Procedure : 2019/2983(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B9-0085/2020

Ingediende teksten :

B9-0085/2020

Debatten :

Stemmingen :

Stemverklaringen

Aangenomen teksten :

P9_TA(2020)0024

<Date>{22/01/2020}22.1.2020</Date>
<NoDocSe>B9‑0085/2020</NoDocSe>
PDF 130kWORD 44k

<TitreType>ONTWERPRESOLUTIE</TitreType>

<TitreSuite>naar aanleiding van een verklaring van de Commissie</TitreSuite>

<TitreRecueil>ingediend overeenkomstig artikel 132, lid 2, van het Reglement</TitreRecueil>


<Titre>over een universele oplader voor mobiele radioapparatuur</Titre>

<DocRef>(2019/2983(RSP))</DocRef>


<RepeatBlock-By><Depute>Adam Bielan, Evžen Tošenovský</Depute>

<Commission>{ECR}namens de ECR-Fractie</Commission>

</RepeatBlock-By>

Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B9-0070/2020

B9‑0085/2020

Resolutie van het Europees Parlement over een universele oplader voor mobiele radioapparatuur

(2019/2983(RSP))

Het Europees Parlement,

 gezien Richtlijn 2014/53/EU van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen van de lidstaten inzake het op de markt aanbieden van radioapparatuur en tot intrekking van Richtlijn 1999/5/EG (de richtlijn radioapparatuur)[1],

 gezien artikel 132, lid 2, van zijn Reglement,

A. overwegende dat de eengemaakte markt de basis is en blijft voor het concurrentievermogen en het economische succes van de EU en een motor voor groei en werkgelegenheid;

B. overwegende dat door ontwikkelingen op de markt het aantal soorten opladers weliswaar is verminderd, maar vrijwillige overeenkomsten tussen spelers uit de sector de kwestie van een universele oplader voor mobiele telefoons nog niet volledig hebben opgelost;

C. overwegende dat consumenten zich nog steeds in een situatie bevinden waarin zij verschillende opladers ontvangen wanneer zij nieuwe apparaten kopen van verschillende verkopers en geen andere keuze hebben dan een nieuwe oplader te ontvangen wanneer zij een nieuwe mobiele telefoon kopen van dezelfde verkoper;

D. overwegende dat de consumententrends in de afgelopen tien jaar laten zien dat de eigendom van meerdere apparaten toeneemt en de levensduur van bepaalde radioapparatuur, zoals smartphones, korter wordt; overwegende dat oudere apparatuur dikwijls vervangen wordt omdat deze eenvoudigweg als achterhaald wordt beschouwd of niet langer met updates wordt ondersteund, niet omdat de apparatuur moet worden vervangen; overwegende dat dit bijkomend elektronisch afval veroorzaakt, waaronder opladers;

1. verzoekt de Commissie zonder verdere vertraging de resultaten te presenteren van de effectbeoordeling van de invoering van een universele oplader voor mobiele telefoons; benadrukt dat betrouwbare cijfers nodig zijn over de hoeveelheid milieuafval die wordt veroorzaakt door het ontbreken van een universele lader, zodat de alternatieve opties naar behoren kunnen worden beoordeeld en aangetoond kan worden dat deze opties de hoeveelheid afval verminderen;

2. herhaalt dat als de resultaten van de effectbeoordeling en de openbare raadpleging laten zien dat de invoering van een universele lader een duidelijke toegevoegde waarde heeft, waaronder voordelen voor het milieu en de consument, en redelijke kosten met zich meebrengt voor de sector, de Commissie zonder verdere vertraging de gedelegeerde handeling ter aanvulling van de richtlijn radioapparatuur moet vaststellen;

3. benadrukt dat optreden van de EU noodzakelijk is om de hoeveelheid elektronisch afval te verminderen, de consumenten in staat te stellen duurzame keuzes te maken en om hen in staat te stellen volledig deel te nemen aan een efficiënte en goed functionerende interne markt;

4. benadrukt dat er behoefte is aan een norm voor een universele oplader voor mobiele radioapparatuur als de gedelegeerde handeling wordt vastgesteld, om verdere fragmentering van de interne markt te voorkomen; merkt op dat de prestatievereisten voor mobiele telefoons anders kunnen zijn dan die voor andere soorten radioapparatuur en dat consumenten naar behoren moeten worden geïnformeerd om hun begrip en het gebruiksgemak van deze producten te vergroten;

5. wijst erop dat geen enkel initiatief in de vorm van een gedelegeerde handeling betreffende een universele oplader of enige andere mogelijke wetgevingsmaatregel met betrekking tot andere compatibele toestellen een bijkomende bureaucratische last met zich mee mag brengen of een belemmering mag vormen voor de markt, vooral niet als daardoor innovatie in de toekomst wordt belemmerd of vertraagd; herinnert aan het beginsel “een erbij, een eraf”;

6. wijst erop dat het gebruik van draadloze oplaadtechnologie bijkomende voordelen inhoudt, zoals vermindering van het elektronisch afval; verzoekt daarom de Commissie maatregelen te treffen om zo goed mogelijk de interoperabiliteit van verschillende draadloze opladers met verschillende mobiele radioapparatuur te waarborgen; wijst opnieuw op het belang van onderzoek en innovatie op dit gebied om de bestaande technologieën te verbeteren en nieuwe technologieën uit te vinden en steunt het beginsel van technologieneutraliteit;

7. benadrukt dat als in de toekomst geen oplader bij het apparaat is bijgevoegd, dit op het moment van aankoop duidelijk moet worden gemaakt aan de consument, vooral wat betreft de prijs, en dat consumenten het recht moeten hebben het product met of zonder de oplader te kopen;

8. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie en de regeringen en parlementen van de lidstaten.

 

[1] PB L 153 van 22.5.2014, blz. 62.

Laatst bijgewerkt op: 24 januari 2020Juridische mededeling - Privacybeleid