9‑0192/2019</NoDocSe>
PDF 136kWORD 47k

<TitreType>ONTWERPRESOLUTIE</TitreType>

<TitreSuite>naar aanleiding van een verklaring van de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid</TitreSuite>

<TitreRecueil>ingediend overeenkomstig artikel 132, lid 2, van het Reglement</TitreRecueil>


<Titre>over de situatie in Bolivia</Titre>

<DocRef>(2019/2896(RSP))</DocRef>


<RepeatBlock-By><Depute>Javi López</Depute>

<Commission>{S&D}namens de S&D-Fractie</Commission>

</RepeatBlock-By>

Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B9-0187/2019

B9‑0192/2019

Resolutie van het Europees Parlement over de situatie in Bolivia

(2019/2896(RSP))

Het Europees Parlement,

 gezien zijn eerdere resoluties over de situatie in Bolivia,

 gezien het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden,

 gezien het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten,

 gezien het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de protocollen daarbij,

 gezien het rapport van de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS) over Bolivia van 14 november 2019,

 gezien de verklaring van hoge vertegenwoordiger / vicevoorzitter Federica Mogherini van 13 november 2019 tijdens zijn plenaire vergadering over de situatie in Bolivia,

 gezien artikel 132, lid 2, van zijn Reglement,

A. overwegende dat Evo Morales in 2006 is aangetreden na zijn overwinning in de presidentsverkiezingen, en dat zijn mandaat in de verkiezingen in 2010 en 2015 is verlengd;

B. overwegende dat Evo Morales met de goedkeuring van het Constitutioneel Hof het controversiële besluit heeft genomen zich kandidaat te stellen voor een vierde ambtstermijn, hoewel hij er niet in was geslaagd een referendum te winnen gericht op het wijzigen van de grondwet;

C. overwegende dat op 20 oktober in Bolivia presidentsverkiezingen hebben plaatsgevonden en dat zich bij die verkiezingen talrijke onregelmatigheden hebben voorgedaan; overwegende dat Boliviaanse burgers hiertegen in verzet zijn gekomen, en dat de protesten tot geweld en onlusten hebben geleid;

D. overwegende dat toen 83 % van de stemmen geteld waren zittend president Evo Morales aan kop ging met 45 %, gevolgd door Carlos Mesa, de voormalige president en belangrijkste tegenstrever van Morales, met 38 %;

E. overwegende dat internationale waarnemers er hun bezorgdheid over hebben geuit dat gedurende een hele dag geen resultaten naar buiten werden gebracht, en dat toen het tellen werd hervat Evo Morales veel meer stemmen had; overwegende dat Evo Morales deze aantijgingen heeft ontkend en buitenlandse regeringen heeft uitgenodigd toezicht op de verkiezingen te houden, aangevuld met de belofte om – indien enigerlei fraude zou worden vastgesteld – een herstemming te houden;

F. overwegende dat de Boliviaanse regering de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS) heeft verzocht een verkiezingsaudit te verrichten, en heeft beloofd de uitkomst daarvan te respecteren; overwegende dat de conclusie van de audit was dat de verkiezingsuitslag moet worden geannuleerd vanwege ernstige onregelmatigheden, en dat op zo kort mogelijke termijn nieuwe verkiezingen moeten worden gehouden;

G. overwegende dat Evo Morales na de bekendmaking van het OAS-rapport heeft besloten nieuwe verkiezingen uit te schrijven en de internationale gemeenschap te vragen die te monitoren;

H. overwegende dat Evo Morales en vicepresident Álvaro García Linera hun functie hebben moeten neerleggen en het land hebben moeten verlaten nadat ze de steun van de politie en het leger hadden verloren;

I. overwegende dat Evo Morales politiek asiel heeft aangevraagd in Mexico;

J. overwegende dat na het aftreden van Evo Morales Jeanine Añez het ambt van president op zich heeft genomen in haar hoedanigheid van hoogste in rang in de grondwettelijke lijn van opvolging; overwegende dat haar enige rol die van plaatsvervanger is met als taak het organiseren van nieuwe verkiezingen;

K. overwegende dat Jeanine Añez een controversieel decreet heeft ondertekend dat het leger immuniteit verleent tegen vervolging voor daden die het heeft gepleegd in naam van het herstellen van de openbare orde;

L. overwegende dat beide kamers van de Nationale Vergadering op 23 november 2019 goedkeuring hebben gehecht aan wetgeving die de weg vrijmaakt voor presidentsverkiezingen, en dat deze wetgeving vervolgens is ondertekend door interim-president Jeanine Añez;

M. overwegende dat deze wetgeving bepaalt dat diegenen die twee achtereenvolgende termijnen president zijn geweest van deelname aan de verkiezingen uitgesloten zijn, hetgeen inhoudt dat Evo Morales niet kan meedoen;

N. overwegende dat Evo Morales bij terugkeer naar Bolivia zou kunnen worden vervolgd op beschuldiging van terrorisme en staatsondermijning;

O. overwegende dat bij de gewelddadige demonstraties nadat Evo Morales het land had verlaten reeds 32 mensen om het leven zijn gekomen;

1. dringt er bij de partijen op aan de kalmte te bewaren en hun gezonde verstand te gebruiken teneinde een constructieve dialoog tussen alle betrokken mogelijk te maken, waardoor een klimaat van voldoende vertrouwen en begrip tot stand kan komen met het oog op een vreedzame machtsoverdracht in het land en het doorbreken van de huidige impasse;

2. is van oordeel dat de Europese Unie en de internationale gemeenschap steun moeten geven aan de inspanningen van de bisschopsconferentie en de persoonlijke afgezant van de secretaris-generaal van de VN met het oog op het bereiken van overeenstemming tussen de partijen over het houden van vrije, inclusieve en transparante verkiezingen in overeenstemming met het in de grondwet vastgestelde tijdschema;

3. is van oordeel dat alle partijen zich democratisch verantwoordelijk moeten gedragen, teneinde snel tot verzoening te komen en verder geweld te vermijden;

4. verwelkomt het dat beide kamers van de Nationale Vergadering ingestemd hebben met maatregelen ter voorbereiding van de volgende presidentsverkiezingen, en is van mening dat de stabiliteit in Bolivia alleen kan terugkeren indien deze op zo kort mogelijke termijn plaatsvinden; steunt derhalve de doelstelling van het benoemen van een nieuw onafhankelijk Verkiezingstribunaal, ter garandering van transparante verkiezingen; spreekt zich uit tegen elke regeringswisseling die niet volledig in overeenstemming is met de Boliviaanse grondwet;

5. verwerpt de abrupte regeringswisseling, waarbij de grondwet niet in acht is genomen en die heeft plaatsgevonden tegen de achtergrond van het dreigen met geweld;

6. maakt zich ernstig zorgen over de onregelmatigheden bij de stemming, die tot politieke instabiliteit en onlusten hebben geleid;

7. betreurt het geweld na de verkiezingen, resulterend in 32 doden, meer dan 100 gewonden, en andere fysieke en materiële schade, alsmede het feit dat Evo Morales het land heeft ontvlucht;

8. verwerpt elk ingrijpen van of het gebruik van geweld door het leger tegen de Boliviaanse bevolking;

9. dringt aan op intrekking van decreet nr. 4078, op grond waarvan politieagenten en militairen die zich mogelijkerwijs aan gewelddadige repressie schuldig hebben gemaakt onder bepaalde voorwaarden vrijheid van strafvervolging kan worden gegeven;

10. geeft onverminderd steun aan de Boliviaanse bevolking, zoals het door de jaren heen heeft gedaan, in het bijzonder op deze moeilijke momenten voor de democratie in het land;

11. blijft steun geven aan consolidatie van de democratie en ontwikkeling van de instituties van de Boliviaanse republiek;

12. herinnert eraan dat de enige taak van Jeanine Añez als hoofd van de tijdelijke regering het organiseren van nieuwe verkiezingen is, waarin de burgers van Bolivia op democratische wijze hun regering en het door hen gewenste beleid kunnen kiezen;

13. dringt aan op intrekking van bepaalde uitermate verontrustende maatregelen van de tijdelijke regering van Jeanine Añez, aangezien deze de huidige situatie alleen maar verder verslechteren; geeft aan dat het hierbij onder andere gaat om: de uitwijzing van journalisten, het onder direct regeringstoezicht plaatsen van de publieke radio en tv, het ontslag van ambassadeurs in het buitenland, en de opschorting van de diplomatieke betrekkingen met bepaalde buurlanden;

14. benadrukt het belang van het vinden van een oplossing voor de crisis gezien de dramatische economische situatie waarin het land zich bevindt, met steeds grotere tekorten aan brandstof en levensmiddelen, teneinde een volgende humanitaire ramp met niet te voorziene gevolgen te vermijden;

15. steunt de uitzending van een EU-verkiezingswaarnemingsmissie naar Bolivia;

16. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie / hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de rechtmatige interim-president van de republiek en de Nationale Vergadering van de Plurinationale Staat Bolivia, de regeringen en parlementen van de landen van de Groep van Lima, de Euro-Latijns-Amerikaanse Parlementaire Vergadering, en de secretaris-generaal van de Organisatie van Amerikaanse Staten.

 

Laatst bijgewerkt op: 27 november 2019Juridische mededeling - Privacybeleid