Procedure : 2019/2895(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B9-0198/2019

Ingediende teksten :

B9-0198/2019

Debatten :

Stemmingen :

PV 28/11/2019 - 8.11
Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P9_TA(2019)0082

<Date>{25/11/2019}25.11.2019</Date>
<NoDocSe>B9‑0198/2019</NoDocSe>
PDF 136kWORD 47k

<TitreType>ONTWERPRESOLUTIE</TitreType>

<TitreSuite>naar aanleiding van een verklaring van de Commissie</TitreSuite>

<TitreRecueil>ingediend overeenkomstig artikel 132, lid 2, van het Reglement</TitreRecueil>


<Titre>over maatregelen om de effecten op de Europese landbouw van de uitspraak van de WTO over het Airbusgeschil aan te pakken</Titre>

<DocRef>(2019/2895(RSP))</DocRef>


<RepeatBlock-By><Depute>Paolo De Castro</Depute>

<Commission>{S&D}namens de S&D-Fractie</Commission>

</RepeatBlock-By>

Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B9-0197/2019

B9‑0198/2019

Resolutie van het Europees Parlement over maatregelen om de effecten op de Europese landbouw van de uitspraak van de WTO over het Airbusgeschil aan te pakken

(2019/2895(RSP))

Het Europees Parlement,

 gezien het besluit van de scheidsrechter van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) in het kader van het Airbus-subsidiegeschil (DS316) van 2 oktober 2019, waarbij de VS tegenmaatregelen op de uitvoer van de EU mogen treffen ter waarde van 7,5 miljard USD (6,8 miljard EUR),

 gezien het formele besluit van het orgaan voor geschillenbeslechting van de WTO van 14 oktober 2019, waarbij groen licht wordt gegeven voor deze sancties,

 gezien het besluit van de VS om met ingang van 18 oktober 2019 een nieuw ad-valoremrecht in te voeren van 25 % voor sommige landbouwproducten en van 10 % voor niet-landbouwproducten,

 gezien artikel 132, lid 2, van zijn Reglement,

A. overwegende dat de VS de belangrijkste bestemming voor de uitvoer van landbouwproducten uit de EU-28 is, in 2018 goed voor 22,3 miljard EUR; overwegende dat deze uitvoer een positieve handelsbalans met de VS helpt te behouden;

B. overwegende dat de EU-uitvoer van agrovoedingsmiddelen met een waarde van 4,3 miljard EUR (60 % van de totale waarde van de tegenmaatregelen) zal worden getroffen door de nieuwe heffingen, die zullen neerkomen op 1,1 miljard EUR;

C. overwegende dat het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Spanje, Italië, Duitsland en Ierland in die volgorde de belangrijkste landen zijn waarop het besluit van de VS betrekking heeft, en dat zij goed zijn voor 97 % van de totale uitvoer waarop de nieuwe tarieven van toepassing zijn; overwegende dat ook de agrovoedingssector in andere lidstaten zal worden getroffen;

D. overwegende dat de belangrijkste landbouwproducten waarop de WTO-sancties gericht zijn, emblematische EU-producten met een zeer hoge toegevoegde waarde betreffen die vaak beschermd worden in het kader van EU-kwaliteitsregelingen (wijn en gedistilleerde dranken, zuivel- en vleesproducten, olijfolie en tafelolijven), en dat deze producten zullen blootstaan aan 92 % van alle Amerikaanse tegenmaatregelen op het gebied van handel;

E. overwegende dat de maatregelen ook op andere agrovoedingsmiddelen, zoals varkensvlees, koffie, koekjes, vruchtensap, citrusvruchten, en andere vruchten en groenten, gericht zijn, zij het in mindere mate;

F. overwegende dat landbouwers en marktdeelnemers in de agrovoedingsketen na het Russische verbod eens te meer het slachtoffer zijn van een niet-agrarisch handelsconflict en dat het besluit van de VS om deze heffingen toe te passen voor onbepaalde tijd geldt totdat de lidstaten voldoen aan de uitspraak van de WTO inzake het Airbusgeschil;

G. overwegende dat de Amerikaanse tegenmaatregelen zullen leiden tot meer instabiliteit op de interne markt van de EU, die reeds te kampen heeft met de verstoring veroorzaakt door het Russische embargo en zich moet voorbereiden op de potentiële economische gevolgen van een terugtrekking van het VK uit de EU;

H. overwegende dat het besluit van de VS voor sommige sectoren, zoals tafelolijven, olijfolie en vleesproducten, de toch al kwetsbare situatie van de interne markt verder in gevaar zal brengen, terwijl het voor andere stabielere sectoren, zoals de wijn- en zuivelsector, tot ernstige verstoringen op de hele markt dreigt te leiden;

I. overwegende dat de prijzen van de producten waarop de nieuwe heffingen van toepassing zijn, voor de consument aanzienlijk kunnen stijgen; overwegende dat de meeste van deze producten kunnen worden vervangen door alternatieven uit andere bronnen;

J. overwegende dat volgens de huidige EU-regels reeds goedgekeurde afzetbevorderingscampagnes die gericht zijn op de Amerikaanse markt niet kunnen worden geherprogrammeerd, en dat sommige reeds getroffen maatregelen ter bevordering van producten met een zeer hoge waarde tevergeefs kunnen blijken indien de Amerikaanse heffingen worden toegepast;

1. neemt nota van de goedkeuring van het orgaan voor geschillenbeslechting van de WTO en spreekt zijn diepe bezorgdheid uit over het besluit van de VS om als gevolg van het Airbus-geschil tegenmaatregelen te nemen ten aanzien van de Europese Unie in plaats van te streven naar een via onderhandelingen tot stand gekomen oplossing;

2. benadrukt dat deze heffingen niet alleen een aanzienlijk negatief effect zullen hebben op de desbetreffende lidstaten en producten, maar ook op de hele landbouwsector en agrovoedingsketen in de EU;

3. betreurt ten zeerste het gebrek aan betrokkenheid van de VS bij de pogingen van de EU om vóór de toepassing van de heffingen tijdig een via onderhandelingen tot stand gekomen oplossing te vinden;

4. dringt er bij de Commissie op aan om, overeenkomstig de regels van de WTO, snelle steun te mobiliseren voor de sectoren die het zwaarst door deze heffingen worden getroffen, en alle beschikbare instrumenten en maatregelen van het gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) te gebruiken om het hoofd te bieden aan verstoringen van de interne markt, zoals het uit de markt nemen van groenten en fruit, en regelingen voor particuliere opslag van kaas en andere zuivelproducten, en betreurt in dit verband het gebrek aan ad-hocfinanciering in de begroting 2020 ten zeerste;

5. verzoekt de Commissie nauwlettend toe te zien op de EU-markt in de hele voedselvoorzieningsketen, teneinde alle verstoringen vast te stellen als gevolg van de toepassing van deze sancties en het sneeuwbaleffect van producten die uit de voedselvoorzieningsketen zijn verwijderd;

6. ondersteunt de uitbreiding van de reikwijdte van EU-afzetbevorderingscampagnes om de lidstaten te ondersteunen bij het versterken van hun positie op derde markten en bij het vinden van nieuwe afzetmogelijkheden voor EU-producten waarop de heffingen gericht zijn;

7. benadrukt dat de markttoegang voor de producten waarop de Amerikaanse heffingen van toepassing zijn, moet worden verzekerd door de hardnekkige technische belemmeringen weg te nemen die exploitanten ervan hebben weerhouden ten volle gebruik te maken van de uitvoermogelijkheden in het kader van andere vrijhandelsovereenkomsten;

8. verzoekt de Commissie meer flexibiliteit toe te staan bij de uitvoering van dergelijke afzetbevorderingscampagnes om marktdeelnemers in staat te stellen te reageren en zich te heroriënteren op alternatieve markten door de activiteiten die reeds voor de Amerikaanse markt zijn goedgekeurd, te herprogrammeren;

9. dringt er bij de Commissie op aan onderhandelingen te openen om een snelle oplossing te vinden, te zorgen voor een de-escalatie van de toenemende spanningen op handelsgebied tussen beide partijen en deze strafheffingen op EU-goederen weg te nemen;

10. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

Laatst bijgewerkt op: 27 november 2019Juridische mededeling - Privacybeleid