Ontwerpresolutie - B9-0124/2024Ontwerpresolutie
B9-0124/2024

ONTWERPRESOLUTIE over Russiagate: beschuldigingen van Russische inmenging in de democratische processen van de Europese Unie

5.2.2024 - (2024/2548(RSP))

naar aanleiding van verklaringen van de Raad en de Commissie
ingediend overeenkomstig artikel 132, lid 2, van het Reglement

Sergey Lagodinsky, Viola von Cramon‑Taubadel, Malte Gallée, Markéta Gregorová, Henrike Hahn, Heidi Hautala, Bronis Ropė, Ignazio Corrao, Nicolae Ştefănuță, Alviina Alametsä, Gwendoline Delbos‑Corfield, Alice Kuhnke, Jakop G. Dalunde, Pär Holmgren
namens de Verts/ALE-Fractie

Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B9-0124/2024

Procedure : 2024/2548(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus :  
B9-0124/2024
Ingediende teksten :
B9-0124/2024
Debatten :
Stemmingen :
Aangenomen teksten :

B9‑0124/2024

Resolutie van het Europees Parlement over Russiagate: beschuldigingen van Russische inmenging in de democratische processen van de Europese Unie

(2024/2548(RSP))

Het Europees Parlement,

 gezien zijn eerdere resoluties over Rusland,

 gezien zijn eerdere resoluties over buitenlandse inmenging en corruptie,

 gezien zijn resolutie van 9 maart 2022 over buitenlandse inmenging in alle democratische processen in de Europese Unie, met inbegrip van desinformatie[1],

 gezien zijn resolutie van 1 juni 2023 over buitenlandse inmenging in alle democratische processen in de Europese Unie, met inbegrip van desinformatie[2],

 gezien zijn resolutie van 13 juli 2023 over aanbevelingen voor de hervorming van de regels van het Europees Parlement inzake transparantie, integriteit, verantwoordingsplicht en corruptiebestrijding[3],

 gezien zijn besluit van 13 september 2023 over wijzigingen van het Reglement van het Parlement met het oog op versterking van de integriteit, de onafhankelijkheid en de verantwoordingsplicht[4],

 gezien Aanbeveling (EU) 2023/2829 van de Commissie van 12 december 2023 over inclusieve en veerkrachtige verkiezingsprocessen in de Unie en het versterken van het Europese karakter en het efficiënte verloop van de verkiezingen voor het Europees Parlement[5],

 gezien artikel 132, lid 2, van zijn Reglement,

A. overwegende dat onafhankelijke mediakanalen op 29 januari 2024 in hun berichtgeving concrete bewijzen hebben aangedragen dat EP-lid Tatjana Ždanoka van ten minste 2004 tot 2017 informant zou zijn geweest voor de Vijfde Dienst van de federale veiligheidsdienst (FSB) van de Russische Federatie; overwegende dat de zaak voor onderzoek is voorgelegd aan het raadgevend comité voor het gedrag van de leden van het Europees Parlement; overwegende dat de Letse veiligheidsdiensten ook hun eigen onderzoek hebben aangekondigd;

B. overwegende dat bekend is dat de Russische Federatie tal van inmengingsmethoden gebruikt, als onderdeel van een bredere strategie om de lidstaten van de EU te schaden, te verwarren, bang te maken, te verzwakken en te verdelen en hun democratische werking en die van de EU-instellingen aan te vallen; overwegende dat het ondermijnen van de steun voor Oekraïne binnen de EU een ander expliciet doel is geworden van de inmenging van de Russische Federatie in de democratische ruimten van de EU-landen;

C. overwegende dat journalisten en deskundigen blijven onthullen hoe Rusland voor en na 24 februari 2022 in de EU politieke activiteiten financiert en banden met politici onderhoudt, hetgeen de integriteit van de democratische werking van de lidstaten en instellingen van de EU in gevaar brengt en een grondig onderzoek vereist om de medeplichtigen ter verantwoording te roepen;

D. overwegende dat er concrete aanwijzingen zijn dat het bestuur, de media en de verkiezingsprocessen van de EU doelwit zijn en inmenging ondervinden van desinformatiecampagnes, corruptieregelingen en andere tactieken die gericht zijn op het ondermijnen van democratische idealen en grondrechten; overwegende dat de Europese verkiezingen van 2024 waarschijnlijk een speciaal doelwit zullen zijn voor desinformatiecampagnes op lokaal, regionaal en EU-niveau;

E. overwegende dat buitenlandse inmenging, manipulatie van informatie en desinformatie de fundamentele vrijheden van meningsuiting en informatie, zoals vastgelegd in artikel 11 van het Handvest van de grondrechten, ernstig ondermijnen en bedreigen; overwegende dat zij ook de democratische processen in de EU en haar lidstaten ondermijnen, met inbegrip van het houden van vrije en eerlijke verkiezingen;

F. overwegende dat het Europees Parlement alerter is gaan reageren op buitenlandse inmenging, eerst met de Bijzondere Commissie buitenlandse inmenging in alle democratische processen in de EU en later naar aanleiding van het “Qatargate”- en het “Marokkogate”-schandaal in 2022; overwegende dat het Reglement van het Parlement op 13 september 2023 is gewijzigd om de integriteit, onafhankelijkheid en verantwoordingsplicht in het Parlement te versterken; overwegende dat er echter nog robuustere maatregelen moeten worden genomen om een doeltreffende bescherming tegen ongepaste beïnvloeding van buitenaf te waarborgen;

1. veroordeelt alle Russische pogingen om zich te mengen in de democratische processen van de Europese Unie; benadrukt dat de Russische autoriteiten en alle personen of entiteiten die namens hen optreden een einde moeten maken aan deze praktijken; verzoekt de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid en de Raad, indien de beschuldigingen van inmenging worden bevestigd, passende maatregelen te nemen tegen Russische personen teneinde de veiligheid van onze Unie en haar democratische processen te waarborgen;

2. uit zijn diepe bezorgdheid over berichten dat EP-lid Tatjana Ždanoka informant voor de Vijfde Dienst van de FSB zou zijn geweest terwijl ze zitting had en heeft in het Europees Parlement; benadrukt dat het Europees Parlement en de Letse autoriteiten deze kwestie grondig moeten onderzoeken om onverwijld passende sancties en strafrechtelijke procedures vast te stellen;

3. benadrukt dat een informant van de FSB die als lid van het Europees Parlement toegang heeft tot voordelen en informatie, een ernstige bedreiging zou vormen voor de veiligheid en democratie in de Unie; dringt aan op een onmiddellijk onderzoek naar wat hiervan aan is, met inbegrip van eventuele andere gevallen van Russische of andere buitenlandse inmenging of andere vormen van kwaadwillige inmenging in de werkzaamheden van het Europees Parlement;

4. blijft vastberaden steun verlenen aan inspanningen om de regels ter bescherming van de integriteit van deze instelling als pijler van de Europese democratie te verbeteren en te handhaven;

5. herhaalt zijn bezorgdheid over Ruslands aanzienlijke financiering van en nauwe banden met politieke partijen en politici in een aantal landen in heel Europa, aangezien het land probeert zich verder te mengen in en invloed uit te oefenen op binnenlandse processen en processen op EU-niveau;

6. uit met name zijn bezorgdheid over recente berichten dat de Russische autoriteiten, na de grootschalige invasie van Oekraïne door Rusland in 2022, extreemrechtse politieke partijen en actoren in verschillende EU-landen, met name in Duitsland en Frankrijk, specifieke verhalen aanleveren om de publieke steun voor Oekraïne te ondermijnen;

7. benadrukt dat in dit jaar van belangrijke verkiezingen, waaronder die voor het Europees Parlement in juni, zowel op nationaal als op Europees niveau doeltreffender moet worden gereageerd om Russische en andere buitenlandse inmenging in verkiezingsprocessen te bestrijden, of het nu gaat om cyberaanvallen, het gebruik van bots op sociale media, wijdverbreide desinformatie of het gebruik van actoren die de publieke opinie beïnvloeden; verzoekt de lidstaten en de Europese instellingen met het oog op de verkiezingen strategieën voor een grotere weerbaarheid uit te voeren;

8. benadrukt dat het permanente toezicht moet worden versterkt, en dat de inspanningen daartoe moeten worden geïntensiveerd ruim voor verkiezingen, referenda en andere belangrijke politieke processen in heel Europa;

9. dringt er bij de EU-instellingen en de lidstaten op aan aanzienlijke en duurzame investeringen te doen in de versterking van onze democratische veerkracht en de rechtsstaat, onder meer door middel van maatregelen ter versterking van de contraspionagecapaciteiten van de EU; verzoekt de Commissie het pakket voor de verdediging van de democratie kwalitatief te verbeteren, en dan met name het voorstel van 12 december 2023 voor een richtlijn tot vaststelling van geharmoniseerde voorschriften voor de interne markt betreffende de transparantie van namens derde landen uitgevoerde belangvertegenwoordigingsactiviteiten en tot wijziging van Richtlijn (EU) 2019/1937[6], om interne dreigingen op het gebied van ongepaste beïnvloeding doeltreffend aan te pakken en af te stappen van een eenmalige en ondoeltreffende focus op actoren die buitenlandse financiering ontvangen;

10. benadrukt dat de EU en haar lidstaten, buiten de eigen democratische ruimten van de EU, dringend meer steun moeten verlenen aan het Oostelijk Partnerschap en kandidaat-lidstaten, alsook aan partnerlanden in het Mondiale Zuiden, met name door samen te werken om de weerbaarheid van hun staten en samenlevingen tegen desinformatie en verkapte Russische beïnvloeding en staatspropaganda te vergroten, teneinde elke strategische verzwakking of versnippering van hun samenlevingen en instellingen tegen te gaan;

11. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de Raad, de Commissie, de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de Europese Dienst voor extern optreden, de parlementen van de lidstaten en de Russische autoriteiten.

 

Laatst bijgewerkt op: 7 februari 2024
Juridische mededeling - Privacybeleid