Ontwerpresolutie - B9-0260/2024Ontwerpresolutie
B9-0260/2024

ONTWERPRESOLUTIE over de ondemocratische presidentsverkiezingen in Rusland en de onrechtmatige uitbreiding daarvan naar de bezette gebieden

22.4.2024 - (2024/2665(RSP))

naar aanleiding van een verklaring van de Commissie
ingediend overeenkomstig artikel 132, lid 2, van het Reglement

Michael Gahler, Andrius Kubilius, Vladimír Bilčík, Rasa Juknevičienė, Sandra Kalniete, Andrey Kovatchev, David McAllister
namens de PPE-Fractie

Zie ook gezamenlijke ontwerpresolutie RC-B9-0253/2024

Procedure : 2024/2665(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Documentencyclus :  
B9-0260/2024
Ingediende teksten :
B9-0260/2024
Debatten :
Aangenomen teksten :

B9‑0260/2024

Resolutie van het Europees Parlement over de ondemocratische presidentsverkiezingen in Rusland en de onrechtmatige uitbreiding daarvan naar de bezette gebieden

(2024/2665(RSP))

Het Europees Parlement,

 gezien zijn eerdere resoluties over Rusland,

 gezien de verklaring van de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid namens de Europese Unie van 18 maart 2024 over de Russische presidentsverkiezingen en de niet-toepasselijkheid daarvan op Oekraïens grondgebied,

 gezien artikel 132, lid 2, van zijn Reglement,

A. overwegende dat de centrale kiescommissie van de Russische Federatie op onredelijke wijze heeft geweigerd om politici die zich kritisch hebben geuit over het regime en/of de aanvalsoorlog tegen Oekraïne als kandidaat te registreren voor de zogenaamde presidentsverkiezingen van 2024, waaronder enkele politici die overeenkomstig de vereisten van de nationale wetgeving meer dan 100 000 handtekeningen zouden hebben verzameld; overwegende dat dit onderstreept hoe onevenredig en onredelijk de obstakels voor kandidaatstelling zijn, hetgeen indruist tegen de toezeggingen die Rusland heeft gedaan als deelnemende staat van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE), en tegen andere internationale normen;

B. overwegende dat Vladimir Poetin volgens de kiescommissie van de Russische Federatie 87,28 % van de bij de presidentsverkiezingen van maart 2024 uitgebrachte stemmen heeft behaald;

C. overwegende dat deze zogenaamde verkiezingen ondemocratisch waren en werden gehouden in een zeer restrictief klimaat dat wordt gekenmerkt door systematische binnenlandse repressie, terwijl de illegale aanvalsoorlog van de Russische Federatie tegen Oekraïne voortduurt; overwegende dat tijdens de verkiezingen sprake was van intimidatie van kiezers, het ontnemen van het stemrecht aan kiezers, het vullen van stembussen met valse stembiljetten, grootschalige vervalsing van verslagen van de kiesdistricten en gevangenneming van onafhankelijke binnenlandse verkiezingswaarnemers;

D. overwegende dat de Russische autoriteiten steeds meer politici van de oppositie, maatschappelijke organisaties, onafhankelijke media en andere kritische stemmen blijven onderdrukken door middel van repressieve wetgeving en politiek gemotiveerde gevangenisstraffen; overwegende dat de Russische kiezers bij deze verkiezingen geen echte keuze hadden;

E. overwegende dat deze verkiezingen ook werden gehouden in de bezette gebieden van Oekraïne, zoals de Krim en delen van de oblasten Donetsk, Cherson, Loehansk en Zaporizja, en in Abchazië, Zuid-Ossetië en Transnistrië;

F. overwegende dat grote groepen mensen zich op de laatste dag van de verkiezingen om 12.00 uur ’s middags naar de stembureaus hebben begeven ter ondersteuning van de demonstratie “12.00 uur ’s middags tegen Poetin”, waartoe Aleksej Navalny had opgeroepen voordat hij in de gevangenis na foltering en een onmenselijke behandeling werd vermoord;

G. overwegende dat het Parlement in zijn aanbeveling van 2021 betreffende de koers van de politieke betrekkingen tussen de EU en Rusland[1] heeft geconcludeerd dat de in juni 2020 doorgevoerde grondwetswijzigingen illegaal waren, en dat de Parlementaire Vergadering van de Raad van Europa in zijn resolutie van 2023 tot dezelfde conclusie is gekomen[2];

H. overwegende dat het Parlement in zijn aanbeveling van 2021 over de koers van de politieke betrekkingen tussen de EU en Rusland heeft verklaard dat de EU elke poging van president Poetin moet veroordelen om na het verstrijken van zijn huidige en laatste mandaat als president op 7 mei 2024 in zijn functie aan te blijven op basis van de grondwetswijzigingen van 2020, die door het Parlement zijn aangemerkt als “onwettig”;

I. overwegende dat Rusland het OVSE-Bureau voor Democratische Instellingen en Mensenrechten (OVSE/ODIHR) niet heeft uitgenodigd om als waarnemer bij de verkiezingen aanwezig te zijn;

J. overwegende dat de Raad van Europa de internationale gemeenschap er herhaaldelijk toe heeft opgeroepen Vladimir Poetin niet te erkennen als rechtmatig president van de Russische Federatie en de betrekkingen met hem te verbreken;

K. overwegende dat het aannemen van een standpunt door de EU-instellingen, met name door het Europees Parlement, waarbij deze verkiezingen onvrij en ondemocratisch worden verklaard en Vladimir Poetin de presidentiële legitimiteit wordt ontzegd, door de Russische democratische oppositie in Rusland en daarbuiten zou worden opgevat als een zeer positieve blijk van steun voor haar strijd voor de democratie;

1. betreurt het gebrek aan democratie en vrijheden, de systematische onderdrukking en de schendingen van de burgerrechten en politieke rechten in de Russische Federatie, en betreurt het feit dat de Russische oppositie op brute wijze is onderdrukt en alle critici van het Kremlinregime gevangen zijn gezet of het land hebben verlaten;

2. stelt vast dat er tijdens de zogenaamde presidentsverkiezingen in de Russische Federatie geen sprake was van echte alternatieve kandidaten, vrije media, geloofwaardige waarnemers en politieke vrijheden;

3. betuigt zich solidair met het Russische volk, dat zich als protest op zondag 17 maart 2024 om 12.00 uur ’s middags massaal naar de stembureaus in Rusland en in het buitenland heeft begeven, zoals Aleksej Navalny had voorgesteld kort voordat hij vermoord werd;

4. benadrukt dat de Russische autoriteiten er met hun besluit om de OVSE/ODIHR-verkiezingswaarnemingsmissie niet uit te nodigen bij de verkiezingen blijk van geven de kiezers een onpartijdige en onafhankelijke beoordeling van de verkiezingen te willen onthouden;

5. herinnert aan zijn resolutie van 28 februari 2024 over de moord op Aleksej Navalny[3], waarin staat dat het Kremlinregime en Vladimir Poetin persoonlijk de strafrechtelijke en politieke verantwoordelijkheid dragen voor de dood van hun belangrijkste tegenstander, Aleksej Navalny; benadrukt dat deze omstandigheden voldoende reden zijn om de legitimiteit van het presidentschap van Vladimir Poetin niet te erkennen;

6. veroordeelt ten stelligste het feit dat de zogenaamde presidentsverkiezingen van de Russische Federatie zijn gehouden in de bezette gebieden van Oekraïne en in Abchazië, Zuid-Ossetië en Transnistrië, hetgeen in strijd is met het internationaal recht en met de onafhankelijkheid, soevereiniteit en territoriale integriteit van landen;

7. herinnert eraan dat de procedure om Vladimir Poetin meer ambtstermijnen toe te kennen in strijd was met het Russische nationale recht en met internationale rechtsbeginselen;

8. concludeert dat de presidentsverkiezingen in Rusland ondemocratisch waren en legitimiteit ontbeerden, en dat het presidentschap van Vladimir Poetin daardoor onrechtmatig is;

9. dringt erop aan dat de internationale gemeenschap niet langer verwijst naar Vladimir Poetin als president van de Russische Federatie na afloop van diens huidige ambtstermijn op 7 mei 2024 en alle contacten met hem verbreekt, aangezien hij geen politiek of moreel mandaat zal hebben om namens de Russische Federatie verdere contractuele betrekkingen aan te gaan, tenzij duurzame vrede of humanitaire doeleinden worden nagestreefd, zoals het organiseren van uitwisselingen van gevangenen of het zorgdragen voor de terugkeer naar huis van de uit Oekraïne gedeporteerde kinderen;

10. spreekt zijn onwrikbare steun uit voor het Russische maatschappelijk middenveld, de democratische oppositie en de bevolking, zowel in Rusland als in ballingschap, die ernaar streven hun land om te vormen tot een democratie; eist dat de Russische Federatie haar aanvalsoorlog tegen Oekraïne beëindigt en al haar troepen uit buitenlands grondgebied terugtrekt, en verwerpt het Russisch imperialisme;

11. verzoekt zijn Voorzitter deze resolutie te doen toekomen aan de vicevoorzitter van de Commissie/hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, de Raad en de Commissie.

Laatst bijgewerkt op: 24 april 2024
Juridische mededeling - Privacybeleid