Procedure : 2020/2616(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus : B9-0143/2020

Ingediende teksten :

B9-0143/2020

Debatten :

PV 16/04/2020 - 17
CRE 16/04/2020 - 17

Stemmingen :

Aangenomen teksten :

P9_TA(2020)0054

<Date>{14/04/2020}14.4.2020</Date>
<NoDocSe>B9‑0143/2020</NoDocSe>
PDF 151kWORD 50k

<TitreType>ONTWERPRESOLUTIE</TitreType>

<TitreSuite>naar aanleiding van verklaringen van de Raad en de Commissie</TitreSuite>

<TitreRecueil>ingediend overeenkomstig artikel 132, lid 2, van het Reglement</TitreRecueil>


<Titre>over gecoördineerde maatregelen van de EU ter bestrijding van de COVID‑19-pandemie en de gevolgen daarvan</Titre>

<DocRef>(2020/2616(RSP))</DocRef>


<RepeatBlock-By><Depute>Dacian Cioloş</Depute>

<Commission>{Renew}namens de Renew-Fractie</Commission>

</RepeatBlock-By>

Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B9-0143/2020

B9‑0143/2020

Resolutie van het Europees Parlement over gecoördineerde maatregelen van de EU ter bestrijding van de COVID‑19-pandemie en de gevolgen daarvan

(2020/2616(RSP))

Het Europees Parlement,

 gezien artikel 132, lid 2, van zijn Reglement,

A. overwegende dat de verspreiding van het virus gevolgen heeft voor het leven van elke Europese burger en ons als Unie op de proef stelt;

B. overwegende dat gezondheidszorg bovenal een nationale bevoegdheid is, waarbij de EU kan helpen de maatregelen van de lidstaten te coördineren, maar niet uit eigen beweging kan optreden;

C. overwegende dat onze economieën stil zijn komen te staan en dat de hierdoor veroorzaakte verstoring voor de burgers, ondernemingen, werknemers en zelfstandigen van Europa dramatische en immense gevolgen zal hebben;

D. overwegende dat solidariteit niet een keuze is, maar een verplichting uit hoofde van de Verdragen;

E. overwegende dat dit het moment van de waarheid is voor de Europese Unie waarop haar toekomst wordt bepaald;

1. geeft uiting aan zijn diepste bedroefdheid over het verlies van levens en de menselijke tragedie die deze pandemie heeft veroorzaakt voor Europeanen en hun gezinnen en voor burgers overal ter wereld, en betuigt zijn deelneming aan allen die dierbaren hebben verloren; betuigt zijn oprechte medeleven met degenen die ziek zijn en wenst hun een spoedig herstel toe;

2. prijst iedereen die aan de frontlinies werkt om de pandemie te bestrijden, zoals artsen en verplegers; betuigt zijn oprechte dankbaarheid aan alle anonieme helden die essentiële taken vervullen, zoals zij die werkzaam zijn op het gebied van de levensmiddelendetaihandel en -bezorging, onderwijs, vervoer en afvalinzameling om het openbare leven en de openbare diensten door te laten gaan en de toegang tot essentiële goederen te garanderen; verzoekt de lidstaten veilige arbeidsomstandigheden te waarborgen voor alle werknemers aan de frontlinie van deze epidemie, in het bijzonder medisch personeel in de eerstelijnsgezondheidszorg, door gepaste en gecoördineerde nationale maatregelen te treffen, waaronder de verstrekking van afdoende persoonlijke beschermingsmiddelen; verzoekt de Europese Commissie toezicht te houden op de uitvoering van deze maatregelen;

3. verklaart zich solidair met de lidstaten die het zwaarst door het virus worden getroffen, en met alle andere landen die met de gevolgen van de pandemie te maken hebben; betuigt zijn oprechte solidariteit met diegenen die hun baan hebben verloren en wier beroepsleven door de pandemie is verstoord; benadrukt dat de EU geen enkel land er alleen voor zal laten staan;

4. spreekt zijn bezorgdheid uit over het aanvankelijke onvermogen van de EU om collectief op te treden; vraagt dat de lidstaten zich bij alle maatregelen die zij in de toekomst nemen, laten leiden door het grondbeginsel van de EU van solidariteit en loyale samenwerking; is van mening dat de COVID‑19-crisis het belang van gezamenlijk Europees optreden heeft benadrukt; benadrukt dat de Europese Unie en haar lidstaten gezamenlijk over de middelen beschikken om de pandemie en haar gevolgen te bestrijden, maar alleen wanneer de Unie en haar lidstaten zij aan zij staan; erkent dat de lidstaten, hoewel zij aan het begin van de crisis unilateraal hebben gehandeld, nu begrijpen dat samenwerking, vertrouwen en solidariteit de enige manier zijn om deze crisis te boven te komen;

5. verzoekt de Europese Commissie en de lidstaten gezamenlijk op te treden om ervoor te zorgen dat de Unie sterker uit deze crisis komt; benadrukt dat het Parlement met de andere EU-instellingen zal samenwerken om levens te redden, banen en ondernemingen te beschermen en het economisch herstel aan te zwengelen, en dat het Parlement klaar zal staan om hen ter verantwoording te roepen voor hun handelen;

Europese solidariteit en maatregelen in de gezondheidssector

6. is verheugd over de Europese solidariteit in de praktijk die de lidstaten hebben getoond bij het behandelen van patiënten uit andere lidstaten, het leveren van apparatuur voor de gezondheidszorg, onder meer door middel van initiatieven voor gezamenlijke aanbesteding en voorraden, en bij de repatriëring van burgers; benadrukt dat de grenzen binnen de EU open moeten blijven voor de verspreiding van persoonlijke beschermingsmiddelen, levensmiddelen, geneesmiddelen, medische apparaten, bloedderivaten en organen; onderstreept de noodzaak de mobilisatie van medisch personeel te faciliteren en pleit voor de inzet van het Europees medisch korps voor het leveren van medische ondersteuning; benadrukt voorts de noodzaak het vervoer van patiënten te faciliteren uit volle ziekenhuizen in de ene lidstaat naar een andere, waar nog capaciteit beschikbaar is;

7. verzoekt om een aanzienlijke versterking van de begroting en het personeelsbestand van het Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding (ECDC) en de bevoegdheden van het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA), teneinde hen in staat te stellen de medische respons in crisistijd te coördineren;

8. verzoekt een Europees gezondheidsresponsmechanisme in te stellen voor een betere voorbereiding en gemeenschappelijke en gecoördineerde respons op ieder soort sanitaire of gezondheidscrisis die zich op EU-niveau voordoet, teneinde de gezondheid van onze burgers te beschermen;

9. verzoekt de Commissie alle aspecten van het crisisbeheer en de respons bij rampen te versterken, en instrumenten als RescEU verder te versterken om een echt gemeenschappelijke, gecoördineerde en doeltreffende reactie op EU-niveau te waarborgen; is van oordeel dat het Europese rampenrisicobeheer, paraatheid en preventie moeten worden verbeterd, met gemeenschappelijke voorraden van uitrusting, materialen en geneesmiddelen, teneinde mogelijk te maken dat deze snel worden gemobiliseerd om de levens en bestaansmiddelen van EU-burgers te beschermen;

10. verzoekt de lidstaten alle beschikbare onderzoeks- en innovatiefondsen toe te kennen aan onderzoeksinitiatieven die erop zijn gericht de ziekte te begrijpen en diagnostische tests en de ontwikkeling van een vaccin te versnellen; is van oordeel dat de onderzoekers, innovatieve kmo’s en de industrie alle ondersteuning moeten krijgen die zij nodig hebben om een geneesmiddel te ontwikkelen;

11. benadrukt dat het dringend noodzakelijk is meer te doen voor kmo’s, hen te helpen banen te behouden en hun liquiditeit te beheren; verzoekt de Europese prudentiële en toezichtsautoriteiten, evenals de lidstaten, alle mogelijkheden te onderzoeken om de lasten van kmo’s te verlichten; pleit voor een Europese horizontale strategie voor het herstel van kmo’s, om hen te ondersteunen door voor hen de administratieve rompslomp en de kosten van de toegang tot financiering te verminderen, en door investeringen in strategische waardeketens te stimuleren, in overeenstemming met de Green Deal;

12. is van oordeel dat de EU de kans moet grijpen om de technologische controle te herwinnen op strategische gebieden zoals de actieve farmaceutische ingrediënten die essentieel zijn voor de vervaardiging van geneesmiddelen, en zo haar afhankelijkheid van derde landen te verminderen zonder afbreuk te doen aan de voordelen die open economieën hebben bij internationale handel;

13. is van oordeel dat de Commissie de mogelijkheid moet onderzoeken en overwegen om alle belemmeringen voor derde landen weg te nemen wat betreft goederen die essentieel zijn voor de bestrijding van deze crisis – zoals medische uitrusting, handontsmettingsmiddel, handzeep, gezichtsmaskers en geneesmiddelen – teneinde de beschikbaarheid van deze goederen in de EU te vergroten;

14. onderstreept dat de pandemie geen grenzen of ideologieën kent en dat de samenwerking en solidariteit van de gehele internationale gemeenschap en de versterking van de Wereldgezondheidsorganisatie zijn vereist; is van oordeel dat het essentieel is dat de EU China vraagt volledige opening van zaken te geven over deze pandemie, het tijdsverloop van de opkomst ervan en de werkelijke menselijke tol; benadrukt het belang van samenwerking en ondersteuning voorde landen van de Westelijke Balkan, voor onze naaste buren in het Oostelijk en Zuidelijk Nabuurschap en onze partners, en voor de ontwikkelingslanden, in het bijzonder in Afrika;

Europese oplossingen om de economische en sociale gevolgen te boven te komen

15. verzoekt de Europese Commissie een omvangrijk pakket voor herstel en wederopbouw voor te stellen voor investeringen om de Europese economie na de crisis te ondersteunen, dat verder gaat dan wat het Europees stabiliteitsmechanisme (ESM), de Europese Investeringsbank (EIB) en de Europese Centrale Bank (ECB) al doen, als onderdeel van het nieuwe meerjarig financieel kader (MFK); is van mening dat dit pakket in werking moet zijn zolang de economische verstoring die door deze crisis wordt veroorzaakt, voortduurt; is van oordeel dat de noodzakelijke investeringen zouden worden gefinancierd door een uitgebreid MFK, de bestaande fondsen in financiële instrumenten van de EU, en door de EU-begroting gegarandeerde herstelobligaties; is van mening dat dit pakket geen onderlinge verdeling van de bestaande schulden moet omvatten, maar gericht moet zijn op toekomstige investeringen;

16. benadrukt dat dit pakket voor herstel en wederopbouw de economie op gang moet brengen, de weerbaarheid ervan moet vergroten en tot meer banen moet leiden, en tegelijkertijd moet bijdragen tot de milieu-overgang en economische ontwikkeling, waaronder de strategische autonomie van ons continent, en moet bijdragen tot de uitvoering van onze industriestrategie en de digitale transformatie van onze samenlevingen; herinnert eraan dat de Green Deal in dit verband van het hoogste belang is en het noodzakelijk is onze antwoorden in overeenstemming te brengen met de doelstelling van klimaatneutraliteit;

17. dringt daarom aan op de vaststelling van een ambitieus MFK met een grotere begroting, dat in overeenstemming is met de doelstellingen van de Unie, de verwachte gevolgen van de crisis voor de economieën van de EU en de verwachtingen van de burgers over de Europese toegevoegde waarde, dat flexibeler en eenvoudiger is wat betreft de manier waarop we de middelen gebruiken om op crises te reageren, en anticyclische kenmerken heeft; pleit voorts voor een herziening van het voorstel van de Commissie voor de hervorming van het stelsel van eigen middelen, teneinde voldoende begrotingsspeelruimte te creëren en te zorgen voor meer voorspelbaarheid, vermogen om op te treden en minder blootstelling aan nationale risico’s;

18. onderstreept dat de lidstaten die te maken hebben met buitengewone uitgaven dringend moeten worden beholpen om een nieuwe staatsschuldencrisis te voorkomen; wijst op de rol die de EIB, het ESM en een tijdelijke faciliteit op grond van artikel 122 VWEU, vergelijkbaar met het Europees financieel stabilisatiemechanisme (EFSM), moeten spelen om bij te dragen tot het beschermen van banen, ondernemingen en gezondheidszorgstelsels en het herstarten van de Europese economie; benadrukt echter dat de capaciteit groter moet zijn dan het huidige plafond van het MFK van de EU;

19. verzoekt de ministers van Financiën van de eurozone de 410 miljard EUR van het ESM te activeren; herinnert eraan dat deze crisis niet de verantwoordelijkheid is van enige afzonderlijke lidstaat en dat de hoofdoelstelling de bestrijding van de gevolgen van de uitbraak moet zijn;

20. verzoekt de Commissie en de lidstaten prioriteit te geven aan hulp en crisisbeheersmaatregelen voor de meest kwetsbare burgers, ouderen, personen met een beperking, etnische minderheden en personen uit afgelegen en geïsoleerde regio’s, waaronder landen en gebieden overzee, door middel van een speciaal uitzonderlijk ondersteuningsfonds dat is gericht op de gezondheidszorgstelsel en de sectoren die het zwaarst zijn getroffen door de COVID-19-uitbraak, en op personen onder de drempel van sociale uitsluiting, die allen het grootste risico lopen besmet te raken met COVID-19 en ook het meest lijden onder de economische gevolgen ervan; verzoekt de EU en de lidstaten in alle inspanningen voor de respons een genderanalyse op te nemen teneinde te voorkomen dat genderongelijkheden worden verergerd en om vrouwen die in gevaar zijn noodondersteuning te verlenen;

21. is van mening dat de lidstaten maatregelen moeten nemen om ervoor te zorgen dat werkenden in Europa, waaronder zelfstandigen en grensarbeiders, beschermd worden tegen inkomensverlies, en dat de meest getroffen sectoren en bedrijven, met name kmo’s, beschikken over de nodige ondersteuning en financiële liquiditeit; is in dit verband ingenomen met het nieuwe voorstel van de Commissie voor tijdelijke steun om werkloosheidsrisico’s in een noodsituatie te beperken (SURE);

22. acht het van het grootste belang de binnengrenzen van de EU open te houden voor goederen; herinnert eraan dat de eengemaakte markt de bron is van onze collectieve welvaart en ons collectief welzijn, en een belangrijk element vormt van de onmiddellijke en aanhoudende respons op de COVID-19-uitbraak; spreekt zijn krachtige steun uit voor de oproep van de Commissie aan de lidstaten om grensarbeiders toe te blijven staan de grens over te steken, vooral in sectoren waarin het voortdurend vrij verkeer in de EU van essentieel belang wordt geacht; pleit in dit verband voor het creëren van green lanes op grensovergangen voor vervoer over land (spoor en weg), zeevervoer, binnenvaart en luchtvervoer;

23. onderstreept dat deze crisis heeft aangetoond dat de agrovoedingssector, met inbegrip van de visserij en aquacultuur, essentieel en strategisch is, aangezien deze sector er door middel van sterke en winstgevende productie in alle regio’s van de EU voor zorgt dat veilige en betaalbare levensmiddelen worden geleverd aan burgers; verzoekt de Commissie en de lidstaten daarom alle noodzakelijke maatregelen te nemen om de goede werking van de agrovoedselvoorzieningsketen te waarborgen, in het bijzonder wat betreft het faciliteren van seizoens- en grensarbeid en de toegang tot essentiële inputs; verzoekt de Commissie ook het volledige scala aan steunmaatregelen en uitzonderlijke marktmaatregelen te activeren dat beschikbaar is uit hoofde van Verordening (EU) nr. 1379/2013 van 11 december 2013 houdende een gemeenschappelijke marktordening voor visserijproducten en aquacultuurproducten[1];

Europese waarden en de rechtsstatelijkheid zijn nooit optioneel

24. benadrukt dat de lidstaten zelfs tijdens een noodtoestand ter bestrijding van de coronaviruspandemie verplicht zijn de EU-waarden en het Europese mensenrechtenkader te eerbiedigen en ervoor moeten zorgen dat burgers dezelfde rechten en bescherming blijven genieten; spreekt in het bijzonder zijn bezorgdheid uit over de maatregelen die de Poolse regering op dit gebied heeft genomen; spreekt zijn sterke veroordeling uit van de beslissing van de Hongaarse regering om de noodtoestand voor onbepaalde tijd te verlengen en het nationale parlement te schorsen;

25. benadrukt dat de uitzonderlijke maatregelen evenredig moeten zijn, regelmatig moeten worden getoetst door de nationale parlementen en beperkt moeten zijn in tijdsduur, en dat dergelijke maatregelen ook de controles en waarborgen van een democratie moeten eerbiedigen, met inbegrip van de onafhankelijkheid van de rechtspraak en de vrijheid van de media; benadrukt dat grenscontroles en beperkingen op verplaatsingen evenredig en uitzonderlijk moeten blijven en dat al het vrij verkeer binnen het Schengengebied moet worden hersteld zodra dit mogelijk wordt geacht;

26. pleit voor de volledige eerbiediging van het Verdrag van Genève en het Europees asielrecht; wijst erop dat voorzieningen moeten worden getroffen voor de opvang van asielzoekers in passende sanitaire omstandigheden, waarbij bijzondere aandacht moet worden gegeven aan migranten die op de Griekse eilanden aankomen;

27. neemt kennis van het plan van de Europese Commissie om telecomaanbieders te verzoeken geanonimiseerde en geaggregeerde gegevens over te dragen om de verspreiding van het virus te beperken, neemt kennis van de nationale volgprogramma’s die al in werking zijn, en de invoering van apps waarmee autoriteiten verplaatsingen, contacten en gezondheidsgegevens kunnen monitoren; verzoekt de Commissie en de lidstaten de details van deze programma’s openbaar te maken en publiek toezicht en volledig toezicht door de gegevensbeschermingsautoriteiten mogelijk te maken; merkt op dat de mobiele-locatiegegevens van burgers enkel kunnen worden verwerkt wanneer zij volledig en onomkeerbaar anoniem worden gemaakt, of met de vrijwillige toestemming van de betrokken persoon; verwacht van de nationale en Europese autoriteiten dat zij de wetgeving inzake gegevensbescherming en privacy volledig naleven, en dat de gegevensbeschermingsautoriteiten deze wetgeving handhaven;

28. benadrukt dat desinformatie over COVID‑19 op dit moment een belangrijk punt van zorg voor de volksgezondheid is; dringt er bij de EU op aan een Europees informatiekanaal in alle officiële talen te creëren om ervoor te zorgen dat alle burgers toegang hebben tot accurate en geverifieerde informatie; is van oordeel dat het ECDC de leiding moet hebben bij de coördinatie en het afstemmen van de gegevens van de lidstaten om de kwaliteit en vergelijkbaarheid te verbeteren;

29. benadrukt dat de EU in het algemeen weerbaarder moet worden tegen crises, om vrij te blijven van ongepaste politieke en economische invloed, bijvoorbeeld van China en Rusland, en paraat moet zijn om strategisch te communiceren, desinformatie, nepnieuws en cyberaanvallen te bestrijden, en zich voortdurend aan te passen aan het veranderende geopolitieke landschap;

Een Europese Unie die na crisis sterker is en meer doeltreffende maatregelen neemt voor haar burgers

30. spreekt zijn vastberaden intentie uit om te doen wat nodig is om de Unie en haar burgers uit de crisis te leiden, en verzoekt alle EU-instellingen en de lidstaten om onmiddellijk gebruik te maken van alle bepalingen van de Verdragen en dienovereenkomstig in de geest van solidariteit te handelen; herinnert eraan dat de crisis niemands toedoen is en tot ieders ondergang mag leiden;

31. is van mening dat de pandemie de grenzen heeft aangetoond van het vermogen van de Unie om doortastend op te treden, en het gebrek aan uitvoerende en begrotingsbevoegdheden van de Commissie heeft blootgelegd; is van mening dat de Unie in reactie hierop grondige en goede hervormingen moet ondergaan; acht het gezien de urgentie noodzakelijk de algemene overbruggingsclausule te activeren om het besluitvormingsproces te vergemakkelijken wat betreft alle zaken die kunnen bijdragen tot het oplossen van de uitdagingen van de huidige gezondheidscrisis;

32. verzoekt de lidstaten hun meningsverschillen opzij te zetten en in het algemeen belang en in de geest van solidariteit te handelen; verzoekt hen onmiddellijk gebruik te maken van de speciale bepalingen van de Verdragen om dienovereenkomstig op te treden;

33. benadrukt dat de Unie bereid moet zijn om diep na te denken over de vraag hoe zij doeltreffender en democratischer kan worden en dat deze crisis de urgentie daarvan alleen maar versterkt; is van mening dat de geplande conferentie over de toekomst van Europa hiervoor het juiste forum is; is daarom van mening dat de conferentie zo spoedig mogelijk moet worden belegd en dat de conferentie met duidelijke voorstellen moet komen, onder meer door rechtstreeks in gesprek te gaan met burgers, om een diepgaande hervorming van de Europese Unie te bewerkstelligen waardoor zij doeltreffender, meer solidair, democratischer, meer soeverein en veerkrachtiger wordt;

34. verzoekt de Europese Commissie haar verantwoordelijkheid uit hoofde van de Verdragen serieus te nemen en doortastende initiatieven te nemen;

35. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de voorzitter van de Commissie, de voorzitter van de Europese Raad en het fungerend voorzitterschap van de Raad.

[1] PB L 354 van 28.12.2013, blz. 1.

 

Laatst bijgewerkt op: 15 april 2020Juridische mededeling - Privacybeleid