Ontwerpresolutie - B9-0347/2023Ontwerpresolutie
B9-0347/2023

ONTWERPRESOLUTIE over de staat van de kmo-Unie

10.7.2023 - (2023/2750(RSP))

naar aanleiding van een verklaring van de Commissie
ingediend overeenkomstig artikel 132, lid 2, van het Reglement

Martina Dlabajová
namens de Renew-Fractie

Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B9-0346/2023

Procedure : 2023/2750(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus :  
B9-0347/2023
Ingediende teksten :
B9-0347/2023
Debatten :
Stemmingen :
Aangenomen teksten :

B9‑0347/2023

Resolutie van het Europees Parlement over de staat van de kmo-Unie

(2023/2750(RSP))

Het Europees Parlement,

 gezien de mededeling van de Commissie van 10 maart 2020 getiteld “Een kmo-strategie voor een duurzaam en digitaal Europa” (COM(2020)0103),

 gezien Richtlijn 2011/7/EU van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 betreffende bestrijding van betalingsachterstand bij handelstransacties[1] (de richtlijn betalingsachterstand),

 gezien de toespraak over de staat van de Unie van Commissievoorzitter Von der Leyen tijdens de plenaire vergadering van het Europees Parlement van 14 september 2022,

 gezien het verslag van de Commissie van 27 juni 2023 getiteld “Annual report on European SMEs 2022/2023”,

 gezien artikel 132, lid 2, van zijn Reglement,

A. overwegende dat Europese kleine en middelgrote ondernemingen (kmo’s) te maken hebben gehad met aanzienlijke uitdagingen en moeilijkheden als gevolg van de COVID‑19-pandemie en de Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne, die hebben geleid tot verstoringen van de mondiale waardeketens en aanhoudende inflatie;

B. overwegende dat in het jaarverslag over Europese kmo’s 2022/2023 wordt benadrukt dat de inflatiecijfers tot een stijging van de rentevoeten hebben geleid, waardoor de toegang tot overheids- en particuliere financiering is beperkt; overwegende dat in hetzelfde verslag werd aanbevolen dat maatregelen om de negatieve gevolgen van de inflatie te verzachten gericht moeten zijn op een betere toegang tot financiering voor kmo’s; overwegende dat in het verslag wordt benadrukt dat het gebrek aan gekwalificeerde werknemers een obstakel vormt voor kmo’s in de hele EU;

C. overwegende dat de voorzitter van de Commissie tijdens haar toespraak over de Staat van de Unie van 2022 heeft aangekondigd dat de Commissie met een steunpakket voor kmo’s zal komen; overwegende dat de voorzitter ook heeft aangekondigd dat de richtlijn betalingsachterstanden zal worden herzien omdat het niet rechtvaardig is dat een kwart van de faillissementen in de EU te wijten is aan het feit dat facturen niet op tijd worden betaald;

D. overwegende dat het Parlement, dat de belangen van de Europese burgers vertegenwoordigt, wil benadrukken dat kmo’s een cruciale rol spelen bij het bevorderen van economische groei, het scheppen van banen en sociale cohesie;

1. dringt aan op de tijdige goedkeuring van een herziene richtlijn betalingsachterstanden, waarmee kmo’s een robuust en voorspelbaar rechtskader wordt geboden om betalingsachterstanden zowel in de relaties tussen bedrijven onderling als tussen bedrijven en overheden aan te pakken, en tegelijkertijd te zorgen voor een evenwichtige aanpak die de contractvrijheid in stand houdt;

2. staat achter de oprichting van een waarnemingspost voor betalingsachterstanden, zoals aangekondigd in de kmo-strategie; dringt er bij de Commissie op aan het wijdverbreide gebruik van digitale instrumenten zoals e-facturering en geautomatiseerde betalingssystemen te ondersteunen om de transparantie, veiligheid en efficiëntie te vergroten;

3. is ingenomen met de publicatie van het wetgevingspakket beursnotering; is zich bewust van het potentieel van die wet om de toegang tot kapitaal voor kmo’s te vergemakkelijken en hen in staat te stellen hun activiteiten op te schalen; wijst erop dat dit pakket een kans zal bieden om de kapitaalmarktenunie te verdiepen en meer te investeren in kmo’s in de hele EU; benadrukt dat in het kader van het project voor de kapitaalmarktenunie prioriteit moet worden gegeven aan aandelenfinanciering voor kmo’s;

4. roept op tot de ontwikkeling van een ambitieus pakket retailbeleggingen, dat de toegang van kmo’s tot financiering door niet-professionele beleggers kan vergemakkelijken;

5. dringt er bij de lidstaten op aan ervoor te zorgen dat kmo’s volledig worden betrokken bij de tenuitvoerlegging van het tijdelijke crisis- en transitiekader; verzoekt de Commissie eerlijke concurrentie voor kmo’s te waarborgen en verstoringen op de interne markt als gevolg van tijdelijk versoepelde staatssteunregels te voorkomen; verzoekt de Commissie de mogelijkheid te onderzoeken om de staatssteunregels te herzien teneinde kmo’s meer flexibiliteit te bieden;

6. benadrukt dat de huidige definitie van kmo’s moet worden herzien om hun toegang tot durfkapitaal te vergemakkelijken; betreurt dat bij de herziening van het meerjarig financieel kader geen versterking van het venster kmo’s van InvestEU is voorgesteld;

7. benadrukt dat het belangrijk is kmo’s te betrekken bij specifieke programma’s en middelen in het kader van het industrieel plan voor de Green Deal, met name bij de ontwikkeling van schone technologieën;

8. pleit voor verdere stimulansen om de deelname van kmo’s aan de oproepen voor financiering in het kader van Horizon Europa aan te moedigen en ervoor te zorgen dat de subpijler voor kmo’s binnen de Europese Innovatieraad beschikt over de benodigde flexibiliteit om snel middelen vrij te maken en zijn begroting indien nodig te verhogen;

9. spoort de Commissie aan een deel van het voorgestelde platform voor strategische technologieën voor Europa specifiek voor kmo’s te reserveren;

10. dringt erop aan vaart te zetten achter de werkzaamheden voor een Europese strategie inzake exportkredieten voor kmo’s om te zorgen voor consistente en doeltreffende exportkredietgaranties in de hele EU;

11. benadrukt dat ondernemingen die zich in financiële moeilijkheden bevinden, moeten worden ondersteund door adequate financiële en niet-financiële steun te bieden om faillissement te voorkomen; verzoekt de lidstaten de richtlijn inzake preventieve herstructureringsstelsels ten uitvoer te leggen[2];

12. uit zijn bezorgdheid over de inconsistente toepassing van de kmo-test tijdens effectbeoordelingen door de Commissie; benadrukt dat de effectbeoordelingen moeten worden uitgevoerd tijdens de opstelling van alle wetsontwerpen; dringt erop aan dat de test gedurende het hele wetgevingsproces herhaaldelijk moet worden uitgevoerd; beveelt een alomvattende herziening van de kmo-test aan, met inbegrip van het gebruik van passende instrumenten om de inbreng van kmo’s, de regelmatige herziening van effectbeoordelingen en differentiatie tussen kmo’s van uiteenlopende omvang te vergemakkelijken;

13. dringt aan op de consistente toepassing van het “denk eerst klein”-beginsel in het kader van de versterking van de mechanismen voor de inbreng van kmo’s, waarbij wordt uitgelegd waarom hun inbreng buiten beschouwing wordt gelaten indien daar een goede reden voor is; wijst op het belang van het raadplegen van kmo-panels en betreurt het feit dat het gebruik ervan wordt beperkt door een gebrek aan middelen;

14. pleit voor de aanwijzing van één enkele verwijzende gesprekspartner binnen de Commissie om duidelijke richtsnoeren en ondersteuning te bieden aan kmo’s; dringt aan op de oprichting van één digitale toegangspoort die fungeert als één loket en alle relevante financiële en niet-financiële steun, formulieren en informatie voor kmo’s consolideert;

15. spoort de lidstaten aan beste praktijken uit te wisselen en aanvullende procedures op nationaal niveau te ontwikkelen, met name ten behoeve van micro- en kleine ondernemingen;

16. steunt maatregelen om de deelname van kmo’s aan overheidsopdrachten te vergroten, met inbegrip van vereenvoudigde aanbestedingsprocedures en een groter gebruik van digitale instrumenten voor grensoverschrijdende aanbestedingen;

17. dringt er bij de Commissie op aan sterk in te zetten op vereenvoudiging, met als uitgangspunt om voor elke vastgestelde nieuwe vorm van regelgeving een andere te schrappen; spoort de Commissie en de lidstaten aan de procedures te stroomlijnen en het “eenmaligheidsbeginsel” en het beginsel “standaard digitaal” toe te passen en zo de administratieve processen voor kmo’s te vergemakkelijken;

18. dringt aan op het wegnemen van belemmeringen voor grensoverschrijdende bedrijfsactiviteiten en investeringen binnen de EU om een volwaardige interne markt voor alle economische activiteiten tot stand te brengen;

19. benadrukt dat er vereenvoudigde vereisten en overgangsperiodes voor kmo’s in de wetgevingsvoorstellen moeten worden opgenomen om de naleving te vergemakkelijken; pleit voor systematische samenwerking tussen de Commissie en het Europees Parlement bij de voorbereiding van de secundaire wetgeving, zodat kan worden ingespeeld op de behoeften van kmo’s;

20. ondersteunt de ontwikkeling van het scorebord voor herstel en veerkracht om een monitoringsysteem op te zetten waarmee kmo’s als begunstigden kunnen worden geïdentificeerd en oplossingen kunnen worden gevonden voor nieuwe of onvoorziene problemen; benadrukt het belang van het verzamelen van gedetailleerde gegevens om kmo’s in specifieke sectoren te kunnen evalueren;

21. benadrukt dat er een kmo-perspectief moet worden opgenomen in het pakket “btw in het digitale tijdperk”; pleit voor de ontwikkeling van richtsnoeren die zijn afgestemd op kmo’s om hun toegang tot de voordelen van de interne markt te ondersteunen;

22. dringt er bij de Commissie op aan een specifiek instrumentarium voor kmo’s te publiceren met maatregelen en instrumenten die de lidstaten ter beschikking staan om kmo’s tijdens de energiecrisis te ondersteunen; moedigt de uitwisseling van beste praktijken tussen de lidstaten aan, met name met betrekking tot fiscale prikkels, waarmee de gevolgen van inflatie en verstoringen in waardeketens voor kmo’s kunnen worden verzacht;

23. wijst op het belang van scholing, bij- en omscholing van werknemers van kmo’s, met name in het kader van het Jaar van de Vaardigheden 2023; dringt aan op de invoering van fiscale prikkels en belastingverlagingen om kmo’s te helpen hun bestand van gekwalificeerde werknemers in stand te houden; onderstreept dat instrumenten zoals het pact voor vaardigheden, digitale stoomcursussen, het netwerk van duurzaamheidsadviseurs en de digitale-innovatiehubs prioriteit moeten geven aan technische bijstand aan kmo’s en de opleiding van hun werknemers; dringt erop aan dat het Europees Sociaal Fonds Plus, het Fonds voor een rechtvaardige transitie en de Europese vaardighedenagenda adequaat inspelen op de specifieke behoeften van kmo’s;

24. benadrukt dat de administratieve lasten moeten worden verminderd en dat het voor kmo’s eenvoudiger moet worden gekwalificeerde onderdanen van derde landen aan te werven, onder meer door de mogelijkheid te onderzoeken om het bedrijfsleven of bedrijfsverenigingen in staat te stellen namens hun kmo-leden op te treden als gecertificeerde werkgevers;

25. dringt aan op de invoering van fiscale prikkels en gunstige beleidsmaatregelen om de overdracht van familiebedrijven te ondersteunen en de ondernemingsgeest van de volgende generatie te bevorderen; dringt aan op een grondige beoordeling van de tenuitvoerlegging van de insolventierichtlijn; moedigt de opname van maatregelen ter bevordering van bedrijfsoverdracht in het kmo-pakket aan, zoals een Europese barometer voor bedrijfsoverdrachten;

26. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie en de regeringen en de parlementen van de lidstaten.

 

 

Laatst bijgewerkt op: 12 juli 2023
Juridische mededeling - Privacybeleid