Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Debatten
Woensdag 12 januari 2005 - Straatsburg Uitgave PB

6. Stemverklaringen
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. – Wij gaan nu over tot de stemverklaringen.

- Aanbeveling Medina Ortega (A6-0073/2004)

 
  
MPphoto
 
 

  Fatuzzo (PPE-DE). – (IT) Mijnheer de Voorzitter, ik dank u omdat u mij het woord hebt gegeven voor de stemverklaring nadat de vergadering door de Voorzitter was opgeschort. Ik wil bij dezen bevestigen dat ik gestemd heb voor het verslag van de heer Manuel Medina Ortega inzake wettelijke aansprakelijkheid bij auto-ongelukken, die helaas in heel Europa voorkomen.

Verder wil ik de heer Manuel Medina Ortega vragen of hij zich in de volgende verslagen over dit onderwerp ook kan buigen over bejaardenbescherming. Als ouderen namelijk schade oplopen bij een verkeersongeluk, krijgen zij geen vergoeding omdat zij vanwege hun hoge leeftijd niet in staat zijn zich een inkomen te verschaffen. Volgens mij moet het niet zo zijn dat iemand helemaal geen recht meer heeft op schadevergoeding omdat hij bejaard is.

 
  
MPphoto
 
 

  Figueiredo (GUE/NGL), schriftelijk.(PT) Dit voorstel betreft het actualiseren van de minimumdekking van de verplichte verzekering, één en ander in het kader van de communautaire harmonisering op dit gebied (de richtlijn verzekering motorrijtuigen).

Het belangrijkste probleem bij dit voorstel bestaat in het vinden van een evenwicht tussen een betere bescherming van slachtoffers van verkeersongevallen (door een verhoging van de momenteel relatief lage dekking van persoonlijke en materiële schade) en de weerslag die zo’n betere bescherming tegen risico’s op de premies zal hebben. Als er geen controle wordt uitgeoefend op de door de verzekeringsmaatschappijen gehanteerde “prijzen”, zullen die premies namelijk hoger uitvallen.

Bovendien ziet men dat het algemene probleem van harmonisering zich ook hier doet gevoelen – het feit dat elk land in een andere economische situatie verkeert. Men moet daar rekening mee houden, vooral als het gaat om zuidelijke landen zoals Portugal. Deze landen hebben met betrekking tot dit onderwerp altijd hun reserves gehad. Portugal heeft een overgangsperiode gekregen om de nationale wetgeving aan te passen. Het gemeenschappelijk standpunt gaat uit van nog eens een overgangsperiode van vijf jaar, en dat lijkt me redelijker.

Het voorstel om de minimumbedragen te verhogen tot één miljoen euro per slachtoffer en vijf miljoen euro per ongeval, ongeacht het aantal slachtoffers, is evenwel overdreven (en dat geldt zeker voor laatstgenoemd bedrag).

 
  
MPphoto
 
 

  Martin, David (PSE), schriftelijk. – (EN) Ik hoop dat de doelstellingen van dit voorstel worden gehaald, namelijk de modernisering en verbetering van de bestaande EU-regels op het gebied van motorrijtuigenverzekeringen.

Een samenhangend kader voor de grensoverschrijdende erkenning van hun verzekeringspolissen en vorderingen biedt de chauffeurs duidelijke voordelen. Dankzij dit verslag moet ook duidelijker worden op welke vorm van rechtsbijstand de chauffeurs na een ongeval een beroep kunnen doen.

Ik hoop dat dit verslag ondanks het geschil over kwesties rond het thema "voertuig en aanhangwagen" zonder bemiddeling kan worden aangenomen.

 
  
MPphoto
 
 

  Queiró (PPE-DE), schriftelijk.(PT) Ik heb gestemd vóór de aanbeveling voor de tweede lezing zoals die is opgenomen in het Verslag-Medina Ortega (A6-0073/2004 – wettelijke aansprakelijkheid waartoe het verkeer van motorrijtuigen aanleiding kan geven).

De ontwikkeling van de binnenmarkt en de groei van het communautaire wegverkeer nopen al jaren tot het actualiseren van de geldende regels. Het was dus zaak dat de via de verplichte verzekering geregelde bescherming van slachtoffers van ongevallen met motorrijtuigen werd aangepast en verbeterd. Verder moest er iets gedaan worden om een eenvormiger interpretatie en toepassing van de richtlijn door de lidstaten te verzekeren.

Met deze vijfde richtlijn zal het eenvoudiger worden een doeltreffende en geldige motorrijtuigenverzekering voor burgerlijke aansprakelijkheid te verkrijgen buiten het land waar men verblijf houdt. Ook het kopen of verkopen van een motorrijtuigen in een andere lidstaat zal nu gemakkelijker worden. Bovendien wordt via deze tekst de juridische bescherming van slachtoffers van ongevallen verbeterd. Tot slot wil ik erop wijzen dat het Parlement voorstelt een overgangsperiode van vijf jaar in te stellen om de lidstaten de gelegenheid te geven de minimumbedragen aan te passen.

 
  
MPphoto
 
 

  Ribeiro e Castro (PPE-DE), schriftelijk.(PT) De verzekering tegen wettelijke aansprakelijkheid van motorrijtuigen is van bijzonder belang voor de Europese burgers, of ze nu verzekeringnemers of slachtoffers van een ongeval zijn.

Deze wetgevingsresolutie is bedoeld om de bescherming van de slachtoffers van verkeersongevallen via de verplichte verzekering up-to-date te brengen en te verbeteren. Lacunes in de richtlijnen worden opgevuld, en de daarin opgenomen bepalingen worden toegelicht om ervoor te zorgen dat ze door de lidstaten op een eenvormiger wijze worden geïnterpreteerd en toegepast. Bovendien worden oplossingen aangedragen voor problemen die zich vaak voordoen, met de bedoeling om zo een doeltreffender binnenmarkt te scheppen voor de sector autoverzekeringen. Op die wijze draagt de resolutie bij tot het moderniseren en actualiseren van het Europese verzekeringsrecht. Ook de consumentenbelangen zijn hiermee gediend: ze zullen nu immers een hogere dekking genieten.

De wetgevingsresolutie is dus ingegeven door het verlangen de slachtoffers van verkeersongevallen beter te beschermen. Het zou voor hen nu gemakkelijker moeten worden de verschuldigde schadevergoeding te toucheren.

Ik hoop wel dat uiteindelijk enige flexibiliteit zal worden betracht om een plotselinge en scherpe verhoging van de verzekeringspremies te vermijden.

Verder geloof ik dat het heel belangrijk is dat er wetgeving wordt geschapen om verhinderen dat er vertragingsstrategieën worden gevolgd met de bedoeling zich te onttrekken aan de gegarandeerde wettelijke aansprakelijkheid voortvloeiend uit risico-overdrachtsovereenkomsten.

Mijn stemming sluit aan bij de consensus die gisteren via het tripartiete overleg is bereikt.

 
  
  

Verslag Corbett en Méndez de Vigo (A6 – 0070/2004)

 
  
MPphoto
 
 

  Fatuzzo (PPE-DE). – (IT) Mijnheer de Voorzitter, terwijl ik deelnam aan de stemming over de Grondwet voor Europa en met genoegen heb voorgestemd, ben ik even ingedommeld; ik weet eigenlijk niet waarom, misschien wel omdat voorzitter Borrell zo’n rust uitstraalt. Terwijl ik indutte, zag ik dat u, voorzitter Onesta, mij aanspoorde om voor te stemmen. Op mijn vraag: “Waarom moet ik voorstemmen?”, antwoordde u: “U vertegenwoordigt tenslotte de gepensioneerden!” Wij mogen ons er onderhand wel rekenschap van geven dat dankzij deze Grondwet, waarin het Handvest van de grondrechten is opgenomen, ouderen in aanmerking komen voor dezelfde rechten als jongeren en dezelfde rechten als werknemers. Zoals ook in de onderhavige mededeling wordt gedaan, wil ik de hoop uiten dat er in Europa geen enkele vorm van discriminatie ten aanzien van bejaarden zal bestaan.

 
  
MPphoto
 
 

  Vanhecke (NI). – Voorzitter, het feit dat wij deze Europese grondwet met klem verwerpen, betekent niet dat wij tegen vergaande Europese samenwerking zijn, integendeel. Wij verzetten ons echter tegen de Europese big brother-staat die juist het tegendeel is van wat in deze grondwet staat, namelijk respect voor het subsidiariteitsbeginsel.

Wij Vlamingen, wij leven binnen de Belgische federale staat en wij ondervinden dus aan den lijve hoe moeilijk het is, hoe onmogelijk het is om binnen een federale staat tot een behoorlijk bestuur te komen. Wanneer wij nu dus vaststellen dat met deze grondwet de Europese Unie steeds meer op een soort België in het groot gaat lijken met vergaande ingrepen in volgens ons strikt nationale bevoegdheden als cultuur, taalwetgeving, sociale zekerheid en noem maar op, dan is dat voor ons meer dan één stap te ver. Europa ja, Europese eenheidsworst neen. Om die redenen en vele andere hebben wij vanzelfsprekend tegen deze Europese grondwet gestemd.

 
  
MPphoto
 
 

  Savary (PSE).(FR) Mijnheer de Voorzitter. Tijdens de stemming over het verslag-Corbett bedacht ik dat deze Grondwet zeker niet het einde van de geschiedenis betekent, maar toch ook weer niet door toeval tot stand is gekomen. Eerst moest ik denken aan de lange strijd die gepaard ging met de Europese Conventie van de Rechten van de Mens in 1949 en het Sociaal Handvest van Turijn in 1961, dat de steun genoot van alle vakbondskrachten. Dat vinden we nu allemaal terug in deel twee van het Constitutioneel Verdrag in de vorm van het Handvest van de grondrechten. Mijn gedachten gingen echter vooral uit naar de vader van de Grondwet, wiens naam te weinig genoemd wordt. Altiero Spinelli, lid van de communistische jeugd, die door Mussolini tot tien jaar huisarrest veroordeeld werd, legde de grondslag voor deze tekst sinds de eerste zittingsperiode van het op basis van het algemeen kiesrecht verkozen Europees Parlement. Ik moest ook denken aan de heer Duhamel, die ons tijdens de vorige zittingsperiode heeft geïnspireerd tot het organiseren van een open Conventie om dit Constitutioneel Verdrag op te stellen. Bijgevolg is mijn conclusie dat een links parlementslid zonder enig gewetensprobleem zijn steun kan geven aan de ontwerp-Grondwet, die een veelbelovende fase in de geschiedenis van de Unie inluidt.

 
  
MPphoto
 
 

  Korhola (PPE-DE).(FI) Mijnheer de Voorzitter, ik heb vóór aanneming van de Grondwet gestemd, maar tegelijkertijd betreur ik het, dat het christelijk erfgoed er niet in genoemd wordt. In het debat hierover bestaat een algemeen misverstand over de aard van de vermelding. Het gaat niet om de erkenning van religie, maar om de erkenning van het fundament van onze ethische infrastructuur.

God heeft geen bescherming door grondwetsartikelen nodig – daar gaat het ook niet om – maar de mens wel. De bescherming van de zwakkeren kan niet op aristotelische wijze met alleen rationele argumenten worden gemotiveerd. Daarom was het naar mijn mening nodig geweest de rol van het christendom achter het Europese mensbegrip te erkennen. Het humanisme zoals wij het nu kennen, heeft veel te danken aan het christelijke mensbeeld, dat de waarde van het individu benadrukt. Wij hebben een stevige basis nodig voor onze grote dromen over een rechtvaardig Europa. Hopelijk kunnen wij die nog koesteren.

 
  
MPphoto
 
 

  Claeys (NI). – Voorzitter, binnen het tijdsbestek van een minuut is het natuurlijk niet mogelijk om alle redenen op te sommen waarom ik tegen het verslag over de Europese grondwet heb gestemd. Ik zal mij dus beperken tot de essentie, namelijk dat een grondwet een aangelegenheid is van natie-staten en niet van een instantie als de Europese Unie. Tenzij men van plan is natuurlijk om van de Europese Unie een federalistische superstaat te maken, maar dan hoeft men niet te rekenen op de steun van het Vlaams Belang.

Niet alles in het grondwettelijk verdrag is negatief, integendeel, maar men had zonder meer een aantal vereenvoudigingen en verduidelijkingen kunnen doorvoeren via een nieuw klassiek Europees verdrag. Deze grondwet leidt vooral tot nieuwe bevoegdheidsoverdrachten naar de EU, tot meer Europese bemoeizucht. Bovendien is de tekst in feite al achterhaald nog voor hij geratificeerd is in de lidstaten, in verband met de waarschijnlijke toetreding van een land als Turkije dat de werking van alle instellingen grondig door elkaar zal schudden.

 
  
MPphoto
 
 

  Pflüger (GUE/NGL).(DE) Mijnheer de Voorzitter, ik wil graag een mondelinge verklaring afleggen. Ik vind de procedure voor de stemverklaringen in dit geval zeer ongebruikelijk. In het verslag waarover we zojuist gestemd hebben staat: “Op het specifieke gebied van het gemeenschappelijk veiligheidsbeleid is in de Grondwet de grootste vooruitgang geboekt.” Dat is voor mij de belangrijkste reden waarom ik het Constitutioneel Verdrag van de EU verwerp. In artikel I-41, lid 3 staat: “De lidstaten verbinden zich ertoe hun militaire vermogens geleidelijk te verbeteren.” Dit betekent dat de lidstaten van de EU de plicht hebben hun bewapening op te voeren. Inzake het buitenlands en veiligheidsbeleid heeft het Constitutioneel Verdrag kennelijk tot doel de Europese Unie in staat te stellen om overal in de wereld oorlog te voeren. Het Verdrag moet ervoor zorgen dat de Unie beschikt over een operationeel vermogen dat op militaire middelen steunt (artikel I-41, lid 1); bewapening wordt een grondwettelijke eis. Er wordt een agentschap voor bewapening opgericht dat hierop moet toezien en nuttige maatregelen moet nemen om de industriële en technologische basis van de defensiesector te versterken. Zo zijn er nog veel meer punten die aan deze militarisering van de Europese Unie bijdragen. Precies om die reden moet het Constitutioneel Verdrag worden verworpen. Dat wilde ik met deze stemverklaring duidelijk maken.

 
  
MPphoto
 
 

  Konrad (PPE-DE).(DE) Mijnheer de Voorzitter, geachte dames en heren, het Constitutioneel Verdrag is een belangrijke stap in het Europese eenwordingsproces. Daarom heb ik voor gestemd.

Desalniettemin zijn er punten die mij zorgen baren, zoals de methode van open coördinatie, waarbij de lidstaten zonder juridische verplichting samenwerken op de gebieden sociaal en werkgelegenheidsbeleid, onderzoeksbeleid, volksgezondheid en industrie. Op deze terreinen krijgt de Commissie nu de bevoegdheid, het initiatief te nemen tot het vaststellen van richtsnoeren en actieplannen.

In de praktijk betekent dit dat eerst de politieke instrumenten worden gecreëerd – nieuwe politieke instrumenten – en vervolgens, waar nodig, de bijbehorende bevoegdheden. Door de methode van open coördinatie worden sectoren die tot nu toe aan het nationale niveau waren voorbehouden, op Europees niveau gebracht en wordt de verdeling van bevoegdheden tussen de lidstaten en Europa uitgehold. Deze methode is bij uitstek geschikt om de noodzakelijke concurrentie tussen de lidstaten uit te schakelen.

 
  
MPphoto
 
 

  Deß (PPE-DE).(DE) Mijnheer de Voorzitter, ik wil over mijn stemgedrag de volgende verklaring afleggen. Ondanks zeer grote bedenkingen heb ik voor het Grondwettelijk Verdrag gestemd, omdat het toch tot verbetering van de huidige situatie en rechtstoestand leidt.

Ik betreur het echter dat de Grondwet geen verwijzing naar God bevat. Het is voor mij en voor miljoenen burgers in Europa teleurstellend dat de 25 regeringsleiders en het Parlement niet de wil en de kracht opbrachten om deze verwijzing naar God op te nemen. Het zou voor een Europese grondwet goed zijn geweest wanneer in de preambule was vastgelegd dat wij ons in ons handelen voor God en mensen moeten verantwoorden.

Ik heb echter ook voor de Grondwet gestemd omdat het overeenkomstig artikel 57 mogelijk wordt, Turkije en andere landen binnen het kader van bijzondere betrekkingen op termijn een geprivilegieerd partnerschap aan te bieden. Ik hoop dat het op een later moment wel mogelijk zal zijn de verwijzing naar God in de Grondwet op te nemen.

 
  
MPphoto
 
 

  Brepoels (PPE-DE), schriftelijk. Met de Europese Grondwet wil Europa stappen zetten richting meer Europese democratie en meer transparantie. We denken hierbij aan de versterkte rol van het Europees Parlement in het besluitvormingsproces, het bevestigen en verstevigen van het subsidiariteitsbeginsel, de creatie van één uniform juridisch kader en de vereenvoudiging van de wetgevingsinstrumenten. De uitbreiding van het Europese actieterrein o.v.v. defensie en asielbeleid en de definiëring van de Europese waarden zijn belangrijke nieuwigheden in de Grondwet.

De Grondwet is een stap vooruit. Weliswaar een schuchtere, maar het is er een vooruit. Daarom steunt de N-VA deze stap omdat zij staat voor een meer democratisch en transparant Europa. Een Europa met een sterke publieke cultuur die is opgebouwd van onderuit en wordt gedragen door zijn burgers.

Maar tegelijk vindt de N-VA de Grondwet ook een gemiste kans. Driekwart van de Europese regelgeving wordt op decentraal niveau ten uitvoer gebracht en toch is de betrokkenheid van die uitvoerende regionale overheden minimaal. De Europese constitutionele regio's krijgen geen enkele (formele) rol toebedeeld in het Europese besluitvormingsproces. Buiten een vrijblijvende passage betreffende de erkenning van de nationale identiteit van de Lidstaten gaat de Unie ook in deze Grondwet volledig voorbij aan de institutionele realiteit in verschillende Lidstaten. De blijvende ontkenning van deze regionale dimensie staat haaks op het idee van de subsidiariteit.

 
  
MPphoto
 
 

  Carlotti (PSE), schriftelijk. – (FR) Ik ben blij met de vooruitgang die het constitutionele verdrag betekent voor de ontwikkeling en de internationale solidariteit, die deel uitmaken van de fundamentele waarden van de Unie.

Het is de eerste keer dat een verdrag een apart hoofdstuk bevat over samenwerking met derde landen en ontwikkelingshulp.

Het benadrukt de specifieke doelstellingen van dat beleid, namelijk het uitroeien van armoede, het bevorderen van de volksgezondheid en de strijd tegen besmettelijke ziekten. Het maakt van kinderrechten een prioriteit. Het is een grote stap voorwaarts voor de rechten van de vrouw en de doorslaggevende rol van vrouwen in het ontwikkelingsproces.

De Europese Unie schrijft geschiedenis door in het Constitutioneel Verdrag te erkennen dat solidariteit zich niet mag beperken tot het eigen grondgebied en de eigen burgers, maar ook buiten haar grenzen moet gelden.

Uiteraard zijn er ook een aantal dingen die ik jammer vind, namelijk dat er met geen woord wordt gerept over “mondiaal openbaar goed”, terwijl ik daartoe wel voorstellen had gedaan.

Maar samen met mijn socialistische kameraden zal ik ervoor blijven ijveren dat de verdragstekst in daden wordt omgezet.

 
  
MPphoto
 
 

  Casaca (PSE), schriftelijk.(PT) Dit positieve en evenwichtige verslag velt een gunstig oordeel over het Verdrag. Het valt echter te betreuren dat het advies van de parlementaire commissie visserij er niet in is opgenomen. Dat is immers het enige Europese forum met specifieke bevoegdheid op het gebied van visserij waarin gediscussieerd is over de amendementen die gericht zijn op de instandhouding van de levende rijkdommen van de zee.

Zoals de commissie visserij zelf aangeeft: “binnen de context van de overige exclusieve bevoegdheden van de EU zoals die in het ontwerp voor de Grondwet zijn opgenomen is de opname van de bevoegdheid voor de instandhouding van de levende rijkdommen van de zee een niet te rechtvaardigen anomalie”.

Dit Verdrag houdt voor veel onderwerpen belangrijke wijzigingen in. Voor de levende rijkdommen van de zee geldt echter dat ze niet een institutioneel domein vormen dat uitsluitend aan politici is voorbehouden. Dit is een zaak die ook aan zee gelegen gemeenschappen, vissers, wetenschappers en milieudeskundigen aangaat. Met de mening van deze groepen moet dus altijd rekening worden gehouden.

Ik wijs erop dat er in Portugal een enquête is gehouden, waaruit bleek dat slechts 4 procent van de bevolking deze oplossing voorstond; 86 procent sprak zich uit voor nationale of gedeelde bevoegdheid.

De instandhouding van de levende rijkdommen van de zee mag nooit onder de specifieke bevoegdheid van één entiteit komen te vallen. Het is een burgerplicht die iedereen deelt, en dan in de eerste plaats een plicht voor die burgers die met deze hulpbronnen in hun levensonderhoud voorzien. De Europese instellingen en de vertegenwoordigers van de lidstaten dienen met hen dus te allen tijde rekening te houden. Ik hoop dat deze “niet te rechtvaardigen anomalie” spoedig zal worden rechtgezet.

 
  
MPphoto
 
 

  Cederschiöld, Fjellner en Ibrisagic (PPE-DE), schriftelijk. – (SV) De delegatie van Zweedse conservatieven heeft vandaag gestemd voor het verslag over het Verdrag tot vaststelling van een Grondwet voor Europa, A6-0070/2004.

Wij vinden dat het Constitutioneel Verdrag het institutionele evenwicht moet respecteren. Daarom staan wij afwijzend tegenover de voorstellen om een gekozen voorzitter van de Raad in te voeren en om de voorzitter van de Commissie door het Europees Parlement te laten kiezen. We staan ook afwijzend tegenover de procedure die wordt voorgeschreven in artikel IV-444, algemeen aangeduid als de passerelle, omdat wij het van fundamenteel belang vinden dat verdragswijzigingen worden geratificeerd door elke lidstaat voordat ze van kracht worden.

Het Constitutionele Verdrag maakt de fundamentele regels voor samenwerking in Europa overzichtelijker. Wij steunen het grotere gewicht dat aan de subsidiariteit wordt toegekend en wij steunen de passages waarin de rol van de nationale parlementen in de Europese samenwerking opnieuw wordt vastgesteld en uitgebreid. Het Europees recht, zoals dat gold en werd toegepast, wordt vastgesteld op het punt van de verhouding tussen het Europees recht en nationaal recht; dat wil zeggen dat het communautaire recht vóór nationaal recht gaat, maar altijd met inachtneming van de constitutionele tradities van de lidstaten. Verder worden de grenzen van de bevoegdheid van de EU en van de wetgevingsprocedure vereenvoudigd. Wij steunen daarom het voorgestelde Constitutioneel Verdrag.

 
  
MPphoto
 
 

  De Rossa (PSE), schriftelijk. – (EN) Ik sta volledig achter dit verslag en ben voor goedkeuring van de ontwerp-Grondwet.

De Grondwet is op uniek democratische wijze tot stand gekomen. De Europese burgers kunnen deze Grondwet voor Europa door middel van een bindend Verdrag tussen soevereine staten in werking stellen en dat is het belangrijkste Europese besluit dat zij ooit zullen nemen.

Vier Europese Verdragen in minder dan vijftien jaar hebben geleid tot vele onmiskenbare Europese successen: de interne markt, de euro, de toetreding van Oost-Europese landen, de aanscherping van milieunormen, meer gelijkheid tussen vrouwen en mannen, strategieën voor armoedebestrijding en volledige werkgelegenheid, enzovoorts.

Met name sinds de Europese Top van Nice in 2000 bleek echter steeds duidelijker dat de oude intergouvernementele methode, namelijk de herziening van Europese Verdragen, ontoereikend was: als Europa konden wij niet adequaat reageren op de gemeenschappelijke uitdagingen waarvoor wij ons gesteld zagen en de burgers hadden niet het gevoel dat zij nauw bij het proces betrokken waren. Het institutionele kader van Europa moest volledig worden herzien en de besluitvorming moest democratischer en dichter bij de burgers gebracht worden. Tevens moest Europa zijn verantwoordelijkheid nemen ten opzichte van de rest van de wereld, vooral de ontwikkelingslanden. Alleen als dat gebeurt, zal dit project ertoe bijdragen dat het globaliseringsproces onder democratische controle komt.

 
  
MPphoto
 
 

  Fernandes (PSE), schriftelijk.(PT) Ik ben heel tevreden met de kwaliteit van dit verslag over het Verdrag tot vaststelling van een Grondwet voor Europa. Ik betreur het wel dat het Verdrag de ambities van het Parlement niet geheel vervuld heeft en dat het controversiële onderwerpen bevat. Dat geldt bijvoorbeeld voor een onderwerp dat met name voor Madeira en de Azoren van veel belang is – de exclusieve bevoegdheid van de Unie met betrekking tot de instandhouding van de levende rijkdommen van de zee. Daar is in het kader van de Europese Conventie van een aantal zijden verzet tegen gerezen, en ook visserijcommissie heeft zich er in haar advies over het Verdrag tegen uitgesproken. Ik erken evenwel dat deze Grondwet – zoals de co-rapporteurs aangeven – een positief compromis vertegenwoordigt en een verbetering inhoudt van de Verdragen zoals die nu van kracht zijn: ze vormt een belangrijke stap bij de verwezenlijking van het Europees project, zowel vanuit het gezichtspunt van de lidstaten als dat van de Europese burgers.

Van belang is ook de wijze waarop dit Verdrag het statuut van de ultraperifere regio’s regelt. De mogelijkheden om elk Europees beleid op de ultraperifere regio’s gemoduleerd toe te passen, blijven bestaan en worden zelfs uitgebreid. Bovendien wordt bevestigd dat het onderhavige Grondwetsartikel voldoende rechtsgrond is voor het ontwikkelen van een volwaardig beleid voor de ultraperiferie.

Ik stem voor het goedkeuren van de Grondwet en roep op tot de ratificatie ervan. Ik spreek verder mijn steun uit voor de daarop gerichte campagne.

 
  
MPphoto
 
 

  Ferreira, Anne (PSE), schriftelijk.(FR) Ik heb me om verschillende redenen onthouden van de stemming over dit verslag.

Om te beginnen kan ik niet voor de resolutie stemmen. De zeldzame en luttele vooruitgang die met de Grondwet wordt geboekt, weegt niet op tegen al mijn punten van kritiek.

Ik heb grote twijfels over de verwezenlijking van het sociale en politieke Europa, maar mijn ongenoegen schuilt vooral hierin: een echte Grondwet regelt bevoegdheden en somt de rechten en plichten van de burgers op. Maar dit Constitutioneel Verdrag definieert een beleid en ideologische keuzen die niet thuishoren in een Grondwet. Zo wordt het onmogelijk een ander beleid te voeren.

Bovendien heeft dit verslag slechts één doel, namelijk hameren op de positieve punten en de “vooruitgang” die de Grondwet met zich meebrengt. Het ontbreken van ook maar de minste kritiek staat in schril contrast met al het voorbehoud dat ons Parlement had aangetekend tijdens de goedkeuring van de vorige resolutie voor de intergouvernementele conferentie.

Ik ben er niet zeker van of deze resolutie of dit verdrag de burger meer zal kunnen betrekken bij het Europese project en hun vraag naar rechtvaardigheid, gelijkheid en democratie zal kunnen bevredigen.

 
  
MPphoto
 
 

  Figueiredo (GUE/NGL), schriftelijk.(PT) De stemming die vandaag in het Europees Parlement is gehouden over het ontwerp voor een nieuw Verdrag maakt deel uit van een treurige vertoning – de mystificatie en propaganda rond de zogenaamde Europese Grondwet. Het is je reinste manipulatie.

Het Europees Parlement is op generlei wijze bevoegd Verdragen “goed te keuren”, zoals punt 6 van deze resolutie ons wil doen geloven. Broederlijk vereend probeert de meerderheid van de rechtervleugel, de Fractie van de Europese Volkspartij, met de Fractie van de Europese Sociaal-democraten in dit Parlement op een geraffineerde wijze de – valse – voorstelling te slijten als zou het Verdrag door het EP zijn goedgekeurd (wat door een aantal persorganen stellig maar abusievelijk bericht zal worden). En dat – let wel – vóórdat er ook maar enig nationaal referendum over dit voorstel is gehouden.

De bedoeling is duidelijk: men wil de vandaag gehouden stemming gebruiken als extra pressiemiddel en propaganda ten gunste van de vermaledijde Grondwet die nu door de lidstaten geratificeerd moet worden (en ze kan, let wel, ook afgewezen worden). Dat is inmenging in een aangelegenheid die onder de exclusieve bevoegdheden van de lidstaten valt.

Het is onaanvaardbaar dat deze stemming vergezeld is gegaan van muziek, het loslaten van ballonnen, het ophangen van linten en het ontvouwen van vlaggen “met voormelde sleutelwoorden en het woord ‘ja’ in verscheidene talen”, en dat alle kritiek op dit ontwerp zo het zwijgen is opgelegd.

 
  
MPphoto
 
 

  Fruteau (PSE), schriftelijk. – (FR) Het verslag-Corbett, waarover het Europees Parlement zich vandaag uitspreekt, erkent de onloochenbare vooruitgang van het verdrag tot vaststelling van een Grondwet voor Europa.

Dit verdrag geeft ons namelijk de nodige instrumenten in handen om Europa efficiënter, bevattelijker en democratischer te maken: het verduidelijkt de rol van de instellingen, het vermindert de blokkeringsmogelijkheden en het breidt de bevoegdheden van het Europees Parlement en zijn volksvertegenwoordigers uit.

Tegelijk versterkt het verdrag de communautaire solidariteit en draagt het bij tot echte cohesie in de Unie.

Allereerst sociale cohesie, dankzij het Handvest van de grondrechten, dat regels oplegt inzake civiele, politieke en sociale rechten. Het Verdrag bevestigt ook het streven van Europa naar een sociale markteconomie, duurzame ontwikkeling of de strijd tegen alle vormen van discriminatie.

Het Verdrag bevestigt ook de territoriale samenhang van de EU, via een reeks bepalingen die de regio’s van de Unie steunen in hun ontwikkeling. Het Verdrag erkent de specifieke eigenheid van de ultraperifere regio’s, meer bepaald de Franse overzeese gebieden. Het consolideert de uitzonderingen op de Gemeenschapsregels en biedt echte bescherming aan de overzeese departementen tegen de verwoestende logica die Europa zou beschouwen als een uniform en homogeen gebied.

(Verklaring ingekort overeenkomstig artikel 163 van het reglement)

 
  
MPphoto
 
 

  Gollnisch (NI), schriftelijk. – (FR) We stemmen vandaag niet over een verslag, maar over een geloofsbelijdenis, maar dan van een slecht geloof. In tegenstelling tot wat u beweert, heren rapporteurs, leidt deze tekst regelrecht tot een gecentraliseerde, almachtige en totalitaire superstaat, zonder ziel of identiteit.

Een gecentraliseerde staat, omdat Brussel in alles en op alle gebieden het laatste woord krijgt. Alle beslissingen, wetgevend of niet, nationaal of lokaal, moeten beantwoorden aan de Europese wetten en de belangen van de Unie. Het subsidiariteitsbeginsel blijft in de kou staan, dat is trouwens al twaalf jaar zo.

Een almachtige staat, omdat de Europese Unie bevoegd wordt voor alle domeinen. Elk beleid is of wordt Gemeenschapsbeleid.

Een totalitaire staat, omdat de echte macht in handen is van een handvol ambtenaren: de technocraten van de Commissie met hun monopolie op wetgevende initiatieven, en de rechters van Luxemburg, pietepeuterige hoeders van de rechte leer. Eén ding hebben ze gemeen: ze zijn vast benoemd en aan geen enkele democratische controle onderworpen.

Een staat zonder ziel of identiteit tenslotte, die zijn hellenistisch-christelijke wortels verloochent, die Turkije wil laten toetreden tegen de wil van de Europese volkeren, die alleen maar gelooft in globalisatie, concurrentie en marktwerking.

Daarom stem ik tegen, nu en tijdens het referendum in mijn land.

 
  
MPphoto
 
 

  Goudin, Lundgren en Wohlin (IND/DEM), schriftelijk. – (SV) Wij hebben tegen dit verslag gestemd. Onze definities van “subsidiariteit” en “superstaat” verschillen duidelijk van die van de rapporteurs. Wij definiëren subsidiariteit zo dat politieke besluiten zo dicht mogelijk bij de burgers moeten worden genomen en dat besluiten over de vraag welke kwesties op welk niveau moeten worden afgehandeld, door de nationale parlementen moeten worden genomen en niet door de instellingen van de EU.

Onze definitie van een superstaat is een EU-staat waar men in de regel meerderheidsbesluiten neemt in de Raad, waar niet alle lidstaten vertegenwoordigd zijn in de Commissie en waar het Europees Parlement medebeslissingsrecht heeft in alle vraagstukken. Daarmee is deze Unie niet langer een statenbond, wat zij naar onze mening moet zijn, maar een bondsstaat.

Een gemeenschappelijk buitenlands en asielbeleid, een snelle-interventiemacht voor acties in de buitenwereld, verruiming van de EU-begroting doordat de EU het recht van belastingheffing krijgt enzovoort, zijn enkele van de factoren die de politieke machtsuitoefening van deze “superstaat” versterken.

Deze ontwerp-Grondwet moet worden vervangen door een nieuw ontwerp voor een internationaal verdrag, waarin de politieke verantwoordelijkheid van de nationale parlementen centraal staat. Religieuze aangelegenheden dienen niet in de verdragsteksten van de EU te zijn opgenomen.

Wij protesteren ertegen dat de meerderheid van het Europees Parlement in verband met de behandeling van dit verslag 340.000 euro van het geld van de belastingbetalers investeert in een spektakel, als start van de ja-campagne voor de aanneming van de “Europese Grondwet” in de lidstaten.

 
  
MPphoto
 
 

  Hedh (PSE), schriftelijk. – (SV) Ik heb besloten om in afwijking van mijn fractie te stemmen tegen het verslag over het Verdrag tot vaststelling van een Grondwet voor Europa. Naar mijn mening houdt de ontwerp-Grondwet in dat de EU in plaats van een intergouvernementele samenwerking op verdragsbasis verandert in een staat die gebaseerd is op een grondwet. Ik vind dat het voorstel de voorrang van het Europees recht op het nationaal recht versterkt, dat er meer macht aan de lidstaten wordt ontnomen en dat de grote landen meer macht krijgen dan de kleine. Dat zijn zaken waartegen ik mij verzet.

Bij het referendum van 1994 heb ik voor de toetreding van Zweden tot de EU gestemd, en ik ben een warm aanhanger van internationale samenwerking om gemeenschappelijke problemen op te lossen. Er liggen belangrijke taken te wachten die wij gemeenschappelijk moeten uitvoeren, vooral op het gebied van milieu, mensenhandel en sociale dumping. Ik ben echter tegen de huidige beweging van de Unie in de richting van meer supranationaliteit. Ik wil een Europese samenwerking op intergouvernementeel niveau.

 
  
MPphoto
 
 

  Hudghton (Verts/ALE), schriftelijk. – (EN) Bij de eindstemming heb ik tegen dit verslag gestemd. Dat heb ik uit principieel oogpunt gedaan, omdat volgens mij de opname van de instandhouding van de mariene biologische hulpbronnen als een van de slechts vijf exclusieve bevoegdheden van de EU niet alleen onnodig, maar ook abnormaal en ongerechtvaardigd is. De Commissie visserij van het Parlement was het in haar advies bijna unaniem met mij eens, wat laat zien dat velen het standpunt van de Schotse visserijgemeenschappen onderschrijven.

Dit is weer een voorbeeld van het onvermogen van een Britse regering om de belangen van Schotse visserijgemeenschappen te behartigen. Ongetwijfeld zullen daarom veel Schotse kiezers in een referendum tegen het Grondwettelijk Verdrag stemmen.

 
  
MPphoto
 
 

  Isler Béguin (Verts/ALE), schriftelijk. – (FR) Als het alleen van De Groenen zou afhangen, zag de ontwerp-Grondwet er een stuk ambitieuzer uit dan nu het geval is. Dan konden we het politieke, sociale en ecologische Europa dat wij willen concreet vormgeven. Ons ontwerp zou geen enkele dubbelzinnigheid en onzekerheid over de doelstellingen bevatten. Wij zouden het doen zonder het derde deel, dat alleen maar de vorige Verdragen overneemt en haaks staat op een globaal en ambitieus project voor Europa. Toch zal ik ondanks die onvolmaaktheid voor de Grondwet stemmen, en ik roep iedereen op hetzelfde te doen. Het zou namelijk een grote dwaling en een politieke flater van formaat zijn zich aan te sluiten bij de neestemmers, onder het voorwendsel dat deze tekst ons streefdoel niet dichterbij brengt.

Meer dan ooit hebben we Europa nodig, ook al is dat Europa niet af.

Met een Grondwet kunnen wij een Europa van vrede in de steigers zetten, een Europa van gemeenschappelijke waarden, zoals mensenrechten en democratie. Met deze tekst zullen de Europese burgers zich verenigd weten in een echt gemeenschappelijk project. Mijn stem voor het verslag-Corbett is een vurig ja.

We mogen deze historische kans niet voorbij laten gaan, want dan ontkennen we ons eigen werk voor de opbouw van Europa en dan zou de ambitieuze evolutie van ons Europese project definitief worden afgeremd …

(Verklaring ingekort overeenkomstig artikel 163 van het reglement)

 
  
MPphoto
 
 

  Kristensen (PSE), schriftelijk. – (DA) De EU zou heel goed kunnen functioneren met één commissaris per land. Nu de Europese Raad echter besloten heeft om het aantal commissarissen vanaf 2014 te reduceren, is het belangrijk dat wij vasthouden aan het beginsel van een toerbeurtsysteem op basis van gelijkheid tussen de lidstaten.

 
  
MPphoto
 
 

  Lang (NI), schriftelijk. – (FR) Mijnheer de Voorzitter, de zogenaamd Europese Grondwet is in werkelijkheid een anti-Europese tekst, die de grondslagen van Europa vernietigt: haar naties, die hun soevereiniteit en hun Grieks-Latijnse en christelijke beschaving definitief verloren zien gaan.

De weigering om deze waarden te vermelden is niet zomaar een detail, het was nodig om de toetreding van het islamitische Turkije te aanvaarden. Zo bestaat er, in tegenstelling tot wat de heer Chirac zegt, een causaal verband tussen de Europese Grondwet en de toetreding van dat Aziatische land tot de Europese Unie.

De goedkeuring van de Grondwet zal niet alleen de Turkse toetreding mogelijk maken, maar zal dat land – het volkrijkste van de Europese Unie – het grootste aantal vertegenwoordigers geven in het Parlement en het grootste aantal stemmen in de Raad, zodat het een overheersende rol zal krijgen, groter dan die van Frankrijk en Duitsland.

De heer Chirac liegt wanneer hij zegt dat de Fransen zich in 2014 zullen kunnen uitspreken over het Turkse lidmaatschap van de Unie. Tegen dan is het te laat. Het referendum over de Grondwet vindt over enkele maanden plaats, net voor het begin van de toetredingsonderhandelingen. Door nee te stemmen kunnen de Fransen ook nee zeggen tegen de toetreding van Turkije.

 
  
MPphoto
 
 

  Le Pen, Jean-Marie (NI), schriftelijk. – (FR) Deze tekst wordt ons voorgesteld als een Grondwet voor Europa maar hij is het resultaat van een belabberd compromis waarmee de sociaal-democratische regeringen van Europa de soevereiniteit der naties opofferen aan een supranationale entiteit.

Deze Grondwet richt een staat in die de schijn wekt van een eenheid met een intern federale structuur. Het is echter een tweeslachtige structuur, die op alle gebieden haar stempel drukt en politieke keuzen oplegt die dramatische gevolgen hebben voor de toekomst van de Europese volkeren. Deze tekst is ook het eindstation van een sluipende politiek-juridische verstrengeling, hij institutionaliseert een nieuw totalitarisme. Door sociale ellende te creëren verwijdert het project Europa zich nog een stukje verder van de burger.

De volkeren valt slechts minachting ten deel, en de raadplegingen, via referenda of de parlementen, zullen een beleid bekrachtigen dat de facto al wordt toegepast. Door middel van botte chantage, namelijk met het argument “Europa of chaos”, willen de voorstanders van de Grondwet soevereine volkeren voor het blok zetten en aldus schenden zij de elementaire regels van de democratie.

Dit Europa is een val waar wij niet in willen trappen. Dat willen we duidelijk maken tijdens het komende referendum in Frankrijk. Een ander Europa blijft mogelijk: dat van vrije volkeren en soevereine naties.

 
  
MPphoto
 
 

  Libicki (UEN), schriftelijk. – (PL) Het verslag in kwestie is een aanbeveling aan de lidstaten van de Europese Unie om de Europese Grondwet te ratificeren. Ik heb om verschillende redenen zeer beslist tegen gestemd.

Het is ongepast dat het Europees Parlement de lidstaten aanbeveelt het Verdrag te ratificeren of te verwerpen. Het uiteindelijke besluit en de ratificatieprocedure vallen namelijk onder de exclusieve bevoegdheid van de hiertoe aangewezen nationale autoriteiten.

Hoe men tegen de zogenaamde Europese Grondwet als zodanig aankijkt, is een andere kwestie. Naar mijn mening dient de ratificatie ervan noch de belangen van Polen, noch van Europa.

Ik heb herhaaldelijk gewezen op het feit dat het ongehoord is dat er in de preambule geen verwijzing is opgenomen naar God en de christelijke traditie. Het ontbreken van een dergelijke verwijzing is een miskenning van de geschiedenis van ons continent.

Een andere twistappel is de herziening van het Verdrag van Nice, dat niet eens de kans krijgt om zichzelf in de praktijk te bewijzen. De voor Polen voordelige regeling voor de weging van de stemmen in de Raad van de Europese Unie is in het Grondwettelijk Verdrag gewijzigd zonder dat de invloed van deze wijziging op het functioneren van de Gemeenschap is geëvalueerd.

Dan zijn er in de zogenaamde Europese Grondwet nog een aantal mijns inziens verontrustende bepalingen, waaronder de uitbreiding van de onrechtvaardige bevoordeling van de oostelijke deelstaten van de Bondsrepubliek Duitsland in de eerdere Verdragen.

 
  
MPphoto
 
 

  Liotard (GUE/NGL), schriftelijk. Terwijl het Europees Parlement nog geen uitspraak heeft gedaan over de concept-grondwet, wordt om ons heen al voor 375.000 euro een feestje gegeven om de goedkeuring te vieren. Hiermee blijkt maar weer eens dat twee vooroordelen over Europa, namelijk dat het ondemocratisch en geldverspillend zou zijn, geheel terecht zijn.

Mijn partij is tegen deze grondwet om een aantal redenen. Wij hekelen het neoliberale en sociaal-economische element erin, dat onder het mom van "vrijhandel" publieke diensten ondermijnt en nationale en lokale overheden het recht ontneemt zelf te bepalen hoe ze hun openbare diensten willen regelen. Wij verzetten ons fel tegen de Europese militarisering die uit de grondwet blijkt, zoals bijvoorbeeld in de passage die lidstaten dwingt hun defensiebudgetten te verhogen. En wij wijzen deze grondwet af, omdat zij de ondemocratische structuur van de Unie bevestigt, en niet noemenswaardig verbetert.

Wellicht dat sommige van mijn collega´s bereid zijn om in ruil voor een handjevol extra parlementaire machtsmiddelen hun ziel te verkopen aan het neoliberalisme, ik zal dat niet doen. Als het om democratie gaat kun je alleen genoegen nemen met het beste en deze grondwet van de Europese elite, de multinationals, de oorlogszuchtigen en de bureaucraten zal ik dan ook niet ondersteunen.

 
  
MPphoto
 
 

  Manolakou (GUE/NGL), schriftelijk. – (EL) Het Constitutioneel Verdrag, de zogeheten Europese Grondwet, codificeert de vorige verdragen, versterkt de voorrechten en winsten van het kapitaal, voert de wapenwedloop op en maakt van Europa een militaire macht. Dit zijn maatregelen die de plutocratie versterken en die de sociale tegenstellingen verscherpen en het volk nieuwe rampspoed bezorgen. Daarom moeten de Europeanen de Europese Grondwet afschieten en nog verbetener gaan vechten tegen het reactionaire beleid van de EU.

De EU heeft boter op het hoofd en dat blijkt uit de eenzijdige en geldverslindende stroom propaganda, die hengelt naar de stem en goedkeuring van de werknemer, terwijl in feite het hele beleid erop gericht is de salarissen, pensioenen en werkloosheidsuitkeringen te verminderen.

Het ultrareactionaire artikel 43 in de resolutie van het Parlement is een provocatie, want hiermee aanvaardt men het Amerikaanse dogma van de preventieve oorlog ter bescherming van de burgers tegen terroristische aanvallen. Dit is het alibi van het kapitaal om de volkeren onder de knoet te houden en beslag te leggen op het volksvermogen.

De Europese afgevaardigden van de Griekse Communistische Partij stemmen tegen de Europese Grondwet en tegen elke wijziging ervan. Want een Europa van kapitaal en oorlog heeft geen plaats voor een vooruitstrevende Europese Grondwet. Wie toch die illusie koestert, staat niet achter de strijd tegen de uitbuiting door het beleid en de agentschappen van de EU.

 
  
MPphoto
 
 

  Markov (GUE/NGL), schriftelijk. – (DE) In de lidstaten en ook in het Parlement is er naast algemene instemming ook kritiek te horen van mensen die deze tekst met zorg gadeslaan. Onze kritiek is geen kritiek die voortkomt uit het bekrompen perspectief van de nationale staat.

Onze kritiek is dat het Verdrag tot doel heeft de Europese Unie verder te militariseren zodat de Unie in staat zal zijn overal in de wereld oorlog te voeren. Het Verdrag moet ervoor zorgen dat de Unie beschikt “over een operationeel vermogen dat op militaire middelen steunt”. Het opvoeren van de bewapening wordt een grondwettelijke eis doordat “de lidstaten zich ertoe verbinden hun militaire vermogens geleidelijk te verbeteren”. Een “agentschap op het gebied van de ontwikkeling van defensievermogens, onderzoek, aankopen en bewapening” moet daarop toezien en tot uitvoering overgaan van “nuttige maatregelen om de industriële en technologische basis van de defensiesector te versterken”.

Onze kritiek is dat de beginselen van het neoliberalisme een grondwettelijke status krijgen. Onder de algemene “doelstellingen van de Unie” is weliswaar eufemistisch sprake van een “sociale markteconomie met een groot concurrentievermogen, gericht op volledige werkgelegenheid en sociale vooruitgang, en van een hoog niveau van bescherming en verbetering van de kwaliteit van het milieu”, maar in het concrete beleidshoofdstuk wordt onomwonden gezegd dat men gehouden is aan het “beginsel van een open markteconomie met vrije mededinging”.

Het ontwerpverslag deelt onze visie niet. Het stelt zich ten aanzien van de ontwerp-Grondwet volledig kritiekloos op. De Confederale Fractie Europees Unitair Links/Noords Groen Links kan daarom niet met het verslag instemmen.

 
  
MPphoto
 
 

  Marques (PPE-DE), schriftelijk.(PT) Ik wil mijn collega’s Corbett en Méndez de Vigo graag gelukwensen met hun uitstekende verslag over het Verdrag tot vaststelling van Grondwet voor Europa. Ik wil bij deze gelegenheid ook graag wijzen op het feit dat het statuut van de ultraperifere regio’s in dit Verdrag geconsolideerd wordt. Dat is heel belangrijk.

In het Verdrag tot vaststelling van Grondwet voor Europa wordt namelijk erkend dat de ultraperiferie een bijzonder statuut toekomt. Dat betekent dat er met horizontale/transversale aspecten rekening kan worden gehouden in de vorm van uitzonderingen. Dit statuut geldt als voldoende rechtsgrond voor het aannemen van allerhande specifieke maatregelen voor de ultraperifere regio’s. Ik ben bovendien heel tevreden dat de intergouvernementele conferentie ook Europese wetten en kaderwetten heeft genoemd als wetgevingsinstrumenten voor het aannemen van maatregelen ten gunste van de ultraperifere regio’s.

 
  
MPphoto
 
 

  Martin, David (PSE), schriftelijk. – (EN) Ik ben blij met dit verslag van mijn goede vrienden Richard Corbett en Iñigo Méndez de Vigo en met hun oproep aan alle lidstaten om de Grondwet goed te keuren en te ratificeren. Dankzij de Grondwet zal de Unie transparanter, doeltreffender en efficiënter gaan werken.

Op mijn eigen gebied, de handel, zal de rol van het Europees Parlement aanzienlijk worden versterkt. Dit zal leiden tot meer duidelijkheid en meer democratische controle op een zeer belangrijk beleidsterrein dat onder de exclusieve bevoegdheid van de EU valt. Hierdoor moeten NGO's, vakbonden, commerciële organisaties en anderen in staat zijn de onderhandelingen over internationale overeenkomsten uitvoeriger te volgen en te beïnvloeden.

 
  
MPphoto
 
 

  Meijer (GUE/NGL), schriftelijk. Vandaag vieren de voorstanders van de grondwet hun feest. Het Europees Parlement kan de tekst van dat document niet veranderen. De nationale parlementen of de kiezers die deelnemen aan nationale referenda kunnen dat evenmin. Iedereen kan nog slechts instemmen of afwijzen, en die keuze begeleiden met feesten of rouwen.

Dit maakt het onmogelijk om de plicht tot meer bewapening en solidariteit met de NATO te schrappen. Het is evenmin mogelijk om de in die tekst verheerlijkte vrije onvervalste concurrentie ondergeschikt te maken aan milieu, publieke dienstverlening of bescherming van de arbeid. Ook tot het daadwerkelijk met een referendum belonen van de in artikel 46 voorgeschreven inzameling van een miljoen handtekeningen van burgers kan niet meer worden besloten. Nieuwe sociale grondrechten ontbreken. Het traditionele autoritaire bestuursmodel van de EU, met daarin een sterke rol van Raad en voorzitterschap, zonder goede mogelijkheden om die te corrigeren langs de weg van de parlementaire democratie, staat evenmin ter discussie. Deze grondwet wil ik niet. De feestvreugde vandaag is er niet in mijn naam. In Nederland zal ik de komende maanden deelnemen aan de campagne van mijn partij, de Socialistische Partij, om bij de kiezers een meerderheid te krijgen voor afwijzing van deze foute tekst.

 
  
MPphoto
 
 

  Queiró (PPE-DE), schriftelijk.(PT) Het Verdrag tot vaststelling van Grondwet voor Europa is een compromistekst die moet worden beoordeeld op grond van hetgeen hij bevat en niet op grond van hetgeen hij volgens sommigen – of dat nu federalisten op sceptici zijn – zou moeten bevatten.

Gezien het feit dat het voor Portugal in een gemondialiseerde wereld alleen maar gunstig is om tot een regionaal blok als de Europese Unie te behoren,. bevat deze tekst – net als elke andere compromistekst – aspecten die me wel, en aspecten die me niet aanstaan.

Aan de positieve kant noem ik allereerst de vereenvoudiging die is bereikt door het met elkaar verenigen van de Verdragen. Er wordt nu bovendien duidelijker aangegeven wat de nationale en wat de Europese bevoegdheden zijn; de rol van de nationale parlementen wordt versterkt, met de garantie dat de Unie alleen die bevoegdheden heeft welke de lidstaten haar hebben toegekend. Tot slot vertegenwoordigt dit Verdrag bij de herziening van de Verdragen een moment van stabiliteit, en dat verschaft zekerheid en rust.

Van de aspecten waar ik het niet mee eens ben noem ik het feit dat er in de preambule geen enkele verwijzing wordt gemaakt naar het joods-christelijk erfgoed, het afschaffen van het roterend voorzitterschap van de Raad, de samenstelling van de Commissie en het scheppen van een post voor een Europese minister van buitenlandse zaken, een functie die tot voortdurende conflicten kan leiden.

Na de balans te hebben opgemaakt, heb ik voor gestemd.

 
  
MPphoto
 
 

  Ribeiro e Castro (PPE-DE), schriftelijk.(PT) Ik heb regelmatig kritiek geleverd op het opgeven van de beste werkwijze van de EU – de benadering die haar succesvol heeft gemaakt. Ik heb het dan over de politiek van de kleine stapjes, de lijn die door Schuman en de oprichters van de Gemeenschap gevolgd werd. Die aanpak moet steeds vaker plaats maken voor een veel te ambitieus beleid van grote stappen voorwaarts zonder enig rechtstreeks verband met wat er bij de bevolking leeft. Ik had liever dat we bleven vasthouden aan het streven naar een Europa dat werkelijk in verscheidenheid verenigd is, met eerbied voor de nationale democratieën waar het uit voortkomt, in plaats van bij te dragen tot de schijnvorm van een proto-staat annex werelddeel waar weinigen prijs op stellen, waar de mensen niet om hebben gevraagd en waar niemand werkelijk warm voor loopt.

Ik heb geen probleem met de ruime visie van een Europese Grondwetstekst. Maar zo’n tekst moet na raadpleging van de volkeren worden opgesteld volgens werkelijk democratische procedures, waar iedereen aan kan deelnemen en waarin iedereen vertegenwoordigd is. Er moet dan interactie zijn met de burgers, via een speciaal voor dat doel gekozen vergadering. Dat is door de intergouvernementele conferentie ook gesuggereerd. Wat mij steeds opviel – in negatieve zin – waren de druk en de manipulatie, het gebrek aan loyaliteit jegens de burgers, het feit dat zo vaak het ene gezegd werd, terwijl men in werkelijkheid het andere deed, en verder het gemak waarmee de rechtstaat geweld werd aangedaan, wat toch symptomatisch is voor het klimaat van “alles is gerechtvaardigd” – als dat maar in één bepaalde richting is. Een heel duidelijke weerslag daarvan is wel de pompeuze verklaring volgens welke het Europees Parlement het “Verdrag voor een Grondwet goedkeurt”. Daartoe zijn wij niet bevoegd en als we dit zeggen zitten we juridisch fout.

Ik had graag iets beters gezien.

Ik heb tegen de resolutie gestemd.

 
  
MPphoto
 
 

  Ries (ALDE), schriftelijk.(FR) Ik spreek zonder enige reserve mijn steun uit voor het ontwerp voor een Europese Grondwet, en ik heb met volle overtuiging een stem uitgebracht voor het uitstekende verslag van mijn collega's. Natuurlijk, het ontwerp-Verdrag is een compromis, maar het houdt op een aantal punten aanzienlijke vooruitgang in.

We krijgen een stabiele Unie van 25 landen, met een voorzitter die voor tweeëneenhalf jaar benoemd wordt, in plaats van een voorzitterschap dat ieder halfjaar rouleert. We krijgen een minister van Buitenlandse Zaken, die de stem van Europa zal laten horen op het internationale toneel. Het Handvest van de grondrechten wordt eindelijk opgenomen in het corpus van institutionele wetgeving. Er komt een initiatiefrecht voor de burgers (zodat om Europese wetgeving kan worden verzocht bij ten minste een miljoen handtekeningen) en voor het eerst stelt de Unie zich op sociaal vlak doelstellingen die gericht zijn op gemeenschappelijke vooruitgang in een sociale markteconomie.

We krijgen, kortom, een EU die democratischer, transparanter, inzichtelijker en efficiënter is. Het moeilijkste moet echter misschien nog komen: we moeten het ratificatieproces in al onze lidstaten tot een goed einde zien te brengen, en dat betekent dat we tekst en uitleg zullen moeten geven om de burgers van Europa over de streep te trekken. Het doet me deugd dat in een tijd waarin Europa op zijn zachtst gezegd niet erg veel enthousiasme oproept, de Belgische burgers vooroplopen als het om een stem voor het Grondwettelijk Verdrag gaat: maar liefst 80 procent is voor!

 
  
MPphoto
 
 

  Roure (PSE), schriftelijk.(FR) Het overkomt je niet vaak dat je het gevoel hebt een historisch moment te beleven. Met dit Grondwettelijk Verdrag schrijven we mijns inziens tezamen een cruciale bladzijde in de geschiedenis van het Europa dat ons voor ogen staat.

Met deze tekst geven we rechtstreeks voortzetting aan het project van de grondleggers van de Unie, wier droom het was dit Europa van 25 – en weldra meer – tot leven te zien komen.

Dankzij dit Grondwettelijk Verdrag wordt de humanistische, spirituele en sociale erfenis van dit Europa het fundament waarop ons dagelijks leven gebaseerd zal zijn.

Het Handvest van de grondrechten krijgt juridisch bindende werking en wordt daarmee inroepbaar voor de burgers.

De regels betreffende het functioneren van de Unie worden eenvoudiger en gaan steeds meer lijken op de democratische spelregels zoals wij die kennen in onze 25 landen.

De Unie zal een grotere rol gaan spelen op het wereldtoneel en eindelijk gewicht in de schaal kunnen leggen, en ik hoop dat ze haar stem in het concert der naties nog duidelijker zal laten horen om het ideaal van vrede waaruit zij geboren is, wereldwijd uit te dragen.

Ik heb voor het verslag-Corbett gestemd en ik zal in mijn land campagne voeren voor ratificatie van deze tekst bij referendum. Er is een historisch proces in gang gezet; laten we ons er allemaal bij aansluiten.

 
  
MPphoto
 
 

  Silva Peneda (PPE-DE), schriftelijk.(PT) De goedkeuring van het Verdrag tot vaststelling van een Grondwet voor Europa vormt een historisch moment, en wel vanwege de rol die het EP bij dit hele proces heeft gespeld.

Als lid van de commissie werkgelegenheid en sociale zaken heb ik voor gestemd, aangezien ik ervan overtuigd ben dat we hiermee een stap voorwaarts maken bij het consolideren van het Europees sociaal beleid.

De opname van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie houdt de erkenning in dat de burgers de kern vormen van de Europese constructie, en dat zal leiden tot de consolidering van hun sociale rechten

Bevestigd wordt dat sociale en economische cohesie een basisdoelstelling van de EU is. Er worden nieuwe normen geïntroduceerd voor het verwezenlijken van een hoog werkgelegenheidsniveau, de bestrijding van sociale uitsluiting en discriminatie, het bevorderen van sociale gerechtigheid, sociale bescherming, gelijke kansen voor mannen en vrouwen, een hoog niveau van onderwijs en gezondheidszorg, de bevordering van duurzame ontwikkeling en het respect voor diensten van algemeen nut.

Op internationaal vlak wordt de rol van de EU uitgebreid bij het bestrijden van armoede en het bevorderen van duurzame ontwikkeling en eerlijke handel.

Bovendien worden er nieuwe bepalingen ingevoerd voor het vergemakkelijken van de participatie van de burgers, de sociale partners en vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld bij de beraadslagingen van de EU.

Na een halve eeuw Europese integratie en talloze Verdragen is de Grondwet voor Europa zonder meer de tekst die de Europese burgers de meeste tastbare en zichtbare voordelen oplevert.

 
  
MPphoto
 
 

  Staes (Verts/ALE), schriftelijk. Het verslag-Corbett/Méndez de Vigo kan worden gecatalogeerd onder de noemer 'pure propaganda' en is geen eerlijke afweging van de plus- en minpunten van het voorliggende verdrag. Het vermeldt niet dat nog al te veel beleidsterreinen worden overgelaten aan intergouvernementele samenwerking en dat op belangrijke terreinen nog het veto geldt.

De rol van de constitutionele regio's in het Europese besluitvormingsproces blijft precair. Deel III van het verdrag maakt duidelijk dat het de Unie aan een sociale orde ontbreekt en bevestigt de keuzes voor het neoliberale model. De Europese Unie is nog te weinig een veiligheidsunie en dreigt meer de nadruk te leggen op de inzet van militaire middelen dan op het gebruik van conflictpreventie. Deze opmerkingen ontbreken in het verslag, vandaar mijn tegenstem. Dit belet niet dat ik de komende maanden samen met Groen! campagne zal voeren voor een ratificatie van het verdrag in het federale, Vlaamse en Brusselse parlement. De grondwet is immers een enorme stap vooruit en bij niet-ratificatie vallen we terug op de bepalingen van het verdrag van Nice, die minder efficiënt, transparant en democratisch zijn dan het voorliggende verdrag tot instelling van een Europese grondwet.

 
  
MPphoto
 
 

  Thyssen (PPE-DE), schriftelijk. Voorzitter, met veel overtuiging heb ik voor de resolutie en daarmee voor het grondwettelijk verdrag gestemd.

De argumenten die een grote meerderheid van het Europees Parlement onderschrijft, namelijk om de burgers van Europa en de nationale en regionale parlementen aan te zetten tot een positieve houding, zijn ook de mijne.

De kritiek op het feit dat onwaarheden over dit grondwettelijk verdrag worden verspreid, deel ik evenzeer.

De tekst die nu democratisch geratificeerd moet worden, bevat alleen stappen in de goede richting: hij geeft méér mogelijkheden om op een open, transparante, democratische en doeltreffende wijze werk te maken van die beleidsterreinen waar de Unie een toegevoegde waarde kan en moet bieden, ten behoeve van de burgers. Hij verdient ons aller steun.

 
  
MPphoto
 
 

  Väyrynen en Virrankoski (ALDE), schriftelijk. – (FI) Wij hebben tegen het verslag van de heer Méndez de Vigo en de heer Corbett gestemd, want wij zijn tegen de aanname van de Europese Grondwet.

De Grondwet verschuift op ingrijpende wijze bevoegdheden van de lidstaten naar de Europese Unie. Binnen de Unie verschuift het zwaartepunt van de macht van intergouvernementele samenwerking naar supranationaal niveau.

De Europese Unie moet onderhandelen over een nieuw basisverdrag op basis waarvan de Unie wordt ontwikkeld tot een bond van onafhankelijke staten.

 
  
MPphoto
 
 

  Záborská (PPE-DE), schriftelijk. – (EN) Het nieuwe Europa betekent overleven, omdat het elke totalitaire staatsvorm afwijst. Wij hebben met ons bloed betaald voor onze inzet voor het Europese ideaal van vrijheid van gedachte, godsdienst en geweten.

De Europese integratie, de manier waarop de 25 EU-lidstaten samenwerken en de werking van de Gemeenschapsprocedures moeten worden verbeterd en zich geleidelijk en zorgvuldig verder ontwikkelen.

Wanneer iemand vragen over deze "Grondwet" stelt, mag hij of zij niet van een antidemocratische houding worden beticht; zulke vragen moeten op een begrijpelijke en geloofwaardige wijze worden beantwoord.

Krachtens deze Grondwet zal het Europese Hof van Justitie ongecontroleerd vonnissen uitspreken en deze rechtstreeks en ondubbelzinnig op alle communautaire instellingen en organen en op de lidstaten van toepassing verklaren. Geen enkele in grondwetsaangelegenheden gespecialiseerde jurist heeft mij de plaats kunnen aanwijzen waar gegarandeerd wordt dat het Hof geen inbreuk zal plegen op de diverse nationale bevoegdheden en beleidsvormen.

Hoe kunnen de hoofdlijnen van het politieke beleid van de EU worden gewijzigd, zelfs als de verkozen meerderheid in het Parlement of de samenstelling van de Raad van ministers verandert, wanneer deze hoofdlijnen verankerd zijn in een grondwettelijk document waarvoor dubbele unanimiteit is vereist?

Tot slot wil ik een opmerking maken over de weigering om een verwijzing naar het christelijke erfgoed in de Grondwet op te nemen. Dit duidt op culturele kortzichtigheid en is een zorgwekkende vorm van revisionisme. Het is waar dat in het Verdrag van Nice niet aan het christelijke erfgoed van Europa werd gerefereerd, maar dat had dan ook niet de status van een grondwet.

 
  
MPphoto
 
 

  Batten (IND/DEM).(EN) Mijnheer de Voorzitter, ik heb een ernstige klacht: ongeveer een kwartier geleden zou er met behulp van een spandoek een vreedzaam protest tegen de Grondwet plaatsvinden. Twee onderzoekers van de Fractie Onafhankelijkheid/Democratie werden fysiek aangevallen – een van hen werd getrapt en geslagen. De betreffende veiligheidsmensen waren volgens mij de heer Zylka en de heer Dekhudt. Ik verzoek u onmiddellijk een grondig onderzoek in te stellen naar wat er is gebeurd.

We hebben hier een eenzijdig debat over de Grondwet gevoerd. Er zijn enorme geldbedragen uitgegeven; de voorstanders mogen hun spandoeken tonen, maar de tegenstanders wordt de mond gesnoerd; en bij een vreedzaam protest worden mensen fysiek aangevallen. Dit strookt totaal niet met de vermeende democratische beginselen van deze instelling.

Ik verzoek u onmiddellijk een onderzoek te starten. U zult nog een schriftelijke klacht ontvangen.

 
  
MPphoto
 
 

  De Voorzitter. – Uw verzoek zal worden doorgegeven aan de bevoegde organen van het Parlement.

Hiermee zijn de stemverklaringen beëindigd.

 
Juridische mededeling - Privacybeleid